CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

4c 4 Bijlage b2. Visie-document met wijzigingen in kleur.pdf

Besluitvormende Raadsvergadering 21 december 2021, gemeente SoestBij agendapunt: Omgevingsvisie Soest en Soesterberg22.860 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

plaatst waar mensen zich verzamelen, bij Daarmee kon je een zelfversterkend proces scholen, bij sportparken, bij buurtwinkelop gang krijgen: trek met winkels mensen centra, bij cultuurcentra en andere plekken naar een gebied en creëer een centrumge- waar veel mensen elkaar dagelijks ontmoevoel waardoor er nog meer mensen komen, ten. Maar centrumplekken noemen we de waardoor er meer commerciële kansen lig- plekken waar de hele gemeenschap komt en gen waardoor..... die ook bezoekers van buitenaf trekken of kunnen trekken. Als je er zo naar kijkt dan Wij proberen al jaren, met matig succes, om hebben we in Soest 5 en in Soesterberg 2 bezoeker van de bossen in onze gemeente plekken met ‘centrumpotentieel’ (dus waar ook naar onze centra te krijgen. ontmoeten centraal staat) voor de hele kern • Het winkelgebieden Van Weedestraat Er zijn ten minste 3 trends die invloed heb- • Het winkelgebied Soest Zuid ben op die centrumbeleving en die een • Oud Soest/station Soest nieuwe benadering nodig maken. Ten eerste • De Zuidelijke Eng neemt de omvang van de fysieke detailhan- • De Dalweg (het visiegebied) del sterk af door de afvloeiing naar internet. • Winkelgebied de Rademakerstraat Wat er overblijft is gericht op beleving.

Dat • De rand van Soesterberg met de Vliegbasis zie je zowel in de combinatie van een fysieke winkel met een internetkanaal (‘multi-chan- De opgave is om het potentieel van deze geneling’) als in de combinatie van de winkel bieden passend te ontwikkelen. Met passend 51

Foto’s 7 ontmoetingsgebieden

52

wordt bedoeld dat de plekken nu al in gebruik zijn en ontwikkeling daarom aan moet sluiten bij de huidige gebruikers/bewoners van deze gebieden. Voor de winkelgebieden geldt dat er in de kern Soest een breed aanbod aan winkels en dit wordt gewaardeerd. In Soesterberg is het aanbod juist beperkt. De opgave daar is hoe het aanbod zich nog kan aanpassen aan de groeiende kern. De gemeente Soest is een gemeente met een bloeiend cultureel leven (kijk op https://omgevingsvisiesoestensoesterberg.nl/ Algemeen/Paginas-uit-het-veld en klik op ‘cultuur en sociaal’). Culturele activiteiten en kunst- en cultuur in het algemeen zijn in de gemeente als geheel, een gewaardeerd onderdeel van de woon- en leefkwaliteit. In een deel van de sector zelf zijn er vragen over de maatschappelijke interesse die er voor deze sector is, is de bijdrage van de sector wel zichtbaar genoeg? Wat zichtbaar is, is dat velen zich bewust zijn van deze sector in de gemeente. Het Soestergilde bijvoorbeeld is een van de hoofdkenmerken van Soest en velen kennen het openluchttheater Cabrio (er zijn veel meer voorbeelden). Maar soms is het een soort vanzelfsprekende kwaliteit van de gemeente. En inderdaad kun je je dus de vraag stellen of dit wel voldoende expliciet zichtbaar is en, in het kielzog van die vaag, of er het maximaal mogelijke mee gedaan wordt.

Die vraag kan ook naar de sector zelf worden teruggelegd: aangezien beleving en ontmoeting hoofdtrends in de samenleving zijn, liggen er echt grote mogelijkheden.

Huidig beleid • Voor de winkelgebieden is er het Retailbeleid 2016-2026 • Op het gebied van cultuur is er de Cultuurvisie 2016-2020

streven naar integrale kindcentra die in de wijk een centrale plek hebben. Daarbinnen kunnen scholen en gerelateerde functies als dagopvang gecombineerd zijn. Scholen en hun buitenruimte hebben een nadrukkelijke buurtfunctie en zijn op zoek naar manieren om die verder in te vullen.

Wat speelt er: Voorzieningen (zorg, scholen etc.) Noot: sport bespreken we bij waardevol Wat speelt er: Mobiliteit in de kernen groen. In de kern Soest speelt op termijn, en nu soms ook al het probleem van de bereikbaarMaatschappelijke organisaties uit een breed heid. Dat is een grote beperking voor verdeveld willen elkaar (nog) meer opzoeken en re woningbouw. ‘Inbreidingsprojecten’ vrasamenwerken. Er is een sterke dynamiek is, gen ruimte op de beschikbare infrastructuur steeds zijn er nieuwe mogelijkheden en ver- maar het systeem wordt niet vergroot. En op dwijnen oude gewoontes. een gegeven moment loopt het dan vast. De In het geval van onze gemeente (in beide inschatting is dat dit in de komende jaren grote kernen dus) is vooral het delen van snel een steeds groter knelpunt zal worden ruimtes door veel maatschappelijke groepen en beperkingen zal opleveren. Zonder aanen organisaties op de agenda gezet. Dit is passingen in het wegennet kan Soest op een onder andere het gevolg van een grote druk gegeven moment niet meer groeien. Daarbij op de ruimte waardoor er weinig ruimte be- maakt het niet uit of de ontwikkeling binnen schikbaar is. Daarnaast, en even belangrijk, de bebouwde kom of erbuiten is. wordt het delen van ruimtes ook als een kans gezien. Het is makkelijker om samen te Een alternatief kan zijn om de auto minder te werken en je kunt ‘dieper in de wijk te zitten’.

gebruiken, fors te investeren in andere vorMen vindt het belangrijk om te weten wat de men van vervoer, nieuwe woningen te boupositie van de gemeente is. Zo willen organi- wen op OV-locaties en autogebruik met bijsaties meer ondernemersruimte. Daarvoor voorbeeld parkeertarieven te ontmoedigen. hebben ze soms de gemeente als partner De vervoerwaarde van de spoorlijn in Soest nodig omdat ze zelf wettelijk te nauw be- is laag (elk half uur een trein en dan in Baarn grensd zijn. En ook bij het delen van ruimtes overstappen). De verbinding staat vanwege heeft de gemeente een rol. het lage aantal reizigers onder druk. De auto is in de regio in de meeste gevallen (veel) Huidig beleid sneller dan de bus en de trein. Daarom is We hebben het Integraal Huisvestingsplan het openbaar vervoer in zijn huidige vorm Onderwijs (IHP) 2021-2035 gemeente Soest geen volwaardig alternatief voor de auto. vastgesteld. De hoofdlijn daarvan is dat we Hoe borg je een duurzaam behoud van de 53

spoorlijn door Soest? Het is geen vanzelf- bij hebben. sprekendheid dat deze zal blijven en hoe benutten we de capaciteit hiervan beter? Huidig beleid Gemeentelijk Verkeers- en vervoersplan: Beide kernen zijn voornamelijk gericht op “We hanteren de uitgangspunten van een autogebruik. Zowel op het gebied van kli- Duurzaam Veilig Wegverkeer. Dat houdt in maat als op het gebied van gezondheid is dat de verkeersomgeving zó is ingericht, dat het beter om de auto wat vaker te laten staan er geen ernstige ongevallen kunnen gebeuen de fiets te pakken. Hoe stimuleren we in- ren. En dat als er tóch een ongeval plaatswoners om vaker de fiets te pakken? vindt, de ernst van de afloop beperkt blijft.” Wat zijn de ontwikkelmogelijkheden in de Birkt? De Birkstraat is een hoofdverbinding van de kern Soest en daarom willen we er zo weinig mogelijk aansluitingen aan hebben. Een goede oplossing voor de wegenstructuur verbetert de mogelijkheden van Soest en het gebied de Birkt. Een vergelijkbare vraag speelt bij de Amersfoortsestraat. Daar zijn erg veel ontwikkelingen en die kunnen niet allemaal aangesloten worden.

