CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2022

Het Debat 19 september 2023, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Accountantsverslag Jaarrekening 202238.427 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

70

Realisatie 2022 woning eigenaren Bedragen in € OZB* Afvalstoffenheffing rioolrechten Totaal lastendruk 2022

Eenpersoons- Meerpersoonshuishouden huishouden 349 349 235 277 285 285 869 911

Landelijk gemiddelde lastendruk 2022 Fries gemiddelde lastendruk 2022

826 728

904 834

Eenpersoonshuishouden

Meerpersoonshuishouden

Afvalstoffenheffing rioolrechten Totaal lastendruk 2022

235 103 338

277 103 380

Landelijk gemiddelde lastendruk 2022 Fries gemiddelde lastendruk 2022

335 336

424 447

* bij een gemiddelde woningwaarde van € 285.000,-

Realisatie 2022 huurders Bedragen in €

In onderstaande tabel staat de ontwikkeling van de lokale lastendruk over de periode 2020-2022 weergegeven voor een meerpersoonshuishouden met woning. Ontwikkeling lokale lastendruk Bedragen in € OZB eigenaren Rioolheffing eigenaren Rioolheffing gebruikers Afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishouden) Totale woonlasten

2020 334 182 98 265 879

2021 339 182 101 272 894

2022 349 182 103 277 911

Kostendekkendheid De tarieven van de belangrijkste gemeentelijke belastingen en heffingen staan in onderstaande tabel, de gegevens zijn op basis van de begroting 2022. Bedragen x € 1.000 Omgevingsvergunning Verwerkingskosten, salarissen en kapitaallasten Te compenseren btw Aandeel concernopslag/ overhead Overige baten en subsidies Te dekken lasten Opbrengst heffingen Percentage kostendekking

Afvalstoffenheffing

Begraven

Rioolheffing Eigenaren Gebruikers

724

5.823

405

3.833

2.293

27 375

792 869

74

1.010 179

179 488

0 1.126 1.126 100%

-859 6.625 6.528 99%

0 479 441 92%

0 5.022 5.022 100%

-190 2.770 2.770 100%

71

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is om financiële risico's op te vangen. De omvang van het weerstandsvermogen moet in relatie staan met het risicoprofiel van de gemeente: een hoger risicoprofiel vraagt om een hoger weerstandsvermogen. De berekening van het weerstandsvermogen per 31 december is – zoals alle vermogensberekeningen – een momentopname. De weerstandscapaciteit geeft de verhouding aan tussen de risico's die de gemeente loopt en de aanwezige buffer om de risico's op te vangen. In deze paragraaf is de weerstandsratio per 31-12-2022 berekend. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de risico's die tussen het moment van opmaak van de jaarstukken en de balansdatum inzichtelijk zijn geworden. Weerstandscapaciteit Er kan onderscheid gemaakt worden tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de Algemene reserve en de post onvoorzien. De structurele weerstandscapaciteit wordt bepaald door de omvang van toekomstige bezuinigingsmogelijkheden en het onbenutte deel van de belastingcapaciteit. Weerstandscapaciteit Bedragen x € 1.000 32.299 22.921 50 55.270

Algemene reserve per 31-12-2022 Resultaat jaarrekening 2022 Post onvoorzien Totaal

Materiële risico's Eind 2022 is gestart met de implementatie van Naris. Naris is een tool om risico's in kaart te brengen, te kwantificeren en de ontwikkelingen bij te houden. Vervolgens kan er op basis van een simulatie van de ingeschatte risico's een benodigd weerstandsvermogen bepaald worden. Bij het vullen van Naris is in eerste instantie uitgegaan van de in de volgende tabel opgenomen risico's en is geprobeerd hier een meer realistische inschatting van het risico aan te koppelen. De belangrijkste, op dit moment bekende, risico's, onzekerheden en niet-gekwantificeerde ontwikkelingen staan hieronder opgesomd. Er is een indicatieve inschatting gemaakt van het maximale financiële risico. Voor die ontwikkelingen waarvoor deze indicatie (nu nog) niet gemaakt kan worden, is een bedrag van € 100.000 opgenomen. Omschrijving risico's

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12

Herijking gemeentefonds Banenafspraak baan (BAB-banen) Gevolgen Coronacrisis Gemeentehuis energielabel C Prijsstijgingen Wet open overheid en wet elektronische publicaties Actualisatie horecabeleid Verzekering cyberaanval Organisatieontwikkeling Algemene bedrijfsmatige risico's Rampen en calamiteiten Invoering woonplaatsbeginsel voor Jeugd

72

Financieel gevolg (maximaal) € 100.000 € 150.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000

I/S

S S S S S S

Bestaand of nieuw risico Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand

€ 100.000 € 40.000 € 100.000 € 100.000 € 2.000.000 € 100.000

S S S S I S

Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand

Omschrijving risico's

13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24

Compensatie voor diverse ontwikkelingen door Rijk Wijziging BTW-sportvrijstelling op grote investeringen Compensatie voor duurzaamheid door Rijk Asbesthoudende voegenkit Risico's bij kapitaalgoederen in de openbare ruimte (o.a. actualisatie IBOR) Bijdrage N381 Wet kwaliteitsborging Deltaplan ruimtelijke adaptatie Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie Overdracht geluidswal Onderhoud vliegveld Vaarweg naar Drachten (na 2025)

Financieel gevolg (maximaal) € 100.000

I/S

S

Bestaand of nieuw risico Bestaand

€ 100.000

S

Bestaand

€ 100.000 € 100.000 € 100.000

S S S

Bestaand Bestaand Bestaand

€ 250.000 € 100.000 € 100.000 € 100.000 € 450.000 € 100.000 € 10.000.000

I S S S I S I

Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand Bestaand

De uitkomst van het vullen van de software is dat bovenstaande risico's een onvoldoende beeld geven op een realistisch benodigd weerstandsvermogen. Daarbij zien we landelijk de ontwikkeling dat er anders naar risico's en het aan te houden weerstandsvermogen gekeken wordt, waarbij het causale verband tussen beschreven risico's en het aan te houden weerstandsvermogen minder relevant is. Vergelijking weerstandscapaciteit en risico's Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de mogelijk benodigde middelen vanwege risico's en de werkelijk beschikbare weerstandscapaciteit. Het gewenste minimale weerstandsvermogen is vastgesteld op 1,5. De berekende weerstandscapaciteit eind 2022 bedraagt € 54,9 miljoen. Op basis van de ervaringen in het verleden wordt dit als voldoende beschouwd om risico's die zich daadwerkelijk voordoen, de eerste jaren met eenmalige middelen af te kunnen dekken. Eind 2022 is gestart met het gebruik van software voor simulaties van de risico's. Op dit moment zijn de bekende risico's nog onvoldoende financieel ingeschat en zijn we nog niet volledig als het gaat om het onderkennen van risico's. De uitkomst van de simulatie geeft om die reden op dit moment geen goed beeld van het benodigde weerstandsvermogen. Financiële kengetallen Het BBV schrijft een aantal verplichte financiële kengetallen voor. Deze worden hierna behandeld.

Financiële kengetallen Realisatie Realisatie 2020 2021 Netto schuldquote 60% 52% Idem, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 57% 50% Solvabiliteitsratio 29% 32% Bouwgrondexploitaties 2% 2% Structurele exploitatieruimte 0% 0% Woonlasten t.o.v. landelijk gemiddelde 105% 103%

Begroting 2022 85% 83% 15% -1% 2% 101%

Realisatie 2022 50% 48% 36% 2% 3% 101%

Netto schuldquote De hoogte van de schuld die een gemeente kan dragen, hangt af van de hoogte van de inkomsten. Om een grove indicatie te krijgen van de verhouding tussen beide grootheden (schuld en inkomen), wordt de netto schuldquote berekend. Als de netto schuldquote tussen 100% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog, volgens de VNG. Als de netto schuldquote boven de 130% uit komt, dan bevindt een gemeente zich zelfs in de gevarenzone. De netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, is in 2022 gedaald. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het positieve begrotingsresultaat en bij de ramingen achterblijvende investeringen.

