CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

4c 3 Bijlage b1. Nota van Beantwoording en ambtelijke wijzigingen.pdf

Besluitvormende Raadsvergadering 21 december 2021, gemeente SoestBij agendapunt: Omgevingsvisie Soest en Soesterberg38.777 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Wij zijn ons (uiteraard) bewust van de natuurwaarden in het gebied en zullen hier bij alle toekomstige ontwikkelingen rekening mee (moeten) houden.

Bovenstaande punten leiden niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

47

2.3 Locaties en gebieden 2.3.1 De Eempolder en de Eem

Vereniging Vrij Polderland

Zienswijze Reclamant dient de zienswijze in namens Vereniging Vrij Polderland (VVP), die zich inzet voor het open polderlandschap in en rond Soest.

Gemeentelijke beantwoording Het is goed om te horen dat de VVP zich kan vinden in de door onze gemeente opgestelde omgevingsvisie en de daarin neergelegde beleidslijn voor een groene bruikbare polder.

Algemene reactie VVP complimenteert de gemeente allereerst met de uitgebalanceerde omgevingsvisie, waarin de bescherming en benutting van de fysieke leefomgeving volgens hen goed vertaald is in een agrarisch natuurlandschap voor de zuidelijke Eempolder. Dit sluit volgens hen aan bij de visie van de VVP waarin de polder in de toekomst groen wordt gebruikt, n.l. voor de versterking van de weidevogelgebieden, de biodiversiteit, de kringlooplandbouw en natuurminnende recreatie.

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

VVP heeft daarnaast nog een aantal opmerkingen bij §5.2 en §5.7 van de visie (zie hieronder) Vereniging Vrij Polderland

5.2 Ontspannen woon- en werkmilieu VVP geeft aan dat het verduurzamen van woningen niet genoemd wordt in dit hoofdstuk. In de visie van VVP moeten nieuwe woningen niet alleen een financiële bijdrage leveren aan het ontwikkelen van het agrarisch natuurlandschap in de polder, zoals aangeven in de onderhavige paragraaf, maar ook aan de verduurzaming van woningen. Dit zou bijvoorbeeld goed kunnen door oude hoogbouw te verduurzamen (isolatie en aansluiten op een geothermie - warmtenet) gefinancierd door er nieuwe hoogbouw op te plaatsen (gestapeld ruimtegebruik). VVP stelt daarom voor op blz. 55 onder “Wat willen we” de zinssnede “Er zijn meer woningen (waarvoor ook deels open ruimte is gebruikt)” te veranderen in “Verduurzaming van bestaande hoogbouw wordt gefinancierd door ophoging

De passage op blz. 55 staat niet in §5.2 maar in §5.3 ‘Soest in beweging’. We zullen de tekst niet vervangen, want deze teksten zijn voor de kern Soest, terwijl uw opmerking (verduurzaming woningvoorraad) gemeentebreed geldt. In §2.2 van deze Nota bij ons antwoord aan de NMU onder punt h is aangegeven dat wij wel voorstellen om een korte passage over duurzaam bouwen aan §5.2 van de omgevingsvisie toe te voegen. Dit punt leidt verder niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

48

waardoor het aantal verduurzaamde woningen exponentieel toeneemt.” Vereniging Vrij Polderland

5.7 Een groene bruikbare polder Volgens VVP zijn een aantal dingen niet eenduidig en verdienen daarom nadere duiding: 1. Er wordt gesproken over een ‘groene bruikbare’ polder. Wordt daar ook versterking van de weidevogelgebieden, de biodiversiteit, de kringlooplandbouw en natuurminnende recreatie mee bedoeld? En hoe de bescherming van dit groen gerealiseerd kan worden? 2. De begrippen ‘versterking van de natuur’, ‘duurzaamheid’ en ‘toename van de biodiversiteit’ missen. Waarom worden deze niet benoemd, is dit geen prioriteit? 3. De stelling op pagina 64 klopt: “Voor iedere 30 ha grond die aan de landbouw onttrokken wordt zal een agrarisch bedrijf moeten stoppen”. Indien een agrarisch bedrijf echter geen opvolger heeft of geen agrarische koper heeft dan is onttrekking voor een andere groene bestemming (waterberging, weidevogelgebied en/of nieuwe natuur) wel relevant om op de nemen in de visie. 4. Een meer recreatieve invulling van delen van de polder is inderdaad gewenst, maar de bescherming van onder meer het weidevogelgebied mist hier. Dit gebied zou zeker in het broedseizoen, beschermd of niet-toegankelijk moeten wordt gemaakt voor recreatie. Concreet stelt VVP de volgende tekstwijziging voor op blz. 64: ‘In 2040 is de polder tot aan de A1 omgevormd tot een agrarisch natuurlandschap. Het gebied wordt door recreanten druk bezocht.

Duurzame, op de lokale consument gerichte, landbouw, is de basis. Ruimtelijk is de polder gevarieerder dan nu en er zijn veel meer gebruiksmogelijkheden. Ook de natuur is versterkt en er is ruimte gemaakt voor het vasthouden van water. (proces) Het regionale agrarische natuurlandschap willen we samen met Baarn en Amersfoort, en natuurlijk met gebiedspartijen ontwikkelen. Geld moet uit de opbrengsten van

1. Ja, de betreffende begrippen worden daar ook onder verstaan. Hoe we de dit gaan realiseren is een uitwerkingsvraag, die pas na vaststelling van de omgevingsvisie aan de orde komt.

2. Het begrip agrarisch natuurlandschap omvat in onze ogen al deze elementen. Zowel duurzaamheid als versterking van de natuur (en daarmee de biodiversiteit) worden genoemd op blz. 64 van de ontwerpvisie. 3. De visie(teksten) staan dit volgens ons niet in de weg. Beiden functies zijn passend in een agrarisch natuurlandschap.

4. Instellen van beschermingsmaatregelen via het al dan niet toegankelijk maken van het gebied, bijvoorbeeld in het broedseizoen, is onderdeel van toekomstige uitwerking van deze visie.

We zullen de door u voorgestelde wijziging op de tekst niet overnemen. De voorgestelde wijzigingen gaan namelijk in op de uitwerking van de omgevingsvisie (‘Hoe gaan we de gestelde doelen bereiken?') terwijl we in de visie nu alleen nog de doelen met elkaar willen vastleggen. Nadat dit gebeurd is willen we met alle gebiedspartijen uitwerking gaan geven aan de doelen uit de visie. Projecten die u noemt zouden daar mogelijk onderdeel van kunnen zijn.

49

de regionale verstedelijking komen. In de randen moet in de gemeente Soest afwegingsruimte blijven voor uitbreiding van de kern voor woningbouw.’

Deze punten leiden niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Deze aan te passen naar: ‘In 2040 is de polder tot aan de A1 omgevormd tot een agrarisch natuurlandschap. Er wordt nieuwe natuur aangelegd voor o.a. weidevogels afgeschermd door brede en gevarieerde waterwegen die niet alleen voor waterberging zorgen maar ook natuurminnende wandelaars en fietsers het beste uitzicht geeft. Er zijn nieuwe fietspaden en wandel/klompenpaden aangelegd. Duurzame, op de lokale consument gerichte, landbouw, is de basis. De biodiversiteit is enorm toegenomen door de uitbreiding van aantal en omvang van landschapselementen. Voor recreanten die in de Eem willen zwemmen wordt een strand en horeca faciliteiten aangelegd ten oosten van de N199. (proces) Het regionale agrarische natuurlandschap willen we samen met Baarn en Amersfoort, en natuurlijk met gebiedspartijen ontwikkelen. Geld moet uit de opbrengsten van de regionale verstedelijking komen. In de randen moet in de gemeente Soest afwegingsruimte blijven voor uitbreiding van nieuwe natuur.’ Flora- en Faunagroep Hoogland-West

Flora- en Faunagroep Hoogland-West sluit zich aan bij de zienswijze van Vereniging Vrij Polderland uit Soest.

Wij verwijzen naar ons antwoord op de zienswijze van Vereniging Vrij Polderland in deze paragraaf.

Reclamant 35

Reclamant schaart zich volledig achter de zienswijze zoals Vereniging Vrij Polderland die heeft opgesteld.

