Jaarrekening 2025 Stede Broec definitief 23-06-26 - gewaarmerkt
Tekst van het document
53
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
In onderstaande tabel staat het verloop van de kengetallen.
Kengetallen:
Rekening 2024
Begroting 2025
Rekening 2025
a. zonder correctie doorgeleende gelden
21%
46%
9%
b. met correctie doorgeleende gelden
5%
29%
-6%
solvabiliteitsratio
36%
28%
41%
grondexploitatie
0%
0%
0%
structurele exploitatieruimte
4%
2%
4%
118%
108%
115%
Cat. A
Cat. B
Cat. C
a. zonder correctie doorgeleende gelden
< 90%
90 - 130 %
> 130 %
b. met correctie doorgeleende gelden
< 90%
90 - 130 %
> 130 %
2. Solvabiliteitsratio
>50%
20 - 50 %
< 20%
3. Grondexploitatie
< 20%
20 - 35 %
> 35%
4. Structurele exploitatieruimte
> 0%
0%
<0%
< 95 %
95 - 105 %
>105%
netto schuldquote
belastingcapaciteit
Het ministerie van BZK heeft onderstaande signaleringswaarden opgesteld. Hierbij is A het minst risicovol, B gemiddeld en C het meest risicovol.
Specificering kengetal naar categorie 1. Netto schuldquote:
5. Belastingcapaciteit
Toelichting financiële kengetallen Netto schuldquote Dit kengetal geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie en zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeente. De netto schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Hoe lager dit percentage, hoe beter. Toelichting percentages Uitkomst categorie A: minst risicovol. Voor 2025 is het een percentage van 9%, dit geeft aan dat de gemeente in categorie A zit. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager dit percentage, hoe beter. Toelichting percentages Uitkomst categorie A: minst risicovol. Het getal impliceert dat de gemeente goed in staat is om haar rentelasten en aflossingen te voldoen.
54
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
De solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Het gemiddelde voor alle gemeenten ligt in 2025 rond de 39% . Hoe hoger dit percentage is, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeente. Dit cijfer geeft dus een soort toekomstvisie weer. Toelichting percentages Uitkomst categorie B: normaal risico. Met een percentage van 41% heeft Stede Broec een iets gunstiger solvabiliteitsratio dan het landelijk gemiddelde (39%). Een percentage van rond de 50% is voldoende. Stede Broec heeft echter relatief gezien veel schulden doordat er veel gelden zijn uitgezet. Ten opzichte van vorig jaar is het solvabiliteitspercentage met 5% gestegen. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten.
Wanneer het percentage negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Toelichting percentages Uitkomst categorie A: minst risicovol. Wanneer dit cijfer positief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting voldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Wanneer het percentage negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Toelichting percentages Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Dit percentage is in Stede Broec in 2025 4% en daarmee gelijk gebleven ten opzichte van 2024.
De structurele lasten zijn dus lager dan de structurele baten. Kengetal grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten en is een indicatie van het risico. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 35% of hoger wordt als zeer risicovol beschouwd (bron: ministerie van BZK). Hoe lager het percentage, des te geringer het risico. Toelichting percentages Het kengetal grondexploitatie is 0%. Net als in 2024, zijn er in 2025 geen actieve grondexploitaties. 55
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Toelichting percentages De gemeentelijke tarieven zijn hoger dan de landelijke tarieven. Dit betekent dat de mogelijkheid om extra baten te genereren door de belastingen te verhogen beperkter zijn dan gemiddeld. Samenhang kengetallen De gemeente Stede Broec heeft ten opzichte van de VNG-norm een redelijk hoge schuldpositie die van invloed is op de omvang van de netto schuldquote en op de solvabiliteitsratio. Deze schuldquotes ontwikkelen zich de komende jaren in positieve zin. De structurele exploitatieruimte is in 2025 positief. De begroting biedt vanaf 2026 voldoende ruimte om alle lasten te blijven dragen. Structurele bezuinigingen, of hogere baten zorgen voor een omslag naar een positief percentage. De woonlasten zijn ten opzichte van het landelijk gemiddelde hoog. Er zijn nog mogelijkheden om de belastingen te verhogen. Het weerstandsvermogen van de gemeente Stede Broec is voldoende om financiële tegenvallers op te vangen. Op basis van deze kengetallen kan de conclusie worden getrokken dat er op kort termijn nog geen maatregelen getroffen hoeven te worden.
Onderhoud kapitaalgoederen De gemeente heeft het eigendom en het beheer van de openbare ruimte. De openbare ruimte is voor een ieder toegankelijk en speelt een belangrijke rol in het publieke leven. In de openbare ruimte zijn voorzieningen aanwezig zoals verhardingen, groen en civiele kunstwerken. Deze voorzieningen worden kapitaalgoederen genoemd. De kapitaalgoederen hebben een grote invloed op de leefbaarheid en belevingskwaliteit van de openbare ruimte. Ze zijn van groot belang voor de verschillende gebruikers: inwoners, ondernemers en bezoekers. Het in stand houden van de kapitaalgoederen is een van de kerntaken van de gemeente. Deze paragraaf gaat over het in stand houden van de bestaande kapitaalgoederen door het uitvoeren van (klein en groot) onderhoud.
Beleidsuitgangspunten Op 24 november 2016 heeft de raad de beheerambities vastgelegd door het ‘Kwaliteitsplan kapitaalgoederen openbare ruimte’ vast te stellen. Met de Kadernota 2017-2021 zijn hiervoor ook de bijbehorende financiële middelen beschikbaar gekomen. Als ambitie voor het beheer van de kapitaalgoederen (exclusief riolering en gebouwen) is in algemene zin gekozen voor beeldkwaliteitsniveau B: Veilig en functioneel beheer. De openbare ruimte wordt degelijk en voldoende onderhouden; over het algemeen is het heel, veilig en schoon. Voor een aantal specifieke domeinen en op een aantal locaties binnen de gemeente (centra en haven) is het inrichtingsniveau verhoogd tot A: goed, mooi en comfortabele inrichting. Eind 2017 zijn de verschillende beheerplannen - die het beleid verankeren en nader vormgeven - vastgesteld door het college. In 2020 is besloten het kwaliteitsniveau in de noordelijke en zuidelijke groenstroken terug te brengen tot beeldkwaliteitsniveau C: laag. Dit komt met name tot uiting in een versobering van het maairegiem. De maatregel heeft echter wel een positieve bijdrage aan de biodiversiteit. Ook het onderhoud van rioleringen en gebouwen gebeurt aan de hand van beheerplannen (respectievelijk het PSWR en het MJO-gebouwen). Hierdoor zijn ook hiervan de onderhoudsmaatregelen meerjarig inzichtelijk.
Het gemeentelijk vastgoed voldoet aan de daaraan gestelde kwaliteitseisen, conditieniveau 3 (redelijk). Hieraan is in 2024 voldaan met uitvoering van het meerjarenonderhoudsprogramma. Er zijn slechts enkele specifieke uitzonderingen waar het gaat om panden die onderdeel zijn van een ontwikkeling of die in afwachting zijn van verdere plannen in de nabije toekomst.
56
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Wegen Iedere twee jaar laten wij een weginspectie uitvoeren. De resultaten uit de inspectie van 2025 worden verwerkt in een onderhoudsplanning voor de vijf opvolgende jaren. De voorbereidingen voor uitvoering van onderhoud in 2026 zijn in het derde kwartaal van 2025 gestart. Wij houden de wegen op het gestelde onderhoudsniveau B. Er zijn achterstanden in het onderhoud en deze worden de komende 4 jaar weggewerkt. Door ondergrondse infrastructuur werkzaamheden zijn geplande werkzaamheden doorgeschoven. Andere werkzaamheden worden integraal opgepakt met riolering en zijn daarom in de planning aangepast.