73

Een schuldpositie is overigens geen gevolg van onjuiste financiële keuzes, maar vloeit voort uit een door de gemeente(raad) gewenst uitvoerings-, omgevings- en investeringsniveau in combinatie met het niet voor handen zijn van eigen financieringsmiddelen. Belangrijk is dat de rentelasten structureel in de begroting zijn gedekt. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio meet in hoeverre het bezit op de balans niet met schulden is belast. Een lage solvabiliteitsratio geeft dan aan dat bezittingen voor een groot deel met schulden gefinancierd zijn. Dit is een teken dat een gemeente met zijn exploitatieresultaten weinig tot niet spaart voor de financiering van investeringen. Bij een negatieve solvabiliteitsratio heeft een gemeente met negatieve exploitatieresultaten geleend voor lopende consumptieve uitgaven. Er worden in dat geval lopende consumptieve uitgaven op een toekomstige generatie inwoners afgewenteld. Voor de solvabiliteitsratio wordt uitgegaan van de signaalwaarden 20% en 0%. Bij een solvabiliteitsratio lager dan 20% bevindt een gemeente zich in de gevarenzone volgens de VNG. Bij een negatieve solvabiliteitsratio springt het licht op rood. De berekende ratio van 35% is boven de signaalwaarde van 20% en daarmee voldoende. Nederlandse gemeenten gaan echter vanwege het artikel 12 vangnet uit de Financiële Verhoudingswet niet failliet en worden nooit geliquideerd.

Daarom heeft dit kengetal ondanks deze signaalwaarde maar beperkte waarde. Ook worden investeringen in maatschappelijk nut geactiveerd die niet verkoopbaar zijn, zodat de reserves niet een liquiditeitswaarde weergeven. De vraag of de gemeente de schuld met zijn inkomen kan betalen, is daarom belangrijker. Met de huidige lage rente lukt dat wel, maar mocht de rente substantieel gaan stijgen dan kan dit tot problemen leiden. Bouwgrondexploitaties De boekwaarde van de voorraden grond moet worden terugverdiend bij de verkoop. Kenmerkend voor grondexploitaties is dat de looptijd meerdere jaren is. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 10% of hoger wordt beschouwd als kwetsbaar. Wij zitten met 2% daar ruim onder en beschouwen het risico op de grondexploitaties ook als nihil. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Woonlasten t.o.v. landelijk gemiddelde Dit cijfer geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

Als dit percentage laag ligt, betekent het dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. We zijn in 2022 net als in de afgelopen jaren, net iets boven het landelijk gemiddelde uitgekomen.

74

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen In de openbare ruimte bedoelen wij met kapitaalgoederen de wegen, wandel- en fietspaden, groen, bomen, speelvoorzieningen, riolering, water, straatmeubilair, verlichting, bruggen, enz. Kortom alles wat we in de openbare ruimte zien.

De kwaliteit van de kapitaalgoederen is van directe invloed op onze inwoners. Een mooie, schone, groene en veilige openbare ruimte zorgt voor leefbaarheid, beleving, aanzien en de uitstraling van onze gemeente. Het in stand houden van de kapitaalgoederen verdelen wij onder in de volgende onderdelen: • onderhoud (het op niveau houden voor dagelijks gebruik) • beheer (het op niveau houden zodat de te verwachten levensduur wordt gehaald) • vervanging (na einde levensduur) Maar er zijn ook risico's. Die kunt u ook lezen in deze paragraaf. Beleid en kaders De raad heeft in 2022 de nieuwe Notitie Beheer kapitaalgoederen 2023-2026 vastgesteld met bijbehorend kwaliteitsniveau en financiële paragraaf. Om een zo laag mogelijke claim te doen op de financiële middelen is "sober en doelmatig" het uitgangspunt. Voor de prachtige en kleurrijke vaste planten rotondes en plantbakken in het centrum van Drachten is een uitzondering gemaakt, omdat dit de visitekaartjes van onze gemeente zijn. Het onderhoud- en beheer- en vervanging is in 2022 binnen het beleidskader en bijbehorende budgetten van de Notitie Beheer Kapitaalgoederen 2019-2022 uitgevoerd.

75

Beheer/beleidsplan

Kapitaalgoed

Vastgesteld door de raad

Actualisatie

Vertaald in begroting

Achterstallig onderhoud

Kadernotitie "Beheer Kapitaalgoederen" Wegen Riolering Water Groen Gebouwen Civiele Kunstwerken

2022 2022 2022 2022 2022 2022

2026 2026 2026 2026 2026 2026

nee nee nee nee nee nee

Openbare verlichting Speelvoorzieningen

2022 2022

2026 2026

ja ja ja ja ja Niet volledig* ja ja

2021 2021

2026 2026

ja ja

nee nee

Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan Riolering Water

nee nee

Beleidsplan Openbare Verlichting Openbare verlichting 2020 2025 ja nee *de kosten voor grootonderhoud en vervanging van de kades van Industriehaven zijn niet opgenomen in de huidige begroting Resultaten extra investeringen 2022 Voor een aantal onvermijdelijke onderwerpen is extra geld opgenomen in de begroting 2022. Aanpassen bruggen (structureel € 27.500) Bij een inspectie is gebleken dat niet alle bruggen voldoen aan de huidige verhoogde NEN-normen voor draagkracht. Uit nader onderzoek en herberekening bleek dat de brug Postlaan-Biskopswei wel te voldoen aan de huidige normen voor draagkracht. Versterking van deze brug is niet nodig. De brug in de Oprijlaan is in 2022 aanbesteed, de werkzaamheden worden in 2023 uitgevoerd door vertraging in de levering (materiaal schaarste) van de stalen liggers. In 2023 wordt ook de kleinere brug Flearbosk Swettenwei vervangen door een duiker en de brug in de Skieppekampen wordt versterkt met extra stalen liggers. Het versterken van de bruggen is duurder geworden door met name de forse prijsstijging van staal, maar doordat de brug Postlaan-Biskopswei niet versterkt hoeft te worden lijkt het beschikbare budget voldoende te zijn. Alle gewicht beperkingen zijn inmiddels ingesteld. Vervanging wegen (structureel € 15.000) In 2022 zijn een aantal wegen vernieuwd om kapitaalvernietiging en onveilige situaties te voorkomen.

Deze wegen waren niet meegenomen in het kapitaalgoederen beheer 2019-2022. Een aantal werkzaamheden worden nog in 2023 uitgevoerd, zoals de Eems omdat er gelijktijdig een rioolvervanging wordt uitgevoerd. Ook leveringsproblemen van beton en de beperkte capaciteit bij aannemers zorgden ervoor dat niet alle werkzaamheden in 2022 konden worden uitgevoerd. Inmiddels is ook het wegbeheer geactualiseerd in de nieuwe vastgestelde notitie. Risico's In de begroting 2022 zijn een aantal risico's benoemd. Bezuinigingen In de afgelopen jaren zijn er bezuinigingen geweest voor het onderhoud en beheer van de openbare ruimte. Dat zien we ook steeds meer aan de grote stijging van het aantal meldingen en klachten van onze inwoners over de openbare ruimte. We kunnen nog steeds voldoen aan het door de raad vastgestelde beleid van "sober en doelmatig", de ondergrens waarbij geen kapitaalvernietiging optreed. Maar dit staat onder druk en bij verdere bezuiniging zal dit waarschijnlijk niet meer het geval zijn. De raad heeft in 2022 besloten deels de bezuiniging op het maaien terug te draaien.

76

Indexeren Onderdeel van de doorgevoerde herschikkingen 2019 is dat o.a. alle gemeentelijke budgetten van goederen en diensten in de jaren 2020 tot en met 2023 niet geïndexeerd worden. In de Bestuursrapportage II van 2022 zijn de forse prijsstijgingen van 2022 meegenomen en kunnen de werkzaamheden en investeringen uitgevoerd worden. Bij de actualisatie van de Notitie Beheer Kapitaalgoederen 2023-2026, die inmiddels is vastgesteld door de raad, zijn de budgetten geactualiseerd tot het prijsniveau van 1-1-2023. Vanaf 1-1-2024 worden alle uitvoeringsbudgetten weer jaarlijks geïndexeerd. Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie In 2022 is gestart met het Klimaatadaptieplan waardoor invulling wordt gegeven aan het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Het DPRA is een gezamenlijk plan van gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk om Nederland klimaatbestendig en waterrobuust in te richten. Het deltaplan versnelt en intensiveert de aanpak van wateroverlast, hittestress, droogte en de beperking van gevolgen bij overstromingen, door maatregelen in de ruimtelijke inrichting. Het doel is om in 2050 Nederland klimaatbestendig en waterrobuust te hebben ingericht. Dit betekent dat we bij het uitvoeren van werkzaamheden in de openbare ruimte nu al rekening moeten houden met deze gestelde eisen.

