CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

56a Zienswijze FL DEF 250124 Public

Commissie Ruimte/AB 19 maart 2024, gemeente SluisBij agendapunt: B-brieven (zienswijzen, bezwaarschriften etc. De brieven komen in het vervolg van de procedure terug)25.138 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

F.L.

- 18/57 -

25 januari 2024

Punt 18. Ad Hoofdstuk 3 Beleid, 3.1.1. Nationale Omgevingsvisie (NOVI), laatste alinea “….. Hoewel (het schaalniveau van) de NOVI zich niet richt op (het schaalniveau van) een concreet project, kan niettemin worden geconcludeerd dat de herinrichting en uitbreiding van EuroParcs Schoneveld bijdragen aan een goede leefomgevingskwaliteit en een gezonde leefomgeving. Het project is dan ook niet strijdig met de uitgangspunten van de NOVI. …..”

Zoals ik in het voorgaande al bepleitte zou hier zonder meer de conclusie getrokken moeten zijn, dat de herinrichting en MET NAME DE UITBREIDING van Europarcs Schoneveld, gezien de gevolgen voor de directe, kwetsbare omgeving, STRIJDIG is met de uitgangspunten van de NOVI. Er wordt m.i. een verdere, onnodige en onwenselijke uitbreiding van recreatieve eenheden gerealiseerd, bovenop datgene wat eerder (n)ooit was toegestaan. Punt 19. Ad Hoofdstuk 3 Beleid, 3.1.3. Besluit ruimtelijke ordening, Ladder voor … / Toetsing “….. Ladder voor duurzame verstedelijking Op grond van het bepaalde in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling vereist dat wordt onderbouwd of en in hoeverre er sprake is van 'duurzaam ruimtegebruik'.” Om dit duurzaam ruimtegebruik te garanderen moet conform artikel 3.1.6 lid 2 Bro de 'ladder voor duurzame verstedelijking' worden doorlopen: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.

….." Toetsing Met de realisatie van de herinrichting en uitbreiding neemt het totaal aantal verblijven af: in de huidige situatie zijn in het noordelijk deel van EuroParcs Schoneveld 572 standplaatsen toegestaan, in de nieuwe situatie 77 bouwwerken voor recreatief nachtverblijf en 337 standplaatsen. Er is dan ook niet sprake van een stedelijke ontwikkeling in de zin van artikel 3.1.6 lid 2 Bro. Een ladderonderbouwing is voor dit bestemmingsplan niet nodig.”

Zoals eerder aangetoond - zie o.m. Punten 2 (blz. 4-6) & 11 (blz. 11-12) - neemt met de opzet van het voorliggend bestemmingsplan het totaal aantal verblijven NIET AF; na herinrichting is het resterend aantal nl. per saldo nog steeds (te) hoog, terwijl het bij uitbreiding ervan vervolgens alleen nog maar verder toeneemt. Hoe consequent ook, ook nu wordt m.i. weer (in de tekst onder ‘Toetsing’) een volledig foute voorstelling van zaken gegeven. Het aantal van in totaal 572 standplaatsen is een ‘fossiel overblijfsel’ uit de tijd van de opzet van Rekreatiepark Schoneveld, in het begin van de tachtiger jaren van de vorige eeuw. Echter, na de overname/herinrichting van het van toepassing zijnde parkdeel was e.e.a. in de praktijk, ondanks het tevens volbouwen van (o.m.) de speelterreinen, een deel van de tennisbanen en de ligweide, alsmede het complete voetbal veld uiteindelijk goed voor in totaal 367 vergunningsvrije recreatiebungalows (zie Punt 4, blz.7). Na de in het plan voorgestelde ‘indikking’ c.q. uitbreiding zal het totaal aan eenheden, zoals eerder al aangetoond, zelfs circa 385 bedragen, terwijl er daarnaast ook nog eens gepoogd wordt - ten onrechte en onrechtmatig - om groter en hoger te bouwen…..

F.L.

- 19/57 -

25 januari 2024

Een goede beschrijving van de behoefte aan deze ontwikkeling, zoals Bro in de toelichting bij een dergelijk Plan voorschrijft, heb ik vooralsnog nergens kunnen vinden! Maar uit ervaring weet ik wel wat de verkoop en de verhuur van vakantiebungalows op kan leveren… Maar ik weet echter ook wat het betekent, vooral voor de oorspronkelijke exemplaren/eigenaren, als er te veel verhuurbare eenheden staan/komen in een daarvoor al te druk gebied qua objecten en recreanten. Punt 20. Ad 3.2. Provinciaal beleid, 3.2.1. Zeeuwse Omgevingsvisie 2021, Toetsingskader, laatste alinea “… Recreatie en toerisme zijn onderdeel van de ambities op het gebied van een duurzame en innovatieve economie: Zeeland als toeristische bestemming is in balans met haar omgeving. De vrijetijdssector is toekomstbestendig. De Omgevingsvisie formuleert daarbij de volgende subdoelen: 1. 2. 3. 4.

Een optimale beleving van Zeeland in alle seizoenen en alle regio’s. De vrijetijdssector is toekomstbestendig. De sector levert een positieve bijdrage aan de omgeving en aan de samenleving. De essentiële onderleggers voor de Bestemming Zeeland 2030 zijn aanwezig.

…..”

