2. Bijlage 1 Energieprogramma 'Energie van Soest 2024-2030 def
Tekst van het document
juridisch advies.
ruimte, ons vervoer en onze lunch. We hebben de plicht
Naast informeren en activeren zien we nog een andere taak. Inwoners en ondernemers gaan de opgave
de gemeente worden niet of nauwelijks omarmd door
Als gemeente stellen we ambitieuze doelen. Die zijn er
daarin zoveel mogelijk CO2 te reduceren. Wij moeten
inwoners wanneer ze het gevoel hebben dat ze buiten-
Maar ook kennis over geleerde lessen uit andere
hierbij bewust keuzes maken, des te meer omdat we
spel staan, of alleen in de laatste fase worden betrokken.
projecten kan van onschatbare waarde zijn. Hierin kan
werken met maatschappelijk geld. Het gaat om het
Een methode om inwoners actief te betrekken en
de gemeente een nuttige partner zijn. Als partijen met
vinden van een balans die aansluit bij wat we moeten,
zeggenschap te geven, is de methode van een ontwer-
vragen rondlopen, helpen we de transitie op weg als we
welke ambitie we hebben en wat we kunnen.
pende aanpak. Deze heeft inmiddels op een heel aantal
bestaande kennis en ervaringen met hen kunnen delen.
plekken in het land geleid tot succesvolle initiatieven in
Hier heeft de gemeente een belangrijke rol als verbinder
Ten tweede moeten we de impact die we als gemeente
de warmtetransitie. Dit gaat om de vierde trede van de
en kennisdrager.
kunnen maken, maximaal benutten. Dat betekent dat
particpatieladder: ‘co-produceren’ (zie ook 4.5). In zo’n
we middels beleid en Maatschappelijk Verantwoording
aanpak brengen inwoners samen met designers
Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI) zoveel mogelijk
vraagstukken in de buurt in kaart. Stapsgewijs werken ze
bijdragen aan het verminderen van CO2-uitstoot. Het
samen naar een gedragen aanpak voor deze vraagstuk-
gaat dus dan niet om wat wij zelf veroorzaken, maar om
ken. Ook hiermee willen we experimenteren in Soest.
hoe onze keuzes leiden tot andere keuzes van
Energie van Soest
Hoofdstuk 3 - Onze doelen, rol en strategie
33
KOERS HOOFDSTUK 3.2
leveranciers, inwoners en ondernemers, met als
nodig zijn in transities. Het gaat dan om competenties
Op het moment van schrijven wordt gewerkt aan het
resultaat minder CO2-uitstoot. Met ons beleid hebben
als een open onderzoekende houding, luisteren,
opstellen van een Actieplan Circulaire Economie voor
we een krachtig middel in handen om de vraag naar
reflecteren en kritisch nadenken. Dit zijn competenties
Soest, waarin wij een passende aanpak voor onze
energie te verminderen in wonen, werken en mobiliteit.
die bijvoorbeeld iets zeggen over het lerend vermogen
gemeente opstellen.
van een persoon of team. Dit sluit naadloos aan bij onze Netcongestie vraagt hierbij specifiek onze aandacht.
kernwaarden ‘samen’, ‘vertrouwen’ en ‘leren’. Ook zijn
Willen we in de toekomst overal genoeg energie
deze competenties nodig om, in het onbekende of
beschikbaar hebben, dan zijn duidelijke keuzes nu een
chaos van de transitie, toch vooruitgang te blijven
absolute vereiste.
boeken.
Het benutten van onze impact vraagt een bewustzijn
Tot slot zien we in de presterende rol van de gemeente
van alle medewerkers en dat brengt ons bij de derde en
ook een nieuwe opdracht voor onszelf: het werken aan
laatste manier waarop we onze voorbeeldrol uitwerken:
een circulaire economie. Willen we onze CO2-doelen
bijna alle onderdelen van onze organisatie hebben
halen, dan lukt dat alleen als we circulair worden. Die
invloed op onze CO2-uitstoot. Denk aan ons bedrijfsres-
ambitie is al in het gemeentelijk grondstoffenbeleid
taurant, beheer van openbare ruimte of bewust datage-
vastgelegd. In lijn met landelijke doelstellingen, moet
bruik. Dat bewustzijn is nog maar zeer beperkt aanwezig.
onze economie in 2050 circulair zijn. De huidige materialencrisis moet dan zijn opgelost.
Met een specifieke aanpak moeten we intern werken aan het besef dat de CO2-opgave van iedereen is. En net
Dit is een enorme opgave die ook steeds meer prioriteit
als voor inwoners en ondernemers moeten we ervoor
en urgentie krijgt. Met het oog op onze eigen organisatie
zorgen dat de organisatie ook handelingsperspectief
nemen we deze twee opgaven samen. In de eerste
heeft en we leren van elkaars ervaringen.
plaats omdat dit efficiënter is, maar ook omdat als inwoners en ondernemers duurzame maatregelen
Het energieprogramma is een voorbeeldopgave. Dat
nemen, ze vaak weinig onderscheid maken tussen
betekent dat we zowel individueel als in teams bijdragen
energie en circulair. In veel gevallen is dat ook wenselijk,
aan ontwikkeling van professionele competenties die
bijvoorbeeld bij isolatie met natuurlijke materialen.
Energie van Soest
Hoofdstuk 3 - Onze doelen, rol en strategie
34
KOERS HOOFDSTUK 3.2
4. Als gemeente zorgen we dat iedereen kan meedoen aan de energietransitie (rechtmatig)
wonen en als eerste de dupe zijn bij prijsschommelin-
In de eerste plaats gaat dit om onze formele taken. Een
zorgen dat energietransitie sociaal en inclusief verloopt.
belangrijk onderdeel is vergunningverlening, toezicht en
Een sociale en inclusieve energietransitie gaat ook over
handhaving (VTH). Dit krijgt de komende jaren meer
de toegang tot energie. Iedereen moet kunnen beschik-
aandacht. Enerzijds moeten we zorgen voor beleid voor
ken over duurzame en betaalbare energie. Het is onze
nieuwe ontwikkelingen, bijvoorbeeld regels voor
opdracht om hiervoor te zorgen. Het betekent bijvoor-
energieopslag. Anderzijds moeten we ook zorgen voor
beeld dat we moeten zorgen dat individuele oplossingen
voldoende mensen en middelen om VTH te kunnen
de collectieve oplossingen niet in de weg zitten. Een
uitvoeren, ook van nieuwe wet- en regelgeving die op
collectieve oplossing is een warmteoplossing waarbij
ons af komt.
meerdere gebouwen aangesloten worden op een bron
gen. Dit kan soms grote gevolgen hebben. Als gemeente hebben wij de verantwoordelijkheid om ervoor te
via een duurzaam gasnet of een warmtenet. Dat geldt in het bijzonder voor handhaving: handhaving is nodig om ook de achterblijvers in beweging te krijgen. Hun gebrek aan actie kan niet onbestraft blijven, terwijl anderen hard werken om te voldoen aan wet- en regelgeving. We hebben veel oog voor de voorlopers in de energietransitie. Dit zijn de mensen die willen, kunnen en doen. Tegelijkertijd hebben we als gemeente de belangrijke taak om ook te zorgen voor de mensen voor wie dat niet geldt. Mensen waarbij allerlei problemen spelen op bijvoorbeeld financieel, fysiek of mentaal vlak, hebben vaak weinig ruimte om iets met energie te doen. Dat terwijl zij vaak in de slechtst geïsoleerde woningen
Energie van Soest
Hoofdstuk 3 - Onze doelen, rol en strategie
35
KOERS HOOFDSTUK 3. 3
Strategische uitgangspunten Onze strategie voor het behalen van onze doelen is te zorgen voor beleid dat de energietransitie stimuleert en waar mogelijk versnelt.
vraag en aanbod in tijd en ruimte zoveel mogelijk bij elkaar brengen.
• Communicatie en participatie als basis: we
willen de ingezette beweging van inwoners en ondernemers versterken, verbreden en versnellen.
