CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

8.2 Provincie Overijssel - Nota van Antwoord De Wieden 2 - bijlage 2

Raadsvergadering 1 april 2025, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken31.782 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Wij willen dat de (oude) bomen op uw percelen niet worden aangetast door een wijzigende waterhuishouding aan de randen van uw percelen. De zorgen die wij ons hierover maken, zijn gebaseerd op reële ervaringen na het eveneens onder water zetten van de tegenovergelegen Beulakerpolder. - Wij kennen de ervaringen van verschillende grondeigenaren rondom (zelfs aan de overkant van het kanaal Beukers-Steenwijk) dat hun percelen veel natter zijn sinds van de Beulakerpolder weer een moeras is gemaakt. - Wij zien wat de waterdruk betekent voor de aangrenzende dijk: het asfalt op de Jonenweg scheurt op de plaatsen waar het moeras tot de dijk komt. - Wij zien de grondverzakkingen naast Cornelisgracht 32. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. Uit het hydrologisch onderzoek blijkt dat de bestaande gebouwen en beplanting geen schade zullen ondervinden door de hogere peilen in het in te richten gebied. De peilen rondom de woningen blijven namelijk gelijk aan de huidige peilen. In het hydrologisch onderzoek is ook de huidige situatie van de Beulakerpolder meegenomen. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.

Zienswijze 6a: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 6a.3 Muggenoverlast tegengaan Begroeiingen stilstaand water verergeren de muggenoverlast. Daarom vragen wij om een bufferzone van 150 meter kruidenrijk grasland, zoals ook bij de Wetering is aangebracht. Wij achten de geplande 50 meter onvoldoende, met het warmer worden door de klimaatverandering vrezen we de tijgermug die bijvoorbeeld knokkelkoorts kan overbrengen. Rond de woningen wordt een open en droge zone aangelegd. Door het open karakter van deze zone is er sprake van windwerking en dat maakt het onaantrekkelijk voor muggen. In de gebieden wordt het peil verhoogd, maar het blijft een constant peil waardoor het niet droog valt. Het muggenprobleem rond de woningen wordt als gevolg van de inrichtingsmaatregelen niet verergerd. Nee 6a.4 Beheergaranties Sinds Natuurmonumenten eigenaar is van de polder, is het onderhoud steeds slechter uitgevoerd. Natuurmonumenten verwaarloost haar schouwplicht, wat betekent dat de waterafvoer steeds langzamer gaat, met als resultaat dat de duikers verstoppen. Wij verlangen dat de Provincie de onderhoudsverplichtingen van Natuurmonumenten borgt door concrete én stabiele langjarige financiering van de onderhoudsgelden te eisen.

Het gaat ons om: - minimaal twee keer per jaar maaien grasdijken rondom onze percelen - minimaal twee keer per jaar maaien van de kruidenrijke graslanden - minimaal eens per twee jaar maaien van water/rietvelden ter voorkoming van bosvorming - proactief ingrijpen betreffende het woekeren van invasieve exoten; planten die via de inlaat vanuit het Gietersemeer de watergangen gaan verstoppen. Natuurmonumenten is eigenaar van het gebied en zal in de toekomst het gebied ook gaan beheren. Het beheer moet bijdragen aan de gestelde Natura 2000-doelen, de moerasbroedvogels. Bosvorming is strijdig met deze doelstelling en moet worden voorkomen door een juist maaibeheer. De grasdijken en de kruidenrijke graslanden rondom de woningen zullen tweemaal per jaar gemaaid worden. De invasieve exoten in De Wieden en Weerribben zijn een gezamenlijke zorg van de provincie, het waterschap, de terreinbeherende organisaties en de gemeente Steenwijkerland. Van de beheerder mag worden verwacht dat hij er alles aan doet om invasieve exoten uit dit gebied te houden. Nee 6a.5 Bouwkundige opname Tot slot verwachten wij dat we als eigenaren de rapporten van de 'aan de keukentafels' toegezegde bouwkundige opname/nulmeting van de gebouwen waarvan wij eigenaren zijn ook zelf zullen ontvangen. Met alleen het deponeren bij een notaris (zoals de projectleider meermaals aangaf) gaan wij niet akkoord.

Een bouwkundige vooropname vindt plaats voordat de uitvoering van de maatregelen van start gaat en vormt dus het nulpunt van het project. In een bouwkundig rapport worden (visueel zichtbare) gebreken in beeld en geschrift vastgelegd. Voor alle relevante partijen is het prettig en praktisch vooraf duidelijkheid te hebben over de staat van een pand. Om de aansprakelijkheid en/of schade achteraf beter te waarborgen wordt het aanbevolen en is het gebruikelijk dat het opnamerapport wordt gedeponeerd bij de notaris, Zo wordt discussie vooraf voorkomen en worden eventuele Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 6a: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig schademeldingen objectief beoordeeld. Op verzoek ontvangt de betreffende eigenaar een eigen exemplaar van het opnamerapport. De bouwkundige vooropname wordt uitgevoerd door een onafhankelijk en erkend bureau. 6a.6 O Niet doorboren oerlaag Mogelijk ten overvloede maken wij er melding van dat bij het realiseren van het plan alleszins moet worden voorkomen de zogeheten oerlagen te doorboren. Grondeigenaren hebben de van generatie-op-generatie overgeleverde kennis dat daardoor onherstelbare wateroverlast wordt veroorzaakt. Inmiddels zijn er in Giethoorn desondanks verschillende probleemsituaties ontstaan ten gevolge van het wel doorboren van de oerlaag.

Tijdens de planuitwerking is als uitgangspunt gehanteerd dat de oerlaag intact moet blijven. Bij de uitvoering van de voorgestelde maatregelen zal de oerlaag niet worden doorboort. Nee 6a.7 Te behalen natuurwaarden Tot slot vragen wij ons af waar de hazen, reeën, grutto's en kieviten die nu in het gebied wonen en/of foerageren, heen moeten? Waar blijft hun 'natuurwaarde'? Desgewenst kunnen we u de foto's sturen om hun aanwezigheid te bewijzen. In het N2000 beheerplan Wieden Weerribben is het gebied polder Giethoorn aangewezen voor het natuurdoel moerasbroedvogels. In het N2000 beheerplan zijn de afwegingen gemaakt voor de natuurontwikkeling. Op basis van de gegevens uit de Nationale databank Flora en Fauna kunnen wij geen gegevens vinden over de aanwezigheid van de door u genoemde grutto’s en kieviten. Nee 6a.8 Wij verwachten dat onze zorgen worden meegewogen in uw besluitvorming over het plan en dat wij hiervan op de hoogte worden gehouden, Uiteraard zijn wij bereid een en ander mondeling toe te lichten. Na vaststelling van het PIP door Provinciale Staten worden de inrichtingsmaatregelen verder in detail uitgewerkt. Tijdens die uitwerking wordt dat met de omwonenden besproken. Nee Conclusie De zienswijze leidt wel tot aanpassing van het PIP, peilbesluit of ontgrondingsvergunning Nr.