Wat speelt er: Omgevingskwaliteit (milieu, gezondheid , erfgoed, beeldkwaliteit, veiligheid) Noot: groen, natuur, en bewegingsbevordering worden besproken bij waardevol groen.

tus. Dit erfgoed verdwijnt erg snel in verband met nieuwe ontwikkelingen/inbreiding. Vanwege de gelaagdheid en diversiteit van onze cultuurhistorie werkt een ‘beschermingsregime’ niet goed. De waarde van historische kwaliteiten is vaak pas te bepalen in de onderlinge samenhang van ondergrond, ontginning, objecten en beeld. Bij de ontwikkeling van nieuwe plannen is het realiseren van een goede beeldkwaliteit belangrijk. Iedere nieuwe ontwikkeling is een kans om onze leefomgeving beter te maken maar ook een bedreiging om iets van waarde weg te halen. Cultuurhistorie speelt vaak een belangrijke rol in beeldkwaliteitsdiscussies. Het kan inspiratie bieden voor het nieuwe, maar de cultuurhistorie kan ook een dwangbuis zijn die in de weg staat van nieuwe kwaliteit.

Erfgoed Soest is een gemeente met een rijke en gevarieerde historie. Uit alle perioden van de geschiedenis zijn er wel overblijfselen. Veel van onze inwoners zijn in de geschiedenis Verkeersveiligheid op hoofdwegen staat geïnteresseerd zoals de Historische vereni- Huidig beleid ter discussie. Deze wegen zijn niet volle- ging Soest en Soesterberg. Op het gebied van erfgoed is er de dig ingericht volgens de principes van een Erfgoedverordening gemeente Soest 2014. Duurzaam Veilig verkeer. De vele inritten Waar moet je aan denken bij onze cultuurhis- Hierin staat beschreven hoe om te gaan met slecht zicht, geparkeerde auto’s langs torie? Bijvoorbeeld de duinen die een over- met monumenten en beschermde dorpsge50 km/h wegen, de veiligheid van fietsers op blijfsel en onbedoeld effect zijn van een oud zichten. Verder is ook de archeologische berotondes en de positie van de speed pedelec landbouwsysteem, de Wegh der Weegen die leidsadvieskaart opgenomen in deze verorvragen om antwoorden. Gaan we in de kern tussen Amersfoort en Utrecht ligt, de vorm dening. Er is geen aanvullend beleid op het Soest ook mee in de landelijke opgave van van Soest aan de rand van de Soester Eng, gebied van cultuurhistorie. Er zijn wel cul30 km/h als standaard binnen de bebouwde de Eem, de vaarontginning van Wieksloot en tuurhistorische inspiratiekaarten gemaakt, kom? In Soesterberg doen we dat al.

En wat natuurlijk diverse gebouwen en ensembles maar deze zijn niet opgenomen in beleid. betekent dat voor het verkeer door woonwij- van gebouwen zoals Oud Soest. Daarnaast ken als de hoofwegen niet meer sneller zijn? hebben we jong erfgoed als de gebouwen- Milieu en gezondheid Als we sterker gaan inzetten op voorzienin- sembles van de voormalige vliegbasis en de Noot: Het bevorderen van beweging bespregenclusters, bijvoorbeeld voor scholen, dan Windhond. Erfgoed van na 65 is niet geïn- ken we bij waardevol groen, de gezonde leefmoeten we daar een passende infrastructuur ventariseerd en heeft geen beschermde sta- omgeving op deze plek. 54

Ten aanzien van de gezonde leefomgeving heeft een gemeente een beperkte invloed. Maar soms kunnen we wel wat doen aan de luchtkwaliteit en het geluid. De lucht in de kern Soest is, als het gaat om vervuiling door verkeer en bedrijven, relatief goed, en in Soesterberg matig. Vooral de afstanden tot snelwegen en vervuilende bedrijven zijn daarbij bepalend. Onlangs is gebleken dat particuliere houtstook een veel grotere bijdrage aan de luchtvervuiling levert dan gedacht. Landelijk gezien bijna net zoveel als het verkeer. Luchtvervuiling is een serieus probleem voor de gezondheid. Particuliere houtstook is daar een onderdeel van. De Omgevingswet vraagt ons gezondheid expliciet mee te nemen in onze afwegingen. Wij staan dan ook voor de vraag of, en onder welke voorwaarden, we houtstook willen blijven toestaan. Een wettelijk kader voor interventies ontbreekt vooralsnog.

Veilige leefomgeving • Voorzieningen (zorg, scholen etc.) Noot: Waterveiligheid bespreken we in para- • Mobiliteit graaf 5.8B. • Omgevingskwaliteit (groen, milieu (gezondheid), erfgoed en beeldkwaliteit) Samen met de veiligheidsregio, omgevings- In 2040 zijn we meegegroeid met Nederland. dienst en overige partners draagt de ge- We hebben adequaat op de belangrijkste meente zorg voor een veilige fysieke leefom- trends gereageerd en onze kernen op tijd en geving. De keuzes die gemaakt worden voor adequaat omgebouwd. Gelijktijdig hebben inrichting en het gebruik van de ruimte en de we de ontspannen leefwijze en de groene bouwwerken daarin hebben immers invloed omgeving behouden. Dat is gelukt door de op de mate waarin mensen worden blootge- ombouw op onze eigen wijze te doen. steld aan de effecten van ongevallen en rampen en het risico dat zij hierbij lopen. Samen Woningen met de partners van de gemeente worden In 2040 zijn er meer woningen in onze geveiligheidsrisico’s zo veel mogelijk voorko- meente. Tot 2030 wordt daarom ieder jaar men of beperkt. tussen de 0,6% en 1% (het landelijk gemiddelde) bijgebouwd. Dat zijn er tussen de 125 Wat willen we? en 200 per jaar in de gemeente. Deze band• Woningen bestaand en nieuw breedte kan bij elke (periodieke) actualisa• Bedrijventerreinen en werken tie van de omgevingsvisie opnieuw worden • Ontmoeten en ontmoetingsplekken vastgesteld.

Met deze woningen, en de keu(waaronder winkelgebieden, cultuur en zes voor de types hebben we de bevolkingssamenleven) samenstelling van 2021 in hoofdlijnen in

Ook voor geluid geldt dat de situatie in Soest beter is dan in Soesterberg. In het participatietraject is getoetst hoe belangrijk deelnemers dit aspect vinden. En er is weinig over naar voren gebracht. In het algemeen is er in het land in het afgelopen jaar meer aandacht voor de geluidsoverlast van motoren, quads ed. Door corona zijn mensen meer buiten en valt die vorm van overlast meer op. Maar de bewoners hebben geen ‘hotspots’ van overlast aangegeven (uitzondering KLM-flats aan de Koningsweg). Percentage groei woningvoorraad per jaar 55

stand weten te houden (ondanks vergrijzing ook een behoorlijk percentage gezinnen). (proces) Om te besluiten welke (on)bebouwde ruimte gebruikt kan worden voor woningen hanteren we een openbare en gemeentebrede selectiemethode waarbij de maatschappelijke waarde van de (on) bebouwde ruimte het uitgangspunt is. We kijken hierbij in de volle breedte naar verdichten en uitleglocaties en ook naar ‘rood voor rood’ en ‘rood voor groen’. Zodra er perspectief is op toekomstige woningbouwlocaties wordt een proces gestart om bredere ambities en doelen te formuleren rondom het thema wonen. De vormgeving van dit proces wordt verder uitgewerkt in een opdracht voor een omgevingsprogramma. Tussen 2021 en 2040 zijn er jaarlijks 50 particuliere woningen gesloopt en weer herbouwd, vaak wat groter dan ze eerst waren. Een deel van de nieuwe woningen is op deze wijze toegevoegd aan bestaande woningen. Momenteel adviseren wij ontwikkelaars en initiatiefnemers om de lat met betrekking tot duurzaam en toekomstbestendig bouwen hoger te leggen dan wettelijk bepaald. Wij volgen de landelijke en regionale ontwikkelingen om dit in de toekomst te kunnen borgen. Bedrijfslocaties In 2040 hebben we dezelfde bedrijfslocaties als in 2021, behalve in Soesterberg waar het masterplan is uitgevoerd en een deel verplaatst is. De totale omvang van bedrijfslo56

Componenten centrumplekken

caties is gelijk aan nu.

• Oud Soest/station Soest • De Zuidelijke Eng • De Dalweg (het visiegebied) • Winkelgebied de Rademakerstraat • De rand van Soesterberg met de Vliegbasis Dat zijn de centrale plekken waar de inwoners elkaar in de openbare ruimte ontmoeten. Deze plekken trekken eigen bewoners en recreanten uit de regio, veel meer dan nu. Iedere plek heeft een eigen mix van functies (winkels, horeca, wonen, groen, architectuur, kunst- en cultuur, bewegingsmogelijkheden). Er zijn meer ontmoetingen, een sterker gevoel van identiteit en er is meer ondernemerschap.

