Gemeente Steenwijkerland - Jaarverslag 2022 gewaarmerkt.pdf
Tekst van het document
realisatie nieuwbouw Frisoschool, de Gagels Steenwijk - In verband hernieuwde inzichten (woningbouw Betap Crilux) heroverweging locatiekeuze voor de nieuw te bouwen school. - Onderzoeken óf in de nieuw te bouwen wijk een school kan landen lopen. Besluitvorming hierover volgt in 2023 x Voortgang Unilocatie VO Steenwijk - Bestuurlijke gesprekken over nadere uitwerking voor bepalen planning en kosten voor uitvoering lopen. - Verwacht wordt om in 2023 een voorstel aan de raad te kunnen aanbieden. Herijken van het IHP Met de bestuurlijke besluitvorming in het Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) van oktober 2022 is het proces voor herijking van het IHP afgerond. Dit ligt in 2023 aan de raad voor ter besluitvorming. Leven lang leren / ontwikkelen Steenwijkerland De programmering ELL “Een Leven Lang Leren’’ is in samenspraak met stakeholders ontwikkeld en geïmplementeerd Opzet van het programma is in 2022 met stakeholders in werkgroepvorm besproken. O.b.v. output is een implementatieplan voorgesteld inclusief borging. Dit plan wordt 9-2-2023 voorgelegd aan werkgroep en bij akkoord geïmplementeerd. De coördinatie van de uitvoering wordt, x
51 conform het plan, ondergebracht bij de Openbare bibliotheek Kop van Overijssel. Wat voor effect / impact heeft corona / Oekraïne voor het programma “Mijn Steenwijkerland“ in 2022 gehad Onderwerp Extra Uit- of afstel Corona Wonen Als Oekraïners besluiten om in Nederland te blijven zal dit een extra druk opleveren op de (sociale) woningmarkt. In de lokale woonbehoefte van de woonagenda is hier vooralsnog geen rekening mee gehouden. Oekraïne Geen Geen Overzicht baten en lasten programma Mijn Steenwijkerland
52 Waaraan is het geld besteed?
53 2.6 Financiën en Overhead Waar gaan we voor? Programmabegroting 2022-2025 AMBITIE: VERANTWOORDE GEMEENTELIJKE FINANCIËN Sluitende meerjarenbegroting Voldoende weerstandsvermogen Gematigde ontwikkeling lokale lasten Een sluitende meerjarenbegroting voor alle jaren, een gematigde ontwikkeling van de lokale lasten en voldoende buffers om financiële tegenvallers op te kunnen vangen. AMBITIE: PROFESSIONELE ORGANISATIE Wendbaar en toekomstbestendig Programmatische werken Een nieuwe koers voor de organisatie is uitgezet, waarin samenwerken, meedenken, professionaliteit en plezier centraal staan. Een belangrijk onderdeel van onze organisatieontwikkeling is het programmatisch werken. Een prima manier van werken gelet op de grote opgaven van onze gemeente. In het Coalitieakkoord ‘Door verbinding naar resultaat’ is voor wat betreft de financiën een aantal uitgangspunten meegegeven aan het college: 1. Wij willen een solide financieel beeld voortzetten met een reëel sluitende meerjarenbegroting; 2. De algemene reserve zit nu op voldoende omvang en wij willen dat zo houden als een veilige achtervang; 3. De lokale lasten worden jaarlijks trendmatig aangepast en stijgen niet meer; 4. Financiële ruimte voor prioriteiten moet gevonden worden door herschikking; 5. Voor de uitvoering van de programma’s wordt per programma een aanjaagbudget beschikbaar gesteld.
Deze uitgangspunten zijn hieronder vertaald in doelen en resultaten. Trends en ontwikkelingen Onderstaand geven we de belangrijkste trends en ontwikkelingen die positief dan wel negatief hebben bijgedragen aan de beoogde resultaten. Dit betreffen zowel zelf tot stand gebrachte als niet beïnvloedbare zaken waar de gemeente mee is geconfronteerd. We zijn erin geslaagd om voor 2022 en latere jaren een sluitende meerjarenbegroting bij uw raad in te dienen. In 2022 is de OZB niet verhoogd ten opzichte van 2021. Hierdoor zijn we gestegen van plaats 34 naar plaats 15 van gemeenten met de laagste woonlasten (Coelo Atlas 2022). Met ingang van 2021 is door de afdeling belastingen actief ingezet op verbetering van het WOZ-proces. Centraal daarin stonden de opgave om de waardering op de kwaliteit door de Waarderingskamer terug te brengen naar 3 sterren en het vertrouwen van de inwoners terug te winnen als het gaat om de juistheid van de gegevens van de objecten en de waardebepaling daarvan. De gekozen werkwijze zou ook moeten leiden tot een afname van het aantal bezwaren. Het aantal ingediende bezwaren in 2022 is significant gedaald ten opzichte van 2021 (- 46%). In 2022 werden we net als onze inwoners en ondernemers geconfronteerd met hoge energieprijzen en hoge Inflatie.
In sommige gevallen bleek de reguliere indexatie van de budgetten onvoldoende en waren we genoodzaakt om bij de Najaarsnota 2022 extra budget aan de raad te vragen. Zo is bijvoorbeeld een structurele storting gedaan in de voorziening onderhoud wegen om ervoor te zorgen dat we de komende jaren het onderhoud kunnen uitvoeren op het niveau basis. De rente is in 1 jaar tijd met 2,5% gestegen naar bijna 3,2%.
54 Het inhuurpercentage is in 2022 gestegen naar 11,7%. Het ziekteverzuim is iets toegenomen (van 6,3% tot 6,4%), waarmee we boven de landelijke norm uitkomen. Door keuzes van het kabinet zijn de gemeentefinanciën vanaf 2026 onzeker. Het kabinet heeft besloten om vanaf 2026 een fors lager bedrag aan algemene uitkering gemeentefonds uit te keren. Daarbij wordt alvast voorgesorteerd op een mogelijk groter eigen belastinggebied van gemeenten, maar of dat er gaat komen en hoe dat er dan uit komt te zien, is onduidelijk. Thema 19: Verantwoorde gemeentelijke financiën Sluitende meerjarenbegroting Wat wilden we bereiken in 2022? Norm 2022 Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om doelstellingen 2022 te behalen? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald NB = Niet bekend Een materieel en reëel sluitende begroting voor alle jaren is het uitgangspunt Materieel sluitende begroting De programmabegroting 2022 -2025 was structureel sluitend. Dit was alleen mogelijk door voor de jaren 2023- 2025 een stelpost “verwachte extra middelen jeugd” op te nemen, zoals is overeengekomen met het Rijk.
Gematigde ontwikkeling lokale lasten De ‘’0-lijn’’ hanteren voor OZB- opbrengst in 2022 0 lijn Door de positieve financiële positie en naar aanleiding van een motie van de raad is de tariefstijging OZB 0% in 2022 Voor de afvalstoffenheffing en de rioolrechten worden wijzigingen in de kosten verhaald door de tarieven dienovereenkomstig aan te passen (gesloten huishouding) De tarieven voor afvalstoffenheffing en rioolrechten zijn in 2022 met 4% gedaald. Bij afvalstoffenheffing is de verlaging van het tarief met 4% mogelijk vanwege een gunstige prijsontwikkeling van oud papier, de vergoeding van Nedvang van PMD ( Papier Metaal en Drankenkantons) en goede score op afvalscheiding De rioolrechten zijn eveneens gedaald met 4% door inzet van de egalisatievoorziening. In de Coelo Atlas 2022 zijn we gestegen van plek 34 naar 15 van gemeenten met de laagste lokale woonlasten (OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing). Voldoende weerstandsvermogen als veilige achtervang Op basis van een goede en betrouwbare risicocontrole komen tot een juiste analyse, beoordeling en beheersing van risico’s Goede risico- inschatting In de programmabegroting 2022 -2025 zijn risico’s opgenomen inclusief de kans van optreden (“risicokans”). In de begroting bedraagt het risicobedrag afgerond € 8,7 mln. Het gewogen risico – rekening houdend met de “risicokans” – bedraagt € 2,9 mln.
