Toelichting Nieuwendijk 54 Someren
Tekst van het document
Voor de normstelling van risicovolle bedrijven moet worden aangesloten bij het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Het toetsingskader is meer gedetailleerd uitgewerkt in de Regeling externe veiligheid voor inrichtingen (Revi) De eisen ten aanzien van vervoer van gevaarlijke stoffen en de daarmee samenhangende risico’s zijn vastgelegd in het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) Voor buisleidingen die risicovolle stoffen transporteren geldt het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) Dit besluit regelt de taken en verantwoordelijkheden van de leidingexploitant en de gemeenten en geeft de eisen en veiligheidsafstanden voor buisleidingen die worden gebruikt voor het transport van gevaarlijke stoffen ten opzichte van kwetsbare objecten. .
.
.
.
26 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
Het dichtstbijzijnde risicovolle object betreft een propaantank op de locatie Vaartdijk 5 en is gelegen op een afstand van circa 190 meter (zie volgende figuur) Onderhavige ontwikkeling is niet gelegen binnen de risicocontouren van deze bron. Opgemerkt dient te worden dat de veehouderij inmiddels gesaneerd en daarmee ook de propaantank. .
Plangebied
Opslag LPG
Figuur 16: Uitsnede Risicokaart
5. 8
Volksgezondheid
en
veehouderijen
Varkens- en pluimveehouderijen Op basis van het 'Endotoxine toetsingskader 1. 0' kan worden beoordeeld of sprake is van een verhoogd volksgezondheidsrisico ten aanzien van varkenshouderijen en pluimveehouderijen. Het plangebied ligt buiten de richtafstanden die aangehouden moeten worden rondom de varkens- en pluimveehouderijen in de omgeving. De afstand tussen het plangebied en de varkenshouderij aan de Laarstraat 13 dient minimaal 118 meter te bedragen. Dit wordt gemeten vanaf het dichtstbijzijnde emissiepunt van deze veehouderij. De werkelijke afstand bedraagt circa 390 meter. Er is geen sprake van een verhoogd volksgezondheidsrisico. De volgende figuur geeft een uitsnede van de kaart van de gemeente Someren zogenaamde VGO- en endotoxine contouren.
van 23
februari 2021 met
Plangebied
Figuur 17: VGO- en endotoxine contouren 2021 gemeente Someren 27 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
Geitenhouderijen Uit het VGO-onderzoek is gebleken dat zich in een straal van circa 2 km rond geitenbedrijven een verhoogd aantal gevallen van longontsteking voordoet. Binnen 2 kilometer van het plangebied ligt een geitenhouderij, te weten het bedrijf aan de Nieuwendijk 114. Deze locatie is gelegen op een afstand van 1. 325 meter van het plangebied. Onderhavige ontwikkeling dient getoetst te worden aan de ‘Informatieve notitie betreffende de gevolgen van het Geitenmoratorium’ van de gemeente Someren van 9 januari 2019. Bij ruimtelijke besluiten (bestemmingsplan of omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik) moet rekening gehouden worden met de omgekeerde werking. Zolang het geitenmoratorium van kracht is, is het advies om binnen de straal van 2 km rondom de geitenhouderij: • Geen woningbouwontwikkelingen toe te staan dichterbij de geitenhouderij dan in de huidige situatie al het geval is; • Voor de ontwikkeling van gevoelige groepen/objecten, te weten kinderen, kwetsbare mensen en ouderen maatwerk toe te passen door het in kaart brengen van de gezondheidslast (risico op longontsteking) Op basis hiervan kan beoordeeld worden of de gezondheidslast door deze ontwikkeling significant toeneemt. Bij een toename is het voorstel om in overleg met de GGD te komen tot een juist advies over de ontwikkeling.
Bij een gelijkblijvende of afnemende gezondheidslast is het advies om wel medewerking te verlenen aan de ontwikkeling. Dit scenario kan zich zeker voordoen (als voorbeeld: bij een kinder- of gastouderopvang, aangezien de meeste kinderen ook wonen binnen een straal van 2 km van de opvanglocatie) Het ‘tegenhouden’ van een gastouder is lastig, aangezien deze vaak rechtstreeks binnen het bestemmingsplan passen als ‘aan huis gebonden beroep’; • Bij ontwikkelingen voor ‘grote’ woningbouwlocaties ook de gezondheidslast in kaart te brengen, zodat bepaald kan worden of als gevolg van deze ontwikkeling het percentage longontstekingen toeneemt. Het betreffen in dit kader wel grootschalige ontwikkelingen waar de procedure voor het bestemmingsplan nog doorlopen moeten worden. Woningbouwontwikkelingen die met een vergunning rechtstreeks passend zijn in het bestemmingsplan, zijn op basis van de huidige onderzoeken niet tegen te houden. .
.
Onderhavige ontwikkeling ziet toe op het toevoegen van een woning binnen een cluster van woningen. Diverse andere woningen zijn dichterbij de geitenhouderij aan Nieuwendijk 114 gelegen. De ontwikkeling voldoet aan de door de gemeente Someren opgestelde aanpak.
.
28 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
6.
Waterparagraaf
6. 1
Watertoets
Het doel van de watertoets is te waarborgen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing worden genomen bij alle waterhuishoudkundig relevante plannen en besluiten. Een watertoets maakt de mogelijke negatieve invloeden van het initiatief binnen het plangebied inzichtelijk. Tevens geeft de watertoets de oplossingsrichtingen aan waarmee mogelijke optredende negatieve invloeden beperkt of ongedaan kunnen worden gemaakt. Het waterschap Aa en Maas en de gemeente Someren hebben een aantal principes gedestilleerd, die van belang zijn als vertrekpunt van het overleg tussen initiatiefnemer, waterbeheerder en gemeente.
6. 2
Waterbeleid
Met betrekking tot de waterhuishouding zijn diverse beleidsstukken relevant. Genoemd kunnen worden: Provinciaal Waterplan Noord-Brabant, Waterbeheerplan Waterschap Aa en Maas, Vierde Nota Waterhuishouding, Waterbeleid in de 21 e eeuw WB21, Nationaal bestuursakkoord water, Beleidsbrief regenwater en riolering. Centraal in het waterbeleid is dat water een belangrijk sturend element is in de ruimtelijke ordening. De waterhuishouding legt daarmee een ruimteclaim waaraan voldaan moet worden. Daarbij zijn de volgende strategieën leidend: Vasthouden-bergen-afvoeren (waterkwantiteit) ; • • Voorkomen-scheiden-zuiveren (waterkwaliteit) .
Watertoets Sinds 1 november 2003 is de zogenaamde Watertoets verplicht. Dat wil zeggen dat in elk ruimtelijk plan gemotiveerd moet worden aangegeven hoe met het water in het gebied wordt omgegaan en wat de ruimtelijke veranderingen voor de waterhuishouding betekenen. Ook is het overleg met de waterbeheerder onderdeel van deze watertoets. Het waterkwaliteitsbeheer en het waterkwantiteitsbeheer in de gemeente Someren is in handen van het Waterschap Aa en Maas en de gemeente. Waterbeheerplan 2022-2027 Waterschap Aa en Maas In het Waterbeheerplan 2022-2027 staan de doelstellingen van waterschap Aa en Maas voor de periode 2022-2027. Hierin wordt beschreven wat gedaan moet worden om die doelen te halen. Hierdoor weten de inwoners van het werkgebied en de partners wat ze van het waterschap kunnen verwachten. Met dit plan wordt ook invulling gegeven aan de verplichting vanuit de Waterwet en de Verordening Water om een waterbeheerplan op te stellen. In de nieuwe Omgevingswet staat de verplichting om een waterbeheerprogramma op te stellen. De eisen aan een dergelijk programma zijn vergelijkbaar met de huidige eisen aan een waterbeheerplan. Het grootste verschil is dat de hoofdlijnen van het watersysteembeleid een plek krijgen in het Omgevingswet-instrument ‘omgevingsvisie’ van rijk, provincie en gemeenten.
