Bijlage 4 GR BghU, jaarstukken incl. controleverklaring 2024 def-versie 31-03-2025.pdf
Tekst van het document
Daarnaast is in de Verordening beleids- en verantwoordingsfunctie BghU 2023 een rapporteringsgrens van €50.000 vastgelegd waarboven eventuele bevindingen in de paragraaf bedrijfsvoering worden gerapporteerd. Hiervan is wel sprake. Deze bevindingen hebben wij hieronder opgenomen: Voorwaardencriterium Er is geen sprake van bevindingen op het gebied van het voorwaardencriterium. Begrotingscriterium Er is sprake van een begrotingsoverschrijding van € 2.424.077. Deze overschrijding wordt volledig gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten en kan daarom als acceptabel worden beschouwd. Voor een toelichting op de afwijkingen tussen de laatst vastgestelde begroting en jaarrekening verwijzen wij u naar de paragraaf “Toelichting op de staat van baten en lasten”. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Er is geen sprake van bevindingen op het gebied van misbruik en oneigenlijk gebruik. Overige onrechtmatigheid (niet financieel) Naast de drie hierboven genoemde criteria is het op grond van de Kadernota rechtmatigheid 2024 van de commissie BBV verplicht om in de paragraaf bedrijfsvoering tevens te rapporteren over eventuele niet financiële onrechtmatigheden. Er is geen sprake van bevindingen op het gebied van overige onrechtmatigheid.
Ontwikkeling Informatievoorziening In 2023 is gestart met de inkooptrajecten voor de ICT-periferie, zoals genoemd in de voorgangsrapportage ICT-inkoop- en aanbestedingsstrategie, d.d. 31 januari 2022. Het documentmanagementsysteem uitgezonderd, zijn alle inkooptrajecten afgehandeld en zijn nieuwe leveranciers gecontracteerd. De volgende onderwerpen uit de ICT-periferie zijn recent geïmplementeerd of er wordt nog aan gewerkt om tot afronding van de implementatie te komen: • • •
ICT-beheer Werkplekken hardware KCC/telefonie
Jaarstukken 2024
27
ICT-beheer Begin 2024 is gestart met de implementatie van een nieuwe ICT-infrastructuur inclusief beheeroplossing en vervanging van de huidige Microsoft-licenties. Via een inkooptraject is gekozen voor de Managed Modern Workspace van Centric. Dit is een cloudoplossing die de komende jaren een toekomstbestendige omgeving garandeert. Deze omgeving en de verschillende netwerkcomponenten hebben in de loop van 2024 vorm gekregen en zijn zoveel mogelijk stapsgewijs getest en opgeleverd. Door vertraging in de oplevering van delen van de benodigde infrastructuur, veroorzaakt door problemen aan de kant van de opdrachtnemer, is de implementatiedatum reeds tweemaal verschoven (oorspronkelijk 1 mei 2024, vervolgens 1 juli 2024). De impact en de consequenties van de vertragingen zijn door BghU reeds eerder bestuurlijk gerapporteerd. De uiteindelijke implementatie heeft op 8 november 2024 plaatsgevonden en is op dat moment succesvol voltooid. Door de uitloop van de implementatie zijn opnieuw bijeenkomsten voor medewerkers georganiseerd om de eerdere opgedane kennis weer te actualiseren. Op dit moment wordt nog gewerkt aan de restpunten die niet gelijk met de implementatie konden worden voltooid of die nog niet (volledig) naar wens zijn opgeleverd. Ook het beheer, waarmee gelijk is gestart, moet nog de definitieve vorm krijgen.
De verwachting is dat de implementatie van het beheer in het eerste kwartaal van 2025 volledig is afgerond en de resterende punten uiterlijk in het tweede kwartaal van 2025. In deze periode zal ook evaluatie met de leverancier plaatsvinden over het verloop van dit traject. Werkplekken hardware De implementatie van de nieuw werkplek, waarbij een hybride werkplek centraal staat, is afgerond. De uitrol van de nieuwe werkplek is een feit. Iedere medewerker heeft nu de volgende apparatuur ter beschikking: • Laptop • Beeldscherm met geïntegreerd docking station en accessoires • Smartphone Het beeldscherm/docking station is zowel op de kantoorwerkplek, als op de thuiswerkplek beschikbaar, zodat medewerkers beschikken over de juiste hardware om hun werk goed uit te kunnen voeren, zowel thuis, als op kantoor. Het beheer van de hardware wordt op dit moment ingebed en zal in het eerste kwartaal van 2025 zijn afgerond. KCC/telefonie Na afronding van het aanbestedingstraject is in maart 2024 een overeenkomst afgesloten met de geselecteerde leverancier, KPN, voor levering en implementatie van een nieuw Klantcontactcentrum (KCC) en de onderliggende telefonielijnen (SIP). De implementatie heeft half juli 2024 succesvol plaatsgevonden inclusief de eerste training van de desbetreffende medewerkers, waarna het nieuwe KCC in gebruik is genomen.
In het laatste kwartaal van 2024 is nog een finale training van medewerkers verzorgd en zijn de beheeraspecten vormgegeven. Het beheer wordt in het eerste kwartaal van 2025 definitief geïmplementeerd. Eind 2023 is BghU gestart met een verkenning t.b.v. een nieuwe BI-infrastructuur (business intelligence) voor data-analyse en managementinformatie. De verwachting was dat de implementatie van de nieuwe BIinfrastructuur in de eerste helft van 2024 zou kunnen plaatsvinden, maar dit is door de uitloop van het ITbeheer project niet gelukt. Door de projectorganisatie van IT-beheer is een gelijktijdige implementatie van een nieuwe BI-infrastructuur als risico bestempeld. Gezien de uiteindelijke implementatie van IT-beheer in november 2024 en het nawerk van het bijbehorende beheertraject, is de implementatie (inclusief het trainingstraject) van de BI-infrastructuur verschoven naar de eerste helft van 2025. De periode hierna zal vervolgens worden gebruikt voor verdere ontwikkeling om de BI-infrastructuur te vormen tot een organisatiebreed data-platform.
Overige ontwikkelingen De inkoop van beeldmateriaal “Luchtfoto's en Panoramabeelden” is voor de komende vier jaar weer afgerond. Via een aanbesteding zijn contracten gesloten met twee leveranciers. Deze aanbesteding is anders georganiseerd dan overige inkooptrajecten, omdat de aanbesteding is gedaan in een samenwerking Jaarstukken 2024
28
met meerdere organisaties. Wat ooit begon als samenwerking tussen gemeente Utrecht en BghU, is inmiddels uitgegroeid naar een samenwerking waaraan tien organisaties deelnemen. De aanbesteding is door BghU reeds voor de derde keer uitgevoerd in samenwerking met de gemeenten Utrecht, Bunnik, De Bilt, Houten, Lopik, Nieuwegein, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist. Het nieuwe beeldmateriaal is voor 2024 ingewonnen en beschikbaar gesteld aan alle deelnemende organisaties. Eind 2024 is met de leverancier van druk-, print- en scanwerk een overeenkomst afgesloten, zodat de fysieke poststroom gedeeltelijk ook bij de postbezorgende dienst te volgen is. Dit is afdoende om te voldoen aan de bewijslast van bezorging, zoals gesteld in de desbetreffende jurisprudentie. De implementatie hiervan wordt in het eerste kwartaal van 2025 afgerond. Tevens zal dit in een proces worden geborgd.
Verslag van de CISO en Functionaris Gegevensbescherming Vernieuwde normen voor informatiebeveiliging BghU dient informatiebeveiliging te borgen volgens het verplichte Baseline Informatiebeveiliging Overheid (afgekort; BIO). In 2024 is versie 2 van BIO gepubliceerd. We hebben een analyse uitgevoerd naar de impact van de BIO2 voor de inrichting van de informatiebeveiliging. Hierbij is ook de aankomende NIS2/ Cyberbeveiligingswetgeving (Cbw) meegenomen. In 2025 zullen we de implementatie van de beheersmaatregelen hierop aanscherpen. Ook de audit DigiD staat weer op de planning. Benchmark overleg Sinds februari 2024 houden de CISO’s van alle belastingsamenwerkingen een maandelijks overleg. Het overleg heeft tot doel elkaar te ondersteunen bij vraagstukken. Bijsturing op het incidentenproces We hebben het proces aangepast met onder meer de vastlegging van de tijdstippen van melding en afmelding van incidenten. Zo is nu de tijdige afhandeling te monitoren. Een belangrijke verbetering die is doorgevoerd betreft de koppeling van incidenten aan DigiD. Dit was nodig voor de jaarlijkse DigiD audit. Veilig mailen Binnen BghU is Zivver geïntroduceerd. Deze applicatie stelt de organisatie in staat veilig te mailen met elkaar maar ook met burgers als dit nodig is. De werking van de applicatie is nog niet volledig zoals gewenst. Hieraan wordt in 2025 gewerkt.