Zienswijze 6b: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 6b.0 Zoals in Zienswijze 6 en 6a onder 1 en 11.3 is te lezen heeft het adviesbureau KnowH2O d.d. 26-3- 2024 opdracht gekregen voor het ‘Tegenlezen van twee Arcadis-rapporten en brief-advies’. Dit betreft Deze zienswijze richt zich vooral op de inhoud van het peilbesluit en het hydrologisch onderzoek. Beide documenten hebben een nogal technische en specialistische inhoud. Zo is ook de zienswijze opgesteld. Daarom ook dat in de beantwoording de reacties op onderdelen een nogal technisch en specialistisch taalgebruik hebben. Dat maakt het voor de lezer Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 6b: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig de twee hydrologische rapporten die onderdeel uitmaken van het PIP de Wieden 2. De twee Arcadis-rapportages die zij lazen en bestudeerden waren: 1. Peilbesluit 2. Hydrologisch onderzoek De bevindingen van het bureau KnowH2O zijn als volgt. Inleiding De Provincie Overijssel heeft als doel nieuwe natuur te realiseren in de Weerribben-Wieden, een gebied dat in 2013 is aangewezen als Natura-2000 gebied. Voor de herinrichting van dit gebied is een gewenst grond- en oppervlaktewaterstand bepaald.

Hiervoor heeft Arcadis, in opdracht van de Provincie Overijssel, een hydrologisch onderzoek uitgevoerd en vervolgens een peilbesluit opgesteld. Het gebied Polder Giethoorn maakt deel uit van het gebied waarvoor een nieuw peilbesluit is opgesteld. Een groep bewoners in dit deelgebied (Cornelisgracht 32 t/m 44) trekt de conclusies van de twee Arcadis rapporten in twijfel, en is bezorgd over de schade die mogelijk kan ontstaan aan hun huis en eventueel andere gebouwen bij de uitvoering van deze ‘vernattings’-maatregelen. De groep van bewoners heeft KnowH2O gevraagd om de volgende twee Arcadis rapporten ‘tegen te lezen vanuit het perspectief van de omwonenden’: - Peilbesluit WDOD en Toelichting; - Hydrologisch onderzoek. Hierbij beantwoorden het bureau (KnowH2O) de volgende vraag: Zijn de in de twee rapporten genoemde redenen, analyses en argumentatie kwantitatief doorslaggevend voor het in twijfel trekken van conclusies in de lijn van ‘geen noemenswaardige negatieve effecten op de percelen gelegen aan de Cornelisgracht 32 t/m 44’ ? wellicht iets minder begrijpelijk, maar is nodig om de zienswijze inhoudelijk goed te kunnen beantwoorden. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.

Zienswijze 6b: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 6b.1 Conclusie van onze tegenlezing Wij concluderen dat de analyses in de twee Arcadis rapporten hydrologisch onvoldoende kwantitatief zijn onderbouwd, om te kunnen concluderen dat er ‘geen noemenswaardige negatieve effecten op de percelen gelegen aan de Cornelisgracht 32 t/m 44’ zijn. Aanvullende analyses en onderzoek zijn nodig om schade aan de woningen en bebouwing in het algemeen als gevolg van de voorgestelde maatregelen uit te kunnen sluiten. KnowH2O concludeert dat de analyses in de rapporten onvoldoende zijn onderbouwd en er aanvullende analyses en onderzoek nodig zijn om schade aan de woningen en bebouwing uit te kunnen sluiten. De aanvullende analyses en onderzoeken die genoemd worden, zijn het in beeld brengen van de verkitte B-horizont en de beoordeling van effecten door middel van tijdreeksen. De hydrologische rapportage is bewust doelmatig en beknopt geschreven om de leesbaarheid te vergroten. Detailanalyses zijn wel uitgevoerd en besproken met de experts in de projectgroep, maar niet uitvoerig beschreven in de rapportage. Deze wijze van onderbouwing is gangbaar. Het bevoegd gezag heeft het grondwatermodel en de resultaten van het onderzoek betrouwbaar bevonden. Het aanvullend onderzoek, waar KnowH2O op doelt, is niet nodig om een betere onderbouwing te geven.

Nee 6b.2 Samenvatting Wij zijn basis van onderstaande punten tot deze conclusie gekomen. Details zijn terug te vinden in de daaropvolgende secties. Toepassing en validatie hydrologisch model - Conceptualisatie van het model De modelbeschrijving is onvoldoende om te begrijpen hoe zaken geconceptualiseerd zijn. Een voorbeeld hiervan is de celgrootte van 25 x 25 m in verhouding tot de veel kleinere dimensies van de kwelsloot en detailontwatering. - Verkitte B-horizont In het bodemprofiel in de streek en op locaties kan er een bodemlaag aanwezig zijn, waar water slecht/langzaam verticaal doorheen kan stromen wegens verdichting. Dit komt doordat de organische stof en ijzeroxiden die is uitgespoeld vanaf de ondiepere bodem rondom zandkorrels is gaat zitten en verbindingen vormt. Dit noemt men ook wel een verkitte B-horizont, die resulteert in een verdichte bodemlaag. Er worden grove aannames gemaakt m.b.t. aanwezigheid van een verkitte B-horizont, terwijl niet duidelijk is waar en hoe diep deze zich bevindt. Boringen uit het DINO-loket laten een veel lagere weerstand zien dan men aanneemt in het model. Hierdoor wordt mogelijk de uitwisseling van water, die zeer relevant is voor de hydrologie, Toepassing en validatie hydrologisch model KnowH2O geeft aan een detailbeschrijving van het model te missen en vraagt zich af hoe zaken zijn geconceptualiseerd en gevalideerd.

Ook geven ze aan meer zekerheid te wensen over het voorkomen van de verkitte B-horizont en de doorsnijding hiervan door watergangen. De modelontwikkeling is telkens in detail besproken aan de hand van presentaties met de projectgroep met daarin de experts vanuit het bevoegd gezag. Er is gekozen om de rapportage doelmatig en beknopt te houden in verband met de leesbaarheid. De genoemde missende modelzaken zijn dus wel uitgevoerd en besproken met bevoegd gezag. Op basis hiervan heeft het bevoegd gezag de keuze gemaakt dat het model voldoende betrouwbaar is. Conceptualisatie van het model Het grondwatermodel is voortgebouwd op het regionale MIPWA model, waarbij deze lokaal is verbeterd en aangevuld. Het ontwerp van het model is dus gelijk aan MIPWA. Zo is rekening gehouden met de celgrootte en de kleinere dimensies van de watergangen. Er is hierdoor dus geen sprake van overschatting van de invloed van watergangen, en de nadelige effecten worden door deze keuze niet onder- of overschat. Verkitte B-horizont Voor de verkitte B-horizont zijn op basis van ervaringen in de naastliggende Beulakerpolder en ervaringen vanuit landeigenaren aannames gedaan. Een verkitte B-horizont is lastig aan te tonen door middel van boringen; bij opboren van het materiaal valt deze uit elkaar. Deze laag wordt dus veelal niet beschreven, ook al is deze wel aanwezig.

De boringen in DINO-loket (Figuur 17 hydrologische rapportage) zijn enkel gebruikt voor de klei en veendikte, aangezien de boringen niet geschikt zijn voor de bepaling van de verkitte B- horizont. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 6b: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig tussen het freatische pakket en het zandpakket onderschat. Boringen op meerdere plekken binnen het gebied zijn nodig om vast te stellen waar deze verkitte B-horizont zicht bevindt. Om de locatie van de verkitte B-horizont vast te stellen is het niet nodig om deze laag volledig te doorboren. - Validatie De GLG is de gemiddeld laagste grondwaterstand in een periode van tenminste 8 jaar op een bepaalde plek, de GHG de hoogste en de GVG de gemiddelde grondwaterstand in het voorjaar. Meestal staan deze waarden op een kaart. Deze drie tezamen worden ook wel GxG genoemd. De modelvalidatie beperkt zich alleen tot het laten zien van hoe de gemeten GxG’s zich verhouden tot de gesimuleerde GxG’s voor een korte periode van 2008-2016 en een beperkt aantal peilbuizen. Op basis van alléén deze statistieken valt niet te concluderen of de modelsimulaties betrouwbaar zijn of niet. - Waterbalans Een waterbalans van het gebied (huidig en voor maatregelen) ontbreekt.

