CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Vaststellen wijziging omgevingsplan buitengebied Someren deelgebied 5

Gemeenteraad 11 september 2025, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen wijziging Omgevingsplan Buitengebied Someren - deelgebied 5.44.116 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

Artikel 6.139 Uitzondering vergunningplicht Het verbod, bedoeld in artikel 6.138, geldt niet voor het uitbreiden van bestaande (niet-agrarische) bedrijfsgebouwen als de uitbreiding voldoet aan de beoordelingsregels in artikel 6.140.

Artikel 6.140 Beoordelingsregels vergunningplicht 1

60

De omgevingsvergunning voor het bouwen van bedrijfsgebouwen wordt alleen verleend als:

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

a. b. c.

Concept

d. e.

f.

de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen niet meer bedraagt dan aangegeven met de omgevingsnorm maximum oppervlakte bedrijfsbebouwing; de goothoogte maximaal 4,5 meter bedraagt, tenzij anders aangegeven met de omgevingsnorm maximum goothoogte bedrijfsbebouwing; de bouwhoogte maximaal 8 meter bedraagt, tenzij anders aangegeven met de omgevingsnorm maximum bouwhoogte bedrijfsbebouwing; de dakhelling tussen de 20 en 60 graden bedraagt; gebouwd wordt op een afstand van: 1. minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; 2. minimaal 20 meter uit de as van de weg; en de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

2

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.140, eerste lid onder b en c wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van bedrijfsgebouwen met een grotere goot- en bouwhoogte alleen verleend als: a. de goothoogte maximaal 6 meter bedraagt; b. de bouwhoogte maximaal 10 meter bedraagt; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bedrijfsgebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; en e. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

3

Binnen de locatie recreatie - gebruik wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 6.140, eerste lid onder b en c kan een omgevingsvergunning voor het bouwen van bedrijfsgebouwen met een grotere goot- en bouwhoogte alleen verleend als: a. de goothoogte maximaal 6,5 meter bedraagt; b. de bouwhoogte maximaal 12 meter bedraagt; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bedrijfsgebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; en e. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

4

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.140, eerste lid onder e wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van bedrijfsgebouwen op een kortere afstand tot de grens van een gebouwerf alleen verleend als: a. de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (niet-)agrarische bedrijven niet worden belemmerd; b. aantoonbaar sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit bedrijfseconomisch, landschappelijk of stedenbouwkundig belang dan wel een algemeen maatschappelijk belang; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bedrijfsgebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; e. sprake is van een ruimtelijk kwaliteitsverbetering; en f. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

5

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.140, eerste lid onder e wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van bedrijfsgebouwen op een kortere afstand tot de (as van de) weg alleen verleend als: a. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering en/of perceelsinrichting; b. geen onevenredige verkeerskundige belemmeringen plaatsvinden; c. de overschrijding niet leidt tot een vermindering van de gebruiksmogelijkheden van de gronden voor piekberging en infiltratie; d. de wegbeheerder is gehoord; en e. de afstand tot de as van de weg waaraan wordt gebouwd, niet minder is dan minimaal de afstand van bestaande reeds dichterbij de weg gelegen bebouwing in hetzelfde gebouwerf. Als het gebouwerf aan twee of meer zijden direct grenst aan een weg is het mogelijk om slechts tot één weg die bestaande, kleinere afstand aan te houden. Tot de andere weg dient een afstand van niet minder dan 10 meter te worden aangehouden.

Paragraaf 6.4.8 (Overdekte) recreatieve voorzieningen bouwen Artikel 6.141 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van (overdekte) recreatieve voorzieningen binnen de locatie centrumvoorzieningen.

61

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.142 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning (overdekte) recreatieve voorzieningen te bouwen.

Concept

Artikel 6.143 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het bouwen van (overdekte) recreatieve voorzieningen wordt alleen verleend als: a. gebouwd wordt ten behoeve van sport en/of spel, een (overdekt) zwembad met glijbaantoren, routegebonden horeca en horeca ten behoeve van verblijfsrecreatie; b. de goothoogte maximaal 6,5 meter bedraagt; c. de bouwhoogte maximaal 12 meter bedraagt; d. de oppervlakte maximaal 6.325 m2 bedraagt, waarvan de oppervlakte ten behoeve van routegebonden horeca en horeca ten behoeve van verblijfsrecreanten in totaal maximaal 1.325 m2 bedraagt; en e. de goot- en bouwhoogte van een glijbaantoren bij een (overdekt) zwembad maximaal 13 meter bedraagt.

Paragraaf 6.4.9 Nutsvoorzieningen bouwen Artikel 6.144 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van nutsvoorzieningen binnen de locatie nutsvoorziening - gebouw.

Artikel 6.145 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning nutsvoorzieningen te bouwen.

Artikel 6.146 Beoordelingsregels vergunningplicht 1

De omgevingsvergunning voor het bouwen van nutsvoorzieningen wordt alleen verleend als: a. het gezamenlijke oppervlakte maximaal 30 m2 bedraagt; b. de goothoogte maximaal 3 meter bedraagt; c. de bouwhoogte maximaal 5,5 meter bedraagt; d. de dakhelling tussen de 20 en 60 graden bedraagt; en e. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

2

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.146, eerste lid onder b en c wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van nutsvoorzieningen met een grotere goot- en bouwhoogte alleen verleend als: a. de goothoogte maximaal 6 meter bedraagt; b. de bouwhoogte maximaal 10 meter bedraagt; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bedrijfsgebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; en e. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

Paragraaf 6.4.10 Gebouwen voor verblijfsrecreatie bouwen Artikel 6.147 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen of uitbreiden van gebouwen voor verblijfsrecreatie binnen de locatie gebouwen voor verblijfsrecreatie.

Artikel 6.148 Aanwijzing vergunningsplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning gebouwen voor verblijfsrecreatie te bouwen.

Artikel 6.149 Uitzondering vergunningplicht

62

1

Het verbod, bedoeld in artikel 6.148, geldt niet voor het uitbreiden van gebouwen voor verblijfsrecreatie als de uitbreiding voldoet aan de beoordelingsregels in artikel 6.150.

2

Het verbod, als bedoeld in artikel 6.148, geldt niet voor de bouw van twee trekkershutten, mits de bouwhoogte maximaal 2 meter bedraagt en de oppervlakte maximaal 12,5 m2.

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Concept

Artikel 6.150 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen voor verblijfsrecreatie wordt alleen verleend als: a. de totale oppervlakte aan gebouwen binnen de locatie kampeerbedrijf niet meer dan 1,5 hectare bedraagt, daaronder begrepen de (overdekte) recreatieve voorzieningen als bedoeld in paragraaf 6.4.8; b. de goothoogte maximaal 3 meter bedraagt; c. de bouwhoogte maximaal 4,5 meter bedraagt; en d. per gebouw voor verblijfsrecreatie sprake is van één bergruimte met een maximale oppervlakte van 10 m2 en een maximale bouwhoogte van 3 meter.

Paragraaf 6.4.11 Sanitaire voorzieningen bij een kampeerterrein bouwen Artikel 6.151 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van sanitaire voorzieningen bij een kampeerterrein binnen de locatie sanitaire voorzieningen.

