Giethoorn - Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 toelichting, regels en bijlagen.pdf
Tekst van het document
Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 14 4. Beschrijving locatie en ingrepen 4.1. Beschrijving locatie De onderzochte locatie bevindt zich aan de Dwarsgracht 13 te Giethoorn. Dat is middenin Nationaal Perk Weerribben-Wieden. Op het perceel staan een woonhuis met daarachter een deels afgebroken schuur, twee grote loodsen waarvan één een oude koeienstal betreft, een oud schuurtje achter de loods en een losstaand kippenhok. De loodsen zijn opgetrokken uit baksteen (muren zonder spouw), hout en/of damwandprofielen en met een dakbedekking van golfplaten. De loodsen dienen als opslag van diverse materialen ten behoeve van het bedrijf van de heer Smit. Voorts is er in een van de loodsen een ruime werkplaats aanwezig. Het terrein rondom en achter de loodsen is sterk verruigd met opslag van riet, ruigtekruiden en vlierstruiken. 4.2. Beschrijving ingreep Het voornemen is om het perceel te gaan verkopen. De loodsen zullen worden afgebroken, maar het woonhuis blijft bestaan en wordt mede verkocht . Wat er met de vrijgekomen grond gaat gebeuren was ten tijde van het schrijven van deze rapportage nog niet bekend. Figuur 3: Ligging van de onderzochte locatie. (bron: Google Maps) Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 15 Figuur 4: Overzicht van onderzochte locatie. Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 16 5.
Resultaten In dit hoofdstuk zijn de (potentiële) aan- of afwezigheid van de onderzochte plant- en diersoorten in het onderzoeksgebied onderbouwd. De relevante soorten zijn nader toegelicht. 5.1. Veldbezoek Tijdens het veldbezoek is voor zover mogelijk een inventarisatie uitgevoerd van de beschermde soorten binnen de Wnb met de nadruk op de niet vrijgestelde beschermde soorten. In onderstaande tabel zijn de tijdstippen en de waarnemings-condities van het uitgevoerde veldbezoek weergegeven. Waarnemingscondities veldbezoek Datum Begintijd Eindtijd Weersomstandigheden 03.12.2019 11.00 uur 12.00 uur Wind: 2 bft, bewolking 0%, circa 5 gr.C., geen regen Tabel 2. Waarnemingscondities veldbezoek 5.2. Flora De plantengroei op het perceel bestaat hoofdzakelijk uit riet. Daartussen groeien diverse soorten ruigtekruiden. Er zijn geen beschermde wilde plantensoorten aangetroffen en ter plaatse ook niet te verwachten. 5.3. Grondgebonden zoogdieren Tijdens dit onderzoek werden sporen aangetroffen van mol en huismuis. In de directe omgeving van de locatie komt een keur van zoogdiersoorten voor: ree, vos, otter, boommarter, bunzing, hermelijn, wezel, woelrat, bruine rat, egel en diverse muizensoorten waaronder de waterspitsmuis. (Bron: NDFF). De genoemde diersoorten zullen de directe omgeving van de loodsen zeker benutten om er te foerageren.
Vaste verblijfplaatsen van beschermde zoogdiersoorten werden in de loodsen en op het omringende terrein echter niet aangetroffen. 5.4. Vleermuizen Vaste verblijfplaatsen: Er is gericht onderzoek verricht naar de geschiktheid van de loodsen en omgeving voor vleermuizen. Op basis van een visuele inspectie kan worden gesteld dat de bebouwing niet geschikt is als vaste verblijfplaats (zomer- of winterverblijfplaats, kraamkolonie) voor vleermuizen, want er zijn geen voor vleermuizen toegankelijke spouwmuren aanwezig. De gebruikte damwandprofielen hebben ook geen kieren op spleten waardoor vleermuizen naar binnen kunnen komen. Wel is er aan voor- en achterzijde gevelbetimmering aanwezig waarachter een vleermuis mogelijk de dag door kan brengen. Daarbij gaat het echter om incidenteel gebruik. Foerageermogelijkheden: De onderzochte locatie met de verruigde omgeving zal zeker fungeren als foerageerplaats voor vleermuizen. Daarbij wordt vooral gedacht aan soorten als gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger, watervleermuis, meervleermuis Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 17 en gewone grootoorvleermuis. Deze foerageerplaatsen zullen niet worden aangetast door de voorgenomen plannen. In de loodsen zijn geen aanwijzingen gevonden van dat vleermuizen er jagen. Dus geen vraatresten zoals afgebeten vlindervleugels of uitwerpselen van vleermuizen.
Vliegroutes: De onderzochte locatie vormt een onderdeel van een corridor bestaand uit boerderijen, bomen en gracht. Daardoor is de plek goed te bereiken voor veermuizen. Bij de voorgenomen plannen zullen echter bestaande vliegroutes en migratiecorridors niet worden onderbroken. 5.5. Vogels Tijdens deze scan zijn in de omgeving diverse algemene vogelsoorten aangetroffen. Het betreft vogels die thuishoren in een dergelijk landschapstype en de locatie vooral benutten als plaats om er te foerageren en te rusten. Bij dit onderzoek ging speciale aandacht uit naar jaarrond beschermde nesten. Daarbij werd vooral gelet op nesten (of sporen daarvan) van kerkuil, huismus, spreeuw en boerenzwaluw. Tijdens de inspectie werd een kerkuil aangetroffen in een klein vervallen schuurtje achter de loodsen. Deze uil vloog weg en verdween in een schuur van de buren. In de voormalige koeienstal werden nesten aangetroffen van huismus, boerenzwaluw en winterkoning. De nesten van huismus en boerenzwaluw betroffen oude nesten uit de periode dat de loods nog in gebruik was als koeienstal. 5.6. Amfibieën, reptielen en vissen Er is geen gericht onderzoek naar het voorkomen van deze soorten en/of soortgroepen verricht.
De reden hiervoor is dat op basis van een visuele inspectie kon worden volstaan met de constatering dat er geen belangrijk biotoop voor deze soortgroepen zal worden aangetast en dat er ter plaatse ook geen beschermde soorten te verwachten zijn. 5.7. Dagvlinders, libellen en overige ongewervelden Er is geen gericht onderzoek naar het voorkomen van deze soorten en/of soortgroepen verricht. De reden hiervoor is dat op basis van een visuele inspectie kon worden volstaan met de constatering dat er geen belangrijk biotoop voor deze soortgroepen zal worden aangetast en dat er ter plaatse ook geen beschermde soorten te verwachten zijn. Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 18 6. Toetsing aan de Wnb Welke verbodsbepalingen kunnen worden overtreden? Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn § 3.1 Artikel 3.1. lid 2 ‘ het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eigen van vogels te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen’ en lid 4 en 5 ‘het is verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort’ Dit is van niet toepassing omdat er op de onderzochte locatie geen jaarrond beschermde nesten zijn aangetroffen. Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn § 3.2 Tijdens dit onderzoek zijn geen habitatrichtlijnsoorten werden aangetroffen.
