Meerjarenbegroting 2024-2027 geamendeerd vastgesteld
Tekst van het document
0
0
0
0
0
0
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO)
0
3
0
0
0
0
6.71D Overige maatwerkarrangementen (WMO)
0
186
186
186
186
186
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
126
0
0
0
0
0
7.1 Volksgezondheid Totaal Baten Saldo (baten -/- lasten)
9
0
74
74
52
0
6.740
5.419
5.154
5.286
5.239
5.063
-14.273
-15.902
-17.774
-17.685
-17.307
-17.241
21
Nieuw beleid Omschrijving
I/S
1. Ontvangst Sim-subsidie voor instandhouding oude kerktoren en oude raadhuis
S
15.875
15.875
15.875
15.875
2. Dotatie Sim-subsidie aan voorziening groot onderhoud
S
-15.875
-15.875
-15.875
-15.875
3. Wegvallen huurinkomsten Genovevastraat
S
0
-25.326
-25.326
-25.326
4. Uitgaven Jeugdbescherming
S
-23.923
-23.923
-23.923
-23.923
5. Kwartaalsubsidie Veilig Thuis
S
-497
-497
-497
-497
6. Lagere kosten voor Jeugd Verblijf (incl.) behandeling
S
206.211
206.211
206.211
206.211
7. Hogere kosten voor Jeugd Verblijf (excl. behandeling)
S
-95.765
-95.765
-95.765
-95.765
8. Hogere kosten voor Jeugd Zelfstandig Leven
S
-222.750 -222.750 -222.750 -222.750
9. Hogere kosten voor Jeugd Vervoer 18-
S
-9.000
-9.000
-9.000
-9.000
10. Hogere kosten voor Jeugd-GGZ
S
-37.254
-37.254
-37.254
-37.254
11. Hogere kosten dan begroot voor Jeugd Dagbehandeling
S
-242.500 -242.500 -242.500 -242.500
12. Hogere kosten dan begroot voor Jeugd Pgb
S
-138.493 -138.493 -138.493 -138.493
13. Lagere kosten dan begroot voor uitvoering jeugdzorg
S
87.254
87.254
87.254
87.254
14. Hogere kosten dan begroot voor Jeugd Crisis
S
-15.000
-15.000
-15.000
-15.000
15. Lagere kosten dan begroot voor Jeugdreclassering
S
13.124
13.124
13.124
13.124
16. Hogere kosten voor Wmo woonvoorzieningen
I
-117.000
0
0
0
17. Hogere kosten dan begroot voor Wmo vervoersvoorzieningen
S
-23.435
-23.435
-23.435
-23.435
18. Hogere kosten dan begroot voor Wmo rolstoelvoorzieningen
S
-39.067
-39.067
-39.067
-39.067
19. Toename kosten huishoudelijke hulp door autonome kostenstijgingen
S
-242.000 -256.000 -256.000 -256.000
20. Geen kosten, budget persoonlijke verzorging vervalt
S
5.594
5.594
5.594
5.594
21. Lagere kosten dan begroot PGB WMO
S
24.202
24.202
24.202
24.202
22. Lagere kosten jeugdreclassering
S
13.124
13.124
13.124
13.124
23. Leerlingenvervoer
S
-40.000
-40.000
-40.000
-40.000
24. VVE-kindplaatsen
S
-52.600
-52.600
-52.600
-52.600
25. Onderhoudskosten Sporthal De Landing
S
-70.000
-70.000
-70.000
-70.000
26. Sjors Sportief en Creatief
S
-7.000
-7.000
-7.000
-7.000
27. Aanvullend krediet uitbreiding Bloktempel
S
0
-6.901
-6.901
-6.901
28. Jeugdzorg Plus
S
20.000
20.000
20.000
20.000
29. Innovatiebudget
S
30.000
30.000
30.000
30.000
30. Jeugdreclassering
S
10.000
10.000
10.000
10.000
31. Versobering sport- en cultuurfonds volwassenen
I
20.000
0
0
0
32. Tegemoetkoming regeling meerkosten (zorgkosten)
S
10.000
10.000
10.000
10.000
33. Muziekonderwijs
S
12.000
30.000
30.000
30.000
34. Medewerkers partners CMD in dienst gemeente
S
0
50.000
50.000
50.000
35. Taakstelling Lev, Lumens, MEE, GGzE en bibliotheek
S
0
100.000
100.000
100.000
36. Gemeentelijk sociaal fonds
S
0
40.000
40.000
40.000
37. 80 jaar bevrijding
I
25.000
0
0
0
Totaal
2024
2025
2026
2027
-899.775 -666.002 -666.002 -666.002
+/+ is voordeel, -/- is nadeel
22
1. Ontvangst Sim-subsidie voor instandhouding oude kerktoren en oude raadhuis Vanuit het rijk ontvangen we voor de periode 2023 t/m 2028 middelen in het kader van de Subsidieregeling instandhouding monumenten (SIM). Deze middelen worden toegevoegd aan de voorziening onderhoud gebouwen. De te maken kosten zullen aan deze voorziening onttrokken worden. 3. Wegvallen huurinkomsten Genovevastraat Na realisatie van de Bongerd zal de huidige huurder van de Genovevastraat verhuizen naar de Bongerd. Hierdoor komen de huidige huurinkomsten van de Genovevastraat te vervallen. De inkomsten voor verhuur in de Bongerd zijn vanaf 2025 al opgenomen in de huidige begroting. 6. Lagere kosten voor Jeugd Verblijf (incl. behandeling) De kosten vallen naar verwachting lager uit dan begroot omdat minder beroep wordt gedaan op de regeling dan in eerste instantie werd verwacht. 7 tot en met 15: Hogere kosten voor uitvoering Jeugdwet Het aantal lopende jeugdvoorzieningen is in afgelopen 2 jaar sterk gestegen. Er is geen sprake van een stijging van de gemiddelde kosten. In het Aktieplan CMD is aangegeven dat we meer grip willen krijgen op de indicatiestelling voor de Jeugdwet zowel in het CMD als daarbuiten (indicatiestelling door (huis)artsen). 16. Hogere kosten voor Wmo woonvoorzieningen In 2024 zijn er enkele ingrijpende en dus dure woningaanpassingen voorzien. 18.
Hogere kosten dan begroot voor Wmo rolstoelvoorzieningen Het aantal verstrekte rolstoelen is aanmerkelijk toegenomen. 19. Toename kosten huishoudelijke hulp door autonome kostenstijgingen Door CAO afspraken die in 2023 zijn gemaakt stijgt het uurtarief voor huishoudelijke hulp binnen een tijdsbestek van anderhalf jaar (2023-2024) zeer fors mede door de stijging van het wettelijk minimumloon. Daarnaast is er gelet op de vergrijzing uitgegaan van een gematigde toename van het aantal cliënten met 1% per jaar. Omdat m.i.v. 2026 er weer een inkomensafhankelijke eigen bijdrage wordt gehanteerd is de aanname dat daardoor de instroom stagneert m.i.v. 2026 stagneert. Met de verhoging van het budget is geen rekening gehouden met de gevolgen van CAO afspraken voor 2025 en latere jaren. 23. Leerlingenvervoer De verwachting is dat de uitgaven voor het leerlingenvervoer structureel hoog blijven vanwege de NEA index van 13,7% in 2023. Jaarlijks komt de nieuwe vastgestelde indexering hier bovenop. 24. VVE-kindplaatsen De verwachting is dat de uitgaven voor de bekostiging van de VVE-kindplaatsen (voorschoolse educatie) structureel hoog blijven. Het consultatiebureau geeft aan dat meer kinderen een risico hebben op onderwijsachterstanden en gebaat zijn bij voorschoolse educatie.
De gemeente biedt de doelgroepkinderen een gesubsidieerde VVE plaats aan om ze beter voor te bereiden op de basisschool. 25. Sporthal De landing De onderhoudskosten van De Landing nemen fors toe gelet op de onvolkomenheden van de technische installaties, met name de WKO-installatie. Dit leidt eveneens tot hogere energiekosten dan begroot. Zolang de installaties niet ingrijpend worden vernieuwd zijn deze hoge kosten vrijwel onvermijdelijk. 29. Innovatiebudget Het innovatiebudget Sociaal Domein wordt afgebouwd gelet op de extra rijksmiddelen die we als gemeente krijgen in het kader van het GALA en het IZA (IZA middelen lopen via centrumgemeente Eindhoven). Met het resterende budget van € 10.000 behouden we middelen voor het zogenaamde right to challange waarbij inwonersinitiatieven financieel worden ondersteund voor vernieuwende initiatieven.
