CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2022-2026 gemeente Steenwijkerland.pdf

Raadsvergadering 5 juli 2022, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Perspectiefnota 2022-202640.196 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Naar verwachting wordt binnenkort (1 juli 2022) de Investeringsimpuls Verkeersveiligheid tweede tranche opengesteld voor de periode 2022 -2023. Deze stimuleringsregeling biedt kans om met cofinanciering de verkeersveiligheid te verbeteren op de betreffende fietsverbindingen.  Hoewel de effecten van de nieuwe OV -concessie IJssel -Vecht nog niet bekend zijn blijft de bereikbaarheid van onze dorpen en kernen een aandachtspunt. Gekeken moet worden of en hoe een innovatief flexibel vraa gafhankelijk aanbod voor onze gemeente ontwikkel d kan worden. Liefst samen met de concessiehouder om de verschillende modaliteiten in een ketenbenadering aan elkaar te verbinden. 4. Onderwijs en onderwijshuisvesting  Wanneer we onderwijs en kinderopvang onder een dak huisvesten, geeft dat een doorgaande leerlijn 0 -12 jaar en daarmee een verbetering van het leerklimaat. Daarnaast geeft de nieuwbouwopgave een kans voor duurzaamheidsmaatregelen.  De financiering van onderwijshuisvesting wordt door 2 zaken moeilijker; ten eerste omdat de bouwkosten de pan uitreizen, ten tweede omdat de eigen bijdrage van scholen aan hun huisvesting onder grote druk staat. 5. Klimaat  De gevolgen van Klimaatverandering zorgen voor grote uitdagingen rondom wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen. Dit vraagt om de nodige urgentie en medewerking in onze organisatie en ook bij onze inwoners en ondernemers.

We werken aan een interne en externe bewustwordingscampagne klimaatverandering gevolgd door het bieden van een handelingsperspectief en stimuleringsmaatregelen voor het nemen van klimaatmaatregelen.  Gemeentebreed zijn we intrinsiek gemotiveerd om aan de slag te gaan met de gevolgen die klimaatverandering met zich mee brengt een wordt onze gemeente in samenwerking met onze burgers Klimaatbestendig ingericht.  50 2.6. Programma ‘Financiën en overhead’ Hieronder rapporteren we over de voortgang op de doelen en beoogd e resultaten uit de begroting. Verantwoorde gemeentelijke financiën: Doel Sluitende meerjarenbegroting Beoogd resultaat 2022 Een materieel en reëel sluitende begroting voor alle jaren is het uitgangspunt. Dat betekent dat de uitgaven en inkomsten structureel en reëel in evenwicht zijn. Processtap/actie 2022 We presenteren een sluitende meerjarenbegroting voor alle jaren in navolging van de PPN 2021 -2025. Sinds het voorjaar is het financieel beeld verbeterd, onder andere door (incidentele) compensatie van het Rijk voor de tekorten in de Jeugdzorg en de mogelijkheid die door de toezichthouder is geboden om ook structureel middelen op te nemen in de meerjarenbegroting. Prognose ◼ Toelichting De programmabegroting 2022 -2025 die vorig jaar door de raad is vastgesteld, is sluitend voor alle jaren.

Het oordeel van de provincie over de begroting in het kader van het Interbestuurlijk toezicht (IBT) is ‘groen’. Vorig jaar scoorden we nog ‘oranje’. We kunnen op dit moment geen stabiel meerjarig financieel beeld presenteren in voorliggende PPN. Het begrotingsjaar 2026 is problematisch door een aantal keuzes die door het kabinet zijn gemaakt en waarover gemeenten in de zogenaamde ‘Maartbrief 2022 gemeentefonds’ zijn geïnformeerd. Voor onze gemeente resulteert dat in een negatief begrotingssaldo in 2026 van € 118.000. Doel Gematigde ontwikkeling lokale lasten Beoogd resultaat 2022 ▪ De ‘0-lijn’ hanteren voor de OZB-opbrengst in 2022 (in plaats van de trendmatige ontwikkeling van 1,7% te volgen) 5. ▪ Voor de Afvalstoffenheffing en de Rioolrechten worden wijzigingen in de kosten verhaald door de betreffende tarieven dienovereenkomstig aan te passen (gesloten huishouding). Om grote tariefschommelingen te voorkomen, wordt gebruik gemaakt van de voorziening Reiniging en de voorziening Riolering. We kiezen ervoor de voorziening Riolering gefaseerd af te bouwen tot het niveau zoals dat is vastgelegd in de Nota Reserves en Voorzieningen (maximaal 10% van de inkomsten, waarbij wel wordt gekeken naar de komende 4 jaar)6. In de paragraaf ‘Lokale heffingen’ lichten we dit nader toe.

Prognose ▪ De 0-lijn voor de OZB:  ▪ Tarieven voor afvalstoffenheffing en rioolheffing zijn met 4% verlaagd:  Toelichting Door de gunstige financiële situatie van de gemeente en naar aanleiding van een motie van de raad is de opbrengst van de OZB gelijk gebleven. 5 Amendement ‘OZB 0%, wijziging kaders prijsinflatie gemeentelijke belastingen en rechten’. 6 Nota Reserves en Voorzieningen 2017, p. 55. 51 Dit betekent dat inwoners en ondernemers gemiddeld hetzelfde bedrag zijn verschuldigd ten opzichte van 2021. Door een gunstige ontwikkeling van de oud papier prijzen en als gevolg van technische aanpassingen van de vergoeding van Nedvang en het feit dat we goed scoren op afvalscheiding zijn de tarieven voor afval met 4% gedaald. De tarieven voor de rioolrechten zijn tevens met 4% gedaald doordat de stand van de egalisatievoorziening riolering dusdanig is dat dit een tariefsverlaging toelaat. Doel Voldoende weerstandsvermogen als veilige achtervang Beoogd resultaat 2022 ▪ Op basis van een goede en betrouwbare risicocontrole komen tot een juiste analyse, beoordeling en beheersing van risico’s. ▪ Voldoende weerstandscapaciteit (Algemene reserve en de ruimte binnen de OZB) om financiële tegenvallers op te kunnen vangen. Processtap/actie 2022 Waarschijnlijk geen specifieke processtap nodig (tenzij de reserves snel worden afgebouwd en/of ons risicoprofiel sterk verslechtert.

In de paragraaf ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’ lichten we de uitkomsten toe (inclusief de score op het kengetal ‘weerstandsratio’). Prognose  Toelichting Om te bepalen of we als gemeente beschikken over voldoende weerstandsvermogen als veilige achtervang, is het kengetal ‘weer - standsratio’ geïntroduceerd. De weerstandsratio is een hulpmiddel waarbij de beschikba re weer -standscapaciteit wordt afgezet tegen de benodigde weerstandscapaciteit in relatie tot de risico’s die we lopen. Het zegt iets over het vermogen van de gemeente om financiële tegenvallers op te kunnen vangen. In de Programmabegroting 2022-2025 is de weerstandsratio met een waarde van 6,1 ruim boven de signaalwaarde van 2. We zien alleen op dit moment de risico’s toenemen (oorlog Oekraïne, hogere energieprijzen, hogere inflatie etc.). Het is onzeker wat daar de meerjarige gevolgen van zijn. Zoals geb ruikelijk zullen we bij de eerstvolgende begroting de risico’s weer opnieuw in kaart brengen en kwantificeren. Op dit moment kunnen we nog geen inschatting maken van wat dat betekent voor de hoogte van de weerstandsratio. Vanwege het feit dat de uitgangswaarde van 6,1 ruim boven de signaalwaarde van 2 ligt, is de prognose dat we op koers liggen.

Projecten/ investeringen Programmabegroting 2022-2025 Stand van zaken Bestedingsplan zoals opgenomen in de Programmabegroting 2022 -2025: Stand van zaken projecten/investeringen Programmabegroting 2022-2025 Omschrijving project/investering Wordt de planning gehaald? Wordt project/ investering uitgevoerd volgens het laatst Worden middelen ingezet overeenkomstig het laatst vastgestelde projectplan? Is de investering/ het project gereed? 52 vastgestelde projectplan? Bestedingsplan 1. Aanpak ongestructureerde data    nee Financiële mutaties In bijlage 6.1 is een aantal financiële mutaties opgenomen die betrekking hebben op het bestuursprogramma ‘Financiën en Overhead’. Kansen en uitdagingen De kansen en uitdagingen in relatie tot het programma ‘Financiën en Overhead’ zijn als volgt: Kansen:  Algemene uitkering gemeentefonds (meicirculaire 2022) Begin april heeft het kabinet de Maartbrief 2022 van het gemeentefonds gepubliceerd. Deze brief geeft een eerste beeld van de gevolgen voor individuele gemeenten en provincies van de belangrijkste maatregelen uit het coalitieakkoord die betrekking hebben op het gemeentefonds en provinciefonds.