Riolering Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR) Er is en een goed beeld van de daadwerkelijke staat van het stelsel. Bij het vaststellen van het PSWR is er naast dat er gerekend is op basis van de technische levensduur van het rioolstelsel ook gekeken naar de kwaliteit. Maar in de praktijk kan de technische levensduur zich anders voordoen en bestaat er de kans dat de riolering langer stand houdt. Naast de noodzakelijke vervangingen en verbetermaatregelen wordt er gestuurd op beleid en risicobeperking. Hiermee wordt bedoeld dat knelpunten die relatie hebben op overlast worden beperkt binnen de mogelijkheden. In 2026 wordt er een hydraulische berekening gemaakt van het rioolstelsel om te kunnen concluderen of de capaciteit voldoet aan de gestelde normen en aanvoer van toekomstige nieuwbouw ontwikkelingen. De maatregelingen worden opgenomen in het PSWR. Door met de Westfriese gemeenten samenwerkingen aan te gaan wordt kennis gedeeld en werk verligt. Voor een nieuw PSWR wordt er gekozen om dit samen op te stellen. Het streven is om het PSWR 2028-2032 voor te leggen in Q1 2027 zodat we de wijzigen direct kunnen doorvoeren in de nota's.
Waterwegen en baggeren Stand van zaken kapitaalgoederen van het areaal beschoeiingen (bestaande uit 31 km beschoeiingen en enkele km natuurvriendelijke oevers) is voldoende. De objecten zijn veilig en functioneel. De komende jaren wordt gestreefd naar een transitie met relatief meer duurzame en natuurvriendelijke oeververdedigingen. Afgelopen jaren is ad hoc geacteerd op het onderhouden van beschoeiingen waardoor er bij echte noodzaak is vervangen. Momenteel worden de inspecties omgezet naar een meerjarenonderhoudsplanning, zodat er een beter overzicht is wat er de aankomende jaren gedaan moet worden. Het baggeren van water in de regio is op peil en wordt volgens planning uitgevoerd.
Bomen Op basis van vier beleidsmetingen kan gezegd worden dat de huidige beeldkwaliteit op hoofdlijnen op een C-niveau uitkomt. Dit betekend dat de kwaliteit niet aan de gestelde ambities voldoet. Maar wel verbeterd is ten opzichte van 2024 (niveau D). De bestrijding van Reuzen berenklauw en Japanse Duizendknoop in het openbaar groen blijft een punt van aandacht. De huidige maatregelen laten wel een verdere afname zien in het areaal. Voor een definitieve bestrijding en beheersing zal gedurende meerdere jaren consequent ingrijpen noodzakelijk zijn.
Speelterreinen De speeltoestellen zijn geïnspecteerd op veiligheid en functionaliteit. De gebreken die tijdens deze inspecties naar voren kwamen zijn geïnventariseerd en hersteld. Waar herstel niet mogelijk was is gekozen voor vervanging van het toestel, soms gecombineerd met tijdelijke verwijdering in verband met de veiligheid. Met deze methode wordt het areaal functioneel en veilig gehouden.
57
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Gebouwen De komende jaren geven we extra aandacht aan ons vastgoed. Door strategisch beleid kunnen we winst halen uit ontwikkeling, onderhoud en beheer. Daarnaast staan we voor de uitdaging om ons vastgoed te verduurzamen. Dit komt ook in de begrotingen van de komende jaren terug. We hebben ons vastgoed onderhouden op conditiescore 3. We hebben het afgelopen jaar geïnvesteerd in de bibliotheek aan de Stationslaan 2 te Bovenkarspel. Daar hebben we een subsidie gekregen waardoor wij de technische installatie hebben verduurzaamd. Denk aan nieuwe ketels, ledverlichting, revisie van de luchtbehandeling en bewegingsschakeling toegepast. Ook hebben we afgelopen jaar beleid gemaakt doormiddel van een strategisch vastgoedplan voor te bereiden. Dit vormt de basis voor de toekomst van ons vastgoed. Wat is er gewijzigd in onze portefeuille? Overdracht De Wendel Stichting openbaar onderwijs Present gaf begin 2025 aan dat de onderwijsactiviteiten in basisschool de Wendel aan de Korenmolenlaan 2 in Bovenkarspel worden beëindigd met ingang van het schooljaar 2025-2026. De wet op het primair onderwijs bepaalt dat de gemeente het zogenaamde economisch claimrecht kan inzetten indien de school is opgehouden om als zodanig te bestaan. De gemeente en het schoolbestuur hebben vervolgens gezamenlijk verklaard dat het gebruik van het gebouw als school niet langer nodig is.
De gemeente hebben vanaf 1 augustus 2025 het volledige eigendom om niet van het gebouw verkregen.
Openbare verlichting Het areaal is op orde en bestaat momenteel uit 5725 verlichtingsobjecten. Verouderde verlichtingsobjecten of onderdelen zijn in beeld en worden jaarlijks projectmatig en wijkgericht vervangen. Deze vervangingsmethode zorgt voor een tijdelijke afname van de verouderde verlichtingsobjecten of onderdelen, maar zal het niet helemaal wegnemen, omdat er jaarlijks te vervangen objecten bij komen. Circa tachtig procent van de verlichtingsobjecten zijn voorzien van led lichtbronnen.
Kunstwerken De stand van zaken van kapitaalgoederen van het areaal civiele kunstwerken (bestaande uit 210 bruggen, 21 steigers en 1 km kademuur) is goed. De objecten zijn veilig en functioneel en voldoen aan het beeldkwaliteitsniveau.
Verkeerskundig meubilair Het verkeerskundig meubilair bestaat uit verkeersborden en dragers, wegmarkeringen en overige voorzieningen zoals komborden en schrikhekken. Er is een deel van het areaal geïnspecteerd en gecontroleerd op de juridische status, waarbij is beoordeeld of de juiste verkeersborden op de juiste locaties zijn geplaatst. Op basis van deze inspecties zijn verouderde verkeersborden en bijbehorende dragers vervangen. De uitvoering van deze vervangingen wordt in 2026 voortgezet.
Straatmeubilair Het straatmeubilair bestaat voornamelijk uit banken en afvalbakken. Deze worden op basis van meldingen uit de openbare ruimte hersteld of vervangen. Met deze aanpak is het areaal in goede staat gehouden.
Begraafplaatsen Het beheer van de begraafplaatsen voldoet aan de gestelde eisen. Uit de inspectie is gebleken dat het beheer van de begraafplaatsen in beeldkwaliteit de eisen heeft overstegen en uitkomt op een A niveau.
58
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Financiële consequenties Voor het klein onderhoud worden budgetten geraamd en voor het groot onderhoud zijn voorzieningen gevormd. Gebiedsuitbreiding of wijzigingen in de kwaliteit kunnen leiden tot stijging van de lasten. Onderstaande tabel laat zien welke middelen in 2025 gereserveerd zijn voor het klein- en groot onderhoud van de genoemde kapitaalgoederen.
(x € 1.000) Categorie
Wegen Riolering
Waterwegen en baggeren
Openbaar Gebouwen groen
Openbare verlichting
Kunstwerken
2018
Jaar vaststelling beheerplan
2018
2024
2018
2018
2022
2018
Beheerplan loopt tot en met
2027
2027
2027
2027
2025
2027
2027
Binnen de kom B, Buiten de kom C
n.v.t.
N.v.t.
B
3
N.v.t.
Veilig en functioneel
Financiële vertaling beheerplan
€ 1.452
€ 1.848
N.v.t.
N.v.t.
€ 500
N.v.t.
