8a.1 Transitievisie Warmte Someren 0.9
Tekst van het document
Zonnewarmte
Biogas
21 22
thermische energie uit oppervlaktewater (TEO). In het zuiden van gemeente Someren ligt een boringsvrije zone waar de inzet van bodemenergie beperkt kan zijn. Dit gebied ligt ten zuiden van Someren-Heide en ligt daarmee relatief ver van de plekken in de gemeente waar de warmtevraag het grootst is.21 Een eerste inschatting van de totale capaciteit van de bodem in Someren is 800 - 1200 TJ per jaar.22 Het is te verwachten dat de daadwerkelijke potentie lager ligt, omdat bodemenergie op sommige plaatsen (bijvoorbeeld in het centrum) lastig in te passen is of omdat de afstand tot de gebouwen te groot is. In de conceptversie van de RES is een inschatting van 264 TJ gegeven voor de bruikbare potentie van WKO. In de nieuwbouwwijk Waterdael III is al een bodemonderzoek gedaan door IF Technology. Uit het onderzoek volgt dat er potentie is om het project Waterdael III, bestaande uit circa 500 nieuwbouwwoningen in Someren Zuidoost, aan te sluiten op grondwatersystemen in combinatie met collectieve en/of individuele warmtepompen.23 Circa 230 TJ / 48% Aardwarmte of geothermie is het winnen van de warmte van de aarde, vanaf 500 m tot 1 km (ondiep, tot 50 °C) en van 1 tot 7 km diep (diep/ultradiep, tot > 100 °C). De potentie voor geothermie is in de conceptversie van de RES MRE vastgesteld voor alle gemeentes in deze regio.
In gemeente Someren is de potentie ingeschat op 230 TJ.24 Nader onderzoek is nodig om te bepalen op welke plekken in gemeente Someren aardwarmte het best gewonnen kan worden en wat de potentie op die plekke is. EBN is momenteel met een onderzoek naar de potentie van geothermie bezig, wat in de loop van 2021 tot aanvullende inzichten kan leiden Luchtwarmtepompen onttrekken warmte aan de buitenlucht om de woning te verwarmen, en gebruiken hiervoor elektriciteit. Het is een individuele oplossing, die per woning of per appartementencomplex toegepast kan worden. De standaard luchtwarmtepomp geeft warmte op lage temperatuur. Een woning moet dan – net als voor andere lage temperatuur-oplossingen – goed geïsoleerd zijn en er is een passend warmte-afgiftesysteem nodig, zoals vloerverwarming of lage temperatuur-radiatoren. Er zijn ook midden- en hoge temperatuur warmtepompen op de markt. Deze hebben wel een hoger elektriciteitsverbruik. Luchtwarmtepompen zijn op grote schaal inzetbaar in de gehele gemeente 264 TJ/ 55% Warmte uit zonnecollectoren kan in zowel grootschalige als kleinschalige oplossingen ingezet worden. Er bestaan gecombineerde panelen die zowel elektriciteit als warmte leveren, die worden PVT-panelen genoemd (photovoltaïsch-thermisch). Bij toepassing op daken worden de zonthermische panelen gecombineerd met een warmtepomp in de woning.
Bij een veldopstelling wordt de warmte via een warmtenet verspreid. Het maximaal potentieel voor zonnewarmte is ongeveer 10 TJ per hectare in een veldopstelling en ongeveer 2 GJ per vierkante meter in een dak opstelling. 25 De techniek is nog niet op grote schaal ingezet voor het verwarmen van de gebouwde omgeving, maar gezien het grote potentieel interessant om te onderzoeken. In de conceptversie van de RES is een inschatting van 264 TJ gegeven voor de bruikbare potentie van zonnevelden in Someren26, rekening houdend met de potentiële afzetgebied. Circa 800 TJ / 168% Biogas wordt geproduceerd door organisch materiaal te vergisten. Verschillende vormen van biomassa kunnen als grondstof dienen voor het produceren van biogas, waaronder vloeibare mest, GFT afval en de bio restfractie van akkerbouw en grasland. De beschikbaarheid van deze reststromen op het
Bron: NP RES viewer Bron: Warmteatlas
23
Bron: WKO Waterdael III, IF Technology
24
Bron: Concept RES MRE Bron: Berenschot position paper: Kansen voor zonnewarmte in het hart van de energietransitie
25 26
Bron: Concept RES MRE
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 31
Biomassa (houtachtig)
Riothermie
Restwarmte bedrijven
Aquathermie
grondgebied van Someren is genoeg voor circa 800 TJ per jaar.27 De potentie in Someren is relatief hoog, vanwege de grote reststromen van de akkerbouw en de beschikbare meststromen. In de rest van Nederland is de beschikbaarheid vaak beperkt. De gemeente Someren gaat een gesprek met ZLTO voeren samen met gemeente Gemert-Bakel en Deurne om te onderzoeken of een gezamenlijke biogas installatie interessant zou kunnen zijn. 35 TJ.28/ 7% Biomassa is de verzamelnaam voor diverse soorten organische materiaal, zoals voedselresten, snoeihout, meststromen en productiebossen. Er zijn vele vormen van biomassa, maar de inzet van biomassa voor het verwarmen van woningen zal naar verwachting gering blijven. Dit heeft te maken met de beperkte beschikbaarheid van duurzaam beschikbare biomassa én de andere toepassingsmogelijkheden die biomassa heeft. Biomassa kan meegestookt worden in grote energiecentrales en op kleinere schaal ingezet worden met pellet kachels. De potentie voor de productie van warmte uit resthout op het grondgebied van Someren is geschat op 35 TJ per jaar.29 Gemeente Someren ziet enkele grotere biomassaketels als een transitie warmtebron voor bijvoorbeeld de glastuinbouw (warmte mogelijk gecascadeerd ook te gebruiken voor woningen).
Daarna zal die vervangen moeten worden door een meer duurzame warmtebron 7 TJ / 1%30 Riothermie staat voor restwarmte uit rioolwaterzuiveringsinstallaties en rioolgemalen. In Someren bevindt zich één rioolgemaal met in potentie van 7 TJ warmtelevering. Dit rioolgemaal ligt op het bedrijventerrein bij Someren. 18 TJ/ 4% Bij industriële processen blijft soms warmte over, die niet binnen het bedrijf gebruikt kan worden. Afhankelijk van het type industrie is dit middelhoge of hoge temperatuur warmte, die door middel van een warmtenet ingezet kan worden voor verwarming. In Someren zijn onder andere de kassen een grote afnemer van zowel aardgas als elektriciteit. Een deel van de kassen kan aangesloten worden op een warmtenet, waarvoor al een concept tracé is opgesteld. Dit tracé is ook ingetekend in Figuur 11. Een deel van de restwarmte vanuit de kassen kan gebruikt worden als aanvoer van warmte in woningen. Verder zijn er in gemeente Someren maar een paar relevante restwarmtebronnen met een potentie groter dan 5 TJ per jaar. Deze warmtebronnen zijn Broviand VOF (10 TJ) en H. Welten Supermarkt (8 TJ).
Deze restwarmtebronnen hebben potentieel lage temperatuur restwarmte beschikbaar tussen de 30 en 45°C.31 Inzet van zo’n restwarmtebronnen is gelet op die twee factoren alleen in de directe omgeving mogelijk in te zetten 415 TJ / 87% Uit oppervlaktewater is warmte te winnen met een warmtewisselaar. Deze warmte kan in de bodem worden opgeslagen en in de winter worden gebruikt. Met een (vaak lage temperatuur) warmtenet komt de warmte bij de gebruikers. Someren heeft een groot oppervlaktewater met het kanaal Zuid Willemsvaart dat op de grens van Someren en Asten ligt. Ter hoogte van Someren heeft dit kanaal in potentie ongeveer 400 TJ per jaar beschikbaar aan warmte. Ten noorden van Someren-Eind ligt nog de plas Blank Water met een potentie van 17 TJ per jaar.32 In de conceptversie van de RES is een inschatting van 190 TJ gegeven voor de bruikbare potentie van zonnevelden in Someren33 , rekening houdend met de potentiële afzetgebied.
