CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

8.2 Provincie Overijssel - Nota van Antwoord De Wieden 2 - bijlage 2

Raadsvergadering 1 april 2025, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken31.782 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

15.2 PB Bovendien benoemt het Hydrologisch onderzoek De Wieden 2 op pagina 20 de invloed van de Cornelisgracht op het waterpeil in het plangebied: - de stijghoogte bij de peilbuis het dichtst bij de Cornelisgracht is minder goed te verklaren enkel op basis van neerslag en verdamping. Dit houdt in dat er een andere factor aanwezig is, die mede het stijghoogteverloop bepaalt. Vermoedelijk is dit de invloed van de Cornelisgracht. Waarmee de druk op grondwaterstromen van watermassa's is bewezen. Pagina 2 van 3: wij verwachten dat voor vaststelling van het uitvoeringsplan per adres overlegd wordt over: Dat een peilbuis minder goed te verklaren is op basis van neerslag en verdamping houdt inderdaad in dat er een andere verklarende factor aanwezig is, zoals het effect van oppervlaktewater. Het wel of niet goed verklaarbaar zijn van een meetreeks zegt echter niets over het effect van de voorgenomen maatregelen, zoals bijvoorbeeld een verandering van de kweldruk. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 15: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig - het schonen en herprofileren van de bestaande sloten rondom de woningen (die het huidige waterpeil behouden) en - de exacte locatie ten opzichte van de perceelgrenzen en de bodembreedte van de nieuw aan te leggen afwateringssloten.

Zie ook de bijgesloten recent gemaakte foto's met toelichting (bijlage 3). Het hydrologisch onderzoek Het Hydrologisch onderzoek De Wieden fase 2 vermeldt wel de resultaten van het hydrologisch onderzoek en geeft daar ook een toelichting bij maar die is onvoldoende. Het hydrologisch onderzoek vermeldt niet de input en ook ligt het gebruikte model niet ter inzage. Onder input moet onder meer verstaan worden, zodanige gegevens over de bodemgesteldheid en de wijzigingen in het waterbeheer dat nagerekend kan worden welke effecten van het project verwacht mogen worden. De kwaliteit van het gebruikte model en de gebruikte input is eveneens ten onrechte niet te controleren, nu dit model en de berekening zelf niet ter inzage liggen. Ook wordt nergens onderbouwd waaruit blijkt dat de kade die rondom de woningen gelegd zal worden ook daadwerkelijk in voldoende mate het water tegen zal houden. In de second opinion van het bureau KnowH20 komen deze zaken ook ter sprake. Voor de beantwoording hiervan verwijzen wij naar de reacties bij 6b. In het hydrologisch rapport staat hoe het model tot stand is gekomen, op basis van welke uitgangspunten het ontwikkeld is en welke meetdata gebruikt is om het model te ontwikkelen. In paragraaf 4.1 en 4.2 van het hydrologische onderzoek is aangegeven welke data als input is gebruikt voor het model en welke verbeteringen zijn doorgevoerd.

In paragraaf 4.3 is de modelvalidatie beschreven. In bijlage C zijn kaarten van de validatie opgenomen (verschil gemeten GHG/GLG en door het model berekende GHG/GLG). In bijlage H staat het berekende effect op het grondwater bij polder Giethoorn. 15.3 PB Onder meer tijdens keukentafelgesprekken is toegezegd dat er een nulmeting op de percelen van onder meer indieners plaats zal vinden, kort voor de aanvang van het project. Ten onrechte is onduidelijk gebleven hoe de nulmeting plaats zal vinden, welke gegevens precies verzameld worden, op welke wijze de gegevens verzameld worden en hoe de nulmeting vastgelegd zal worden. Nu zo'n beschrijving ook bij deze terinzagelegging niet beschikbaar is en niet mede ter inzage ligt, zijn de belangen van indieners onvoldoende in de besluitvorming betrokken. Immers horen indieners tijdens deze periode van terinzagelegging van de ontwerpbesluiten in de gelegenheid te zijn in een zienswijze eventuele gebreken in de opzet van de Een bouwkundige vooropname vindt plaats voordat de uitvoering van de maatregelen van start gaat en vormt dus het nulpunt van het project. In een bouwkundig rapport worden (visueel zichtbare) gebreken in beeld en geschrift vastgelegd. Voor alle relevante partijen is het prettig en praktisch vooraf duidelijkheid te hebben over de staat van een pand.

