CConstaterende datStichtse Vecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2025-2028 Raad.pdf

Commissie Bestuur en Financiën 23 oktober 2024, gemeente Stichtse VechtBij agendapunt: 3: Programmabegroting 202534.895 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

81

In de investeringsplanning zijn alle geplande investeringen in de openbare ruimte terug te vinden. Om schommelingen in de kosten op te vangen, maken we gebruik van een egalisatievoorziening, waardoor het tarief niet steeds aangepast hoeft te worden wanneer sprake is van een piek of dal in de uitgaven. Onderhoudsbudgetten (x € 1.000) Onderhoudsbudget in exploitatie

2025

2026

2027

2028

€ 1.364

€ 1.372

€ 1.372

€ 1.372

Groen Beleidskader Onder groen verstaan we bomen, plantsoenen, gazons en andere velden in de openbare ruimte alsmede de paden in parken. Ook de begraafplaatsen en beschoeiingen scharen we hieronder. Voor groenvoorzieningen en onkruid en zwerfvuil op verhardingen wordt onderhoudsniveau B in de kernen en onderhoudsniveau C buiten de kernen gehanteerd. Voor begraafplaatsen wordt onderhoudsniveau B gehanteerd. Bomen worden conform handboek bomen en de daaraan gekoppelde veiligheidsinspecties op beeld gehouden. Het beleidskader wordt gevormd door de Omgevingsvisie, het Boombeleidsplan, de parkbeheerplannen, de landschapsontwikkelingsplannen en de regionale visie klimaatadaptie. In 2023 is nadruk gelegd op het reconstrueren van plantvakken. In 2024 wordt gewerkt aan het op peil brengen van het bomenbestand aan de vastgestelde kwaliteitseisen. Er is enige achterstand in het snoeien van bosplantsoen en het bomenbeheer. Deze kleine achterstanden kunnen grotendeels binnen de bestekken opgelost worden. Eind 2024 zijn deze achterstanden grotendeels verdwenen. De beschoeiingen zijn in 2024 geïnspecteerd. Op basis daarvan wordt er een raambestek opgesteld en aanbesteed. Belangrijkste speerpunt voor de komende jaren is om het groen (incl. bomen en parken) op het gewenste kwaliteitsniveau te krijgen. Dit kan naar verwachting grotendeels binnen de beschikbare budgetten gerealiseerd worden.

Financiën Onderstaande budgetten zijn de vertaling van de beheer- en beleidsplannen in de exploitatie van de meerjarenbegroting. Op basis van een nieuwe aanbesteding in 2022 zijn in de begroting 2022 voor de periode 2022-2026 de exploitatiebudgetten herzien. Uit de ophanden zijnde herziening van de beleidsen beheerplannen volgt de komende jaren de herziening van de financiën. Daarnaast worden jaarlijks ook investeringen gedaan. In de investeringsplanning zijn alle geplande investeringen in de openbare ruimte terug te vinden. Onderhoudsbudgetten (x € 1.000) Onderhoudsbudget in exploitatie

2025

2026

2027

2028

€ 4.025

€ 4.025

€ 4.025

€ 4.025

Speelterreinen Beleidskader De speelplekken worden ingericht volgens de kadernota Buiten spelen natuurlijk! De uitwerking van dit plan is in 2021 vastgelegd in de kwaliteitskaarten spelen. Het definitief vaststellen van de kwaliteitskaarten spelen staat in 2024 op de planning. In de definitieve versie van de kwaliteitskaarten wordt aandacht besteed aan het participatief inrichten van speelplekken met speeltoestellen en speelaanleidingen gericht op vergroening, natuur en klimaat. Het onderhoud van de speeltoestellen vindt plaats volgens de richtlijnen Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen (WAS). Voor de speel- en sporttoestellen en valondergronden worden de normen van het WAS gehanteerd. Jaarlijks loopt de aannemer de speeltoestellen na en vindt inspectie door een onafhankelijke partij plaats. Op hun aanwijzingen worden reparaties uitgevoerd. Financiën Onderstaande budgetten zijn de vertaling van de beheer- en beleidsplannen in de exploitatie van de meerjarenbegroting. Daarnaast worden jaarlijks ook investeringen gedaan. In de investeringsplanning zijn alle geplande investeringen in de openbare ruimte terug te vinden. Onderhoudsbudgetten (x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Onderhoudsbudget in exploitatie

€ 315

€ 315

€ 315

€ 315

82

Gebouwen Beheerplannen vastgoed Het niveau waarop het vastgoed in stand gehouden wordt is vastgesteld aan de hand van een objectief meetinstrument voor het inspecteren en onderhouden van vastgoed. Een instrument dat is gebaseerd op de Conditiemetingsmethodiek volgens NEN 2767. Het niveau waarop het onderhoud gemiddeld gehouden wordt is vastgesteld op conditieniveau 3. Dit onderhoudsniveau is sober en draagt bij aan een doelmatig en duurzaam beheer van het gemeentelijk vastgoed. Voor de representatieve, publiekelijke objecten, zoals de gemeentekantoren en de aula’s op begraafplaatsen, hanteert de gemeente Stichtse Vecht een gemiddeld conditieniveau 2: Goed/ representatief. Beheerplan 2025-2029 De meerjaren onderhoudsplannen voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille worden begin 2025 herijkt. In het eerste kwartaal van 2025 wordt het beheerplan met de herijkte meerjaren onderhoudsplannen aan uw raad aangeboden. Mogelijk kan dit een wijziging in de begroting betekenen. Voor 2025 wordt een jaarplan gemaakt om uitvoering te geven aan het planmatig onderhoud. Om maximaal uitvoering te geven aan het efficiënt en planmatig uitvoeren van het onderhoud aan het gemeentelijk vastgoed, wordt bij aanbestedingen gekozen voor wat grotere, meerjarige clustercontracten waarbij de markt wordt uitgenodigd om mee te denken met de gemeente.

Verduurzaming gemeentelijk vastgoed 2025-2027 Het Uitvoeringsplan verduurzaming gemeentelijk vastgoed (vaststelling gemeenteraad 2021) is in 2024 herijkt. Dit geldt voor de selectie van eenentwintig vastgoedobjecten uit de kernvoorraad. Per 1 januari 2025 gaat het herijkte plan in. Ter uitvoering van verdere verduurzaming van het gemeentelijke vastgoed wordt voor 2025 een jaarplan gemaakt, rekening houdend met onder andere inflatie, de verduurzamingsefficiency en de sturing/regie in de behoeftestelling. Hierbij moeten de koppelkansen met andere werkzaamheden en beleid in acht worden genomen. Dit jaarplan houdt zoveel als mogelijk rekening met toekomstige Nederlandse wetgeving, die dient ter implementatie van de Europese richtlijn EPBD IV. Portefeuilleplan We streven naar een compacte en strategisch waardevolle vastgoedportefeuille die bijdraagt aan onze maatschappelijke beleidsdoelstellingen. Om richting te geven aan deze ambitie is in november 2020 de Vastgoednota vastgesteld. Als onderdeel hiervan is ook een portefeuilleplan opgesteld waarbij het vastgoedperspectief per object is vastgesteld. Jaarlijks wordt het portefeuilleplan geactualiseerd. Verzelfstandiging sportaccommodaties De gemeente Stichtse Vecht is eigenaar van MFA Safari en meerdere binnensportaccommodaties.