Dit is noodzakelijk om het watersysteem te begrijpen en te valideren of de in- en uitgaande fluxen realistisch zijn. Dus hoeveel water gaat er in/uit over de verschillende modelranden en kunstwerken? Deze vraag (als voorbeeld) wordt onvoldoende beantwoord. Gezien de ingeschatte diepte van de laag en de wijze van modellering van de insnijding van watergangen (Hoofdstuk 4.2.4 van de hydrologische rapportage) zijn de watergangen gemodelleerd boven en onder de verkitte B-horizont. Er is aangenomen dat alle watergangen deze laag doorsnijden. De effecten werken hierdoor sterk door in de zandondergrond, onder de verkitte B-horizont. Ook in het zandpakket reiken de effecten niet tot aan de woningen. Dus zelfs zonder weerstand van een verkitte B-horizont bij de woningen, verwachten we geen effect van grondwaterstand stijging bij de woning. Aanvullend onderzoek naar de verkitte B-horizont is dus niet nodig. Validatie Het grondwatermodel is gevalideerd op alle beschikbare meetgegevens. In dit gebied bestaan deze meetgegevens uit peilbuizen (zie hoofdstuk 4.3.1 en Bijlage B van het hydrologisch onderzoek voor de beschrijving van de gebruikte data). Enkel peilbuizen met recente gegevens zijn gebruikt. Op deze locaties is gekeken naar de statistieken GxG en het tijdstijghoogteverloop. Er is gekeken naar de GxG voor acht jaar in plaats van 30 jaar. Dit is dus een benadering van de GxG.

De keuze voor acht jaar wordt veelal gemaakt bij ontwerp toetsingen gezien de GxG bepaald moet worden “onder gegeven klimatologische en waterhuishoudkundige omstandigheden”. Om zo goed mogelijk de huidige situatie te bepalen, is deze keuze gemaakt. De focus is gelegd op de GxG aangezien de effectbepalingen en risico inschattingen ook op achtjarige GxG worden uitgevoerd, en het belangrijk is dat het model deze goed benadert. De focus van de validatie op GxG is terecht. De tijdreeksen zijn besproken met de projectgroep en voor de leesbaarheid niet opgenomen in de rapportage. De statistieken van de validatie staan in Figuur 21 en 22 van de hydrologische rapportage (punt 1 uit de brief – modelvalidatie). Waterbalans Het klopt dat er geen validatie op de waterbalans is beschreven. Er zijn geen waterbalansgegevens beschikbaar waarop gevalideerd kan worden. Er is wel gekeken naar de waterbalanstermen. De validatieresultaten zijn besproken aan de hand van presentaties met de projectgroep met daarin de experts vanuit het bevoegd gezag. Op basis hiervan heeft het bevoegd gezag de keuze gemaakt dat het model voldoende betrouwbaar is Basisontwerp en mitigatieopties KnowH2O geeft aan dat er verwarring is over het uiteindelijke ontwerp en hoe de peilen en afvoer gehandhaafd worden. Daarnaast worden vraagtekens gezet bij de toetsingsmethode bij bebouwing aan de hand van de GHG.

Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 6b: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig - Er bestaat hier en daar wat verwarring over welke maatregelen nou wel en niet uitgevoerd worden. - Het Peilbesluit noemt dat de peilen op peil worden gehouden via poldergemalen. Geen van de ontwerpschetsen laat echter een gemaal zien. - Het Peilbesluit noemt het peil in de kwelsloot op -2,6 m t.o.v. NAP wordt gehouden. Volgens de ontwerpschets mondt de kwelsloot uit op de schotbalkstuw in het noordoosten die vervolgens uitmondt op de primaire watergang van het waterschap. Zonder gemaal is het onmogelijk om het peil in de kwelsloot op -2,6 m t.o.v. NAP te houden als het peil in het gebied met meer dan 1,3 m verhoogd wordt. Hetzelfde geldt voor de detailwatergangen rondom de woningen. - Volgens het Peilbesluit mag de afvoer uit het gebied als gevolg van de maatregelen niet toenemen. Welke afvoer wordt hier precies bedoeld? De afvoer over de stuw, of de afvoer uit het hele gebied, inclusief de gemalen (indien aanwezig?) en uitwisseling freatisch pakket naar zandpakket? Indien er gemalen aanwezig zijn die het peil in de kwelsloot op -2,6 m t.o.v. NAP moeten houden, dan moeten deze flink pompen bij een verhoging van het polderpeil naar -1,3 m t.o.v. NAP.

De vraag is dan dus of de totale afvoer niet toeneemt? Een waterbalans is hiervoor nodig. Ontwerp De werking van het toekomstige watersysteem is o.a. beschreven in het peilbesluit. Op hoofdlijnen komt het erop neer dat binnen Polder Giethoorn een nieuw peilgebied wordt aangelegd, met een peil tussen dat van de boezem en de resterende polder. Het peil van het nieuwe peilgebied wordt onder vrij verval gehandhaafd met een inlaat en een stuw. Voor de overige delen van polder Giethoorn blijft peil en afwatering via bestaand gemaal gehandhaafd. De exacte ligging van de kwelsloot is wel degelijk weergegeven in Bijlage D van het hydrologisch onderzoek en ook figuur 4-8 van het Peilbesluit. De kwelsloot is gelegen tussen de bestaande woningen en de nieuwe kade, en weergegeven als combinatie van de legenda-eenheden nieuwe kwelsloot en herprofileren/opschonen. Mogelijk is door deze combinatie verwarring opgetreden. De uit te voeren maatregelen staan op de in het hydrologisch onderzoek genoemde kaarten weergegeven. Het hydrologisch onderzoek geeft weer welke stappen zijn doorlopen en welke mogelijke maatregelen zijn verkend op hun effecten. In het peilbesluit en het m.e.r. zijn de uit te voeren maatregelen alle weergegeven. Dit houdt onder andere in een nieuwe kade en een kwelsloot. De kwelsloot is deels geheel nieuw en deels een verruiming van een bestaande sloot/greppel.

Het peil van -2.6 m NAP wordt gehandhaafd met het gemaal. Het gemaal ligt ten noorden van Polder Giethoorn en blijft gehandhaafd (Peilbesluit bladzijde 27 en tabel 8 bladzijde 64). Peilen in Polder Giethoorn worden onder vrij verval gereguleerd door in- en uitlaat. De afvoer uit Polder Giethoorn blijft binnen de normen van het waterschap. De afvoer over het bestaande gemaal neemt hierdoor niet toe. Klimaatverandering - Er is in deze studie alleen gerekend met het huidige klimaat. Hierdoor zijn de gevolgen van klimaatverandering niet meegenomen, en dat is zorgelijk. - Zowel de KNMI ’14 scenario’s als de recent verschenen KNMI ’23 scenario’s geven aan dat we in de toekomst te maken krijgen met nattere winters. KnowH20 vraagt zich af of de in beeld gebrachte effecten ook bij een veranderend klimaat standhouden en willen graag weten waarom dit niet nader is onderbouwd. De Provincie Overijssel heeft gekozen het hydrologisch onderzoek uit te voeren bij het huidige klimaat. Gezien het sterk peil-gestuurde systeem waarin de boezem op hoog peil moet worden gehouden, is de verwachting dat klimaatsverandering in dit gebied weinig effect heeft. In 2012 is een toetsing uitgevoerd van de normering wateroverlast in o.a. polder Giethoorn in het kader van een project van het waterschap.