Er is geconstateerd dat de loodsen niet geschikt is als vaste verblijfplaats voor vleermuizen. Er gaat vanwege de voorgenomen plannen geen foerageerbiotoop voor vleermuizen verloren. Er worden vanwege de voorgenomen geen migratiecorridors doorsneden. Beschermingsregie andere soorten § 3.3 Artikel 3.10 lid 1b ‘het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen’ Dit is niet van toepassing omdat er ge en vaste voortplantings- of rustplaatsen zijn aangetroffen. NB: In de Wet natuurbescherming is bij meer verbodsbepalingen dan onder de Flora- en faunawet het opzetvereiste toegevoegd, in lijn met de artikelen van de Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn. In de Flora- en faunawet was alleen sprake van het opzetvereiste bij verontrusting (art 10). Hierdoor was de Flora- en faunawet strenger dan de verbodsbepalingen van de Habitatrichtlijn. Niet opzettelijke handelingen waarbij de verbodsbepalingen overtreden worden, zijn nu niet langer verboden. Daarbij is van belang dat het Europees Hof van Justitie in zijn jurisprudentie heeft bepaald dat onder opzet ook voorwaardelijke opzet moet worden begrepen: “Daarvan is sprake als iemand een handeling verricht en daarbij bewust de aanmerkelijke kans aanvaardt dat zijn gedragingen schadelijke gevolgen hebben voor een dier of plant.
Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 19 Natuur Netwerk Nederland (NNN) en Natura 2000 (N2000) De onderzochte locatie ligt middenin Natura 2000 gebied Weerribben-Wieden. De voorgenomen werkzaamheden zijn van dien aard dat kan worden uitgesloten dat de kernwaarden van N2000 zullen worden aangetast, mits er bij de werkzaamheden zwaar materieel (machines met dieselmotoren) wordt gebruikt. Is dat echter wel het geval dan is een aanvullende Aerius calculatie noodzakelijk. Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 20 7. Conclusies en aanbevelingen Op basis van deze quickscan wordt het volgende geconcludeerd: Op de onderzochte locatie is het voorkomen van middels de Wnb beschermde plant- of diersoorten niet aangetoond; Er zijn geen jaarrond beschermde nesten van vogels aangetroffen; Ten aanzien van de voorgenomen plannen is het niet noodzakelijk vervolgonderzoek uit te laten voeren volgens het vleermuisprotocol 2017; Ten aanzien van de voorgenomen plannen is het niet noodzakelijk vervolgonderzoek uit te voeren volgens kennisdocumenten huismus en gierzwaluw; Ten aanzien van de voorgenomen plannen is het niet noodzakelijk een ontheffing aan te vragen bij de provinciale overheid; Aanvullend onderzoek (Aerius c alculatie) is vanwege de ligging middenin N2000 noodzakelijk, mits er bij de uitvoer van de plannen aantoonbar geen zwaar materieel met dieselmotoren
wordt gebruikt. Op basis van deze quickscan wordt het volgende geadviseerd: Voer de sloopwerkzaamheden uit buiten het broedseizoen. Bij voorkeur in de periode oktober – maart. Mochten er bij sloopwerkzaamheden onverhoeds toch vleermuizen of andere beschermde diersoorten worden aangetroffen, leg dan het werk stil en schakel een ecologisch deskundige in. Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 21 8. Bronvermeldingen https://www.ecologica.eu/uploads/files/0N9mdKCbQFKwvO6oEJVGNn6fywUVvlQn.p df Lange, R., P. Twisk , A. van Winden & A. van Diepenbeek, 2003. Zoogdieren van West- Europa. Stichting Uitgeverij van de KNNV en VZZ i.s.m. Vereniging Natuurmonumenten. Limpens, H., K. Mostert & W. Bongers (red.), 1997. Atlas van de Nederlandse vleermuizen, Stichting Uitgeverij van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging, Utrecht. Ministerie van LNV, 2004. Besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit TRCJZ/2004/5727, houdende vaststelling van rode lijsten flora en fauna. SOVON, 2002. Atlas van de Nederlandse broedvogels. Nederlands Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij en EIS-Nederland, Leiden. Twisk, P. et al, 2010. Veldgids Europese Zoogdieren. KNNV Uitgeverij en Zoogdiervereniging.
www.natuurindegemeente.nl/aandeslagmetdenatuurwet/wp- content/uploads/2016/12/Soortenbescherming_bij_ruimtelijke_ingrepen_1.3_15122 016.pdf www.quickscanhulp.nl www.ravon.nl www.sovon.nl www.synbiosis.alterra.nl www.waarneming.nl www.zoogdiervereniging.nl Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 22 Foto-overzicht Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 23 Ecologische Quickscan Dwarsgracht 13 Giethoorn 24 bestemmingsplan Giethoorn - Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 158 bestemmingsplan Giethoorn - Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 Bijlage 5 AERIUS-berekening Cornelisgracht - rapportage 159
Berekening stikstofdepositie Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 te Giethoorn D E F I N I T I E F Berekening stikstofdepositie Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 te Giethoorn D E F I N I T I E F Inhoud Toelichting & bijlage 23 december 2020 Projectnummer 245.52.50.00.0000 23 december 2020 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Wettelijk kader 5 3 Ligging projectgebied 6 4 Invoergegevens AERIUS 7 4.1 Bestaande situatie 7 4.1.1 Te slopen loodsen (bron 1) 7 4.1.2 Verwarmd deel loods (bron 2) 7 4.1.3 Overtochten boot (bron 3) 8 4.1.4 Woon-werkverkeer eigenaar (bron 4) 8 4.1.5 Verkeersgeneratie huurappartement (bron 5) 8 4.1.6 Gasverbruik huurappartement (bron 6) 9 4.2 Toekomstige situatie 10 4.2.1 Emissie mobiele werktuigen op de locatie (bron 1) 10 4.2.2 Aan- en afvoer containers + materieel (bron 2) 10 4.2.3 Overtochten boot (bron 3) 10 4.2.4 Verwarmd deel bedrijfsruimte Cornelisgracht 40 (bron 4) 11 4.2.5 Verkeersgeneratie bedrijfsvoering (bron 5) 11 4.2.6 Verkeersgeneratie klanten (bron 6) 11 4.3 Totale emissies 11 5 Modellen 12 6 Rekenresultaten en conclusie 13 23 december 2020 3 1 Inleiding In het kader van het project Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 te Giethoorn is de depositie van stikstof ten gevolge van de uitvoer van het project in de gemeente Steenwijkerland berekend. Het project maakt de sloop van twee bedrijfsloodsen mogelijk .
Het kleine ambachtelijke bedrijf wat ter plekke gevestigd is zal worden verplaatst naar een andere locatie , aan de Cornelisgracht 40 te Giethoorn. De omvang van het project is op de onderstaande afbeeldingen weergegeven.. De deposi- tie van stik stof in Natura 2000-gebieden ten gevolge van de emissie van NO x en NH 3 van deze ont- wikkeling, alsmede van het verkeer van en naar de locatie is berekend met het programmapakket AERIUS (23 december 2020). Deze notitie vormt een toelichting op de berekening. Afbeelding 1 – Omvang projectgebied Dwarsgracht 13 (bron: Google Earth Pro, d.d. 23-12-2020) Afbeelding 2 – Omvang projectgebied Cornelisgracht 40 (bron: Google Earth Pro, d.d. 23-12-2020) 23 december 2020 4 Leeswijzer In het volgende hoofdstuk wordt ingegaan op het wettelijk kader van de Wet natuurbescherming bij vergunningaanvragen of bestemmingsplanprocedures. Vervolgens komt in hoofdstuk 3 de ligging van de projectgebieden ten opzichte van de meest nabijgel egen Nature 2000 -gebieden aan bod. Hoofdstuk 4 is gewijd aan de invoergegevens van het programmapakket AERIUS en hoofdstuk 5 geeft de modellen weer. In het laatste hoofdstuk worden de rekenresultaten en conclusies besproken. 23 december 2020 5 2 Wettelijk kader De Wet natuurbesc herming regelt de bescherming van Natura 2000 -gebieden, bossen en specifieke dier- en plantsoorten.