Een deel van deze voorzieningen werd door de gemeente zelf geëxploiteerd en een ander deel door Sportfondsen. In 2024 heeft de uitwerking en de besluitvorming plaatsgevonden om de exploitatie van de binnensportaccommodaties in een joint venture te plaatsen. Hiervoor wordt per 1 januari 2025 SRO Stichtse Vecht opgericht. Door de exploitatie van multifunctionele accommodatie (MFA) Safari en de binnensportaccommodaties bij één partij te plaatsen zijn diverse voordelen, waaronder de harmonisatie van de exploitatie van deze accommodaties, een efficiëntere exploitatie, één sportloket voor verenigingen, gebruikers en inwoners en een betere dienstverlening. Daarnaast heeft de keuze voor een publiek publieke samenwerking in de vorm van een joint venture voordelen ten opzichte van andere exploitatievormen. Eventuele maatschappelijke, financiële en personele risico’s zijn zoveel mogelijk geminimaliseerd. Ook het beheer en onderhoud van deze sportaccommodaties is neergelegd bij SRO Stichtse Vecht. Overigens ligt de financiële verantwoordelijkheid nog wel bij de gemeente. De gemeente stelt dan ook de meerjaren onderhoudsplannen vast en op basis hiervan wordt jaarlijks aan de hand van een jaarplan het budget vastgesteld voor uitvoering van het onderhoud in het komend jaar. De uitvoering van het onderhoud ligt bij SRO Stichtse Vecht.

Dorpshuizenbeleid In 2020 is de strategische koers dorpshuizenbeleid vastgesteld. Onderdeel van het dorpshuizenbeleid is dat de dorpshuizen en wijkcentra om niet in gebruik gegeven worden en de exploitatiesubsidies stoppen. Ieder dorpshuis of wijkcentrum ontvangt een basissubsidie. De gemeente draagt haar eigen onderhoudsbudgetten voor groot onderhoud over aan de dorpshuizen en wijkcentra aan de hand van een jaarplan voor het onderhoud van komend jaar. Aan het einde van het jaar vindt er een controle plaats op de werkzaamheden. Hiermee zijn de dorpshuizen en wijkcentra zelf verantwoordelijk geworden voor de uitvoering van het onderhoud.

83

Onderhoudsbudgetten (x € 1.000)

2025

2026

2027

2028

Onderhoudsbudget in exploitatie

€ 531

€ 531

€ 531

€ 531

€ 513

€ 1.703

€ 344

€ 2.831

€ 1.037

€ 1.037

€ 1.037

€ 1.037

Budget onderhoud in voorziening Dotatie voorziening

84

Financiering Inleiding De financierings- of treasuryfunctie richt zich op het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen en de financiële posities, inclusief de daaraan verbonden risico’s. De kaders voor uitoefening van de financieringsfunctie zijn vastgelegd in de Wet financiering decentrale overheden (kortweg: Wet fido) en vertaald in het Treasurystatuut gemeente Stichtse Vecht 2020. De beleidsmatige infrastructuur voor de financieringsfunctie van onze gemeente is hiermee vastgelegd. Voor het inrichten van de financieringsfunctie stelt de Wet fido twee belangrijke beleidsmatige richtlijnen: •

Het aangaan of verstrekken van geldleningen en het verlenen van garanties is alleen toegestaan uit hoofde van de publieke taak;

•

Het uitzetten van tijdelijk overtollige middelen heeft een prudent karakter en is primair niet gericht op het genereren van extra inkomsten.

Financieringspositie Gemeten over het begrotingsjaar lopen de reguliere baten en lasten synchroon. Dit laat onverlet dat lopende het begrotingsjaar positieve of negatieve posities ontstaan. Om (lopende en toekomstige) posities inzichtelijk te krijgen, maken wij gebruik van een liquiditeitsplanning. Deze planning stellen we periodiek bij.

Leningenportefeuille Per 1 januari 2025 is de leningenportefeuille opgebouwd uit 16 langlopende geldleningen. Deze hebben een restschuld bij aanvang van het begrotingsjaar van € 169 miljoen. Leningenportefeuille Leningenportefeuille per 1 januari 2024

Restant hoofdsom (x € 1.000) 109.743

Nieuw aangetrokken/aan te trekken geldleningen 2024

71.740

Reguliere aflossingen 2024

-12.356

Leningenportefeuille per 31 december 2024

169.127

Reguliere aflossingen 2025

-32.581

Prognose nieuw aan te trekken geldlening 2025

62.985

Leningenportefeuille per 31 december 2025

199.531

Beleggingen De ministeriële Regeling schatkistbankieren decentrale overheden verplicht decentrale overheden hun overtollige financiële middelen in de schatkist van het Rijk te beleggen, waardoor publiek geld de schatkist niet eerder verlaat dan noodzakelijk is. In het verlengde hiervan is het ook toegestaan overtollige financiële middelen te beleggen bij andere decentrale overheden waarmee geen toezichthoudende relatie wordt onderhouden. Van het verplicht beleggen van overtollige middelen in ’s Rijks schatkist is een drempelbedrag vrijgesteld. Voor onze gemeente is het drempelbedrag berekend op (afgerond) € 3,8 miljoen.

85

Renteschema 2025 Renteschema 2025 (x € 1.000) Externe rentelasten over korte en lange financiering

-4.251

Af: externe rentebaten

3

Totaal door te rekenen externe rente

-4.248

Af: rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend

0

Af: rentelasten door verstrekte leningen aan woningcorporaties

0

Bij: rentebaten door verstrekte leningen aan woningcorporaties

0

Rente over eigen vermogen (kapitaaldekkingsreserves)

0

Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

0

Aan taakvelden toe te rekenen rente (programma’s inclusief overzicht overhead)

-4.248

Af: werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (rente omslag)

3.807

Renteresultaat op taakveld Treasury

-441

Rente ontwikkeling De interne renteberekening op investeringen is verhoogd van 1% in de Begroting 2024 naar 1,75% in de Begroting 2025.

Risicobeheersing De Wet fido bevat instrumenten die de risico’s bij het lenen en beleggen van financiële middelen moeten beperken. De wet bepaalt onder meer dat gemeenten uitsluitend voor de uitoefening van de publieke taak leningen kunnen aangaan, middelen kunnen uitzetten en garanties kunnen verlenen. De risico’s op kort- en langlopende geldleningen worden beperkt door de introductie van respectievelijk de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een grens aan de maximaal op te nemen kortlopende middelen en beoogt de budgettaire gevolgen van schommelingen in de rente op kortlopende geldleningen te beheersen. De limiet is gesteld op een percentage van 8,5% van het begrotingstotaal. Begrotingstotaal 2025 (x € 1.000)

Percentage

Kasgeldlimiet (x € 1.000)

€ 189.348

8,5%

€ 16.095

Renterisiconorm De renteonzekerheid voor de lange termijn wordt uitgedrukt in de renterisiconorm. De renterisiconorm vormt een kader voor een adequate spreiding van looptijden in de financieringsportefeuille, met als doel de portefeuille zodanig op te bouwen dat renterisico’s door renteaanpassing en herfinanciering van leningen in voldoende mate zijn beperkt. Renterisiconorm 2025

2025

2026

2027

2028

(x € 1.000) 1 Berekening renterisico 1a

Renteherzieningen

-

-

-

-

1b

Betaalde aflossingen*

32.581

12.365

12.365

12.788

Renterisico (1 + 2)

32.581

12.365

12.365

12.788

189.348

185.643

186.435

186.795

20%

20%

20%

20%

A

2 Berekening renterisiconorm 2a

Begrotingstotaal

2b

Percentage

B

Renterisiconorm

37.870

37.129

37.287

37.359

B

Renterisiconorm

37.870

37.129

37.287

37.359

A

Renterisico

32.581

12.365

12.365

12.788

5.289

24.763

24.922

24.572

Toets (B - A)

Ruimte renterisiconorm

* In 2024 is er een geldlening aangetrokken voor 1 jaar en 1 dag, deze wordt in 2025 afgelost. Dit veroorzaakt de hogere aflossingsplicht in 2025.

