CConstaterende datSteenwijkerland
Koppel je AI →
Document · PDF

14.1 Connect Internationaal - Onderzoek Migratie.pdf

Raadsvergadering 23 mei 2023, gemeente SteenwijkerlandBij agendapunt: Ingekomen stukken24.289 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Om de grondoorzaken van irreguliere migratie aan te pakken, wil het akkoord de buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking versterken en de Nederlandse bijdragen aan de opvang van vluchtelingen in de regio en aan ontwikkelingssamenwerking verhogen. Dit zal echter de aanzuigende werking die Nederland heeft op irreguliere migranten niet verminderen, als dergelijke migranten niet na aankomst in Nederland naar een opvanglocatie in de regio teruggebracht worden. Het kan zelfs leiden tot een aanzuigende werking van de opvanglocaties in de regio zelf, als deze met de toenemende steun te aantrekkelijk worden en daardoor ook economisch gemotiveerde migranten uit naburige landen aantrekken. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 16 een belangrijk argument in de onderhandelingen voor een deal met landen in de regio’s, omdat het betekent dat de aantallen mensen die ze zullen moeten opvangen die vanuit Nederland gestuurd worden, beperkt zullen blijven. De sterke vermindering van de aantallen irreguliere migranten die zich in Nederland zullen aandienen door de preventieve werking en het terugsturen van die irreguliere migranten die zich wel aandienen naar de regio, zal ook aanverwante problemen in Nederland vrijwel opheffen, zoals de druk op het asielsysteem.

Ook zal dit bijdragen aan het verminderen van de problemen die de EU heeft doordat irreguliere migranten in de EU vaak (direct na aankomst of na afwijzing van hun asielaanvraag) doorreizen naar een andere lidstaat (secundaire migratie; [49]). • Repatriëring en hervestiging. Nederland biedt aan om voor iedere irreguliere migrant die vanuit Nederland naar een land in de regio gestuurd wordt, er ook één (a) naar het eigen of een ander land in de regio te repatriëren (als dat veilig en goed kan, en inclusief begeleiding en steun om ter plekke een bestaan op te bouwen), of (b) in Nederland her te vestigen. Dit laatste punt is conform de Turkije- deal, die identiek stelde dat voor iedere Syrische vluchteling die vanuit de EU naar Turkije terugge- stuurd wordt één Syrische vluchteling op de officiële lijst met aanvragen voor permissie om naar de EU te reizen, vanuit Turkije naar de EU mag komen, hetgeen een groot preventief effect had. Het te verwachten effect, conform het effect dat de Turkije deal had, is dat door een dergelijke afspraak te maken met opvangende landen in de regio’s, er bijna geen migranten vanuit die regio’s meer naar Nederland zullen migreren. Het verschil tussen de Turkije-deal en de hier voorgestelde oplossing is echter dat per regio de beschreven deal in verschillende landen gesloten zal worden, zodat één land 2.

Het in het akkoord beschreven streven naar ‘het verbeteren en versterken van legale migratie’ gaat over het toelaten en uitnodigen van vakbekwame arbeidskrachten uit andere landen. Een probleem hierbij is dat deze legale migranten er vaak voor kiezen en ook de mogelijkheid krijgen om in Nederland te blijven. Dit is in het verleden gebeurd met Turken en Marokkanen die in de jaren zeventig en tachtig naar Nederland zijn gehaald, waarvan de afspraak was dat zij tijdelijk zouden blijven. Echter, dit gebeur t ook nu nog grootschalig, onder andere met Polen en Roemenen, en met de vele Indiërs die naar Nederland toekomen, en die ook vaak niet meer naar het eigen land terugkeren. Als dit nog verder versterkt wordt, dan zullen nog meer legale (reguliere) migranten naar Nederland toekomen en zich hier blijvend vestigen. Er is daarom beter beleid nodig voor reguliere migratie, waarin bepaald is in hoeverre Nederland dergelijke migranten wil aantrekken, in hoeverre Nederland wil dat deze mensen in Nederland blijven of juist terugkeren naar het eigen land. Maar vooral is er ook betere handhaving nodig van het beleid in deze. Zie de sectie over reguliere migratie in dit kernpunt. 3.

De intentie in het akkoord om migratiepartnerschappen met derde landen aan te gaan, zal moeilijk uitvoerbaar zijn en weinig effectief blijken voor wat betreft de preventie van asielzoekers die geen recht hebben op asiel. Deze partnerschappen beogen akkoorden met landen over het terug accepteren van uitgeprocedeerde asielzoekers uit deze landen op basis van afspraken met deze landen over handel, hulp, steun bij opvang en tijdelijke legale en circulaire arbeidsmigratie. Dit vergt echter partnerschappen met heel veel landen, hetgeen complex, duur en moeilijk uitvoerbaar zal blijken. Belangrijker nog is dat Nederland zich hiermee in een chantabele positie manoeuvreert, omdat landen dan steeds meer eisen kunnen g aan stellen aan die partnerschappen en Nederland met deze partnerschappen geen middelen in handen heeft om druk uit te oefenen op deze landen (vergelijk met de Turkije deal waarbij Turkije ook steeds meer eisen is gaan stellen en haar positie ook politiek heeft uitgebuit en nog steeds uitbuit). 4.

De uitspraak in het akkoord dat er in Nederland altijd ruimte is ‘om mensen op te vangen die op de vlucht zijn voor oorlog, geweld en vervolging’ is oneerlijk ten opzichte van de vaak veel kwetsbaarder mensen die niet het geld hebben om naar de EU toe te vluchten en ook ten opzichte van veel mensen in lokale bevolkingen in arme landen die het in heel veel gevallen veel slechter hebben en ook vaak veel meer bedreigd worden in hun veilig - heid, dan de mensen die in Nederland asiel aanvragen. Bovendien werkt deze intentie aanzuigend op zowel humanitaire als economische migranten (deze laatste groep zal zich daarbij in toenemende mate proberen voor te doen als echte humanitaire migranten, hetgeen ook nu al veelvuldig aan de orde is). De uitspraak is ook tegenstrijdig aan een andere uitspraak in ditzelfde akkoord. Deze stelt dat in het geval er sprake is van een humanitaire crisis of een fors hogere instroom van mensen die in Nederland asiel aanvragen, er ‘samenge- werkt zal worden met gelijkgezinde en ons omringende landen op het gebied van bewaken van de grenzen, relocatie en verdere operationele samenwerking’. Dit beoogt juist om mensen die op de vlucht zijn voor oorlog, geweld en vervolging of dat in ieder geval beweren te zijn, de toegang tot Nederland te onthouden.

Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 17 niet kan chanteren met het opzeggen van de deal, zoals Turkije doet bij de EU. Met een dergelijke deal weten humanitaire en economische migranten dat ze teruggestuurd worden naar de regio en geen of nauwelijks kans maken op hervestiging in Nederland. Naast de hierboven besproken preventieve werking die hiervan uit gaat, zal deze ‘zero net influx’ regeling waarschijnlijk een sterk argument zijn om landen in de regio’s te motiveren om zo’n deal te willen sluiten. • Compensatie. Aan landen die een deal willen sluiten met Nederland wordt ook compensatie geboden, bijvoorbeeld betaald vanuit het Nederlandse ontwikkelingshulpbudget, inclusief: verbeteren van de omstandigheden in opvanglocaties voor migranten in het land (waarbij wel opgepast moet worden voor een aanzuigende werking naar deze locaties), structurele verbetering van de omstandigheden van de ontvangende bevolking (bijvoorbeeld middels een cash4all4life23 programma), en projecten die door de overheid van het ontvangende land voorgesteld worden. In settlements in de regio, waarnaartoe humanitaire en economische migranten die naar Nederland waren gekomen worden gestuurd, wordt de opvangcapaciteit afgestemd op de migrantenstromen in samenwerking met de betreffende nationale en lokale overheden in de opvangende landen.

