3.1 GGD - Jaarstukken 2024 GGD IJsselland
Tekst van het document
Medewerkers kunnen gebruik maken van een speciaal opgeleide vertrouwenspersoon, gefaciliteerd door de arbodienst. De werkzaamheden van de vertrouwenspersoon bestaan uit: eerste emotionele opvang, hulp aan de betrokken medewerker, advisering voor een plan van aanpak, ondersteuning bij het realiseren van de gewenste aanpak, eventuele doorverwijzingen en nazorg. De externe vertrouwenspersoon rapporteert rechtstreeks aan directie en OR middels een jaarverslag. Meldingen Arbo Management Systeem Via het Arbo Management Systeem (AMS) kunnen medewerkers (bijna) ongevallen en incidenten melden bij de afdeling Arbo. Meldingen vinden plaats via een grotendeels analoog systeem waardoor er een behoorlijke verwerkingstijd zit tussen het invullen van het formulier en de behandeling binnen de afdeling Arbo. Om hier meer snelheid in te realiseren hebben alle leidinggevenden eind 2024 nogmaals de informatie gekregen om via een app in real time een melding door te zetten naar het systeem. Tevens is het gebruik van de digitale app onderdeel van de introductie voor nieuwe medewerkers. In 2024 is geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om op deze wijze een melding in AMS te maken. In 2024 zijn vier meldingen in het AMS gedaan. Alle meldingen hadden betrekking om ongewenste gedrag/omgangsvormen van cliënten jegens medewerkers van de afdeling VIA.
Een melding is binnengekomen via een meldingsformulier, twee meldingen zijn door de Arbo-Coördinator verwerkt na telefonische melding van betrokken medewerkers zodat de melding geanonimiseerd kon worden. Prikaccidenten Een prikaccident is een voorval waarbij het risico van besmetting bestaat, zoals bij prik-, bijt-, spat-, snij- en krabaccidenten. In 2024 zijn er geen prikincidenten gemeld in het AMS. Ongevallen In 2024 zijn er geen bijna ongevallen gemeld. Een ongeval is gemeld via het AMS. Dit incident is afgehandeld. Gevaarlijke situatie In 2024 zijn er geen meldingen gedaan van een gevaarlijke situatie. 28 Bovenstaand overzicht geeft alleen een beeld van het aantal gemelde incidenten. Het geeft daarmee nadrukkelijk niet een feitelijk beeld van het daadwerkelijke aantal incidenten. Het proces van melden en het vinden van de juiste informatie voor zowel interne als externe meldingen is voor (nieuwe) medewerkers niet altijd eenduidig te vinden op de beschikbare informatie platforms. Het opschonen en up- to-date houden hiervan verdient structurele aandacht. Bedrijfshulpverlening Bedrijfshulpverlening is een onderdeel van de organisatie dat aandacht behoeft. Reeds in de RI&E van 2017 is aandacht gevraagd voor dit thema met specifiek aandacht voor de niet centrale locaties.
In opdracht van het MT is dan ook een BHV-plan opgesteld om structuur aan te brengen in de BHV Organisatie. Naast het BHV-team is een alarmeringsteam (A-team) actief op locatie Zeven Alleetjes. Dit team treedt op wanneer medewerkers zich bedreigd voelen. Een aantal Bhv’ers maakt ook deel uit van het A-team. Deze medewerkers volgen hiervoor een aparte training. In 2024 is een nieuw BHV-plan opgesteld en besproken in het MT en heeft er een onderzoek plaatsgevonden naar de wijze waarop in de afgelopen jaren invulling is gegeven aan de BHV-organisatie. Hiervoor zijn op alle lagen van de GGD-organisatie medewerkers benaderd om middels een interview input te leveren aan het onderzoek. Uitkomsten van dit onderzoek worden Q1 2025 verwacht. Conform BHV-plan is de BHV-organisatie opnieuw ingericht. Thuiswerken Nadat tijdens de covid periode het thuiswerken een plaats in de organisatie heeft gekregen is het afgelopen jaar het thuiswerkbeleid geactualiseerd. Hiermee is het structurele karakter van hybride werken geborgd. 29 5. Kwaliteit De missie, visie en kernwaarden van GGD IJsselland geven richting aan de organisatie en het kwaliteitsbeleid. Het kwaliteitsmanagementsysteem is gericht op het verwezenlijken van deze missie en visie.
Centraal hierin staan kwalitatief goede zorg en dienstverlening en het streven naar tevreden opdrachtgevers, klanten, ketenpartners en andere belanghebbenden. In combinatie met de missie en visie vormden de Bestuursagenda Gezond Samen Leven 2023 - 2027, de programmabegroting, de organisatieagenda 2023 - 2025 en de teamplannen het kwaliteitsbeleid van de GGD. In de visie staan de volgende elementen centraal: expertise inzetten en delen, samen(werken), zichtbaar nabij zijn, eigen regie versterken en durven doen. Het kwaliteitsmanagementsysteem GGD IJsselland beschikt over een integraal kwaliteitsmanagementsysteem, waarbij het HKZ-model het kader vormt. Belangrijke instrumenten daarbinnen zijn: externe en interne audits, risicomanagement, klantervaringsonderzoeken, incidentanalyses, de klachtenregeling, de GGD Academy en het werken volgens diverse landelijke richtlijnen en professionele standaarden. Doelstellingen en resultaten 2024 De GGD heeft een aantal doelstellingen geformuleerd gericht op de ontwikkeling van het kwaliteitsmanagementsysteem. Een deel van deze doelstellingen heeft een looptijd van meerdere jaren, andere zijn al in 2024 gerealiseerd. Hieronder volgen de doelstellingen over het verslagjaar 2024. Bij iedere doelstelling volgt achtereenvolgens het behaalde resultaat en een korte toelichting.
Doel: behouden HKZ-certificaat Publieke gezondheid Resultaat: in november vond de jaarlijkse HKZ-opvolgingsaudit plaats door de onafhankelijke certificatie- instelling Kiwa. De audit heeft geresulteerd in een positief oordeel van Kiwa en daarmee behoud van het HKZ-certificaat Publieke gezondheidszorg. Hiermee is aantoonbaar dat GGD IJsselland kwaliteit van zorg- en dienstverlening hoog in het vaandel heeft staan en continu werkt aan de verdere ontwikkeling en verbetering daarvan. Doel: inzicht in klantervaringen en verbeteren op basis van de feedback Resultaten: GGD IJsselland toetst systematisch klantervaringen. De werkwijze is erop gericht goed inzicht te verkrijgen in de ervaringen en tevredenheid van onze opdrachtgevers, klanten/ cliënten en ketenpartners, zonder daarbij de klant te veel te belasten. In 2024 zijn diverse onderzoeken en evaluaties uitgevoerd, waaronder: een digitale enquête onder bezoekers van de soa-poli, een onderzoek onder bezoekers van het reizigersspreekuur, onder gemeenten door team toezicht WMO. Daarnaast neemt GGD IJsselland deel aan een landelijk klanttevredenheidsonderzoek onder burgers die een (COVID-)vaccinatie ontvangen.