Vooral de oudere terreinen (zoals Soestdijkse Grachten) zien er anders uit en hebben meer arbeidsplaatsen en vestigingen per ha dan nu. We zetten in op klimaatneutrale bedrijventerreinen waarin optimaal gebruik wordt gemaakt van de beschikbare ruimte, onderlinge netwerken, reststromen, mogelijkheden voor lokale opwekking van stroom (zoals zonnepanelen op dak) en kwalitatief hoogwaardig groen. De gemeente probeert waar mogelijk circulaire bedrijvigheid te stimuleren. De ruimte wordt intensiever benut door het stimuleren van mogelijkheden voor gestapeld ruimtegebruik en de ruimte voor parkeren te verkleinen zonder dat er parkeerplaatsen verloren gaan of parkeerproblemen Voorzieningen ontstaan. (Noot: voor scholen vatten we hier het IHP in een visiebeeld) In 2040 zit de helft van de Het bedrijventerrein Soesterberg-Noord basisscholen en het Griftlandcollege in een heeft plaatsgemaakt voor woningbouw. De nieuw gebouw. Die gebouwen zijn ruim en bedrijven die hier zaten zijn verplaatst naar flexibel en worden door verschillende orgaeen andere locatie. nisaties gebruikt. In de meeste zit in ieder geval één hele school. Vaak zit er nog een Ontmoeten en centrum tweede bij en worden er samen met andere In 2040 kent Soest 5 en Soesterberg 2 ont- scholen speciale lessen gegeven.

Natuurlijk moetings/centrumgebieden op kernniveau heeft de BSO er een plek en op twee plek• Winkelgebied Van Weedestraat ken zit de buurtcoach ook in het gebouw. De • Winkelgebied Soest Zuid scholen en bijbehorende buitenruimtes heb-

ben daardoor hun buurtfunctie nog verder versterkt.

Toelichting De opgaven voor wonen, werken en recreëren gaan hand in hand met het werken aan een goede bereikbaarheid. De aanpak is verbetering, aanpassing en (waar nodig) uitbreiding van het mobiliteitssysteem voor alle modaliteiten.

De binnensportaccommodaties zijn bereikbaar voor het onderwijs en worden multifunctioneel gebruikt door de sportverenigingen. De binnensportaccommodaties voldoen in 2040 aan de vraag van sport en onderwijs, zowel functioneel als in capaciteit. Een groter deel van de mobiliteit zit in de eerste stappen van het STOMP principe. Elders zien we dat maatschappelijke (zorg) Eerst stappen (lopen), dan trappen (fietsen), organisaties over een breed pallet elkaar dan openbaar vervoer, vervolgens slimme gevonden hebben in gedeelde gebouwen nieuwe mobiliteitsconcepten (mobility as a die verspreid door de wijken staan. Er is service) en tot slot de privéauto. meer samenwerking tussen de organisa- • Er is procentueel minder autobezit, we ties. Organisaties hebben meer eigen uitmaken veel meer gebruik van deelauto’s voeringsruimte. De positie en rol van de geen andere mobiliteitsdiensten. meente ten opzichte van maatschappelijke • De openbare ruimte is comfortabeler partijen is verduidelijkt. voor voetganger en de fietser • In 2040 hebben we veel meer fietsinIn Soesterberg zijn er veel nieuwe voorziefrastructuur met snelfietsroutes naar ningen bij gekomen waardoor de voorzieninAmersfoort, Hilversum en Utrecht en gen passen bij de bevolkingsomvang. voldoende stallingscapaciteit voor fietsen bij voorzieningen, winkels en stations.

Mobiliteit • De stations zijn belangrijke OVIn 2040 wonen er meer mensen dan nu in de knooppunten, reizigersaantallen zijn zo gemeente, zijn er meer regiorecreanten en gegroeid dat de toekomst van de spoorzijn er meer arbeidsplaatsen op onze bedrijlijn door Soest gewaarborgd is. venterreinen. Er werken meer mensen thuis, • Soesterberg is aangesloten op hoogwaarmaar er is toch meer mobiliteit. dig openbaar vervoer tussen Amersfoort en Utrecht. Er zijn meer multimodaliteit voorzieningen • Vraag en aanbod naar parkeerplaatsen (aansluiting vervoersvormen) en het verkeer zijn in balans. Waar we geen ruimte stroomt beter door. hebben voor extra parkeerplaatsen is de vraag beperkt door vergunning parkeren of betaald parkeren.

werking (big data), zelfrijdende auto’s, automatisering in verkeers- en mobiliteitsmanagement en nieuwe mobiliteitsdiensten ervoor dat we de openbare ruimte dynamischer kunnen gebruiken. Verkeerslichten prioriteren met connected-voertuigen de belangrijkste doelgroepen en sturen deze vanuit een regionale verkeerscentrale over het beschikbare netwerk. Dat kan elke dag een andere doelgroep en een ander netwerk zijn. Het recreatieve autoverkeer wordt met Smart mobility nog meer dan nu opgevangen op TOP’s. Iedereen kan zich ongeacht de modaliteit die hij of zij kiest, veilig van A naar B bewegen. Het aantal verkeersslachtoffers is in 2040 naar nul teruggebracht. De Birkstraat en de Amersfoortsestraat hebben primair tot doel verkeer te laten doorrijden. Dit zijn in 2040 nog meer de toegangswegen geworden die Soest en Soesterberg bereikbaar maken. Voor de Birkt is een gebiedsplan gemaakt. Via de Birkstraat zijn veel meer autobewegingen mogelijk (van 20.000 naar 25.000), waarbij de percelen langs deze weg op een veilige manier worden ontsloten en hier ook weer ontwikkelmogelijkheden ontstaan.

Omgevingskwaliteit We willen ons erfgoed beschermen. Cultuurhistorie is samen met natuur en beeldkwaliteit een aspect dat zichtbaarder, herkenbaarder is geworden in ontwikkelingen. Hierbij willen we ook aandacht geven In 2040 zorgen ontwikkelingen in dataver- aan jong erfgoed. 57

Proces: cultuurhistorie, natuur en beeldkwaliteit worden ingezet om ontwikkelingen een bij de gemeente Soest passende richting uit te sturen. Ze worden niet als rem op ontwikkeling gebruikt. In 2040 is de luchtkwaliteit beter dan nu en is er minder geluid. Houtstook is sterk afgenomen. Het verkeer is, vooral in de kernen, veel stiller en ook schoner (elektrisch vervoer voor alle modaliteiten). Bedrijfsprocessen zijn schoner en stiller (veel processen zijn geëlektrificeerd). Langs de gemeentelijke wegen waar veel woningen al een hogere geluidwaarde ondervinden op basis de huidige wetgeving, zal in het omgevingsplan deze Voormalig station Soestduinen, voorbeeld locatie waar cultuurhistorie, natuur en beeldkwaliteit samenkomen geluidwaarde worden opgenomen. Waar mogelijk zullen op bepaalde plekken ook lagere waarden overwogen kunnen worden en de realisatie van bouwwerken en het gebruik gen we ook zorg voor een veilige leefomgeopgenomen worden in het omgevingsplan. hiervan zijn veiligheidsaspecten continu een ving. Dan gaat het bijvoorbeeld om veilige thema. Hierbij is expliciet aandacht voor zo- infrastructuur zonder gaten in de weg, op De gemeente Soest wil een gezonde en vei- wel het voorkomen en beperken van veilig- tijd snoeien of vervangen van bomen, en lige fysieke leefomgeving bieden aan haar heidsrisico’s als het bestrijden van branden, adequaat beheer van onze riolering.

inwoners en bezoekers. Samen met haar- rampen en crisis in de zin van de Wet veipartners draagt de gemeente zorg voor een ligheidsregio’s en de zelfredzaamheid van De gemeente Soest stelt zich tot doel deze ruimtelijk ordeningsproces waarin in een mensen die aan deze veiligheidsrisico’s zijn risico’s in samenwerking met de veiligheidsvroegtijdig stadium, vanaf de eerste initi- blootgesteld. Onder meer de volgende fysie- regio en overige partners te beperken voor atieven, veiligheidsaspecten worden mee- ke veiligheidsthema’s worden beschouwd: zover dit redelijkerwijs mogelijk is. gewogen. Hoewel absolute veiligheid nooit natuurbranden, milieuadaptatie (hittestress haalbaar is, vindt de gemeente Soest het en wateroverlast), externe veiligheid (of gebelangrijk dat er een transparante afweging bruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stofwordt gemaakt tussen veiligheid en andere fen), uitval vitale infrastructuur (elektriciteit, maatschappelijke belangen. telecommunicatie en ICT), evenementen, bluswatervoorzieningen en bereikbaarheid Voor zover mogelijk worden risicobronnen voor hulpdiensten. en –ontvangers zo veel mogelijk van elkaar gescheiden. In het proces vanaf de keuzes Door de openbare ruimte adequaat in te voor de inrichting van de ruimte tot en met richten, te beheren en te onderhouden dra58

5.3 Soest in beweging

Wat speelt er?

