CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2024-2028 gemeente Steenwijkerland

Raadsvergadering 2 juli 2024, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Perspectiefnota 2024-202840.241 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

projecten) - 30.577 2.024 - 3.401 - 1.185 - 1.020 - 3.133 Waarvan structureel - - 583 - 829 - 991 - 3.104 Waarvan incidenteel - - 2.818 - 326 - - 51 B 2.2 Projectleider arbeidsmarktprojecten De werkgelegenheid neemt harder toe dan het Nederlands gemiddelde. Dat wil niet zeggen dat zowel werkzoekenden als bedrijven daadwerkelijk kunnen kiezen: naast de kwantitatieve mismatch is ook sprake van een kwalitatieve mismatch op de arbeidsmarkt. De verandering van werk gaat zo snel dat de behoefte toeneemt aan mensen met specifieke opleidingen, kennis en vaardigheden. Ontgroening en vergrijzing zorgen voor krapte op de arbeidsmarkt. Ook binnen onze gemeente is de zoektocht naar personeel één van de belangrijkste uitdagingen voor onze ondernemers. Vanuit het Actieplan Werkt! Hebben we de afgelopen jaren via verschillende projecten gewerkt aan de arbeidsmarkt. R egionale Praktijk Academie (RPA) is een van de voorbeeldprojecten die hieruit voort zijn gekomen. Deze projecten lopen voor een groot deel door in de nieuwe economische agenda Steenwijkerland. Onder andere wordt gekeken hoe de doorontwikkeling van het RPA een van de nieuwe projecten binnen de regiodeal Zwolle kan zijn.

Met de regionale Human Capital Agenda (regio Zwolle), die inzet op beschikbaarheid, wendbaarheid, inclusiviteit en arbeidsbesparende innovatie, willen we blijven kunnen inzetten vanuit de gemeente Steenwijkerland op een toekomstbestendige arbeidsmarkt zoda t inwoners en ondernemers in staat zijn om actuele en toekomstbestendige arbeidsmarktvraagstukken het hoofd te kunnen bieden. De middelen voor een projectleider arbeidsmarktprojecten is de afgelopen drie jaar incidenteel gefinancierd en loopt eind 2024 af. Zonder de extra middelen kunnen wij de acties benoemd onder Productief Steenwijkerland – arbeidsmarkt, waaronder projectleidi ng RPA vanaf 2025 niet meer uitvoeren. Het uitvoeren van de activiteiten uit de economische agenda is geen wettelijke taak. De raad heeft door het accorderen van de begroting alleen ingestemd met het opstellen en uitvoeren van een economische agenda. B 2.3 Economische koers: personele uitbreiding en activiteiten benoemd in Economische agenda Een van de acties uit de programmabegroting 2024 -2027 is het opstellen van een economische agenda. Het zijn uitdagende tijden voor ondernemend Steenwijkerland. We komen uit de Coronacrises, oorlog in Oekraïne, stijgende prijzen, grondstoffentekorten, structurele krapte op arbeidsmarkt. Werk dat verandert en aan de vooravond van grote transities; energie, klimaat en duurzaamheid.

Tegen deze achtergrond is – in samenwerking met o.a. de B usiness Club Steenwijkerland (BCS) – de economische koers bepaald. De gemeente heeft een rol in het versterken van de economie, lokaal en regionaal. Dat kunnen en willen we echter niet alleen. Als uitwerking van de koers worden de uit te voeren activiteiten weergegeven. Samengevat gaat het om een economie dat: - zich meer richt op brede welvaart; - weerbaar, wendbaar en veerkrachtig is; - duurzaam, toekomstbestendig en innovatief is. Het uitvoeren van de activiteiten uit de economische koers is geen wettelijke taak. De raad heeft door het accorderen van de begroting enkel ingestemd met het opstellen en uitvoeren van een economische agenda. Als de raad geen extra financiële middelen beschikbaar stelt kunnen een aantal activiteiten niet worden uitgevoerd. Deze ‘winstwaarschuwing’ is overi gens ook afgegeven in het participatietraject. Om die reden zijn met ondernemers(organisaties) en instanties de activiteiten reeds geprioriteerd. Niet al le geprioriteerde activiteiten kunnen met de bestaande formatie/middelen worden uitgevoerd. Dat vraagt een heroriëntatie van de werkzaamheden.

52 B 3.4 Onderwijsachterstanden Door landelijke regelgeving zijn de uitgaven voor voorschoolse educatie sterk gestegen, waardoor er te weinig geld resteert voor de overige onderdelen van het onderwijsachterstandenbeleid, waaronder voor Samen voor Ryan. De voorziene tekorten zijn structureel en bedragen circa € 80.000 (in 2025) oplopend tot naar verwachting € 211.000 (in 2027). We willen samen met de maatschappelijke partners binnen Samen voor Ryan onderzoeken hoe we de inkomsten en uitgaven voor het gehele onderwijsachterstandenbeleid met elkaar in balans kunnen brengen. Daarbij willen we een integrale afweging maken tussen voor schoolse educatie, Samen voor Ryan en de overige onderdelen van het onderwijsachterstandenbeleid. Het kost echter tijd om dit op een zorgvuldige manier te doen. Wanneer de gemeenteraad deze incidentele middelen niet ter beschikking stelt, is er te weinig t ijd om op een zorgvuldige manier af te wegen waar er het best gesneden kan worden in de ambities en activiteiten van Samen voor Ryan. We zetten de onderuitnutting van de NPO6-middelen in om de tekorten te beperken. Na toevoeging van de NPO-middelen resteert er een gat in de begroting voor Samen voor Ryan van € 80.000 in 2025 oplopend tot € 211.000 in 2027.

We vragen geen extra geld voor 2026 en verder, maar eenmalig € 80.000 in 2025, omdat we beheersmaatregelen willen treffen om de uitgaven vanaf 2026 en verder in lijn te brengen met de inkomsten. Om dat op een zorgvuldige manier te kunnen doen, is tijd nodig waarin wij (samen met het netwerk) vanuit de inhoud onderzoeken welke activiteiten binnen Samen voor Ryan het meest bijdragen aan de ambitie, voor welke activiteiten cofinanciering mogelijk is, welke activiteiten beëindigd kunnen worden en welke andere b eheersmaatregelen mogelijk zijn (zoals bijv. het aanpassen van de doelgroep van VVE 7). Met een incidenteel bedrag van € 80.000 in 2025 is een zorgvuldig onderzoek hiernaar mogelijk. Positief neveneffect van een zorgvuldig proces is dat het kan leiden tot een versterking van het netwerk. Immers: samen met partners worden de ambities opnieuw bekeken, waardoor het netwerk zich opnieuw committeert aan de (hernieuwde) ambities van Samen voor Ryan. Juist de samenwerking tussen partijen is de kracht van Samen voor Ryan. B 4.1 Gebiedsontwikkeling en ontsluiting Ossenzijl Op 14 november 2023 hebben we kennisgenomen van het door Plaatselijk Belang Ossenzijl (PBO) gewenste tracé voor de ontsluiting van Ossenzijl.

Vervolgens hebben we de provincie gevraagd rekening te houden met het gewenste tracé in de ontwikkeling van de Ecologische verbindingszone tussen de Rottige Meente en de Weerribben. Tegelijkertijd hebben we besloten om extern advies in te winnen om de financiële haalbaarheid van het gewenst tracé van de randweg in overleg met PBO verder te onderzoeken. Voor Ossenzijl is in samenwerking met PBO, een communicatiebureau en een lobbykantoor gewerkt aan een bidbook met onderzoek naar mogelijk kansrijke (Europese) fondsen en de daarbij behorende voorwaarden. Dit bidbook is noodzakelijk, omdat duidelijk is geworden dat er op dit moment geen directe aansluiting is bij vastgestelde project- en programmafondsen op provinciaal- en rijksniveau. Om het benodigde resterende budget te verkrijgen is daarom lobby noodzakelijk. Een succesvolle lobby op nationaal niveau kan de weg naar Europese beslissers verkorten. Eind 2024 verwachten we 6 NPO staat voor Nationaal Programma Onderwijs. 7 VVE staat voor Voor- en vroegschoolse educatie. 53 helderheid te hebben over de mogelijkheid om de ontsluiting voor Ossenzijl mogelijk te maken. We zullen u daarover informeren. In de begroting is voor de ontsluiting Ossenzijl een krediet van € 5 miljoen opgenomen als gemeentelijke bijdrage in de totale investering.