Artikel 6.152 Algemene bouwregels Het bouwen van sanitaire voorzieningen is vergunningvrij als: a. de gezamenlijke oppervlakte niet meer dan 60 m2 bedraagt; b. de goothoogte maximaal 3 meter bedraagt; c. de bouwhoogte maximaal 5,5 meter bedraagt.

Paragraaf 6.4.12 Atelier bouwen Artikel 6.153 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van een atelier binnen de locatie atelier.

Artikel 6.154 Aanwijzing verbod Het is verboden een atelier te herbouwen, te verbouwen, nieuw te bouwen, te vervangen en/of uit te breiden.

Artikel 6.155 Algemene bouwregels Ten behoeve van beeldhouwwerken mag een atelier in stand worden gehouden, mits: a. de oppervlakte niet meer bedraagt dan 102 m2; b. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 4,7 meter; en c. de goothoogte niet meer bedraagt dan 2,3 meter.

Paragraaf 6.4.13 Clubhuis hondensportvereniging bouwen Artikel 6.156 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van een clubhuis voor een hondensportvereniging binnen de locatie clubhuis hondensportvereniging.

Artikel 6.157 Aanwijzing verbod Het is verboden een clubhuis te herbouwen, te verbouwen, nieuw te bouwen, te vervangen en/of uit te breiden.

Artikel 6.158 Algemene bouwregels Een verenigingsgebouw met opslag van oefenmateriaal ten behoeven van de hondensport mag in stand worden gehouden, mits: a. de oppervlakte niet meer bedraagt dan 102 m2; b. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 4,7 meter; en c. de goothoogte niet meer bedraagt dan 2,3 meter.

Paragraaf 6.4.14 Gebouwen ten behoeve van scheepvaart bouwen

63

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.159 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van gebouwen ten behoeve van scheepvaart binnen de locatie gebouwen ten behoeve van scheepvaart.

Concept

Artikel 6.160 Algemene bouwregels

64

Het bouwen van gebouwen ten behoeve van scheepvaart is vergunningvrij als: a. het gezamenlijke oppervlakte binnen de locatie gebouwen ten behoeve van scheepvaart maximaal 200 m2 bedraagt; b. de oppervlakte per gebouw maximaal 35 m2 bedraagt; en c. de bouwhoogte maximaal 4,5 meter bedraagt.

Paragraaf 6.4.15 Burgerwoning bouwen - buitengebied Artikel 6.161 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen een burgerwoning binnen de locatie burgerwoning (landelijk gebied).

Artikel 6.162 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning een burgerwoning te bouwen.

Artikel 6.163 Uitzondering vergunningplicht Het verbod, bedoeld in artikel 6.162, geldt niet voor het uitbreiden van een bestaande burgerwoning als: a. de uitbreiding niet plaatsvindt binnen de locatie overtollige bebouwing; en b. de uitbreiding voldoet aan de beoordelingsregels in artikel 6.164.

Artikel 6.164 Beoordelingsregels vergunningplicht 1

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een burgerwoning wordt alleen verleend als: a. het aantal woningen per gebouwerf maximaal één woning bedraagt, tenzij anders aangegeven met de omgevingsnorm maximum aantal wooneenheden; b. binnen de locatie twee-aaneen burgerwoning de woningen aaneen worden gebouwd; c. de inhoud maximaal 750 m3 bedraagt, tenzij anders aangegeven met de omgevingsnorm maximum inhoud woning; d. de goothoogte maximaal 6 meter bedraagt; e. de bouwhoogte maximaal 10 meter bedraagt; f. de dakhelling tussen de 20 en 60 graden bedraagt; g. gebouwd wordt op een afstand van: 1. minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; 2. minimaal 15 meter uit de as van de weg; en h. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

2

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.164, eerste lid onder c wordt een omgevingsvergunning voor het uitbreiden van een burgerwoning met een grotere inhoudsmaat dan 750 m3 alleen verleend als: a. de uitbreiding niet plaatsvindt binnen de locatie overtollige bebouwing; b. de inhoud maximaal 900 m3 bedraagt; c. binnen de locatie twee-aaneen burgerwoning de woningen aaneen worden gebouwd; d. per m3 uitbreiding, minimaal het aantal m2 zoals opgenomen in onderstaande tabel wordt gesloopt; e. de te slopen bebouwing als bedoeld onder b legaal opgericht is of krachtens overgangsrecht is toegelaten; f. aangetoond is dat de ontwikkelingsmogelijkheden van (niet-)agrarische bedrijven in de nabijheid van de woning niet worden belemmerd; g. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de woning en de directe omgeving niet onevenredige worden aangetast; h. de sloop van overtollig bebouwing duurzaam verzekerd is; i. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt; en j. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen, maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Concept

Te slopen bebouwing Type landschap

Aantal te slopen bebouwing om 1 m3 extra bebouwing mogelijk te maken

Natuur Netwerk Brabant

1

Kampenlandschap

1⅔

Beekdallandschap

1⅔

Oude heideontginningen

2

Jonge heideontginningen

2⅓

Bebouwingsconcentratie

1⅔

3

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.164, eerste lid onder g wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van een burgerwoning op een kortere afstand tot de grens van een gebouwerf alleen verleend als: a. de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (niet-)agrarische bedrijven niet worden belemmerd; b. aantoonbaar sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit bedrijfseconomisch, landschappelijk of stedenbouwkundig belang dan wel een algemeen maatschappelijk belang; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bedrijfsgebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; e. sprake is van een ruimtelijk kwaliteitsverbetering; en f. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

4

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.164, eerste lid onder g wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van een burgerwoning op een kortere afstand tot de (as van de) weg alleen verleend als: a. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering en/of perceelsinrichting; b. geen onevenredige verkeerskundige belemmeringen plaatsvinden; c. de overschrijding niet leidt tot een vermindering van de gebruiksmogelijkheden van de gronden voor piekberging en infiltratie; d. de wegbeheerder is gehoord; e. de afstand tot de as van de weg waaraan wordt gebouwd, niet minder is dan minimaal de afstand van bestaande reeds dichterbij de weg gelegen bebouwing in hetzelfde gebouwerf. Als het gebouwerf aan twee of meer zijden direct grenst aan een weg is het mogelijk om slechts tot één weg die bestaande, kleinere afstand aan te houden. Tot de andere weg dient een afstand van niet minder dan 10 meter te worden aangehouden.

Paragraaf 6.4.16 Bedrijfswoning bouwen Artikel 6.165 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van een bedrijfswoning binnen de locatie bedrijfswoning.

Artikel 6.166 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning een bedrijfswoning te bouwen.

Artikel 6.167 Uitzondering vergunningplicht Het verbod, bedoeld in artikel 6.166, geldt niet voor het uitbreiden van een bestaande bedrijfswoning als de uitbreiding voldoet aan de beoordelingsregels in artikel 6.168.

Artikel 6.168 Beoordelingsregels vergunningplicht 1

65

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een bedrijfswoning wordt alleen verleend als: a. het aantal bedrijfswoningen per gebouwerf maximaal één woning bedraagt, tenzij anders aangegeven met de omgevingsnorm aantal bedrijfswoningen; b. binnen de locatie twee-aaneen bedrijfswoning woningen aaneen worden gebouwd; c. de inhoud maximaal 750 m3 bedraagt;

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

d. e. f. g.