Naar mijn mening wordt met de uitbreiding ES onbalans gecreëerd met de directe omgeving en - Gemeente. Er is ruimtelijk gezien geen enkele noodzaak voor de daarin voorgesteld uitbreiding en de mate waarin, en bovendien wordt er ten onrechte, en naar het zich laat aanzien onrechtmatig, ook nog eens een woning (c.q. woningen) aan het woningbestand van de Gemeente onttrokken. De sector levert hiermee m.i. een negatieve bijdrage aan de omgeving en de samenleving aldaar. Punt 21. Ad 3.2. Ad Provinciaal beleid, 3.2.2. Omgevingsverordening Zeeland 2018, Toetsing, “….. Ad C. Markt en onderscheidend vermogen van het concept Met de herinrichting van het bestaand recreatieterrein wordt ingezet op meer ruimtelijke en stedenbouwkundige kwaliteit en meer verblijfskwaliteit. Ook de ruime opzet en hoogwaardige kwaliteit van de nieuwe bouwwerken voor recreatief nachtverblijf op de uitbreiding zijn met het oog op een innovatief en hoogwaardig concept dat zich onderscheidt van de andere recreatieterreinen langs de Zeeuwse kust. Met de herinrichting en de uitbreiding is het recreatieterrein EuroParcs Schoneveld toekomstbestendig en zorgt ze voor een divers aanbod, conform de doelstelling van de Omgevingsvisie Zeeland 2018. …..”

In het Omgevingsplan Zeeland 2018 (21 sept. 2018) werd daarentegen ook al het volgende gesteld: “Uit onderzoek blijkt echter dat dertig procent van de bedrijven aan de Zeeuwse kust in 2020 niet meer vitaal is en dat vooral het aanbod aan nieuwe recreatiewoningen harder toeneemt dan de toenemende vraag. De verwachting is dat hierdoor in 2020 rond de 1400 recreatiewoningen het contact met de markt zullen verliezen.”

Verder bevreemdt het hoezeer in het ontwerp-bestemmingsplan de nadruk wordt gelegd op ‘het onderscheidend vermogen’, terwijl telkenmale meer van hetzelfde voorbij komt. Kijk maar naar wat de verschillende parken langs de kust in de laatste jaren aanbieden aan (soort) vakantieverblijven. In dat opzicht wijkt een ES alhier niet af van (bijv.) hetgeen ze al op Cadzand-Bad en Bad Meersee plaatsten, noch van wat Roompot aanbiedt op Zeebad en Beach Resort Nieuwvliet-Bad. De markt wordt/is verzadigd van/met dit soort eenheden, dat zeker goed in de huidige tijd past, maar stop met het op deze wijze (laten) aanprijzen van de huidige ‘eenheidsworsten’ als vernieuwend voor hetgeen over 7,5 tot 10 jaar later geplaatst wordt. F.L.

- 20/57 -

25 januari 2024

E.e.a. is echter prima voorzover het sèc de renovatie van het huidig park betreft en zolang e.e.a. architectonisch, beeldvorming technisch, en qua hoogtes en breedtes blijft sporen met de huidige eenheden. Koppel, zoals gezegd, de herinrichting volledig los van het besluit over de (evt.) uitbreiding over 7,5 tot 10 jaar. Dan zijn er nl. heel andere wensen en eisen, alsmede andere inwoners en publieke opinie c.q. resulterende Gemeenteraad. En de bungaloweigenaren aan de westrand van Europarcs hebben dan voorlopig ook nog even hun mooie uitzicht en de bijbehorende rust…. Punt 22. Ad 3.3. Gemeentelijk beleid; 3.3.1 Krachtig verbonden, visiedoc. 2021-2015, Toetsingskader Tweede opsomming, eerste aandachtspunt “….. In de uitwerking van hoe de gemeente deze doelen wil bereiken, zijn onder andere de volgende punten opgenomen. • Uitbreiding van terreinen voor verblijfsrecreatie is nadrukkelijk geen doel op zich, maar kan worden toegestaan wanneer er sprake is van een aantoonbare verbetering door die uitbreiding. Kwaliteit is leidend. …..”

Mij ontgaat wat ‘de aantoonbare verbetering door de onderhavige uitbreiding’ is. Per saldo gaat het nl. uitsluitend om een concrete, verdere uitbreiding van het totaal contingent aan recreatie-eenheden. Een logisch gevolg hiervan is, dat - m.n. buiten het seizoen en in de directe omgeving - alleen nog maar meer van de oudere, soortgelijke eenheden leeg komen te staan, met het gevaar van verpaupering en aantasting van het beoogde totaal-/kwaliteitsbeeld van de directe omgeving èn regio. Punt 23. Ad 3.3. Gemeentelijk beleid; 3.3.1 Krachtig verbonden, visiedoc. 2021-2015, Toetsingskader Tweede opsomming, Laatste aandachtspunt “….. Gemeente Sluis legt in bestemmingsplannen vast dat permanente bewoning op verblijfsrecreatieterreinen in principe niet is toegestaan (dit geldt niet voor de eigenaar en/of de beheerder). …..”

Ik stel hiermee vast dat het uitsluitend voor de eigenaar en/of de beheerder van een centraal bedrijfsmatig geëxploiteerd recreatiepark toegestaan is om, al of niet met zijn partner/gezin, gebruik te maken van het recht van permanente bewoning binnen de grenzen van het betreffend recreatiepark. In géén van alle andere gevallen, noch functies, noch relaties, kan hiervan verder sprake zijn! Punt 24 Ad paragraaf 3.3.2. Kadernota Recreatief Verblijf, Toetsing In de alhier getoonde tabel wordt bij het Onderwerp ‘Uitbreiding in oppervlakte en eenheden’ onder het ‘kopje’ Uitbreiding in oppervlakte en eenheden vermeld: “Binnen een periode van 10 jaar na het afronden van een kwaliteitsslag worden er geen gesprekken opgestart over een nieuwe kwaliteitsslag.” Sluit dit niet prachtig aan bij hetgeen ik de Gemeente elders in dit document reeds voorstelde: besluit nú uitsluitend over de in de komende 7-10 jaren te realiseren kwaliteitsverbetering voor/door het huidig Europarcs en kijk daarna pas naar de vervolguitdaging: wat en hoe op dat moment gezamenlijk verder. Leg je als partijen, en in het bijzonder als Gemeenteraad, nú nog niet vast over wat er tegen die tijd - na 10 jaar - alsnog concreet gerealiseerd zou moeten gaan worden qua evt. uitbreiding en invulling daarvan.