Hier wordt op ingegaan, om de maatregelen in dit waterbeheerplan in de goede context te kunnen plaatsen. De samenhang tussen de omgevingsvisies en dit plan vraagt om goede afstemming. In het waterbeheerplan is een indeling gemaakt in programma’s: • Waterveiligheid; • Klimaatbestendig en gezond watersysteem; • Schoon water; Gezond en natuurlijk water; • • Het leveren van maatschappelijke meerwaarde.
29 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
Keur Brabantse waterschappen Voor waterhuishoudkundige ingrepen binnen de projectlocatie is de Keur waterschap Aa en Maas van toepassing. De Keur is een waterschapsverordening die gebods- en verbodsbepalingen bevat met betrekking tot ingrepen die consequenties hebben voor de waterhuishouding en het waterbeheer. Op grond van de keur is het onder andere verboden om handelingen te verrichten waardoor onderhoud, aanvoer, afvoer en/of berging van water kan worden belemmerd, zonder een ontheffing van het waterschap. Beleidsregel hydrologische uitgangspunten bij de keurregels voor afvoeren van hemelwater De drie Brabantse Waterschappen hanteren sinds 1 maart 2015 dezelfde (beleids) uitgangspunten voor het beoordelen van plannen waarbij het verhard oppervlak toeneemt. De Keur is in 2021 geactualiseerd. Bij een toename en het afkoppelen van het verhard oppervlak geldt het uitgangspunt dat plannen zoveel mogelijk hydrologisch neutraal worden uitgevoerd. De waterschappen maken bij het beoordelen van plannen met een toegenomen oppervlak onderscheid tussen grote en kleine plannen. Hoewel er relatief veel kleine plannen zijn veroorzaken deze op deelstroomgebiedsniveau nauwelijks een toename van de maatgevende afvoer. Het waterschap maakt grofweg onderscheid in projecten met een toename van verhard oppervlak van maximaal 500 m 2 toename van een verhard oppervlak tussen 500 m 2 en 10.
000 m 2 en projecten met een toename van het verhard oppervlak van meer dan 10. 000 m 2 ,
.
Gemeentelijk rioleringsplan 2021-2025 Algemeen uitgangspunt bij de doelstellingen voor de komende planperiode is dat de verbeteringen en optimalisaties die de afgelopen jaren in de rioleringszorg zijn ingezet, worden doorgezet in de komende planperiode. De gemeente Someren wil daarbij op de meest doelmatige manier invulling geven aan het beheer en onderhoud. De gemeente houdt vast aan de doelstellingen zoals deze in het huidige GRP reeds zijn opgenomen en zijn als volgt: 1. Zorgen voor inzameling van het binnen gemeentelijk gebied geproduceerd stedelijk afvalwater 2. Zorgen voor het transport van het ingezamelde stedelijk afvalwater naar een geschikt lozingspunt 3. Zorgen voor doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater (voor zover niet verzorgd door particulieren) 4. Beperken van structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming in het openbaar gemeentelijk gebied. 5. Doelmatig beheer en een goed gebruik van de riolering 6. Zorgen voor het klimaat adaptief maken van de riolering en de openbare ruimte Voor nieuwbouw (en herbouw) geldt dat het afvalwater en hemelwater gescheiden moet worden ingezameld, waarbij de gemeente alleen voorziet in een vuilwaterhuisaansluiting. De gemeente houdt hierbij de trits vasthouden – bergen – afvoeren aan.
Ter voorkoming van overlast en schade op particulier terrein en uit oogpunt van doelmatigheid vertaalt de gemeente een redelijke inspanning van particulieren als volgt: Bij ver- en nieuwbouw moet tenminste de eerste 30 mm regen (30 liter per m² afstromende verharding) van een bui binnen het perceel worden vastgehouden en lokaal verwerkt worden. Vanuit waterbelang, i. v. m. zichtbaarheid, bij voorkeur door bufferen op het oppervlak (vijver, wadi of lagergelegen grond) waarna het water kan infiltreren. Ondergrondse buffering en infiltratie is, mits goed aangelegd en onderhouden, een goed alternatief als bovengrondse buffering niet gewenst is. Uitgangspunt is dat een buffer gerekend met een k-waarde van 1, 0 m¹ per dag binnen 24 uur weer beschikbaar is. Een particuliere infiltratievoorziening mag uitsluitend op maaiveldniveau (zichtbaar) een overstort hebben naar openbaar gebied. Waar infiltreren aantoonbaar niet mogelijk is, mag het water vanuit een buffer vertraagd afgevoerd worden naar de openbare ruimte.
30 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
6. 3
Oppervlaktewater
De volgende figuur toont de ligging van alle watergangen in beheer bij het waterschap in de omgeving van het plangebied.
Plangebied
A-watergang
B-watergang
Figuur 18: Ligging leggerwatergangen (https: //maps. aaenmaas. nl/portaal/legger_oppervlaktewater/) (plangebied rood omkaderd)
Ten zuiden van het plangebied op een afstand van circa 130 meter een A-watergang in beheer bij het waterschap. Op circa 80 meter is de meest nabijgelegen B-watergang gelegen. De ontwikkeling vormt geen belemmering voor het beheer van deze watergangen.
6. 4
Omgang hemelwater
De volgende figuur toont de hoogteligging
van het
plangebied.
Plangebied Figuur 19: Uitsnede kaart AHN (bron: ahn. nl/ahn-viewer)
31 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
De figuur laat zien dat het plangebied (gedeeltelijk) laag gelegen is. Het is dan ook aannemelijk dat er bij de ontwikkeling aanvullende maatregelen getroffen moeten worden om te voorkomen dat bij een bui van 80 millimeter in 1 uur de kans op schade door wateroverlast buiten de ontwikkeling toeneemt. Het plangebied wordt in de beoogde situatie gedeeltelijk opgehoogd. Het perceel wordt ter plaatse van de woning, het terras, het bijgebouw en inrit verhoogd tot 10 cm boven peil van de weg. In de huidige situatie is dit deel van het plangebied lager gelegen dan het peil van de weg. Dit varieert van -25 cm tot –44 cm, zie de volgende figuur.
Figuur 20: Peil maaiveld
Door Krachten is in opdracht van de gemeente de huidige situatie in kaart gebracht (0 punt) zie de volgende figuur. ,
32 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
Figuur 21: waterbergend vermogen omgeving plangebied
Zowel via de voor- als aan de achterzijde van het perceel op 26, 90 m+ NAP dient middels oppervlakkige afstroom minimaal 150 m³ hemelwater opgevangen en geborgd kunnen worden. Om de huidige bergingscapaciteit van het perceel te blijven behouden dient circa 34 cm * 300 m² (oppervlakte perceel wat opgehoogd) = 102 m³ aan bergingscapaciteit gecompenseerd te worden. Deze compensatie wordt gerealiseerd door het verlagen van het maaiveld van de noordwestzijde van het perceel over een oppervlakte van 408 m² met 25 cm om zo de huidige bergingscapaciteit te kunnen behouden c. q. compenseren. De aanvoer naar deze berging vindt plaats onder 26, 90+ NAP. De aanvoer/ doorvoer vindt oppervlakkig, vanaf beide zijde plaats, aan de achterkant van het perceel onder 26, 90+ NAP.
