CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

d. notitie met beantwoording vragen

Raad 2 november 2023, gemeente SluisBij agendapunt: Voorstel tot het gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Regiopark Oostburg30.987 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Ontwikkelingen buiten het kader van het bestemmingsplan zijn niet mogelijk. De initiatiefnemer moet zich houden aan de regels van het bestemmingsplan. De flexibiliteit zal binnen deze kaders moeten passen. Als de bedrijfsvoering past binnen de geldende wet- en regelgeving mengt de gemeente zich hierin niet, van gemeentewege is hierover dus geen overleg gepland. 27.57 Het volgen van trendgevoelige concepten kent ongekend risico's o.a. voor de omwonenden. In hoeverre wordt hier rekening mee gehouden? Voor de beantwoording van deze vraag wordt verwezen naar het antwoord op vragen 27.55 en 27.56. 39

27.58 "organische ontwikkelingen, circulaire principes en co-creatie”. Waaraan herkennen wij deze? Voor de beantwoording van deze vraag wordt verwezen naar het antwoord op vragen 27.55 en 27.56. 27.59 Is er onderzoek gedaan naar de haalbaarheid van deze plannen? Voor beantwoording verwijzen we u naar hoofdstuk 6 van de toelichting van het bestemmingsplan. Tevens kan verwezen worden naar onze overwegingen in hoofdstuk 11 van de notitie zienswijzen over behoefte naar aanleiding van de ingediende zienswijzen. 27.60 Op welke wijze en kunt u de resultaten van dit onderzoek overleggen? Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 27.59. 27.61 Wanneer en bij welke doelgroep is dit onderzoek gedaan? Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 27.59. 27.62 Bij hoeveel bezoekers is er een break-even punt? Deze vraag is niet relevant voor de bestemmingsplanprocedure. Het raakt aan de bedrijfsvoering, daarom wordt hierop niet ingegaan. 27.63 Zijn er alternatieve locaties voor dit plan in overweging genomen en op grond waarvan zijn deze het niet geworden? Nee, het plan is ingediend naar aanleiding van de door de gemeente uitgeschreven prijsvraag voor deze locatie.

27.64 Wat van de geplande evenementen kan niet in Groede Podium of op het Veerplein (waar minder woonlocaties omheen liggen) en waarom worden deze niet daar gepland? Voorliggend plan is ingediend naar aanleiding van de door de gemeente uitgeschreven prijsvraag voor deze locatie. De in de vraag aangehaalde locaties vormen noch in het kader van de prijsvraag, noch in het kader van de bestemmingsplanprocedure punt van afweging. 27.65 Randvoorwaarde is een positieve exploitatie in elke fase. Financieel positief? Wat gebeurt er als er geen positieve exploitatie is? Met de initiatiefnemer wordt een anterieure overeenkomst gesloten waarin afspraken over kosten worden vastgelegd. Eén van deze afspraken bevat het afwentelen van eventuele planschadeclaims op de initiatiefnemer. De anterieure overeenkomst moet zijn ondertekend voordat het bestemmingsplan wordt uitgevoerd in het licht van economische uitvoerbaarheid van het plan. Planontwikkeling door de initiatiefnemer is voor eigen rekening en risico. In de toelichting op het bestemmingsplan is door de initiatiefnemer aangegeven dat het de bedoeling is om het plan gefaseerd uit te werken waarbij per fase een positieve (financiële) exploitatie nagestreefd wordt.

40

27.66 Welke clausule bouwt de gemeente in in geval van mislukken van plan regio om grondspeculatie te voorkomen? In de anterieure overeenkomst worden afspraken tussen de gemeente en een initiatiefnemer vastgelegd over het ontwikkelen (bebouwen) van een bepaald perceel. Een anterieure overeenkomst is een privaatrechtelijke overeenkomst, waarin de initiatiefnemer zich verplicht tot het betalen van een bijdrage in de kosten die door de gemeente gemaakt moeten worden om de grondexploitatie mogelijk te maken. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de kosten van de aanleg van infrastructuur of aanpassingen van het bestemmingsplan. Daarnaast wordt in deze overeenkomst vastgelegd dat de initiatiefnemer verantwoordelijk is voor eventuele planschade en de uitbetaling hiervan. Eén van de voorwaarden voor vaststelling van het bestemmingsplan door de gemeenteraad is ondertekening – door beide partijen – van de anterieure overeenkomst. Planontwikkeling door de initiatiefnemer is voor eigen rekening en risico. Zie ook de beantwoording van vraag 27.67. 27.67 Op welke wijze kunnen de regels en voorwaarden dan aangepast worden? Indien de initiatiefnemer de grond verkoopt dient de koper zich ook te houden aan de regels van het bestemmingsplan. Er kan altijd een principeverzoek worden ingediend voor een bestemmingsplanwijziging.

In geval medewerking aan een nieuwe invulling van een locatie overwogen wordt worden deze plannen ook weer ter inzage gelegd zoals nu het geval is. Dit geldt voor alle locaties/plannen binnen de gemeente. 27.68 Is de uitbater verplicht de activiteiten van het afgelopen seizoen en de plannen voor het komende seizoen te evalueren? Als het marktconcept trendvolgend is, zijn de evaluaties dan nog van belang? De initiatiefnemer heeft toegezegd in een jaarlijkse cyclus de activiteiten in het plangebied te evalueren met omwonenden. De uitkomsten van de evaluatie vormen input voor de voorbereiding van het nieuwe seizoen. Via de bestemmingsplanprocedure kan de gemeente dit niet verplichten. 27.69 Aan welke andere partners moeten wij hier denken? Deze vraag is onvoldoende duidelijk voor beantwoording. 27.70 Op de nieuwe zoneringskaarten is te zien dat de vijver binnen het bouwvlak valt. Betekent dit dat de langgerekte vijver aan de zuidwestkant zal verdwijnen? Omdat de vijver binnen een bouwvlak valt betekent dit niet dat deze zal verdwijnen. Het is niet de bedoeling om deze vijver te laten verdwijnen, dat zou bovendien niet stroken met de uitkomsten van het natuuronderzoek.

27.71 Is de kleinschalige horeca op het hele terrein mogelijk? Horeca is mogelijk daar waar de functieaanduiding ‘horeca’ van toepassing is (artikel 3.1 onder d), het verkoopvloeroppervlak voor horeca bedraagt maximaal 1.500 m2 (artikel 3.5.2. onder a). Maximaal 10% van het verkoopvloeroppervlak voor horeca mag zich buiten het vlak met de aanduiding ‘horeca’, binnen het bouwvlak bevinden (Artikel 3.5.2 onder b). Horeca kan dus enkel binnen het bouwvlak plaatsvinden.

41

Afbeelding ruimtelijkeplanne.nl met gebied functieaanduiding horeca. 27.72. Hoe wordt de geluidsoverlast van deze horeca geregeld? Voor onze overwegingen ten aanzien van geluid naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. 27.73 Er komt bebouwing voor start-ups. Is deze bebouwing tijdeĩijk? Broedplaatsactiviteiten zijn gericht op het onderzoek naar en het testen van recreatieve concepten, waarin circulariteit een belangrijke rol speelt en/of het onderzoek naar en het testen van streekgebonden producten en diensten voor horeca en recreatie. Het gaat om kantoorachtige en eventueel ambachtelijke activiteiten op het gebied van (creatieve) ontwikkeling. Gebouwen ten behoeve van broedplaatsactiviteiten worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. Gebouwen ten behoeve van broedplaatsactiviteiten mogen uitsluitend in het bouwvlak en ter plaatse van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van recreatie-broedplaatsactiviteiten’ worden gebouwd. b. De gezamenlijke oppervlakte van gebouwen ten behoeve van broedplaatsactiviteiten bedraagt maximaal 300 m². c. De bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van broedplaatsactiviteiten bedraagt maximaal 5 meter. Deze bebouwing is niet tijdelijk.