Toezichtonderzoek Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd constateerde eerder dat de uitvoering van de wettelijke taken door de GGD`en vanwege een toenemend tekort aan mensen en middelen onder hoge druk staat. IGJ beoordeelde daarom in het najaar van 2024 in hoeverre inspanningen (zowel extra financiële middelen als geïmplementeerde verbetermaatregelen) van de GGD`en hebben geleid tot borging van de continuïteit en 30 kwaliteit van de publieke gezondheidszorg. In dat kader bezocht IGJ ook GGD IJsselland. Verwachting is dat IGJ begin 2025 de rapportage oplevert. 5.1 Klachten Vanaf 2020 ontvangt GGD IJsselland niet alleen klachten over reguliere werkzaamheden maar ook over andere werkzaamheden. In 2024 zijn naast klachten over werkzaamheden in het kader van COVID-19 ook klachten ontvangen over werkzaamheden in het kader van HPV 18+. In 2024 zijn in totaal eenenveertig klachten binnengekomen. In het totaal aantal klachten dat in 2024 is binnengekomen, zijn alle schriftelijke klachten meegeteld en de telefonische klachten die bij de klachtenfunctionaris zijn gemeld. Ook opmerkingen die via het digitale contactformulier ‘Ik heb een vraag, ervaring of tip’ van onze GGD zijn binnengekomen en als klacht kunnen worden beschouwd, zijn meegenomen. In 2024 zijn nog twee openstaande klachten uit 2023 afgehandeld.
Het is gelukt beide klachten door bemiddeling op te lossen. Het totaal aantal klachten daalt de laatste jaren sterk. In 2021 zijn driehonderdtachtig klachten binnengekomen. In 2022 honderdtachtig en in 2023 zeventig. 5.1.1 Klachten over reguliere werkzaamheden Van het totaal van eenenveertig klachten in 2024 hebben tweeëndertig klachten betrekking op reguliere werkzaamheden. In onderstaand overzicht is de afhandeling van de klachten over reguliere werkzaamheden in 2024 samengevat: Klachten (aard afhandeling) Aantal niet in behandeling genomen 6 door bemiddeling 25 bemiddeling nog niet afgerond 1 door behandeling met een oordeel 0 Totaal 32 Voor één klacht loopt de bemiddeling nog op het moment dat de stand van zaken van de afhandeling van de klachten is geïnventariseerd (15 januari 2025). In het overzicht is deze klacht opgenomen bij ‘bemiddeling nog niet afgerond’. Het aantal klachten over reguliere werkzaamheden in 2024 is in vergelijking met het aantal in 2023 (veertig klachten) en 2022 (vijfendertig klachten) min of meer gelijk gebleven. In 2024 zijn net als in 2023 en 2022 geen klachten over reguliere werkzaamheden van GGD IJsselland voorgelegd aan de Geschillencommissie Publieke Gezondheid of aan de Overijsselse Ombudsman/ de Nationale Ombudsman. De Overijsselse Ombudsman heeft zijn werkzaamheden met ingang van 1 januari 2024 beëindigd.
Mensen die een klacht hebben kunnen in plaats hiervan terecht bij de Nationale Ombudsman terecht. 31 Klachten over reguliere werkzaamheden nader beschouwd De vijfentwintig klachten over reguliere werkzaamheden die door bemiddeling zijn opgelost, zijn ingedeeld in categorieën. De verdeling van de klachten over de categorieën is als volgt: Klachten (categorieën) Aantal bejegening 2 deskundigheid/professioneel handelen 7 informatievoorziening 10 overig 6 Totaal 25 Net als in 2022 vallen de meeste klachten in de categorie informatievoorziening. In 2023 vielen de meeste klachten in de categorie deskundigheid/professioneel handelen. Acties naar aanleiding van de klachten over reguliere werkzaamheden Dat klachten worden opgelost door bemiddeling betekent niet dat er naar aanleiding van deze klachten geen actie is ondernomen. Naast specifieke acties naar aanleiding van een bepaalde klacht heeft er bij veel klachten een gesprek plaatsgevonden over de klacht tussen de bemiddelaar (meestal de teammanager) en degene over wie geklaagd is. Klachten worden ook geregeld besproken in een team- of disciplineoverleg. De bemiddelaar stelt de klacht in een overleg aan de orde als ook andere medewerkers van de klacht kunnen leren.
5.1.2 Klachten over werkzaamheden als gevolg van COVID-19 en HPV 18+ Van de eenenveertig klachten die in 2024 zijn binnengekomen, hebben er negen betrekking op werkzaamheden als gevolg van COVID-19 en HPV 18+. In onderstaand overzicht is de afhandeling van de klachten over werkzaamheden als gevolg van COVID-19 en HPV 18+ in 2024 samengevat: Klachten (aard afhandeling) Aantal niet in behandeling genomen 1 door bemiddeling 8 door behandeling met een oordeel 0 Totaal 9 Wat in 2024 opvalt is het beperkt aantal klachten over werkzaamheden als gevolg van COVID-19 en HPV 18+. In tegenstelling tot 2023 en 2022 zijn veel klachten ook in behandeling genomen en door bemiddeling opgelost. Klachten over werkzaamheden als gevolg van COVID-19 en HPV 18+ nader beschouwd Van de negen klachten die betrekking hebben op werkzaamheden als gevolg van COVID-19 en HPV 18+ hebben er zes betrekking op werkzaamheden als gevolg van COVID-19. Drie klachten hebben betrekking op werkzaamheden als gevolg van HPV 18+. 32 Acties naar aanleiding van de klachten over werkzaamheden als gevolg van COVID-19 en HPV 18+ Bij de afhandeling van klachten over werkzaamheden als gevolg van COVID-19 zijn specifieke opmerkingen over een locatie door de klachtbehandelaar besproken met de medewerkers van de betreffende locatie.
5.2 Bezwaarschriften In 2024 heeft het dagelijks bestuur geen besluiten genomen over bezwaarschriften. De GGD heeft in 2024 wel vijf bezwaarschriften ontvangen. Alle bezwaarschriften zijn gericht tegen besluiten naar aanleiding van een aanvraag voor een maatwerkvoorziening beschermd wonen. De bezwaarschriften zijn binnengekomen rond 1 april 2024. Op deze datum zijn de mandaten vervallen die de GGD van de gemeenten heeft gekregen voor het nemen van besluiten over een aanvraag voor beschermd wonen en voor het afhandelen van bezwaarschriften tegen dergelijke besluiten. Door het vervallen van het mandaat voor de afhandeling van bezwaarschriften zijn de bezwaarschriften ter afhandeling doorgestuurd naar de gemeenten namens wie de GGD het betreffende besluit heeft genomen. Drie bezwaarschriften zijn ter afhandeling doorgestuurd naar de gemeente Zwolle. De gemeente Kampen en de gemeente Dalfsen hebben elk één bezwaarschrift ter afhandeling ontvangen. 33 6. Specifieke paragrafen 6.1 Algemeen Op grond van artikel 9 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten dient het jaarverslag aan aantal specifieke paragrafen te bevatten. Voor GGD IJsselland zijn dit: 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2. Onderhoud kapitaalgoederen 3. Bedrijfsvoering 4. Verbonden partijen 5.
Financiering De verantwoording ten aanzien van rechtmatigheid is opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering en is onderdeel van de jaarrekening. Daarnaast nemen wij in onze verantwoording de paragraaf Openbaarheid op. De paragrafen grondbeleid en lokale heffingen zijn voor GGD IJsselland niet van toepassing. 6.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandsvermogen Het weerstandvermogen laat zien hoe GGD IJsselland tegenvallers en tekorten kan opvangen zonder dat het beleid of de uitvoering in gevaar komen. De weerstandscapaciteit betreft de middelen die beschikbaar zijn om de niet geraamde kosten, die onverwachts en substantieel zijn, te dekken en bestaat uit de algemene reserve en de post onvoorzien. De algemene reserve is voor het opvangen van niet voorzienbare tegenvallers. Het algemeen bestuur stelde een norm vast voor deze reserve. Op basis van de norm ratio 1,0 – 1,4 ligt de ondergrens voor 2024 op € 582.500 en de bovengrens op € 815.500. Na vaststelling van het jaarverslag en de jaarrekening 2024 is de stand van de reserves voor bestemming gerealiseerd resultaat 2024: • algemene reserve: € 1.232.000 • waarvan € 299.000 specifiek is gereserveerd voor risico COVID-19 De reserves waren toereikend voor de dekking van de risico's en andere onverwachte ontwikkelingen.