De kapitaallasten die zijn gemoeid met ons gemeentelijke aandeel zijn nog niet verwerkt in de begroting. Wij stellen voor om dat nu wel te doen, zodat u de verschillende beleidskeuzes tegen elkaar af kunt wegen. Ook hebben we de jaarlijkse onderhoudskosten alvast in beeld gebracht (ruwe raming). We beseffen ons goed dat het niet reëel is om te veronderstellen dat het project in 2028 is gerealiseerd. Toch brengen we de kapitaallasten van onze gemeentelijke bijdrage alvast in beeld om u in staat te stellen de verschillende projecten integraal te wegen. B 4.2 Ontsluiting Blokzijl Met betrekking tot de ontsluiting van Blokzijl wordt een visie ontwikkeld over de inbedding van het voorkeurstracé en zijn verkennende (ambtelijke) gesprekken gevoerd met de provincie Overijssel om cofinanciering te verwerven. Nadat de visie van Blokzijl is aangeboden aan ons college kunnen we vervolgstappen ondernemen. Dat houdt dan in dat we de financiële gevolgen van het tracé meer concreet kunnen ramen. Hierover zullen we u informeren. In de begroting is voor de ontsluiting Blokzijl een krediet van € 4,5 miljoen opgenomen als gemeentelijke bijdrage in de totale investering. Ook is rekening gehouden met d e bijbehorende kapitaallasten van € 195.000 structureel vanaf 2027. Vanwege de hogere rente vallen de kapitaallasten die zijn gemoeid met het gemeentelijk aandeel i n de investering hoger uit.

Net als voor het project Gebiedsontwikkeling en ontsluiting Ossenzijl zijn ook de jaarlijkse onderhoudskosten voor de ontsluiting Blokzijl alvast in beeld gebracht en opgenomen in deze PPN. B 6.1 Unilocatie Voortgezet Onderwijs (VO) Steenwijkerland Tijdens de raadsvergadering van 26 maart 2024 heeft u besloten in te stemmen met de realisatie van de unilocatie voor het Voortgezet Onderwijs in Steenwijkerland volgen de zogenaamde ‘Basisvariant 2023’. Daarbij heeft u ons als college opged ragen om bij de PPN 2024 -2028 of uiterlijk bij de behandeling van de Programmabegroting 2025-2028: - Een definitief voorstel voor de integrale financiële afweging aan u voor te leggen; - In aanvulling op de ‘Basisvariant 2023’ te blijven zoeken naar mogelijkheden en (externe ) middelen om minimaal een Energieneutraal Gebouw (ENG) , gasloos (variant ENG) en een circulaire bouw index (BCI) van meer dan 30% na te streven. Tevens is een amendement aangenomen waarin wij als college het volgende worden opgedragen: Bij de uitwerking van het definitieve voorstel voor de integrale afweging binnen de PPN 2024 -2028, de optie van (beperkte) doordecentralisatie als maatwerkoplossing in beschouwing te nemen. In de begroting is geen rekening gehouden met een unilocatie, maar is uitgegaan van een 2 -locatie model voor een totale investering van € 15,1 miljoen.

De unilocatie vergt een aanvullende investering van onze gemeente voor een bedrag van € 25,6 miljoen. Dit bedrag valt circa € 5 ton lager uit dan op basis van het raadsvoorstel, omdat in de begroting voor het IHP al een voorbereidingskrediet van € 5 ton was opgenomen voor het 2 -locatiemodel. In onderstaande tabel zijn de bedragen nader uitgesplitst: 54 In voorliggende PPN is het aanvullend krediet opgenomen inclusief de bijbehorende kapitaallasten. Er hebben diverse gesprekken plaats gevonden (met o.a. VO, BNG) over door decentraliseren naar de school. Dit blijkt een te grote last te leggen op ratio’s van de school en zal leiden tot opmerkingen van het Ministerie, waardoor het VO heeft aangegeven dit niet te kunnen dragen. Op basis van deze uitkomst wordt momenteel onderzo cht in hoeverre doordecentralisatie naar een aparte entiteit (stichting) haalbaar is. Hierover hebben de eerste verkennende gesprekken plaatsgevonden met de Stichting Maatschappelijk Vastgoed. Het onderzoek naar (externe) middelen zal onderdeel uitmaken van de voorbereiding van het project. In dit kader is vaak gesproken over de z ogenaamde DUMAVA-regeling8. Hiervoor is een verder uitgewerkt plan noodzakelijk. Daarnaast zijn wij middels VNG in kennis gesteld dat het Nationaal Groeifonds investeert in duurzame, gezonde en inclusieve schoolgebouwen.

De komende periode wordt een regeling voorbereid en uitgewerkt. De verwachting is dat eind 2024 begin 2025 gemeenten en schoolbesturen een aanvraag voor een specifieke uitkering (SPUK) kunnen indienen. B 6.2 Museum Steenwijk We komen in 2024 met een integraal voorstel waarin zowel de realisatie van het nieuwe museum als de herhuisvesting van de bibliotheek ‘Kop van Overijssel’ aan de Markt in Steenwijk is meegenomen. Onze inzet was de afgelopen periode gericht op het inrichtingsprogramma en de organisatievorm van het museum in de Spijkervetstallen. Daarnaast is een aanbestedingstraject voorbereid en uitgezet voor de bouwkundige uitwerking van het museum in de Spijkervetstallen en een haalbaarheidsonderzoek voor de herhuisvestin g van de bibliotheek aan de Markt. Via een informatienota bent u onlangs nader geïnformeerd over de actuele ontwikkelingen rond dit project. Om een goede integrale afweging te kunnen maken zijn in voorliggende PPN – en later definitief bij de begroting – zijn de bedragen voorlopig gepresenteerd op basis van het voorstel dat vorig jaar bij de behandeling van de PPN 2023 -2027 voorlag. Die bedragen zijn destijds niet opgevoerd in de begroting, omdat het plan aangepast moe st worden vanwege het beëindigen van de onderhandelingen rond de boogde locatie aan de Gasthuisstraat.

Voor het uitwerken van de nieuwe plannen is toen wel een voorbereidingskredie t van € 277.000 in de begroting opgenomen. Wel is de fasering van de bedragen aangepast, omdat het niet reëel is dat de geplande uitgaven in 2024 ook daadwerkelijk dit jaar worden uitgegeven. In onderstaande tabel zijn de bedragen nader uitgesplitst: 8 De DUMAVA-regeling is een subsidieregeling van de overheid die eigenaren van maatschappelijk vastgoed, zoals scholen, overheidsgebouwen, culturele gebouwen, zorginstellingen en rijksmonumenten, stimuleert om te investeren in verduurzamingsmaatregelen. Unilocatie Voortgezet Onderwijs (VO) Steenwijkerland Investering 2025 2026 2027 2028 Investering S - 44.093.991 - - 1.500 - 3.000 - 2.349.160 Voorbereidingskrediet I - 800.000 - - - - IHP in de begroting: voorbereidingskrediet (2-locatiemodel) I 500.000 - - - - Bijkomende kosten I - 2.198.106 - - - - Eigen bijdrage schoolbestuur I 5.100.000 - - - - Subsidie ventilatie, bijdrage Rijk I 800.000 - - - - IHP in de begroting: krediet (2-locatiemodel) S 15.100.000 - 1.500 3.000 584.151 Subtotaal - 25.592.097 - - - - 1.765.009 55 De museumontwikkeling wordt – op basis van het raadsbesluit van 4 april 2023 – meegenomen in voorliggende PPN. In het najaar van 2024 , voorafgaand aan de Programmabegroting 2025 -2028, komen we met een definitie f voorstel bij uw raad terug , inclusief schetsontwerp .

De financiële gevolgen van het totale plan kunnen dan integraal worden afgewogen bij de komende begroting. B 6.3 OHV Vollenhove, extra investering t.o.v. IHP Zie toelichting in bijlage 6.2 (onontkoombare uitgaven; O 6.1). B 6.4 Essentaksterfte Op de veen- en kleigronden in Steenwijkerland komen veel essen voor. Deze bomen staan in lanen langs wegen en grachten, op houtwallen en in houtsingels. In totaal beheert de gemeente ruim 6000 essen. Al enige tijd worden deze essen bedreigd door de essentaksterfte, een schimmelinfectie die in veel gevallen leidt tot afsterven van de boom. Dode bomen worden gekapt en herplant met een andere inheemse boom die past bij de bodem en het landschapstype ter plaatse. Met herplant houden we de groenstructuur in onze kernen en het buitengebied vitaal. Ook de komende jaren worden er essen gekapt en herplant met een andere inheemse soort. Herplant is gemeentelijk beleid en dus geen plicht in wettelijke zin. Van de burger wordt ook verwacht dat bomen worden herplant, dan mag ook van de gemeente worden verwacht dat zij bomen herplant. B 6.5 Uitbreiding formatie (1fte), projectleider civiele projecten Deze vacature is noodzakelijk voor het structureel goed kunnen uitvoeren van de civiele projecten (Groen, riolering, water, wegen, sport & spel) en de woningbouwopgave.