De kernkwaliteiten van de kern Soest zijn in het beeld hiernaast aangegeven. Soest is tot de jaren 60 grotendeels ‘organisch’ gegroeid langs wegen en paden over, langs en vanaf de Eng. Veel kwaliteiten van Soest volgen op deze groeiwijze. Soest heeft bijvoorbeeld verspreide ‘centrumplekken’ die identiteit geven. Belangrijkste zijn de twee winkelcentra, Oud Soest rond de kerk en de Zuidelijke Eng die inmiddels een bijzondere groene plek in de kern is geworden. De woongebieden en de centrale plekken zijn hierdoor erg divers en gericht op verschillende functies en economische activiteiten. De verspreiding van dergelijke plekken enerzijds en de samenhang die door de Eng wordt gegeven maakt van Soest ruimtelijk een heel bijzondere kern. De groeiwijze van de kern heeft ook invloed op het groen, en de beleving daarvan, in het dorp. Door de organische groei ontstaan er ‘reststukjes’ in de verkaveling waar bijvoorbeeld vaker dan Bebouwing kern Soest op de hoogtekaart (Bron: AHN3 normaal een boom oud kan worden. en kaartlaag BAG panden) De vraag in hoeverre dat je een ‘eenduidig’ centrum zou moeten kunnen en willen hebben is een onderwerp dat uitgebreid is besproken met inwoners. De uitkomst daarvan is dat ‘het centrum de plek is waar de mensen zijn’. Vanuit die manier van denken kun je zeggen dat de opgave is om de belevingswaarde van kansrijke ontmoetingsplekken verder te ontwikkelen.

We werken momenteel aan de visie voor de Dalweg. Dit gebied zal een nieuwe, en extra centrumplek

worden. In het participatietraject is onderzocht of we, meer dan nu, wijkgericht moeten gaan werken. De uitkomst daarvan is niet eenduidig, het hangt van het onderwerp en de wijk af. Dit is, gezien de ontstaanswijze van de kern ook logisch. Misschien maar de helft van de kern bestaat uit herkenbare wijken. Wijkgericht werken hoeft geen algemeen sturingsprincipe te zijn, maar de samenwerking

Groei van de kern Soest tot 1960 (Bron: op basis van topotijdreis.nl)

met de bewoners zou wel structureler georganiseerd moeten worden. Wonen in de gemeente Soest is ‘verbonden’ wonen. In de kern Soest is de lokale verbondenheid heel sterk, denk aan de middelbare school (die voor een groot deel door Soester leerlingen wordt bezocht), de culturele activiteiten en de voorzieningen. Een flink deel van de inwoners woont een leven lang in de kern waar niet zelden ook hun ouders en kin59

Locaties uitnodigingskader grootschalige energieopwekking toegevoegd

Visiekaart keuzes voor de kern Soest

deren wonen. Deze situatie leidt niet tot gevoelens van uitsluiting voor mensen die ‘van buiten komen’, (dergelijke geluiden hebben we niet opgevangen in de participatie). Wel is het onvermijdelijk dat door deze sociale kenmerken oude structuren (sportverenigingen bijvoorbeeld) soms lastig aan te passen zijn.

Soestdijkse grachten. In de participatie is er intensief discussie gevoerd over de toekomst van dit terrein. Algemene wens is dat bestaande bedrijventerreinen behouden blijven, intensiveren maar minder ‘uitstoot’ hebben.

Wat willen we?

De algemeen lijn is: Soest in 2040 is de leEr is een groot werkgebied in de kern, de vendige en gevarieerde plaats die het nu ook 60

al is. Er zijn meer woningen (waarvoor ook deels open ruimte is gebuikt), 5 aantrekkelijke ontmoetingsgebieden (centra). Er is meer werkgelegenheid, er wordt er vaker gewandeld en gefietst of met het OV gereisd dan nu en de openbare ruimte wordt veel intensiever gebruikt.

Specifieke keuzes voor Soest die nog niet in de andere paragrafen zijn aangegeven: Voor de ontmoetings (centrum)plekken 1. In de Van Weedestraat en Soest-Zuid zijn met winkels en horeca (met ‘blurring’ en ‘multichanneling) de bezoekersaantallen op hetzelfde peil als nu. De programmering is verbreed. 2. De Soestereng is in 2040 een gemeentebrede, en zelfs regionale, ontmoetingsplek. Met een bijzonder combinatie van natuur, landbouw, historie en cultuur. De bezoekersaantallen (wandelaars en fietsers) zijn veel hoger. In de ‘skyline’ zijn enkele objecten toegevoegd. 3. Oud Soest, tot station Soest, is een primair op de voetganger en fietser gericht gebied, de auto is te gast. De functionele invulling is nu nog niet duidelijk (moet volgen uit proces) 4. Voor de Dalweg wachten we nu nog af wat het proces oplevert.

Uitsnede ‘ skyline’ vanaf de Soestereng

In de Birkt is er meer recreatie. De natuurverbinding tussen de bossen en de Eem is sterker. (zie ook bij de polder). De bereikbaarheid is onafhankelijk van de Birkstraat geregeld.

Torenstraat in Oud Soest momenteel voornamelijk ingericht op autoverkeer 61

5.4 Samen Soesterberg verder versterken

Wat speelt er? De kernkwaliteiten van Soesterberg zijn in het beeld hiernaast aangegeven. Wat zijn de ruimtelijke kwaliteiten? • De groene setting • Het centrum op de lijn van de oude weg • De verbondenheid van Soesterberg met de vliegbasis, via de overkapping van de N237 • De nabijheid van de vliegbasis als aantrekkelijk deel van de heuvelrug, ook cultuurhistorisch van belang. • De herschikking van bedrijventerreinen en de woonkwaliteit die daarmee gemaakt wordt (lopend) • Zowel het dorp als de bedrijven zijn goed bereikbaar via de snelweg.

Ruimtelijke kwaliteiten Soesterberg 62

De ‘Wegh der Weegen’ is een kwaliteit van Soesterberg. Dit is een project uit de 17de eeuw waarbij de aanleg van een nieuwe verbinding tussen Utrecht en Amersfoort werd gecombineerd met een enorme gebiedsontwikkeling aan weerzijden. Dit gebied heeft niet alleen een voorkant aan de Amersfoortsestraat maar ook een achterkant. Beide zijn deels herkenbaar in de opzet van Soesterberg. (alleen de ‘Amerikaanse wijk’ ligt erbuiten). Op deze afbeelding is in groen het gebied aangegeven waar de hoofdopzet uit de 17de eeuw nog steeds bestaat.

Sorties Wegh der Weegen (Op basis van topotijdreis.nl)

Soesterberg groeit waardoor de vraag hoe en of het voorzieningenniveau die groei kan bijbenen op de agenda staat. Inwoners zijn gewend om veel gebruik te maken van voorzieningen in de aanliggende kernen (vooral gemeente Zeist) en dergelijke vaste patronen worden slechts langzaam omgebogen. Er is een soort ‘kip-ei’ situatie: er is een kans om meer winkels te maken maar die kans is er vooral als meer kopers hun boodschappen gaan doen in dit centrum. In het participatietraject is er een sterke wens uitgesproken om gezamenlijk te bouwen aan de voorzieningen in Soesterberg met de kansen die de groei van de kern biedt. Dit loopt uiteen van winkels en ontmoetingsplekken tot ruimte voor sport en verenigingen. Veel aandacht is er in het participatietraject gevraagd voor het maken van een betere toegankelijkheid van de vliegbasis. En dat is ook logisch als je ziet waar de belangrijkste groene kwaliteit is. Maar de openstelling van de vliegbasis loopt niet zo makkelijk omdat er ook hoge natuurdoelen op liggen. Rond de N237 speelt over een groot gebied

een groot aantal projecten zowel in Soest als Zeist en Amersfoort. Dat zijn niet de minste projecten. Denk alleen al aan de nationale goudkluis en de concentratie van defensieactiviteiten ten oosten van de aansluiting van de N413. Maar er zijn veel meer projecten. Die hebben ook direct te maken met de leef- en werkomgeving van Soesterberg. Het cumulatieve effect van al die ontwikkelingen en de relatie met de ontwikkeling van Soesterberg is dan ook een belangrijk aandachtspunt.

werken, kunnen ze meestal naast elkaar bestaan. De milieubelasting in Soesterberg is relatief hoog. Een uitbreiding van het bedrijventerrein van defensie levert mogelijk extra milieubelasting op.