86

Bedrijfsvoering Inleiding De afgelopen jaren is gewerkt aan het versterken van het fundament van de organisatie, deze ontwikkeling zetten we het komende jaar door. Belangrijke pijler daarvan is het waarderen van het huidige personeel en aantrekken van nieuw personeel. Enerzijds proberen we het personeelsverloop terug te dringen d.m.v. het creëren van een veilige werkomgeving, aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden te bieden en door onderscheidend te opereren op de krappe arbeidsmarkt. Anderzijds wordt ingezet op waardering en ontwikkeling van het huidige personeel, bijvoorbeeld door in te zetten op brede opleidingsmogelijkheden binnen het traject Leren & Ontwikkelen. Op deze wijze wordt de gemeente als werkgever zo aantrekkelijk mogelijk gemaakt. Daarnaast wordt er gewerkt aan de doorontwikkeling van de ICT omgeving met een beweging naar de Cloudomgeving. Dit stelt de gemeente in staat om voldoende aandacht te kunnen blijven besteden aan ICT veiligheid. Dit draagt bij aan het op peil houden van de dienstverlening aan onze inwoners en aan het voldoen van wettelijke regels.

Opleidingsprogramma We blijven investeren in de groei en ontwikkeling van onze medewerkers, aangezien zij het belangrijkste kapitaal zijn van onze organisatie. In 2025 implementeren we hybride leren om het tijdonafhankelijk werken en leren te bevorderen, met o.a. gecertificeerde e-learning trainingen voor burgerzaken en het sociaal domein. We stimuleren het voeren van eerlijke, open gesprekken, zoals bij teamcoaching. Het te ontwikkelen aanbod van leren en ontwikkelen sluit nauw aan bij de concernagenda, denk hierbij aan het versterken van de dienstverlening en de P&C-cyclus. Daarnaast blijven we aandacht houden voor individuele ontwikkelbehoeftes en onboarding (eerste drie maanden van een nieuwe medewerker) van medewerkers. Op deze manier blijven we kwaliteit en ervaring in de organisatie optimaal in zetten en kunnen medewerkers zich doorlopend ontwikkelen.

Human Resources In 2025 blijven we onverminderd investeren in het koesteren en waarderen van onze medewerkers. Door activiteiten te organiseren die bijdragen aan het binden, boeien en laten bloeien van medewerkers, versterken we indirect het primaire proces van onze organisatie. Focus op inzetbaarheid en vervullen vacatures De duurzame inzetbaarheid van onze medewerkers blijft een topprioriteit. Preventieve maatregelen en vroegtijdige interventies bij dreigend verzuim worden verder aangescherpt. We streven ernaar om vacatures zoveel mogelijk met vaste medewerkers in te vullen, waarbij we een geïntegreerde aanpak hanteren die arbeidsmarktcommunicatie, netwerken via medewerkers (programma 'medewerver'), gebruik van een doelgroependashboard en activiteiten op LinkedIn omvat. Investeren in een veilig werkklimaat Een veilig werkklimaat is essentieel voor het welzijn van onze medewerkers. In 2025 zetten we sterk in op een programma dat het veilig werkklimaat verder bevorderd, gebaseerd op de kernwaarden Respectvol, Open en Lef. Dit programma beoogt gedrag te bevorderen dat bijdraagt aan een positieve en inclusieve werkcultuur. We blijven het welzijn en de waardering van onze medewerkers nauwlettend monitoren via medewerkersonderzoeken, waardoor we continu kunnen inspelen op hun behoeften en feedback.

E-HRM: verfijning en selfservice Na de transitie naar e-HRM in 2024, richten we ons in 2025 op de verdere verfijning van deze systemen. Ons doel is om volledige selfservice voor medewerkers en leidinggevenden te realiseren, waardoor HRM-processen nog efficiënter en gebruiksvriendelijker worden.

87

Door deze integrale aanpak zetten we in 2025 belangrijke stappen naar een toekomstbestendige organisatie waarin medewerkers centraal staan. Hun tevredenheid en inzetbaarheid vormen de basis voor ons succes.

Loonsom organisatie In vergelijking met de primitieve begroting 2024 zijn de personeelskosten met € 4,5 mln gestegen. De loonsom is gestegen door indexatie en CAO ontwikkelingen (€ 2,9 mln), besluitvorming bij de kadernota over extra formatie (€ 0,2 mln) en uitbreiding formatie Beheer Openbare Ruimte (€ 1,4 mln). Toerekende personeelskosten

B2024

B2025

Programma 1

20.902

22.248

Programma 2

1.412

1.505

Programma 3

11.186

12.353

Programma 4

10.541

11.297

Programma 5

2.573

2.741

Totaal toegerekende personeelskosten

46.614

50.144

Loonsom organisatie

40.005

43.285

Loonsom overig

5.865

6.115

Verdeling naar kostensoort

Indirecte personeelskosten Totaal personeelskosten per kostensoort

744

744

46.614

50.144

Verplichte indicatoren Rijk

P/E

Bron

R2023

B2024

B2025

Formatie per 1.000 inwoners

P

SV

6,4

6,8

7,1

Bezetting per 1.000 inwoners

P

SV

5,8

5,5

6,2

Apparaatskosten per inwoner

P

SV

362,86

386,63

397,86

Kosten externe inhuur als % van totale loonsom

P

SV

18,9%

<10%

<10%

Totale kosten inhuur externen (€ 1.000)

P

SV

6.908

1.489

1.379

Inkoop- en aanbesteding Stichtse Vecht zet verder in op de doorontwikkeling van de inkoopfunctie binnen de gehele gemeente om in het belang van de inwoners doel- en rechtmatig in te kopen en contracten optimaal uit te nutten. Het doel is het inkoopproces verbeteren om de rechtmatigheid te verbeteren. Het duurzaam verbeteren van de inkoopfunctie en het inkoopproces volledig rechtmatig krijgen is een traject van meerdere jaren (in control statement). Hierbij worden de gemeentelijke speerpunten meegenomen; het stimuleren van lokale economie, Social Return (SROI), duurzaamheid en circulariteit. Dit betekent dat we een bezetting creëren die toereikend is om de gemeentelijke ambities te realiseren en de achterstanden in te lopen. We zetten activiteiten in op het vergroten van de bewustwording binnen de gehele organisatie van het belang van kwalitatief hoogwaardige inkoop conform wet- en regelgeving. Qua organisatie richten we een decentrale contractbeheer en managementfunctie en decentrale inkoopplanning in met een regiefunctie voor het centrale inkoopteam. De samenwerking tussen verschillende rollen wordt geïntensiveerd. Belangrijke speerpunten: de samenstelling van de inkoopbezetting met medewerkers in dienst van de gemeente, het implementeren van de nieuwe inkoopwerkwijze en het opzetten van de inkooporganisatie.