55 Voldoende weerstandscapaciteit om financiële tegenvallers op te kunnen vangen Weerstandsratio > 2 De weerstandscapaciteit van de gemeente Steenwijkerland wordt gevormd door de Algemene reserve vast buffer. Daarnaast bestaat er ruimte om de tarieven voor OZB te verhogen (door gebruik te maken van de onbenutte belastingcapaciteit). Met het financiële kengetal “weerstandsratio” zetten we de weerstandsratio af tegen de gewogen risico’s. Eind 2022 is de weerstandsratio 2,8 ruim boven de signaalwaarde van minimaal 1,0. In de begroting 2022 was een signaalwaarde van 6,1 opgenomen. Ontwikkeling doelstellingen Op basis van de jaarrekening 2022 en de begroting 2023-2026 kunnen we concluderen dat we er tot en met 2025 goed voor staan. Vanaf 2026 (‘financieel ravijnjaar’) zijn de vooruitzichten onzeker zoals hierboven onder ‘trends en ontwikkelingen’ is toegelicht. Ook is het onzeker hoe de inflatie, de energieprijzen en de rente zich gaan ontwikkelen en wat de financiële gevolgen zijn van de nog af te sluiten nieuwe CAO voor gemeentepersoneel. In 2023 kunnen we de gemiddelde stijging van de woonlasten beperkt houden (0,8%). ‘Lasten laag gehouden’ ‘Het zijn voor veel van onze inwoners tijden van grote financiële uitdagingen. Hoge energieprijzen en inflatie hebben ingrijpende gevolgen voor de positie van gezinnen en ondernemingen.
Gelukkig hebben we door politieke keuzes de lokale lasten laag kunnen houden in Steenwijkerland, en ook dit jaar blijven de tarieven voor afvalstoffen- en rioolheffing en ozb gunstig. Steenwijkerland behoort tot de Nederlandse gemeenten met de laagste lokale lasten. Een goede score en dat willen we graag zo houden.’ Marcel Scheringa ‘Financieel in de plus’ ‘De gemeente Steenwijkerland heeft het financiële jaar 2022 positief afgesloten. Dat maakt dat er ruimte blijft voor nieuwe plannen. Het stemt ons uiteraard tevreden dat het toch ook in onzekere tijden is gelukt om het gemeentelijke huishoudboekje op orde te houden, en zelfs een reserve op te bouwen. In een periode met grote maatschappelijke uitdagingen is het moeilijk sturen op – veranderend – rijksbeleid. Het is onzeker welke bedragen er uit Den Haag naar ons toekomen, we hebben dan ook dringend behoefte aan meer duidelijkheid over de gemeentelijke gelden op lange termijn.’ Marcel Scheringa Werkelijk 2022: ziekteverzuim percentage 6,4% Norm 2022: In 2022 zijn we uitgegaan van het modale verzuimpercentage van gemeentes landelijk
56 Werkelijk 2022: inhuurpercentage 11,7% Ontwikkeling doelstellingen Om in 2022 aan de dienstverlening te kunnen voldoen, ondanks de coronamaatregelen en het groeiende aantal moeilijk vervulbare vacatures, werd gebruik gemaakt van inhuur. Het inhuurpercentage is gestegen naar 11,7%, dit is boven de norm. Het ziekteverzuimpercentage is gestegen tot 6,4%. Dit komt mogelijk door uitval door het coronavirus en de toegenomen werkdruk. De stijging van het ziekteverzuimpercentage past in een landelijke trend. Het verzuimcijfer is ook beïnvloed door een toename van het langdurig verzuim. Voor een verdere toelichting op het ziekteverzuim wordt verwezen naar de paragraaf bedrijfsvoering.
Wat voor effect / impact heeft corona / Oekraïne voor het programma “Financiën en Overhead“ in 2022 gehad Onderwerp Extra Uit- of afstel Corona Verantwoording financiële tegemoetkoming op meerdere beleidsvelden Het Rijk heeft middelen beschikbaar gesteld om inwoners te ondersteunen op het gebied van: Onderwijsvertraging covid Coronatoegangsbewijzen Daarnaast ook verantwoording op het gebied van: Inburgering en onderwijsroute inburgering Kwijtschelding schulden/ hulp kindertoeslagenaffaire Energiearmoede Regiodeals Vanwege corona tijdelijke voordeel woz-waarde aantal niet-woningen geeft lagere opbrengst niet-woningen De maatregelen die door de overheid zijn getroffen ter bestrijding van het coronavirus raken ons allemaal. De maatregelen hebben bij bepaalde categorieën bedrijven en instellingen ook tot gebruiksbeperkingen van hun onroerende zaken. Voor de categorieën niet-woningen die ernstig zijn geraakt door overheidsmaatregelen in 2021 is in overleg met de taxateurs besloten de landelijke trend te volgen waarbij de WOZ-waarden van alle gebruikers van winkels, uitgezonderd supermarkten, en horecaobjecten met 5% voordeel zal worden gecorrigeerd. Deze maatregel was alleen van toepassing voor waardepeildatum 01-01-2021.
Oekraïne Verantwoording financiële tegemoetkoming opvang vluchtelingen Het Rijk heeft middelen beschikbaar gesteld om inwoners te ondersteunen op het gebied van: Opvang vluchtelingen Oekraïne Onderwijshuisvesting ontheemden ( Oekraïne)
57 Overzicht baten en lasten programma Financiën en overhead Waaraan is het geld besteed?
58 2.7 Global Goals De Global Goals zijn 17 duurzame ontwikkelingsdoelen die door alle lidstaten van de Verenigde Naties zijn aangenomen en vormen voor de periode tot 2030 de wereldwijze duurzaamheidsagenda. Ook Nederland heeft deze agenda ondertekend. Hieronder staan de 17 doelen vermeld en hebben we per doel enkele succesvolle resultaten uit het afgelopen jaar vermeld. Global Goal (SDG) Resultaat 1. Geen armoede Aanpak energiearmoede. 2. Geen honger Financiering van de Voedselbank Steenwijkerland. Daarnaast is een st art gemaakt met het actieplan MVOI (maatschappelijk verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen). Hierbij spelen we in op lokale afname van producten en hierdoor stimuleren we duurzame voedselproductie. 3. Goede gezondheid en welzijn Cultuurparticipatie, zowel actief (deelname) als passief (bezoeken van evenementen, theater), is bevorderend voor het welzijn van onze inwoners. Het maakt inwoners een stukje blijer en gezonder en draag wellicht ook bij aan versteviging van sociale cohesie. De opzet van het project ‘Een leven lang leren en ontwikkelen’ is ook gericht op het welzijn van onze inwoners. Een ander voorbeeld is onze inzet op een duurzame sportinfrastructuur, speelvoorzieningen en de aanleg/verbetering van fietspaden om buiten te bewegen te stimuleren. 4.
Kwaliteitsonderwijs De regionale praktijk academie (RPA) is een goede samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven. Het vervult een behoefte en draagt bij aan de kwaliteit van praktijkonderwijs. 5. Gendergelijkheid Samenwerking met Stichting Regenboog Steenwijkerland bij uitvoeringsactiviteiten. 6. Schoon water en sanitair Uitvoering van het watertakenplan. 7. Betaalbare en duurzame energie Verduurzamen eigen gebouwen, subsidiemogelijkheden isoleren, inzet energiecoaches 8. Eerlijk werk en economische groei Begeleiden van inwoners naar werk. Daarbij zijn ook 160 Oekraïense vluchtelingen aan werk geholpen. 9. Industrie, innovatie en infrastructuur Duurzaamheid en klimaatadaptatie staan vaker op de agenda van het parkmanagement overleg dat per bedrijventerrein is georganiseerd. Bewustwording is vergroot. 10. Ongelijkheid verminderen Activiteiten uit de Inclusie agenda zijn uitgevoerd om inclusiviteit te bevorderen. Een ander voorbeeld is dat we nu de toegankelijkheid van onze website toetsen we via een speciaal programma hiervoor. In ons testpanel laten we inwoners meekijken met brieven, om er zo voor te zorgen dat onze brieven voor iedereen begrijpelijk zijn. 11. Duurzame steden en gemeenschappen Speel- en ontmoeti ngsveld Schutterswoerthe , Tuk. Herinrichten en opwaarderen van het huidige speelveld tot een speel- en ontmoetingsveld voor iedereen.