Figuur 22: visuele weergave achterzijde perceel onder 26, 90 + NAP
33 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
In de regels van het bestemmingsplan wordt de waterbergende functie van de gronden geborgd. In de regels van het bestemmingsplan wordt middels een voorwaardelijke verplichting geborgd dat hemelwaterbergingsvoorziening wordt gerealiseerd zodat bij een bui van 80 millimeter in 1 uur de kans op wateroverlast niet toeneemt. Daarnaast wordt in de omgevingsvergunning voor de bouw van de woning een voorschrift opgenomen waarin dat de aanleg van een voorziening, het bouwpeil en de maaiveldpeilen (waaronder terras, inrit, tuin) worden verankerd. Hemelwaterberging In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de oppervlaktes verharding (dakoppervlakte en erfverharding) in beoogde situatie. Tabel 7: Verhard oppervlak beoogde situatie Verhard oppervlak Toekomstige situatie (m 2 ) Dakoppervlak 150 Erfverharding 150 Totaal 300
Op basis van de Keur van het waterschap en het gemeentelijk beleid is geen compenserende maatregel noodzakelijk. Er dient een hoeveelheid van 300 * 0, 03 = 9 m³ te worden geborgen in het totale plan. Bij de woning wordt een hemelwaterberging gerealiseerd met een capaciteit van circa 9 m³, in de vorm van een zaksloot. Indien er meer valt dan 30 mm aan hemelwater valt, mag dit direct afstromen naar het openbaar gebied. Gebruik van niet-uitlogende materialen Het gebruik van niet uitlogende materialen is conform het advies van de Dubo-richtlijn (Duurzaam Bouwen) In het Lozingenbesluit Bodembescherming staat dat niet verontreinigd hemelwater in principe in de bodem geïnfiltreerd kan worden of afgevoerd kan worden naar het oppervlaktewater, ook als dat in contact is geweest met oppervlakken als daken. Bij de bouw van de woning zal geen gebruik worden gemaakt van onbehandelde uitlogende materialen zoals koper, zink en lood, teerhoudende dakbedekking (PAK’s) Doordat het hemelwater niet vervuild is, is het geen probleem om het hemelwater te laten infiltreren in de bodem.
.
.
6. 5
Omgang huishoudelijk afvalwater
Het huishoudelijk afvalwater wordt op het gemeentelijk riool geloosd; de woning krijgt hiertoe een aparte aansluiting.
6. 6
Conclusie
Geconcludeerd kan worden dat voldaan wordt aan het beleid van Waterschap Aa en Maas inzake de watertoets en het waterbeleid van gemeente Someren.
34 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
7.
Uitvoerbaarheid
7. 1
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Het bestemmingsplan doorloopt als ontwerp respectievelijk vastgesteld en onherroepelijk plan de volgende procedure conform de artikelen 3. 7 tot en met 3. 9 van de Wet op de ruimtelijke ordening:
1)
Voorbereiding en vooroverleg met diensten van Rijk, provincie en waterschap; Het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3. 1. 1) geeft aan dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg voeren met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. De instanties die in kennis gesteld moeten worden van dit bestemmingsplan zijn geïnformeerd. De initiatiefnemer heeft het voornemen kenbaar gemaakt aan de omwonenden en hen op de hoogte gesteld van de plannen. De formulieren van de zorgvuldige dialoog zijn als bijlage bijgevoegd.
2)
Ontwerp: het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van 15 december 2023 gedurende 6 weken ter inzage gelegen, waarbinnen eenieder zienswijzen kon indienen. Op het plan zijn geen zienswijzen ingediend.
3)
Vaststelling: de gemeenteraad stelt het bestemmingsplan vast, waarna het wederom voor een periode van 6 weken ter inzage wordt gelegd en waarop beroep ingesteld kan worden bij de Raad van State.
7. 2
Economische uitvoerbaarheid
Per 1 juli 2008 is de Wet ruimtelijke ordening (Wro) in werking getreden. Met de inwerkingtreding Wro rust op de gemeente de verplichting tot het verhalen van kosten bij grondexploitatie via een exploitatieplan, tenzij kostenverhaal anderszins is verzekerd.
van
de
Met initiatiefnemer wordt een anterieure ontwikkelingsovereenkomst gesloten. In de overeenkomst zijn ontwikkelvoorwaarden (waaronder planschade) opgenomen.
35 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
8.
Juridische verantwoording
8. 1
Algemene opzet
Dit hoofdstuk bevat de concrete vertaling van het beleidsgedeelte (voorafgaande hoofdstukken) naar het juridisch gedeelte van het bestemmingsplan (de verbeelding en regels) Het bestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: • De toelichting: een planbeschrijving die een verantwoording van de gemaakte keuzes, een toelichting op de juridische opzet en een korte beschrijving van de handhavings- en uitvoeringsaspecten bevat; • De regels, waarin de bestemmingen en daarbinnen geldende mogelijkheden zijn uitgewerkt. • De verbeelding, die de rol heeft van visualisering van de bestemmingen. .
8. 2
Toelichting op de verbeelding
Op de verbeelding zijn de bestemmingen onderscheiden. De bestemmingen zijn afgeleid uit het gebruik (de aanwezige functies) .
De volgende bestemmingen en aanduidingen zijn opgenomen in de verbeelding: • Wonen (enkelbestemming) ; • Waarde – Waterbergende functie (dubbelbestemming) ; • Bouwvlak; • Vrijstaand (bouwaanduiding) ; • Bijgebouwen (bouwaanduiding) ; • Maximum goothoogte (m) maximum bouwhoogte (m) (6 m; 11 m) (maatvoeringsaanduiding) ,
8. 3
.
Toelichting op de regels
De systematiek van de regels kan worden samengevat aan de hand van de hoofdstukindeling. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: • • •
•
Hoofdstuk 1 ‘Inleidende Regels’ gaat in op de omschrijvingen van de in de voorschriften gehanteerde begrippen en de wijze waarop de vermelde maten worden bepaald. In hoofdstuk 2 ‘Bestemmingsregels’ worden de verschillende bestemmingen met bijbehorende gebruiksbepalingen en bouwvoorschriften beschreven. Hoofdstuk 3 ‘Algemene regels’ geeft een overzicht van de algemene bouw- en gebruiksregels, de regels met betrekking tot afwijken van het bestemmingsplan, algemene aanduidingsregels en de bepalingen ten behoeve van wijzigingen van het bestemmingsplan. Tot slot komen de procedureregels aan bod, die verwijzen naar de wetgeving die in acht moet worden genomen. In hoofdstuk 4 ‘Overgangs- en slotregels’ komen de regels ten aanzien van het overgangsrecht en de slotregel aan bod.
36 Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54, Someren
Bijlage 1
Tekeningen nieuwe woning
Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54 Someren
64
62/UNIT
Esdoornstraat
58 T 1401
T 1296
T 1295
54 60-60a
52
50
58 Perceelsgrens
Nieuwendijk
65
63 63a
63a
Ngemeente:
Ontwikkeling kavel
kadastraal bekend: sectie: nummer:
Someren T 1401, 1296, 1295
getekend: SV
datum:
17-03-2022
Tekening: SITUATIE BESTAAND Bouwadres: Nieuwendijk 54 - Someren- Eind gewijzigd: formaat: schaal: 1: 500 A3 420 x 297mm
1 S.
221636
Deze tekening mag zonder schriftelijke toestemming van Bouwkundig Tekenburo Donkers Relou niet worden gereproduceerd, noch vermenigvuldigd, noch aan derden ter inzage worden gegeven.
64
62/UNIT
Esdoornstraat
Af te splitsen kavel 2 957, 24 m
T 1401
indicatie nieuw bijgebouw
58 T 1296
T 1295
Te slopen
54
52
50
P
60-60a
60-60a
58
P
P
Rooilijn
Perceelsgrens 1. 890
Perceelsgrens
5. 500
Nieuwendijk
65
63 63a
Ngemeente:
Ontwikkeling kavel
kadastraal bekend: sectie: nummer:
Someren T 1401, 1296, 1295
getekend: SV
datum:
17-03-2022
Tekening: SITUATIE NIEUW Bouwadres: Nieuwendijk 54 - Someren- Eind gewijzigd: formaat: schaal: 17-05-2022 A3 420 x 297mm 1: 500
2 221636 S.
Deze tekening mag zonder schriftelijke toestemming van Bouwkundig Tekenburo Donkers Relou niet worden gereproduceerd, noch vermenigvuldigd, noch aan derden ter inzage worden gegeven.
Bijlage 2
Berekening stikstofdepositie Aerius Calculator
Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54 Someren
Berekening stikstofdepositie Rekenmodel Aerius De berekening van de stikstofdepositie in de Natura-2000 gebieden is opgesteld middels het rekenmodel Aerius Calculator, versie 2022.