We geven uitvoering aan het fietsplan en helpen de ontwikkelprojecten woningbouw van planvorming tot realisatie. Gelet op zowel de beheeragenda als de woningbouwopgave, zien we dat het aantal civiele projecten de komende jaren onverminderd hoog zal zijn. Grote projecten die volgen uit de energietransitie zijn nog niet ingepland. Om voortgang en continuïteit te garan deren is een structurele functie opportuun. Er zijn al jaren meer projecten dan we projectleiders hebben. Als er structureel geen extra financiële middelen beschikbaar komen, dan zal er blijvend (duurder) ingehuurd worden om projectleiderscapaciteit te krijgen. Of projecten worden niet of vertraagd over meerdere jaren opgepakt (en halen we de geformuleerde ambities niet op woningbouw, maar ook niet voor kunstwerken/bruggen, riolering, wegen, fietspaden, etc). De op dit moment vanuit ontwikkeling in gang gezette versnelling op projecten woningbouw kunnen dan niet met dezelfde voortgang uitgevoerd worden (bouw en woonrijp maken etc.).

Museum Steenwijk Investering 2025 2026 2027 2028 Investering S - 2.400.195 - - 100.737 - 100.737 - 100.737 Werving fondsen I 810.000 - - - - Jaarlijkse beheerkosten S - - - 29.500 - 29.500 - 29.500 Energie S - - - 48.375 - 48.375 - 48.375 Exploitatie S - - - 40.000 - 40.000 - 40.000 Eenmalige lasten I - - 3.537.194 - - - Eenmalige lasten, reeds door de raad beschikbaar gesteld I - 276.816 - - - Beschikbaar budget binnenstad I - 1.340.000 - - - Subtotaal - 1.590.195 - 1.920.378 - 218.612 - 218.612 - 218.612 56 B 6.6 Faunapassage Veneweg Wanneperveen In ons nationaal park de Weerribben en de Wieden groeit de populatie van otters gestaag. Helaas komen er jaarlijks in onze gemeente verscheidene otters om bij het oversteken van wegen. Aan de Veneweg, ten zuiden van de Zuideindigerwijde bevinden zich buiten het raster om ook locaties waar otters de oversteek wagen. Er zijn ervaringen bekend van bijna aanrijdingen. Maar heel concreet ook meerdere werkelijke aanrijdingen. Door de aanleg van een faunaduiker en het plaatsen van afrastering kan dit probleem verholpen worden. In het kader van de wettelijke zorgplicht en omwille van de verkeersveiligheid is de aanleg van deze voorziening noodzakelijk. Binnen N atura 2000 dienen dergelijke knelpunten opgelost te worden (jurisprudentie 2014). Daarnaast is er de zorgplicht vanuit de omgevingswet.

B 6.7 Fietspad Steenwijkerdiep Bij de behandeling van het Fietsplan Steenwijkerland in de gemeenteraad is gevraagd om een schouw naar de kwaliteit van het fietspad Steenwijkerdiep Zuid om inzicht te krijgen in de kwaliteit van het pad. Hieruit blijkt dat de kwaliteit van het pad slecht is. Mogelijkheid bestaat dat de raad naar aanleiding van deze uitkomst besluit om dit pad te vervangen door een weg op de naastliggende halfverharding. Zonder extra financiële middelen wordt het pad (opnieuw) ter plaatse van de slechte plekken gerepareerd. Verbreding/verlegging van het fietspad stellen we dan uit. B 6.8 Verbeteren fietsverbinding Steenwijk-Giethoorn (Beulakerweg) De fietsverbinding Steenwijk-Giethoorn is een intensief gebruikte fietsroute over de openbare weg. Hoewel er niet veel auto’s rijden, delen de s choolgaande jeugd en toeristen deze weg met landbouwverkeer, vrachtverkeer en de bussen naar Giethoorn. Uit de risico gestuurde aanpak komt deze verbinding daardoor als risicovol naar voren. Uit een enquête onder de Gieterse bevolking wordt ook gevraagd om deze fietsverbinding te verbeteren. Het project is opgenomen in het in december 2023 vastgestelde Fietsplan Steenwijkerland. Het project is opgenomen in het vastgestelde Fietsplan Steenwijkerland. Voorbereiding van het project is gestart in 2024.

Als de raad geen financiële middelen beschikbaar stelt dan wordt het project doorgeschoven of niet uitgevoerd. B 6.9 Levensduur verlengende maatregel Dwarsgracht Het pad in Dwarsgracht wordt in 2024 en 2025 integraal aangepakt. Dit jaar wordt gestart met de beschoeiing en de bruggen. In 2025 wordt de verlichting vervangen en wordt het pad opgewaardeerd. Op veel plekken bij de opritten van de bruggen, ten gevolge va n verzakkingen achter de damwand en door opdruk van boomwortels is de verharding bezweken. Om het pad langdurig te herstellen zijn levensduur verlengende maatregelen noodzakelijk. Hiervoor zijn geen middelen in de ‘Voorziening groot onderhoud wegen’ opgenomen. De gehele openbare ruimte wordt aangepakt. We willen voorkomen dat we voor het pad binnen 5 jaar opnieuw aan de slag moeten. Zonder extra financiële middelen wordt het asfalt plaatselijk gerepareerd. Deze reparaties hebben een korte levensduur. 57 B 6.10 Openbare watertappunten, onderhoudskosten We willen ons netwerk aan openbare watertappunten verder uit te breiden. Er is nu 1 gemeentelijk openbaar watertappunt. In totaal willen we 7 extra realiseren. 2 in 2024 en 5 in 2025. Voor het beheer en onderhoud van de in totaal 8 watertappunten (7 nieuw + 1) zijn we een jaarlijks onderhoudsbudget van € 7.000 (8 x € 875) nodig. De investering (ca. € 4.000 per watertappunt) wordt vanuit bestaande budgetten betaald.

Het CPB heeft op 10 juli 2018 een motie ingediend voor open bare watertappunten : motie ‘Gratis drinkwater voor inwoner en toerist ’. Op 4 juli 2023 w erd door BGL de motie: ‘Toppunt (voor) watertappen’ ingebracht. Door wethouder Smit is toegezegd de motie uit 2018 verder vorm te geven. B 6.11 Opwaardering begraafplaatsen We zien dat op een aantal begraafplaatsen het groen ‘op’ raakt. Dat betekent dat we deze plekken opnieuw moeten inrichten. Graag doen we dat op een duurzame manier, waarbij we oog hebben voor een passende uitstraling en biodiversiteit. Het onderhoudsbudget laat een gestructureerde aanpak niet toe. Voor de begraafplaatsen geldt een afgesproken hoog onderhoudsniveau. Het niet kunnen vervangen van groen dat ‘op’ is, maakt dat we niet aan de afgesproken beeldkwaliteit kunnen voldoen. Het gevolg is een begraafplaats waarbij de beleving en waardering afn eemt terwijl juist de begraafplaatsen zijn aangewezen als locaties met een hoog onderhoudsniveau en onze ambitie gericht is op tevredenheid over de openbare ruimte. B 6.12 Sportvelden Groene Long (hockey, korfbal, en hondenschool) In de PPN van 2023 hebben we i n relatie tot de geplande renovatie van de hockeyvelden aan de Middenweg, aangekondigd te kijken naar koppelkansen binnen de groene long (conform motie gebiedsgerichte aanpak (sport)verenigingsaccommodaties).