27.74 Welke eisen en voorwaarden worden gesteld aan de start-ups en partners? Zie de beantwoording van vraag 27.73 27.75 Wordt er voorzien in sanitair en andere voorzieningen op het camperterrein? Artikel 3.2.2 ‘gebouwen ten behoeven van verblijfsrecreatie’ in de regels geeft aan dat er maximaal één sanitair gebouw mag worden gebouwd ten behoeve van de functie aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie-groepskamperen’ . De voorzieningen voor campers zijn beperkt tot infrastructurele voorzieningen als water, elektriciteit en lozen afvalwater. 27.76 "De gronden in het zuidwesten die nu worden gebruikt voor landbouwkundige doeleinden worden ingezet als ruimte voor het verblijf van grote groepen. Er is in de 42

regio nu geen mogelijkheid voor verenigingen en grote groepen om een weekend weg te organiseren, omdat de verblijfsaccommodaties daar niet voor geëquipeerd zijn en de menging met reguliere gasten veelal als belastend wordt ervaren.” Navraag bij bestaande campings leert ons dat deze mogelijkheid er wel degelijk is maar dat de gemeente daar geen toestemming voor geeft. Waarom krijgt firma van Damme wel toestemming om groepen op te vangen en bestaande campings niet? Op grond van de van toepassing zijnde bestemmingsplannen kunnen groepen in principe wel verblijven op verblijfsrecreatieterreinen. In de toelichting op het bestemmingsplan is bedoeld dat op verblijfsrecreatieterreinen de combinatie van reguliere verblijfsgasten niet goed samengaat met groepskamperen met name omdat beiden verschillende inzet vragen op aan te bieden activiteiten. Binnen dit plan komen deze samen omdat ingezet wordt op bijvoorbeeld natuuractiviteiten en evenementen. 27.77 Er is sprake van groeiend campertoerisme en daarom zijn er hier 7 camperplaatsen voorzien. Navraag leert ons weer dat er op de bestaande campings voldoende ruimte is voor campers, dat zij onderling contact hebben als er een enkele keer niet meteen aan de vraag voldaan kan worden zodat er alsnog plek gevonden wordt.

Waarom wil dit plan de concurrentie aangaan met bestaande campings en hun voorzieningen uithollen? Met het plan is beoogd een nieuw recreatief product in het achterland te bieden, het is niet bedoeld om bestaande voorzieningen uit te hollen. 27.78 Moet er geen aparte vergunning worden aangevraagd voor het aanleggen van een camping? De beoogde verblijfsrecreatie kan mogelijk worden gemaakt doormiddel van een bestemmingsplanprocedure. Dit is het soort procedure dat nu doorlopen wordt met het bestemmingsplan Regiopark Oostburg. Met het vervallen van de Wet op de openluchtrecreatie (2008) is de benodigde vergunning op grond van deze Wet voor verblijfsrecreatieterreinen komen te vervallen. Uiteraard kunnen andere vergunningen/ meldingen (o.a. brandveilig gebruik, bouwen) wel aan de orde zijn. 27.79 Als menging met reguliere gasten als belastend wordt ervaren waarom zou de omgeving dit dan niet als belastend ervaren? In de toelichting op het bestemmingsplan is bedoeld dat op verblijfsrecreatieterreinen de combinatie van reguliere verblijfsgasten niet goed samengaat met groepskamperen met name omdat beiden verschillende inzet vragen op aan te bieden activiteiten. Niet bedoeld is dat deze overlast veroorzaken voor reguliere gasten.

27.80 Hoe wordt het verblijf van grote groepen op de gronden in het zuidwesten vorm gegeven? Kamperen is hier toegestaan? Naar aanleiding van de ingediende zienswijzen is de regeling ten aanzien van groepskamperen aangepast. Voor onze overweging op dit punt wordt verwezen naar hoofdstuk 5 van de notitie zienswijzen. 27.81 Welke kampeermiddelen zijn hier toegestaan?

43

Kampeermiddelen is onder artikel 1.44 van de regels gedefinieerd als: tenten, vouwwagens, kampeerauto's, caravans of hiermee gelijk te stellen onderkomens, die bestemd zijn voor recreatief verblijf. 27.82 Is het juist dat de kampeerders zijn op te delen in 2 groepen: Groepskampeerders van max. 100/150/300 personen en kamperen door evenementbezoekers. Dit is niet juist. In artikel 3.5.3 onder e van de regels van het bestemmingsplan is aangegeven dat ‘ Ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie -groepskamperen’ zijn in de periode van 15 maart tot en met 15 november maximaal 50 plaatsen voor groepskamperen toegestaan, waar maximaal 200 personen gelijktijdig in kampeermiddelen mogen overnachten.’ Voor de volledigheid wordt er op gewezen dat naar aanleiding van de ingediende zienswijzen de regeling ten aanzien van groepskamperen is aangepast. Verwezen wordt naar hoofdstuk 5 van de notitie zienswijzen. 27.83 Kunnen festivalbezoekers wel gebruik maken van de kampeerfaciliteiten? Voor een toelichting op de mogelijke combinatie tussen groepskamperen en evenementen wordt verwezen naar hoofdstuk 5 van de notitie zienswijzen. De mogelijkheid tot groepskamperen is niet bedoeld voor de overnachting van bezoekers aan een festival als dat op zich zelf staand wordt georganiseerd. 27.84 Is er sprake van 300 kampeermiddelen? Nee, zie beantwoording vraag 27.81.

27.85 Hoeveel personen mogen tijdens evenementen er overnachten? Voor een toelichting op de mogelijke combinatie tussen groepskamperen en evenementen wordt verwezen naar hoofdstuk 5 van de notitie zienswijzen. De mogelijkheid tot groepskamperen is niet bedoeld voor de overnachting van bezoekers aan een festival. 27.86 Welke brandveilige voorzieningen worden daarbij gehanteerd? Zie beantwoording vraag 27.85. Dit is dus niet aan de orde. 27.87 Waarom mag de hoogte van het sanitairgebouw tot 8 m zijn? Naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt voorgesteld om het bestemmingsplan op dit punt te wijzigen. Voor onze overweging op dit punt wordt verwezen naar hoofdstuk 5 van de notitie zienswijzen. 27.88 Is dit gebouw ook circulair/ klimaat neutraal? Dit betreft planuitwerking en is dus geen onderdeel van het bestemmingsplan. Initiatiefnemer is voornemens om circulair bouwen toe te passen. 27.89 Waarin verschilt dit terrein dan van een gewone camping? De locatie van de "kleinschalige bijzondere vormen van verblijf’ kan veranderen.

44

Het plan voorziet in dagrecreatieve activiteiten in de vorm van horeca, evenementen, wandelen, sport- en spel. Daarnaast worden er broedplaatsen gerealiseerd. Hiermee geeft het plan veel meer nadruk aan verblijfsrecreatie en ontwikkeling van het recreatieve product dan op verblijfsrecreatieterreinen het geval is. 27.90 Betekent dit dat deze voorzieningen, die gemiddeld 70 m2 groot zijn, geen water, stroom en afvoer hebben? De verblijfsrecreatieve voorzieningen krijgen de gebruikelijke voorzieningen zoals water en elektriciteit. 27.91 Verblijfsrecreatie is uitgesloten in een strook van 10 meter breed t.o.v. de dichtstbijzijnde woningen. Wat is de argumentatie voor 10 meter? Draagt lawaai niet verder dan 10 meter? Er is een afstand van minimaal 30 meter tussen de functie verblijfsrecreatie en de dichtstbijzijnde woningen aangehouden. Dit is aangepast naar aanleiding van de ingediende inspraakreacties. Voor een uitgebreide motivering van de toegepaste zonering in het ontwerpbestemmingsplan verwijzen wij u naar het inspraakdocument. b_NL.IMRO.1714.bpregiopark-ON01_tb.pdf (ruimtelijkeplannen.nl). 27.92 Daarmee wordt voorkomen dat er conflicten ontstaan tussen de belangen van omwonenden en van de recreanten. Hoe garandeert een strook van 10 meter met beplanting zonder erfafscheiding het vermijden van conflicten? Zie de beantwoording van vraag 27.91.