Informatisering en Automatisering In samenwerking met de in 2024 gecontracteerde managed services provider (MSP) voor ICT voegen we in 2024, 2025 en 2026 de ICT dienstverlening samen bij 1 partij, waar dat nu nog uit meerdere partijen is verdeeld. Dit behelst zaken als netwerk, de digitale werkplek en de (cloud)serveromgeving. Verder wordt het verplaatsten van applicaties naar de cloud verder uitgevoerd. Een groot deel nemen we al af op basis van een "pay-per-use"-model, en de laatste applicaties die nog niet in de cloud staan worden de komende jaren (n.a.v. aflopende contracten) naar de cloud gebracht. Een voorbeeld 88

hiervan is de financiële applicatie die op dit moment op basis van Software as a Service (afgekort: SaaS) wordt geïmplementeerd. Intern zijn we in 2024 een verbetertraject gestart om ons contractmanagement en ICT wijzigingsbeheer goed te borgen. De doelstelling is meer planmatig weken, rechtmatig inkopen en het mitigeren van risico's. Een vaste change manager en ICT architect zijn inmiddels geworven. Ook op het gebied van informatie- en portfoliomanagement maken we stappen die ons in staat stellen op steeds meer strategisch niveau te voorzien in de informatie- en ICT behoefte van de organisatie. Op het gebied van data zetten we moderne programmatuur en technieken in voor het inwinnen, verwerken en analyseren van data, zoals het datawarehouse. Zo gaan we door met het inrichten van het dataplatform waarin ‘API verbindingen' gerealiseerd worden. We bieden steeds meer presentaties en dashboards aan de organisatie aan om zowel de grip op de actuele werkzaamheden te verbeteren als de beleidsontwikkeling te ondersteunen. In 2025 hebben we ook de ambitie om de kennis en kunde van de organisatie te verhogen zodat zij data beter kunnen interpreteren en toepassen in hun werk.

Informatiebeleid en –beheer We stellen een actueel en logisch samenhangend overzicht op van alle digitale en analoge informatie binnen de organisatie (zowel in centrale als in decentrale systemen), conform Archiefwet- en regelgeving. Het is van belang dat alle informatie onder deskundig beheer komt, om grip te houden op de informatiestromen binnen de gemeente. Een aantal in 2024 geïmplementeerde applicaties, worden als archiefapplicatie getoetst en aangewezen. Hiermee leggen we vast dat de applicatie voldoet aan de hiervoor geldende eisen, weten regelgeving om informatie op duurzaam toegankelijke wijze te beheren, vernietigen en/of over te brengen. In 2024 heeft een informatie analyse van de raads- en griffie informatie plaatsgevonden die resulteert in een IST en SOLL situatie. Hieruit voortkomende verbeteringen worden vanaf 2025 projectmatig gepland in samenspraak met de griffie. De pilot met het e-depot (digitaal archief) in 2024 wordt in 2025 opgevolgd in afstemming met het Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen (RHCVV). Hierbij worden bevindingen uit de eerdere pilot en belangrijke systeemwijzigingen binnen het zaaksysteem meegenomen.

Conform het plan van aanpak analoge werkzaamheden wordt in de jaren 2025 en 2026 de achterstand van afgedragen archief vanuit de teams (van de jaren 2015-2021) opgenomen in de juiste dossiers (analoog of digitaal) voor duurzaam toegankelijke archivering. We continueren daarnaast met prioriteit het gefaseerd wegwerken van de achterstand in digitale vernietiging.

Gegevensbescherming en informatiebeveiliging Met de voortdurende digitalisering en de toenemende risico’s van hackers en cybercriminaliteit, wordt het borgen van informatiebeveiliging en gegevensbescherming steeds essentiëler. De gemeente Stichtse Vecht neemt hierin een cruciale positie in. Zowel inwoners als ondernemers rekenen op een overheid die zorgvuldig informatie beheert. Met de invoering van de BIO2 (Baseline Informatiebeveiliging Overheid) en Cyberbeveiligingswet (NIS2-richtlijn, Network and Information Security Directive) in 2025, zullen er hogere eisen worden gesteld aan de normen voor informatiebeveiliging en gegevensbescherming. Door deze hogere eisen blijven we beveiligingsmaatregelen implementeren en neemt het uitvoeren van audits toe. We nemen doorlopend stappen om te voldoen aan de eisen van de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) en de WPG (Wet politiegegevens). Onze aanpak omvat het verhogen van de alertheid op privacy en informatiebeveiliging binnen onze dagelijkse processen. Dit bereiken we door: - bewustzijn te creëren en te onderhouden; - het aangaan van verwerkersovereenkomsten; - het uitvoeren van risicoanalyses; - het zorgvuldig omgaan met de privacy rechten van individuen (betrokkenen) volgens de AVG; - het adequaat reageren op datalekken; - het verstrekken van deskundig advies over privacy kwesties die binnen onze organisatie spelen.

89

We verantwoorden ons over informatieveiligheid met de Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENSIA). Het is essentieel dat we voortdurend onze maatregelen blijven monitoren, waakzaam blijven voor mogelijke risico’s en goed voorbereid zijn op cyberaanvallen, zodat we effectief kunnen reageren wanneer deze zich voordoen.

Onderzoeksprogramma De gemeente Stichtse Vecht kent verschillende onderzoeken met als doel daarvan te leren en werkwijzen te verbeteren. Dit betreft onder meer: •

bijzondere onderzoeken zoals rechtmatigheidsonderzoeken;

•

artikel 213a-onderzoeken naar de doelmatigheid en/of doeltreffendheid van beleid en bedrijfsvoering;

•

overige audits, zoals de ENSIA, een periodieke IT-audit op de systemen en de jaarlijkse DigiD-audit.

Voor het doen van onderzoeken kent de gemeente de Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid gemeente Stichtse Vecht. In de verordening is de onderzoeksfrequentie, de manier waarop onderzoeken worden gepland en hoe over de voortgang wordt gerapporteerd, vastgelegd. De verordening beoogt vooral het doen van zelfonderzoek. Ten behoeve van het uitvoeren van artikel 213a onderzoeken is in de Kadernota 2024 budget beschikbaar gesteld.

Overheadkosten 2025 Overheadkosten 2025 (x€1.000) Bedrijfsvoering Huisvesting organisatie

870

Interne dienstverlening

787

Bestuurlijke en juridische zaken

768

Financiën en control

350

Data en informatiemanagement

5.454

Mens en organisatie

1.488

Bedrijfsvoering samenleving

53

Publiekszaken en dienstverlening

31

Ruimte Regie en Ontwikkeling

267

Bedrijfsvoering Leefomgeving

23

Totaal bedrijfsvoering

10.091

Personeelslasten Loonsom overhead Indirecte personeelslasten

15.777 768

Totaal personeelslasten (loonkosten)

16.545

Totaal

26.636

90

Openbaarheidsparagraaf De Wet open overheid (Woo) trad op 1 mei 2022 in werking en vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). In 2023 zijn in gemeente Stichtse Vecht 58 Wob/Woo-verzoeken ontvangen en afgehandeld. Naast openbaarmaking op verzoek wordt nu op grond van artikel 3.1 Woo ook een actieve openbaarmaking van documenten door de organisatie verwacht. In 2023 betrof dat documenten die al openbaar werden gemaakt, zoals wet- en regelgeving, besluiten van algemene strekking, organisatiegegevens, raadstukken, besluitenlijsten en jaarplannen, verslagen en onderzoeken. De komende jaren wordt de openbaarmaking gefaseerd (categorie-gewijs) uitgebreid met de andere in de Woo benoemde informatiecategorieën. Voor de implementatie van de Woo is een implementatieplan opgesteld dat in 2024 verder ten uitvoer wordt gebracht. Er is een extern bureau ingehuurd om het proces te begeleiden. Daarnaast is er een vaste Woo-coördinator aangesteld om het Woo-proces volledig in de organisatie te borgen. Voor de implementatie wordt een beroep gedaan op door het gemeentefonds beschikbaar gestelde middelen, zoals vastgelegd in de meicirculaire 2022.