Dit met het oog op de al langer aanwezige capaciteitsvraag van korfbalvereniging NOVEAS en het huidige dubbelgebruik van dit veld met hondenschool Kwispel. Daarnaast heeft volleybalvereniging Steevast aangegeven een eigen accommodatie te ambiëren. De koppelkansen zitten in het doen van onderhoud en het effectiever inzetten van de sportaccommodaties . Adviesbureau PLANNing heeft in onze opdracht de capaciteitsbehoefte van de betrokken gebruikers – MHC, NOVEAS en Kwispel- en de wensen van mogelijk belanghebbende – Steevast – in beeld gebracht en deze afgezet tegen de aanwezige capaciteit van de diverse v elden en accommodaties. Dit leidde tot verschillende scenario’s die afzonderlijk met de betrokken gebruikers zijn besproken. Naar aanleiding hiervan is vervolgens in een gezamenlijk overleg de voorkeur uitgesproken voor één van de scenario’s. Deze omvat: - De renovatie van hockeyveld 1 van MHC - De revitalisering van hockeyveld 2 van MHC - De aanleg van een kunstgrasveld voor NOVEAS - Aanvullende maatregelen voor Kwispel Dit scenario is in een afzonderlijk raadsvoorstel aan u voorgelegd en uiteengezet. Het betreft een door de gebruikers gedragen plan, waarbij zij in hun huidige capaciteitsbehoefte worden voorzien, maar waarbij er ook groei mogelijk is. 58 Door te kiezen voor revitalisatie van hockeyveld 2 i.p.v.

renovatie, hoeft het beschikbare budget hiervoor niet volledig te worden aangesproken. In plaats van dit restant terug te laten vloeien (zoals eerder de financiële meevaller van € 220.000 bij renov atie van de atletiekbaan in 2023), kunnen we door het ‘restant’ aan te vullen met een extra krediet, het geheel toekomstbestendig invullen. Bovendien denken we door gezamenlijke aanpak, aanbesteding en uitvoering winst te behalen in zowel financiële zin als in beperking van de overlast. B 6.13 Cultuurhistorische waardenkaart Steenwijkerland De raad heeft een motie (2022, M5, 00027) aangenomen voor een inventarisatie van de karakteristieke en beeldbepalende panden in de gemeente Steenwijkerland. Hiervoor is geen ruimte binnen de beschikbare financiële middelen. Voor het uitvoeren van deze motie is budget nodig. Steenwijkerland heeft een groot aantal monumenten zowel gemeentelijk als rijks. Daarnaast zijn er ook van rijkswege aangewezen beschermde stads - en dorpsgezichten. Samen met verschillende landschapstypen is een gevarieerd en waardevol cultuurlandschap ontstaan dat de identiteit van de gemeente vormt. Deze omgeving is voor zowel inwoners als toeristen een aantrekkelijke omgeving om in te leven en te recreëren. Veel van deze waarden zijn echter niet op een kaart terug te vinden.

Hierdoor ontbreekt het overzic ht op alle onderdelen die belangrijk en wellicht behoudens waardig zijn. Omdat er toch voor de hele gemeente een inventarisatie nodig is van karakteristieke en beeldbepalende panden om de motie uit te kunnen voeren is het advies om van deze gelegenheid gebruik te maken om een bredere inventarisatie uit te voeren voor het opstel len van een cultuurhistorische waardenkaart (voor de hele gemeente ). Op deze manier kunnen alle cultuurhistorische waarden in kaart worden gebracht en kan bij het opstellen van regelgeving (bijvoorbeeld het omgevingsplan) de identiteit van de gemeente beter in stand worden gehouden. In het kader van de Omgevingswet moet er een evenwichtige toedeling van functies plaatsvinden waarbij ook rekening wordt gehouden met cultuurhistorie. Dit zal worden vastgelegd in het omgevingsplan van de gemeente. Om hier een goede afweging te kunnen maken moeten de cultuurhistorische waarden in de gemeente bekend zijn. Door het maken van een cultuurhistorische waardenkaart is het eenvoudiger om bij een afweging rekening te houden met de eventueel aanwezig cultuurhistorie. Nu moet voor elke afweging eerst gekeken worden of er cultuurhistorische waard en aanwezig zijn. Dit brengt voor initiatiefnemers extra kosten en administratieve lasten met zich mee.

B 6.14 Restauratie monumentaal orgel Grote Kerk Steenwijk, gemeentelijke bijdrage Het monumentale orgel uit 1861, gebouwd door Orgelmaker Petrus van Oeckelen, is al jaren aan restauratie toe. Het betreft een gemeentelijke bijdrage van € 50.000 in de restauratie van het monumentale orgel in de Grote Kerk te Steenwijk. De totale investering bedra agt afgerond € 900.000. De stichting heeft zelf ruim € 800.000 weten te dekken vanuit eigen middelen, fondsen, rijks - en provinciale regelingen en andere inkomsten. Zij komen nog € 94.386 tekort en hebben de gemeente om een bijdrage gevraagd. Indien de raad niet instemt met beschikbaar stellen van de middelen, wordt het orgel gerealiseerd maar in vereenvoudigde versie of worden onderdelen niet gerealiseerd. 59 B 6.15 Reclame uitingen Giethoorn Afgelopen jaren zien we dat de reclame uitingen in Giethoorn toenemen. De overmatige en uitbundige reclame uitingen conflicteren met de karakteristieke omgeving en monumentale panden in en rondom Giethoorn. Er zijn situaties waarin de huidige reclame uitingen niet voldoen aan het gestelde reclame- en welstandsbeleid. Vanuit de Toekomstvisie is gesteld om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren. Dit kan worden gerealiseerd door: 1. in te zetten op het verminderen van de hoeveelheid aan verwijsborden, vlaggen en andere reclame-uitingen. 2.

Meer eenheid te vormen in de reclame-uitingen per geval met behoudt van eigen identiteit. We willen samen met de ondernemers tot een gedragen oplossing te komen. Het is niet een vrijblijvend proces/traject. We gaan voor vernieuwing en kwaliteitsverbetering en willen daarmee handhaving voorkomen. Er is gestart met een totaalinventarisatie en met pilotbedrijven zijn afspraken gemaakt. Deze hebben nu hun uitingen aangepakt. Het is nu van belang dat ook de rest van het dorp volgt om te komen tot een effectieve aanpak. Door nu een projectmatige aanpak te hanteren voorkomt dit in de toekomst incidente le handhavingsverzoeken en wordt de ruimtelijke kwaliteit verbeterd. Het gevraagde budget is nodig voor het inhuren van een projectleider en handhavingscapaciteit. De projectleider neemt 'vriendelijk handhaven' als uitgangspunt en probeert ondernemers te verleiden reclame uitingen aan te passen zodat zij overeenkomstig regelgeving zijn. Waar nodig en mogelij k kunnen vergunningen worden aangevraagd en verleend. De daarvoor noodzakelijke capaciteit is aanwezig. Daar waar het niet anders kan, zal over moeten worden gegaan tot handhavend optreden. Dat lukt niet binnen de bestaande capaciteit, daarvoor zal ook moeten worden ingehuurd. Indien geen extra budget beschikbaar komt dan blijft de situatie met overdadige reclame uitingen hetzelfde en wordt het mogelijk alleen maar meer.

Er lopen op dit moment handhavingsverzoeken . Deze worden reactief opgepakt. Mogelijk neemt het aantal handhavingsverzoek en in de toek omst toe. 1. Door nu proactief te handelen kan dit worden voorkomen. Dit zorgt voor een ontlasting van de toezicht en handhavingscapaciteit. We willen hiermee toekomstige handhavingsverzoeken verminderen. 2. De leefbaarheid wordt verhoogd en er wordt invulling gegeven aan de doelstelling van de Toekomstvisie Giethoorn. B 6.16 Groot onderhoud Kulturhus "De Eendracht Giethoorn" Kulturhus in Giethoorn is nu alweer 17 jaar het centrum voor culturele en sportieve activiteiten voor de inwoners van Giethoorn. Het stichtingsbestuur van het Kulturhus heeft de opgave om komende jaren groot onderhoud te plegen aan en in het gebouw. Afgelopen jaren is door het stichtingsbestuur veel geïnvesteerd in het dagelijks onderhoud én duurzaamheid. Voor deze investeringen kon het bestuur putten uit eigen middelen. Voor het komende jaar staan er grote investeringen op hun programma. Dan gaat het over vervanging van installaties voor verwarming en luchtbehandeling, vervanging van de lift, renovatie van wand - en gevelbekleding en de transformatie van hal tot een aantrekkelijke ruimte voor activiteiten en ontmoeting. Genoemde activiteiten worden geraamd op € 267.632. Het stichtingsbestuur kan uit eigen middelen een bedrag van € 123.632 beschikbaar stellen.