€ 138
Opgenomen in Begroting 2026
€ 1.452
€ 1.848
€ 58
€ 1.499
€ 500
€ 158
€ 138
Uitgegeven in 2025
€ 1.377
€ 2.256
€ 148
€ 1.368
€ 550
€ 156
€ 137
Ja
Ja
Ja
Nee
Ja
Nee
Nee
Is er een reserve aanwezig?
Nee
Nee
Nee
Ja
Nee
Nee
Nee
Is er een voorziening aanwezig?
Nee
Ja
Nee
Nee
ja
Nee
Ja
Zo ja, is de omvang van de reserve/voorziening op niveau?
N.v.t.
Ja
N.v.t.
Ja
nee
N.v.t.
Ja
Kwaliteitsniveau
Is er sprake van uitgesteld onderhoud?
59
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Financiering Inleiding In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeheer van de gemeente. Het geeft ook inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. Het wettelijk kader ligt besloten in:
de Gemeentewet, de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet fido) en de bijbehorende ministeriële regelingen en de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet hof).
In de Gemeentewet staat dat de provincies het financieel toezicht op gemeenten uitvoeren. De taken van de toezichthouder op dit terrein vloeien voort uit de Wet fido. Het beleidskader binnen de gemeente is:
het Treasurystatuut 2017 en het Leningen- en borgstellingenbeleid.
Financieringsfunctie De financieringsfunctie zorgt ervoor dat voldoende geld beschikbaar is, zodat aan alle financiële verplichtingen kan worden voldaan. Hiervoor worden kortlopende en langlopende leningen aangetrokken. Onder de financieringsfunctie valt ook het verstrekken van leningen en garanties en het beheersen van financiële risico’s. De Wet fido schrijft de decentrale overheden een aantal zaken voor op het gebied van financiering. In deze wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De belangrijkste verplichtingen die uit deze wet voortvloeien zijn:
het opstellen van een financieringsstatuut, het opnemen van een financieringsparagraaf in de begroting en de jaarrekening, het voldoen aan de kasgeldlimiet en het voldoen aan de renterisiconorm.
Financieringsbeleid Het aantrekken van geldleningen gebeurt overeenkomstig de kaders van het Treasurystatuut 2017. De financieringsportefeuille bestaat uit:
opgenomen langlopende leningen en in beheer gekregen waarborgsommen.
Het beleid van de gemeente is erop gericht om de financieringsbehoefte af te dekken met kortlopende schulden, omdat de rente op de kortlopende schulden in het algemeen lager is dan de rente op langlopende middelen. Hierbij is de gemeente gehouden aan de kasgeldlimiet. Die bepaalt dat de gemiddelde vlottende schuld over drie maanden niet boven de 8,5% van het begrotingstotaal mag uitkomen. Overtollige middelen worden belegd bij de schatkist.
60
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Opgenomen langlopende geldleningen en waarborgsommen Het onderstaande overzicht is een raming van het verloop van de vaste financiering. Er is dienstjaar 2025 geen nieuwe lening aangetrokken.
In € 1.000 2025 Stand langlopende leningen per 1 januari
32.302
Nieuwe leningen
0
Reguliere aflossingen
3.605
Stand totaal per 31 december
28.697
Uitgezette leningen De gemeente verstrekt langlopende leningen aan lokale– en regionale instellingen en verenigingen. De basis voor verstrekking is het Leningen- en borgstellingenbeleid. Daarnaast heeft de gemeente leningen uitstaan bij woningcorporatie De Woonschakel Westfriesland en hypothecaire geldleningen bij het personeel. Het onderstaande overzicht is een raming van het verloop van de langlopende uitgezette leningen.
In € 1.000 2025 Stand uitgezette leningen per 1 januari
12.969
Nieuwe leningen
251
Reguliere aflossingen
950
Extra of vervroegde aflossingen
0
Stand totaal per 31 december
12.270
Indicatoren Om de financieringsrisico’s (renterisico’s) te beperken, staan in de Wet Fido twee instrumenten: renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Daarnaast is met het schatkistbankieren een drempelbedrag bepaald. De provincie toetst of de gemeente aan deze normen voldoet. Het schema onder Rentetoerekening geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, grondexploitaties en projecten. Hieronder staat hoe deze risico’s worden beheerst. Koersrisico De gemeente neemt deel in het aandelenvermogen van de BNG Bank, Alliander en HVC Groep. Het risico op waardeverlies van deze aandelen is beperkt. Kredietrisico Kredietrisico's bestaan uit het risico dat uitgeleend geld niet wordt terug ontvangen. De gemeente verstrekt in beginsel geen leningen uit hoofde van de publieke taak en anders worden zekerheden opgenomen. Door invoering van het schatkistbankieren kunnen overtollige middelen alleen nog worden aangehouden in de schatkist van het Rijk. Op openstaande debiteuren wordt een actieve debiteurenbewaking toegepast. 61
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Renterisico Het renterisicobeheer is het beheersen van de risico’s die gepaard gaan met een in de toekomst hoger dan gewenst niveau van de rentelasten van het vreemd vermogen of lagere rentebaten. Ter beperking van het renterisico heeft de wetgever de kasgeldlimiet en de renterisiconorm ingesteld. Renterisiconorm De norm voor het renterisico stelt een grens aan financiering op lange termijn (looptijd van één jaar of langer). Het voorkomt dat de gemeente gelijktijdig teveel leningen gaat herfinancieren. Het doel is om overmatige renterisico’s op de vaste schuld te vermijden. De norm wordt berekend door het begrotingstotaal te vermenigvuldigen met een door het Rijk vastgesteld percentage van 20%. De bedragen aan langlopende leningen waar de gemeente de komende jaren een renterisico over loopt blijven de komende periode binnen de norm.
Omschrijving
2024
2025
2026
2027
2028
Renterisico 1.
Renteherzieningen
2.
Te betalen aflossingen
3.
Renterisico (1+2)
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
69.517
Renterisiconorm 4a.
Omvang begroting 1 januari
66.269
71.737
74.076
68.419
4b.
Vastgesteld percentage
20%
20%
20%
20%
20%
4.
Renterisiconorm (4a x 4b)
13.254
14.347
14.815
13.684
13.903
Toets renterisiconorm Renterisico op vaste schuld (3)
0
0
0
0
0
Renterisiconorm (4)
13.254
14.347
14.815
13.684
13.903
Ruimte (3-4)
-13.254
-14.347
-14.815
-13.684
-13.903
(3 < 4): Ruimte onder renterisiconorm (3 > 4): Overschrijding renterisiconorm
Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is door het Rijk ingevoerd om risico’s te beperken bij het aantrekken van geld. De limiet bepaalt in hoeverre we tekorten op de bank mogen aanvullen met kortlopend geld. De limiet is 8,5% van het begrotingstotaal (totaal lasten). Bij het financieringsbeleid wordt rekening gehouden met deze limiet.
62
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Omschrijving 1.
2.
Toegestane kasgeldlimiet Omvang begroting per 1 januari (lasten)
71.775
Percentage kasgeldlimiet
8,50%
Omvang kasgeldlimiet
6.101
Omvang vlottende schuld (gemiddeld dienstjaar) Opgenomen gelden < 1 jaar
450
Schuld in rekening courant
0
Gestorte gelden door derden < 1 jaar
0
Overige geldleningen (geen vaste schuld)
3.443 3.893
3.
Vlottende middelen (gemiddeld dienstjaar) Contante gelden in kas
4
Tegoeden in rekening courant
19.387
Overige uitstaande gelden < 1 jaar
19.391
4.
Toets kasgeldlimiet Toegestane kasgeldlimiet
5.
6.101
Totaal netto vlottende schuld (2-3)
-15.498
Ruimte (4-5)
21.599
Rentetoerekening Rentekosten moeten aan de taakvelden worden toegerekend met behulp van een (rente)omslag. Dit geeft inzicht in de kosten per taakveld en de toerekening gebeurt op een gelijke wijze. Het gehanteerde renteomslagpercentage bedraagt 1,96%. In onderstaand schema staat hoe de rentetoerekening plaats vindt.