Daarnaast was gedurende het jaar ook de post onvoorzien van € 150.000 beschikbaar voor het weerstandsvermogen. In paragraaf 6.10 van de jaarrekening staat een specificatie van de reserves met een toelichting. Risicobeheersing Jaarlijks worden zowel de financiële als niet- financiële risico’s ingeschat qua mogelijke impact en kans dat deze zich voor doen. Alle significante risico’s, dat wil zeggen met een financiële impact boven de € 50.000,- zijn meegenomen bij het bepalen van de benodigde weerstandscapaciteit. Hieronder volgt een overzicht van de significante risico’s en niet-financiële risico’s in de risicoklasse urgent op de aandachtsgebieden operationeel of reputatie/maatschappelijke impact. Dit betreft de risico’s, als onderdeel van het risicoprofiel, waarop de benodigde weerstandscapaciteit was gebaseerd. 34 Risico Categorie Netto impact Wegvallen toeleverancier Financieel € 150.000 Schade na beveiligingsinbreuk Financieel € 80.000 Uitbraak infectieziekte Financieel € 85.000 Arbeidsconflict Financieel € 75.000 Geen of onvoldoende (gekwalificeerd) personeel Financieel € 170.000 Juridische procedures Financieel € 60.000 6.3 Financiële kengetallen Eén van de regels van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) betreft het verplicht opnemen van een uniforme basisset financiële kengetallen door gemeenten, provincies en gemeenschappelijke regelingen.
Hieronder een overzicht van de kengetallen, die voor ons van toepassing zijn. Kengetallen Rekening 2023 Begroting 2024 Rekening 2024 Netto schuldquote 11,1% 17% 7,2% Solvabiliteitsratio 21% 19% 25% Structurele exploitatieruimte 0% 0% 0% Toelichting: Netto schuldquote In de VNG-uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Solvabiliteitsratio Ten opzichte van de gemeenten, waarbij percentages van 30% - 40% normaal zijn, was de ratio van de GGD relatief aan de lage kant met een percentage van circa 25%. Structurele exploitatieruimte De begroting van GGD IJsselland wordt ieder jaar sluitend opgesteld. Op dit moment is er geen sprake van incidentele posten die kunnen zorgen voor een structurele exploitatieruimte. 6.4 Onderhoud kapitaalgoederen De instandhouding van vaste activa legt structureel een substantieel beslag op de middelen. Dit geldt niet voor de financiële activa en bedrijfsmiddelen, omdat die regelmatig worden vervangen. Door dit onderscheid komt in deze paragraaf alleen het onderhoud van de hoofdvestiging te Zwolle aan de orde. Voor het kantoorgebouw is een meerjarig onderhoudsplanning opgesteld. Het plan is eind 2024 verder geïmplementeerd. Elke twee jaar zal een conditiemeting plaatsvinden om vast te stellen of het onderhoudsplan moet worden bijgesteld.
35 6.5 Bedrijfsvoering Afdeling Bedrijfsvoering GGD IJsselland en Veiligheidsregio IJsselland hebben een gezamenlijke afdeling Bedrijfsvoering, de medewerkers zijn in dienst bij de Veiligheidsregio. Bij bedrijfsvoering functioneren de teams met een grote mate van zelfstandigheid. Sturing van de vraag op de bedrijfsvoeringstaken vindt plaats vanuit het MT van de GGD, op basis van een portefeuilleverdeling, met de vijf teamleiders van Bedrijfsvoering. Algemeen In vervolg op de projectopdracht ‘versterking bedrijfsvoering VR/GGD’ in 2023 zijn in 2024 verbeterstappen gezet gericht op het creëren van een basisniveau voor dienstverlening voor de Veiligheidsregio en GGD op het gebied van HRM, Facilitair, Financiën en ICT. Bij het bepalen van dat basisniveau is ook kritisch gekeken welke taken onderdeel moeten zijn van de gezamenlijke bedrijfsvoering en welke taken het beste op een andere manier georganiseerd kunnen worden. De onderliggende afspraken hiervoor worden begin 2025 vastgelegd in een nieuwe samenwerkingsovereenkomst. De directies van de Veiligheidsregio en GGD hebben elk kwartaal afstemming over de gemene rekening om actief te sturen op de gezamenlijke financiële middelen en de gezamenlijke formatie, zodat ook in beheersmatig opzicht de continuïteit van de gezamenlijke bedrijfsvoering structureel goed geborgd is.
HRM In 2024 heeft HRM samen met Financiën de projectleiding op zich genomen voor het project met de naam ‘Sturen op uren’. Dit heeft als doel om binnen de GGD IJsselland een werkwijze af te spreken op welke manier het management stuurt op gewerkte uren, verlof, resultaten en projecturen. Op basis van deze werkwijze zijn processen en systemen ingericht en heeft het management juist en tijdig inzicht in de formatie, bezetting, gewerkte uren, projecturen en verlofsaldo, zodat zij in control is. Daarnaast wordt geld en personeel efficiënt en juist ingezet, zodat de GGD haar doelen behaalt en medewerkers een juiste balans ervaren tussen gewerkte uren en verwachtingen. Het project bevindt zich in de eindfase. Onze focus heeft ook gelegen in het verder ontwikkelen van onze dienstverlening door transparanter en beter te adviseren door processen te verduidelijken en te verbeteren bij onder andere ingewikkelde vraagstukken/ casuïstiek. We voeren stap voor stap onze visie uit voor het zijn van een aantrekkelijk werkgever om beter aan te sluiten bij de veranderende omgeving en arbeidsmarkt. Dit om niet alleen beter te werven, maar vooral om onze medewerkers te blijven binden en boeien. Financiën In 2024 zijn er vorderingen gemaakt om de werkprocessen te verbeteren en te borgen.
In 2024 is de frequentie van (financiële) verantwoording verhoogd om het actuele inzicht in cijfers te vergroten. Als onderdeel van de nadere samenwerking tussen HRM en Financiën is in 2024 gewerkt aan de verbetering van het sturen op formatie en bezetting. Vanuit interne beheersing vormen de ervaringen uit de rechtmatigheidsverantwoording 2024 de basis voor verder professionalisering van de IC-functie en de ontwikkeling van de GGD naar het model van ‘3 lines of defence’. Facilitaire zaken Binnen de vakgroep facilitaire zaken is hard gewerkt om het gebouwenbeheer meer structuur te geven. In 2024 zijn de MJOP geactualiseerd en is er samen met Monumentzorg een plan gemaakt voor het 36 noodzakelijk groot onderhoud van ons monumentale hoofdkantoor aan de Zeven Alleetjes in Zwolle. In 2025 worden voorstellen voor verduurzaming aan uw bestuur voorgelegd. Verder zijn de huisvestingskosten van alle consultatiebureaus onder de loep genomen om te komen tot een goede doorberekening van kosten aan elke gemeente op basis van de afspraak dat elke gemeente de eigen huisvestingskosten JGZ draagt. Hier komen we in 2025 bij de individuele gemeenten op terug. Met betrekking tot inkoop heeft facilitaire zaken, samen met financiën, een coördinerende rol op de juiste toepassing van ons inkoopbeleid en de begeleiding van inkooptrajecten.