Voor het resterende deel van € 144.000 doen zij een beroep op de gemeente. 60 Als de bijdrage niet beschikbaar wordt gesteld, dan zal dat leiden tot gebrekkige installaties die het functioneren van het Kulturhus bedreigen. Disfunctioneren van het Kulturhus maakt dat activiteiten moeten beëindigen en leidt op termijn tot nog grotere uitgaven. B 6.17 Renovatie tennisbanen Tennisclub Vollenhove De huidige 3 kunstgrasbanen van Tennisclub Vollenhove zijn in 2008 aangelegd. In 2020 zijn de banen gekeurd door de KNLTB en is vastgesteld dat de banen in 2025 moeten worden vervangen. Deze stelling blijkt ook de juiste: de kwaliteit van het kunstgras wor dt steeds slechter en hierdoor worden de banen ook minder vlak. Ook de directe omgeving van de banen zijn aan vervanging toe. Hier gaat het dan om het noodzakelijke hekwerk en bestrating. De tennisvereniging pakt zelf veel op. Door goede financieel verantw oorde keuzes te maken qua materiaal en waar mogelijk de werkzaamheden door vrijwilligers uit te laten voeren, worden de kosten zo laag mogelijk gehouden. De totale investering bedraagt € 122.000. De dekking hiervoor wordt gezocht in eigen middelen, het aanschrijven van verschillende fondsen en beroep te doen op de gemeente op basis van ons sportbeleid Visie op beheer en onderhoud.

Hierin schrijven wij dat n iet-gemeentelijk sportaccommodaties een subsidieverzoek kunnen indienen voor een bijdrage van maximaal 25% van de totale kosten. De financieringsvraag wordt dan voorgelegd aan de gemeenteraad om hierin een keuze te maken. Op basis van dit beleid doet de te nnisclub Vollenhove een verzoek voor een bijdrage van € 30.500 (25% x 122.000). Na 2025 zijn de banen ongeschikt om tennis te spelen waaronder officiële tenniscompetitie. Hierdoor komt de continuïteit van de vereniging in het geding. Dan heeft de tennisvereniging een onmogelijke opgave om de benodigde financiële middelen bij elkaar te krijgen. B 7.1 Noodzakelijke aanpassingen (achterstallig onderhoud) gemeentehuis In de begroting 2023 -2026, is er een initiële financiering toegekend voor de ontwikkeling van een plan van aanpak en kostenraming voor een ‘Toekomstbestendig gemeentehuis’. Met deze initiële financiering zijn we in 2023 gezamenlijk met externe deskundigen een onderzoek gestart. Hierbij is onderzocht wat er nodig is om voor het verduurzamen van het gemeentehuis en het realiseren van een nieuw inrichtingsconcept. Het onderzoek inclusief de bijbehorende kostenraming is in 2023 opgeleverd. Het totale benodigde bedrag zou uitkomen op circa € 10,8 tot € 13,4 miljoen.

Gezien de huidige financiële situatie van de gemeente ziet het college geen ruimte voor het realiseren van een nieuw inrichtingsconcept en het verduurzamen van het gemeentehuis. Echter, sinds de bouw in 1991, 33 jaar geleden, heeft het gebouw géén grondige renovatie ondergaan. Er is op dit moment sprake van achterstallig onderhoud bij een aantal delen van het gemeentehuis. Hierbij valt te denken aan de CV ketels, toiletgroepen, schilderwerk, vloerbedekking etc. Deze onderdelen betreft het minimale noodzakel ijk onderhoud dat moet worden uitgevoerd in het gebouw. Met de keuze om enkel het noodzakelijk onderhoud uit te voeren kiezen we er voor om geen stappen te zetten in de verduurzaming en modernisering van het gemeentehuis. B 7.2 Toezicht toeristenbelasting Betere controle op en naleving van toeristenbelasting is noodzakelijk gebleken. Dat betekent beter toezicht op belastingplichtige die deze belasting voor de gemeente moet innen en afdragen. Het aantal belastingplichtigen blijft veranderen door opening en sluiting van toeristenaccommodaties. Ook de voorgenomen verhoging, differentiatie en aanpassing van de verordening op toeristenbelasting zal deze controle extra noodzakelijk maken. Over de jaren 2022 en 2023 heeft de 61 controle tot hogere opbrengsten geleid.

Doordat we bij de controle ook de forensenbelasting betrekken, leidt dit ook tot hogere inkomsten op deze belastingsoort. Ook voor de komende jaren zal een hogere opbrengst worden behaald door de extra controle. Daarmee is de gedachte gerechtvaardigd dat we door extra controle dit budgettair neutraal uitwerkt voor de begroting voor de komende jaren. Zonder controle zal er rechtsongelijkheid gaan ontstaan van belastingplichtigen die adequaat een aangifte indienen en belastingplichtigen die de uitvoer van de verordening minder serieus nemen. De praktijk van de afgelopen jaren heeft dit uitgewezen. Door het uitblijven van controle zullen er minder inkomsten worden gegenereerd. B 7.3 Professionalisering evenementen met een representatief karakter De evenementen in onze gemeente met een representatief karakter, hadden een professionalisering nodig. Te denken valt dan aan bijv oorbeeld de 4 mei herdenking en de 5 mei viering , het Nieuwjaarsconcert, Veteranendag en Prinsjesdag. De evenementen zijn uitgebreid en hebben een diepere lading gekregen. De afgelopen periode zijn deze evenementen onder de loep genomen en doorontwikkeld. Dit tot grote tevredenheid van belangenverenigingen, collega gemeentes, inwoners en het college. Dit hebben we kunnen doen doo r hier expertise op in te huren.

Het betreft hier een budgettair neutrale wijziging doordat we bestaand budget inzetten om deze ingezette professionalisering structureel te borgen. B 7.4 Koersdocument overheidscommunicatie Het door het college vastgestelde Koersdocument voor communicatie (looptijd t/m eind 2026) vraagt om een investering in kwaliteit. In dat kader zijn een aantal personele wijzigingen doorgevoerd. Taken op het gebied van overheidscommunicatie die belegd zijn bij team Ontvangst zijn overgeheveld naar team Organisatieadvies. Dit betreft de functies Adviseur Webcare (1 fte) en Online content specialist (1 fte). De formatie die wordt overgeheveld bedraagt 1,39 fte. Met de halve fte die achterblijft bij team Ontva ngst kunnen de werkzaamheden die de vertrekkende mensen achterlaten kunnen worden opgevangen. De formatie bij team Organisatieadvies wordt voor de duur van het Koersdocument (t/m 2026) verhoogd met 0,5 fte. Dit betekent een taakstelling voor team Organisatieadvies van 0,5 fte die uiterlijk 1 januari 2027 moet worden opgelost. Corporate communicatie betekent dat we praten met één mond en vanuit één Steenwijkerlandse stijl. We willen onze inwoners, ondernemers, organisaties en andere stakeholders duidelijk, effectief en consistent informeren. Door middel van bestuurscommunicatie richten we ons op het wat, het hoe en het waarom.

Door zowel digitaal als fysiek te communiceren bereiken we iedereen. Als er geen extra middelen komen, dan staat de uitvoering van het koersdocument en alle acties en voornemens die daarin staan onder druk. B 7.5 Representatie / Kabinet Sinds 2023 is de bezetting op de afdeling representatie/ kabinet op volle sterkte. Alle taken worden sinds vorig jaar professioneel opgepakt en uitgevoerd, en hebben meer inhoud gekregen. Vooral de professionelere aanpak en kostenstijgingen (inflatie vanaf 2019: 20%) zorgen voor hogere uitgaven. In 2025 wordt aandacht besteed aan het project ’80 jaar vrijheid’. In 2024 wordt dit project opgestart. Ook is vanaf 2024 aandacht voor de Molukse geschiedenis, in lijn met de landelijke aandacht. 62 Landelijk wordt veel aandacht besteed aan vrijheid en geschiedenis. Herdenkingen en Joodse en Molukse geschiedenis krijgen aandacht. 3.5. Saldoverbeterende maatregelen De VNG heeft op 1 maart jl. een nieuw begrotingsadvies uitgebracht waarin zij gemeenten vragen om in hun kader - of voorjaarsnota een apart onderdeel op te nemen over hoe gemeenten omgaan met de korting vanaf 2026. Specifiek: Beschrijf de nieuwe of voorgenomen bezuinigingsmaatregelen, maar ook bezuinigingen waartoe – vooruitlopend op de financiële situatie in 2026 – al eerder is besloten.