Om de aansprakelijkheid en/of schade achteraf beter te waarborgen wordt het aanbevolen en is het gebruikelijk dat het opnamerapport wordt gedeponeerd bij de notaris, Zo wordt discussie vooraf voorkomen en worden eventuele schademeldingen objectief beoordeeld. Op verzoek ontvangt de betreffende eigenaar een eigen exemplaar van het opnamerapport. De bouwkundige vooropname wordt uitgevoerd door een onafhankelijk en erkend bureau. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 15: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig nulmeting aan te voeren. Op dit moment kunnen indieners ten onrechte niet controleren of de nulmeting van voldoende kwaliteit zal zijn om causaal verband tussen het project en de schade in een eventuele latere schadeclaim met succes te kunnen onderbouwen. Dit is ook in strijd met het verdedigingsbeginsel. Tijdens de keukentafelgesprekken is gevraagd de rapportage van de nulmeting direct na het opmaken daarvan aan de belanghebbenden, waaronder indieners, ter beschikking te stellen. Daarop is geantwoord dat de resultaten bij een notaris worden gedeponeerd maar niet aan de belanghebbenden beschikbaar worden gesteld. zie voorgaande beantwoording bij 15.3 “…” ziet niet in dat er goede redenen zijn om de resultaten niet onmiddellijk en nog voor de aanvang van het project, ter beschikking te stellen.

Indieners horen de kwaliteit van de nulmeting te kunnen beoordelen, nog voor de aanvang van de uitvoering van het project. zie voorgaande beantwoording bij 15.3 Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, peilbesluit of ontgrondingsvergunning Nr. Zienswijze 16: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig 16.0 In reactie op het Ontwerp Inpassingsplan De Wieden 2, gecoördineerd ontwerppeilbesluit en ontwerp-Ontgrondingsvergunning dienen ondergetekenden, perceeleigenaren van Cornelisgracht 38, gelegen rond het plangebied in Polder Giethoorn, de volgende zienswijze in. Wij ondersteunen de gezamenlijke zienswijze van de buren, Cornelisgracht 32 tot en met Cornelisgracht 44 te Giethoorn, die op 19 december 2023 aan ons is gezonden. Daarnaast vragen wij graag uw aandacht voor de volgende onderwerpen. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 16: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Vertrouwen Gezamenlijk overleg De projectleiding Ontwerp-PIP De Wieden 2 heeft, ondanks verzoek van omwonenden voor een gezamenlijk overleg met alle omwonenden en dus direct betrokkenen, dit verzoek tot gezamenlijk overleg categorisch en expliciet afgewezen. Slechts individueel overleg, per huisnummer, stelde de projectleiding, was en is mogelijk.

We vragen ons af waarom de projectleiding deze werkwijze kiest en niet ingaat op de wens van de bewoners voor gezamenlijk overleg. Komt die keuze voort uit angst, onzekerheid? Of is het een keuze om de touwtjes in eigen handen te houden via een politiek van verdeel en heers? Dit laatste staat op gespannen voet met wat de overheid steeds luid en duidelijk verkondigt: als overheid willen we transparant zijn en …. de overheid is er ten dienste van steun aan burgers waar dat gewenst en mogelijk is. U zult begrijpen dat bovengenoemde werkwijze het vertrouwen bij omwonenden in de plannen ondermijnt en het vertrouwen in de bedoeling van de plannen en de plannenmakers niet doet toenemen. Integendeel. Er is inderdaad gekozen om de gesprekken over de maatregelen en de effecten van die maatregelen via individuele keukentafelgesprekken te voeren in plaats van een gezamenlijk overleg. De reden daarvoor is dat we individuele situaties en oplossingen graag persoonlijk bespreken. In een gezamenlijk overleg bestaat de kans dat het persoonlijke deel onvoldoende aan bod komt. Dat zou geen recht doen aan ieders persoonlijk belang en afweging. Dat dit bij u het vertrouwen heeft ondermijnt in de plannen en de plannenmakers is zeker niet de bedoeling geweest.