23
33. Muziekonderwijs De komende jaren wordt de hoogte van het totale budget voor muziekonderwijs verminderd. Dit betekent dat de maximale bijdrage per leerling lager wordt. Er wordt niet gekozen voor het vaststellen van een plafond omdat we het het beginsel van wie het eerst komt niet fair vinden. 34. Medewerkers partners CMD in dienst gemeente We nemen alle medewerkers die indiceren (consulenten) in gemeentelijke dienst. Dit is al van toepassing voor de uitvoering van de Wmo. Met ingang van 2025 geldt dat ook voor de uitvoering van de Jeugdwet. Medewerkers in het CMD die zich richten op het zogenaamde voorliggende veld of ondersteuning bieden (zoals MEE) blijven echter in dienst van de netwerkpartners. 35. Taakstelling Lev, Lumens, MEE, GGzE en bibliotheek Met alle professionele subsidiepartners gaan we in het eerste halfjaar van 2024 het gesprek aan over het niveau van de dienstverlening. We beschouwen dit als taakstellend. Dat wil zegen dat we met ingang van 2025 een bezuiniging willen realiseren van € 100.000 ten opzichte van het totaalbedrag aan subsidies voor deze subsidiepartners in 2024. Door deze gesprekken in het eerste halfjaar van 2024 te houden kunnen de gesubsidieerde partners tijdig anticiperen door maatregelen te treffen. 36. Gemeentelijk sociaal fonds Het Gemeentelijk Sociaal Fonds komt in zijn geheel in 2025 te vervallen.
De uitgaven in het GSF bestaan uit een vergoeding voor het internetabonnement. Aangezien een internetaansluiting als gemeengoed beschouwd kan worden en de kosten daarvan ook gezien kunnen worden als gewone dagelijkse kosten voor ieder huishouden, komt de bijdrage vanuit het GSF te vervallen. 37. 80 jaar bevrijding In 2024 herdenken en vieren we 80 jaar bevrijding. Het wordt wederom een groots evenement, vergelijkbaar met 2019 en 2014. Er worden vele lokale activiteiten verwacht. De gemeente heeft deels een coördinerende, deels een faciliterende en deels een uitvoerende rol. In de begroting is hiervoor € 150.000 gereserveerd. Voorgesteld wordt dit bedrag met € 25.000 te verlagen naar een taakstellend bedrag van € 125.000.
24
Programma 3. Fysieke en veilige leefomgeving Inleiding Ons handelen en beleid voor de fysieke leefomgeving kent diverse abstractieniveaus. In het programma Fysieke en Veilige leefomgeving komen vooral de tactische en operationele kant van ons handelen voor de leefomgeving aan de orde. Het programma Economische en Ruimtelijke ontwikkeling richt zich meer op de visie en de strategische kant van het beleid voor de leefomgeving. Er is natuurlijk wel overlap tussen de programma’s, omdat de scheidslijn tussen het strategische en het tactische abstractieniveau niet zo scherp is. Een voorbeeld daarvan is het onderwerp natuur en landschap: enerzijds hebben we er een visie op en sluiten we qua strategie aan bij lopende regionale ontwikkelingen (‘Dommeldal uit de verf en Van Gogh Nationaal Park’), anderzijds leggen we ook natuur en groen aan.
Wat willen we bereiken? Thema
Doelstellingen
Veiligheid en Vergunningen
1. Inwoners, ondernemers en bezoekers verblijven in een veilige en prettige woonomgeving.
Openbare Ruimte
3. Het beheer en onderhoud van de openbare ruimte is op orde en voldoet aan de vastgestelde niveaus.
2. (Ver)bouwprojecten voldoen aan de regels van de Omgevingswet en we bewaken de naleving van de geldende wetten, regels en voorschriften door uitvoering te geven aan het uitvoering en handhavingsplan. 4. Samen met inwoners koppelen we hemelwater af van het hoofdriool en zorgen we voor een groene, leefbare omgeving. 5. Inwoners kunnen op verschillende manieren verblijven, sporten, spelen en verplaatsen in de openbare ruimte. 6. Onze inwoners kunnen meedenken, ontwerpen of meedoen bij de (her)inrichting van de openbare ruimte. 7. We zorgen voor een betere groene leefomgeving om de woonkwaliteit van onze inwoners te verhogen. 8. We realiseren (vóór 2028) en beheren het Natuurnetwerk en versterken natuurbeleving dichtbij huis. 9. We gebruiken duurzame materialen en houden rekening met de nadelige effecten van klimaatverandering. 10. We zetten in op vermindering van restafval en streven naar een aanbod van maximaal 35kg restafval per persoon per jaar.
Mobiliteit
11. Weggebruikers kunnen comfortabel en veilig deelnemen aan het verkeer. 12. De kernen en centra zijn goed bereikbaar, veilig en overzichtelijk voor alle verkeersmodaliteiten.
Relevante beleidsnota's Naam
Periode
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
Nota Integrale Veiligheid gemeente Son en Breugel 2023 - 2026 2023-2026
19 januari 2023
2027
Uitvoerings- en handhavingsstrategie 2023-2026
2023 - 2026
19 januari 2023
2027
Ontwikkelingsvisie Nieuwe Heide & Oud Meer
2022-2070
14 november 2022
Uitvoeringsprogramma handhaving 2023
2023
24 januari 2023
Beheerplan wegen 2016-2020
2016-2020
Mobiliteitsvisie Son en Breugel
2014-2030
13 maart 2014
1e kw 2024
Beleidsnota openbare verlichting
n.v.t.
6 oktober 2016
n.v.t.
MJOP civieltechnische kunstwerken
2024-2034
n.v.t.
2023
2017
n.v.t.
Bereikbaarheidsakkoord Zuidoost Brabant Beleidsnota openbaar groen 2021
2022-(geen specifieke einddatum)
Groenvisie Ekkersrijt
2024 1e kw 2024
25 november 2021 13 december 2021
Evenementenbeleid 2016 Beleidsnotitie Gladheidsbestrijding 2008 Beleidsnotitie ( beleidsregels) spelen
2019 - 2024
2020
Beleidsnota Duurzaamheid
2016-2020 met doorkijk naar 2030
6 oktober 2016
2024
Programma Water en Riolering 2023-2027
2023-2027
22 juni 2023
2027
Klimaatbestendig Son en Breugel 2030
2017-2030
2 november 2017
n.t.b.
Integraal Beheerplan Bos-en natuurterreinen 2020- 2020-2029 2029
18 maart 2021
25
Wat gaan we ervoor doen? Veiligheid en Vergunningen 1. Inwoners, ondernemers en bezoekers verblijven in een veilige en prettige woonomgeving. In het veiligheidsbeleid zijn de belangrijkste speerpunten voor de komende jaren opgenomen: • Ondermijnende criminaliteit We maken inwoners en ondernemers bewust van de risico’s in het kader van ondermijning en hoe ze zich hier tegen kunnen wapenen (bewustwordingscampagnes). We voeren controles uit in het kader van ondermijning en 4 keer per jaar nemen we deel aan de regionale actieweek ondermijning. Thema’s kunnen o.a. zijn mensenhandel, garageboxen, industrieterreinen, buitengebied. We nemen actief deel aan het Dommelstroom Interventieteam. • Digitale veiligheid We maken inwoners bewust van de risico’s op het gebied van cybercrime door in te zetten op bewustwordingscampagnes voor diverse doelgroepen. We stimuleren de meldingsbereidheid van slachtoffers. • Zorg en veiligheid We zetten in op preventie en vroegsignalering. We anticiperen op signalen m.b.t. personen met onbegrepen gedrag, woonoverlast, huiselijk geweld, mensenhandel, polarisatie en radicalisme. We maken inwoners bewust van deze fenomenen en geven een handelingskader hoe om te gaan met deze signalen.
• Veilig ondernemen We bevorderen de veiligheid op Ekkersrijt door ondernemers en bezoekers bewust te maken van criminogene factoren en we zetten in op het verbeteren van de samenwerking. Er vinden structureel integrale controles plaats in het kader van brand-, milieu-, en criminaliteitveiligheid.
2. (Ver)bouwprojecten voldoen aan de regels van de Omgevingswet en we bewaken de naleving van de geldende wetten, regels en voorschriften door uitvoering te geven aan het uitvoering en handhavingsplan. Per 1 januari 2024 treden de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging (Wkb) in werking. We controleren iedere verleende omgevingsvergunning. Voor bouwwerken in gevolgklasse 1 schakelt de opdrachtgever een private kwaliteitsborger in voor de technische toets. Bij deze bouwwerken voeren wij enkel een controle uit op de ruimtelijke aspecten en welstand. Bij de overige bouwwerken controleren we op alle aspecten die behoren tot de omgevingsvergunning. Nadat een gereedmelding is gedaan vindt een eindcontrole plaats. Afwijkingen pakken we op volgens de handhavingsstrategie. Is het niet te legaliseren? Dan treden we op tegen afwijkingen van verleende vergunningen, illegale bouwwerken en andere strijdigheden. Naast het reageren op gereedmeldingen treden we ook op basis van meldingen en eigen waarnemingen op. We geven gevolg aan handhavingsverzoeken. Het college beslist. Als een verzoek het gevolg is van problemen in de relationele sfeer dan kunnen we buurtmiddeling inzetten. We hebben milieutaken neergelegd bij de Omgevingsdienst. We onderhouden korte lijnen als het gaat om hun basistaken en verzoektaken.