63
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
1.159.205
De externe rentebaten (idem)
662.719 -/-
Saldo rentelasten en rentebaten
496.486
De rente die aan de grondexploitatie moet worden toegerekend
0 -/-
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
599 -/12525 +/+
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
11.926
Rente over eigen vermogen
0 +/+
Rente over voorzieningen
0 +/+
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
508.412
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
504.158 -/-
Renteresultaat op het taakveld Treasury
-4.254
Schatkistbankieren Met ingang van 31 december 2013 worden tijdelijk overtollige middelen verplicht ondergebracht bij het ministerie van Financiën. Het doel van de deelname van de decentrale overheden aan schatkistbankieren is om de Europese Monetaire Unie schuld van de collectieve sector te verlagen
Bedrijfsvoering In 2025 heeft de SED-organisatie ingezet op het versterken van haar organisatiekracht om blijvend goede dienstverlening te kunnen leveren aan inwoners, ondernemers en bestuur van Stede Broec. Dit was noodzakelijk in een context van toenemende maatschappelijke opgaven, een krappe arbeidsmarkt en financiële onzekerheden. De resultaten in 2025 laten zien dat gericht is gewerkt aan samenhang, wendbaarheid en betrouwbaarheid van de organisatie, met oog voor zowel de leefwereld van inwoners als de systeemwereld van wet- en regelgeving. Wat hebben we daarvoor gedaan? Digitalisering als katalysator In 2025 lag de focus van de afdeling Informatie op het versterken van de basis en het verbeteren van de sturing op ICT en informatievoorziening, mede ter voorbereiding op DeSom 2.0. Een belangrijke stap hierin was de oprichting van het Regieplatform Informatie. Dit platform vervult een centrale rol in het aanbrengen van samenhang, prioritering en fasering binnen het ICT-projectportfolio en zorgt voor afstemming tussen ambities, beschikbare capaciteit en organisatie brede ontwikkelingen. Vanuit het Regieplatform is in 2025 gestuurd op de uitvoering van projecten die aansluiten bij de doelstellingen uit de begroting op het gebied van digitalisering en dienstverlening.
Door middel van een vastgestelde projectkalender is meer grip verkregen op de planning en samenhang van projecten en is bewust gestuurd op beheersbaarheid en uitvoerbaarheid.
64
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Binnen deze aanpak zijn in 2025 diverse projecten succesvol afgerond en geïmplementeerd. Zo zijn belangrijke stappen gezet in de verdere digitalisering van de dienstverlening aan inwoners en ondernemers. Onder andere zijn aanpassingen binnen het WOZ-systeem gerealiseerd, is de online betaalfunctionaliteit voor onder meer vergunningen verder ingericht en zijn processen rondom belastingen en heffingen verbeterd. Deze ontwikkelingen dragen bij aan een efficiëntere, toegankelijkere en klantgerichtere dienstverlening. Daarnaast is in meerdere domeinen gewerkt aan de modernisering en optimalisatie van ondersteunende systemen, waaronder op het gebied van handhaving, vastgoedbeheer, bedrijfsvoering en subsidieverstrekking. Hiermee is invulling gegeven aan de in de begroting geformuleerde ambitie om processen te vereenvoudigen, administratieve lasten te verlagen en de betrouwbaarheid van gegevens te vergroten. Op het gebied van robotisering (RPA) is in 2025 bewust gekozen voor een consoliderende fase. De focus lag op procesverbetering en applicatie-optimalisatie, zodat deze beter aansluiten op de behoefte van de organisatie. Hiermee is een stevige basis gelegd voor toekomstige verdere digitalisering en automatisering. Op het terrein van kwaliteitszorg informatiebeheer is in 2025 een belangrijke stap gezet.
In aansluiting op het in 2024 vastgestelde kwaliteitszorgsysteem en het gebruik van de VIND I-Navigator, is daadwerkelijk gestart met het vullen van dit instrument. De interviews met de organisatie zijn afgerond. Hiermee is het inzicht in processen, informatiestromen, risico’s en de verwerking van persoonsgegevens verder vergroot en wordt structureel gewerkt aan verbetering van het informatiebeheer, mede in het kader van het Interbestuurlijk Toezicht Informatiebeheer. Daarnaast is in 2025 gestart met de aanschaf en implementatie van een nieuw E-HRM-systeem. Deze verandering vroeg een aanzienlijke inspanning van de organisatie, maar leidt uiteindelijk tot meer overzicht, gebruiksgemak en efficiëntie voor medewerkers, leidinggevenden en HR. Hiermee wordt een belangrijke stap gezet in de verdere professionalisering en ondersteuning van het HR-proces. Mens in ontwikkeling Met afnemende steun van de rijksoverheid krijgen gemeenten steeds meer verantwoordelijkheden. Het programma Mens in ontwikkeling ondersteunt medewerkers hierin door te investeren in opleidingsmogelijkheden, vitaliteit en gezond werk, met als doel talent te behouden en duurzaam inzetbaar te houden. Het onboardingsprogramma, gericht op een warm welkom en een zachte landing, is verder verankerd in de organisatie en wordt positief ontvangen.
Nieuwe medewerkers worden actief begeleid door buddy’s, wat bijdraagt aan een snelle en prettige start en de onderlinge kennisdeling en betrokkenheid versterkt. Daarnaast is het aantal stagiairs toegenomen en zijn voor het eerst ook BBL-leerlingen ingezet, waarmee wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling van toekomstig talent en een frisse blik in de organisatie wordt gebracht. Door in te zetten op leren en ontwikkelen in de praktijk, via on-the-job training en interne begeleiding, hebben meerdere medewerkers de mogelijkheid gekregen om zich verder te ontwikkelen en binnen de organisatie horizontaal en verticaal door te stromen. De samenwerking met de West-Friesland Academie is geïntensiveerd in het kader van het leren en ontwikkelen. En er zijn concrete stappen gezet in het aanbod op het gebied van leren, ontwikkelen en vitaliteit. Een belangrijk onderdeel hiervan is de succesvolle ontwikkeling en implementatie van #SAM. Dit platform biedt medewerkers laagdrempelig toegang tot praktische en preventieve welzijnstrainingen rondom thema’s als levensfasen, leefstijl, life events en mentale weerbaarheid en sluit daarmee goed aan bij de behoefte aan een leven lang leren en duurzame inzetbaarheid.
65
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Inspelen op veranderende opgaven Om wendbaar te blijven in een veranderende maatschappelijke en organisatorische context zijn dit jaar belangrijke stappen gezet. In 2025 hebben wij ons gericht op het verstevigen van de samenwerking, communicatie en zichtbaarheid zowel intern als extern, het procesmatig werken en sturingsinformatie. De organisatieontwikkeling bevindt zich inmiddels in de uitvoerende fase. Betrouwbaarheid versterken Betrouwbaarheid is de kern van ons succes. We hebben gewerkt aan het versterken van ons imago en het opbouwen van vertrouwen bij onze inwoners en stakeholders. Wat hebben we gedaan?
Wij hebben risicobeheerbeleid ontwikkelt, dit gaat ons ondersteunen bij het identificeren, beoordelen en beheren van risico’s; Er zijn processen ingericht om actief relevante informatie met belanghebbenden te delen, waarbij wetgeving zoals de Wet Open Overheid (WOO) ons ondersteunt; We hebben een nieuwe ICT-applicatie geïmplementeerd ter ondersteuning van de planning & control cyclus en hebben verbeterstappen gemaakt in de P&C processen; We hebben een Regieplatform Informatie ingericht zodat er integraal zicht is op onze ICT-projectenkalender om essentiële processen te versterken via applicaties.