27
Bron: Warmteatlas Bron: Warmteatlas 29 Bron: Warmteatlas 30 Bron: Warmteatlas 31 Bron: Warmteatlas 28
32
Bron: Warmteatlas
33
Bron: Concept RES MRE
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 32
4. Kansrijke warmtevoorziening per buurt in 2050 In dit hoofdstuk worden warmtevraag en beschikbare bronnen bij elkaar gebracht. Op basis daarvan, en op basis van uitgangspunten duurzaamheid en milieu-impact, komen we tot de warmtevisie voor 2050. Deze visie geeft aan welke warmtetechnieken het beste passen bij de verschillende buurten van gemeente Someren. Op basis daarvan kunnen we de komende jaren aan de slag. In gebieden waar we bijvoorbeeld in moeten zetten op individuele all-electric oplossingen kunnen inwoners en bedrijven in hun toekomstplannen vast rekening houden met deze oplossing.
Warmtevraag en bronnen in beeld: is er een match? We hebben in het vorige hoofdstuk de warmtevraag en de warmtebronnen in kaart gebracht. Nu brengen we alle informatie samen en maken we een start met het matchen van de warmtebronnen en de warmtevraag. Welke bronnen zijn het best in te zetten op welke plek? Zoals te zien is, is voor het grootste deel van gemeente Someren een individuele oplossing het beste. Er zijn een paar gebieden waarvoor dit niet geldt én waar ook een warmtebron in de buurt ligt.. Op de kaart (eerder al in Figuur 10 en hieronder bij Figuur 11) zien we de volgende zones: Individuele oplossingen In gebieden met een lagere bebouwingsdichtheid, waar bijvoorbeeld veel vrijstaande huizen of tweeonder-één-kap woningen staan, zijn oplossingen per woning het meest aantrekkelijk. Een warmtenet is hier al snel te kostbaar om aan te leggen, omdat de huizen ver uit elkaar liggen. Als de woningen redelijk geïsoleerd kunnen worden (de groene en oranje gebieden in Figuur 12), zijn bijvoorbeeld een luchtwarmtepomp of een bodemwarmtepomp geschikt. Ook klein-collectieve oplossingen zijn hier een optie, zoals een gezamenlijke bodemwarmtepomp voor 3 tot 7 woningen (via een mini-warmtenet). Deze opties lijken voor de hand te liggen in het grootste deel van gemeente Someren.
Kansrijk voor warmtenet In de oranje gebieden is een warmtenet een serieuze optie. Daar kunnen verschillende redenen voor zijn: er is bijvoorbeeld een hoge warmtedichtheid en/of er is een warmtebron in de buurt. In gemeente Someren is de warmtedichtheid relatief laag. Alleen in de plaats Someren en op twee locaties in SomerenEind zijn gebieden met een significant hoge warmtedichtheid, waar een warmtenet een kansrijke optie is. Er zijn ook een aantal restwarmtebronnen dichtbij deze gebieden die mogelijk gekoppeld kunnen worden. Deze warmtebronnen zouden ook kunnen worden ingezet voor een midden- of lage temperatuur warmtenet. Individueel of met warmtenet In de gebieden die oranje-blauw gearceerd zijn, is nog onzeker wat de meest rendabele oplossing is: individueel of met een warmtenet. In deze gebieden moet in meer detail onderzoek gedaan worden naar de besparingsmogelijkheden, de beschikbaarheid van nabije warmtebronnen én de kosten van het exploiteren van de warmtebronnen. Wanneer in aangrenzende gebieden een warmtenet gerealiseerd wordt, kan dit een koppelkans zijn om een onzeker gebied ook op dit warmtenet aan te sluiten.
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 33
Figuur 12 Visie voor de toekomstige warmtevoorziening in Someren. Gebieden met een hoge warmtedichtheid en hoge temperatuur warmtevraag zijn kansrijk voor een warmtenet en bevinden zich met name in het centrum van Someren. De locaties waar relatief veel oude woningen zijn, maar waarbij de warmtedichtheid laag is, zijn gebieden waar groen gas, indien beschikbaar, als eerste ingezet kan worden. De overige gebieden, zijn geschikt voor individuele of klein-collectieve warmtevoorzieningen. De bedrijventerreinen en de lokale restwarmtebronnen zijn ook weergegeven op de kaart. De zonnevelden zijn de door het RVO aangewezen plekken waar zon thermisch een mogelijkheid is én die binnen 200
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 34
meter van de woningen liggen. De wateren komen terug op de achtergrond, waarbij de het kanaal tussen Someren en Asten verduidelijkt is. Groen gas In een aantal buurten is de bebouwingsdichtheid laag, waardoor een warmtenet weinig kansrijk is. Tegelijkertijd staan er veel oudere woningen en monumenten, die ook in de toekomst waarschijnlijk een hogere temperatuur warmteafgifte nodig hebben (de rode gebieden in Figuur 10). Dat maakt de toepassing van warmtepompen lastig, omdat de woningen dan eerst voldoende geïsoleerd moeten worden. Voor vrijstaande woningen is dat kostbaar, er zijn immers aan vier kanten muren te isoleren. In de buurtaanpak moet gekeken worden of in deze buurten wordt ingezet op vergaande isolatie en warmtepompen, of dat er wellicht aan groen gas (naar aardgas kwaliteit opgewerkt biogas) gedacht moet worden. In de kernen van Someren, Someren-Eind en Lierop zijn een aantal gebieden waar groen gas een gewenste oplossing kan zijn.
Kansen van geothermie In september 2020 werd de WARM34 studie van EBN gepubliceerd rondom de potentie van aardwarmte (ondiepe geothermie tot 1500-2000m diepte). In deze studie werd duidelijk welke gebieden van de regio kansrijk zijn voor aardwarmte. Op onderstaande kaart wordt getoond waar die gebieden liggen (donkergroene gebieden hebben een hoge potentie, witte gebieden zijn nog niet goed onderzocht). Someren lijkt een geschikt gebied voor ondiepe geothermie. Om de productie van een geothermie bron rendabel te maken is er genoeg afzet nodig. Daarom zou een ondiepe geothermie kansrijk kunnen zijn als die gedeeld wordt met de buurtgemeente Asten. Op de kaart van WARM hieronder is dit gebied omcirkeld. Op zo’n diepte kan warmte rond 60-70C gehaald worden, wat genoeg is voor de verwarming van woningen.
34
Waarde van Aardwarmte en Regionale Mogelijkheden DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 35
Figuur 13 Poetntie geothermie in Regio Metropool Eindhoven Voor diepe geothermie (temperatuur hoger dan 80C en meer geschikt voor industrie) zal het landelijke SCAN onderzoek van EBN in 2021 extra inzicht aanbieden. Om de potentie van ondiepe geothermie nauwkeuriger te bepalen (inclusief risico-analyse van nabijheid van breuklijn) en om een geschikte locatie te definiëren is er aanvullende analyse noodzakelijk. Zo’n studie zou gezamenlijk met gemeente Asten en DECAS opgepakt kunnen worden. Geothermie kan dan ingezet worden voor de gebouwde omgeving en voor kassen.
Kansen biogas Er is een grote potentie aan bronnen om groen gas van te maken. Dit kan door realisatie van een biovergister waar mest wordt vergist. Vanwege de grote potentie zijn de groen gas onderzoeksgebieden iets groter gemaakt dan alleen de straten met oudere woningen. Voor de inzet van groen gas is de bestaande aardgas infrastructuur nodig. Het is voor een netbeheerder waarschijnlijk het beste hanteerbaar om voor een hele dorpskern de gasleidingen in gebruik te houden voor groen gas in plaats van enkele straten wel en enkele niet. Vanwege de beperkte landelijke beschikbaarheid van groen gas en omdat niet alle huizen in de gebieden een rood warmteprofiel hebben, zijn de gebieden waarvoor groen gas interessant is, gearceerd gemaakt en gecombineerd met inzet van een individuele oplossing. In de buurtaanpak moet gekeken worden of in deze buurten wordt ingezet op vergaande isolatie en warmtepompen, of dat er wellicht aan groen gas (biogas dat opgewaardeerd is) gedacht moet worden. Uit het onderzoek van RHDHV voor de RES blijkt biogas vanuit de Peel gemeenten een goede optie voor het warmtenet tussen Asten en Someren. Uitgaande van een vraag van ruim 35 miljoen m3 aardgas per jaar (in 2014) voor warmte in de glastuinbouw van Someren, kan deze installatie circa 18% van de warmte leveren.