De subsidieregeling stimuleren vitaliteit binnenstad Steenwijk draagt bij aan het voorkomen van leegstand. 12. Verantwoorde consumptie Duurzaam en lokaal inkopen, aanpak zwerfafval 13. Klimaatactie CO2-footprint in beeld brengen, NK tegelwippen, klimaatburgemeester, klimaatweek. Bij de ontwikkeling van Steenwijk Zuidoost is natuurinclusiviteit en klimaatadaptatie nadrukkelijk meegenomen in de planvorming. 14. Leven in het water Met het groen blauwe netw erk brengen we het leefgebied van wilde planten en dieren in beeld en de kansen voor het behouden en bevorderen van het leven in het water. 15. Leven op het land Door het aanbieden van (inheemse) landschappelijke beplanting aan onze inwoners en de aanplant van 200 hoogstamfruitbomen hebben we bijgedragen aan het behoud van streekeigen beplanting. Deze beplanting creëert leefruimte voor verschillende soorten vogels, egels, eekhoorn, wilde bijen, vlinders en andere insecten. Ook het ecologisch beheren van onze bermen draagt bij aan het behoud leven op land. 16. Vrede, veiligheid en sterke publieke diensten Alle medewerkers van het cluster burgerzaken hebben een opleiding gevolgd en met succes afgerond gericht op het signaleren van identiteitsfraude. 17. Partnerschap om doelstellingen te bereiken Op het gebied van recreatie & toerisme werken we nauw samen met inwoners, ondernemers en organisaties o.a.
in de Stichting Weerribben-Wieden om doelen te bereiken. Voor duurzaamheid is de stichting Duurzaam Steenwijkerland is een mooi voorbeeld.
59 3. Integrale programma’s In de programmabegroting 2022-2024 zijn vanuit het coalitieakkoord “Door verbinding naar resultaat” 3 integrale programma’s geïntroduceerd. Voor het programma Duurzaam verwijzen we naar het bestuursprogramma Duurzaam. De voortgang en ontwikkelingen van de programma’s DBT en Omgevingswet zijn: Duurzaam en Be-Leefbaar Toerisme (DBT) Smart mobility (slimme mobiliteit) en smart hospitality (slimme gastvrijheid) Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald NB = Niet bekend Verbeteren van “slimme’” mobiliteit en gastvrijheid In 2022 is de toeristische Weerribben -Wieden app geïntroduceerd. Met deze app krijgen toeristen meer inzicht in de mogelijkheden om in het gebied te verblijven en wat er te beleven valt. Daarnaast zijn de eerste vier mobiliteitshubs opgeleverd waar zowel toeristen als eigen inwoners een elektrische deelfiets kunnen huren en inleveren. Beide initiatieven leveren data op die ons meer inzicht geven in de bewegingen van de toeristen in de gemeente. De privacyregels worden hierbij natuurlijk in acht genomen.
Versterken van de poort Ossenzijl ( European Wetland Center) Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald NB = Niet bekend Businesscase en start realisatie in 2022 Het versterken van de poort Ossenzijl (European Wetland Center) is een opgave voor de eigenaar van het huidig bezoekerscentrum, Staatsbosbeheer. Vanuit de Regio Deal van de Regio Zwolle hebben we financiële middelen gekregen om Staatsbosbeheer hierin te steunen. Dit heeft in 2022 nog niet geleid tot de start van de realisatie. Inmiddels (2023) worden de plannen van Staatsbosbeheer steeds concreter. Staatsbosbeheer ontwerpt met een architect een nieuw bezoekerscentrum op de huidige locatie, dit geeft mogelijkheden om met de aanliggende camping een gecombineerd gebouw neer te zetten. Binnen het bestaande bestemmingsplan kan snel gebouwd worden. De verwachting is dan ook dat de aanbesteding van het NBC in het vierde kwartaal van 2023 kan plaatsvinden. x Intercitystation Steenwijk Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Gehaald?
60 Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? = gehaald x = niet gehaald NB = Niet bekend Inzet gebiedsapp en veelvuldig gebruik van verschillende vormen van e mobiliteit Zoals hierboven is aangegeven is in 2022 de toeristische app gerealiseerd en zijn een viertal mobiliteitshubs opgeleverd. Eén van deze hubs is aanwezig in Intercitystation Steenwijk. In 2023 wordt gestart met de upgrade van het Station Steenwijk. Hiermee wordt het Intercitystation de poort van en naar ons toeristische achterland. De realisatie van deze upgrade start voor de zomer en wordt in stapjes uitgevoerd. Door onze aanpak wordt station Steenwijk door provincie Overijssel nu gezien als één van de pilotlocaties voor een regio hub. Reconstructie (fiets)paden in Giethoorn Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald NB = Niet bekend Reconstructie van (fiets)paden De reconstructie van de paden in Giethoorn loopt volgens planning en is voor het seizoen 2023 gerealiseerd.
Vitaal Platteland Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald NB = Niet bekend Opstellen toekomstperspectief voor Noordwest-Overijssel (inclusief deelgebied Weerribben en Wieden) In juni 2022 hebben minister Van der Wal (natuur en stikstof) en toenmalig minister Staghouwer (landbouw) de opgave voor de landbouw ten aanzien van stikstof gepresenteerd. Het proces om te komen tot een toekomstperspectief is daarmee mede afhankelijk geworden van de landelijke opgave, vastgelegd in het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). In dit NPLG zijn kerndoelen vastgesteld op het gebied van natuur, water en klimaat. In de najaarsnota 2022 hebben we al aangegeven dat dit het proces, om binnen de Gebiedsgerichte Aanpak Noordwest-Overijssel te komen tot een gezamenlijk toekomstperspectief, heeft verstoord. Provincies moeten uiterlijk 1 juli 2023 een Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) gereed hebben. In Overijssel wordt hier hard aan gewerkt waarbij ook gemeenten worden betrokken. Om de opgaven en kansen in Steenwijkerland hierbij zoveel mogelijk aan de voorkant in te brengen doen we in 2023 een ruimtelijke verkenning. Aan de hand van deze verkenning stellen we een agenda op voor het gesprek met provincie en gebiedspartners.
Ons uitgangspunt is dat het Rijk en de provincie Overijssel zich bezig moeten houden met de opgave en dat we als gemeente Steenwijkerland in nauwe samenwerking met gebiedspartijen een belangrijke stem willen hebben bij hoe dat lokaal kan worden ingevuld. Rijk en provincie gaan over het ‘wat’ en de gemeente over het ‘hoe’. Dit zal de komende periode vanuit het programma Regie op Vitaal Platteland worden opgepakt. x
61 Omgevingswet Omgevingsvisie Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald Overzicht van bouwstenen voor actualisatie van omgevingsvisie in Q4 2021 In de werkvergadering van 16 november 2021 gepresenteerd en besproken met de gemeenteraad. Zie informatienota van 9 november 2021. BOT-overleg en werkvergadering over de bouwstenen voor actualisatie van omgevingsvisie in Q4 2021 Op 26 oktober 2021 is er een BOT-overleg met het college gevoerd. Op 16 november 2021 is er een werkvergadering geweest over de bouwstenen voor actualisatie van de omgevingsvisie. Adviesnota ( informatienota ) bouwstenen actualisatie van omgevingsvisie in Q4 2021 Op 9 november 2021 heeft het college een positief besluit genomen op de adviesnota Bouwstenen actualisatie van de omgevingsvisie. Uitgangspunten voor het vervolg op inhoud en proces in Q2 2022 In verband met het uitstel van de Omgevingswet, verkiezingen en het opheffen van het programmateam Omgevingswet en het onderbrengen in de lijn, is het opstellen van een uitgangspuntennotitie voor het vervolg op inhoud en proces uitgesteld.
x Omgevingsplan Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald Een overzicht van bouwstenen voor het opstellen van het omgevingsplan In een BOT -overleg op 26 oktober 2021 met het college en tijdens de werkvergadering op 16 november 2021 is een overzicht van bouwstenen voor het opstellen van het omgevingsplan gedeeld met de gemeenteraad. Zie informatienota 9 november 2021. In Q3 2022 is een concept Handboek omgevingsplan opgesteld. Het handboek geeft handvatten van het opstellen van een omgevingsplan door een externe partij of de eigen organisatie. In 2023 wordt een start gemaakt met het opstellen van een omgevingsplan voor een deelgebied van de gemeente. Gesprek met college en gemeente- raad over het omgevingsplan in Q4 2021 26 oktober 2021 is er een BOT -overleg gevoerd met het college over de bouwstenen voor het opstellen van het omgevingsplan. 16 november 2021 is er een werkvergadering geweest over de bouwstenen voor het opstellen van het omgevingsplan. De vervolggesprekken over het omgevingsplan worden, met behulp van een plan van aanpak en een handboek omgevingsplan, in 2023 vervolgd. Informatienota of adviesnota vervolgstappen Omgevingsplan Q4 2021 De informatienota is op 9 november 2021 goedgekeurd door het college.