Naar aanleiding van de recente opmerkingen van de accountant is intern afgestemd hoe inkooptrajecten verbeterd kunnen worden en hoe deze zijn geborgd. Tot slot zijn/ worden aanbestedingen begeleid van o.a. medische apparatuur. Uiteraard heeft FAZ de corona vaccinatieronde najaar 2024 ondersteund middels de verzorging van de huisvesting en housekeeping. Informatisering en automatisering Het jaar 2024 stond voor team ICT grotendeels in het teken van Microsoft 365. In de eerste helft van het jaar lag de focus op bestuurlijke besluitvorming en voorbereidingen voor de migratie, waarbij zorgvuldig is gekeken naar de behoeften van de organisatie en de impact van deze transitie. Dit legde een solide basis voor de volgende fase. In de tweede helft van het jaar is succesvol gestart met de implementatiefase. Deze fase markeerde een belangrijke mijlpaal in het project, waarin de eerste stappen zijn gezet richting een toekomstbestendige digitale werkomgeving. Het team heeft hierbij nauw samengewerkt met verschillende afdelingen om toe te werken naar een zo soepel mogelijke overgang in 2025. Naast de technologische vooruitgang en overige dagelijkse zaken is er veel aandacht besteed aan de doorontwikkeling van het team. Er zijn waardevolle stappen gezet in de werkwijze en de manier van (samen)werken.
Dit heeft niet alleen bijgedragen aan een efficiëntere samenwerking binnen het team, maar ook aan een verbeterde dienstverlening richting de organisatie als geheel. Documentaire informatievoorziening In 2024 is er een flinke stap gemaakt in het verminderen van de fysiek binnenkomende post. Binnen Jeugdgezondheidszorg heeft dit een aanzienlijk resultaat opgeleverd. De fysieke post is daardoor nog minimaal. Het binnen halen van de juiste expertise op archivering is een grote uitdaging gebleken. We hebben een half jaar nodig gehad om deze expertise (voor tijdelijk) binnen te halen. Vanaf juli 2024 kon er gewerkt gaan worden aan het wegwerken van flinke achterstanden. Zo bleken er 3200 bestanden te ‘zweven’ in ons digitale archiveringssysteem. Eind 2024 waren dit er nog 900 bestanden. Deze bestanden worden in de eerste maanden van 2025 juist gearchiveerd. Het fysieke archief bleek veel ‘losse’ dossiers te kennen zonder juiste archiefstatus. Ook was er geen bestandsoverzicht beschikbaar van het fysieke archief. Dit is eind 2024 opgesteld en zijn de dossiers vernietigd waarvan de wettelijke bewaartermijnen zijn verstreken. Daarnaast is er gewerkt aan eerste ontwikkelstappen die nodig zijn om de documentaire informatievoorziening naar een hoger niveau te brengen die beter aansluit bij de huidige digitale informatiewereld.
37 Rechtmatigheid Het dagelijks bestuur legt verantwoording af over de rechtmatigheid van het financieel beheer en de financiële verantwoording, conform de financiële verordening van GGD IJsselland, opgesteld op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Deze verantwoording vindt plaats zowel in de jaarrekening (zie pagina 64) als in deze paragraaf. Het dagelijks bestuur heeft onrechtmatigheden boven de daarvoor gestelde grens van 3% geconstateerd. De grens bedraagt 1,1 miljoen. Ten aanzien van rechtmatigheid is het dagelijks bestuur onder andere geïnformeerd door de accountant via de managementletter en het accountantsverslag en via de het verslag van de adviseur Interne Beheersing. Het verslag van de adviseur interne beheersing volgt uit de werkzaamheden volgens het controleplan over 2024. In het najaar van 2024 is wet- en regelgeving met terugwerkende kracht aangepast, wat heeft geleid tot een begrotingsonrechtmatigheid met betrekking tot de jaren 2023 en 2024. Zie hiervoor de toelichting in de rechtmatigheidsverantwoording. De opvolging van de bevindingen van de accountant en de adviseur interne beheersing wordt bewaakt door het management en gerapporteerd aan het dagelijks bestuur.
Verantwoording bevindingen in paragraaf bedrijfsvoering In 2024 zijn uit de interne controle en de daaropvolgende accountantscontrole drie relevante bevindingen naar voren gekomen in het kader van de rechtmatigheid. 1. Financiële onrechtmatigheden (€ 0,4 miljoen) Er zijn twee gevallen van financiële onrechtmatigheid geconstateerd: - Niet-aanbesteden van licenties: In 2023 is vastgesteld dat licenties voor netwerkverbindingen ten onrechte niet tijdig zijn aanbesteed. Hierdoor zijn de kosten over de jaren 2023, 2024 en (naar verwachting) 2025 financieel onrechtmatig. De structurele onrechtmatigheid bedraagt € 0,3 miljoen op jaarbasis. De aanbestedingskalender wordt aangepast om herhaling te voorkomen. - Inhuur boven schaal 10: Voor het jaar 2024 is sprake van een beperkte onrechtmatigheid inzake de inhuur van personeel vanaf schaal 10. De GGD onderzoekt momenteel welke contractvorm passend is bij de veranderende arbeidsmarktomstandigheden. De uitkomst bepaalt de te volgen aanbestedingsprocedure. 2. Onduidelijkheid ten aanzien van de rechtmatigheid (€ 0,2 miljoen) Er is één onduidelijkheid over de rechtmatigheid vastgesteld met betrekking tot een aanbestedingstraject ter waarde van € 0,2 miljoen. Door ontbrekende documentatie kon de rechtmatigheid hiervan niet worden vastgesteld. 3.
Begrotingsrechtmatigheid (€ 1.869 miljoen onrechtmatig) De realisatie wijkt af van de gewijzigde begroting 2024. Er is sprake van een overschrijding van de lasten (€ 420K voor de programma’s) als een onderschrijding van de lasten (€ 908K voor overhead). Aan de batenzijde is er een toename van € 216K binnen het programma Gezondheid en een afname van € 228K bij Overhead. Dit resulteert per saldo in een positief resultaat van € 475K ten opzichte van de gewijzigde begroting. Daarnaast is er nog sprake van een overschrijding van de investeringsbudgetten ad € 97k. De totale begrotingsonrechtmatigheid bedraagt € 1.8 miljoen, waarmee de verantwoordingsgrens van € 1.1 miljoen wordt overschreden. 38 6.6 Verbonden partijen Deze paragraaf geeft inzicht in ‘derde rechtspersonen’ waarmee GGD IJsselland een bestuurlijke en financiële band heeft. Op het moment van opstellen van de jaarrekening 2024 is bekend dat GGD IJsselland in dit kader 1 relatie kent: GGD GHOR Nederland GGD GHOR Nederland is de koepelorganisatie van de GGD`en en GHOR-bureaus. Vanuit GGD GHOR Nederland wordt, voor en in samenspraak met de DPG-en, de lobby en belangenbehartiging voor de GGD`en en GHOR-bureaus gedaan richting politiek en stakeholders.
Daarnaast voert GGD GHOR Nederland projecten uit, die vanuit efficiency oogpunt centraal moeten worden uitgevoerd en die randvoorwaarden en producten opleveren waarmee de GGD’en hun werkzaamheden kunnen verrichten. Bestuurlijk en financieel belang Het hoogste orgaan van GGD GHOR Nederland is de Raad van DPG-en. Hierin worden de 25 GGD’en en GHOR-bureaus vertegenwoordigd door hun Directeur Publieke Gezondheid (DPG). GGD IJsselland betaalt op jaarbasis een contributie aan GGD GHOR Nederland gebaseerd op een bijdrage per inwoner, voor 2024 bedroeg deze contributie € 69.109,00. Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Een beperkte mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via de afvaardiging van de directeur publieke gezondheid van GGD IJsselland (tevens GHOR) in zowel het algemeen bestuur als het dagelijks bestuur. Artikel 15 lid 2 van het BBV geeft aan dat per verantwoorde verbonden partij de omvang van het eigen en vreemd vermogen aan het begin en einde van het begrotingsjaar en het financiële resultaat over het begrotingsjaar moet worden verantwoord. In de begroting van deze verbonden partij zijn deze gegevens niet opgenomen. 6.7 Financiering Inleiding De paragraaf Financiering is één van de voorgeschreven paragrafen op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).