Meer informatie over het Klimaatadaptatieplan staat in de paragraaf Duurzaamheid van het Programma Fysiek Domein. Kades industriehaven Drachten In 2022 zijn de kosten voor vervanging en upgrading in beeld gebracht en zijn we in overleg geweest met alle bedrijven met een kade aan het Nije Kanaal. De eerste inventarisaties en doorberekeningen zijn gepresenteerd aan de raad. Inmiddels is duidelijk dat er op korte termijn geen nieuwe vaarweg wordt gerealiseerd. Dat wil niet zeggen dat er geen ontwikkelingen zijn op het Industrieterrein De Haven. De gemeente gaat in 2023 onderzoek doen naar de ontwikkeling van dit gebied en daarbij worden ook de huidige kades onderzocht. Er komt een advies over het onderhoud en vervanging (op termijn) van de kademuren. In de advisering over dit onderwerp is een onderzoeks-, advisering en voorbereidingsbudget in de begroting van 2023 van € 300.000 beschikbaar gesteld. Afhankelijk van de keuze zullen de kosten voor grootonderhoud/vervanging van de kades aanzienlijk zijn. Inmiddels is in de Kadernota voor grootonderhoud in 2024 € 2 miljoen opgenomen. Deze kosten voor eventuele vervanging en/of upgrading zijn nog niet opgenomen in de begroting. De bagger werkzaamheden in de industriehaven zijn uitgevoerd.

Risico's Water- en Kunstwerken Alle civiele kunstwerken (oeverbescherming, steigers, bruggen) en water zijn inmiddels voor een groot deel gedigitaliseerd in beheerprogramma Obsurv en opgenomen in de nieuwe notitie Beheer Kapitaalgoederen 2023-2026. Een aantal zaken worden in 2023 verder onderzocht: - toetsing areaal en eigendom, onderhoudsplicht en beheerafspraken. - onderhoudsplicht van de oeverbescherming langs vaarwegen. Er loopt een gezamenlijk onderzoek van alle gemeenten, provincie Fryslân en het Wetterskip wie is waarvan eigenaar en dus waar verantwoordelijk voor is. Provinciale Staten is akkoord met een voorkeurs variant die momenteel verder wordt uitgewerkt. Aandachtspunten Als laatste zijn er een aantal aandachtspunten benoemd. Integrale projectaanpak Het integraal onderhouden van de openbare ruimte staat voorop. Dat wil zeggen, dat bij het noodzakelijk onderhoud van de ene discipline ook wordt gekeken naar de onderhoudstoestand van de andere disciplines, om gecombineerd onderhoud uit te kunnen voeren. Hierdoor kan het voorkomen onderhoud deels worden uitgesteld of juist naar voren wordt gehaald. Dit beperkt de overlast voor de inwoners en leidt op termijn tot lagere lasten.

77

Drogere zomers Met uitzondering van zomer 2021 zijn de laatste zomers erg droog. Dat gold ook voor 2022. De verwachting is dat deze trend doorzet. Met name bomen kunnen daar last van krijgen omdat het grondwater lager staat dan voorheen. In welke mate zich dat gaat voordoen is op dit moment nog steeds onzeker, met name voor de langere termijn. Het lijkt er wel op dat de natuur zich tot nu toe telkens herstelt. Om te voorkomen dat nieuw aangeplante beplanting direct verdroogt wordt meer water gegeven. De kosten voor het water geven nemen daardoor jaarlijks wel toe. In de Bestuursrapportage II is €15.000 extra beschikbaar gesteld voor het geven van water aan beplanting. Eikenprocessierups Ook neemt de overlast en daarmee de bestrijding van de Eikenprocessierups nog steeds toe wat in 2022 heeft geleid tot € 30.000 aan extra kosten omdat er ongeveer 3.000 nesten meer zijn geruimd. Gebouwen en overige objecten Vastgoedbeleid is een instrument dat bijdraagt aan de realisering van gemeentelijke ambities en doelen. Het vastgoedbeleid is gericht op het bieden van huisvesting aan functies die relevant worden geacht voor het functioneren van de samenleving of de eigen gemeentelijke organisatie. Vastgoed dat hier niet of onvoldoende aan voldoet wordt, indien mogelijk, afgestoten of herontwikkeld.

Op basis van dat beleidsuitgangspunt is de bestaande vastgoedportefeuille (57 panden) ingedeeld in drie categorieën objecten, te weten: 1. Permanent bezit; 2. Af te stoten bezit; 3. Te herontwikkelen bezit. Permanent bezit: 39 panden Tot het permanent bezit zijn gedefinieerd die gebouwen waarvan op basis van bestaand beleid mag worden verwacht dat zij de komende jaren ingezet blijven worden ten behoeve van de gemeentelijke bedrijfsvoering of ten behoeve van gemeentelijk beleid. Voor de tot deze categorie behorende objecten geldt als uitgangspunt dat beheer en exploitatie van deze objecten is gebaseerd op duurzaam waarde behoud. Dat betekent niet alleen dat ze op basis van het MJOP planmatig worden onderhouden, maar ook dat voor deze objecten een routekaart voor verduurzaming wordt opgesteld. Die routekaart maakt duidelijk wanneer en in welke volgorde verduurzaming zal plaatsvinden. Af te stoten bezit: 4 panden Als af te stoten bezit zijn aangemerkt die objecten die geen bijdrage leveren aan kerntaken van de gemeente. Afstoten betekent verkopen dan wel overdragen aan de huidige gebruikers. Als zodanig zijn aangemerkt nog in bezit van de gemeente zijnde verhuurde kantoren en enkele woningen. Voor deze objecten geldt in beginsel dat beheer en onderhoud gericht is op waarde behoud. Deze objecten blijven tot moment van verkoop opgenomen in de MJOP.

De gemeente zal echter niet méér investeren in verduurzaming van deze gebouwen dan volgens wet- en regelgeving noodzakelijk is. Te herontwikkelen bezit: 14 panden In de door de gemeenteraad vastgestelde Ontwikkelstrategie is een aantal gebouwen opgenomen vanuit de vastgoedportefeuille die de komende jaren worden herontwikkeld. Voor deze objecten geldt dat: • Alleen sprake is van calamiteitenonderhoud; • Objecten tijdig huurvrij worden gemaakt; • Na huurvrij worden sprake is van leegstandsbeheer totdat de objecten worden gesloopt. Op basis van deze uitgangspunten is in onderstaande tabel aangegeven welk effect deze strategie heeft op de ontwikkeling van de gemeentelijke vastgoedportefeuille.

78

Soort gebouw en m² gebruiksopp. Gemeentelijke bedrijfsvoering Maatschappelijk vastgoed Overig vastgoed Bijzonder vastgoed Commercieel vastgoed Tijdelijk of functiewijziging Totaal

Permanent Afstoten Ontwikkelen Totaal 13.493 18.123 33.193 572 130 65.511

1.243 273

5.132

1.346

961 6.646 12.739

2.862

Aantal gebouwen Gemeentelijke bedrijfsvoering Maatschappelijk vastgoed Overig vastgoed Bijzonder vastgoed Commercieel vastgoed Tijdelijk c.q. functiewijziging Eindtotaal

13.493 24.498 33.466 572 2.437 6.646 81.112

Verschil 2021 Toelichting 0 0 52 opp. gecontroleerd 0 0 486 pand aangekocht

Permanent Afstoten Ontwikkelen Eindtotaal 6 6 27 1 6 34 4 2 6 1 1 1 1 2 4 6 6 39 4 14 57

De gemeente heeft gebouwen in eigendom voor het realiseren van de programma's Fysiek, Sociaal Domein, Economie en Dienstverlening. Het cluster gebouwen van het team Ruimtelijke en Economische Ontwikkeling (REO) houdt zich bezig met het onderhoud en beheer van een deel van gebouwen waarvan de gemeente eigenaar is. Het gemeentelijke Sportbedrijf onderhoudt 11 gebouwen. De vastgestelde Nota 's Grond- en vastgoedbeleid (2021) en Accommodatiebeleid maatschappelijk vastgoed (2022) geven aan welke panden behouden worden of hoe die keuze bepaald moet worden. De verdere implementatie van deze nota's zorgt voor een verdere professionalisering van onze beheer systematiek. Beheer en onderhoud kapitaalgoederen Wij hebben bij het onderhoud van deze gebouwen rekening gehouden met de opgave van het Meer Jaren Onderhouds Plan (MJOP) zoals dat in de Nota kaptaalgoederen 2018-2022 is opgenomen. Hierbij is – binnen de kaders van de reserve onderhoud gebouwen- gekeken naar nut- en noodzaak voor uitvoering. Zo investeerden we maar beperkt in panden die op korte termijn een andere invulling krijgen of gesloopt gaan worden (bijvoorbeeld om de door de raad vastgestelde Ontwikkelstrategie uit te voeren). Als de uitvoering van de werkzaamheden nog verantwoord uitgesteld kon worden zijn die werkzaamheden in de tijd verschoven.