De bescherming van de Natura 2000 -gebieden is verankerd in het onderdeel gebiedsbescherming. Plannen en projecten met negatieve effecten op deze gebieden zi jn vergu n- ningsplichtig. Relevant daarbij is dat de Wnb een externe werking kent. Van externe werking is sprake als activiteiten buiten een Natura 2000 -gebied van invloed zijn op de natuurwaarden in een Natura 2000-gebied. In Nederland zijn 161 Natura 2000-gebieden gelegen. In 130 van deze gebieden komen stikstofgevoe- lige habitats of leefgebieden van soorten voor . Dit betekent dat een verdere toename van stikstofd e- positie tot een negatief effect kan leiden. Derhalve dient bij een nieuwe ruimtelijke ontwikke ling onderzocht te worden of er stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000 -gebieden plaatsvindt. Dit geldt voor een activiteit waar een omgevingsvergunning voor noodzakelijk is , maar ook voor een bestemmingsplan. Voor een bestemmingsplan is het nam elijk noodzakelijk om de uitvoerbaarheid van het plan op voorhand aan te tonen. Hiernaast geldt op grond van artikel 2.7 Wnb in samenhang met artikel 2.8 Wnb een onderzoeksplicht voor bestemmingsplannen. Een te hoge stikstofdepositie kan tot een negatief e ffect leiden, waardoor het bestemmingsplan onder dezelfde omstandigheden niet kan worden vastgesteld.
Saldering Om een ruimtelijke ontwikkeling of bestemmingsplan waarbij sprake is van meer stikstofdepositie op een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied mogelijk te maken, kan gebruik worden gemaakt van intern - of extern salderen. Door middel van salderen zorgt de initiatiefnemer er voor dat de netto stikstof e- missie niet toe neemt. Dit kan door middel van het staken van stikstof emitterende activiteiten op de locatie zelf (intern salderen) of het staken van stikstof emitterende activiteiten op een locatie buiten het plangebied van de ruimtelijke ontwikkeling of het bestemmingsplan (extern salderen). Om intern te kunnen salderen moet er sprake zijn van één project of één locatie. Intern salderen kan gaan om het treffen van maatregelen aan een bestaand project of kan worden toegepast op nieuwe projecten op de locatie van een bestaand project. Bij extern salderen gaat het om verschillende pr o- jecten of plannen. Extern salderen wordt aangemerkt als een mitigerende of beschermende maatr e- gel in de zin van artikel 6, lid 3 Habitatrichtlijn en moet dus plaatsvinden in het kader van een passende beoordeling. Stikstofregistratiesysteem Naast saldering bestaat er de mo gelijkheid om voor woningbouwprojecten waarbij er sprake is van meer stikstofdepositie op een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied mogelijk te maken via het stikstof- registratiesysteem.
In dit stikstofregistratiesysteem wordt alle stikstofruimte van stikstof reducerende maatregelen, waaronder de verlaging van de maximumsnelheid op autosnelwegen naar 100 km/uur, opgeslagen. De door deze maatregelen beschikbaar gekomen ruimte kan voor maximaal 70 % wo r- den besteed aan economische ontwikkelingen. 23 december 2020 6 3 Ligging projectgebied Zoals in de inleiding is aangegeven is het projectgebied gelegen aan de Dwarsgracht en Corneli s- gracht te Giethoorn. Op de o nderstaande afbeelding is de ligging van het projectgebied ten opzichte van de meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden weergegeven. Afbeelding 3– Ligging projectgebied ten opzichte van de meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden De meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden zijn voor Dwarsgracht 13 zijn: - De Wieden, gelegen op een afstand van minder dan een km; - Weerribben, gelegen op een afstand van circa 4 km; - Zwarte Meer, gelegen op een afstand van circa 8 km; - Olde Maten & Veerslootslanden, gelegen op een afstand van circa 9 km; - Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht, gelegen op een afstand van circa 9 km.
De meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden zijn voor Cornelisgracht 40 zijn: - De Wieden, gelegen op een afstand van minder dan een km; - Weerribben, gelegen op een afstand van circa 5 km; - Zwarte Meer, gelegen op een afstand van circa 9 km; - Olde Maten & Veerslootslanden, gelegen op een afstand van circa 9 km; - Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht, gelegen op een afstand van circa 10 km.
23 december 2020 7 4 Invoergegevens AERIUS In AERIUS zijn standaard emissie -kengetallen opgenomen op basis waarvan de emissies van NO x en NH3 worden bepaald. Naast de bronnen van de gebouwen en mobiele werktuigen dienen ook de verkeersbewegingen op en van en naar het terrein in de berekeningen meegenomen te worden. Conform de “Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator” dient de verkeersg eneratie b e- schouwd te worden totdat het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Dit is het geval wanneer het aan- en afrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet, dan wel niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt. De berekening heeft dienovereenkomstig plaatsgevonden. In de bestaande situatie wordt een deel van één van de loodsen verwarmd met gas. Omdat het kleine ambachtelijke bedrijf niet direct met de auto toegankelijk is vinden er op dagelijkse basis overtochten met een boot plaats naar de overkant van het water ten behoeve van de bedrijfsvoering. Hierbij wor- den zowel klanten als machines overgevaren. Het huidige gebruik van de loodsen alsmede de ove r- tochten per boot worden in het kader van deze AERIUS berekening ten behoeve van interne saldering gebruikt. Ten behoe ve van de sloop en ten behoeve van de saldering zijn de navolgende invoergegevens in AERIUS gebruikt.
4.1 Bestaande situatie Ten behoeve van de saldering in dit project is in AERIUS eerst de bestaande situatie ingevoerd (af- beelding 1) . De bestaande situatie wordt in AERIUS tegenover de nieuwe situatie gezet waarbij de stikstofdepositie van beide situaties wordt vergeleken. AERIUS rekent hierbij de netto toename of afname stikstofdepositie uit. In het model zijn de volgende gegevens t.b .v. de bestaande situatie i n- gevoerd. 4.1.1 Te slopen loodsen (bron 1) De te slopen loodsen zijn ter indicatie als een vlakbron ingevoerd. 4.1.2 Verwarmd deel loods (bron 2) In de huidige situatie staan in het plangebied twee bedrijfsloodsen. Een deel van één van deze lood- sen wordt met gas verwarmd. Het gaat hierbij om gemiddeld 1 .200 m3 gas per jaar. De bijbehorende emissie op jaarbasi s is 0,6 kg NOx/jr. Dit is ingevoerd in AERIUS als een vlakbron. De kentallen voor het omrekenen van het verbruik zijn afkomstig uit het TNO-onderzoek over installaties huishoudens1. 1 TNO. (2014), Update NOx-emissiefactoren kleine vuurhaarden – glastuinbouw en huishoudens 23 december 2020 8 4.1.3 Overtochten boot (bron 3) Voor de bestaande situatie zijn de overtochten met de boot na ar de overkant van de Dwarsgracht opgenomen. De bijbehorende emissie is berekend op basis van 876 overtochten in totaal op jaarb a- sis over een afstand van 175 meter met een gemiddelde snelheid van 5 km/h met een 20 pk boot.