Daarnaast wordt in deze brief een indicatie gegeven van het bedrag dat individuele gemeenten zullen ontvangen vanuit de € 679 miljoen die het kabinet beschikbaar heeft gesteld om in het kalenderjaar 2022 een eenmalige energietoeslag toe te kennen aan huishoudens met een laag inkomen. Verder gaat deze brief in op het besluit van de fondsbeheerders om de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 1 januari 2023 in te voeren. Per saldo werkt het coalitieakkoord van het kabinet gunstig uit voor onze gemeente. Tegelijkertijd zien we ook dat de financiële gevolgen voor het begrotingsjaar 2026 problematisch zijn. Daar hebben alle gemeenten last van. Dit komt met name door het bevriezen van de accressen m et het oog op een nieuwe financieringssystematiek voor gemeenten en provincies die met ingang van dat jaar inwerking zou treden. Ter indicatie: deze maatregel ‘kost’ onze gemeente minimaal € 1,7 miljoen aan accres vanaf 2026 (zie paragraaf 3.2).  Wet WOZ De Waarderingskamer heeft recent goedkeuring gegeven op ons WOZ -bestand, waardoor de gemeente Steenwijkerland mag beschikken in februari 2022. Naast de keuze voor een nieuwe taxatiepartij is het afgelopen jaar veel tijd geïnvesteerd in het verbeteren van d e kwaliteit van het WOZ-bestand en de WOZ -processen die daartoe leiden.

Na het vastleggen van een nieuw taxatiebureau zijn wij in overleg getreden met de Waarderingskamer over de tekortkomingen in het verleden en de stappen die gezet moesten worden om teru g te keren naar een voldoende waardering om voortaan weer zelfstandig te mogen beschikken, of te wel de 3 sterren waardering. Het hele taxatiemodel is daarop aangepast, groepen zijn in overleg opnieuw vastgesteld en het te waarderen gebied van Steenwijkerl and is opnieuw ingedeeld. Voorts is gesproken over het verbeteren van de interne processen en controle daarop en de communicatie met de inwoners.  Brand- en stormverzekering Zoals in de Najaarsnota 2021 is vermeld, heeft er een hertaxatie plaatsgevonden van de portefeuille voor de brand - en stormverzekering. Daarnaast is er met ingang van 1 -1-2021 een nieuw bouwbesluit van toepassing wat invloed heeft op de waardes. De waarde van de portefeuille is up to date en verwerkt in de premies. Mutaties gedurende het jaar binnen de portefeuille hebben ook invloed op de te bepalen premie. Mocht dit leiden tot een tekort op het budget dan zal hier in de Najaarsnota op terug worden gekomen. 53 Uitdagingen:  Oekraïne (gevolgen voor de energieprijzen)  De inval van Russische troepen in Oekraïne veroorzaakt veel menselijk leed. Daarnaast zijn er ook economische gevolgen.

De oorlog en daarna getroffen sancties leveren (indirect) economische schade op aan Europa. Hogere energieprijzen vormen het grootste effect. De Europese gasprijzen waren al flink gestegen en de verwachting is dat door de oorlog de prijzen nog verder oplopen. Ook de dreiging van een tekort aan gas kan (kortdurend ) leiden tot zeer hoge gasprijzen. Verder leiden hogere energieprijzen indirect tot hogere inflatie, omdat producenten die energie-intensief produceren en veel gas gebruiken de hogere prijzen zullen compenseren via hogere consumentenprijzen.  Hoge inflatie  We zien dat de inflatie de afgelopen periode flink is gestegen en het is op dit moment erg onzeker hoe de inflatie zich verder zal ontwikkelen. Veel zal afhangen van de ontwikkelingen in Oekraïne, maar los daarvan zagen we al dat de wereldwijde schaarste aan grondstoffen een bepalende factor is.  Horizontaal Toezicht Belastingdienst  De Belastingdienst is een project gestart met als doel het Horizontaal Toezicht (HT) te onderzoeken en waar nodig door te ontwikkelen. Het project doorontwikkeling HT heeft gel eid tot verbetervoorstellen voor zowel de individuele convenanten als convenanten met fiscale dienstverleners. De gemeente Steenwijkerland heeft in 2012 een individueel convenant HT afgesloten met de Belastingdienst.

Ook voor ons geldt dat het convenant ge moderniseerd en aangescherpt zal worden en met een beperkte looptijd van 3 jaar. Er zijn 6 criteria opgesteld waaraan grote ondernemingen moeten voldoen, willen zij een convenant sluiten. Binnen het HT verschuift de nadruk naar het gezamenlijk kunnen vas tstellen dat door organisaties onder het handhavingsconvenant ingediende aangiften aanvaardbaar zijn. Daarbij hoort de verwachting dat een organisatie een fiscale self -assessment maakt en deelt met de Belastingdienst. Organisaties, zoals de gemeente Steenw ijkerland, die nu onder de overgangsregeling van HT vallen, dienen uiterlijk eind 2022 aan de criteria te voldoen. Inmiddels is een overleg gestart met de Belastingdienst om te komen tot een nieuw convenant. Daartoe is een 1e concept Fiscaal beleidsplan opgesteld en besproken. De volgende stap is deze verder uit te werken en binnen de gemeente te behandelen. Ook zal een risicoanalyse worden opgesteld en het 1e halfjaar van 2022 worden besproken met de Belastingdienst. Het streven is om eind 2022 een nieuw convenant af te sluiten. De gemeente streeft ernaar om van controle (achteraf) naar control (vooraf) te komen. Hierbij kunnen kansen eerder worden gelokaliseerd en risico’s vooraf worden vermeden.

 Toeristenbelasting Naar aanleiding van een Doelmatigheids onderzoek Toeristenbelasting is het beleid rondom de oplegging en controle van de toeristenbelasting kritisch bekeken en aangepast. In 2022 is het ingezette beleid ingezet. Na de controle in 2021 is in overleg met betrokken partijen binnen de gemeente een volledig bestand samengesteld van alle partijen die een aanslag dienen te ontvangen. Om onduidelijkheden te voorkomen zijn aanpassingen gemaakt op de aangifte - formulieren. Er is een schema opgesteld voor controle op de ingediende gegevens van partijen di e in aanmerking voor een aanslag en een controle op nieuwe partijen die nog geen aanslag ontvangen, maar deze wel zouden moeten krijgen. Controles vinden plaats vanachter het bureau en op locaties. Tevens is geconstateerd dat h et bestand voor de WOZ en de directe aanpak op de uitwerking van forensenbelasting en toeristenbelasting op dit moment nog niet optimaal is. 54 De controle op de recreatieobjecten is in het kader van de WOZ ook een verplichting vanuit de Waarderingskamer. Om deze controle te optimaliseren is onder meer besloten het hele grondgebied van de gemeente in kaart te brengen met luchtfoto’s. Hierdoor is een betere controle mogelijk op toeristenobjecten. Per jaar wordt nu 25% van de objecten gecontroleerd voor de WOZ.  Problematiek No Cure.

No Pay bureau’s De landelijke verwachting voor 2022 is dat het aantal bezwaren verder zal stijgen. No cure no pay bureaus zullen vol inzetten op de omzetting van inhoud naar oppervlakte en de daaraan gekoppelde waarde. Het percentage gegronde bezwaren in Steenwijkerland zal naar verwachting verder afnemen als gevolg van de inzet van de voormelding en het veel betere taxatiebestand waar nu mee wordt gewerkt. De trend van stijgende bezwaren en daarmee gelijk oplopende kosten is een financieel risico voo r de gemeente Steenwijkerland. In de PPN 2021 -2025 is een financiële mutatie opgenomen met daarbij de aankondiging dat we de kostenvergoedingen voor no cure no pay vanaf 2023 gaan verwerken in de tarieven. 55 2.7. Programmatisch werken 2.7.1. Programma Duurzaam en Be-Leefbaar Toerisme (DBT) De voortgang op de in de begroting opgenomen projecten is als volgt: Project Smart mobility (slimme mobiliteit) en smart hospitality (slimme gastvrijheid) Doel /Beoogd resultaat 2022 Ten aanzien van Smart Mobility & Hospitality is de afgelopen periode een strakke basis gelegd om het project verder uit te werken.