In 2022 is een begin gemaakt met het opstellen van een handboek omgevingsplan, maar dat traject is nog niet afgerond. Het plan van aanpak transitiefase Omgevingsplan en het Handboek omgevingsplan is geagendeerd voor de werkvergadering van 9 mei 2023. Verdiepende gesprek vervolgstappen Omgevingsplan Q4 2021 Verdiepend gesprek is in 2022 niet gevoerd. Na de werkvergadering van 9 mei 2023 worden verdiepende gesprekken over vervolgstappen omgevingsplan ingepland. x
62 Raadsbesluit over bindend Adviesrecht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten Vastgesteld op 25-01-2022. Delegatiebesluit van de raad aan het college om het omgevingsplan te wijzigen Besproken tijdens de Politieke markt van 1 maart 2022. De wethouder heeft het voorstel teruggenomen. Dit wordt Q2 2023 opnieuw geagendeerd voor een werkvergadering en ook in Q2 2023 geagendeerd voor de Politieke markt. x Vaststellen verordening Fysieke Leefomgeving in Q1 2022 Niet gehaald in 2022. De verordening fysieke leefomgeving (VFL) wordt op in Q4 2023 geagendeerd voor een werkvergadering en voor de Politieke markt. x Uitgangspunten voor het vervolg op inhoud en proces in Q2 2022 Ingepland op 9 mei 2023 voor een werkvergadering. x Een tijdelijk omgevingsplan vanaf 1 juli 2022 in Q2 2022 Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet ontstaat er per 1-7-2023 een tijdelijk omgevingsplan van rechtswege. Alle voorbereidingen voor het kunnen werken met een tijdelijk omgevingsplan, dat van rechtswege ontstaat, worden in Q2 2023 afgerond. x Dienstverlening Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald We werken volgens de organisatie opgestelde serviceformules Serviceformules zijn opgesteld, maar nog niet volledig geïmplementeerd.
We schakelen externe capaciteit in om meer in detail de werkprocessen op te tekenen. Afronding verwacht in Q2 2023. x Online vergunning checks en aanvraagformulieren In 2022 is een start gemaakt met het opstellen van de online vergunning checks en aanvraagformulieren voor de activiteiten die we niet via de zogenaamde bruidsschat krijgen. In Q1 2023 worden deze opgeleverd. x Informatievoorziening / ICT Net als de dienstverlening, is ook de software een aandachtspunt, omdat er vanaf 2022 mee gewerkt gaat worden. Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald x = niet gehaald Alle benodigde software voor het uitvoeren van de omgevingswet is voor handen Alle software is voor handen. Vervolg is het opleiden van alle medewerkers. Aangesloten op het DSO Alle benodigde koppelingen met het DSO zijn ingericht. Medewerkers zijn getraind in het werken met de nieuwe software Een deel van de medewerkers is getraind in het werken met de nieuwe software. Het deel van de medewerkers die niet getraind zijn, wordt in 2023 opgeleid. x Participatie Wat wilden we bereiken in 2022? Wat is er bereikt in 2022? Welke acties zijn uitgevoerd om de speerpunten te realiseren? Gehaald? = gehaald
63 x = niet gehaald Vaststellen participatieverordening in Q4 2022 Niet vastgesteld in 2022. De Participatieverordening staat geagendeerd voor de werkvergadering van 11 april 2023, de Politieke markt en de raadsvergadering van Q2 2023. x Vaststellen Initiatieven met participatieplicht in Q4 2022 Niet vastgesteld in 2022. De lijst gevallen participat ieplicht staat geagendeerd voor de werkvergadering van 11 april 2023, de politieke markt en de raadsvergadering van Q2 2023. x Aandacht voor participatie met behulp van stroomschema’s in de dienstverlening en proces van vergunningverlening / initiatieven Niet gehaald in 2022. Serviceformules zijn opgesteld maar nog niet geïmplementeerd. Onder begeleiding van een externe partij worden werkprocessen in kaart gebracht en geïmplementeerd om in de toekomst te kunnen werken in de gedachte van de Omgevingswet. Afronding van de processen wordt verwacht in Q2 2023. Een onderdeel van deze processen is het inrichten van participatie op het juiste moment in het proces. x Concrete tools die initiatiefnemers/ vergunning aanvragers ondersteunen In 2022 niet gehaald. Na het aanstellen van een beleidsmedewerker participatie is een traject voor het opstellen van concrete tools opgericht. Naar verwachting worden de eerste resultaten gepresenteerd voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet. x
64 4. Specifieke paragrafen 4.1 Lokale heffingen De lokale heffingen zijn ook in 2022 een belangrijke inkomstenbron voor onze gemeente geweest. Bij het verkrijgen van deze inkomsten is de gemeente aan regels gebonden. De lokale heffingen zijn onder te verdelen in twee categorieën: - de belastingen en - de rechten. Belastingen zijn heffingen waar geen aanwijsbare tegenprestatie van de gemeente tegenover staat. Beleidsuitgangspunt belastingen De belangrijkste functie van belastingen is de budgettaire functie. Dit houdt in dat de opbrengst van de heffing bedoeld is voor het financieren van collectieve goederen en diensten waarvan de politiek bepaald dat zij algemeen toegankelijk moeten zijn. Te denken valt onder andere aan wegen, onderwijs, politie, etc... De raad heeft een grote mate van vrijheid bij het vaststellen van de belastingtarieven. Op de bestaande opbrengsten is de inflatiecorrectie toegepast. Beleidsuitgangspunt rechten Door het karakter van de rechten als bestemmingsheffing bestaat er een duidelijke relatie tussen de opbrengst van de rechten en de kosten van de door de gemeente geleverde prestatie. Uitgangspunt is een kostendekkend tarief. Zowel voor de afvalstoffenheffing als de rioolheffing geldt dat de tarieven maximaal 100% kostendekkend mogen zijn. De overschotten en tekorten worden verrekend met de egalisatievoorziening.
De middelen zijn niet toegevoegd aan algemene middelen, maar gestort in de voorziening riolering. Hiermee wordt invulling gegeven aan het uitgangspunt ( BBV artikel 44 lid 2 ) dat deze door derden verkregen middelen specifiek ingezet worden. . De tarieven voor zowel de rioolrechten als de afvalstoffenheffing zijn in 2022 ten opzichte van 2021 met 4% verlaagd. Vermakelijkhedenretributie Deze retributie werd geheven over het tegen betaling aangeboden amusement of vermaak en werd geïntroduceerd bij het nieuwe vaar- en verhuurbeleid. Er werden verschillende categorieën boten gehanteerd. Per boot werd aan de hand van de categorie per jaar een tarief in rekening gebracht. De exploitant kan dit doorberekenen in zijn tarieven. De bedoeling was dat er een bedrag van € 400.000 aan extra inkomsten werd gegenereerd. Kwijtscheldingsbeleid Het kwijtscheldingsbeleid is vastgelegd in de Invorderingswet 1990, de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 en de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapbelastingen. Kwijtschelding wordt verleend over de onroerende zaakbelastingen, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Wat de afvalstoffenheffing in 2022 betreft was het mogelijk dat een inwoner maximaal € 186,46 kwijtschelding kon krijgen over het vaste tarief met GFT (zonder GFT € 156,44) en € 20,15 ( 13 x € 1,55) over het variabele deel.