De door ons in O-Prognose uitgewerkte beheer systematiek wordt nu gebruikt als leidraad voor het uitvoeren van het jaarlijks onderhoud van onze gebouwen. We kunnen jaarlijks controleren wat nut & noodzaak is van onderhoud en daar op sturen. In 2022 zijn onder andere de volgende werken uitgevoerd en afgerond: -

Buitenschilderwerk diverse gebouwen in beheer. Verbouw badgebouw De Leijen Interne aanpassing wijkcentrum De Kouwe Vervangen brandmeldinstallatie Gemeentehuis

De totaal uitgaven zijn in het kalenderjaar 2022 wat lager uitgevallen dan het beschikbare budget, zodat een gedeelte aan de reserve gebouwen kan worden toegevoegd. Ontwikkelingen Ook heeft de uitwerking van de Ontwikkelstrategie gevolgen op onze werkzaamheden. Bij panden die wij in beheer hebben en opgenomen zijn in de plannen van de ontwikkelstrategie wordt alleen noodzakelijk instandhoudingsonderhoud uitgevoerd. De 3 leegstaande panden zijn ook opgenomen in de ontwikkelstrategie. Van deze panden zijn alle contractuele onderhoudsverplichtingen opgezegd. Hiervoor wordt een sloopkrediet aangevraagd.

79

Naast deze gebouwen zijn er ook nog tientallen scholen in de gemeente waarvan het beheer- en onderhoud volledig onder de verantwoording van de schoolbesturen valt. Voor nieuwbouw en sloop is de gemeente aan zet. Dit ligt beleidstechnisch bij het team Samenleven. Bij de nieuwe ontwikkelingen van de multifunctionele centrums (MFC) kijken wij regelmatig mee bij de programma's van eisen (PVE) van het deel waar de gemeente bij dit gebouw een beheerstaak heeft. Vaak gaat het dan om gymzalen. Daarnaast is er in het afgelopen jaar veel energie gestoken in de begeleiding en voorbereiding van nieuwe bouwprojecten zoals de nieuwbouw van De Welle, Sporthal De Drait, verbouw pand Carins. Door aan de voorkant van deze grote projecten goede keuzes te maken, kunnen de latere onderhoudslasten op een positieve manier beïnvloed worden. Ook zitten we in projectgroepen van lopende projecten denk hierbij o.a. aan verbouw gemeentehuis, Oudega aan het water, Parkhaven, Museum Veranderingen in de portefeuille Nieuwbouw en ontwikkelstrategie hebben ook tot gevolg dat er bestaande panden leegkomen. Welke in de toekomst gesloopt zouden moeten worden of overgedragen aan een nieuwe partij die daar dan een andere invulling geeft. In 2022 zijn 2 panden gesloopt (Nachtegaalstraat 36, Sporthal De Drait). In 2022 is één gebouw opgeleverd en is één gebouw aangekocht. Aantal verkopen was nul.

Daarmee is het aantal gebouwen nu 57. Reserve Onderhoud gebouwen Het gevolg van nieuwbouw vanuit het beleidsteam en de ontwikkelstrategie is dat we bij verschillende panden alleen instandhoudingsbeheer uitvoeren en geen investeringen meer doen. Dit heeft invloed op de uitgaven in een kalenderjaar. De uitgaven zullen hierdoor lager zijn dan het beschikbare budget van dat kalenderjaar. In de Nota Grond- en vastgoedbeleid is vastgelegd dat deze vrijkomende gelden terug vloeien in de reserve gebouwen. Dit is nodig om toekomstig onderhoud aan de kapitaalgoederen te kunnen uitvoeren. Voor het verduurzamen van gemeentelijke maatschappelijk vastgoed zijn bovendien aanvullende investeringen vereist (en wettelijk verplicht). Verduurzaming gemeentelijk vastgoed Er is bij het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden gelijk gekeken naar mogelijkheden om energie te besparen. Waar mogelijk zijn deze besparende maatregelen toegepast. Het gaat dan om het upgraden van isolatiewaarden van daken waar de dakbedekking is vervangen, aanbrengen van led verlichting en het all-electric maken van enkele kleinere objecten. -

Op het dak van het chauffeursverblijf op het Transferium zijn warmtepompen aangebracht. Zonnecollectoren badgebouw De Leijen voor elektrische boilers.

80

Paragraaf Financiering Inleiding De wettelijke bepalingen over de financieringsfunctie zijn opgenomen in de wet FIDO (wet Financiering Decentrale Overheden) en de daaraan gelieerde uitvoeringsregelingen. In onze financiële verordening en het Treasurystatuut Smallingerland staan de kaders beschreven waarbinnen het college geldstromen, vermogenswaarden, posities en risico's kan en moet beheren. De commissie BBV heeft een afzonderlijke rentenotitie opgesteld waarin de uitgangspunten voor de verwerking van de rentelasten en –baten in de begroting opgenomen zijn. Renteontwikkeling In de begroting 2022 is gerekend met een interne rekenrente van 0,8%. In werkelijkheid kwam de te hanteren interne rekenrente uit op 0,74%, daarmee valt de afwijking binnen de toegestane bandbreedte van 25% bij jaarrekening. Er was daarom geen correctie nodig op de aan de taakvelden toegerekende rente.

In onderstaand overzicht is het renteresultaat weergegeven: Renteresultaat 2022 Bedragen * € 1.000 Externe rente over korte en lange financiering De externe rentebaten Totaal door te rekenen externe rente Doorberekende rente grondexploitaties Rente projectfinanciering (doorgeleende gelden aan woningbouwverenigingen) Saldo door te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen (reserves) Rente over voorzieningen Totaal toe te rekenen rente aan taakvelden Werkelijk toegerekende rente aan taakvelden Renteresultaat op taakveld Treasury

Begroting Realisatie (na wijz.) 2022 2022 1.019 962 -20 -19 1.000 943 30 19 -40

-51

989 0 0 989

911 0 0 911

1.547

1.530

558

620

Het renteresultaat viel gunstiger uit omdat we minder langlopende leningen hebben hoeven aantrekken dan begroot. Alleen in januari is nog een lening van € 10 miljoen (rentetarief: 0,637%) aangetrokken ter consolidatie van kortlopende schulden. De hogere inkomsten via de algemene uitkering en minder uitgaven aan investeringen zijn de belangrijkste redenen hiervoor. Afgelopen jaar zagen we wel een sterk stijgende lijn in de rentetarieven op de geld- en kapitaalmarkt. Belangrijkste reden hiervoor zijn de renteverhogingen die de Europese Centrale Bank (ECB) heeft doorgevoerd om de inflatie, als gevolg van het uitbreken van de oorlog in Oekraïne, te bestrijden. Zolang de inflatie hoog blijft zijn verdere stijgingen van het rentetarief aannemelijk. Hoe de rente zich op langere termijn zal ontwikkelen is moeilijk te voorspellen. Naast de inflatie zijn er andere elementen die daarin meespelen bijvoorbeeld, de situatie in de bankensector, de houdbaarheid van de schuldposities in Zuid-Europa en of er een economische recessie komt. Het lijkt onwaarschijnlijk dat de hele lage rentetarieven van tot begin 2022 zullen terugkeren. Renterisicobeheer Kasgeldlimiet en ontwikkeling netto vlottende schuld De gemiddelde netto vlottende schuld per kalenderkwartaal wordt getoetst aan de kasgeldlimiet. Het begrotingstotaal aan lasten conform de primitieve begroting 2022 is € 199,5 mln.