In het najaar van 2021 lag de nadruk op het fysiek ontwikkelen van de ontvangstlocaties middels onder andere elektronische bebording en andere smart toepassingen, het meten van huidige bezoekersstromen, het opleveren van de eerste versie van de gebiedsapp, het introduceren van de eerste vormen van slimme mobiliteit en het aanhaken van ondernemers en andere partijen middels congressen en symposia. Prognose  Toelichting Voor het toeristenseizoen worden de eerste hubs (een knooppunt waar men overstapt op een ander vervoermiddel) geplaatst en wordt de Weerribben-Wieden app gelanceerd. Project Versterken van de poort Ossenzijl (European Wetland Center) Doel /Beoogd resultaat 2022 Voor de realisatie van het European Wetland Center is Staatsbosbeheer in samenwerking met ondernemers verantwoordelijk. Aangezien dit proces niet snel werd opgepakt is hierover met de directie van Staatsbosbeheer gesproken. We verwachten nu dat partijen nog dit jaar tot een aantrekkelijke businesscase komen, zodat in de tweede helft van 2022 met de realisatie begonnen kan worden. Prognose  Toelichting Staatsbosbeheer heeft een businesscase opgesteld en is in gesprek met diverse gebiedspartijen om conform de genoemde planning tot realisatie over te kunnen gaan.

Project Intercitystation Steenwijk Doel /Beoogd resultaat 2022 Doel van het Regiodeal project Intercitystation Steenwijk is het station te laten fungeren als een belangrijke poort van de regio van waaruit bezoekers slim en duurzaam door het gebied worden geleid. Hierbij wordt data verzameld en die data wordt gebruikt om onze gasten te spreiden over de regio. Op deze wijze trachten we de balans tussen economie, leefbaarheid en natuur & landschap te verbeteren. Door ons gebied neer te zetten als duurzame erfgoedbestemming met goede vervoersmogelijkheden worden waardevolle bezoekers g etrokken en worden de mogelijkheden geschapen voor meerdaags verblijf. Eind 2022 heeft de gebiedsapp een seizoen gefunctioneerd en is er veel gebruik gemaakt van verschillende vormen van e-mobiliteit. 56 Prognose  Toelichting In overleg met NS en Prorail is een waardestellend onderzoek uitgevoerd. Gebleken is dat het gebouw belangrijke architectonische waarde heeft en dat deze met een aantal ingrepen terug kunnen worden gebracht. Met de bibliotheek worden gesprekken gevoerd om de huisvesting onder te brengen in het station. Het tijdsbestek waarin de verbouwing moet plaatsvinden is krap. Door vertraging in de planvorming vindt realisatie later plaats. Hierover gaan we in overleg met de provincie.

Project Reconstructie (fiets)paden in Giethoorn Doel /Beoogd resultaat 2022 De eerste fase van de reconstructie van de paden in Giethoorn is conform planning gerealiseerd . Met lokale aannemers leveren we behendig maatwerk om het dorp zonder wegen op te knappen, met het toeristenseizoen als pauze gaan we door tot de paden volledig opgeknapt zijn. De tweede fase zal voor het toeristenseizoen 2022 gereed zijn. Prognose  Toelichting Door prijsstijging in loonkosten, brandstofkosten en materialen en gewijzigde wetgeving rond de natuur en stikstof is het huidige budget onvoldoende. Daarnaast wordt een brug vervangen welke in de oorspronkelijke raming niet was voorzien. Project Vitaal Platteland Doel /Beoogd resultaat 2022 Nederland staat voor grote opgaven op het terrein van voedselproductie, klimaat, waterveiligheid, circulaire economie, biodiversiteit en energie. Deze uitdagingen vragen om een samenhangende, gebied specifieke benadering van onder meer landbouw, natuur, milieu, kwaliteit van leefomgeving en water. Samen met de gemeenten Kampen, Zwartewaterland en Staphorst, het Waterschap Drents Overijsselse Delta, de provincie Overijssel, diverse organisaties en een groot aantal inwoners nemen we de verantwoordelijkheid om bij te dragen aan ons economisch, sociaal en landschappelijk vitale gebied.

In vervolg op het inmiddels afgeronde interbestuurlijke programma (IBP) heeft de samenwerking vorm gekregen in de Gebiedsgerichte Aanpak Noordwest -Overijssel. Doel is om gezamenlijk een toekomstperspectief voor Noordwest -Overijssel, en ook voor het deelgebied Weerribben-Wieden, op te stellen. Hier heeft de agrarische sector onze speciale aandacht. Deze sector heeft een belangrijke plek in ons gebied en blijft die in de toekomst ook houden. De agrarische sector staat voor veel uitdagi ngen waar we als gemeente samen met hen aan gaan werken. Ook de provincie hebben we hier bij nodig, zodat we agrariërs een perspectief kunnen bieden. Prognose  (samenwerking via de Gebiedsgerichte Aanpak) ◼ (oplossen knelpunten stikstofproblematiek) Toelichting De samenwerking in het kader van de Gebiedsgerichte Aanpak Noordwest-Overijssel is opgepakt. Hierin wordt gesproken met gebiedspartijen over het toekomstperspectief in het gebied. Dit is een meerjarige opgave. 57 In Nederland ligt een stevige taak om de neerslag van stikstof in Natura 2000-gebieden terug te dringen en de kwetsbare natuur te herstellen. De provincie Overijssel heeft tijdelijk de mogelijkheid voor extern salderen opgeschort. Economische ontwikkeling en (woning)bouw, infrastructuur en andere projecten worden hierdoor bemoeilijkt.

Specifieke aandacht is vereist om (in overleg met hogere overheden) een oplossing te vinden voor de geconstateerde knelpunten. Kansen en uitdagingen De kansen en uitdagingen in relatie tot het programma ‘Duurzaam en Be-Leefbaar Toerisme’ zijn als volgt: Kansen:  Natuur- en klimaatopgave en duurzaam toerisme kan elkaar versterken Uitdagingen:  Personele capaciteit / Krapte op de arbeidsmarkt  Algehele prijsstijgingen 2.7.2. Programma Omgevingswet De voortgang op de in de begroting uit te voeren acties tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 juli 2022 is als volgt: Actie Omgevingsvisie Doel /Beoogd resultaat 2022 ▪ Een overzicht van bouwstenen voor actualisatie van de omgevingsvisie in Q4 2021 (op basis van de inventarisatie en analyse van bestaande visies en overige beleidskaders); ▪ BOT-overleg met het college en werkvergadering met de gemeenteraad over deze bouwstenen voor actualisatie van de omgevingsvisie in Q4 2021; ▪ Adviesnota of informatienota Bouwstenen actualisatie omgevingsvisie in Q4 2021; ▪ Vaststellen uitgangspunten voor het vervolg op inhoud en proces (waaronder het participatieproces met bewoners en ondernemers en het betrekken van ketenpartners) in Q2 2022. Prognose  Toelichting Het afgelopen jaar zijn we gestart met de voorbereiding van de actualisatie van onze omgevingsvisie Waardevast landschap.

Parallel hieraan zijn we aan de slag gegaan met de voorbereidingen voor het opstellen van een omgevingsplan voor Steenwijkerland. De e erste - gezamenlijke - stap in beide 58 processen was de inventarisatie en analyse van bestaande visies, verordeningen en andere beleidskaders die invloed hebben op de fysieke leefomgeving in Steenwijkerland en/of op hoe we deze fysieke leefomgeving in de toe komst kunnen gebruiken. Met deze eerste stap weten we wat actueel is, wat (nog) niet en met welke trends en ontwikkelingen we rekening moeten houden. Én weten we welke onderdelen een doorvertaling moeten krijgen in omgevingsvisie en/of omgevingsplan. Belan grijke bouwstenen voor het vervolg. In de Uitgangspuntennotitie (vervolg) actualisatie omgevingsvisie vindt u uitgangspunten voor de volgende stap in de actualisatie van onze visie. Uitgangspunten die niet alleen betrekking hebben op de inhoudelijke actu alisatie van onze omgevingsvisie, maar ook op het proces (waaronder het betrekken van ketenpartners en inrichten van het participatieproces met bewoners, ondernemers en andere gebiedspartners).

