8.2 Provincie Overijssel - Nota van Antwoord De Wieden 2 - bijlage 2
Tekst van het document
- Wij willen niet dat onze percelen natter worden. - Wij willen dat de funderingen van de gebouwen op onze percelen niet worden aangetast. - Wij willen dat de (oude) bomen op onze percelen niet worden aangetast door een wijzigende waterhuishouding aan de randen van onze percelen. Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. Op basis hiervan zijn de effecten van de gewijzigde grondwaterstand in de polder op de omgeving bepaald. Er is op uw eigendom geen (grond)wateroverlast te verwachten. In overleg met de eigenaren zijn peilbuizen geplaatst rondom uw eigendom. De grondwaterstand wordt in de peilbuis gemeten om te controleren of er op uw eigendom geen effecten van de gewijzigde grondwaterstand in de polder optreden door het inrichtingsplan. Mocht er door het plan toch een onverwacht effect optreden dan verwijzen wij u naar het schadeloket. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket).
De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). Nee 12.1 PB Wij verwachten dat voor vaststelling van het uitvoeringsplan met ons overlegd wordt over: Na vaststelling van het PIP door Provinciale Staten worden de inrichtingsmaatregelen verder in detail uitgewerkt. Tijdens die uitwerking wordt dat met de omwonenden, dus ook met u, besproken. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 12: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig - het schonen en herprofileren van de bestaande sloten rondom de woningen (die het huidige waterpeil behouden) en - over de exacte locatie ten opzichte van de perceelgrenzen en de bodembreedte van de nieuw aan te leggen afwateringssloten. Het Hydrologisch onderzoek De Wieden fase 2, vermeldt wel de resultaten van het hydrologisch onderzoek en geeft daar ook toelichting bij maar onvoldoende. Het hydrologisch onderzoek vermeldt niet de input en ook ligt het gebruikte model niet ter inzage.
Onder input moet onder meer verstaan worden, zodanige gegevens over de bodemgesteldheid dat nagerekend kan worden welke effecten van het project verwacht mogen worden. De kwaliteit van het gebruikte model is eveneens ten onrechte niet te controleren, nu dit model zelf niet ter inzage ligt. Ook wordt nergens onderbouwd waaruit blijkt dat de kade die rondom de woningen gelegd zal worden ook daadwerkelijk in voldoende mate het water tegen zal houden. Het hydrologisch onderzoek, met daaraan het ten grondslag liggende model zijn als bijlage bij de plannen bijgevoegd en liggen daarmee ter inzage. Het gebruikte grondwatermodel Mipwa v4.0 is een computer rekenmodel, dit is een computerprogramma met instellingen voor de berekeningen. Dit computerprogramma is niet ter inzage te leggen. De methode waarop het model gebruikt is en de daarvoor benodigde invoer en uitgangspunten die gebruikt zijn voor de berekeningen, is nader toegelicht in het rapport over het hydrologisch onderzoek. Nee Wij vinden dat het hydrologisch onderzoek niet door een onafhankelijke partij is uitgevoerd. Wij hebben ervaren dat door onvoldoende waterbeheer door Natuurmonumenten als eigenaar van de percelen het hydrologisch onderzoek nadelig is beïnvloed. Wij vinden dat het hydrologisch onderzoek opnieuw en door een onafhankelijke partij moet worden uitgevoerd.
Het hydrologisch onderzoek is uitgevoerd door ingenieursbureau Arcadis als onafhankelijke partij. De resultaten zijn getoetst door een team van hydrologen van het waterschap, Natuurmonumenten en de provincie Overijssel. We zijn van mening dat zo een deskundig en betrouwbaar onderzoek heeft plaatsgevonden. We zien dan ook geen reden om het hydrologisch onderzoek opnieuw uit te laten voeren. Nee Gezien de hiervoor genoemde punten van zorg, dienen wij bezwaar in tegen verhoging van het waterpeil zoals in het ontwerpbesluit is voorgesteld. Wij achten de wijziging van het waterpeil aan de randen van onze percelen in strijd met een goede ruimtelijke ordening: de wortelstelsels van onze (oude) bomen en struiken zullen worden aangetast, waardoor wij onze percelen niet meer overeenkomstig de bestemming wonen, met bijbehorende tuinen en erven kunnen gebruiken.. Op basis van het hydrologisch onderzoek trekken we de conclusie dat de wortelstelsels van de bomen geen schade zullen ondervinden door de hogere peilen in het in te richten gebied. De peilen rondom de woningen blijven namelijk gelijk aan de huidige peilen, hierdoor is er geen invloed op de wortelstelsels. Van strijdigheid met een goede ruimtelijke ordening is geen sprake. Nee 12.2 Muggenoverlast tegengaan Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.
Zienswijze 12: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig In het ontwerpplan ontbreken relevante gegevens dan wel onderzoek naar gevolgen van klimaatverandering op het ontwerpplan. De gevolgen van het verhogen van waterpeil m.b.t. overlast door muggen en het ontstaan van broedplekken door de Aziatische tijgermug. Begroeiing en stilstaand water verergeren de muggenoverlast. Daarom vragen wij om een gedegen onafhankelijk onderzoek naar de gevolgen van het verhogen van het waterpeil en de gevolgen van klimaatverandering op de overlast door insecten en de komst van invasieve exoten Rond de woningen wordt een open en droge zone aangelegd, dit is onaantrekkelijk voor muggen door de windwerking. In de gebieden wordt het peil verhoogd, maar het blijft een constant peil waardoor het niet droog valt. Het muggenprobleem rond de woningen wordt als gevolg van de inrichtingsmaatregelen niet verergerd. 12.3 Beheergaranties Sinds Natuurmonumenten eigenaar is van de polder, is het onderhoud steeds slechter uitgevoerd. Natuurmonumenten verwaarloost haar schouwplicht, wat betekent dat de waterafvoer steeds langzamer gaat, met als resultaat dat de duikers verstoppen. Wij verlangen dat de provincie de onderhoudsverplichtingen van Natuurmonumenten borgt door concrete én stabiele langjarige financiering van de onderhoudsgelden te eisen.