91

Verbonden partijen Inleiding Gemeenten voeren diverse taken uit om het publieke belang te behartigen. Een gemeente kan zelf bepalen hoe een gemeentelijke taak wordt uitgevoerd: •

door de taken zélf uit te voeren;

•

door het uitbesteden van taken aan een andere organisatie en

•

door het deelnemen aan een verbonden partij.

In het geval de gemeente de taken zelf uitvoert draagt de gemeente de financiële en alle bedrijfsvoeringsrisico’s. Het uitbesteden van taken kan door het verstrekken van subsidies of door het sluiten van contracten. Daarnaast kunnen taken in samenwerking met andere gemeenten worden uitgevoerd via ‘verbonden partijen’. De gemeente Stichtse Vecht maakt voor de uitvoering van een aantal van haar taken gebruik van dergelijke samenwerkingsverbanden in de vorm van een verbonden partij. Deze paragraaf gaat in op de beleidsmatige en financiële relatie van de gemeente met deze verbonden partijen. Wat verstaan we onder een verbonden partij? Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) geeft in artikel 1 onder b aan dat onder een ‘verbonden partij‘ dient te worden verstaan: een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft. De gemeente heeft een bestuurlijk belang als ze zeggenschap heeft, door vertegenwoordiging in het bestuur of door middel van stemrecht. Een financieel belang heeft de gemeente als aan een verbonden partij middelen beschikbaar worden gesteld, die verloren gaan in geval van faillissement van de verbonden partij of als de gemeente aansprakelijk is voor een bedrag wanneer de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt.

De gemeente Stichtse Vecht heeft verbonden partijen in zowel publiekrechtelijke als privaatrechtelijke vorm. De publiekrechtelijke vorm is een samenwerkingsverband dat gebaseerd is op de Wet gemeenschappelijke regelingen. Een gemeenschappelijke regeling (GR) is in principe 'verlengd lokaal bestuur'; verschillende gemeenten bundelen hun krachten en brengen de uitvoering van gemeentelijke taken onder in een gemeenschappelijke regeling. In deze paragraaf vindt u informatie over de gemeenschappelijke regelingen waar de gemeente deel van uitmaakt. Naast samenwerking binnen verschillende gemeenschappelijke regelingen kent de gemeente Stichtse Vecht ook privaatrechtelijke verbonden partijen, zoals vennootschappen en stichtingen. Ook deze partijen komen in deze paragraaf aan de orde. Beleidsuitgangspunten De beleidsuitgangspunten voor het samenwerken in verbonden partijen zijn in de nota Verbonden partijen opgenomen. Aan de basis voor het samenwerken met verbonden partijen staat de vraag hoeveel invloed de gemeente (nog) wil uitoefenen. De nota geeft verder een afwegingskader voor de vorm van samenwerking. Ook zijn de rollen en verantwoordelijkheden van de raad en het college in de nota benoemd. Uitgangspunten voor samenwerking zijn (op hoofdlijnen): •

het verhogen van de kwaliteit van beleid en de uitvoering en/of dienstverlening in relatie tot de ambitie;

•

het voorkomen van formatieve kwetsbaarheid zodanig dat kwaliteit, continuïteit en beschikbaarheid van onze dienstverlening is gegarandeerd;

•

het beheersen en/of besparen van kosten;

•

door samenwerking worden resultaten bereikt die de gemeente zonder deze samenwerking niet zou bereiken;

•

het vergroten van bestuurlijke en organisatorische slagkracht;

•

het spreiden van risico’s.

92

Toelichting verbonden partijen In de programma’s zijn de verbonden partijen aangegeven die bijdragen aan de doelstellingen van de gemeente. In deze paragraaf komen het algemeen belang en de voorgeschreven (financiële) gegevens op grond van de BBV per verbonden partij aan de orde. Daarbij is per samenwerkingsvorm een tekstuele beschrijving opgenomen met het doel van de verbonden partij en, voor zover van toepassing, relevante ontwikkelingen voor 2024, gevolgd door een overzicht met de (financiële) gegevens per verbonden partij. Als bij een verbonden partij sprake is materiële risico’s die niet of onvoldoende door de verbonden partij zelf met maatregelen zijn ondervangen, nemen we deze mee in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Bij de financiële gegevens merken we op dat in het overzicht de cijfers uit de (concept) begroting 2024 van een verbonden partij zijn overgenomen, die voor zienswijze zijn aangeboden, voor zover deze op het moment van het opstellen van deze paragraaf beschikbaar waren. Naast de informatie in deze paragraaf is de raad gedurende het jaar ook op reguliere cyclusmomenten via de P&C-documenten van de verbonden partijen geïnformeerd.

Overzicht verbonden partijen Publiekrechtelijke verbonden partijen In de sturing van de verbonden partijen maken we een onderscheid in een meer en minder intensievere aansturing richting raad en informatievoorziening. Dit hangt af van de strategische waarde, de beleidsrijkheid en de mate van politieke of financiële risico’s. Wij maken hierbij onderscheid in een A-categorie waarvoor die intensivering geldt en een B-categorie waarvoor dat niet geldt. Verbonden partijen die hetzij strategisch belangrijk of beleidsrijk zijn of verhoogde risico’s kennen, krijgen een intensievere aansturing en informatievoorziening (A-categorie). 1. Gemeenschappelijke regelingen - categorie A: Onder categorie A vallen de volgende verbonden partijen : Veiligheidsregio (VRU); Plassenschap Loosdrecht e.o.; Recreatieschap Stichtse Groenlanden; Omgevingsdienst Regio Utrecht (OdrU); GGD regio Utrecht (GGDrU). 2. Gemeenschappelijke regelingen - categorie B: Onder categorie B vallen de volgende verbonden partijen : Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen; Afval Verwijdering Utrecht (AVU); Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht (BghU). Privaatrechtelijke verbonden partijen 3. Vennootschappen en coöperaties: Vennootschappen waar wij in deelnemen zijn : Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) en Vitens. 4.

Stichtingen en verenigingen: Stichtingen waar wij een belang in hebben zijn de Stichting Milieu Educatief Centrum Maarssen (MEC) en de Stichting Urgentieverlening West Utrecht.

Veiligheidsregio Utrecht (VRU) – Programma 2 Binnen de VRU werken de 26 Utrechtse gemeenten samen op het gebied van brandweerzorg, (gemeentelijke) crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening om zo te komen tot een veiligere regio Utrecht. Nadere toelichting over de majeure projecten is te vinden in programma 2 Veiligheid. Op 30 mei 2023 is de nieuwe bestuursagenda 2024 - 2027 aangenomen door de raad. De vier hoofdthema's zijn: •

Toekomst bestendige brandweerzorg

•

Veilige en gezonde Leefomgeving

•

Great place to work

•

Versterking crisisbeheersing

Niet ondervangen risico's: Geen.