En: Beschrijf in ieder geval de 5 meest significante ombuigingsmaatregelen en consequenties en het betreffende taakveld dat daarmee geraakt wordt. Hieronder volgt een pakket aan maatregelen die we hebben opgesteld om de gemeentelijke financiën op orde te houden. Dit pakket bestaat uit een combinatie van bezuinigingen, versoberen van voorzieningen en van lastenverzwaringen voor toeristen en voor inwon ers. De mate waarin de uitwerking van de maatregelen concreet zijn, inclusief ook welke gevolgen deze kunnen hebben, varieert. Dezelfde disclaimer geldt voor de hoogte van de bedragen. De bedragen die in onderstaande tabel zijn opgenomen zijn richtinggeven d en mede daarom op een hoog aggregatieniveau (€ 0,1 mln.) afgerond. Verdere uitwerking richting de meerjarenbegroting 2025 - 2028 zal, indien gewenst, plaatsvinden. De maatregelen bestaan uit 3 categorieën: - Bezuinigingen en scherper begroten - Toeristen/forensen - Kostendekking Tabel 5: Saldoverbeterende maatregelen, bedragen x € 1.000.000 1.

Bezuinigingen en scherper begroten 2025 2026 2027 2028 Opheffen 10% van de restantkredieten 0,2 0,2 0,2 0,2 Kernenbeleid en maatschappelijk vastgoed 0,1 0,1 0,2 0,2 Versoberen dienstverlening 0,1 0,1 0,1 0,1 Zwembad Vollenhove 0,3 0,3 0,3 Eigen bijdrage Wmo verhogen 0,1 0,1 0,1 0,1 Versoberen regelingen bijzondere bijstand 0,1 0,1 0,1 0,1 Afslanken beleidsinzet sociaal domein 0,1 0,1 0,1 0,1 Bijstellen ambities en inzet overige domeinen 0,2 0,3 0,4 0,4 BTW-compensatiefonds (*) 0,2 0,2 0,2 0,2 Scherper begroten leerlingenvervoer, volwasseneducatie en peuteropvang (*) 0,2 0,2 0,2 0,2 Bijramen leges burgerzaken (*) 0,1 0,1 0,1 0,1 Bijstellen raming rentelasten (*) 0,1 0,2 0,3 0,4 2. Toeristen/forensen Toeristenbelasting (*) 0,7 0,7 0,7 0,7 Forensenbelasting (*) 0,2 0,2 0,2 0,2 63 3. Kostendekking Kostendekking afval 100% (*) 1,0 1,0 1,0 1,0 Kostendekking riool 100% (*) 0,8 0,8 0,8 0,8 Kostendekking lijkbezorging 100% 0,2 0,2 0,2 0,2 Verhoging tarieven fysiek domein en GPK (*) 0,1 0,1 0,1 0,1 Totaal 4,5 5,0 5,3 5,4 (*): voorstel is om deze maatregel sowieso in de begroting 2025 -2028 op te nemen. Het totaal van deze maatregelen telt op tot €3,7 mln. (2028) Bezuinigen en scherper begroten Opheffen 10% van de restantkredieten Voor een totaal investeringsvolume van € 27 mln. staan er vele kredieten open.

Dit betreffen investeringen waar u als raad eerder toe heeft besloten, maar die nog niet in uitvoering zijn gebracht. Het gaat hier vaak om projecten in het fysieke domein, zoal s investeringen in de openbare verlichting, bermen, Steenwijk-west, het IHP. Door te besluiten om minimaal 10% van de projecten uit te stellen of te schrappen kan een besparing aan kapitaallasten gerealiseerd worden. Kernenbeleid en maatschappelijk vastgoed In ons kernenbeleid hebben we een organisatiebudget voor PBW’s (Plaatselijk Belang of Wijkverenigingen), een gemeentebreed budget voor inwonersinitiatieven en is er voor iedere kern of wijk koppengeld beschikbaar. Dit is een bedrag per inwoner per jaar, bedoeld voor initiatieven in een kern of wijk die bijdragen aan de leefbaarheid. Voor diverse PBW’s geldt dat er onvoldoende voorstellen zijn voor dit koppengeld en dat het opgespaard wordt. Als maatregel wordt voorgesteld het bedrag voor het koppengeld te h alveren (van € 2 naar € 1) en het gemeentebreed budget voor (mooie) inwonersinitiatieven daarbij in stand te houden. Voor maatschappelijk vastgoed betreft de maatregel een taakstelling om een deel van het vastgoed af te stoten en daarnaast de verduurzaming ervan te temporiseren.

Versoberen dienstverlening Bij het versoberen van de dienstverlening denken we onder meer aan het verminderen van de openingstijden van het gemeentehuis, bijvoorbeeld door deze te in lijn te brengen met die voor onze telefonische dienstverlening en het beperken van de vrije inloop. Daarnaast wordt gedacht aan het stopzetten van het inwonerpanel. Zwembad Vollenhove Het zwembad in Vollenhove is dringend toe aan een aanzienlijke renovatie. In de begroting zijn hiervoor op dit moment nog geen middelen beschikbaar. Overwogen wordt het zwembad te sluiten en op een andere manier de zwemfunctie voor Vollenhove vorm te geven. Eigen bijdrage Wmo verhogen Het tarief van de eigen bijdrage in de Wmo bedraagt momenteel € 19. Het wettelijk maximum is € 20,60. Het voorstel is om in 2025 dit maximum als eigen bijdrage te hanteren. De structurele besparing hiervan bedraagt € 60.000. 64 Versoberen minimaregeling en bijzondere bijstand Ons huidig beleid op de regelingen in de bijzondere bijstand is op sommige onderdelen ruimhartig. Door deze te versoberen is een besparing van € 0,1 mln. te realiseren. Voor schrijnende gevallen zal daarbij het inzetten van maatwerk(budget) gehandhaafd bli jven. Deze maatregel betreft niet het verlagen van de inkomensgrens, bijvoorbeeld van 130% naar 120% van de bijstandsnorm.

Afslanken beleidsinzet sociaal domein Deze maatregel betreft het bijstellen van onze ambities op bovenwettelijke taken en het verminderen van de (ambtelijke) inzet op regionale overleggen binnen het sociaal domein (jeugd, zorg, Wmo). Mogelijk gevolg hiervan is dat bijvoorbeeld de kwaliteit van de (bestuurlijke) advisering bij dergelijke regionale aangelegenheden zal verminderen. Bijstellen ambities en inzet overige domeinen In de huidige begroting is een (oplopende) taakstelling voor de bedrijfsvoering opgenomen. In aanvulling op het bijstellen van ambities binnen het sociaal domein en de andere maatregelen in dit hoofdstuk zal ook op andere terreinen breder gekeken kunnen wo rden naar het ambitieniveau en waar de ambtelijke inzet beperkter kan. BTW-compensatiefonds (*) Als de gezamenlijke declaraties van gemeenten bij het BTW -compensatiefonds (BCF) onder het zogenaamde BCF -plafond blijven, wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. De afgelopen 3 jaar is meer uitgekeerd dan we in onze begroting (€ 295.000) hadden opgenomen. Voorstel is om dit bedrag op te hogen naar € 530.000. Dit is het bedrag dat we in 2021 ontvingen.

Scherper begroten leerlingenvervoer, volwasseneducatie en peuteropvang (*) De afgelopen periode is gebleken dat er op de budgetten voor leerlingenvervoer, volwasseneducatie en peuteropvang ruim genoeg zijn gebleken. Neerwaartse bijstelling is op basis van het huidige beleid dan ook goed mogelijk. Voor leerlingenvervoer betreft di t een bedrag van € 100.000, voor de beide andere in totaal € 50.000. Bijramen leges burgerzaken (*) Het bedrag dat binnenkomt aan leges bij burgerzaken is het afgelopen jaar flink opgelopen. De inschatting van te verwachten aantallen rijbewijzen en reisdocumenten hebben we op basis van deze informatie aangepast. De post voor leges kan voor alle 4 jaren w orden verhoogd. Bijstellen raming rentelasten (*) Diverse projecten komen later in ontwikkeling dan vooraf was ingeschat. Voorgesteld wordt om de raming voor de bijbehorende rentelasten naar beneden bij te stellen. Toeristen/forensen Toeristenbelasting (*) Zoals eerder aangegeven in de Perspectiefnota 2023 -20279 zijn we voornemens om de toeristenbelasting met ingang van 1 januari 2025 te verhogen en vanaf dat moment het tarief jaarlijks te indexeren. Het huidig tarief bedraagt € 1,10 per persoon per overnachting/verblijf. Het huidig 9 Perspectiefnota 2023-2027, p. 50. 65 tarief van de toeristenbelasting is sinds 2020 niet verhoogd en laag ten opzichte van veel andere gemeenten.