Dit scenario kan interessant zijn voor de kassen maar ook voor wijken die zouden kunnen worden aangesloten op het nieuw aangelegde warmtenet (bijvoorbeeld Someren Noord of Someren Centrum)
Conclusies uit haalbaarheidsstudie van Greenvis Greenvis heeft eind 2020 een haalbaarheidsanalyse gedaan over de potentie van warmtenetten in Someren. Specifiek is gekeken naar de dorpskernen Someren en Someren-Eind. De clusters die geanalyseerd zijn : •Someren Noord •Someren Centrum •Someren Oost 1 (Bestaat uit Waterdael I en II) •Someren Oost 2 (Bestaat uit Waterdael III, jonge gebouwen) •Someren-Eind Noord
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 36
Het aantal aansluitingen per clusters met de onderscheiding tussen hoogbouw en laagbouw is als volgt :
Hierbij werd er naar vier potentiële warmtebronnen gekeken: •Aquathermie (uit kanaal Zuid Willemsvaart) en/of Riothermie •Zonthermie op veld •Restwarmtebronnen •Aansluiting op het ‘kassennet’ Het kassennet is het warmtenet van DECAS dat tussen Asten en Someren aangelegd wordt. De bron die momenteel gebruikt wordt is de biomassa die via ketels verbrand wordt en omgezet wordt naar warmte. Op dit moment is fase 2 van het kassennet (verbinden van de 2 glastuinbouwgebieden in Someren) voorlopig op hold. Ook het beschikbare vermogen is nog niet definitief bepaald. DECAS is echter geïnteresseerd om de koppeling tussen het net en wijken te onderzoeken, en ook om andere bronnen (in de toekomst) te koppelen aan hun net. In die zin zou dit net als een open net kunnen functioneren. De aanwezigheid van meerdere potentiële bronnen in de buurt maakt het aantrekkelijk om de haalbaarheid van deze constructie in de toekomst verder te onderzoeken. Greenvis heeft zich beperkt tot de analyse van de afzonderlijke warmtebronnen om een eerst beeld te geven over de haalbaarheid van de bronnen.
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 37
Figuur 14 Clusters studie Greenvis 2020 met warmtebronnen 2 scenario’s voor het kassennet zijn meegenomen in de analyse : -via een uitkoppeling bij de aanvoerleiding -via een uitkoppeling bij de retourleiding (cascadering van warmte) Het voordeel van de retourleiding is dat de warmte die de wijken voorziet niet ten koste gaat van de warmte voor de kassen (oorspronkelijke scope van het kassennet). De koppeling met andere bronnen is in de Greenvis analyse niet meegenomen en zou in de toekomst nog verder onderzocht kunnen worden.
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 38
De analyse heeft voor de verschillende bronnen en wijken de volgende kosten berekend : TCO35 (Total Cost of Ownership) per weq (woningequivalent) en per jaar:
35
Totaal bedraag aan kosten (incl. isolatie) voor het gebruik maken van de betreffende warmtevoorziening
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 39
BAK (Bijdrage Aansluitkosten), de eenmalige kosten voor een aansluiting op een warmtenet
Uit deze kostenanalyse kan de volgende conclusies getrokken worden : ● De clusters Someren Centrum en Someren Noord zijn het meest geschikt voor een warmtenet oplossing. ● Er lijkt voldoende restwarmte beschikbaar om verschillende clusters in de basislast te kunnen voorzien. Al is er altijd ook een piek-en back-up voorziening nodig om de verschillende clusters van warmte te voorzien. Het restwarmte vermogen is deels nog onbekend en nu gebaseerd op een inschatting. Aanbevolen wordt een onderzoek uit te voeren naar de werkelijke beschikbaarheid van restwarmte in Someren. ● Het ‘kassennet-aanvoer’ scenario (waarin de warmte uit de aanvoerleiding van het kassennet afgekoppeld wordt) is een mogelijk aantrekkelijk scenario voor levering aan de gebouwde omgeving. Het beschikbare vermogen is echter onzeker of onbekend; daarom zijn verdere gesprekken met DECAS zinvol. Indien de inkoopprijs voor warmte uit de retourleiding van het kassennet significant lager kan zijn, kan het ‘kassennet-retour’ scenario (waarin de warmte uit de retourleiding afgekoppeld wordt) de aantrekkelijke keuze worden. ● Biogas kan een interessante bron zijn voor de peak voorziening van het kassennet
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 40
●
● ●
De woningcorporatie WoCom heeft in Someren-Noord relatief veel bezit en is daarom een belangrijke speler om tractie te creëren en de participatie hoog36 te krijgen in dit cluster. Het wordt geadviseerd om verdere gesprekken te voeren over de kansen om in Someren-Noord op basis van restwarmte (of andere bronnen) een warmtenet te ontwikkelen. Geothermie en/of aquathermie (eventueel samen met Asten) is in deze analyse niet meegenomen maar blijft een interessante optie als bron voor de kassen en wijken. Zonthermie is in alle gevallen de duurste optie, zowel maatschappelijk als voor de eindgebruiker.
Bedrijven en kantoren Gemeente Someren kent een aantal bedrijventerreinen, waarvan de grootste ten Noordoosten van de dorpskern Someren. Het doel is om voor de transitie van bedrijventerreinen zoveel mogelijk aan te sluiten op natuurlijke (gebieds-)ontwikkelingen van de bedrijventerreinen zelf. Kantoren hebben over het algemeen een grotere vraag naar koeling dan woningen. Bodemenergie is daarom erg geschikt: warmte die in de zomer aan de gebouwen wordt onttrokken, wordt in de winter weer gebruikt. Dit kan per gebouw, of voor een cluster gebouwen worden aangelegd. Ook luchtwarmtepompen en luchtkoelers behoren tot de mogelijkheden. Door industrie en maakbedrijven wordt aardgas niet alleen gebruikt om gebouwen te verwarmen, maar soms ook in het bedrijfsproces. Tegelijkertijd hoeft niet elk gebouw verwarmd te worden, bijvoorbeeld opslagloodsen hebben meestal beperkte verwarming nodig. Bedrijventerreinen vragen daarom maatwerk: een afzonderlijk traject, waarin naar de specifieke behoeften van alle bedrijven wordt gekeken.
36
Uitgangspunt is wel dat de nieuwe warmtevoorziening betaalbaar blijft en niet duurder wordt.
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 41
5. Wanneer worden de buurten aardgasvrij? In dit hoofdstuk beschrijven we in welke buurten we op korte termijn starten met een uitgebreider onderzoek. We geven ook inzicht in de buurten die pas later, op middellange of lange termijn aan de buurt zijn. Zo kunnen bewoners en bedrijven hun investeringen afstemmen op de ontwikkelingen die we in de verschillende buurten voorzien. We onderstrepen dat de planning in dit hoofdstuk een globale planning is. We willen graag ruimte houden om in te spelen op nieuwe kansen, bewonersinitiatieven of initiatieven van bedrijven. In hoofdstuk 2 beschreven we wat een buurt geschikt maakt als verkenningsbuurt. Tijdens werksessies met woningbouwcorporatie WoCom, ICAS, Enexis, energiecorporatie DECAS en ZummerPower en tijdens informatiebijeenkomsten met inwoners en ondernemers, werden ontwikkelingen en kansen per buurt besproken. We hebben verschillende uitgangspunten en criteria tegen elkaar afgewogen. Dit heeft geleid tot een fasering die weergegeven is in Figuur 15. In paragraaf 5.1 en 5.2 wordt hierover meer informatie gegeven. Verkenningsbuurt (2022-2030) Buurten waar het mogelijkheid lijkt om op kortere termijn, rond 2030, aardgasvrij te worden. Voor deze buurten starten we in 2022 met haalbaarheidsonderzoeken. Hierin staan de technische- en financiële haalbaarheid en het betrekken van bewoners, ondernemers en andere lokale partijen centraal.
We benadrukken dat we in deze buurten starten met onderzoek, maar dat nog niet besloten is wanneer en hoe de buurt van het aardgas gaat.