De wereld ziet er tegen die tijd dan weer zo anders uit, dat een de(r)gelijke discussie/afweging/besluitvorming dan ook ‘dàn en daar’ (weer) gehouden moet worden, waarna men er aldus mee aan de slag kan.

F.L.

- 21/57 -

25 januari 2024

Punt 25. Ad 4.2 Verkeer en parkeren

(zie ook addendum in bijlage 6)

“….. Toetsing verkeersgeneratie In bestaande situatie telt het recreatieterrein 367 standplaatsen voor kampeermiddelen en andere gebouwen voor recreatief nachtverblijf. Voor de parkeernorm worden conform de CROW-publicatie 381 de functie en het bijbehorend kengetal voor 'bungalowpark' en 2,2 mvt/etmaal 'per bungalow' gehanteerd. De bestaande 367 standplaatsen genereren, uitgaande van 2,2 mvt/etmaal per standplaats, in totaal 808 mvt/etmaal. In de nieuwe situatie zijn er in totaal 414 bouwwerken voor recreatief nachtverblijf en standplaatsen voor kampeermiddelen etc.: 337 op het bestaande recreatieterrein na herinrichting en 77 op de uitbreiding. Deze genereren in totaal 911 mvt/etmaal. In totaal neemt als gevolg van de herinrichting en de uitbreiding het aantal mvt/etmaal toe met 103. …..”

De hier vermelde aantallen qua standplaatsen c.q. bouwwerken e.d. zouden mogelijk nog aangepast moeten worden, afhankelijk van hetgeen de reactie van de Gemeente is op het door mij gestelde/gevraagde onder Punt 6, blz. 8-9. Wat me hier overigens wel zorgen baart is de wijze waarop verder gerekend wordt m.b.t. de impact op de verkeerssituaties. Hierin zijn nl. de (te verwachten) gevolgen van de toename tgv. de recente/onderhanden uitbreiding van Zeebad en Waterdunen (m.i.) niet meegenomen. Voor alle parken is waarschijnlijk ‘gemakshalve’ een eigen berekening gemaakt, louter op basis van de oorspronkelijk bestaande situatie rondom betreffende parken en voor elk park afzonderlijk bestaat dan de indruk dat er ‘geen noemenswaardige problemen’ zijn. Echter, als e.e.a. samengeteld zou worden/zijn en als één geheel beschouwd zou worden, dan ontstaat m.i. een meer verontrustend beeld qua vervoersbewegingen op de huidige infrastructuur c.q. parkeerplaatsen, en ook qua verschillende soorten weggebruikers. Zo zal bijv. een deel van de eigenaren c.q. gasten van eigenaren/huurders op ES - en een groter deel op het moment dat ES daadwerkelijk zou mogen uitbreiden - zijn auto(s) frequenter plaatsen op de ruimte langs de duinen voor het park, alsmede op de parkeerplaats op de Slikkenburgseweg; betreffende parkeerplaats zal (m.n.) in de zomer snel veel te klein blijken te zijn.

En ook het risicovolle oversteken van ES- (& BS-)gasten naar de duinen v.v. in de zomer zal verder toenemen en dat zal nog meer gaan conflicteren met de parkeerruimte-zoekers, alsmede weggebruikers op route van Waterdunen naar Breskens v.v. Vreemd ook, dat op die wegen, dicht onder het duin door, niet al 30 km verplicht is gesteld bij het passeren van een recreatiepark. Nog even wachten tot het kalf verdronken is …. en dan komen er toch eindelijk drempels in de weg!? Punt 26. Ad 4.2 Verkeer en parkeren, Toetsing verkeersafwikkeling en verkeersveiligheid, fig. 4.1 Slechts een geoefend lezer/oog zal in afbeelding 4.1 de (duidelijke) afwijking zien qua begrenzing plangebied t.o.v. afbeelding 1.2.

F.L.

- 22/57 -

25 januari 2024

In beide afbeeldingen wordt (m.i. ten onrechte en onrechtmatig) het voor bewoning bestemde perceel Nieuwesluisweg 9 meegenomen, doch in afbeelding 4.1 wordt aldus - net als in afbeelding 1.1. - ook nog eens het aangrenzende perceel (met ‘WOZ-‘waardeloketnr. 368) omsloten!? Dit dient m.i. dus alsnog gecorrigeerd te worden. Punt 27. Ad 4.4. Water; Tekst boven/voor afbeelding 4.4 “….. Ten behoeve van de omgevingsvergunning is een eerste aanzet gemaakt voor de waterberging. In figuur 4.4 is de verkaveling weergegeven van het uitbreidingsterrein, waarbij de bestaande randsloot met 3 meter is verbreed. Hiermee wordt voldaan aan de extra waterberging die noodzakelijk is vanwege de toegenomen verharding op het uitbreidingsterrein. Van die 3 meter is één meter eigendom van de randbewoners. Zij zullen moeten instemmen met een dergelijke ontwikkeling. Indien dit niet het geval is, dan is er een mogelijkheid om de extra waterberging aan de westelijke sloot te realiseren. Dit voorstel voor waterberging is overlegd met het waterschap. De watercompensatie is planologisch verankerd door middel van een voorwaardelijke plichting in de regels. …..”