De maatregelen die destijds genomen zijn, zijn klimaatproof voor de komende 30 Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 6b: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig - De gepresenteerde effecten op grondwaterstand zijn dus volgens het bureau niet representatief voor wat we in de toekomst kunnen verwachten. Het is aannemelijk dat de grondwaterstand in de toekomst hoger zal uitvallen dan wat men hier simuleert. jaar. Voor het project Wieden fase 2 is rekening gehouden met deze maatregelen en is als randvoorwaarde gesteld dat de nieuw in te richten deelgebieden in extreme situatie niet mogen afwentelen naar de landbouwpolders. Aanleiding voor de toetsing normering wateroverlast was het project “verbetering van de waterhuishouding in de landbouwpolders rond Scheerwolde”. Voor dit project is de huidige situatie getoetst en is rekening gehouden met toekomstige klimaatverandering. De maatregelen in het kader van dit project zijn verruiming van het hoofdwatersysteem en renovatie van de vier poldergemalen. Dit is ondertussen uitgevoerd waarmee de polders klimaatproof zijn voor de komende 30 jaar. De doelstelling van het project Ontwikkelopgave Natura 2000 Wieden fase 2 was dan ook om hier geen afbreuk aan te doen. Dat wordt gedaan door in de nieuwe natuurgebieden de eigen broek op te houden.

In een extreme situatie mag er niet afgewenteld worden naar de landbouwpolder. Daarnaast moet de afwatering van de bebouwing en de landbouw rondom het nieuwe natuurgebied binnen polder Giethoorn ongehinderd plaats kunnen vinden in zowel dagelijkse als extreme omstandigheden. In de bijlage kunt op onderdelen meer details vinden. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, peilbesluit of ontgrondingsvergunning Nr. Zienswijze 7: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 7.0 Hierbij maakt ondergetekende bezwaar op de zienswijze tegen de plannen van De Wieden 2 polder Giethoorn. Op de volgende punten. 7.1 O+PB De kwelsloot kan niet langs de dijk/weg, want dan zakt die uit elkaar net als aan de Jonenweg en Wetering west. De kwelsloot moet daarom ten minste 150 meter achter en zijwaarts van de erven langskomen. Om kwelwater meteen af te voeren en om onze erven droog te houden van kwelwater wat uit het Het peil rondom uw woning en erf blijft gelijk aan de huidige situatie. Het doel van de kwelsloot is om de grondwaterstanden rondom de woningen niet te wijzigen ten opzichte van de huidige situatie. Daarvoor is de optimale locatie en afmeting van de kwelsloot bepaald in het hydrologisch onderzoek. Tijdens de planuitwerking is als uitgangspunt gehanteerd dat de oerlaag intact moet blijven.

Bij de uitvoering van de voorgestelde maatregelen zal de oerlaag niet worden doorboort of doorgraven. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 7: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig natte gedeelte komt, dat is ook beter voor de muggen overlast. Er mag niet door de oerlaag gegraven worden. De kwelsloot moet twee keer per jaar opgeschoond worden voor 15-7 en voor 15-11 van elk jaar. De sloten tussen het bloemrijke grasland moeten schoon gemaakt worden elk jaar voor 15-11. De kwelsloten zullen op de legger van het waterschap komen en daarmee ook in beheer en onderhoud van het waterschap. De definitieve beheer- en onderhoudsafspraken worden nog bepaald en dus ook de onderhoudsfrequenties en periode. 7.2 PB De kades mogen niet hoger worden dan 30 centimeter boven maaiveld en moeten twee keer per jaar gemaaid worden rond 1-6 en rond 1-9 met uitloop van een week. De overige keringen rondom de woningen krijgen een hoogte van -0,70 m NAP. De hoogte van de kade ten opzichte van maaiveld is afhankelijk van de hoogte van het maaiveld. Dit varieert sterk in het gebied. De hoogte van de kade is bepaald op basis van waterveiligheidscriteria ten opzichte van het waterpeil. Het maaibeheer wordt vastgelegd in het beheer en onderhoudsplan.

Nee 7.3 In het natte gedeelte mag geen bos groeien, deze moet zo snel mogelijk verwijderd worden. Het natte gedeelte moet een keer in de twee jaar schoon gemaaid worden en afgevoerd worden Doel is om een rietmoeras te realiseren ten behoeve van de moerasbroedvogels. Afhankelijk van de vegetatie ontwikkeling zal bepaald worden hoe vaak er gemaaid dient te worden. Het is niet gewenst dat het gebied zich ontwikkelt als bos, omdat dit strijdig is met het natuurdoel. Nee 7.4 PB Het waterpeil verhoging van 1.30 meter is te veel. Het waterpeil in het bloemrijke grasland mag niet verhoogd worden, dus blijft op het peil wat het nu is. Uit het hydrologisch onderzoek blijkt dat de genoemde peilen in het inrichtingsplan noodzakelijk zijn voor het bereiken van de natuurdoelen. In de bufferzone rond de woningen, het bloemrijk grasland, blijven de huidige oppervlaktewaterpeilen gehandhaafd. Nee 7.5 Er mogen geen onkruiden in groeien, zoals brandnetels/ridderzuring en distels. Deze moeten per direct verwijderd worden. Het gebied wordt te nat voor de groei van brandnetels, ridderzuring en distels. Nee 7.6 Waar komt de kade in de zuidwesthoek? De bestaande weg (Cornelisgracht) heeft de functie van ‘overige kering’. Deze weg blijft ook in de toekomst deze functie behouden en blijft de scheiding tussen boezempeil en het peil van het nieuwe natuurgebied.

Nee 7.7 De omliggend percelen en bedrijf mogen geen schade en beperkingen worden opgelegd door dit plan. Tijdens de planuitwerking is het uiterste best gedaan om alle effecten in beeld te brengen. De uitkomsten van de m.e.r. en het hydrologisch onderzoek geven aan dat er in uw geval geen veranderingen zijn te verwachten. Voor situaties waar toch schades optreden als gevolg van de uitgevoerde maatregelen heeft de provincie een schadeloket. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 7: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). 7.8 En als er nu al wordt gesproken dat de gewenste doeleinden niet gehaald kunnen worden, waar wordt dan aan begonnen? Het wordt in mijn ogen een grote mislukking/modderpoel.

De in het inrichtingsplan vermelde maatregelen en het peilbesluit maken het mogelijk om de gestelde Natura 2000-doelen te realiseren. Nee 7.9 Jammer dat er maar op een ingezet wordt op grote roofvogels, zo blijven er geen kleine vogeltjes meer over, zoals koolmeesjes en roodborstjes en weidevogels. In het Natura 2000-beheerplan Wieden Weerribben is het gebied polder Giethoorn aangewezen voor het natuurdoel moerasbroedvogels. In het Natura 2000-beheerplan zijn de afwegingen gemaakt voor de natuurontwikkeling. Nee 7.10 De omwoners mogen geen last krijgen van ganzen en herten/reeën die de groente uit mijn groentetuin komen eten. Ook in de huidige situatie is de kans aanwezig dat reeën en/of ganzen in uw groentetuin komen foerageren. Dit zal in de toekomstige situatie niet of nauwelijks veranderen. Nee 7.11 O Mocht er grond over zijn kan daar dan de erven mee op gehoogd worden? Of er bij de uitvoering van de maatregelen grond over is valt nu nog niet te zeggen. Bij de detailuitwerking wordt een grondbalans gemaakt. Als blijkt dat er sprake is van een grondoverschot zal dan beoordeeld worden hoe hier mee om te gaan. Het ophogen van de erven is echter geen maatregel die genomen moet worden om de natuurdoelen te realiseren. Nee 7.12 PB Je kunt zomaar geen stuk van een polder onder water zetten dat heeft grote gevolgen voor de rest van de polder.