27.93 Waarom wordt er een situatie gecreëerd op het terrein waarvan je van te voren al weet dat er conflicten kunnen ontstaan? Wij hebben een zorgvuldige (ruimtelijke) belangenafweging gemaakt en gaan er niet van uit dat er conflicten zullen ontstaan. 27.94 Welke mogelijke andere voorzieningen worden getroffen om lawaai te dempen? Voor onze overwegingen met betrekking tot geluid naar aanleiding van de ingediende zienswijzen verwijzen wij u naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. 27.95 Waar ligt hier de verantwoording van de gemeente? De verantwoordelijkheid van de gemeente is op dit moment om een zorgvuldige (ruimtelijke) belangenafweging te maken. Als er klachten zijn op het moment dat het plan in uitvoering is gebracht zal er controle en/of handhaving plaatsvinden. 27.96 Komt daarvoor een vast aanspreekpunt bij de gemeente ook buiten de reguliere kantooruren? Indien er overlast wordt ervaren van de activiteiten op het terrein zullen de klachten/ meldingen hier over op de zelfde manier worden behandelt als alle andere meldingen en/of klachten van andere activiteiten in de gemeente. Meer informatie kunt u raadplegen via de website van de gemeente Sluis: Melding openbare ruimte (MOR) - Website gemeente Sluis 27.97 Waarom is er geen uitwerkingsplan t.a.v. de gebouwen in het concept 45

bestemmingsplan? Dit is niet iets wat in een bestemmingsplan wordt vastgelegd. Het bestemmingsplan geeft alleen de richtlijnen en regels (inclusief toegestane maatvoering) waarbinnen de initiatiefnemer het terrein kan ontwikkelen. 27.98 Is er bij dit bij dit bestemmingsplan sprake van een uitwerkingsplicht, een wijzigingsbevoegdheid of een binnenplanse afwijking? Er is geen sprake van een uitwerkingsplicht. Het bestemmingsplan kent diverse afwijkingsregels. In artikel 3.3. afwijken van de bouwregels, in artikel 5.3.1. afwijken archeologie, in artikel 10 algemene afwijkingsregels. Het bestemmingsplan kent tevens diverse wijzigingsregels. In artikel 5.6 en 6.5 wijzigingsbevoegdheid archeologie en in artikel 11 algemene wijzigingsregels. Daarnaast zijn er diverse voorwaardelijke verplichtingen opgenomen. 27.99 Tevens vragen wij een overzicht van de verharding die naar deze gebouwen en het kampeerterrein leiden. Dit betreft nadere uitwerking van het plan die op dit moment nog niet gereed is. Het gevraagde overzicht is niet nodig voor de bestemmingsplanprocedure en kan niet aangeleverd worden. 27.100. "In de ontwikkeling is de bouw van één woning voorzien. In basis wordt daarbij gedacht aan de functie bedrijfswoning. De wens is nadrukkelijk aanwezig om een meer flexibel gebruik van de woning niet bij voorbaat uit te sluiten.

Wat is flexibel gebruik? Het gebruik van de woning als bedrijfswoning, in die zin dat hier iemand gaat wonen die betrokken is bij de bedrijfsvoering is mogelijk. Het gebruik van de woning zonder dat er een relatie is met de activiteiten binnen het plangebied is ook mogelijk. 27.101 Volgens de definities van de gemeente hoort ook de overzijde van de Nieuwstraat bij het stedelijk gebied. Betekent dit ook dat de bewoners van deze panden bouwvergunningen kunnen krijgen en hun bouwkavels kunnen opsplitsen? Beleidsmatig is het noch in de kernen, noch in het buitengebied mogelijk om – tenzij bestemmingsplanmatig reeds toegestaan – woningbouwkavels op te splitsen ten behoeve van de realisatie van meer woningen. 27.102 Voorziet het plan om tijdens de evenementen te corrigeren op geluid en verkeersdrukte? Hoe is dit vormgegeven? Verwezen wordt naar hoofdstuk 4 (evenementen) en hoofdstuk 9 (geluid) van de notitie zienswijzen. Naar aanleiding van de ingediend zienswijzen wordt op beide punten nadere maatregelen voorgesteld. 27.103 Waarom is er ook een podium gepland nabij de omringende bewoning aan de Dierkensteenweg, de Grotendam en de Bakkersstraat? De beoogde podiumlocaties zijn verduidelijkt in hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. 27.104 De milieucategorie van festivals is nader te bepalen. Wie bepaalt dit? Wanneer is dit duidelijk?

46

Een milieucategorie geeft een indeling van de belasting die een (bedrijfs)activiteit kan leggen op het milieu. De indeling is ontworpen door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), tevens is door de VNG een handreiking opgesteld die snel inzichtelijk maakt welke milieuaspecten van belang zijn en in welke milieucategorie een bedrijf ingedeeld zou kunnen worden. Er is per bedrijf in beeld gebracht welke richtafstand aan de orde is voor de aspecten geluid, geur, stof en externe veiligheid. De milieucategorie wordt bepaald op de maatgevende (grootste) afstand ten opzichte van gevoelige objecten zoals woningen van derden. Een eventuele indeling van een evenement in een milieucategorie is mede afhankelijk van de aard van het evenement, bijvoorbeeld kleinschalig of middelgroot. Voor onze afweging en nadere afbakening van evenementen verwijzen wij naar hoofdstuk 4(evenementen) en hoofdstuk 9 (geluid) van de notitie zienswijzen. Hierin is geen indeling in milieucategorie openomen, maar wel nadere voorwaarden gesteld ten aanzien van diverse milieuaspecten. 27.105 Wat valt er allemaal onder "12 incidentele bedrijfssituaties"? Dit verwijst naar artikel 2.21 lid 1 onder b van het Activiteitenbesluit. Hierbij wordt tevens verwezen naar onze overwegingen met betrekking tot geluid in hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen.

27.106 Welke maatregelen worden er genomen tegen de overlast van de incidentele Bedrijfssituaties? Wij gaan er niet op voorhand van uit dat er sprake zal zijn van overlast. Indien er overlast wordt ervaren kan er een verzoek worden ingediend voor handhaving. 27.107 Wat is de visie op de balans van duurzaam en concurrerend enerzijds en klimaatbestendigheid anderzijds? Hoe wordt dit zichtbaar? Zie beantwoording vraag 27.88. 27.108 "Economische haalbaarheid, aantoonbaar uitvoerbaar." Hoe wordt dit aangetoond? Voor beantwoording wordt verwezen naar hoofdstuk 6 van de toelichting van het bestemmingsplan. 27.109 Welke bijdrage wordt geleverd aan de werkgelegenheid voor Zeeuws-Vlamingen? Dit betreft planuitwerking en bedrijfsvoering, deze punten zijn niet relevant voor de bestemmingsplanprocedure. In dit stadium kan bovendien nog geen antwoord op deze vraag gegeven worden. 27.110 Om hoeveel personen zal het gaan? Zie beantwoording vraag 27.109 27.111 Hoe fluctueert dit met de seizoenen? Zie beantwoording vraag 27.109 27.112 Welke voorzieningen worden behouden met dit plan? Het plan beoogt een nieuwe invulling met activiteiten van het plangebied, daarmee worden de destijds binnen het plangebied gerealiseerde voorzieningen (hoofdgebouw plus groenstructuur) behouden. 47