De toegestane kasgeldlimiet is 8,5% van dit bedrag ofwel € 16,9 mln. Uit onderstaande tabel blijkt dat de vlottende schuld in 2022 binnen de door de wet FIDO vastgestelde kasgeldlimiet is gebleven.

81

Kasgeldlimiet Bedragen x € 1.000 Gemiddelde netto vlottende schuld Kasgeldlimiet Ruimte onder de kasgeldlimiet

1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

-13.896 -16.958 3.062

-9.397 -16.958 7.561

5.378 -16.958 22.336

6.534 -16.958 23.492

Renterisiconorm In de Wet Financiering Decentrale Overheden staat vermeld dat gemeenten zich moeten houden aan de renterisiconorm. Het doel van de renterisiconorm is om ervoor te zorgen dat het renterisico bij herfinanciering beheerst wordt. De jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen mogen niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Onderstaand tabel laat zien dat wij afgelopen jaar binnen deze norm zijn gebleven en ook de komende jaren verwachten aan de norm te voldoen. Renterisico norm Bedragen x € 1.000 Renteherzieningen (1) Aflossingen (2)*

2022

2023

2024

2025

0 8.773

0 19.273

0 16.273

0 12.690

Renterisico (1+2) Renterisiconorm Ruimte onder norm

8.773 39.901 31.127

19.273 41.715 22.442

16.273 41.600 25.327

12.690 41.600 28.910

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal jaar T 199.503 208.577 208.000 208.000 Percentage regeling 20% 20% 20% 20% Renterisiconorm 39.901 41.715 41.600 41.600 * De aflossingen van leningen doorgeleend aan de Woningbouwverenigingen zijn niet meegenomen. De woningbouwverenigingen zijn zelf verantwoordelijk voor de herfinanciering. De aflossing op deze leningen bedroeg € 1,23 miljoen in 2022. Bij het aantrekken van nieuwe leningen wordt rekening gehouden met spreiding in looptijden en is lineaire aflossing het uitgangspunt, om het renterisico te beperken, maar ook te kunnen anticiperen op de actuele ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt. Ontwikkeling leningenportefeuille In onderstaand tabel wordt het verloop van de leningenportefeuille (exclusief de doorgeleende leningen) weergegeven: Bedrag x € 1.000 93.900 -8.773 10.000 95.127

Omschrijving Stand langlopende leningen per 1-1-2022 Aflossingen Nieuwe leningen Stand langlopende leningen per 31-12-2022

De huidige langlopende leningen hebben doorlooptijden van 10 tot 30 jaar. Het gemiddelde rentepercentage is 0,90%. Gewaarborgde geldleningen De gemeente staat borg voor diverse leningen. Voor een overzicht van de gewaarborgde geldleningen, wordt verwezen naar de toelichting op de niet uit de balans blijkende verplichtingen. De qua omvang grootste gewaarborgde leningen betreffen de leningen voor woningbouwcorporaties waarvoor het Waarborgfonds Sociale Woningbouw garant staat. Het risicoprofiel van deze leningen is daarom laag te noemen. Het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) geeft garanties aan financiers van woningcorporaties voor sociale woningbouwprojecten en leningen voor maatschappelijk vastgoed. Zo kunnen corporaties geld lenen tegen gunstige voorwaarden.

82

Om dergelijke garanties te kunnen geven, is een gelaagde zekerheidsstructuur opgebouwd waarin ook gemeenten een aandeel hebben. Wanneer een corporatie schade oploopt, en dit niet zelf kan opvangen, geldt de reserve van de WSW als zekerheid, aangevuld met de op te vragen borg van de deelnemende corporaties. Daarna worden het rijk (50%) en de gemeenten (50%) aangesproken, waarbij het zwaartepunt bij die gemeenten ligt waarbinnen de in problemen geraakte corporaties opereren. De bijdrage van gemeenten bestaan dan uit renteloze leningen aan het WSW. Wij staan als aandeelhouder van HVC – mede – garant voor de aangegane geldleningen van HVC. De garantstelling heeft alleen betrekking op de leningen die zijn aangegaan voor de verwerking van afval. Schatkistbankieren De verplichting tot schatkistbankieren is in de wet financiering decentrale overheden (wet FIDO) vastgelegd. Het kabinet verplicht de gemeenten hun kasoverschotten, boven een drempelbedrag, onder te brengen bij de rijksoverheid. Door consolidatie van de onderlinge schuldverhouding tussen de rijks- en decentrale overheden zou de EMU-schuld van de collectieve sector dalen. Gemeenten mogen hun overtollige financiën tot een bepaald drempelbedrag buiten de schatkist van het Rijk aanhouden. Het drempelbedrag is gelijk aan 2% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen.

Voor onze gemeente was de drempel over 2022 daarom € 3,990 miljoen. Schatkistbankieren Bedragen x € 1.000 Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Drempelbedrag Ruimte (+) overschrijding (-)

1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

1 3.990 3.989

163 3.990 3.827

4.601 3.990 -611

2.247 3.990 1.743

De gemeente zat in het 3e kwartaal tijdelijk boven het drempelbedrag (onder andere door extra middelen vanuit het gemeentefonds en uitkering btw compensatiefonds). De kasoverschotten boven het drempelbedrag zijn vanaf het 4e kwartaal ondergebracht bij de schatkist. In het 4e kwartaal zat de gemeente daarom weer onder het drempelbedrag. Per 31-12-2022 was het saldo bij de schatkist nihil. Wet Houdbare Overheid Financiën (wet HOF) en EMU-saldo Als gevolg van Europese regelgeving mogen EU-lidstaten een begrotingstekort (EMU-saldo) hebben van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (BBP). Aan dit maximale tekort van 3% hebben, naast de Rijksoverheid, ook de decentrale overheden een aandeel. Voor de periode 2019-2023 bedraagt het aandeel voor de decentrale overheden hierin 0,4%, waarvan voor gemeente 0,27%. Om de afzonderlijke provincies en gemeenten tijdig een beeld te geven wat dit voor hen betekent heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) in lijn met de Wet Hof, individuele EMU-referentiewaarden gepubliceerd. De referentiewaarden voor de gemeente Smallingerland in 2022 bedroeg -€ 7,3 miljoen. Op basis van de realisatie 2022 bedraagt het EMU saldo € 1.477. Dit wordt veroorzaakt door de gerealiseerde investeringen. Ontwikkeling EMU-saldo

Begrotingsresultaat voor mutaties reserves Afschrijvingen Mutatie voorzieningen Investeringen Mutatie voorraden grondexploitatie EMU-saldo

Rekening 2021 9.661 6.930 1.420 -13.413 217 4.815

Bedragen x €1.000 Rekening Begroting 2022 2022 12.766 3.754 8.100 7.284 6.055 -300 -26.895 -34.173 1.421 -1.061 1.477 -24.496

Een individuele EMU-referentiewaarde betreft geen norm, maar een indicatie van het aandeel dat een provincie of gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft. Het aandeel in het EMU-tekort betreft een inspanningsverplichting, er staat momenteel geen sanctie op een eventuele overschrijding van het toegestane EMU-tekort.

83

Paragraaf Bedrijfsvoering Deze paragraaf geeft inzicht in de bedrijfsvoering van de gemeente Smallingerland. Algemene toelichting Het college vindt het belangrijk dat de ambtelijke organisatie in staat is om op een goede manier invulling te geven aan de veranderende rol van de overheid. Daarom hebben we een organisatieontwikkelingstraject gestart. In de Kadernota 2022-2025 hebben we de stand van zaken van dit traject geschetst. In deze jaarrekening wordt een toelichting gegeven op de activiteiten in 2022. Wat wilden we bereiken en wat hebben we daarvoor gedaan? In 2022 hebben we de visies neergezet. Zowel voor buiten als voor binnen zetten we in Smallingerland de mens voorop. Dat staat in onze samenlevingsvisie en organisatievisie die uw raad voor de zomer heeft ontvangen. Samen met de organisatie zijn stappen gezet om tot het uitvoeringsprogramma te komen, zodat we de visies concreet waar kunnen maken. Hieronder volgt een terugkoppeling van de verschillende thema's en de stappen die zijn gezet in het realiseren van onze ambities. We werken vanuit Eigenaarschap Communicatieve organisatie Vanuit het programma Klaar voor de toekomst is helder schrijven en adviseren een van de onderdelen waar we aandacht aan geven. In 2022 zijn collega's -die regelmatig en minder regelmatig- adviseren aan de directie, portefeuillehouders, college en/of aan de raad, getraind in helder adviseren.