• Regie waar dat nodig is: als overheid hebben we
Daarom staat naast toegankelijke informatie
formele taken die we moeten uitvoeren. Het is
het continue gesprek met inwoners over haar
belangrijk dit goed in beeld te hebben en daar
behoeften, belemmeringen en ideeën centraal.
duidelijk over te zijn. • We doen zelf wat we van anderen verwachten:
Dit doen we op basis van onze rol: we bewaken het algemeen belang van een betaalbaar, rechtvaardig,
• We doen het samen: de energietransitie is van
we moeten en willen het goede voorbeeld geven
inclusief en toegankelijk energiesysteem. Daarvoor
ons allemaal. Dat vraagt om samenwerking,
én integraal en opgavegericht werken. We werken
bepalen we onze kaders voor inzet van mensen en
binnen en buiten onze organisatie. Samen
structureel aan de ontwikkeling van onze eigen
middelen.
met onze maatschappelijke partners, zoals de
organisatie zodat energiebewust, circulair en
bewonersinitiatieven, bedrijvenverenigingen en
integraal werken natuurlijk onderdeel wordt van
de woningcorporaties maken we de
ons dagelijks leven.
Onze strategische uitgangspunten zijn:
energietransitie waar. • Inwoners en ondernemers centraal: zij staan aan
de basis van de realisatie van de energietransitie.
• We leren omgaan met onzekerheid: we weten nog • Integrale ruimtelijke afweging: de ruimte in
We werken samen vanuit een passende rol en het
Nederland is schaars en er zijn heel veel transities
algemeen belang en zorgen dat iedereen mee kan
die vorm moeten krijgen. We werken eraan om
doen.
het sturende karakter van het energiesysteem en
niet hoe alles moet. We leren van experimenten. In onze gemeente en daarbuiten.
netcongestie te minimaliseren zodat er ruimte is • Energie in balans: op weg naar het energiesysteem
om alle belangen zoveel mogelijk een plek te geven.
van de toekomst streven we zoveel mogelijk naar een lokale energiebalans. Dat betekent dat we
Energie van Soest
Hoofdstuk 3 - Onze doelen, rol en strategie
36
HOOFDSTUK 4
Onze aanpak per programmalijn
KOERS HOOFDSTUK 4.1
De warmtetransitie De warmtetransitie is binnen de energietransitie een enorme opgave. Verwarming van ruimtes omvat 40% van de energievraag in Nederland. Met het besluit om te stoppen met aardgas, moeten we als alternatief duurzame warmtebronnen vinden en zorgen voor een bijpassende infrastructuur. Dit betekent dat voor 2050 achter elke voordeur aanpassingen gedaan moeten worden.
met onze lokale partners. Dat zijn actieve inwoners die zich inzetten via de Soester Energiecoöperatie (SOEN) of Energie Actief Soest (EAS). Zonder hun betrokkenheid zou de warmtetransitie in Soest er heel anders uitzien. Dat geldt natuurlijk ook voor onze professionele partners zoals Stedin, de Alliantie en Portaal.
Kader voor warmtetransitie
gestie en dat we koppelkansen benutten. We prioriteren onze inzet voor de gebieden Overhees,
Het kader voor de warmtetransitie legt vast dat we
de Eng-Soest Midden en Smitsveen.
haalbare en betaalbare oplossingen willen waar we in fases aan werken. We gaan waar mogelijk voor
Daarnaast zorgen we ervoor dat alle inwoners
collectieve oplossingen en zorgen vanuit onze
handelingsperspectief hebben en voeren we de
regierol voor slimme koppelkansen.
Lokale Isolatie Aanpak uit. Dat bestaat uit drie sporen:
Daarmee raakt deze transitie iedere inwoner en
Samen met onze partners hebben we zes criteria en
ondernemer. Maar ook VvE’s, particuliere verhuurders
een weging opgesteld om tot een prioritering van
en woningcorporaties zijn ermee bezig. En als gemeen-
wijken te komen. Samen met onze gemeentelijke
te moeten we ons maatschappelijke vastgoed aardgas-
duiding bepaalt die met welke wijken we starten.
•
vorm. •
vrij maken.
In spoor 2 richten we ons op initiatieven van inwoners.
Die duiding bestaat uit het zorgen voor een sociale Als gemeente pakken we hierin de regie en letten we op
In spoor 1 geven we de sociale energietransitie
•
Spoor 3 richt op andere doelgroepen.
energietransitie, dat we slim omgaan met netcon-
het maatschappelijk belang. We werken nauw samen
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
38
KOERS HOOFDSTUK 4.1
Strategische uitgangspunten voor de warmtetransitie
De investeringen bestaan uit de drie onderdelen:
Aanvullend op eerdere hoofdstukken, maken we een
1.
maken om van het aardgas af te gaan
aantal uitgangspunten expliciet die van belang zijn in het vormgeven van onze aanpak.
Haalbaar en betaalbaar Iedereen moet mee kunnen doen in de transitie naar
De investering om een woning (transitie)gereed te
2.
Investeringen om de energie-infrastructuur aan te passen
3.
Investeringen voor de inpassing van nieuwe en duurzame bronnen.
aardgasvrij. De warmtetransitie is een ingrijpend proces waarbij op verschillende niveaus geïnvesteerd moet
Niet al deze kosten liggen direct bij de eindgebruiker van
worden. Hoe die kosten verdeeld worden en hoe we
de warmte. Kosten komen voor rekening van zowel
ervoor zorgen dat de transitie naar aardgasvrij voor
eindgebruikers als gebouweigenaren, maar komen ook
iedereen betaalbaar is, zijn vraagstukken die voor een
bij netbeheerders, energiepartijen en overheden terecht.
groot deel op landelijk niveau moeten worden opgelost. Zo is de verwachting dat opschaling, innovatie en een
Het totaal van deze kosten noemen we de maatschap-
grotere mate van efficiëntie tot een afname van kosten
pelijke kosten en dat is dus een ander getal dan de
zullen leiden.
eindgebruikerskosten. Echter, eindgebruikers betalen wel mee. Deze bijdrage aansluitkosten (BAK) zal variëren in
Daarnaast onderzoekt het Rijk hoe beprijzing ingezet
bedrag, afhankelijk van de gemaakte keuzes in een
kan worden door de energiebelasting aan te passen, hoe
bepaald gebied.
aantrekkelijke financieringsvormen investeringen mogelijk kunnen maken, en hoe je subsidies kan
Ook hier geldt dat het voor iedereen haalbaar en betaal-
inzetten om een blijvende onrendabele top te dekken.
baar moet zijn. Voor de toekomst werpt dit de vraag op wat we kunnen en willen financieren voor onze inwoners, wanneer rijks- en andere regelingen ontoereikend zijn.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
39
KOERS HOOFDSTUK 4.1
Verlagen van warmtevraag en verwarmingstemperatuur
Verduurzaming van de bron
Warmteoplossing
2020 Huidige situatie
Transitiegereed
Aardgasvrij
CO2 neutraal
Figuur 14: Een gefaseerde aanpak in de gebouwde omgeving
Gefaseerde aanpak
(3) Overstappen op duurzame energiebronnen. Bij de
optreedt, waarbij het bij de laatste, moeilijke gevallen
Op weg naar een duurzame verwarming zien we
keuze voor een nieuwe energie-infrastructuur is het
weer zal vertragen.
grofweg drie fasen met elk een eigen focus:
belangrijk dat er voldoende en bewezen alternatieven warmtebronnen zijn of komen, zodat we zo snel
(1) Verlagen van de warmtevraag en verwarmings-
mogelijk aardgasvrij kunnen worden.
temperatuur in gebouwen. Om over te kunnen gaan
Collectieve oplossingen hebben bij gelijke voordelen de voorkeur Als vuistregel streven we naar collectieve oplossingen.
op alternatieven voor aardgas met lagere tempera-
Deze fasen kunnen ook tegelijkertijd naast elkaar lopen.
Dit leidt namelijk tot meer grip op de belasting van het
turen, is isolatie en het juiste verwarmingssysteem
Wel is werken aan isolatie in alle gevallen het beginpunt.
elektriciteitsnet en de impact op het milieu, tot
een belangrijke randvoorwaarde.
Hoe eerder er duidelijkheid is over de eindoplossing, hoe
efficiënt ruimtegebruik en in de meeste gevallen tot de
kleiner de kans dat eindgebruikers onnodige kosten
laagste maatschappelijke kosten.
(2) Ontwikkelen van een geschikte energie-
maken.
infrastructuur. Meerdere netten naast elkaar maken
Tegelijkertijd kunnen de laagste maatschappelijke
de (maatschappelijke) kosten onnodig hoog. We
De uitvoering van deze aanpak verloopt niet lineair.
kosten wel leiden tot hogere kosten voor de eindge-
gaan voor een ‘gebiedsgerichte aanpak’, waarbij een
Dat wil zeggen dat het geen gelijkmatige lijn vooruit is.
bruiker. In de keuze voor een oplossing brengen we het
heel gebied gebruik maakt van dezelfde energie-
Het zal zo zijn dat het in de opstart nog niet zo snel gaat,
totale kostenplaatje in beeld, om zo tot een goede
infrastructuur.
maar dat op een gegeven moment een versnelling
afweging te komen.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
40
KOERS HOOFDSTUK 4.1
Aanhaken op onderhoudsplannen van woningcorporaties, ruimtelijke projecten en regulier onderhoud De warmtetransitie is duur, zeker als er ondergrondse infrastructuur nodig is. Door koppelkansen te benutten, kunnen we de kosten verminderen en overlast voor omwonenden voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van leidingen voor een warmtenet tijdens wegwerkzaamheden.