Het gaat ons om: - minimaal twee keer per jaar maaien grasdijken rondom uw percelen - minimaal twee keer per jaar maaien van de kruidenrijke graslanden - minimaal eens per twee jaar maaien van water/rietvelden ter voorkoming van bosvorming - proactief ingrijpen betreffende het woekeren van invasieve exoten Het PIP (inrichtingsplan) is niet het document waar afspraken over het onderhoud worden opgenomen. Dit gebeurt na de inrichting bij de overdracht van de gebieden aan de beheerder. Met de terrein beherende organisatie worden afspraken gemaakt over het uit te voeren beheer wat noodzakelijk is voor de beoogde natuurdoelen. De invasieve exoten in De Wieden en Weerribben zijn een gezamenlijke zorg van de provincie, het waterschap, de terreinbeherende organisaties en de gemeente Steenwijkerland. Van de beheerder mag worden verwacht dat hij er alles aan doet om invasieve exoten uit dit gebied te houden. Nee 12.4 Aansprakelijkstelling voor schade Het plan heeft zwaarwegende invloed op onze woon- en bedrijfslocaties. Wij stellen u bij voorbaat aansprakelijk voor schade aan onze percelen en gebouwen en bedrijfsvoering op welke manier dan ook. Als waarborg dient er een bankgarantie of garantiefonds voor toekomstige schade te worden Tijdens de planuitwerking is de uiterste best gedaan om alle effecten in beeld te brengen. De uitkomsten van de m.e.r.
en het hydrologisch onderzoek geven aan dat er in uw geval geen veranderingen zijn te verwachten. Voor situaties waar toch schades optreden als gevolg van de uitgevoerde maatregelen heeft de provincie een schadeloket. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 12: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig afgegeven c.q. opgesteld om toestanden zoals bij planschade Kanaal Almelo-Haandrik te voorkomen. provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). Zie paragraaf 1.3.2. Bij wijze van nulmeting verlangen wij voor aanvang van de uitvoering een bouwkundige opname, die direct daarna niet alleen bij een notaris wordt gedeponeerd, maar ook ons ter beschikking wordt gesteld. Een bouwkundige vooropname vindt plaats voordat de uitvoering van de maatregelen van start gaan en vormt dus het nulpunt van het project.
In een bouwkundig rapport worden (visueel zichtbare) gebreken in beeld en geschrift vastgelegd. Voor alle relevante partijen is het prettig en praktisch vooraf duidelijkheid te hebben over de staat van een pand. Om de aansprakelijkheid en/of schade achteraf beter te waarborgen, wordt het aanbevolen en is het gebruikelijk dat het opnamerapport wordt gedeponeerd bij de notaris. Zo wordt discussie vooraf voorkomen en worden eventuele schademeldingen objectief beoordeeld. Op verzoek ontvangt de betreffende eigenaar een eigen exemplaar van het opnamerapport. De bouwkundige vooropname wordt uitgevoerd door een onafhankelijk en erkend bureau. Nee 12.5 Wij verwachten dat onze zorgen worden meegewogen in het besluitvormingsproces over het plan en dat wij hiervan op de hoogte worden gehouden. Uiteraard zijn wij bereid een en ander mondeling toe te lichten. Deze Nota van Antwoord is een onderdeel van de besluitvorming. Het verdere verloop van het proces treft u aan in het begeleidend schrijven bij deze Nota van Antwoord. Verder wordt u op de hoogte gehouden via de Nieuwsbrief. Nee Conclusie De zienswijze leidt wel/niet tot aanpassing van het PIP, het peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nr.
Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 13.0 In de periode van donderdag 9 november 2023 tot en met woensdag 20 december 2023 ligt het ontwerp-PIP, het ontwerppeilbesluit en de ontwerp- ontgrondingsvergunning ter inzage. Bij deze ontvangen u onze zienswijze op deze plannen welke zich richt op deelgebied polder Giethoorn. Wij bezitten agrarische percelen ten oosten van het ontwikkelgebied. Onze percelen zijn gelegen ten Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig noorden van de Cornelisgracht. Deze grond gebruiken wij voor akkerbouw en wisselen af met gras. We verwachten dat het inrichtingsplan ertoe zal leiden dat onze percelen vernatten waardoor afname van gebruiksmogelijkheden, verminderde opbrengsten of zelfs voor akkerbouw ongeschikt raken. Deze zorgen hebben wij meermaals kenbaar gemaakt tijdens openbare informatiebijeenkomsten in 2022 en 2023 en tijdens één individueel gesprek in het voorjaar van 2023. Daarnaast hebben wij onze bezwaren schriftelijk, per e-mail, kenbaar gemaakt bij de projectleider van de provincie Overijssel. Sinds de terinzagelegging hebben wij pas inhoudelijk kennis kunnen nemen van de plannen. Tot onze spijt constateren we dat onze zorgen niet zijn afgenomen.
Sterker nog, deze zijn eigenlijk alleen maar groter geworden. Wij lichten onze zorgen en zienswijzen onderstaand nader toe: Slechte informatievoorziening in planvormingsproces Wij lezen dat er met diverse partijen en instanties is gesproken en dat de plannen in gezamenlijkheid tot stand zijn gekomen. We begrijpen dat de projectgroep niet oneindig groot kan zijn. Maar we zien ook partijen vertegenwoordigd waarvan we ons afvragen of haar belangen zwaarder wegen dan de onze. De groep “aanliggende grondeigenaren” is volgens ons vergeten danwel bewust niet actief betrokken. De groep die volgens de uitkomsten van hydrologisch onderzoek schade gaan ondervinden. Dus toch zeker belangrijke betrokkenen te noemen. Echter deze groep is geheel niet gehoord, betrokken of zelfs maar tussentijds geïnformeerd in het proces tot heden. Behoudens één individueel gesprek. Naast de algemene informatievoorziening via informatiebijeenkomsten, nieuwsbrieven en de website is waar nodig contact geweest met omwonenden en naastliggende eigenaren. Met de naastliggende eigenaren van Polder Giethoorn is een aantal keren contact geweest. Dat u hier niet bij betrokken bent geweest komt doordat op uw percelen geen effecten worden verwacht. Nee 13.1 Wat ons steekt is dat op inhoudelijke vragen gaandeweg het proces ook nauwelijks of geen reactie is gekomen. Op onze laatste email dd.
8 juni 2023 waarin we nogmaals onze zorgen uiten en Uw vragen waren vooral gericht op de methodiek en de uitkomsten van het hydrologisch onderzoek. De inhoud van dit hydrologisch onderzoek werd, als één van de bijlagen, vrijgegeven bij de ter inzagelegging van het PIP. Het is gebruikelijk dat dergelijke stukken beschikbaar komen nadat ze zijn Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig gerichte vragen stellen, is tot heden (december 2023) geen enkele reactie gekomen.. vrijgegeven door GS en ter inzage zijn gelegd. Zo krijgt iedereen op hetzelfde moment dezelfde informatie. Dit is telefonisch aan u meegedeeld. Maar ook in de periode vóór juni 2023 is om verduidelijking en toelichting gevraagd. De antwoorden hierop kwamen pas na herhaald verzoek en verwezen naar onderzoeken die nog plaats moesten vinden en bleven verder bij algemeenheden. Dat is spijtig want de kern van deze vragen vormt nu de essentie van de onderhavige zienswijze. Zie voorgaande beantwoording bij 13.1 Nee Volledigheidshalve is een e-mailreeks inclusief onze tot heden onbeantwoorde e-mail van dd. 8 juni jl. als bijlage toegevoegd.