Hier hebben we op geëvalueerd en bijgesteld. In 2022 hebben we tegelijkertijd er aan gewerkt om te zorgen dat het niet bij een eenmalige actie blijft, maar hebben we de voorbereidingen getroffen om hier de komende jaren opvolging aan te blijven geven. Daarnaast hebben we aan ondersteuning van onze medewerkers op dit gebied gewerkt door te zorgen voor lijsten met aandachtspunten bij advisering. Organisatieontwikkeling We hebben in 2022 in de organisatie onderzoek gedaan naar hetgeen nodig is om invulling te geven aan een Smallingerland waar de mens voorop staat. Dit op basis van met name diverse heisessies, bijeenkomsten met medewerkers, de motie deltaplan en aanbevelingen van de accountant. Uitkomsten komen in het uitvoeringsprogramma terecht voor de komende jaren. In 2022 hebben we het uitvoeringsprogramma in concept afgerond. We werken vanuit Waarmaken Programmatisch en projectmatig werken Voor het programmatisch- en projectmatig werken is een plan gemaakt voor een verdere professionalisering van de projectrollen uit de organisatie en beheersbaarheid van de projecten. Daarnaast hebben we in 2022 aansluiting gezocht bij de Vereniging Projectmanagement Nederlandse Gemeenten (VPNG), de organisatie die vanuit meer dan 250 gemeenten een algemene leidraad heeft ontwikkeld. Dit wordt het richtsnoer voor onze organisatie.

Hierdoor creëren we een solide basis voor de rollen die betrekking hebben op programmatisch sturen en projectmatig werken. Ook kunnen de medewerkers opleidingen en trainingen volgen die aansluiten op de gekozen methodiek en bijbehorende leidraad. Rechtmatigheidsverantwoording Gemeenten en provincies moeten in de nabije toekomst zelf in de jaarrekening verantwoording afleggen over de rechtmatigheid van het gevoerde bestuur. De accountant beperkt zich dan tot een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening. Naar verwachting geldt deze verplichting voor het eerst voor het verslagjaar 2023. In 2022 zijn we gestart met het voorbereiden hier op.

84

Modernisering P&C-cyclus / The P&C Experience In 2022 is verder uitvoering gegeven aan de modernisering van de P&C-cyclus. Dit heeft onder andere geleid tot versimpeling van een aantal administratieve processen binnen de financiële administratie en het vaststellen van de Financiële verordening en de nota reserves, voorzieningen en risicobeheersing door de gemeenteraad. Ook is er meer aandacht gekomen voor de inhoud en samenhang van teksten in de twee bestuursrapportages van 2022 en de begroting 2023. Verder hebben we stappen gezet voor het op orde brengen van de financiële basis. We hebben een concreet stappenplan welke onderwerpen wanneer worden opgepakt. Daarnaast hebben we extra capaciteit geworven om de financiële processen te verbeteren en te optimaliseren. Hybride werken Door corona is het hybride werken in een stroomversnelling gekomen. Uitgangspunt is en blijft dat de dienstverlening centraal staat en dat de bedrijfsvoering niet belemmerd wordt. We hebben er in 2022 voor gekozen om, in verband met de verbouw van het gemeentehuis, niet vooruit te willen lopen op de ontwikkeling van het hybride werken. Daar waar daadwerkelijk nodig, is aandacht besteedt aan onder andere ICT-apparaat en veilige en gezonde werkplekken. We werken Samen Concerncontrol Voor een goede bedrijfsvoering is een concernbrede controlfunctie van belang.

In 2021 hebben we hiermee een start gemaakt door de inzet van een kwartiermaker Concerncontrol en daar zijn we in 2022 mee verder gegaan. De kwartiermakersfase is in 2022 afgerond en we hebben een Concerncontroller geworven. Hiermee bestendigen we de aanbevelingen vanuit de kwartiermakersfase. Rondom de jaarwisseling 2021/2022 ondervonden we hinder van een kwetsbaarheid in software die door meerdere gemeentes wordt gebruikt. Door adequate risico-inventarisatie en tijdige patching van deze software heeft de inwoner hier geen hinder van ondervonden. Door de implementatie van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) hebben we mogelijkheden in huis gekregen om kritische kwetsbaarheden in kaart te brengen en tijdig te signaleren om eventuele digitale aanvallen zo goed mogelijk te voorkomen of pareren. Inkooporganisatie en inkoopbeleid Uit de jaarrekeningcontrole blijkt dat we ons op het vlak van rechtmatigheid van aanbestedingen fors kunnen verbeteren en moeten. Daarom hebben we in 2022 inkoopstrategieën opgesteld die zullen bijdragen aan het oplossen van onrechtmatigheden in 2023 en verder. Daarnaast is de gemeente Smallingerland bezig met het maken van een professionaliseringsslag op het gebied van Inkoop. Met deze professionaliseringsslag wordt de kans op toekomstige onrechtmatigheid steeds kleiner.

Zo wordt er sinds 2022 gewerkt met een inkoopsysteem waar de inkopen gemeld kunnen en dienen te worden. Ook is in 2022 begonnen het onderzoek naar een contractbeheersysteem, daarmee krijgen we een goed beeld van de verplichtingen die we zijn aangegaan en daarmee actieve signalering bij aflopende contracten. Daarnaast zijn in 2022 inspanningen verricht om een aanbestedingskalender te ontwikkelen, met het doel dat daarmee rekening gehouden kan worden met de planning en de capaciteit van inkoop bij de komende aanbestedingen. Omgevingsgericht werken We vinden het belangrijk om omgevingsgericht te werken. In de samenlevingsvisie die in 2022 is gepresenteerd, staan daar voorbeelden van. Factor C is een van de methodieken die we daarvoor in wilden zetten, maar daar hebben we nog geen invulling aan kunnen geven. De beschikbare capaciteit is ingezet voor het verkennen aan het werken aan participatie en hoe we dit verder kunnen ontwikkelen. Verbouw gemeentehuis Begin 2022 heeft de raad besloten om de benodigde middelen voor de verbouwing weer op te nemen vanaf 2023. Op basis van dit besluit heeft het project medio 2022 een herstart gekregen, ditmaal onder de naam "Verbouw Gemeentehuis". Om het project goed en gestructureerd uit te voeren moet een aantal fases doorlopen worden. De analysefase is inmiddels afgerond.

De volgende fase is de actualisatiefase waarin de huisvestingsvisie, het programma van eisen en het voorontwerp geactualiseerd worden.

85

Proceseigenaarschap en dashboard We zijn gestart met de ontwikkeling van het zogenoemde HRM-Finance dashboard, dit geeft inzicht in de formatieve begroting en bezetting. Dit inzicht draagt bij aan een beter strategische personeelsplanning. In 2022 is gestart met verkenning op datavisie en datastrategie, die ontwikkeld worden in 2023. Ook hebben we 2022 benut voor de verkenning van proceseigenaarschap wat in 2023 verder ontwikkeld wordt. De proceseigenaar is verantwoordelijk voor kwaliteit van een bepaald proces en richt zich op continue verbetering wat bijdraagt aan betere dienstverlening en eventueel kostenbesparing. Microsoft Office en Teams We hebben Microsoft Office 365 en daarmee ook Microsoft Teams uitgerold in de organisatie, waarmee we de samenwerking met partners professionaliseren en ook gemakkelijker en veiliger werken. We werken vanuit de Bedoeling Begrijpelijke en toegankelijke communicatie In 2022 heeft een samenvoeging plaatsgevonden van aan communicatie gerelateerde formatie. Voorheen was deze formatie verspreid over verschillende teams. Daardoor kunnen we inwoners, organisaties en ondernemers nog beter faciliteren. We hebben in 2022 een oersetter in dienst genomen, waardoor ook het Fries een prominentere plek in onze communicatie krijgt.