16.1 Transparantie onderzoek; betrokkenheid van slechts één belanghebbende Als omwonenden en direct belanghebbenden zijn wij niet betrokken bij het opstellen van het model voor hydrologisch onderzoek. In tegenstelling tot de andere belanghebbende, Natuurmonumenten. Het gaat nog verder. Als omwonenden en belanghebbenden weigert de projectleiding ons ter hand te stellen het onderzoekmodel en de resultaten van het onderzoek. De andere belanghebbende, Natuurmonumenten, is wel in het bezit van het onderzoekmodel en van de resultaten van het onderzoek. Ondergetekenden vragen u als omwonenden en direct belanghebbenden te bewerkstelligen dat aan ons wordt overhandigd zowel in beeld als tekst: het gehanteerde en volledige model van het hydrologisch onderzoek Het opstellen van een hydrologisch model en een hydrologisch onderzoek vraagt specialistische kennis. Daarom dat specialisten (hydrologen) van Arcadis, waterschap Drents Overijsselse Delta, Natuurmonumenten en de provincie betrokken zijn geweest bij het opstellen hiervan. Het hydrologisch onderzoek is uitgevoerd en opgesteld door een onafhankelijk en deskundige ingenieursbureau. Het gebruikte grondwatermodel Mipwa v4.0 is een computer rekenmodel, dit is een computerprogramma met instellingen voor de berekeningen. Dit computerprogramma is niet ter inzage te leggen.

De methode waarop het model gebruikt is en de daarvoor benodigde invoer en uitgangspunten die gebruikt zijn voor de berekeningen, is nader toegelicht in het rapport over het hydrologisch onderzoek. Voor een meer inhoudelijk antwoord over de inzichtelijkheid van het computermodel verwijzen wij u naar de reacties bij 6b 1 en 2. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 16: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig alsook alle resultaten van dit onderzoek. Inclusief de argumenten waarom voor het gehanteerde model is gekozen alsook de argumenten waarop de resultaten zijn vastgesteld. Behoud van bestaande natuur Leven voor allerlei dieren Op ons erf, Cornelisgracht 38, staan eiken en essen van meer dan 80 jaar oud. Het geeft leven aan allerlei dieren die van en in deze bomen leven. Een ´levensboom´ is een veel gebruikt begrip voor een gezonde, oude eik. Bijvoorbeeld boven een voordeur bij oude boerderijen Dat merken wij ook op ons terrein. Allerlei vogels nestelen en leven deels van de bestaande eik(en) en van leven in die eik(en), zoals insecten, vruchten, bloesem en rupsen op en aan die bomen. Eikels in de herfst worden met smaak verorberd door vogels als wilde duiven, eksters en Vlaamse gaaien en door reeën als extra voedsel in herfst en winter.

En hoge bomen met een weids uitzicht, zijn een welkome uitkijkpost voor roofvogels. Dit wordt voor kennisgeving aangenomen. Klimaatbeheersing Zoals bekend nemen bomen CO2 op. Hoe gezonder en hoe ouder de boom, des te meer opname van CO2. Bomen zorgen ook voor minder extremen in het klimaat. Hoge bomen kunnen ook nog eens fungeren als bliksemafleider. Ook niet onbelangrijk, ze zorgen voor een aangename leefomgeving bij mens en dier. Wijzelf genieten dan ook van deze hoge en prachtige bomen met al het leven in en om deze reuzen. Dit wordt voor kennisgeving aangenomen. 16.2 Aantasting bestaande natuur Natuurmonumenten heeft zonder overleg, aan de zuidkant van ons terrein, een sloot gegraven. Terwijl er in de 47 jaar dat wij hier wonen er voor het overgrote deel daar geen sloot was. De door Natuurmonumenten aangelegde sloot is zo gegraven en wordt zo onderhouden dat wortels van bestaande bomen ernstig worden en zijn beschadigd. Mede om die reden is er dit jaar een es De situatie die u aangeeft (het graven van de sloot) heeft geen betrekking op het PIP De Wieden2 en kan in deze Nota van Antwoord daarom niet worden beantwoord. Van Natuurmonumenten mag worden verwacht dat zij hun taak als beheerder van natuurgebieden naar behoren uitvoert. De provincie is verantwoordelijk voor schade die optreedt als gevolg van de inrichtingsmaatregelen.

Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 16: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig omgewaaid die, door toedoen van Natuurmonumenten, aan de slootkant onvoldoende houvast had. Waarom dit voorbeeld? Natuurmonumenten is een belanghebbende in het plan Ontwerp PIP de Wieden 2. Wij vrezen dat deze belanghebbende in de toekomst, op basis van genoemd voorbeeld met bijbehorende werkwijze, namelijk geen enkel overleg met de aangrenzende bewoner en eigenaar, geen rekening houdt met en geen zorg heeft voor de bestaande natuur en belanghebbende eigenaren/bewoners. Wij houden de provincie, als opdrachtgever aan de uitvoerende(en) van het uiteindelijke PIP Wieden 2, verantwoordelijk voor schade die ontstaat door werkzaamheden bij voorbereiding, aanleg en onderhoud van PIP Wieden2 aan bestaande natuur en leefomgeving van het direct aangrenzende gebied, waaronder ons erf met de daarop staande bomen, struiken en gebouwen met bijbehorende infrastructuur. Voor schade die optreedt als gevolg van het gevoerde beheer is de provincie niet verantwoordelijk. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de beheerder. Als u van mening bent dat er schade is opgetreden als gevolg van dit PIP of van maatregelen die de provincie heeft uitgevoerd kunt u een verzoek om vergoeding van die schade indienen bij de provincie (schadeloket).

De provincie zal dan een onafhankelijke commissie aanstellen die beoordeelt of de schade is veroorzaakt door de provincie en in hoeverre de schade voor vergoeding in aanmerking komt. Meer informatie over het indienen van een verzoek is te vinden op: www.overijssel.nl (Schade door maatregelen Natura 2000 - Loket provincie Overijssel 16.3 Behoud van uitzicht Vanaf ons perceel, Cornelisgracht 38, willen we ook aan de oostkant een goed en onbelemmerd uitzicht houden over het gebied achter ons. Concreet, ‘onbelemmerd´: zittend in een stoel onbelemmerd kunnen uitkijken en genieten van het gebied achter ons. Wij vragen de provincie te zorgen voor een kadehoogte die het huidige onbelemmerde uitzicht vanaf de achterkant van ons perceel handhaaft. Een begrenzing van het huidige onbelemmerde uitzicht aan de oostkant heeft gevolgen. Het zorgt voor een aantasting van onze leefomgeving en voor een waardedaling van bij verkoop van ons huis. Bij beperking van het onbelemmerde uitzicht stellen wij de provincie verantwoordelijk voor de daaruit ontstane schade. Deze keringen zijn nodig om wateroverlast voor de omgeving te voorkomen. De hoogte van de keringen wordt bepaald door het waterpeil in het in te richten gebied. Voor een reactie op uw opmerking over de schade verwijs ik naar het antwoord bij 16.2.

16.4 Wij hopen dat de in deze brief/zienswijze genoemde aandachtspunten een plaats krijgen in het door u te nemen besluit. Graag worden we daarover op de hoogte gehouden. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Zienswijze 16: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig Vanzelfsprekend zijn wij graag bereid het een en ander mondeling toe te lichten. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het PIP, peilbesluit en ontgrondingsvergunning 3 Adviezen Nr. Advies 1: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig A1.0 De gemeenteraad is tijdens een informerende raadsbijeenkomstdoor de provincie geïnformeerd over het Ontwerp PIP De Wieden 2. Op de raadsvergadering van 7 december heeft de raad besloten geen zienswijze in te willen dienen op het ontwerp PIP. Vanuit de gemeente wilt u ons nog wel een punt meegeven als het gaat over de uitvoering van de werkzaamheden en de stikstofuitstoot die daarmee gepaard gaat. U heeft begrepen dat er voor deze werkzaamheden een vrijstelling is en dat er geen extra maatregelen hoeven worden genomen om de uitstoot van stikstof te voorkomen of te verminderen. U onderschrijft het nut van deze maatregelen om de natuur te versterken. U begrijpt ook dat maatregelen om de stikstof uitstoot te verminderen kunnen leiden tot extra kosten of uitloop van de planning.

Daar wilt u niet op aansturen. In de Omgevingswet is bepaald dat het verboden is om een ‘Natura2000- activiteit’ uit te voeren zonder omgevingsvergunning. Dat het uitvoeren van een natuurherstelmaatregel vergunningvrij is volgt uit de definitie van de term ‘Natura2000-activiteit’. Die luidt namelijk: “activiteit, inhoudende het realiseren van een project als bedoeld in artikel 6, derde lid, van de habitatrichtlijn dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van een Natura 2000-gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied" De maatregelen uit het PIP De Wieden2 zijn natuurherstelmaatregelen die wel direct verband houden met of nodig zijn voor het beheer van het Natura2000- gebied De Wieden. Daarom valt dit niet onder de definitie van een Natura2000- activiteit en zijn deze niet vergunningplichtig op het punt van stikstofuitstoot. Nee A1.1 Toch vindt u het moeilijk uit te leggen dat inwoners en andere partijen, waaronder de gemeente, veel moeite moeten doen om u wel aan de stikstofregels te houden en dat dit bij deze werkzaamheden, in N2000 gebied, niet nodig is. U vraagt ons nadrukkelijk om, waar het mogelijk is, toch in te zetten op maatregelen om de uitstoot van stikstof zoveel mogelijk te voorkomen.