We zijn begin november verrast met de (verlate) publicatie van de stukken en worden nu geacht in een periode van slechts 6 weken vele honderden pagina’s aan documenten te doorgronden. Dat is ondoenlijk, daarnaast ontbreekt voor ons essentiële informatie waardoor we niet in staat zijn een volledig beeld te vormen van de plannen en consequenties. We voelen ons niet gehoord en niet betrokken. Terwijl iemand die de plannen leest zonder kennis van het gelopen proces juist de indruk zal krijgen dat met alle betrokkenen en stakeholders uitvoerig is afgestemd en tot een alom gedragen plan is gekomen. We verzoeken om als belanghebbende landeigenaar voortaan actief te worden geïnformeerd en te worden meegenomen in het verdere proces. Dat kan wat ons betreft als individueel eigenaar maar wellicht ook als groep aanliggende eigenaren. Volgens ons gaat het om “slechts” 6 eigenaren. Het klopt dat uw email van 8 juni wat later en niet per e-mail is beantwoord. Wel is hierover telefonisch contact met u geweest. Daarin is o.a. verwezen naar de antwoorden die eerder in de door u meegestuurde emailreeks zijn gegeven. Aangegeven is o.a. dat na de inrichting de monitoring van de peilbuizen wordt voortgezet. De stukken die u bedoelt zijn niet eerder openbaar dan vanaf het moment van de terinzagelegging.
GS moet namelijk eerst besluiten tot de terinzagelegging voordat deze voor iedereen en op hetzelfde moment toegankelijk zijn. De periode van 6 weken is een wettelijk gestelde termijn voor een terinzagelegging. Bij de publicatie van het ontwerp-PIP De Wieden2 is daarvan niet afgeweken. Dat u dit, gezien de hoeveelheid en complexheid van de stukken, een korte periode vindt is begrijpelijk. Zie ook beantwoording bij 13.2 13.2 Onjuiste interpretatie van gedupeerde landeigenaren Uit het hydrologisch onderzoek blijkt dat bij Polder Giethoorn effect op de grondwaterstand optreedt bij de landbouwpercelen ten noorden en ten oosten van het gebied. Vermeld wordt dat er overleg gaat Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig komen met eigenaren van percelen waarop (volgens het theoretisch model) effect is berekend. Tijdens het individuele gesprek in 2023 is te kennen gegeven dat op uw percelen geen effect is berekend. Wij behoren hierdoor niet tot de groep eigenaren waarmee nadere afstemming gaat volgen. Bij nadere bestudering van het effectgebied volgens bijlage H en I blijkt dat het effect echter op de rand van uw percelen is gelegen. Op onderstaande plaatjes hebben wij de kadastrale grens in rode streeplijn weergegeven.
De berekende effecten op onze percelen zijn met rode cirkel gemarkeerd. Aangezien de plaatjes uit het rapport heel klein zijn, een zeer grote schaal hebben en het effect in blokjes is ingetekend is dit niet nauwkeurig te doen. Gezien de onnauwkeurigheid is onze opvatting dat de conclusie had moeten zijn dat we wel tot de groep zouden moeten behoren waarmee verder gesproken gaat worden over effecten en oplossingen. Inmiddels bent u, samen met andere naastliggende eigenaren, uitgenodigd en aanwezig geweest bij een tweetal bijeenkomsten waarin de knelpunten zijn verkend en waarin vervolgafspraken zijn gemaakt. Zo zijn er inmiddels extra peilbuizen geplaats, ook op uw perceel. Met een aantal eigenaren, waaronder u, wordt verkend of en welke mitigerende maatregelen er nodig zijn. Bij die verkenning heeft de provincie het adviesbureau Aequator ingeschakeld. Het klopt dat er effecten zijn berekend op uw perceel. Echter bij toetsing van die effecten op het landgebruik agrarisch conform de landelijk vastgestelde waterwijzer, blijkt dat de effecten niet tot schade aan de gebruiksfunctie leiden. Wij wijten deze, in onze ogen, foutieve beoordeling van onze belangen ook aan een verkeerde weergave van eigendommen op de analoge kaart zoals door de provincie getoond bij het individuele Zie voorgaande beantwoording bij 13.2.
Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig gesprek. Deze kaart beschreef een andere eigenaar voor ons meest noordelijke perceel. De fout is door ons tijdens het overleg benoemd. Oplossingen voor vastgestelde effecten zijn niet concreet en niet geverifieerd Uit het hydrologisch onderzoek blijkt dat bij Polder Giethoorn effect op de grondwaterstand optreedt bij de landbouwpercelen ten noorden en ten oosten van het gebied. Hoofdstuk 8 ‘conclusies en aanbevelingen” vermeldt o.a.: Hier kan een toename aan landbouwschade niet worden uitgesloten. Wij adviseren vervolgonderzoek uit te voeren voor deze percelen. Door monitoring en overleg met de perceeleigenaren kan bepaald worden of er daadwerkelijk een effect verwacht wordt, en of dit effect ongewenst is. Wanneer uit het vervolgonderzoek blijkt dat overlast kan optreden als gevolg van het ontwerp dienen de mitigatieopties onderzocht te worden. De mitigatie kan hier bestaan uit ophoging van de betreffende percelen. Ook kan er de afweging gemaakt worden om de effecten te remmen door mitigerende maatregelen (bijvoorbeeld een kwelsloot). Daarnaast kan de schade gecompenseerd worden door het uitkeren van een vergoeding.
Voor ons is zelfs de kleinste verslechtering onacceptabel, temeer omdat we mede sinds realisatie van het natuur en recreatieplan in de Beulakerpolder, in dit gebied al te maken heeft met een hoge kweldruk. In de huidige plannen ontbreken echter concrete oplossingen en afspraken met aanliggende eigenaren over de effecten op landbouwgrond. Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek. Op basis hiervan zijn de effecten naar de omgeving bepaald. De maatregelen om negatieve effecten te voorkomen worden gezamenlijk met de grondeigenaar en een onafhankelijk adviseur bepaald. Daarnaast wordt er in overleg met de eigenaren een peilbuis geplaatst op uw eigendom. De grondwaterstand wordt in de peilbuis gemeten om te controleren of er geen effecten optreden door het inrichtingsplan. Mocht er door het plan toch een onverwacht effect optreden dan verwijzen wij u naar het schadeloket.
Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). 13.3 P We constateren dat het advies voor vervolgonderzoek nog niet is opgevolgd, althans geen onderdeel uitmaakt van het plan zoals dat nu ter inzage ligt. Er zijn ook geen afspraken gemaakt over maatregelen om de schade te voorkomen. zie beantwoording bij 13.2 Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Slechts in algemene zin worden mitigerende oplossingen genoemd als “ophogen”, “draineren” of “vergoeding”. Maar concrete afspraken worden doorgeschoven tot de periode vlak voorafgaand aan de daadwerkelijke realisatie. Concrete oplossingen en afspraken dienen volgens ons juist onderdeel van het plan te zijn. Bij vaststelling van het huidige plan zullen we genoegen moeten nemen met wat ons later aan oplossingen geboden wordt.
Dit zal er volgens ons toe leiden dat het een kwestie wordt van “slikken” of “stikken” met hierbij ook nog de tijdsdruk om te beslissen omdat de realisatie al gepland is. Voor het overige kunnen wij melden bij een schadeloket waarvan onduidelijk is hoe dit gaat werken en wie aan de lat staat om bewijslast te gaan leveren. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel Bovendien geven effecten tot “enkele centimeters” verhoging uiteindelijk mogelijk juridisch geen aanleiding tot het treffen van maatregelen omdat dit binnen de te tolleren bandbreedtes valt. Een dergelijke conclusie is voor ons niet acceptabel, zeker niet in combinatie met andere geplande ontwikkelingen in het gebied (zie ook punt 6). Stapeling van (kleine) effecten door verschillende projecten kan uiteindelijk voor ons ook tot grote problemen leiden.