Om invulling te geven aan de Natura 2000-doelen moet de polder als ‘moerasgebied’ worden ingericht. Dat betekent dat het in te richten gebied natter wordt. Om te voorkomen dat deze vernatting leidt tot nadelige effecten op de omgeving is vooraf een milieueffectrapportage (m.e.r.) opgesteld en is uitgebreid hydrologisch onderzoek gedaan. Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. Nee 7.13 Bedenk nu wat anders dan water. Zie beantwoording bij 7.9 Nee 7.14 Als het maar niet zon puinhoop wordt als de beulakerpolder. 7.15 Mocht u dit niet duidelijk wezen komt ondergetekende dit u graag mondeling toelichten maken. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, peilbesluit en ontgrondingsvergunning Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 8: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 8.0 In reactie op het Ontwerp inpassingsplan De Wieden 2, gecoördineerd ontwerppeilbesluit en ontwerp Ontgrondingsvergunning dienen wij de perceeleigenaar van Cornelisgracht 32A, deze zienswijze in.

- Dat de sloot die om onze kavel gegraven wordt onderhouden wordt door Natuurmonumenten en 1x per jaar geschouwd gaat worden, dit i.v.m. met goede waterafvoer van het stukje land wat aan ons perceel grenst. Zodat wij er onze dieren er goed en droog kunt laten weiden. De betreffende sloot is bedoeld voor een goede waterafvoer. Goed onderhoud is daarom belangrijk. De eigenaar van de sloot is ook verantwoordelijk voor het onderhoud, zodat de water afvoerende functie van de watergang geborgd is. Nee - De sloot die tussen Cornelisgracht 32A en nr. 34 naar achteren loopt graag in stand houden, deze staat niet meer op de plattegrond en deze ook 1x per jaar onderhouden. Deze sloot blijft in stand, het onderhoud is voor de eigenaar van de sloot. Nee - Wij zijn bang voor verzakking aan de weg Cornelisgracht door afvoer van het kwelwater langs de weg. De ondergrond in dit gebied betreft een veenondergrond die altijd zal werken. Dit betekent dat er meer kans is op scheurvorming in het wegdek en dat de kwaliteit van het wegdek sneller achteruitgaat dan bijvoorbeeld bij een zandondergrond. De gemeente is zich als wegbeheerder bewust van deze omstandigheid. Het peil in polder Giethoorn wordt verhoogd, maar niet tot het boezempeil.

Hierdoor blijft voldoende drooglegging van de weg gegarandeerd, waardoor er geen aanwijzingen zijn dat de huidige situatie van de weg verslechterd als gevolg van de voorgenomen plannen. Nee - Met de grond die afgegraven wordt, willen we graag het laaggelegen deel van ons perceel ophogen. Dit hebben wij al een aantal maal aangegeven tijdens de gesprekken. Of er bij de uitvoering van de maatregelen grond over is valt nu nog niet te zeggen. Bij de detailuitwerking wordt een grondbalans gemaakt. Als blijkt dat er sprake is van een grondoverschot zal dan beoordeeld worden hoe hier mee om te gaan. Het ophogen van uw perceel is echter geen maatregel die genomen moet worden om de natuurdoelen te realiseren. Nee 8.1 O+PB - Wij ontvangen graag voor aanvang van de uitvoering een bouwkundig rapport van de nulmeting. Een bouwkundige vooropname vindt plaats voordat de uitvoering van de maatregelen van start gaat en vormt het nulpunt van het project. In een bouwkundig rapport worden (visueel zichtbare) gebreken in beeld en geschrift vastgelegd. Voor alle relevante partijen is het prettig en praktisch vooraf duidelijkheid te hebben over de staat van een pand. Om de aansprakelijkheid en/of schade achteraf beter te waarborgen wordt het opnamerapport gedeponeerd bij de notaris. Zo wordt discussie vooraf voorkomen en worden eventuele schademeldingen objectief beoordeeld.

Op Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 8: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig verzoek ontvangt de betreffende eigenaar een eigen exemplaar van het opnamerapport. De bouwkundige vooropname wordt uitgevoerd door een onafhankelijk en erkend bureau. - Wij overwegen met de omwonenden van polder Giethoorn het hydrologisch rapport te laten tegenlezen door een deskundige. De reactie (tegenlezing) van KnowH2O is door ons ontvangen en wordt beantwoord in zienswijze 6b Nee - Verder verwijs ik u ook naar onze zienswijze die wij samen hebben opgesteld met de omwonende van Polder Giethoorn De reactie op deze zienswijze vindt u bij de beantwoording van 6a. Nee 8.2 Wij verwachten dat onze punten worden meegenomen in het besluitvormingsproces, en dat wij daar ook van op de hoogte worden gehouden. Als er nog vragen zijn met betrekking tot onze punten dan zullen wij deze graag mondeling willen toelichten Deze Nota van Antwoord is een onderdeel van de besluitvorming. Het verdere verloop van het proces treft u aan in het begeleidend schrijven bij deze Nota van Antwoord. Verder wordt u op de hoogte gehouden via de Nieuwsbrief. Nee Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, het peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nr.

Zienswijze 9: (mondeling) Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 9.0 De heer .. dient namens de Maatschap .. een zienswijze in op het Inrichtingsplan van het Pip De Wieden II. 9.1 O Er ligt een toezegging uit 2009 dat er 3.000 m3 grond vanuit Doosje naar uw bedrijf zou gaan. Tot op heden is die belofte niet nagekomen en ook niet opgenomen in het Inrichtingsplan. Daarin staat namelijk dat binnen het plangebied met een gesloten grondbalans gewerkt wordt en uw locatie ligt erbuiten. De heer .. heeft deze toezegging vandaag nogmaals bevestigd. Het klopt dat er destijds door Natuurmonumenten een toezegging is gedaan. Deze toezegging wordt nu overgenomen door de provincie en zal worden gerealiseerd tijdens de uitvoering van deelgebied Doosje. Dit is door de provinciale projectleider schriftelijk aan u bevestigd. Nee 9.2 Als de toezegging waargemaakt wordt, zal de zienswijze ingetrokken worden. De toezegging wordt waargemaakt als de uitvoering start. Op dat moment is het intrekken van de zienswijze irrelevant. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 9: (mondeling) Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, het peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nr.

Zienswijze 10: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 10.1 Hierbij dienen wij een zienswijze in ten aanzien van het Ontwerp Provinciaal Inpassingsplan De Wieden 2, ontwerppeilbesluit en de ontwerp- ontgrondingsvergunning. Geen wateroverlast/vernatting Zoals wij al in onze brief van 12 november 2020 hebben aangegeven, willen wij niet dat ons perceel Comelisgracht 34 in Giethoorn natter wordt. Wij hebben toen al verzocht om maatregelen te treffen om wateroverlast/vernatting op ons perceel te voorkomen. Wij hebben voorgesteld een brede sloot/tocht aan te leggen, zodat het waterpeil door bemaling kan worden beheerd. In het inrichtingsplan is uw voorstel voor deze brede watergang/tocht en sloten als maatregelen opgenomen. De huidige peilen rondom uw woning blijven gehandhaafd. De watergangen rondom uw woning /erf/ perceel, blijven in verbinding met de hoofdwatergang die door de polder loopt. Van deze hoofdwatergang wordt het peil niet gewijzigd. De situatie ten aanzien van de peilen rondom uw woning wordt dus niet gewijzigd. Van wateroverlast zal dan ook geen sprake zijn. Nee Een aantal jaren geleden is natuur met waterberging aangelegd achter de percelen Jonenweg 11 tot en met 17 in Giethoorn (Beulaker Polder). Dit gebied ligt, ten opzichte van ons perceel, aan de andere kant van de Comelisgracht.