De emissiefactor behorende bij ee n 20 pk (15 kW) motorboot op benzine met een maximale diepgang van 50 cm is 4,04 g/kW 2. Dit resulteert in, naar boven a fgerond, 31 draaiuren per jaar. Deze berek e- ning is als volgt tot stand gekomen: 175 meter x 876 overtochten = 153.300 meter = 153,3 kilometer 153,3 kilometer / 5 kilometer per uur = 30, 66 uur De totale emissie van de overtochten per boot bedraagt ongeveer 1,13 kg NOx/jr. 4.1.4 Woon-werkverkeer eigenaar (bron 4) De eigenaar van het bedrijf rijdt 5 dagen per week van zijn woning aan de Cornelisgracht 40 naar de werkplaats aan de Dwarsgracht 13 en terug. Dit resulteert in 520 ritten licht verkeer per jaar. Omdat de bedrijfsvoering zal worden verplaats naar dezelfde locatie als waar de eigenaar woonachtig is, zal het woon-werkverkeer in de toekomstige situatie komen te vervallen. Bij de indeling van verkeer in licht, middelzwaar en zwaar (vracht)verkeer is uitgegaan van figuur 6.1 van de ‘Instructie gegevensinvoer AERIUS Calculator 2019’ (tabel 1). Tabel 1.
Bepaling voertuigcategorieën (InfoMil) Categorie Alledaagse omschrijving Lichte motorvoertuigen - alle personenauto’s - de meeste bestelauto’s - vrachtwagens met 4 wielen Middelzware motorvoertuigen - alle autobussen - vrachtwagens met 2 assen en 4 achterwielen Zware motorvoertuigen -vrachtwagens met 3 of meer assen - vrachtwagens met aanhanger - trekkers met oplegger De totale emissie van het woon-werkverkeer bedraagt minder dan één kilo NOx/jr. 4.1.5 Verkeersgeneratie huurappartement (bron 5) Op de locatie Corne lisgracht 40 is in de loods waar de toekomstige bedrijfsvoering zal plaatsvinden, in de bestaande situatie ook een huurappartement gevestigd (Cornelisgracht 40a). In de toekomstige 2 S. Samaras, EMEP/Corinair emission inventory guidebook, Other mobile sources and machinery, version 3.2, December 2000, tabel 8.7 23 december 2020 9 situatie zal dit appartement worden opgeheven. Dat betekent ook dat de verk eersgeneratie beh o- rende bij het huurappartement zal komen te vervallen in de toekomstige situatie. In de bestaande situatie is het verkeer van en naar het huurappartement opgenomen, waarbij ge- bruik is gemaakt van CROW publicatie 381, december 2018. Daarbij is gebruikgemaakt van de kenci j- fers voor ‘huur, appartement, midden/goedkoop (incl. sociale huur)’ (maximaal 4,5 ritten per appartement, buitengebied, niet stedelijk).
Dit houdt in dat rekening moet worden gehouden met naar boven afgerond 1.643 ritten op jaarbasis. De totale emissie van de verkeersgen eratie van het huurappartement bedraagt ongeveer 1, 37 kg NOx/jr. 4.1.6 Gasverbruik huurappartement (bron 6) Uit aangeleverde gegevens blijkt dat het gasverbruik van het huurappartement in de bestaande situ- atie 4.932 m 3 gas per jaar bedraagt. De bijbehorende emissie op jaarbasis is 2,43 kg NOx/jr. Dit is ingevoerd in AERIUS als een vlakbron. De kentallen voor het omrekenen van het verbruik zijn afko m- stig uit het TNO-onderzoek over installaties huishoudens3. 3 TNO. (2014), Update NOx-emissiefactoren kleine vuurhaarden – glastuinbouw en huishoudens 23 december 2020 10 4.2 Toekomstige situatie Ten behoeve van de sloopwerkzaamheden van de loodsen en de toekomstige bedrijvigheid aan de Cornelisgracht 40 zijn de volgende invoergegevens in AERIUS gebruikt (afbeelding 2). 4.2.1 Emissie mobiele werktuigen op de locatie (bron 1) In de navolgende tabel (tabel 2) zijn de invoergegevens van de mobiele werktuigen op de slooplocatie weergegeven. Dit zijn de mobiele w erktuigen die voor de sloop van de bedrijfsloodsen worden ge- bruikt. Voor de berekening is uitgegaan van de door de opdrachtgever aangeleverde gegevens. Tabel 2.
Emissie mobiele werktuigen bouwlocatie Mobiel werktuig Vermogen in kW Belasting4 Draaiuren per jaar Emissiefactor in gr/kWh Emissie kg/jr. Stage klasse Kraan 38 61% 15 4,8 1,67 IIIb Totale emissie in kg NOx/jr. 1,67 4.2.2 Aan- en afvoer containers + materieel (bron 2) Wat betreft het werkverkeer is rekening gehouden met de volgende ritten per jaar. Voor de berek e- ning is uitgegaan van gemiddelden, gebaseerd op jarenlange ervaring met stikstofberekeningen. - licht verkeer 6 ritten/jaar; - middelzwaar 50 ritten/jaar; - zwaar verkeer 4 ritten/jaar. Het gaat hierbij om de aan - en afvoer van 25 containers + mater ieel naar de aanlegplaats langs de Dwarsgracht. Deze zullen vervolgens naar het plangebied aan de overkant worden gevaren op een ponton en weer terug. De totale emissie van aan- en afvoer van containers en materieel bedraagt minder dan een kilo NOx/jr. 4.2.3 Overtochten boot (bron 3) De overtochten ten behoeve van de sloop zijn opgenomen als bron 3. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een ponton welke voortbewogen zal worden door dezelfde motorboot die wordt gebruikt ten behoeve van de bedrijfsvoering van het kleine ambachtelijke bedrijf. De bijbehorende emissie is b e- rekend op basis van 40 overtochten in totaal over een afstand van 175 meter met een gemiddelde snelheid van 3 km/h met een 20 pk boot.
De emissiefactor behorende bij een 20 pk (15 kW) moto r- boot op benzine met een maximale diepg ang van 50 cm is 4,04 g/kW 5. Dit resulteert in, naar boven afgerond, 3 draaiuren per jaar. Deze berekening is als volgt tot stand gekomen: 4 De belasting is het vermogen van het mobiele werktuig wat gemiddeld gebruikt wordt. 5 S. Samaras, EMEP/Corinair emission inventory guidebook, Other mobile sources and machinery, version 3.2, December 2000, tabel 8.7 23 december 2020 11 175 meter x 40 overtochten = 7.000 meter = 7 kilometer 7 kilometer / 3 kilometer per uur = 2,3 uur De totale emissie van de overtochten bedraagt minder dan een kilo NOx/jr. 4.2.4 Verwarmd deel bedrijfsruimte Cornelisgracht 40 (bron 4) In de toekomstige situatie zal het kleine ambachtelijke bedrijf verder worden voortgezet in de schuur behorende bij de woni ng aan de Cornelisgracht 40. De eigenaar van het bedrijf is reeds zelf woo n- zaam op dit adres. De verwarming van de bedrijfsruimte in de toekomstige situatie zal worden uitg e- voerd met dezelfde heteluchtkachel als in de bestaande situatie waarbij het volume van de bedrijfsruimte gelijk blijft aan de bedrijfsruimte in de bestaande situatie. De bijbehorende emissie op jaarbasis is 0,6 kg NOx/jr gebaseerd op een jaarlijks verbruik van 1.200 m 3 gas per jaar . Dit is ing e- voerd in AERIUS als een vlakbron.