Voor de rioolheffing was kwijtschelding voor de gebruiker mogelijk voor een bedrag van € 87,69. Daarnaast bestond de mogelijkheid om kwijtschelding te verlenen voor eigenaren als de woning “onder water” staat. Verder zijn er nog kwijtscheldingen verleend over 2020 in verband met de afrekening van de afvalstoffenheffing voor maximaal € 20,15 (13 x € 1,55). In 2022 zijn ook voorlopige kwijtscheldingen verleend. De definitieve afrekening van de afvalstoffenheffing zijn pas in januari 2023 verzonden. In 2022 zijn 776 aanvragen binnengekomen, waarvan er 613 deels of volledig zijn gehonoreerd. 163 verzoeken zijn afgewezen.
65 Het totale beeld van belastingen en heffingen over 2022 ziet er als volgt uit: In onderstaande cirkeldiagram wordt het aandeel van de belastingsoorten en verschillende heffingen in het totaal van de gemeentelijke belastingen in beeld gebracht.
66 Woonlasten 2022 In het collegeprogramma was afgesproken dat de tarieven van de gemeentelijke belastingen alleen maar trendmatig mochten worden verhoogd met het jaarlijks inflatiepercentage. Uitzondering hierop zijn echter de rioolheffingen en de afvalstoffenheffingen. Deze zijn aangepast in verband met een aantal ontwikkelingen. Ten aanzien van de OZB is uitgegaan van de tarieven zoals opgenomen in de Programmabegroting 2022-2025 met de daarbij behorende WOZ-waarden. In 2022 zijn de gemiddelde woonlasten voor eigenaren en gebruikers met 2,6% gedaald, voor alleen gebruikers is de daling 4%. De lokale belastingdruk is hierdoor voor de eigenaar met € 17,35 afgenomen en voor de gebruiker met € 12,59. De OZB is niet gestegen. Bij de rioolheffingen en de afvalstoffenheffing is een daling van het tarief met 4% doorgevoerd omdat de voorzieningen toereikend waren om een hogere bijdrage uit te voorziening te onttrekking waardoor het tarief kon dalen. Woonlastendruk COELO Jaarlijks wordt door het Centrum voor Onderzoek van Economie voor Lagere Overheden (COELO) een uitgave verzorgd met hierin een vergelijking van de lasten voor de burger per gemeente. Ter vergelijking is een aantal omringende gemeenten in beeld gebracht voor 2022 en 2021 respectievelijk de bijbehorende plaats in de COELO atlas.
Hierbij dient opgemerkt te worden dat de COELO atlas nog geen rekening houdt met door de gemeente Steenwijkerland gewijzigde vorm van afvalverwijdering. Dit zal naar verwachting in de toekomst wanneer meer gemeenten overgaan op omgekeerd inzamelen wel het geval zijn. Netto woonlastendruk De gemeente werkt voortdurend aan een goed leefklimaat voor haar inwoners, ondernemers en bezoekers. Dit heeft de nodige inspanningen van de gemeente gekost. Deze inspanningen hebben veel geld gekost. Uiteindelijk bepaalt de gemeenteraad welke bijdrage jaarlijks wordt gevraagd van de inwoners en ondernemers van Steenwijkerland. De raad heeft de nieuwe tarieven voor de lokale belastingen en heffingen op 21 december 2021 vastgesteld. De gemeente is van de 34e plaats in 2021 gestegen naar de 15e plaats in de COELO Atlas, de jaarlijkse woonlasten monitor. Dit houdt in dat de gemeente tot de meest goedkoopste gemeenten van Nederland behoort. In deze lastenmonitor worden de lasten van de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing per gemeente jaarlijks berekend.
67
68 4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In de nota van aanbieding hebben we gemeld dat het noodzakelijk is dat er een goed inzicht bestaat in de risico’s die de gemeente loopt. Op basis hiervan kan een juiste analyse worden gemaakt voor de beoordeling en beheersing van de risico’s. De paragraaf weerstandsvermogen geeft aan hoe robuust de begroting is geweest van de gemeente Steenwijkerland. Opgemerkt wordt dat het proces van risico control nog de nodige aandacht verdient. Daarom heeft het college de volgende doelstellingen gehanteerd: - dat het optreden van risico’s geen effect mag hebben op de uitvoering van bestaand beleid en op de gemeentelijke voorzieningen; - dat er een koppeling bestaat tussen het risicoprofiel en de omvang van de weerstandscapaciteit; - dat de (project)risico’s worden beheerst; - dat het bewust denken in risico’s een onderdeel is van de beleidsprocessen. Risicomanagement Dit is het identificeren en kwantificeren van risico’s, en ook het vaststellen van beheersmaatregelen om risico’s zoveel mogelijk te voorkomen. Belangrijk is dat bewust nagedacht moet worden over mogelijke risico’s bij onze beleidsprocessen. Bij het opstellen van de begroting 2022 is getracht het risicomanagement verder te verbeteren.
Belangrijke aandachtspunten die hierbij een rol spelen zijn: - processen binnen onze organisatie zodanig in te richten en op te zetten, zodat risico’s worden voorkomen, c.q. worden weggenomen dan wel in een vroeg stadium worden onderkend en herkend; - risico-inventarisatie zo goed mogelijk te voorzien van een plan van aanpak om deze risico’s te beheersen. Dit houdt in dat maatregelen worden genomen om risico’s weg te nemen. Overigens kan het ook voorkomen dat voor niet-beïnvloedbare risico’s, dus risico’s waar de gemeente niets aan kan doen, vooraf geen maatregelen getroffen kunnen worden. Bij de begroting is een inventarisatie gemaakt van de risico’s die op verschillende beleidsterreinen zich voordoen om te komen tot een risicoprofiel voor onze gemeente. Hieronder treft u een beschrijving aan van de actuele risico’s. Privatisering bouwtoezicht De Wet kwaliteitsborging is net als de omgevingswet uitgesteld. Vanaf dat moment gaat de kwaliteitscontrole bij bouwprojecten over naar de markt. Bouwers moeten een private kwaliteitsborger inhuren. Deze onafhankelijke, gecertificeerde controleur ziet erop toe dat gebouwen volgens de bouwtechnische voorschriften tot stand komen.
Een positieve gereedheidsverklaring van het gebouw gaat straks in het bouwdossier naar de gemeente, die daarna geen inhoudelijke technische toetsingstaak meer heeft, maar niettemin als bevoegd gezag verantwoordelijk blijft. Als de positieve verklaring ontbreekt, bijvoorbeeld omdat de kwaliteitsborger oordeelt dat het gebouw niet BBL2-proof is, kan de gemeente in een lastig parket terecht komen. Zonder deze verklaring zijn de gevolgen voor de gemeente. Wettelijk gezien is het gebruik van het gebouw dan niet toegestaan. Maar strikt genomen moet er wel worden gehandhaafd. De consequentie is dat het gebouw leeg staat en onbenut blijft. Verwacht wordt dat initiatiefnemers het hier niet bij laten zitten. In het ergste geval kan dit tot rechtszaken leiden. De gemeente heeft dan weinig keus en is genoodzaakt zich het bouwdossier eigen te maken om zelf een oplossing te zoeken. Mogelijk moet ze een externe deskundige inhuren. Dit kan flink in de papieren lopen. Impact corona schuldhulpverlening Door corona was de kans reëel dat op termijn meer inwoners een beroep moesten doen op inkomensondersteuning door de gemeente, dan wel dat ze een beroep deden op de gemeentelijke schuldhulpverleningen. Normaliter zou dat betekenen dat er meer geld wordt uitgegeven aan minimaregelingen. Omdat we in 2022 echter zijn overgestapt naar een vraaggerichte benadering t.a.v.