Sturende regisseur De Stuurder kiest voor een beperkte groep stakeholders die meebeslist, om voortgang en tempo te bewaken De Stuurder probeert inwoners en stakeholders zo veel mogelijk duidelijkheid te geven over de wijkaanpak De Stuurder geeft inwoners en stakeholders een doorkijk naar hoe de warmtetransitie er na 2030 uitziet
Procesregisseur De Procesregisseur organiseert veel overleg tussen inwoners, stakeholders en de gemeente De Procesregisseur bereidt een zorgvuldige afweging per wijk voor, waarin draagviak in de wijk voorop staat De Procesregisseur sluit in de transitievisie aan op bestaande initiatieven in wijken De Procesregisseur richt het proces zo in dat gemeente, stakeholders en inwoners tempo kunnen
Regierol gemeente In het Klimaatakkoord is vastgelegd dat we als gemeente een regierol hebben. We moeten telkens opnieuw kijken wat nodig is en wat we willen. Afhankelijk hiervan
Welke energierollen kan een gemeente kiezen en welke kenmerken hebben deze?
bepalen we wat we doen. We maken gebruik van de lessen die andere gemeenten leerden voor een nadere duiding van onze rol in de warmtetransitie. Dit laat zien dat we de afgelopen jaren vooral een afwachtende regisseur zijn geweest. Ondertussen nemen we steeds meer de rol van procesregisseur die zeker ook de integraliteit opzoekt met andere programma’s in andere domeinen. Dat wordt ook duidelijk in de manier waarop
Afwachtende regisseur De Afwachter stelt zichzelf uitsluitend doelen die volgens het Klimaatakkoord verplicht zijn De Afwachter zet pas in op aardgasvrij als hiervoor draagvlak is bij inwoners, stakeholders en college
we samenwerken. We zijn op weg naar de rol van
Integrale regisseur De Integralist spreekt met partners om ruimtelijke en sociaal-economische opgaven te combineren De Integralist organiseert dat afdelingen van de gemeente samen integraal beleid opstellen
sturende regisseur met behulp van dit programma en de verdere uitwerking in het Omgevingsprogramma Warmte.
Energie van Soest
Figuur 15: Regierol gemeente in warmtetransitie nader geduid
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
41
KOERS HOOFDSTUK 4.1
De situatie in Soest
Als basis hiervoor benutten we onderstaande kaarten:
In bijlage 3 beschrijven we hoe we nu verwachten dat de
•
warmtevraag er in 2050 uitziet en over welke warmtebronnen we tegen die tijd beschikken. Op grond van modelberekeningen zien we dat all-
• •
electric oplossingen (warmteoplossingen die alleen gebruik maken van elektriciteit) in Soest leiden tot de
•
•
In de lichtblauwe gebieden ligt tussentijds een
In het paarse vlak links is te zien dat we collectieve
hybride systeem (warmtepomp in combinatie met
kansen zien waar de mate van bebouwing hoger is.
een CV-ketel) voor de hand. Met name als de
De groene gebieden zijn bedrijventerrein of defensie-
isolatieschil van het pand nog niet goed genoeg of
terrein waar kansen zijn voor collectieve warmte.
onvolledig is, levert dit veel winst op. Het is dan een
In de blauwe gebieden verwachten we elektrische
tussenstap op weg naar 2050. Dan moeten ook
warmtepompen als warmteoplossing.
deze woningen volledig elektrisch verwarmen.
In de donkerblauwe gebieden kunnen inwoners met
•
De kaart hieronder geeft aan waar op dit moment al
laagste maatschappelijke kosten. Dit komt door de
een huis na 1990 naar verwachting direct overstap-
initiatieven zijn. In Overhees en Soestduinen zien
relatief lage bebouwingsdichtheid en gebrek aan grote
pen van aardgas naar een volledig elektrische
inwoners kansen voor het gebruik van warmte uit
warmtebronnen. Elektriciteit is dan de beste optie,
warmtepomp. Dit komt omdat er in deze huizen
water, oftewel zogenaamde aquathermie voor een
omdat je dit makkelijker transporteert dan warmte. Maar
voldoende isolatie is.
collectief warmtesysteem.
initiatieven van inwoners, voortschrijdend inzicht, geopolitieke ontwikkelingen, innovaties en netcongestie kunnen allemaal zorgen voor een andere afweging,
Aardgasvrije oplossing
Legenda
Initiatieven
zoals een collectieve oplossing. We doen dus op basis van de kennis van nu uitspraken over hoe we verwachten dat de warmtevoorziening er in 2050 uitziet. Dit doen we nadrukkelijk met het besef dat
Soestdijk - ‘t Hart Individueel hybride
dit niet vaststaat. Daarom zoeken we samen met onze
Bedrijventerrein (collectieve mogelijkheden)
lokale partners en op basis van kennis, innovaties en
Collectieve kansen
ervaringen, ook van elders, naar de beste oplossingen. We communiceren actief over de oplossing die we per gebouw voorzien en geven aan waar er meer of minder
Soestdijk - ‘t Hart De Eng - Midden
De Eng - Midden Klaarwater
Smitsveen
Soesterveen
Individueel all electric Buurtinitiatieven
zekerheid is. Maximale duidelijkheid voor inwoners staat daarbij voorop. Figuur 16: Aardgasvrije oplossingen - Via www.soest.nl/duurzamer kunt u via de adreszoeker inzoomen op straatniveau.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
42
KOERS HOOFDSTUK 4.1
Onze aanpak
Hierna volgt een gemeentelijk duiding waarmee we de
In Smitsveen is in 2022 al een mooi begin gemaakt met
Samen met onze lokale partners SOEN, EAS,
definitieve keuze maken. Met deze duiding bewaken we
de aanpak van energiearmoede. We willen doorbouwen
bewonersvereniging Soestduinen, Portaal, de Alliantie,
het publieke belang en kijken we naar de inzet van onze
op die basis. Bij Soestduinen ligt het initiatief helemaal
Stedin en Vitens hebben we een prioritering van
mensen en middelen. De gemeentelijke duiding
bij de inwoners. Het is een klein initiatief en al behoorlijk
gebieden gemaakt met behulp van zes criteria die we
betekent dat we nadenken over de gevolgen voor onze
ontwikkeld. Hierdoor kunnen we hen blijven ondersteu-
verschillend gewogen hebben. Een uitgebreide
inwoners. Draagt het bij aan het doel om iedereen mee
nen. Voor ‘t Hart-Soestdijk gaan we een haalbaarheids-
toelichting hierop staat in bijlage 4.
te laten doen? Zetten we ons in voor kansarme of
onderzoek doen naar de RWZI. En voor Soesterberg
kansrijke inwoners? Verloopt de energietransitie sociaal?
brengen we de koppelkansen verder in kaart.