Verbeteringen zijn nodig Uit onze interne audits blijkt dat nog verbeteringen nodig zijn t.b.v. het bewustzijn van medewerkers. De applicatie NanoLearnings die we in gebruik hebben genomen, wordt nog te weinig gebruikt. Daarnaast was in december een belangrijk incident in het Stadskantoor van Gemeente Utrecht. De fysieke toegangsbeveiliging van het Utrechtse stadskantoor bleek onvoldoende effectief in een audit van de Rekenkamer. 2024 Onderwerp
Aantal
Bijzonderheden
Verwerkersovereenkomsten per jaar
3
Geen
Datalekken per jaar
15
Waarvan 2x melding bij AP
Verzoeken om inzage persoonsgegevens
0
Geen
Aantal keren systemen niet beschikbaar per jaar
0
Systeemuitval BghU breed
Audits DigiD Audit 2024
Voldaan Ja
Jaarstukken 2024
Alle onderdelen voldoen
29
Personeel Ondersteunend proces: HRM De ondersteuning op het gebied van HRM wordt verzorgd door de gemeente Utrecht. De gehele personeelsen salarisadministratie wordt uitgevoerd door de gemeente Utrecht. BghU heeft daarnaast een fulltime HRMadviseur beschikbaar die vanuit de gemeente Utrecht bij BghU gedetacheerd is. Vanaf 1 januari 2025 komt deze adviseur bij BghU in dienst en vervalt dit adviesgedeelte in de SLA met gemeente Utrecht. Onderstaand enkele feiten op het gebied van HRM. In de afgelopen jaren werden een aantal kengetallen vergeleken met de getallen uit de meest recente landelijke personeelsmonitor decentrale overheidssectoren (gemeenten/provincies/waterschappen). Uit een eerdere enquête onder de 200 leden (waaronder BghU) van de Werkgeversvereniging Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (WSGO) bleek dat er veel vraag was naar een eigen personeelsmonitor om de leden meer handvatten te geven voor hun HR-beleid. In 2024 hebben het A&O fonds Gemeenten en de WSGO de eerste WSGO-personeelsmonitor (over 2023) uitgebracht. Vanaf heden zullen de kengetallen van BghU hiermee vergeleken worden. Formatie en bezetting BghU heeft op peildatum 31 december 2024 een personeelsbestand van circa 122,22 FTE (131 medewerkers). Op basis van de loonsom is ongeveer ruimte voor 134,72 FTE wanneer het volledige budget gebruikt wordt voor medewerkers in dienst van BghU.
De formatieruimte bestaat uit een aantal openstaande in- en/of externe vacatures en vacatures die momenteel worden ingevuld door externe young potentials die op termijn bij BghU in dienst zullen treden. Daarnaast wordt een deel van de formatieruimte ingezet als flexibele schil (o.a. inzet extern callcenter). In 2024 zijn 24 nieuwe medewerkers in dienst gekomen. Dit betekent een instroompercentage van 18,32%. Dit ligt hoger dan bij de gemeenten (18% in 2023) en lager dan bij de WSGO-leden (20% in 2023). In 2024 zijn 17 medewerkers uitdienst getreden. Dit betekent een uitstroompercentage van 12,98%. Dit ligt hoger dan bij de gemeenten (9% in 2023) en de WSGO-leden (11% in 2023). Verwachting is dat het uitstroompercentage de komende jaren gelijk zal blijven, dan wel iets zal stijgen in verband met de vergrijzing van het personeelsbestand. Samenstelling personeel De verdeling tussen man/vrouw was op peildatum 31 december 2024 52%/48%. Binnen de gemeenten ligt deze verdeling op 45%/55% in 2022 en bij de WSGO-leden op 39%/61% in 2023. Hiermee is de verdeling binnen BghU vergelijkbaar met die van gemeenten. Op peildatum 31 december 2024 was de gemiddelde leeftijd 47,8 jaar. Dit ligt hoger dan de gemiddelde leeftijd binnen gemeenten (46,8 jaar in 2023) en bij de WSGO-leden (47,1 jaar). Onderstaande tabel geeft inzicht in de leeftijdsopbouw (percentage van aantal personen): BghU 2024
Gemeenten 2023
WSGO-leden 2023
Jonger dan 25 jaar
2%
2%
2%
25-34 jaar
21%
17%
17%
35-44 jaar
11%
22%
21%
45-54 jaar
29%
27%
26%
55-59 jaar
19%
15%
16%
60-64 jaar
15%
14%
14%
65 jaar en ouder
3%
3%
4%
De naar verhouding sterke mate van vergrijzing van het personeelsbestand betekent, net als bij de gemeenten en WSGO-leden, voor de komende jaren extra uitstroom van personeel. Daarmee verdwijnt ook veel kennis en expertise. Het aantrekken van nieuw personeel, een adequate overdracht van kennis en expertise door op korte termijn vertrekkende medewerkers aan instromende medewerkers zijn dan ook belangrijke aandachtspunten voor de komende jaren. Om meer verjonging aan te brengen zullen wij daarnaast proberen komende jaren meer jongeren (onder de 30 jaar) aan te trekken en het aantal
Jaarstukken 2024
30
stagiair(e)s uit te breiden. Deze verjonging heeft zich sinds 2023 al ingezet: de leeftijdscategorie 25-34 jaar is gestegen van 4% in 2022 naar 12% in 2023 en naar 21% in 2024. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim bedraagt in 2024 6,29%. Het ziekteverzuim is daarmee gedaald ten opzichte van het jaar 2023 (7,45%) en ligt lager dan het gemiddelde ziekteverzuim binnen gemeenten (6,5% in 2023) en de WSGOleden (6,9% in 2023). Daarmee ligt het ziekteverzuimpercentage bij BghU, gemeenten en WSGO-leden nog steeds hoger dan het ziekteverzuimpercentage van heel Nederland (5,3% in 2023). Onderstaande tabel geeft inzicht in het ziekteverzuimpercentage over de afgelopen vijf jaar. Ziekteverzuim%
2020
2021
2022
2023
2024
BghU
8,17%
8,47%
8,56%
7,45%
6,29%
Tot en met 2022 laat het ziekteverzuim een stijgende lijn zien. Dit werd met name veroorzaakt doordat het gemiddeld aantal langdurig zieke medewerkers met niet-werkgerelateerde klachten jaarlijks steeg. T.o.v. 2023 is het ziekteverzuimpercentage in 2024 met ongeveer 1% gedaald. Dit komt met name doordat een aantal langdurig zieke medewerkers in de loop van 2024 uitdienst zijn gegaan (i.v.m. toekenning volledige WIA-uitkering). Met alle huidige zieke medewerkers zijn afspraken over re-integratie gemaakt. BghU heeft er, ook in 2024, alles aan gedaan om het verzuim, daar waar beïnvloedbaar, te beperken. Leidinggevenden hebben regelmatig contact met zieke medewerkers en ondernemen de vereiste acties in het kader van Wet Verbetering Poortwachter. Hierbij worden zij geadviseerd en ondersteund door de HRM-adviseur. Medewerkers hebben periodiek ook een consult bij de bedrijfsarts en of de praktijkondersteuner bedrijfsarts. Daar waar nodig worden ook op advies van de arbodienst Zorg van de Zaak interventies ingezet, waaronder psychologische begeleiding, bedrijfsmaatschappelijk werk, arbeidsdeskundige onderzoeken en spoor 2 re-integratietrajecten (trajecten gericht op passende arbeid buiten BghU). Het ziekteverzuim en preventie heeft permanent aandacht van directie en management.