Wij verwijzen naar ons antwoord op de zienswijze van Vereniging Vrij Polderland in deze paragraaf.

Reclamant 36

Reclamant is het niet eens met de paragraaf in de visie (en de analyse daarin) over de ‘bruikbare polder’. De inhoud verontrust reclamant zeer en er zit geen enkele mooie ambitie in om het fantastische gebied te koesteren en te verrijken. De hele paragraaf ademt veel te veel ruimte voor ongewenste ontwikkelingen. Zij sluit zich daarom aan bij de tekst die is ingediend door Vereniging Vrij Polderland (VVP)

Wij verwijzen op dit punt naar ons antwoord op de zienswijze van Vereniging Vrij Polderland in deze paragraaf.

50

Daarnaast heeft reclamant nog een aantal specifieke opmerkingen: Bossen en bomen in de polder Reclamant geeft aan dat in de participatie misschien iets is gezegd over bossen in de polder, of dat het niet uitmaakt als het maar groen is. Daar is reclamant het niet mee eens: De polder moet polder blijven! Meer recreatie zoals de VVP in punt 4 van haar reactie weergeeft is prima, maar mag volgends reclamant niet samengaan met het aanplanten van welke bomen dan ook. Ook geen kleine bomen dus, want die worden groot en dan verdwijnt de uitgestrektheid en de vergezichten. Volgens reclamant wil Amersfoort bossen ter compensatie van de rondweg, dus krijgen we bossen in de polder. Reclamant is het daar niet mee eens en vreest voor grote gevolgen voor de Eempolder waar reclamant vorig jaar is komen wonen.

Aanpak van de opgaven Reclamant mist in de visie een aanpak voor bijvoorbeeld schoon (zwem)water of ‘zelfbeheer’, waarbij we de zogenaamde overlast gezamenlijk in goede banen zouden kunnen leiden (waar is hierin de gemeentelijke ambitie voor innovatie en cocreatie?).

Wij hebben zeker niet tot doel allerlei grote stukken bos in de polder te creëren. Dat past ook niet in ons beeld van een agrarisch natuurlandschap voor onze polder, zoals in de ontwerpvisie is beschreven. Wel kunt u in de visie teruglezen dat er vroeger veel meer bomen/houtwallen in sommige delen van de (Soester) polder aanwezig waren. Door dit terug te brengen ontstaat een veel kleinschaliger landschapsbeeld (wat nog steeds polder is). In die delen van het landschap komt dan meer ruimte voor bijvoorbeeld een plukbos of andere vormen van landgebruik dan uitsluitend weidegrond voor veeteelt. De compensatie met bomen, waar reclamant over spreekt, heeft op verzoek van de gemeente Soest zelf plaatsgevonden, omdat wij op deze locatie de natuur wilden versterken en een mooie ecologische verbindingszone tussen Heuvelrug en Eempolder hebben kunnen realiseren (locatie Melksteeg). In onze ogen een goed voorbeeld van een ontwikkeling die zowel kwaliteit als biodiversiteit aan het buitengebied toevoegt en daarmee het ‘agrarisch natuurlandschap’ al voor een stukje invult. De opmerking die u maakt gaat in op de uitwerking van de omgevingsvisie (‘Hoe gaan we de gestelde doelen bereiken?').

Hier gaan we (samen met de inwoners van het gebied, overheden en andere partijen met belangen in dit gebied) mee verder, nadat we eerst de belangrijkste doelen voor dit gebied met elkaar hebben vastgelegd in de omgevingsvisie. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

LTO Noord

a. ‘ruimte voor schaalverkleining’ Op de visiekaart op blz. 5 ziet LTO Noord dat een deel van de polder is ingetekend als ‘ruimte voor schaalverkleining’. Wat wordt hiermee bedoelt? Zonder toelichting impliceert de gemeente dat zij streeft naar een agrarische sector die bestaat uit kleinere agrarische

We snappen dat er verwarring is over deze aanduiding. Het gaat hier inderdaad niet om het streven naar kleinere agrarische bedrijven. Wat wel wordt bedoeld is schaalverkleining van het landschap(sbeeld), door het terugbrengen van de historische

51

LTO Noord

LTO Noord

LTO Noord

bedrijven. Dit is echter niet mogelijk: hiermee komt het verdienvermogen van agrarische bedrijven in gevaar.

(groen)structuren, zoals aangegeven op pagina 63 (kaart en 2e alinea) van de ontwerpvisie. De betreffende aanduiding/tekst in de visie hierop aangepast naar: ‘ruimte voor schaalverkleining landschap’

b. Extensiveren (1) Op blz. 35 geeft de gemeente en doorkijk naar 2040. De gemeente stelt dat de landbouw in 2040 de grond intensief blijft gebruiken en dat de stikstofbelasting mogelijk iets lager is (op blz. 41 meldt de gemeente zelfs dat (delen) van landbouwgebieden zelfs intensiever zullen worden gebruikt). Dit is onjuist. De landbouwsector zal de komende jaren een transitie doormaken naar een sector die kringlopen zoveel mogelijk weet te sluiten. Hierdoor zal de sector gaan extensiveren. Het gevolg hiervan is dat ook de stikstofbelasting naar beneden zal gaan. LTO Noord vraagt om dit aan te passen in de omgevingsvisie (ook op blz. 41).

De passage op blz. 41 gaat niet over het intensief/extensief gebruik van landbouwgrond(en), maar over het intensief/extensief gebruik van de groene ruimte (§5.5 Waardevol groen), waaronder steeds meer bezoekers aan de polder (recreanten). Zie ook ons antwoord bij punt d van uw zienswijze.

c. Woningbouw via inbreiding Naar aanleiding van de passage op blz 51 over de openbare en gemeentebrede selectiemethode voor woningbouw merkt LTO Noord op dat het van belang is dat de gemeente bij elk ruimtelijk besluit nagaat wat de consequenties zijn voor het landbouwareaal. De agrarische sector heeft namelijk ook ruimte nodig om de transitie naar extensief (kringloop) te maken. Het is voor de agrarische sector van belang dat concurrentie om de schaarse ruimte tussen stedelijk gebied en landbouw zoveel mogelijk wordt vermeden. Om landbouwareaal te behouden is LTO Noord van mening dat er inbreiding binnen (stedelijke) kernen moet plaatsvinden en geen uitbreiding buiten (stedelijke) kernen.

Uiteraard worden altijd alle belangen afgewogen, ook die van de landbouw als dat aan de orde is. Op dit moment wordt er al volop ingezet op inbreiding. We willen echter ook de 'groene’ woonkwaliteit van onze gemeente behouden en we moeten nog veel woningen richting 2040 toevoegen. Voor na 2025 is het de vraag of dat nog allemaal binnenstedelijk opgelost kan worden zonder dat de kwaliteit van de leefomgeving daaronder leidt of niet. Daarom worden voor de selectie van woningbouwlocaties de randen van ons buitengebied vooraf niet uitgesloten.

d. Extensiveren (2) Op blz. 61 meldt de gemeente dat in 2040 delen van landbouwgebieden intensiever gebruikt worden dan nu. Andere delen van landbouwgebieden niet. LTO Noord

Ook in de passage op blz. 61 gaat niet over het intensief/extensief grondgebruik van landbouwgrond(en), maar over het intensievere gebruik van dit gebied (Wij bedoelen dan meer recreatie en bezoekers door meer/andere functies etc.). Wij snappen ook hier

De zin ‘de stikstofbelasting ligt mogelijk iets lager’ op pagina 35 is aangepast naar: ‘de stikstofbelasting ligt vrijwel zeker lager omdat de agrarische sector gaat extensiveren’

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

52

LTO Noord

LTO Noord

Vraagt zich af wat dat in de praktijk betekent. Kan de gemeente dit toelichten? De agrarische sector staat voor de uitdaging om de omslag te maken naar een sector die kringlopen zoveel mogelijk weet te sluiten. In de praktijk zal dit betekenen dat agrarische bedrijven gaan extensiveren en niet intensiveren. Een harde grens tussen intensieve landbouwgebieden en minder intensieve landbouwgebieden lijkt hen derhalve onwenselijk. Landbouwareaal moet worden behouden om extensiveren van agrarische bedrijven mogelijk te maken. De gemeente wordt gevraagd dit duidelijk te maken in de omgevingsvisie. Daarnaast wordt ons verzocht om de harde grens tussen intensieve landbouwgebieden en minder intensieve landbouwgebieden los te laten.