Actie Omgevingsplan Doel /Beoogd resultaat 2022 ▪ Een overzicht van bouwstenen voor het opstellen van het omgevingsplan, op basis van inventarisatie en analyse van bestaande visies, verordeningen en overige beleidskaders in Q4 2021; ▪ Op basis van dit overzicht in gesprek met college en gemeenteraad over het omgevingsplan in Q4 2021; ▪ Informatienota of adviesnota vervolgstappen Omgevingsplan Q4 2021; ▪ Verdiepend gesprek vervolgstappen omgevingsplan Q4 2021; ▪ Raadsbesluit over buiten -planse omgevingsplanactiviteiten in Q4 2021; ▪ Delegatiebesluit van de raad aan het c ollege om het omgevingsplan te wijzigen in Q4 2021; ▪ Vaststellen verordening Fysieke Leefomgeving in Q1 2022. ▪ Vaststellen uitgangspunten voor het vervolg op inhoud en proces in Q2 2022. ▪ Een tijdelijk omgevingsplan waaraan de komende jaren gewerkt kan worden en waarmee vanaf 1 juli 2022 gewerkt kan worden in Q2 2022; Prognose  Toelichting In onze projectgroep Omgevingsplan werken we met afgevaardigden uit verschillende teams samen aan het Omgevingsplan en het handboek Omgevingsplan. De indeling van het plan en de hoofdgebieden zijn gedefinieerd. We werken het plan en het handboek nu op them a’s verder uit in de vorm van thema sessies. Bij deze sessies werken we in steeds verschillende samenstelling aan de uitwerking van deze thema’s.

Ook de externe stakeholders zoals de Omgevingsdienst, de Veiligheidsregio en provincie zijn bij een aantal van deze sessies aanwezig. Resultaten van de projectgroep zijn een handboek en het kunnen werken met het Omgevingsplan. 59 Actie Dienstverlening Doel /Beoogd resultaat 2022 ▪ Via een raadsacademie in gesprek met de raad over de ontwikkeling van het digitale omgevingsloket, de serviceformules en toepasbare regels in Q4 2021; ▪ We werken volgens de door de organisatie opgestelde Serviceformules (Snel service en Ontwerpformule), dat betekent: - Een centraal punt waar initiatieven binnenkomen; - Meer contact tussen gemeente en initiatiefnemer voordat een verzoek formeel wordt ingediend (vooroverleg); - Inrichting van de omgevingstafel waar grote initiatieven naar toe geleid worden om daar vanuit breed perspectief te worden besproken vanuit een ‘ja, mits-houding’; - Inbedden participatie door initiatiefnemer in vergunningenproces; - Snelle dienstverlening voor eenvoudige aanvragen. ▪ We zorgen voor online vergunning checks en aanvraagformulieren: Met de inzet van toepasbare regel - software zorgen we voor het opzetten van vragenbomen voor lokale regelgeving, zoals uitritten. De vergunning check voor de “bruidsschat” wordt door het rijk geleverd. Datzelfde geldt voor de aanvraagformulieren (indieningsvereisten).

Prognose  ◼ (informeren raad via een raadsacademie) Toelichting Omgevingswet proof werken houdt in: werken volgens de door de organisatie opgestelde Serviceformules (Snelservice en Ontwerpformule). Dat betekent dat wij aan de volgende zaken werken dit jaar: - Een centraal punt waar initiatieven binnenkomen; - Meer contact tussen gemeente en initiatiefnemer voordat een verzoek formeel wordt ingediend (vooroverleg); - Inrichting van de omgevingstafel waar grote initiatieven naar toe geleid worden om daar vanuit breed per spectief te worden besproken vanuit een ‘ja, mits-houding’; - Inbedden participatie door initiatiefnemer in vergunningenproces; - Snelle dienstverlening voor eenvoudige aanvragen; - We zorgen voor online vergunningchecks en aanvraagformulieren: Met de inzet van toepasbare regel - software zorgen we voor het opzetten van vragenbomen voor lokale regelgeving, zoals uitritten. De vergunning check voor de “bruidsschat” wordt door het rijk geleverd. Datzelfde geldt voor de aanvraagformulieren (indieningsvereisten). Het opstellen van toepasbare regels zal (mogelijk) nog niet voor alle initiatieven klaar zijn op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt. Het opstellen van deze regels is grotendeels afhankelijk van de invulling van het Omgevingsplan, waarvoor we tot 2029 de tijd hebben.

Een verdere vulling van het Omgevingsplan zal bijdragen aan het kunnen opstellen van meer toepasbare regels die het voor inwoners gemakkelijk maken om te kijken of en hoe hun initiatief ontplooid kan worden. 60 Actie Informatievoorziening/ICT Doel /Beoogd resultaat 2022 ▪ De gemeente heeft alle benodigde software voor het uitvoeren van taken in het kader van de omgevingswet; ▪ De gemeente is aangesloten op het DSO; ▪ Medewerkers zijn getraind in het werken met de nieuwe software. Prognose  Toelichting Als programma volgen we de ontwikkelingen van het Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO) op de voet en houden ruimte in de planning over om in te springen op deze ontwikkelingen. Daarnaast bevorderen we kennis-vergroting van het DSO binnen de organisatie actief en organiseren we waar nodig trainingen. Actie Participatie Doel /Beoogd resultaat 2022 ▪ Vaststellen participatieverordening in Q4 2021; ▪ Vaststellen initiatieven met participatieplicht in Q4 2021; ▪ Aandacht voor participatie is, met behulp van stroomschema’s, opgenomen in de dienstverlening van onze gemeente en specifiek in het proces van vergunningverlening/initiatieven; ▪ Er zijn concrete tools die initiatiefnemers/verg unning aanvragers en de collega’s op het gemeentehuis ondersteunen bij het invullen van participatie.

Prognose  Toelichting De in 2021 vastgestelde visie wordt in 2022 verder uitgewerkt en juridisch verankerd. Met de participatieverordening en de lijst met initiatieven met een participatieplicht vullen we de kaders waarbinnen we aan participatie willen werken verder in. We werken participatie verder uit voor de processen van vergunningverlening en initiatieven. In samenwerking met collega’s binnen de teams werken we goede praktijkvoorbeelden uit zodat ze breed gebruikt kunnen worden en werken we aan tools die ondersteunen bij he t invullen van participatie. De adviseur participatie die dit jaar geworven gaat worden kan deze ontwikkelingen verder oppakken en uitwerken. Nieuw (in aanvulling op de Programmabegroting 2022-2025): Actie Opleiding en Training Doel /Beoogd resultaat 2022 Alle medewerkers hebben de mogelijkheid om opleiding en training in het kader van de Omgevingswet te volgen. Prognose  Toelichting Er wordt een programma van opleiding en training opgezet dat: - voldoet aan de kennisbehoefte van medewerkers; - de organisatie klaar stoomt voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet; - de organisatie na inwerkingtreding verder op weg helpt in de nieuwe manier van werken. In de (3) maanden voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt ee n opleidings - en trainingsprogramma 61 gestart dat doorloopt na de inwerkingtreding.

We steken in op een basistraining die voor iedereen van meerwaarde is en een maatwerkprogramma waarin kan worden voldaan aan specifiekere scholingswensen. Kansen en uitdagingen De kansen en uitdagingen in relatie tot het programma ‘Omgevingswet’ zijn als volgt: Kansen:  Inhoudelijke ontwikkelingen benutten om ook de werkwijze te vernieuwen. Het Omgevingswet proof oppakken van grote opgaven die op de gemeente afkomen.  Via de sporen van het programma en het opleiding en scholingsprogramma bijdragen aan een cultuurverandering in de organisatie.  Door actief de verbinding te zoeken, een bijdrage leveren aan meer integraal werken binnen de gemeente. Uitdagingen:  Hoe bereiden we ons als gemeente goed voor op het werken met een digitaal stelsel wat nog niet gereed is en waarvan we nog niet goed genoeg weten hoe het zal werken?  Ondanks dat we de vergunningstermijn als organisatie scherp hebben, is de 8 weken termijn voor vergunningen een uitdaging om in de praktijk te realiseren. 2.7.3. Programma Duurzaam In de begroting is aangegeven dat het (ambtelijk) integraal programma Duurzaam qua doelen en beoogde resultaten een -op-een aansluit bij het bestuursprogramma Duurzaam. De voortgang van het integraal programma is daarom onder paragraaf 3.2. toegelicht. 62 3. Financieel beeld 3.1.