Uit de praktijk blijkt, dat op deze percelen sprake is van vernatting dan wel wateroverlast door het aanleggen van de natuur met waterberging. In de tussentijd hebben we ook nog te maken met meer neerslag als gevolg van de klimaatverandering. Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd. Op basis van gebiedskennis, gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek. Op basis hiervan zijn de effecten naar de omgeving bepaald. In het hydrologisch rapport staat hoe het model tot stand is gekomen, welke op basis van welke uitgangspunten het ontwikkeld is en welke meetdata gebruikt is om het model te ontwikkelen. In overleg met de eigenaren zijn peilbuizen geplaatst rondom uw eigendom. De grondwaterstand wordt in de peilbuis gemeten om te controleren of er geen effecten optreden door het inrichtingsplan. Mocht er door het plan toch een onverwacht effect optreden dan verwijzen wij u naar het schadeloket. De metingen zijn openbaar inzichtelijk in het (online) BRO-loket. Nee 10.2 PB Uit het Hydrologisch onderzoek De Wieden fase 2 blijkt dat de Comelisgracht al van invloed is op het waterpeil bij ons perceel.

Op pagina 20 onder het kopje ‘Meetnet’ is het volgende opgenomen: "De stijghoogte bij de peilbuis het dichtst bij de Het klopt inderdaad dat bij deze specifieke peilbuis de meetgegevens minder goed te verklaren zijn op basis van alleen neerslag en verdamping. Door de ligging dicht bij de Cornelisgracht is er ook een invloed van het waterpeil van de Cornelisgracht op het grondwater te verwachten op de locatie. Deze huidige Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 10: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Comelisgracht is minder goed te verklaren enkel op basis van neerslag en verdamping. Dit houdt in dat er een andere factor aanwezig is, die mede het stijghoogteverloop bepaalt. Vermoedelijk is dit de invloed van de Comelisgracht." doorwerking van het oppervlaktewater op de randzone tussen de Cornelisgracht is meegenomen in het hydrologisch onderzoek. En met dit ontwerppeilbesluit wordt het waterpeil in de Polder Giethoorn ook nog eens verhoogd. Dit betekent dat de Cornelisgracht aan één zijde van invloed is op het waterpeil op ons perceel en dat het verhoogde waterpeil in de Polder Giethoorn ook nog eens aan drie zijden negatief van invloed is op het waterpeil op ons perceel. Er is volgens ons bij dit plan onvoldoende rekening gehouden met de gevolgen voor de waterhuishouding van uw perceel.

Ons perceel heeft de bestemming 'Wonen' (artikel 5). De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor: a. woningen, (...); met de daarbij behorende: c. tuinen en erven; d. (...). Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Ook de bestemming ‘Wonen’ op uw perceel is daarbij meegenomen. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek. Op basis hiervan zijn de effecten naar de omgeving bepaald. Nee Onder meer de door ons geplante bomen en struiken in de singel en de fruitbomen zullen verdrinken. Wij achten dit in strijd met een goede ruimtelijke ordening, omdat wij ons perceel dan niet meer kunt gebruiken zoals in het bestemmingsplan is geregeld. Gelet op het vorenstaande moet, om wateroverlast op uw perceel te voorkomen, het waterpeil in de Polder Giethoorn minder worden verhoogd dan in het ontwerpbesluit is opgenomen. Op basis van het hydrologisch onderzoek trekken we de conclusie dat de wortelstelsels van de bomen geen schade zullen ondervinden door de hogere peilen in het in te richten gebied.

De peilen rondom de woningen blijven namelijk gelijk aan de huidige peilen, hierdoor is er geen invloed op de wortelstelsels. Van strijdigheid met een goede ruimtelijke ordening is geen sprake. Nee Hierbij benadrukken wij dat het van belang is dat de sloot tussen het perceel Cornelisgracht 32a en het perceel Cornelisgracht 32 voldoende breed moet zijn om al het water af te voeren. Daarnaast is het belangrijk dat de sloten minimaal twee keer per jaar geschouwd worden, zodat het water structureel wordt afgevoerd. Verder moeten de huidige sloten op of rondom ons perceel gehandhaafd blijven om het water af te voeren. In de verdere ontwerpfase zal er overleg zijn met de omwonenden over het ontwerp en de maatregelen per adres voor wat betreft detailafwatering op de percelen en de nieuw aan te leggen kwelsloot. Nee Om overlast door (kwel)water te voorkomen verzoeken wij u nogmaals dringend de oerlaag/verkitte B-horizont in de Polder Giethoorn niet door te graven. De oerlaag wordt bij de inrichtingswerkzaamheden niet doorgraven of doorboord. Nee 10.3 Geen muggenoverlast Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 10: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig In onze brief van 12 november 2020 hebben wij al aangegeven dat muggenoverlast moet worden tegengegaan.

Aan de rand van ons perceel wordt een anti- muggenzone gecreëerd door het aanleggen van extensief bloemrijk grasland. Een aantal jaren geleden is natuur met waterberging aangelegd achter de percelen Jonenweg 11 tot en met 17 in Giethoorn (Beulaker Polder). Inmiddels blijkt dat het gehele betreffende gebied in relatief korte tijd vol staat met bomen en struiken, terwijl er nauwelijks iets tegen wordt gedaan. Om te voorkomen dat de Polder Giethoorn vol komt te staan met bomen en struiken, moet vooraf geregeld worden dat de Vereniging Natuurmonumenten jaarlijks onderhoud pleegt in het gebied, zodat onze woning niet in de luwte van de bomen/struiken komt te liggen. De anti- muggenzone/kade om ons perceel zal daarom minimaal 2 keer per jaar gemaaid moeten worden, zodat de luchtstroom de muggen verdrijft. Tijdens het keukentafelgesprek op 3 april 2023 (bij de buren aangeschoven 43a) hebben we gesproken over een anti-muggenzone, zoals bij de Wetering is aangelegd. Daar betreft het een zone van 150 meter breed. Om de luchtstroom te optimaliseren moet de anti-muggenzone 150 meter breed zijn. Rond de woningen wordt een open en droge zone aangelegd, dit is onaantrekkelijk voor muggen door de windwerking. In de gebieden wordt het peil verhoogd, maar het blijft een constant peil waardoor het niet droog valt.

Het muggenprobleem rond de woningen wordt als gevolg van de inrichtingsmaatregelen niet verergerd. Bosvorming in het in te richten gebied is ongewenst en strijdig met het Natura2000-doel. De beheerder moet zich dan ook inspannen om bosvorming te voorkomen. 10.4 PB Hydrologisch onderzoek Het hydrologisch onderzoek De Wieden fase 2 vermeldt wel de resultaten van het hydrologisch onderzoek en geeft daar ook toelichting bij, maar onvoldoende. Het hydrologisch onderzoek vermeldt niet de input en ook ligt het gebruikte model niet ter inzage. Onder input moet onder meer verstaan worden, zodanige gegevens over de bodemgesteldheid dat nagerekend kan worden welke effecten van het project verwacht mogen worden. De kwaliteit van het gebruikte model is eveneens ten onrechte niet te controleren, nu dit model zelf niet ter inzage ligt. Ook wordt nergens onderbouwd waaruit blijkt dat de kade die rondom Het hydrologisch onderzoek, met daaraan het ten grondslag liggende model, zijn als bijlage bij de plannen bijgevoegd en liggen daarmee ter inzage. Het gebruikte grondwatermodel Mipwa v4.0 is een computer rekenmodel, dit is een computerprogramma met instellingen voor de berekeningen. Dit computerprogramma is niet ter inzage te leggen.