De mensen die langdurig in deze settlements verblijven krijgen mogelijkheden voor het volgen van opleidingen, andere vormen van zelfontplooiing en toegang tot werk, land om landbouw te bedrijven, en dergelijke. Dit kan geschieden in de eerste opvanglocaties waar zij terecht komen of in andere locaties waar zij dan naartoe gebracht worden. Het begeleid en ondersteund opbouwen van een nieuwe ‘livelihood’ in opvanglocaties met toekenning van land voor landbouw is onder andere al gebruikelijk in Oeganda met Soedanese vluchtelingen. Alleenstaande kinderen worden in speciale locaties binnen de opvanglocaties opgevangen. Juvenielen worden in de opvanglocaties opgevangen net als volwassenen en families, maar krijgen intensive begeleiding en toezicht. Zowel de jonge kinderen als de juvenielen worden begeleid door medewerkers van internationale en nationale hulporganisaties die opgeleid zijn voor de leeftijdsgroepen die zij begeleiden. Deze medewerkers worden gemonitord en staan op hun beurt ook weer onder toezicht van internationale hulporganisaties. De jonge kinderen alsook de juvenielen worden vervolgens zoveel mogelijk geplaatst bij familie in de opvanglocaties, indien aanwezig, met daarbij ook weer toezicht en hulp voor zover dit nodig is.

Vervolgens wordt via het Rode Kruis en/of andere instanties gepoogd de kinderen en juvenielen te herenigen met hun ouders, daar waar dit veilig en verantwoord mogelijk en wenselijk is. Migranten waarvan uiteindelijk blijkt dat zij zogenaamde veiligelanders zijn en anderen die niet als vluchteling in aanmerking komen, worden geplaatst in uiterst sobere opvanglocaties waar weinig te beleven valt en veelal met scheiding van mannen en vrouwen (behalve als veiligelanders als stel aangekomen zijn, dan kunnen zij in een daarvoor weer apart deel opgevangen worden). Zij krijgen regelmatig hulp aangeboden om terug te keren naar het eigen land, bijvoorbeeld middels een bus ticket en een beperkte hoeveelheid geld (in de orde van 100 Euro per persoon). Voor criminele en overlast bezorgende migranten worden aparte (delen van) opvanglocaties ingericht die onder toezicht staan van de lokale politie en waar de vrijheid van beweging mogelijk ingeperkt wordt (afhankelijk van de ernst van de overlast en/of criminele activiteiten van de desbetreffende migranten). Bovenstaande werkwijze wordt 23 Zie het kernpunt Ontwikkelingshulp van Stichting Connect International over dit onderwerp ([54]), gebaseerd op evaluaties van honderden cash transfer programma’s wereldwijd.

Het document beargumenteert dat cash transfers van ongeveer 12 Euro per volwassene per maand die voor het hele leven verstrekt worden, zeer waarschijnlijk de meest kosteneffectieve en structurele wijze vormen om armoede te laten verdwijnen, lokale economieën te stimuleren, de fysieke en mentale weerbaarheid van mensen te vergroten, vrouwen te empoweren en geboortecijfers te verlagen (omdat vrouwen zelf kleinere gezinnen willen). Dit kan binnen de ontwikkelingshulpbudgetten van de EU landen gerealiseerd worden. Di t onderwerp is ook onderdeel van het document dat de visie weergeeft die Connect International heeft op ontwikkelingssamenwerking. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 18 niet alleen toegepast voor de migranten die vanuit Nederland naar deze opvanglocaties gebracht worden, maar voor alle migranten die in deze opvanglocaties verblijven. Daarmee wordt de opvang van alle migranten verbetert, dus ook die van de 85% van de migranten die de regio nooit verlaten heeft! Een aanzuigende werking wordt voorkomen door de omstandigheden in deze opvanglocaties basaal (maar wel goed) te houden en mensen te laten terugkeren naar het eigen land of eigen gebied zodra dat veilig kan, met extra hulp om in het eigen land weer te settelen en een bestaan op te bouwen.

Zoals hierboven al aangestipt, zouden om dit nog beter te kanaliseren verschillende opvanglocaties ingericht moeten worden: een locatie waar net aangekomen migranten enkele dagen tot weken kunnen wennen en zich kunnen voorbereiden op hun langere tijds opvanglocatie (een soort Ter Apel functie), een middellange tijds opvanglocatie waar mensen steun krijgen in de vorm van voedsel, hulp bij het realiseren van een accommodatie (tent of eenvoudige woning), drinkwater en medische zorg (voor mensen waarvan de verwachting is dat ze binnen een aantal jaar weer terug kunnen keren naar hun eigen land), en een settlement locatie, waar mensen zich permanent kunnen vestigen als de verwachting is dat zij helemaal niet of niet binnen een jaar of 10 kunnen terugkeren naar hun eigen land. Afhankelijk van de omstandigheden kunnen deze deellocaties aan elkaar vast liggen of op verschillende plekken gevestigd zijn. Voor de middellange en lange termijn opvanglocaties/settlements is het nodig dat mensen economisch actief kunnen zijn. De meest voor de hand liggende activiteiten zijn landbouw en kleinschalige handeltjes. Daarvoor is ruimte nodig. Bij het kiezen van opvanglocaties voor langdurige opvang, is het dan ook van groot belang om gebieden te zoeken die voldoende ruimte hebben en waar landbouw mogelijk is.

Dit is juist ook van belang in het kader van de te verwachten sterke toename van de migratiestromen in de komende decennia als gevolg van klimaatverandering en bevolkingsgroei. Landen als Zambia en Ethiopië hebben die ruimte, net als andere landen in verschillende regio’s. Hulporganisaties en mogelijk ook Nederlandse boeren kunnen in deze locaties hulp bieden aan de migranten om een goede living op te bouwen met combinaties van moderne en traditionele landbouwmethoden die op maat zijn gesneden voor de lokale omstandigheden. De om de hoek loerende mogelijke conflicten tussen de ontvangende (host) en de migrantenpopulaties (bijvoorbeeld omdat migranten met goedkope arbeid concurreren op lokale arbeidsmarkten) worden voorkomen door de ontvangende bevolking te laten zien en ervaren dat de migranten economische kansen bieden. Dit is bijvoorbeeld het geval als de lokale bevolking een cash transfer krijgt als onderdeel van de deal tussen Nederland en hun land, en daarnaast de migranten, indien deze ook een cash transfer ontvangen, als een aantrekkelijke klantgroep gaan zien. Een andere mogelijkheid is het vestigen van opvanglocaties in gebieden waar weinig lokale bevolking is. In de bovenbeschreven oplossing zijn twee opties mogelijk: 1.

Opvang in bestaande of nieuwe opvanglocaties, waarbij de verantwoordelijkheid van uit Nederland naar deze locaties teruggestuurde irreguliere migranten overgedragen wordt aan het opvangende land en deze migranten asiel kunnen aanvragen in dat land. Deze oplossing is het meest eenvoudig uit te voeren en heft de aanzuigende werking die de Nederland heeft op irreguliere migranten het meest effectief op. Deze oplossing had in het onderzoek dat Connect International door bureau Ipsos heeft laten uitvoeren in mei 2022 ook verreweg de grootste voorkeur onder de respondenten die deelnamen aan dit onderzoek. 67% van de respondenten gaf aan positief te zijn over deze mogelijke oplossing, 21% was neutraal (niet mee eens / niet mee oneens), terwijl slechts 12% van de respondenten aangaf het niet eens te zijn met deze oplossing ([57]). Deze oplossing heeft als effect dat de aanzuigende werking Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 19 naar Nederland verkleind wordt en dan zullen er dus ook minder migranten vanuit Nederland naar het opvangende land gestuurd hoeven te worden (preventieve werking).