De Odzob en veiligheidsregio zijn vaste partners als het gaat om veiligheid en handhaving.
26
Openbare Ruimte 3. Het beheer en onderhoud van de openbare ruimte is op orde en voldoet aan de vastgestelde niveaus. Wegonderhoud • Onze belangrijkste doelstelling voor het wegonderhoud is dat weggebruikers op veilige wijze gebruik kunnen blijven maken van de infrastructuur in Son en Breugel. De leidraad hiervoor is het beheerplan wegen. We stellen een integraal groen-grijs beheerplan op waar het beheerplan wegen een onderdeel van is. Op basis van dit beheerplan kunnen we budget en beheerniveau(s) op elkaar afstemmen. • Om op landelijke schaal eenzelfde beleving bij de onderhoudstoestand te hebben, heeft het CROW een hulpmiddel ontwikkeld. De staat van onderhoud is opgedeeld in niveau A+ tot en met D. Hierbij is A+ het hoogste niveau, dat geldt wanneer een straat net is aangelegd. In de loop van de jaren loopt het onderhoudsniveau terug als gevolg van gebruik en slijtage. Het C niveau geldt hierbij als acceptabel minimumniveau. Bij D niveau neemt de kans op ongevallen en kapitaalvernietiging toe. De onderhoudsniveaus in Son en Breugel zijn door de gemeenteraad vastgesteld op B voor de voetpaden en op C voor de overige verhardingen. Tijdens het opstellen van het groen-grijs beheerplan kijken we samen met de gemeenteraad opnieuw naar de gewenste niveaus en de daarvoor benodigde budgetten.
• Om het beheer goed vorm te geven is het belangrijk dat we goed weten welke arealen we moeten onderhouden. We zijn al een paar jaar bezig om de basiskaarten (BGT en BAG) en beheergegevens op orde te krijgen. Dit doen we in regionaal verband met de gemeenten Geldrop-Mierlo en Nuenen. • We hebben speciale aandacht voor verhardingen rondom het centrum en zorginstellingen waar mindervaliden en ouderen verblijven. Gladheidsbestrijding Om Son en Breugel ook tijdens de wintermaanden bereikbaar te houden, is een goede gladheidsbestrijding erg belangrijk. We hebben deze werkzaamheden uitbesteed. De Wijkteams bieden daarbij een helpende hand. We verwachten van onze inwoners dat ze zelf het trottoir aan de voorzijde van hun woning sneeuwvrij maken. Son en Breugel is aangesloten op het regionale meldingssysteem, aangestuurd door de gemeente Eindhoven. Met dit systeem zorgen we voor een regionale afstemming van de gladheidsbestrijding. Civieltechnische kunstwerken Civieltechnische kunstwerken, zoals bruggen en duikers, vormen een belangrijke schakel in de infrastructuur. De technische staat van deze objecten moet goed zijn om een vlotte doorstroming te kunnen garanderen. Op basis van technisch onderzoek hebben we een actieplan opgesteld om het achterstallig onderhoud weg te werken.
Inmiddels zijn er al vele werkzaamheden uitgevoerd, maar de brug in de Dommelpas moet nog in zijn geheel vervangen worden. Dit proces hebben we in 2021 opgestart. Tijdens dit proces bleek dat er aanvullend onderzoek naar vleermuizen en de gele kwikstaart noodzakelijk was. Deze onderzoeken zijn uitgevoerd en de brug wordt in het voorjaar van 2024 vervangen. Na de vervanging van de brug wordt bepaald hoe groot het budget moet zijn om jaarlijks het benodigde onderhoud uit te voeren. Met deze gegevens wordt een MeerJarenOnderhoudsPlan (MJOP) opgesteld met een looptijd van tien jaar. Groen Openbaar groen is een integraal onderdeel van de openbare ruimte en levert een belangrijke bijdrage aan de leefomgeving. Diverse aannemers en de wijkteams onderhouden hagen, plantsoenen, bomen, bermen en gazons op de door de gemeenteraad vastgestelde niveaus. In het beleid is vastgelegd dat we het groen meer biodivers en klimaat adaptief vormgegeven. Er zijn in de gemeente verschillende plekken waar het kansrijk is om te investeren in een andere inrichting van het openbaar groen. Hier vormen we in de periode 2024-2026 het openbaar groen om van cultuurlijk groen (zoals gazon en hagen) naar natuurlijk groen (zoals bloemenweides en vogelbosjes). Dit zorgt voor een verhoging van de biodiversiteit en leefbaarheid, terwijl de kosten voor het beheer niet hoeven te stijgen.
Het beheer van natuurlijk groen is namelijk vaak extensief, terwijl voor cultuurlijk groen intensief beheer nodig is.
27
Binnen de gestelde kaders kunnen nog accenten in de inrichting en het beheer worden meegegeven. Hierover gaat de gemeenteraad zich eind 2023 nog buigen bij het opstellen van het groen-grijs beheerplan. Dit wordt in 2024 vertaald naar nieuwe contracten met groenaannemers.
4. Samen met onze inwoners werken we aan een duurzame waterbeheersing. Het Programma Water en Riolering (PWR) is in 2023 vastgesteld. Dit programma volgt het vGRP 2016-2022 op en is voor een groot deel een voortzetting van het beleid. Het PWR past binnen de kaders van de omgevingswet die per 1 januari 2024 in werking treedt. Om verdroging tegen te gaan en het riool toekomstbestending te maken, is het belangrijk dat bij zoveel mogelijk huizen het hemelwater is afgekoppeld van het riool. Aanvullend moeten we in een gedeelte van het dorp nog maatregelen nemen in de vorm van de aanleg van gescheiden riolering en/of bergings- en infiltratievoorzieningen voor hemelwater. Bewoners en bedrijven stimuleren we met een subsidie van € 300 om schoon regenwater dat op het verhard oppervlak (verhardingen of daken) van hun eigen perceel valt, af te koppelen van het gemengd rioolstelsel. Door panden en verhardingen af te koppelen van het riool, hoeft er per saldo minder geïnvesteerd te worden in verzwaring en uitbreiding van het rioolstelsel. We werken met diverse partijen in het Klimaatportaal ZuidoostBrabant (ZOB) samen om doelstellingen op het gebied van stedelijk waterbeheer en riolering te realiseren. Het Klimaatportaal ZOB is een samenwerkingsverband van Waterschap De Dommel, Provincie Noord-Brabant en 13 gemeenten.
In 2021 is opnieuw een samenwerkingsovereenkomst aangegaan tot en met 2027. De samenwerking om invulling te geven aan maatregelen in het kader van de Europese Kaderrichtlijn Water zetten we voort. Daarnaast breiden we de bestaande samenwerking uit naar de uitvoering van de inwerkingtreding van de Omgevingswet voor de onderdelen waterketen, watersysteem en klimaatadaptatie. Uit de rioolinspecties en het dagelijks beheer bleek dat de in het beheersysteem opgenomen informatie over het gemeentelijk rioolstelsel niet overal even betrouwbaar is. Deze gegevens dienen ook als input voor het rekenmodel dat we gebruiken voor de actualisatie van het Programma Water en Riolering en het Basis Rioleringsplan. De gegevens worden sinds 2021 verbeterd waardoor de beheerdata steeds betrouwbaarder wordt. Hier gaan we in 2024 mee verder. Projecten Om de riolering operationeel te houden en te optimaliseren hebben we werkzaamheden en projecten opgenomen. Onderstaande projecten geven een deel van de projecten en werkzaamheden weer. Deze projecten dragen bij aan een klimaatbestendig Son en Breugel: • Zandstraat (afkoppelen en herinrichting) Deze rioolverzwaring is voor het ontlasten van de riolering in de Sparrenlaan en het centrumgebied. Deze werkzaamheden stemmen we integraal af met andere ruimtelijke ontwikkelingen. De afstemming en voorbereiding vinden in 2024 plaats.
• Aanpassen Riolering en bovenbouw omgeving Begoniastraat Bontstraat De doelstelling is samen met de bewoners tot een breed gedragen ontwerp te komen voor wat betreft de boven- en onderbouw. Het ontwerp wordt in 2024 gerealiseerd.