Concept

h. i.

de goothoogte maximaal 6 meter bedraagt; de bouwhoogte maximaal 10 meter bedraagt; de dakhelling tussen de 20 en 60 graden bedraagt; gebouwd wordt op een afstand van: 1. minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; 2. minimaal 15 meter uit de as van de weg. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt; en aangetoond is dat de bedrijfswoning noodzakelijk is vanuit bedrijfseconomisch oogpunt, waarbij de noodzaak van deze bedrijfswoning niet het gevolg mag zijn van een eerder aanwezige maar inmiddels afgestoten andere bedrijfswoning. In geval van een agrarische bedrijfswoning dient hiertoe advies ingewonnen te worden bij de AAB.

2

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.168, eerste lid onder g wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bedrijfswoning op een kortere afstand tot de grens van een gebouwerf alleen verleend als: a. de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (niet-)agrarische bedrijven niet worden belemmerd; b. aantoonbaar sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit bedrijfseconomisch, landschappelijk of stedenbouwkundig belang dan wel een algemeen maatschappelijk belang; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de bedrijfsgebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; e. sprake is van een ruimtelijk kwaliteitsverbetering; en f. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

3

In aanvulling op het bepaalde in artikel 6.168, eerste lid onder g wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bedrijfswoning op een kortere afstand tot de (as van de) weg alleen verleend als: a. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering en/of perceelsinrichting; b. geen onevenredige verkeerskundige belemmeringen plaatsvinden; c. de overschrijding niet leidt tot een vermindering van de gebruiksmogelijkheden van de gronden voor piekberging en infiltratie; d. de wegbeheerder is gehoord; en e. de afstand tot de as van de weg waaraan wordt gebouwd, niet minder is dan minimaal de afstand van bestaande reeds dichterbij de weg gelegen bebouwing in hetzelfde gebouwerf. Als het gebouwerf aan twee of meer zijden direct grenst aan een weg is het mogelijk om slechts tot één weg die bestaande, kleinere afstand aan te houden. Tot de andere weg dient een afstand van niet minder dan 10 meter te worden aangehouden.

Paragraaf 6.4.17 Noodwoning bouwen Artikel 6.169 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van een noodwoning binnen de locatie noodwoning.

Artikel 6.170 Aanwijzing verbod Het is verboden een noodwoning nieuw te bouwen en/of uit te breiden, danwel de bestaande bebouwing behorende bij een noodwoning uit te breiden.

Artikel 6.171 Algemene bouwregels Het gedeeltelijk vernieuwen of gedeeltelijk vervangen van de bestaande bebouwing behorende bij een noodwoning is vergunningvrij met inachtneming van de bestaande oppervlakte, goot- en nokhoogte van die bestaande bebouwing.

Paragraaf 6.4.18 Bijgebouwen bij een woning bouwen Artikel 6.172 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van bijgebouwen bij een woning binnen de locatie bijgebouwen.

66

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.173 Aanwijzing verbod Binnen de locatie overtollige bebouwing is het verboden bijgebouwen te herbouwen, te verbouwen, nieuw te bouwen, te vervangen en/of uit te breiden.

Concept

Artikel 6.174 Algemene bouwregels 1

Het bouwen van bijgebouwen is vergunningvrij als voldaan wordt aan de volgende regels: a. de gezamenlijke oppervlakte per woning maximaal 100 m2 bedraagt, tenzij anders aangegeven met de omgevingsnorm maximum oppervlakte bijgebouwen; b. de goothoogte maximaal 3 meter bedraagt; c. de bouwhoogte maximaal 5,5 meter bedraagt, tenzij anders aangegeven met de omgevingsnorm maximum bouwhoogte bijgebouwen; d. de dakhelling tussen de 20 en 60 graden bedraagt; e. gebouwd wordt op een afstand van: 1. minimaal 1 meter achter de voorgevelooilijn van de woning; 2. minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; 3. minimaal 15 meter uit de as van de weg. f. de afstand tussen een vrijstaand bijgebouw en de woning maximaal 20 meter bedraagt; g. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt; en h. niet gebouwd wordt ter plaatse van de locatie overtollige bebouwing.

2

Binnen de locatie bijgebouw - 500 en bijgebouw - 501 is het bepaalde in artikel 6.174, eerste lid onder e niet van toepassing en mag gebouwd wordt tot op de grens van het gebouwerf.

3

Binnen de locatie bijgebouw 502 is het bepaalde in artikel 6.174, eerste lid onder e niet van toepassing en: a. mag gebouwd worden tot minimaal 2 meter uit de grens van het gebouwerf; b. mag gebouwd worden tot minimaal 4 meter uit de as van de weg.

Artikel 6.175 Aanwijzing vergunningplicht 1

Het is verboden zonder omgevingsvergunning bijgebouwen te bouwen met een grotere oppervlakte dan bepaald in artikel 6.174 onder a binnen de locatie burgerwoning (landelijk gebied).

2

Het is verboden zonder omgevingsvergunning een vrijstaand bijgebouw te bouwen op een grotere afstand van de woning dan bepaald in artikel 6.174 onder f.

3

Het is verboden zonder omgevingsvergunning bijgebouwen te bouwen met een grotere goot- en bouwhoogte dan bepaald in artikel 6.174 onder b en c.

4

Het is verboden zonder omgevingsvergunning bijgebouwen te bouwen op een kortere afstand tot de grens van het gebouwerf dan bepaald in artikel 6.174 onder e.

5

Het is verboden zonder omgevingsvergunning bijgebouwen te bouwen op een kortere afstand tot de (as van de) weg dan bepaald in artikel 6.174 onder e.

Artikel 6.176 Uitzondering vergunningplicht Het verbod, bedoeld in artikel 6.175, eerste lid, geldt niet voor het bouwen van bijgebouwen conform het gestelde in artikel 22.36.

Artikel 6.177 Beoordelingsregels vergunningplicht 1

67

De omgevingsvergunning voor het bouwen van bijgebouwen met een grotere oppervlakte als bedoeld in artikel 6.175, eerste lid wordt alleen verleend als: a. de oppervlakte aan bijgebouwen maximaal 350 m2 bedraagt; b. per m2 uitbreiding, minimaal het aantal m2 zoals opgenomen in onderstaande tabel wordt gesloopt; c. de te slopen bebouwing als bedoeld onder a legaal opgericht is of krachtens overgangsrecht is toegelaten; d. aangetoond is dat de ontwikkelingsmogelijkheden van (niet-)agrarische bedrijven in de nabijheid van de woning niet worden belemmerd;

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

e. f. g. h.

de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de woning en de directe omgeving niet onevenredig worden aangetast; de sloop van overtollige bebouwing duurzaam verzekerd is; de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt; en de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

Concept

Te slopen bebouwing

68

Type landschap

Aantal m2 te slopen bebouwing om 1 m2 extra bebouwing mogelijk te maken

Natuur Netwerk Brabant

1

Kampenlandschap

2

Beekdallandschap

2

Oude heideontginningen

3

Jonge heideontginningen

3½

Bebouwingsconcentratie

2

2

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een vrijstaand bijgebouw op een grotere afstand als bedoeld in artikel 6.175, tweede lid wordt alleen verleend als: a. er geen sprake is van planologische en/of milieuhygiënische belemmeringen; b. de landschappelijke, stedenbouwkundige of algemeen maatschappelijke noodzaak is aangetoond; c. de landschappelijke, stedenbouwkundige en/of cultuurhistorische kenmerken van (bouwwerken in) de directe omgeving niet onevenredig aangetast wordt; d. er sprake is van een ruimtelijke kwaliteitsverbetering; en e. de ruimtelijke kwaliteit is gewaarborgd.