Het draagt er ook toe bij dat de hulp die Nederland zal bieden aan opvanglocaties in de regio’s niet beperkt blijft tot hulp aan de opvang van uit Nederland teruggestuurde irreguliere migranten, omdat deze in de opvanglocaties samen met andere irreguliere migranten verblijven en het dan erg vreemd zou zijn als alleen extra hulp geboden zou worden aan de selecte groep van uit Nederland teruggestuurde migranten in deze locaties. Het stimuleert Nederland dus om de omstandigheden voor alle irreguliere migranten in dergelijke opvanglocaties te verbeteren, hetgeen de uitdrukkelijke doelstelling is van het plan in dit kernpunt Migratie. Het is echter nog niet duidelijk welke juridische barrières genomen dienen te worden om deze optie mogelijk te maken. 2. Opvang in locaties in derde landen specifiek voor irreguliere migranten die vanuit Nederland teruggestuurd zijn naar zo’n derde/opvangende land in hun eigen regio. Hierbij zou dan de mogelijkheid bestaan dat deze migranten vanuit deze locaties asiel kunnen aanvragen in Nederland (dit wordt ‘external processing’ genoemd; zie onder andere {49]). Deze migranten wachten dan in de opvanglocatie in het derde land het verloop van hun asielaanvraag in Nederland af.

Zoals [49] beschrijft zitten hier nogal wat juridische haken en ogen aan en is het gevolg (waarschijnlijk) ook dat Nederland dan verantwoordelijk is voor deze migranten tijdens hun opvang in het derde land, hetgeen ook allerlei praktische en juridische vragen en uitdagingen met zich meebrengt. Hierbij komt ook dat er (valse) hoop gecreëerd wordt onder migranten die in de praktijk waarschijnlijk langdurig in deze opvanglocaties zullen moeten verblijven en waarschijnlijk nooit naar Nederland zullen kunnen komen, en die, als ze dat geweten hadden mogelijk nooit het eigen land hadden verlaten. Verder verbreekt deze optie de aanzuigende werking die Nederland heeft in mindere mate en kan het zelfs averechts uitpakken met migranten die binnen de regio of zelfs in hun eigen land zouden zijn gebleven en die zich in deze opvanglocaties aandienen in de hoop vandaaruit asiel aan te kunnen vragen in Nederland. Het kan dan zo zijn dat Nederland de regel heeft dat zo’n opvanglocatie alleen toegankelijk is voor vanuit Nederland teruggestuurde migranten, maar de praktijk kan en zal waarschijnlijk zijn dat als kwetsbare migranten zich aandienen aan de poort van zo’n opvanglocatie het bijzonder moeilijk is om ze te weigeren. Ook zal de publieke verontwaardiging die waarschijnlijk ontstaat als kwetsbare mensen geweigerd worden, veel tumult in Nederland kunnen veroorzaken.

Dit probleem kan mogelijk wel ondervangen worden indien dergelijke migranten doorgestuurd kunnen worden naar andere opvanglocaties in de regio. Hierbij kom dat in dit geval mogelijk meer mensen ervoor zullen kiezen om toch naar Nederland te migreren, wetende dat ze dan naar dergelijk exclusieve opvanglocaties in derde landen gestuurd zullen worden en dan alsnog asiel kunnen aanvragen in Nederland (hoewel de lange omweg die mensen dan moeten nemen, waarbij zij nog steeds een lange, vaak gevaarlijke en dure reis moeten ondernemen om vervolgens weer in de eigen regio terecht te komen, zeer waarschijnlijk de aanzuigende werking wel verkleint). Het toont in ieder geval aan hoe complex de materie is en dat het succes van een oplossing sterk afhangt van de details en de invulling ervan. In beide scenario’s kunnen internationale organisaties zoals UNHCR, in samenwerking met de overheid en lokale en internationale organisaties, de opvanglocaties monitoren wat betreft het voldoen aan voorwaarden van basisbehoeften en veiligheid. Er moeten dan ook protocollen zijn, die tussen Nederland en een opvangend land zijn overeengekomen, die aangeven wat gedaan wordt als basisbehoeften en/of veiligheid in deze locaties in gevaar (dreigen te) komen.

In beide scenario’s is het natuurlijk mogelijk (en ook te reguleren) voor Nederland om schrijnende gevallen te selecteren die naar Nederland gehaald worden en die in Nederland dan asiel krijgen. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 20 Landen die mogelijk geschikt en ontvankelijk kunnen zijn voor de beschreven oplossing zijn voor Afrika onder andere Kenia, Oeganda, Ethiopië en Niger. Redenen: de meeste migranten uit Afrika komen uit de regio’s van deze landen, veel migranten reizen door deze landen op weg naar de EU, deze landen hebben al infrastructuur voor opvang van migranten, en hun overheden staan tot op zekere hoogte open voor de opvang van migranten uit andere landen. Maar ook een land als Zambia, waar nog erg veel ruimte en landbouwgrond voorhanden is, kan geschikt zijn. Voor andere delen van de wereld zullen ook mogelijk geschikte opvanglanden geïdentificeerd moeten worden. De bovenstaande strategie is geen garantie voor succes. Indien geen landen gevonden worden die bereid zijn om een deal met Nederland te sluiten, dan gaat het hele verhaal niet door. Een ander belangrijke complexiteit zijn de juridische internationale, EU en Nederlandse kaders, verdragen en wetgevingen, die de oplossing kunnen bemoeilijken zo niet verbieden. Zie hierover de volgende sectie van dit document.

De hier uitgewerkte visie en strategie zou in ieder geval geprobeerd moet worden. Dit is nog niet gedaan. Politieke partijen stellen dit soms wel voor maar hebben geen idee hoe dit uitgevoerd kan worden. Over het algemeen weten de meeste politieke partijen zich geen raad met het migratievraagstuk, of zij staan een extreme en zelfzuchtige oplossing voor, in de orde van ‘hek om Nederland’, hetgeen een korte termijn win-lose oplossing is (wij hebben geen last meer van migranten, en migranten moeten zichzelf buiten de EU redden24), waarvan dit kernpunt zich met nadruk distantieert. Er zijn ook andere mogelijkheden om irreguliere migratiestromen te verkleinen: • Asielprocedures in de EU stroomlijnen om ‘asielshoppen’ tegen te gaan, zoals voorgesteld in het recente plan van de Europese Commissie ([1]). • De asielprocedure sterk vereenvoudigen en verscherpen, onder andere door na een eerste afwijzing van een asielaanvraag, maar één heraanvraagmogelijk te hebben, zoals Denemarken dat heeft. • Cash4all4life in ontwikkelingslanden waar veel irreguliere economische migranten vandaan komen, op voorwaarde dat die landen deze migranten terug accepteren en idealiter (humanitaire) migranten op willen vangen uit omringende landen indien nodig.

Cash transfers for life geven een enorme boost aan lokale economieën waardoor werk en inkomens verbeteren, niet alleen voor diegenen die zouden willen migreren, maar voor de gehele bevolking. Daarbij leidt cash4all4life ertoe dat mensen voor kleinere gezinnen kiezen, vrouwen ‘empowered’ worden en gezinnen weerbaarder worden tegen rampen. Dit legt een sterke basis voor het verminderen van een belangrijke oorzaak die mensen aanzet om te migreren (economische uitzichtloosheid). Deze cash4all4life oplossing is uitgewerkt en middels veel literatuurbronnen onderbouwd in het kernpunt Ontwikkelingshulp van Stichting Connect International ([54]). • Het afbouwen van handelsrelaties en verdragen met en/of ontwikkelingshulp aan landen die weigeren om economische migranten uit hun landen terug te accepteren en daartegenover, het aanhalen van handelsrelaties en/of uitbreiden van ontwikkelingshulp in landen die economische migranten uit hun landen wel terug accepteren (carrot and stick methode). 24 Dit is ook korte termijn politiek die, zelfs als het de influx van migranten in Nederland aanvankelijk zou verkleinen, op de langere termijn niet houdbaar is. De verwachtte toename van de Afrikaanse bevolking in combinatie met de verslechtering van de ecologie, juist in Afrika, zal namelijk de druk om te migreren vanuit Afrika naar de EU steeds verder aanwakkeren.