de(inkomens)ondersteuning met het maatwerkbudget i.p.v. aanbodgerichte inkomensondersteuning, was de verwachting dat de uitgaven hierdoor zouden dalen. Met ingang van 2022 werd immers alleen (inkomens)ondersteuning verleend daar waar het echt nodig was en hanteerden we een integrale aanpak. Verwachting was dat meer inwoners in financiële problemen zouden komen en daardoor een beroep zouden doen op de gemeentelijke schuldhulpverlening. De financiële impact werd ingeschat op in totaal € 100.000 (2022: € 50.000 en 2023 € 50.000). Ten opzichte van januari 2022 is het aantal lopende schuldhulpverleningstrajecten gestegen met 15% eind december 2022. Toch vallen de uiteindelijke kosten voor schuldhulpverlening 2022 mee. De totale lasten zijn binnen de begroting gebleven. Loonkostensubsidies 2 Besluit Bouw Leefomgeving
69 Het aantal inwoners dat met een loonkostensubsidie aan het werk was, is in 2022 gestegen. Vanuit onze visie dat we inzetten op maximale participatie van onze inwoners en het liefst naar betaald werk, zien we dit als een goede ontwikkeling. Om die reden is ook in de begroting 2022 het risico opgevoerd. De primaire begroting 2022 is structureel gewijzigd naar € 2,0 miljoen. Hiermee is de realisatie 2022 binnen de begroting na wijziging gebleven. Het risico is hiermee voor de komende periode beheerst. Toenemende onkruiddruk door warmer en natter weer Door structureel warmer en natter weer zijn extra inspanningen benodigd om de basis kwaliteit van de openbare ruimte te behouden. Er is een trend in de weersontwikkeling, waarbij het, het hele jaar door, warmer en natter is. Daardoor neemt de onkruiddruk in plantsoenen en op verhardingen van wegen en paden toe. Dit vraagt om een grotere inspanning in het onderhoud om aan het basis onderhoudskwaliteitsniveau te blijven voldoen. Door te veel onkruid in goten en verharding verslechterd ook de waterafvoer. Plantsoenen bezwijken onder de onkruiddruk of beschadigen door te zware ingrepen in het onderhoud. Daardoor was eerder groot onderhoud (vervangen of nieuwe aanplant) nodig. De onderhoudsinspanning, het onderhoudsbeeld en de kwaliteit van de plantsoenen en onkruid op de verhardingen zijn gemonitord.
Er zijn planten, bomen en struiken toegepast die beter tegen extreme weersomstandigheden kunnen. Dividenduitkeringen nutsbedrijven Het WACC3 percentage bedroeg in 2022 2,95%. Doordat dit percentage erg laag is staan de dividenduitkeringen van de nutsbedrijven onder druk. Zij hebben immers te maken met beperkte winstmogelijkheden. In het slechtste geval moeten zij te veel gemaakte winst terugbetalen via de tarieven. Verder zijn hierdoor de mogelijkheden om te investeren beperkt, terwijl de vraag naar bijvoorbeeld drinkwater en stroom wel toeneemt. Inmiddels heeft dit tot gevolg gehad dat van Vitens in 2022 geen dividenduitkering over 2021 is ontvangen. Van Enexis is in 2022 een bedrag ontvangen van bijna € 202.000 en van Rendo een bedrag van bijna € 999.000 over 2021. Dividenduitkeringen nutsbedrijven (toename investeringen) Lagere of geen dividenduitkering van nutsbedrijven als gevolg van de enorme investeringen die de komende jaren gedaan moeten worden in verband met de energietransitie. Gevolg een lager bedrijfsresultaat en een lagere of geen dividenduitkering. In 2022 was hier nog geen sprake van. In 2020 heeft Enexis forse investeringen gedaan in verband met de energietransitie. Over 2021 is een hogere dividenduitkering van € 202.000 ontvangen omdat het resultaat na belastingen plm. € 91 miljoen hoger was dan voorgaand jaar.
Dit werd voornamelijk veroorzaakt doordat de inkoopkosten van Tennet in hetzelfde jaar werden vergoed. Van Rendo Holding N.V. is over 2021 een dividenduitkering van € 999.000 ontvangen, hetgeen zat aan de onderkant van de afgesproken bandbreedte van € 5 - €7 miljoen voor dividenduitkering aan de aandeelhouders. Dividenduitkering Wadinko Net als in 2020 stond het jaarverslag over 2021 in het teken van de coronapandemie. Een aantal bedrijven in de Wadinko portefeuille kreeg opnieuw te maken met sterk tegenvallende omzet en resultaten en deed daarom een beroep op steunmaatregelen van de overheid. In één geval betrof dit een meerderheidsparticipatie met als gevolg dat het wettelijk niet was toegestaan dividend uit te keren. Daarnaast was het maatschappelijk niet gewenst om dividend uit te keren in situaties waarin van overheidssteun gebruik wordt gemaakt. Daarom werd tijdens de aandeelhoudersvergadering voorgesteld om de winst van € 8.651.000 over 2021 toe te voegen aan de overige reserves en verviel de reguliere dividenduitkering van bijna € 82,000. Wel is er in 2022 een interim-dividend uitgekeerd van € 3 miljoen aan de aandeelhouders. Uiteindelijk viel het risico voor onze gemeente dus mee met een bedrag van ruim € 163.000 door de ontvangen interim-dividenduitkering. Wet Waardering Onroerende zaken Met ingang 2022 zijn gemeenten verplicht te beschikken op basis van oppervlakte.
Tot en met 2021 gebeurde dit op inhoud van het pand. Een gevolg hiervan was mogelijk forse waarde verspringingen. Verder is in 2021 overgestapt naar een nieuwe taxatiepartner plus nieuwe applicatie. Daarom werd verwacht dat dit zou leiden tot een toename van het aantal bezwaarschriften. Uiteindelijk heeft het mogelijke risico juist zeer positief uitgepakt. Daar waar rekening werd gehouden met meer bezwaren als gevolg van de omzetting van inhoud naar oppervlakte zijn in 2022 bijna 50% minder bezwaarschriften ten opzichte van 2021 ontvangen. Rioolheffing De afgelopen jaren bent u meermaals geïnformeerd over procedures tegen de rioolheffing 2013, 2014 en 2015. De Hoge Raad heeft de beroepen op alle punten ongegrond verklaard. De verordeningen en de opgelegde aanslagen rioolheffing zijn in stand gebleven. Daarmee is dit niet langer een risico voor onze financiële positie. Tegen de aanslagen 2016 tot en met 2020 lopen nog wel bezwaarprocedures. Aangezien deze inhoudelijk gelijk zijn aan de gevoerde procedures voor 2013 tot en met 2015, is het financiële risico naar verwachting beperkt. Prijsstijgingen gas en elektra De energieprijzen zijn de afgelopen jaren door onder andere de energiebelasting en de gevolgen van de opgelegde sancties aan Rusland gestegen. In het afgelopen jaar zijn ook de prijzen van energie enorm gestegen.
Dit had met name gevolgen voor de begroting 2022- 3 Weighted Average Cost of Capital
70 2027. In totaal ging het om een raming van € 1.194.982 waarvan € 440.000 voor riolering voor elektriciteit. In 2022 was een bedrag van € 1.051.819 uitgegeven, waarvan € 305.430 voor riolering. Inmiddels zijn door de netbeheerder de analoge meters vervangen door slimme meters in 2022 en is een bedrag teruggestort van ongeveer € 50.000 door de leverancier. Verder ging het om een raming van € 140.979 voor het verbruik van gas. In 2022 is gebleken dat de raming hiervoor € 16.425 te laag was nadat de raming was verhoogd. Uiteindelijk is een bedrag uitgegeven van € 157.404 voor het verbruik van gas. De raming bleek te laag omdat de gemeente, door de overheid, gedwongen werd het contract met Gazprom te ontbinden en een nieuw contract aan te gaan. De m3-prijzen lagen hierdoor veel hoger. Jeugd Voogdij 18+ Bij de meicirculaire 2021 gemeentefonds zijn structureel extra middelen (€ 611.000) beschikbaar gesteld voor de uitvoering van voogdij voor 18+ers. Op dat moment was het onduidelijk wat de exacte financiële effecten voor onze gemeente waren. Op basis van risicobenadering werd geacht dat 50% van het verkregen budget niet benut zou worden. Bij de Najaarsnota 2021 was een bedrag van € 311.000 ingezet om de extra kosten binnen het sociaal domein deels op te vangen.