Betreffende randsloot ligt langs de drukke in- & uitgangsweg van ES (alsmede BS, aangezien een groot deel van de huurders/gasten van BS ook over ES naar het strand (en v.v.) gaat en niet de Kieweg neemt). Over dit pad moeten van beide zijden tegelijk - zeker in het hoogseizoen - grote aantallen mensen, waaronder gezinnen met kleine kinderen en bolderwagens, maar ook fietsers en andere helaas steeds meer voorkomende vervoersmiddelen op accu’s. De vraag is m.i. in hoeverre het idee/de uitvoering van de randsloot wel (helemaal) spoort met hetgeen in bijlage 11 Watertoets wordt voorgesteld; ik heb daar zo mijn twijfels over. Veiligheidshalve moet er m.i. wel - direct bij aanleg - gezorgd worden voor een veilige situatie voor met name kleine kinderen en ouderen; een degelijk hekwerk over de gehele lengte langs de sloot is een must. Overigens zal een dergelijke brede sloot op deze locatie ook nog eens een dankbaar speelobject kunnen gaan zijn en ik weet niet of dat de bedoeling is. Ik geef hier dan ook in overweging om een alternatieve en aanmerkelijk veiliger locatie/opslag te kiezen. Verder wordt gesteld, dat er ingestemd moet worden door de randbewoners, doch dat lijkt me het paard achter de wagen spannen.

Mocht de uitbreiding van ES daar uiteindelijk toch gerealiseerd gaan worden, dan worden de betreffende percelen toch inclusief deze opzet/inrichting verkocht? Voor de kopers is het dan m.i. ‘just take it or leave it’!? En een sloot daar is in ieder geval goed voor de muggen…..maar dat is de zorg van toekomstige huurders!? Punt 28. Ad 4.5 Bedrijven en milieuzonering, Toetsing “..… Toetsing Als gevolg van de uitbreiding van het recreatieterrein komt het terrein dichter bij de woning aan de Slikkenburgseweg. De onderlinge afstand is echter circa 75 m en is daarmee groter dan de richtafstand die geldt op basis van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering voor de categorie 'kampeerterreinen, vakantiecentra, e.d. (met keuken)': 50 m in rustig buitengebied vanwege het milieuaspect geluid. F.L.

- 23/57 -

25 januari 2024

Omdat de herinrichting van het bestaand recreatieterrein leidt tot een extensiever gebruik, heeft dit voor de omliggende woningen aan de noord- en oostkant van het recreatieterrein uit het oogpunt van milieuzonering een positief effect. Bovendien komt het recreatieterrein hier niet dichter bij de woningen. …..”

Ik meende uit de formulering onder Hoofdstuk 1 op te kunnen maken, dat de boogde uitbreiding van het park (helaas ook) het perceel Nieuwesluisweg 9 zou gaan omvatten en heb daarbij oprecht en met volle overtuiging geadviseerd, deze woning vooral niet aan het woningbestand van de Gemeente te onttrekken, zeker niet ten behoeve van de uitbreiding van een recreatiepark, ongeacht of deze woning nu wel of niet ‘toevallig’ in het bezit is van betreffende park-exploitant/-eigenaar. Ook heb ik in het voorgaande reeds opgemerkt dat ondanks de reductie op het bestaande park (met de vreemde formulering “(max) 30 eenheden” ) er zich nog altijd te veel eenheden op/in betreffend gebied bevinden. Er blijven daarmee dus ook bovenmatige gevolgen door extensief gebruik. Indien echter uiteindelijk toch het perceel Nieuwesluisweg 9 meegenomen zou worden in een uitbreiding, dan zou er een herijking en -beoordeling moeten volgen voor wat betreft de afstanden daarvan tot de resterende percelen langs de Nieuwesluisweg (zie afbeelding blz. 2, nr. 364 & 184) en wat erop aan woning gebouwd is (184; Nieuwesluisweg 7) c.q. zou (kunnen/mogen) worden ( 364; Nieuwesluisweg ‘7-9’) . ********** N.B. Aldus de zienswijze puntsgewijs (1 t/m 28) bij de Toelichting van e.e.a.

Betreffende punten gelden mutatis mutandis ook voor de overige ‘tabbladen’ van het beleidsplan, zijnde verder (achtereenvolgens) ‘Bijlagen toelichting’, ‘Regels’ en ‘Bijlagen regels’. Naast de voorgaande punten 1 t/m 28 wil ik verder nog het volgende opmerken bij de ‘Bijlagen toelichting’, waarbij ik gemakshalve doorga met nummering; waarvan akte! ********** Punt 29. Ad Bijlage 1 Kwaliteitsverbeteringplan Europarcs Schoneveld a.

De (op blz. 7) nog vermelde/afgebeelde tennisbaan was in de praktijk helaas al eerder in een ‘verbeteringsslag’ ten onder gegaan en staat hier dus (nog) ten onrechte vermeld/afgebeeld.

b.

De constatering (op blz. 7), dat er hier door de centrale voorzieningen sprake zou zijn van een lang toeristisch seizoen is (m.i.) onjuist. De voorzieningen zijn (normaliter) inderdaad seizoen-rond beschikbaar, doch het restaurant richt zich daarbij (noodgedwongen) in niet onbelangrijke mate ook op de nabije omgeving c.q. Breskens. Voor de aanwezige gasten is betreffende openstelling prettig, doch vaak niet echt noodzakelijk, gezien de vele uitwijkmogelijk in de directe omgeving. De bezetting van de ES-bungalows buiten het hoogseizoen is hiervan echter in maar zeer beperkte mate afhankelijk.

F.L.

- 24/57 -

25 januari 2024

c.

Ook hier (op blz. 7) worden wederom/nog steeds de inmiddels achterhaalde aantallen qua standplaatsen voor tenten en overig verplaatsbaar kampeergerei opgesomd, zonder daarbij ook maar enigszins rekening te houden met het feit, dat op de daarnaast afgebeelde (en inmiddels al achterhaalde) plattegrond ook al alle gemeenschappelijke speelvelden, het complete voetbalveld alsmede één van de tennisbanen is volgebouwd met (bouwwerken voor het recreatief nachtverblijf (i.c. vakantiebungalows).

d.