Ook kijken we met Stedin naar de impact op het Draagkracht
2x
Rechtvaardigheid
3x
Lopende initiatieven
1x
Woningcorporatie bezit
1x
Koppelkansen
2x
Beschikbare warmtebron
2x
energiesysteem en netcongestie. Is het slimmer om het
Ook voor de andere wijken gaan we aan de slag door de
ene gebied voor het andere gebied te laten gaan?
haalbaarheid van de warmtebronnen in Soest te
En benutten we koppelkansen met aanpakken en
onderzoeken. Daarnaast zorgen we voor handelingsper-
plannen vanuit sociaal domein, gemeentelijke
spectief voor iedere inwoner op basis van de beschik-
projectontwikkeling en onderhoudswerkzaamheden?
bare kennis. De focus inzet van onze mensen en middelen ligt op de prioriteerde wijken, maar we werken
Op basis van deze aanpak komen vijf gebieden naar
aan inzichten voor heel Soest.
voren: Overhees, De Eng – Soest Midden, ’t Hart-Soestdijk, Soesterberg en een gedeelde plek voor Soestduinen en Smitsveen. We prioriteren er drie om mee te beginnen en kunnen dit na verloop van tijd uitbreiden. Op basis van gemeentelijke duiding kiezen we dan voor Overhees, De Eng-Soest Midden en Smitsveen.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
43
KOERS HOOFDSTUK 4.1
Omgevingsprogramma Warmte en uitvoeringsplannen
Het Omgevingsprogramma Warmte beschrijft dus de
Wat we nu al doen
route naar een aardgasvrije gemeente. Dat werken we
We zitten natuurlijk niet stil. Naast de aanpak in de
Dit programma geeft een kader voor de warmtetransitie.
verder uit per gebied in een uitvoeringsplan. Voorheen
gebieden werken we ook in projecten zoals nieuwbouw
Een belangrijke volgende stap is de uitwerking naar het
heette dit een wijkuitvoeringsplan. Hierin staat alle
van het Griftland en de Dalweg om tot duurzame
Omgevingsprogramma Warmte. Hiermee maken we
informatie die nodig is om tot een aardgasvrij gebied te
warmteoplossingen te komen en zo mogelijk te zorgen
ook de verbinding met de Omgevingsvisie en de andere
komen en wordt het gebied in logische kleinere gebieden
voor collectieve oplossingen.
omgevingsprogramma’s. Dankzij nieuwe landelijke
verder uitgewerkt. We doen dit samen met het gebied en
wetgeving moeten we uiterlijk 2026 een warmtepro-
haar inwoners en kan wel twee jaar duren.
Ook zorgen we ervoor dat iedere inwoner handelings-
gramma opstellen, dat we elke vijf jaar moeten actuali-
Het geeft inzicht in:
perspectief heeft. We geven met de kennis van nu zoveel mogelijk duidelijkheid per woning. Daarover
seren. Het programma helpt de netbeheerder ook bij het maken van keuzes voor investeringen.
• De planning hoe we stapsgewijs aardgasvrij worden
lichten we meer toe in hoofdstuk 4.5: Communicatie en
• In welk jaar we het gas afsluiten
participatie.
Waar dit programma precies aan moet voldoen, weten
• Welke warmtebronnen we inzetten
we nog niet. Wetgeving (Wgiw) hierover is nog in de
• Welke concrete fysieke maatregelen in de openbare
maak. We weten wel dat het programma moet voldoen
ruimte en gebouwen nodig zijn
We gaan als gemeente haalbaarheidsonderzoeken doen voor de inzet van warmtebronnen. Zo versnellen we
aan de Omgevingswet en de nieuwe Wgiw. Mogelijk
• Wat dat kost
waar mogelijk. En ondertussen werken we natuurlijk aan
moeten we ook een Plan-MER opstellen.
• Hoe dat betaald kan worden
isolatie, want dat is altijd een goede maatregel en in de
• Op welke wijze we keuze voor een oplossing maken
meeste situaties ook nodig. Ook ontwikkelen we als
• Hoe we de participatie aanpakken
gemeente een definitie voor betaalbaarheid. Dat wil
Zo wordt onder meer geregeld dat gemeenten gebieden mogen aanwijzen die overgaan op een duurzame
zeggen dat we uitwerken wat de transitie naar aardgas-
warmtevoorziening en waar het aardgastransport na
vrij maximaal mag kosten voor onze inwoners.
minimaal acht jaar eindigt. Dit wordt juridisch verankerd in een omgevingsplan. We verwachten in het Omgevingsprogramma Warmte de resultaten van haalbaarheidsonderzoeken te borgen en iets te kunnen zeggen over de ruimtelijke impact en de warmteoplossingen.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
44
KOERS HOOFDSTUK 4.1
Energiebesparing en isolatie
Spoor 3
Isolatie zorgt ervoor dat de vraag naar warmte in een gebouw minder wordt, waardoor we minder gas nodig hebben. Zo wordt verwarming met laagtemperatuur ook
Alle woningen in de gemeente Soest (21.400)
mogelijk. Bovendien zorgt goede isolatie voor minder temperatuurschommelingen en dus een aangenamer leefklimaat. Maar in de meeste gevallen is isolatie simpelweg noodzakelijk om te kunnen overstappen op een duurzame warmtebron.
Spoor 1
Spoor 2
590 woningen Labels D-G WOZ <469k €
Woningen onderdeel van een initiatief
We werken volgens drie sporen die zijn vastgelegd in onze Lokale Isolatie Aanpak. Deze is nu gericht op huiseigenaren in aansluiting op de inzet van het Rijk. Voor huurwoningen maken we met de woningcorporaties prestatieafspraken en zijn er landelijke afspraken. Particuliere verhuur is onderdeel van spoor 3. Voor
Figuur 17: Drie sporen in onze Lokale Isolatie aanpak
huurwoningen zullen, naar verwachting, de komende
De gemeente Soest kent circa 2000 woningen zonder geldig energielabel. Een deel van deze woningen komen mogelijk ook in aanmerking voor ondersteu-
jaren ook rijksregelingen opgestart worden.
ning via Spoor 7. Zie hiervoor: Isolatieaanpak gemeente Soes
groep en gaan er bijvoorbeeld ook vrijwilligers langs de Via spoor 1 ondersteunen we de isolatie van de minst
Door zoveel mogelijk te ontzorgen, maken we het zo
deuren. Energie is dan een binnenkomer. Wij denken dat
geïsoleerde huizen met een lage WOZ-waarde. Dit zijn
gemakkelijk mogelijk in situaties waar vaak ook andere
we zo de sociale energietransitie kunnen vormgeven.
zo’n 590 huishoudens, plus een deel van de woningen
zorgen bestaan. Daarom werken we voortdurend aan
zonder geldig label. Hierbij helpen we de meest kwets-
een sterke, lokale structuur met de lokale sociale en
De aanpak bestaat uit bewustwording en gedrag, kleine
baren extra. De extra hulp realiseren we in combinatie
maatschappelijke organisaties. We ondersteunen ze en
energiebesparende maatregelen en grote maatregelen
met de aanpak voor sociale minima. De aanpak richt
verbinden ze aan elkaar. Zo maken we het bereik van de
zoals isolatie van bouwdelen. Om de belangen van deze
zich op mensen die het meeste profiteren van isolatie.
aanpak zo groot mogelijk. Deze groep bereiken we
groep leidend te laten zijn en onze doelen te realiseren,
Isolatie zorgt voor comfort, lagere kosten en ze zijn een
namelijk niet met alleen een brief. Daarom maken we
hebben we een coördinator sociale energietransitie voor
stap dichter aardgasvrij.
gebruik van bestaande ‘warme contacten’ met deze
deze complexe aanpak.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
45
KOERS HOOFDSTUK 4.1
Via spoor 2 ondersteunen we bewonersinitiatieven in
Hetzelfde geldt voor Soester Energiecorporatie (SOEN),
gebieden en buurten. Dit spoor is een uitwerking van
die betrokken is bij de verschillende initiatieven in Soest
onze rol waarin we initiatieven ondersteunen. Op het
in spoor 2.
moment van schrijven kennen we initiatieven die alleen gericht zijn op isolatie en die isolatie combineren met de
De uitvoering van de isolatieaanpak doen we zoveel
stap naar aardgasvrij. Door continu het gesprek te
mogelijk in samenwerking met andere Utrechtse
voeren met initiatiefnemers leren we waaraan behoefte
gemeenten en de provincie via het Energie Diensten
is om het initiatief een stap verder te brengen. Spoor 2
Centrum (EDC). Gemeenten om ons heen staan voor
versnelt de warmtetransitie zoveel mogelijk. We
dezelfde opgave en vissen in dezelfde vijver als het gaat
ontdekken in dit proces ook dat het belangrijk is dat we
om uitvoering. Door samen te werken leren we van
als gemeente weten wat we wel en niet voor deze
elkaars ervaringen, organiseren we samen een sterkere
initiatieven willen of kunnen betekenen.
positie bij aanbesteding en creëren we schaalvoordelen bij de uitvoering. Ook benutten we specialistische
Spoor 3 voorziet in het ondersteunen alle andere
expertise van het EDC waarover we niet zelf beschikken.
doelgroepen, zoals VvE’s en particuliere verhuurders. Deze grote doelgroep heeft verschillende behoeften.