27.113. Op welke wijze is er onderzoek gedaan naar de start-up behoefte? Wie doen hieraan mee? Verwezen word naar hoofdstuk 11 van de notitie zienswijzen die een nadere onderbouwing geeft van de behoefte. Op dit moment staat nog niet vast wie van deze mogelijkheid gebruik zal maken, dat hoeft ook nog niet omdat het uitvoering/ bedrijfsvoering betreft. 27. 114. art3.19. Op welke manieren wordt in het plan voorzien dat de natuurlijke rust in het Groote Gat niet wordt verstoord? Artikel 2.27 van de omgevingsverordening Zeeland stelt 7 “In de toelichting bij een bestemmingsplan waarin bestemmingen worden aangewezen dan wel regels worden gegeven voor gronden die zijn gelegen binnen 100 meter rond bestaande natuurgebieden, wordt een beschrijving gegeven van de wijze waarop rekening is gehouden met de wezenlijke kenmerken en waarden van de natuurgebieden en wordt aannemelijk gemaakt dat geen onevenredige aantasting van de bedoelde kenmerken en waarden plaatsvindt.” Het natuurgebied Groote Gat ligt op 95 meter van de punt van het plangebied. Door toepassing van zonering blijft een strook van ruim 15 meter aan de oostrand gevrijwaard van verblijfsrecreatie en dagrecreatie, anders dan de bestaande mogelijkheden zoals wandelen. Aan de afstand uit de omgevingsverordening Zeeland wordt voldaan. In geluidsonderzoek is getoetst op de dichtstbijzijnde grens van natuurgebied het Groote Gat.

Hieruit blijkt dat er geen sprake is van verstoring van de natuurlijke rust in natuurgebied het Groote Gat. 27.115. Waarom wordt met het NIET verstoren van de rust in het Groote Gat gebruik gemaakt van een indicatieve tabel die niet correct is? (fig.19) Ons inziens is figuur 19 correct bij de gegeven tekst. Ter indicatie is in figuur 19 weergegeven welke bronvermogens bij welke type muziek van toepassing zijn en hoe ver het geluid draagt. 27.116 Bij verwijzing naar het visiedocument Krachtig Verbonden wordt het thema burgerparticipatie niet als relevant genoemd. Dit betekent dat burgerparticipatie voor de gemeente ook niet relevant is? Waarom wordt er in Krachtig verbonden dan wel een heel hoofdstuk aan gewijd? Niet duidelijk is waar de aangehaalde tekst terug te vinden is. Wel kunnen we het volgende toelichten. Na afronding van het traject van de prijsvraag (zoals uitgelegd bij vraag 20.1) is een voorontwerpbestemmingsplan tot stand gekomen. Het voorontwerp bestemmingsplan heeft met ingang van 28 januari 2021 gedurende zes weken voor iedereen ter inzage gelegen. Tijdens deze termijn werd iedereen in de gelegenheid gesteld om schriftelijk of mondeling een inspraakreactie in te dienen.

Inspraak is een vorm van burgerparticipatie, die bij dit project is toegepast op basis van de door de raad vastgestelde inspraakverordening (in werking getreden op 22 augustus 2008) en waaraan conform de huidige wetgeving uitwerking aan is gegeven. Zoals in het visiedocument ‘Krachtig Verbonden 2021- 2025’ is aangegeven wordt burgerparticipatie wettelijk verplicht bij de invoering van de Omgevingswet. Hoe deze verplichting in de toekomst onder de Omgevingswet tot uitvoering zal worden gebracht is in deze procedure echter niet relevant, aangezien wij ons moeten baseren op de huidige geldende wet- en regelgeving. 27.117. Bij het thema wonen wordt de wens genoemd om inwoners op voorhand te betrekken bij planvorming met betrekking tot het inrichten van de openbare ruimte. Waarom is dit dan niet gebeurd?

48

Uit uw vraag kan niet worden opgemaakt naar welk onderdeel van het bestemmingsplan u verwijst. Om die reden is deze vraag niet van antwoord voorzien. 27. 118. Waaruit blijkt dat het wegennet tot de Euregiotuinen voorbereid is op de grote verkeersintensiteit? U maakt hier immers een manke vergelijking aangezien de 100.000 bezoekers voor de Euregiotuinen nooit gekomen zijn, het geen doorstromingsverkeer betreft en de verkeersintensiteit aanzienlijk toegenomen is evenals het zware landbouwverkeer. Er worden gegevens gebruikt van 18 jaar geleden. Voor een nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.119. Wat wordt bedoeld met een voorziening die op een breder deel van het toerisme is gericht en die niet uit de exploitatie bekostigd wordt? Om welke voorziening gaat het? Uit uw vraag kan niet worden opgemaakt naar welk stuk in het bestemmingsplan u verwijst. Om die reden is de vraag niet van antwoord voorzien. 27.120 Hoe zit het met de vereveningsbijdrage? Deze wordt wel besproken in het voorontwerp maar niet in het concept De afspraken over de verschuldigde vereveningsbijdragen zijn vastgelegd in de intentieovereenkomst en worden op de gebruikelijke wijze nader uitgewerkt in de anterieure overeenkomst (die ondertekend zal worden voor vaststelling van het bestemmingsplan).

27.121 Waarom zijn de exacte locaties van de start-ups en groepsaccommodaties nog niet bekend? Het bestemmingsplan biedt een kader waarbinnen o.a. broedplaatsen en verblijfsrecreatieve functies gerealiseerd kunnen worden. Hierbij is o.a. op basis van afweging van omliggende functies bepaald waar deze functies in ieder geval niet mogelijk zijn. De definitieve locatiekeuze kan, weliswaar binnen het gegeven kader, nader ingevuld worden door de initiatiefnemer. Het geeft binnen het gegeven kader de mogelijkheid om keuzes nog enigszins bij te stellen. 27.122 Wat moeten wij verstaan onder intensieve dagrecreatie? Hiermee is met name de horeca bedoeld. 27.123 Hoe denkt de gemeente de verkeersstroom naar het park te kunnen regelen via de N253 zonder wegafsluiting vanuit de rotonde bij de watertoren? Indien dit niet wordt opgenomen in een mobiliteitsplan, hoe kan het rapport van dhr van Kerkhoff dan de conclusie trekken dat verkeer en parkeren op afdoende wijze georganiseerd zijn? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.124 Hoe neemt de gemeente Sluis hierin haar verantwoording? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen.

27.125 Zijn het intensieve landbouwverkeer in de maandenjuli/augustus en de passerende 49

lijnbussen opgenomen in de berekeningen? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.126 Hoe moeten de lijnbussen van en naar Oostburg als de N61 verstopt zit? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.127 Hoe wordt de piekbelasting wat betreft het verkeer doorberekend? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.128 Hoe wordt de "verkeerspiek" bij start en einde van een evenement geregeld? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Aanvullend kan hieraan toegevoegd worden dat afhankelijk van de aard en omvang van een evenement verkeersregelaars ingezet kunnen worden. 27.129 Waarom vermeldt van Kerkhoff het fietspad alleen als mogelijkheid om het Regiopark veilig per fiets te bereiken? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.130 Wat onderneemt de gemeente Sluis om de veiligheid van het langzame verkeer te waarborgen? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen.