De methode waarop het model gebruikt is en de daarvoor benodigde invoer en uitgangspunten die gebruikt zijn voor de berekeningen, is nader toegelicht in het rapport over het hydrologisch onderzoek. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 11: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 11.0 Hierbij dienen wij een zienswijze in ten aanzien van het Ontwerp Provinciaal Inpassingsplan De Wieden 2, ontwerppeilbesluit en de ontwerp- ontgrondingsvergunning Geen wateroverlast/vernatting Zoals wij al in onze brief van 12 november 2020 hebben aangegeven, willen wij niet dat ons perceel Comelisgracht 34a in Giethoorn natter wordt. Wij hebben toen al verzocht om maatregelen te treffen om wateroverlast/vernatting op ons perceel te voorkomen. Wij hebben voorgesteld een brede sloot/tocht aan te leggen, zodat het waterpeil door bemaling kan worden beheerd.. In de verdere ontwerpfase zal er overleg zijn met de omwonenden over het ontwerp en de maatregelen per adres voor wat betreft detailafwatering op de percelen en de nieuw aan te leggen kwelsloot. 11.1 O+PB Een aantal jaren geleden is natuur met waterberging aangelegd achter de percelen Jonenweg 11 tot en met 17 in Giethoorn (Beulaker Polder). Dit gebied ligt, ten opzichte van uw perceel, aan de andere kant van de Cornelisgracht.

De Provincie Overijssel en het waterschap Drents Overijsselse Delta hebben ervoor gekozen het hydrologisch onderzoek uit te voeren bij het huidige klimaat. Gezien het sterk peil-gestuurde systeem waarin de boezem op hoog peil moet worden gehouden, is de verwachting dat klimaatsverandering in dit gebied weinig effect heeft. Nr. Zienswijze 10: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig de woningen gelegd zal worden ook daadwerkelijk in voldoende mate het water tegen zal houden. Wij hebben dus vragen bij dit onderzoek. Wij overwegen een deskundige te laten reageren op het onderzoek. Wij sturen zijn reactie eventueel aan u door als aanvulling op onze zienswijze. 10.5 Inrichting van het plan Uit de plannen blijkt dat het uitgangspunt is dat de sloten rondom uw perceel intact blijven. Verder blijkt uit de plannen dat met de bewoners van de betrokken percelen wordt gesproken over de inrichting van het plan. Wij gaan hierover graag met u in gesprek Na vaststelling van het PIP door Provinciale Staten worden de inrichtingsmaatregelen verder in detail uitgewerkt. Tijdens die uitwerking wordt dat met de omwonenden, dus ook met u, besproken. Nee Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, het peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.

Zienswijze 11: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Uit de praktijk blijkt, dat op deze percelen sprake is van vernatting dan wel wateroverlast door het aanleggen van de natuur met waterberging. In de tussentijd hebben we ook nog te maken met meer neerslag als gevolg van de klimaatverandering. Bovendien is er bij de totstandkoming van het hydrologisch onderzoek rekening gehouden met de invloed van het huidige en toekomstige klimaat (zie ook zienswijze 6b). Uit het Hydrologisch onderzoek De Wieden fase 2 blijkt dat de Cornelisgracht al van invloed is op het waterpeil bij ons perceel. Op pagina 20 onder het kopje ‘Meetnet’ is het volgende opgenomen: "De stijghoogte bij de peilbuis het dichtst bij de Cornelisgracht is minder goed te verklaren enkel op basis van neerslag en verdamping. Dit houdt in dat er een andere factor aanwezig is, die mede het stijghoogteverloop bepaalt. Vermoedelijk is dit de invloed van de Cornelisgracht." Het hydrologisch onderzoek is conform alle normen uitgevoerd en met de best beschikbare kennis. Op basis van gemeten grondwaterstanden in verschillende bodemlagen en op basis van plaatselijke bodemopbouw (inclusief de aanwezige oerlaag) zijn de berekende effecten bepaald. De inrichting van de Beulakerpolder is ook meegenomen in het hydrologisch onderzoek. Op basis hiervan zijn de effecten naar de omgeving bepaald.

In overleg met de eigenaren zijn peilbuizen geplaatst rondom uw eigendom. De grondwaterstand wordt in de peilbuis gemeten om te controleren of er geen effecten optreden door het inrichtingsplan. Mocht er door het plan toch een onverwacht effect optreden dan verwijzen wij u naar het schadeloket. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). Het klopt inderdaad dat bij deze specifieke peilbuis de meetgegevens minder goed te verklaren zijn op basis van alleen neerslag en verdamping. Door de ligging dicht bij de Cornelisgracht is er ook een invloed van het waterpeil van de Cornelisgracht op het grondwater te verwachten op de locatie. Deze huidige doorwerking van het oppervlaktewater op de randzone tussen de Cornelisgracht is meegenomen in het hydrologisch onderzoek. Om effecten te voorkomen wordt een kade met een afwateringssloot aangelegd.

Daarnaast worden de watergangen rondom de woningen opgeschoond door het waterschap. Tussen de woningen en de kade komt nog een droge zone die wordt opgehoogd, aangeduid met lichtgroen op de schetsen. En met dit ontwerppeilbesluit wordt het waterpeil in de Polder Giethoorn ook nog eens verhoogd. Dit betekent dat de Cornelisgracht aan één zijde van invloed is op het waterpeil op ons perceel en dat het Het hydrologisch onderzoek, met daaraan het ten grondslag liggende model zijn als bijlage bij de plannen bijgevoegd en liggen daarmee ter inzage. Het gebruikte grondwatermodel Mipwa v4.0 is een computer rekenmodel, dit is een computerprogramma met instellingen voor de berekeningen. Dit Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 11: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig verhoogde waterpeil in de Polder Giethoorn ook nog eens aan drie zijden negatief van invloed is op het waterpeil op ons perceel. Er is bij dit plan onvoldoende rekening gehouden met de gevolgen voor de waterhuishouding van ons perceel. Ons perceel heeft de bestemming 'Wonen' (artikel 5). De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor: a. woningen, (...); met de daarbij behorende: c. tuinen en erven; d. (...). computerprogramma is niet ter inzage te leggen.

De methode waarop het model gebruikt is en de daarvoor benodigde invoer en uitgangspunten die gebruikt zijn voor de berekeningen, is nader toegelicht in het rapport over het hydrologisch onderzoek. Ook is daarbij de bestemming ‘Wonen’ meegenomen. Onder meer de door ons geplante bomen en struiken in de singel en de fruitbomen zullen verdrinken. Wij achten dit in strijd met een goede ruimtelijke ordening, omdat wij ons perceel dan niet meer kunnen gebruiken zoals in het bestemmingsplan is geregeld. Gelet op het vorenstaande moet, om wateroverlast op ons perceel te voorkomen, het waterpeil in de Polder Giethoorn minder worden verhoogd dan in het ontwerpbesluit is opgenomen. Op basis van het hydrologisch onderzoek trekken we de conclusie dat de wortelstelsels van de bomen geen schade zullen ondervinden door de hogere peilen in het in te richten gebied. De peilen rondom de woningen blijven namelijk gelijk aan de huidige peilen, hierdoor is er geen invloed op de wortelstelsels. Van strijdigheid met een goede ruimtelijke ordening is geen sprake. Hierbij benadrukken wij dat het van belang is dat de sloot tussen het perceel Cornelisgracht 32a en het perceel Cornelisgracht 32 voldoende breed moet zijn om al het water af te voeren. Daarnaast is het belangrijk dat de sloten minimaal 2 keer per jaar geschouwd worden, zodat het water structureel wordt afgevoerd.