3

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een bijgebouw met een een grotere goot- en bouwhoogte als bedoeld in artikel 6.175, derde lid wordt alleen verleend als: a. de goot- en/of bouwhoogte niet meer bedraagt dan 10% van de maximale goot- en/of bouwhoogte als bepaald in artikel 6.174 onder b en c; b. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een goede of doelmatige functionele, stedenbouwkundige, bouwkundige architectonische inpassing; en c.

de ruimtelijke kwaliteit is gewaarborgd.

4

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een bijgebouw op een kortere afstand tot de grens van het gebouwerf als bedoeld in artikel 6.175, vierde lid wordt alleen verleend als: a. de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (niet-)agrarische bedrijven niet worden belemmerd; b. aantoonbaar sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit bedrijfseconomisch, landschappelijk of stedenbouwkundig belang dan wel een algemeen maatschappelijk belang; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de gebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; e. sprake is van een ruimtelijk kwaliteitsverbetering; en f. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

5

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een bijgebouw op een kortere afstand tot de (as van de) weg als bedoeld in artikel 6.175, vijfde lid wordt alleen verleend als: a. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering en/of perceelsinrichting; b. geen onevenredige verkeerskundige belemmeringen plaatsvinden; c. de overschrijding niet leidt tot een vermindering van de gebruiksmogelijkheden van de gronden voor piekberging en infiltratie; d. de wegbeheerder is gehoord; en e. de afstand tot de as van de weg waaraan wordt gebouwd, niet minder is dan minimaal de afstand van bestaande reeds dichterbij de weg gelegen bebouwing in hetzelfde gebouwerf. Als het gebouwerf aan twee of meer zijden direct grenst aan een weg is het mogelijk om slechts tot één weg die bestaande, kleinere afstand aan te houden. Tot de andere weg dient een afstand van niet minder dan 10 meter te worden aangehouden.

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Paragraaf 6.4.19 Herbouwen woning Artikel 6.178 Toepassingsbereik

Concept

Deze paragraaf is van toepassing op het herbouwen van een woning binnen de locatie burgerwoning (landelijk gebied), bedrijfswoning of voormalige functionele binding.

Artikel 6.179 Algemene bouwregels 1

Het herbouwen van een woning is vergunningvrij als de woning gesitueerd wordt ter plaatse van de bestaande fundering, en indien sprake is van uitbreiding van de bebouwde oppervlak van de woning aansluitend op de bestaande fundering. Indien de inhoud van de bestaande bedrijfswoning op basis van een eerder verleende vergunning al meer bedraagt of mag bedragen, dan geldt deze inhoud, als maximaal toegestaan. Bij herbouw geldt dat de woning tot maximaal de vergunde inhoud mag worden teruggebouwd;

2

Herbouw van een cultuurhistorisch waardevolle woning is alleen mogelijk indien dit is gericht op behoud en/of herstel van de cultuurhistorische waarden. Voor een cultuurhistorische woning geldt de totale inhoud van het oorspronkelijk opgerichte pand waar cultuurhistorische en/of monumentale waarden aan toegekend zijn op grond van een deskundigenrapport als de maximaal toegestane inhoud.

Artikel 6.180 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning een woning te herbouwen op een andere locatie dan bedoeld in artikel 6.179, eerste lid.

Artikel 6.181 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het herbouwen van een woning op een andere locatie als bedoeld in artikel 6.180 wordt alleen verleend als: a. gebouwd wordt op een afstand van: 1. minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; 2. minimaal 15 meter uit de as van de weg. b. in het geval van herbouw van een woning binnen de locatie voormalige functionele binding, dient herbouw plaats te vinden binnen deze locatie; c. de woning wordt gebouwd ter vervanging van de bestaande (bedrijfs)woning binnen hetzelfde gebouwerf; d. de ontwikkelingsmogelijkheden van (agrarische) bedrijven in de nabijheid van de woning niet worden belemmerd; e. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de woning en zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; f. met de nieuwe situering sprake is van een milieukundige, stedenbouwkundige en ruimtelijke verbetering ten opzichte van de oorspronkelijke situering; g. de sloop van de oorspronkelijke woning duurzaam is verzekerd; h. bij herbouw van een woning met voormalige functionele binding is aangetoond dat ter plaatse sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; en i. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd.

Paragraaf 6.4.20 Langgevelboerderij splitsen Artikel 6.182 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het splitsen van een langgevelboerderij binnen de locatie langgevelboerderij.

Artikel 6.183 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning de langgevelboerderij te splitsen.

Artikel 6.184 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het splitsen van de langgevelboerderij wordt alleen verleend als: a. de langgevelboerderij wordt gesplitst in niet meer dan 2 woningen; en

69

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

b.

de splitsing plaatsvindt met inachtneming van de cultuurhistorische waardenbepaling in Bijlage 62 Cultuurhistorische waardenbepaling Heesvenstraat 21-21a.

Paragraaf 6.4.21 Overkapping bouwen Artikel 6.185 Toepassingsbereik

Concept

Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van een overkapping binnen de locatie overkapping.

70

Artikel 6.186 Algemene bouwregels Het bouwen van een overkapping is vergunningsvrij als: a. per woning sprake is van één overkapping; b. de oppervlakte maximaal 20 m2 bedraagt; c. de bouwhoogte maximaal 3 meter bedraagt; d. gebouwd op een afstand van: 1. minimaal 1 meter achter de voorgevelrooilijn; 2. minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; 3. minimaal 15 meter uit de as van de weg; e. de afstand tussen een overkapping en een woning maximaal 20 meter bedraagt; f. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

Artikel 6.187 Aanwijzing vergunningplicht 1

Het is verboden zonder omgevingsvergunning een overkapping te bouwen op een kortere afstand tot de grens van het gebouwerf dan bepaald in artikel 6.186 onder d.

2

Het is verboden zonder omgevingsvergunning een overkapping te bouwen op een kortere afstand tot de (as van de) weg dan bepaald in artikel 6.186 onder d.

3

Het is verboden zonder omgevingsvergunning een overkapping te bouwen op een grotere afstand van de woning dan bepaald in artikel 6.186 onder e.

Artikel 6.188 Beoordelingsregels vergunningplicht 1

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een overkapping op een kortere afstand tot de grens van het gebouwerf als bedoeld in artikel 6.187, eerste lid wordt alleen verleend als: a. de ontwikkelingsmogelijkheden van omliggende (niet-)agrarische bedrijven niet worden belemmerd; b. aantoonbaar sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit bedrijfseconomisch, landschappelijk of stedenbouwkundig belang dan wel een algemeen maatschappelijk belang; d. de stedenbouwkundige en cultuurhistorische kenmerken van de gebouwen in zijn omgeving niet onevenredig worden aangetast; e. sprake is van een ruimtelijk kwaliteitsverbetering; en f. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

2

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een overkapping op een kortere afstand tot de (as van de) weg als bedoeld in artikel 6.187, tweede lid wordt verleend als: a. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering en/of perceelsinrichting; b. geen onevenredige verkeerskundige belemmeringen plaatsvinden; c. de overschrijding niet leidt tot een vermindering van de gebruiksmogelijkheden van de gronden voor piekberging en infiltratie; d. de wegbeheerder is gehoord; en e. de afstand tot de as van de weg waaraan wordt gebouwd, niet minder is dan minimaal de afstand van bestaande reeds dichterbij de weg gelegen bebouwing in hetzelfde gebouwerf. Als het gebouwerf aan twee of meer zijden direct grenst aan een weg is het mogelijk om slechts tot één weg die bestaande, kleinere afstand aan te houden. Tot de andere weg dient een afstand van niet minder dan 10 meter te worden aangehouden.