5. Inwoners kunnen op verschillende manieren verblijven, sporten en spelen in de openbare ruimte. Gemeentelijke bossen De gemeentelijke bossen zijn belangrijk voor de groene kwaliteit van onze zeer groene gemeente. Het grote oppervlakte bos geeft Son en Breugel een zeer prettig verblijfsklimaat en inwoners en bezoekers maken veel recreatief gebruik van de bossen. We werken aan een toekomstbestendig bos met een duurzame bijdrage aan rijke natuur, een impuls voor recreatie, duurzaam houtgebruik, waterbuffering, klimaatadaptatie én CO2-vastlegging. Daarbij streven we naar een veerkrachtig bos dat bestand is tegen de weersextremen door klimaatverandering.
28
We voeren het bosbeheer uit volgens het beheerplan Bos- en natuurterreinen door Bosgroep ZuidNederland volgens onze gezamenlijke beheerovereenkomst. Met het beheer sturen we op geleidelijke omvorming naar een structuurrijk, gevarieerd bos met hogere biodiversiteit en houden we rekening met de veiligheid van de vele bezoekers van deze intensief gebruikte gebieden. Verder geven we uitvoering aan het begrazingsbeheer van de natuurterreinen en gaan we verder met natuureducatie en -participatie (natuurwerkdag, plantdagen). Bossen vormen een prachtige natuurlijke spelaanleiding voor kinderen en dat willen we dan ook stimuleren, mogelijk door dit nog beter te faciliteren op bepaalde plekken, bijvoorbeeld met meer klimen spelaanleidingen (nader te onderzoeken). Vanuit het meerjarig bosonderhoud staat in 2024 het bosgebied tussen Oud Meer en het kanaal op de planning en worden diverse recreatieve voorzieningen in 2024 vernieuwd. Het zal nog enige jaren duren voor het achterstallig onderhoud in de bossen is weggewerkt. In 2023 is de Ontwikkelingsvisie voor het bos- en natuurgebied Nieuwe Heide & Oud Meer (na visievormingsproces samen met de gemeente Best en diverse stakeholders) vastgesteld. In 2024 starten we met uitvoeringsvoorbereiding van de visie.
In deze visie schetsen we hoe we het gebied in toekomstige decennia willen ontwikkelen op thema's recreatie, ecologie, klimaat en beheer. Bijzonder kansrijk zijn de mogelijkheden voor hydrologisch systeemherstel (elke druppel water vasthouden waar die valt) en provinciale natuursubsidies. In de periode 32025-2027 geven we samen met stakeholders invulling aan de uitvoering. In 2024 starten we met het verbinden van het rolstoelpad van Wandelen op Wielen met de parkeerplaats bij Oud Meer. Speelplaatsen en bewegingsvoorzieningen Bij (her)inrichtingen hebben we aandacht voor goede speel-en bewegingsvoorzieningen voor jong en oud. Naast het feit dat kinderen in de speeltuintjes kunnen spelen en bewegen zijn het tevens ontmoetingsplekken voor de ouders. Ze vervullen dus een recreatieve, educatieve en sociale functie. Son en Breugel beschikt in totaal over 38 speeltuintjes. We onderzoeken de mogelijkheid om ergens in de gemeente een pumptrackbaan te realiseren. Om ervoor te zorgen dat de speeltuintjes veilig blijven, inspecteert een externe gecertificeerde inspecteur jaarlijks alle toestellen, inclusief ondergrond. Daarmee voldoen we aan de wettelijke verplichtingen. Daarnaast houden de medewerkers van de wijkteams een oogje in het zeil. Ze repareren ook kleine gebreken, zodat de kinderen zoveel mogelijk kunnen spelen en de veiligheid gewaarborgd blijft.
In 2024 voeren we groot onderhoud uit aan de ondergronden door alle zandondergronden te laten schoonmaken en eventueel aanvullen. De speelvoorzieningen liggen er overwegend goed bij, er is geen ander groot onderhoud gepland in de periode 2024-2027. Park Vroonhoven Al geruime tijd is duidelijk dat park Vroonhoven een kwaliteitsimpuls nodig heeft. De upgrading en aanpassingen werken we in de bestuursperiode 2022-2026 uit. Een van de doelstellingen is om een stilteruimte in het park te realiseren. In 2024 moet hier concrete invulling aan worden gegeven. Faciliteren van activiteiten, evenementen en kermis Eigen kracht en organisatietalent zijn volop aanwezig bij de inwoners van Son en Breugel en daar leveren we graag een bijdrage aan. Wij ondersteunen diverse evenementen zoals Koningsdag, Breugels Festijn, het Towerfestival en de Jaarmarkt. Wij hebben hierbij een vergunningverlenende en faciliterende rol. Daarnaast faciliteren we ook diverse kleinere activiteiten met kennis en hulp bij procedures. Om de drempel bij kleinschalige activiteiten (zoals straatfeesten en buurtbarbecues) zo laag mogelijk te houden, kan de organisatie meestal volstaan met een melding in plaats van het aanvragen van een ‘zware’ vergunning. De jaarlijkse kermis is een evenement in de openbare ruimte dat mensen samenbrengt en waar men elkaar ontmoet.
29
6. Onze inwoners kunnen meedenken, ontwerpen of meedoen bij de (her)inrichting van de openbare ruimte. Voorafgaand aan de uitvoering van het onderhoud inventariseren we samen met de omgeving, interne organisatie en andere belanghebbenden wat de aandachtspunten en wensen zijn. Dit doen we door inloopbijeenkomsten, buurtschouwen of enquêtes te organiseren. We betrekken hierbij ook andere ontwikkelingen die in het gebied spelen en we stemmen de plannen af. We hebben speciale aandacht voor verhardingen rondom het centrum en zorginstellingen waar mindervaliden en ouderen verblijven. Ook de stoepen in Breugel staan hoog op de prioriteitenlijst. We betrekken onze inwoners bij grote projecten zoals Breugel Bruist en het Centrumplan Son. Dit doen we op verschillende manieren en niveaus, bijvoorbeeld in de vorm van meedenken of meedoen. Daarnaast kunnen bewoners ook zelf de handschoen oppakken om in hun omgeving aan de slag te gaan met adoptie of participatie. De omvormingen waarmee we in 2022 gestart zijn kunnen hiervoor een mooie katalysator zijn. Een voorbeeld is bijvoorbeeld het burgerinitiatief aan de Eiffellaan, waarbij de bewoners een jeu de boulesbaan hebben aangelegd en nu zelf onderhouden. Dit is in 2022 uitgevoerd. Er zijn en er zullen steeds meer initiatieven komen die wij ondersteunen met advies en middelen.
Uiteraard sluiten we met dit alles aan bij de uitkomsten van de in 2023 op te stellen participatieverordening.
7. We zorgen voor een groene leefomgeving met meer biodiversiteit om de woonkwaliteit van onze inwoners te verhogen. We streven naar het vergroenen van wijken en straten en naar meer biodiversiteit. De groene woonkwaliteit die ons dorp al heeft, willen we versterken. We leveren hiermee een positieve bijdrage aan de woonkwaliteit van ons dorp. Dit bereiken we onder andere door de verstening terug te dringen door bij reconstructies minder verharding/stenen toe te passen en/of door andere materialen te gebruiken. In regionaal verband blijven we ons inzetten om de luchtkwaliteit te verbeteren en de geluidsdruk te verminderen. Onze bomen onderhouden we zo goed als mogelijk. Elk jaar wordt een derde van de straatbomen gecontroleerd op veiligheid en eventueel gesnoeid. Dit is vastgelegd in het centrale GIS-systeem. Als bomen moeten worden gekapt, dan planten we toekomstbestendige bomen aan. Ook planten we niet langer één soort aan in een straat, maar altijd twee of drie verschillende soorten. Dit vergroot de weerbaarheid van de lanen tegen ziektes en plagen. De steeds droger wordende zomers is een zorg en dan met name voor de weerbaarheid van onze plantsoenen. Om robuuste plantsoenen te krijgen die de klimaatveranderingen kunnen trotseren, zijn omvormingen naar bloemrijke grasbermen of gras deels nodig.
Dit type inrichting heeft een hoge ecologische waarde en is goed voor de biodiversiteit. Sommigen inwoners ervaren dit als positief, maar ook zijn er vele bewoners die bloemrijke grasbermen als onkruid of rommelig ervaren. Vanuit ecologische perspectief is deze omvorming juist noodzakelijk. Tot op heden hebben we vaak plantvakken met traditionele struiken ingeboet (=doodgegane struiken opnieuw bij planten). Maar dit we kunnen dit, zeker wanneer er bomen staan die veel vocht nodig hebben, niet meer doen omdat de planten niet zullen gedijen. Deze vakken vervangen we door beplantingen/grasmengsels die bestand zijn tegen klimaatverandering. Onze bermen geven we zoveel mogelijk waarde voor flora en fauna. Het huidige bermareaal beheren we, waar mogelijk, ecologisch. Het maairegime hebben we sinds enkele jaren aangepast en blijft in ontwikkeling. Maaien stemmen we zoveel mogelijk af op zaadvorming van bloemen en kruiden en de eitjes van insecten. Wel maaien we eerder de 1e meter langs wegen en paden in verband met veiligheid en waterafvoer. Daarnaast zaaien we ook op diverse locaties bepaalde mengsels die tot een grotere biodiversiteit leiden. Onze aannemers dagen we uit om met nieuwe werkwijzen en verfrissende ideeën te komen die de biodiversiteit in bermen en watergangen vergroten.