Bronnen Realisatiefase Gedurende de sloop van bebouwing en oprichting van de woning (realisatiefase) treden er mogelijk effecten op zoals een tijdelijke toename van concentraties aan luchtverontreinigende stoffen. Tijdelijk zal er werkverkeer rijden van en naar de projectlocatie. Het gaat om een aantal verkeersbewegingen samen met de (vaak mobiele) bronnen die bij de bouw gebruikt worden. Deze verkeersbewegingen en de inzet van mobiele bronnen leiden mogelijk tot stikstofdepositie op Natura2000-gebieden. Verkeersgeneratie Het bouwproject genereert voor een periode van circa 8-12 maanden een toename aan licht en zwaar verkeer. Tijdens de realisatiefase heeft men te maken met de volgende activiteiten waarbij sprake is van verkeer van en naar de inrichting. Tabel 1: Overzicht verkeersgeneratie tijdens de bouwfase Activiteit
Type
Aantal vrachten
Afvoer sloopafval (o. a. hout, dakpannen)
Zwaar vrachtverkeer
6 vrachten totaal
Aanvoer materialen/ Afvoer afval bouw
Zwaar vrachtverkeer
30 vrachten totaal
Aanvoer materialen
Middelzwaar vrachtverkeer
15 vrachten totaal
Personeel
Licht verkeer
2 bestelbussen per dag
De vervoersbewegingen zijn in het rekenprogramma ingevoerd als lijnbron. Draaiuren en eigenschappen van mobiele werktuigen Op het terrein zelf worden ten behoeve van de sloop en bouw verschillende machines ingezet. De precieze cijfers hiervan zijn in deze fase onbekend. Derhalve is een schatting gemaakt van het aantal draaiuren van mobiele werktuigen. In de navolgende tabel zijn de ingevoerde eigenschappen van de mobiele werktuigen uiteengezet. Tevens is hierin aangegeven het brandstof- en Adblue verbruik per werktuig. Deze worden als volgt berekend:
Rapportage onderzoek stikstofdepositie Nieuwendijk 54 Someren
Figuur 1: uitsnede handreiking Instructie gegevensinvoer voor Aerius calculator 2021. 1 berekening brandstofverbruik
Figuur 2: uitsnede handreiking Instructie gegevensinvoer voor Aerius calculator 2021. 1 berekening AdBlueverbruik
De volgende tabel geeft een overzicht van de gebruikte mobiele bronnen, het vermogen, de stageklasse, het aantal draaiuren en het brandstof- en AdBlueverbruik. Tabel 2: Gebruik mobiele werktuigen realisatiefase beschrijving werktuig vermogen Stage klasse (kW) Graafmachine/kraan ten 150 Stage IV behoeve van graafwerkzaamheden realisatie project (sloop, oprichting gebouw) Hijskraan ten behoeve elektrisch aangedreven van realisatie woningen 150 Stage IV Verreiker ten behoeve van realisatie project Inzet overige werktuigen 75 Stage IV zoals trilplaat Storten beton, gebruik 340 Stage IV
draaiuren per jaar 32
brandstofverbruik [liter per jaar] 473, 3
AdBlue verbruik [liter per jaar] 28, 4
32
473, 3
28, 4
60
459, 9
27, 6
8
262, 7
15, 8
pompwagen
Gebruiksfase Bij de woning heeft men te maken met de volgende bronnen welke stikstof emitteren: • Verkeersbewegingen; Emissie woning. • In totaal betreft het aantal dagelijkse verkeersbewegingen in de beoogde situatie 8, 6. De verkeersproductie is berekend met kencijfers van het CROW (publicatie 317: Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie) .
Volgens de regels van het bestemmingsplan is een aan huis gebonden beroep of bedrijf mogelijk. In de berekening is hiermee rekening gehouden. Voor het bepalen van het aantal verkeersbewegingen is aansluiting gezocht bij de kencijfers van het CROW. Gerkend is met functie kantoor zoner baliefunctie. Sprake is van 2, 8 verkeersbewegingen per 100 m² BVO. Ten behoeve
van
de verwarming van de woning wordt gebruikt gemaakt
van een
warmtepomp.
Rapportage onderzoek stikstofdepositie Nieuwendijk 54 Someren
Projectberekening Dit
document
geeft
rekenresultaten
Calculator.
De
van
overlappen
aangewezen
een
met
zijn
nog
het
maar
tevens
sprake
van
situatie
voor
invoer
en/of
van
mogelijk
de
met
en
AERIUS
binnen
-gebieden,
kader
een
de
uitgevoerd
gekoppeld
onbekend
is
is
habitattypen
in
van
Projectberekening
Natura
natuurbescherming,
of
overzicht
berekening
stikstofgevoelige
die
een
op
rekenpunten
leefgebieden
die
Wet
aan
een
wel
relevant,
overbelaste
of
aangewezen
bijna
en
soort,
waar
overbelaste
stikstof.
Overzicht
Samenvatting
situaties
Resultaten
Detailgegevens
per
emissiebron
Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.
aerius.
nl/handleidingen-en-leeswijzers
A
Projectberekening
AERIUS
Contactgegevens Rechtspersoon
Nieuwendijk 54,
Inrichtingslocatie
5712 EN Someren
Activiteit Omschrijving
realisatie
Toelichting
realisatiefase
Berekening AERIUS
kenmerk
Datum
berekening
woning
(geanonimiseerd)
Rekenconfiguratie
juli 2023, 08:59 Wnb-rekengrid incl. eigen rekenpunten
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie
realisatiefase
2023
0,5 kg/i
10,0 kg/j
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
-
29
Beoogd
Resultaten realisatiefase
NHs
Emissie
NOx
- Beoogd (ha)
Gekarteerd
oppervlak
met
toename
Gekarteerd
oppervlak
met
afname (ha)
Grootste toename Grootste
RwhRXz2.JF75k
(29 juli 2023)
afname
2/8
Projectberekening
realisatiefase
(Beoogd)
,
rekenjaar
2023
Emissiebronnen
Mobiele
werktuigen
2 mobiele
Bouw,
Industrie
en
Delfsto
enwinning
NH₃
Emissie
NOₓ
0, 4
kg/j
8, 9
kg/j
1, 1
kg/j
|
werktuigen
Verkeersnetwerk
RwhRXz2JF75k (29 juli 2023)
|
Emissie
50, 0
g/j
3/8
Projectberekening
Hoogste
af-
en
toename
op
(bijna)
overbelaste
stikstofgevoelige
Natura
2000
gebieden.
500
m
Grootste
toename
Grootste
afname
Hoogste
totaal
(projectberekening)
Habitatrichtlijn
Vogelrichtlijn
Vogelrichtlijn,
Niet
(projectberekening)
Habitatrichtlijn
(achtergrond
+
bepaald projectberekening)
De
letters
beoogde
RwhRXz2JF75k (29 juli 2023)
bij
de
situatie
bronlabels
(B)
,
op
de
kaart
referentiesituatie
geven
(R)
bij
en/of
welke
type
situaties
salderingssituatie
de
bronnen
horen:
(S) .