Wat willen we?

De hoofdlijn is dat Soesterberg in 2040 gevarieerder en groter is, een kern met een nog sterkere eigen cultuur en identiteit. In die cultuur zijn de bestaande waarden rond Hoe zetten we de historie van de Wegh der dorps, kleinschalig, groen en bereikbaar aanWeegen in om Soesterberg en omgeving gevuld met de ontmoetingskwaliteiten die verder te ontwikkelen en hoe vertellen we nu, in 2021,nog voor een deel ontbreken. het historische verhaal (hoe maken we het beleefbaar)? Proces: we zetten een platform op waarmee we intensief met de samenleving blijven praIn Soesterberg zien we twee participatie- ten over lopende projecten en plannen en sporen: in het ene spoor zijn er zorgen over waar nieuwe initiatieven worden ingebracht. de grote veranderingen (vooral zorgen over aantasting van het groen), en in het andere Specifieke keuzes voor Soesterberg die nog spoor zien we dus de vraag om veranderin- niet in de andere paragrafen zijn aangegeven: gen te gebruiken om de ‘kracht van het dorp’ groter te maken. Hoewel deze sporen zo nu Voor de voorzieningen: en dan in tegengestelde richtingen kunnen 1. De Rademakerstraat is een levendig 63

Locaties uitnodigingskader grootschalige energieopwekking toegevoegd

Visiekaart keuzes voor de kern Soesterberg

centrum met winkels, horeca en andere publiekstrekkers. 2. De rand van Soesterberg en de vliegbasis is een ontmoetings- en verblijfslijn, de pleisterplaats was een start. 3. De basisscholen zijn ‘buurtknooppunten’. In het dorp zijn er meer publieksvoorzieningen dan nu.

Voor bereikbaarheid: • In Soesterberg is er nabij de Rademakerstraat een halte op de HOV verbinding naar Utrecht en Amersfoort • Er is een lokale ov-verbinding met Station den Dolder

Voor het Soesterdeel van de Amersfoortsestraat: De milieubelasting in Soesterberg is lager • De Amersfoortsestraat kent weinig of dan nu. geen opstroping en files • Vanaf de Amersfoortsestraat is het Het bedrijventerrein van defensie is aangebeeld groener dan nu legd en zoveel mogelijk inwaards gezoneerd. • In de zone langs de Amersfoortsestraat zijn meer woningen en arbeidsplaatsen 64

dan nu, er is ontwikkeld aan de achterzijde van de percelen. • De opzet van de Wegh der Weegen is beter herkenbaar en beleefbaar dan nu Op bijgaande kaart zijn alle voor Soesterberg relevante keuzes aangegeven, en bij elkaar gebracht, in een kaart.

5.5 Waardevol groen

De groene omgeving is belangrijk voor de gemeente Soest. Daarom is het een eigen onderwerp in deze omgevingsvisie. Hier bespreken we • Het groen in de kernen • Het buitengebied (natuur, landschap, ruimtegebruik) • Sport en beweging Noot: • Landbouw als functie wordt gebiedsgericht bij ‘de bruikbare polder besproken’ • Cultuurhistorie wordt bij ‘ontspannen woon en leefmilieu’ besproken

Omdat wij als gemeente op een knooppunt der druk en daarmee de ruimte om te bein natuurlijke systemen liggen (droog-nat, wegen. Natuurgebieden zijn een betrouwnoord-zuid, oost-west) zal het belang van bare bron van ruimte voor beweging. natuur voor ons eerder groter dan kleiner • De toegenomen behoefte aan beleving worden. De vraag is tot welk niveau deze van de samenleving biedt kansen voor Wat speelt er? natuur belast kan worden door bijvoorbeeld het beweegvriendelijk maken van de omHet groen in de kernen wordt erg hoog ge- recreatie. geving. Recreatie, ontspanning, vermaak waardeerd en is een belangrijke reden om in en sport gaan steeds meer vervlechten. Soest of Soesterberg te willen wonen. Landelijk staan onze natuur en ecosystemen • Big data en technologische middelen bieDe vraag of er groene ruimte gebruikt kan blijvend onder druk. Door klimaatverandeden veel mogelijkheden om omgevingen worden voor ruimtegebruikers als woning- ring, verstedelijking en een gewijzigd agrameer beweegvriendelijk te maken. Denk bouw, bedrijventerreinen en zonnevelden risch bodemgebruik gaat het bijvoorbeeld aan: zelfmonitoren, gebruikte fiets- en is waarschijnlijk de belangrijkste vraag waar slecht met de insecten in ons land.

Er zijn hardlooproutes in planning integreren we mee worstelen als het gaat om de fysieke zorgen over de houdbaarheid van stabiele (zie de Stravakaart), apps die de bruikleefomgeving. Vooral voor woningbouw is ecosystemen, ze moeten robuuster worden. baarheid en vindbaarheid van een omgedit een groot dilemma omdat we beide (wo- In Soest zijn wij deel van de oplossing van ving vergroten, gamificatie , technologiningen en groen) belangrijk vinden. dit probleem. Een groot deel van ons gebied sche elementen in de openbare ruimte. is al natuur. Daar waar we extra verbinden • De bestuurlijke en maatschappelijke aanIn de participatie is aangegeven dat er een naar omgeving van onze kerngebieden kundacht voor beweging groeit wens is om het, hooggewaardeerde, groen nen maken vergroten we de robuustheid van in en buiten de kernen meer te kunnen ge- de natuur. Vooral onze kwelzones hebben Bron van deze trends: https://www.sportenbruiken. Het gaat om veel verschillende in- daarin een groot potentieel. De kwelzones bewegenincijfers.nl/toekomstverkenning/ vullingen. Je ziet daarin een flinke stapeling zijn weergegeven op de volgende pagina.

trendscenario/beweegvriendelijke-omgeving van doelen voor groene gebieden: natuur/ biodiversiteit, gebruiksgroen voor de mens Een aantal landelijke trends op het onder- Wat willen we? (toegankelijkheid, gebruikskwaliteit, ont- werp bewegen en sport is voor ons extra van Onze hoofdgroenstructuur is in 2040 intact moetingskwaliteit), klimaatadaptatie, lanen belang vanwege onze groene gebieden: en zal in beginsel niet in de afweging voor en verkeersbermen • Groei van de bevolking zet de ruimte on- woningbouw worden meegenomen. 65

Kwelkaart 2006 in millimeter per dag (Vander Gaast, J.W.J., H.Th.L. Massop, H.R.J. Vroon en I.G. Staritsky, 2006, Hydrologie op basis van karteerbare kenmerken. Wageningen, Alterra, Research Instituut voor de Groene Ruime, Alterrarapport 1339. Wageningen.)

De kwelkaart uit 2006 geeft een beeld van de kwelgebieden in het westen van de gemeente (groen en blauw). De kwelgebieden in de polder zijn niet in kaart gebracht in dit onderzoek. De kwelkaart uit 2004 geeft een indicatie van de kwelgebieden in de polder (groen).

66

Kwelkaart 2004 in millimeter per dag (Waterplan Soest 2011-2015)

Pagina met afbeeldingen ingevoegd ter verduidelijking van kwelzones

Dorpsgroen en wijkgroen hoofdgroenstructuur (Gemeente Soest)

Een deel van onze onbebouwde ruimte is in De onbebouwde ruimte buiten de kernen 2040 in gebruik voor woningbouw. (bossen en landbouwgebieden) is in 2040 natuurlijker en klimaatrobuuster. Delen In 2040 wordt de openbare ruimte in de daarvan worden intensiever gebruikt dan nu kernen, groen en verhard, meer gebruikt en door functiemenging en recreatieve mogeis natuurlijker en klimaatrobuuster dan nu. lijkheden, andere delen niet. Daarmee is de openbare ruimte waardevoller dan nu. Voor een aantal gebieden is de natuurwaarde in 2040 in ieder geval verhoogd, met name (Proces) Voor alle openbare ruimte die om het gebied rond de Wieksloot (bijzondere een of andere reden ‘op de schop’ gaat komt natuur) en de polder (wordt uitgewerkt bij een integraal ontwerpproces(je) waarin doe- de polder en bij adaptatie). len voor gebruik, natuur en klimaat worden geïntegreerd. Sportvelden en -accommodaties zijn in 2040 behouden. Ze zijn opengesteld voor nieuwe

vormen van gebruik, en voor nieuwe gebruikers. Met het streven naar open sportaccommodaties, willen we mogelijkheden creëren voor andere maatschappelijke functies. Het zijn ook ontmoetingsplekken. We streven naar het inbedden van sport- en beweegruimte als onderdeel van de woonomgeving. Sportvelden en sportaccommodaties voldoen aan de vraag zowel qua capaciteit als functioneel voor de typen sporten. Deze zijn opengesteld. Technologische middelen worden volop ingezet om mensen te activeren en naar buiten te krijgen. 67

5.6 Ruimte voor recreatie en toerisme

Gebiedsspecifieke aspecten komen aan bod in de paragrafen over Soest, Soesterberg en de polder.