De communicatie met inwoners, ondernemers en organisaties heeft in 2022 over diverse kanalen plaatsgevonden, zoals onze gemeentelijke website (maandelijks 18.000 bezoekers) een tweewekelijkse nieuwsbrief (bijna 2.000 abonnees) en persberichten, circa 100 per jaar. Daarnaast ook via diverse sociale media zoals Facebook, Instagram, Twitter en LinkedIn. Door analyses te maken krijgen we steeds meer inzicht van wat er leeft onder inwoners en stemmen we onze communicatie hier meer op af. Door veel personele wisselingen en onvoldoende capaciteit is de ontwikkeling van de kanaal- en contentstrategie niet gerealiseerd. De beschikbare capaciteit is met name ingezet om te analyseren hoe we informatie begrijpelijker en toegankelijker kunnen maken en daarbij te verkennen waar we vanuit diverse wet- en regelgeving aan moeten voldoen. Doelmatigheid- en doeltreffendheidsonderzoek Art. 213a verplicht het college periodiek onderzoek te doen naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van haar beleid, in 2022 hebben geen onderzoeken plaats gevonden. Overigens wordt er wel degelijk onderzoek gedaan naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van beleid binnen de gemeente, zij het via de projecten Modernisering P&C en Basis op orde. Deze projecten worden uitgevoerd vanuit het programma Klaar voor de Toekomst.

Aantrekkelijk werkgeverschap Het is steeds lastiger voor werkgevers in Nederland om personeel te vinden en te behouden. Dit geldt ook voor de gemeente Smallingerland. De organisatie ziet aantrekkelijk werkgeverschap daarom als prioriteit. Zo is er in 2022 onder meer een adviseur werving & Selectie aangetrokken welke de laatste trends en ontwikkelingen op de arbeidsmarkt volgt, inzet op het aantrekken van talent en samen met collega's de gemeente Smallingerland nog prominenter op de kaart zet. Het actief benaderen, in geval van openstaande vacatures, heeft inmiddels al succesvol kandidaten opgeleverd. Voor het zelf werven van personeel, dat voorheen vaak via gespecialiseerde bureaus ging, gold hetzelfde. Naast het aantrekken van personeel hebben we ons ook ingezet om onze huidige medewerkers blijvend te binden en boeien. We hebben daarom het opleidingsbudget vergroot zodat medewerkers mee kunnen bewegen en zich kunnen ontwikkelen op verschillende vlakken, gericht op een cultuur waarin 'ontwikkelen' normaal is en waar we slim omgaan met elkaars talenten. We werken momenteel aan het verder verbeteren van onze secundaire arbeidsvoorwaarden, waarmee we verwachten gemakkelijker nieuwe medewerkers aan te kunnen trekken en de uitstroom van onze huidige medewerkers beperken.

86

Openbaarheid De openbaarheidsparagraaf is een nieuwe verplichte paragraaf in de jaarverantwoording die voortvloeit uit de Wet open overheid (hierna: Woo). Met ingang van mei 2022 is deze wet in werking getreden. Deze wet is de opvolger van de Wob (Wet openbaarheid van bestuur). De focus van deze openbaarheidsparagraaf is de beschrijvende en kwalitatieve verantwoording op hoofdlijnen over de activiteiten die zijn uitgevoerd in 2022 op de thema’s informatiehuishouding (bestaand beleid), de actieve openbaarmaking (nieuw beleid) en de passieve openbaarmaking (bestaande dienstverlening). De Woo beoogt overheden transparanter te maken door overheidsinformatie beter vindbaar en digitaal toegankelijker te maken; met als fundament “informatiehuishouding op orde”. Informatiehuishouding als randvoorwaarde voor openheid en transparantie In de organisatie bevindt zich een hoeveelheid digitale informatie. Deze informatie bevindt zich in veel verschillende systemen en applicaties. Op grip op deze informatie te krijgen is er een meerjarenplan nodig voor het verbeteren van de informatiehuishouding. Er is vanuit een Woo een checklist opgesteld. Op basis hiervan is in 2022 een projectplan geschreven en een start gemaakt met de uitvoering.

Invoering Woo en actieve openbaarmaking Waar de Wet openbaarheid van bestuur overheden verplichtte informatie op verzoek openbaar te maken, heeft de Wet Open Overheid als insteek om informatie (in specifieke gevallen verplicht) proactief openbaar te maken. Hiervoor is 5 jaar de tijd. Het Rijk draagt ten behoeve van de implementatiekosten bij aan gemeenten. Met actieve openbaarmaking wordt bedoeld het openbaar maken van de informatie van de elf verplichte informatiecategorieën in de Woo en wat meer nodig is om een transparante organisatie te zijn. Organisatiegegevens betreft één van de elf informatiecategorieën. Deze zijn gepubliceerd op de website van Smallingerland. Daarnaast is gestart met de verkenning voor de aanschaf van laksoftware die gemeentebreed, zowel bij actieve als passieve openbaarmaking, kan worden gebruikt. Dit vergemakkelijkt de openbaarmaking. De belangrijkste activiteiten om de bewustwording Woo in de organisatie te vergroten en de Woo te implementeren zijn; • • •

Projecten gericht op concern brede bewustwording, voorlichtingsbijeenkomsten en trainingen. Aanstelling van Woo-coördinator Beleids- en kwaliteitskaders m.b.t. het Woo-proces.

Passieve openbaarmaking Met passieve openbaarmaking bedoelen we het openbaar maken van informatie naar aanleiding van een Woo-verzoek. Deze mogelijkheid is voor de burger niet gewijzigd door invoering van de Woo. De maximale wettelijke afhandeltermijn van een Woo-verzoek bedraagt zes weken (standaard vier weken en indien nodig een eenmalige verlenging met twee weken). Indien zienswijzen moeten worden gevraagd kan deze termijn evenwel met nogmaals twee weken worden opgeschort. Afhandeling Wob/ Woo verzoeken. In 2022 waren 9 Wob-verzoeken en 16 Woo-verzoeken opgenomen in ons zaaksysteem. In 2022 is 1 keer bezwaar gemaakt tegen de afhandeling van een Woo-verzoek.

87

Paragraaf Grondbeleid Deze paragraaf Grondbeleid gaat in op het te voeren grondbeleid en de te verwachten resultaten. De inhoud van deze paragraaf is in lijn met het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) en bevat: 1. 2. 3. 4. 5.

De visie op het grond- en vastgoedbeleid; De manier waarop het grond- en vastgoedbeleid wordt uitgevoerd; Een prognose van de resultaten van de totale grondexploitaties; Een onderbouwing van de geraamde winstneming; Risico’s in relatie tot het weerstandsvermogen.

Visie op grond- en vastgoedbeleid De gemeente heeft haar ambities vastgesteld in de gemeentelijke omgevingsvisie. Onderdeel van de omgevingsvisie zijn de programma's die zich vertalen in ruimtelijke opgaven zoals o.a. wonen en economie. Ook het gemeentelijk grond- en vastgoedbeleid anticipeert op de omgevingsvisie. Dit vertaald zich in deels een actieve rol, waarbij ook ruimte wordt gegeven aan particuliere initiatieven. Grondbeleid Grondbeleid is een van de instrumenten om ambities en beleid van de gemeente met betrekking tot ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving te bevorderen. Bij de toepassing van het gemeentelijk grondbeleid worden de navolgende principes gehanteerd. 1. De wijze van inzet van het grondbeleidsinstrumentarium wordt per situatie bepaald. Op basis van vastgestelde afwegingscriteria wordt bepaald welke rol(len) en welk(e) instrument(en) de gemeente inzet. 2. De gemeente verwerft gronden onder marktconforme condities waarbij de prijsstelling wordt gewaarborgd door een onafhankelijk uitgevoerde taxatie. 3. Gronduitgifte vindt marktconform plaats op basis van vastgestelde kaders uit het gemeentelijk grondprijsbeleid.