Hierbij gebruiken we ook kennis en ervaring van regiogemeenten die hier al wat langer mee bezig zijn. Door het toepassen van ecologisch beheer herstelt de biodiversiteit en zien we dat de natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups (EPR) beter gedijen. Sinds enkele jaren voeren we geen pro actieve bestrijding uit. Dit beleid zetten we door in de periode 2024-2027.
30
8. We realiseren (vóór 2028) en beheren het Natuurnetwerk en versterken natuurbeleving dichtbij huis. Natuurnetwerk Het Natuurnetwerk Brabant is een netwerk van deels bestaande en deels nog te realiseren natuurgebieden. In het natuurpact tussen Rijk en provincie is afgesproken dat het natuurnetwerk in 2027 gerealiseerd is. In 2024 ligt de prioriteit bij " Dommeldal uit de Verf" met de focus op omzetting van gronden naar natuur (grondverwerving/zelfrealisatie) (zie programma 4). Inrichting (incl. evt. mogelijk recreatief medegebruik) is pas later aan de orde. Bij de ontwikkeling van Ecologische Verbindingszone Ekkersrijt brengen we, samen met verschillende partijen, natuur naar een industriële zone met behulp van provinciale subsidie. Op basis van een watersysteemanalyse die we samen met waterschap hebben gedaan om meer inzicht te krijgen in het watersysteem van Ekkersrijt en Groote Beek, onderzoeken we samen met het waterschap nog in hoeverre we het ontwerp mogelijk nog kunnen aanscherpen om nog meer doelen mee te laten liften (waterkwaliteit, waterberging, klimaatadaptatie). Mogelijk passen we de uitvoeringsplanning hier op aan.
9. We gebruiken duurzame materialen en houden rekening met de nadelige effecten van klimaatverandering. Door de ondertekening van het Maatschappelijk verantwoord inkopen-manifest (MVI) en het bijbehorende actieplan MVI houden we bij alle aanbestedingen structureel rekening met duurzaamheid, social return en lokale/regionale werkgelegenheid. BIZOB, de WSD en de duurzaamheidsmedewerkers adviseren hierover bij alle inkoopstrategieën. De verantwoordelijkheid voor het behalen van de CO2-doelstellingen ligt bij de budgethouders. Een ambitie voor de toekomst is dat we een kwaliteitsverbetering willen maken in het klimaatneutraal inkopen van de grond-, wegenen waterbouw en andere onderdelen van de openbare ruimte. De criteria leggen we vast in een Handboek Openbare ruimte. Bij herinrichting en renovaties van openbare ruimte streven we naar een duurzame inrichting, zowel in materialen als in een toekomstbestendig ontwerp. Denk hierbij aan mogelijkheden van waterinfiltratie in groen, waterdoorlatende verharding, bomen voor verkoeling, toekomstbestendig beheer.
10. We zetten in op vermindering van restafval en streven naar een aanbod van maximaal 35kg restafval per persoon per jaar. • • •
•
In het najaar van 2023 hebben we het nieuwe grondstoffenbeleid vastgesteld. Vanaf 2024 gaan we het de eerste stappen van het nieuwe beleid implementeren. In 2024 pakken we de Milieustraat aan door het herstellen van de vloeistofdichte vloer, het verbeteren van de toegankelijkheid en het op orde brengen van het rioleringssysteem. In 2023 is binnen het strategisch traject van Blink geconstateerd dat het publieke en private deel van de GR ontvlecht moet worden. Eind 2023 is hiervoor een business case opgesteld. In 2024 starten we met het proces om bij Blink de basis op orde te krijgen om te komen tot een zelfstandige organisatie. We merken de laatste jaren een forse toename van zwerfaval en de afkeur van PMD in de openbare ruimte. De PMD-afkeur neemt landelijk toe en ook in Son en Breugel. Vooral door onduidelijkheid dat er alleen verpakkingsmaterialen in de PMD mogen. We blijven structureel communiceren dat hard plastic en metaal niet in de PMD zakken mag.
Mobiliteit 11. Weggebruikers kunnen comfortabel en veilig deelnemen aan het verkeer. Elke verkeersdeelnemer moet zich goed door onze gemeente kunnen bewegen. Goede bereikbaarheid per auto, fiets, openbaar vervoer of te voet moet vanzelfsprekend zijn. Om dit te bewerkstelligen stellen we gezamenlijk met belanghebbenden in 2023 een Gemeentelijk Verkeer- en Vervoersplan ofwel Mobiliteitsplan op. Met inwoners en organisaties zijn we in overleg over bereikbaarheid, doorstroming, parkeervraagstukken en de verkeersveiligheid. Dit plan schept kaders door bijvoorbeeld de wegen te categoriseren, en principes en uitgangspunten voor de (her)inrichting van de openbare ruimte te benoemen.
31
12. De kernen en centra zijn goed bereikbaar. •
• •
De kernen en centra moeten voor een ieder goed en veilig bereikbaar zijn. De aanbevelingen uit het GVVP zijn leidend bij de (her)inrichting van onze wegen en de twee centrumplannen, Breugel Bruist en Centrumplan Son. De centra worden veilig maar zeker ook gezellig ingericht. In de regio blijven we participeren en ons inzetten voor goede en veilige aansluitingen op de snelwegen en doorfietsroutes zoals de F50 en F58. Die zorgen voor veilige en snelle verbindingen die ook nog eens milieuvriendelijk zijn. Een deel van onze inwoners en forensen is afhankelijk van openbaar vervoer. Het openbaar vervoer dient daarom een volwaardig alternatief te zijn voor het particulier vervoer. We blijven ons onverminderd inzetten voor goed openbaar vervoer door wijzigingsvoorstellen in de concessies positief kritisch te beoordelen en in gesprek te blijven met de Provincie.
Bijdragen verbonden partijen aan dit programma Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost behartigt de belangen van de gemeenten in het samenwerkingsgebied op de terreinen van: brandweerzorg, ambulancezorg, geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio, rampenbestrijding en crisisbeheersing en de gemeenschappelijke meldkamer, door: • Adequaat te reageren op spoedeisende hulpvragen van burgers, instellingen en bedrijven; • Het organiseren en coördineren van geneeskundige hulpverlening in de regio; • Het voorkomen en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar en/of ongevallen bij brand en alles wat hiermee verband houdt. Ook het aanschaffen en onderhouden van gemeenschappelijk materieel en de coördinatie van de werkzaamheden op dit gebied behoort tot de taak van VRBZO; • Het in beeld brengen van risico's; • Het organiseren van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB) De Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant voert namens de gemeente de vergunningverlenings-, toezicht- en handhavingstaken uit op het gebied van milieu. Daarnaast ondersteunt de ODZOB de gemeente op het gebied van allerlei milieu gerelateerde zaken zoals bodem, externe veiligheid, fijn stof, geuremissies etc.
Reiniging Blink De gemeenschappelijke regeling Reiniging Blink voert vanaf 2022 namens de gemeente de afvaltaken uit, door: • De inzameling van huis- aan huisafval. • Exploitatie van de milieustraat. • (Digitale) dienstverlening naar de inwoners m.b.t. afval. • Beleidsadvisering.