Programmabegroting 2022-2025: Oordeel provincie Uw raad is onlangs door de provincie Overijssel geïnformeerd over het oordeel van de provincie in het kader van het Interbestuurlijk Toezicht (IBT). Het totaalbeeld IBT is opgebouwd uit zes domeinen: Financi ën, Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht), Wro (Wet ruimtelijke ordening), Informatie- & archiefbeheer, Huisvesting statushouders en Erfgoed. Voor Financiën gaat het om provinciaal toezicht op de begroting, en voor de andere domeinen om provinciaal toezicht op de uitvoering van gemeentelijke medebewindstaken. Het oordeel over de programmabegroting 2022-2025 is als volgt: Oordeel provincie Overijssel over de Programmabegroting 2022 -2025 De begroting 2022 en meerjarenramingen zijn structureel en reëel sluitend. Dit betekent dat de gemeente onder het reguliere (repressieve) toezicht valt en de begroting 2022 zonder provinciale goedkeuring kan uitvoeren. Daarnaast is er geen sprake van bestuurlijk relevante onderwerpen die de financiële positie substantieel nadelig kunnen beïnvloeden. Het bovenstaande heeft erin geresulteerd dat de kleuring in het IBT beeld voor het domein financiën groen is. Context De IBT -kleuring voor het jaar 2021 was oranje. De jaren daarvoor was de gemeente groen gekleurd.

Steenwijkerland is een gemeente met een gezonde financiële positie maar heeft ook veel last van de extra lasten sociaal domein. De bezuinigingen/ombuigingen en de extra gelden jeugd hebben tot resultaat gehad dat de gemeente voor 2022 weer een structureel sluitende begroting en meerjarenramingen heeft kunnen vaststellen. De kleuring voor het jaar 2022 is dan ook weer groen. Toelichting beoordeling GS hebben geconstateerd dat: • de gemeente gebruik maakt van de mogelijkheid om voor de jaren 2023 tot en met 2025 een stelpost voor 75% "verwachte extra middelen Jeugd” op te nemen, conform de afspraak van het Rijk, de VNG en het IPO. De stelpost is opgenomen in het structurele beeld van de gemeente. Het opnemen van de stelpost brengt een risico met zi ch mee omdat de extra middelen niet structureel zijn opgenomen in het gemeentefonds; • de herijking van het gemeentefonds gaat naar alle waarschijnlijkheid vanaf 2023 een rol spelen. In de begroting zien GS dat de gemeente vanwege het nog niet definitief zij n van de cijfers geen rekening houdt met mogelijke structurele effecten; • de gemeente heeft in het structurele begrotingsbeeld geen rekening gehouden met de mogelijke effecten van Covid-19. De verwachting is dat Covid -19 t.z.t. wel van invloed zal zijn op d e gemeentelijke begroting.

Covid-19 is wel opgenomen als risico in de paragraaf Weerstandsvermogen; • de gemeente ruim voldoende weerstandscapaciteit heeft om risico’s te kunnen opvangen. Wij herkennen ons in het beeld dat door de provincie is geschetst en zijn verheugd dat het begrotingsoordeel van ‘oranje’ naar ‘groen’ is gegaan. 63 3.2. Actuele begrotingspositie Actueel financieel beeld In tabel 1 treft u het actueel financieel beeld aan. We kunnen op dit moment geen stabiel meerjarig financieel beeld presenteren. Het begrotingsjaar 2026 is problematisch door een aantal keuzes die door het kabinet zijn gemaakt en waarover gemeenten in de zogenaamde ‘Maartbrief 2022 gemeentefonds’ zijn geïnformeerd. Voor onze gemeente resulteert dat in e en negatief begrotingssaldo in 2026 van € 118.000. Bij het opstellen van de Programmabegroting 2023 -2026 zullen we de meicirculaire van het gemeentefonds verwerken en zal meer duidelijk worden over hoe we er vanaf 2023 financieel voor staan. Is er financiële ruimte voor nieuwe plannen of zijn maatregelen noodzakelijk om te komen tot een begroting die structureel en reëel in evenwicht is? Tabel 1: Financieel beeld, bedragen x € 1.000 + = voordeel Bij de berekening van het meerjarig saldo van voorliggende tabel is onderscheid gemaakt tussen incidentele en structurele inkomsten en uitgaven (I/S).

In principe vallen onder 'incidenteel’ de uitgaven en inkomsten met een eenmalig karakter en een looptijd van maximaal drie jaar. De incidentele uitgaven worden gedekt door een onttrekking aan de Algemene Reserve vrij besteedbaar, met uitzondering van nieuwe incidentele uitgaven in het lopend jaar (2022). Financiële gevolgen Coalitieakkoord huidig kabinet De precieze financiële gevolgen van de keuzes die zijn gemaakt door het huidig kabinet zijn nog niet bekend. Het wachten is op de meicirculaire 2022 van het gemeentefonds. Hopelijk kunnen we dan bij de Programmabegroting een goed financieel beeld schetsen v oor de periode 2023 -2026. Op hoofdlijnen is wel een aantal zaken bekend.

Hieronder zijn de belangrijkste financiële ontwikkelingen weergeven op basis van het Coalitieakkoord en de financiële doorrekening ervan door het Centraal Planbureau (startnota) : Meerjarenbeeld 2022 2023 2024 2025 2026 Saldo Programmabegroting 2022-2025 2.253 1.592 1.309 1.310 635 Diverse informatienota's gemeentefonds 1.854 874 593 667 1.358 Raadsbesluiten tot en met de vergadering van 29 maart 2022 - 37 - 36 - 36 - 36 - 36 Autonome ontwikkelingen - 896 - 2.159 - 2.129 - 2.176 - 2.679 Financiële mutaties - 2.160 - 1.934 - 2.437 - 2.260 - 2.068 Onontkoombare uitgaven 2022-2026 - 222 - 630 - 736 - 736 - 735 Subtotaal - 1.461 - 3.885 - 4.746 - 4.540 - 4.160 Waarvan structureel - 780 - 3.868 - 4.746 - 4.540 - 3.882 Waarvan incidenteel - 680 - 18 - - - 279 Saldo PPN 2022-2026 vóór verwerking van de maartbrief 2022 gemeentefonds 792 - 2.275 - 3.437 - 3.230 - 3.247 Maartbrief 2022 gemeentefonds: extra accressen 1.156 1.728 3.317 3.822 1.477 Maartbrief 2022 gemeentefonds: tijdelijk bevriezen opschalingskorting - 1.031 1.379 1.739 - Maartbrief 2022 gemeentefonds: herverdeling gemeentefonds vanaf 1 januari 2023 - 330 990 1.650 1.650 Subtotaal 1.156 3.089 5.686 7.212 3.127 Saldo PPN 2022-2026 na verwerking van de maartbrief 2022 gemeentefonds 1.948 813 2.249 3.982 - 120 64 - Het nieuwe kabinet gaat uit van de bestaande afspraken met gemeenten voor het berekenen van de jaarlijkse

indexatie van het gemeentefonds. Kort gezegd komt het erop neer dat een stijging van de rijksuitgaven ook leidt tot een hogere algemene uitkering aan gemeenten (‘gelijk de trap op en af’). - Daarnaast zijn in het coalitieakkoord middelen voor de woningbouwimpuls en volkshuisvesting opgenomen. Deze middelen zijn onttrokken uit het gemeentefonds en worden via een specifieke uitkering uitgekeerd aan gemeenten die daar aanspraak op maken. - In 2012, bij de formatie van het Kabinet Rutte II, werd besloten tot een ‘opschaling’ van gemeenten door middel van verdere herindeling. Het kabinet heeft besloten om de opschalingskorting tijdelijk te bevriezen tot en met 2025. - In het coalitieakkoord staat dat – in lijn met de uitspraak van de commissie van Wijzen i n het kader van een door de VNG aangespannen arbitra gezaak – er extra middelen voor jeugdzorg komen. Vanaf 2024 worden echter, in aanvulling op de huidige hervormingsagenda, extra beleidsmaatregelen in de jeugdzorg genomen. Te denken valt aan (een combinatie van) het normeren van de behandelduur of het intr oduceren van een eigen bijdrage. Dit betekent dat gemeenten minder gecompenseerd krijgen dan waarvan in het rapport van de commissie van Wijzen is uitgegaan. - Vanaf 2023 zal naar verwachting een nieuwe verdeling van de algemene uitkering van het gemeentefonds worden doorgevoerd.

Onze gemeente hoort bij de gemeenten met positieve herverdeeleffecten. - Het kabinet heeft besloten om vanaf 2026 een fors lager bedrag aan algemene uitkering gemeentefonds uit te keren . Het kabinet geeft geen onderbouwing voor deze k euze. Vanuit de VNG is aangegeven dat men de indruk heeft dat het kabinet alvast voorsorteert op een nieuwe financieringssystematiek voor de periode na 2025, waarbij de mogelijkheid van een groter eigen belastinggebied wordt betrokken: Om een stabielere fi nanciering voor gemeenten en provincies te realiseren en hun autonomie te vergroten, wordt in de komende jaren een nieuwe financieringssystematiek voor de periode na 2025 uitgewerkt, waarbij de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied wordt betrokken. Begin april heeft het kabinet de Maartbrief 2022 van het gemeentefonds gepubliceerd. Deze brief geeft een eerste beeld van de gevolgen voor individuele gemeenten en provincies van de belangrijkste maatregelen uit het coalitieakkoord die betrekking hebben op het gemeentefonds en provinciefonds. Daarnaast wordt in deze brief een indicatie gegeven van het bedrag dat individuele gemeenten zullen ontvangen vanuit de € 679 miljoen die het kabinet beschikbaar heeft gesteld om in het kalenderjaar 2022 een eenmalige energietoes lag toe te kennen aan huishoudens met een laag inkomen.