Deze aanvankelijke win-lose oplossing zal daarmee vooral op de langere termijn een backfire effect hebben in de vorm van grote migratiestromen naar de EU als de EU geen schaalbare, humanitaire en structurele oplossingen heeft opgebouwd in de regio’s voor het migratieprobleem, en zal daarmee dan feitelijk een lose-lose oplossing blijken te zijn, ook een lose voor de EU dus. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 21 • Detentie van veiligelanders in sobere en uiterst saaie detentie centers in Nederland. • Daarnaast kunnen programma’s opgezet worden voor gereguleerde tijdelijke arbeidsmigratie van mensen uit ontwikkelingslanden naar Nederland. Het gaat dan om mensen met een vakgebied, bijvoorbeeld geschoolde handarbeiders, die bedrijven in Nederland, die om deze vaklieden zitten te springen, komen versterken voor een periode van bijvoorbeeld twee jaar, waarna ze met een goede verdienste, een brok nieuwe leer- en werkervaring en een prachtige levenservaring weer naar het eigen land terugkeren en waarna, indien nodig, weer een volgende groep vaklieden onze kant op kan komen. Juridische kaders Er zijn veel verdragen en wetten ten aanzien van irreguliere migranten. Een belangrijke regel die in veel verdragen en wetten naar voren komt, betreft het ‘non-refoulement’ principe.

Het VN vluchtelingenverdrag van 1951 ([23]) dat nog steeds een basis vormt voor de huidige regelgeving en wetten ten aanzien van vluchtelingen, schrijft over dit principe het volgende: ‘The principle of nonrefoulement is so fundamental that no reservations or derogations may be made to it. It provides that no one shall expel or return (“refouler”) a refugee against his or her will, in any manner whatsoever, to a territory where he or she fears threats to life or freedom.’ Bovenstaande laat zien dat het verplaatsen naar een land of gebied waar een migrant (veelal toegespitst op humanitaire migranten) onveilig is niet mag, uiteraard, maar het laat daarbij dus wel de mogelijkheid open om migranten te verplaatsen naar gebieden waar zij wel veilig zijn. De rest van het VN vluchtelingen- verdrag spreekt dit niet tegen. [49] merkt daar wel bij op dat als ‘een staat wel voornemens is de vreemdeling uit te zetten en deze beroept zich op artikel 33 ([het non-refoulement principe]), dan zal de staat moeten onderzoeken of dat beroep gegrond is’. Ook de Nederlandse Vreemdelingenwet 2000 ([24]) bevat clausules die de mogelijkheid open laten om migranten in opvanglocaties te plaatsen waar zij veilig zijn. Artikel 29 van deze wet zegt bijvoorbeeld: ‘Een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd ….

kan worden verleend aan de vreemdeling: …… die aannemelijk heeft gemaakt dat hij gegronde redenen heeft om aan te nemen dat hij bij uitzetting een reëel risico loopt op ernstige schade, bestaande uit: o doodstraf of executie; o folteringen, onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen; of o ernstige en individuele bedreiging van het leven of de persoon van een burger als gevolg van willekeurig geweld in het kader van een internationaal of binnenlands gewapend conflict.’ Bovenstaande kan een migrant bij verplaatsing naar een opvanglocatie in een veilig gebied buiten Nederland niet aannemelijk maken. Artikel 30a in deze zelfde wet, is in deze context nog explicieter: ‘Een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 kan niet-ontvankelijk worden verklaard in de zin van artikel 33 van de Procedurerichtlijn, indien: ……. een derde land voor de vreemdeling als veilig derde land wordt beschouwd.’ Echter, artikel 27 sub 2 lid a van deze zelfde Procedurerichtlijn bepaald ‘dat een asielzoeker alleen mag worden overgedragen naar een veilig derde land als hij een betekenisvolle band heeft met dat derde land’ ([49]).

UNHCR ziet drie legale mogelijkheden voor bescherming en opvang van vluchtelingen: ‘social integration in the host state; repatriation to the country of origin, once it has become safe again; resettlement in a country other than the first reception country, in all cases where the latter is unable to ensure the social integration of the refugee in its territory’. [2]. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 22 Ook het handboek van de EU op het gebied van asiel, grenzen en immigratie van 2014 ([30]) is hier duidelijk over. In een voorbeeld op bladzijdes 44 en 45 van dit handboek wordt gesteld dat een groep migranten op zee niet door de Italiaanse autoriteiten teruggestuurd had mogen worden naar Libië, omdat zij daar ‘zouden worden blootgesteld aan een behandeling die in strijd is met het EVRM en dat zij geen enkele vorm van bescherming zouden krijgen. … De Italiaanse autoriteiten hadden vooral rekening moeten houden met het feit dat er geen enkele asielprocedure was en dat het onmogelijk was de Libische autoriteiten ertoe te bewegen de door UNHCR toegekende vluchtelingenstatus te erkennen. … Het Hof herhaalde dat de Italiaanse autoriteiten hadden moeten nagaan op welke wijze de Libische autoriteiten aan hun internationale verplichtingen aangaande de bescherming van vluchtelingen voldeden.

De overdracht van de verzoekers aan Libië was daarom een schending van artikel 3 van het EVRM, omdat de verzoekers werden blootgesteld aan het risico van refoulement.’ In dit stuk wordt duidelijk dat indien Libië wel veilig was geweest en het land wel aan de internationale verplichtingen aangaande de bescherming van vluchtelingen had voldaan, het per direct sturen van deze groep migranten naar Libië dus wel had gemogen. Met andere woorden, als een land veilig is en aan de verplichtingen aangaande de bescherming van vluchtelingen voldoet, dan mogen migranten die zich ergens aandienen per direct naar dit ontvangende land gestuurd worden en kunnen deze mensen in het ontvangende land asiel aanvragen. In haar reactie van 23 november 2021 op een verzoek van JA21 om een onderzoek uit te voeren naar het Deense asiel- en terugkeerbeleid, beaamt de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van dat moment, Ankie Broekers- Knol, bovenstaande, als volgt: ‘Terugkeer van een vreemdeling kan echter alleen plaatsvinden naar een land dat is toegetreden tot het Vluchtelingenverdrag van 1951, dit ook daadwerkelijk respecteert en waar toegang zal zijn tot een deugdelijke asielprocedure.’ Bovenstaande is echter in tegenspraak met het volgende stuk uit dezelfde reactie: ‘Zoals hierboven aangegeven, is Denemarken door zijn opt-out niet gebonden aan de Asielprocedurerichtlijn.

Deze richtlijn vereist dat lidstaten een op hun grondgebied ingediend asielverzoek in behandeling te nemen, tenzij een andere lidstaat verantwoordelijk is op grond van de Dublinverordening. Zoals reeds is aangegeven in de beantwoording van de vragen van het lid Van Meijeren (FvD), is external processing geen onderdeel van de huidige EU-asielregelgeving (meer in het bijzonder de Asielprocedurerichtlijn), noch van de Commissievoorstellen inzake het asiel- en migratiepact van 23 september 2020’. Dit zou mogelijk betekenen dat Nederland, net als Denemarken, ten aanzien van dit onderdeel een opt-out moet bedingen in de EU of die simpelweg opeisen. Echter de betrokken EU richtlijnen geven indicaties dat een persoon die in Nederland asiel aanvraagt toch verplaatst mag worden naar een ander, veilig, land. Bijvoorbeeld het inleidende deel punt 44 van de EU ‘Terugkeerrichtlijn’ ([31]) vermeldt het volgende: ‘De lidstaten dienen niet te worden verplicht de inhoud van een verzoek om internationale bescherming te beoordelen indien op grond van een voldoende band met een derde land, zoals omschreven in het nationale recht, redelijkerwijs kan worden verwacht dat de verzoeker in dat derde land bescherming zoekt, en er redenen zijn om aan te nemen dat de verzoeker tot dat land zal worden toegelaten of opnieuw zal worden toegelaten.