32
Wat gaat het kosten? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma zijn verbonden. Zowel de baten als de lasten worden als positieve bedragen weergegeven. Het saldo wordt weergegeven als negatief als er meer lasten zijn dan baten en als positief als er meer baten zijn dan lasten. Bedragen x €1.000 Omschrijving
Realisatie 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Lasten 0.10 Mutaties reserves programma 3
244
0
77
77
49
49
1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
884
931
1.040
1.034
1.034
1.033
1.2 Openbare orde en Veiligheid
771
759
930
934
954
934
2.1 Verkeer en vervoer
1.667
1.818
1.966
2.048
2.126
2.130
2.2 Parkeren
3
43
10
33
33
32
2.5 Openbaar vervoer
2
16
0
0
0
0
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
1.629
1.565
1.774
1.772
1.761
1.767
7.2 Riolering
1.049
934
921
1.080
1.244
1.437
7.3 Afval
2.681
2.302
2.170
2.195
2.194
2.194
7.4 Milieubeheer
643
781
1.068
990
742
724
Totaal Lasten
9.573
9.148
9.956
10.164
10.138
10.301
341
272
301
260
231
216
1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
0
34
0
0
0
0
1.2 Openbare orde en Veiligheid
48
9
10
10
10
10
2.1 Verkeer en vervoer
25
32
33
33
33
33
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
41
77
79
79
79
79
7.2 Riolering
1.474
1.497
1.602
1.781
1.982
2.185
7.3 Afval
2.684
2.704
2.730
2.769
2.772
2.773
198
22
451
383
48
46
Totaal Baten
4.811
4.647
5.206
5.316
5.156
5.343
Saldo (baten -/lasten)
-4.762
-4.500
-4.750
-4.847
-4.982
-4.958
Baten 0.10 Mutaties reserves programma 3
7.4 Milieubeheer
33
Nieuw beleid Omschrijving
I/S
2024
2025
2026
2027
1. Structurele samenwerking buurtbemiddeling
S
-9.500
-9.500
-9.500
-9.500
2. Aankoop elektrische auto toezicht en handhaving
S
0
-3.571
-3.571
-3.571
3. Civiele kunstwerken
S
-23.597
3.612
-14.868
2.220
4. Bijdrage regionale bereikbaarheidsopgave
S
-13.928
-13.928
-42.289
-42.289
5. Storting reserve infrastructurele werken voor bijdrage bereikbaarheidsopgave
S
-77.438
-77.438
-49.077
-49.077
6. Staangelden marken en kermissen
S
-8.500
-8.500
-8.500
-8.500
7. STILA (Stimuleringsregeling landschap)
I
-30.000
0
0
0
8. Onderzoek naar soorten managementplan (SMP)
I
-10.000
0
0
0
8. Onderzoek naar soorten managementplan (SMP) uit reserve Duurzaamheid
I
10.000
0
0
0
Totaal
-162.963 -109.325 -127.805 -110.717
+/+ is voordeel, -/- is nadeel
2. Aankoop elektrische auto toezicht en handhaving Een auto in het kader van de gemeentelijke handhaving (boa’s + toezichthouders) is essentieel in het kader van veiligheid. Het is niet wenselijk dat een toezichthouder controles (bijvoorbeeld in het kader van ondermijning) uitvoert met een eigen voertuig in verband met het herkennen van kentekens. Bovendien kunnen de toezichthouders efficiënter te werk gaan doordat zij sneller ter plaatse zijn en straalt het een zekere mate van professionaliteit uit. De aanschafprijs bedraagt € 25.000,-. We nemen de kapitaallasten van deze investering op. 4. en 5. Bijdrage regionale bereikbaarheidsopgave Rijk en Regio hebben concrete afspraken gemaakt over een maatregelenpakket voor de schaalsprong en bereikbaarheidsopgave van Brainport. Voor de uitvoering ervan wordt van alle gemeenten in de MRE een bijdrage gevraagd. Het voorstel is om het groeipad infrastructurele werken hiervoor in te zetten als dekking waardoor dit budgettair neutraal is. De dekking hiervan is vermeld in programma 1. 7. STILA (Stimuleringsregeling landschap) In de periode 2021 t/m 2023 hebben inwoners en bedrijven gebruik gemaakt van de Stimuleringsregeling landschap en daarmee subsidie gekregen voor inrichting en/of beheer van natuur- en landschapselementen.
Aanvragen worden begeleid door de veldcoördinator van Brabants Landschap en de subsidie wordt verdubbeld door de provincie. Voor verlenging / deelname voor de volgende periode (2024 t/m 2026) wordt wederom een eenmalige cofinanciering van € 30.000,gevraagd. Sluit aan bij doelstellingen voor biodiversiteit en landschap.
34
Programma 4. Economische en ruimtelijke ontwikkeling Inleiding De fysieke leefomgeving kent diverse abstractieniveaus. In het programma Fysieke en Veilige leefomgeving komen vooral de tactische en operationele kant van de leefomgeving aan de orde. Het programma Economische en Ruimtelijke ontwikkeling richt zich meer op de visie en de strategische kant van deze leefomgeving. Er is natuurlijk wel overlap tussen de programma’s omdat de scheidslijn tussen het strategische en het tactische abstractieniveau niet zo scherp is. Een voorbeeld daarvan is het onderwerp natuur en landschap: enerzijds hebben we een visie en sluiten we qua strategie aan bij lopende regionale ontwikkelingen (‘Dommeldal uit de verf’ en Van Gogh Nationaal Park), anderzijds moeten we ook natuur en groen aanleggen en onderhouden. Door visievorming op het ruimtelijk beleid en de uitvoering daarvan leveren we een bijdrage aan een levendig, groen en vitaal dorp en een gezonde en leefbare leefomgeving. Onze strategische inzet richt zich vooral op onze regionale afstemming en doorvertaling naar het lokale niveau. Dit programma richt zich ook op de duurzame economische structuur van de gemeente.
Wat willen we bereiken? Thema
Doelstellingen
Omgevingswet 1. Zorg dragen voor een adequate implementatie van de Omgevingswet, waarbij de klantservice snel, eenvoudig en beter kan plaatsvinden. 2. Diverse instrumenten onder de Omgevingswet door ontwikkelen volgens de (tweejaarlijkse) beleidscyclus. Ruimte
3. Voorzien in een tijdige en adequate behandeling van alle ruimtelijke initiatieven. 4. Voorzien in kwalitatief passende ontwikkelingslocaties.
Wonen
5. Het opstellen van een Woonprogramma (inclusief flankerend beleid). 6. Invulling geven aan de ambitie van het kwantitatieve gewenste woningbouwprogramma.
Duurzaamheid 7. In 2030 wil Son en Breugel een klimaat neutrale gemeente zijn. 8. Son en Breugel moet in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig zijn. 9. We verhogen biodiversiteit in ons buitengebied én bebouwd gebied. 10. We koesteren de landschappelijke kwaliteit en verhogen de beleving van ons landschap. Economie
11. Ekkersrijt blijft een economische toplocatie binnen het Brainport ecosysteem. 12. Een vitaal en aantrekkelijk (verblijfs)centrum, met een sterk ondernemings- en vestigingsklimaat.
Regio
13. Door in regionaal verband samen te werken met andere overheden en organisaties dragen we bij aan een succesvolle ontwikkeling van de Brainportregio.
Relevante beleidsnota's Naam
Periode
Vastgesteld in de raad
Toekomstvisie voor Son en Breugel
2012 - 2030 21 juni 2012
omgevingsvisie Son en Breugel en omgevingsplan Son en Breugel (2024)
Structuurvisie voor Son en Breugel
2014 - 2030 6 februari 2014
omgevingsvisie Son en Breugel en omgevingsplan Son en Breugel (2024)
Omgevingsvisie Son en Breugel; Oog op een zonnige toekomst !
2022-pm
cyclus proces. Nieuwe versie n.a.v. uitwerkingsplan deelgebied/deelthema
Woonvisie voor Son en Breugel
2012 - 2020 20 december 2012
Woningbouwprogramma Son en Breugel 2016/2020 – 2030 (addendum op de Woonvisie)
2016/2020 - 16-jun-16 2030
Cultureel Erfgoed (2019 - 2030) gemeente Son en Breugel
2019-2030
n.v.t.
Centrumvisie Son
n.v.t.
21 juni 2012
Centrumvisie Breugel en uitvoeringsprogramma
n.v.t.
21 juni 2012 resp. 29 augustus 2013
Plan van Aanpak Implementatie Omgevingswet Son en Breugel (Implementatieprogramma Omgevingswet)
2016 - 2029 6 december 2016 (college)
Afsprakenkader Wonen 2017 SGE
2017 e.v.
21 december 2017
Landschapsinvesteringsregeling gemeente Son en Breugel
2013 e.v.
29 augustus 2013
19 mei 2022
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
test
Centrumvisie / Uitwerkingsprogramma Centrum Son (2024)
omgevingsvisie Son en Breugel en omgevingsplan Son en Breugel (2024)
35
Intergemeentelijke Structuurvisie Rijk van Dommel en Aa
2011 e.v.
1 september 2011
Verslingerd aan de Dommel
2012 e.v.
23 augustus 2012
Visie Sciencepark
2017 e.v.
21 december 2017
Nota Grondbeleid
2020-2024
17 december 2020
Kaders als Koers - kaders voor de woningbouwprogrammering op ontwikkelingslocaties
2019 e.v.
19 december 2019
Visie op Wonen Stedelijk Gebied Eindhoven
2019 e.v.
22 augustus 2019
Huisvestingsverordening gemeente Son en Breugel 2020- 2020-2023 2023
19 december 2019
Masterplan Ekkersrijt
2015 e.v.