Dit kwam meerjarig ook tot uitdrukking in de structurele doorwerking van de Najaarsnota zoals gepresenteerd in voorliggende begroting. De financiële impact werd ingeschat op € 300.000 structureel vanaf 2022. De kosten voor Voogdij 18+ zijn in 2022 gestegen. Deze stijging wordt met name verklaard door het woonplaatsbeginsel. De aannames die bij de NJN 2021 zijn geschetst blijken in de realiteit uit te komen. Hiermee is dit risico voor de komende periode beheerst. Nieuwe taken GGD IJsselland. Een financiële vertaling van de agenda publieke gezondheid voor 2022 viel nog niet te maken en zat dan ook nog niet in de programmabegroting van de GGD. Daarnaast stond op de inkoopkalender van de GGD voor 2022 het aanbesteden van het elektronisch kinddossier. De financiële impact voor de begroting 2022 was onduidelijk. Vooralsnog ging de GGD ervan uit dat dit binnen de begroting 2022 kon worden opgevangen. Het was nog onduidelijk op welke manier (positieve) gezondheid en preventie onderdeel zouden worden van het nieuwe kabinetsbeleid en welke gevolgen dat gaat hebben voor het werk van de GGD. Hiermee was dan ook geen rekening gehouden in de begroting 2022 van de GGD. Op dat moment was nog onduidelijk of dit financiële gevolgen heeft voor de gemeente Steenwijkerland. De (door)decentralisatie van beschermd wonen is 1 jaar uitgesteld tot 1-1-2024.
Er is momenteel een projectgroep gestart om het interne en externe proces van beschermd wonen – thuis vorm te geven. De daarbij horende financiële en bestuurlijke risico’s worden in de planning en control cyclus gecommuniceerd. Corona en WMO We zagen dat de groep met minder draagkracht het extra zwaar heeft gekregen, waardoor bij meer mensen de draagkracht overschreden werd. Daarnaast steeg vanwege de toenemende complexiteit het aantal casussen waarop casusregie gevoerd werd. Dit uitte zich door meer inzet van de hulpverleners, waardoor consulenten meer tijd aan regie kwijt waren. En verder zagen we dat inwoners of huishoudens op meerdere leefgebieden vraagstukken hadden. Gelet op lokale en landelijke signalen over overbelaste mantelzorgers, en de daarbij behorende scenario´s, werd verwacht dat er vormen van lichte respijtzorg en respijtzorg aan huis zich zouden ontwikkelen, waardoor de kosten met name voor respijtzorg konden toenemen. Verwacht werd dat deze ontwikkeling zich nog zou voortzetten en dat ook na de lockdown sprake was van een toename van complexe problematiek. Landelijk was de verwachting dat mensen in minder stabiele situaties (gezondheid, werk, inkomen, netwerk) door een opeenstapeling van risico´s extra geraakt zouden worden. We gingen uit van een stijging van 10% van de kosten voor WMO-hulp.
Dit zou resulteren tot een mogelijk tekort van € 0,5 miljoen vanwege de ontwikkeling, de omvang en de complexiteit van de aanvragen. De financiële impact werd ingeschat op in totaal € 500.000 (2022: € 250.000, 2023 € 250.000). Binnen de Wmo viel het (verwachte) corona effect mee. In 2022 was er met name druk ondervonden van de macro-economische omstandigheden. Het risico is voor de komende periode beheerst. Minimabeleid (incl. schuldhulpverlening) Uitkeringen bijzondere bijstand en minimabeleid zijn zogenaamde open eind financieringen. Afhankelijk van het aantal aanvragen en hoogte van de uitkeringen kunnen er onder- dan wel overschrijdingen plaatsvinden. Het opgenomen budget in de begroting bedroeg € 2,1 miljoen. Het eventuele overschrijdingsrisico werd ingeschat op 10%, in de categorie laag. Het afgelopen jaar stond voor het minimabeleid in het teken van de energietoeslag. Het jaar 2022 is hiermee niet een representatief jaar. Het risico op overschrijding heeft zich in 2022 voorgedaan. Dit komt met name door een stijging van het aantal bereikte minimadoelgroep. De begroting 2023 is op basis hiervan aangepast. Hiermee is dit risico voor de komende periode beheerst. Essentaksterfte De essentaksterfte is voor een aantal grotere boomstructuren in de gemeente nog steeds een bedreiging.
Door het droge voorjaar van de afgelopen jaren heeft de veroorzakende schimmel minder bomen aangetast. Het is echter niet uit te sluiten dat het aantal aantastingen, met uiteindelijk afsterven tot gevolg, weer gaat toenemen. Grote laanstructuren in de polders en de boomstructuren langs
71 de paden in Giethoorn bestaan uit essen. Het wegvallen van deze boomstructuren zal leiden tot ernstige kwaliteitsverlies, herplanting zal altijd nodig zijn om de landschapskarakteristiek en het dorpskarakter te behouden. Het wegvallen van de boomstructuur langs de paden in Giethoorn heeft ruimtelijke consequenties, het dorpsbeeld wordt ernstig aangetast. Ook is het verwijderen van grote bomen op deze locatie complex door de moeilijke bereikbaarheid. Verder hebben laanstructuren in de polders een sterke invloed op de ruimtelijke kwaliteit. Alle essen zijn in 2022 geïnspecteerd. Aangetaste essen zijn gemonitord. De bomen worden gefaseerd vervangen. Zo blijft de kwantiteit en de kwaliteit van het dorp Giethoorn en het polderlandschap (o.a. Polder Giethoorn en polder IJsselham) behouden. Achterstallig onderhoud openbare ruimte Voor het onderhoud van de kapitaalgoederen in de openbare ruimte wordt gebruik gemaakt van speciale computerprogramma's. De afgelopen jaren is hard gewerkt aan het op orde brengen van deze programma's. Ondertussen is het gehele areaal ingevoerd. D.m.v. inspecties wordt de staat van onderhoud bepaald. Het risico van schade als gevolg van achterstallig onderhoud is afhankelijk van de gekozen frequentie van inspecteren. Op basis van deze gegevens wordt de besteding van het jaarlijkse onderhoudsbudget bepaald.
In 2017 zijn de beleidsplannen voor wegen, fietspaden, openbare verlichting en oeververbindingen geactualiseerd en is een belangrijke slag gemaakt in het inzichtelijk maken van de onderhoudstoestand van deze kapitaalgoederen. Op basis hiervan kan planmatiger worden gewerkt. De meerjarige onderhoudsplannen zijn met ingang van 2022 over het algemeen op het onderhoudsniveau ‘basis’ gebaseerd en begraven op ‘hoog’. Het financieel risico werd ingeschat op € 250.000. Het budget voor 2022 was toereikend om het vastgestelde onderhoudsniveau te onderhouden. Btw-compensatiefonds De gemeente Steenwijkerland declareert samen met alle andere gemeenten btw terug bij het rijk op grond van het btw- compensatiefonds. Voor dit fonds is wel een maximum aan declaraties (het plafond) ingevoerd. Dit plafond bedroeg voor gemeenten in 2022 € 3.154 miljoen. Met het Rijk is de afspraak gemaakt dat als het maximale plafond aan declaraties door gemeenten niet wordt bereikt, het resterende bedrag naar het Gemeentefonds gaat. Uitbetaling vindt dan plaats via de Algemene uitkering. Andersom geldt de gemaakte afspraak dan natuurlijk ook. Als gemeenten meer declareren, vindt een korting plaats binnen het Gemeentefonds. De afgelopen jaren is het plafond overigens nooit bereikt. In de gemeentelijke begroting 2022 is een structureel te ontvangen bedrag opgenomen ter hoogte van € 295.000.
Uiteindelijk hebben wij in 2022 een bedrag ontvangen van € 787.000. Rentestijging De rente bevond zich tot eind januari 2022 al geruime tijd op een laag niveau. Mede als gevolg van de inval in Oekraïne, de energiecrisis en de hierdoor stijgende lonen en prijzen is vanaf februari de rente gestegen naar ongeveer 3,5% voor 25 jaar gelijkblijvende leningen medio 2022. Op 1 februari 2022 heeft de gemeente Steenwijkerland nog een lening afgesloten van € 7,5 miljoen voor een percentage van 0,66% voor een periode van 25 jaar zonder renteaanpassing. Deze renterisico’s zijn niet te beïnvloeden door de gemeente. Het eventuele overschrijdingsrisico werd in de begroting 2022 ingeschat op 25%, in de categorie laag. Een rentestijging van 1% werd gekwantificeerd op ongeveer € 100.000 in 2022 oplopend naar € 400.000 in 2025. Eind 2022 moeten we dit risico inschatten op 75% in de categorie hoog waarbij een rentestijging van 2% is gehanteerd op basis van de omvang van de restantkredieten van € 38 mln. Dit risico zal zich niet direct, maar gefaseerd voordoen. Dit omdat de gemeente niet per 2023 deze € 38 mln. zal uitgeven. Jaarlijks wordt voor de begroting op basis van de rentegegevens per 1 september een herberekening gemaakt van de rentecomponent. Bij de rapportage van de P&C cyclus is over de financiële gevolgen van de rente gerapporteerd.