Helaas is het nog niet mogelijk om dergelijke maatregelen emissieloos uit te voeren. Net als de gemeente voelt ook de provincie de spanning die de regelgeving over stikstofuitstoot soms oproept bij de vergunningverlening van bouw- en maatschappelijke activiteiten. In de uitvraag bij de aanbesteding van de maatregelen wordt als eis opgenomen dat alleen HVO diesel mag worden gebruikt bij het in te zetten materieel. Daarnaast worden de marktpartijen uitgenodigd en uitgedaagd om met het in te zetten materieel en hun werkwijze Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Advies 1: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig een zo duurzaam mogelijke uitvoering aan te bieden. Dit wordt een van de gunningscriteria bij de beoordeling van de aanbiedingen. De provincie heeft een LIFE subsidie aangevraagd voor het zo emissiearm mogelijk uitvoeren van de maatregelen. Na toekenning van de subsidie wordt het financieel mogelijk meer eisen te stellen aan een emissiearme uitvoering. Conclusie De adviesbrief leidt niet tot aanpassing van het PIP Nr. Advies 2: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig A2.0 Op 17 oktober 2023 hebben wij het ontwerp Provinciaal Inpassingsplan (PIP) De Wieden 2, inclusief alle daarbij behorende bijlagen vastgesteld.

Deze stukken lagen ter inzage in de periode van 9 november tot en met 20 december 2023. In het kader van artikel 3.26 van de Wet ruimtelijke ordening is tijdens de PlP-procedure de gemeenteraad gehoord. Voor de gemeenteraad is het bij trajecten als deze belangrijk dat de omgeving goed wordt betrokken bij de plannen die worden opgesteld. U streeft naar een vitaal platteland, waar natuurmaatregelen samengaan met agrarisch toekomstperspectief en met behoud van de leefbaarheid. In uw werkvergadering van 17 oktober jl. hebben wij u geïnformeerd over het ontwerp-PlP De Wieden 2. Op basis van deze informatie heeft u geconcludeerd dat het ontwerp-PlP De Wieden 2 in samenspraak met betrokken partners in het gebied, waaronder de gemeente, tot stand is gekomen. De provincie heeft op een zorgvuldige wijze processtappen doorlopen. Individuele belanghebbenden zijn persoonlijk benaderd. U bent positief over dit proces. De gemeenteraad heeft desondanks in haar vergadering van 19 december 2023 besloten om een op die datum gedateerde zienswijze in te Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Advies 2: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig dienen aangaande het ontwerp Provinciaal Inpassingsplan De Wieden2.

Toen bleek dat de zienswijze buiten de terinzageperiode is ingediend (08-01-2024) en daarmee niet ontvankelijk moest worden verklaard heeft u per e-mail (23-01-2024) gevraagd de zienswijze als een adviesbrief te zien, zodat de argumenten toch meegenomen konden worden, omdat er voor een adviesbrief geen formele deadline geldt. De gemeenteraad reageert met de volgende adviezen op dit ontwerp-PlP. A2.1 Namelijk dat ook in de verdere uitwerking en uitvoering van de maatregelen goed wordt geluisterd naar de inbreng van inwoners en ondernemers in en rondom het gebied, zoals: ➢ Drainage i.p.v. ophoging ➢ Nulmeting voorafgaande aan de uitvoering ➢ Een zomerschouw op de aangelegde kwelsloot door Natuurmonumenten ➢ Onderzoek naar het dijklichaam (Cornelisgracht) Bij Polder Giethoorn moeten mogelijk mitigerende maatregelen (zoals drainage of ophogen) worden genomen op naastgelegen landbouwgronden. Voor het bepalen van de noodzaak en de aard van de maatregel wordt een adviesbureau ingeschakeld. In het Inrichtingsplan is opgenomen dat deze maatregelen voorafgaand aan de uitvoering met de betrokken eigenaren worden afgestemd. De uitvoering van de mitigerende maatregelen gebeurt samen met de uitvoering van de natuurmaatregelen in dit deelgebied. Voor de overige deelgebieden zijn geen mitigerende maatregelen voorzien.