Middellange termijn (2026-2040) In deze buurten bestaan kansen of ontwikkelingen op de middellange termijn, waar de gemeente tijdig op wil inspelen. Het kan gaan om onderhoud aan aardgasleidingen, renovaties door de woningbouwcorporatie andere buurtontwikkelingen, of kansen voor de aanleg van een warmtenet. De uitvoeringsperiode voor deze buurten wordt afgestemd op deze kansen en ontwikkelingen.
Natuurlijk tempo (2022-2050) Voor deze buurten liggen individuele warmteoplossingen per gebouw voor de hand. De gemeente realiseert zich dat bewoners en ondernemers hiervoor hun eigen tempo kiezen, vandaar een natuurlijk tempo. Logisch momenten zijn bijvoorbeeld bij een verbouwing of verhuizing.
Middellange termijn (2026-2040) of natuurlijk tempo In deze gebieden zien we kansen of ontwikkelingen waar de gemeente, samen met belanghebbenden, tijdig op wil inspelen. Dit zijn in gemeente Someren de gebieden waar groen gas een mogelijkheid is. In deze gebieden staan ook gebouwen waarvoor het logisch is om individueel, in natuurlijk tempo de overstap te maken.
Lange termijn (2040-2050) of natuurlijk tempo In de gearceerde gebieden hangt het tempo af van de kans om aan te sluiten op een klein collectief warmtenet. Als een collectieve oplossing (warmtenet) de meest aantrekkelijke oplossing blijkt, dan zal hier mogelijk voor worden gekozen. Omdat in deze gebieden nog geen aanleidingen zijn om te starten gaan die buurten op lange termijn van het aardgas af. Als gebouweigenaren in deze buurten individuele oplossingen kiezen, wordt er een natuurlijk tempo aangehouden. Disclaimer: Parallel aan het aardgasvrij maken van Gemeente Someren werken we aan andere grote opgaven zoals Klimaatadaptatie en de aanpak van hittestress. We moeten werk met werk maken en één keer een wijk in voor al die opgaven. Die andere opgaven kunnen leidend zijn voor het moment waarop
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 42
de wijk aardgasvrij wordt gemaakt. In 2021 en 2022 brengen we die opgaven bij elkaar om tot een overall fasering te komen
.
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 43
Figuur 15 Fasering Someren
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 44
5.1 De verkenningsbuurten De buurten waar de eerste onderzoeken starten zijn: Someren Centrum en Someren Noord. De precieze kaders van de onderzoeksgebieden staan op de volgende bladzijden weergegeven. Deze kaders zijn nog niet heel precies, dit wordt verder uitgewerkt tijdens de buurtverkenning. De haalbaarheidsstudie van Greenvis heeft laten zien dat Someren Noord en Someren Centrum het meest kansrijk zijn voor een warmtenet oplossing. Dat onderbouwt de keuze om hier als eerste te gaan verkennen wat de mogelijkheden zijn. Wanneer? Begin 2022 zal er gestart worden met een onderzoek naar technische- en financiële haalbaarheid van de beste (combinatie van) bron(nen) Als blijkt dat de alternatieven voor aardgas technisch en financieel haalbaar zijn, zal er eind 2022/begin 2023 getoetst worden of er ook interesse is onder inwoners en of het voor hen ook een haalbare stap is. Als dit ook positief blijkt, wordt de buurt een officiële ‘startbuurt’. Inwoners krijgen tenminste 8 jaar de tijd voordat de realisatie wordt uitgevoerd. De insteek is om in de 2 startgebieden tegelijkertijd te beginnen met onderzoek. Afhankelijk van de onderzoeken worden per buurt bekeken wanneer gestart wordt met de uitvoering.
Resultaat in 2030 Als 70% van één van de twee wijken (Someren Centrum of Someren Noord) in 2030 aardgasvrij wordt en net zoveel individuele oplossingen in de hele gemeente (700-800) wordt het doel van 20% in 2030 haalbaar.
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 45
Someren-Centrum Voor Someren-Centrum is er al een haalbaarheidsonderzoek gedaan met de Warmtetool van Greenvis. Deze analyse liet zien dat Someren-Centrum een kansrijk gebied is voor het ontwikkelen van een warmtenet. Onder andere door de dichte bebouwing, waaronder ook hoogbouw, is de warmtevraag hier groot genoeg en voldoende Waarom zouden we hier starten? geconcentreerd om aan een collectieve Kansen voor collectieve oplossingen, op basis van de oplossing te denken. warmtedichtheid en het type bebouwing (ook hoogbouw) Er ligt al een ontwerp tracé op papier tussen de kassengebieden in Someren. Hierom is het kansrijk en belangrijk om op korte termijn collectieve mogelijkheden te inventariseren. Koppeling met klimaatadaptatie project en centrumplan In de Startanalyse van de Leidraad komt hier een individuele warmtepomp als goedkoopste oplossing naar voren. Echter is deze oplossing niet veel goedkoper dan een warmtenet alternatief én is de oplossing toegewezen op basis van de hele CBS-buurt, waarbinnen op kleinere schaal collectieve oplossingen wel interessant kunnen zijn, zoals de analyse van Greenvis laat zien.
Kentallen startbuurt Verblijfsobjecten: 1519 1365 woningen 154 utiliteitsgebouwen Warmtevraag: 62 TJ huidige warmtevraag woningen 46 TJ toekomstige warmtevraag woningen 25 TJ inschatting huidige warmtevraag utiliteit Kenmerken woningen: 45% meergezinswoningen Meest voorkomende energielabels: C: 33% F: 20% B: 16% A: 12% D, E, G < 10% Mogelijke oplossing Warmtenet (met koppeling met kassennet) waarbij meerdere bronnen interessant kunnen zijn zoals restwarmte (van kassen) of zonthermie, geothermie en restwarmte. Wat zijn aandachtspunten? Haalbaarheid van de verschillende warmtebronnen Rekening houden met het geplande tracé Afstemming met Someren-Noord Aandacht voor geothermie en aquathermie, evt. samen met Asten
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 46
Someren-Noord In Someren-Noord staan relatief veel panden; de warmtevraagdichtheid is hierdoor ook relatief hoog en maakt het kansrijk om naar collectieve oplossingen te kijken. Dit laat de Greenvis analyse ook zien. Zoals hieronder te zien, is Someren-Noord ook een relatief homogene buurt waar bijna uitsluitend midden tot lage temperaturen gevraagd wordt (het oranje warmteprofiel met oudere woningen, waar isolatie ook erg kosten efficiënt is). Waarom zouden we hier starten? In Someren-Noord staan relatief veel (dezelfde type) panden met een warmtevraagdichtheid die collectieve oplossingen kansrijk maakt. Het woningcorporatie bezit is hoog, en WoCom kan zeker als startmotor fungeren in dit gebied. Er ligt al een ontwerp tracé op papier vanaf het kassengebied richting Someren. Hierom is het kansrijk en belangrijk om op korte termijn collectieve mogelijkheden te inventariseren. In de Startanalyse van de Leidraad komt hier een individuele warmtepomp als goedkoopste oplossing naar voren. Echter is deze oplossing niet veel goedkoper dan een warmtenet alternatief én is de oplossing toegewezen op basis van de hele CBS-buurt, waarbinnen op kleinere schaal collectieve oplossingen wel interessant kunnen zijn, zoals de analyse van Greenvis laat zien.
Kentallen startbuurt Verblijfsobjecten: 1093 1063 woningen 30 utiliteitsgebouwen Warmtevraag: 48 TJ huidige warmtevraag woningen 34 TJ toekomstige warmtevraag woningen 7 TJ inschatting huidige warmtevraag utiliteit Kenmerken woningen: 7% meergezinswoningen Meest voorkomende energielabels: C: 42% D: 37% A, B, E, F, G < 10% Mogelijke oplossing Warmtenet (met koppeling met kassennet) waarbij meerdere bronnen interessant kunnen zijn zoals restwarmte, aquathermie, geothermie. Wat zijn aandachtspunten? Haalbaarheid van de verschillende warmtebronnen Rekening houden met het geplande tracé Afstemming met Someren-Centrum Aandacht voor geothermie en aquathermie, evt. samen met Asten
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 47
Alternatief De koppeling van de twee bovengenoemde buurten aan een warmtebron is afhankelijk van de haalbaarheid van de potentiële warmtebronnen en van de uitvoering. Mochten de bronnen geen kans bieden en het uitvoeringsperspectief te complex en kostbaar zijn dan kan de buurt van Someren Oost (Waterdael I + II) als startbuurt onderzocht worden. Deze buurt bestaat uit goed geïsoleerde woningen die aangesloten zouden kunnen worden op een individuele warmtevoorziening.