de verwarring bij u over het woord ‘intensief’ en zullen de tekst hierop aanscherpen. Wij hebben in onze visie dan ook geen grens tussen intensieve landbouwgebieden en minder intensieve landbouwgebieden opgenomen.

e. Recreatie Op blz. 62 wordt genoemd dat er in de polder veel meer recreanten zullen zijn dan nu. Voor de agrarische sector heeft dit voor- en nadelen. De voordelen hebben betrekking op de mogelijkheden voor agrariërs om recreatie en andere nevenactiviteiten te ontplooien op het agrarische bedrijf. Een nadeel is de toename van het aantal verkeersbewegingen in de polder. Het is belangrijk dat agrariërs hier geen last van ondervinden. Een ander nadeel heeft betrekking op veiligheid. Toename van, bijvoorbeeld, het aantal fietsers kan zorgen voor onveilige situaties tussen fietsers en landbouwvoertuigen. Het is belangrijk dat dit niet gebeurt. Zij vragen daarom om een goede infrastructuur en hierover in gesprek te gaan met de sector. De toenemende recreatiedruk zorgt volgens LTO Noord ook voor meer vervuiling in het buitengebied. Dat is volgens hen de afgelopen 1,5 jaar gebleken (toenemende recreatiedruk tijdens coronacrisis).

Wij (onder)kennen de voor- en nadelen van meer recreatie die LTO Noord noemt. Na vaststelling van de visie zullen wij samen met overheden, gebiedspartners en inwoners en eigenaren van het gebied moeten (samen)werken aan de doelen die in de visie neergelegd zijn rond de term ‘agrarisch natuurlandschap’. Een veilige en gezonde (schone) leefomgeving maken daar onderdeel van uit.

f. Participatie en voedselbossen Vanaf blz. 63 wordt gesproken over de toekomst van de polder. De gemeente meldt dat bij de totstandkoming van de ontwerp omgevingsvisie tijdens het participatietraject duidelijk is geworden dat veel inwoners veranderingsmogelijkheden zien in

Tijdens het participatietraject zijn een aantal agrariërs aangehaakt geweest, zoals najaar 2020 tijdens de Week van de Omgeving op een bijeenkomst in de Windhond. Die middag ging over de toekomst van de polder.

De tekst in §5.5 is op blz. 61 aangevuld met: ‘Delen daarvan worden intensiever gebruikt dan nu door functiemenging en recreatieve mogelijkheden, andere delen niet.’

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

53

de polder. Daarbij worden voedselbossen en boomgaarden genoemd als nieuwe mogelijkheden. LTO noord vraagt zich af in hoeverre agrarische ondernemers hebben meegedacht over verandermogelijkheden in de polder. Voedselbossen kunnen (nog) niet voor een duurzaam inkomen zorgen voor agrarische ondernemers.

Of de mogelijkheden die genoemd worden onderdeel kunnen zijn van de bedrijfsvoering van onze agrariërs richting 2040 zal moeten blijken. Het is wel onze ambitie om richting de toekomst meer variatie in het (agrarisch) grondgebruik te krijgen dan nu het geval is. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

LTO Noord

LTO Noord

LTO Noord

g. Nadelen terugbrengen historische groenstructuren De kaart op blz. 63 suggereert dat de gemeente oude groenstructuren zoals houtsingels en hagen wil herstellen. Het herstellen hiervan brengt ook nadelen met zich mee: Het zorgt voor meer onoverzichtelijkheid voor bestuurders van voertuigen. Houtsingels en hagen belemmeren het zicht en zorgen voor toename van het aantal (eenzijdige) ongevallen. Houtsingels en hagen zorgen tevens voor een gevoel voor onveiligheid doordat wegen donkerder worden. Houtsingels en hagen hebben een aantrekkende werking op criminaliteit. Daarnaast vormen houtsingels en hagen een directe bedreiging voor de terugkerende weidevogel-populatie, aangezien houtsingels en hagen perfecte schuilgelegenheden zijn voor predatoren.

Bij het terugbrengen van historische groenstructuren zal per locatie bekeken moeten worden wat haalbaar en wenselijk is. Bij de toekomstige uitwerking/invulling hiervan zal uiteraard ook aandacht moeten zijn voor de nadelen die u noemt.

h. In gesprek (blijven) Op blz. 64 wordt gemeld dat de gemeente Soest jonge actieve agrarische ondernemers heeft. Het is belangrijk dat juist deze groep ondernemers de mogelijkheid krijgt om agrarische bedrijven voort te zetten en door te ontwikkelen. Het is belangrijk om daarover in gesprek te blijven met de agrarische sector.

Wij zullen (uiteraard) in gesprek blijven met onze agrariërs over de toekomst van hun bedrijf in relatie tot de toekomst van het gebied waarin zij hun bedrijf uitoefenen.

i. Energietransitie Om adequaat te kunnen reageren op klimaatverandering stelt de gemeente zich tot doel om in 2030 49% CO2-reductie te realiseren ten opzichte van 2016. In het kader van deze

Het Uitnodigingskader is inmiddels vastgesteld. In het Uitnodigingskader is geen ruimte geboden voor zonnevelden op landbouwgronden.

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie 54

doelstelling maakt de gemeente Soest, als onderdeel van de omgevingsvisie, beleid voor zonnevelden en windturbines. Met betrekking tot de vormgeving van dit beleid wil LTO Noord de gemeente het volgende meegeven: grootschalige (duurzame) energieopwekking zet een grote druk op het beschikbare landbouwareaal in het gebied. Gezien de toekomstige ruimtelijke uitdagingen voor de agrarische sector is het van belang dat landbouwareaal wordt behouden. Het is derhalve van belang dat landbouwareaal wordt ontzien bij het in kaart brengen van gebieden die in aanmerking komen voor grootschalige (duurzame) energieopwekking. LTO Noord pleit voor het opwekken van duurzame energie middels zonnepanelen op (agrarische) daken. Daarnaast dient te worden ingezet op duurzame energieopwekking middels (kleinschalige) windmolens (op agrarische bouwkavels). Zon op land heeft onze laatste voorkeur. Bovengenoemde voorkeuren zijn ook conform de zonneladder die het kabinet hanteert. Wij willen u vragen dit duidelijk terug te laten komen in de Omgevingsvisie. LTO Noord

j. De Eem Op pagina 63 staat vermeld dat de Eem een belangrijke rivier voor waterafvoer, natuur en beleving van fietser en wandelaar is. Graag ziet LTO Noord een toevoeging terug in de omgevingsvisie rond het belang van de aanvoer van zoetwater door de Eem in het poldersysteem.

U heeft gelijk. Naast afvoer van water is de Eem ook van belang voor de aanvoer van water in de polder. In de betreffende passage op blz. 63 van de ontwerpvisie is dit aangepast naar: ‘dat de Eem een belangrijke rivier voor wateraan- en afvoer, natuur en beleving van fietser en wandelaar is.’

LTO Noord

k. Oorzaken afname aantal weidevogels Op blz. 64 wordt gemeld dat het aantal weidevogels in het Soester deel van de polder afneemt. LTO Noord is van mening dat de afname van het aantal weidevogels wordt veroorzaakt door toenemende recreatieve druk. Met het herstel van houtsingels en hagen zal het aantal weidevogels alleen maar verder afnemen.

Wij vinden dat de polder richting 2040 beter benut en gebruikt kan worden. Alleen door met elkaar (inwoners van het gebied, overheden en andere partijen met belangen in dit gebied) hierover na te denken en hierin samen te werken, kunnen wij stappen zetten (richting een agrarisch natuurlandschap). Daarbij moeten verantwoorde keuzes en goede afspraken worden gemaakt. Dit kan ook gaan over het (beter) sturen op recreatie en de aanplant van houtwallen en hagen, zodat er in het gebied ook ruimte blijft voor bestaande kwetsbare waarden, zoals weidevogels.