Artikel 13 van dit besluit schrijft voor dat de beleidsvoornemens en ontwikkelingen ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille worden beschreven. In 2016 is een geactualiseerd treasurystatuut vastgesteld, dat voldoet aan de actuele regelgeving. Algemene ontwikkelingen De GGD kent een beperkt aantal investeringen. De investeringen voor ICT zijn ondergebracht bij Veiligheidsregio IJsselland. Dit biedt voordelen voor de financieringsruimte binnen de kasgeldlimiet. Schatkistbankieren Vanuit het Rijk is regelgeving opgesteld voor decentrale overheden inzake schatkistbankieren. Als gevolg 39 hiervan heeft GGD IJsselland € 370.185 aan renteopbrengsten uit rekening-courantverhoudingen ontvangen. Voor 2024 was geen raming opgenomen voor ontvangsten uit schatkistbankieren. Risicobeheer Dit onderdeel geeft een samenvatting van het (verwachte) risicoprofiel van de organisatie. Het bevat tevens de gegevens die op grond van de Wet Fido voor de toezichthouder nodig zijn waaronder de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Renterisicobeheer Voor het renterisicobeheer gelden de volgende criteria: 1. Conform de Wet Fido wordt de kasgeldlimiet niet overschreden; 2. Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning; 3.
De rentetypische looptijd (periode waarvoor de rente vaststaat) en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie. De renterisiconorm beperkt het renterisico op de vaste schuld. Deze wettelijke norm bepaalt dat maximaal 20% van de totale omvang van de begroting in aanmerking mag komen voor aflossing of renteherziening. In de uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden zijn 2 modelstaten opgenomen om de risico’s in beeld te brengen te weten: - Berekening kasgeldlimiet (model A) - Renterisiconorm (model B). Berekening kasgeldlimiet en bepaling financieringspositie 2024 De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen bedraagt 8,2%. Het gaat bij de kasgeldlimiet om het beperken van renterisico’s op de korte schuld (korter dan een jaar). Korte schuld is bedoeld voor het financieren van lopende uitgaven. Daarom wordt de kasgeldlimiet gekoppeld aan het begrotingstotaal, dat wil zeggen de totale lasten van de begroting inclusief tegelijkertijd met de begroting vastgestelde begrotingswijzigingen. In de praktijk is dat de begroting zoals die naar de toezichthouder wordt gezonden. Als, naar het oordeel van de toezichthouder, de begroting doelbewust is opgeblazen, dan kan de toezichthouder maatregelen nemen om het totaal te corrigeren.
De kasgeldlimiet voor GGD IJsselland bedraagt 8,2% van € 33.097.000 is € 2.713.954. Tot aan deze limiet kan kort (looptijd < 1 jaar) worden geleend. In 2024 had GGD IJsselland geen behoefte voor kasgeldlening. 2024 Kasgeldlimiet GGD (bedragen x € 1.000,--) Kwartaal Gemiddelde vlottende schuld Gemiddelde vlottende middelen netto vlottend (+) of Overschot middelen (-) Kasgeldlimiet Ruimte (-) of overschrijding (+) 1e kwartaal - 13.400 -13.400 2.714 -16.114 2e kwartaal - 8.631 -8.631 2.714 -11.345 3e kwartaal - 18.844 -18.844 2.714 -21.558 4e kwartaal - 10.313 -10.313 2.714 -13.027 40 Renterisiconorm Door berekening van de renterisiconorm wordt inzicht verkregen in de omvang van de schuld waarover in enig jaar renterisico’s worden gelopen. Omdat GGD IJsselland slechts één langlopende geldlening heeft afgesloten voor financiering van de huisvesting is alleen het risico in verband met herfinanciering als gevolg van renteaanpassingen van belang. In onderstaand overzicht wordt dit risico in beeld gebracht: Renterisiconorm en renterisico’s van de vaste schuld per 1 januari van het betreffende jaar: 2024 (bedragen x € 1.000,-) 1. Renteherziening/herfinanciering 0 2. Aflossing 269 3. Renterisico (1+2) 269 4. Renterisiconorm 6.619 5a. Ruimte onder renterisiconorm (4>3) 6.350 5b. Overschrijding risiconorm (3>4) 4a. Begrotingstotaal 33.097 4b. Percentage regeling 20% 4.
Renterisiconorm 6.619 Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte De liquiditeitspositie wordt maandelijks opgemaakt. Op basis hiervan wordt de samenstelling van de financiering bepaald. Met betrekking tot de lasten wordt de liquiditeitspositie bepaald door de uitgaven ten behoeve van de exploitatie en de investeringen. De exploitatie uitgaven zijn min of meer gelijkmatig over het jaar verdeeld. GGD IJsselland heeft één langlopende geldlening afgesloten voor financiering van de aankoop van het kantoorgebouw. De overige investeringen worden gefinancierd uit eigen vermogen. Door het beperkte aantal en de omvang van de investeringen ontstaan slechts geringe schommelingen in de financieringsbehoefte. Met betrekking tot de baten wordt de liquiditeitspositie met name bepaald door de gemeentelijke bijdragen en de subsidies die in het kader van diverse projecten worden ontvangen. De gemeentelijke bijdragen worden twee keer per jaar gefactureerd. Subsidies worden meestal vooraf beschikbaar gesteld. Gerelateerd aan een evenwichtige verdeling van de exploitatielasten over het jaar is er gedurende enkele maanden per jaar sprake van voorfinanciering. Rentevisie Voor 2024 was niet voorzien dat er langlopende geldleningen zouden worden afgesloten of dat overtollige financieringsmiddelen gedurende een langere periode dan een jaar zouden worden uitgezet.
Het ontwikkelen van een rentevisie met betrekking tot financiering was derhalve niet zinvol. 41 6.8 Openbaarheid De MT’s van GGD IJsselland en Veiligheidsregio IJsselland vormden in mei 2022 een gezamenlijk projectteam om na te gaan en te adviseren over wat er nodig is om tot een goede in- en uitvoering van de Wet open overheid (Woo) te komen, op korte en langere termijn. Het projectteam is in juni 2022 van start gegaan. In mei 2024 heeft het projectteam aan de beide MT’s de laatste vervolg- en afrondende voorstellen gedaan en is een totaaloverzicht van bereikte resultaten gepresenteerd. Het projectteam is opgeheven. Nog te verrichten werkzaamheden zijn door het projectteam overgedragen aan reguliere teams/functionarissen van GGD en Veiligheidsregio.
Hoofdpunten van de werkzaamheden en resultaten in 2024 zijn: • Voorstel projectteam over gebruik van de verwijsindex (Woo-index); • Voorstel projectteam over gebruik en selectie van werk gerelateerde digitale berichten; • Voorstel projectteam over bewaring van digitale berichten; • Voorstel projectteam over verdere verbetering van de informatiehuishouding; • Er zijn afspraken gemaakt over het bewaken van de voortgang van de uitvoering van de Woo en over Woo-onderwerpen die ook in de toekomst door GGD en Veiligheidsregio samen worden opgepakt; • De mogelijkheid om gebruik te maken van de Woo-index is voor de GGD geregeld; • De actieve openbaarmaking van de twee informatiecategorieën (organisatie en werkwijze; bereikbaarheidsgegevens) via de Woo-index is voor de GGD geregeld. Door GGD IJsselland zijn in 2024 twee Woo-verzoeken afgehandeld. 42 DEEL B: Jaarrekening 2024 6.9 Balans BALANS PER 31 DECEMBER 2024 (voor bestemming van het gerealiseerd resultaat) (bedragen.