27.131 Hoe garandeert de gemeente de veiligheid van late gebruikers bij nachtelijk verlaten van motorvoertuigen? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.132 Het fietspad is vanaf de hoek Dierkensteenweg tot de eerste rotonde volledig onverlicht. Wordt deze situatie aangepast met adequate verlichting? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.133 Het plan maakt een vergelijking met de ooit verwachte 100.000 bezoekers op jaarbasis van de Euregiotuinen. Ook destijds was de verkeerssituatie een groot punt van discussie, ook in combinatie met het langzame verkeer. Een aftakking van de rotonde met parkeergelegenheid op de

50

uiterste zuidpunt werd destijds vanwege financiële overwegingen afgewezen. De 100.000 bezoekers zijn nooit geweest want het park was in 2004 al failliet verklaard. Waarom maakt het plan gebruik van een mankgaande vergelijking? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer voor de beoogde situatie wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.134 Waarom is de gemeente Sluis tijdens de diverse contactmomenten (o.a. 2 gesprekken met mevrouw Poissonnier) nooit inhoudelijk ingegaan op de vragen die door de Stichting 'Euregiotuinen voor ons' over deze kwestie gesteld zijn? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.135 Hoe verantwoordt de gemeente het toestaan en creëren van deze situatie? De rotonde heeft vier afritten: richting Sluis, richting Oostburg-Zuidzande-Schoondijke, richting Nieuwstraat Oostburg en richting ventweg-golfterrein-boerderijcamping. Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.136 Hebben de gemeente en van Kerkhof/een verkeersrisicoanalyse gemaakt ten aanzien van het kruisende fietspad en de mogelijke filevorming? Woningen hebben hun erf en dus hun directe uitrit aan de Nieuwstraat. 3 panden hebben hun toegang zelfs recht tegenover de ingang van het park.

Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.137 Op welk wijze gaat de gemeente deze woningen compenseren ten aanzien van overlast in de vorm van verkeershinder, geluidshinder, luchtvervuiling bij filevorming en stationair draaien / nachtelijke overlast bij vertrekkende bezoekers? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Ten aanzien van geluid wordt verwezen naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. Wij gaan er van uit hiermee de belangen voldoende gewogen te hebben zodat in principe van compensatie geen sprake is. 27.138 Wordt de trajectsnelheid aangepast vanaf de rotonde? Nu is de snelheid 80 km op het eerste deel tot het bord bebouwde kom. Plan van Kerkhoff maakt melding van een mobiliteitsplan ten tijde van vergunningplichtige evenementen. Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. In artikel 3.5.6. is onder b met een voorwaardelijke verplichting geregeld dat bij vergunningplichtige evenementen moet voorzien worden in voldoende parkeergelegenheid. Parkeren buiten het eigen terrein ten behoeve van een middelgroot (vergunningplichtig) evenement is uitsluitend toegestaan, onder de voorwaarde dat: 1.

Er een mobiliteitsplan voor het evenement, opgesteld door een deskundige op het gebied van parkeren, bij de aanvraag voor de evenementenvergunning is ingediend, waarin voorzien wordt in voldoende parkeervoorzieningen op een aanvaardbare loopafstand dan wel in

51

voldoende parkeervoorzieningen op aangewezen terreinen in combinatie met vervoer van en naar het evenement. 2. Tijdens het evenement voldoende parkeervoorzieningen op een aanvaardbare loopafstand dan wel voldoende parkeervoorzieningen op aangewezen terreinen in combinatie met vervoer van en naar het evenement, beschikbaar zijn. 27.139 Betekent dit dat andere, mogelijke drukke momenten, niet ondersteund gaan worden dooreen eventueel aangepast mobiliteitsplan? Alleen bij middelgrote (vergunningplichtige) evenementen kan er sprake zijn van onvoldoende parkeergelegenheid op eigen terrein. Op deze situaties ziet de voorwaardelijke verplichting toe zoals toegelicht bij de beantwoording van vraag 27.138. 27.140 De verkeersdichtheid is berekend op de N253, dit is de ringweg. Wat zijn de berekeningen voor de Nieuwstraat in het plan? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. N.a.v. een recente telling van het verkeer hebben wij de volgende vragen: 27.141 Waarom wordt het verkeer geteld in april en niet in de zomermaanden tijdens de zeer drukke vakantieperiode en waarom na de afslag Dierkensteenweg als het sluipverkeer al onttrokken is aan de verkeersstroom? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen.

27.142 Waarom is er geen rekening gehouden met de grotere pelotons wielrenners inclusief volgauto die vrnl. in de zomermaanden gebruik maken van de rijbaan van het traject Nieuwstraat vanaf de rotonde tot de afslag Dierkensteenweg en vice versa? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.143 Waarom wordt alleen gesproken over fietsers en worden de andere weggebruikers Niet genoemd en dus niet meegenomen in de beoordeling van de verkeerssituatie? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.144 Waarom wordt de zeer gevaarlijke situatie die ontstaat ter hoogte van de smalle ingang van het regiopark via het fietspad niet meegenomen in de beoordeling van de verkeerssituatie? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.145 Hoe wordt de veiligheid van de verkeersdeelnemers gegarandeerd en wie is daar verantwoordelijk voor? 52

De Brugse Vaart is een doodlopende smalle polderweg die uitkomt uit op de Nieuwstraat. Aan deze weg ligt het funderingsbedrijfFundex. Dit bedrijfwerkt op bouwlocaties met behulp van apparatuur die vervoerd wordt met vrachtwagen en oplegger met een lengte van 25 tot 28 meter met transportbegeleiding. Het uitrijden van deze combinatie naar de Nieuwstraat en vervolgens het nemen van de rotonde N253 is een actie die enige tijd behoeft. Om de bocht Brugsevaart/Nieuwstraat richting rotonde te kunnen nemen wordt achteruit de Dierkensteenweg ingereden om vervolgens de bocht te nemen. Door dit proces is Nieuwstraat enige tijd geblokkeerd met als gevolg dat er zeker in drukke tijden files ontstaan en kunnen de bewoners van zowel de Nieuwstraat als de Brugse Vaart bij noodgevallen geen gebruik maken van de erftoegangsweg. De rotonde moet links genomen worden en daarom moeten de N253 en de Nieuwstraat gestremd worden. Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.146. Hoe wordt de filevorming die ontstaat opgelost ? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd.

27.148 Waar komt de rijruimte voor hulpdiensten bij calamiteiten ? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.149 In de tekst wordt gesproken van aannames, beoogd groeimodel, het park beweegt in samenwerking met anderen flexibel mee op snelle veranderingen in de maatschappij en het bijzonder met de belevingseconomie. Het is niet bekend wat de toekomst brengt en daarom is toetsen wat de effecten zijn op het gebied van geluid en stikstof niet mogelijk. U doet een poging het aantal bezoekers te schatten op basis van aannames enz enz. Toch wordt de conclusie getrokken dat het verkeer afdoende is georganiseerd, Kunt u dit uitleggen hoe deze conclusie tot stand is gekomen zonder de feiten? Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.150 Wie zijn de "anderen" die flexibel meebewegen (zie citaat tekst bij vraag 149)? Met anderen zijn onder andere gasten, werknemers en mensen die invulling geven aan de broedplaatsen bedoeld.