In het hydrologisch onderzoek is rekening gehouden met de bekende gegevens en de bestaande hydrologische situatie in het gebied. Indien er nieuwe en andere plannen ontwikkeld worden dienen deze aantoonbaar te maken dat er geen sprake is van stapeling van effecten. Ook is het daadwerkelijke effect van de genoemde maatregelen niet onderzocht. We vragen ons zelf af of het ophogen van percelen met 5 of 10 cm wel effect gaat hebben. Het kan volgens ons juist als bijeffect hebben dat de problemen gaan verschuiven: de schade openbaart zich op de omliggende gebieden die niet worden opgehoogd. Zie beantwoording bij 13.2 Drainage heeft ook een beperkte werkingsduur, zeker in dit gebied wat zich kenmerkt door de aanwezigheid van veel fijn zand. Draineren is in die zin slechts een tijdelijke maatregel. Zie beantwoording bij 13.2 Wat ons betreft worden de inrichtingsdoelen behaald door niet het waterpeil te verhogen maar door het maaiveld op waterniveau te brengen. Indien het maaiveld verlaagd wordt om het gewenste waterpeil t.o.v. maaiveld te bereiken, dient de aanwezig oerlaag te word afgegraven, Deze oerlaag bepaald de waterhuishouding in dit gebied. Het verwijderen van de oerlaag heeft onvoorspelbare gevolgen. De oerlaag in de huidige situatie houdt de Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.
Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Hiermee worden veel risico’s voor de omgeving voorkomen. kweldruk tegen. Indien de oerlaag verwijderd wordt zal het kwelwater ook aan maaiveld negatieve effecten geven. Tijdens informatiebijeenkomst is door de provincie aangegeven dat omwille van financiën niet voor deze oplossing is gekozen. Wij betwijfelen of dit een juiste afweging is, de kosten van maatregelen en schade zouden wel eens veel groter kunnen zijn. De keuze voor niet afgegraven van het maaiveld is met name een inhoudelijke keuze, omdat dan ook de oerlaag vergraven gaat worden. Het vergraven van de oerlaag heeft nadelige gevolgen voor de waterhuishouding. Voor ons staat vast dat er nadelige effecten gaan optreden, extremer en in een (veel) groter gebied dan nu wordt voorzien. Maar wat het theoretische model en vooraf bedachte maatregelen ook gaan uitwijzen, de praktijk zal anders uitpakken. Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek. Op basis hiervan zijn de effecten naar de omgeving bepaald.
Wat in de plannen ontbreekt is de wijze van monitoring en procesafspraken om na realisatie vast te kunnen stellen welke schade er daadwerkelijk optreedt. Het kan volgens ons niet zo zijn dat na realisatie de bewijslast wordt omgedraaid en dat wij als gedupeerde schade moeten gaan bewijzen. Na inrichting van het gebied worden de grondwaterstanden nog minimaal vijf jaar gemonitord. Hierna wordt geëvalueerd of verdere monitoring noodzakelijk is. De gegevens uit deze monitoring zijn openbaar inzichtelijk. De metingen zijn openbaar inzichtelijk in het (online) BRO-loket. Tijdens de planuitwerking is de uiterste best gedaan om alle effecten in beeld te brengen. De uitkomsten van de m.e.r. en het hydrologisch onderzoek geven aan dat er in uw geval geen veranderingen zijn te verwachten. Voor situaties waar toch schades optreden als gevolg van de uitgevoerde maatregelen heeft de provincie een schadeloket. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt.
Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl(Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). Zie ook paragraaf 1.3.2. Vooraf moet er overeenstemming komen over een meet- en werkwijze waarop schade achteraf aantoonbaar kan worden gemaakt. We hebben ook geen vertrouwen in het opgerichte schadeloket zoals u is toegelicht tijdens het individuele gesprek in 2023. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Grondwatermodel is enkel theoretisch en onderschat de werkelijkheid De grondwatereffecten zijn berekend op basis van een model. Vanuit soortgelijke ontwikkelingen (ontgronding en peilverhoging) in de omgeving weten we dat theoretische benaderingen niet overeenkomen met de praktijk.
De praktijk blijkt doorgaans onderschat en kan lokaal ook sterk afwijken. Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek. In paragraaf 4.1 en 4.2 (van het hydrologisch rapport) is aangegeven welke data als input is gebruikt voor het model en welke verbeteringen zijn doorgevoerd. In paragraaf 4.3 is de modelvalidatie beschreven. In bijlage C zijn kaarten van de validatie opgenomen (verschil gemeten GHG/GLG en door het model berekende GHG/GLG). In bijlage H staat het berekende effect op het grondwater bij polder Giethoorn. Op basis hiervan zijn de effecten naar de omgeving bepaald. Voor het grondwatermodel zijn de bestaande peilbuizen gebruikt (zie bijlage C in het hydrologisch rapport). Er zijn nieuwe peilbuizen geplaatst in de voorbereidingsfase, die gebruikt zijn voor het hydrologisch onderzoek (zie bijlage A in het hydrologisch rapport). Naar aanleiding van de bepaalde effecten zijn er in overleg met de eigenaren nog aanvullende peilbuizen geplaatst. Specifieke kennis over het gebied en voorkomende wellen zijn welkom om te gebruiken bij de uitvoering van het project.
De maatregelen om negatieve effecten te voorkomen worden gezamenlijk met de grondeigenaar en een onafhankelijk adviseur bepaald. Daarnaast wordt er in overleg met de eigenaren een peilbuis geplaatst op uw eigendom. De grondwaterstand wordt in de peilbuis gemeten om te controleren of er geen effecten optreden door het inrichtingsplan. Mocht er door het plan toch een onverwacht effect optreden dan verwijzen wij u schadeloket. Voor verdere inhoudelijke toelichting op het hydrologisch model verwijzen we naar de antwoorden bij 6.b 1 en 2. 13.4 O+PB In dit kader noemen we specifiek het gerealiseerde project met natuurontwikkeling, waterberging en recreatie in de Beulakerpolder, ca twaalf jaar geleden. De effecten op de waterhuishouding zijn in verre omgeving merkbaar en leiden tot schade en overlast. Wij zijn al jaren met de gemeente (en waterschap) in overleg over een oplossing voor (kwel)water uit omgeving Burg. Van der Gootplantsoen waarvan wij overlast ervaren op onze percelen in polder Giethoorn. In onze plannen hebben we rekening gehouden met een cumulerend effect van de bestaande en bij ons definitief bekende plannen. De problematiek omtrent de waterafvoer vanaf het Burg. Van der Goot plantsoen is een bekend aspect bij de gemeente Steenwijkerland en het Waterschap DOD. Dit maakt geen deel uit van dit project. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.
Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Een ander voorbeeld is waterberging Wetering Oost, het aanliggend landbouwgebied ondervindt hier ook de nodige (niet voorspelde) overlast van. We hebben getracht het hydrologisch onderzoek te doorgronden. Er zijn echter onvoldoende gegevens meegeleverd om dit goed te kunnen doen. Het onderzoek hebben we hiertoe slechts ons “boerenverstand” kunnen beoordelen. Op basis hiervan constateren we dat de effecten op de grondwaterstanden behoorlijk worden onderschat. Wij constateren o.a.: • Het model is gestoeld op zes peilbuizen, welke zijn gelegen in het plangebied en aan de directe randen hiervan. Er zijn geen metingen en peilbuizen op enige afstand buiten het plangebied gemonitord. Ter plaatse van de oostelijk gelegen landbouwpercelen is geheel geen meting gedaan. Het gehanteerde model kan hierdoor niet zijn gecontroleerd op de werkelijk situatie op onze percelen. Er is kennelijk gebruik gemaakt van algemeen beschikbare gegevens. Zie onze reacties bij 6b.1 en 2, • Er is een verschil tussen het inrichtingsplan en de nadere uitwerking (tekeningen) hiervan. Welk uitgangspunt is als basis gebruikt? Het verschil klopt, de tekeningen voor de ontgrondingsvergunning zijn in een verder detail uitgewerkt.
Het inrichtingsplan is de basis, deze worden verder uitgewerkt in verschillende ontwerpfasen (VO, DO en UO). Een verdere uitwerking van de maatregelen mag niet leiden tot een ander grondwatereffect. Nee • Er ontbreekt een reflectie op soortgelijke en eerdere gerealiseerde plannen in het gebied zoals genoemd. Welke ervaringen zijn hieruit opgedaan en hoe kan dit worden geïnterpreteerd op polder Giethoorn (lessons learned); Daar waar relevant zijn beschikbare onderzoeksgegevens uit andere projecten in deze plannen meegenomen. • Uit de berekening volgt dat grondwater stijgt in een smalle strook naast de brede waterlossing. Verder landinwaarts is er geen effect. Op basis van eigen kennis en ervaring met grondwater en kwel in dit gebied weten we dat het effect veel verder landinwaarts zal gaan optreden. In de berekende strook direct langs de brede tocht zal het effect daarentegen juist minder zijn. U geeft aan dat de berekende effecten langs de sloot op uw perceel onjuist zijn en dat u juist meer effecten verwacht landinwaarts op uw perceel. Wij erkennen uw zorg en hebben samen met u en Aequator verder onderzoek gedaan naar de effecten op uw perceel. Dit doormiddel van het bepalen van de bodemopbouw en het plaatsen van extra peilbuizen om hiermee juist de specifieke situatie op uw perceel in beeld te hebben en mogelijke effecten te kunnen mitigeren.
Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig • Er is geen rekening gehouden met plaatselijk voorkomende plaatselijke “wellen” die kenmerkend zijn voor dit gebied; Onlangs zijn er extra peilbuizen geplaatst aan de oostzijde van polder Giethoorn. Hiervoor is een monitoringsplan opgesteld, waarin rekening is gehouden met de plaatselijke omstandigheden zoals de Wellen. U bent betrokken geweest bij de plaatsing van de peilbuizen. . Het hydrologisch onderzoek is onvoldoende transparant Het hydrologisch onderzoek zoals gepubliceerd is onvoldoende transparant en door derden niet te controleren. Zo is onduidelijk welke uitgangspunten als basis voor de huidige situatie zijn gebruikt. Zie de beantwoording bij 6b.1 en 2 Nee Ook is niet duidelijk hoe de nieuwe situatie is gemodelleerd. Zo wordt er gesproken over een nieuw peil van 1.30m - NAP. Maar in de praktijk zal dit peil tijdelijk hoger zijn a.g.v. neerslag en opstuwing bij westenwind in combinatie met een geknepen aflaat. Onduidelijk is of hiermee rekening is gehouden. Het -1.30 m NAP waterpeil is het peil onder normale omstandigheden waar de stuw op ingericht gaat worden. En daar is het modelonderzoek ook op gebaseerd. Er is voor dit project geen sprake van waterberging en het is ook geen doel om water vast te houden.
Nee Ondanks dat een vast peil wordt ingesteld is het volgens ons realistisch dat in het kader van natuurontwikkeling en natuurbeheer op enig moment (kort of langer durend) bewust een hoger peil wordt ingesteld om bijvoorbeeld ganzen uit het gebied te weren. Eenzelfde maatregel wordt toegepast in waterberging Wetering Oost. Onduidelijk is of en hoe deze variabelen in het model zijn opgenomen. De situatie met de waterberging Weteringen Oost is niet vergelijkbaar met polder Giethoorn. De maximale peilen zijn vastgesteld in het peilbesluit, tevens is hierin ook een bandbreedte aangegeven ten behoeve van het beheer van het gebied. Afwijken van de vastgestelde peilen uit het peilbesluit is niet mogelijk. Nee Hogere waterstanden hebben volgens ons direct effect op de grondwaterstromen. Dat er hogere waterstanden dan 1.30m -NAP mogelijk zijn blijkt ook uit de hoogte van de nieuwe kades rondom, deze worden aangelegd op 0,70m -NAP. Dat is dus 70 cm boven vast peil. De maximale peilen zijn vastgesteld in het peilbesluit. De hoogte van de kaden zijn inclusief wateroverlastnormen. Nee 13.5 PB Vermeldt is dat het hydrologisch onderzoek tot stand is gekomen en beoordeeld is door een expertteam. Echter de leden van dit team zijn afkomstig van of worden betaald door organisaties die volgens ons allen hetzelfde gemeenschappelijke doel nastreven: het realiseren van de peilverhoging.
In het kader van transparantie en onpartijdigheid verzoeken wij Het hydrologisch onderzoek is uitgevoerd door ingenieursbureau Arcadis als onafhankelijke partij. De resultaten zijn getoetst door een team van hydrologen van het waterschap WDOD, Natuurmonumenten en de provincie Overijssel. Het doel van dit PIP is echter niet het verhogen van het grondwaterpeil maar een zo optimaal mogelijke inrichting van het N2000 gebied. Peilverhoging is daar een middel bij. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig om het expertteam uit te breiden met een second opinion door een onafhankelijk specialist. Door andere indieners van zienswijzen op dit PIP is een second opinion uitgevoerd op het hydrologisch onderzoek. Deze is aan de Nota van Antwoord toegevoegd en van een reactie voorzien bij 6b.1 en 2. Relatie met omliggende ontwikkelingen niet gelegd Gem. Steenwijkerland maakt op dit moment plannen voor de nabijgelegen Gieterse polder. Het plan is om ook in deze polder het peil sterk te gaan verhogen.