Verder moeten de huidige sloten op of rondom ons perceel gehandhaafd blijven om het water af te voeren. In de verdere ontwerpfase zal er overleg zijn met de omwonenden over het ontwerp en de maatregelen per adres voor wat betreft detailafwatering op de percelen en de nieuw aan te leggen kwelsloot. Om overlast door (kwel)water te voorkomen verzoekt we u nogmaals dringend de oerlaag/ verkitte B-horizont in de Polder Giethoorn niet door te graven. De aanwezige oerlaag wordt bij de inrichtingswerkzaamheden niet doorgraven of doorboord. 11.2 Geen muggenoverlast In onze brief van 12 november 2020 hebben wij al aangegeven dat muggenoverlast moet worden tegengegaan. Aan de rand van ons perceel wordt een anti- muggenzone gecreëerd door het aanleggen van extensief bloemrijk grasland. Rond de woningen wordt een open en droge zone aangelegd. Door het open karakter van deze zone is er sprake van windwerking en dat maakt het onaantrekkelijk voor muggen. In de gebieden wordt het peil verhoogd, maar het blijft een constant peil, waardoor het niet droog valt. Het muggenprobleem rond de woningen wordt als gevolg van de inrichtingsmaatregelen niet verergerd. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.

Zienswijze 11: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Een aantal jaren geleden is natuur met waterberging aangelegd achter de percelen Jonenweg 11 tot en met 17 in Giethoorn (Beulaker Polder). Inmiddels blijkt dat het gehele betreffende gebied in relatiefkorte tijd vol staat met bomen en struiken, terwijl er nauwelijks iets tegen wordt gedaan. Om te voorkomen dat de Polder Giethoorn vol komt te staan met bomen en struiken, moet vooraf geregeld worden dat de Vereniging Natuurmonumenten jaarlijks onderhoud pleegt in het gebied, zodat onze woning niet in de luwte van de bomen/struiken komt te liggen. De anti- muggenzone/kade om ons perceel zal daarom minimaal twee keer per jaar gemaaid moeten worden, zodat de luchtstroom de muggen verdrijft. Tijdens het keukentafelgesprek op 3 april 2023 hebben we gesproken over een anti-muggenzone, zoals bij de Wetering is aangelegd. Daar betreft het een zone van 150 meter breed. Om de luchtstroom te optimaliseren moet de anti-muggenzone 150 meter breed zijn. 11.3 PB Hydrologisch onderzoek Het hydrologisch onderzoek De Wieden fase 2 vermeldt wel de resultaten van het hydrologisch onderzoek en geeft daar ook toelichting bij, maar onvoldoende. Het hydrologisch onderzoek vermeldt niet de input en ook ligt het gebruikte model niet ter inzage.

Onder input moet onder meer verstaan worden, zodanige gegevens over de bodemgesteldheid dat nagerekend kan worden welke effecten van het project verwacht mogen worden. De kwaliteit van het gebruikte model is eveneens ten onrechte niette controleren, nu dit model zelf niet ter inzage ligt. Ook wordt nergens onderbouwd waaruit blijkt dat de kade die rondom de woningen gelegd zal worden ook daadwerkelijk in voldoende mate het water tegen zal houden. Wij hebben dus vragen bij dit onderzoek. Wij overwegen een deskundige te laten reageren op het onderzoek. Wij sturen zijn reactie eventueel aan u door als aanvulling op onze zienswijze. Het hydrologisch onderzoek, met daaraan het ten grondslag liggende model zijn als bijlage bij de plannen bijgevoegd en liggen daarmee ter inzage. Het gebruikte grondwatermodel Mipwa v4.0 is een computer rekenmodel, dit is een computerprogramma met instellingen voor de berekeningen. Dit computerprogramma is niet ter inzage te leggen. De methode waarop het model gebruikt is en de daarvoor benodigde invoer en uitgangspunten die gebruikt zijn voor de berekeningen, is nader toegelicht in het rapport over het hydrologisch onderzoek. Zie zienswijze 6b. voor de reactie op de tegenlezing door het bureau KnowH2O. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr.

Zienswijze 11: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 11.4 Inrichting van het plan Uit de plannen blijkt dat het uitgangspunt is dat de sloten rondom ons perceel intact blijven. Verder blijkt uit de plannen dat met de bewoners van de betrokken percelen wordt gesproken over de inrichting van het plan. Wij gaan hierover graag met u in gesprek. Na vaststelling van het PIP door Provinciale Staten worden de inrichtingsmaatregelen verder in detail uitgewerkt. Tijdens die uitwerking wordt dat met de omwonenden, dus ook met u, besproken. Nee 11.5 Tot slot Op basis van de bovenstaande argumenten hebben wij bezwaren tegen het Ontwerp Provinciaal Inpassingsplan De Wieden 2, ontwerppeilbesluit en de ontwerp- ontgrondingsvergunning. Het plan voor de Polder Giethoorn heeft significante gevolgen voor onze leefomgeving. Naar aanleiding van het voorgaande verzoeken wij u met inachtneming van onze zienswijze het Ontwerp Provinciaal Inpassingsplan De Wieden 2, ontwerppeilbesluit en de ontwerp- ontgrondingsvergunning gewijzigd vast te stellen, door onder meer het verlagen van het in het ontwerpbesluit opgenomen waterpeil en het verbreden van de anti-muggenzone. Wij stellen u aansprakelijk voor schade aan ons perceel en gebouwen, in welke vorm dan ook. Wij verzoeken u om ons van de verdere procedure op de hoogte te houden.

Het bovenstaande willen wij graag mondeling toelichten. Voor vragen kunt u contact met ons opnemen. Tijdens de planuitwerking is de uiterste best gedaan om alle effecten (voor zowel hydrologie als muggenoverlast) in beeld te brengen. De uitkomsten van de m.e.r. en het hydrologisch onderzoek geven aan dat er in uw geval geen veranderingen zijn te verwachten. Voor situaties waar toch schades optreden als gevolg van de uitgevoerde maatregelen heeft de provincie een schadeloket. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket). De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel). Deze Nota van Antwoord is een onderdeel van de besluitvorming. Het verdere verloop van het proces treft u aan in het begeleidend schrijven bij deze Nota van Antwoord. Verder wordt u op de hoogte gehouden via de Nieuwsbrief. Nee Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, het peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nr.

Zienswijze 11a: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 11a.0 Zoals in Zienswijze 11.3 is te lezen hebben wij overwogen een deskundige te laten reageren op het Het rapport dat u als aanvulling op uw zienswijze heeft ingediend is hetzelfde dat als aanvulling op de gezamenlijke brief zoals opgenomen onder zienswijze Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 11a: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig onderzoek. Wij sturen zijn reactie eventueel aan u door als aanvulling op onze zienswijze. 6b. Onze reactie op de bevindingen van het bureau KnowH2O zijn dan ook in Zienswijze 6b opgenomen, Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, het peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nr. Zienswijze 12: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 12.0 In reactie op het Ontwerp Inpassingsplan De Wieden 2, gecoördineerd ontwerppeilbesluit en ontwerp-Ontgrondingsvergunning dienen ondergetekende perceeleigenaren rond het plangebied in Polder Giethoorn (Cornelisgracht 42 - 44), deze zienswijze in. Wateroverlast voorkomen Wij verwachten dat de waterdruk door komvorming de onderaardse waterstromen gaat beïnvloeden en dat daardoor op onze percelen in verschillende vormen wateroverlast ontstaat. Dat (kwel)water de bestaande dijken en nieuwe kades aantast.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/3ee7cee5-92f8-44c4-9492-09a8faa050de?agendaItemId=b2ab8123-69a0-489e-be39-368ed62bf8fd