Strategische personeelsplanning De komende jaren zal BghU te maken krijgen met in- en externe ontwikkelingen die invloed hebben op het personeelsbestand van BghU. Hierbij valt o.a. te denken aan digitalisering en robotisering, groeiende kwaliteitsnormen van data, een krapper wordende arbeidsmarkt en uitstroom van pensioengerechtigden. De verwachting is dat deze ontwikkelingen o.a. gevolgen hebben voor de inhoud van functies, (gevraagde) kennis, vaardigheden en competenties van medewerkers en de arbeidsmarktbenadering. Om in te spelen op de ontwikkelingen zal het strategisch HR-beleid zich hier de komende jaren op richten. Met strategische personeelsplanning wordt hiervoor de basis gelegd. Dit is een instrument om het huidige personeelsbestand in kwalitatieve en kwantitatieve zin af te zetten tegen hetgeen in de toekomst nodig is en vervolgens te bepalen welke acties ondernomen dienen te worden om dit te realiseren. Op basis van alle data en opbrengsten van interne besprekingen zullen de pijlers van het strategische HR-beleid voor de komende jaren (her)benoemd worden en een vertaalslag gemaakt worden naar een concreet actieplan. Dit is inmiddels afgerond.
De pijlers van het strategische HR-beleid voor de komende jaren zijn: opleiding & ontwikkeling, werving & behoud van voldoende gekwalificeerd personeel, instroom van stagiaires, trainees en young potentials, duurzame inzetbaarheid. Traject talent-, team- en leiderschapsontwikkeling We willen er de komende jaren voor zorgen dat BghU een organisatie is (en blijft) met een prettig werkklimaat waar mensen met plezier kunnen (samen)werken en zich met positieve energie dagelijks inzetten om de doelen van hun team en van de organisatie te bereiken. Dit bereiken we mede door medewerkers zoveel mogelijk te laten doen waar zij goed in zijn en door effectiever gebruik te maken van de talenten van medewerkers. Verwachting is ook dat een positieve, talentgerichte organisatie de actieve betrokkenheid, productiviteit en binding van medewerkers vergroot, verzuim verlaagt en de kwaliteit van de dienstverlening verhoogt. Om deze reden is een organisatiebreed traject ingezet dat gericht is op talent, team- en leiderschapsontwikkeling met ieders talenten/sterke punten als basis. Het Managementteam heeft het traject in juli 2023 afgerond en vanaf september 2023 is het traject voor alle medewerkers gestart. Dit traject is in juli 2024 succesvol afgerond. Ook wordt aan nieuwe medewerkers talentonderzoek en -coaching aangeboden.
Jaarstukken 2024
31
Opleiding en ontwikkeling algemeen In een steeds veranderende maatschappij en in- en externe ontwikkelingen is het noodzakelijk om wendbaar te blijven. Het continu blijven leren en ontwikkelen is dan ook een belangrijk HR-thema, voor nu en de toekomst. Binnen dit kader wordt veel aandacht besteed aan opleiding en ontwikkeling. Dit jaar is het opleidings- en ontwikkelingsplan 2024-2025 vastgesteld. In dit plan zijn doelen en activiteiten op het gebied van kennis-, competentie- en talentontwikkeling opgenomen. Ook volgt een aantal medewerkers een individuele (beroeps)opleiding om hun kennis te verbreden en/of hun loopbaanmogelijkheden te vergroten. Zo heeft bijvoorbeeld een aantal nieuwe medewerkers een basisopleiding op het gebied van lokale belastingen gevolgd (of gaat deze nog volgen). Ook wordt vakinhoudelijke kennis digitaal uitgewisseld binnen en tussen de procesteams, wordt deelgenomen aan de Landelijke Vereniging Lokale Belastingen (LVLB) en aan de Landelijke Lokale Belastingprocessen (LLBP) en wordt het Nano Learningprogramma ‘Bewustwording informatiebeveiliging en Privacy’ gevolgd. Gesprekken functioneren en ontwikkeling Ook dit jaar zijn met alle medewerkers gesprekken gevoerd over functioneren en ontwikkeling. Dit heeft een doorlopend karakter. In deze gesprekken wordt o.a.
gesproken over de bijdrage die de medewerker levert (of wilt leveren) aan goede en betrouwbare dienstverlening, over werkplezier, talenten, opleidingsen ontwikkelingsbehoefte etc. Daarnaast staat het de medewerker ook vrij om te allen tijde een gesprek met de leidinggevende aan te gaan als daar behoefte aan is. Risico-inventarisatie- en evaluatie In 2023 is een nieuwe Risico-inventarisatie en evaluatie uitgevoerd. Het doel hiervan is het in kaart brengen van gevaren en risico’s m.b.t. de veiligheid, gezondheid en welbevinden van medewerkers als gevolg van het werk en/of de werkomgeving. In 2024 is een plan van aanpak opgesteld, waarin maatregelen en acties zijn geformuleerd om de risico’s en gevaren te elimineren of te beheersen. Ook is bekeken op welke punten het arbeidsomstandighedenbeleid verbeterd kan worden en op welke wijze. Uiteindelijke doel is het bieden van een veilige en gezonde werkomgeving waar met plezier gewerkt wordt. Sinds 2024 wordt uitvoering aan dit plan gegeven. Thuiswerkbeleid Daar waar de aard van de werkzaamheden het toelaten kunnen medewerkers deels thuiswerken. Zij worden gefaciliteerd bij het inrichten van een arbowaardige thuiswerkplek. Basisgedragscode en meldregelingen misstanden, integriteitsschendingen en ongewenst gedrag In december 2024 zijn de basisgedragscode en de meldregelingen geactualiseerd.
Vertrouwenspersonen en aantal meldingen BghU heeft een in- en externe vertrouwenspersoon ongewenst gedrag en integriteit. In 2024 zijn 3 meldingen gedaan bij de vertrouwenspersonen waarna een onderzoek is gestart. Wet bescherming klokkenluiders Medewerkers kunnen bij een vermoeden van een misstand advies inwinnen dan wel er rechtstreeks melding doen bij het Huis voor Klokkenluiders. Op de externe onderzoeksprocedure is de Wet bescherming klokkenluiders van toepassing. Zij hebben BghU in 2024 niet benaderd voor een onderzoek. Ook zijn er geen misstanden bij de directeur en managers gemeld. Hieruit kunnen we concluderen dat er geen misverstanden hebben plaatsgevonden dan wel niet gemeld en/of onderzocht zijn. Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties De Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO) is van toepassing. In december 2023 is een nieuwe Cao afgesloten. Enkele belangrijke punten zijn: • • •
Looptijd is van 1 januari 2024 tot en met 31 maart 2025 (15 maanden). De salarissen stijgen met ingang van 1 januari 2024 met 4,75%, en per 1 oktober 2024 met 1,25%. Medewerkers krijgen per 1 januari 2025 jaarlijks 7,2 extra bovenwettelijke vakantie-uren. Voor deeltijders geldt dit naar rato.
Jaarstukken 2024
32
• •
Het gehele Individuele Keuzebudget is pensioengevend geworden. Een klein gedeelte van het Individuele Keuzebudget van 0,8% was dat nog niet. De bestaande Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) is aangepast. Per 1 januari 2024 kunnen medewerkers die binnen 2 jaar de AOW-leeftijd bereiken, onder bepaalde voorwaarden, vervroegd uittreden. In de Cao SGO is de ABP-jareneis nu verlaagd van 43 naar 41 jaren.
Momenteel lopen de onderhandeling voor een nieuwe Cao (2025/2026).
Financiën Met ingang van het verslagjaar 2023 zijn colleges van burgemeester en wethouders van gemeenten en colleges van gedeputeerde staten van provincies en dagelijkse besturen van gemeenschappelijke regelingen zelf verplicht een rechtmatigheidsverantwoording op te stellen. Hiervoor is een aantal verordeningen en controle protocollen aangepast en opnieuw vastgesteld. Met behulp van externe expertise is de rechtmatigheidscontrole uitgevoerd. De eerste stappen voor de interne controlemaatregelen zijn gezet maar door verloop in de controlefuncties nog niet volledig geïmplementeerd. In 2025 wordt dit verder opgepakt.
Jaarstukken 2024
33
1.2.6. Verbonden Partijen Een verbonden partij is een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin BghU zowel een bestuurlijk als een financieel belang heeft. BghU kent als zelfstandige organisatie geen verbonden partijen. BghU voert haar taken uit voor de volgende deelnemende gemeenten en voor het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden. BghU is voor deze deelnemers een verbonden partij door het bestuurlijke en financiële belang.