Het is maar goed, dat in betreffende fase de brandweer al ingegrepen had en aldus ruimte gecreëerd was voor een ‘blusvijver’ (zie afbeelding); anders was die ook ‘gedempt’ geweest met bouwwerken….

e.

Op blz. 8 zien we hoezeer (achtereenvolgens) Beachparc Schoneveld, Droompark Schoneveld en Europarcs Schoneveld een zgn. eerste kwaliteitsverbeteringsslag gemaakt hebben. Van de ruim opgezette luxe camping transformeerde de locatie naar een met bouwwerken voor het recreatief nachtverblijf dichtgebouwd/-bebouwd bungalowpark, met nu maar liefst zo’n 375 bouwwerken; veel meer dan ooit de bedoeling was (geweest).

f.

Op blz. 8 wordt verwezen naar bijlage 1 van het onderhavige document. In betreffende bijlage kan (helaas) het volgende geconstateerd worden: 1. Het gemeentelijk beleid wilde het volgende bereiken (blz. 66): • Evenwicht tussen vraag en aanbod, doch van wie en wat wordt niet nader gespecificeerd. Er is een economische wet die stelt ‘Ieder aanbod schept zijn eigen vraag’ en het aanbod van seizoensverlengende aspecten/activiteiten is aldaar in de loop van de tijd geenszins toegenomen. Bouwen voor de extreme vraag in het hoogseizoen - de zgn. piekbelasting - is (g)een optie, want dan kun je voorlopig nog wel even bezig blijven; echter, de leegstand buiten die tijd neemt dan ook meteen - naar rato - verder toe. De huidig voorgestelde (toekomstige) uitbreiding levert alleen verkoop-/verhuurwinst op voor ES, naast wat ‘afgeleide’ extra inkomsten voor de Gemeentekas. Enige meerwaarde voor de inwoners van de Gemeente heb ik in dit voorstel echter niet kunnen ontdekken; integendeel. • Een betere spreiding van de toeristische druk door het jaar. De door ES voorgestelde en door de Gemeente - naar het lijkt - omarmde uitbreiding ES levert nog (veel) meer piekbelasting (en navenante leegstand buiten het seizoen) op. Met een evt. uitbreiding wordt juist de druk in het zomerseizoen verder vergroot. 2. Hoe wilden ze het bereiken (blz. 66): “….

• Uitbreiding in oppervlakte en/of eenheden gaat alleen gepaard met een kwaliteitsslag op het gehele terrein, waarbij het totale aantal aan recreatieve eenheden binnen de gemeente NIET mag toenemen. • Uitbreiding in eenheden wordt dus gekoppeld aan sanering van minimaal hetzelfde aantal eenheden en om flexibiliteit in tijd en locatie te bewerkstelligen wordt een eenhedenbank gecreëerd, zodat een overzicht ontstaat van het aantal gesaneerde versus het aantal nieuwe verblijfseenheden. …. • Bij de uitbreiding van bestaande verblijfsrecreatieterreinen wordt onderscheid gemaakt tussen het omzetten van kampeereenheden in woningen en uitbreiding met (toeristische) kampeerplaatsen. Uitbreiding met recreatiewoningen wordt in principe niet meer toegestaan tenzij er sprake is van een bijzonder product en doelgroep met een toegevoegde waarde voor de streek of ten behoeve van een kwaliteitsslag.”

Het moge duidelijk zijn, dat bij deze punten de plank volledig mis geslagen wordt. F.L.

- 25/57 -

25 januari 2024

Er vindt zo géén kwaliteitsslag op het GEHELE ES-terrein plaats én het totale aantal recreatieve eenheden binnen de Gemeente neemt met voorgestelde constructie per definitie nog verder toe. Slechts met creatief boekhouden met de standplaatsen lijkt men enigszins in de richting van de gewenste cijfers te komen, doch - linksom of rechtsom - de huidige/bestaande (circa) 375 eenheden gaan slechts met MAXIMAAL een dertigtal op het bestaande terrein gereduceerd worden, terwijl er vervolgens op de aanvullend aan de Gemeente te onttrekken grond er maar liefst 77 eenheden bijkomen!? Verder is er, als we kijken naar wat er in de afgelopen periode aan de kust is bijgebouwd c.q. nog in de pijplijn zit, ook niet bepaald (meer) sprake van een bijzonder product. Bovendien mocht/mag er binnen het project Rekreatiepark Schoneveld, nu ES & BS gezamenlijk, sowieso geen recreatiebungalows meer (bij)gebouwd worden….. Hier wordt dus een beeld geschetst over een eventuele uitbreiding ES, waarvan met de realisatie van e.e.a. pas - onder voorwaarden - over een jaar of 7, op zijn vroegst, gestart wordt. Daar moet je nu toch geen concrete plannen of afspraken over willen maken, noch als Gemeente(raad) noch als commerciële partij. Doe daarover nu géén toezeggingen, niet voorwaardelijk en zeker niet onvoorwaardelijk; het speelveld is zo weer veranderd, en dán zeker.