3

De omgevingsvergunning voor het bouwen van een overkapping op een grotere afstand als bedoeld in artikel 6.187, derde lid wordt alleen verleend als: a. er geen sprake is van planologische en/of milieuhygiënische belemmeringen; b. de landschappelijke, stedenbouwkundige of algemeen maatschappelijke noodzaak is aangetoond;

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

c. d. e.

de landschappelijke, stedenbouwkundige en/of cultuurhistorische kenmerken van (bouwwerken in) de directe omgeving niet onevenredig aangetast wordt; er sprake is van een ruimtelijke kwaliteitsverbetering; en de ruimtelijke kwaliteit is gewaarborgd.

Concept

Paragraaf 6.4.22 Terreinafscheidingen bouwen Artikel 6.189 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van terreinafscheidingen binnen buitengebied DG5.

Artikel 6.190 Algemene bouwregels 1

Het bouwen van terreinafscheidingen op een erf waarop al een (hoofd)gebouw staat waarmee de afscheiding in functionele relatie staat, is vergunningvrij als: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen voor de voorgevel van dat (hoofd)gebouw maximaal 1 meter bedraagt; of b. de bouwhoogte van terreinafscheidingen achter de voorgevel van dat (hoofd)gebouw maximaal 2 meter bedraagt.

2

Het bouwen van terreinafscheidingen op een erf waarop géén (hoofd)gebouw staat, is vergunningvrij als: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen maximaal 2 meter bedraagt; en b. niet gebouwd wordt op locaties met de functie natuur.

Artikel 6.191 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning terreinafscheidingen te bouwen met een hogere bouwhoogte dan bepaald in artikel 6.190.

Artikel 6.192 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het bouwen van terreinafscheidingen met een hogere bouwhoogte wordt alleen verleend als: a. de bouwhoogte maximaal 2,5 meter bedraagt; b. de terreinafscheiding noodzakelijk is ten dienste van de functie agrarisch grondgebruik, agrarisch bedrijf of veehouderij; c. aangetoond is dat geen sprake is van onevenredige aantasting van de omliggende waarden en functies, hetgeen onder andere betekent dat de terreinafscheiding passend is in het landschap; en d. de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd wordt.

Paragraaf 6.4.23 Agrarische bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen Artikel 6.193 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van agrarisch bouwwerken, geen gebouwen zijnde binnen agrarisch bedrijf - gebruik of veehouderij - gebruik.

Artikel 6.194 Algemene bouwregels 1

71

Het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde voor agrarische doeleinden is vergunningvrij als: a. gebouwd wordt binnen het gebouwerf van locaties met de functie agrarisch bedrijf of veehouderij; b. de bouwhoogte van torensilo's maximaal 15 meter bedraagt; c. de bouwhoogte van luchtwassers en combi-wassers maximaal 10 meter bedraagt; d. de goothoogte van bouwwerken ten behoeve van mestbewerking en -verwerking maximaal 6 meter bedraagt; e. de bouwhoogte van bouwwerken ten behoeve van mestbewering en -verwerking maximaal 10 meter bedraagt; f. de bouwhoogte van mestsilo's maximaal 6 meter bedraagt; g. de bouwhoogte van sleufsilo's maximaal 2,5 meter bedraagt; h. de bouwhoogte van antenne- en lichtmasten maximaal 8 meter bedraagt; i. de bouwhoogte van andere agrarische bouwwerken, geen gebouwen zijnde maximaal 2,5 meter bedraagt;

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

j. k. l.

Concept

2

72

gebouwd wordt op een afstand van minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; bij mestsilo's, sleufsilo's en antenne- en lichtmasten gebouwd wordt op minimaal 20 meter uit de as van de weg; en de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

Het oprichten van vloerplaten, sleufsilo's en/of andere voorzieningen voor de opslag van ruwvoer is vergunningvrij als: a. gebouwd wordt binnen de locatie opslag ruwvoer; b. de bouwhoogte van torensilo's maximaal 15 meter bedraagt; c. de bouwhoogte van sleufsilo's maximaal 2,5 meter bedraagt; d. de bouwhoogte van andere agrarische bouwwerken, geen gebouwen zijnde maximaal 2,5 meter bedraagt; e. gebouwd wordt op een afstand van minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; f. gebouwd wordt op minimaal 20 meter uit de as van de weg; en g. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

Artikel 6.195 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning een torensilo hoger dan 15 meter te bouwen.

Artikel 6.196 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het bouwen van een torensilo hoger dan 15 meter wordt verleend als: a. gebouwd wordt binnen het gebouwerf van de locatie agrarisch bedrijf - gebruik of veehouderij - gebruik; b. de bouwhoogte maximaal 25 meter bedraagt; c. aantoonbaar sprake is van een noodzaak vanuit een doelmatige bedrijfsvoering en/of -ontwikkeling; d. de landschappelijke of andere waarden van de omliggende gronden niet onevenredig wordt aangetast; e. de silo worden geïntegreerd in de bedrijfsbebouwing; f. de silo aan de achterkant van de bedrijfsbebouwing wordt gerealiseerd. Indien de doelmatigheid van de bedrijfsvoering dit niet toestaat, dient de silo zover mogelijk van de as van de weg te worden geplaatst, op minimaal 30 meter uit de as van de weg; g. de landschappelijke inpassing duurzaam wordt geborgd; en h. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd.

Paragraaf 6.4.24 Tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen oprichten Artikel 6.197 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het oprichten van tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen binnen tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen, seizoensgebonden teeltondersteunende voorzieningen en agrarisch waardevol gebied.

Artikel 6.198 Algemene bouwregels 1

Het oprichten van tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen is vergunningvrij als: a. de tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen worden opgericht binnen de locatie tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen; b. de hoogte van de voorzieningen maximaal 3 meter bedraagt, met uitzondering van hangelnetten waarvan de hoogte maximaal 5 meter bedraagt; en c. de tijdelijke voorzieningen maximaal 6 maanden per jaar aanwezig zijn.

2

Binnen de locatie seizoensgebonden teeltondersteunende voorzieningen mogen tijdelijke seizoensgebonden teeltondersteunende voorzieningen, zijnde wandelkappen, worden geplaatst als: a. de tijdelijke seizoensgebonden teeltondersteunende voorziening uitsluitend worden geplaatst binnen de locatie seizoensgebonden teeltondersteunende voorzieningen; b. de teeltondersteunende voorzieningen enkel in de maanden april tot en met september aanwezig zijn; c. de hoogte van de voorzieningen maximaal 2,5 meter bedraagt; d. de teeltondersteunende voorzieningen na verwijderen niet op de percelen wordt opgeslagen; e. het hemelwater op eigen terrein wordt geïnfiltreerd; en f. het hemelwater bij piekbuien niet afstroomt naar de watergang van het waterschap.