4/8
Projectberekening
Resultaten
(Beoogd)
stikstofgevoelige
incl.
saldering
Berekend
(ha
gekarteerd)
e/o
Natura
2000
gebieden
RwhRXz2JF75k (29 juli 2023)
-
"
realisatiefase
"
referentie
Hoogste
totale
Met
depositie
(mol
(ha
toename
gekarteerd)
N/ha/jr)
Totaal
situatie
Grootste
toename
Met
(mol
afname
(ha
gekarteerd)
afname
N/ha/jr)
-
-
Grootste
(mol
N/ha/jr)
-
-
-
5/8
Projectberekening
Per
eigen
Naam
Coördinaat
rekenpunt
5
3
Projectbijdrage
(mol
N/ha/jr)
Itterbeek
met
Brand,
Jagersborg
Bergerven
(24
Abeek
aangrenzende
met
en
Schootsheide
en
X:
km)
-
Y:
moerasgebieden
(19
km)
X:
-
Y:
4
Uiterwaarden
langs
de
Limburgse
Maas
met
Vijverbroek
(21
X:
km)
1
2
6
Mariahof
(16
Hageven
met
km)
Hageven,
Buitenheide,
Stamprooierbroek
en
km)
Wateringen
Bocholt,
(24
RwhRXz2JF75k (29 juli 2023)
Y:
Hamonterheide,
en
-
-
Y:
Dommelvallei,
(16
X:
Beverbeekse
Heide,
Warmbeek
km)
Hechtel-Eksel,
X:
-
Y:
Meeuwen-Gruitrode,
Neerpelt
en
Peer
X:
-
Y:
6/8
Projectberekening
realisatiefase,
1
Rekenjaar
Wegverkeer
|
2023
Weg
Naam
wegverkeer
Locatie
X:
Lengte
1. 606,
Wegtype
Binnen
Rijrichting
Beide
Tunnelfactor
1
Type
Normaal
hoogteligging
Weghoogte
0
,
12
Y:
,
Type
m
scherm
Hoogte
bebouwde
kom
(doorstromend)
Afstand
tot
Licht
Voorgeschreven
factoren
0, 0
Voorgeschreven
factoren
30, 0
Voorgeschreven
factoren
72, 0
Busverkeer
Voorgeschreven
factoren
0, 0
Licht
Voorgeschreven
factoren
Voorgeschreven
verkeer
vrachtverkeer
vrachtverkeer
verkeer
Middelzwaar
Zwaar
vrachtverkeer
vrachtverkeer
Busverkeer
2
Mobiele
werktuigen
Naam
Locatie
Oppervlakte
1, 1
kg/j
-
-
NO₂
0, 3
kg/j
-
-
NH₃
50, 0
-
-
g/j
|
In
le
0, 0
%
p/jaar
0, 0
%
p/jaar
0, 0
%
p/jaar
0, 0
%
4, 0
p/etmaal
0, 0
%
factoren
0, 0
p/etmaal
0, 0
%
Voorgeschreven
factoren
0, 0
p/etmaal
0, 0
%
Voorgeschreven
factoren
0, 0
p/etmaal
0, 0
%
Bouw,
snelheid
Aantal
Industrie
en
Delfsto
voertuigbewegingen
p/jaar
enwinning
mobiele
NOₓ
8, 9
kg/j
werktuigen
NH₃
0, 4
kg/j
X:
,
Y:
,
0, 09
Naam
ha
Stageklasse
Brandstof-
Draaiuren
AdBlue
verbruik
graafmachine
NOₓ
m
Max.
Zwaar
weg
Rechts
richtingen
Verkeer
Middelzwaar
de
Links
/
Stage-IV,
kraan
diesel,
2014-2018,
SCR:
75-560
kW,
474
Stof
Emissie
NOₓ
2, 5
verbruik
l/j
32
u/j
29
l/j
ja
kg/j
NH₃
0, 1
kg/j
verreiker
Stage-IV,
diesel,
2014-2018,
SCR:
75-560
kW,
474
l/j
32
u/j
29
NOₓ
l/j
ja
2, 5
kg/j
NH₃
0, 1
kg/j
inzet
overige
Stage-IV,
werktuigen
diesel,
2014-2018,
SCR:
75-560
kW,
460
l/j
60
u/j
28
NOₓ
l/j
ja
2, 6
kg/j
NH₃
0, 1
kg/j
storten
beton
Stage-IV,
diesel,
2014-2018,
SCR:
75-560
kW,
263
l/j
8
u/j
16
NOₓ
l/j
ja
1, 4
kg/j
NH₃
63, 1
g/j
Disclaimer
Hoewel
verstrekte
kunnen
er
geen
rechten
aansprakelijkheid
Bovenstaande
is.
AERIUS
verleend,
RwhRXz2JF75k (29 juli 2023)
is
zijn
gegevens
voor
gegevens
een
aan
de
kunnen
dienen
worden
ontleend.
inhoud
zijn
enkel
geregistreerd
van
de
ter
door
bruikbaar
handelsmerk
onderbouwing
De
eigenaar
de
gebruiker
tot
in
er
een
Europa.
van
een
vergunningaanvraag,
AERIUS
aanvaardt
aangeboden
nieuwe
Alle
van
versie
rechten
informatie.
van
die
geen
AERIUS
niet
beschikbaar
expliciet
worden
voorbehouden.
7/8
Projectberekening
Rekenbasis
Deze
berekening
AERIUS
https:
RwhRXz2JF75k (29 juli 2023)
tot
stand
versie
Database
Voor
is
meer
versie
informatie
//www.
aerius.
over
de
gekomen
op
basis
.
_
.
_bb
gebruikte
van
_bb
f
f
ea
ea
methodiek
en
data
zie:
nl/
8/8
Projectberekening Dit
document
geeft
rekenresultaten
Calculator.
De
van
overlappen
aangewezen
een
met
zijn
nog
het
maar
tevens
sprake
van
situatie
voor
invoer
en/of
van
mogelijk
de
met
en
AERIUS
binnen
-gebieden,
kader
een
de
uitgevoerd
gekoppeld
onbekend
is
is
habitattypen
in
van
Projectberekening
Natura
natuurbescherming,
of
overzicht
berekening
stikstofgevoelige
die
een
op
rekenpunten
leefgebieden
die
Wet
aan
een
wel
relevant,
overbelaste
of
aangewezen
bijna
en
soort,
waar
overbelaste
stikstof.
Overzicht
Samenvatting
situaties
Resultaten
Detailgegevens
per
emissiebron
Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.
aerius.
nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens
Rechtspersoon
-
Inrichtingslocatie
Nieuwendijk
5712
EN
54,
Someren
Activiteit
Omschrijving
realisatie
woning
Toelichting
gebruiksfase
Berekening
AERIUS
kenmerk
Datum
berekening
Rekencon
Totale
guratie
Xcv
29
2023,
juli
09: 00
- Beoogd
0, 1
-
oppervlak
met
toename
Gekarteerd
oppervlak
met
afname
(ha)
(ha)
rekenpunten
2023
gebruiksfase
Gekarteerd
eigen
Emissie
Hoogste
- Beoogd
incl.
Rekenjaar
Resultaten
bijdrage
kg/j
Hexagon
NH₃
Emissie
1, 6
NOₓ
kg/j
Gebied
-
-
Grootste
toename
-
Grootste
afname
-
RYCQ2Xcv1GL3 (29 juli 2023)
GL
Wnb-rekengrid
emissie
gebruiksfase
RYCQ
2/7
Projectberekening
gebruiksfase
(Beoogd)
Emissiebronnen
Verkeersnetwerk
RYCQ2Xcv1GL3 (29 juli 2023)
,
rekenjaar
2023
Emissie
NH₃
Emissie
NOₓ
0, 1
kg/j
1, 6
kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste
af-
en
toename
op
(bijna)
overbelaste
stikstofgevoelige
Natura
2000
gebieden.
500
m
Grootste
toename
Grootste
afname
Hoogste
totaal
(projectberekening)
Habitatrichtlijn
Vogelrichtlijn
Vogelrichtlijn,
Niet
(projectberekening)
Habitatrichtlijn
(achtergrond
+
bepaald projectberekening)
De
letters
beoogde
RYCQ2Xcv1GL3 (29 juli 2023)
bij
de
situatie
bronlabels
(B)
,
op
de
kaart
referentiesituatie
geven
(R)
bij
en/of
welke
type
situaties
salderingssituatie
de
bronnen
horen:
(S) .