12november 2015
Uitwerkingsprogramma Ekkersrijt (2025)
Programmering werklocaties SGE en financieel arrangement 2021 - 2024
2021-2024
23 september 2021
Regionale programmering werklocaties (2024)
Regionale Detailhandelsvisie 2016
2016 e.v.
3 september 2015
Actualisering Regionale detailhandelsvisie (2023)
Regionale Energie Strategie MRE
2021-2023
Q4 2021
Transitievisie Warmte
2021-2026
Q4 2021
Actualisatie elke 5 jaar
Wat gaan we ervoor doen? Omgevingswet
Doelstellingen 1. Zorg dragen voor een adequate implementatie van de Omgevingswet, waarbij de klantservice snel, eenvoudig en beter kan plaatsvinden. Via het Werkteam Implementatie Omgevingswet geven we vorm en inhoud aan de uitwerking van de implementatie van de Omgevingswet. In 2024 doen we de eerste ervaring in de praktijk op met de uitgewerkte werkprocessen, werkorganisatie, website en klantservice. De opgedane ervaringen gaan we tussentijds monitoren en evalueren. Dit kan leiden tot bijstellingen van deze producten. Het groeiend inzicht in de betekenis en de (juridische) uitwerking van de Omgevingswet kan ook leiden tot het oppakken en uitwerken van nieuwe activiteiten.
2. Diverse instrumenten onder de Omgevingswet door ontwikkelen volgens de (tweejaarlijkse) beleidscyclus. De Omgevingswet treedt op 1 januari 2024 in werking. We ontwikkelen daarvoor een aantal instrumenten, zoals onder andere de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Op 19 mei 2022 heeft de raad de "Omgevingsvisie Son en Breugel; OOg op een zonnige toekomst!" (versie 1.0). vastgesteld. Ons doel is deze omgevingsvisie actueel te houden met een tweejaarlijkse beleidscyclus. Nieuwe inzichten, uitwerkingsprogramma's en ontwikkelingen op de diverse beleidsterrein, voor zover het het fysiek domein betreft, verwerken we in volgende versies van de omgevingsvisie zodat er altijd een up-to-date versie is. In 2024 verwachten we de eerste resultaten van enkele uitwerkingen zoals deze in hoofdstuk 6 van de omgevingsvisie zijn vastgelegd. Op 1 januari 2024 hebben we als overgangsmaatregel een 'Omgevingsplan van rechtswege'. Tot 2032 hebben we de gelegenheid dit 'Omgevingsplan van rechtswege' om te zetten naar een "Omgevingsplan Son en Breugel". Inmiddels hebben we de eerste stappen gezet aan de vormgeving en inhoud van het "Omgevingsplan Son en Breugel" voor een eerste woongebied (De Gentiaan). In 2024 zetten we dit werk voort door de omzetting van de bestemmingsplannen voor de gebiedsdelen 'Ekkersrijt' en 'Centrum Son'. Het omgevingsplan dienen we eveneens periodiek aan te passen.
Wijzigingen als gevolg van het honoreren van initiatiefvoorstellen, de wettelijke verplichting om vergunningen die in afwijking van het omgevingsplan (BOPA's) toch zijn verleend binnen 5 jaar te vertalen naar het omgevingsplan en ook wijzigingen die voortkomen uit de aanpassing van de omgevingsvisie, moeten worden verwerkt in het Omgevingsplan. In voorgaande begrotingen en in de Kadernota 2024-2027 hebben we de benodigde financiële middelen al aangegeven en begroot. Voor de werkzaamheden t.b.v. het "Omgevingsplan Son en Breugel' gaat het om een bedrag van € 250.000.
36
We werken aan de volgende onderdelen: Omgevingsvisie (wettelijk) 1. tweejaarlijkse bijstellen van de omgevingsvisie 2. opstellen en uitwerken thematisch programma Wonen / Woonprogramma (2023-2024) 3. opstellen en uitwerken thematische programma Gezondheid (2023 - 2024) 4. opstellen en uitwerken gebiedsprogramma Sonniuswijk (2023 - 2024) 5. opstellen en uitwerken gebiedsprogramma Ekkersrijt (2023 - 2024) 6. opstellen en uitwerken gebiedsprogramma Centrumgebied Son (2023 - 2024) 7. opstellen en uitwerken thematisch programma Landschap en Natuur (2024) Omgevingsplan (wettelijk) 8. opstellen van het "Omgevingsplan Son en Breugel" (versie 1.0) (2022-2026) 9. periode wijzigingen van het omgevingsplan (2024 e.v. jaren) Digitaal Stelsel Omgevingswet (wettelijk) 10. uitvoering en invulling geven aan het Digitaal Stelsel Omgevingswet
Ruimte 3. Voorzien in een tijdige en adequate behandeling van alle ruimtelijke initiatieven. De Omgevingswet, die alle verzoeken voor vergunningen en gebiedsontwikkelingen bundelt, vraagt om een tijdige afhandeling van verzoeken en initiatieven. Met ingang van 1 januari 2024 starten we met de nieuwe werkprocessen. In 2024 doen we de eerste ervaring op met de uitgewerkte werkprocessen. De opgedane ervaringen gaan we tussentijds monitoren en evalueren. Dit kan leiden tot nieuwe werkzaamheden of bijstellingen van producten.
4. Voorzien in kwalitatief passende ontwikkelingslocaties. De ambitie die de raad heeft vastgelegd in de "Omgevingsvisie Son en Breugel; OOg op een zonnige toekomst!" vraagt op het gebied van wonen om een minimale toename van 700 woningen tot 2040. Het collegeprogramma vraagt om de realisatie van 250 wooneenheden in de periode 2022-2026. De huidige beschikbaarheid van potentiële en hardere ontwikkelingslocaties biedt krap ruimte om aan deze laatste ambitie invulling te kunnen geven. • In het kader van het 'thematisch programma Wonen / Woonprogramma' vindt onderzoek plaats naar waar aanvullende ontwikkelingslocaties voor woningbouw aan de orde kunnen komen. • Om meer grip en inzicht te krijgen in de voortgang van de realisatie van de woningbouw, zijn we eind 2023 gestart met het 'actieprogramma woningbouwlocaties 2023'. In 2024 geven we verder vorm en inhoud aan dit actieprogramma. • Om meer grip te krijgen op de woningmarkt en grondposities, overwegen we strategische aankopen. • Een ander middel om grip te houden op de woningmarkt is de toepassing van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Op 20 april 2023 heeft de gemeenteraad o.a. het besluit genomen om de Wvg te vestigen op een deel van de wijk Breeakker. De raad heeft, door middel van een aangenomen motie, het college gevraagd om uiterlijk in het vierde kwartaal van 2024 een uitgewerkt plan te presenteren aan de raad.
• Andere doelgroepen (arbeidsmigranten, flexwerkers e.d.) vragen om de inzet van flexibele woonlocaties, waarvoor in de Omgevingsvisie ruimtelijk meerdere opties zijn aangegeven. Operationalisering hiervan is noodzakelijk om ook tegemoet te komen aan de regionale afspraken in dat kader. Daarvoor overleggen we met initiatiefnemers om locaties voor flexibel wonen gerealiseerd te krijgen. • We bieden ruimte aan andere activiteiten ruimte, vanuit het kader en de ambities van onze "Omgevingsvisie Son en Breugel; OOg op een zonnige toekomst!" Uitvoeringsprogramma centrum Breugel De bouw van De Bongerd start in het 4e kwartaal 2023. De planning is dat de nieuwe sporthal 4e kwartaal 2024 wordt opgeleverd. De inrichting van het openbaar gebied en de ontwikkeling van de nieuwe sporthal gaan we zorgvuldig op elkaar afstemmen.
37
Wonen 5. Het opstellen van een Woonprogramma (inclusief flankerend beleid). De "Omgevingsvisie Son en Breugel; OOg op een zonnige toekomst!" vraagt om een "Uitwerkingsprogramma Wonen", het nieuwe "Woonprogramma". In dit Woonprogramma geven we in ieder geval aandacht aan c.q. vindt een uitwerking plaats van de volgende onderdelen die naar aanleiding van de omgevingsvisie onvoldoende aan bod zijn gekomen en om nadere uitwerking vragen. • Schetsen van de toekomstige woningbouwlocaties die beschikbaar zijn c.q. kunnen komen om de gewenste woningbouwopgave te faciliteren Het gaat onder meer om de ontwikkelingslocaties voor woningbouw, waarbij we invulling kunnen geven aan de minimale opgave om tot het jaar 2040 nog minimaal 700 woningen te realiseren (raadsuitspraak Omgevingsvisie) en om 250 wooneenheden te realiseren in de periode 2022-2026 (‘Bestuursakkoord 2022-2026’). • Schetsen welke onderdelen van het ‘flankerend beleid’ toepassing vinden in Son en Breugel Tevens geeft het ‘Uitwerkingsprogramma deelthema Wonen’ aan welke flankerende maatregelen op het terrein van wonen in Son en Breugel we kunnen toepassen.