66
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Rechtmatigheid Inleiding In deze paragraaf bedrijfsvoering geeft het college vanaf het verslagjaar 2023 een toelichting ten aanzien van onderwerpen die de rechtmatigheid raken. Er wordt aangegeven hoe de beheersing is vormgegeven en er is een nadere toelichting op alle afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen voor zover deze de rapportagegrens overschrijden. Ook wordt aangegeven welke maatregelen zijn of worden genomen om verbeteringen aan te brengen om het rechtmatig handelen in de toekomst afdoende in processen te waarborgen. Verantwoordingsgrens en rapportagegrens In de financiële verordening heeft de raad de Verantwoordingsgrens vastgesteld op 2% van de totale lasten. De rapportagegrens is vastgesteld op 100.000 euro. Dat wil zeggen dat in de paragraaf bedrijfsvoering de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 100.000 nader worden toegelicht. In de Rechtmatigheidsverantwoording rapporteert het college over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten van de gemeente Stede Broec. Voor 2025 is deze grens afgerond € 1.592.799. Organisatie Om tot een rechtmatigheidsverantwoording te komen onderzoekt het college onder meer de opzet, bestaan en werking van de processen.
De manier waarop dit onderzoek wordt uitgevoerd wordt jaarlijks beschreven in het IC-VIC-plan (waarbij IC staat voor Interne Controle en VIC voor Verbijzonderde Interne Controle). De beheersing van de bedrijfsvoering is ingericht langs het model van de ‘three lines of defence’: 1. Interne controlemaatregelen worden belegd in de lijnorganisatie. Dit zijn interne beheers/controlemaatregelen die zijn ingericht in processen; 2. Interne controlefuncties/functionarissen die het lijnmanagement ondersteunen; 3. Verbijzonderde interne controle die de werking van de eerste en tweede lijn controleert (team concern control). In 2025 werken de processen nog niet optimaal volgens het model van de ‘three lines of defence’, hierdoor zijn er meer gegevens gerichte werkzaamheden nodig De verbijzonderde interne controle (3e verdedigingslinie) is een aanvulling op de reguliere interne controle (2e verdedigingslinie), in die zin dat een objectief oordeel gegeven wordt over de opzet, het bestaan en de werking van de interne controles en beheersingsmaatregelen (1e verdedigingslinie). De focus ligt hierbij op de processen met de grootste (financiële en maatschappelijke) risico’s, zoals opgenomen in het IC-VIC plan. Het IC-VIC plan is in 2025 uitgevoerd en de resultaten van de werkzaamheden zijn aangeboden voor het controledossier van de accountant.
Uitkomsten van het onderzoek Begrotingscriterium Bij de toetsing op het begrotingscriterium wordt vastgesteld of alle begrotingsafwijkingen passen binnen het kader van de door de raad vastgestelde begroting. Er is sprake van begrotingsonrechtmatigheden wanneer: 1. De door de raad vastgestelde budgetten voor wat betreft de lasten zijn overschreden 2. De door de raad vastgestelde budgetten voor wat betreft de investeringsbudgetten zijn overschreden 67
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
3. Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves niet door de raad zijn vastgesteld 4. Bij onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten de onderschrijdingen niet tijdig zijn gemeld aan de raad 5. Bij lagere of hogere baten dan begroot deze mutaties niet tijdig zijn gemeld aan de raad In de vastgestelde financiële verordening is vastgelegd dat onderschrijding en overschrijding van de baten en ook onderschrijding van de lasten die zich voordoen na de laatste bestuursrapportage nader worden toegelicht in de verschillenverklaring van de jaarrekening. Daarmee wordt de raad bij de jaarrekening tijdig geïnformeerd over deze afwijkingen. Bevindingen De volgende afwijkingen groter dan de rapportagegrens zijn geconstateerd: Omschrijving
1a
1b 2 3
4= (1a / 3) 5
6= (4-5)
Bedrag
Conform afspraak beschouwd als acceptabel ja/nee € 1.120.805 Ja
Overschrijding lasten programma Een onderbouwing van de overschrijding zijn terug te vinden in de programma verantwoording. Overschrijding investeringsbudgetten €0 Ongeautoriseerde reservemutaties €0 Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en €0 baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat zijn gemeld. Totaal begrotingsonrechtmatigheden € 1.120.805
Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf door de raad vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. Resterend saldo als begrotingsonrechtmatigheid
€ 1.120.805
Ja
Ja
€0
Voorwaardencriterium Bij het voorwaardencriterium wordt onderzocht of de wijze van besteding en inning van gelden voldoet aan de financiële regels zoals opgenomen in de regelgeving die is opgenomen in het normenkader. In 2025 zijn voor de gemeente Stede Broec alle processenonderdeel geweest van de verbijzonderde interne controle. Bevindingen Hieronder is een overzicht opgenomen van de geconstateerde afwijkingen per proces en de maatregelen die genomen worden om dergelijke onrechtmatigheden in de toekomst te voorkomen. Proces c.q. onderwerp
Omschrijving onrechtmatigheid
Bedrag
Toelichting en maatregelen om onrechtmatigheden in de toekomst te voorkomen
Inkoop en EUaanbestedingen
Diensten
€ 1.691.938
Eigen personeel
Geen bevindingen
€0
Totaalbedrag onrechtmatigheden
€ 1.691.938
68
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Overige onderwerpen in het kader van het voorwaardencriterium Wet Fido De kadernota rechtmatigheid geeft een stellige uitspraak dat niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de wet Fido en bijbehorende Regelingen moeten worden opgenomen en toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Er zijn bij de gemeente Stede Broec in 2025 geen niet-financiële onrechtmatigheden in het kader van de wet FIDO geconstateerd. Onroerende zaak transacties en staatssteun De gemeente Stede Broec heeft geen onroerende zaak transacties. Wet normering Topinkomens Er zijn geen personen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijk drempelbedrag van € 246.000 hebben ontvangen. M&O criterium In de notitie Beleid Misbruik & Oneigenlijk gebruik staan de uitgangspunten om het risico op misbruik en oneigenlijk gebruik zo laag mogelijk te hebben, te voorkomen, te bestrijden of te detecteren. De notitie beschrijft de waarborgen ter voorkoming of vermindering van het risico op misbruik en oneigenlijk gebruik, de uitgangspunten voor het M&O beleid en de verantwoordelijkheden binnen de organisatie. Vervolgens gaat de notitie in op de risicogebieden in de verschillende domeinen. Deze risico’s worden door middel van een periodieke inventarisatie geactualiseerd en er wordt geïnventariseerd of een risico zich heeft voorgedaan.
De notitie gaat verder in op de maatregelen die genomen zijn in het kader van de Algemene verordening Gegevensbescherming, de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), ondermijning en de Wet bevordering Integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (BIBOB). Bevindingen Tijdens het uitvoeren van de interne controles en verbijzonderde interne controles over 2025 zijn de betrokken processen getoetst. Deze toetsing heeft niet geleid tot feitelijke constateringen wat betreft misbruik, oneigenlijk gebruik of fraude met betrekking tot de inzet en aanwending van gemeentelijke middelen. Monitor Rechtmatigheidsverantwoording
A B C
Resterend saldo Begrotingsonrechtmatigheden Saldo onrechtmatigheden Voorwaarden criterium Saldo onrechtmatigheden Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Totaal rechtmatigheidsfouten (A+B+C) Verantwoordinggrens: 2% van afgerond 80 Mln.