4/7
Projectberekening
Resultaten
(Beoogd)
stikstofgevoelige
incl.
saldering
Berekend
(ha
gekarteerd)
e/o
Natura
2000
gebieden
RYCQ2Xcv1GL3 (29 juli 2023)
-
"
gebruiksfase
"
referentie
Hoogste
totale
Met
depositie
(mol
(ha
toename
gekarteerd)
N/ha/jr)
Totaal
situatie
Grootste
toename
Met
(mol
afname
(ha
gekarteerd)
afname
N/ha/jr)
-
-
Grootste
(mol
N/ha/jr)
-
-
-
5/7
Projectberekening
Per
eigen
Naam
Coördinaat
rekenpunt
5
3
Projectbijdrage
(mol
N/ha/jr)
Itterbeek
met
Brand,
Jagersborg
Bergerven
(24
Abeek
aangrenzende
met
en
Schootsheide
en
X:
km)
-
Y:
moerasgebieden
(19
km)
X:
-
Y:
4
Uiterwaarden
langs
de
Limburgse
Maas
met
Vijverbroek
(21
X:
km)
1
2
6
Mariahof
(16
Hageven
met
km)
Hageven,
Buitenheide,
Stamprooierbroek
en
km)
Wateringen
Bocholt,
(24
RYCQ2Xcv1GL3 (29 juli 2023)
Y:
Hamonterheide,
en
-
-
Y:
Dommelvallei,
(16
X:
Beverbeekse
Heide,
Warmbeek
km)
Hechtel-Eksel,
X:
-
Y:
Meeuwen-Gruitrode,
Neerpelt
en
Peer
X:
-
Y:
6/7
Projectberekening
gebruiksfase,
1
Rekenjaar
Wegverkeer
|
2023
Weg
Naam
wegverkeer
Locatie
X:
Lengte
1. 606,
Wegtype
Binnen
Rijrichting
Beide
Tunnelfactor
1
Type
Normaal
hoogteligging
Weghoogte
0
,
12
Y:
,
Type
m
scherm
Hoogte
bebouwde
kom
(doorstromend)
Afstand
tot
NOₓ
1, 6
kg/j
-
-
NO₂
0, 3
kg/j
-
-
NH₃
0, 1
kg/j
-
-
m
Max.
Licht
Voorgeschreven
factoren
11, 4
Voorgeschreven
factoren
0, 0
Voorgeschreven
factoren
Voorgeschreven
factoren
verkeer
Zwaar
weg
Rechts
richtingen
Verkeer
Middelzwaar
de
Links
vrachtverkeer
vrachtverkeer
Busverkeer
snelheid
Aantal
voertuigbewegingen
In
le
0, 0
%
p/etmaal
0, 0
%
0, 0
p/etmaal
0, 0
%
0, 0
p/etmaal
0, 0
%
p/etmaal
Disclaimer
Hoewel
verstrekte
kunnen
er
geen
rechten
aansprakelijkheid
Bovenstaande
is.
AERIUS
verleend,
is
voor
aan
de
gegevens
een
zijn
gegevens
kunnen
dienen
worden
ontleend.
inhoud
zijn
enkel
geregistreerd
van
de
ter
door
bruikbaar
handelsmerk
onderbouwing
De
eigenaar
de
gebruiker
tot
in
er
een
Europa.
van
een
vergunningaanvraag,
AERIUS
aanvaardt
aangeboden
nieuwe
Alle
van
versie
rechten
informatie.
van
die
geen
AERIUS
niet
beschikbaar
expliciet
worden
voorbehouden.
Rekenbasis
Deze
berekening
AERIUS
https:
RYCQ2Xcv1GL3 (29 juli 2023)
tot
stand
versie
Database
Voor
is
meer
versie
informatie
//www.
aerius.
over
de
gekomen
op
basis
.
_
.
_bb
gebruikte
van
_bb
f
f
ea
ea
methodiek
en
data
zie:
nl/
7/7
Bijlage 3
Rapportage quick scan flora en fauna
Toelichting bestemmingsplan Nieuwendijk 54 Someren
13-6-2022
QuickScan flora fauna
en
Nieuwendijk 54,
Someren-Eind
B N L advies Landschapsarchitectuur
ecologisch advies
en
(geanonimiseerd) Telefoonstraat IBAN
nr:
2, 5428 GJ Venhorst NLO4KNAB0257675221
-
0618904606 -
KvK
nr:
-
info@bnladvies.nl
72316144
-
BTW
nr:
-
www.bnladvies.nl
NL001171642B68
-
Verkennend onderzoek
verblijfplaatsen
van
aanwezigheid van vaste rust- en beschermde flora en fauna op en rondom de naar
de
locatie:
Nieuwendijk 54, Someren-Eind
Colofon: Opgesteld door:
BNL advies Telefoonstraat 2 5428 GJ Venhorst T: 06 18 90 46 06 E: info@bnladvies.nl W: www.bnladvies.nl
Projectlocatie:
Nieuwendijk 54
Status: Versie:
definitief
5712 EN Someren-Eind
22122.QFF
Datum: Auteur:
(geanonimiseerd)
B N L advies Landschapsarchitectuur
ecologisch
en
advies
© copyright BNL advies 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende. BNL advies kan door opdrachtgever niet aansprakelijk worden die voortvloeit uit gebruik van data of gegevens of door toepassing van aanbevelingen opgenomen
in deze
gesteld en
voor
schade
conclusies, die zijn
rapportage.
Telefoonstraat IBAN nr:
2, 5428 GJ Venhorst NLO4AKNAB0257675221
Î
Pagina -
0618904606 www.bnladvies.nl info@bnladvies.nl KvK nr: 72316144 BTW nr: NL001171642B68 -
-
-
-
-
Inhoud Colofon: . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 1.
Inleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
2.
Toelichting onderzoekskader . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 2. 1
2. 1. 1
Bescherming van gebieden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
2. 1. 2
Bescherming van soorten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
2. 1. 3
Bescherming van houtopstanden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
2. 2 3.
Interim omgevingsverordening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
Omschrijving plangebied . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 3. 1
Algemeen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
3. 2
Voorgenomen ontwikkeling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
3. 2. 1
Te ontwikkelen kavel
3. 2. 2
Beplantingen in directe omgeving
3. 3 4.
Wet natuurbescherming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
Vooronderzoek
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
8
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
8
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
9
Onderzoeksresultaten beschermde soorten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 4. 1
Algemeen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
4. 2
Soorten vogelrichtlijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
4. 2. 1
Vogels met jaarrond beschermde nesten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
4. 2. 2
Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
4. 2. 3
Algemene broedvogels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
4. 2. 4
Werken binnen het broedseizoen
4. 3
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
11
Soorten Habitatrichtlijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
4. 3. 1
Vleermuizen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
4. 3. 2
Overige Habitatrichtlijn soorten
4. 4
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
13
Nationaal beschermde soorten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
4. 4. 1
Amfibieën en reptielen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
4. 4. 2
Libellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
4. 4. 3
Dagvlinders . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
4. 4. 4
Vaatplanten
4. 4. 5
Effectbeoordeling en toetsing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
13
Pagina2
5.
Conclusies en aanbevelingen 5. 1
14
Soorten Vogelrichtlijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
5. 1. 1
Vogels met jaarrond beschermde nesten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
5. 1. 2
Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
5. 1. 3
Algemene broedvogels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
5. 2
6.
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Soorten Habitatrichtlijn . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
5. 2. 1
Vleermuizen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
5. 2. 2
Overige habitatrichtlijnsoorten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
5. 3
Nationaal beschermde soorten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
5. 4
Natuurinclusief bouwen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 15
Conclusie
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
16
Pagina3
1. Inleiding Aanleiding Op verzoek van de initiatiefnemer, is op maandag 30 mei 2022, een quickscan flora en fauna uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming. De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek op locatie en bijbehorende verslaglegging.