De lidstaten mogen slechts op die basis handelen indien die verzoeker in het betrokken derde land veilig is. Teneinde secundaire stromen verzoekers te vermijden, moeten gemeenschappelijke principes worden vastgesteld voor het als veilig beschouwen of aanmerken van derde landen door de lidstaten.’ Punt 45 van deze zelfde richtlijn geeft overigens ook het volgende aan: ‘Voorts zouden de lidstaten met betrekking tot bepaalde Europese derde landen, die bijzonder hoge normen inzake mensenrechten en de bescherming van vluchtelingen in acht nemen, het recht moeten hebben om verzoeken om internationale bescherming betreffende verzoekers die vanuit deze Europese derde landen hun grondgebied binnenkomen, niet of niet volledig te onderzoeken.’ Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 23 Aangaande verplaatsing naar een ander, veilig land, van een asielaanvrager vermeldt hoofdstuk 1, artikel 38-2a van deze richtlijn: ‘De toepassing van het begrip „veilig derde land” is onderworpen aan voorschriften in het nationale recht, waaronder: a) voorschriften waarbij een band tussen de verzoeker en het betrokken derde land wordt vereist op grond waarvan het voor de betrokkene redelijk zou zijn naar dat land te gaan’.

Aan bovenstaande zou mogelijkerwijs voldaan kunnen worden indien de Nederlandse wetgeving opneemt dat voldaan wordt aan een ‘band tussen de verzoeker en het betrokken derde land’ in geval van nabijheid van dat derde land tot het land dat ontvlucht is + de veiligheid van het derde land + de aanwezigheid van voldoende goede faciliteiten om vluchtelingen op te vangen + enkele andere voorwaarden die in deze richtlijn omschreven staan en waarbij Nederland het derde land kan helpen indien nodig (ratificatie van het Verdrag van Geneve, het beschikken van een wettelijke asielprocedure en ratificatie en naleving door het derde land van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamen- tele vrijheden). Indien dit juridisch niet haalbaar is zal Nederland, net als Denemarken, en destijds Groot Brittannië en Ierland hebben gedaan, waarschijnlijk bij de EU een opt-out moeten bedingen op de Asielprocedure- en de Terugkeerrichtlijn en mogelijk andere EU richtlijnen, indien Nederland mensen die in Nederland asiel aanvragen wil opvangen in veilige opvanglocaties in veilige landen in hun eigen regio’s25. Ook het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) vormt een obstakel.

Het EVRM biedt burgers van de aangesloten EU landen de mogelijkheid om de eerbiediging, of gebrek daaraan, van hun rechten en fundamentele vrijheden te laten toetsen door een rechterlijke macht. Hiertoe kunnen zij een procedure aanspannen bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg. Jurist en CDA-lid Marcelo Mooren, zegt over de bovenstaande obstakels in Elseviers Weekblad van 25 november 2022 het volgende: ‘Voor alle duidelijkheid, beweringen dat dit alles niet kan, juridisch of anderszins, zijn onzin. Er kunnen dingen binnen de huidige regels, ….. De rest kan met 76 zetels (binnen of buiten de coalitie). En die zetels zijn er ruimschoots in de Tweede Kamer. Deze zetels zijn nodig voor aanpassing van nationale wetgeving en het internationaal juridisch kader. Dat gaat om drie zaken: EU-afspraken, het Vluchtelingenverdrag en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens (EVRM). Inzake de eerste moet Nederland een positie bedingen zoals Denemarken. Dat wordt pittig, maar het kan. Het tweede obstakel is het Vluchtelingenverdrag. Dat kan gewoon worden opgezegd. Daar gaan al langer stemmen voor op, want het verdrag is gesloten in een heel andere tijd en geënt op geheel andere omstandigheden. De commissie-Donner concludeerde dat het EVRM een groter obstakel is, en adviseerde het Vluchtelingenverdrag daarom maar te laten voor wat het is.

De observatie was terecht, de conclusie niet. Beide zijn nodig. Maar het EVRM heeft inmiddels zijn weg gevonden in de Nederlandse rechtsorde op veel meer terreinen dan enkel migratie. Als het EVRM wegvalt, heeft dat te veel gevolgen. Wijziging op een enkel punt is al heel lastig, dat vereist instemming van alle landen. Maar er is een truc mogelijk: je zegt het huidige EVRM op en 25 Het opvangen van asielzoekers in de eigen regio’s moet ertoe leiden dat: (a) vluchtelingen niet uit economische motieven naar een rijk land als Nederland migreren, vaak via levensgevaarlijke routes en landen passerend die veilig zijn, goede vluchtelingenaccommodaties hebben en waar ook asiel aangevraagd kan worden, (b) vluchtelingen terugkeren naar het eigen land zodra dit veilig kan (met goede hulp daarbij) hetgeen vluchtelingen die in Nederland zijn toegelaten proberen te voorkomen, (c) ook bij sterk toenemende vluchtelingenstromen, bijvoorbeeld vanwege klimaatverandering, een goede opvang en het opbouwen van een goed bestaan in veilige locaties in de eigen regio’s gewaarborgd kan blijven, en met name (d) economische migranten ontmoedigt worden om zich valselijk als asielzoeker aan te melden in Nederland (of elders) of zich aan te melden zonder asiel aan te vragen in Nederland, indien zij denken dat hun eigen landen hun niet terug zullen accepteren en zij verwachten daardoor voor lange tijd of

structureel in Nederland toegelaten te zullen worden. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 24 simultaan maak je een kopie van dat EVRM, op de bepalingen na die worden gebruikt inzake asiel en migratie. Dat nieuwe verdrag sluit je met een aantal landen die welwillend zijn. Dan is er met uitzondering van migratie geen gevolg voor de Nederlandse rechtsorde. Partnerlanden zijn goed te vinden. Vermoedelijk het Verenigd Koninkrijk, Denemarken, Zweden, Oostenrijk en zeker ook landen in Oost-Europa.’ Bron [49], dat focust op ‘external processing (de behandeling van een verzoek om internationale bescherming door en/of onder verantwoordelijkheid van (een lidstaat van) de EU op een locatie buiten de EU)’, concludeert ‘De voor internationale bescherming belangrijkste verdragen, zoals het Internationale Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (IVBPR), het Vluchtelingenverdrag, het EVRM alsmede het Unierecht bevatten geen duidelijke bepalingen over de extraterritoriale verantwoordelijkheid van staten ([voor wat betreft external processing]).’ [49] bestudeert de mogelijkheid om migranten vanuit Nederland naar een opvanglocatie buiten Nederland te verplaatsen en vandaaruit asiel in Nederland te laten aanvragen. Het document concludeert dat dit allerlei juridische en aansprakelijkheidsconsequenties en onduidelijkheden met zich meebrengt.

Hierbij dient opgemerkt te worden dat dit document vooral focust op wat er niet mogelijk is (juridische obstakels) en bij onduidelijkheden concludeert dat daarom dingen moeilijk en/of onmogelijk zouden zijn (men ziet vooral beren op de weg en focust vooral op allerlei verplichtingen die er zijn als een migrant zich heeft aangediend in een EU land en daar asiel wil aanvragen26). Beter zou zijn om de vraag te beantwoorden hoe migranten in buitenlandse opvanglocaties geplaatst kunnen worden onder de verantwoordelijkheid van dat buitenland (dus niet hoe ‘external processing’ juridisch haalbaar gemaakt kan worden, maar hoe migranten onder de verantwoordelijkheid van opvangende landen in die landen geplaatst kunnen worden), en welke juridische stappen daarvoor nodig zijn. De logica hierachter is dat met external processing het te verwachten is dat er een enorme aanzuigkracht zou kunnen ontstaan op de locaties waar deze external processing plaats zou vinden, niet alleen op de migranten die anders zelf naar de EU zouden migreren maar op alle migranten. De hele onderliggende logica van dit kernpunt is juist om de aanzuigkracht die de EU heeft op te heffen en niet om deze te verplaatsen en daarmee mogelijk juist te versterken.