De kental len voor het omrekenen van het verbruik zijn afkomstig uit het TNO-onderzoek over installaties huishoudens6. 4.2.5 Verkeersgeneratie bedrijfsvoering (bron 5) Ongeveer één keer per twee weken zal er gebruik worden gemaakt van een aanleghelling bij Corneli s- gracht 40 om een bootje naar de werkplaats van Cornelisgracht 40 te brengen. Dit komt neer op 52 ritten vrachtverkeer per jaar. Dit zal gebeuren doormiddel van een trekker met trailer. De bewegingen hiervan zijn opgenomen als een lijnbron waarbij een tractor wordt gezien als middelzwaar vrachtverkeer. De totale emissie van de verkeersgeneratie van de bedrijfsvoering bedraagt minder dan één kilo NOx/jr. 4.2.6 Verkeersgeneratie klanten (bron 6) Er zullen gemiddeld ongeveer 7,5 klanten per week naar de Corneli sgracht 40 komen gebaseerd op de huidige situatie aan de Dwarsgracht 13. Dit zijn 780 ritten licht verkeer op jaarbasis. De totale emissie van de verkeersgeneratie van de verkeersgeneratie van de klanten bedraagt mi n- der dan één kilo NOx/jr. 4.3 Totale emissies De totale emissie van het project in de bestaande situatie bedraagt ongeveer 5,76 kg NOx/jr. De totale emissie van het project in de toekomstige s ituatie bedraagt ongeveer 3,46 kg NOx/jr. 6 TNO.
(2014), Update NOx-emissiefactoren kleine vuurhaarden – glastuinbouw en huishoudens 23 december 2020 12 5 Modellen De emissie en depositie van het plan zijn bepaald met behulp van het AERIUS pakket (23 december 2020). In de berekening is uitgegaan van het rekenjaar 2021. Indien het project later zal worden ui t- gevoerd, kan deze berekening als worst-case worden beschouwd. In latere rekenjaren zal de emissi e- factor van onder andere verkeersbewegingen namelijk afnemen. Navolgend is van de modellen een afbeelding opgenomen. Afbeelding 4 - AERIUS model bestaande situatie Afbeelding 5 - AERIUS model toekomstige situatie
23 december 2020 13 6 Rekenresultaten en conclusie De berekening met AERIUS genereert een rekenresultaat en een pdf bestand waarin wordt geconstateerd dat er geen stikstofge voelige Natura 2000 -gebieden zijn met een overschrijding van een projectbijdrage van meer dan 0,00 mol N/ha/jaar. Dit pdf bestand is als bijlage opgenomen en seperaat toegevoegd. Afbeelding 6 - Rekenresultaat Met het toepassen van intern salderen treedt er door stikstofdepositie geen negatief effect op in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) beschermde Natura 2000 -gebieden. Aangezien gebruik is gemaakt van intern salderen is voor dit project wel een vergunning van de Wnb nodig.
Colofon Rapport BügelHajema Adviseurs BügelHajema Adviseurs bv Bureau voor Ruimtelijke Ordening en Milieu BNSP Balthasar Bekkerwei 76 8914 BE Leeuwarden T 058 215 25 15 E info@bugelhajema.nl W www.bugelhajema.nl Vestigingen te Assen, Leeuwarden en Amersfoort Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl. Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers.
Berekening Bestaande situatie en Toekomstige situatie Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens RaFRfcwrYKsp (23 december 2020) pagina 1/12 Contact Rechtspersoon Inrichtingslocatie Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40, 8355 CS Giethoorn Activiteit Omschrijving AERIUS kenmerk Sloop twee bedrijfsloodsen RaFRfcwrYKsp Datum berekening Rekenjaar Rekenconfiguratie 23 december 2020, 19:29 2021 Berekend voor natuurgebieden Totale emissie Situatie 1 Situatie 2 Verschil NOx 5,76 kg/j 3,46 kg/j -2,30 kg/j NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j -0,06 kg/j Resultaten Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j) Natuurgebied Verschil De Wieden 0,00 Toelichting Sloop twee bedrijfsloodsen + verplaatsing bedrijfsvoering. intern salderen op beide locaties Verschilberekening bestaande situatie met toekomstige situatie RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 2/12 Locatie Bestaande situatie Emissie Bestaande situatie Bron Sector Emissie NH3 Emissie NOx Te slopen loodsen Anders... | Anders... - - Verwarmd deel loods Anders... | Anders...
- < 1 kg/j Overtochten boot Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie - 1,13 kg/j Woon-werkverkeer eigenaar Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j < 1 kg/j Verkeersgeneratie huurappartement Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j 1,37 kg/j Gasverbruik huurappartement Anders... | Anders... - 2,40 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 3/12 Locatie Toekomstige situatie Emissie Toekomstige situatie Bron Sector Emissie NH3 Emissie NOx Te slopen loodsen Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie < 1 kg/j 1,67 kg/j Aan- en afvoer containers + materieel Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j < 1 kg/j Overtochten boot Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie - < 1 kg/j Verwarmd deel bedrijfsruimte Cornelisgracht 40 Anders... | Anders...
- < 1 kg/j Verkeersgeneratie bedrijfsvoering Wegverkeer | Buitenwegen < 1 kg/j < 1 kg/j Verkeersgeneratie klanten Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 4/12 Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden (mol/ha/j) Natuurgebied Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen* De Wieden 0,01 0,02 0,00 * Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven. RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 5/12 Resultaten per habitattype (mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000- gebieden met het hoogste resultaat De Wieden Habitattype Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen* H9999:35 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische relevante type (H7140B).