Doel Doel van deze quickscan is het verkrijgen van informatie over de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en dan voornamelijk de aanwezigheid van tijdelijke of vaste rust- en verblijfplaatsen. Deze informatie is nodig ten behoeve van de voorgenomen ontwikkelingen op de locatie: Nieuwendijk 54 Someren-Eind. Op de locatie Nieuwendijk 54, kavel 1401 wil men een nieuwe woning ontwikkelen. Op de te ontwikkelen kavel is een bijgebouw aanwezig met aangrenzend beplantingen welke voor deze geplande ontwikkeling dienen te wijken. In de te slopen bebouwing, in de aangrenzende beplantingen en in de direct aangrenzende omgeving, kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. Doormiddel van een oriënterend bronnen- en veldonderzoek zal worden onderzocht of de voorgenomen ontwikkelingen kunnen leiden tot een overtreding van verbodsbepalingen voor (potentieel) aanwezige soorten flora en fauna. De quickscan richt zich op het verkrijgen van een geïnformeerd beeld van de mogelijke consequenties vanuit de natuurwetgeving en –beleid. Op basis daarvan worden uitspraken gedaan over de (mogelijke) effecten van de voorgenomen ontwikkeling en de eventueel noodzakelijke vervolgstappen.
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina4
2. Toelichting onderzoekskader 2. 1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze wet is een vervanging en samenbundeling van drie voorgaande wetten; de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Tevens heeft er een decentralisatie van het bevoegd gezag plaatsgevonden: per 1 januari 2017 zijn de provincies verantwoordelijk voor de vergunningen en ontheffingen. De Wnb is op te delen in grofweg drie delen:
2. 1. 1 Bescherming
van
gebieden
De Wnb richt zich met de bescherming van natuurgebieden uitsluitend op Natura 2000gebieden. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In Natura 2000-gebieden worden bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden. Invloeden (ook van buitenaf) mogen deze instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar brengen.
2. 1. 2 Bescherming van soorten De Wnb onderscheidt drie verschillende beschermingsregimes, met elk hun eigen verbodsbepalingen (zie tabel 1) . De eerste twee categorieën zijn gebaseerd op de door de Europese Unie opgestelde Vogelrichtlijn (uit 1979) en de Habitatrichtlijn (uit 1992) . Het derde beschermingsregime betreft soorten die niet op Europees niveau beschermd zijn, maar wel op landelijk niveau: de Nationaal beschermde soorten (in de wet aangeduid als “andere soorten”) . Als bevoegd gezag heeft iedere afzonderlijke provincie (een aantal) algemene soorten uit deze derde categorie vrijgesteld van ontheffingsplicht. Wel geldt altijd voor alle soorten de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat men bij werkzaamheden met mogelijk negatief effect op planten en dieren, maatregelen dient te nemen (binnen wat redelijkerwijs van men verwacht kan worden) om onnodige schade aan planten of dieren te voorkomen2. 2. 1. 3 Bescherming
van
houtopstanden
De bescherming van houtopstanden betreft voornamelijk een voortzetting van de Boswet en richt zich op de instandhouding van het bosareaal. Bij houtopstanden groter dan 10 are of 20 rijen bomen en gelegen buiten de bebouwde kom geldt een meldplicht, herplantplicht en mogelijke oplegging van een kapverbod.
2. 2 Interim omgevingsverordening In de Interim omgevingsverordening is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) vastgelegd. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een netwerk van groene gebieden, voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) . In Noord-Brabant het ‘Natuurnetwerk Brabant’ (NNB) genaamd. De gebieden worden beschermd via het planologisch kader. Dit alles is verankerd in de bestemmingsplannen waarin de regels uit de provinciale Verordening ruimte zijn verwerkt. Het ruimtelijke beleid van het NNB kent het “nee, tenzij” principe en is gericht op ‘behoud, herstel en ontwikkeling van de wezenlijke waarden en kenmerken’ van het NNB. Naast het ‘Natuurnetwerk Brabant’, kan de provincie planologische bescherming aan gebieden toekennen door hen aan te wijzen als “bijzondere provinciale natuurgebieden” of “bijzondere provinciale landschappen”. Hierbij is bijvoorbeeld te denken aan de bescherming van belangrijke weidevogelgebieden. Iedere provincie kan een eigen invulling geven aan bijvoorbeeld compensatie. Het beschermingsregime van overige op provinciaal niveau beschermde gebieden kan sterk verschillen tussen provincies. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina5
Tabel 1. Soortenbescherming en verbodsbepalingen.
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina6
3. Omschrijving plangebied 3. 1 Algemeen Het plangebied is gelegen ten zuiden van de kern van het dorp Someren-Eind (zie afbeelding 1) , liggende in de provincie Noord-Brabant. De bestaande kavel is momenteel in gebruik als woonkavel met bijgebouwen en het overige deel van de kavel fungeert als tuin met daarin diverse beplantingen en hagen op de kavelgrenzen.
Afbeelding 1: Globale ligging van het plangebied waar de quickscan uitgevoerd is, wordt globaal aangeduid met de rode cirkel. Bron: Kadviewer. map5. nl, 13-06-2022 Het plangebied / de onderzochte omliggende gronden, zijn in afbeelding 2 weergegeven. In de directe omgeving/ aangrenzende kavels is volwassen beplanting van diverse soorten bomen, heesters en kruidachtige begroeiing aanwezig. Tijdens het veldbezoek is een quickscan uitgevoerd op de projectlocatie en is gezocht naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en de daarbij behorende vaste rust- en verblijfplaatsen.
Afbeelding 2: De kavel welke bezocht en onderzocht is op de aanwezigheid van beschermde soorten flora en fauna Bron: Kadviewer, datum: 13-06-2022
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina7
3. 2 Voorgenomen ontwikkeling Op de locatie Nieuwendijk 54 wil men een nieuwe woning ontwikkelen. Op de te ontwikkelen kavel is een bijgebouw aanwezig met aangrenzend beplantingen welke voor deze geplande ontwikkeling dienen te wijken. In de te slopen bebouwing, in de aangrenzende beplantingen en in de direct aangrenzende omgeving, kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen.
3. 2. 1 Te ontwikkelen kavel De te ontwikkelen kavel is weergegeven in afbeelding 3 en 4. Op de te ontwikkelen kavel, de te slopen bebouwing en aan de randen van de kavel in aangrenzende bomen en beplantingen kunnen diverse beschermde dier- en vogelsoorten voor komen, zoals marters, vogels en vleermuizen. Maar ook andere vogel- en diersoorten kunnen de kavel en kavelranden gebruiken om zich voort te planten of als schuilplaats.
Afbeelding 3 en 4: De te ontwikkelen kavel. Bron: BNL advies. Datum: 30-05-2022
3. 2. 2 Beplantingen in directe omgeving Binnen- en aangrenzend aan het plangebied zijn landschapsbomen, hagen, heesterbeplanting en diverse kruidachtige begroeiing aanwezig (zie afbeelding 5 en 6) . Tijdens de rondgang dienen de beplantingen goed gecontroleerd te worden op bestaande nesten in bomen en beplantingen en holtes/ spleten in bomen, welke gebruikt kunnen worden door vogels en vleermuizen. Beoordeeld moet worden of de geplande werkzaamheden een negatief effect hebben op (beschermde) soorten flora en fauna op de kavel. Dit zal afhankelijk zijn van de soorten die voor komen, en op welke wijze zij het gebied gebruiken (groeiplaats, voortplantingsplaats, verblijfplaats of foerageerplaats) . Elke functie kent een ander beschermingsregime.
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina8
Afbeelding 5 en 6: Beplantingen aangrenzend aan- en op de kavel. Bron: BNL advies. Datum: 30-05-2022
3. 3 Vooronderzoek Voorafgaand aan het bezoek op de projectlocatie is de NDFF geraadpleegd om te bekijken welke soorten aanwezig zijn in het gebied, om daarop de quickscan aan te passen. De projectlocatie valt binnen het kilometerhok 178-373. Het belangrijkste wat opviel is dat in de directe omgeving (atlasblok van 5x5 km) diverse beschermde soorten flora en fauna voorkomen. Beoordeeld moet worden door middel van een veldbezoek of beschermde soorten ook mogelijk gebruik maken van het gebied/ aanwezig zijn in het gebied. Gezien de ligging van het perceel en de aanwezigheid van beplantingen in de directe omgeving, was het dus belangrijk om het gebied goed te inventariseren op beschermde vaatplanten/ groeilocaties, aanwezige holtes / mogelijke verblijfplaatsen, voortplantings-, en nestlocaties van zoogdieren en vogelsoorten.