Gemeente Bunnik
Gemeente De Bilt
Gemeente Houten
Gemeente Lopik
Gemeente Nieuwegein
Gemeente Stichtse Vecht
Gemeente Utrecht
Gemeente Utrechtse Heuvelrug
Gemeente Zeist
Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
Jaarstukken 2024
34
1.2.7. Grondbeleid Grondbeleid is een middel om ruimtelijke doelstellingen op het gebied van de volkshuisvesting, lokale economie, natuur en groen, infrastructuur en maatschappelijke voorzieningen te verwezenlijken. BghU heeft geen invloed op het grondbeleid van haar deelnemers. Om deze reden is de paragraaf Grondbeleid niet van toepassing.
Jaarstukken 2024
35
1.2.8. Wet Open Overheid De Wet open overheid (Woo) is in werking getreden met ingang van 1 mei 2022. De Woo vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Woo beoogt een transparante en actief openbaar makende overheid. Met dit doel kan het belang van openbaarheid van publieke informatie voor de democratische rechtsstaat, de burger, het bestuur en economische ontwikkeling beter worden gediend. De Woo bevat de verplichting voor bestuursorganen om bepaalde categorieën informatie uit eigen beweging openbaar te maken. Bestuursorganen hebben vanaf het moment van inwerkingtreding van de wet een algemene inspanningsverplichting om publieke informatie actief openbaar te maken. Hiervoor dient de informatiehuishouding op orde te zijn. De (interne) Wob-procedure is aangepast en vervangen door de (interne) Woo-procedure, zodat besluitvorming op grond van de Woo adequaat en tijdig kan plaatsvinden. Er is een Woo-contactpersoon aangewezen. BghU streeft de volgende doelstellingen voor de Woo na: • Transparantie van BghU verder te optimaliseren door publicatie via de website van BghU. • De website van BghU digitaal optimaal toegankelijk te houden voor het indienen van een Wooverzoek en andere reacties van burgers die geen relatie hebben met de Woo beter door te geleiden. In 2024 zijn ca.
20 stuks Woo-verzoeken voornamelijk ingediend door: • NCNP-bedrijven (uit de WOZ-sector); • Personen die oneigenlijk gebruik maken van het instrument Woo-verzoek, bijvoorbeeld de Soeverijnen/Autonomen, zie: 'Soevereinen zijn vooral heel hinderlijk' | VNG; • belanghebbenden/burgers (met name in De Bilt en Utrecht, uit ontevredenheid over de WOZ-waarde van hun woning en de uitvoering van de wet WOZ door BghU); In oktober 2016 is artikel 15 van de Wob zodanig gewijzigd dat paragraaf 4.1.3.2 van de Algemene wet bestuursrecht (de bepaling over de dwangsom) niet langer van toepassing is op besluiten op grond van de Wob en op beslissingen op bezwaar tegen besluiten op grond van de Wob. Dit heeft ertoe geleid dat het aantal Wob-verzoeken bij BghU wordt ingediend, sinds 2017 drastisch gedaald is. De bepaling over de dwangsom niet tijdig beslissen is ook niet in de Woo overgenomen, wat een verklaring kan zijn voor het lage aantal Woo-verzoeken ten opzichte van de periode vóór 2016.
Jaarstukken 2024
36
1. Jaarrekening Na afloop van ieder boekjaar stelt BghU een jaarrekening op. In de jaarrekening zetten we (conform BBVartikel 24 lid 3) de financiële resultaten op een rij. De vastgestelde begroting vergelijken we met de in het boekjaar gerealiseerde resultaten en gedurende het jaar vastgestelde begrotingswijzingen. Deze jaarrekening bevat de realisatiecijfers die betrekking hebben op het boekjaar 2024. Het boekjaar en kalenderjaar lopen parallel aan elkaar. De jaarrekening BghU kent de volgende opbouw: • • • • • • •
In onderdeel 2.1 staat de Staat van Baten en Lasten. In onderdeel 2.2 staat de Balans 2024. In onderdeel 2.3 zet BghU de gehanteerde waarderingsgrondslagen uiteen. In onderdeel 2.4 volgt een toelichting op de staat van baten en lasten. In onderdeel 2.5 licht BghU de balans toe. In onderdeel 2.6 Wet Normering Topinkomens In onderdeel 2.7 staat het Taakveldenoverzicht
2.1 Staat van Baten en Lasten 2024 De tabel hieronder bevat de Staat van Baten en Lasten over 2024 op functioneel niveau. Op de volgende pagina staat de staat van baten en lasten op programmaniveau. De balans ultimo 2024 volgt daarna. Staat van Baten en Lasten 2024 Bedra gen i n euro's
Realisatie 2023
Rente en afschrijving Personele lasten (incl. inhuur)
€ €
€ 11.913.994 €
€ 11.145.980 €
€ 13.086.004 €
€ 14.438.858 €
Lasten personeel in dienst
€
9.210.061 €
10.958.780 €
12.353.804 €
10.389.447 €
1.964.357
Inhuurlasten
€
2.703.933 €
187.200 €
732.200 €
4.049.411 €
-3.317.211
Materiële lasten
Nominale Actuele Realisatie 2024 begroting 2024 begroting 2024
Afwijking -1.352.854
€
7.389.925 €
6.963.607 €
6.806.277 €
7.882.500 €
-1.076.223
ICT-Transitie naar SAAS eenmalig
€
102.083 €
-
-
€
244.000 €
-244.000
ICT-contractkosten jaarlijkse volume
€
2.151.555 €
2.008.584 €
2.243.478 €
2.228.887 €
14.591
Bedrijfsvoeringskosten
€
3.779.072 €
3.805.023 €
3.762.799 €
4.201.487 €
-438.688
Proceskostenvergoeding WOZ
€
1.357.215 €
1.150.000 €
800.000 €
1.208.126 €
-408.126
Onvoorzien Totale lasten
€ €
100.000 € 19.403.919 €
€ 18.109.587 €
5.000 € 19.897.281 €
€ 22.321.358 €
5.000 -2.424.077
Dwangbevelen Overig Totale baten
€ € €
1.542.302 € 968.134 € 2.510.436 €
1.400.000 € 55.000 € 1.455.000 €
1.400.000 € 513.512 € 1.913.512 €
2.067.400 € 645.630 € 2.713.030 €
-667.400 -132.118 -799.518
Te dekken bedragen
€
16.893.483 €
16.654.587 €
17.983.769 €
19.608.328 €
-1.624.559
Deelnemersbijdrage
€
17.115.005 €
16.654.587 €
17.983.769 €
18.100.137 €
-116.368
Resultaat voor bestemming
€
221.522 €
-
€
-
€
-1.508.191 €
1.508.191
Onttrekking reserves Dotatie reserves
€ €
525.000 € €
-
€ €
-
€ €
1.996.946 € 460.000 €
-1.996.946 -460.000
Resultaat
€
746.522 €
-
€
-
€
28.755 €
-28.755
€
Jaarstukken 2024
37
Conform het besluit van het bestuur d.d. 3 april 2024 is het resultaat over 2023 zijnde € 746.522 als volgt bestemd: Het bedrag van € 371.000 niet bestede middelen ICT Transitie SAAS is toegevoegd aan de bestemmingsreserve ICT Transitie SAAS. Het restant netto rekeningresultaat van € 375.522 is toegevoegd aan de bestemmingsreserve Plan van Aanpak dienstverlening BghU. De reserve ‘Plan van Aanpak dienstverlening BghU’ zijnde € 1.020.923 is in 2024 volledig vrijgevallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten. Deze kosten bedroegen in 2024 € 1.671.185. De Reserve ‘ICT Transitie SAAS’ zijnde € 936.023 is ook volledig vrijgevallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten. Onder deze kosten vallen de aanvraag investeringskrediet (€435.000) en aanvraag uitbereiding investeringskrediet (€25.000) welke gedoteerd zijn aan de reserve ‘Dekking kapitaallasten vaste activa’ (€ 460.000). De reserve ‘Opleidingskosten Kompels in Kracht’ zijnde € 40.000 is ook volledig vrijgevallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten. Aan overige projecten is in 2024 ongeveer een bedrag van € 229.000 besteed.