Vanuit het energieprogramma ligt de focus de komende
Daarom zetten we in op bewustwording en het bieden
periode op de warmtetransitie in woningen. Nieuwbouw
van handelingsperspectief voor inwoners. Voor zowel
van woningen, bedrijfspanden en utiliteitsgebouwen
spoor 2 en 3 is goede communicatie en participatie de
vallen niet onder de huidige wet- en regelgeving. Deze
basis en dus een belangrijk onderdeel. Dit wordt verder
worden in de regel aardgasvrij gebouwd.
toegelicht in 4.5. Voor alle sporen geldt dat de vrijwillige inzet van inwoners via Energie Actief Soest (EAS) onmisbaar is. Zij werken mee in ieder spoor door langs deuren te gaan in spoor 1 of inwoners individueel verder te helpen als energiecoach in spoor 2 en 3.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
46
KOERS HOOFDSTUK 4.2
Het energiesysteem van de toekomst Naar verwachting wordt de elektriciteitsvraag door het stoppen met aardgas in 2050 drie tot vier keer zo groot als de elektriciteitsvraag nu. Deze elektriciteit zal in tegenstelling tot nu op veel plekken worden opgewekt.
We houden vast aan de 3 sporen waaraan landelijk en in de provincie Utrecht wordt gewerkt. Hoe we dit gaan doen, staat in de Uitvoeringsagenda.
3) L okale maatwerkoplossingen tegen netcongestie (korte en middellange termijn) • Bijeenbrengen van vraag en aanbod, met eerste
focus op bedrijventerreinen (waaronder e-hubs,
Drie sporen ter vermindering van netcongestie
• Zorgen voor level playing field (publiek belang)
1) Energiesysteem van de toekomst (lange termijn)
• Meedenken in mogelijk maken van ruimtelijke
• Ontwikkeling naar verzwaarde netinfrastructuur
gecombineerd met opwek en opslag • Gezamenlijk programmeren en prioriteren in
balanceringsprojecten)
ontwikkelingen • Benutten provinciale en landelijke regelingen en
programma’s
de pMIEK met behulp van lokale, regionale en
In heel Nederland werkt iedereen aan oplossingen om
provinciale energievisies ten behoeve van ruimtelijke
de netcongestie te verminderen. Dat geeft een
ontwikkelingen
dynamisch proces dat lastig voorspelbaar is. Om voor
Kader voor energiesysteem van de toekomst
2030 nog een perspectief te kunnen bieden moeten
2) Versnellen ruimtelijke procedures
We werken langs drie sporen om vertraging van
we op zoek naar maatwerk. Sterker nog, lokaal
(korte en middellange termijn)
ontwikkelingen door netcongestie zoveel
maatwerk is zowel voor bedrijven als de
• Buurtaanpak: uitbreiding netinfrastructuur in Soest
mogelijk beperken. Coördinatie hierop pakken
woningbouwopgave de enige kansrijke oplossing om ondanks het overvolle elektriciteitsnet vooruit te
met 100+ trafo’s en bijbehorend leidingwerk • Zoektocht naar ruimte voor transportstation Stedin
we op vanuit het energieprogramma. Het ontwikkelen van concrete oplossingen en
komen. Hieronder beschrijven we hoe we de opgave de
financiering daarvoor in projecten blijft onder-
komende jaren willen vormgeven.
deel van die projecten.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
47
KOERS HOOFDSTUK 4.2
Het elektriciteitsnet verbindt alles aan elkaar en dat
Denk hierbij aan:
betekent dat de gevolgen van netcongestie groot zijn.
• De uitvoering van de warmtetransitie
Het raakt bijna alle ambities van de gemeente. Oplos-
(aardgasvrije gebieden)
singen om bijvoorbeeld woningbouw mogelijk te maken,
• De realisatie van onze woningbouwopgave
moeten binnen dat bouwproject gezocht worden. Maar
• Uitbreiding en/of verdichting van bedrijventerreinen
het leren en toepassen van andere aanpakken, het
• Realisatie van grootschalige opwek van elektriciteit
benutten van financieringsstromen en beïnvloeden van besluitvorming in ons voordeel is onderdeel van onze coördinerende rol.
(wind op land en zon op dak) • Ontwikkeling van de laadinfrastructuur voor
elektrische auto’s op de korte, middellange en lange termijn
We kunnen de netcongestie niet zelf oplossen. We moeten afstemmen met buurgemeentes en Stedin als
Deze kennis leidt ook tot een beter inzicht van de
netbeheerder, omdat het elektriciteitsnet ons verbindt.
fysieke ruimte die het energiesysteem van de toekomst
Een sturende ontwikkeling naar in het omgaan met
nodig heeft. Denk bijvoorbeeld aan ruimte voor de
netcongestie is het provinciaal Meerjarenprogramma
Buurtaanpak (100+ transformatorhuisjes) of de opslag
Infrastructuur Energie en Klimaat (pMIEK). In de pMIEK
van warmte of elektriciteit. We weten nog niet of dit
doet de provincie uitspraken over investeringen van
vraagt om bijstelling van de Omgevingsvisie of dat een
netbeheerders en de relatie van die investeringen tot
omgevingsprogramma voor het energiesysteem ons
maatschappelijke opgaven. Een visie op het provinciale
gaat helpen.
en regionale energiesysteem is daar onderdeel van. Om als Soest hier volwaardig aan te kunnen deelnemen, ontwikkelen wij een lokale visie op ons Soester energiesysteem. Daarin brengen we in beeld hoe en waar de energievraag zich in Soest en Soesterberg ontwikkelt en welke (on)mogelijkheden we daarin zien. Een gemeentelijke energievisie helpt bij strategische afwegingen.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
48
KOERS HOOFDSTUK 4. 3
Grootschalige opwek van elektriciteit We willen dat alle energie die we nodig hebben, hernieuwbaar is en stoppen met fossiele bronnen. Dat betekent dat er veel duurzame opwek nodig is.
Kader voor opwek
In 2021 hebben we het Uitnodigingskader grootschalige
Het kader voor grootschalige opwek van elektrici-
elektriciteitsopwekking Soest en Soesterberg vastge-
teit ligt vast in het bestaande Uitnodigingskader.
steld. Dit geeft onder andere ruimte aan de ontwikkeling
Voor de zomer van 2024 is daarvoor een Nadere
van windturbines en zon op land langs de A28 en op de
uitwerking wind vastgesteld. We werken aan
Vlasakkers. In het project ‘zon en wind langs de A28
realisatie van wind op land en zon op dak om onze
Amersfoort - Utrecht’ van Rijkswaterstaat (OER A28)
doelen te halen. Het is geen gemakkelijke opgave
werken we daar samen met het Rijk, provincie en andere
Met een Regionale Energiestrategie (RES) committeerde
en we moeten ook kijken naar de doelen voor
gemeenten aan. Hiervoor is voor de zomer van 2024 de
elke regio zich aan het opwekken van een bepaalde
2050. Dit kan aanleiding zijn voor het bijstellen
Nadere uitwerking wind vastgesteld. Dit project speelt
hoeveelheid duurzame energie in 2030. Voor de
van het Uitnodigingskader.
de hoofdrol in het behalen van ons doel voor de opwek van elektriciteit. Daarmee zijn we in grote mate afhanke-
landelijke energiemix zouden de regio’s samen minstens 35 terawattuur (TWh) moeten opwekken5. De totale
Netcongestie is een extra reden om volop te werken aan
lijk van partijen als Rijkswaterstaat en Defensie voor het
hoeveelheid van alle biedingen van de regio’s in 2021
realisatie van grootschalige opwek van (duurzame)
behalen van onze lokale doelstelling.
was 55 TWh. Nieuwe inzichten over de behoefte aan
elektriciteit. De kans dat ruimtelijke ontwikkelingen
energie in 2030 hebben ertoe geleid dat de regio’s zich
slagen is het grootst als we vraag en aanbod van energie
Naast de A28 en Vlasakkers biedt het Uitnodigingskader
inzetten om daadwerkelijk die 55 TWh te halen. Dat
lokaal met elkaar in balans brengen. Dit betekent dat als
beperkt ruimte voor windenergie naast bedrijventerrein
betekent dat onze bijdrage aan het regionale bod van
de energievraag door bijvoorbeeld woningbouwplannen
de Isselt in Amersfoort. Met Amersfoort spraken we af
0,5 TWh nog steeds hard nodig is.
toeneemt, in die plannen de benodigde (opwek van)
dat we wachten met volgende stappen naast de Isselt,
elektriciteit of warmte moet worden uitgewerkt.
tot het moment dat zij de twee turbines op de Isselt vergunnen. Naar verwachting gebeurt dit in 2025.
5 Zie bijlage 2 voor een toelichting op de verschillende eenheden voor energie (TWh en joule).
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
49
KOERS HOOFDSTUK 4. 3
In onze doelstelling voor 2030 en 2050 (zie ook hoofd-
Zon op woningen
Windturbines
stuk 3.1) gaan we ervan uit dat er naast de turbines bij de A28 en Vlasakkers twee windturbines komen in Soest.