27.151 Wie is verantwoordelijk voor de veiligheid/logistiek op het gedeelte Nieuwstraat, Inclusief fietspad buiten de bebouwde kom? In het kader van de bestemmingsplanprocedure wordt een afweging gemaakt op het punt van verkeersveiligheid. Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar 53

hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.152 Is het juist dat de Provincie Zeeland en het Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid Zeeland de ambitie hebben om geen vermijdbare ongevallen te laten plaatsvinden ? In het kader van de bestemmingsplanprocedure wordt een afweging gemaakt op het punt van verkeersveiligheid. Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. Doelstelling is het realiseren van een verkeersveilige situatie. Doelstelling van genoemde partijen vormen geen afwegingskader voor het bestemmingsplan. 27.153 Welke verantwoordelijkheid hebben bovengenoemde instanties bij de verkeersveiligheid op het gedeelte Nieuwstraat met fietspad buiten de bebouwde kom ? Zie beantwoording vraag 27.152. 27.154 In hoeverre is er ingeschat dat er sluiproutes gaan ontstaan? In het kader van de bestemmingsplanprocedure wordt een afweging gemaakt op het punt van verkeersveiligheid. Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd.

27.155 Waarom ontbreekt er bij het concept bestemmingsplan een analyse en oordeel van een verkeersconsulent voor de verkeerssituatie rond de Euregiotuinen? In het kader van de bestemmingsplanprocedure wordt een afweging gemaakt op het punt van verkeersveiligheid. Voor onze nadere overweging met betrekking tot verkeer wordt verwezen naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. Hieraan is een door extern deskundigen opgesteld verkeersonderzoek aan ten grondslag gelegd. 27.156 Plan van Kerkhoff toetst zich aan 'toekomstig extensief parkeren'[CROW december 2018). Het plan baseert zich op een 'mix van parkeercijfers’. Links en rechts van de ingang bevinden zich 2 parkeerterreinen van elk ca 140 plaatsen voor in totaal 280 motorvoertuigen. De plannen/activiteiten, festivals en evenementen geven regelmatig piekbelastingen aan van mogelijk 2000 bezoekers. 2 bezoekers per auto betekent 1000 auto's; d.w.z. een parkeertekort van 720 plaatsen. Landelijke statistieken geven aan dat ook al zijn er pendelbussen beschikbaar, 40% van de bezoekers met eigen autovervoer komt Dit levert dus, als men voor 60% gebruik maakt van de pendeldienst, nog steeds een tekort op van minstens 300 parkeerplaatsen.

Waar gaat de gemeente, in overleg met de ondernemer, deze locaties realiseren? De parkeerterreinen op eigen terrein bieden ruim voldoende ruimte voor vrijwel alle tijdstippen, met uitzondering van een paar middelgrote evenementen per jaar. Voor die evenementen zal de initiatiefnemer moeten aangeven hoe het parkeren wordt opgelost. Daarvoor is een voorwaardelijke verplichting opgenomen. 27.157 Wordt er parkeergeld op eigen terrein/op de daarvoor bestemde parkeerterreinen? Het plan moet voorzien in voldoende parkeerplaatsen. 54

27.158 'Met grote evenementen is afstemming met het bevoegde gezag en de directe omgeving aan de orde. 'Kunt u dit nader toelichten? Grote/ grootschalige evenementen zijn niet toegestaan en dus niet aan de orde. 27.159 Waarom wijkt het plan af van de eigen regels, nl. dat het parkeren op eigen terrein moet worden georganiseerd? De regels zijn dat het plan moet voorzien in voldoende parkeerplaatsen. Gemotiveerd is dat hieraan voldaan kan worden op eigen terrein, enkel tijdens middelgrote (vergunningplichtige) evenementen kan er onvoldoende parkeergelegenheid zijn op eigen terrein. Om die reden is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in artikel 3.5.6 onder b waarin is bepaald dat parkeren buiten het eigen terrein ten behoeve van een middelgroot (vergunningplichtig) evenement uitsluitend onder voorwaarden is toegestaan. De nadere voorwaarden zijn in het artikel geformuleerd. Op basis hiervan is geborgd dat altijd in voldoende parkeerplaatsen voorzien is. 27.160 Waarom wordt er mbt verkeer parkeerkrapte geen grenswaarde aangegeven voor bezoek. Vol = Vol principe? Als niet aan de voorwaardelijke verplichting voldaan kan worden (zie antwoord vraag 27.159) kan het evenement geen doorgang vinden omdat dan niet aan de voorwaarden van het bestemmingsplan wordt voldaan. 27.161 Bij grote evenementen zullen de parkeerterreinen in de omgeving gebruikt worden.

Welke parkeerterreinen komen hier voor in aanmerking? Met het bestemmingsplan is geborgd dat er in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien op daartoe aangewezen plaatsen. Indien parkeren niet op eigen terrein kan plaatsvinden zullen hiertoe locaties aangewezen worden. Dit zijn in ieder geval niet bestaande parkeerterreinen in Oostburg omdat deze bedoeld zijn voor bezoekers van de kern Oostburg en mensen die hier werkzaam zijn. Het kan bijvoorbeeld gaan om beschikbare akkers in de directe omgeving van het terrein. 27.162 Wie gaat bepalen welke parkeerterreinen daarvoor gekozen worden? Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 27.159. De voorwaarden van de voorwaardelijke verplichting luiden als volgt: -Er een mobiliteitsplan voor het evenement, opgesteld door een deskundige op het gebied van parkeren, bij de aanvraag voor de evenementenvergunning is ingediend, waarin voorzien wordt in voldoende parkeervoorzieningen op een aanvaardbare loopafstand dan wel in voldoende parkeervoorzieningen op aangewezen terreinen in combinatie met vervoer van en naar het evenement. -Tijdens het evenement voldoende parkeervoorzieningen op een aanvaardbare loopafstand dan wel voldoende parkeervoorzieningen op aangewezen terreinen in combinatie met vervoer van en naar het evenement, beschikbaar zijn.

27.163 Hoe wordt voorkomen dat er gratis geparkeerd wordt op loopafstand bij het voetbalveld, de school, de supermarkten en in het centrum? Zie het antwoord op vraag 27.159 en 27.161. 27.164 Betekent dit ook dat er auto's geparkeerd zullen worden aan de Nieuwstraat, de 55

Boomkreekweg, de Dierkensteenweg en de Grotendam? Met het bestemmingsplan is geborgd dat er in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien op daartoe aangewezen plaatsen. Het parkeren in de berm is hierdoor niet nodig. Indien bezoekers dit alsnog doen zal hiertegen handhavend opgetreden worden. 27.165 Wat gaat de gemeente Sluis organiseren om bermparkeren te verhinderen? Met het bestemmingsplan is geborgd dat er in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien op daartoe aangewezen plaatsen. Het parkeren in de berm is hierdoor niet nodig. Indien bezoekers dit alsnog doen zal hiertegen handhavend opgetreden worden. 27.166 Wat ontwikkelt de gemeente om parkeren mogelijk te blijven maken voor sporthal- en terreinenbezoek, supermarktbezoek, ziekenhuisbezoeken en parkeren voor de aangrenzende bewoners? Bij de voorgaande vragen is uitgelegd dat het plan voorziet in voldoende parkeerplaatsen. Het is dus niet nodig om gebruik te maken van de parkeerplaatsen bij sporthal, supermarkt, ziekenhuis of bij bewoners voor de deur. 27.167 Bij uitbating van zware horeca categorie 3 is het aantal bezoekers niet te voorspellen maar trekken volgens het bestemmingsplan veel bezoekers. Bij samenloop met andere functies (verhuur enz) is de kansgroot dat er te weinig parkeerplaatsen zijn op het eigen terrein.