Lasten Overhead Databeheer Waardebepaling Klantcontact Innen Totale lasten Baten Deelnemersbijdragen Dwangbevelen Overig Totale baten Saldo lasten en baten Mutatie reserves Gerealiseerd resultaat
Initiele begroting 2024 € 7.518.285
Actuele begroting 2024 € 9.197.047
€ 2.094.383
€ 2.752.415
€ 3.325.647
€ 4.862.548
€ 3.844.282
€ 4.972.946
€ 1.409.363
€ 1.632.518
€ 2.395.108
€ 2.225.009
€ 2.471.020
€ 2.027.403
€ 18.109.587
€ 19.897.281
€ 22.321.358
-€ 16.654.587
-€ 17.983.769
-€ 18.100.137
-€ 1.400.000
-€ 1.400.000
-€ 2.067.400
-€ 55.000
-€ 513.512
-€ 645.630
-€ 18.109.587
-€ 19.897.281
-€ 20.813.167
€0
€0
€ 1.508.191
€0
€0
€ 1.536.946
€0
€0
-€ 28.755
Jaarstukken 2024
Realisatie 2024 € 9.600.254
38
2.2 Balans ultimo 2024 Balans voor resultaatsbestemming
31-12-2024
31-12-2023
ACTIVA Vaste activa Materiële Vaste Activa (investeringen met economisch nut)
€ 460.000
€0
Vlottende activa € 9.246.797
€ 11.140.274
Openbare lichamen
€ 758.448
€ 1.890.692
Uitzettingen in schatkist
€ 6.184.545
€ 7.381.659
Overige vorderingen
€ 2.303.804
€ 1.867.923
Uitzettingen met rentetypische looptijd < 1 jaar
€0
€0
€ 128.853
€ 160.621
€ 9.835.650
€ 11.300.895
Saldo Algemene reserve
€ 480.870
€ 480.870
Saldo Bestemmingsreserve
€ 460.000
€ 1.250.424
Te bestemmen resultaat
€ 28.755
€ 746.522
€ 377.838
€ 1.329.133
€ 377.838
€ 1.329.133
€ 701.184
€ 2.270.507
Overlopende passiva
€ 7.787.004
€ 5.223.440
Totaal Passiva
€ 9.835.650
€ 11.300.895
Liquide middelen Overlopende activa Totaal activa PASSIVA Eigen vermogen
Vaste passiva Voorzieningen Verplichtingen en verliezen
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met rentetypische looptijd < 1 jaar (overige vorderingen)
Jaarstukken 2024
39
2.3 Waarderingsgrondslagen De gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Onderstaand een korte toelichting op de waarderingsgrondslag per balansonderdeel. Materiële vaste activa (investeringen met economisch nut) Materiële vaste activa waardeert BghU tegen aanschafwaarde, waarbij BghU de aanschafwaarde vermindert met afschrijvingen, investeringssubsidies en investeringsbijdragen van derden (indien van toepassing). De jaarlijkse afschrijvingen berekenen we conform de lineaire afschrijvingsmethode en op basis van de verwachte economische levensduur (netto-methode). Hiervoor gebruikt BghU de afschrijvingstermijnen zoals beschreven in de Nota Investeringsbeleid BghU 2022-2025. Voor activa die BghU gedurende het begrotingsjaar in gebruik neemt, start de afschrijvingsperiode 1 januari van het jaar erop. Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar De uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar waardeert BghU tegen nominale waarde onder aftrek van de noodzakelijk geachte voorzieningen wegens verwachte oninbaarheid. BghU hanteert de statische methode van vaststelling van deze voorziening. Onder uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar worden ook de uitzettingen in de schatkist van het Rijk gepresenteerd.
Liquide middelen In de balans neemt BghU onder de liquide middelen de banksaldi van de bankrekeningen die op naam van BghU staan op. Onder de liquide middelen worden ook kruisposten verantwoord. Er is geen sprake van kasgeld. Liquide middelen waardeert BghU tegen nominale waarde. Overlopende activa Overlopende activa waardeert BghU tegen nominale waarde. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve, de bestemmingsreserve voor de investering in de ICT en het resultaat (voor bestemming) volgend uit de staat van baten en lasten. Voorzieningen BghU kent risicovoorzieningen, die worden gewaardeerd tegen nominale waarde op basis van de risicoschatting per balansdatum. De voorziening wordt in het volgende boekjaar gebruikt om lasten te dekken. Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar De netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 waardeert BghU tegen nominale waarde. Overlopende passiva Overlopende passiva waardeert BghU tegen nominale waarde. Resultaatbepaling De BghU stelt haar jaarrekening op conform het principe van het 'stelsel van baten en lasten'. De baten en lasten rekent BghU toe aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en lasten worden opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.
Verliezen en risico’s worden, voor zover zij hun oorsprong vinden in het desbetreffende begrotingsjaar, in acht genomen. Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet.
Jaarstukken 2024
40
-
De financiële rechtmatigheid het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals in de bestuursvergadering van 11 december 2024 is vastgesteld; • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld. • Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
-
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: • Een verantwoordingsgrens van 3% (zijnde € 683.441) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
Een rapporteringstolerantie van €50.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen
Jaarstukken 2024
41
2.4 Toelichting op de staat van baten en lasten In dit hoofdstuk wordt de staat van baten en lasten toegelicht. Onder hoofdstuk 2.1 Staat van Baten en Lasten 2024 is beknopt weergegeven onder welke programmatische onderdelen de resultaten van 2024 zijn verwerkt. Dit hoofdstuk bevat een uitgebreidere analyse van de staat van baten en lasten over 2024. Algemeen Het resultaat 2024 bedraagt € 28.755. Dit is als volgt opgebouwd; op personele lasten is € 1.352.854 meer uitgegeven. Aan materiële lasten is € 1.076.223 meer besteed. Op onvoorziene posten is € 5.000 minder uitgegeven. De opbrengsten dwangbevelen zijn € 667.400 hoger en de overige baten zijn € 132.118 hoger. De deelnemersbijdragen zijn € 116.368 hoger. De mutaties van de reserves bedraagt € 1.536.946. In onderstaande paragraaf wordt er per onderdeel een verdere toelichting gegeven.
2.4.1 Toelichting op staat van baten en lasten per kostencategorie Personele lasten inclusief inhuur
Personele lasten incl. inhuur Personele lasten vaste personeel Inhuur WOZ Inhuur Databeheer overig Inhuur Bezwaar/beroep Inhuur Overhead Inhuur Klantcontact Inhuur Kwijtschelding Inhuur Invordering Totaal personele kosten Begroot Resultaat
2024 € 10.389.447 € 410.544 € 717.615 € 1.516.479 € 739.895 € 424.634 € 28.480 € 211.764 € 14.438.858 € 13.086.004 -€ 1.352.854
2023 € 9.210.061 € 243.431 € 359.396 € 1.277.492 € 556.204 € 73.732 €0 € 193.678 € 11.913.994 € 11.067.744 -€ 846.250
Het grootste deel van de personele lasten bestaat uit personeel in loondienst. Een deel van de loonsom wordt jaarlijks beschikbaar gehouden voor het inhuren van personeel rondom piekbelastingen. De personele lasten waren begroot op €13.086.004. De werkelijke kosten zijn €14.438.858. Het verschil heeft meerdere oorzaken: 1. In 2024 is er een forse toename geweest van inhuur van personeel door: o Het inzetten van extra capaciteit voor het uitvoeren van het Plan van Aanpak dienstverlening BghU o Een grote stijging van het aantal bezwaarschriften 2. In 2024 waren er minder medewerkers in dienst dan begroot. Wel is er een stijging van het aantal medewerkers te zien t.o.v. het jaar 2023. 3. De (nieuwe) medewerkers in dienst waren in een lagere schaal ingedeeld. De personele lasten zijn onder andere daardoor lager dan begroot. 4. Het lagere aantal medewerkers in dienst heeft tevens gevolgen voor de reis- en verblijfkosten. 5. Door de hogere inhuur zijn de ‘lasten personeel in dienst’, zoals sociale lasten en pensioenen, lager.