93

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 - eind '25)

(begin '25 eind '25)

AB: stemrecht steminvloed: 6%

€ 25.026

€ 73.919

Aandeel in totale begroting: 4,0%

€ 25.507

€ 79.558

Naam (bedragen x € 1.000) Veiligheidsregio (VRU)

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Burgemeester

Financieel resultaat

Bijdrage SV 2025

(eind 2025)

€0

€ 4.858

Plassenschap Loosdrecht e.o. – Programma 3 De deelnemers van het Plassenschap werken samen aan beheer en ontwikkeling van toegankelijke recreatiegebieden voor inwoners- en bezoekers van de regio. Een deel van deze recreatiegebieden ligt op het grondgebied van Stichtse Vecht zoals Bosdijk, Zwaan en een groot deel van de Kievitsbuurten. Het beheer en onderhoud van de eigendommen van het Plassenschap is tot en met 31 december 2022 uitgevoerd door Recreatie Midden Nederland. Per 1 januari 2023 heeft de gemeente Wijdemeren het beheer van het areaal van het Plassenschap Loosdrecht e.o. overgenomen van RMN. De gemeente Wijdemeren verzorgt het beheer voor het Plassenschap, maar stemt keuzes die gemaakt moeten worden af met de ambtelijke vertegenwoordigers van de vier deelnemers; provincie Utrecht, provincie Noord-Holland, de gemeenten Stichtse Vecht en Wijdemeren. Het jaar 2023 vormde een transitieperiode en is gebruikt om de gemeente Wijdemeren als nieuwe beheerder vertrouwd te maken met het werkgebied en de kapitaalgoederen, de risico’s van beheer en onderhoud in kaart te brengen, werkprocessen op te zetten en het opstellen van het vierjarig Uitvoeringsplan. In september 2023 zijn het Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP) en een Meerjaren Investeringsplan (MJIP), vastgesteld. Op basis van deze beheerplannen is een 4-jarig uitvoeringsplan opgesteld.

Verder zijn deze plannen belangrijke bouwstenen voor het 4-jarig financieel perspectief, dat conform de GR is opgesteld. Ook geven de uitkomsten input voor het jaarlijks beheerplan onderhoud. Voornoemde beleidsstukken en de daarin gemaakte keuzes zijn de basis geweest voor het opstellen van de eerste begrotingswijziging 2024 en de begroting 2025 (reeds goedgekeurd). In 2025 gaat o.a. geïnvesteerd worden in de volgende projecten: •

Beschoeiingen vervangen/repareren

•

Sluizen

€308.900

•

Landterreinen

€350.000

•

Materieel en vastgoed

€60.000

€2.544.200

Niet ondervangen risico's: Geen. Toelichting weerstandsvermogen: Weerstandsvermogen: de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s zoals gekwantificeerd in de risicoparagraaf van de begroting en jaarstukken dient minimaal 1:1 te zijn. Afgesproken is dat het weerstandsvermogen per ultimo 2026 weer een ratio van 1 moet hebben. Doordat de rekening 2023 sluit met een batig saldo van bijna € 429.000, kan door resultaatbestemming de algemene reserve worden versterkt en stijgt de ratio tot ver boven de 1. De begroting 2025 van het Plassenschap is conform de opgaven een beleidsarme begroting voor wat betreft nieuwe ontwikkelingen. Het vastgestelde meerjarig investeringsplan m.b.t. noodzakelijke vervangingsinvesteringen is wel volledig geraamd. Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 eind '25)

(begin '25 eind '25)

AB en DB: stemrecht Steminvloed: 25%

€ 943

€ 5.803

Aandeel in totale begroting 17,76%

€ 875

€ 9.281

Naam (bedragen x € 1.000)

Plassenschap Loosdrecht e.o.

Vertegenwoordiging

Collegelid, Raadsleden

Bevoegdheden

Financieel resultaat Bijdrage SV 2025 (eind 2025)

€0

€ 456

94

Recreatieschap Stichtse Groenlanden e.o. - Programma 3 De deelnemers van het recreatieschap werken samen aan beheer en ontwikkeling van toegankelijke recreatiegebieden voor inwoners- en bezoekers van de regio. Recreatieschap Stichtse Groenlanden (SGL) had de uitvoering van haar werkzaamheden belegd bij uitvoeringsorganisatie Recreatie Midden-Nederland. Besloten is, de uitvoeringsorganisatie RMN te liquideren per 31 december 2022 en het recreatieschap SGL om te vormen tot een ander samenwerkingsverband met een ‘lichtere’ structuur. Per 1 januari 2023 is de taakuitvoering van RMN voor wat betreft recreatieschap SGL overgegaan naar Staatsbosbeheer als nieuwe uitvoeringsorganisatie. De jaren 2023 en 2024 gelden als transitiejaren om de samenwerking goed te organiseren. Per 2025 moet de nieuwe organisatie optimaal functioneren. De begroting 2025 sluit af met een positief resultaat. Eerder is afgesproken dat de begroting voor 2025 beleidsarm wordt opgesteld. Het budget van 2025 (inclusief indexatie) geldt daarbij als taakstellend maximum, gelijk aan de afspraak zoals die voor de jaren 2023 en 2024 is gemaakt met Staatsbosbeheer. Niet ondervangen risico's: Geen. Naam (bedragen x € 1.000)

Recreatieschap Stichtse Groenlanden

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 eind '25)

(begin '25 eind '25)

€ 3.560

€ 7.523

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Raadslid, Collegelid

AB: stemrecht Steminvloed: 10%

Financieel resultaat Bijdrage SV 2025 (eind 2025)

€ 11 Aandeel in totale begroting: 5,5%

€ 3.629

€ 193

€ 7.475

Omgevingsdienst Regio Utrecht (OdrU) - Programma 3 De Omgevingsdienst Regio Utrecht voert voor 15 gemeenten adviserende en uitvoerende taken uit op de gebieden van omgeving, milieu en duurzaamheid. Een van de belangrijkste ontwikkelingen voor 2025 is de uitwerking van de fusie tot één robuuste omgevingsdienst, versterking VTH-stelsel en het verder werken aan de implementatie van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen. Niet ondervangen risico's: We hebben te maken met onzekerheid over de financiële impact van het traject om te komen tot één omgevingsdienst in de provincie Utrecht. Hiermee is geen rekening gehouden bij het opstellen van de begroting 2025 van de ODRU en de financiering om te komen tot deze fusie is vooralsnog niet sluitend. De kosten worden in de loop van dit jaar inzichtelijk. Eigen vermogen (begin '25 - eind '25)

Vreemd vermogen (begin '25 - eind '25)

AB: stemrecht Steminvloed: 6%

€ 585

€ 6.160

Aandeel in totale begroting: 10,6%

€ 867

€ 6.442

Naam (bedragen x € 1.000) Omgevingsdienst Regio Utrecht (OdrU)

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Collegelid

Financieel resultaat (eind 2025)

Bijdrage SV 2025

€0

€ 2.400

GGD regio Utrecht (GGDrU) – Programma 4 Het doel van de GGDrU is het bevorderen van de Volksgezondheid en het voorkomen van ziekten door het verrichten van preventieve interventies. GGDrU heeft het bevorderen en beschermen van de gezondheid verdeeld over de pijlers kansrijk opgroeien, een gezonde en veilige leefomgeving en langer en gezond zelfstandig. In 2025 houdt de GGDrU rekening met de financiële situatie van gemeenten en heeft dit vertaalt naar een beleidsarme begroting. GGDrU voert zijn wettelijke taken uit en zal geen extra taken uitvoeren.