Bedrag €0 € 1.691.938 €0 € 1.691.938 € 1.592.799
Toelichting op de rechtmatigheidsfouten Voor het voorwaardencriterium is het saldo onrechtmatigheden € 1.691.938. De afwijking bij het voorwaardencriterium wordt veroorzaakt door afwijkingen bij inkoop en aanbestedingen. In de loop van 2025 en 2026 zijn een aantal beheersmaatregelen ingezet. Deze hebben natuurlijk nog geen werking gehad in 2025 en dus voor de jaarstukken 2025. Het inkoop- en aanbestedingsbeleid is volledig geactualiseerd en is per 1 januari 2026 ingegaan. De organisatie dient nu volgens een vaste inkoopstrategie te werken en vanuit de advisering van team inkoop. Daarnaast gaat de organisatie werken met Spendmonkey. Dit is een applicatie die ons helpt om sturing te geven aan inkoopdossiers en bestedingen. Tot slot wordt er een applicatie geïmplementeerd voor de controle processen van interne beheersing, waaronder inkoop en aanbestedingen. 69
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Verbonden partijen Gemeenten voeren taken uit die in het belang van hun inwoners zijn en werken daarvoor ook samen met externe organisaties om maatschappelijke opgaven efficiënt en effectief uit te voeren. Deze samenwerkingsverbanden, zowel publiekrechtelijk als privaatrechtelijk, worden aangeduid als verbonden partijen. Door taken deels buiten de eigen organisatie te beleggen, kan de gemeente gebruik maken van specifieke expertise. schaalvoordelen en gezamenlijke uitvoeringskracht. Tegelijkertijd vereist deze manier van samenwerken een zorgvuldige bestuurlijke aansturing, omdat de gemeente verantwoordelijk blijft voor het behalen van haar beleidsdoelstellingen. Er is sprake van een bestuurlijk belang als een wethouder, raadslid of ambtenaar van de gemeente namens de gemeente in het bestuur van de verbonden partij plaatsneemt, of namens de gemeente stemt. Juridisch is er bij de gemeenschappelijke regelingen geen sprake van een financieel belang. Maar de gemeente betaalt wel een structurele bijdrage en vult een eventueel tekort aan. In onderstaande tabel staan de verbonden partijen en de deelnemingen en, indien van toepassing, de gemeentelijke bijdrage.
In € 1.000
Rekening 2024
Begroting 2025
Rekening 2025
Gemeenschappelijke regelingen: SED organisatie
14.804
15.828
16.578
SSC DeSom
1.055
1.229
1.244
Westfries Archief
213
231
237
Ondersteuning Bestuurlijke Samenwerking West-Friesland
77
74
1.301
1.441
149
157
157
Gemeenschappelijke gezondheidsdienst Hollands Noorden
1.402
1.589
1.675
WerkSaam Westfriesland
1.086
988
987
Afvalbeheer Westfriesland
8
8
8
Omgevingsdienst Noord-Holland Noord
133
138
138
Archeologie Westfriese gemeenten
22
23
HVC Groep
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
BNG Bank
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Alliander NV
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
20.250
21.706
22.465
Veiligheidsregio Noord-Holland Noord Recreatieschap Westfriesland
1.441
Vennootschappen:
70
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Gemeenschappelijke regelingen SED Gerelateerd aan programma: Bestuur en dienstverlening Vertegenwoordiging: Lid van het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur. Doel en openbaar belang: De SED organisatie werkt aan een prettige woon- werk- en leefomgeving. Zij staat voor goede dienstverlening aan inwoners en ondernemers, en krachtige en deskundige ondersteuning aan de besturen van de gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland. In 2025 heeft de SED-organisatie ingezet op het versterken van haar organisatiekracht om blijvend goede dienstverlening te kunnen leveren aan inwoners, ondernemers en besturen van Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland. Dit was noodzakelijk in een context van toenemende maatschappelijke opgaven, een krappe arbeidsmarkt en financiële onzekerheden. Wat in 2025 is bereikt, is een verdere stap naar een professionele, wendbare en betrouwbare organisatie. Door gelijktijdig te investeren in mensen, processen en beheersing is de basis versterkt om ook in de komende jaren maatschappelijke opgaven effectief en zorgvuldig te blijven ondersteunen. De SED-organisatie heeft 2025 met een positief financieel resultaat afgesloten. Het exploitatiesaldo voor de berekening van de bijdrage laat een overschot van afgerond € 462.000 zien ten opzichte van de begroting, dit is afgerond 0,8% van de begroting. Het positieve financieel resultaat wordt veroorzaakt door: 1.
Effecten cao wijziging; zoals aangekondigd in de najaarsnota 2025 worden de loonkosten aangepast aan autonome ontwikkelingen, zoals nieuwe cao afspraken en wijzigingen in werkgeverslasten. In de begroting 2025 is voor de loonontwikkeling uitgegaan van de loonindexering op basis van de regionale richtlijn voor gemeenschappelijke regelingen NoordHolland Noord. Na vaststelling van de nieuwe cao, blijkt dat het daadwerkelijke loonpercentage lager uitvalt. Dit levert structureel een voordeel op. 2. Onderbestedingen van de incidentele projectgelden HR-applicatie en implementatie WOO. Het resultaat is in lijn met de verwachtingen en wordt conform de verdeelsleutel over de deelnemende gemeenten afgerekend.
Eigen vermogen Vreemd vermogen Resultaat
1-1-2025
31-12-2025
0
0
17.660
15.628 0
71
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
SSC DESOM Relatie met programma Bestuur en dienstverlening Doel en openbaar belang In de begroting 2025 is opgenomen dat SSC DeSom de deelnemende gemeenten en WerkSaam ondersteunt met ICT-voorzieningen en deze steeds beter afstemt op actuele ontwikkelingen. In 2025 is hieraan invulling gegeven door het continueren van de reguliere dienstverlening en de verdere uitwerking van de koers ‘DeSom 2.0’. Activiteiten en ontwikkelingen In 2025 is gewerkt aan de verdere implementatie van de visie ‘DeSom 2.0’, met focus op standaardisatie van dienstverlening, hosting en flexibilisering. Tegelijkertijd is gebleken dat de realisatie van deze visie complex is en meer tijd vergt dan vooraf voorzien. De concretisering van producten, diensten, governanceafspraken en bijbehorende verantwoordelijkheden is in 2025 slechts gedeeltelijk gerealiseerd. Hierdoor bleef op onderdelen onduidelijkheid bestaan over de verdere doorontwikkeling van de dienstverlening. De in de businesscase opgenomen globale planning is in 2025 niet volledig gerealiseerd. De implementatie kent vertraging en vraagt blijvende bestuurlijke aandacht en afstemming tussen SSC DeSom en de deelnemende gemeenten.
Risico’s en aandachtspunten De in de begrotingen benoemde risico’s op het gebied van informatiebeveiliging, leveranciersafhankelijkheid, governance, personele capaciteit en de ontvlechting van WerkSaam WF zijn in 2025 actueel gebleven. Daarnaast is gebleken dat het tempo van besluitvorming en de onderlinge afstemming invloed hebben op de voortgang van de veranderopgave. Deze risico’s vragen blijvende aandacht van SSC DeSom en de deelnemende gemeenten. Conclusie Ten opzichte van de begroting is de reguliere dienstverlening grotendeels conform verwachting uitgevoerd. De realisatie van ‘DeSom 2.0’ verloopt echter minder voortvarend dan voorzien. Voor de komende periode blijven de beheersbaarheid van de veranderopgave, de duidelijkheid over dienstverlening, governance en bestuurlijke sturing belangrijke aandachtspunten.