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.199 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen op te richten binnen agrarisch waardevol gebied.

Concept

Artikel 6.200 Beoordelingsregels vergunningplichtt De omgevingsvergunning voor het oprichten van tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen wordt alleen verleend als: a. de voorzieningen noodzakelijk zijn voor een doelmatige agrarische bedrijfsvoering; b. sprake is van een volwaardig agrarisch bedrijf; c. de tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen worden opgericht aansluitend aan het gebouwerf van een agrarisch bedrijf of veehouderij waarvoor de voorzieningen bedoeld zijn; d. de hoogte van de voorzieningen maximaal 3 meter bedraagt, met uitzondering van hagelnetten waarvan de hoogte maximaal 5 meter bedraagt; e. de bestaande natuurlijke, landschappelijke, hydrologische, cultuurhistorische en/of abiotische waarden niet onevenredig worden aangetast; en f. de tijdelijke voorzieningen maximaal 6 maanden per jaar aanwezig zijn.

Paragraaf 6.4.25 Paardenbak oprichten Artikel 6.201 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het oprichten van een paardenbak binnen buitengebied DG5.

Artikel 6.202 Algemene bouwregels Het oprichten van een paardenbak is vergunningvrij als: a. gebouwd wordt binnen de locatie paardenbak; b. de bouwhoogte van de bijbehorende afscheiding maximaal 1,5 meter bedraagt; c. per paardenbak maximaal 4 lichtmasten worden opgericht met een maximum hoogte van 6 meter op een afstand van minimaal 100 meter van locaties met de functie natuur en/of het Natuur Netwerk Brabant.

Artikel 6.203 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning een paardenbak op te richten binnen de locatie agrarisch - gebruik.

Artikel 6.204 Uitzondering vergunningplicht Het verbod, bedoeld in artikel 6.203, geldt niet binnen de locatie paardenbak.

Artikel 6.205 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het oprichten van een paardenbak wordt alleen verleend als: a. sprake is van maximaal één paardenbak, direct aansluitend aan een gebouwerf met een (bedrijfs)woning; b. de paardenbak uitsluitend bedoeld is voor hobbymatig gebruik; c. de afstand tot enige (bedrijfs)woning van derden minimaal 50 meter bedraagt; d. de oppervlakte maximaal 1.200 m2 bedraagt; e. de bouwhoogte van de afscheiding maximaal 1,5 meter bedraagt; en f. per paardenbak maximaal 4 lichtmasten worden opgericht met een maximum hoogte van 6 meter op een afstand van minimaal 100 meter van locaties met de functie natuur en/of het Natuur Netwerk Brabant en/of de ecologische verbindingszone.

Paragraaf 6.4.26 Schuilgelegenheden bouwen Artikel 6.206 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van een schuilgelegenheid voor dieren binnen buitengebied DG5.

73

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.207 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning schuilgelegenheden te bouwen binnen de locatie agrarisch - gebruik.

Concept

Artikel 6.208 Uitzondering vergunningplicht Het verbod, bedoeld in artikel 6.203, geldt niet voor bestaande schuilgelegenheden binnen de locatie schuilgelegenheid voor dieren als de schuilgelegenheid voldoet aan de volgende regels: a. de oppervlakte niet meer bedraagt dan aangegeven met de omgevingsnorm maximum oppervlakte schuilgelegenheid; b. de goothoogte niet meer bedraagt dan aangegeven met de omgevingsnorm maximum goothoogte schuilgelegenheid; en c. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan aangegeven met de omgevingsnorm maximum bouwhoogte schuilgelegenheid.

Artikel 6.209 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het bouwen van schuilgelegenheden wordt alleen verleend als: a. gebouwd wordt binnen de locatie agrarisch - gebruik én de gebiedsaanwijzing bebouwingsconcentratie; b. niet gebouwd wordt binnen ecologische waardevol gebied; c. de schuilgelegenheid voor dieren uitsluitend hobbymatig gebruikt wordt; d. aangetoond is dat het redelijkerwijs niet mogelijk is om een soortgelijke voorziening binnen het aangrenzende gebouwerf op te richten of bestaande bebouwing als schuilgelegenheid in gebruik te nemen; e. het agrarische perceel waar de schuilgelegenheid wordt opgericht een minimale oppervlakte 2.500 m2 heeft; f. het aantal schuilgelegenheden per aaneengesloten agrarisch perceel maximaal één bedraagt; g. gebouwd wordt op een afstand van minimaal 2 meter en maximaal 10 meter van de grens van de locatie agrarisch - gebruik; h. de schuilgelegenheid aan minimaal één zijde open is; i. de goothoogte maximaal 2,5 meter bedraagt; j. de bouwhoogte maximaal 3 meter bedraagt; k. de oppervlakte maximaal 25 m2 bedraagt; l. de dakhelling minimaal 20 graden en maximaal 45 graden bedraagt; m. aangetoond is dat er geen sprake is van een onevenredige aantasting van de omliggende functies en de aanwezige gebiedswaarden en -kwaliteiten; n.

de schuilgelegenheid landschappelijk wordt ingepast, waarbij voldaan moet worden aan het Beeldkwaliteitsplan Buitengebied; en o. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd.

Paragraaf 6.4.27 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde bij een kampeerbedrijf bouwen Artikel 6.210 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde binnen de locatie kampeerbedrijf.

Artikel 6.211 Algemene bouwregels 1

Het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde bij een kampeerbedrijf is vergunningvrij als: a. de bouwhoogte van lichtmasten maximaal 5 meter bedraagt; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde maximaal 4,5 meter bedraagt.

2

Binnen de locatie centrumvoorzieningen is het bouwen van lichtmasten vergunningvrij als: a. de lichtmasten nabij de parkeervoorzieningen behorende bij het kampeerterrein worden gebouwd; b. de bouwhoogte maximaal 10 meter bedraagt.

Paragraaf 6.4.28 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van scheepvaart bouwen

74

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.212 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van scheepvaart binnen de locatie bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van scheepvaart.

Concept

Artikel 6.213 Algemene bouwregels Het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van scheepvaart is vergunningvrij als de bouwhoogte maximaal 12 meter bedraagt.

Paragraaf 6.4.29 Constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen bouwen Artikel 6.214 Toepassingsbereik Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen binnen buitengebied DG5.

Artikel 6.215 Algemene bouwregels Het bouwen van constructies voor het (ge)leiden van (lei)bomen is vergunningvrij als: a. gebouwd wordt binnen een gebouwerf; b. de bouwhoogte maximaal 5 meter bedraagt; c. de constructie voor de (ge)leiding van bomen op minimaal 0,5 meter uit de gebouwerfgrens wordt gebouwd; d. de bomen ten alle tijde vanaf het eigen gebouwerf gesnoeid kunnen worden; en e. er geen sprake is van overhangende takken over de gebouwerfgrens.

Paragraaf 6.4.30 Overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde bouwen Artikel 6.216 Toepassingsbereik 1

Deze paragraaf is van toepassing op het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde binnen buitengebied DG5.