55

Dit betreft een uitwerking van de omgevingsvisie. In de omgevingsvisie leggen we nu eerst de belangrijkste doelen voor dit gebied met elkaar vast. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie LTO Noord

l. Consument gerichte landbouw Op blz. 64 wordt tevens gemeld dat in 2040 een duurzame, op de lokale consument gerichte, landbouw, de basis zal zijn. Dit zou LTO Noord graag gewijzigd willen zien in de omgevingsvisie. Uiteraard zal de landbouwsector duurzame innovaties blijven toepassen in de toekomst. Een op lokale consument gerichte landbouw is echter een utopie. Er zullen agrarische ondernemers zijn die de lokale afzet van agrarische producten weten te verhogen. Dat is positief. Echter zal het grootste deel van de productie van agrarische producten bedoeld zijn voor de nationale consumptie en/of voor de export. Dit is nu zo en dat zal zo blijven. Zij vragen de gemeente dit duidelijk te maken in de omgevingsvisie. Uit enkel de lokale afzet van agrarische producten kan een gangbaar landbouwbedrijf geen (duurzaam) inkomen genereren.

Wij snappen uw opmerking. Het is opgeschreven als ambitie. U doet zelf geen voorstel voor een aangepaste tekst. Daarom hebben wij zelf een voorstel gedaan en is de betreffende passage op blz. 64 van de ontwerpvisie gewijzigd naar: ‘Duurzame, op de lokale consument gerichte landbouw, is een zo groot mogelijk onderdeel van de bedrijfsvoering van onze agrariërs.’ Dezelfde passage komt terug op blz. 41. Daar wordt de tekst op dezelfde wijze vervangen.

LTO Noord

m. Waterpeil (1) Op pagina 67 wordt de negatieve invloed van waterinfiltratie op omliggend gebied besproken. Aandacht is nodig voor de kwelgebieden aan de voet van alle heuvels. Een hoger waterpeil kan op deze locaties schade veroorzaken. Als sector ziet LTO Noord daarom het belang van het vooraf opnemen van schaderegelingen. Dit kan discussie achteraf voorkomen. Zij zetten hierbij in op een actieve dialoog tussen overheden en gebied. Daarnaast zullen meetresultaten en plannen die het peil in het landelijk gebied beïnvloeden via overheden moeten worden gecommuniceerd met de gebiedspartners. Een vorm van participatie van gebiedspartners kan het optreden van neveneffecten voor zijn, fouten voorkomen en kosten uitsparen. Daarnaast stelst LTO Noord voor om een ‘pauzeknop’ voor geïmplementeerde maatregelen rond waterinfiltratie in te

De opmerkingen die u maakt en voorstellen die u doet gaan over de uitwerking van de omgevingsvisie: ‘Hoe gaan we de gestelde doelen (op een goede wijze) met elkaar bereiken?'. Deze stap maakt geen onderdeel van deze visie. Hier gaan we mee verder nadat we hoofdlijnen/-doelen eerst goed met elkaar hebben vastgelegd in de omgevingsvisie. We zetten daarbij uiteraard in op en actieve dialoog tussen overheden en gebied. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

56

voeren. Met deze pauzeknop kunnen maatregelen worden stilgelegd of geëvalueerd als een gebiedspartij hinder ondervindt door bijvoorbeeld wateroverlast. Door invoer van deze knop kan ook (agrarisch) draagvlak in het gebied worden gecreëerd voor de implementatie van maatregelen. LTO Noord

LTO Noord

n. Landelijk gebied als waterbuffer In de paragraaf ‘Een groene bruikbare polder’ wordt genoemd dat de polder ruimtelijk gevarieerder is nu meer gebruiksfuncties mogelijk zijn. Er wordt gesteld dat de natuur is versterkt en er ruimte is gemaakt voor het vasthouden van water. De agrarische sector investeeerd veel in het verbeteren van de bodemkwaliteit. Zij benadrukken dat een verbeterde bodemkwaliteit ook de wateropslag in de bodem bevordert. Via onder andere het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) worden projecten rond dit thema aangestuurd. Het agrarisch gebied functioneert dus steeds effectiever als waterbuffer. Daarbij zijn zij van mening dat het bufferen van water niet enkel een opgave is voor de agrarische sector. Ook stedelijk gebied zal moeten innoveren om op lokale basis water te kunnen opslaan. Graag ziet LTO Noord deze twee punten terug in de omgevingsvisie.

Deze punten zijn naar onze mening voldoende verankerd in de aangepaste paragrafen over klimaatadaptatie en het watersysteem. Wij verwijzen voor een overzicht van deze aanpassingen naar bijlage 5 bij deze Nota.

o. Blauwe Agenda Verschillende partners in de regio Utrecht werken samen om het watersysteem rond de Utrechtse Heuvelrug te verbeteren. Onder de naam ‘Blauwe Agenda’ zijn afspraken gemaakt om problemen door watertekort én wateroverlast in en rondom het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug aan te pakken. Het vasthouden en versterken van waterinfiltratie op de Utrechtse Heuvelrug heeft prioriteit. Als agrarische sector zien zij dit belang. Wel vindt LTO Noord dat er te gemakkelijk aan de gevolgen voor de landbouw op de flanken voorbij wordt gegaan. Er is onvoldoende zicht op de effecten op waterstanden en kwel op de flank en daarbuiten. Implementatie van maatrelen die de waterhuishouding op de Heuvelrug sturen, kan van invloed zijn op de waterhuishouding in Soest en Soesterberg. Zij missen

De omgevingsvisie is niet bedoeld om samenwerkingsverbanden te noemen. We zijn ons ervan bewust dat vasthouden en versterken van waterinfiltratie ongewenste effecten kan hebben op de grondwaterstanden elders bijvoorbeeld aan de flanken van de Utrechtse Heuvelrug Bij de aanpak van de klimaatveranderingen geven we aan dat we de effecten van maatregelen op de grondwaterstanden en ook kwel zullen onderzoeken.

Dit punt leidt verder niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Wij verwijzen ook op dit punt naar de aangepaste paragrafen over klimaatadaptatie en het watersysteem, zoals aangegeven in bijlage 5 bij deze Nota. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

57

daarom in de omgevingsvisie de koppeling met de Blauwe Agenda. LTO Noord

LTO Noord

p. Waterpeil (2) Verder wordt in de omgevingsvisie een aantal keren gesproken over verhoging van het (grond)waterpeil. LTO Noord wil ons attenderen op een verminderde bergingscapaciteit na verhoging van het peil. Hevige regenval komt door toenemende extreme klimaatscenario’s steeds vaker voor. Om schade aan landbouw en stedelijk gebied te voorkomen, dient hier rekening mee te worden gehouden.

Zoals u teruglezen in bijlage 5 bij deze Nota hebben we de teksten over (grond)waterpeilen drastisch gewijzigd. Wijzigingen van (grond)waterpeil is een maatregel en hoort dus niet thuis in een omgevingsvisie. Terecht stelt u dat bij wijzigingen van (grond)waterpeil veel effecten onderzocht en afgewogen dienen te worden.

q. Participatie en Landbouwvisie Tenslotte Wil LTO Noord graag van de gelegenheid gebruik maken te melden dat zij vinden dat de agrarische sector als belangrijke stakeholder in het buitengebied niet voldoende is betrokken bij de totstandkoming van de ontwerp omgevingsvisie. Het is voor de agrarische sector mogelijk om te reageren op plannen die al vergevorderd zijn. Zij hadden dit liever omgekeerd gezien: eerst input ophalen bij belangrijke stakeholders, daarna plannen maken. Aangezien de landbouwsector een groot gedeelte van het areaal van het buitengebied in gebruik heeft, was het wenselijk geweest om in eerste instantie een landbouwvisie te ontwikkelen. Een landbouwvisie kan input zijn voor een visie op het buitengebied. Zij zijn graag bereidt om mee te praten over de realisering van een eventuele landbouwvisie in de toekomst.

Wij herkennen ons niet in uw opmerking over de betrokkenheid. Er heeft een breed participatietraject plaatsgevonden, waarin ook de agrariërs uit onze gemeente zijn uitgenodigd (en soms ook aangehaakt).