Wat speelt er?

De recreatiedruk uit de regio zal blijft toenemen. Waarschijnlijk niet zo sterk als het afgelopen pandemiejaar 2020-2021, maar wel structureel. We zien langs de Eem een toenemende druk op het water tijdens warme dagen. Er is met name meer recreatie op de oevers van de Eem. Ook wordt er veel meer gezwommen en dat is een gevaarlijke situatie. Met de groei van Soesterberg neemt ook de vraag naar ruimte voor recreatie en ontspanning toe. Er is gebrek aan plekken waar je Ondanks dat zwemmen in de Eem gevaarlijk is, zoeken inwoners hier toch verkoeling. heen kunt. De spin-off van recreatie naar onze kernen valt tegen. Wij zetten daar al jaren op in Wat willen we? maar er zit weinig schot in. Bezoekers van In 2040 wordt het groen in de kernen het NMM bijvoorbeeld komen maar spora- intensiever dan nu gebruikt voor recreatie. disch ook in onze kernen. Onze ‘centrumgebieden’ trekken veel meer recreanten en daar heeft de lokale econoHet grote hondenlosloopgebied in de dui- mie profijt van. Recreatie en toerisme wordt nen is bijzonder en er wordt veel gebruik daardoor in de kernen een belangrijkere ecovan gemaakt. Bij steeds meer van dit soort nomische sector dan het nu is en draagt ook losloopgebieden worden beperkingen opge- bij aan het versterken van het groen en de legd voor uitlaatservices. Hierdoor wordt het beleving van de centrumgebieden.

losloopgebied de Soesterduinen op termijn mogelijk nog populairder en drukker. In de bos- en natuurgebieden zijn er (beperkt) meer recreanten dan nu en is er meer Huidig beleid onderscheid tussen drukke en stille delen Beleidsplan Recreatie en Toerisme 2012-2020 dan nu. Nergens is de recreatiedruk zo hoog dat de natuur er wezenlijk onder leidt. 68

Er is minder gemotoriseerd verkeer in de bossen, een groter deel van dit verkeer wordt opgevangen aan de randen van die bossen. In 2040 zijn er in de polder veel meer recreanten dan nu en is er ook veel meer te doen. Het groene en cultuurhistorische lint als verbinding tussen Soesterberg en Soest van de erfgoederen de Wegh der Weegen, het Officierscasino, de Marechausseekazerne, de Vliegbasis, Landgoederen De Oude Tempel, de Paltz en HazArt, de Zuidelijke Eng naar het Paleis Soestdijk, een aantrekkelijke recreatieve route kan zijn. Daarmee betekent dit lint een kwalitatieve toevoeging voor het toerisme in Soesterberg en Soest.

5.7 Een groene bruikbare polder Wat speelt er?

Het open gebied ten noorden van Soest vormt samen met de aanliggende gebieden in Amersfoort en Baarn een groene zone die op regionaal niveau ruimte maakt. Tot aan de A1, zoals weergegeven in de afbeelding linksboven, is dit gebied ongeveer 1000 ha. De ruimtelijke kwaliteit van dit gebied op regionaal niveau wordt gedragen door twee kenmerken die zijn weergegeven in de afbeelding rechtsboven: • De grote maat over het centrale deel van het gebied • De diepe punten die de verschillende kernen uit elkaar houden. Dat gaat dan bij ons met name om de gebieden rond de RWZI, tussen Baarn en Soest en het gebied rond de Birkt tussen Amersfoort en Soest. We zien de polder nu als een open landschap en voor een deel is dat ook zo. Interessante kwaliteit is dat er her en der nog restanten van het historische landschap zijn. Dat zijn veelal restanten van houtsingels. Bijgaande afbeelding laat zien waar zo’n 100 jaar geleden die houtsingels stonden. Ook de verkaveling en de Eem zijn cultuurhistorisch van belang. Door de polder loopt de Eem. Een functioneel belangrijke rivier voor wateraan- en afvoer en natuur én steeds meer in de beleving van fietser en wandelaar. Op regionaal niveau worden er plannen gemaakt voor woningbouw. Dat gaat om grote aantallen en locatiekeuzes hebben effect op Hagen zoals die er in 1860 waren in de polder (op basis van topotijdreis.nl) 69

het regionale verstedelijkingspatroon. Voor Soest is het van groot belang dat de regio vanuit het groene perspectief vorm krijgt zodat openheid van de hele polder daarin goed wordt meegewogen. De hele polder is een aantrekkelijk gebied om te recreëren maar de ‘opvangcapaciteit’ is beperkt, er zijn niet veel voorzieningen, er is maar een beperkt padenstelsel en door de openheid lijkt het al snel erg vol. De Eem trekt steeds meer waterrecreatie tijdens warme dagen aan, de ‘trek naar water’ is bij ons de ‘trek naar de Eem’ (hoewel natuurlijk ook de vijvers in de woonwijken gebruikt worden). Maar de rivier is daar niet voor bedoeld, er is geen controle op de zwemwaterkwaliteit, en bewaking van de waterkwaliteit zou ook lastig uit te voeren zijn. Ook is er meer vraag voor bootverhuur en horeca. Voor de natuur is er een dilemma, het open deel van de polder trekt weidevogels, hoewel op het Soester deel van de polder steeds minder. Anderzijds heeft de polder een potentieel voor veel andere vormen van natuur, omdat het aan de lage flank van de Heuvelrug ligt: het grootste gebiedspotentieel is een overgang van de bossen naar de openheid van de polder en de Eem. In de participatie zijn vragen voor ander gebruik van het Soester deel van de polder naar voren gekomen. Denk aan voedselbossen, boomgaarden. In de participatie voor deze visie is gebleken dat veel inwoners van 70

Strava heatmap waterrecreatie in de omgeving van Soest (Strava, 2021)

Soest best veranderingsmogelijkheden in de lokale consument gerichte landbouw, is een polder zien maar dat de groene sfeer moet zo groot mogelijk onderdeel van de bedrijfsblijven. voering van onze agrariërs. Dit doel voor de landbouw geldt ook voor agrariërs buiten Wij hebben maar enkele agrarische bedrij- het poldergebied. ven in Soest, meestal jongere actieve ondernemers. Voor iedere 30 ha grond (indicatie) (proces) Het regionale agrarische natuurdie aan de landbouw onttrokken wordt zal landschap willen we samen met Baarn en een agrarisch bedrijf moeten stoppen. Amersfoort, en natuurlijk met gebiedspartijen ontwikkelen. Geld moet uit de opbrengWat willen we? sten van de regionale verstedelijking komen. In 2040 is de polder tot aan de A1 omge- In de randen moet in de gemeente Soest afvormd tot een agrarisch natuurlandschap. wegingsruimte blijven voor uitbreiding van Het gebied wordt door recreanten druk be- de kern voor woningbouw. zocht. Ruimtelijk is de polder gevarieerder dan nu en er zijn veel meer gebruiksmogelijkheden. De (water)recreatiemogelijkheden dagen uit om te bewegen en dragen op die manier bij aan de gezondheid. Ook de natuur is versterkt en er is ruimte gemaakt voor het vasthouden van water. Duurzame, op de

5.8 A Adequaat reageren op klimaatverandering (mitigatie) Wat speelt er?

Klimaatverandering leidt tot twee nieuwe beleidsvragen bij gemeenten. De eerste vraag is hoe de klimaatverandering kan worden afgeremd door uitstoot van broeikasgassen te verminderen en uiteindelijk neutraal maken (mitigatie). De tweede vraag is hoe we tijdig en adequaat kunnen en moeten inspelen op de verandering die nu al bezig is en voorlopig ook door zal gaan. Die tweede beleidsvraag wordt samengepakt onder het kopje klimaatadaptatie. In dit hoofdstuk 5.7 A richten we ons op de mitigatie. Wat speelt er: Mitigatie De veranderingen in het energiesysteem zijn omvangrijk. De gemeente Soest sluit met haar doelstelling voor de energietransitie aan bij de landelijke lijn. Daarmee wil Soest nagenoeg CO2-neutraal en aardgasvrij zijn in 2050 en in 2030 49% CO2 besparen ten opzichte van ons peiljaar 2016. Daarvoor is de eerste stap om zoveel mogelijk energie te besparen. Vervolgens is het van belang dat de energie die we nog gebruiken duurzaam wordt opgewerkt. In het Klimaatakkoord van het rijk is afgesproken dat al onze woningen en gebouwen moeten overstappen op een duurzame vorm van warmte, zonder aardgas. Ook in Soest gaan we in stappen stoppen met het gebruiken van aardgas voor verwarmen en koken. In de mobiliteitssector maken we ook de stap naar aardgasvrij en stappen we over op CO2 neutrale vormen van vervoer.