Waar kunnen de bezoekers dan parkeren? Horeca uit categorie 3 van de Staat van Horeca activiteiten staat het plan niet toe. 27.168 Zal er bij de vergunning plichtige evenementen voor het parkeren uitgeweken worden naar het terrein tussen de Grotendam en het complex Hoogendamme? Dit omdat daar ook de voetgangersuitgang is gesitueerd ? Verwezen wordt naar het antwoord op vraag 27.162. Locaties staan nu nog niet vast. 27.169 Waarom wordt bij de woning Nieuwstraat 87 niet de verplichte afstand van 30 meter met betrekking tot parkeren gehanteerd ? Op deze specifieke situatie wordt ingegaan in hoofdstuk 10 van de notitie zienswijzen. Hiervoor verwijzen wij u dus naar de notitie zienswijzen. 27.170 Welke maatregelen worden genomen om de geluidsoverlast veroorzaakt door parkeren tot in de nachtelijke uren met de daarbij behorende overlast van licht te voorkomen en waarom ontbreekt de motivatie voor woningen binnen de richtafstand van 30 meter (zie hiervoor de site van Rijkswaterstaat, onderwerp Geluid en Parkeren)?Extra opmerking; iedere woning rond het terrein zalgeregeld voldoen aan de 30 meter richtlijn door berm parkeren en de variabele ligging van de parkeerterreinen. Niet duidelijk is waarom u verwijst naar de website van Rijkswaterstaat. De informatie waar u naar verwijst kunnen wij niet terugvinden. Om die reden kan geen antwoord op deze vraag gegeven worden.

27.171 Bij aanleg van een parkeerterrein is er ecologisch onderzoek nodig. Er zijn beschermde diersoorten aanwezig op het terrein en daarom er moet een beoordeling 56

plaats vinden van mogelijk negatieve effecten en ontheffing van de wet Natuurbescherming. Waarom ontbreekt de rapportage van een ecoloog hierover ?. (ziesite Rijkswaterstaat onderwerp natuur en parkeren) 4.7 Natuur: gebiedsbescherming Er is ecologisch onderzoek uitgevoerd. Voor een nadere toelichting hierop en de voorgestelde maatregelen naar aanleiding van het onderzoek wordt verwezen naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.172 Zal in geval van klachten uit Oostburg het geluid richting Draaibrug worden gestraald? In het geval van klachten kan er gecontroleerd worden en kan handhavend optreden volgen. Indien er overlast wordt ervaren van de activiteiten op het terrein zullen de klachten/ meldingen hier over op de zelfde manier worden behandelt als alle andere meldingen en/of klachten van andere activiteiten in de gemeente. Meer informatie kunt u raadplegen via de website van de gemeente Sluis: Melding openbare ruimte (MOR) - Website gemeente Sluis 27.173 Waarom is de geurfactor (als gevolg van foodtrucks en bunkerfestivals) niet meegerekend in het bepalen van de richtafstand? In het bepalen van de richtafstand op basis van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) wordt de geurfactor altijd meegenomen. Foodtrucks en festivals zijn gerelateerd aan evenementen. Het aantal te organiseren evenementen is beperkt.

Voor foodtrucks die gerelateerd zijn aan horeca kan gesteld worden dat deze aan dezelfde richtafstanden moet voldoen als horeca. Gelet op de aangewezen locaties voor evenementen wordt hieraan voldaan. Verwezen kan worden naar de beantwoording van vraag 6.1. 27.174 Hoe wordt bij een vergunningplichtige evenement de akoestische situatie vooraf berekend? Wie doet dit en met welk rekenmodel? Voor onze nadere afweging met betrekking tot het aspect geluid wordt verwezen naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. 27.175 Figuur 18. Hoe verklaart u het grote verschil tussen de getallen van het bronvermogen en de afstand op 10 meter? Figuur 18 in de toelichting op het bestemmingsplan geeft de ligging van het plangebied ten opzichte van het Natuur Netwerk aan. Deze figuur heeft geen relatie tot uw vraag. Voor ons is niet duidelijk welke figuur in relatie tot de vraag bedoeld is, om die reden kan geen inhoudelijk antwoord op de vraag gegeven worden. Voor onze nadere afweging met betrekking tot het aspect geluid wordt verwezen naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. 27.176 Waar vinden wij in de tabellen de getallen van de basgolven? Uit uw vraag kunnen wij niet opmaken naar welke tabellen u verwijst. Om die reden kan geen antwoord op de vraag gegeven worden. Voor onze nadere afweging met betrekking tot het aspect geluid wordt verwezen naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen.

27.177 Waarom is de blootstellingsduur niet vastgesteld? Uw vraag is onvoldoende duidelijk om hierop antwoord te geven. Voor onze nadere afweging met betrekking tot het aspect geluid wordt verwezen naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. Voor 57

onze nadere afweging met betrekking tot evenementen kunnen wij u verwijzen naar hoofdstuk 4 van de notitie zienswijzen. 4.8 soortenbescherming 27.178 Waarom worden de reeën, de boomkikkers, de marters en wezels, de eekhoorns, de havik, de ijsvogel en de buizerd niet genoemd? Er is (twee maal) onderzoek uitgevoerd naar de aanwezige soorten in het plangebied door een onafhankelijk deskundige. Naar aanleiding van dit onderzoek zijn maatregelen verwerkt in het bestemmingsplan. Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen verwijzen wij u naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.179 Wat wordt gebruikt als vleermuisvriendelijke verlichting? Vleermuizen zijn gevoelig voor blauw en ultravioletlicht. De vleermuisvriendelijke verlichting gebruikt amberlicht. Voor mensen blijft bijvoorbeeld een verkeerssituatie voldoende zichtbaar. 27.180 Worden de poelen die bedoeld waren voor de voortplantingsbiotoop nog gerealiseerd en zoja, waar? Beschermde amfibieën zijn aangetroffen in de aangelegde vijver binnen het bomenkader, die evenwel als gevolg van de steile oevers niet ideaal is. Met een uitloopplank kan de situatie in de aangelegde vijver verbeteren. Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen.

27.181 Op welke manier denkt men te verhinderen dat er niet gebaad wordt in de poelen die bestemd voor de voortplantingsbiotoop? In de regels van het bestemmingsplan wordt geborgd dat de wateren niet gebruikt mogen worden voor recreatiedoeleinden (waaronder zwemmen). Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.182 Gaat men er van uit dat er nog voortgeplant wordt tussen de festivals door? Op basis van het uitgevoerde onderzoek zijn er verschillende maatregelen en bufferzones geïmplementeerd die voldoende bescherming bieden. Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.183 Komt er een garantie dat bestaande water niet wordt ingezet voor enige vorm van Recreatie? In de regels van het bestemmingsplan wordt geborgd dat de wateren niet gebruikt mogen worden voor recreatiedoeleinden (waaronder zwemmen). Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.184 Hoe worden de broedvogelterreinen beschermd tegen geluid?

58

Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt verwezen naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.185 In hoeverre zorgt het Regiopark voor het niet verstoren van de broedvogels van de Rode Lijst gedurende de periodefebruari t/m augustus (sommige vogels hebben een dubbele leg)? Zie beantwoording vraag 27.184. 27.186 In de vermelding van het ecologisch bureau ontbreekt de buizerd die al jarenlang broedt in de Euregiotuinen. Vogelbescherming Nederland geeft aan dat de buizerd jaarbreed beschermd moet worden. Hoe wordt dit opgelost? Er is (twee maal) onderzoek uitgevoerd naar de aanwezige soorten in het plangebied door een onafhankelijk deskundige. Naar aanleiding van dit onderzoek zijn maatregelen verwerkt in het bestemmingsplan. Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen verwijzen wij u naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen.