5.2 Overige buurten Middellange termijn (2026-2040) Op de middellange termijn gaan we onderzoek doen naar de gebieden in de gemeente die na de verkenningsbuurten ook kansrijk zijn voor collectieve oplossingen. Met Someren-Noord en SomerenCentrum als verkenningsbuurten wordt een deel van de kern Someren al onderzocht. Aansluitend kunnen de omliggende buurten in Someren geanalyseerd worden. Het gebied rondom het geplande warmtenet tracé, inclusief de kassen en Someren-Eind, nemen we mee op de middellange termijn. Wanneer? Over enkele jaren (2024 en 2025) zal er worden gekeken naar de mogelijkheden om het warmtenet van Someren-Centrum en of Someren-Noord verder uit te breiden of nieuwe (klein-)collectieve systemen te ontwikkelen in en rondom de kern Someren. In delen van deze gebieden zijn warmtenetten kansrijk en kan op middellange termijn onderzoek gedaan worden naar de haalbaarheid van zowel individuele als collectieve systemen. Uit de analyse van Greenvis volgt dat een warmtenet niet voor de hand ligt, maar deze mogelijkheid willen we nog niet uitsluiten. Wat? Er zijn in Someren meerdere warmtebronnen beschikbaar voor warmtenetten, zoals de analyse van Greenvis heeft laten zien. Op basis van inzichten uit de verkenningsbuurten, kunnen de mogelijkheden in omliggende buurten verkend worden.
In Someren-Eind bevindt zich ook nog oude kern met woningen die lastiger te isoleren zijn en daarmee minder makkelijk op lagere temperatuur comfortabel verwarmd kunnen worden. Hier kan ook verkend worden of groen gas een alternatief kan zijn voor de huidige aardgasvoorziening. Er is veel potentie in de gemeente om afvalstromen (grotendeels uit mest) te verwerken tot biogas. Dit biogas kan worden opgewaardeerd tot groen gas dat zonder verdere aanpassing via het bestaande gasnet naar huizen kan worden toegevoerd. Waarom deze buurten op de middellange termijn? In deze buurten liggen kansrijke voor (uitbreidingen van) warmtenetten, maar in Someren-Noord en Someren-Centrum zijn deze kansen groter en de nationale kosten van collectieve oplossingen lager. Hierom starten we in die buurten en komen de omliggende buurten later aan bod. Na het verkrijgen van inzichten in de verkenningsbuurten is het wel waardevol om hier op voort te borduren en niet tot op langere termijn te wachten. Het bedrijventerrein in Someren-Oost en het kasgebied en Someren-Eind zijn gearceerd op de Fasering kaart: deze gebieden horen bij de beschrijving van de middellange termijn gebieden, maar wanneer zich op korte termijn mogelijkheden voordoen op het bedrijventerrein of rondom het kassengebied om aan de slag te gaan, is het in deze gebieden relevant om daar op in te haken.
Vandaar de mix van middellange termijn en natuurlijk tempo in deze clusters.
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 48
Lange termijn (2040-2050) We verwachten dat Lierop en Someren-Heide als laatste de overstap naar aardgasvrij maken, of dat de inwoners dat op hun individuele natuurlijke tempo doen. Deze buurten zijn daarom gearceerd met Lange Termijn en Natuurlijk tempo in de Fasering kaart. Wat? In de dorpen Lierop en Someren-Heide ligt het voor de hand om aan de slag te gaan met individuele of klein-collectieve oplossingen. Er kan ingezet worden op buurtwarmtepompen, individuele warmtepompen en in Lierop is groen gas ook een mogelijk alternatief voor de oude woningen die daar staan. Waarom deze dorpen als laatste? We wachten technologische ontwikkelingen en de ervaringen in de deze buurten af voordat we aan de slag gaan. Waarschijnlijk maken in deze dorpen enkele inwoners individueel al wel de overstap naar aardgasvrij. Voor kleine collectieven kan geleerd worden uit de ervaringen die we gaan op doen in de rest van de gemeente en/of in buurtgemeenten. In Lierop staan relatief veel oude woningen, waardoor groen gas hier wenselijk zou kunnen zijn. Ook voor de mogelijke inzet van groen gas als vervanger van aardgas wachten we voor Lierop de ontwikkelingen af en gaan we eerst in andere buurten aan de slag.
Buurten met natuurlijk tempo (2020-2050) De buitengebieden en dorpsranden hebben een lage bebouwingsdichtheid met veel vrijstaande huizen of twee-onder-een-kap woningen. Hier liggen individuele oplossingen het meest voor de hand. In deze buurten kiest daarom iedere individuele huiseigenaar voor een alternatief op basis van een eigen tempo. Voor deze gebieden ontstaat dan een ‘natuurlijk tempo’: niet de hele buurt tegelijk, maar elk gebouw op een logisch moment, bijvoorbeeld bij een verbouwing of verhuizing. Woningeigenaren kunnen stap voor stap maatregelen nemen, bijvoorbeeld door eerst te isoleren en een paar jaar later een warmtepomp te laten installeren. Het is belangrijk dat woningeigenaren natuurlijke momenten, zoals een verbouwing, wel daadwerkelijk benutten. Dat geldt ook voor de kernen Lierop en Someren-Heide die in de fasering op Lange Termijn en Natuurlijke tempo staan. Daarom beginnen we vanaf nu met voorlichting geven aan bewoners. Dit staat verder toegelicht in het volgende hoofdstuk. Voor woningen en bedrijven in het buitengebied, waarvan de buitenschil maximaal op label B is te brengen, zijn twee interessante opties: a. Hydride verwarmingssysteem (luchtwarmtepomp + CV-ketel) op groen gas/groene waterstof (overgang van aardgas, mix van groen gas en volledig groen gas gaat geleidelijk). b. Hydride verwarmingssysteem (luchtwarmtepomp + HR pellet verwarming)
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 49
6. Uitvoeringsstrategie en vervolgstappen De komende jaren zetten we de eerste stappen om uiteindelijk in 2050 een volledig aardgasvrije gemeente te zijn. De activiteiten die de gemeente al organiseert en nog wil opzetten worden in dit hoofdstuk uiteengezet. Hoe we de komende jaren te werk gaan, beschrijven we in de uitvoeringsstrategie. De uitvoeringsstrategie is opgesplitst in de volgende onderdelen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Communicatie en informatievoorziening Aanpak verkenningsbuurten Aanpak buurten met natuurlijk tempo Aanpak bedrijventerreinen en utiliteitsbouw (waaronder zorginstellingen en maatschappelijk vastgoed) Kansen ondiepe geothermie en biogas Kansen inzet (grootschalige) warmtebronnen en warmtenetten Financiering en betaalbaarheid Rollen gemeente Doorontwikkeling TVW
Indicatieve tijdslijn met start onderdelen van uitvoeringsstrategie
Programma Communicatie en informatievoorziening Communicatie met professionele belanghebbenden (regionaal/gemeentelijk): Het aardgasvrij maken van Nederland en Someren heeft grote consequenties voor bewoners. Daarom willen we inwoners van Someren zo vroeg en goed mogelijk bewust maken van kansen en ontwikkelingen waar we ons op moeten voorbereiden. De Transitievisie Warmte is een stap om tot een overkoepelende visie en een tijdpad te komen voor Someren. De realisatie vraagt vele acties en afstemming. Alle partijen informeren en afstemmen met alle belanghebbenden over voortgang, initiatieven, ontwikkelplannen en nieuwe kansen is een belangrijke regietaak die de gemeente oppakt. Regionaal werkt de gemeente samen met andere gemeenten en de provincie om onderling kennis uit te wisselen en regionale warmtekansen te onderzoeken. Op gemeentelijk niveau wordt een werkgroep en bestuurlijk overleg met professionele partijen opgezet, bestaande uit: Netbeheerder Enexis, Energiecoöperatie ZummerePower en de gemeente. Via deze werkgroep worden het gemeentelijke programma en lopende projecten afgestemd. Ook wordt de besluitvorming voorbereid, de voortgang in de uitvoering van plannen bewaakt en worden nieuwe
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 50
kansen gesignaleerd. Overige professionele belanghebbenden nodigen we in diverse bijeenkomsten uit om mee te denken en om te reageren op plannen en voorstellen. Tevens gaan we graag in gesprek met partijen die nieuwe initiatieven willen opzetten. Woningcorporatie WoCom zal in de werkgroep participeren voor projecten in wijken waarin ze actief zijn (net als de andere aanwezige woningcorporaties). Energiecoöperatie DECAS zal participeren indien de warmtebron het kassennet is. Bij de wijkaanpak zullen wijkraden ook aangesloten worden om de eerste contacten met de bewoners tot stand te brengen. ICAS en de werkgroep bedrijven(terreinen) van OVS zullen betrokken worden bij de aanpak van bedrijventerreinen. Voor het centrum van Someren zal het de werkgroep winkelgebied van OVS zijn die aansluit.