Zeker wanneer dit wordt vergeleken met andere toeristische gemeenten. Mede door de inflatie zijn de kosten in die periode sterk gestegen. We vinden dat de toerist ook moet bijdragen aan de kosten die wij moeten maken voor het beheer & onderhoud en investeringen in de openbare ruimte en toerisme. Dit sluit aan bij ons eerder geformuleerde uitgangspunt ‘de bezoeker draagt bij’. Per 1 januari 2025 willen we twee tarieven hanteren. Een laag tarief van € 1,50 voor nachtverblijf in een kampeermiddel en een hoog tarief van € 2,20 voor alle andere vormen van overnachting/verblijf. Vanaf dit moment zullen we bovendien de tarieven jaarlijks indexeren. Hierbij sluiten we aan bij de systematiek die ook voor andere belastingen wordt gehanteerd. Forensenbelasting (*) In lijn met het meer laten bijdragen van toeristen willen we ook de andere niet -inwoners meer laten bijdragen aan de inkomsten van de gemeente, omdat zij van de algemene voorzieningen van de gemeente profiteren. Het voorstel is dan ook om de forensenbelast ing, voor niet -inwoners die een gedeelte van het jaar wel in de gemeente verblijven, met 20% te verhogen. Kostendekking Kostendekking afvalstoffen- en rioolheffing (*) Zowel voor de afvalstoffen- als de rioolheffing rekenen we op dit moment de BTW -lasten niet door in de tarieven.

Voor de afvalstoffenheffing bedraagt dit een bedrag van € 951.000 en voor de rioolheffing € 768.000 (cijfers begroting 2024). Het besluit om deze lasten niet op te nemen in de gesloten huishouding voor deze beide heffingen is ooit bij de introductie van het BTW - compensatiefonds genomen. Het heeft tot gevolg dat beide tarieven niet kostendekkend z ijn, maar dat een deel vanuit de algemene middelen wordt gedekt. In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is opgenomen dat de BTW -lasten onderdeel uitmaken van de gesloten huishouding. Inventarisatie bij andere (omliggende) gemeenten laat zien dat deze gemeenten allen de BTW -lasten hierin hebben opgenomen. We st ellen u dan ook voor dit ‘lek’ in de gesloten huishouding te dichten en hiertoe te besluiten. Dit ook vanuit de gedachte onze tarieven 100% dekkend te maken en te houden. Hiertoe besluiten betekent evenwel dat de tarieven voor zowel de afvalstoffenheffing als die voor de rioolheffing aanzienlijk zullen stijgen: ca. € 48 voor de heffing voor de afvalstoffen en ca. € 38 voor die voor riool. Een gerichte inzet vanuit de egalis atievoorziening voor zowel de afvalstoffenheffing als die voor rioolheffing kan dit effect over enkele jaren uitsmeren. Zowel de hoogte van de egalisatievoorziening voor de afvalstoffenheffing als die voor rioolheffing overschrijden immers (aanzienlijk) de maximaal toegestane ruimte.

Op dit moment denken we hierbij aan een scenario waarbij een groot deel van de stijging door het opnemen van de BTW in de gesloten huishouding in 2025 wordt ‘genomen’, gevolgd door een kleiner deel in de daarop volgende jaren. Voor beide heffingen denken we eraan om ongeveer 60 à 65% van de veroorzaakte stijging te verwerken in de tarieven voor 2025 (€ 30 resp. € 24 per huishouden). Het restant van de toename wordt vervolgens uitgesmeerd over de jaren t/m 2029. Lijkbezorging De kostendekkendheid van de lijkbezorgingsrechten ligt momenteel op ca. 73%. In de afgelopen jaren is dit percentage aanzienlijk omhoog gebracht. Zo lag het percentage in 2017 nog onder de 50. 66 Verdere verhoging van de tarieven of het bijstellen van het onderhoudsniveau is een mogelijkheid. Hierbij moet wel bedacht worden dat er al een afname van het aantal begravingen is en mensen door deze wijzigingen mogelijk nog eerder zullen kiezen voor crem eren of natuurbegraven. Hierdoor dalen mogelijk de inkomsten in plaats van de beoogde stijging. Verhoging tarieven fysiek domein en GehandicaptenParkeerKaart (*) Binnen het fysieke domein kunnen de tarieven op zaken als aanleg van kabels en leidingen en inritvergunningen verhoogd en meer kostendekkend gemaakt worden. Datzelfde geldt voor de leges voor het aanvragen van een GPK (GehandicaptenParkeerKaart).

Deze bedraagt momenteel € 17, daar waar in omliggende gemeenten zo’n kaart tussen de € 90 en € 148 ko st. Voorstel is deze leges met € 100 te verhogen. Met ca. 500 aanvragen per jaar betekent dit een inkomstenverhoging van ongeveer € 50.000. Tot slot We stellen u voor van bovenstaand pakket aan mogelijke maatregelen een aantal onderdelen sowieso in de meerjarenbegroting 2025 -2028 op te nemen. Deze onderdelen zijn met een sterretje weergegeven en hebben betrekking op het scherper ramen van enkele begrotingsposten, de bijstelling van de te verwachten bijdrage uit het BTW -compensatiefonds, de verhoging van de toeristen- en forensenbelasting en het kostendekkend maken van de tarieven voor afval en riool. Voor wat betreft de overige onderdelen van dit pakket zullen we een afweging later dit jaar maken op basis van uw adviezen en het dan voorliggende financieel beeld. We zullen daarbij wel in ogenschouw moeten nemen dat als het rijk blijft tekort schieten in het compenseren van gemeenten, er meer maatregelen nodig moeten zijn om de gemeentelijke financiën op orde te krijgen.

Willen we ook dan nog een sluitende begroting in de latere jaren (2027 en 2028) presenteren, dan zullen maa tregelen zoals het verhogen van de OZB, het verminderen van het onderhoud in de openbare ruimte, het verlagen van de inkomensgrens voor het armoede - en minimabeleid en het bijstellen van ambitie s en inzet op (andere) beleidsterreinen ook wel degelijk aan de orde moeten komen. 3.6. Ontwikkeling reservepositie Alle voorstellen in voorliggende PPN leiden samen tot een verslechtering van onze vermogenspositie met € 3,5 miljoen tot en met 202 8. Zoals eerder is vermeld , komen de incidentele uitgaven die verband houden met de budgetafwijkingen 2024 zoals opgenomen in bijlage 6.1. niet ten laste van de Algemene Reserve vrij besteedbaar. Mutaties in het lopend jaar komen namelijk ten laste van het begrotingssaldo. We verwachten een positief saldo voor de jaarrekening 2023 van de gemeente Steenwijkerland . In de jaarrekening stellen we voor om het saldo toe te voegen aan de Algemene Reserve vrij besteedbaar. Hoe de Algemene Reserve vrij besteedbaar zich de komende jaren daadwerkelijk gaat ontwikkelen, valt moeilijk te voorspellen. De financiële vooruitzichten zijn onzeker. We zien een grillig meerjarig begrotingsbeeld, wat kan leiden tot aanvullende onttrekkinge n.

Tegelijkertijd is het geraamde begrotingssaldo voor 2025 juist positief, waardoor we in d at jaar mogelijk financiële middelen kunnen toevoegen aan de reserve. 67 4. Kaders Programmabegroting 2025-2028 4.1. Inleiding In dit hoofdstuk zijn de kaders voor de samenstelling van de Programmabegroting 20 25-2028 opgenomen. De financiële vertaling van een deel van deze kaders is reeds meegenomen in voorliggende PPN. De kaders zijn gebaseerd op de door uw raad vastgestelde ‘Kadernota Financieel beleid gemeente Steenwijkerland 2018’10. 4.2. Kaders Onderstaand treft u de kaders aan voor o.a. de prijs- en loonindexcijfers en de te hanteren rekenrente. De met een (*) aangegeven onderdelen zijn reeds verwerkt in de perspectiefnota. Tabel 6: Kaders voor de Programmabegroting 2025-2028 Omschrijving Kader Raadsbesluiten t/m de raadsvergadering van 23 april 2024 Lonen (incl.