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Wij zien een eventuele landbouwvisie of gebiedsvisie voor de polder eerder als een uitwerking van de Omgevingsvisie dan als input voor de visie. Eerst willen we de (hoofd)doelen in deze integrale omgevingsvisie vastleggen, zodat ook de andere doelen voor het gebied benoemd zijn dan alleen de doelen vanuit de agrarische sector. Daarna volgt de uitwerking via sectorale en/of gebiedsgerichte plannen, visies of programma's, danwel via het omgevingsplan. Op die manier (in die volgorde) heeft de Omgevingswet de totstandkoming van beleid voor de fysieke leefomgeving ook bedoeld. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Reclamant 60

Reclamant dient dezelfde zienswijze in als LTO Noord

Wij verwijzen naar het gemeentelijk antwoord aan LTO Noord in deze paragraaf.

Reclamant 59

In tegenstelling van wat in §5.6 van de ontwerpvisie is opgeschreven, pleit reclamant pleit juist voor minder recreatie in het buitengebied met volgende redenen:

Wij (onder)kennen naast de kansen van meer recreatie ook de bedreigingen die reclamant noemt. De visie bevat echter de

58

Wandelaars en met name als er honden mee zijn verstoren de weidevogels. Als voorbeeld geeft reclamant De Soester Eng: vroeger kwam reclamant daar veel weidevogels tegen. Nu is er geen één weidevogel meer te vinden. Meer wandelpaden is meer zwerfaval Meer recreatie betekent meer mensen die hun auto’s ergens kwijt moeten. Nu parkeren ze hun auto’s nu al voor inritten van weilanden. Wandelaars in het buitengebied nemen honden met zich mee. Honden jagen hazen en schapen op en zorgen zo voor verstoring van de natuur. Honden brengen Neospora met zich mee. Dit komt terecht in het voer van de koeien. Neospora zorgt ervoor dat de drachtige koeien hun kalfje vergooien, hierdoor ontstaat vroeggeboorte en overleeft het kalf het niet. https://www.gddiergezondheid.nl/nl/Diergezondheid/Dierzie kten/Neospora-rund

doelen voor de toekomst en geen maatregelen. Deze komen pas aan de orde bij de toekomstige uitwerking van de omgevingsvisie. Na vaststelling van de visie zullen wij samen met overheden, gebiedspartners en inwoners en eigenaren van het gebied moeten (samen)werken aan de doelen die in de visie benoemd zijn rond de term ‘agrarisch natuurlandschap’. De onderwerpen die u noemt zullen daarbij ongetwijfeld onderwerp van gesprek zijn.

Daarnaast merkt reclamant het volgende op over §5.7 Voor iedere 30 ha grond die aan de landbouw onttrokken wordt zal een agrarisch bedrijf moeten stoppen”. Op deze manier verplichten jullie eigenlijk boerenbedrijven om te stoppen. Is dit jullie eerste stap om de boeren weg te krijgen uit de polder?

Reclamant interpreteert deze passage onjuist. Wij zeggen in de visie nergens dat wij gronden willen onttrekken aan de landbouw. Wij constateren slechts dat 30 ha ongeveer de maat is die een agrarisch bedrijf in onze gemeente (op dit moment) nodig heeft voor zijn bedrijfsvoering.

-

-

-

-

Reclamant 59

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie Reclamant 59

Voedselbossen Dit is een hot item maar werkt volgens reclamant niet. Vroeger werkte ze op deze manier maar zijn hiervan afgestapt omdat de grond er niet geschikt voor is en het is niet rendabel. Zo zie je door de jaren heen dat iedere agrariër zich is gaan specificeren op een bepaald product en andere producten is gaan inkopen waar andere agrariërs zich in hebben gespecialiseerd. Daarom heeft Soest melkveebedrijven omdat de grond niet geschikt is voor akkerbouw.

Wij verwijzen op dit punt naar punt f van de zienswijze van LTO Noord in deze paragraaf en onze reactie daarop. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

59

Reclamant 59

Onttrekken landbouwgrond Reclamant geeft aan dat ieder jaar in Nederland honderden hectares landbouwgrond onttrokken worden voor woningbouw en andere activiteiten. Doet Soest hieraan mee?

Wij hebben in de ontwerp omgevingsvisie nergens opgeschreven dat wij (actief) gronden willen onttrekken aan de landbouw. Wij hebben een aantal (jonge) agrariërs met toekomstperspectief. Die willen wij ondersteunen en samen met hen werken aan de doelen zoals die verwoord zijn in de omgevingsvisie. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Reclamant 59

In gesprek (gaan) Overleg met de melkveehouders van Soest wat in hun ogen een simpele manier zal zijn om meer biodiversiteit in hun weilanden te kunnen krijgen. Leg ze geen plan op maar laat ze zelf meedenken.

Onze bedoeling is om geregeld in gesprek te gaan (en te blijven) met onze agrariërs over allerlei thema's die betrekking hebben op de toekomst van de agrarische sector en ons poldergebied (waaronder ook biodiversiteit). Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Reclamant 56

De zienswijze komt vrijwel overeen met (voorgaande) zienswijze van reclamant 59

Wij verwijzen op dit punt naar onze beantwoording bij reclamant 59 De zienswijze leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Reclamant 58

Reclamant 58

Reclamant 58

Reclamant is er trots op dat afbeelding op blz. 22 van de Ontwerp Omgevingsvisie, weidende zoogkoeien met kalveren, zijn dieren zijn. Hij vindt dit een mooi beeld en vertrouwt erop dat dit beeld in de toekomst blijft voortbestaan.

Wordt kennis van genomen.

Ruimte voor schaalverkleining Wat reclamant opvalt is dat op blz. 4, in de legenda bij de kaart, een deel van de polder is ingetekend als ‘ruimte voor schaalverkleining’. Schaalverkleining niet helder is omschreven en dit ook niet passend is voor een levensvatbaar agrarisch bedrijf.

Dit is anders bedoeld. Wij verwijzen op dit punt naar onze beantwoording bij punt a van de zienswijze van LTO Noord in deze paragraaf van de Nota.

Extensivering Bij de doorkijk naar 2040 op blz. 35 staat in de visie dat de agrariër de grond intensief blijft gebruiken. Reclamant durf wel te stellen dat dit niet het geval zal zijn. De agrarische sector zal

Dit is anders bedoeld. Wij verwijzen op dit punt naar onze beantwoording bij punt b en d van de zienswijze van LTO Noord in deze paragraaf van de Nota.

Deze opmerking leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

60

namelijk steeds meer de kringlopen gaan sluiten en de emissies verlagen. Reclamant ziet zichzelf hier als voorbeeld van, waarbij de door hem in gebruik zijnde gronden, al extensief worden beheerd. Daarnaast is de manier van huisvesten in een potstal een emissiearme huisvesting, waarbij er geen NH3 vervluchtigt zoals bijvoorbeeld in de drijfmestsystemen zonder emissiearme maatregelen. Ook bij het uitrijden van de potstal mest is er nauwelijks emissie van stikstof. Reclamant 58

Reclamant 58

Houtsingels en hagen In §5.7 “een groene bruikbare polder”, wat is beschreven in de visie vanaf blz. 63, staat dat er veel duidelijk is geworden in het participatietraject. Reclamant heeft begrepen dat er tijdens het participatietraject weinig inwoners aanwezig waren. Dus om hier te spreken van wat veel inwoners willen gaat hem een stap te ver. Ook de suggestie van het herstellen van de houtsingels en hagen, zoals in de tekening op blz. 63 is weergegeven, spreekt de openheid en de zichtlijnen van de polder tegen. Het verbaast hem dan ook dat het plan van Royal Haskoning DHV, wat de gemeente in opdracht inzake zijn bestemmingsplan heeft laten maken, hier in zijn totaliteit niet over rept. In dit rapport was namelijk de open en cultuurhistorische slagenverkaveling nu juist het feit dat de gemeente het hier niet zou moeten willen dat er een vergroot (gezien de huidige stal) agrarisch bouwblok zou komen tegenover de Peter van den Breemerweg nummer 1 en 3. Wat reclamant betreft zou hij prima de houtsingels en hagen willen aanleggen en hier tussen zijn agrarische bouwblok willen situeren. Hierbij rekening houdend met het ‘zicht’ op de polder.