Overkoepelende communicatie met alle belanghebbenden Via de website Someren Natuurlijk Duurzaam (in de rubriek ‘Someren Aardgasvrij’ )houden we bedrijven, inwoners en alle andere partijen op de hoogte van de stand van zaken rond de energietransitie en de overgang naar een aardgasvrij Someren. Ieder die wil, kan op de hoogte blijven van de ontwikkelingen en voortgang via de lokale media.
Communicatie in een verkenningsbuurt Op buurtniveau worden projectteams en klankbordgroepen opgezet voor verkenningsbuurten. We kijken zorgvuldig welke belanghebbenden daarin worden vertegenwoordigd. De communicatie/informatievoorziening in een verkenningsbuurt of bedrijventerrein is een kwestie van maatwerk. Daarbij kunnen als middelen onder meer worden ingezet: enquêtes, huis-aanhuisbrieven, bijeenkomsten, straatgesprekken, appgroepen, enzovoort.
Programma Aanpak verkenningsbuurten In buurten waar concrete kansen liggen doen we onderzoek en stellen we in samenwerking met inwoners en lokale partijen (zoals bewonersinitiatieven, woningbouwcorporaties, de netbeheerder, etc.) een buurtuitvoeringsplan op. Dat is maatwerk. Elke buurt heeft eigen specifieke kenmerken wat betreft technische mogelijkheden, technische aard van de woningen, financieel-economische mogelijkheden, eigendomssituatie en/of samenstelling van de bevolking. De aanpak in buurten waar collectieve warmtenetten worden opgezet, zal er anders uitzien dan een aanpak in een buurt waar individuele of kleinschalig-collectieve oplossingen reëel lijken. Pas als er voldoende acceptatie is bij inwoners en de belanghebbenden, zal de gemeente definitief instemmen met de plannen om een buurt aardgasvrij te maken en de realisatiefase te initiëren. Bij een Go-besluit worden afspraken gemaakt over de realisatiefase. Er worden afspraken gemaakt over de tijdplanning, rolverdeling, Business Case & financiering, de benodigde aanpak van gebouwen en woningen en het contracteren van partijen die verantwoordelijk zijn voor de bouw en aanleg van nieuwe infrastructuur. Hieronder een schets van wat er in de periode van buurtuitvoeringsplan gaat gebeuren: 1 Samen starten.
We brengen lokale partijen bij elkaar en vormen een werkgroep en een klankbordgroep waarin lokale belanghebbenden zijn vertegenwoordigd. Bewoners kunnen deelnemen in de klankbordgroep om zo direct input te leveren. Eerst op de randvoorwaarden van de haalbaarheidsstudie en daarna op de ontwikkeling van het buurtuitvoeringsplan. De gemeente zorgt voor een procesbegeleider die ook toeziet op het participatietraject met bewoners. Het verkennen van de belangen is een belangrijk onderdeel in deze fase. 2 Buurtanalyse. Met de werkgroep brengen we in kaart wie in de buurt wonen, wat hun behoeften zijn en hoe we bewoners het beste kunnen bereiken en betrekken. Parallel worden technische
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 51
gegevens over de woningen, beschikbare duurzame warmtebronnen en de aanwezige energieinfrastructuur in kaart gebracht. Voor de meest kansrijke warmteopties brengen we in detail in kaart welke voordelen, nadelen, kosten en besparingen realistisch zijn. 3 Kiezen optimale warmteoplossing. Na stap 2 bepalen we in samenspraak met lokale belanghebbenden welke warmteoplossing het best bij de buurt past. Met het afwegingskader (zie hoofdstuk 2.3) wordt onderbouwd welke oplossing de voorkeur heeft. In deze fase betrekken we bewoners, bedrijven en alle andere lokale betrokkenen intensief. 4 Onderbouwen van de haalbaarheid en financiën. Voor de gekozen optie werken we in detail de kosten en baten uit voor referentiewoningen. De investeringskosten, eindgebruikerskosten en energiekosten worden in detail in kaart gebracht. Zo nodig worden eerst in praktijk concepten kleinschalig gerealiseerd om zeker te zijn van alle kosten en baten. Als vervolgens de haalbaarheid toch twijfel oproept, dan gaan we een stap terug naar de vorige fase ‘keuze warmteoplossing’. We werken daarna een concreet investeringsprogramma uit, waarbij ook ingezet wordt op subsidies en financieringsvormen zodat de overstap haalbaar en betaalbaar is voor alle betrokkenen en alle bewoners. 5 Besluitvorming (go / no go). Om tot besluitvorming te komen is het nodig om aan een aantal randvoorwaarden te voldoen.
De gemeenteraad wordt pas gevraagd definitief in te stemmen als voldaan is aan onderstaande voorwaarden: a. de oplossing is duurzaam en technisch haalbaar b. de oplossing is voor alle belanghebbenden in principe financierbaar c. er is draagvlak bij een ruime meerderheid van bewoners, bedrijven en andere belanghebbende organisaties die nodig zijn voor de realisatie d. juridisch wordt voldaan aan alle wettelijke voorwaarden. Als de gemeenteraad en andere partijen akkoord zijn, worden daarna afspraken gemaakt over de realisatiefase. Deze afspraken worden in het buurtuitvoeringsplan opgenomen. Bijvoorbeeld afspraken over de tijdplanning, rolverdeling, de benodigde aanpak van gebouwen en woningen en het contracteren van partijen die verantwoordelijk zijn voor de bouw en aanleg van nieuwe infrastructuur.
Programma Aanpak buurten met natuurlijk tempo en overige buurten Voor buurten waar bewoners aangewezen zijn op een individuele oplossing willen we woningeigenaren in staat stellen optimaal gebruik maken van logische momenten die aansluiten op benodigd onderhoud of wijzigingen in de woonsituatie. Verhuizingen, vervanging van de CV-ketel en grote verbouwingen zijn bij uitstek momenten om woningen klaar te maken voor een toekomst zonder aardgas. . Maar ook in buurten waar een collectieve oplossing komt, staat het woningeigenaren en bedrijven vrij om zelf een individuele oplossing voor hun woning of bedrijfspand te kiezen. Energiecoöperatie ZummerePower biedt advies, begeleidt initiatieven en bemenst in Someren het loket voor individuele bewoners die aan de slag willen met hun woning. ZummerePower (www.zummerepower.nl) is onafhankelijk en helpt alle particuliere bewoners en bedrijven in Someren bij het verduurzamen van de woningen en bedrijfspanden. De activiteiten richten zich op energiebesparing en opwek. De aanpak is gericht op het ontzorgen van bewoners om een versnelling te realiseren bij het verduurzamen van de bestaande bouw. ZummerePower ondersteunt de bewonersreis voor energiebesparende maatregelen en opwek door: ● Voorlichting en informatiebijeenkomsten voor leden ● Energiescans door een energiecoach ● Collectieve inkoop actie voor zonnepanelen
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 52
●
Besparingstips
Zo sturen we aan op een slimme overstap naar aardgasvrij. Faciliteiten die zijn opgezet en die we willen blijven verbeteren voor bewoners, zijn: ● Energieloket Someren (onderdeel van Energieloket Helmond en Omgeving). Op deze website vinden inwoners en bedrijven alle informatie over energiebesparende maatregelen, subsidies en financieringsmogelijkheden in de regio. Hier kunnen ze ook een energiescan aanvragen. Het Energieloket heeft 8 uitgewerkte routes om woningeigenaren, afhankelijk van behoeften te begeleiden naar het einddoel, namelijk een woning die aardgasvrij(-ready) is. ● Demowoning/Energieloket voor advies en vragen (tot 2022): dit is een algemeen loket waar bewoners en VVE’s terecht kunnen met vragen, en waar initiatieven zich kunnen melden die hier ondersteuning bij willen. Bewoners kunnen hier fysiek (Waterlaat 35, 5712 KA Someren in de wijk Groote Hoeven) of online terecht voor advies over gunstige oplossingen voor hun woning en om meer te weten te komen over financiering-/subsidiemogelijkheden. Er wordt advies gegeven over minimaal noodzakelijk isolatieniveau (i.v.m. geschikte warmtebron). Na 2022 kunnen bewoners bij het Energiehuis in Helmond terecht. ● Slimme verwijzingen naar landelijke energieloketten en informatie-services, zoals milieucentraal.nl, JouwHuisSlimmer.nl, etc. Deze faciliteiten zijn beschikbaar voor alle inwoners van Someren.