Echter, voor de mogelijkheid om migranten vanuit Nederland naar opvanglocaties buiten Nederland te verplaatsen en de verantwoordelijkheid voor deze migranten over te dragen aan dat land (inclusief asiel aanvragen in dat land), ook als dit tegen de wil is van deze migranten, is door de schrijvers van dit kernpunt geen jurisprudentie gevonden. Wel kan verwezen worden naar het statement van UNHCR dat resettlement in andere landen tot één van de mogelijkheden behoort (zie eerder in dit hoofdstuk). Ook geven verschillende verdragen direct of indirect aan, onder welke voorwaarden migranten in andere landen geplaatst mogen worden (zie o.a. de analyse eerder in dit hoofdstuk van het voorbeeld over Libië uit [30]). Verder geeft [49] aan dat het waarschijnlijk juridisch gezien mogelijk is dat een land verant- woordelijkheden ten aanzien van migranten overdraagt aan een internationale organisatie (men doelt daarbij op de EU of een agentschap van de EU, maar dit zou dan dus ook bijvoorbeeld UNHCR kunnen zijn27). Een andere mogelijkheid, die niet de schoonheidsprijs verdient maar die waarschijnlijk wel effectief is, is nationale ongehoorzaamheid: migranten in andere, veilige landen, buiten de EU plaatsen, ondanks de bezwaren die de EU daarop zal maken en de druk die de EU zal uitoefenen op Nederland om zich te 26 Vanuit humaan oogpunt is dit moeilijk te rechtvaardigen.

Immers, waarom heeft een migrant die naar de EU is gereisd al deze rechten op bescherming en verzorging door een EU land, terwijl een migrant die niet het geld of de mogelijkheid had om naar de EU te reizen en die in een land in de regio terecht is gekomen, niet? 27 [49] merkt echter ook op dat er ‘wordt voorgesteld om lidstaten verregaand verantwoordelijk te maken voor onrechtmatige handelingen van internationale organisaties, waarvan zij lid zijn’ , maar dat dit echter nog in wording is. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 25 houden aan de betreffende EU richtlijnen waaraan Nederland zich destijds geconfirmeerd heeft. In deze context reageerde Carolus Grütters28 op een vraag door de schrijvers van dit kernpunt, over waarom een land als Hongarije migranten kan weigeren zonder daarvoor door de EU gestraft te worden, als volgt: ‘Hongarije zou iets anders moeten doen dan het nu doet. Maar dat geldt voor alle lidstaten op verschillende terreinen. Alle lidstaten overtreden de regels wel ergens op enig moment - net zoals iedereen wel eens in strijd met de verkeersregels een straat oversteekt. De politieke structuur van de EU kent vrijwel geen mogelijkheden om een lidstaat 'eruit' te zetten. Dat is o.m. ook zichtbaar geworden bij de discussie die Brussel heeft met Warschau omtrent de (afnemende) onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.

Een van de weinige machtsmiddelen die de EU wel heeft is het tegenhouden van uitbetaling van Europese subsidies.’ Opvallend hierbij is ook dat de EU wel een subsidiestop overweegt voor Hongarije in verband met de perikelen rondom aantasting van de rechterlijke macht in het land, maar niet rondom de weigering van Hongarije om migranten toe te laten, hetgeen dus mogelijk als minder ernstig wordt beschouwd. De conclusie van de schrijvers van dit kernpunt is dat het onduidelijk is wat landen wel en niet kunnen c.q. mogen doen wat betreft het plaatsen van migranten in andere landen. Onderdeel van de rechtvaardiging om dit wel te doen, is dat het niet valt uit te leggen waarom een migrant die zich in een EU land heeft aangediend meer rechten , maar met name meer voorrechten, heeft dan een migrant die zich in een land in de eigen regio heeft aangediend. Zolang er onduidelijkheid is, concludeert dit kernpunt dat het plaatsen in een derde land, het overdragen van de verantwoordelijkheid voor migranten en daarmee ook migranten in dat land asiel aan te laten vragen mogelijk wel kan, maar dat los van alle juridische perikelen hieromtrent, het belangrijk is dat de EU en andere landen zich inspannen om ervoor te zorgen dat alle migranten die waar dan ook opgevangen worden, op een humane en veilige wijze worden opgevangen, ook als zij daartoe juridisch niet verplicht zijn.

Daarbij zou er een inspanningsverplichting moeten zijn en niet een resultaatverplichting. Dit betekent dat bijvoorbeeld EU landen zich moeten inspannen om de veiligheid van migranten die opgevangen worden in andere landen zo goed mogelijk te borgen (bijvoorbeeld door UNHCR of gespecialiseerde NGO’s de veiligheid in opvanglocaties te laten monitoren en deze of andere partijen te contracteren om de veiligheid zo goed mogelijk aan te brengen), maar dat zij niet aansprakelijk gesteld kunnen worden voor de veiligheid mocht dit buiten de invloedssfeer van deze landen toch niet lukken. De focus hierbij moet zijn op individuele veiligheid in brede zin, met name seksuele en relationele veiligheid, omdat deze het vaakst in het geding is, vooral onder kinderen en jonge vrouwen. Nederland is in haar regelgeving ten aanzien van asielzoekers en statushouders vaak erg soepel, vaak soepeler dan volgens EU richtlijnen verplicht. Bijvoorbeeld, mensen die 5 jaar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd hebben en die het inburgeringsexamen hebben gehaald, kunnen een verblijfsvergun- ning asiel aanvragen voor onbepaalde tijd. Indien deze wordt verkregen, dan kunnen zij voor altijd in Nederland blijven wonen ([41]). Hun kinderen zullen automatisch het Nederlanderschap krijgen.

Uit verschillende verdragen en wetten maken wij op dat het per direct verplaatsen van migranten die zich in een EU land aandienen, zowel economische, politieke of andersoortige migranten, naar een land buiten Nederland en ook buiten de EU dat bereid is de migranten te ontvangen en asiel te verlenen waar het humanitaire vluchtelingen betreft, juridisch gezien acceptabel kan zijn, als dat land veilig is en aan de verplichtingen aangaande de bescherming van vluchtelingen voldoet. Nederland dient hiervoor 28 Carolus Grütters is werkzaam als senior onderzoeker bij het Centrum voor Migratierecht (CMR) van de Radboud Universiteit Nijmegen. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 26 waarschijnlijk wel een Opt-out te bedingen (of zichzelf toe te eigenen) in EU verband, net als Denemarken heeft gedaan. Verder kan Nederland de eigen regelgeving binnen de EU kaders verder aanscherpen om daarmee de aanzuigende werking iets te verminderen en de kans dat asielstatushouders uiteindelijk naar het eigen land terugkeren te verhogen. De EU denkt migranten over de EU landen te kunnen verspreiden, omdat de EU juridisch gezien als één land zou gelden. Echter, Oost Europese EU landen willen dit niet, dus de kans van slagen hiervan is klein.

Van belang is verder dat de wetten en bepalingen van toepassing zijn op vluchtelingen (humanitaire migranten), hetgeen echter een relatief klein deel is van de migrantenstroom. De wetten en bepalingen gelden niet meer nadat een asielzoeker is afgewezen. Irreguliere economische migranten zullen echter ook naar veilige opvanglocaties gestuurd moeten worden om de aanzuigende werking die Nederland heeft te kunnen doorbreken voor deze groep (zie de voetnoot in dit hoofdstuk waarin dit verder toegelicht wordt), net als humanitaire migranten. Daarbij is ook het verbeteren en versnellen van de asielprocedures in Nederland van belang, evenals de beoogde afstemming van de procedures tussen de EU landen, zoals onder andere voorgesteld in het recente plan van de Europese Commissie ([1]), om het ‘asielshoppen’ te verhinderen (migranten waarvan de asielaanvraag in een land is afgewezen en die daarop in een ander EU land opnieuw een asielaanvraag indienen). Vergelijking van verschillende oplossingen voor irreguliere migratie In dit hoofdstuk vergelijken we verschillende recent voorgestelde oplossingen die momenteel, begin 2021, door partijen worden voorgesteld die professioneel met de materie bezig zijn. We presenteren in dit overzicht ook een samenvatting van onze eigen oplossing (de oplossing voorgesteld in dit kernpunt). Plan van dit kernpunt Bron: dit document.