0,01 0,02 0,00 H7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden) 0,02 0,02 0,00 Lg05 Grote-zeggenmoeras 0,02 0,02 0,00 Lg07 Dotterbloemgrasland van veen en klei 0,01 0,02 0,00 -0,00 Lg10 Kamgrasweide & Bloemrijk weidevogelgrasland van het zand- en veengebied 0,01 0,02 0,00 -0,00 H91D0 Hoogveenbossen 0,01 0,01 0,00 H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen) 0,01 0,01 0,00 Lg08 Nat, matig voedselrijk grasland 0,01 0,01 0,00 - ZGH3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen 0,01 0,01 0,00 H3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen 0,01 0,00 0,00 Lg02 Geïsoleerde meander en petgat 0,01 0,00 0,00 ZGH7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden) 0,01 0,00 0,00 * Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 6/12 Emissie (per bron) Bestaande situatie Naam Te slopen loodsen Locatie (X,Y) 198886, 526309 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,1 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie Naam Verwarmd deel loods Locatie (X,Y) 198887, 526303 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,0 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie NOx < 1 kg/j Naam Overtochten boot Locatie (X,Y) 198965, 526248 NOx 1,13 kg/j Voertuig Omschrijving Uitstoot hoogte (m) Spreiding (m) Warmte inhoud (MW) Stof Emissie AFW Overtochten met de boot 4,0 4,0 0,0 NOx 1,13 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 7/12 Naam Woon-werkverkeer eigenaar Locatie (X,Y) 199816, 526209 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 520,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j Naam Verkeersgeneratie huurappartement Locatie (X,Y) 200384, 526243 NOx 1,37 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 1.643,0 / jaar NOx NH3 1,37 kg/j < 1 kg/j Naam Gasverbruik huurappartement Locatie (X,Y) 199937, 526929 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,1 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie NOx 2,40 kg/j
RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 8/12 Emissie (per bron) Toekomstige situatie Naam Te slopen loodsen Locatie (X,Y) 198886, 526309 NOx 1,67 kg/j NH3 < 1 kg/j Voertuig Omschrijving Uitstoot hoogte (m) Spreiding (m) Warmte inhoud (MW) Stof Emissie AFW Kraan 37,5 kW 4,0 4,0 0,0 NOx NH3 1,67 kg/j < 1 kg/j Naam Aan- en afvoer containers + materieel Locatie (X,Y) 200364, 526243 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 6,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j Standaard Middelzwaar vrachtverkeer 50,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j Standaard Zwaar vrachtverkeer 4,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 9/12 Naam Overtochten boot Locatie (X,Y) 198965, 526248 NOx < 1 kg/j Voertuig Omschrijving Uitstoot hoogte (m) Spreiding (m) Warmte inhoud (MW) Stof Emissie AFW Overtochten met de boot 4,0 4,0 0,0 NOx < 1 kg/j Naam Verwarmd deel bedrijfsruimte Cornelisgracht 40 Locatie (X,Y) 199938, 526929 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,1 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie NOx < 1 kg/j Naam Verkeersgeneratie bedrijfsvoering Locatie (X,Y) 199919, 526937 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Middelzwaar
vrachtverkeer 52,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 10/12 Naam Verkeersgeneratie klanten Locatie (X,Y) 200385, 526245 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 780,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 11/12 Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20201216_c759386971 Database versie 2020_20201216_c759386971 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020 RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 12/12 bestemmingsplan Giethoorn - Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 188 bestemmingsplan Giethoorn - Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 Bijlage 6 AERIUS-berekening Cornelisgracht - bijlage bij rapportage 189
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl. Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers.
Berekening Bestaande situatie en Toekomstige situatie Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens RaFRfcwrYKsp (23 december 2020) pagina 1/12 Contact Rechtspersoon Inrichtingslocatie Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40, 8355 CS Giethoorn Activiteit Omschrijving AERIUS kenmerk Sloop twee bedrijfsloodsen RaFRfcwrYKsp Datum berekening Rekenjaar Rekenconfiguratie 23 december 2020, 19:29 2021 Berekend voor natuurgebieden Totale emissie Situatie 1 Situatie 2 Verschil NOx 5,76 kg/j 3,46 kg/j -2,30 kg/j NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j -0,06 kg/j Resultaten Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j) Natuurgebied Verschil De Wieden 0,00 Toelichting Sloop twee bedrijfsloodsen + verplaatsing bedrijfsvoering. intern salderen op beide locaties Verschilberekening bestaande situatie met toekomstige situatie RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 2/12 Locatie Bestaande situatie Emissie Bestaande situatie Bron Sector Emissie NH3 Emissie NOx Te slopen loodsen Anders... | Anders... - - Verwarmd deel loods Anders... | Anders...
- < 1 kg/j Overtochten boot Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie - 1,13 kg/j Woon-werkverkeer eigenaar Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j < 1 kg/j Verkeersgeneratie huurappartement Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j 1,37 kg/j Gasverbruik huurappartement Anders... | Anders... - 2,40 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 3/12 Locatie Toekomstige situatie Emissie Toekomstige situatie Bron Sector Emissie NH3 Emissie NOx Te slopen loodsen Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie < 1 kg/j 1,67 kg/j Aan- en afvoer containers + materieel Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j < 1 kg/j Overtochten boot Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie - < 1 kg/j Verwarmd deel bedrijfsruimte Cornelisgracht 40 Anders... | Anders...
- < 1 kg/j Verkeersgeneratie bedrijfsvoering Wegverkeer | Buitenwegen < 1 kg/j < 1 kg/j Verkeersgeneratie klanten Wegverkeer | Binnen bebouwde kom < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 4/12 Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden (mol/ha/j) Natuurgebied Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen* De Wieden 0,01 0,02 0,00 * Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven. RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 5/12 Resultaten per habitattype (mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000- gebieden met het hoogste resultaat De Wieden Habitattype Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen* H9999:35 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische relevante type (H7140B).
0,01 0,02 0,00 H7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden) 0,02 0,02 0,00 Lg05 Grote-zeggenmoeras 0,02 0,02 0,00 Lg07 Dotterbloemgrasland van veen en klei 0,01 0,02 0,00 -0,00 Lg10 Kamgrasweide & Bloemrijk weidevogelgrasland van het zand- en veengebied 0,01 0,02 0,00 -0,00 H91D0 Hoogveenbossen 0,01 0,01 0,00 H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen) 0,01 0,01 0,00 Lg08 Nat, matig voedselrijk grasland 0,01 0,01 0,00 - ZGH3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen 0,01 0,01 0,00 H3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen 0,01 0,00 0,00 Lg02 Geïsoleerde meander en petgat 0,01 0,00 0,00 ZGH7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden) 0,01 0,00 0,00 * Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 6/12 Emissie (per bron) Bestaande situatie Naam Te slopen loodsen Locatie (X,Y) 198886, 526309 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,1 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie Naam Verwarmd deel loods Locatie (X,Y) 198887, 526303 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,0 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie NOx < 1 kg/j Naam Overtochten boot Locatie (X,Y) 198965, 526248 NOx 1,13 kg/j Voertuig Omschrijving Uitstoot hoogte (m) Spreiding (m) Warmte inhoud (MW) Stof Emissie AFW Overtochten met de boot 4,0 4,0 0,0 NOx 1,13 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 7/12 Naam Woon-werkverkeer eigenaar Locatie (X,Y) 199816, 526209 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 520,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j Naam Verkeersgeneratie huurappartement Locatie (X,Y) 200384, 526243 NOx 1,37 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 1.643,0 / jaar NOx NH3 1,37 kg/j < 1 kg/j Naam Gasverbruik huurappartement Locatie (X,Y) 199937, 526929 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,1 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie NOx 2,40 kg/j
RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 8/12 Emissie (per bron) Toekomstige situatie Naam Te slopen loodsen Locatie (X,Y) 198886, 526309 NOx 1,67 kg/j NH3 < 1 kg/j Voertuig Omschrijving Uitstoot hoogte (m) Spreiding (m) Warmte inhoud (MW) Stof Emissie AFW Kraan 37,5 kW 4,0 4,0 0,0 NOx NH3 1,67 kg/j < 1 kg/j Naam Aan- en afvoer containers + materieel Locatie (X,Y) 200364, 526243 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 6,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j Standaard Middelzwaar vrachtverkeer 50,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j Standaard Zwaar vrachtverkeer 4,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 9/12 Naam Overtochten boot Locatie (X,Y) 198965, 526248 NOx < 1 kg/j Voertuig Omschrijving Uitstoot hoogte (m) Spreiding (m) Warmte inhoud (MW) Stof Emissie AFW Overtochten met de boot 4,0 4,0 0,0 NOx < 1 kg/j Naam Verwarmd deel bedrijfsruimte Cornelisgracht 40 Locatie (X,Y) 199938, 526929 Uitstoothoogte 0,0 m Oppervlakte 0,1 ha Spreiding 0,0 m Warmteinhoud 0,000 MW Temporele variatie Continue emissie NOx < 1 kg/j Naam Verkeersgeneratie bedrijfsvoering Locatie (X,Y) 199919, 526937 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Middelzwaar
vrachtverkeer 52,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 10/12 Naam Verkeersgeneratie klanten Locatie (X,Y) 200385, 526245 NOx < 1 kg/j NH3 < 1 kg/j Soort Voertuig Aantal voertuigen Stof Emissie Standaard Licht verkeer 780,0 / jaar NOx NH3 < 1 kg/j < 1 kg/j RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 11/12 Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20201216_c759386971 Database versie 2020_20201216_c759386971 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020 RaFRfcwrYKsp (23 december 2020)Resultaten Bestaande situatie Toekomstige situatie Resultaten pagina 12/12 bestemmingsplan Giethoorn - Dwarsgracht 13 en Cornelisgracht 40 Bijlage 7 AERIUS-berekening Dwarsgracht - rapportage 203
Berekening stikstofdepositie Dwarsgracht 13 te Giethoorn D E F I N I T I E F Berekening stikstofdepositie Dwarsgracht 13 te Giethoorn D E F I N I T I E F Inhoud Toelichting & bijlage 1 juni 2021 Projectnummer 245.52.50.00.0000 1 juni 2021 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Wettelijk kader 4 3 Ligging projectgebied 5 4 Invoergegevens AERIUS 6 4.1 Bestaande situatie 6 4.1.1 Te slopen loodsen (bron 1) 6 4.1.2 Verwarmd deel loods (bron 2) 6 4.1.3 Overtochten boot (bron 3) 7 4.1.4 Woon-werkverkeer eigenaar (bron 4) 7 4.2 Toekomstige situatie 8 4.2.1 Emissie mobiele werktuigen op de locatie (bron 1) 8 4.2.2 Aan- en afvoer sloopafval, bouwmaterialen, personeel en mobiele werktuigen (bron 2) 8 4.2.3 Overtochten boot (bron 3) 8 4.3 Totale emissies 9 5 Modellen 10 6 Rekenresultaten en conclusie 11 1 juni 2021 3 1 Inleiding In het kader van het project Dwarsgracht 13 is de depositie van stikstof ten gevolge van de uitvoer van het project in de gemeente Steenwijkerland berekend. Het project maakt de sloop van twee bedrijfsloodsen mogelijk en de bouw van een woning op de vrijgekomen locatie. . Het kleine ambachtelijke bedrijf wat ter plekke gevestigd is zal worden ve r- plaatst naar een andere locatie, aan de Cornelisgracht 40 te Giethoorn . De omvang van het project is op de onderstaande afbeelding en weergegeven..
De depositie van stikstof in Natura 2000 -gebieden ten gevolge van de emissie van NO x en NH3 van deze ontwikkeling, alsmede van het verkeer van en naar de locatie i s berekend met het programmapakket AERIUS ( 1 juni 2021). Deze notitie vormt een toelichting op de berekening. Afbeelding 1 – Omvang projectgebied Dwarsgracht 13 (bron: Google Earth Pro, d.d. 31-5-2021) Leeswijzer In het volgende hoofdstuk wordt ingegaan op het wettelijk kader van de Wet natuurbescherming bij vergunningaanvragen of bestemmingsplanprocedures. Vervolgens komt in hoofdstuk 3 de ligging van de projectgebieden ten opzichte van de meest nabijgelegen Nature 2000 -gebieden aan bod. Hoofdstuk 4 is gewijd aan de invoergegevens van het programmapakket AERIUS en hoofdstuk 5 geeft de modellen weer. In het laatste hoofdstuk worden de rekenresultaten en conclusies besproken. 1 juni 2021 4 2 Wettelijk kader De Wet natuurbescherming regelt de bescherming van Natura 2000 -gebieden, bossen en specifieke dier- en plantsoorten. De bescherming van de Natura 2000 -gebieden is verankerd in het onderdeel gebiedsbescherming. Plannen en projecten met n egatieve effecten op deze gebieden zijn vergu n- ningsplichtig. Relevant daarbij is dat de Wnb een externe werking kent. Van externe werking is sprake als activiteiten buiten een Natura 2000 -gebied van invloed zijn op de natuurwaarden in een Natura 2000-gebied.
In Nederland zijn 161 Natura 2000-gebieden gelegen. In 130 van deze gebieden komen stikstofgevoe- lige habitats of leefgebieden van soorten voor . Dit betekent dat een verdere toename van stikstofd e- positie tot een negatief effect kan leiden. Derhalve dien t bij een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling onderzocht te worden of er stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000 -gebieden plaatsvindt. Dit geldt voor een activiteit waar een omgevingsvergunning voor noodzakelijk is , maar ook voor een bestemmingsplan. Voor een bestemmingsplan is het namelijk noodzakelijk om de uitvoerbaarheid van het plan op voorhand aan te tonen. Hiernaast geldt op grond van artikel 2.7 Wnb in samenhang met artikel 2.8 Wnb een onderzoeksplicht voor bestemmingsplannen. Een te hoge sti kstofdepositie kan tot een negatief effect leiden, waardoor het bestemmingsplan onder dezelfde omstandigheden niet kan worden vastgesteld. Saldering Om een ruimtelijke ontwikkeling of bestemmingsplan waarbij sprake is van meer stikstofdepositie op een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied mogelijk te maken, kan gebruik worden gemaakt van intern - of extern salderen. Door middel van salderen zorgt de initiatiefnemer er voor dat de netto stikstof e- missie niet toe neemt.
Dit kan door middel van het staken van sti kstof emitterende activiteiten op de locatie zelf (intern salderen) of het staken van stikstof emitterende activiteiten op een locatie buiten het plangebied van de ruimtelijke ontwikkeling of het bestemmingsplan (extern salderen). Om intern te kunnen salderen moet er sprake zijn van één project of één locatie. Intern salde ren kan gaan om het treffen van maatregelen aan een bestaand project of kan worden toegepast op nieuwe projecten op de locatie van een bestaand project. Bij extern salderen gaat het om ver schillende pro- jecten of plannen. Extern salderen wordt aangemerkt als een mitigerende of beschermende maatr e- gel in de zin van artikel 6, lid 3 Habitatrichtlijn en moet dus plaatsvinden in het kader van een passende beoordeling. Stikstofregistratiesysteem Naast saldering bestaat er de mogelijkheid om voor woningbouwprojecten waarbij er sprake is van meer stikstofdepositie op een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied mogelijk te maken via het stikstof- registratiesysteem. In dit stikstofregistratiesysteem wordt alle stikstofruimte van stikstof reducerende maatregelen, waaronder de verlaging van de maximumsnelheid op autosnelwegen naar 100 km/uur, opgeslagen. De door deze maatregelen beschikbaar gekomen ruimte kan voor maximaal 70 % wo r- den besteed aan economische ontwikkelingen.
1 juni 2021 5 3 Ligging projectgebied Zoals in de inleiding is aangegeven is het projectgebied gelegen aan de Dwarsgracht te Giethoorn. Op de onderstaande afbeelding is de ligging van het projectgebied ten opzichte van de meest nabij gel e- gen Natura 2000-gebieden weergegeven. Afbeelding 3– Ligging projectgebied ten opzichte van de meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden De meest nabij gelegen Natura 2000-gebieden zijn: - De Wieden, gelegen op een afstand van minder dan een km; - Weerribben, gelegen op een afstand van circa 4 km; - Zwarte Meer, gelegen op een afstand van circa 8 km; - Olde Maten & Veerslootslanden, gelegen op een afstand van circa 9 km; - Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht, gelegen op een afstand van circa 9 km.