Verder gaat deze brief in op het besluit van de fondsbeheerders om de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 1 januari 2023 in te voeren. De financiële gevolgen van de maartbrief voor onze gemeente zijn verwerkt in voorliggende PPN. In de meicirculaire hopen we definitief te horen wat de financiële gevolgen zijn. Hierover zullen wij uw raad separaat informeren. Bovenstaande tabel met de actuele begrotingspositie start met de meerjarige begrotingssaldi van de Programmabegroting 2022-2025 (tabel ‘Meerjarenbeeld’ op p. 1 0). De verschillende posten zijn hieronder nader toegelicht: Diverse informatienota’s: Na het vaststellen van de Programmabegroting 202 2-2025 heeft u diverse informatienota’s ontvangen die in voorliggende PPN zijn verwerkt. De informatienota voor de septembercirculaire 65 van het gemeentefonds heeft uw raad al voor de begrotingsbehandeling ontvangen, maar deze is zoals gebruikelijk niet verwerkt in de begroting. Tabel 2: Diverse informatienota’s, bedragen x € 1.000 + = voordeel Raadsbesluiten tot en met de vergadering van 29 maart 2022 De financiële gevolgen van de besluiten tot en met de raadsvergadering van 29 maart 2022 zijn verwerkt in deze nota: Tabel 3: Raadsbesluiten, bedragen x € 1.000 + = voordeel Autonome ontwikkelingen Met autonome ontwikkelingen bedoelen we ontwikkelingen die onontkoombaar zijn en waar we geen invloed op hebben.

De autonome ontwikkelingen zijn in onderstaande tabel gespecificeerd, onderverdeeld naar mee- en tegenvallers. Tabel 4a: Autonome ontwikkelingen (meevallers), bedragen x € 1.000 + = voordeel Een van de posten lichten we toe. Geen verhoging premies ABP, werkgeversdeel In de Programmabegroting 2022-2025 (p. 59) is rekening gehouden met een verhoging van de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen van het ABP. Verwachting was dat de premies vanaf 2022 zouden stijgen vanwege lagere dan verwachte beleggingsopbreng sten en de lage rente. Nu blijkt dat het ABP heeft besloten de premiestijging niet door te voeren.

Meerjarenbeeld I/S 2022 2023 2024 2025 2026 Diverse informatienota's gemeentefonds: Informatienota 26 september 2021 (septembercirculaire gemeentefonds 2021) S 1.732 874 593 667 1.358 Informatienota 18 januari 2022 (decembercirculaire gemeentefonds 2021) S 122 - - - - Totaal informatienota's 1.854 874 593 667 1.358 Waarvan structureel 1.854 874 593 667 1.358 Waarvan incidenteel Meerjarenbeeld I/S 2022 2023 2024 2025 2026 Raadsbesluiten tot en met de vergadering van 29 maart 2022: 14/12/21: Herontwikkeling Steenwijkerdiep (rente-uitgaven) S - 1 - 1 - 1 - 1 - 1 21/12/21: Nadeel opbrengst OZB S - 13 - 13 - 13 - 13 - 13 08/03/22: Renovatie kunstgrasvelden van drie voetbalverenigingen S - 23 - 23 - 23 - 22 - 22 Totaal raadsbesluiten - 37 - 36 - 36 - 36 - 36 Waarvan structureel - 37 - 36 - 36 - 36 - 36 Waarvan incidenteel Meerjarenbeeld I/S 2022 2023 2024 2025 2026 Meevallers: Geen verhoging premies ABP, werkgeversdeel S 175 175 175 175 175 Extra inkomsten OZB in 2022 a.g.v.

areaaluitbreiding S - 41 41 41 41 Prijscompensatie inkomsten (0,8%) S - 106 104 104 104 AU Gemeentefonds: compensatie lonen en prijzen (stelpost) S - 1.403 1.406 1.408 1.408 Totaal meevallers 175 1.725 1.726 1.728 1.728 Waarvan structureel S 175 1.725 1.726 1.728 1.728 Waarvan incidenteel I 66 Tabel 4b: Autonome ontwikkelingen (tegenvallers), bedragen x € 1.000 + = voordeel Een aantal posten is hieronder toegelicht. Financiële gevolgen CAO gemeenten 2021-2023 Een van de bezuinigingen die in de Programmabegroting 2021 -2024 is opgenomen, is h et niet uitkeren van de looncompensatie van 2,8% voor het jaar 2021 . In de begroting staat daarover het volgende vermeld 7: Dat betekent dat een CAO -verhoging voorvloeiend uit de lopende onderhandelingen binnen het aanwezige budget moet worden opgevangen, oftewel bezuinigd. Concreet betekent dit dat er taakstellend wordt bezuinigd op personele lasten, omdat wij lokaal CAO-afspraken dienen uit te voeren. Inmiddels ligt er een CAO gemeenten die loopt van 1 januari 2021 tot 1 januari 2023. Dat betekent dat we de financiële gevolgen nu kennen en voor 2022 en latere jaren hebben verwerkt in voorliggende PPN. Voor 2022 en verder zijn we in de Programmabegroting 2022-2025 uitgegaan van een looncompensatie van 1,2% op basis van de raming van het CPB die in het voorjaar van 2021 is gepubliceerd.

Dat percentage blijkt achteraf te laag te zijn, waardoor een extra bedrag (structureel) benodigd is. In percentages: De CAO gaat uit van een structurele loonstijging van 1,5% per 1 december 2021 respectievelijk 2,4% per 1 april 2022. De organisatie is niet in staat dit zelf op te vangen binnen de personeelsbudgetten, onder andere door de hoge werkdru k door eerst de coronatijd en nu de vluchtelingenopvang. Zie tevens het voorstel ‘Nieuwe werkwijzen en verantwoordelijkheden bedrijfsvoering’. Om die reden moeten we deze CAO-stijging aanmerken als autonome stijging (door externe factoren). Prijscompensatie 0,8% uitgaven en inkomsten Zie paragraaf 4.4. Looncompensatie 3,3% en stijging sociale lasten Zie paragraaf 4.3. Aanpassen jaarschijf 2026 Het betreft een bijstelling van de jaarschijf 2026 ten opzichte van 2025. 7 Programmabegroting 2021-2024, p. 79.

Meerjarenbeeld I/S 2022 2023 2024 2025 2026 Tegenvallers: Financiële gevolgen CAO gemeenten 2021-2023 S - 718 - 898 - 898 - 898 - 898 Prijscompensatie uitgaven (0,8%) S - - 442 - 436 - 431 - 431 Jeugdzorg: Prijscompensatie lopende contracten (4%) S - - 630 - 630 - 630 - 630 WMO: prijscompensatie lopende contracten (4%) S - - 470 - 470 - 470 - 470 Prijscompensatie lopend contract Sociaal Werk De Kop (4%) S - - 90 - 90 - 90 - 90 Areaaluitbreiding, extra uitgaven (openbare verlichting, plantsoenen en wegen) S - - 60 - 60 - 60 - 60 Indexatie lonen en sociale lasten 2023 (3,3%) S - - 1.028 - 1.013 - 1.004 - 1.002 AU Gemeentefonds: hoeveelheidsverschillen S - 352 - 265 - 258 - 320 - 334 Aanpassen jaarschijf 2026 (eenmalige kosten IHP; onttrekken aan de AR vrij besteedbaar) I - - - - - 279 Aanpassen jaarschijf 2026 (Investeringen IHP) S - - - - - 70 Aanpassen jaarschijf 2026 (investering bermen) S - - - - - 38 Aanpassen jaarschijf 2026 (investering openbare verlichting: masten en armaturen) S - - - - - 38 Aanpassen jaarschijf 2026 (investering levensduurverlengende maatregelen) S - - - - - 26 Aanpassen jaarschijf 2026 (investering routekaart energieneutraal maatschappelijk vastgoed 2050) S - - - - - 21 Aanpassen jaarschijf 2026 (investeringen bruggen) S - - - - - 15 Aanpassen jaarschijf 2026 (investeringen jachthavens) S - - - - - 4 Totaal tegenvallers - 1.071 - 3.884 - 3.856 - 3.904