Immers, ook in de buurten waar mogelijk een (middel) hoge temperatuur (individuele) warmtevoorziening komt is het raadzaam om woningen te isoleren. Het energieverbruik daalt, de energierekening wordt dan lager en de woning wordt comfortabeler.
Programma Aanpak bedrijventerreinen, maatschappelijk vastgoed
utiliteit
en
In de komende jaren willen we de aanpak voor bedrijventerreinen, utiliteitsbouw en maatschappelijk vastgoed opzetten. Bedrijven Bedrijfspanden dienen ook op termijn aardgasvrij te worden. Daarom is het belangrijk om een perspectief te kunnen bieden aan ondernemers zodat ze alvast aan de slag kunnen met het isoleren van hun panden. Per 1 januari 2023 moet elk kantoorgebouw (met een oppervlakte van meer dan 100 m2) minimaal energielabel C hebben. Voldoet het gebouw dan niet aan de eisen, dan mag het gebouw per 1 januari 2023 niet meer als kantoor gebruikt kunnen worden37. Deze verplichting staat in het Bouwbesluit 2012. Om aardgasvrij te worden dienen de gebouwen aangesloten te worden aan een nieuwe warmtebron. Bedrijven die zich bevinden in een buurt waarin een collectieve warmteoplossing mogelijk is zouden zich kunnen aansluiten op deze bron. Grote kantoren kunnen kiezen op een aparte voorziening te installeren. Indien het pand ook koude behoefte heeft zou een WKO oplossing mogelijk zijn. De WKO kan eventueel gekoppeld worden aan andere woningen in de buurt. Bedrijfsterreinen Voor bedrijven op een bedrijfsterrein is het de moeite waarde om een collectieve warmtevoorziening te onderzoeken.
Het is een apart traject op zich want er spelen verschillende factoren mee : -Isolatie en warmtebehoefte per pand is anders (energielabels van bedrijfspanden zijn niet goed geregistreerd en zouden onderzocht moeten worden) -warmtebehoefte kan ook voor industriële processen zijn -temperatuur behoefte kan per pand/bedrijf anders zijn 37
Een aantal uitzondering zijn te vinden op : Energielabel C | RVO.nl
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 53
Het kan zijn dat bedrijven restwarmte vanuit hun proces momenteel verspild wordt. Het kan dus een interessante bron zijn voor nabij liggende bedrijven. Ook cascadering (retourleiding gebruiken om panden die met laagtemperatuur warmteafgite verwarmd kunnen worden) zou ingezet kunnen worden. De verduurzaming en het aardgasvrij maken van een bedrijfsterrein kunnen gekoppeld worden met andere gebiedsontwikkeling op dit terrein zoals klimaatadaptatie, circulariteit en revitalisering van het terrein. In “Visie bedrijventerreinen Asten en Someren 2009-2023”38 worden een aantal domeinen genoemd die van belang zijn voor de ontwikkeling van die terreinen: infrastructuur, parkeren, ruimtelijk-functionele inrichting, onderhoud en beeldkwaliteit, milieuverontreiniging en veiligheid.
Indien er concrete ontwikkelkansen of gebiedsontwikkelplannen zijn op een bedrijventerrein, zal er een verkenning worden gestart, waarbij lokale bedrijven betrokken zullen worden. De gemeente wil voor 2030 minimaal één bedrijventerrein ondersteunen om aardgasvrij te worden. Daarvoor zoeken we een bedrijventerrein waar ondernemers graag willen verduurzamen, bovendien goed georganiseerd zijn. Om bedrijven te mobiliseren voor de warmtetransitie is het van belang om met ondernemers direct te kunnen spreken via bijeenkomsten en presentaties. De ondernemersverenigingen zouden overkoepelende afspraken met de gemeente kunnen maken rondom het ontzorgen van bedrijven (in de vorm van vergunning, informatievoorziening, etc.) Maatschappelijk vastgoed Om het maatschappelijk vastgoed in Someren te verduurzamen staan we als gemeente voor een deel zelf aan de lat.
38
Bedrijventerrein_Visie_Asten-Someren.pdf
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 54
De gemeente Someren heeft al enkele stappen gezet bij (ver)nieuwbouw om gemeentelijke aardgasvrij te maken en zal in het DMJOP (duurzaam meerjarenonderhoudsplan) een Energie Prestatie Advies39 (Maatwerkadvies) laten opstellen op het ambitieniveau van het gasloos maken van het gebouw
Programma ondiepe geothermie en biogas Ondiepe geothermie Zoals dit in hoofdstuk 4 toegelicht werd is ondiepe geothermie een kansrijke optie voor Someren. Deze potentiële warmtebron zou zowel voor kassen als voor wijken ingezet kunnen worden. De potentie en risico’s dient echter verder onderzocht te worden. Aangezien een geothermie bron voldoende afzet moet hebben is een gezamenlijke aanpak met gemeente Asten (en met DECAS) een zinvolle actie. Het SCAN programma van EBN om (diepe) geothermie is in dit gebied inmiddels uitgevoerd. Op het grondgebied van gemeente Someren heeft dit onderzoek op twee kruisende lijnen, lijn 29 (west-oost, eind 2020) en lijn 30 (noord-zuid, begin 2021) plaatsgevonden. De openbare data van de seismiek zijn vanaf het najaar 2021 beschikbaar. Gelet op het negatieve advies van de Mijnraad voor geothermie in de Roeldalslenk zal daarnaast duidelijk moeten worden of winning uit minder grote diepte wel wordt toegestaan. Biogas Biogas door het vergisten van mest is een andere interessante bron. Gesprekken met ZLTO zijn in 2020 al gestart om de potentie te onderzoeken. Verder onderzoek in nodig om te analyseren of deze bron voldoende potentie heeft en of die toekomstbestendig is (in verband met veranderende regelgeving). Biogas zou dan in groen gas opgewaardeerd kunnen worden of ingezet worden in peak ketels of wkks (warmte kracht koppelingen).
Programma ontwikkeling open warmtenet Een open warmtenet is een warmtenet waarin meerdere bronnen ingezet kunnen worden. Een centrale leiding (backbone) wordt dan gebruikt om de warmte te transporteren en distribueren richting woningen, bedrijven en kassen. Het warmtenet tussen Asten en Someren zou gebruikt kunnen worden als backbone (hoofdleiding). Bronnen als geothermie, restwarmte of aquathermie zijn bronnen die interessant zouden kunnen worden. Rondom restwarmte kan een verdiepende analyse van haalbare bronnen (zoals slachthuizen, industrie, en supermarkten) inzicht geven in de potentie van deze interessante warmtebron.
39
Een Energieprestatieadvies (EPA) is een maatwerkadvies voor eigenaren en huurders van bestaande panden om energie te besparen
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 55
Het voordeel van een warmtenet is dat het niet afhankelijk is van een unieke warmtebron en dat het mogelijk maakt om kosten voor collectieve oplossingen te socialiseren binnen de gemeente (of samen met Asten). Om dit te onderzoeken dient verdiepingsgesprekken met DECAS en gemeente Asten plaatsvinden om de mogelijkheid verder te analyseren en om de juiste dimensionering van warmteleiding voor het warmtenet te kunnen kiezen.