2

Deze paragraaf is niet van toepassing op het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde als bedoeld in paragraaf 6.4.22, paragraaf 6.4.23, paragraaf 6.4.24, paragraaf 6.4.25, paragraaf 6.4.26, paragraaf 6.4.27, paragraaf 6.4.28 en paragraaf 6.4.29

Artikel 6.217 Algemene bouwregels 1

Het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde is vergunningvrij als: a. gebouwd wordt op binnen de locatie agrarisch bedrijf - gebruik, bedrijf - gebruik, horeca - gebruik, maatschappelijk - gebruik, nutsvoorziening - gebouw, recreatie - gebruik, sport - gebruik, veehouderij - gebruik of wonen - gebruik; b. de bouwhoogte maximaal 2,5 meter bedraagt; c. gebouwd wordt op een afstand van minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; d. op locaties met de functie nutsvoorziening, het gezamenlijke oppervlak van bouwwerken, geen gebouwen zijnde niet meer dan 20 m2 bedraagt; e. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

2

Het bouwen van speeltoestellen is vergunningvrij als: a. gebouwd wordt binnen de locatie recreatie - gebruik of equitherapie: b. de bouwhoogte maximaal 4,5 meter bedraagt; c. gebouwd wordt op een afstand van minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; d. de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

3

Het bouwen van antenne-, licht- en vlaggenmasten is vergunningvrij als: a. gebouwd wordt binnen de locatie agrarisch bedrijf - gebruik, recreatie - gebruik, of hondensportschool; b. c. d.

75

de bouwhoogte maximaal 8 meter bedraagt; gebouwd wordt op een afstand van minimaal 5 meter uit de grens van het gebouwerf; de totale oppervlakte voor bebouwing, verharding en andere voorzieningen maximaal 90% van het gebouwerf bedraagt.

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.218 Aanwijzing vergunningplicht Op locaties met de functie natuur is het verboden zonder omgevingsvergunning kleine bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals wildrasters en terreinafscheidingen te bouwen.

Concept

Artikel 6.219 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het bouwen van kleine bouwwerken, geen gebouwen zijnde zoals wildrasters en terreinafscheidingen op locaties met de functie natuur wordt alleen verleend als: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen maximaal 2 meter bedraagt; b. de bouwhoogte voor bouwwerken, geen terreinafscheidingen, maximaal 3 meter bedraagt; en c. de oppervlakte maximaal 10 m2 bedraagt.

Afdeling 6.5 Gebruiksactiviteiten Paragraaf 6.5.1 Algemene bepalingen gebruiksactiviteiten Artikel 6.220 Toepassingsbereik Deze afdeling is van toepassing op het gebruik van gronden en bouwwerken.

Artikel 6.221 Specifieke zorgplicht 1

Degene die een bouwwerk gebruikt en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat dit gebruik tot gevaar voor de gezondheid of veiligheid kan leiden, is verplicht alle maatregelen te treffen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om dat gevaar te voorkomen of niet te laten voortduren.

2

Degene die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat zijn handelen of nalaten in, op of aan een bouwwerk overlast of hinder veroorzaak of kan veroorzaken voor de omgeving, is verplicht alle maatregelen te treffen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die overlast of hinder te voorkomen of niet te laten voortduren, waarbij onder overlast en hinder in elk geval wordt verstaan: a. het op hinderlijke wijze verspreiden van rook, roet, walm, stof, stank, vocht of irriterend materiaal; b. het veroorzaken van overlast door geluid, trillingen, dieren of verontreinigen; en/of c. het nalaten van het normale onderhoud waardoor het bouwwerk zich niet in een zindelijk staat bevindt.

3

De zorgplicht is geldt niet voor milieubelastende activiteiten die zijn aangewezen in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

4

De zorgplicht is niet van toepassing op het gebruik van bouwwerken, bedoeld in afdeling 6.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving.

Artikel 6.222 Algemene aanvraagvereisten gebruiksactiviteiten Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor gebruiksactiviteiten worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: a. het beoogde en het huidige gebruik van de gronden en bouwwerken waarop de aanvraag betrekking heeft; b. een situatietekening van de bestaande toestaand en een situatietekening van de nieuwe toestaand met daarop: 1. de afmetingen van het perceel en bebouwd oppervlak; 2. de situering van bouwwerken ten opzichte van het gebouwerf en de wegzijde; 3. de wijze waarop de locatie wordt ontsloten; 4. de aangrenzende locaties en de daarop voorkomende bebouwing; en 5. het beoogde gebruik van de locatie behorende bij het bouwwerk. c. zo nodig wordt een bodemonderzoek versterkt waarin aangetoond is dat de bodemkwaliteit ter plaatse voldoende is voor het beoogde gebruik.

Artikel 6.223 Verboden gebruiksactiviteiten Het is verboden om een gebruiksactiviteit te verrichten die niet in overeenstemming is met de functie die aan een locatie is toebedeeld op grond van hoofdstuk 5.

76

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.224 Aanwijzing vergunningplicht gebruiksactiviteiten Het is verboden zonder omgevingsvergunning een (al dan niet meerdaags) evenement te houden in buitengebied DG5.

Concept

Artikel 6.225 Beoordelingsregels vergunningplicht gebruiksactiviteiten De omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 6.224, wordt alleen verleend als: a. het evenement maximaal één keer per jaar wordt georganiseerd; b. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in het geding zijnde belangen waaronder die van omliggende (agrarische) bedrijven en woningen en rekening wordt gehouden met aanwezige milieuhygiënische aspecten, waaronder begrepen ten minste de aspecten geur, geluid en veiligheid; c. er geen onevenredige verkeerskundige belemmeringen plaatsvinden; en d. onder andere zijn toegestaan tenten, paviljoens en kramen.

Paragraaf 6.5.2 Activiteiten in openbaar gebied Subparagraaf 6.5.2.1 Activiteiten in openbaar gebied Artikel 6.226 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruik van gronden voor activiteiten op locaties met de functie openbaar gebied.

Artikel 6.227 Algemene gebruiksregels 1

Binnen locaties met de functie openbaar gebied mogen de gronden worden gebruikt voor: a. activiteiten als wandelen, fietsen en het uitoefenen van recreatieve sporten; en b. wegverkeer, verkeerskundige en waterhuishoudkundige doeleinden.

2

Binnen de locatie plantsoen mogen de gronden uitsluitend worden gebruikt als kleinschalige groenvoorziening, met wandel- en speelmogelijkheden.

Paragraaf 6.5.3 Agrarische activiteiten Subparagraaf 6.5.3.1 Agrarische bedrijfsactiviteiten uitoefenen Artikel 6.228 Toepassingsbereik 1

Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiken van gronden en bouwwerken voor de uitoefening van agrarische bedrijfsactiviteiten binnen de locatie agrarisch bedrijf - gebruik, hieronder begrepen een grondgebonden teeltbedrijf of overig-agrarisch bedrijf.

2

Deze subparagraaf is niet van toepassing op het exploiteren van veehouderijen dan wel productiegerichte paardenhouderijen.

Artikel 6.229 Algemene gebruiksregels 1

De gronden en bouwwerken mogen worden gebruikt voor: a. het uitoefenen van agrarische bedrijfsactiviteiten, hieronder begrepen een grondgebonden teeltbedrijf of overig-agrarisch bedrijf; b. het al dan niet bedrijfsmatig gebruik van gronden voor het telen van gewassen en/of het houden van landbouwdieren; c. mestopslag ten behoeve van een op dezelfde locatie gevestigd bedrijf; d. productiegebonden detailhandel, uitsluitend als ondergeschikte functie tot een maximum van 50 m2 bruto vloeroppervlakte.