- 4.407 Waarvan structureel S - 1.071 - 2.694 - 2.666 - 2.714 - 2.938 Waarvan incidenteel I - - - - - 279 67 Financiële mutaties In bijlage 6.1 zijn de structurele en incidentele budgetafwijkingen voor het begrotingsjaar 202 2 vermeld en van een nadere toelichting voorzien. Onontkoombare uitgaven 2023-2026 Onze gemeente wordt geconfronteerd met een aantal onontkoombare uitgaven vanaf 2023. De uitgaven zijn toegelicht in bijlage 6.2. 3.3. Ontwikkeling reservepositie Alle voorstellen in voorliggende PPN leiden samen tot een verslechtering van onze vermogenspositie met € 776.496 tot en met 2026, waarvan € 480.314 betrekking heeft op 2022. Zoals eerder is vermeld , komen de incidentele uitgaven die verband houden met de budgetafwijkingen 2022 zoals opgenomen in bijlage 6.1. niet ten laste van de Alg emene Reserve vrij besteedbaar. Mutaties in het lopend jaar komen namelijk ten laste van het begrotingssaldo. De jaarrekening 2021 van de gemeente Steenwijkerland laat een positief saldo van € 3.091.000 zien. In de jaarrekening wordt voorgesteld om dit bedrag toe te voegen aan de Algemene Reserve vrij besteedbaar.

Alle genoemde mutaties leiden tot het volgende beeld voor de ontwikkeling van onze vermogenspositie: Tabel 5: Ontwikkeling reservepositie PPN 2022-2026 (incidentele uitgaven vanaf 2023) - € 746.182 Resultaat jaarrekening 2021 € 3.091.000 Totaal mutatie Algemene Reserve vrij besteedbaar € 2.344.818 + = verbetering 3.4. Vooruitblik Programmabegroting 2023-2026 In de raadsvergadering van 1 9 mei 2022 zijn de begrotingen 2023 behandeld van onderstaande gemeenschappelijke regelingen: - de GGD; - de Veiligheidsregio; - de Omgevingsdienst. Uit de drie begrotingen van de Gemeenschappelijke regelingen is gebleken dat de bijdrage voor de deelnemende gemeenten vanaf het jaar 2023 omhoog gaat. Dat geldt dus ook voor onze gemeente. Hier is in deze voorliggende PPN nog geen rekening mee gehouden. In onderstaande tabel wordt per instantie de hogere bijdrage van de gemeente Steenwijkerland weergegeven: 68 2023 2024 2025 2026 GGD IJsselland8 - € 90.000 - € 90.000 - € 90.000 - € 90.000 Veiligheidsregio IJsselland - € 100.649 - € 120.526 - € 140.404 - € 160.282 Omgevingsdienst IJsselland - € 303.234 - € 303.234 - € 303.234 - € 303.234 Totaal - € 493.883 - € 513.760 - € 533.638 - € 553.516 + = verbetering Naast de genoemde tegenvallers bij de Gemeenschappelijke regelingen, zien we over hele linie dat de dividenduitkeringen nog steeds onder druk staan.

In de Programmabegroting 2022 -2025 staat dit als risico vermeld in de risicoparagraaf (p. 83,84). Er bestaat een reële kans dat we de komende jaren minder dividend uitgekeerd krijgen dan we hebben geraamd in onze begroting. Tot slot verwachten we dat de stijging van de energie, -brandstof en grondstofprijzen van grote invloed zijn op nieuwe aanbestedingen. Soms zien we prijsstijgingen van 10-20%, bijvoorbeeld in de bouw of bij infrastructuurprojecten. In de aanloop naar de Programmabegroting 2023-2026 gaan we de financiële consequenties zo goed mogelijk in beeld brengen. 8 Inclusief ‘Addendum begroting GGD IJsselland 2023’. 69 4. Kaders Programmabegroting 2022-2025 4.1. Inleiding In dit hoofdstuk zijn de kaders voor de samenstelling van de Programmabegroting 20 23-2026 opgenomen. De financiële vertaling van een deel van deze kaders is reeds meegenomen in voorliggende PPN. De kaders zijn gebaseerd op de door uw raad vastgestelde ‘Kadernota Financieel beleid gemeente Steenwijkerland 2018’9. 4.2. Kaders Onderstaand treft u de kaders aan voor o.a. de prijs- en loonindexcijfers en de te hanteren rekenrente. De met een (*) aangegeven onderdelen zijn reeds verwerkt in de perspectiefnota. Tabel 6: Kaders voor de Programmabegroting 2023-2026 Omschrijving Kader Raadsbesluiten t/m de raadsvergadering van 29 maart 2022 Lonen (incl.

sociale lasten) (*) 3,3% Prijsinflatie inkomstenbudgetten (*) 0,8% Prijsinflatie uitgavenbudgetten (*) 0,8% Prijsinflatie grondexploitatie uitgavenbudgetten 2,0% Prijsinflatie grondexploitatie inkomstenbudgetten 1,5% Rente grondexploitaties 0,75% Rekenrente (omslagpercentage) 1,00% Marktrente (*) 1,4% Prijsinflatie verstrekte subsidies (*) 0,8% Prijsinflatie gemeentelijke belastingen en rechten (*) 0,8% Areaaluitbreiding wegen en wegmeubilair, openbare verlichting en openbaar groen 175 woningen Tarief 2023 voor het prestatiecontract € 94 Aantal woonruimten per 1-1-2022 (geraamde groei 2022) 20.297 (175) Aantal inwoners per 1-1-2022 (geraamde groei 2022) 44.741 (259) Algemene uitkering uit het Gemeentefonds (*) Septembercirculaire 2021, Decembercirculaire 2021 (incl. een coronasteunpakket) en de Maartbrief 2022. NB de Meicirculaire 2022 verschijnt eind mei/begin juni 2022. Wij zullen uw raad daarover via een afzonderlijke informatienota over informeren. 4.3. Loonkostenontwikkelingen De huidige Cao Gemeenten loopt van 1 januari 20 21 tot en met 31 december 2022. Voor 2023 wordt op basis van de actuele ramingen van het Centraal Planbureau (CPB) uitgegaan van een stijging van 9 Laatst gewijzigd op 14 december 2021. 70 de lonen en sociale lasten van 3 ,3%10.

Uiteraard vindt een bijstelling van het geraamde percentage voor de salariskosten en sociale lasten plaats, zodra hier meer duidelijkheid over bestaat. 4.4. Prijsinflatie exploitatiebudgetten en kostenplaatsen Voor de uitgaven- en inkomstenbudgetten in 2023 gaan we uit van een prijsindexatie van 0,8%. Dit percentage is overeenkomstig de meest actuele index ‘prijscompensatie voor intermediair verbruik’ van het Centraal Planbureau (CPB)11. In de ‘Kadernota financieel beleid gemeente Steenwijkerland 2018’ is de systematiek als volgt vastgelegd: - P.10: De prijsontwikkelingen worden bepaald aan de hand van de gegevens van het Centraal Planbureau (CPB). Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de ontwikkeling van het prijsindexcijfer voor intermediair verbruik, zoals deze jaarlijks door het CPB wordt gepubliceerd. - P. 11: De berekening van de prijsontwikkeling w ordt bepaald aan de hand van de gegevens van het CPB. Hierbij wordt gekeken naar de prijscompensatie voor intermediair verbruik. Indien het prijsindexcijfer voor enig jaar nog niet bekend is, wordt het meest recente, wel bekende prijsindexcijfer voor inter mediair verbruik genomen. Het prijsindexcijfer cijfer van 0,8% hanteren we zowel voor de inkomsten - als uitgavenbudgetten, tenzij er bijvoorbeeld andere contractuel e afspraken zijn gemaakt, bijvoorbeeld met aanbieders in het sociaal domein.