95

Niet ondervangen risico's: Geen. Naam (bedragen x € 1.000) GGD regio Utrecht (GGDrU)

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 eind '25)

(begin '25 eind '25

€ 2.609

€ 25.354

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Collegelid

AB: stemrecht Steminvloed: 6%

Financieel resultaat

Bijdrage SV 2025

(eind 2025)

€0 Aandeel in totale begroting: 5,4 %

€ 2.669

€ 3.476

€ 21.085

Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen - Programma 5 Het RHCVV heeft een tweeledig doel, te weten (1) archiefwettelijke taken die ze uitvoert voor de aangesloten gemeenten en (2) het erfgoedbeheer van particuliere archieven en enkele historische collecties. Het RHCVV continueert in 2025 de inhoudelijke beleidskeuzes uit de businesscase 2018 en de beleidsvisie 2020-2024. Het RHCVV heeft daarbij de volgende focus: •

archiefwettelijke taken die ze uitvoert voor de aangesloten gemeenten

•

het erfgoedbeheer van particuliere archieven en enkele historische collecties

•

met deelnemende gemeenten voorbereiden/overbrengen (digitale) archieven naar het e-depot

•

uitbreiden en doorontwikkelen digitale dienstverlening voor burgers en ambtenaren

•

nieuwe (archief)wetgeving implementeren.

Het RHCVV herziet haar Beleidsvisie voor 2025-2030. Deze is conform de uitgangspunten en kaders uit de toekomstverkenning 'Robuust RHCVV', waarover de gemeenteraden geïnformeerd zijn in 2024. Speerpunten zijn het verder ontwikkelen van toezicht, digitaal informatiebeheer en digitale dienstverlening. Dit is nodig om aan te sluiten op o.a. de sterk toegenomen complexiteit van de gemeentelijke informatiehuishouding en nieuwe informatie wetgeving. Het RHCVV wil ook de zichtbaarheid en taakuitvoering vergroten in de ambtelijke organisaties van de deelnemende gemeenten (ter bevordering en ondersteuning van goed bestuur en goede bedrijfsvoering binnen ambtelijke organisaties) evenals de regionale zichtbaarheid. Niet ondervangen risico's: Geen. Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 - eind '25)

(begin '25 - eind '25)

AB: stemrecht Steminvloed 33,3%

€ 295

€ 400

Aandeel in totale begroting: 42,5%

€ 147

Naam (bedragen x € 1.000) Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Burgemeester

Financieel resultaat Bijdrage SV 2025 (eind 2025)

€0

€ 1038

€ 400

Afval Verwijdering Utrecht (AVU) - Programma 3 De AVU is sinds 1984 de regie- en kennisorganisatie voor de duurzame en kosteneffectieve verwerking van door de Utrechtse gemeenten bij huishoudens ingezamelde afvalstromen. •

Daar waar inzameling en transport van afvalstoffen door de AVU aan derden is uitbesteed, zullen contracten tijdig worden aanbesteed. Indien deze activiteiten middels dienstverleningsovereenkomsten worden verzorgd, zal de AVU ook deze overeenkomsten tijdig en in overleg met de partners verlengen.

•

De AVU draagt zorg voor de tijdige aanbesteding van de verwerkingscontracten van de aan de AVU in beheer overgedragen afvalstromen.

96

•

Er worden voor 2025 geen wijzigingen voorzien in de regelgeving omtrent de afvaldeelstromen die van invloed kunnen zijn op de lopende contracten en op de begroting.

Niet ondervangen risico's: Geen.

Naam (bedragen x € 1.000)

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 - eind '25)

(begin '25 - eind '25)

AB: stemrecht Steminvloed 6%

€ 100 -

€ 14.000 -

Aandeel in totale begroting: 5,5%

€ 100

€ 14.000

Financieel resultaat Bijdrage SV 2025 (eind 2025)

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Afval Verwijdering Collegelid Utrecht (AVU)

€0

€ 2.765

Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht (BghU) Programma 1 Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht (BghU) is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Bunnik, De Bilt, Houten, Lopik, Nieuwegein, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug en Zeist en het Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden. De BghU heft en int belastingen namens haar deelnemers en stelt de hoogte van de WOZ-waarden vast voor alle onroerende zaken in deze gemeenten. Niet ondervangen risico's: Geen. Eigen vermogen

Naam

Vertegenwoordiging Bevoegdheden (begin '25 - eind '25)

(bedragen x € 1.000)

Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht Collegelid (BghU)

DB: stemrecht Steminvloed 6%

€ 1.604

Vreemd vermogen

Financieel Bijdrage resultaat (eind SV (begin '25 - eind 2025) 2025 '25)

€ 4.594 € 0 € 1.137

Aandeel in totale begroting: 6%

€ 1.517

€ 4.594

NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) - Programma 1 De NV Bank Nederlandse Gemeenten is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. De bank verstrekt krediet tegen lage tarieven waarmee de bank duurzaam bijdraagt aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger, c.q. duurzaam bijdraagt aan de publieke taak. De gemeente Stichtse Vecht bezit 29.523 aandelen in BNG. Niet ondervangen risico's: Geen. Naam (bedragen x € 1 mln)

Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) *)

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 eind '25)

(begin '25 eind '25)

€ 4.721 -

€ 110.543 -

€ 4.721

€ 110.543

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Collegelid

Stemrecht als aandeelhouder

Financieel resultaat Bijdrage SV 2025 (eind 2025) €0

€0

*) Geen begroting 2025. Cijfers komen uit Jaarverslag 2023.

97

Vitens - Programma 5 Het winnen, produceren, distribueren en leveren van drinkwater is de primaire taak van Vitens. Klanten kunnen vertrouwen op de leveringszekerheid van drinkwater, een optimale kwaliteit en een zo laag mogelijke prijs (Vitens heeft de laagste drinkwaterprijs van Nederland). Vitens staat de komende jaren voor een grote investeringsopgave. De investeringen zijn hoofzakelijk gericht op leveringszekerheid nu en in de toekomst van voldoende en schoon drinkwater. De gemeente Stichtse Vecht is aandeelhouder en bezit 58.097 aandelen Vitens (1% van het totaal). Door toenemende onzekerheden als gevolg van economische ontwikkelingen, de effecten van klimaatverandering en de wens om de tarieven meer variabel te maken, is Vitens genoodzaakt vanaf 2024 een aantal uitgangspunten voor de begroting te wijzigen. Dit met als doel de financieringspositie binnen de geldende regelgeving zo optimaal mogelijk te kunnen versterken. Wijzigingen in de uitgangspunten: •

Vitens zal de kosten voor droogteschade scenario's doorrekenen en de financiële impact van het worst case scenario meenemen in het jaarplan.

•

Het vastrecht wordt op verzoek van de aandeelhouders in 2024 zover mogelijk verlaagd, rekening houdend met de regelgeving.