Wij verwijzen u naar de website van de gemeente waarop de plannen zijn gepresenteerd: https://www.steenwijkerland.nl/Inwoners/Leefomge ving/Projecten_in_uitvoering/Giethoorn/Samen_aan de_slag_in_Giethoorn/Ontwikkeling/Gieterse_polder _en_centrumgebied/Documenten_Gieterse_Polder_ en_Centrumgebied Ook de provincie heeft positief geadviseerd over op de beoogde peilverhogingen en vaarverbinding getuige bijlage “Bijlage_VII_b_Advies_provincie_Overijssel.pdf “. De plannen zijn nog niet definitief en effecten zijn nog niet onderzocht. Maar het is te verwachten dat er effecten gaan optreden op landbouwgrond binnen polder Giethoorn. In het kader van het m.e.r. dienen wij ontwikkelingen die concreet voorzienbaar zijn mee te nemen in de beoordeling. Het gemeentelijk plan voor de Gieterse polder is zover nog niet. Uit de gemeentelijke website blijkt dat het om een Toekomstvisie gaat en dat de plannen voor de woningbouw nog uitgewerkt moeten worden. Dat maakt het voor dit PIP niet mogelijk om nu rekening mee te houden. Uw uitleg dat wij als provincie positief hebben geadviseerd is, gezien de inhoud van de provinciale reactie, een ruime interpretatie. Het betreft volgens de conclusie een aantal adviezen. Nee Als tweede ontwikkeling noemen we de uitbreiding van vaarwater in plan Bodelaeke in de Beulaker polder.
Dit plan is onlangs gepubliceerd: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2023- 468983.htm De effecten van dit plan zijn zover wij kunnen nagaan niet onderzocht. Desondanks kunnen er wel effecten gaan optreden in polder Giethoorn. In dit geval lag dit plan, Woningbouw Jonenweg, één dag eerder ter inzage dan het PIP De Wieden 2. Dit plan ligt zodanig ver van Polder Giethoorn af dat dit geen effecten zal hebben op het plangebied van dit PIP of andersom. Met name, omdat de plangebieden worden gescheiden door het vaarwater tussen de Cornelisgracht en de Jonenweg. Nee 13.6 Het monitoren van effecten en vaststellen van schade is een kwestie van vele jaren. In die tijd kunnen de twee genoemde plannen in Gieterse polder en Beulakerpolder ook zijn gerealiseerd. Optredende effecten in polder Giethoorn kunnen dus meerdere veroorzakers krijgen. Wat voorkomen moet worden is dat gedupeerden uiteindelijk niet aangetoond krijgen wie veroorzaker is en dus Zie bovenstaande reactie. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 13: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig aansprakelijk is. Onzes inziens moeten alle (potentiële) ontwikkelingen niet los van elkaar maar tezamen worden beschouwd en moet er een overkoepeld plan komen voor monitoring en schadeafhandeling.
13.6 Tot slot Wij zijn niet tegen de natuurontwikkeling, maar willen voorkomen dat we achteraf blijven zitten met voor ons nadelige gevolgen. Daarvan zijn we nu niet overtuigd, We hopen u onze bezwaren op de plannen duidelijk te hebben gemaakt. Vanwege de omvang en het korte tijdsbestek waarin wij kennis hebben kunnen nemen van de plannen behouden we ons het recht voor om op een later moment deze zienswijze bij te stellen danwel uit te breiden. We zijn altijd tot nader overleg en afstemming bereidt. 13.7 Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nr. Zienswijze 14: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 14.0 In reactie op het Ontwerp Inpassingsplan De Wieden 2, gecoördineerd ontwerppeilbesluit en ontwerp-Ontgrondingsvergunning dienen ondergetekende perceeleigenaar rond het plangebied in Polder Giethoorn (Cornelisgracht 44), deze zienswijze in. 14.1 PB Wateroverlast Ik verwacht dat de waterdruk door komvorming de onderaardse waterstromen gaat beïnvloeden en dat daardoor op mijn perceel in verschillende vormen wateroverlast ontstaat. Het gebruikte grondwatermodel Mipwa v4.0 is een computer rekenmodel, dit is een computerprogramma met instellingen voor de berekeningen. Dit computerprogramma is niet ter inzage te leggen.
De methode waarop het model gebruikt is en de daarvoor benodigde invoer en uitgangspunten die gebruikt zijn voor de berekeningen, is nader toegelicht in het rapport over het hydrologisch onderzoek. De komvorming in het perceel en de ondergrondse grondwaterstromen zijn meegenomen als input in het model. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 14: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Het is niet de verwachting dat er wateroverlast ontstaat op uw perceel. Bij de planuitwerking van het gebied zijn uitvoeringsmaatregelen bepaald. Het gevolg van deze maatregelen zal zijn dat er gegraven moet worden en dat lagere delen onder water komen te staan. De effecten daarvan op de waterhuishouding in de omgeving zijn uitgebreid onderzocht en weergegeven in het hydrologisch onderzoek. Ook ondergrondse waterstromen zijn meegenomen en verwerkt in dit onderzoek. Daaruit blijkt dat er geen wateroverlast wordt verwacht op uw perceel. Dat (kwel)water de bestaande dijken en nieuwe kades aantast. - Ik wil niet dat mijn perceel natter worden. - Ik wil dat de funderingen van de gebouwen op mijn perceel niet worden aangetast. - Ik wil dat de (oude) bomen op mijn perceel niet worden aangetast door een wijzigende waterhuishouding aan de randen van mijn perceel.
Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek. Op basis hiervan zijn de effecten naar de omgeving bepaald. In overleg met de eigenaren zijn peilbuizen geplaatst rondom uw eigendom. De grondwaterstand wordt in de peilbuis gemeten om te controleren of er geen effecten optreden door het inrichtingsplan. Mocht er door het plan toch een onverwacht effect optreden dan verwijzen wij u naar het schadeloket. Wij begrijpen de zorg om de wortelstelsels van de bomen. Op basis van het hydrologisch onderzoek trekken we de conclusie dat de wortelstelsels van de bomen geen schade zullen ondervinden door de hogere peilen in het in te richten gebied. De peilen rondom de woningen blijven namelijk gelijk aan de huidige peilen, hierdoor is er geen invloed op de wortelstelsels. Van strijdigheid met een goede ruimtelijke ordening is geen sprake.
Nee Ik verwacht dat voor vaststelling van het uitvoeringsplan met mij overlegd wordt over: - De hoogte van de schadevergoeding door de gevolgen van het ontwerpbesluit voor huidige en toekomstige bedrijfsvoering op uw perceel Tijdens de planuitwerking is de uiterste best gedaan om alle effecten in beeld te brengen. De uitkomsten van de m.e.r. en het hydrologisch onderzoek geven aan dat er in uw geval geen veranderingen zijn te verwachten. Voor situaties waar toch schades optreden als gevolg van de uitgevoerde maatregelen heeft de provincie een schadeloket. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl(Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). Zie ook paragraaf 1.3.2. Nee Ik vind dat het hydrologisch onderzoek niet door een onafhankelijke partij is uitgevoerd. Wij hebben ervaren dat door onvoldoende waterbeheer door Het hydrologisch onderzoek is uitgevoerd door ingenieursbureau Arcadis als onafhankelijke partij.