Deze afsprake n zijn veelal in regionaal verband gemaakt. Zo hebben we in voorliggende PPN voor het sociaal domein voor 2023 gerekend met een prijscompensatie van 4%. 4.5. Prijsinflatie grondexploitatie Voor de gemeentelijke grondexploitaties wordt een afwijkend percentage gehanteerd voor zowel de kosten- als de opbrengstenkant. Kostenstijging In de gemeente Steenwijkerland is het gebruikelijk om de parameter kostenstijging te baseren op het langjarig gemiddelde van de GWW -index (Grond, Weg - en Waterbouw). We hanteren de GWW - index omdat deze index de prijsontwikkeling van civieltechnische kosten in beeld brengt. De civieltechnische kosten zijn de voornaamste kosten binnen de grondexploitaties. De GWW-index is opgebouwd uit de gemiddelde prijsstijgingen en -dalingen van de diverse productgroepen zoals loonkosten, gasolie, elektriciteit, betonproducten, cement, kunststof, (beton)staal en (wegenbouw)bitumen. Op dit moment hanteren we in de grondexploitaties een parameter kostenstijging van 2,0%. De gemiddelde GWW-index over de afgelopen 10 jaar bedraagt 1,8% (zie tabel 7). 10 Prijs overheidsconsumptie beloning werknemers (Kerngegevenstabel 2020-2023, Centraal Economisch Plan, CPB, maart 2022). 11 Prijs intermediair verbruik (Kerngegevenstabel 2019-2022, Centraal Economisch Plan, CPB, maart 2021). 71 Tabel 7: GWW-index, procentuele mutatie t.o.v.

van voorgaande jaar (%) 12 Jaar Jaarmutatie GWW-index (%) 2012 3,1% 2013 0,2% 2014 -0,1% 2015 -1,5% 2016 -0,7% 2017 4,1% 2018 4,8% 2019 3,1% 2020 0,5% 2021 4,9% Gemiddelde 2012 t/m 2021 (10-jaarsgemiddelde) 1,8% Voor de komende begrotingsperiode ( meerjarenbegroting 2023-2026) wordt daarom de parameter kostenstijging van 2,0% geconsolideerd (1,8% afgerond op halve procenten). Opbrengstenstijging Er is in Nederland geen database beschikbaar waarin de prijsontwikkeling van bouwgrond wordt bijgehouden. In de gemeente Steenwijkerland wordt dat de parameter opbrengstenstijging gewoonlijk gebaseerd op het langjarig gemid delde van de Consumentenprijsindex (CPI) van het CBS. Op dit moment hanteren we in de grondexploitaties een parameter opbrengstenstijging van 1,5%. Het gemiddelde van de CPI in de afgelopen 10 jaar bedraagt circa 1,7% (zie tabel 8). Tabel 8: Consumentenprijzen; prijsindex (2015=100)13 Jaar CPI Jaarmutatie CPI (%) 2012 96,0 2,5% 2013 98,4 2,5% 2014 99,4 1,0% 2015 100,0 0,6% 2016 100,3 0,3% 2017 101,7 1,4% 2018 103,4 1,7% 2019 106,2 2,6% 2020 107,5 1,3% 2021 110,4 2,7% Gemiddelde 2012 t/m 2021 (10-jaarsgemiddelde) 1,7% Voor de komende begrotingsperiode (MBG 202 3-2026) wordt daarom de parameter opbrengstenstijging van 1,5% geconsolideerd (1,7% afgerond op halve procenten).

12 Er is rekening gehouden met het aandeel/belang van de individuele indexen van de verschillende productgroepen in het bouw- en woonrijp maken van een gemiddeld woningbouwproject. 13 Bron: CBS Statline. 72 4.6. Rente De rekenrente (omslagpercentage) is gebaseerd op de te betalen minus te ontvangen rente in een jaar gedeeld door 1% van de boekwaarde van de investeringen per 1/1 van het jaar. Voor het aantrekken van langlopende geldleningen ter financiering van de geraamde investering en en toekomstige investeringen (bestedingsp lan) wordt een marktrente van 1,4% gehanteerd. Het totaal benodigde rentebedrag wordt herrekend en opgenomen in de programmabegroting op basis van het bestedingsplan dat op dat moment voorligt aan de raad ter vas tstelling. 4.7. Loon- en prijsinflatie subsidies In vele gevallen kennen gesubsidieerde instellingen voor hun producten eenzelfde kostenopbouw als gemeenten. De bekostiging van deze producten vindt (deels) plaats door gemeenten in de vorm van een subsidie. Hiervoor wordt de gemeente niet afzonderlijk gecompenseerd in het accres van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Compensatie van de ge subsidieerde instellingen vindt normaliter plaats overeenkomstig het door de gemeente gehanteerde percentage voor prijsstijgingen. Voor 202 3 wordt voor te verstrekken subsidies een loon - en prijsinflatiepercentage gehanteerd van 0,8%.

Voor het sociaal domein geldt dat we voor onze uitgavenramingen eveneens zijn uitgegaan van een prijsinflatie van 0,8%. Het is echter mogelijk dat de leveranciers binnen het sociaal domein andere indexcijfers (lonen en prijzen) gebruiken dan die wij hanteren. Daar komt nog bij dat we bij onze inkoop veelal in regioverband opereren en we daarmee niet altijd directe invloed heb ben op de diverse afgesproken percentages. Bij het opstellen van de uitgavenramingen voor het sociaal domein is hier rekening mee gehouden. 4.8. Prijsinflatie gemeentelijke belastingen en rechten Voor gemeentelijke belastingen en rechten wordt dezelfde prijsindex als voor exploitatiebudgetten gehanteerd. Voor 2023 komt dit uit op 0,8%. Voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing worden wijzigingen in de kosten verhaald door de betreffende tarieven dienovereenkomstig aan te passen (gesloten h uishouding). Om grote tariefschommelingen te voorkomen, maken we gebruik van de egalisatievoorziening reiniging en de egalisatievoorziening riolering. De tarieven voor afval en riool in 2023 zijn op dit moment niet bekend. In de Programmabegroting 2023-2026 zullen we de precieze kosten voor uw raad inzichtelijk maken en een voorstel doen voor de daarvan afgeleide tarieven in 2023 .

Ontwikkelingen die zic h voordoen met mogelijk consequenties voor de kosten die we in rekening moeten brengen zijn als volgt: Rioolheffing - Met ingang van 2023 komt er een nieuw RWP (Riool en Water Programma). De vertaling van dit plan zal ook zijn consequenties hebben voor de tariefstelling van de riolering. De herijking van verantwoordelijkheden van provincie, waterschap en gemeente en de aard van de uitgaven op het gebied van baggeren en vaarwegenbeheer leidt ertoe dat een kleiner deel van de kosten op ten laste van de rioler ing kan worden gebracht. Het plan leidt tot een verschuiving tussen algemene middelen en wat nu ten laste wordt gebracht van de rioolheffing. Per saldo gaat het 73 om een verschuiving van circa € 350.000 wat meer zal worden toegerekend aan de algemene middelen. - Het opnemen van maatregelen rondom klimaat die een relatie hebben met de zorgplichten rondom hemelwater en grondwater worden meegenomen in het nieuwe RWP. - Een autonome ontwikkeling is de stijging van energielasten die ook meegenomen zijn in het nieuwe RWP. Afvalstoffenheffing: - De ontwikkelingen rondom de vergoedingen van Nedvang. Er wordt nog steeds druk onderhandeld tussen VNG en Nedvang over de vergoeding per ton de komende jaren. Hoe zich dit de komende jaren gaat ontwikkelen is zeer onzeker. - De ontwikkelingen rondom de oud papier prijzen en het beleid rondom oud papier.

Zowel de wijze waarop we de komende jaren oud papier willen inzamelen als de vergoedingen die we hiervoor zullen krijgen voor de inzameling zullen voor een belangrijke mate bepalen h oe zich dit ook vertaalt in de tarieven voor afval. - De grondstofprijzen zijn ook voor de ROVA gestegen. Dit kan ook zijn weerslag hebben op de prijs die de ROVA ons in rekening zal gaan brengen. Kortom, er zijn veel onzekerheden die sterk van invloed zullen zijn voor de hoogte van de tarieven van de komende jaren. Bij de Programmabegroting zal meer duidelijk worden wat de precieze effecten zijn van de genoemde ontwikkelingen voor de tarieven en hoe we om gaan met de inzet van de beide egalisatievoorzieningen. 4.9. Tarief 2023 voor het prestatiecontract Met het prestatiecontract kunnen interne uren worden doorbelast aan projecten. In april 2017 heeft de raad besloten het prestatiecontract te beperken tot de investeringen in gesloten hu ishoudingen, de grondexploitaties en de subsidiabele projecten voor zover de toegerekende uren van deze projecten subsidiabel zijn. Reden is dat door veranderde regelgeving (BBV) de exploitatiebegroting voor een steeds groter deel zou worden belast met kosten voor interne uren als het prestatiecontract volledig zou zijn gehandhaafd. Jaarlijks wordt het uurtarief opnieuw berekend door rekening te houden met de stijging van de loonkosten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/6b77b9ed-8b0e-43db-9ba5-2fda1f8e7702?agendaItemId=2305751f-a2d1-482e-a229-1afe5a36a02a