Dit alles vraagt om een grote verandering van de energie-infrastructuur. Omdat dit ons allemaal ook persoonlijk raakt is de energietransitie ook een sociale

opgave. We moeten het samen doen.

uit het Programma Energietransitie Soest.

In 2050 willen we in Nederland volledig circulair zijn. In een circulaire economie bestaat geen afval meer: producten worden efficiënter ontworpen en materialen zoveel mogelijk hergebruikt. Op deze manier willen we het gebruik van grondstoffen terugdringen. Deze doelstelling raakt ook de ruimtelijke omgeving. We moeten nog concreet maken met welke stappen we naar dit doel toe willen werken, maar het doel voor 2050 wordt in deze visie wel meegenomen.

Los van grootschalige elektriciteitsopwekking is het realiseren van zon op alle daken prioriteit. Dat faciliteren we op diverse manieren.

In de opgave voor Soest gaan we ervanuit dat we de hele opgave op ons eigen grondgebied gaan oplossen. In de Regionale Energiestrategie (E01) onderzoeken we samen in de regio Amersfoort (met de gemeenten Baarn, Amersfoort, Eemnes, Bunschoten, Leusden, Woudenberg, aangevuld met provincie, waterschap en STEDIN) hoeveel duurzame elektriciteit we in de regio tot 2030 kunnen opwekken, hoe globaal de warmtetransitie er voor de regio uitziet en bijbehorende infrastructuur. Het is mogelijk dat er in de RES-keuzes worden gemaakt die van invloed zijn op de opgave van Soest.

De warmtetransitie is ook een grote opgave. Uiteindelijk moeten ook alle gebouwen in Soest in 2050 aardgasvrij zijn volgens het Klimaatakkoord. Dat hoeft niet allemaal tegelijk. Eerst maken we een visie op hoofdlijnen in de Transitievisie Warmte. Daarin geven we aan welke wijken als eerste aan de beurt zijn. Daar starten we samen met alle inwoners en gebruikers van de wijk om een Wijkuitvoeringsplan te maken. Samen kijken we naar de beste haalbare en betaalbare oplossing voor de wijk. Hoe we in Soest invulling geven aan de energietransitie is opgenomen in het Programma Energietransitie Soest.

Wat willen we?

In 2030, 49% CO2-reductie ten opzichte van het peiljaar 2016.

In Soest maakten we, als onderdeel van de omgevingsvisie, beleid voor zonnevelden en windturbines. Daarbij hebben we gezocht in de bandbreedte tussen wat er voor Soest uit de concept RES kwam en de eigen ambitie. De uiteindelijke keuze voor elektriciteitsopwekking is van invloed op de eigen ambitie 71

5.8 B Klimaatbestendige omgeving en toekomstgerichte watersystemen Wat speelt er?

Hoe kunnen en moeten we tijdig en adequaat inspelen op de klimaatverandering die al is gestart? De klimaatverandering met heftigere natte tijden en langere droge tijden vraagt om verdere aanpassing van alle onderdelen van het watersysteem. Van kwelsloten, tot infiltratievoorzieningen en van rioolbuizen tot grondwaterbeheer en van het water in huis tot het water in de openbare ruimte en van stoeptegel tot hoogveen. De heuvelrug speelt een cruciale rol; hier Klimaatadaptatie, de lange termijn Klimaatadaptatie omvat een aantal uiteenlopende onderwerpen die allemaal eigen trends kennen. We geven hier een overzicht.

zakt het regenwater in de bodem en vult zo het grondwater aan. Het grondwater fungeert als een grote waterbuffer. Deze is weer van belang voor de omgeving in natte en droge tijden. Het grondwater in de heuvelrug is van goede kwaliteit. Daarom is het belangrijk om dit systeem zoveel mogelijk te voeden met regenwater, het grondwater schoon te houden en het grondwater alleen te gebruiken voor de juiste doelen. Langs de randen van de heuvel kan door de natuurlijke grondwaterstroming het grondwaterpeil iets hoger worden. We zullen dit effect nader

onderzoeken.

Wateroverlast en droogte Het extremere klimaat leidt tot nattere en tot drogere periodes. Deze effecten zijn er nu al. (bijvoorbeeld voor funderingen van oudere gebouwen) Te verwachten is dat de weersuitersten groter zullen zijn in 2040 dan nu. Om hier mee om te gaan wordt er vanaf 2000 gewerkt met een drietrapsaanpak vasthouden-bergen-afvoeren. Dit leidt tot een ‘ombouw van het land’, zowel voor het stedelijk als het landelijk gebied, want tot 2000 waren de beheersystemen gericht op afvoer. Die ombouw vraagt ruimtelijke aanpassingen en loopt nog wel langer dan 2040.

https://www.hittebestendigestad.nl/ mindmap/

Waterveiligheid. Door veranderende weerpatronen en zeespiegelstijging kunnen rivieren overstromen. De veranderende weerpatronen treden nu al op en de verwachting is dat die steeds extremer worden naarmate de gemiddelde temperatuur stijgt. Er is een uitgebreid landelijk programma voor veilige dijken, ook langs de Eem, waardoor overstromingsrisico’s lager worden. Hitteoverlast Vooral in stedelijke gebieden kan de tempeDe zeespiegel stijgt bij Nederland nog niet ratuur ‘s zomers hoog oplopen. Het bepersneller dan in de afgelopen millennia (20 ken van het hitte-eilandeffect leidt tot divercm/eeuw). Meetbare effecten van versnel- se maatregelen waar we in 2040 nog volop ling van de stijging worden niet voor 2050 mee bezig zullen zijn. Achter deze link zit verwacht. een mooi overzicht van een aantal effecten en maatregelen: 72

Bij zware buien kan er wateroverlast ontstaan, ook op de hoger gelegen delen van Soest. Vanwege het reliëf kan de schade plaatselijk aanzienlijk zijn. Deze zware buien maken ook dat het afvalwatersysteem tijdelijk ontregeld raakt, overstorten zullen vaker optreden dan gewenst. In het gebied Pijnenburg-Wieksloot is water de drager van een bijzondere natuurlijke omstandigheid, hier groeit hoogveen. Op deze

Ecosystemen uit balans De weersextremen veroorzaken stress op de natuur die daar onder leidt. Soorten migreren met de veranderende temperatuur mee en komen in ecosystemen waar zo nog niet ingebed zijn en waardoor ze plagen kunnen worden (bijvoorbeeld de eikenprocessierups). Ecosystemen raken uit balans. We zitten al midden in deze trend maar omdat-ie de temperatuurstijging vertraagt volgt staat ons nog veel meer te wachten. Natuurbranden Vooral bos en heidegebieden zijn kwetsbaar voor natuurbranden bij langdurige droogte. Het is denkbaar dat we ons moeten gaan voorbereiden op onbeheersbare natuurbranden. Ook snelle waarschuwingssystemen zijn mogelijk nodig.

plek is de waterkwaliteit in het open water erg belangrijk. In de rest van Soest mag het water aan lagere eisen voldoen, helaas voldoen onder andere vijvers in Overhees nog steeds niet; er is vaak nog blauwalg. Het groen in de openbare ruimte is een belangrijke schakel in het verminderen van de hittestress. Liever groen dan verharding. Want groen kan ook bijdragen een het tijdelijk bergen van piekbuien.

van alle percelen aan op vuilwaterriool of een andere publieke voorziening, zodat er geen ongezuiverd afvalwater in het milieu terecht komt. Het bedrijfsmatig afvalwater wordt ingezameld en verwerkt als er geen sprake is van beïnvloeding van de doelmatige werking van de riolering en zuivering. Als dit wel het geval is, dan worden voorwaarden gesteld aan de lozing op de riolering. We scheiden zoveel mogelijk vuilwater en schoonwater. Zo blijft schoon water schoon. Bij afkoppelen geldt de voorkeursvolgorde (eerst benutten, dan via infiltratie in de bodem, dan directe afvoer naar het oppervlaktewater, dan afvoer via het maaiveld en tenslotte afvoer via een regenwaterriool).