2

Binnen de locatie statische opslag - 501 mogen de gronden en bouwwerken worden gebruikt voor statische opslag met een maximum oppervlakte van 1.000 m2.

Subparagraaf 6.5.3.2 Telen van gewassen en/of het houden van landbouwhuisdieren

77

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

Artikel 6.230 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruik van gronden voor het telen van gewassen en/of het houden van landbouwhuisdieren binnen de locatie agrarisch - gebruik.

Concept

Artikel 6.231 Algemene gebruiksregels De gronden mogen worden gebruikt voor het al dan niet bedrijfsmatig gebruik van gronden voor het telen van gewassen en/of het houden van landbouwdieren.

Subparagraaf 6.5.3.3 Veehouderijen exploiteren Artikel 6.232 Toepassingsbereik 1

Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruik van gronden en bouwwerken voor het exploiteren van veehouderijen binnen de locatie veehouderij - gebruik.

2

Deze subparagraaf is niet van toepassing op: a. het exploiteren van productiegerichte paardenhouderijen; b. het houden van minder dan 10 schapen, 5 paarden en pony's, 10 geiten, 25 stuks pluimvee, 25 konijnen en 10 overige landbouwhuisdieren.

Artikel 6.233 Aanwijzing verbod 1

Het is verboden om de gronden en bouwwerken te gebruiken voor: a. het exploiteren van een geitenhouderij; b. het houden van landbouwhuisdieren op een verdieping, met uitzondering van volière- en scharrelstallen voor legkippen.

2

Binnen de locatie intensieve veehouderij uitgesloten is het verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken voor het exploiteren van een intensieve veehouderij.

Artikel 6.234 Algemene gebruiksregels 1

De gronden en bouwwerken mogen worden gebruikt voor: a. het bedrijfsmatig fokken, mesten en houden van runderen, varkens, schapen, pluimvee, tamme konijnen en pelsdieren; b. het uitoefenen van agrarische bedrijfsactiviteiten, hieronder begrepen een grondgebonden teeltbedrijf, of overig-agrarisch bedrijf; c. het al dan niet bedrijfsmatig gebruik van gronden voor het telen van gewassen en/of het houden van landbouwdieren; d. mestbewerking ten behoeve van ter plaatse geproduceerde mest; e. mestopslag ten behoeve van een op dezelfde locatie gevestigd bedrijf; f. productiegebonden detailhandel, uitsluitend als ondergeschikte functie tot een maximum van 50 m2 bruto vloeroppervlakte.

2

Binnen de locatie agrarisch loonwerkbedrijf mag maximaal 1.250 m2 van de bouwwerken tevens worden gebruikt voor een agrarisch loonwerkbedrijf.

Artikel 6.235 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning het gebruik van een bestaand gebouw te wijzigen, gericht op het in gebruik nemen als dierenverblijf.

Artikel 6.236 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het in gebruik nemen van een gebouw als dierenverblijf wordt alleen verleend als: a. maatregelen worden getroffen en in stand worden gehouden die invulling geven aan een zorgvuldige veehouderij; b. de ontwikkeling vanuit een goede omgevingskwaliteit met een veilige, gezonde leefomgeving inpasbaar is in de omgeving; en c. aangetoond is dat de kans op cumulatieve geurhinder of achtergrondbelasting op geurgevoelige objecten, in de bebouwde kom niet hoger is dan 12% en in het buitengebied niet hoger is dan 20%, tenzij er - als blijkt dat de achtergrondbelasting hoger is dan voornoemde percentages - maatregelen

78

Concept

(van 15-7-2025 9:21) (Online)

worden getroffen door de veehouderij die tot een daling leiden van de achtergrondbelasting, en die ten minste de eigen bijdrage aan de overschrijding van de achtergrondbelasting compenseert.

Subparagraaf 6.5.3.4 Productiegerichte paardenhouderij exploiteren

Concept

Artikel 6.237 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruik van gronden en bouwwerken voor het exploiteren van productiegerichte paardenhouderijen binnen de locatie productiegerichte paardenhouderij en productiegerichte paardenhouderij - 500.

Artikel 6.238 Algemene gebruiksregels 1

Binnen de locatie productiegerichte paardenhouderij mogen de gronden en bouwwerken worden gebruikt voor: a. het bedrijfsmatig verrichten van handelingen aan of met paarden die primair gericht zijn op het voortbrengen, africhten, trainen en verhandelen van paarden; b. mestbewerking ten behoeve van ter plaatse geproduceerde mest; c. mestopslag ten behoeve van een op dezelfde locatie gevestigd bedrijf; d. productiegebonden detailhandel, uitsluitend als ondergeschikte functie tot een maximum van 50 m2 bruto vloeroppervlakte.

2

In aanvulling op het bepaalde in het eerste lid, dient bij het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de locatie productiegerichte paardenhouderij - 500 voldaan te worden aan de volgende regels: a. de productiegebonden paardenhouderij mag uitsluitend geëxploiteerd worden als de verharding binnen de locatie voorwaardelijke verplichting sanering verharding is gesaneerd; b. op het aangrenzende agrarische perceel, binnen de locatie inrit 500, mag een inrit ten behoeve van de productiegerichte paardenhouderij aanwezig zijn.

Subparagraaf 6.5.3.5 Gebruiksgerichte paardenhouderij exploiteren als nevenactiviteit Artikel 6.239 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruik van gronden en bouwwerken voor het exploiteren van een gebruiksgerichte paardenhouderij als ondergeschikte nevenactiviteit binnen de locatie veehouderij - gebruik of productiegerichte paardenhouderij.

Artikel 6.240 Aanwijzing vergunningplicht Het is verboden zonder omgevingsvergunning gronden en bouwwerken te gebruiken voor het exploiteren van een gebruiksgerichte paardenhouderij als ondergeschikte nevenactiviteit.

Artikel 6.241 Beoordelingsregels vergunningplicht De omgevingsvergunning voor het exploiteren van een gebruiksgerichte paardenhouderij als ondergeschikte nevenactiviteit wordt verleend als: a. sprake is van een productiegerichte paardenhouderij(tak) en/of een veehouderij; b. de activiteit niet wordt uitgeoefend binnen de gebiedsaanwijzing groenblauwe waarden; c. de ontwikkeling bijdraagt aan de beoogde ontwikkeling van het gemengd landelijk gebied; d. verzekerd is dat overtollige bebouwing wordt gesloopt; e. parkeren plaatsvindt binnen het gebouwerf; f. aangetoond is dat er geen sprake is van een onevenredige aantasting van andere belangen, waaronder die van omwonenden en (agrarische) bedrijven; en g. de ruimtelijke kwaliteit wordt gewaarborgd.

Subparagraaf 6.5.3.6 Kleinschalige niet-agrarische nevenactiviteiten uitoefenen Artikel 6.242 Toepassingsbereik Deze subparagraaf is van toepassing op het gebruiken van gronden en bouwwerken voor de uitoefening van kleinschalige niet-agrarische nevenactiviteiten binnen de locatie agrarisch bedrijf - gebruik, veehouderij - gebruik, niet-agrarische nevenfunctie - 500 of niet-agrarische nevenfunctie - 501.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15608610/2