Bij de woningen/gebouwen die naast de deelgebieden liggen wordt kort voor de uitvoering een bouwkundige opname/nulmeting gedaan. Het PIP (inrichtingsplan) is niet het document waar afspraken over het onderhoud worden opgenomen. Dit gebeurt na de inrichting bij de overdracht van de gebieden aan de beheerder. Een aangelegde kwelsloot zal het hele jaar door zijn werking moeten behouden. Uit gesprekken met het waterschap en de gemeente blijkt dat er geen aanleiding is om een onderzoek te doen naar de Cornelisgracht als dijklichaam. Nee A2.2 Met name het voorkomen van vernattingsschade en het beschikbaar krijgen van de resterende gronden zijn een aandachtspunt. Voor alle deelgebieden geldt dat er tijdens de planuitwerking nadrukkelijk is gelet op het voorkomen van vernattingsschade. Zo nodig zijn maatregelen aangepast of toegevoegd. Het hydrologisch onderzoek toont aan dat geen vernattingsschade optreedt bij naastgelegen gebouwen of percelen. Dit geldt niet voor een aantal landbouwpercelen ten oosten van Polder Giethoorn. Daar zijn mogelijk mitigerende maatregelen nodig. (zie hiervoor de beantwoording bij A2.1) De provincie streeft ernaar om alle gronden beschikbaar te hebben bij de start van de uitvoering. Op dit moment (januari 2025) zijn verreweg de meeste gronden beschikbaar.

Voor de gronden die nog niet beschikbaar zijn geldt dat de provincie met alle eigenaren daarover in gesprek is. De nog niet beschikbare percelen betreffen in alle gevallen, meestal kleine, veldkavels. Nee Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Nr. Advies 2: Reactie Aanpassing PIP / ontgrondingsvergun- ning /peilbesluit nodig A2.3 Daarnaast roept de raad op om het ontstaan van schade zoveel mogelijk te voorkomen, om zo de gang naar het schadeloket tot een minimum te beperken. Het schadeloket is bedoeld als vangnet voor die situaties waar achteraf blijkt dat er toch schade is ontstaan als gevolg van de inrichtingsmaatregelen. Tijdens de planuitwerking is er nadrukkelijk aandacht geweest om eventuele gevolgschade te voorkomen. Waar toch mogelijke schade is voorzien worden mitigerende maatregelen getroffen. (zie beantwoording bij A2.1) Nee Conclusie De adviesbrief leidt niet tot aanpassing van het PIP, het peilbesluit of de ontgrondingsvergunning Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 4 Ambtshalve wijzigingen Wijzigingen Toelichting/Regels (T/R) Nr. Aanleiding Aanpassing Wijzigingen Inrichtingsplan/Maatregelenkaart/Verbeelding (I/M/V) Nr.

Aanleiding Aanpassing V1 Waterkerende kades ontbreken in Beukers en Doosje Dubbelbestemming opnemen (met beschermingszone?) V2 A-watergangen zijn niet positief bestemd Bestemming Water opnemen Wijzigingen MER Nr. Aanleiding Aanpassing M1 De Commissie-m.e.r. adviseert een aanvulling op het MER, om de (gereduceerde) broeikasuitstoot als gevolg van de aanlegfase en de realisatiefase de verminderde oxidatie van veen kwantitatief te onderbouwen. Er is een nieuwe bijlage opgesteld (bijlage G) met daarin een inschatting van de broeikasgasemissies in de referentiesituatie, wat de uitstoot is door de aanlegfase en wat de jaarlijkse emissie in de eindsituatie is. Dat is per deelgebied uitgewerkt. Voor de aanlegfase is gekeken naar de situatie als gewerkt wordt met elektrisch materieel of als gebruik wordt gemaakt van graafmachines op fossiele brandstoffen. De berekeningen zijn gemaakt op basis van recente literatuur, bijvoorbeeld over de verminderde oxidatie van veen. Uit de berekeningen met kengetallen blijkt dat het plan na uitvoering, en met aftrek van de aanlegfase, een positief effect heeft op de jaarlijkse emissie van broeikasgassen. Dit heeft te maken door verhoging van het waterpeil, waardoor de veenoxidatie vermindert. M2 De Commissie-m.e.r. adviseert om de impact van de maatregelen m.b.t. archeologie nader aan te geven. In het aangevulde m.e.r.