1 juni 2021 6 4 Invoergegevens AERIUS In AERIUS zijn standaard emissie -kengetallen opgenomen op basis waarvan de emissies van NO x en NH3 worden bepaald. Naast de bronnen van de gebouwen en mobiele werktuigen dienen ook de verkeersbewegingen op en van en naar het terrein in de berekeningen meegenomen te worden. Conform de “Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator” dient de verkeersg eneratie b e- schouwd te worden totdat het verkeer is opgenomen in het heersende verkeersbeeld. Dit is het geval wanneer het aan- en afrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet, dan wel niet meer onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt. De berekening heeft dienovereenkomstig plaatsgevonden. In de bestaande situatie wordt een deel van één van de loodsen verwarmd met gas. Omdat het kleine ambachtelijke bedrijf niet direct met de auto toegankelijk is vinden er op dagelijkse basis overtochten met een boot plaats naar de overkant van het water ten behoeve van de bedrijfsvoering. Hierbij wo r- den zowel klanten als machines overgevaren. Het huidige gebruik van de loodsen alsmede de ove r- tochten per boot worden in het kader van deze AERIUS berekening ten behoeve van interne saldering gebruikt. Ten behoeve van de sloop en ten behoeve van de saldering zijn de navolgende invoergegevens in AERIUS gebruikt.
4.1 Bestaande situatie Ten behoeve van de saldering in dit project is in AERIUS eerst de bestaande situatie ingevoerd (a f- beelding 1). De bestaande situatie wordt in AERIUS tegenover de nieuwe situatie gezet waarbij de stikstofdepositie van beide situaties wordt vergeleken. AERIUS rekent hierbij de netto toename o f afname stikstofdepositie uit. In het model zijn de volgende gegevens t.b.v. de bestaande situatie i n- gevoerd. 4.1.1 Te slopen loodsen (bron 1) De te slopen loodsen zijn ter indicatie als een vlakbron ingevoerd. 4.1.2 Verwarmd deel loods (bron 2) In de huidige situat ie staan in het plangebied twee bedrijfsloodsen. Een deel van één van deze loo d- sen wordt met gas verwarmd. Het gaat hierbij om gemiddeld 1.200 m 3 gas per jaar. De bijbehorende emissie op jaarbasis is 0,6 kg NOx/jr. Dit is ingevoerd in AERIUS als een vlakbr on. De kentallen voor het omrekenen van het verbruik zijn afkomstig uit het TNO-onderzoek over installaties huishoudens1. 1 TNO. (2014), Update NOx-emissiefactoren kleine vuurhaarden – glastuinbouw en huishoudens 1 juni 2021 7 4.1.3 Overtochten boot (bron 3) Voor de bestaande situatie zijn de overtochten met de boot naar de overkant van de Dwarsgracht opgenomen. De bijbehorende emissie is berekend op basis van 876 overtochten in totaal op jaarb a- sis over een afstand van 175 meter met een gemiddelde snelheid van 5 km/h met een 20 pk boot.
De emissiefactor behorende bij een 20 pk (15 kW) motorboot op benzine met een maximale diepgang van 50 cm is 4,04 g/kW 2. Dit resulteert in, naar boven afgerond, 31 draaiuren per jaar. Deze berek e- ning is als volgt tot stand gekomen: 175 meter x 876 overtochten = 153.300 meter = 153,3 kilometer 153,3 kilometer / 5 kilometer per uur = 30, 66 uur De totale emissie van de overtochten per boot bedraagt ongeveer 1,30 kg NOx/jr. 4.1.4 Woon-werkverkeer eigenaar (bron 4) De eigenaar van het bedrijf rijdt 5 dagen per week van zijn woning aan de Cornelisgracht 40 naar de werkplaats aan de Dwarsg racht 13 en terug. Dit resulteert in 520 ritten licht verkeer per jaar. Omdat de bedrijfsvoering zal worden verplaats naar dezelfde locatie als waar de eigenaar woonachtig is, zal het woon-werkverkeer in de toekomstige situatie komen te vervallen. Bij de indeling van verkeer in licht, middelzwaar en zwaar (vracht)verkeer is uitgegaan van figuur 6.1 van de ‘Instructie gegevensinvoer AERIUS Calculator 2019’ (tabel 1). Tabel 1.
Bepaling voertuigcategorieën (InfoMil) Categorie Alledaagse omschrijving Lichte motorvoertuigen - alle personenauto’s - de meeste bestelauto’s - vrachtwagens met 4 wielen Middelzware motorvoertuigen - alle autobussen - vrachtwagens met 2 assen en 4 achterwielen Zware motorvoertuigen -vrachtwagens met 3 of meer assen - vrachtwagens met aanhanger - trekkers met oplegger De totale emissie van het woon-werkverkeer bedraagt minder dan één kilo NOx/jr. 2 S. Samaras, EMEP/Corinair emission inventory guidebook, Other mobile sources and machinery, version 3.2, December 2000, tabel 8.7 1 juni 2021 8 4.2 Toekomstige situatie Ten behoeve van de sloopwerkzaamheden van de loodsen en de nieuwbouw van een woning op de vrijgekomen locatie zijn de volgende invoergegevens in AERIUS gebruikt. 4.2.1 Emissie mobiele werktuigen op de locatie (bron 1) In de navolgende tabel (tabel 2) zijn de invoergegevens van de mobiele werktuigen op de slooplocatie weergegeven. Dit zijn de mobiele werk tuigen die voor de sloop van de bedrijfsloodsen worden ge- bruikt. Voor de berekening is uitgegaan van gemiddelden, gebaseerd op het bronbestand van Büge l- Hajema Adviseurs3. De draaiuren ten gunste van het stationair draaien zijn reeds in de draaiuren per jaar opgenomen. Tabel 2.
Emissie mobiele werktuigen bouwlocatie Mobiel werktuig Vermogen in kW Belasting4 Draaiuren per jaar Emissiefactor in gr/kWh Emissie kg/jr. Stage klasse Sloop Kraan 50 69% 10 1 0,35 IV Bouw Kraan 50 69% 20 1 0,69 IV Graafmachine 60 69 15 0,8 0,50 IV Totale emissie in kg NOx/jr. 1,54 4.2.2 Aan- en afvoer sloopafval, bouwmaterialen, personeel en mobiele werktuigen (bron 2) Wat betreft het werkverkeer is rekening gehouden met de volgende ritten per jaar. Voor de berek e- ning is uitgegaan van gemiddelden, gebaseerd op jarenlange ervaring met stikstofberekeningen. - licht verkeer 200 ritten/jaar; - middelzwaar 100 ritten/jaar; - zwaar verkeer 8 ritten/jaar. Het gaat hierbij om de a an- en afvoer van 25 containers sloopafval, bouwmaterialen, personeel en mobiele werktuigen naar de aa nlegplaats langs de Dwarsgracht. Deze zullen vervolgens naar het plangebied aan de overkant worden gevaren op een ponton en weer terug. De totale emissie van de aan- en afvoer sloopafval, bouwmaterialen, personeel en mobiele werktui- gen bedraagt minder dan een kilo NOx/jr. 4.2.3 Overtochten boot (bron 3) De overtochten ten behoeve van de sloop zijn opgenomen als bron 3. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een ponton welke voortbewogen zal worden door dezel fde motorboot die wordt gebruikt ten behoeve van de bedrijfsvoering van het kleine ambachtelijke bedrijf.