sociale lasten) (*) 4,4% Prijsinflatie inkomstenbudgetten (*) 2,0% Prijsinflatie uitgavenbudgetten (*) 2,0% Prijsinflatie grondexploitatie uitgavenbudgetten 3,0% Prijsinflatie grondexploitatie inkomstenbudgetten 1,5% Rente grondexploitaties 1,0% Rekenrente (omslagpercentage) 1,0% Marktrente (*) 3,0% Prijsinflatie verstrekte subsidies (*) 2,0% Prijsinflatie gemeentelijke belastingen en rechten (*) 2,0% Areaaluitbreiding wegen en wegmeubilair, openbare verlichting en openbaar groen 200 woningen Tarief 2025 voor het prestatiecontract € 102 Aantal woonruimten per 1-1-2024 (geraamde groei 2024) 20.535 (200) Aantal inwoners per 1-1-2024 (geraamde groei 2024) 45.478 (309) Algemene uitkering uit het Gemeentefonds (*) Septembercirculaire 2023, Decembercirculaire 2023 NB de Meicirculaire 2024 verschijnt eind mei/begin juni 2024. Wij zullen uw raad daarover via een afzonderlijke informatienota over informeren. 4.3. Loonkostenontwikkelingen De huidige Cao Gemeenten loopt van 1 januari 2024 tot en met 31 maart 2025. Voor 2025 wordt op basis van de actuele ramingen van het Centraal Planbureau (CPB) uitgegaan van een stijging van de lonen en sociale lasten van 4,4%11. 10 Laatst gewijzigd op 14 december 2021. 11 Prijs overheidsconsumptie beloning werknemers (Kerngegevenstabel 2021-2024, Centraal Economisch Plan, CPB, maart 2023). 68 4.4.

Prijsinflatie exploitatiebudgetten en kostenplaatsen Voor de uitgaven- en inkomstenbudgetten in 2025 gaan we uit van een prijsindexatie van 2,0%. Dit percentage is overeenkomstig de meest actuele index ‘prijscompensatie voor intermediair verbruik’ van het Centraal Planbureau (CPB)12. In de ‘Kadernota financieel beleid gemeente Steenwijkerland 2018’ is de systematiek als volgt vastgelegd: - P.10: De prijsontwikkelingen worden bepaald aan de hand van de gegevens van het Centraal Plan bureau (CPB). Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de ontwikkeling van het prijsindexcijfer voor intermediair verbruik, zoals deze jaarlijks door het CPB wordt gepubliceerd. - P. 11: De berekening van de prijsontwikkeling wordt bepaald aan de hand van de gegevens van het CPB. Hierbij wordt gekeken naar de prijscompensatie voor intermediair verbruik. Indien het prijsindexcijfer voor enig jaar nog niet bekend is, wordt het meest r ecente, wel bekende prijsindexcijfer voor intermediair verbruik genomen. Het prijsindexcijfer cijfer van 2,0% hanteren we zowel voor de inkomsten - als uitgavenbudgetten, tenzij er bijvoorbeeld andere contractuel e afspraken zijn gemaakt, bijvoorbeeld met aanbieders in het sociaal domein. Deze afspraken zijn veelal in regionaal verband gemaakt.

Zo hebben we in voorliggende PPN voor het sociaal domein voor 2025 veelal gerekend met een prijscompensatie van 4% (zie tabel 4b in hoofdstuk 3). 4.5. Prijsinflatie grondexploitatie Voor de gemeentelijke grondexploitaties wordt een afwijkend percentage gehanteerd voor zowel de kosten- als de opbrengstenkant. Kostenstijging In de gemeente Steenwijkerland is het gebruikelijk om de parameter kostenstijging te baseren op het langjarig gemiddelde van de GWW -index (Grond, Weg - en Waterbouw). Deze index wordt toegepast op basis van de ‘bouwkostenindex’, een reeks gebaseerd op de directe kosten voor arbeid, materieel en materiaal. In de Programmabegroting 202 4-2027 zijn we voor 202 4 voor de grondexploitaties uitgegaan van een kostenstijging van 3,0%. Voor de komende begrotingsperiode (meerjarenbegroting 2025 -2028) houden we rekening met een kostenindex van 3% (2025) en 2% (2026 en verder). Opbrengstenstijging Er is in Nederland geen database beschikbaar waarin de prijsontwikkeling van bouwgrond wordt bijgehouden. In de gemeente Steenwijkerland wordt de parameter opbrengstenstijging gewoonlijk gebaseerd op het langjarig gemiddelde van de Consumentenprijsindex (CPI) van het CBS. Op dit moment hanteren we in de grondexploitaties een parameter opbrengstenstijging van 1,5%. Voor de komende begrotingsperiode wordt de parameter opbrengstenstijging van 1,5% geconsolideerd.

Dit zullen we apart voor u in beeld brengen in de nog op te stellen Meerjaren Begroting Grondexploitaties (MBG) 2025-2028 (als bijlage bij de Programmabegroting 2025-2028). 12 Prijs intermediair verbruik overheid (Kerngegevenstabel 2022-2025, Centraal Economisch Plan, CPB, februari 2024). 69 4.6. Rente De rekenrente (het omslagpercentage) is gebaseerd op de te betalen minus te ontvangen rente in een jaar gedeeld door 1% van de boekwaarde van de investeringen per 1 januari van het desbetreffende jaar. Voor het aantrekken van langlopende geldleningen voor de financiering van de geraamde investeringen en toekomstige investeringen (bestedingsp lan) wordt een marktrente van 3,0% gehanteerd. Het totaal benodigde rentebedrag wordt herrekend en opgenomen in de programmabegroting op basis van het bestedingsplan dat op dat moment voorligt aan de raad ter vaststelling. 4.7. Loon- en prijsinflatie subsidies In vele gevallen kennen gesubsidieerde instellingen voor hun producten een vergelijkbare kostenopbouw als gemeenten. De bekostiging van deze producten vindt (deels) plaats door gemeenten in de vorm van een subsidie. Hiervoor wordt de gemeente niet afzonderlijk gecompenseerd in het accres van de algemene uitkering van het gemeentefonds.

Compensatie van de ge subsidieerde instellingen vindt normaliter plaats overeenkomstig het door de gemeente gehanteerde percentage voor prijsstijgingen . Voor 202 5 wordt voor t e verstrekken subsidies een loon- en prijsinflatiepercentage gehanteerd van 2,0%. 4.8. Prijsinflatie gemeentelijke belastingen en rechten Voor gemeentelijke belastingen en rechten wordt dezelfde prijsindex als voor exploitatiebudgetten gehanteerd. Voor 2025 komt dit uit op 2,0%. Voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing worden wijzigingen in de kosten verhaald door de betreffende tarieven dienovereenkomstig aan te passen (gesloten huishouding). Gedachte daarbij is om onze tarieven 100% dekkend te maken en te houden. Om grote tariefschommelingen te voorkomen, maken we gebruik van de egalisatievoorziening reiniging en de egalisatievoorziening riolering. De tarieven voor afval en riool in 202 5 zijn op dit moment niet bekend. In de Programmabegroting 202 5-2028 zullen we de precieze kosten voor uw raad inzichtelijk maken en een voorstel doen voor de daarvan afgeleide tarieven in 2025. 4.9. Tarief voor het prestatiecontract Met het prestatiecontract kunnen interne uren worden doorbelast aan projecten. Jaarlijks wordt het uurtarief opnieuw berekend door rekening te houden met de stijging van de loonkosten. Voor 20 24 hanteren we een tarief van € 98.

Als rekening wordt gehouden met een stijging van de loonkosten met 4,4%, komt het tarief voor 2025 uit op afgerond € 102. 4.10. Groei aantal woningen Op basis van de kadernota mag bij de rioolrechten, de afvalstoffenheffing, het huishoudelijk afval en de onroerende -zaakbelastingen rekening worden gehouden met de groei van het aantal woningen in 2025. Voor 2025 houden we rekening met een groei van 200 woningen. 70 4.11. Groei aantal inwoners Per 1-1-2024 heeft de gemeente Steenwijkerland 45.478 inwoners. Ten opzichte van de stand 1-1-2023 zien we een toename van 108 inwoners. De gemiddelde groei over de laatste 5 jaar komt uit op 309 inwoners. Voor 2024 wordt dit aantal als raming gehanteerd. 71 5. Te nemen besluiten en gevraagde adviezen De gemeenteraad besluit: 1. Kennis te nemen van: a) De voortgangsinformatie over het begrotingsjaar 2024, inclusief de kansen en uitdagingen zoals vermeld in hoofdstuk 2; b) Het financieel beeld zoals weergegeven in hoofdstuk 3; c) De onontkoombare uitgaven zoals opgenomen in bijlage 6.2. 2.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/147feb26-90ff-4f84-bfa1-cb78c51874ee?agendaItemId=9d348fa7-bc86-4604-bad3-e0b37e2ee1ce