De ambitie om richting de toekomst via het herstellen/aanbrengen van de historische groenstructuren in delen van de polder een kleinschaliger landschapsbeeld te laten ontstaan, zodat er ook meer opvangcapaciteit voor ‘andere functies’ in het gebied kan ontstaan, zonder dat dit storend is voor het groene landschapsbeeld, is een veranderde kijk op de ‘openheid van de polder’ en is opgenomen in deze omgevingsvisie.

Reclamant is verheugd dat de gemeente Soest aangeeft dat de gemeente jonge actieve agrarische ondernemers heeft. Volgens reclamant maken zijn dochter en zoon hier onderdeel van uit. De meeste raadsleden kennen zijn dochter inmiddels, zo stelt hij, omdat zij meerdere keren de raadsleden heeft toegesproken over het feit wat reclamant en zijn familie graag willen in de gemeente Soest.

Wordt kennis van genomen.

De omgevingsvisie doet verder geen uitspraken over de invulling hiervan bij individuele gevallen en/of op locaties. Wij schetsen in de omgevingsvisie uitsluitend onze belangrijkste doelen voor het poldergebied richting 2040 (langetermijnperspectief). Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

61

Reclamant 58

Reclamant 89

Heroverweging bestemmingswijziging Op blz. 64 staat dat het aantal weidevogels op het Soester deel van de polder afneemt. Ik ben van mening dat juist mijn manier van agrarische ondernemen een kans is voor deze populatie van weidevogels. Door mijn manier van extensieve veehouderij namelijk, het beduidend later maaien en het beweiden van landerijen zijn juist kansen voor deze populatie. Hetgeen wat verder op blz. 64 is beschreven is iets wat ik anno 2021 al doe. Namelijk op een duurzame manier en op de lokale consumentgerichte manier veehouderij bedrijven. Wat jammer, dat in de huidige coalitie hiervoor geen oog is geweest. Maar daarom ben ik blij dat in deze omgevingsvisie hier voor de langere termijn wel oog voor is. In afronding van mijn zienswijze wil ik graag van de gelegenheid gebruik maken dat mijn bedrijf met een jonge toekomstige opvolger juist perfect zou passen in hetgeen wat in deze omgevingsvisie staat beschreven. Het feit dat er meer dan genoeg agrarische bedrijven zouden vrijkomen waardoor ik mij blijvend kan vestigen in de gemeente Soest is ruimschoots weerlegd dat door marktfalen en het geringe aantal agrarische locaties dit niet voor Soest geldt. Ook deze visie zal hiervoor geen uitkomst bieden. Ik kan met mijn bedrijf juist die partij zijn de bijdraagt aan een “groene en bruikbare polder”.

Ik vertrouw er dan op dat de gemeenteraadsleden juist mijn zienswijze aangrijpen om de bestemmingswijziging in heroverweging te nemen.

U roept aan het einde van uw zienswijze op om uw bestemmingswijziging, die eerder is afgewezen, door de gemeenteraad in heroverweging te laten nemen met het oog op het beleid zoals dat in de ontwerp-omgevingsvisie is opgenomen. Wij wijzen u er echter op dat belangafwegingen van individuele plannen of projecten geen onderdeel van dit omgevingsvisieproces vormen. Wij doen hier dan ook geen uitspraken over.

Reclamanten hebben een. melkveebedrijf aan de A.P. Hilhorstweg.

Over het omgevingsvisieproces (en de participatiemomenten) is de afgelopen twee jaar meerdere keren breed gecommuniceerd, o.a. via de Soester Courant, Website en onze social media-kanalen. Tijdens het participatietraject zijn een aantal agrariërs aangehaakt, zoals vorig najaar tijdens de Week van de Omgeving op een bijeenkomst in de Windhond. Die middag ging het over de toekomst van de polder.

Participatie Reclamanten willen weten of agrarische ondernemers hebben geparticipeerd aan dit ontwerp. Reclamant was al niet blij met de participatie over zoekgebieden voor zonnepanelen en windmolens en over het voortraject voor deze visie heeft reclamant nooit wat vernomen.

Het is verder aan u om zo'n verzoek tot heroverweging (buiten dit visieproces om) bij de gemeenteraad in te dienen. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

62

Reclamant 89

Open polder Reclamanten zien liever een open polder. Hagen waren ooit bedoeld om het vee binnen het weiland te houden. Ook zien zij niets in het concept voedselbossen of plukbossen. Als grondeigenaar zullen zij daar niet in mee gaan.

Wij verwijzen op dit punt naar onze beantwoording bij punt f en g van de zienswijze van LTO Noord in deze paragraaf van de Nota.

Reclamant 89

Duurzame op de lokale consument gerichte landbouw Reclamant heeft weining op met termen als "duurzame op de lokale consument gerichte landbouw". Gemeente Soest moet zuinig moeten zijn op de ongeveer 10 boeren die Soest nog rijk is. 10 boeren is te weinig om een dorp als Soest van voedsel te voorzien. Reclamant levert de melk aan Friesland Campina en hebben daar ook een leveringsplicht. Reclamant stoort zich aan de bemoeizucht van de regering en nu ook van de gemeente over de boeren. Een boer wil maar 1 ding: voor zijn koeien zorgen!

Wij zijn zeker trots op onze boeren en willen daarom samen met u (en alle gebiedspartijen met belangen in de polder) werken richting een duurzame toekomst het hele poldergebied en dus ook voor u. Wij verwijzen op dit punt naar onze beantwoording bij punt l van de zienswijze van LTO Noord in deze paragraaf van de Nota.

Reclamant 89

Recreatie Meer recreatie in de polder geeft reclamant de mogelijkheid tot recreatieve neventakken. Reclamant weet niet of dat voor hen wenselijk is. Het hoogseizoen is al de drukste tijd van het jaar en reclamant heeft een familiebedrijf en kiest er bewust voor niet met personeel te werken.

Wordt kennis van genomen.

Meer recreanten in de polder is alleen mogelijk als de gemeente iets gaat doen aan de snelheid op de weg en het sluipverkeer.

Hoe we dat bereiken en welke concrete maatregelen daarbij horen werken we nog uit in een Mobiliteitsvisie.

Reclamant heeft een stal voor 14 pensionpaarden. De eigenaren van deze paarden zijn recreatie -ruiters. Dat is toch ook een vorm van recreëren? Overigens hebben deze ruiters ook erg veel last van de andere weggebruikers. Ooit was er sprake van een snelfietspad nabij de superfun. Dat zou voor de paarden uit de polder ook een uitkomst zijn. of een kleine ruiterroute door het nieuw aan te leggen natuurgebied tegen de Isselt aan, zou een mooie aanvulling zijn. Mochten we toch de behoefte hebben iets te doen met recreatie, is een camping of camper parking dan ook een optie?

Belangafwegingen van individuele projecten zijn geen onderdeel van dit omgevingsvisieproces. We gaan dan ook niet inhoudelijk in op de vragen die u stelt en de suggesties die u doet. In het algemeen geldt dat als een toekomstig plan of initiatief aansluit op de doelen zoals benoemd in de visie, er een grotere kans op medewerking is dan als u niet aansluit bij de doelen uit de visie. U kunt eventuele plannen altijd indienen in het kader van het gemeentelijk vooroverleg. In dat vooroverleg vindt de afweging in de volle breedte plaats. Dit betekent dat naast de beleidsmatige

63

toetsing van plannen, ook de locatie en de verschillende belangen die daar spelen betrokken worden in de afweging (maatwerk). Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie Reclamant 89

Reclamant 92

Reclamant eindigt met de tip om voortaan eerst met de boeren en niet over de boeren te praten. Reclamant stoort zich enorm over het gebrek aan verstand over boeren en het hippe praten over biodiversiteit en lelijke raaigrasweilanden. Wereldwijd is er een voedsel tekort en een verandering aanbrengen aan de bedrijfsvoering is alleen mogelijk als daar ook een fatsoenlijke opbrengstprijs tegenover staat. Reclamant verwijst daarbij naar een aantal nieuws artikelen van de laatste weken: *Supermarkt wil duurzame boer niet meer betalen (bron: agri24) *Het symposium van Frank Mitloehner : De bijdrage van Methaan vanuit de veehouderij aan de opwarming van de aarde tot nu toe is overschat *Volgens de Nutrient Density to climat impact (NDCI index) heeft melk de laagste broeikasgasemissie in verhouding tot de voedingswaarde. *Joachim Deru, onderzoeker van Louis Bolk Instituut, heeft onderzoek gedaan naar het bodemleven in raaigrasveld en natuurgrasland. Conclusie: Landbouwgrasland heeft meer voedingsstoffen en dat pakt gunstig uit voor de bodembeestjes. Ook is de bodem luchtiger en kan makkelijker vocht opnemen en vasthouden.