Uit het participatietraject zien we dat bewoners willen bijdragen. Ze leggen groene daken aan, plaatsen regentonnen, verwijderen tegels uit hun tuinen, sluiten de wasmachine aan op regenwater, zagen regenpijpen door, maken hun huis en tuin hittebestendiger In ons streven naar een gezonde leefomenzovoorts. geving dragen wij als gemeente bij aan een watersysteem van goede kwaliteit. Een waVolgens de klimaateffectatlas is ons bosge- tersysteem van goede kwaliteit draagt bij bied niet kwetsbaar voor natuurbranden, aan natuurontwikkeling, landschap en recremaar algemeen speelt wel de zorg voor atie. Wij richten ons samen met het watereen kans op zogenaamde onbeheersbare schap op geen achteruitgang in de kwaliteit branden. van het bodem- en (grond)watersysteem en het behalen van de KRW-doelen voor KRWOnze natuur-en bosgebieden zijn, gegeven waterlichamen in 2027. We willen de waterde ruimtelijke situatie in onze gemeente, kwaliteit laten aansluiten op de functie en maximaal met elkaar verbonden en daar- het recreatieve gebruik (zwemwater, vaarwadoor zo robuust als mogelijk is. Alleen in de ter, viswater) en we beperken zoveel mogepolder en bij de koppeling van polder aan de lijk emissie uit de afvalwaterketen naar het heuvel zijn nog verbeteringen mogelijk. watersysteem, voor zover dit op een doelmatig wijze mogelijk is.

Wat willen we?

Voor een gezonde en veilige leefomgeving streven we naar het zo veel mogelijk voorkomen van het contact met afvalwater. We sluiten lozingen van huishoudelijk afvalwater

Voor een doelmatig beheer van de afvalwaterketen en het optimaal functioneren van de zuivering scheiden we vuilwater en schoonwater. Hierdoor vinden overstorten minder

vaak plaats en de impact van overstortingen op de waterkwaliteit is kleiner. Ook is waterop-straat bij hevige regen minder vervuild. Het aantal overstortingen is zo laag als voor een doelmatig beheer van afvalwater mogelijk is. Foutieve aansluitingen op het hemelwaterstelsel voorkomen we en in bestaande situaties reduceren we deze zoveel mogelijk. We passen de best mogelijke techniek toe bij inzamelen en transport afvalwater. Tot slot passen we het principe toe: de vervuiler/initiatiefnemer betaalt. Als gemeente streven we samen met onze inwoners en bedrijven naar een leefbare omgeving, waarin de negatieve gevolgen van klimaatverandering zo veel mogelijk worden beperkt. Dat betekent dat wij streven naar het beperken van maatschappelijke ontwrichting en schade door extreme weersomstandigheden: Bij korte hevige én bij langdurige neerslag: • Blijven snelwegen, provinciale wegen en andere hoofdroutes zo lang mogelijk toegankelijk. • Zijn overige wegen binnen een uur weer toegankelijk, bij hevige buien • Blijven nooddiensten bereikbaar voor calamiteitenverkeer. • Ondervindt bebouwing incidenteel schade bij extreme buien. • Ondervinden vitale en kwetsbare functies geen schade of uitval. • Worden onveilige situaties zoals o.a. het onderlopen van onderdoorgangen zoveel mogelijk voorkomen. Bij een lange periode van droogte: • Blijft schade aan openbaar groen beperkt. 73

• Blijft open water en grondwater van voldoende kwaliteit, voor recreatief gebruik en biodiversiteit. Bij langdurige hitte: • Wordt hittestress bij kwetsbare groepen zo veel mogelijk voorkomen. • Wordt opwarming van drinkwater tijdens transport en distributie in het leidingnet voorkomen. • Vinden mens en dier verkoeling in groene plekken Bij overstromingen: • Worden gevolgen beperkt door waterrobuuste bouw en inrichting • Worden gevolgen beperkt door voldoende beschikbaarheid voor schuillocaties en mogelijkheden voor evacuatie.

hergebruiken het zoveel mogelijk. Water dat we niet kunnen vasthouden en hergebruiken laten we bij voorkeur oppervlakkig afstromen. De afstroming vindt plaats naar laagteberging, waar het geen schade oplevert. Vanuit deze voorziening vindt infiltratie naar het grondwater plaats of (vertraagde) afvoer naar het oppervlaktewatersysteem.

Het watersysteem voldoet aan de provinciale normen voor de afvoer- en bergingscapaciteit. Gemeenten en waterschappen bepalen samen in hoeverre zogenaamde vasthoudmaatregelen buiten het watersysteem (tijdelijke waterberging in de openbare en private ruimte) nuttig en nodig zijn in relatie tot de beschikbare afvoer- en bergingscapaciteit in het watersysteem. Hierbij zijn de maatOm dit te bereiken werken we aan klimaat- schappelijke kosten en baten van investerinbestendige inrichting van de publieke (open- gen het uitgangspunt. bare) en private buitenruimte (o.a. tuinen en (parkeer)terreinen) en het watersysteem. Bij (ver)nieuwbouw is sprake van een kliRelevante fysieke veranderingen worden maatbestendige bouw en inrichting, met zo benut om klimaatbestendige maatregelen min mogelijk afwenteling naar de omliggente nemen. Dat geldt voor projecten van de de percelen. We gaan bij de inrichting zo veel gemeenten en het waterschap en voor pro- mogelijk uit van het van nature aanwezige jecten van anderen: bewoners, (agrarische) watersysteem. We passen de functie aan het bedrijven, woningcorporaties, terreinbeheer- watersysteem en niet het watersysteem aan ders en maatschappelijke organisaties. Dat de functie.

We manipuleren de grondwaterbetekent ook dat onderhoudscycli van infra- stand en het grondwaterregime niet (of mistructuur, riolering, groen en gebouwen wor- nimaal) om een ontwikkeling of specifieke den benut. gebruiksfunctie mogelijk te maken (geen onderbemalingen, minimale toepassing van Om te kunnen anticiperen op klimaatveran- drainage). In de bebouwde omgeving leggen dering en om overlast tijdens hevige neer- we meer groen aan om de sponswerking en slaggebeurtenissen te voorkomen gaan we leefbaarheid van het gebied te vergroten. We anders om met regenwater. We houden het verminderen hitte in bebouwd gebied door water zoveel mogelijk vast waar het valt en het creëren van (tijdelijke) schaduwwerking 74

en het gebruik van de juiste bouwmaterialen. Ook houden wij bij de inrichting van de ondergrond rekening met het risico van opwarming van drinkwater in het leidingnet onder verharde oppervlakken.

75

De polder

76

De Wieksloot

Utrechtse Heuvelrug

77

Extra kader toegevoegd nav zienswijze

Visie op de rolinvulling door de gemeente voor de gemeentelijke watertaken 1. Gemeentelijke taak inzameling en transport van afvalwater Voor bestaande bouw en (ver)nieuwbouw geldt een aansluitplicht voor het lozen van huishoudelijk afvalwater op de riolering voor zowel binnen de bebouwde kom als het buitengebied. De gemeente zorgt voor inzameling van huishoudelijk afvalwater en transport naar een zuiveringtechnisch werk bij voorkeur via het gemeentelijk rioolstelsel. We beperken zoveel mogelijk het gebruik van IBA’s e.d. Voor bedrijfsafvalwater geldt dat de gemeente afvalwater dat qua biologische afbreekbaarheid vergelijkbaar is met huishoudelijk afvalwater inzamelt. Ook ander bedrijfsafvalwater dat niet lokaal kan worden teruggebracht in het milieu wordt ingezameld, tenzij dit ten koste gaat van het doelmatig functioneren van de vuilwaterriolering of de rioolwaterzuivering. Het waterschap geeft hier advies. • De gemeente kan nadere voorwaarden verbinden aan nieuwe of bestaande aansluitingen of deze weigeren of beëindigen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=26d40885-75c8-4750-bd80-963f23bb12ac