1-1-2025
31-12-2025
Eigen vermogen
47
32
Vreemd vermogen
4.538
4.351
Resultaat
-31
72
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Veiligheidsregio Gerelateerd aan programma: Ruimte Vertegenwoordiging: Lid van het algemeen bestuur Doel / openbaar belang De Veiligheidsregio heeft als doel het beschermen van de veiligheid en gezondheid van inwoners en bezoekers binnen de regio. Dit gebeurt door het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten en rampen en door een goede voorbereiding op crisissituaties. De gemeentelijke bijdragen maken een gezamenlijke en efficiënte uitvoering mogelijk van wettelijke taken op het gebied van brandweerzorg, rampenbestrijding, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. Activiteiten en ontwikkelingen De Veiligheidsregio voert taken uit op het gebied van crisisbeheersing en hulpverlening, zowel bij acute incidenten als in de voorbereidende fase. Door het monitoren en actualiseren van het regionale risicobeeld worden risico’s tijdig gesignaleerd en preventieve maatregelen getroffen. Een belangrijke ontwikkeling is de aandacht voor maatschappelijke weerbaarheid, waaronder de voorbereiding op langdurige verstoringen van vitale infrastructuur, zoals een grootschalige stroomuitval van maximaal 72 uur. Samen met gemeenten en ketenpartners wordt gewerkt aan het versterken van zelfredzaamheid en de continuïteit van cruciale processen.
De organisatie bestaat uit crisisbeheersing, brandweerzorg (inclusief risicobeheersing en Veilig Leven), GHOR, ambulancezorg, het Zorg- en Veiligheidshuis, de meldkamer en de bedrijfsvoering. Zij zetten zich in voor de veiligheid van de zestien gemeenten in Noord-Holland Noord. Risico’s
Kosten brandweermaterieel Stijgende kosten voor aanschaf, vervanging en onderhoud van brandweermaterieel door marktontwikkelingen, verduurzaming en aangescherpte veiligheidseisen. Structurele investeringen Toenemende noodzaak tot structurele investeringen in materieel, ICT en faciliteiten kan leiden tot een hogere structurele gemeentelijke bijdrage. Loon- en prijsontwikkelingen Cao-afspraken en inflatie kunnen leiden tot hogere personele en materiële lasten dan begroot. Continuïteit en weerbaarheid Extra inzet en investeringen kunnen nodig zijn om de weerbaarheid bij verstoringen van vitale infrastructuur, zoals langdurige stroomuitval, te waarborgen.
1-1-2025
31-12-2025
Eigen vermogen
5.137
6.161
Vreemd vermogen
48.109
44.905
Resultaat
947
73
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Westfries Archief Gerelateerd aan programma: Bestuur en dienstverlening Vertegenwoordiging: Lid van het algemeen bestuur Doel en openbaar belang: Het Westfries Archief (hierna WFA) is een gemeenschappelijke regeling waaraan zeven Westfriese gemeenten deelnemen. De Westfriese gemeenten geven op deze wijze invulling aan hun wettelijke taken voor archief- en informatie beheer vanuit de archiefwet. Deze wettelijke taken zijn:
Het beheren en beschikbaar stellen van archieven die de deelnemers hebben overgebracht naar het fysieke depot of e-depot: fysieke verzorging van dossiers en klimaatbeheersing in het depot en duurzaam toegankelijk houden van digitaal archief. Toezicht houden op de uitvoering van de taken rond informatie- en archiefbeheer van archief in beheer bij de deelnemers: door archiefinspecties bij de deelnemers, advisering bij informatievraagstukken, kennissessies en samenwerking te faciliteren met de deelnemers van de regeling.
Omdat het vakgebied van informatie- en archiefbeheer erg in ontwikkeling is, doet het WFA veel aan innovatie en spelen zij in op de ontwikkelingen die bij de gemeenten spelen. Activiteiten en ontwikkelingen: Een belangrijke ontwikkeling op het vakgebied is digitalisering. Steeds meer informatie is digitaal beschikbaar en groeit snel. Digitale informatie vraagt om een andere kijk op informatie en biedt uitdagingen maar ook kansen voor het WFA. Om hierop in te spelen voorziet het WFA de volgende activiteiten voor de komende jaren.
De nieuwe Archiefwet zal in werking treden waardoor archieven van overheden na 10 jaar, in plaats van 20 jaar, openbaar zullen worden en in beheer overgedragen aan het Westfries Archief. Dit zal een inhaalslag en grote toename in digitale opslag en beheer met zich meebrengen, waarbij het Westfries Archief ook meer betrokken zal zijn bij informatievorming en -beheer van gemeenten en deelnemende GR’en. De regio Westfriesland is een voorbeeld in het landelijke traject “Het archief als nutsvoorziening”, waarbij het Westfries Archief steeds meer zal worden benut als centraalpunt van informatie beheer binnen de regio. De doorontwikkeling en intensivering van onlinedienstverlening en geografische informatie specialisatie. De aanpassing van het functioneel gebruik van de publieksruimte. Voortzetting van de digitalisering van analoge archieven. Intensivering van de inzet van data analyse, data netwerken en artificial intelligence. Het continueren van een enthousiaste vast groep vrijwilligers. De samenwerking met studenten vergroten. Verduurzaming van systemen. Een transformatie van klassieke archiefdienstverlening naar modern informatiemanagement en online service.
Risico’s:
Taakuitvoering bij langdurige uitval personeel; Diefstal of verlies van cultureel erfgoed wegens calamiteit; Storingen in de klimaatbeheersingsinstallatie van de fysieke depots; 74
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Leveranciersrisico digitalisering en restauraties; Sterke verhoging van energiekosten; Vertrek van huurders depotruimte; Vertrek van medewerkers met specialistische kennis; Storingen van het digitale archiveringssysteem.
1-1-2025
31-12-2025
Eigen vermogen
450
154
Vreemd vermogen
575
632
Resultaat
17
75
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Afvalbeheer Westfriesland (ABWF) Gerelateerd aan programma: Ruimte Vertegenwoordiging: Lid van het algemeen bestuur Doel en openbaar belang Het ABWF is een gemeenschappelijke regeling waarin de zeven westfriese zaken afstemming op het gebied van de afvalinzameling, het contractmanagement HVC en aandeelhouderszaken regelen. Eveneens is het ABWF de eigenaar van en verantwoordelijk voor de voormalige stortplaats te Westwoud. Activiteiten en ontwikkelingen
Het ABWF heeft zijn taken op het gebied van afvalinzameling, contractmanagement en aandeelhouderszaken voortgezet. Op 26 november heeft het ABWF een principebesluitgenomen m.b.t. het afkoopvoorstel van Bodemzorg inzake het beheer en de nazorg van de voormalige vuilstort. Dit principebesluit ligt in 2026 voor bij de gemeenteraden voor zienswijzen.
Risico's
Ondersteuning (geen eigen huisvesting en personeel) en Stortplaats Westwoud.
1-1-2025
31-12-2025
Eigen vermogen
1.513
1.504
Vreemd vermogen
80
3
Resultaat
-90
76
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Recreatieschap Westfriesland (RSW) Gerelateerd aan programma: Ruimte Vertegenwoordiging Lid van het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur Doel en openbaar belang Behartigt voor de Westfriese gemeenten de belangen van de openluchtrecreatie en het landschap in het samenwerkingsgebied. Inzet voor een rijkere, gevarieerdere natuur met meer recreatiemogelijkheden, beheer en onderhoud van terreinen. Activiteiten en ontwikkelingen Het Recreatieschap beheert ongeveer 350 hectare natuur-inclusieve recreatieterrein, waar naast de recreatiefunctie ook wordt ingezet op natuurwaarden en vergroten van de biodiversiteit. Daarnaast beheert het een aantal (zwem)locaties en gebieden van derden. Ook het beheren en onderhouden van de fiets-, vaar- en wandelnetwerken behoort tot de taken. In totaal ongeveer 1.000 kilometer netwerk. Het beheer is vooral gericht op instandhouding en kwaliteitsbewaking. Na de vaststelling van het ambitieniveau voor de recreatievisie Westfriesland in 2024 is eind 2025 de nieuwe recreatievisie ‘Gezond en aantrekkelijk Westfriesland’ vastgesteld. Er is gekozen om het accent vooral op verbindingen tussen de recreatiegebieden te leggen.