•

De onzekerheid in de afzet is het afgelopen jaar toegenomen. Vitens zal diverse scenario's doorrekenen voor de afzet en de financiële impact van het worst case scenario meenemen in het jaarplan om te borgen dat de afzet wordt gerealiseerd.

Deze uitgangspunten leiden tot tariefstijging voor 2024 en verder en vergroten de kans op overwinst. Vitens dient vanuit de geldende regelgeving overwinsten terug te geven aan de klant, wat kan leiden tot tariefschommelingen van jaar tot jaar. Over de jaren heen ondervindt de klant hier geen nadeel van. Vanwege de investeringsopgave waar Vitens voor staat, ziet Vitens naar verwachting de komende jaren geen ruimte om dividend uit te keren aan haar aandeelhouders. Niet ondervangen risico's: Geen. Naam (bedragen x € 1 mln)

Vreemd vermogen

(begin '25 eind '25)

(begin '25 eind '25)

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Stemrecht als aandeelhouder Vitens *)

Eigen vermogen

Collegelid

(Stichtse Vecht heeft 58.097 aandelen dit 1% van het totaal)

€ 724,1 € 779,7

Financieel resultaat Bijdrage SV 2025 (eind 2025)

€ 1.682,2

€ 51,2

€ 1.844,0

0

*) Geen begroting. Cijfers komen uit Financieel Jaarplan 2023-2027 (datum: 24 oktober 2022)

Stichting Milieu Educatief Centrum Maarssen (MEC) - Programma 3 De doelstelling van Stichting MEC betreft het organiseren van Natuur en Milieu Educatieactiviteiten in de gemeente Stichtse Vecht, met als belangrijkste doelgroep het basisonderwijs. Activiteiten en samenwerkingen die vanuit het MEC Maarssen plaatsvinden, staan opgenomen in nieuwsbrieven en op de website van de OdrU. Er worden door de OdrU onder andere leskisten samengesteld waarmee de basisscholen lessen op het gebied van Natuur- en Milieueducatie kunnen geven. Daarnaast worden er inloopmiddagen en workshops georganiseerd. Daarnaast is er in het MEC Maarssen een Energieloket geopend door Stichting Duurzame Vecht. Niet ondervangen risico's: Geen. Naam (bedragen x € 1.000)

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 eind '25)

(begin '25 eind '25)

€ 96 -

€3-

€ 103

€3

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Stichting Milieu Educatief Collegelid Centrum Maarssen (MEC)

Voorzitter Steminvloed 20%

Financieel resultaat (eind 2025)

Bijdrage SV

2025

Maakt deel uit van € 10 de bijdrage aan OdrU

98

Stichting Urgentieverlening West Utrecht (SUWU) - Programma 3 De SUWU is een gemeenschappelijke regeling van zes gemeenten in de regio Utrecht West. Het doel van de stichting is het beslissen op ingediende aanvragen voor een woonurgentie in het kader van de Huisvestingsverordening. Niet ondervangen risico's: Geen. Naam (bedragen x € 1.000)

Stichting Urgentieverlening West Utrecht

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

(begin '25 eind '25)

(begin '25 eind '25)

€ 28

n.v.t.

Vertegenwoordiging Bevoegdheden

Collegelid

Stemrecht in AB

Financieel resultaat

Bijdrage SV 2025

(eind 2025)

€0

€ 22

€ 28

99

Grondbeleid Inleiding In de verplichte paragraaf Grondbeleid komt elk jaar aan bod hoe onze gemeente het grondbeleid inzet om de bestuurlijke doelen te bereiken. Daarnaast wordt in deze paragraaf de grondprijzenbrief voor komend jaar vastgesteld.

Nota grondbeleid In de Nota grondbeleid staan de beleidsuitgangspunten van het grondbeleid. Het uitgangspunt hierbij is om niet te kiezen voor één bepaalde vorm van grondbeleid, maar dit per locatie of project te bezien. Per project maken we de afweging of de wij de grond zelf in ontwikkeling nemen of dat we de afwikkeling gedeeltelijk dan wel geheel overlaten aan een marktpartij. Hiervoor is een afwegingskader geschreven, waarin we beoordelen of het initiatief wenselijk is, of het financieel haalbaar is, of de financiële risico’s ten opzichte van de financiële middelen acceptabel zijn en of voldoende kennis en capaciteit binnen de onze gemeente beschikbaar is. Wij kiezen ten aanzien van het te voeren grondbeleid voor maatwerk en marktwerking. In de praktijk betekent dit dat wij overwegend een faciliterend grondbeleid voeren.

Algemene reserve grondexploitatie Een eventueel batig saldo van de grondexploitatie voegen we bij afsluiting toe aan de Algemene reserve grondexploitatie. Bij voorzienbare tekorten treffen we een voorziening. In principe wordt de gehele winst van een grondexploitatie genomen bij afsluiting van de grondexploitatie, tenzij het mogelijk is om op verantwoorde wijze al vooruitlopend op de afsluiting een deel winst te nemen. Voorwaarde is dat daadwerkelijk sprake is van gerealiseerde winsten in de grondexploitatie en dat we die uit oogpunt van verantwoorde bedrijfsvoering (rekening houdend met nog te realiseren kosten en opbrengsten) ook opnemen. Daarbij volgen we de standpunten zoals opgenomen in de Notitie BBV grondexploitatie over tussentijdse winstneming. Als college hebben wij de bevoegdheid om een werkbudget uit de Algemene reserve grondexploitatie aan te wenden voor de eerste plan- en onderzoekskosten bij ruimtelijke ontwikkelingen. Na het operationeel verklaren van het betreffende project met de vaststelling van de grondexploitatie brengen we de kosten ten laste van de grondexploitatie en vloeien de eerder anticiperend uitgegeven gelden vanuit de grondexploitatie terug naar de reserve grondexploitatie. De omvang van de Algemene reserve grondexploitatie is vastgesteld op minimaal € 200.000 en maximaal € 600.000.

Indien het saldo van de reserve grondexploitatie hoger is, romen we de waarde af naar de Algemene reserve, en als het saldo lager is, vullen we het aan vanuit de Algemene reserve

Risicobeheersing Grondexploitatie is een risicodragende activiteit, die vraagt om adequate analyse en beheersing van deze risico’s. In het kader van het vierogen-principe wordt een risicoanalyse van de grondexploitaties uitgevoerd door een extern bureau. Op basis van deze uitkomst, die tot stand komt via een Monte Carlo-simulatie, wordt een risicoreservering gemaakt in de Algemene Reserve. Dit gebeurt jaarlijks bij het actualiseren van de grondexploitaties. Voor de voorliggende programmabegroting betekent de uitkomst van de Monte Carlo-simulatie dat de minimale ondergrens van € 1 mln. als risicoreservering in de Algemene Reserve voldoet en aangehouden kan worden.

Grondexploitaties Vastgestelde grondexploitaties: Haarrijnweg 5 te Maarssen Het dorpshuis en de gymzaal aan de Fetha 14 en 16 in Vreeland zijn sterk verouderd en niet duurzaam. De gemeente wil deze gebouwen graag onderbrengen in een nieuw multifunctioneel centrum. Ook is er ruimte om 6 woningen aan de woningvoorraad toe te voegen op de plek naast het STAG-gebouw (3 stuks) en naast de nieuwe sportzaal (3 stuks). De gemeente heeft samen met

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raadsinformatie.stichtsevecht.nl/api/v1/meetings/2603/documents/56160