En wie weet waar je tegen die tijd allemaal aan moet voldoen qua omgevingseisen, duurzaamheid, stikstofuitstoot en wat dies meer zij; blijf daar nu dus verre van, want voor het hetzelfde geld wordt het dan straks één groot juridisch steekspel met alleen maar verliezers! Beperk je nu tot een kwaliteitsverbeterslag (incl. uitdunning) op het bestaande ES-park. 3. Hoe wilden ze het bereiken (blz. 67): “… • Het uitbreidingsterrein mag een nokhoogte van 6 meter hebben maar het is ook wenselijk om langs de rand van het terrein een lagere hoogte (5 meter) aan te houden. Het huidige voorstel gaat uit van een gevarieerde randzone met hoogste van 5 en 6 meter ..…”

Beschamend, dat dit in een dergelijk plan en op deze locatie te Breskens überhaupt nog geopperd kan worden, laat staan, dat de Gemeente dit als vertegenwoordiger/verantwoordelijke voor haar ingezetenen zou kunnen laten passeren. En dat in een tijd dat op vele plaatsen in Zeeland ‘het gevecht’ om de kust en het behoud van de weidsheid van het (Zee)land is opgelaaid. Het is toch van de zotte om op deze plaats, grenzend aan Waterduinen ook nog eens te gaan roepen om hogere bungalows als regelrechte horizonvervuilers. Duurzaam betekende toch ook zoiets als ‘met behoud van uitzicht en leefomgeving’!? Hier zij dus herhaald wat ik onder het vorig punt al over de aanpak voorstelde: Beperk je nu tot een kwaliteitsverbeterslag (incl. uitdunning) op het bestaande ES-park. 4. Kwaliteitsverbeterplan (blz. 67) “Voor de Knelpuntenanalyse wordt het beleid uit de Kadernota wel als uitgangspunt gehanteerd. De volgende uitgangspunten - hier weliswaar door mij op praktische redenen niet volledig herhaald - zijn daarbij van belang: • De norm is 1,5 parkeerplaats voor recreatiewoningen en 1,2 parkeerplaats voor toeristische standplaatsen. …..”

Ik meen hier te mogen stellen, dat betreffende voorstelling van zaken - volgens mij stammend uit de Kadernota Recreatief Verblijf (vastgesteld d.d. 19 april 2012) - inmiddels ruimschoots achterhaald is.

F.L.

- 26/57 -

25 januari 2024

Dat geldt niet alleen (1) voor wat betreft de normen van 1,5 parkeerplaats voor recreatiewoningen en 1,2 parkeerplaats voor toeristische standplaatsen, maar ook voor (2) het in het Verbeterplan en de verantwoording krampachtig vasthouden aan, en vertekenen van het gebruik van de bijbehorende toeristische standplaatsen. Als Rho - aldus het schema op blz. 79 van het Verbeteringsplan - in december 2019 met het Verbeterplan start, is het bestaande terrein van de camping van Rekreatiepark Schoneveld, incl. de oorspronkelijke open ruimtes zoals die van de diverse toiletgebouwen, de speeltuinen, (delen van) de ligweide en de tennisbanen, alsmede het gehele voetbalveld inmiddels - zo blijkt ook uit de (rechter) afbeelding op blz. 73 van datzelfde plan - volledige ‘dichtgetimmerd’ met (vergunningvrije) recreatiebungalows en/of andere bouwwerken voor het recreatief nachtverblijf, niet zijnde zgn. kampeermiddelen. En voor alle duidelijkheid: NERGENS op het kampeerterrein en/of in het beleid kan, zal of mag (m.i.) dan nog gesproken worden over de inmiddels achterhaalde, verbannen en uitgesloten kampeermiddelen voor het recreatief nachtverblijf. Ergo, Voor de berekening van het minimaal aantal benodigde parkeerplaatsen, zowel op het bestaande terrein als op de eventuele uitbreiding zou per eenheid altijd uitgegaan moeten worden van MINIMAAL 1,5 per gebouw voor recreatief nachtgebruik.

Zie voor de consequenties hiervan dus ook punt l. op blz. 29-30. g.

Op blz. 10 wordt ingegaan op de ‘Kwaliteitsverbeteringspunten’. Het bevreemdt hoe er ‘verkrampt positief’ gedaan wordt over de kwaliteitsverbetering. Laten we wel zijn: de bestaande, hoge kwaliteit van Rekreatiepark Schoneveld is in 2006 nagenoeg volledig teniet gedaan door achtereenvolgens Beachpark Schoneveld (met name!), Droomparken Schoneveld en tenslotte Europarcs Schoneveld, zij het dus in afnemende mate van ‘kaalslag’ en ‘het bebouwen van open ruimtes. En dan hebben we het nu over een kwaliteitsverbetering? De harde waarheid is m.i. dat de nu voorgestane kwaliteitsverbeteringen nooit méér groen, lucht en ruimte creëren, dan dat er toen al was, voordat Beachparc de zaak overnam en startte met het dichtbouwen, daarin gevolgd door Droomparken en aansluitend Europarcs. Over de kwaliteit van de geplaatste gebouwen voor recreatief nachtgebruik laat ik me verder niet uit.

h.

Op blz. 12 t/m 14 wordt een prachtig weids beeld geschetst van achtereenvolgens “Schoneveld als onderdeel van de as Waterdunen en Westerschelde”, “Schoneveld, uniek gelegen tussen Schelde, Strand, Slikken, Schorren en Weidse akkers”, alsmede “Uitgangspunt gebiedsorganisatie: Blik naar buiten, naar de contextueel kwaliteiten”. En als begeleidende tekst daarbij citeer ik uit datzelfde rapport: “Park Schoneveld kent een grotere context met een ligging aan de Westerschelde en de Waterdunen. Vanuit deze unieke ligging en oriëntatie volgt een ontwikkelconcept waar de kwaliteitsverbetering aan opgehangen is.”

F.L.

- 27/57 -

25 januari 2024

En wat dacht u van deze (volgende) illustratie daarbij, op blz. 14 van genoemd verbeterplan, waarbij de pijlen op de afbeelding duiden op het open zicht op schorren en slikken, danwel op de duinen!?