is archeologie als milieuaspect per deelgebied opgenomen in de referentiesituatie. Ook zijn de effecten bij de gebruiksfase beschreven (doorworteling bij beplanting) en is aangegeven dat de bodemingrepen niet plaatsvinden op gebieden met een archeologische verwachting (de zandruggen). Bij de gebiedsbeschrijving van de deelgebieden (paragraaf 4.3, 4.4, 4.5 en 4.6) is een kopje Archeologie toegevoegd. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 Wijzigingen MER Nr. Aanleiding Aanpassing M3 De Commissie m.e.r. adviseert om meer inzicht te geven in de effecten op de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater, en wat de impact is op de doelstellingen uit de Kaderrichtlijn Water In het aangevulde m.e.r. is aangegeven dat bij gebied Zwartsluis de kans op nalevering van fosfor uit de bodem groot is op het water, maar dat dit naar verwachting geen significante vracht is en daarmee geen effecten heeft op de kwaliteit van het water. Bij deelgebieden Beukers en Doosje wordt eveneens aangegeven dat er kans is op nalevering fosfor uit de bodem. Dit stroomt niet naar het Natura 2000-gebied maar naar het Meppelerdiep en heeft naar verwachting een gering effect. De onderbouwing van de effecten op de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater is dus aangevuld en aangepast.

De Commissie verwacht dat met de aanpassing van de beoordeling en de aanvullende toelichting er een goede inschatting van de risico’s is weergegeven en daarmee voldoende informatie voor de besluitvorming. De Commissie beveelt nog wel aan om de effecten van de ingrepen op grond- en oppervlaktewater te monitoren. M4 De Commissie-m.e.r. heeft aandacht gevraagd voor de onderbouwing van het voorgestelde peilbeheer in polder Giethoorn in relatie tot de ontwikkeling van stevig riet voor de grote karekiet. In het aangevulde MER is nader toegelicht dat een meer natuurlijk peilverloop een extra onderbemaling in de zomer vergt, wat mogelijk negatieve effecten meebrengt op enkele Natura2000- delen, terwijl (ongewenste) verbossing hierdoor kan worden bevorderd. Ook is aangegeven dat een winddynamiek, zoals langs de Randmeren in dit gebied niet te verwachten is. Toegelicht is dat met de huidige plannen er naar verwachting voldoende sterk riet zal komen voor de Grote Karekiet, al blijft het een uitdaging om duurzaam voldoende waterriet te realiseren. Geconcludeerd wordt dat ondanks het stabiele peil er toch invulling kan worden gegeven aan de doelstelling voor Grote Karekiet, zonder dat dit ten koste gaat van de andere doelstellingen voor het Natura 2000-gebied. In paragraaf 5.3 is deze onderbouwing toegevoegd. De Commissie m.e.r. concludeert dat het m.e.r.

op de gevraagde milieuonderdelen is aangepast, waardoor de milieu-informatie completer en beter navolgbaar is. De Commissie is van oordeel dat het MER en de aanvulling daarop, de essentiële informatie bevatten om een besluit te kunnen nemen over het provinciaal inpassingsplan en de bijbehorende besluiten waarin het milieubelang volwaardig wordt meegewogen. Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 5 Aanpassingen n.a.v. de zienswijzen Wijzigingen Toelichting/Regels/Bijlagen Nr. Aanleiding Aanpassing R1 Niet van toepassing Niet van toepassing Nota van Antwoord NL.IMRO.9923.PIPWiedenII-va01 07-01-2025 6 Colofon Deze Nota van Antwoord is opgesteld door de provincie Overijssel. In afstemming met de gebiedspartners (waar nodig): - Natuurmonumenten - Waterschap Drents Overijsselse Delta - Gemeente Steenwijkerland - Gemeente Zwartewaterland Uitgave: provincie Overijssel Datum: 7 januari 2025 Inlichtingen bij Contactpersoon: Cees Ortelee Telefoon: 06 211 23 592 Email: natura2000pip@overijssel.nl Onder vermelding van: De Wieden2 Kijk ook op: www.overijssel.nl/natura2000procedures Adresgegevens Provincie Overijssel Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 Fax 038 425 48 88 www.overijssel.nl postbus@overijssel.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/3ee7cee5-92f8-44c4-9492-09a8faa050de?agendaItemId=b2ab8123-69a0-489e-be39-368ed62bf8fd