27.187 Kan de gemeente verduidelijken hoe geluidsproductie en natuurlijke habitat samen kunnen gaan? In de provinciale Omgevingsverordening is in artikel 2.27 het volgende opgenomen: “In de toelichting bij een bestemmingsplan waarin bestemmingen worden aangewezen dan wel regels worden gegeven voor gronden die zijn gelegen binnen 100 meter rond bestaande natuurgebieden, wordt een beschrijving gegeven van de wijze waarop rekening is gehouden met de wezenlijke kenmerken en waarden van de natuurgebieden en wordt aannemelijk gemaakt dat geen onevenredige aantasting van de bedoelde kenmerken en waarden plaatsvindt.” Het natuurgebied Groote Gat ligt op 95 meter van de punt van het plangebied. Omdat een strook van ruim 15 meter aan de oostrand wordt gevrijwaard van verblijfsrecreatie en dagrecreatie, anders dan de bestaande mogelijkheden, worden er geen nieuwe regels gegeven voor gronden binnen 100 meter rond bestaande natuurgebieden. Voor onze afweging binnen het plangebied wordt verwezen naar de beantwoording van vraag 27.186. 27.188 Wordt de wet natuurbescherming gerespecteerd, welke deskundigen gaan dit begeleiden? Heeft de gemeente Sluis aanvragen ingediend voor begeleiding? Er is (twee maal) onderzoek uitgevoerd naar de aanwezige soorten in het plangebied door een onafhankelijk deskundige. Naar aanleiding van dit onderzoek zijn maatregelen verwerkt in het bestemmingsplan.

Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen verwijzen wij u naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.189 T.a.v. beschermde soorten moeten er ontheffingen aangevraagd worden. Zijn deze inmiddels in gang gezet? Met de voorgestelde maatregelen hoeft er geen ontheffing aangevraagd te worden. 27.190 Om te weten of er ontheffing in het kader van de wet natuurbescherming nodig is dienen de verblijfsplaatsen vastgesteld te zijn. Het Natuuronderzoek geeft daar geen uitsluitsel over. Waarom niet?

59

Er is (twee maal) onderzoek uitgevoerd naar de aanwezige soorten in het plangebied door een onafhankelijk deskundige. Naar aanleiding van dit onderzoek zijn maatregelen verwerkt in het bestemmingsplan. Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen verwijzen wij u naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. 27.191 Hoe is er vastgesteld dat er geen negatieve effecten zijn op de fauna tijdens de bouwwerkzaamheden? Er is (twee maal) onderzoek uitgevoerd naar de aanwezige soorten in het plangebied door een onafhankelijk deskundige. Naar aanleiding van dit onderzoek zijn maatregelen verwerkt in het bestemmingsplan. Ten aanzien van bouwwerkzaamheden gaat het dan bijvoorbeeld om een voorwaardelijke verplichting voor bouwactiviteiten in het hoofdgebouw. Daarnaast zijn locaties door middel van zonering uitgesloten van activiteiten. Deze is er op gericht om effecten op beschermde soorten (met name vleermuizen) te voorkomen. Voor onze nadere afweging op dit punt naar aanleiding van de ingediende zienswijzen verwijzen wij u naar hoofdstuk 6 van de notitie zienswijzen. Indien er bij de bouwwerkzaamheden, ondanks de uitvoerde onderzoeken, alsnog beschermde floraen fauna wordt aangetroffen waarmee geen rekening is gehouden dient de Wet natuurbescherming gerespecteerd te worden. Op dat moment kan hierover contact gezocht worden met de provincie Zeeland.

4.10 Verkeerslawaai 27.192 Is de geluidsoverlast berekend als een evenement is beëindigd of start en veel auto's en toerbussen in korte tijd over de Nieuwstraat rijden? Met verkeer van en naar de inrichting is rekening gehouden in het akoestisch onderzoek dat bij het ontwerp bestemmingsplan hoort (paragraaf 3.4 van dit onderzoek). Voor onze nadere afweging op het punt van geluid naar aanleiding van de ingediende zienswijzen verwijzen wij u naar hoofdstuk 9 van de notitie zienswijzen. 27.193 Waar in de Nieuwstraat hoort het 50 km bord te staan? Mede naar aanleiding van de ingediende zienswijzen is de verkeerssituatie nader bekeken. Voor onze nadere afweging op dit punt (o.a. de toegestane snelheden) verwijzen wij nu naar hoofdstuk 8 van de notitie zienswijzen. 27.194 Hoe heeft men de conclusie getrokken dat de verkeersintensiteit van de Dierkensteenweg laag is? De Dierkensteenweg heeft geen bijzondere verkeersfuncties en aan de Dierkensteenweg zijn slechts een beperkt aantal panden gesitueerd. 27.195 In het plangebied wordt de nieuw te bouwen woning aangemerkt als geluidgevoelig. Zijn de aanpalende woningen dit niet? Alle woningen van derden ten opzichte van het plan(gebied) zijn aan te merken als geluidgevoelig.

4.12 Externe veiligheid 27.196 Wat wordt bedoeld met de "dóórontwikkeling van het Regiopark"? Welk einddoel heeft men voor ogen? Met de term ‘doorontwikkeling’ is de herontwikkeling van het plangebied bedoeld. 60

H5 Juridische vormgeving 5.2 Algemene regels. 27.197 Is het de bedoeling dat de percelen van eigenaar wisselen? Deze vraagstelling is niet duidelijk. Het volgende kan gesteld worden. De gemeente zal het plangebied verkopen aan de initiatiefnemer, nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is.. Het bestemmingsplan regelt geen eigendom, het biedt wel het ruimtelijk kader van wat is toegestaan binnen het plangebied. Dit geldt voor de huidige eigenaar en ook voor een eventueel opvolgende eigenaar. Dit principe is ook op andere percelen van toepassing. 27.198 Wordt er dan nog steeds voldaan aan de wedstrijdvoorwaarden? De gestelde voorwaarden zijn als volgt: • De locatie Euregiotuinen bestaat uit verschillende percelen (T1000, T1489, T1001 en T1412). Het initiatief moet gericht zijn op volledige overname van al deze percelen (geen verhuur, geen opsplitsing van percelen en geen overname van slechts één of enkele percelen). Enige uitzondering hierop kan gevormd worden door een splitsing van T1412 (perceel grenzend aan Oostburg). • Woningbouwontwikkeling wordt niet toegestaan op deze locatie (maximaal 1 woning) • Verblijfsrecreatie als hoofdfunctie is niet mogelijk. Verblijfsrecreatie kan echter kleinschalig, onderscheidend en als nevenactiviteit behorend bij een andere hoofdactiviteit worden overwogen. • Het initiatief moet zichzelf financieel kunnen bedruipen.

Er zal een marktconforme prijs gehanteerd worden en er zal van gemeentewege geen bijdrage verleend worden aan de exploitatie van het initiatief. • Bedrijfsmatige activiteiten die thuishoren op een bedrijventerrein worden niet toegestaan. • Naburig perceel T1003 (een groenstrook) is eigendom van het Waterschap. Het is aan de initiatiefnemer om over gebruik of overname van deze strook afspraken te maken met het Waterschap. Deze strook vormt vanzelfsprekend geen onderdeel van de onderhandelingen tussen gemeente en initiatiefnemer. En als volgt kan gemotiveerd worden dat hieraan voldaan wordt: • Het plan gaat uit van het gehele plangebied. • Het plan gaat uit van de realisatie van maximaal 1 woning. • In hoofdstuk 5 van de notitie zienswijzen is gemotiveerd dat de te realiseren verblijfsrecreatie ondergeschikt van aard is. • De gemeente verstrekt geen bijdrage aan de exploitatie van het initiatief. • Het plan gaat niet uit van bedrijfsmatige activiteiten die thuishoren op een bedrijventerrein. • Het perceel T1003 is, vooralsnog, eigendom van het Waterschap. 27.199 Welke verantwoording behoudt de gemeente als fase 1 van het plan niet slaagt? De exploitatie is voor rekening en risico van de initiatiefnemer. De gemeente speelt hierin geen rol en heeft hierin dus ook geen verantwoordelijkheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=375d1c46-5557-4377-8737-577635347e04