Wordt kennis van genomen. Wij zien als gemeente ook de noodzaak om, nog meer dan in het verleden het geval was, in de (nabije) toekomst in gesprek te zijn met de onze agrariërs om de (gezamenlijke) opgaven waar we voor staan gezamenlijk het hoofd te bieden.

4. Agrarisch natuurlandschap

De inhoud van de visie is de uitkomst van het participatietraject, waarin ook onze buurgemeenten zijn aangehaakt. Zij hebben in dit traject aangegeven dat zij net als Soest dit gebied als (recreatief) uitloopgebied zien en willen graag met ons meewerken aan de nadere inkleuring van het gebied richting een agrarisch natuurlandschap. Het gebied heeft een dermate grote omvang dat daar uiteindelijk ruimte zou moeten zijn voor zowel stillere en drukkere plekken.

Ook uit de visie: “De polder is tot aan de A1 omgevormd tot een agrarisch natuurlandschap. Daarmee kunnen we een alternatief voor de regio bieden voor de bossen en de algemene capaciteit voor recreatie uitbreiden. Duurzame, op de lokale consumentgerichte landbouw, is de basis. Ruimtelijk is de polder gevarieerder dan alleen veeteelt nu en er zijn veel meer gebruiksmogelijkheden.

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

64

Denk aan verschillende vormen van recreatie, natuurontwikkeling, zwemplekken of kleine plukbossen.” Gesteld wordt in de visie dat in 2040 het gebied wordt door recreanten druk wordt bezocht. Wat is druk (niet SMART, meetbaar). Moet het dan druk worden in een polder/natuurgebied? Kan het ook een stiltegebied en rustgebied voor mens en dier worden? Of wordt het een soort Floriade gebied? In tegenstelling tot de rest van de visie gaan het hier om een gemeentegrens overstijgend idee. ‘Tot de A1’ is nogal een groot poldergebied. Afgezien van de fietsbrug is dit gebied, onder beheer van de gemeente Amersfoort en Baarn, vanuit Soest slecht toegankelijk. In tegenstelling tot de polders bij Eemnes en Arkemheen is er nu niet veel te bijzonders zien. Sowieso zijn polders toeristisch niet direct aantrekkelijk. Half Nederland bestaat immers uit polders. Streven naar natuurvriendelijk beheerd land zou mooi zijn om meer weidevogels ook naar dit gebied terug te brengen. De fysieke leefomgeving houdt niet op bij de grens van een gemeente. De verantwoordelijkheden en omgevingsvisies van andere bestuursorganen maken daarmee deel uit van de context van de Omgevingsvisie van Soest. Goede samenwerking, afstemming en verbinding is dus van groot belang.

Maar het zou zo maar kunnen dat Amersfoort en Baarn dit gebied in de toekomst willen benutten voor woningbouw, windmolens en/of terreinen met zonnepanelen. Daarover vindt reclamant niets terug in de visie. Volgens reclamant dus nogal een utopisch idee in de visie over een gebied dat buiten de gemeentegrens ligt en waarvan het nut voor de inwoners van Soest beperkt zal zijn. Reclamant 84

Wij wijzen ter onderbouwing van dit punt onder meer naar de reactie van de gemeente Amersfoort en de gemeente Baarn in §2.1 van deze Nota. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Gebruik van agrarische grond Reclamant richt zich in beginsel op alle agrarisch gebruikte gronden in de gemeente. Maar deze liggen hoofdzakelijk in de Eempolder

65

Reclamant dankt de gemeente voor een gedegen en heeft een aantal opmerkingen en verbeterpunten om Soest/Soesterberg nog rijker te maken voor de toekomst. Zijn achtergrond als natuurkundige, biologische boomkweker en trekker van burgerplatform EetbaarSoest maakt dat hij vooral kijk naar de duurzaamheidsuitdagingen. Zijn uitgangspunt is het model "De Planetaire Grenzen". De belangrijkste knelpunten voor onze beschaving zijn vooral: Biodiversiteitsverlies (door habitatverlies en gifgebruik) en Overbemesting (door kunstmest). Daarom moeten we meer doen om de ecologie te versterken en de voedselproductie binnen de ecologische kaders van het milieu te doen (zonder gif en kunstmest). Daarom beperkt hij zich tot de 28% van de oppervlakte van de gemeente dat vandaag gebruikt wordt als agrarische gronden. Concreet: 1. Biodiversiteit versterken. Op p.19 is beschreven dat de biodiversiteit het laagst is op de open vlakken/agrarische gronden. Hier kunnen we daarom het meeste bereiken. Op p64 staat: "Duurzame, op de lokale consument-gerichte, landbouw, is de basis. Ruimtelijk is de polder gevarieerder dan nu en er zijn veel meer gebruiksmogelijkheden." Maak dit explicieter door te eisen dat in 2040 alle agrarische bedrijven zonder kunstmest en pesticiden werken in de hele gemeente.

Hoe we meer duurzame landbouw bereiken en welke concrete maatregelen daarbij horen werken we nog uit. We houden daarbij rekening met onze agrariërs die richting de toekomst wel een gezonde bedrijfsvoering (financieel en milieutechnisch) moeten kunnen blijven voeren. We verwijzen op dit punt ook naar punt l in de zienswijze van LTO Noord in deze paragraaf en ons antwoord hierop.

"Ook de natuur is versterkt en er is ruimte gemaakt voor het vasthouden van water." Maak dit explicieter door voorbeelden te geven, zoals: "Meer houtwallen, bossages, struiken, groentetuinen en boomgaarden maken het landschap rijker en diverser. Meer structuurvariatie geeft meer habitat voor insecten en vogels, en helpt om meer water vast te houden. In de polder, in de weilandgebieden, in de akkerbouwgebieden en op de eng."

Hoe we meer biodiversiteit bereiken en welke concrete maatregelen daarbij horen werken we nog uit. Via het LandschapsOnwtikkelingsPlan (LOP) zijn hier ook al mogelijkheden voor. Onlangs hebben wij met de Melksteeg een mooie ecologische verbindingszone tussen Heuvelrug en Eempolder kunnen realiseren. In onze ogen een goed voorbeeld van een ontwikkeling die zowel kwaliteit als biodiversiteit aan het buitengebied toevoegt en invulling geeft aan het (begrip) ‘agrarisch natuurlandschap’.

66

2. Overbemesting tegenhouden. Het woord "overbemesting" staat niet eens in het concept, ondanks dat reclamant dat meermaals heeft ingebracht in de inspraaksessies in aanloop naar de Omgevingsvisie. Overbemesting (fosfaat en stikstof) is één van de belangrijkste dreigingen voor onze beschaving, volgens het model van "de Planetaire Grenzen". Overbemesting komt in Nederland vooral van landbouw. Reclamant roept op om samen met de agrariërs een stappenplan te maken om het (kunst)mestgebruik stapsgewijs te verkleinen. Tevens roept hij de gemeente op om jaarlijks de stikstof en fosfaatgehaltes in de sloten te meten en een verbeterplan samen met de agrariërs te maken. 3. Maak ecologisch verantwoorde zonneweides op meer locaties mogelijk. Elke maisakker dat niet meer geploegd wordt, wordt ecologisch rijker en versterkt de biodiversiteit. Vooral als er een gemengde heg omheen wordt geplant. Bijvoorbeeld met hazelaars, Gelderse roos, vlier en sleedoorn. Planetaire grenzen Lees meer over de Planetaire grenzen op wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Planetaire_grenzen of in Science: https://www.science.org/lookup/doi/10.1126/science.1259855

Reclamant heeft gelijk: wij kunnen het door ons geschetste doel van een duurzaam agrarisch natuurlandschap in de polder alleen maar bereiken door met onze agrariërs (en alle andere partijen in het gebied) samen te werken. Hoe we dat bereiken en welke concrete maatregelen daarbij horen zijn onderdeel van de uitwerking van de omgevingsvisie. De suggesties die u doet zouden daar een plek in kunnen krijgen. Zelf geeft de sector (zie zienswijze LTO Noord onder punt d en f) ook aan dat zij de weg van extensivering inslaan.