Tabel 2. Mogelijk aanwezige zoogdieren in de directe omgeving van het plangebied. Bron: Verspreidingsatlas NDFF
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina9
4. Onderzoeksresultaten beschermde soorten 4. 1 Algemeen De kavel en omliggende gronden zijn op maandag 30 mei 2022 visueel geïnspecteerd en gecontroleerd op de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten of de nesten/ verblijfslocaties daarvan. Waar tijdens de quickscan vooral op gelet/ naar gezocht is zijn de volgende soorten: -
-
-
-
Nesten in bomen/ beplantingen van vogels in de directe omgeving van het projectgebied Holtes en spleten/ scheuren in bomen en bebouwingen welke door vogels en vleermuizen gebruikt kunnen worden Nestplaatsen van vogels op de te ontwikkelen kavel Mogelijke verblijfplaatsen voor vogels en vleermuizen onder daken of achter gevelbekleding Beschermde plantsoorten op de kavel Mogelijke verblijfplaatsen en holen van marterachtigen
4. 2 Soorten vogelrichtlijn 4. 2. 1 Vogels met jaarrond beschermde nesten Het plangebied (de te slopen bebouwingen) is mogelijk geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten in gebouwen. Huismus. Voor de huismus zijn geen mogelijk geschikte verblijfplaatsen in de te slopen bebouwing aanwezig. Dit door het ontbreken van mogelijk geschikte verblijfslocaties bijvoorbeeld onder daken. Er zijn geen geschikte ruimten en nesten of uitwerpselen tussen daken en dakbeschot (deels afwezig) en op andere mogelijk geschikte verblijfplaatsen aangetroffen (zie afbeelding 5 en 6) . Ook waren er tijdens het veldbezoek geen huismussen hoor- en zichtbaar aanwezig rondom de te slopen bebouwing en in de aangrenzende tuin. Nader onderzoek naar huismussen wordt niet nodig geacht.
Afbeelding 5 en 6: Deels enkel dakplaten en dakpannen zonder dakbeschot. Overige delen niet toegankelijk/ te laag (+- 175 cm invlieghoogte) voor huismussen. Bron: BNL advies, datum: 30-05-2022
Gierzwaluw. Voor gierzwaluwen is het projectgebied zelf mogelijk geschikt. Gierzwaluwen komen vooral voor in dorpen en steden met (hoge) lintbebouwing. De gierzwaluw is binnen het projectgebied niet aanwezig, door het ontbreken van geschikte invliegopeningen naar mogelijke voortplantings- en verblijfplaatsen. Nader onderzoek naar gierzwaluwen wordt niet nodig geacht.
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina10
Uilen. De aanwezigheid van steenuil en kerkuil kan redelijkerwijs worden uitgesloten het ontbreken van invliegopeningen naar afgesloten donkere zolders van de te slopen bebouwingen. Nader onderzoek naar deze soorten wordt dan ook niet nodig geacht. wegens
Overige soorten. Binnen en rondom het projectgebied zijn tijdens het veldbezoek geen jaarrond beschermde nesten- of sporen van boombewonende broedvogels waargenomen. Op basis hiervan kunnen soorten als boomvalk, buizerd, havik, sperwer, ransuil en wespendief worden uitgesloten van aanwezigheid. Ook voor soorten als de boomvalk en ransuil, zijn geen mogelijke nestlocaties aangetroffen. Deze soorten gebruiken vaak oude kraaien- en eksternesten om te nestelen, deze zijn in de directe omgeving van het plangebied niet aangetroffen.
4. 2. 2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) De te slopen bebouwingen zijn potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor vogels met niet jaarrond beschermde nesten (categorie 5 soorten) . Het plangebied is geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met niet jaarrond beschermde nesten in gebouwen zoals de spreeuw, zwarte roodstaart, koolmees en pimpelmees. Wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt, kunnen geen negatieve effecten ontstaan. Ook vogels in aangrenzende bebouwingen kunnen negatieve effecten ondervinden van werkzaamheden, wat kan leiden tot verstoring. Voor deze soorten geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.
4. 2. 3 Algemene broedvogels Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor algemene broedvogels. De open bijgebouwen, bomen, beplantingen en hagen tegen en nabij de te ontwikkelen kavel zijn een geschikte nestplaats. Dit betreft soorten als zanglijster, houtduif en merel. Gezien de geplande ontwikkelingen vormen deze in geen enkele vorm een bedreiging voor deze soorten, wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt. Hiervoor geldt tijdens de werkzaamheden de zorgplicht.
4. 2. 4 Werken binnen het broedseizoen Werken binnen het broedseizoen is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord van vogels met niet jaarrond beschermde nesten en nesten van algemene broedvogels. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men voorafgaand aan de werkzaamheden een extra controle op de aanwezigheid van nesten uit te voeren. Wanneer nesten aanwezig zijn, dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn. Bij twijfel te allen tijde een ecoloog inschakelen.
4. 3 Soorten Habitatrichtlijn 4. 3. 1 Vleermuizen De bomen en bebouwingen binnen- en nabij het plangebied, zijn gezien het bureauonderzoek, potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats voor gebouwbewonende vleermuizen. Te denken valt dan aan de gewone dwergvleermuis en in mindere mate de gewone grootoorvleermuis. Uit de verspreidingsatlas (NDFF) komt naar voren dat deze vleermuissoorten eerder gezien zijn in de directe omgeving van het plangebied, maar deze bron is niet leidend.
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina11
De te slopen bebouwing De bebouwing is gecontroleerd op de (mogelijke) aanwezigheid van vleermuizen. In de te slopen bebouwing zijn geen mogelijke vaste rust- en verblijfplaatsen aangetroffen (zie afbeelding 7 t/m 10. Het zijn enkele wanden van beton of staal, zonder geschikte ruimten voor vleermuizen. Overstek is van onderaf afgesloten en overige delen zijn gezien de hoogte, of door de aanwezigheid van enkel glad damwandpaneel niet geschikt. Nader onderzoek naar vleermuizen wordt dan ook niet nodig geacht.
Afbeelding 7 t/m 10: Geen geschikte openingen/ invliegopeningen voor vleermuizen aangetroffen in de te slopen bebouwing. Bron: BNL advies, datum: 30-05-2022
Beplantingen In de bomen en beplantingen zijn geen geschikte openingen/ holen/ spleten en scheuren aangetroffen, wat de aanwezigheid van vleermuizen mogelijk zou maken. Ook worden er voor de ontwikkeling geen bepalende boomlanen/ groensingels verwijderd welke kunnen dienen als vliegroute van vleermuizen. De bebouwing buiten het plangebied is mogelijk geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vleermuizen. Aangezien hier geen werkzaamheden aan verricht worden (er geen vaste rust- en verblijfplaatsen kunnen verdwijnen) , wordt nader onderzoek naar vleermuizen niet nodig geacht. Wel is het belangrijk om eventuele (werk) verlichting (tijdens- en na de bouw van nieuwe woningen) van bebouwingen en bestaande groenstructuren af te wenden. Dit om een eventuele foerageer- / vliegroute van vleermuizen niet te hinderen.
Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info @bnladvies.nl – www. bnladvies. nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68
Pagina12
4. 3. 2 Overige Habitatrichtlijn soorten Het plangebied is ongeschikt voor overige habitatrichtlijnsoorten die volgens de Habitatrichtlijn beschermd zijn. Gezien de geplande werkzaamheden en de afwezigheid van water/ geschikt habitat is nader onderzoek op overige habitatrichtlijn soorten niet nodig. 4. 4 Nationaal beschermde soorten Het plangebied is niet geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen en als functioneel door de afwezigheid van een geschikt leefgebied binnen het projectgebied en aan grenzen van het projectgebied. Het plangebied is potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats en als functioneel leefgebied voor algemene soorten als egel, konijn en (spits) muizen waarvoor in NoordBrabant een provinciale vrijstelling geldt.