Zon op maatschappelijk vastgoed
Zon op bedrijfsdaken
800
Daarmee gaan we in onze doelstelling uit van zeven windturbines, die samen ca. 375 TJ6 duurzame elektriciteit zouden opleveren. Er zijn sinds vaststelling van het Uitnodigingskader nog geen plannen ingediend die passen
600
binnen het aangewezen gebied naast de Isselt. Om verschillende redenen is dit gebied moeilijk te ontwikkelen.
Energiestrategie (RES) en vastgelegd in onze Omgevingsvisie. Aanvullend hebben we in de RES een
In Tj
De drie locaties zijn ingebracht in de Regionale 400 375
stevige ambitie voor grootschalige zonne-energie op daken toegezegd van 19 hectare. Die oppervlakte staat gelijk aan ongeveer 45% van de potentie op geschikte grote daken waar nog geen zonnepanelen liggen binnen
200 15
de gemeentegrenzen7.
11 35
Die grote ambitie in de RES deden we ondanks bekende obstakels, zoals verzekerbaarheid, constructiebeperkingen en aansluitbaarheid. Door de toenemende
0
40
175
74 2023
negatieve gevolgen van netcongestie en veranderende
Figuur 18: Duurzame opwek elektriciteit in Soest
subsidieregelingen is het realiseren van grootschalig zon
Bron: Energy Transition Model, Zonnedakje en Klimaatmonitor
2030
op dak nog lastiger geworden. 6 Hierbij gaan we uit van 5,6 MW windturbines en andere kentallen van het landelijk begrippenkader RES. Deze kunnen a.d.h.v. de lokale situatie nog wijzigen. Daarnaast bestond het begrippenkader ten tijde van het opstellen van de RES 1.0 nog niet. Toen is er gerekend met andere kentallen, waardoor de cijfers waar we nu van uitgaan iets anders zijn dan in de RES 1.0. 7 Meest recente analyse Zonnedakje (2023)
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
50
KOERS HOOFDSTUK 4. 3
Daarnaast hebben wij, op het maatschappelijk vastgoed
Dit betekent dat we in de nabije toekomst nog een keer
na, geen zeggenschap over de daken. Wij kunnen
goed moeten kijken naar de ruimte die we willen
stimuleren, maar het blijft aan pandeigenaren zelf om
gebruiken voor grootschalige opwek van elektriciteit.
zonnepanelen op hun dak te plaatsen. Kortom, het behalen van onze doelen voor grootschalig zon op dak
Onze aandacht gaat nu vooral uit naar de voorwaarden
vraagt extra aandacht de komende jaren.
waaronder windturbines gerealiseerd mogen worden. Uit de lopende onderzoeken van het project ‘zon en
Op dit moment is het waarschijnlijk dat richting 2030
wind langs de A28 Amersfoort - Utrecht’ blijkt dat er
met name zonnepanelen op kleine daken zullen
reële mogelijkheden voor windenergie zijn. Er is gekeken
toenemen. Bijvoorbeeld bij woningen. Een toename van
naar ruimte, milieu, techniek, bestuur, financiën,
zonnepanelen op grote daken is door het volle elektrici-
juridische zaken en planning. Als de seinen bij alle
teitsnet maar beperkt mogelijk.
deelnemende partijen op groen staan, moeten we zorgen voor een helder proces voor onze inwoners.
Daarom zoeken we verbinding met pilots en projecten om netcongestie op te lossen en trekken we nauw op
Met veel aandacht voor communicatie, financiële- en
met buurgemeenten en de regio. Door deze ontwikke-
procesparticipatie en zeggenschap in ontwikkeling,
lingen gaan we er in onze doelstelling voor 2030 nu
uitvoering en beheer. De lessen die we hier leren,
vanuit dat er in totaal ca. 175 TJ elektriciteit opgewekt
benutten we om initiatieven naast de Isselt verder te
kan worden vanuit zon op dak (zie ook figuur 19).
brengen.
Ook voor de periode na 2030 krijgen we steeds beter zicht op de beperkingen die gelden op de locaties in het Uitnodigingskader. Wat we straks kunnen realiseren, is zo goed als zeker minder dan onze ambities.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
51
KOERS HOOFDSTUK 4.4
Onze eigen organisatie Wij hebben als gemeente zelf een belangrijke rol in het verminderen van CO₂-uitstoot. We willen onze eigen directe en indirecte uitstoot verkleinen en onze impact benutten via beleid, projecten en inkoopbeleid.
steeds voor het grootste deel geborgd in het dit nieuwe
Deze methodiek helpt ons om op een transparante en
energieprogramma, omdat we werken aan de warmte-
efficiënte manier aan het verminderen van CO₂-uitstoot
transitie, en dus verduurzaming van de gebouwde
te werken. We zijn gecertificeerd op Trede 3 en gaan
omgeving, en grootschalige opwek van elektriciteit.
naar certificering op Trede 4. Met deze stap maken we
Het verminderen van CO₂-uitstoot in nieuwbouw,
werk van het verminderen van CO₂-uitstoot in verschil-
mobiliteit of werken staat in de desbetreffende omge-
lende materiaalstromen. Denk aan de beton- en
vingsprogramma’s. Dat geldt ook voor andere teams
asfaltketen. Die tredestap draagt niet alleen bij aan de
zoals Realisatie en Bedrijfsvoering.
CO₂-opgave, maar is ook een essentiële stap op weg naar een circulaire economie.
Ook de coördinatierol van de interne CO₂-opgave staat Hierbij experimenteren we, leren we en wisselen we
in dit nieuwe energieprogramma. Dat betekent dat
kennis en ervaringen met anderen om onze eigen
verschillende onderdelen vanuit het energieprogramma
aanpak steeds te verbeteren. We hebben hier geen
worden ondersteund bij het verminderen van CO₂-
specifiek kader voor nodig. Het heeft als thema een plek
uitstoot. We monitoren ook de voortgang. Hiervoor
in het programma omdat het specifieke aandacht nodig
gebruiken we de CO₂-Prestatieladder, zoals we ook
heeft en inzet vraagt. De doelen liggen vast in de
afgelopen jaren hebben gedaan.
Omgevingsvisie, dit programma maar ook in convenanten en landelijke afspraken en richtlijnen. In dit nieuwe programma geldt de interne CO₂-opgave dus voor de hele organisatie. Dat is anders dan in het energieprogramma 2020-2025, waarin de CO₂-opgave geborgd was in het programma alleen. De opgave is nog
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
52
KOERS HOOFDSTUK 4.4
Toch is er meer nodig om de circulaire doelstellingen te
• Verduurzamen van mobiliteit: in het bestaande
behalen. Daarom ontwikkelen we het Actieplan Circu-
programma hebben we de zogenaamde
laire Economie. We weten nog niet wat dat precies
‘laadpalenkaart’ ontwikkeld en zijn deelauto’s
vraagt, maar we weten wel dat het vraagt het om anders
in Soest verschenen. Als onderdeel van het
denken en doen in ons werk. Daarom pakken we dat
Omgevingsprogramma Mobiliteit wordt hier vanuit
gezamenlijk op in deze programmalijn. We stemmen de
een integrale visie aan gewerkt, waardoor we
aanpakken voor beide opgaven op elkaar af en gaan zo
zorgvuldiger afwegingen kunnen maken.
slim met onze mensen en middelen om. • Routekaart Verduurzaming Maatschappelijk
Tot slot geldt het energieprogramma binnen de ge-
Vastgoed: als gemeente willen we ons eigen vastgoed
meente als voorbeeldopgave. Dat wil zeggen dat we
graag verduurzamen. Maar keuzes daarover hangen
actief kennis en inzichten delen met de rest van de orga-
samen met keuzes over gebruik en eigendom. Door
nisatie. Via opgave- en gebiedsgericht werken en
vanuit verschillende disciplines, waaronder beheer en
deelname aan multidisciplinaire teams werken we zowel
vastgoed, het vraagstuk integraal op te pakken, is het
aan de doelen van dit programma aan het geïntegreerd
succesvol verduurzamen veel beter te realiseren.
werken. Gebiedsgericht werken betekent dat we in een gebied breder kijken dan een enkel project, maar dat we juist aandacht hebben voor de samenhang tussen
Bestaande kaders voor onszelf
verschillende projecten. Het is voor de energietransitie
Voor onze eigen organisatie zijn de bestaande
een randvoorwaarde dat we integraal werken aan
ambities en kaders leidend. De focus ligt enerzijds
energie en de andere opgaven. Een aantal concrete
op het verminderen van CO₂-uitstoot. Coördinatie
voorbeelden hiervan zijn:
hierop doen we vanuit het energieprogramma. En anderzijds ligt de focus op het ontwikkelen van energiebewust, circulair, opgavegericht en integraal denken en doen van iedereen in onze organisatie.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
53
KOERS HOOFDSTUK 4. 5
Participatie en communicatie Inwoners en ondernemers staan centraal vanuit de gedachte dat zij het grootste deel van de opgave gaan realiseren. En vanuit het besef dat deze transitie grote impact heeft op hun levens, zowel in hun directe leefomgeving als achter hun voordeur. Communicatie en participatie zijn daarom de basis van ons programma.
sprekken, een inwonerpanel en een klankbordgroep zijn
•
voorbeelden van middelen die we hiervoor inzetten.
de maatregelen voor de verschillende doelgroepen. •
Kader participatie en communicatie als basis
Doe hetzelfde met het bedenken van ondersteunenLeg de afspraken over de verduurzaming van de woningvoorraad vast in de Woonvisie en in de Prestatieafspraken.