Voor het verminderen van irreguliere humanitaire en economische migratie naar Nederland: • Overeenkomsten met veilige landen in verschillende regio’s: − Opvanglocaties voor migranten in deze landen worden verbeterd en uitgebreid en het wordt migranten die er verblijven mogelijk gemaakt in deze locaties een simpel bestaan op te bouwen. − Humanitaire en economische migranten die in Nederland aankomen, worden direct naar zo’n opvanglocatie getransporteerd. − Nederland biedt doorlopende hulp om de opvanglocaties te runnen, de lokale bevolking ontvangt cash transfers for life, het land krijgt extra ontwikkelingshulp. − Zodra het veilig kan, helpt Nederland om migranten in de opvanglocaties terug te laten keren naar het eigen land en om deze terugkerende mensen in eigen land weer een bestaan op te laten bouwen. • De overeenkomst wordt met meerdere landen gesloten, zodat Nederland er niet mee gechanteerd kan worden (zoals Turkije de EU chanteert met de Turkije deal). • Asielprocedures in de EU worden gestroomlijnd, met name om ‘asielshoppen’ tegen te gaan. • Landen die weigeren uitgeprocedeerde asielzoekers die uit hun land afkomstig zijn, terug te nemen worden gekort op ontwikkelingshulp en krijgen handelsbelemmeringen opgelegd.

Voor het reguleren van gewenste (arbeids) migranten (zie ook het tweede deel van dit kernpunt): • Programma voor gereguleerde tijdelijke kennisarbeidsmigratie waar daaraan behoefte is. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 27 • Uitgenodigde kennismigranten moeten altijd na enkele jaren weer terugkeren naar het eigen land. • Bedrijven met veel goedkope arbeid worden gestimuleerd zich in lage lonenlanden te vestigen. • Kennisintensieve bedrijven worden gestimuleerd om kenniswerkers in eigen land te laten werken. Voor het verminderen van aantallen (EU) arbeidsmigranten die recht hebben op toegang tot Nederland (zie ook het tweede deel van dit kernpunt): • Verhoging van het minimumloon, waardoor banen in het laag betaalde segment weer interessant worden voor Nederlanders, met als spin-off dat laagwaardige Nederlandse bedrijven die afhankelijk zijn van lage lonen (waar onze economie meestal weinig aan heeft) zich gaan vestigen in lage lonen landen. • Verbetering leefomstandigheden voor EU-arbeidsmigranten in Nederland. Voor migranten die in Nederland willen en mogen blijven: • Verbeterde integratieprogramma’s en verplichting daaraan mee te doen (zie het CI kernpunt Integratie). • Verbeteringen van de buurten waar zij wonen (sport, groen, veiligheid, buurtparticipatie, etc.).

Sterk Zwak • Heft de aanzuigende werking die Nederland op migranten heeft op. Resulteert in minder migranten naar Nederland (preventieve werking) en besparing op de hoge kosten van opvang migranten in Nederland. • Alle migranten worden geholpen en niet alleen de 15% die het geld, de moed en de energie heeft om naar de EU te reizen en die onze steun het minst hard nodig heeft. • Voorkomt valse hoop en aanzuigende werking van de opvanglocaties op migranten (die anders zouden hopen om via deze locaties alsnog asiel te verkrijgen in Nederland). Dit scheidt het kaf van het koren (mensen die niet echt hoeven te vluchten doen dat niet). • Zelfs landen die al te maken hebben met opvang van grote aantallen (veelal humanitaire) migranten kunnen toch akkoord gaan, omdat de aantallen migranten die vanuit Nederland gestuurd worden naar deze landen klein zullen zijn (vanwege het doorbreken van de aanzuigende werking van Nederland op migranten met deze oplossing). • Opvanglanden profiteren van extra hulp, cash transfers en hulp aan migranten om naar hun land terug te keren wanneer dat veilig kan. Versterkt hun economieën en leidt (mogelijk) tot afname migranten in deze landen. • Kan grotendeels gefinancierd worden uit het budget voor ontwikkelingssamenwerking, aangevuld met geld uit besparingen op de opvang van migranten in Nederland.

• Alomvattend plan voor vermindering van alle soorten migranten op een wijze die voor iedereen goed is en veel kosten bespaart. Maakt het mogelijk voor Nederland om migratie te reguleren naar eigen behoefte en inzichten. • Nederlands bedrijfsleven profiteert. • Bedrijven die voor Nederland weinig interessant zijn, vestigen zich in lagelonenlanden, die daarvan profiteren. • Uitgenodigde arbeidsmigranten doen kennis op en verdienen geld, waar later hun eigen landen ook van profiteren. • Afhankelijk van deals met landen in regio’s. • Gedwongen overbrengen van migranten vanuit Nederland naar een veilig opvangland in de regio kan voor ophef zorgen in Nederland (hoewel dit waarschijnlijk kort zal duren, omdat het plan naar verwachting de aantallen migranten die naar Nederland komen snel sterk zal reduceren na inwerking stellen van het plan: preventieve werking). • Nog niet helemaal duidelijk of deze oplossing binnen internationale, EU en Nederlandse verdragen en wetten geoorloofd is (waarschijnlijk wel). • Veel landen zijn al overbelast met opvang van migranten (bijv. Kenia, Oeganda), waar, net als in Nederland en andere EU landen, de publieke en politieke druk toeneemt om hieraan een halt toe te roepen. • Migranten opvangen en een bestaan laten opbouwen behoeft veel ruimte, omdat de meesten landbouw zullen gaan bedrijven.

Die ruimte moet er wel zijn (echter, veel landen hebben ruimte; bijv. opvanglocaties in Oeganda, maar ook landen als Ethiopië en Zambia hebben veel ruimte). • Bij sterke toename van de aantallen migranten in de toekomst, zal dit plan onvoldoende uitkomst bieden, omdat dan de opvang in de regio onvoldoende capaciteit zal hebben en die landen steeds minder bereid zullen zijn om migranten toe te laten. Dit is echter in veel mindere mate het geval dan bij de andere plannen. Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 28 Plan Europese Commissie Bron: [1]. Huidige situatie: • Iedere migrant die voet op EU bodem zet kan asiel aanvragen en kan dit na afwijzing ook weer in een ander EU land doen. • Weinig spreiding vluchtelingen over de EU landen. • Migranten uit Sub Sahara Afrika de pas afsnijden middels politieke en financiële steun aan landen om hun grenscontroles te verbeteren en versterken (o.a. met de regeringen van Niger en Marokko). • Enkele kleine opvanglocaties voor migranten in Niger en Rwanda met het idee daar de asielaanvraagprocedures uit te voeren. • Afgrendelen Middellandse Zee routes. • Afsluiten grenzen voor asielzoekers (o.a. in Polen) wordt gedoogd. Sterk Zwak • Bewaking EU grenzen kan influx migranten in de EU tegengaan, maar is juridisch en humaan gezien moeilijk verdedigbaar.