En dan durven ze in datzelfde rapport - zonder tranen in de ogen - voor te stellen om de grootte c.q. hoogte van enkele bungalows in betreffend (uitbreidings)gebied hoger te maken dan ooit tevoren. Of is hier soms sprake van een soort ‘tunnelvisie’, waarbij alleen op de ‘zichtlijnen’ de bungalows laag gehouden houden!? “I was flabbergasted”, zoals de Engelsen dat zo mooi kunnen zeggen! Maar wil er íemand uit de Gemeente Sluis, uit de raad of van de bevolking, daar nu echt in mee gaan? En dan heb ik het niet over mijn hiervoor geuite gemoedstoestand….. doch over betreffend voorstel in voorliggend plan, om e.e.a. alhier verder te vergroten/op te hogen! En daarover NU een uitspraak te doen, terwijl de evt. start en realisatie pas over 7,5 jaar voorzien is….. Dit moet je toch niet willen (hier en nu)!? i.

Op blz. 19 - 21 wordt m.i. een incorrecte weergave van de plattegrond getoond. Hetzelfde geldt voor de afbeelding op blz. 33 (Par. 2.5. Het uitbreidingsgedeelte) Het perceel Nieuwesluisweg 9 - aan de NO-zijde van het park - kent immers de (Enkel)bestemming wonen en vormde/vormt aldus géén onderdeel van het park, noch de uitbreiding.

F.L.

- 28/57 -

25 januari 2024

In de discussie over een mogelijk toekomstige uitbreiding van het campinggedeelte van Rekreatiepark Schoneveld is in het verleden NIMMER over dit grondoppervlak gesproken; het gebied waarover ooit gesproken is, als mogelijke uitbreiding van (louter) de campingfunctie, ligt in zijn geheel aan de westzijde - de Waterdunen-kant - van (de meest westelijke uitgang van) het park. j.

Op blz. 34 (Sfeerimpressies) wordt een voorbeeld van ‘Grote bouwwerken voor recreatief nachtverblijf’ getoond. Op de grond van Rekreatiepark Schoneveld is in de loop der jaren reeds het door de Gemeente in het verleden vastgestelde legitieme (en maximale) aantal vakantiebungalows gerealiseerd. Mocht onverhoopt een uitbreiding qua oppervlak van (wat ooit) de camping (was) alsnog toegestaan worden, dan geldt m.i. nog steeds deze harde (boven)grens. Slechts de plaatsing van vergunningvrije recreatiebungalows, waarvoor de (bouw)grenzen - qua omvang en hoogtes - duidelijk/eenduidig zijn vastgesteld (Bor!?), zou dan wellicht nog tot de mogelijkheden behoren.

k.

Op blz. 35 (uitwerking uitbreidingsterrein) wordt een volledig foute voorstelling van zaken gegeven; de afbeeldingen SPOREN BOVENDIEN IN HET GEHEEL NIET met de begeleidende tekst. De tekst rechtsonder in de linker afbeelding bevat de volgende zin: “Daarnaast wordt de poel op de boerderijkavel behouden en wordt het parkeerterrein afgeschermd door middel van de duinen.”

Naar ik aanneem wordt er hier met ‘de oude boerderij-kavel’ het pand/perceel Nieuwesluisweg 9 aangeduid. Niet alleen wordt deze kavel ten onrechte meegenomen in het uitbreidingsplan, maar bovendien is hier ook nog altijd gewoon sprake (geweest) van een woning/perceel met de (Enkel)bestemming “wonen”! Op betreffend perceel - en dan kijk ik ook even naar de begrenzing zoals deze in de afbeeldingen op blz. 35 is aangehouden - lag/ligt géén poel; hooguit een onoorbaar, ondergronds wateropslag/-bekken tegen de grens met Europarcs, t.b.v. de bestrijding van calamiteiten op het ‘campinggedeelte’ van ES. De poel nabij Nieuwesluisweg 9 is gelegen in het aangrenzende (separate?) perceel, met nr. 364 (zie afbeelding op blz. 2). l.

Op blz. 37, in paragraaf 2.6 Het hele Park - Parkeren wordt de toekomstige parkeerbalans opgemaakt. Voor de discussie over het aantal eenheden op het park, voor en na de verbeterslag c.q. de eventuele uitbreiding, verwijs ik naar mijn eerdere betoog daarover in de punten 2 (blz. 4-6) en 6 (blz. 8-9). Om een goed beeld te geven van wat hier (ten onrechte) in het Verbeterplan beweerd wordt ten aanzien van de parkeerplaatsen zal ik hier nu dan ook een (her)berekening maken op basis van (1) de door Rho in de tekst aangegeven aantallen eenheden (zijnde alle - reeds met ingang van het opstellen van het Verbeterplan - bestaande recreatiebungalows) alsmede (2) de daarbij behorende rekenfactor aldus de Gemeente in 2012 - van 1 : 1,5 per recreatiebungalow, ook al is deze laatstgenoemde verhouding in de huidige tijd en ‘communis opinio’ inmiddels volledig achterhaald (lees: te laag).

F.L.

- 29/57 -

25 januari 2024

Ter illustratie: in december 2013 stelde de Gemeente al in haar notitie ‘Ruimtelijke kwaliteit recreatieterreinen, Toetsing en inspiratie’: “De parkeernorm voor permanente recreatieverblijven is 1 op 1,5. Het is echter wenselijk om het aantal parkeerplaatsen bij met name recreatiewoningen hoger te stellen dan deze norm.”