•
Ga samen met de verhuurders de opgave aan door
Inwoners en ondernemers staan centraal en
bijvoorbeeld meerdere buurtgesprekken over
iedereen moet mee kunnen doen. Dat is het
verduurzaming te faciliteren samen met de
uitgangspunt. Daarvoor hanteren we de treden
verhuurder.
van de participatieladder in de processen die we
•
voor VVE's, laat voorbeeldgedrag zien.
opstarten. Maar ook op continue basis werken aan de eerste trede: informeren. Daarbij hebben we specifiek aandacht voor gedragsverandering.
Zorg ervoor dat de regelingen worden aangepast
•
Leg beter uit wat de gemeente doet (en moet doen) als het over de energietransitie gaat en wat inwoners daaraan kunnen hebben. Gebruik daarvoor zowel digitale als analoge communicatiemiddelen:
We willen begrijpen wat onze inwoners en ondernemers
Met de straatgesprekken zijn we al gestart. In mei 2023
een gratis en algemeen platform als een huis- aan-
willen, kunnen, moeten, weten en nodig hebben. Niet
en in februari 2024 hebben we inwoners gesproken.
huis krant doet wonderen.
omdat we in alles kunnen voorzien, maar wel om te
Hieruit volgen concrete aanbevelingen die we ter harte
zorgen dat onze inzet en inspanningen aansluiten bij
hebben genomen:
dat zij door toegankelijke en begrijpelijke informatie
hun behoeften en hen zoveel mogelijk op weg helpen. We willen dat inwoners ruimte voelen om in actie te
•
komen, als individu of als collectief. We zoeken naar een continu gesprek om op te halen waar de behoefte ligt en om te toetsen of we op de goede weg zitten. Straatge-
Energie van Soest
Het is ons doel dat iedereen mee kan doen. Bijvoorbeeld
•
Zet in op doelgroepspecifieke bewustwordings- en
weten wat zij kunnen verwachten, hun woning kunnen
voorlichtingscampagnes
aanpassen, dat zij projecten mee vormgeven of zeggen-
Betrek inwoners uit de verschillende doelgroepen
schap hebben over veranderingen in hun omgeving.
bij het bedenken (en uitvoeren) van die campagnes.
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
54
KOERS HOOFDSTUK 4. 5
Het besef dat niet alles mogelijk zal zijn en dat wij
mensen en ondernemers met wie de gemeente
Bij elke trede van de participatieladder horen ook
bepaalde (ongewenste) besluiten zullen moeten nemen
normaliter weinig in gesprek is. In een individualistische
verantwoordelijkheden voor ons als gemeente, zoals
is belangrijk. We moeten dus weten en helder zijn over
samenleving is het niet eenvoudig om tot collectieve
zorgen voor een gelijk informatieniveau, terugkoppelen
wat we wel en niet kunnen doen. Ook beseffen we dat
oplossingen te komen. En hoewel het vaak overzichtelijk
aan betrokkenen of mandaat geven aan een initiatief.
ingrijpende veranderingen kunnen leiden tot weerstand
lijkt, zijn de juridische, persoonlijke en procesmatige
bij mensen.
overwegingen vaak onduidelijk. Daarom willen we hierin optrekken met andere aanpakken, bijvoorbeeld vanuit
lasten. Naast zeggenschap gaat het hier ook over
Participatie in beleidsvorming en beleidsuitvoering
financiële participatie. Bijvoorbeeld dat je als inwoner
In dit programma werken we met de participatieladder
mee-investeert in een windpark in de buurt. In het
om het gewenste niveau van betrokkenheid van
Klimaatakkoord en de Regionale Energiestrategie
inwoners, professionele belanghebbenden en gemeente
hebben we afgesproken dat we streven naar minimaal
te bepalen per project en proces.
ners de kans ook de lusten te ervaren en niet alleen de
50% lokaal eigendom, omdat dit bijdraagt aan draagvlak en betrokkenheid.
De participatieladder in het figuur hiernaast werkt als volgt: de treden staan voor de mate van betrokkenheid
We doen deze energietansititie niet alleen, maar samen
en invloed. De onderste trede is het laagst, de bovenste
met inwoners, ondernemers, lokale partners en de
het hoogst. We streven ernaar onze inwoners en
bewonersinitiatieven. Een concrete manier die we willen
maatschappelijke partners zoveel mogelijk zeggenschap
toepassen is een zogenaamde ‘ontwerpende aanpak’
te geven, maar dit kan niet altijd. Ook zijn niet alle
waarin we door middel van design thinking met hen een
projecten geschikt voor de hoogste vorm van zeggen-
maatwerkaanpak ontwerpen voor hun leefomgeving.
schap. Dit verschilt per geval. We zijn als gemeente duidelijk wanneer inwoners welke trede mogen
Om tot samenwerking te komen, moeten we meer doen
laag
Zelfbestuur Eigen planvorming
Delegeren Overdragen van zaken
Samenwerken Gezamenlijke planvorming in projectgroep
Consulteren Formele dialoog bijv. in workshop
Inspreken Verkrijgen van respons uit bijvoorbeeld inspraakreacties of enquête
Informeren Verstrekken van informatie met bijvoorbeeld persbericht of nieuwsbrief
laag
hoog
verwachten.
om mensen te bereiken, zodat we ook het ‘stille midden’
Figuur 19: De participatieladder
kunnen betrekken. We zoeken verbindingen met
Energie van Soest
hoog
Aantal betrokkenen
energie krijgt specifieke aandacht. Hierdoor krijgen inwo-
sociaal domein.
Mate van participatie
Het creëren van lokaal eigendom van lokale duurzame
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
55
KOERS HOOFDSTUK 4. 5
Communicatie
bijvoorbeeld duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie of
Voor een goede aanpak moeten we werken aan alle drie
De basis van de ladder is informeren. Mensen moeten
afval scheiden. Dat betekent dat we in de organisatie
deze factoren. Communicatie richt zich vooral op
makkelijk toegang hebben tot informatie die voor hen
van de communicatie gezamenlijk optrekken en zoveel
motivatie en capaciteit. We zorgen voor de gelegenheid
van belang is. Dit geldt in het bijzonder voor de
mogelijk met één verhaal naar buiten treden.
om te veranderen door te werken aan de warmtetransi-
warmtetransitie. Dat raakt immers direct hun
tie, waarin we bijvoorbeeld duidelijkheid geven over
leefomgeving en portemonnee. Naast algemene
Aandacht voor gedragsverandering
informatie, is het belangrijk dat inwoners ontdekken wat
De energietransitie vraagt ook om ander gedrag van
hun handelingsperspectief is en welke hulp ze daarbij
inwoners. Of het nu gaat om het lager zetten van de
Om te werken aan motivatie, ontwerpen we een
kunnen krijgen. Daarnaast maken we gebruik van het
thermostaat of het isoleren van hun plafond. We weten
communicatieaanpak die we langdurig inzetten. Het is
principe dat zich telkens opnieuw bewijst: goed voorbeeld
dat alleen toegang tot informatie niet per se leidt tot
een verhaal van de lange adem, dat gericht is op het
doet goed volgen. We maken inwoners en projecten die
ander gedrag. Daar is meer voor nodig. Vanuit de
bereiken van verschillende typen inwoners in
al goed bezig, zijn zichtbaarder voor andere inwoners.
gedragswetenschap weten we dat drie factoren van
verschillende fases van de transitie en op voor hen
belang zijn die in het Triademodel worden gevat:
natuurlijke momenten.
duurzame warmtebronnen per gebied.