* 1.000,=) Omschrijving der activa Vaste activa Materiële vaste activa 7.303 7.563 - Investeringen met een economisch nut 7.303 7.563 Totaal vaste activa 7.303 7.563 Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 7.046 5.007 - Uitzettingen in Rijksschatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 4.951 3.240 - Vorderingen op openbare lichamen 1.925 1.613 - Overige vorderingen 170 154 Liquide middelen 1.014 1.016 - Kassaldi 5 2 - Banksaldi 1.009 1.014 Overlopende activa 1.166 2.037 - Vooruitbetaalde bedragen 425 683 - Nog te ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse 741 1.354 overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel - Overige nog te ontvangen bedragen 0 0 Totaal vlottende activa 9.226 8.060 Totaal generaal 16.529 15.623 Ultimo Ultimo 2024 2023 43 BALANS PER 31 DECEMBER 2024 (voor bestemming van het gerealiseerd resultaat) (bedragen.
* 1.000,=) Omschrijving der passiva Vaste passiva Eigen vermogen 4.110 3.191 - Algemene reserve 1.232 671 - Bestemmingsreserves 1.903 1.373 - Gerealiseerd resultaat 975 1146 Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer 4.020 4.290 - Onderhandse leningen van: - binnenlandse banken en overige financiële instellingen 4.020 4.290 Vreemd vermogen - Voorziening Spaarverlof 319 166 - Voorziening Loonkosten 95 95 Totaal vaste passiva 8.544 7.742 Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 1.456 1.828 - Overige schulden 1.456 1.828 - Kasgeldlening 0 0 Overlopende passiva 6.529 6.053 - Vooruitontvangen bedragen 993 0 - Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen 347 729 voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel - Aan Europese en Nederlandse overheidslichamen terug te betalen 2.601 2.196 - Nog te betalen bedragen 2.588 3.128 Totaal vlottende passiva 7.985 7.881 Totaal generaal 16.529 15.623 Ultimo Ultimo 2024 2023 Ingediend bij het Dagelijks Bestuur van Vastgesteld door het Algemeen Bestuur van GGD IJsselland d.d.23-04-2025 GGD IJsselland d.d. 10-07-2025 ….........................................., voorzitter …......................................., voorzitter ….........................................., secretaris
44 6.10 Toelichting op de balans Grondslagen voor waardering en resultaatbepalingen Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de Financiële verordening GGD IJsselland 2024 ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het algemeen bestuur op 19 december 2024 de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgelegd. In de toelichting is + = nadelig bedrag en - = voordelig bedrag. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Alle in deze jaarrekening verantwoorde bedragen zijn vermeld in euro’s. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. De waarderingsgrondslagen per balansonderdeel worden in het vervolg van deze jaarrekening toegelicht Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: • de rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art.
17 Financiële-verhoudingswet; • de financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: o Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 19 december 2024 door het algemeen bestuur is vastgesteld; o Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, 45 onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld. o Ten aanzien van het M&O criterium is de nota M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening.
Dit betekent dat een verantwoordingsgrens van 3% (zijnde € 1.118.000) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen. Relevante fouten en onduidelijkheden worden in de paragraaf bedrijfsvoering opgenomen. Balans Materiële vaste activa met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de historische verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden het jaar na ingebruikneming lineair afgeschreven volgens een stelsel afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Voor de gehanteerde afschrijvingstermijnen wordt verwezen naar de ‘financiële verordening’. De afschrijving van de bedrijfsgebouwen/opstallen geschiedt volgens de lineaire methode. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Op basis van verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Voorraad De voorraad wordt gewaardeerd tegen de historische verkrijgingsprijs. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Op basis van verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen Deze activa worden tegen de nominale waarde opgenomen. Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening van baten en lasten. 46 Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting. Voorzieningen worden gevormd voor verplichtingen die oorzakelijk samenhangen met de periode voorafgaande aan de balansdatum, waarvan de omvang en/of het tijdstip op balansdatum onzeker zijn, doch redelijkerwijs en betrouwbaar zijn te schatten. Voor de afwikkeling van de verplichting is een uitstroom van middelen noodzakelijk. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossing. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Toelichting op de balans Vaste activa Materiële vaste activa De investeringen met economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut weer: De investeringen staan in het volgende overzicht vermeld. Per investering staat het ter beschikking gestelde krediet aangegeven en het in 2024 daadwerkelijk bestede bedrag. Bedragen * € 1.000 Boekwaarde ultimo 31-12-2024 31-12-2023 Gronden en terreinen 800 800 Bedrijfsgebouwen 6.257 6.490 Vervoermiddelen - 7 Machines, apparaten en installaties 84 117 Overige materiële vaste activa 65 148 Activa in uitvoering 97 7.303 7.563 Bedragen * € 1.000 Boekwaarde Investe- Desinves- Afschrij- Bijdragen Boekwaarde 01-01-2024 ringen teringen vingen van derden 31-12-2024 Gronden en terreinen 800 - - - 800 Gebouwen 6.490 27 - 259 6.257 Vervoermiddelen 7 97 - 7 97 Machines, apparaten en installaties 117 - - 33 84 Overige materiële vaste activa 148 - - 84 65 7.563 124 - 383 - 7.303 47 Vlottende activa Uitzettingen korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden: Uitzettingen in Rijksschatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Het drempelbedrag voor het begrotingsjaar waarover verantwoording wordt afgelegd is € 500.000.
Er zijn geen bedragen aan middelen, bedoeld in artikel 2, vierde lid, van de Wet financiering decentrale overheden dat in het kader van het drempelbedrag door de GGD IJsselland buiten ’s Rijksschatkist is aangehouden. De hoogte van de uitzettingen in Rijksschatkist fluctueert door de jaren heen. Vorderingen op openbare lichamen Het saldo op vorderingen op openbare lichamen is in 2024 gestegen met € 942.000. Overige vorderingen Het saldo op overige vorderingen is in 2024 toegenomen met € 16.000. Beschikbaar Werkelijk Cumulatief gesteld besteed besteed krediet in 2024 t/m 2024 Vervoermiddelen - 96.806 96.806 - 96.806 96.806 bedragen * € 1.000 Boekwaarde per 31-12-2024 Voorziening voor oninbaarheid Balanswaarde per 31-12-2024 Balanswaarde per 31-12-2023 Uitzettingen in Rijksschatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 4.951 4.951 3.240 Vorderingen op openbare lichamen 2.555 2.555 1.613 Overige vorderingen 170 170 154 Totaal 7.676 - 7.676 5.007 48 Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: bedragen * € 1.000 31-12-2024 31-12-2023 Kassaldi 5 2 Banksaldi 1.009 1.014 1.014 1.015 GGD IJsselland heeft bij de BNG een kredietfaciliteit van € 200.000.