Financiering en betaalbaarheid De Rijksoverheid speelt een belangrijke rol om de overstap naar aardgasvrije buurten financieel haalbaar te maken. De betaalbaarheid is één van de belangrijkste criteria om draagvlak te vinden. Een zwaarwegend criterium bij het kiezen van de aardgasvrije techniek, is daarom de techniek met de laagste totale kosten. We sturen – voor nu en in de toekomst - aan op de laagste kosten voor bewoners, bedrijven en alle belanghebbende. Soms is dat echter niet genoeg om de overstap betaalbaar te maken, en is er extra financiering nodig. De warmtetransitie vraagt investeringen voor isolatie, installaties of de aanleg van nieuwe warmtebronnen. Die investeringen leveren een besparing in de energielasten en/of meerwaarde voor de woning op. Toch betekent dit niet dat elke maatregel direct betaalbaar en financierbaar is. Om ze betaalbaar te maken, en om ervoor te zorgen dat iedereen (met een grote en kleine portemonnee) mee kan in de warmtetransitie, zijn er subsidies en financieringsregelingen (duurzaamheidsleningen) nodig.
● ●
●
Subsidies Als de besparing op de energielasten niet voldoende is om een investering binnen een redelijke termijn terug te verdienen, spreken we van een ‘onrendabele top’. Subsidies zijn er met name om de onrendabele top af te dekken, en soms ter stimulering van een nieuwe techniek. Het Rijk biedt hier verschillende subsidies voor: voor particulieren: voor isolatiemaatregelen of aanschaf van installaties (ISDE) voor woningcorporaties, institutionele beleggers en particuliere verhuurders: de SAH voor het aardgasvrij maken van woningen met warmtenetten en de Renovatieversneller om corporatiebezit innovatief te verduurzamen40. voor energieproducenten: voor het produceren van duurzame energie (SDE++)
40
Voor deze subsidies gelden een aantal voorwaarden voor de eventuele toepassing in de startbuurten in Someren
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 56
●
●
voor de gemeente : de eenmalige specifieke uitkering Regeling Reductie Energiegebruik Woningen (RREW). Een gemeente kan hiermee huurders en eigenaar-bewoners stimuleren energie te besparen in hun woning. Met deze regeling vermindert de CO2-uitstoot en verlagen woonlasten. De huurders en eigenaar-bewoners worden zich bewust van hun mogelijkheden om energie te besparen. De RREW is een vervolg op de RRE. De gemeente kan ook de bijdrage vanuit het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) aanvragen indien een buurt als pilot ingediend kan worden. Met deze rijksbijdrage kunnen de kosten voor een hele buurtaanpak gecompenseerd worden, waardoor dit voor alle betrokken partijen voordeliger wordt. Duurzaamheidsleningen Duurzaamheidsleningen maken het mogelijk om duurzame maatregelen te treffen, zonder dat iemand daarvoor veel eigen geld hoeft te gebruiken. Een maatregel kan namelijk een voordelige keus zijn, maar niet direct te financieren met eigen middelen (zoals spaargeld). Een duurzaamheidslening moet worden terugbetaald, maar kent in de regel een lage rente. Er zijn verschillende duurzaamheidsleningen. Gemeente Someren heeft een duurzaamheidslening voor isolatiemaatregelen en zonnepanelen. Huiseigenaren die willen investeren in een energiezuiniger huis, kunnen ook een Energiebespaarlening afsluiten met een speciale rente bij het Nationaal Warmtefonds.
Het fonds heeft een budget van € 1,1 miljard. Woningeigenaren mogen met deze lening energiebesparende maatregelen financieren, zoals betere isolatie of een nieuwe hr-ketel of zonneboiler. Zonnepanelen mogen ook uit de lening worden betaald, maar voor maximaal 75% van de lening. Het restant moet dan in andere maatregelen worden gestoken. De lening kan gebruikt worden voor veel verschillende energiebesparende maatregelen. Alle voorwaarden staan op de webpagina Energiebespaarlening41. De Energiebespaarlening is er zowel voor particulieren als VvE's en ook voor scholen. Een Regionaal energiefonds voor initiatieven/organisaties wordt onderzocht in het kader van de RES.42 Met dit fonds zouden organisaties bepaalde verduurzamingmaatregelen kunnen financieren met een lening of het dekken van garanties. Gebouwgebonden financiering Gebouwgebonden financiering is een bijzondere lening die gekoppeld is aan een woning. Het voordeel is dat bij de verkoop van de woning deze lening overgaat naar de nieuwe bewoner. Op deze manier worden de kosten voor de aanpassingen niet alleen over de tijd verdeeld, maar worden kosten en baten evenredig overgedragen naar de nieuwe eigenaren van de woning bij verhuizing. Gebouwgebonden financiering is een maatregel uit het Klimaatakkoord. De wetgeving die hiervoor nodig is wordt nog gemaakt. De verwachting is dat in januari 2022 de regeling rond is.
De gemeente zet daarom in om goede informatievoorziening op dit punt. Dat doet de gemeente niet alleen in verkenningsbuurten maar voor alle bedrijven en bewoners die hun woning aardgasvrij (ready) willen maken. Energie Service Companies Het uitzoeken van financieringsconstructies en technische oplossingen kan behoorlijk ingewikkeld zijn voor bewoners en bedrijven. Er ontstaan daarom landelijk her er der initiatieven tot ESCo’s, zogenaamde Energie Service Companies. Deze bedrijven bieden zowel technische oplossingen voor warmte en isolatie en tegelijk financiering zodat bewoners en bedrijven hierin ontzorgd worden (deze constructie bestaat al voor zonnepanelen). Dit kan gaan om advies, financiering van verduurzamingsmaatregelen, of om een prestatiecontract met voorfinanciering. Dit hangt af van de behoeften en mogelijkheden van individuele bewoners.
41
www.energiebespaarlening.nl
42
Pagina 53 van Concept-RES
DWTM20030 – concept TVW gemeente Someren 57
Rollen gemeente Als gemeente voeren we regie in de warmtetransitie. We stellen deze visie op, brengen partijen bij elkaar, starten verkenningen en zorgen voor coördinatie op de Buurtuitvoeringsplannen die gemaakt gaan worden. De reeds aangekondigde nieuwe Warmtewet deelt ook een rol toe aan gemeenten om aan te (kunnen) sturen op de ontwikkeling van warmtenetten. Welke rol de gemeente hierin inneemt hangt van verschillende factoren af en kan per buurt anders zijn. Voor buurten met individuele oplossingen kan de gemeente het proces om aardgasvrij te worden faciliteren met informatie en eventueel leningen. Voor buurten met collectieve oplossingen kan de gemeente ruimte geven aan de markt via een concessie om een warmtenet te financieren, aan te leggen en te exploiteren. Er zijn constructies denkbaar waarbij de gemeente zelf (deels) eigenaar wordt en/of er sprake is van een coöperatief warmtenet waarbij ook inwoners eigenaar zijn. Welke rol het best bij Someren past wordt de komende tijd verder uitgewerkt. De gemeenteraad zal hier ook een besluit over moeten nemen.
Doorontwikkeling TVW De Transitievisie Warmte is een levend document en een startpunt voor het gesprek met alle instellingen, bedrijven en bewoners van onze gemeente. De warmtetransitie is een langdurig proces, dat doorloopt tot 2050. Nieuwe ontwikkelingen en inzichten zullen ervoor zorgen dat we de visie gaandeweg willen bijstellen en concreter kunnen maken. Zo zal er meer inzicht ontstaan in de haalbaarheid van nieuwe warmtebronnen en warmteoplossingen in specifieke buurten. Ook willen we inspelen op nieuwe technologieën en ontwikkelingen in de prijsstelling van de verschillende warmteoplossingen en installaties. Door in gesprek te gaan met alle betrokkenen in onze gemeenten kunnen we de visie sterker maken en in samenspraak concrete plannen opstellen. Zo zullen we steeds meer ervaring opdoen met het transitiegereed maken van gebouwen en complete buurten. Nieuwe inzichten en ontwikkelingen nemen we mee door de Transitievisie Warmte iedere 5 jaar te actualiseren.