De resultaten zijn getoetst door een team van hydrologen van het waterschap, Natuurmonumenten en de provincie Overijssel. We zijn Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 14: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Natuurmonumenten als eigenaar van het perceel het hydrologisch onderzoek nadelig is beïnvloed. Wij vinden dat het hydrologisch onderzoek opnieuw en door een onafhankelijke partij moet worden uitgevoerd. van mening dat zo een deskundig en betrouwbaar onderzoek heeft plaatsgevonden. We zien dan ook geen reden om het hydrologisch onderzoek opnieuw uit te laten voeren. Gezien de hiervoor genoemde punten van zorg, dien ik bezwaar in tegen verhoging van het waterpeil, zoals in het ontwerpbesluit is voorgesteld. Ik acht de wijziging van het waterpeil aan de randen van mijn perceel in strijd met een goede ruimtelijke ordening: de wortelstelsels van (oude) bomen en struiken zullen worden aangetast, waardoor mijn perceel niet meer overeenkomstig de bedrijfsmatige bestemming met gebouwen en erf gebruikt kan worden. Op basis van het hydrologisch onderzoek trekken we de conclusie dat de wortelstelsels van de bomen geen schade zullen ondervinden door de hogere peilen in het in te richten gebied.
De peilen rondom de woningen blijven namelijk gelijk aan de huidige peilen, hierdoor is er geen invloed op de wortelstelsels. Van strijdigheid met een goede ruimtelijke ordening is geen sprake. Nee 14.2 Muggenoverlast In het ontwerpplan ontbreken relevante gegevens dan wel onderzoek naar gevolgen van klimaatverandering op het ontwerpplan. De gevolgen van het verhogen van waterpeil m.b.t. overlastdoor muggen. Begroeiing en stilstaand water verergeren de muggenoverlast. Daarom vraag u om een gedegen onafhankelijk onderzoek naar de gevolgen van het verhogen van het waterpeil en de gevolgen van klimaatverandering op de overlast door insecten en de komst van invasieve exoten. De komst van invasieve exoten heeft gevolgen voor het bedrijfsmatig gebruik van het perceel. De in het plan genoemde positieve gevolgen voor recreatie bestrijd ik ten zeerste. De komst van de Aziatische tijgermug heeft grote gevolgen voor de volksgezondheid en voor de recreatie in de Kop van Overijssel. Deze Aziatische tijgermug is in tegensstelling tot de inheemse mug overdag actief en met name in gebieden met grote mensenmassa’s (Giethoorn). Ook de explosieve groei van andere invasieve exoten in de Kop van Overijssel heeft grote gevolgen op de recreatie in de Kop van Overijssel. Het ontbreken van geld, capaciteit en kennis om Rond de woningen wordt een droge zone aangelegd.
Deze zone is vanwege de openheid en windwerking niet aantrekkelijk voor muggen. Hierdoor zal de aanwezigheid van muggen ten opzichte van de huidige situatie niet toenemen. De invasieve exoten in De Wieden en Weerribben zijn een gezamenlijke zorg van de provincie, het waterschap, de terreinbeherende organisaties en de gemeente Steenwijkerland. Van de beheerder mag worden verwacht dat hij er alles aan doet om invasieve exoten uit dit gebied te houden. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 14: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig deze exoten tegen te gaan in de Kop van Overijssel zoals de Provincie Overijssel zelf toegeeft heeft de eerste prioriteit alvorens over te gaan op het ontwerp PIP de Wieden2 besluit en de uitvoering daarvan. 14.3 Natuurmonumenten Natuurmonumenten is eigenaar van de Gieterse polder met als voorwaarde dat de Gieterse polder uitsluitend gebruikt worden voor natuur. Natuurmonumenten heeft niet voldaan aan deze voorwaarde. Beschermde weidevogels als Kievit en Grutto en andere beschermde dierensoorten zijn sinds Natuurmonumenten eigenaar is uit de Gieterse polder verdwenen. De percelen zijn sinds Natuurmonumenten eigenaar is gebruikt voor agrarische doeleinden nl begrazing door Runderen en winning van diervoeders. Hierop heeft geen handhaving plaats gevonden door de Provincie.
Dit ondermijnt het vertrouwen in de Overheid. Ik vind dat mede gezien de huidige Maatschappelijke problematiek en vraagstukken het Ontwerp PIP de Wieden 2 moet worden uitgesteld. Het besluit helpt niet mee aan de verduurzaming van onze maatschappij. Juist Natuurmonumenten zou als groot grondbezitter een grote maatschappelijke bijdrage kunnen leveren. Ik ben van mening dat de Provincie Overijssel en Natuurmonumenten juist nu de verplichting hebben om deze maatschappelijke bijdrage te leveren en de Gieterse Polder te gebruiken voor extensief biologisch agrarisch gebruik. De Gieterse polder/Polder Giethoorn is inderdaad in eigendom en gebruik bij Natuurmonumenten. Het betreffende gebied heeft echter nog niet de natuurbestemming en is ook nog niet als natuurgebied ingericht. Totdat het gebied zijn natuurbestemming en inrichting heeft kan het nog niet als natuurgebied worden beheerd. Met het PIP De Wieden2 wordt de natuurbestemming en inrichting definitief gemaakt. Daarbij zijn de natuurdoelen van het Natura 2000-beheerplan leidend geweest. Nee 14.4 Aansprakelijkstelling voor schade Het plan heeft zwaarwegende invloed op uw bedrijfslocatie. Ik stelt u bij voorbaat aansprakelijk voor schade aan mijn perceel, gebouwen en bedrijfsvoering op welke manier dan ook. Als waarborg dient er een bankgarantie of garantiefonds voor toekomstige schade te worden afgegeven c.q.
opgesteld om toestanden zoals bij planschade Kanaal Almelo-Haandrik te voorkomen. Bij wijze van nulmeting verlangen ik voor aanvang Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 14: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig van de uitvoering een bouwkundige opname, die direct daarna niet alleen bij een notaris wordt gedeponeerd, maar ook ter beschikking wordt gesteld. 14.5 Ik verwacht dat mijn zorgen worden meegewogen in het besluitvormingsproces over het plan en dat ik hiervan op de hoogte worden gehouden. Uiteraard ben ik bereid een en ander mondeling toe te lichten. Deze Nota van Antwoord is een onderdeel van de besluitvorming. Het verdere verloop van het proces treft u aan in het begeleidend schrijven bij deze Nota van Antwoord.