Fiscale procesbeheersing De organisatie is zich niet altijd bewust van fiscale risico’s en kansen waardoor mogelijk onnodige risico’s worden gelopen. Het is daarom van belang om vast te leggen hoe de organisatie met de fiscaliteit omgaat. Het college van de gemeente Steenwijkerland heeft zich gecommitteerd aan horizontaal toezicht (HT) door ondertekening van een convenant met de Belastingdienst op 9 juli 2012. In het convenant zijn kernwaarden als transparantie, begrip en vertrouwen sleutelbegrippen en vormen de basis voor een goede fiscale verantwoording. Er zijn zes criteria opgesteld, waaraan grote ondernemingen moeten voldoen, willen zij een convenant willen sluiten. Organisaties, zoals de gemeente Steenwijkerland, die nu onder de overgangsregeling van Horizontaal toezicht vallen, dienen uiterlijk ultimo 2022 aan deze criteria te voldoen. Binnen het horizontaal toezicht verschuift de nadruk naar het gezamenlijk kunnen vaststellen dat door organisaties onder het handhavingsconvenant ingediende aangiften aanvaardbaar zijn. Daarbij hoort de verwachting dat een organisatie een fiscale self-assessment maakt en deelt met de Belastingdienst. Bij het niet voldoen aan de fiscale verplichtingen kan de Belastingdienst naheffingsaanslagen opleggen eventueel verhoogd met boetes.
Bij het niet of niet tijdig voldoen aan de criteria zoals opgesteld door de Belastingdienst vervalt het convenant en zal de gemeente vallen onder een meer retrospectief toezicht met boekenonderzoek en controle. Inmiddels is eind 2022 een nieuw convenant afgesloten met de Belastingdienst. Dit convenant gaat uit van een transparante relatie tussen de gemeente en Belastingdienst en een goede beheersing van onze fiscale processen. Er is een Fiscaal beleidsplan opgesteld en besproken en er is een risicoanalyse opgesteld. Hierin zijn nadere afspraken en verbeterpunten opgenomen .
72 Impact corona jeugd De impact van corona is: een toename van de complexiteit van de hulpvragen en wachtlijsten bij de jeugd-ggz en de Raad voor de Kinderbescherming. Dit had tot gevolg dat: - de werkdruk van de toegang fors was toegenomen; - er meer overbruggingszorg werd gerealiseerd i.v.m. wachtlijsten bij de jeugd-ggz en de Raad voor de Kinderbescherming; - er meer expertise en deskundigheid van de toegang werd verwacht. - er wordt een groter beroep gedaan werd op informele zorg. De Nederlandse GGZ stelde dat er een stijging van het aantal kwetsbare kinderen was te zien van 30% tot 60% welke was te relateren aan corona. In 2021 was onder andere een forse stijging te zien van het aantal spoedzaken ten opzichte van dezelfde periode 2020 en 2019. De financiële impact werd ingeschat op in totaal € 1.000.000 (2022: € 650.000, 2023 € 350.000). Het risico heeft zich in 2022 voorgedaan. In 2022 was een risico impact berekend van € 650.000 welke volledig is ingezet. Daarentegen is de primaire begroting 2022 voor jeugdzorg nagenoeg ongewijzigd. Met data-analyse is de beweging (trends) van de Jeugdzorg beter te volgen en middels scenario’s te voorspellen. Dit maakt dat de omvang van het risico de komen jaren beheersbaar wordt. Inkoopmodel 2022 RSJ Het aanbestedingstraject voor specialistische jeugdhulp, uitgevoerd door het RSJ IJsselland, loopt.
Het doel was per 1 januari 2022 voldoende aanbod (kwalitatief en kwantitatief) in te kopen, op de percelen Ambulante Jeugdhulp, Wonen en Verblijf en Dyslexie, volgens de gestelde voorwaarden in het inkoopdocument. In het inkoopdocument waren ook de tarieven vastgelegd die een aanbieder ontvangt wanneer zij hulp verleent. De strategie ging uit van een beperkt aantal aanbieders dat niet zou inschrijven en waarmee op basis van een continuïteitsanalyse alsnog aanvullende afspraken mee konden worden gemaakt om hen te overtuigen alsnog in te schrijven. De ervaring was dat een groter deel van de zorgaanbieders niet zou gaan inschrijven. De aanbieders die niet in schreven omvatten een kwalitatieve en kwantitatieve omvang die niet kon worden opgelost met andere aanbieders. Samen verlenen zij hulp aan 41% van de jeugdigen in de regio. De financiële impact werd ingeschat op € 500.000 structureel vanaf 2022. Voor 2022 is het risico beperkt gebleven. De verwachting is dat 2023 het risico negatiever uitpakt. De impact van het nieuwe inkoopmodel is voor de gehele regio negatief per 1-1-2023. Het aandeel van onze gemeente hierin is afgerond € 1,5 miljoen (inclusief index 2023). In de begroting 2022 is rekening gehouden met een risico van € 0,5 miljoen. In de begroting 2023 is dit risico verhoogt naar € 1,0 miljoen.
Inmiddels zijn de eerste tariefsomzettingen voor 2023 binnen en worden verwerkt. De tariefsaanpassingen zijn verschillend maar fors van omvang. De toename van de zorgtarieven variëren tussen de 8% en 30%. Hiermee wordt de gepresenteerde impactanalyse werkelijkheid. Participatiewet (uitkeringen en rijksbijdrage) De gemeente is volledig financieel verantwoordelijk voor het bijstandsgedeelte van de wet. Van het rijk wordt hiervoor jaarlijks wel een bijdrage ontvangen. Het in de begroting opgenomen te ontvangen budget betreft een voorlopig inschatting van hetgeen door het rijk toegekend gaat worden. In oktober van het begrotingsjaar wordt het definitieve budget pas bekend gemaakt. De hoogte van het budget is onder andere afhankelijk van de conjuncturele ontwikkelingen op landelijk niveau. Bij minder verstrekte bijstandsuitkeringen dan van tevoren is ingeschat wordt het budget naar beneden bijgesteld, bij meer verstrekte bijstandsuitkeringen wordt het budget naar boven bijgesteld. In de begroting 2022 werd rekening gehouden dat er in dat jaar gemiddeld 713 bijstandsuitkeringen zouden worden verstrekt. De begrote uitgaven bedroegen hierdoor € 10.188.000. Voor de IOAW en IOAZ bedroegen deze aantallen gemiddeld 37 uitkeringen en een begroot bedrag ter hoogte van € 548.000. De gedane aannames weken in werkelijkheid af.
Het aantal uitkeringsgerechtigden is uiteindelijk verder gedaald tot een niveau van stabiel niveau van ongeveer 650 (BBZ, IOAW en IOAZ). De begroting en BUIG zijn hierop aangepast. Het beschreven risico bij de begroting 2022 blijft daarmee ook uit. Daarnaast is in de begroting 2023 de koppeling tussen de BUIG en de uitkeringen losgelaten. Het risico is hiermee voor de komende periode beheerst. Investeringsprojecten ruimtelijk domein De in de meerjarenbegroting opgenomen investeringen en lopende investeringen (verlichting, bermen, routekaart energieneutraal, speelvoorzieningen en het IHP ) zullen als gevolg van de prijsstijgingen financieel onder druk komen te staan. Projecten Openbare Ruimte en Wet natuurbescherming (Wnb) Te veel stikstofneerslag is slecht voor de natuur. Sinds 1 juli 2022 was er voor bouwwerkzaamheden en aanlegwerkzaamheden geen vergunning op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) nodig. Dit betekent dat voor de meeste werkzaamheden die de gemeente uitvoert er momenteel geen probleem is in relatie tot stikstof. Aansprakelijkstelling Met betrekking tot de aansprakelijkstelling liep er een zaak.