Een aandachtspunt hierbij is dat er veel (commerciële) partijen actief zijn en mensen soms het overzicht kwijtraken en niet kunnen inschatten welke informatie
Bijvoorbeeld iemand die wil overstappen op een
betrouwbaar is. Zonder deze betrouwbare informatie,
andere warmtebron.
komen ze vaak niet in actie. De afzender is daarbij ook
• Capaciteit is de mate waarin de persoon iets kan
een aandachtspunt. Met zowel de gemeente, Duurzaam
doen. Heeft diegene de eigenschappen, vaardigheden
Bouwloket, EAS en SOEN zijn er verschillende
of instrumenten? Denk aan kennis en geld.
afzenders. We gaan hierin nauwer met elkaar
• Gelegenheid is de mate van mogelijkheden
samenwerken.
Gelegenheid
• Motivatie is de mate waarin de persoon iets wil.
die buiten de persoon zelf liggen. Denk aan de beschikbaarheid van een andere warmtebron of
Een ander aandachtspunt bij informeren is integraliteit.
bepaalde regelgeving.
We verdelen ons werk in verschillende teams, maar inwoners zien dit niet en zijn hierin ook niet
Capaciteit
geïnteresseerd. Voor hen is duurzaamheid één geheel,
Figuur 20: Het Triademodel
waarbij de energietransitie samenhangt met
Energie van Soest
Motivatie
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
56
KOERS HOOFDSTUK 4. 5
Hierbij gaat het niet alleen om een herkenbare huisstijl,
Het vierde en vijfde niveau gaan over maatwerkoplos-
maar ook het vormgeven van continue gesprekken en
singen die complex en langdurig zijn en die we binnen
de ontwerpende aanpak. We doen het samen met onze partners SOEN en EAS die én de verschillende doelgroepen goed kennen, én een rol kunnen spelen bij de uitvoering van de aanpak.
5. Intensieve begeleiding en hulp
het programma oppakken. Om te kunnen bepalen wat
4. Langdurige ondersteuning en projectcoördinatie
ontwikkelen we ook criteria om goede en logische
we wel of niet kunnen ondersteunen op ieder niveau, afwegingen te maken. Dit lichten we verder toe in bijlage 5.
Concrete voorbeelden van de aanpak zijn de adreszoeker en de bewonersreis. De adreszoeker is een online
3. Intensievere begeleiding en casemanagement
KOOS - Klimaat op orde Soest
tool waar je je adres kan invoeren. Je ziet dan welke warmteoplossing wanneer voorzien is voor jouw woning
2. Licht advies en kortdurende ondersteuning
en welke stappen je kunt zetten. De bewonersreis sluit hierop aan. In gebieden waar collectieve oplossingen mogelijk zijn, moeten grote groepen in beweging komen. De bewonersreis geeft inzicht in welke stappen
Een plek waar iedere inwoner en initiatief met vragen, op dezelfde plek een antwoord kan
1. Informatie en voorlichting
vinden. Dat is een herkenbare en betrouwbare plek (fysiek, online, mobiel, combi) die langdurig blijft bestaan.
er zijn vanaf eerste isolatiestrip tot een volledig energie-
Figuur 21: Vijf hulpniveaus
neutrale woning, en wat daarvoor nodig is.
terecht als ze vragen hebben of zelf aan de slag willen.
Het beantwoorden van de vraag gebeurt zo snel
Hier kun je bijvoorbeeld informatie vinden over een
als mogelijk is. De volgende stap wordt zo laag-
De capaciteit van mensen willen we vergroten door ze
warmtepomp, of kun je in gesprek met de energiecoa-
drempelig gemaakt. Daarbij organiseren we het zo
te voorzien van betrouwbare en duidelijke informatie en
ches die advies geven over hoe je je energieverbruik in
dat we de gemeentelijke organisatie zoveel
persoonlijke hulp. We onderscheiden vijf niveaus van
huis kunt verlagen. Ook kun je meer informatie krijgen
mogelijk ontlasten. Bijvoorbeeld door duidelijke
hulp die we als gemeente kunnen geven.
over collectieve aanpakken of hulp krijgen bij het
subsidieregels en een gestandaardiseerde aanpak.
aanvragen van een subsidie. KOOS wordt een ontwikVoor de eerste drie niveaus organiseren we een ruimte
kelmodel waar we klein mee beginnen en naar behoefte
KOOS is een doorontwikkeling van het al bestaan-
waar mensen terecht kunnen met als werktitel Klimaat
en noodzaak verder doorontwikkelen.Dit wordt de plek
de (digitale) energieloket dat we samen met EAS,
op orde Soest, ook wel KOOS (zie kader). Dit kan een
om meer te weten te komen over wat je handelingsper-
SOEN en andere partners gaan vormgeven.
fysieke en/of mobiele locatie (zoals een bus) zijn,
spectief is. We trekken hierin samen op met onze lokale,
aangevuld met een goede website. Hier kunnen mensen
regionale en landelijke partners.
Energie van Soest
Hoofdstuk 4 - Onze aanpak per programmalijn
57
HOOFDSTUK 5
Onze visie op de uitvoering
KOERS HOOFDSTUK 5.1
Formele bevoegdheden De principes, uitgangspunten en kaders die we in dit programma beschrijven, geven ons werk vorm en richting. Zelfs daar waar we nog niet precies weten hoe het zit. Bij dit programma gaan we uit van onze formele bevoegdheden.
in handen van particulieren zijn. Deze mini-warmtenetten kunnen mogelijk op elkaar aangesloten worden. Hier heeft de gemeente een rol in. En dit zal in Soest op een andere manier verlopen dan in Rotterdam. Dit vraagt om een helder en duidelijk proces waaraan iedereen vanuit zijn rol kan meedoen. Het is aan ons om te zorgen voor een proces waarin op basis van wetgeving en andere afspraken voor iedereen helder is welke rol inwoners, de raad en het college hebben.
Bij dit programma gaan we uit van onze formele bevoegdheden. Formele bevoegdheden zijn in de energietransitie in beweging. De komende jaren krijgen we vanuit het Rijk nieuwe wetgeving op het gebied van energie-infrastructuur en warmte. Maar er zal ook veel ruimte zijn voor maatwerk. Dat betekent dat decentrale overheden zoals wij ruimte hebben om passende oplossingen te vinden. Een voorbeeld hiervan is het eigendom van warmtenetten. Dat is jaren in handen van marktpartijen geweest. Dat heeft geleid tot onwenselijke situaties, waardoor in de nieuwe wet ook een rol is voorzien voor de overheid. Tegelijkertijd kunnen mini-warmtenetten
Energie van Soest
Hoofdstuk 5 - Onze visie op de uitvoering
59
KOERS HOOFDSTUK 5.2
Samenwerkingen Samenwerken staat in iedere transitie voorop. We onderscheiden daarin verschillende soorten inhoudelijke samenwerking: samenwerking met externe partners, binnen de eigen organisatie en politiek-bestuurlijk. Tegelijkertijd is er met inwoners en initiatieven vaak ook een financiële samenwerking.
Voor de samenwerking binnen de organisatie hebben
over de inzet van onze mensen en middelen te komen.
we een specifieke programmalijn in het leven geroepen:
Wij lichten dit in bijlage 5 verder toe.
onze eigen organisatie. Naast het verkleinen van onze eigen CO2-uitstoot zijn ‘samenwerken’, ‘leren’, ‘integraliteit’ en ‘opgavegericht’ kernwoorden die de opgave beschrijven. De politiek-bestuurlijke samenwerking willen we ook versterken. Naast reguliere democratische processen gaan we meer aandacht besteden aan gesprekken in dialoogvorm en informeren. Dit komt onze besluiten ten goede. We onderzoeken de mogelijkheid voor een raadswerkgroep.
De samenwerking met externe partners borgen we
Financiële samenwerking gaat vaak over subsidies, maar
inhoudelijk via projectgroepen. De inhoud is hier leidend
hier ontstaan vaak grijze gebieden. Wat betaalt de
en iedereen draagt bij aan het succes van het project.
gemeente? Wat moet door de initiatiefnemer zelf
Daarnaast zien we ook een noodzaak om samen met
betaald worden? Welke regelingen kunnen worden
onze partners strategisch bij te houden en waar nodig bij
benut? Als een initiatiefnemer op hulpniveau vier zit (zie
te sturen op het verminderen van CO2-uitstoot in Soest.
hoofdstuk 4.5), zal het vaak om maatwerk gaan waar
Want daar doen we het uiteindelijk voor. De Taskforce