Verder wordt u op de hoogte gehouden via de Nieuwsbrief. Nee Conclusie De zienswijze leidt wel/niet tot aanpassing van het PIP, peilbesluit of vergunning Nr. Zienswijze 15: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 15.0 Inleiding Heden liggen het ontwerp-PIP "De Wieden 2", het ontwerppeilbesluit en een ontwerp- ontgrondingsvergunning ter inzage. Er wordt een gecoördineerde procedure op grond van de coördinatieverordening van de provincie Overijssel gevolgd. Op het adres Cornelisgracht 40 te Giethoorn zijn de heer .. en mevrouw .. woonachtig. De heer .. exploiteert op deze locatie ook zijn eenmanszaak Reparatiebedrijf … . Namens de heer .., mevrouw .. en namens de eenmanszaak wordt hierbij een zienswijze ingediend tegen de genoemde ontwerpbesluiten die heden ter inzage liggen. Hierna worden de indieners samen als “…” aangeduid. Bijgesloten wordt een getekende machtiging (bijlage 1) en een uittreksel uit het Handelsregister (bijlage 2). 15.1 PB Vrees voor schade Op pagina 44 van het IR2 Inrichtingsplan Wieden treffen we de volgende tekst aan. Door de inlaat (een stuw met duiker) in het zuidwesten vanuit de Cornelisgracht kunnen in de Polder Giethoorn een peil van -1,3 m NAP De hoogte van de percelen die ingericht gaan worden liggen op -1.4 m tot -1.6 m NAP. Het peil wordt maximaal 1.3 meter verhoogd ten opzichte van de bestaande situatie.
Om wateroverlast naar de omliggende functies te voorkomen zijn maatregelen getroffen. Rond uw perceel wordt de huidige Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 15: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig realiseren, een verhoging van 1,3 meter. Dit is hoger dan op de omliggende agrarische percelen. Deze liggen op -2,6 m NAP. Aan de westkant is bestaande natuur op boezempeil (-0,73 en -0,83 m NAP). De bestaande kades hoeven niet aangepast te worden. Er worden wel nieuwe kades aangelegd om de woningen en de agrarische percelen op indieners bestaande peil te kunnen houden, deze krijgen een hoogte van -0,7 m NAP. Een verhoging van het peil met 1,3 meter is fors te noemen, gezien het veel lagere peil van het perceel van “…”. watergang opgeschoond om de waterafvoer te garanderen. Tevens wordt er langs de plangrens een sloot en een kade aangelegd. Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek.
Op basis van dit hydrologisch onderzoek, waarin ook de mitigerende maatregelen zijn meegenomen kunnen wij concluderen dat er geen sprake zal zijn van extra wateroverlast op uw perceel als gevolg van deze peilverhoging. De ontwerpbesluiten gaan er alle drie van uit dat een nieuwe kade om het perceel van Indiener met een hoogte van -0,7m NAP toereikend zal zijn om wateroverlast of andere effecten op het perceel van Indiener te voorkomen. Als "Bijlage D Memo beslisboom ontwerpvarianten" is een memo van Arcadis van 1 maart 2022 gevoegd. Daar wordt voor Polder Giethoorn, waarin het perceel van Indiener gelegen is, aangegeven dat voor deze polder als input van belang is dat rondom het deelgebied agrarische bestemmingen en woningen zijn gelegen die bij voorkeur geen grondwatereffecten mogen ervaren. De kade, in combinatie met de nieuw aan te leggen sloot, is noodzakelijk om wateroverlast voor de bestaande aanliggende functies te voorkomen. Tevens wordt er tussen de woningen en het plangebied een droge zone van circa 30 meter aangelegd, die beheerd zal worden als open zone. Met deze maatregelen worden grondwatereffecten op de omliggende functies voorkomen. Deze open zone zorgt er tevens voor dat de muggenoverlast niet toe neemt ten opzichte van de huidige situatie.
Op andere plaatsen in de ter inzage liggende stukken komen we het uitgangspunt tegen dat woningen hun bestaande drooglegging behouden, bijvoorbeeld op pagina 7 van de Ecologische beoordeling inrichtingsplannen Wieden Planfase II van 10 november 2022. Dat is een onvoldoende toezegging, omdat het niet alleen gaat om te vrezen wateroverlast maar ook om te vrezen oprijzen van grond door het drukverschil in het grondwater. “…” acht het onvoldoende zeker dat geen negatieve effecten van enige betekenis op zijn perceel te vrezen zijn. Er kan schade aan de bebouwing ontstaan en er kan wateroverlast op het perceel als geheel ontstaan. Oprijzen van grond is gezien de omvang van de kade en de bestaand ondergrond niet de verwachting. Uiteraard wordt in de verdere ontwerpfase de nieuw aan te leggen kade geotechnisch doorgerekend waarin ook wordt gerekend aan grond druk en het verplaatsen van grond (zetting, grondspanning etc.) De resultaten van dit geotechnische onderzoek worden ter inzage gelegd bij de aanvraag van de watervergunning. Die nog in een later stadium wordt aangevraagd bij het waterschap.
Ook de oude bomen op het perceel kunnen in gevaar komen als gevolg van de uitvoering van de Op basis van het hydrologisch onderzoek trekken we de conclusie dat de wortelstelsels van de bomen geen schade zullen ondervinden door de hogere Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 15: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig voorgenomen peilverhoging. Dit kan de bruikbaarheid en de waarde van het perceel en de bebouwing, zowel voor zakelijke als voor privédoeleinden aantasten. peilen in het in te richten gebied. De peilen rondom de woningen blijven namelijk gelijk aan de huidige peilen, hierdoor is er geen invloed op de wortelstelsels. Van strijdigheid met een goede ruimtelijke ordening is geen sprake. Eerdere ervaringen met de Beulakerpolder In de nabijgelegen Beulakerpolder is eerder het waterpeil al verhoogd. Onze zorgen zijn gebaseerd op reële ervaringen na het eveneens onder water zetten van de nabijgelegen Beulakerpolder. Wij verwijzen hiervoor naar de bijgesloten foto's en schets met hoogteverschillen. Daar waar het moeras zich uitstrekt tot aan de dijk waarop de Jonenweg ligt, scheurt het asfalt. Wat niet het geval is op de stukken weg langs de bedijkte woonpercelen. Dit laat de slijtagewerking van het water aan weerszijden van de dijk zien.
Dit effect zal versterkt optreden als er ook aan de overkant een watergebied wordt aangelegd, met name de hoek tussen 34a en 36, waar de dijkkruising van alle kanten in het water komt te liggen. De ondergrond in dit gebied betreft een veenondergrond die altijd zal werken, dit betekent dat er meer kans is op scheurvorming in het wegdek en dat de kwaliteit van het wegdek sneller achteruitgaat dan bij bijvoorbeeld een zandondergrond. De gemeente is zich als wegbeheerder bewust van deze omstandigheid. Het peil in polder Giethoorn wordt verhoogd, met maximaal 1,3 m, maar niet tot het boezempeil. Hierdoor blijft voldoende drooglegging van de weg gegarandeerd, waardoor er geen aanwijzingen zijn dat de huidige situatie van de weg verminderd. Het peilverschil wordt in de hoek van de Cornelisgracht 34a en 36 verkleind door de peilverhoging in polder Giethoorn. Het verkleinen van het peilverschil zorgt ook voor het verminderen van het drukverschil wat juist bijdraagt aan de stabiliteit van de weg. De oeververzakkingen en het dichtslibben van de sloten ten westen van Cornelisgracht 32. Dit is een bestaande situatie. Deze verandert niet door de uitvoering van de N2000-maatregelen. Wel gaan wij de sloten rondom de percelen van de woningen herprofileren voor een goede waterafvoer.