Het Uitnodigingskader voor zon (en wind) is inmiddels vastgesteld. In het Uitnodigingskader is geen ruimte geboden voor zonnevelden op landbouwgronden.

Deze punten leiden niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Kort samengevat: dit zijn er 9 biofysische systemen die we nodig hebben voor een beschaving. Groen = goed Geel = onzeker Rood = onhoudbaar, ondermijnend Biosphere integrity = biodiversiteitsverlies Biogeochemical flows N/P = overbemesting Land system change = landbouw in plaats van bos Grafiek van:

67

https://stockholmresilience.org/research/planetaryboundaries.h tml

Reclamant 83

De Eem Reclamant stoort zich aan rommel die de drukte langs de Eem (bij het nieuwe fietspad) met zich meebrengt. Het gebrek aan (capaciteit) bij handhaving is in zijn ogen een van de bijkomende problemen/oorzaken. Windmolens en zonnevelden Verder de uitdrukking in het stuk van een 'bruikbare omgeving’ geeft de gemeente een 'juridische vrijbrief’ om toch windmolens en zonnevelden te plaatsen. Reclamant hoopt dat dit niet de bedoeling is.

De polder is op dit moment nog niet toegerust op de grote en groeiende recreatiedruk uit de omgeving. De omgevingsvisie bevat een voorstel voor een agrarisch natuurlandschap voor de hele Eempolder tot de A1, waarin ook meer ruimte komt voor recreatie (uitloopgebied). Hiermee kan de recreatiedruk in de toekomst beter worden opgevangen. Het Uitnodigingskader voor zon (en wind) is inmiddels vastgesteld. In het Uitnodigingskader is geen ruimte geboden voor zonnevelden op landbouwgronden. Deze zienswijze leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

68

Reclamant 65

Reclamant 65

Geen toestemming voor bewoning Reclamant is blij dat zij in Soest (de Eempolder) geboren en woonachtig is. Zij is wel ernstig teleurgesteld over het handelen en de communicatie vanuit de gemeente met betrekking tot een gebouw dat volgens reclamant bewoonbaar was (gemaakt), maar op last van dwangsom vanuit de gemeente onbewoonbaar gemaakt moest worden. Reclamant leest nu in de visie dat het de bedoeling is om in 2040 meer woningen te hebben. Waarom dan geen toestemming voor deze (be)woning?

Belangafwegingen van individuele plannen of projecten vormen geen onderdeel van de omgevingsvisie. We gaan hier daarom ook niet inhoudelijk in op uw situatie. Ondanks de door u geschetste stroeve verhoudingen en communicatie in het verleden hopen wij in de toekomst op goede en open wijze met elkaar te kunnen (blijven) communiceren.

(snel)fietsroutes en verkeersveiligheid In de paragraaf ‘Soest in beweging' wordt er gesproken over (snel)fietsroutes. Reclamant verwijst naar een gesprek met een wethouder (Kundic) over de gevaarlijke verkeerssituatie aan de Peter van den Breemerweg en de A.P. Hilhorstweg. Er moet volgens reclamant snel worden ingegrepen voor er nog meer (dodelijke) ongevallen plaatsvinden. Een (snel)fietsroute, verder alleen toegankelijk voor agrarisch en bestemming verkeer zou hier een goede oplossing voor zijn. Hoe minder gemotoriseerd verkeer, hoe beter! De paragrafen in de visie over Waardevol groen en Ruimte voor recreatie & toerisme sluiten hier volgens reclamant ook op aan, want het is geen goed idee om meer recreanten naar onze polder te trekken terwijl deze wegen levensgevaarlijk zijn.

Verkeersveiligheid is voor ons een belangrijk onderwerp. We willen naar nul verkeersslachtoffers in 2040. Daarnaast staat in de visie dat we in 2040 naar verhouding meer met de fiets en het openbaar vervoer reizen en minder met de auto dan nu. Dat vraagt om een ander mobiliteitsgedrag van iedereen in heel Soest. Niet alleen door het autogebruik van doorgaand verkeer te beperken, maar ook van bewoners. Hoe we dat bereiken en welke concrete maatregelen daarbij horen werken we nog uit in een Mobiliteitsvisie, maar afsluitingen van wegen liggen daarbij niet direct voor de hand. Eerdere wegafsluitingen in Soest losten problemen niet op, maar verschoven die alleen maar naar andere wegen.

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie Reclamant 65

Zwemveiligheid Eem Reclamant vraagt zich ook af of er iets gedaan kan worden aan de zwemveiligheid van het water aan de Eem? Zeker als we meer recreanten naar onze polder willen trekken.

De provincie is bevoegd gezag voor het zwemwater. De Eem is niet aangewezen als zwemwater juist ook vanwege de onveilige situatie voor zwemmers, waterkwaliteit en dergelijke. Provincie Utrecht heeft nog wel aangegeven dat zij eind dit jaar start met een nieuwe beheer- en inrichtingsvisie op de Eem. Voor u is dit wellicht ook een traject om in mee te praten. Wij nemen de ambities en doelen (waaronder de toenemende recreatiedruk) die wij in onze omgevingsvisie hebben geformuleerd mee als uitgangspunten in dat proces. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

69

Reclamant 65

Schaalverkleining? Op de kaart staat ‘schaalverkleining’ bij de Peter van den Breemerweg, het is reclamant niet helemaal duidelijk wat de gemeente daar precies mee bedoeld.

Wij verwijzen op dit punt naar onze beantwoording bij punt a van de zienswijze van LTO Noord in deze paragraaf van de Nota.

Reclamant 98

De Eempolder Reclamant schrikt van de zin in §5.7 dat er ‘afwegingsruimte moeten blijven voor woningbouw’. Die moet er niet zijn. Er is al genoeg van de polder afgesnoept. Zeker met de klimaatverandering, CO2 uitstoot, fijnstof problematiek is groen in zijn algemeen belangrijker dan ooit. Zorg voor bescherming en versterking van dit gebied. Geen stukken inzetten voor woningbouw en energietransitie, maar natuur versterken met behulp van de boeren. Laat mensen genieten van de polder, laat boeren (biologisch) boeren in de polder. Lokaal produceren en consumeren. Fietsen en wandelen, maar bescherm kwetsbare stukken, zoals weidevogelgebied en gebieden met bijzondere biodiversiteit.

Het citaat dat reclamant aanhaalt is niet volledig. Er staat ‘afwegingsruimte moeten blijven voor woningbouw in de randen’. Doel is niet de polder vol te bouwen. Voor de zoektocht naar nieuwe woningbouwlocaties voor de toekomst, starten wij een omgevingsprogramma dat moet leiden tot een brede maatschappelijke afweging om tot locatiekeuzes te komen. Hierbij willen we de randen rondom onze kern niet op voorhand uitsluiten. Ons doel is bovendien om de polder verder door te ontwikkelen richting een agrarisch natuurlandschap. Daarbij is meer variatie in grondgebruik mogelijk dan nu (vrijwel uitsluitend weilanden) het geval is, zonder afbreuk te doen aan de groene uitstraling van de polder. Dit doel streven wij na door samenwerking te zoeken met alle gebiedspartijen. Dit punt leidt niet tot wijzigingen op de omgevingsvisie

Reclamant 45 en 55

Recreatie en Eempolder Bij blz. 62: ‘de recreatiedruk zal blijven toenemen’ Waar blijkt dit uit? Daarbij, wat is de reden dat we dit voor de toekomst willen? Hiermee komt alleen maar meer druk op de natuur, de flora en fauna. Zoals de gemeente in de visie zelf ook al aangeeft (p64) wordt het aantal weidevogels in het Soesterdeel van de polder steeds minder. Waarom de druk nog verder vergroten? Waarom zetten we niet in om de waarde hiervan te versterken en méér weidevogels terug te krijgen in de polder?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=77ae55ee-0670-475e-877a-bf544b0d7f5a