• De paar experimenten die de EU uitvoert met opvang in Niger en Rwanda, die op zich vrij zwak en weinig effectief zijn, kunnen wel lering bieden aan hoe opvang in de regio op een betere wijze uitgevoerd kan worden. • Grote aanzuigende werking op humanitaire en economische migranten, omdat mensen asiel kunnen aanvragen zodra ze voet aan wal zetten in de EU. • Toenemende oorzaken voor migratie, zoals zwakke economieën en oorlogen worden niet aangepakt en vergroten de drive om naar de EU te migreren. • Hoge kosten voor opvang in de EU (50 x duurder dan opvang de regio!). • Tijdelijke opvang in de regio biedt mensen in de praktijk weinig kans om naar de EU her gevest te worden. Naast onrust en frustraties bij mensen in deze locaties, mijden migranten deze locaties en migreren rechtstreeks naar de EU. • Frustreert overheden van landen waar ‘tijdelijke’ opvanglocaties opgezet worden – toename weerstand van landen tegen deals voor opvang in de regio. • Mensonterende opvang migranten in landen als Libië, bootvluchtelingen op de Middellandse Zee en richting Canarische eilanden, problemen met opvang waar migranten in de EU aan land komen, problemen spreiden migranten over de EU. • Moeite met terugsturen naar het eigen land van uitgeprocedeerde asielzoekers. EU Commissie Plan 2020/2021: • Verspreiden van migranten over EU landen die daaraan mee willen doen.

• Via hulpverlening zorgen dat er minder mensen naar de EU komen. • Een streng grensbeleid. • EU landen die geen migranten willen opnemen dragen financieel of anderszins bij aan opvang migranten. • Afstemming van asielprocedures tussen EU landen, o.a. om daarmee ‘asielshoppen’ te voorkomen. • Terugsturen uitgeprocedeerde asielzoekers naar hun landen. Sterk Zwak • Afstemmen asielprocedures tussen de EU landen zal het asielshoppen verminderen. • Bewaking EU buitengrenzen kan migratie- stromen naar de EU verminderen. • De aanzuigende werking op migranten wordt niet verkleind, omdat mensen nog steeds asiel kunnen aanvragen zodra ze voet aan wal zetten in de EU. • Bewaking buitengrenzen van de EU om te voorkomen dat migranten de EU bereiken is in feite een ondermijning van de bedoeling van alle migranten- en vluchtelingenverdragen (nl. om migranten te helpen met een veilige opvang). • Toename problemen met opvang van migranten in landen als Libië, continuering c.q. toename van bootvluchtelingen op Middellandse Zee en routes naar Canarische eilanden en de gerelateerde opvang waar deze migranten aan land komen. • Veel landen zijn al overbelast met de opvang van (vooral humanitaire) migranten (bijv. Kenia, Oeganda), waar, net als in Nederland en andere EU landen, de publieke en politieke druk toeneemt om hier een halt aan toe te roepen.

Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 29 • Spreiding migranten over verschillende EU landen kan EU grenslanden ontlasten, maar alleen als de spreiding werkelijk tot stand komt. • Landen waarmee grenscontrole deals zijn gesloten kunnen de EU chanteren. • Een streng en effectief grensbeleid is moeilijk met de lange EU buitengrens. • Vrijwillige opname van migranten door EU landen werkt zolang er voldoende draagvlak voor is. Dit draagvlak is al aan erosie onderhevig in veel EU landen en zal bij toenemende migratiestromen naar verwachting verder afnemen. • Meer en betere hulp aan arme landen is goed, maar zal op zich niet snel tot een afname van de migratiestromen leiden, omdat het lang duurt voordat de effecten breeduit in maatschappijen doordringen en migratie pas afneemt bij een sterke toename van het inkomen en de inkomenszekerheden van mensen. • Het plan biedt geen oplossing voor migranten die naar landen binnen de eigen regio’s migreren (80 tot 90% van alle migranten!). • Het plan biedt geen visie op en oplossing voor andere migratiestromen (economische migranten, EU migranten, kennismigranten, etc.). • Het plan biedt geen duidelijke oplossing voor uitgeprocedeerde asielzoekers.

• Het plan biedt geen oplossing voor verwachtte grote stromen migranten in de komende decennia en ook niet voor de verwachtte structurele toename van humanitaire en economische migranten die ondanks grensbewakingen e.d. door hun enorme aantallen steeds meer de EU zullen weten te bereiken. Plan Volt Europa Bron: [2] Creëer humanitaire corridors voor vluchtelingen die hun land ontvluchten die gerund worden door private entiteiten, zoals NGO’s en kerkelijke organisaties die met toestemming van het betrokken land hun rol (vervullen basisbehoeften, verschaffen van veiligheid) in deze corridors vervullen. Onderdeel van deze corridors zijn ‘hubs’: • Tijdelijke veilige vrije zones, gecontroleerd door internationale organisaties, incl. de EU, die geplaatst zijn in een veilig land aan de grens van een onstabiel en onveilig land waarvandaan mensen vluchten, zodat vluchtelingen een slechts korte en veilige reis hoeven te maken om zo’n tijdelijke hub te bereiken. • Permanente hubs op de voornaamste migratie routes. Asielaanvragen worden ingediend door vluchtelingen in deze hubs en worden ook in deze hubs geëvalueerd. Transport naar veilige landen, inclusief EU en non-EU landen kan geschieden als de bescherming is verzekerd en de benodigde documenten zijn vrijgegeven.

Voor de selectie van asielaanvragen in deze hubs die in aanmerking komen voor toelating vanuit de hubs tot EU of non-EU landen worden een aantal criteria voorgesteld. In de EU worden toegelaten vluchtelingen verwelkomd en geholpen met alle zaken die zij nodig hebben. Ook wordt aandacht besteedt aan de (lange termijn) financiering van deze structuur. Het is echter niet duidelijk wie die financiering moet verschaffen. Sterk Zwak • Leidt tot opvang van vluchtelingen in de regio, hoewel de intentie is dat deze tijdelijk is. Dit geeft EU landen de mogelijkheid zich te bezinnen op hoeveel vluchtelingen ze willen opnemen en kan, indien de capa- citeit van de hubs voldoende snel uitgebreid kan worden, paniek in EU landen voorkomen wanneer grote plotselinge vluchtelingenstromen op gang komen. Echter, dit werkt alleen als vluchtelingen die buiten de hubs om naar de EU zijn gereisd, teruggestuurd worden naar die • Geen aandacht voor de belangen van de ‘host population’ in de EU. • Vermindert de aanzuigende werking van de EU op humanitaire en economische migranten niet als vluchtelingen die naar de EU reizen buiten de hubs om niet teruggestuurd worden naar die hubs. • In soortgelijke gevallen met opvanglocaties in Niger en Rwanda, werden vluchtelingen niet doorgelaten naar de EU maar bleven vastzitten in die locaties, hetgeen tegen de overeenkomst inging met de betrokken landen.

Het creëert dus een valse hoop op toelating (uiteindelijk) tot een Westers land (hetgeen ook een aanzuigende werking kan hebben, waardoor juist nog meer vluchtelingen, die anders binnen de regio zouden blijven, een asielaanvraag doen via de hubs). In realiteit is het (waarschijnlijk) voor de meeste vluchtelingen een Connect International Kernpunt Migratie | DEEL I IRREGULIERE MIGRATIE 30 hubs, anders zullen veel vluchtelingen de hubs omzeilen en rechtstreeks naar de EU reizen. • Geeft alle vluchtelingen een kans om in een Westers land opgevangen te worden, niet alleen degenen die het geld, de moed en de energie hebben om naar de EU te reizen (indien de vluchtelingen die buiten de hubs om naar de EU reizen, terug naar de hubs in de eigen regio getransporteerd worden). eindstation. Dan is het beter het zo ook te ontwerpen en af te spreken met de opvangende landen (conform het CI voorstel). • Het plan gaat ervan uit dat EU en non-EU landen bereid zullen zijn vluchtelingen waarvan de asielaanvraag is goedgekeurd uit de hubs in hun landen toe te laten, maar daar is geen pressiemiddel voor. Of terwijl, het is niet te garanderen dat deze wijze van werken ertoe leidt dat vluchtelingen door kunnen reizen naar andere landen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://steenwijkerland.bestuurlijkeinformatie.nl/Document/LoadAgendaItemDocument/a8dda93a-730a-41ec-ab5c-dc84467ebf3f?agendaItemId=9b2fe19b-262b-43a6-8618-824cadd903d8