Jaarstukken 2024
42
Materiële lasten In de materiële lasten is een nadeel van €1.076.223 gerealiseerd. De belangrijkste afwijkingen zijn in onderstaande tabel toegelicht. Actuele begr. Realisatie Resultaat Struc Incid € 6.806.277 Toelichting € 7.882.500 -€ 1.076.223 Materiële lasten ICT Transitie SAAS worden € 0 gedekt vanuit de € 244.000 -€ 244.000 ICT Transitie SAAS bestemmingsreserve ICT Incid Transitie SAAS Incid € 2.243.478 Geen bijzonderheden € 2.228.887 € 14.591 ICT Contractkosten Hogere kosten projectwerkzaamheden (433k) i.v.m. Plan van Aanpak dienstverlening BghU en ICT Transitie SAAS. Lagere € 3.762.799 € 4.201.487 -€ 438.688 Bedrijfsvoering kosten huisvesting door nog niet gerealiseerde verbouwing (125k) en afrekening servicekosten Incid 2023+2024 (-/- 40k). Door het Arrest van de Hoge Raad van 12 juli 2024 is er € 800.000 € 1.208.126 -€ 408.126 Proceskosten een hoger tarief van Incid toepassing dan begroot. Onderwerp Materiele last
Onvoorzien De post onvoorzien kan gebruikt worden voor tegenvallers in de bedrijfsvoering. Bij het vaststellen van de begrotingswijziging 2023 heeft het bestuur besloten dit budget toe te voegen aan de reserve en in volgende begrotingen de omvang dit bedrag aan te passen. Conform dit besluit is het budget uit 2023 (€ 100.000) gedoteerd aan de Algemene reserve. Voor 2024 is het budget € 5.000. Er zijn in 2024 geen posten specifiek als onvoorzien gelabeld. Vervolgingskosten Bij de vervolgingskosten is sprake van een voordeel van ongeveer € 667.000. Door de volumegroei als gevolg van nieuwbouw en ook groei in de naheffingsaanslagen parkeren, het inhalen van de achterstanden in zowel invordering acties en de aanslagoplegging en anderzijds door de aanpassing van de tarieven in de Kostenwet per 1-1-2024 zijn in 2024 meer invorderingskosten opgelegd. Overige baten De overige baten zijn ongeveer € 132.000 hoger dan begroot. Dit is grotendeels te verklaren door hogere renteopbrengsten dan begroot (€ 114.000). Deelnemersbijdrage De deelnemersbijdrage 2024 is gerealiseerd conform de vastgestelde verdeling over de deelnemers. Door een na verrekening van het pluspakket Parkeren Utrecht is er een voordeel van ongeveer € 116.000 gerealiseerd.
Jaarstukken 2024
43
Reserves Conform de besluitvorming in de bestuursvergadering van 11 december 2024 zijn de volgende bestemmingsreserves gemuteerd. De reserve ‘Opleidingskosten Kompels in Kracht’ zijnde € 40.000 is volledig vrijgevallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten. De reserve ‘Plan van Aanpak dienstverlening BghU’ zijnde € 1.020.923 is volledig vrijgevallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten. De Reserve ‘ICT Transitie SAAS’ zijnde € 936.023 is volledig vrijgevallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten. Onder deze kosten vallen de aanvraag investeringskrediet (€435.000) en aanvraag uitbereiding investeringskrediet (€25.000) welke gedoteerd zijn aan de reserve ‘Dekking kapitaallasten vaste activa’ (€ 460.000).
Jaarstukken 2024
44
2.5 Toelichting op de balans In deze paragraaf worden de diverse balansrekeningen kort toegelicht. De toelichting begint met een toelichting op de activazijde van de balans en eindigt met een toelichting op de passivazijde van de balans. Eventuele opvallende mutaties en wijzigingen ten opzichte van het voorgaande jaar, worden hier ook benoemd.
2.5.1 Toelichting activa Vaste Activa Materiële Vaste Activa In 2024 is er vanuit de ICT-transitie SAAS geïnvesteerd in nieuwe hardware voor kantoor- en thuiswerkplekken. De investering bedraagt € 460.000 waardoor de BghU sinds 2022 weer beschikt over materiële vaste activa. Conform de Nota Investeringsbeleid BghU 2022-2025 wordt er voor activa die gedurende het begrotingsjaar in gebruik is genomen, afgeschreven vanaf 1 januari van het jaar erop. Materiële Vaste Activa (investeringen met een economisch nut) Machines, apparaten en installaties Totaal
Boekwaarde 01-01-2024 €0 €0
Des-/ investeringen
Afschrijvingen
€ 460.000 € 460.000
€0 €0
Bijdragen van Afwaarderingen derden €0 €0
€0 €0
Boekwaarde 31-12-2024 € 460.000 € 460.000
Vlottende Activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Het grootste deel van deze post wordt gevormd door de middelen die in de schatkist van het Rijk staan. Dat bedroeg per 31-12-2024 bijna € 6,2 miljoen euro. De post overige vorderingen zijn hoofdzakelijk nog te ontvangen invorderingsbaten, vervolgingskosten die de BghU tot ultimo 2024 in rekening heeft gebracht bij belastingplichtigen en nog verwacht te ontvangen in de komende jaren. Aangezien het invorderingstraject wordt uitgevoerd door BghU, komen de opbrengsten (vervolgingskosten) ook toe aan BghU conform afspraken vastgelegd in het Uitvoeringsprocol. Het openstaand saldo te ontvangen invorderingsbaten bedroeg per 31-12-2024 bruto € 3,3 miljoen euro (exact een jaar geleden was dat saldo bruto € 2,5 miljoen). De verwachting is dat 1,1 miljoen euro niet geïnd zal kunnen worden. Over het resterende bedrag is per 31-12-2024 een voorziening opgenomen van € 2,2 miljoen euro. Dat is hoger dan de situatie per 31-12-2023: door enerzijds het inhalen van de achterstanden in zowel invordering acties en de aanslagoplegging en anderzijds door de aanpassing van de tarieven in de Kostenwet per 1-1-2024. Daarnaast is er sprake van volumegroei als gevolg van nieuwbouw, maar ook groei in de naheffingsaanslagen parkeren.
Uitzettingen met een looptijd korter dan een jaar Openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks Schatkist Overige vorderingen Totaal
31-12-2024 € 758.448 € 6.184.545 € 2.303.804 € 9.246.797
31-12-2023 € 1.890.692 € 7.381.659 € 1.867.923 € 11.140.274
Schatkistbankieren Alle decentrale overheden zijn verplicht om overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist. Schatkistbankieren houdt in dat decentrale overheden hun liquide middelen aanhouden bij het ministerie van Financiën. Daarbij wordt een drempelbedrag (een bedrag dat een organisatie buiten de schatkist mag houden) gehanteerd. De drempel is gelijk aan 2% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan €500 miljoen met een minimum van €1 miljoen. Voor BghU geldt het minimumbedrag van €1 miljoen als drempel. Dit drempelbedrag is ook van toepassing op de belastingopbrengsten die binnenkomen op de bankrekening van BghU en die BghU na ontvangst via een (ongeveer) tweewekelijkse cyclus afdraagt aan haar deelnemers.
Jaarstukken 2024
45
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1000 Kwartaal 1
(2) (3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1) (1) Berekening drempelbedrag
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
2
0
284
8
998 -
1.000 -
716 -
992 -
Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
17.984 17.984
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag Drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
1000
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
182
0
26.128
758
91
91
92
92
2
0
284
8
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bedraagt €0. Dagelijks wordt het geld dat op rekening van BghU staat afgeroomd naar de schatkist van het Rijk. Overlopende activa Het saldo van €128.853 betreft overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen.
Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen Totaal
Jaarstukken 2024
31-12-2024 € 128.853 € 128.853
31-12-2023 € 160.621 € 160.621
46
2.5.2 Toelichting passiva Eigen Vermogen Het eigen vermogen bestaat ultimo 2024 uit een algemene reserve, bestemmingsreserve en het nog te bestemmen resultaat. Van het vastgestelde resultaat 2023, zijnde €746.522 is er €371.000 toegevoegd aan de bestemmingsreserve ICT-Transitie SAAS en €375.522 toegevoegd aan de bestemmingsreserve Plan van Aanpak dienstverlening BghU. Algemene reserve De algemene reserve maakt deel uit van de beschikbare weerstandscapaciteit en is de uiterste buffer voor het opvangen van de financiële gevolgen van optredende risico's. De noodzakelijke hoogte van de algemene reserve wordt jaarlijks bepaald op basis van de geactualiseerde risicoberekening. Voor een uitgebreide toelichting hierop wordt verwezen naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement. Verloop algemene reserve vanaf 2018 Saldo begin begro t ingsjaar
Jaar
To evo egingen
Saldo eind begro t ingsjaar
Ont t rekkingen
2018
€
381.250
€
-
€
34.839
€
346.411
2019
€
346.411
€
-
€
-
€
346.411
2020
€
346.411
€
91.459
€
-
€
437.870
2021
€
437.870
€
-
€
332.000
€
105.870
2022
€
105.870
€
275.000
€
-
€
380.870
2023
€
380.870
€
100.000
€
-
€
480.870
2024
€
480.870
€
-
€
-
€
480.870
Bestemmingsreserve Bestemmingsreserve ICT naar Bestemmingsreserve Plan van Aanpak dienstverlening BghU Saldo begin begro t ingsjaar
Jaar
To evo egingen
Saldo eind begro t ingsjaar
Ont t rekkingen
2023
€
-
€
995.401
€
350.000
€
645.401
2024
€
645.401
€
375.522
€
1.020.923
€
-
Het bestuur heeft op 30 maart 2023 besloten deze reserve niet vrij te laten vallen maar in te zetten voor het Plan van Aanpak. Op 6 december 2023 heeft het bestuur ingestemd met een onttrekking van €350.000. Op 3 april 2024 heeft het bestuur besloten om vanuit de resultaatbestemming over 2023 een bedrag van €375.522 toe te voegen aan de bestemmingsreserve Verbeterplan dienstverlening BghU. Het bestuur heeft op 11 december 2024 besloten om de reserve volledig vrij te laten vallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten.
Bestemmingsreserve Opleidingskosten Kompels in Kracht Saldo begin begro t ingsjaar
Jaar
To evo egingen
Saldo eind begro t ingsjaar
Ont t rekkingen
2023
€
-
€
70.000
€
30.000
€
40.000
2024
€
40.000
€
-
€
40.000
€
-
Het bestuur heeft op 30 maart 2023 besloten deze reserve te vormen voor het Ontwikkeltraject. Het betreft een maatwerktraject inzake talent-, team- en leiderschapsontwikkeling. Omdat het gehele traject in 2023 nog niet volledig is afgerond heeft het bestuur op 6 december 2023 ingestemd met het vrij laten van een deel t.w. €30.000 zodat het restant in 2024 kan worden aangewend.
Jaarstukken 2024
47
Het bestuur heeft op 11 december 2024 besloten om de reserve volledig vrij te laten vallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten.
Bestemmingsreserve ICT-Transitie SAAS Saldo begin begro t ingsjaar
Jaar
To evo egingen
Saldo eind begro t ingsjaar
Ont t rekkingen
2023
€
-
€
565.023
€
-
€
565.023
2024
€
565.023
€
371.000
€
936.023
€
-
Het Bestuur heeft op 30 maart 2023 besloten deze reserve te vormen voor de nog lopende ICT Transitie SAAS. Op 3 april 2024 heeft het bestuur besloten om vanuit de resultaatbestemming over 2023 een bedrag van €371.000 toe te voegen aan de bestemmingsreserve ICT-Transitie SAAS. Vanuit de aanvraag investeringskrediet (€435.000) en aanvraag uitbereiding investeringskrediet (€25.000) is er €460.000 van de reserve onttrokken ter dekking van de kapitaallasten vaste activa. Het bestuur heeft op 11 december 2024 besloten om de reserve volledig vrij te laten vallen ter dekking van de in 2024 daarvoor gemaakte kosten.
Bestemmingsreserve Dekking kapitaallasten vaste activa Saldo begin begrot ingsjaar
Jaar 2024
€
Toevoegingen
-
€
Saldo eind begrot ingsjaar
Ont t rekkingen
460.000
€
-
€
460.000
Vanuit de aanvraag investeringskrediet (€435.000) en aanvraag uitbereiding investeringskrediet (€25.000) is er in 2024 een bedrag van €460.000 van de reserve ICT-Transitie SAAS onttrokken ter dekking van de kapitaallasten vaste activa.
Totale verloop bestemmingsreserves 2024 Saldo begin begro t ingsjaar
Reserve
To evo egingen
Saldo eind begro t ingsjaar
Ont t rekkingen
Plan van Aanpak dienstverlening BghU
€
645.401
€
375.522
€
1.020.923
€
-
Opleidingskosten Kompels in Kracht
€
40.000
€
-
€
40.000
€
-
ICT Transitie SAAS
€
565.023
€
371.000
€
936.023
€
-
Dekking kapitaallasten vaste activa
€
-
€
460.000
€
-
€
460.000
To t aal
€
€
1.206.522
€
1.996.946
€
460.000
Ont t rekkingen
Vrijval begro t ingsjaar
Saldo eind begro t ingsjaar (31-12-2024)
1.250.424
Voorzieningen Eind 2024 heeft BghU vier voorzieningen. Saldo begin begro t ingsjaar (01-01-2024)
To evo egingen
Vo o rzieningen uit ho o fde van verplicht ingen en verliezen Proceskostenvergoeding
€
1.050.000
€
-
€
Verlofsparen
€
64.800
€
21.000
€
Bovenw ettelijk verlof
€
198.716
€
54.827
Regeling Vervroegd Uittreden €
15.617
€
38.494
1.329.133
€
114.321
To t aal Vo o rzieningen
€
1.050.000
€
-
€
-
-
€
-
€
85.800
€
-
€
-
€
253.543
€
15.617
€
-
€
38.494
€
1.065.617
€
-
€
377.837
Jaarstukken 2024
48
Voorziening uit hoofde van verplichtingen en verliezen Proceskostenvergoeding Verloopoverzicht risicovoorziening proceskostenvergoeding Jaar
Saldo begin begro t ingsjaar
To evo egingen
Ont t rekkingen
2020
€
-
€
259.350
€
-
€
-
€
259.350
2021
€
259.350
€
201.976
€
259.350
€
-
€
201.976
2022
€
201.976
€
161.716
€
201.976
€
-
€
161.716
1.050.000
€
161.716
€
-
€
1.050.000
€
1.050.000
€
-
€
2023
€
161.716
€
2024
€
1.050.000
€
-
Saldo eind begro t ingsjaar
Vrijval
-
BghU kende tot 2020 een regelmatig patroon voor het verwerken van WOZ-bezwaren, waarbij een gemiddeld percentage van deze bezwaren ook leidt tot een proceskostenvergoeding. Aan het eind van het jaar stond tot kalenderjaar 2020 over het algemeen 3% van de totale bezwaarlast nog open. In de kalenderjaren daarna was dat hoger en is daarvoor een risicovoorziening gevormd. Vooral in kalenderjaar 2023 heeft BghU te kampen gehad met een grote instroom aan bezwaarschriften (vooral vanuit NCNPbedrijven) wat een landelijke ontwikkeling was. Dat had voornamelijk te maken met de waardeontwikkeling van woningen. Eind 2024 staat vast dat dat er minder dan 3% van de totale bezwaarlast NCNP nog open staat. Zodoende is de risicovoorziening per 31-12-2024 volledig afgebouwd. Voorziening verlofsparen en Restant bovenwettelijk verlof In de CAO is bepaald dat het vanaf 2022 mogelijk is om verlof te sparen. De hoeveelheid verlofuren loopt hierdoor behoorlijk op. Op deze wijze bouwt de medewerker een recht op die in een keer opgenomen kan worden. De BBV stelt dat hiervoor een voorziening moet worden opgenomen om op termijn eventuele problemen in de formatie op te kunnen vangen die door de afwezigheid van deze medewerker ontstaat. Tevens stelt de BBV dat vanuit het surplus van bovenwettelijk verlof een voorziening moet worden gecreëerd.