1-1-2025
31-12-2025
Eigen vermogen
1.548
1.389
Vreemd vermogen
1.409
1.942
Resultaat
-34
77
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (OD NHN) Gerelateerd aan programma: Ruimte Vertegenwoordiging: Lid van het algemeen bestuur Doel en openbaar belang: De Omgevingsdienst Noord-Holland Noord werkte als professionele uitvoeringsorganisatie. De dienst voerde milieutaken uit voor de fysieke leefomgeving in Noord-Holland Noord. Dit gebeurde efficiënt en volgens vastgestelde kwaliteitsnormen. Activiteiten en ontwikkelingen In 2025 voerde de Omgevingsdienst de overgedragen milieutaken uit volgens de geldende handhavingsstrategie. Naast de reguliere werkzaamheden werkte de organisatie aan verbeteringen die nodig waren voor een sterke en toekomstbestendige dienst. Robuustheid Het algemeen bestuur stelde in 2024 een plan vast om de organisatie robuust te maken. De deelnemers stelden hiervoor toen geen extra middelen beschikbaar. De deelnemers gaven aan dat de dienst eerst binnen de eigen begroting of via efficiencymaatregelen dekking moest zoeken. Een efficiencyonderzoek is in 2025 afgerond. In juli 2025 kenden de deelnemers incidentele middelen toe via de resultaatbestemming over 2024. De Omgevingsdienst zette daarna de eerste stappen. Hierdoor daalden de kosten voor robuustheid van 1,7 miljoen euro naar 1,6 miljoen euro. De Omgevingsdienst bekostigde de vaste kosten voor informatievoorziening (ICT) tot en met eind 2025 uit een bestaande reserve. Deze reserve raakte uitgeput.
Voor verdere digitale ontwikkeling bleek een vaste investering nodig. De benodigde structurele middelen voor robuustheid en ICT zijn gevraagd via de kadernota 2027. Versteviging bedrijfsvoering In maart 2025 ontving het algemeen bestuur de resultaten van de capaciteitsanalyse van de bedrijfsvoering. In april 2025 startte de uitvoering van het ontwikkelplan, dat doorloopt in 2026. Overige ontwikkelingen
De Omgevingsdienst voerde het strategisch opleidingsplan uit volgens planning. De organisatie kreeg per deskundigheidsgebied (kwaliteitscriteria 3.0) beter inzicht in de sterke punten en de verbeterkansen van de medewerkers. De Omgevingsdienst stelde voor 2025 een begroting op vanaf nul (zero-based begroting). Deze vormt de basis voor de interne begrotingen van de daaropvolgende jaren. Op landelijk niveau ontwikkelde men een nieuwe manier van financieren voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. Na een verkennend onderzoek besloot het algemeen bestuur in oktober 2025 om een plan van aanpak op te stellen voor de invoering van deze nieuwe financieringssystematiek. Dit plan beschrijft onder meer de impact, de benodigde stappen en de invoeringsplanning. In de tweede helft van 2025 stelde de Omgevingsdienst beleid vast om misbruik en oneigenlijk gebruik van regelgeving, processen of informatie door bedrijven en medewerkers te voorkomen. Ook bracht de organisatie risico’s op fraude in beeld.
Risico's:
Claims, Datalek van geregistreerde gegevens, 78
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Aanbestedingsrisico's en projecten ten laste van het rekeningresultaat.
1-1-2025
31-12-2025
Eigen vermogen
3.566
2.461
Vreemd vermogen
6.759
5.866
Resultaat
184
79
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Ondersteuning bestuurlijke samenwerking West-Friesland (OBS) Gerelateerd aan programma: Bestuur en dienstverlening Vertegenwoordiging: Lid van het algemeen bestuur Doel en openbaar belang: Ondersteuning samenwerking op het gebied van bestuurlijk overleg in de regio Westfriesland. Periodiek worden er bestuurlijke overleggen georganiseerd, gefaciliteerd en gecoördineerd op een aantal werkterreinen in de vormen van portefeuillehoudersoverleggen. De OBS kent de volgende portefeuillehoudersoverleggen: Madivosa (Maatschappelijke Dienstverlening, Volksgezondheid en Sociale aangelegenheden), VVRE (verkeer en vervoer, Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening, Economie) en ABZ (Algemeen Bestuurlijke Zaken). Activiteiten en ontwikkelingen: De kerntaken zijn: Het regioteam richt zich op de ondersteuning van de regionale samenwerking en draagt bij aan de regionale samenwerking en de ambities in het Pact van Westfriesland door: 1. Faciliteren regionale afstemming in stuurgroep Pact, portefeuillehoudersoverleggen ABZ, VVRE en Madivosa en afdelingshoofden VVRE en Madivosa, de Westfriese Samenwerkingsdriehoek, Kring Gemeentesecretarissen, strategisch adviseurs en projectleiders Pact. 2.
Versterken van de samenwerking tussen gemeenten en maatschappelijke partners door het aandragen van oplossingen voor knelpunten en doen van voorstellen voor de ontwikkeling van het Pact en mogelijkheden voor financiering. 3. Zichtbaar maken van de ambities, ontwikkelingen, successen en aandachtspunten van het Pact en de regio. 4. Bewaken van de samenhang in het Pact door het leggen van verbindingen tussen projecten en projectleiders die verbonden zijn aan het Pact. 5. Versterken en onderhouden van verbindingen van de activiteiten van het Pact met regio Alkmaar, De Kop, Noord-Holland Noord, de MRA, de Provincie NH en ministeries. Het Pact van Westfriesland is de kapstok om de gezamenlijke ambities van de zeven Westfriese gemeenten te realiseren. In 2025 is het Pact herijkt en is de Strategische Agenda 2025-2035 vastgesteld. Daarnaast is er gestart met de bijbehorende Uitvoeringsprogramma te ontwikkelen. Daarnaast is er ingezet op het versterken van de samenwerking in Noord-Holland Noord en is er bijgedragen aan het opstellen van een verdieping op de ruimtelijke agenda Westfriesland en aan de Mobiliteitsvisie.
80
Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden
Archeologie Westfriese gemeenten Gerelateerd aan programma: Ruimte Vertegenwoordiging: Lid van het algemeen bestuur. Doel en openbaar belang: Archeologie West-Friesland (AWF) is onze gecertificeerde instelling die verantwoordelijk is voor het (laten) doen van archeologische opgravingen op het land en in het water zoals dit is vastgelegd in de Omgevingswet. Activiteiten en ontwikkelingen: Archeologie West-Friesland geeft als certificaathouder advies. Door middel van een quickscan beoordeelt AWF of en zo ja, in welke mate archeologisch onderzoek nodig is. Vervolgens voert AWF dit onderzoek uit of voert AWF de monitoring op het onderzoek uit. Zo wordt gezorgd dat bij een opgraving de verrichte handelingen en aangetroffen archeologische vondsten worden gedocumenteerd, de vondsten worden geconserveerd en een rapport wordt opgesteld waarin de resultaten van de handelingen zijn beschreven. Naast advisering en uitvoering draagt Archeologie West-Friesland bij aan gemeentelijke beleidsontwikkeling en verzorgt zij publieksactiviteiten en pr. In 2025 heeft AWF gewerkt aan de actualisatie van de GR Archeologie Westfriese gemeenten. Ook heeft AWF diverse vondstmeldingen verwerkt, advies gegeven ten aanzien van archeologisch onderzoek, op een locatie veldcontrole gedaan en een verbeterde website gelanceerd.