Gedacht moet worden aan onderdelen als ‘toepassen startersleningen’, ‘zelfbewoningsplicht’, ‘doorstroombevordering in de vorm van een toewijzing / verkoop van de woningen bij voorrang aan inwoners uit Son en Breugel die een andere woning achter laten in Son en Breugel (incl. starters uit Son en Breugel) boven anderen’ en een ‘anti-speculatiebeding’. • Aangeven voor welke doelgroepen de woningmarkt in Son en Breugel bereikbaar is • De relatie met duurzaamheid • De relatie met de inclusieve samenleving / leefbaarheid
6. Invulling geven aan de ambitie van het kwantitatieve gewenste woningbouwprogramma. Schetsen van de toekomstige woningbouwlocaties die beschikbaar zijn c.q. kunnen komen om de gewenste woningbouwopgave te faciliteren Invulling geven aan de ontwikkelingslocaties voor woningbouw, waarbij we rekening houden met de minimale opgave om tot het jaar 2040 nog minimaal 700 woningen te realiseren (raadsuitspraak Omgevingsvisie) en om 250 wooneenheden te realiseren in de periode 2022-2026 (‘Bestuursakkoord 2022-2026’). Participeren en inbreng leveren in de regionale tafel 'Wonen' als ware we één gemeente Zoals: • Woondeal regio Eindhoven • Regionale afspraken wonen • Verstedelijkingsakkoord • Woningbouwimpuls en woningbouwversnelling
Duurzaamheid 7. In 2030 wil Son en Breugel een klimaat neutrale gemeente zijn. Wij willen de transitie naar een fossielvrije samenleving versnellen. Bij het opstellen van plannen en ideeën geven we veel vrijheid aan inwoners, organisaties en bedrijven in de gemeente, zodat de verschillende stakeholders aan de voorkant kunnen meedenken. • We trekken de aandacht van de verschillende stakeholders met de bewustwordingscampagne “Wat we doen is groen” en de Duurzaamheidsprijzen. In de campagne laten we zien wat inwoners, verenigingen en bedrijven van Son en Breugel al doen en kunnen bijdragen aan het reduceren van CO2-uitstoot. • Energiebesparing heeft prioriteit. We continueren de projecten, zoals o.a. het uitvoeren van inkoopacties en het Energieloket, waardoor we onze inwoners ook kunnen helpen met het nemen van duurzaamheidsmaatregelen. In 2024 start de uitvoering van De Groene Zone Isoleren, waarmee we een extra stap zetten voor het ontzorgen van onze inwoners. We hebben daarbij extra aandacht voor inwoners met een kleine portemonnee.
38
• •
•
• •
Voor de uitfasering van het aardgas (transitievisie warmte) maken we samen met de inwoners van ’t Zand in 2024 een eerste wijkuitvoeringsplan. Samen met de ondernemers, provincie Noord-Brabant en waterschap De Dommel zetten we nieuwe stappen in de aanpak van ‘De Grote Oogst’ op Ekkersrijt. We werken de lokale opgave voor grootschalige energieopwekking op land (RES) in Sonniuswijk verder uit. Voor de A50 start daarnaast het OER traject met Rijkswaterstaat. Het elektriciteitsnetwerk is vastgelopen. Netschaarste vraagt om een sterke impuls in het provinciale en regionale energienetwerk. Om toekomstige problemen te voorkomen vraagt het een andere manier van werken van overheden, netbeheerders en bedrijven. We gaan de komende jaren pilots organiseren, bijvoorbeeld binnen de Grote Oogst’, om toekomstige schaarste te voorkomen en bedrijven toch te laten groeien binnen de huidige knelpunten. In 2024 stellen we het nieuwe laadpalenbeleid vast. We doorlopen de Provinciale aanbesteding voor de openbare laadpalenconcessie vanaf medio 2024. In 2024 actualiseren we het algemene duurzaamheidsbeleid.
8. Son en Breugel moet in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig zijn. We starten in 2024 met een integrale aanpak voor klimaatadaptatie voor Son en Breugel. In het kader van het omgevingsprogramma en de Grote Oogst beginnen we op Ekkersrijt, omdat hier sprake is van grote hittestress, het aanpassen van de groenstructuur, aanleg van de EVZ en de (toekomstige) wateropgave. Via deze ervaringen kunnen we vervolgens de contouren schetsen voor de hele gemeente. In de aanpak kijken we naar de openbare en particuliere ruimte in de gemeente.
9. We verhogen biodiversiteit in ons buitengebied én bebouwd gebied. De afnemende biodiversiteit is niet alleen slecht voor de natuur maar ook voor onze leefomgeving. We zetten daarom in op het verhogen van de biodiversiteit in Son en Breugel. • Belangrijk is een goed functionerend natuurnetwerk. In het natuurpact tussen Rijk en provincie is afgesproken dat het natuurnetwerk in 2027 gerealiseerd is. • Prioriteit ligt bij het project 'Dommeldal uit de Verf' waarin we samenwerken met onze partners* om het stroomgebied van de Dommel een aaneengesloten natuurgebied te laten vormen. Het idee is een mozaïek van landschappen zoals we voorstaan in het 'Van Gogh Nationaal Park'. De visie 'Dommeldal uit de Verf' hebben we verwerkt in de vastgestelde Omgevingsvisie. • De opgave in onze gemeente is relatief groot. In 2023-2024 ligt de focus op het omzetten van (landbouw)gronden langs de Dommel en in de Breugelsche Beemden naar natuur via verwerving en zelfrealisatie. We kijken daarbij ook naar mogelijkheden om natuurbeheer en (duurzame/natuurinclusieve) landbouw samen te laten gaan en naar uitruil van gronden om niet binnen het beekdal passend grondgebruik elders voort te kunnen zetten. Water (kwel, ruimte voor de beek) is daarbij dé belangrijke sturende factor. • De biodiversiteitscrisis hangt ook samen met de klimaatcrisis en de stikstofcrisis.
Verdroging, verzuring en vermesting maken het de natuur niet makkelijk. Samen met het waterschap en terreinbeheerders kijken we naar mogelijkheden om water langer vast te houden daar waar het valt en de waterkwaliteit te verbeteren. Regenwater afkoppelen in bebouwd gebied speelt ook hierbij een belangrijke rol om verdroging van het beekdal te beperken. Ook het bosbeheer (minder naaldhout = minder verdroging) draagt hieraan bij. • Bij ruimtelijke initiatieven waken we ervoor dat de situatie niet verslechtert en mogelijk juist een bijdrage kan leveren aan herstel. We wijzen initiatiefnemers op mogelijkheden om natuurinclusief te bouwen en natuurlijke erfafscheidingen te gebruiken. • Bij bestaand bos, natuur en gemeentelijk groen zetten we ook in op het verhogen van de biodiversiteit (programma 3). Zeker in onze eigen openbare ruimte kunnen we hier veel winst behalen. Ook willen we inwoners, bedrijven en instellingen meer bewust maken van wat zij zelf kunnen bijdragen aan biodiversiteit. Veel van het bebouwd gebied is immers particulier bezit. Zo kunnen we sámen de biodiversiteit in het bebouwd gebied verhogen. * Brabants Landschap, Waterschap De Dommel, Staatsbosbeheer en de gemeenten Eindhoven, Nuenen en Geldrop-Mierlo.
39
10. We koesteren de landschappelijke kwaliteit en verhogen de beleving van ons landschap. Het landschap is onze basis. Ons heden en verleden. Onze binding met de plek. De leesbaarheid van ons landschap bepaalt de beleving van het landschap en de waardering voor onze leefomgeving. Hier voelen we ons thuis. We koesteren die landschappelijke kwaliteit. Als thematische uitwerking in de Omgevingsvisie gaan we hiermee aan de slag. Bij ruimtelijke initiatieven sturen we op een goede landschappelijke afweging of inpassing om verstoring te voorkomen. Ook zijn we partner van het 'Van Gogh Nationaal Park'. In het gedachtengoed van Van Gogh hebben we bij ontwikkelingen oog voor de kwaliteiten van ons landschap en onze natuur en we benutten kansen om deze te versterken. Bij gebiedsuitwerkingen zoals Sonniuswijk onderzoeken we hoe we die kwaliteit kunnen versterken. Als de provincie 'Het Groene Woud' aanwijst als LEADER gebied willen we als partner onderdeel zijn van dit Europese subsidieprogramma. Dit biedt de mogelijkheid om t/m 2027 initiatieven vanuit onze samenleving (bottom up) te ondersteunen op het gebied van landschap, biodiversiteit, klimaat en sociaaleconomische ontwikkeling.