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Het drempelbedrag is bedoeld om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen: niet elke laatste euro hoeft in de schatkist te worden aangehouden. In principe hoeven dus alleen de liquide middelen die boven het drempelbedrag uitgaan in de schatkist te worden aangehouden. In 2024 hebben er geen overschrijdingen plaatsgevonden van het drempelbedrag. Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden: Verslagjaar (1) Drempelbedrag 1000 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (2) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 1.000 1.000 1.000 995 (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag - - - 5 (3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag 0 0 0 - Verslagjaar (4a) Begrotingstotaal verslagjaar 33.097 (4b) Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen 33.097 (4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat - (1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
Drempelbedrag 1.000 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (5a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 91.018 91.026 92.008 91.536 (5b) Dagen in het kwartaal 91 91 92 92 (2) - (5a) / (5b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 1.000 1.000 1.000 995 Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (1) Berekening drempelbedrag 49 Vooruitbetaalde bedragen Het saldo op vooruitbetaalde bedragen is in 2024 afgenomen met € 258.000. Nog te ontvangen voorschotbedragen openbare lichamen Het saldo op nog te ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel is in 2024 afgenomen met € 613.000. bedragen * € 1.000 31-12-2024 31-12-2023 Vooruitbetaalde bedragen 425 683 Nog te ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel 741 1.354 Overige nog te ontvangen bedragen 0 0 1.166 2.037 Nog te ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel: 2024 2023 Projecten GGD 124.387 203.656 RIVM/VWS en GGD Ghor 0 415.284 Overige nog te ontvangen 616.932 734.960 Nog te factureren bedragen 0 0 741.319 1.353.900
50 Vaste passiva Eigen Vermogen Het in de balans opgenomen Eigen Vermogen bestaat uit de volgende posten: 31-12-2024 31-12-2023 Algemene reserve 1.232.164 780.807 Bestemmingsreserves 1.902.820 1.263.192 3.134.985 2.044.000 Gerealiseerd resultaat 974.782 1.146.357 Totaal 4.109.767 3.190.357 Het verloop van het Eigen Vermogen is als volgt: Saldo per 1 januari 2024 2.044.000 Bij: storting nadelig saldo 2023 (cf. AB-besluit 20-7-2024) 1.146.357 3.190.357 Bij: Overige stortingen 302.289 Saldo per 31 december 2024 voor onttrekking reserves 3.492.646 Af: voorgestelde onttrekkingen aan reserves 357.661 Saldo per 31 december 2024 na voorgestelde onttrekkingen 3.134.985 Het verloop in 2024 wordt in onderstaand overzicht per reserve weergegeven: Reserves Boekwaarde 01-01-2024 Toevoeging/ onttrekking via resultaat bestemming Vermeerderingen ten laste van de exploitatie Vermindering ten gunste van de exploitatie Resultaat boekjaar Boekwaarde 31-12-2024 Algemene reserve 780.807 451.357 1.232.164 Publieke Gezondheidszorg Asielzoekers 148.192 148.192 Risicoreserve 493.822 248.034 741.856 Reserve SOA sense 346.873 20.899 325.974 ReserveICT (MS365) 0 695.000 336.762 358.238 Reserve groot onderhoud gebouw 274.306 54.255 328.5610 0 Gerealiseerd resultaat 1.146.357 -1.146.357 974.782 974.782 Totaal 3.190.357 0 302.289 357.661 974.782 4.109.767 51 Toelichting reserves Algemene reserve
Bestemmingsreserves Publieke gezondheidszorg Asielzoekers Per 1 januari 2010 is het beheer van het asielzoekerscentrum Schalkhaar ondergebracht bij GGD IJsselland. Door de Stichting MOA Oost Nederland zijn gelden overgedragen voor onder andere afdekking van de kosten van onevenredige plaatsing van medewerkers (meer geplaatst dan toegestaan volgens contract). De reserve dient ter dekking van eventuele toekomstige frictiekosten die hieruit kunnen ontstaan. De onttrekking is incidenteel. Risicoreserve Deze reserve dient voor het af dekken van risico’s op additionele activiteiten. Deze reserve wordt gevoed middels een opslag in het tarief. De projecten die door GGD IJsselland in de loop van het jaar worden uitgevoerd worden gefinancierd op basis van vastgestelde tarieven die aan de subsidiërende organisaties in rekening worden gebracht. Voor de risico’s die samenhangen met uitvoering van projecten is in het tarief een opslag opgenomen. Deze opslag wordt gereserveerd voor toekomstige (onzekere) verplichtingen. De omvang van de reservering wordt bepaald op basis van het totale volume van de projecten. De storting in de reserve is conform de geldende tariefafspraken. De storting is structureel (gekoppeld aan aanvullende diensten). De hoogte van de storting is variabel (afhankelijk van het aantal uren dat wordt ingezet voor aanvullende diensten).
bedragen * € 1.000 Saldo per 1 januari 2024 781 Bij: Toevoeging resultaat 2023 451 Saldo per 31 december 2024 1.232 Algemene reserve Saldo per 1 januari 2024 148 Bij: Toevoeging 0 Af: Ontrekking 0 Saldo per 31 december 2024 148 Publieke gezondheidszorg Asielzoekers bedragen * € 1.000 Risicoreserve Saldo per 1 januari 2024 494 Bij: Toevoeging 248 Af: Onttrekking 0 Af: Ontrekking vanwege ziektevervanging 0 Saldo per 31 december 2024 742 52 Reserve SOA sense In lijn met artikel 23 van de Subsidieregeling Publieke Gezondheid mogen op regio niveau niet bestede gelden tot ten hoogste 10% van het subsidiebedrag worden gereserveerd en behouden. Eventuele toekomstige risico’s met betrekking tot deze taak kunnen hieruit worden gedekt. Reserve ICT (MS365) Bij het vaststellen van de jaarrekening 2023 is deze reserve opgenomen voor de implementatie van MS365. Het project zal in 2025 afgerond worden. In 2024 is er in totaal € 337.000 uitgeven op dit project. Het restant zal in 2025 worden uitgeven. Reserve groot onderhoud gebouw Sinds 2017 wordt jaarlijks een storting gedaan in de gevormde reserve groot onderhoud gebouw. Deze storting is gebaseerd op de exploitatiebegroting van het kantoorgebouw na renovatie. De storting is structureel. De onttrekking betreft werkelijke, voornamelijk geplande, uitgave groot onderhoud.
Resultaat Onder ‘gerealiseerd resultaat’ is het resultaat ná voorgestelde mutaties in de reserves opgenomen, hiervan wordt het volgende overzicht gegeven: bedragen * € 1.000 Saldo per 1 januari 2024 347 Bij: Toevoeging 0 Af: Ontrekking 21 Saldo per 31 december 2024 326 Reserve SOA Sense bedragen * € 1.000 Saldo per 1 januari 2024 0 Bij: Toevoeging 695 Af: Ontrekking 337 Saldo per 31 december 2024 358 ReserveICT (MS365) bedragen * € 1.000 Saldo per 1 januari 2024 274 Bij: Toevoeging 54 Af: Ontrekking 0 Saldo per 31 december 2024 329 Reserve groot onderhoud gebouw bedragen * € 1.000 Totaal saldo van baten en lasten -1.030 Bij: voorgestelde aanwending reserves (zie de toelichting op de rekening van baten en lasten) 358 Af: toevoeging reserves (zie de toelichting op de rekening van baten en lasten) -302 Gerealiseerd resultaat -975 53 Over de bestemming van het resultaat zal aan het algemeen bestuur een voorstel worden voorgelegd. Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar Dit betreft een onderhandse lening bij de BNG. De totale rentelast voor het jaar 2024 met betrekking tot de vaste schulden bedraagt € 136.086. Vlottende passiva Vlottende schulden korter dan één jaar De in de balans opgenomen kortlopende schulden kunnen als volgt gespecificeerd worden: Overige schulden Het saldo op overige schulden is in 2024 toegenomen met € 372.000.
Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: Naam Oorspronkelijk Jaar van de Rente % Restantbedrag Rente Aflossing Restantbedrag T.b.v. geldgever bedrag geldlening laatste aflossing begin dienstjaar 2024 2024 einde dienstjaar BNG 5.947.072 2036 3,32 4.289.684 142.418 269.239 4.020.445 Huisvesting TOTAAL 4.289.684 142.418 269.239 4.020.445 Werkelijke rentelast 2024: 136.086 bedragen * € 1.000 31-12-2024 31-12-2023 Overige schulden 1.456 1.828 1.456 1.828 bedragen * € 1.000 31-12-2024 31-12-2023 Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel 993 729 Nog te betalen bedragen projecten 347 0 Aan Europese en Nederlandse overheidslichamen terug te betalen bedragen met een specifiek bestedingsdoel 2.601 2.196 Nog te betalen bedragen 2.588 3.129 6.529 6.054 54 Het saldo Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel is in 2024 toegenomen met € 264.000 ten opzichte van het saldo van 2023 Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen met een specifiek bestedingsdoel Omschrijving Opening - 2024 Mutatie Doorschuiven projectgelden naar volgend boekjaar RAALTE GEZOND 1.479 5.325 6.804 GEZONDE SCHOOL 2.499 15.042 17.541 GEZOND IN DEVENTER 8.524 48.009 56.534 GEZONDE SCHOOL AANPAK DEVENTER 9.298 19.352 28.650
VOORZORG JGZ 15.985 -15.985 - ONDERSTEUNINGSTRAJECT ROOKVRIJE OMGEVING 1.963 3.082 5.045 POSITIEVE GEZONDHEID STAPHORST 9.457 -9.457 - CORONA GEZONDHEIDSMONITOR JEUGD 2021 - 17.269 17.269 VERSTERKING GGD-EN R&S 9.925 -9.925 - KANSENCOACH TEAM HARDENBERG - 12.990 12.990 REGIONALE BEWEGING POSITIEF GEZOND IJSSELLAND 53.443 -53.443 - OPVANG VLUCHTELINGEN UIT OEKRAÏNE 110.051 -29.177 80.874 NU NIET ZWANGER REGIO IJSSELLAND 97.043 -70.207 26.836 BOEREN AAN ZET 64.021 -64.021 - STORM 5.044 -5.044 - OPGROEIEN IN EEN KANSRIJKE OMGEVING HARDENBERG 9.989 -9.989 - VIP 258.041 121.790 379.831 AANPAK SCHADELIJKE PRAKTIJKEN 17.580 -17.580 - GEM.
STAPHORST PVA SUICIDE PREVENTIE 2.720 -2.720 - VERSTERKING KENNIS EN ADVIESFUNCTIE GGD (SPUK14) 24.322 -2.901 21.421 REGIONALE KENNISWERKPLAATS ONBEGREPEN GEDRAG - 94.815 94.815 OUD-KETENAANPAK OVERGEWICHT 1E FASE OLST-WIJHE EN RAALTE 755 -755 - GEZOND OPGROEIEN OLST-WIJHE 17.624 -13.944 3.680 WELBEVINDEN SCHOOL GEMEENTE HARDENBERG 9.187 3.884 13.071 COALITIE GEZOND LEVEN EN PREVENTIE - SAMEN GEZOND IJSSEL-VECHT (SGIJV) - 3.665 3.665 RKWP DEELPROJECT 1: SAMENWERKEN IN DIEZE - 95.793 95.793 RKWP DEELPROJECT 2: GENEREUZE KLEINE KERNEN HARDENBERG - 101.054 101.054 KIND NAAR GEZOND GEWICHT OLST-WIJHE - 2.013 2.013 KIND NAAR GEZOND GEWICHT RAALTE - 815 815 COÖRDINATOR NETWERK SUÏCIDEPREVENTIE KAMPEN - 23.989 23.989 Totaal 728.950 263.736 992.686 Nog te betalen bedragen projecten Omschrijving Opening - 2024 Nog terug te betalen projectgelden Saldo 31-12- 2024 SEKSUELE WEERBAARHEID EN LOVERBOYS - 7.765 7.765 ZWOLLE GEZONDE STAD - 24.250 24.250 AANV. ACTIVITEITEN TEAM DALFSEN - 33.260 33.260 AANV. ACTIVITEITEN TEAM OLST WIJHE - 7.008 7.008 AANV. ACTIVITEITEN TEAM RAALTE - 23.347 23.347 AANV. ACTIVITEITEN TEAM ZWOLLE - 19.125 19.125 AANV. ACTIVITEITEN TEAM DEVENTER - 42.345 42.345 AANV. ACTIVITEITEN TEAM HARDENBERG - 21.054 21.054 AANV. ACTIVITEITEN TEAM STAPHORST - 2.182 2.182 AANV.
ACTIVITEITEN TEAM KAMPEN - 22.526 22.526 POSITIEVE GEZONDHEID STAPHORST - 3.444 3.444 REGIONALE BEWEGING POSITIEF GEZOND IJSSELLAND - 3.642 3.642 NU NIET ZWANGER REGIO IJSSELLAND - 66.292 66.292 BOEREN AAN ZET - 17.094 17.094 VIP - 53.931 53.931 Totaal - 347.266 347.266 55 Nog te betalen projecten Het saldo op vooruit ontvangen voorschotbedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel is in 2024 afgenomen met € 347.000. Terug te betalen voorschotbedragen openbare lichamen Het saldo terug te betalen aan Europese en Nederlandse overheidslichamen met een specifiek bestedingsdoel is in 2024 toegenomen met € 405.000. Overige nog te betalen bedragen Het saldo nog te betalen bedragen is in 2024 afgenomen met € 541.000, hieronder is een specificatie opgenomen. Financiële positie van de GGD IJsselland Gemeenten die aan de gemeenschappelijke regeling GGD IJsselland deelnemen zijn wettelijk verplicht zodanig financieel bij te dragen aan de regeling dat de begroting daarvan altijd sluitend is. Niet in de balans opgenomen financiële verplichtingen Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. Deze personele lasten worden verantwoord in het jaar waarin de uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet worden gedacht aan verlofaanspraken.
Aan Europese en Nederlandse overheidslichamen terug te betalen bedragen met een specifiek bestedingsdoel bedragen * € 1.000 31-12-2024 31-12-2023 COVID 2.420 2.196 SEKSUELE WEERBAARHEID 15 VIP 2 JEUGDGEZONDHEIDSZORG 164 2.601 2.196 bedragen * € 1.000 Nog te betalen bedragen 31-12-2024 31-12-2023 Rente vast geldlening 94.548 100.881 BTW 174.546 87.323 Accountantskosten 44.800 33.275 Nog te betalen kosten huisvesting 3.482 0 Loonkosten (afdracht loonheffing en pensioenpremie december) 1.823.792 1.729.004 Inhuur derden 3.982 0 Zorgbonus 0 275.873 Overige nog te betalen bedragen 443.382 901.965 2.588.532 3.128.321 56 - Verlofsaldi: 19.099 uren. Dit totale saldo is 10,2 fte (op basis van 1.872 bruto uren per fte) en heeft een waarde van ongeveer € 644.000. Het betreft een aan kortlopende arbeidskosten gerelateerde verplichting met een jaarlijks vergelijkbaar volume, die op basis van het BBV niet op de balans mag worden opgenomen. - Meerjarige financiële raamcontracten. Ultimo 2024 kent de GGD diverse meerjarige financiële raamcontracten die niet in de balans zijn opgenomen. Dit betreft inleen overeenkomsten personeel met Driessen en Tempo-Team. Daarnaast betreffen het huurcontracten voor met name consultatiebureau-locaties.