Op basis van de verlofstanden per 31 december 2024 is een toerekening voor deze voorziening gemaakt. Verloopoverzicht voorziening Verlofsparen Jaar
Saldo begin begro t ingsjaar
To evo egingen
Ont t rekkingen
Saldo eind begro t ingsjaar
2022
€
-
€
56.228
€
-
€
-
€
56.228
2023
€
56.228
€
8.572
€
-
€
-
€
64.800
2024
€
64.800
€
21.000
€
-
€
-
€
85.800
Vrijval
Verloopoverzicht voorziening Bovenwettelijk verlof Jaar
Saldo begin begro t ingsjaar
To evo egingen
Ont t rekkingen
Saldo eind begro t ingsjaar
2022
€
-
€
118.210
€
-
€
-
€
118.210
2023
€
118.210
€
80.506
€
-
€
-
€
198.716
2024
€
198.716
€
54.827
€
-
€
-
€
253.543
Vrijval
Verloopoverzicht voorziening Regeling Vervroegd Uittreden Jaar
Saldo begin begro t ingsjaar
To evo egingen
Ont t rekkingen
Saldo eind begro t ingsjaar
2023
€
-
€
15.617
€
-
€
-
€
15.617
2024
€
15.617
€
38.494
€
15.617
€
-
€
38.494
Vrijval
In de CAO is bepaald dat werknemers kunnen deelnemen aan de RVU mits er aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Deelname aan de RVU duurt maximaal twee jaar. De BBV schrijft voor dat er een voorziening moet worden getroffen voor iedere medewerker die per 1 januari van het nieuwe jaar met pensioen gaat. De hoogte van de voorziening betreft de vergoeding die betreffende medewerkers ontvangen.
Jaarstukken 2024
49
Vlottende passiva
Specificatie Vlottende Schulden Specificatie netto vlottende schulden Waarvan privaat Waarvan publiek Netto vlottende schulden totaal Specificatie overlopende passiva Af te dragen saldo aan deelnemers Te betalen premies en loonheffing Te betalen omzetbelasting Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen Overlopende passiva totaal
31-12-2024
31-12-2023
€ 701.184 €0 € 701.184
€ 2.270.507 €0 € 2.270.507
€ 6.257.826 € 761.872 € 21.849
€ 4.463.559 € 656.564 € 5.459
€ 745.457
€ 97.858
€ 7.787.004
€ 5.223.440
Netto vlottende schulden De netto vlottende schulden betreffen het crediteurensaldo, ofwel het saldo van de reeds ontvangen facturen voor ontvangen goederen of diensten, die nog niet betaald zijn op 31 december 2024. Overlopende passiva Het grootste deel van deze post wordt gevormd door per 31 december 2024 openstaande afdrachten aan onze deelnemers. Daarnaast bestaat de post overlopende passiva aan openstaande premies en loonheffing, omzetbelasting en om te verwachten lasten die betrekking hebben op het boekjaar 2024, maar die door externe partijen nog niet in rekening zijn gebracht dan wel aan externe partijen zijn betaald.
Jaarstukken 2024
50
2.5.3 Niet uit de balans blijkende verplichtingen Onderstaande 8 verplichtingen zijn overeenkomsten die BghU is aangegaan en die niet zichtbaar zijn op de balans per 31 december 2024: •
Kantoorruimte: BghU maakt sinds 6 oktober 2014 gebruik van de helft van de 15e en de gehele 16e etage in de Zuidtoren van het Stadskantoor gelegen aan het Stadsplateau 1 te Utrecht. Dit gebruik is op 19 april 2016 geformaliseerd met het vestigen van een afgeleid recht, te weten een onder-erfpachtrecht en een onder-opstalrecht. BghU betaalt hiervoor een jaarlijkse retributie. De retributie bedraagt in 2024 € 566.972. Voor 2025 bedraagt de verplichting € 586.813 voor de kantoorruimte en € 24.274 voor de parkeerplaatsen. De looptijd van deze overeenkomst is 10 jaar. Na afloop van het contract is BghU bevoegd het recht op te zeggen. Gekoppeld aan dit pandrecht, is een bedrag van bijna € 483.000 voor de facilitaire dienstverlening die hoort bij deze specifieke huisvesting.
•
Leaseverplichting vervoersmiddelen: Momenteel beschikt BghU over 8 leaseauto's, waarbij variërende contractduren zijn afgesproken. Deze 8 leaseauto's zijn onderdeel van BghU. De verplichting die hieraan meerjarig is gekoppeld, is afhankelijk van de keuze die medewerkers maken om al dan niet in een auto te blijven rijden voor het werk. Op maandbasis gaat het om een bedrag van rond de € 4.500 aan leaseverplichtingen.
•
Leaseverplichting kopieerapparatuur: BghU heeft een leasecontract afgesloten ten behoeve van de kopieerapparatuur die op het kantoor te Utrecht aanwezig is. Dit contract is ingegaan per 1 september 2023 en heeft een looptijd van 4 jaar met verlengingsmogelijkheid.
•
Overeenkomst telefonie en infrastructuur: BghU heeft sinds 1 april 2024 een overeenkomst voor de telefonie en infrastructuur afgesloten. Deze overeenkomst heeft een looptijd van 3 jaar met verlengingsmogelijkheid. De jaarlijkse last bedraagt € 48.140.
•
SAAS-contracten: Kernapplicatie
Leverancier
Belastingen/frontoffice
Gouw IT
Waarderen
XXLNC
BAG-Geo Enterprise Service Bus
In productie
Looptijd
November 2022
tot 1-3-2026
Mei 2022
tot 1-6-2025
Processfive
Oktober 2022
tot 1-9-2025
Enable-U
November 2022
tot 1-1-2026
Jaarstukken 2024
51
2.5.4 Begrotingsrechtmatigheid Bij de rechtmatigheidscontrole vormt de begrotingsrechtsmatigheid een belangrijk toetsingscriterium. Getoetst wordt of het budgetrecht van bestuur van BghU is gerespecteerd. De Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de commissie BBV dient hierbij als handvat. Omschrijving
Actuele begroting 2024
Realisatie 2024
Verschil
Onrechtmatig (maar wel acceptabel)
Rechtmatig (tijdig gemeld)
BghU Totale lasten
€ 19.897.281
€ 22.321.358
€ 2.424.077
€ 2.424.077
€0
BghU Totale baten
-€ 19.897.281
-€ 20.813.167
-€ 915.886
€0
-€ 915.886
BghU Reserve mutaties
€0
-€ 1.508.191
-€ 1.508.191
€0
-€ 1.508.191
Totaal
€0
€0
€0
€ 2.424.077
-€ 2.424.077
De lasten zijn hoger dan geraamd. Dit heeft voornamelijk te maken doordat er het afgelopen jaar een aantal projecten waaronder het Plan van Aanpak dienstverlening BghU en de ICT Transitie SAAS zijn uitgevoerd waarvoor extra kosten zijn gemaakt en door hogere proceskostenvergoedingen. De baten zijn hoger dan geraamd. Dit heeft voornamelijk te maken door hogere invorderingsbaten, hogere renteopbrengsten en hogere bijdrage pluspakket Parkeren Utrecht. De mutaties in de reserves zijn hoger dan geraamd. Veelal wordt in de laatste bestuursvergadering van een kalenderjaar goedkeuring van het bestuur gevraagd om de reserves te muteren. Dat heeft voor dit jaar op 11 december 2024 plaatsgevonden. Gezien deze datum is ervoor gekozen om geen begrotingswijziging meer in te dienen voor de mutaties in de reserves. Dit is gezien het tijdsbestek voor de zienswijze ook niet haalbaar.
Jaarstukken 2024
52
2.6 Detailtoelichting Wet Normering topinkomens De WNT is van toepassing op BghU. Het voor BghU toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2024 €233.000 het algemeen bezoldigingsmaximum. BghU heeft in 2024 één leidinggevende topfunctionaris gehad, die voldeed aan de normen van de WNT. 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling. Gegevens 2024 Bedragen x € 1
M. Vrisou van Eck
Functiegegevens
Directeur BghU
Aanvang en einde functievervulling in 2024
01/01 - 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
135.707
Beloningen betaalbaar op termijn
22.750
Subtotaal
158.457
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
233.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
Bezoldiging
N.v.t.
158.457
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
Jaarstukken 2024
N.v.t.
53
Gegevens 2023 Bedragen x € 1
M. Vrisou van Eck
Functiegegevens
Directeur BghU
Aanvang en einde functievervulling in 2023
01/01 - 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
129.209
Beloningen betaalbaar op termijn
21.764
Subtotaal
150.973
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
223.000
Bezoldiging
150.973