Alleen voor maatschappelijk vastgoed zoals buurthuizen, jongerencentra zonder horecavoorziening, schoolgebouwen, bibliotheken, zorgsteunpunten en wijksportvoorzieningen en sociale huurwoningen is staatssteun toegestaan en worden niet marktconforme grondprijzen gehanteerd. 4. De inzet van de grondbeleidsinstrumenten vraagt op basis van de in het Besluit Begroting en Verslaglegging (BBV) geformuleerde regels actief sturing op risico’s en cash flow. Vastgoedbeleid Vastgoedbeleid is net als grondbeleid een instrument om bij te dragen aan de realisering van gemeentelijke ambities en doelen. Het vastgoedbeleid is gericht op het bieden van huisvesting aan functies die relevant worden geacht voor het functioneren van de samenleving of de eigen gemeentelijke organisatie. Als uitgangspunt voor het in bezit hebben van gemeentelijk vastgoed wordt gehanteerd ‘nee tenzij’. De relaties tussen het gemeentelijk grond- en vastgoedbeleid ontstaan op het moment dat: a. Gemeentelijk vastgoed zijn functie verliest en besloten wordt tot herontwikkeling van die locatie (sloop en realisatie nieuwe functie, zoals o.a. via de Ontwikkelstrategie gebeurt); b. Bouwrijpe grond t.b.v. maatschappelijk vastgoed of gemeentelijke huisvesting wordt ontwikkeld.

88

Uitvoering Onderhanden werken Onderhanden werken zijn projecten (actieve grondexploitaties) waarbij de gemeente gronden verwerft, bouw- en woonrijp maakt en deze bouwgronden verkoopt aan particulieren of ontwikkelaars. Onderhanden werken zijn door de raad vastgesteld en reeds in uitvoering. In 2022 zijn een tweetal nieuwe projecten, te weten Vrijburgh fase 2 en de Ontwikkelstrategie gestart. Er zijn geen projecten afgesloten. De volgende projecten zijn in uitvoering:

Lopende grondexploitaties (OHW) Complex De haven/Insteekhaven Woonwagens, Drachtstercompagnie en Wetterwille Diverse gronden i.e. Middelgeast fase 2+3 Bedrijvenstroop NHW/Nijtap Drachtstervaart West Vrijburgh fase 1 Maartenswouden Drachtstercompagnie De Peinder Mieden Vrijburgh fase 2 Ontwikkelstrategie Totaal

(- = voordeel) Bedragen x € 1 miljoen Boekwaarde 31-12-2022 - 0,71 0,65 0,0 0,72 -0,09 0,46 -1,07 -0,30 -0,04 -0,28 0,64 0,49 -1,99

Particuliere ontwikkelingen Particuliere ontwikkelingen zijn projecten waarbij de bouwgronden in het bezit zijn van een private partij en door die partij ook zelf worden ontwikkeld. De gemeente faciliteert de plannen van private partijen als daarvoor een bestemmingswijziging noodzakelijk is. De ( apparaats)kosten worden verhaald op de ontwikkelende partij. De gemeente loopt bij deze projecten alleen risico bij vertraging, omdat in dat geval de plankosten oplopen. In 2022 zijn 18 projecten geopend. Dit resulteert in het volgend overzicht met de particulier initiatieven:

89

8080 8083 8084 8085 8090 8093 8095 8096 8097 8098 8099 8100 8101 8102 8103 8104 8105 8106 8107 8108 8109 8110 8111 8112 8113 8114 8115

Uitbreiding Houtigehage Efterwei, Rottevalle Hooiweg-Burefen Uitbreiding vd Valk In de Luwte 1 Geelgorstraat Ratelwacht Kreanlânswei 18, De Veenhoop Westerbuorren 20, Boornbergum Moleneind ZZ 95 Nijtap 69 Lange West 15A Nijewei 80 Boornbergum Achterwei 24 Oudega Kletsterlaan De Finsjes Rottevalle Burgemeester Wuiteweg 136 Morra Haven 15, 17, 17A Rottevalle Karmelklooster hoek Oppers-Drift Fallaetswei 12A Mûntsgroppe 2+4 Rottevalle Kop Tussendiepen Stationsweg Bildwei 48 Rottevalle Noordkade 34

Uitgangspunt van kostenverhaalslocaties is het budgetneutraal ontwikkelen van pro jecten. Dit houdt in dat alle kosten die de gemeente maakt wordt verhaald op initiatiefnemer. Bij nieuwe anterieure overeenkomsten worden afspraken gemaakt om voornoemde risico’s financieel sluitend op te vangen. Financiën en risico's De grondexploitaties worden jaarlijks geactualiseerd. Het resultaat van een grondexploitatie wordt bepaald door parameters, kosten en opbrengsten en verkoopverwachtingen. Deze kunnen wijzigen waardoor periodieke actualisatie nodig is. Parameters Bij het opstellen van grondexploitaties vervullen de financiële parameters een belangrijke rol. De parameters gaan gepaard met de nodige onzekerheden. Hiermee wordt in de tijd zoveel mogelijk rekening gehouden. Sinds de jaarrekening 2022 worden de volgende parameters gebruikt in de doorrekening van de grondexploitaties: Parameters Rekenrente Kostenstijgingen v.a. 2022 Opbrengststijgingen 2023 woningbouw Bedrijventerreinen Opbrengststijging na 2023 Woningbouw bedrijventerreinen Disconteringsvoet

% 0,6 tot 2% (gedifferentieerd) 4% 2% 0-2%

0% 0% 2%

Rekenrente De toerekening van rente aan grondexploitaties vindt plaats overeenkomstig de door de raad vastgestelde rentenotitie. Dit is dus een vast gegeven. Op grond van de nieuwe BBV richtlijn is de 90

rente herrekend. Per 1-1-2022 is het rentepercentage voor de grondexploitaties vastgesteld op 0,6%. De grondexploitaties lopen over meerdere jaren. Omdat de rente onderhevig is aan fluctuaties is het verstandig hiermee rekening te houden in de grondexploitaties. Om deze reden houden we rekening met een jaarlijks met 0,25% oplopend rentepercentage tot maximaal 2% voor de periode vanaf 2022 tot het einde van de grondexploitatie. Kosten- en opbrengststijging De parameters voor kosten- en opbrengstenstijging baseren we op de jaarlijkse publicatie Outlook Grondexploitaties van bureau Metafoor. Deze publicatie zet de meest recente jaarcijfers en prognoses van toonaangevende instanties op een rij. Zo ontstaat een goed beeld van de kosten en de grondwaardeontwikkeling in de komende jaren. Technische uitleg daarover las u in de Uitgangspuntennotitie Grondbeleid 2022. Het te hanteren percentage voor kosten- en opbrengststijgingen wordt voornamelijk door externe factoren bepaald. Gekeken is naar de prijsindexen van grond-, weg- en waterbouw (GWW) en naar de prijs van arbeid. De indexen schommelen sterk, waarbij de schommelingen in beide indexen niet synchroon lopen. De index van de prijs van arbeid over 2022 1 zit rond de 2,8%. De index van GWW is over 20222 14,9%.

Om ervoor te zorgen dat de schommelingen in de kosten- en opbrengststijgingen niet te groot zullen zijn gaan we uit van de gemiddelde index over 3 jaar. Arbeid komt dan op 2,3% en GWW op 7,2%. Index in % Prijs van arbeid GWW

2020 1,60 0,56

2021 2,60 5,39

2022 gem 2,80 2,3 15,91 7,2

Onderzoek door Stec toont aan dat de meeste gemeenten de verwachting uitspreken om de grondprijzen in 2022 te verhogen. De stijging van de grondprijzen gaat niet gelijk op met de stijging van de vrij op naam prijzen van de woningbouw. Deels wordt dat veroorzaakt doordat ook de bouwkosten het afgelopen jaar boven elke verwachting uitgestegen zijn. Ook de Metafoor Outlook Grondexploitaties voorziet een verdere stijging van de grondprijzen. Op basis hiervan zijn is sinds de jaarrekening 2022 een verhoging van de grondprijzen voor woningbouw en bedrijventerreinen doorgevoerd. Disconteringsvoet De disconteringsvoet is het rekenpercentage dat gebruikt wordt om toekomstige kasstromen contact te maken, om de contante waarde te bepalen. De commissie BBV schrijft In de notitie Grondexploitatie dat de disconteringsvoet voor alle gemeenten gelijk is gesteld aan het maximaal meerjarig streefpercentage van de Europese Centrale Bank voor de inflatie binnen de Eurozone. Vanaf 2022 bedraagt deze 2% Bouwgrond in exploitatie – resultaten Resultaat In onderstaande tabel is te zien hoe de winstverwachting is opgebouwd in de opeenvolgende rapportages.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13042316/1