Ergo, de in het verbeterplan gehanteerde parkeernorm van 1,2 voor bouwwerken voor het recreatief nachtverblijf is volledig achterhaald en in strijd met de feiten/werkelijkheid! Voor de ‘Toekomstige parkeerbalans’ zou de tekst op blz. 37 (m.i.) aldus als volgt (moeten) luiden: “Op het toekomstige uitbreidingsterrein kunnen maximaal 77* bouwwerken voor recreatief nachtverblijf worden gerealiseerd en in totaal 414*. De parkeernorm is - gezien de verblijven - minimaal 1,5 per bouwwerk voor recreatief nachtverblijf. Het totaal aantal parkeerplaatsen komt daarmee uit op 621. De huidige situatie en het plan voor het uitbreidingsterrein voorzien samen in totaal in 558 parkeerplaatsen, aldus het rapport. Per definitie is nu dus al sprake van een TEKORT van MINIMAAL 63 parkeerplaatsen en dan moet de actuele, (lees: hogere) parkeernorm in dezen nog nader vastgesteld en toegepast worden….. En e.e.a. gaat ‘natuurlijk’ ook nog eens ten koste van het in de plannen bestaande & ‘begrote’ groen. In de praktijk moet in dit opzicht dus duidelijk nog een EXTRA verbeteringsstap/-slag gemaakt worden. Verder merk ik hier ook nog even op, dat het (evt.) meetellen in dezen van de parkeerplaatsen in de ‘milieustraat’ enigszins discutabel is. In de praktijk van het hoogseizoen, maar ook vaak ver daarbuiten, blijkt nl.

hoezeer ‘gasten’ (in de meest ruime zin) hun fatsoen verliezen, ook als het om parkeren gaat. En dat geldt tevens voor leveranciers van de winkel en het restaurant e.d., alsmede pakketbezorgers. Te pas en te onpas wordt er geparkeerd op niet voor de betreffende persoon en/of functie bedoelde (parkeer- en/of laad&los)plaatsen: een algemeen maatschappelijk probleem.. De ‘openbare’ parkeerplaats aan de Kieweg is normaliter al (veel) te klein en mijn verwachting is dan ook, dat de parkeerplaatsen in de milieustraat met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid niet ter beschikking komen van Europarcs-gasten. Ik zou er dan ook voor willen pleiten, dat deze parkeerplaatsen onlosmakelijk onderdeel vormen van betreffende Gemeente-parkeerplaats en als zodanig ook onder het beheer/onderhoud van de Gemeente vallen. En wellicht moet er daarvoor dan ook nog even een verrekening met Europarcs plaatsvinden…. *

Omdat het hier, zoals gezegd, ‘slechts’ over de beeldvorming/berekening/verhouding van aantallen parkeerplaatsen gaat, zijn hier de vermelde aantallen bouwwerken door mij ongewijzigd gehanteerd.

m. Op blz. 66 start Bijlage 1, waarbij een inkijkje gegeven wordt op het Gemeentelijk beleid, dat van kracht was van 2016 - 2020 En wat we nu dus feitelijk aantreffen op Europarcs zou in de voornoemde periode gerealiseerd en gemonitord moeten zijn door Droompark en Europarcs Schoneveld, alsmede - niet in de laatste plaats of de minste - de Gemeente Sluis!

F.L.

- 30/57 -

25 januari 2024

Over veel van de zaken, die op deze pagina’s vermeld staan heb ik in het voorgaande reeds geheel of gedeeltelijk en/of in ander verband mogelijk al een zienswijze gegeven. Hier wil ik toch graag nog even - in voorkomende gevallen - op e.e.a. ingaan: 1.

Wat willen we bereiken; eerste aandachtspunt. Niet bepaald duidelijk en eenduidig. Als de Gemeente Sluis op de locatie Schoneveld bijv. een hoogwaardige camping had willen behouden, dan had zij de commerciële organisaties niet de (nagenoeg volledige) vrijheid moeten geven in de keuze inzake de te plaatsen objecten voor het recreatief nachtgebruik. En wat zou er duurzamer zijn: een campingterrein of een park volgebouwd met (vaste) objecten voor het recreatief nachtverblijf? Sèc gesproken lijkt me de eerste optie in eerste instantie toch stukken duurzamer voor de betreffende omgeving dan de tweede ….

2.

Wat willen we bereiken; tweede aandachtspunt. Een helder toetsingskader voor het maken van een kwaliteitsslag … maar mij persoonlijk is niet helder wat en hoe, en waar ik dat kan vinden. Maar ik ben in dezen ook niet maatgevend, doch wel geïnteresseerd, te meer daar hierin gesproken wordt over ‘de veranderende vraag vanuit de markt’. Maar naar mijn weten is de recreatiemarkt in eerst instantie een aanbod-gedreven markt! ‘Niet omdat het moet, maar omdat het kan’ zoekt men naar mooier, groter, duurder, etc. …. alleen maar om het vorige te overtreffen. En met elke toename in het aanbod zien we dat er aan de onderkant verdere verpaupering optreedt. En dat ware nog niet zo erg als dat in verhouding ging/gaat. Maar we zien dat het aanbod maar blijft groeien en dat we daarbij tevens het risico lopen (schaarse) ruimte/gronden te verliezen, ook nu weer.

3.

Wat willen we bereiken; zesde aandachtspunt. Een vreemde formulering c.q. redenatie”; op welke wijze zou een verhouding tussen beide genoemde categorieën leegstand kunnen voorkomen? M.i. bestaat hier geen enkel (causaal) verband tussen, waarmee evt. leegstand voorkomen c.q. teruggedrongen kan worden. E.e.a. is bij verhuur afhankelijk van de vraag ernaar en de huurprijzen; bij eigen gebruik hangt het vaak samen met de familiegewoontes en -gebruiken. En beide gebruiksvormen kennen in veel gevallen dezelfde, langere periodes van leegstand, naast een goede bezetting in het hoogseizoen.

4.

Wat willen we bereiken; laatste aandachtspunt. Hier staat een zekere tegenstrijdigheid ten opzichte van wat er nu in de praktijk gebeurt. In het hoofdseizoen zit in principe alles vol zit en is de druk maximaal….. en dan zou je die willen spreiden!? Òf je reduceert de recreatieve nachtverblijven c.q. parken drastisch, waarmee de aantallen gasten in de regio per periode minder van elkaar zullen afwijken of je probeert in de minder drukke periodes de bezetting van de bestaande recreatieve nachtverblijven c.q. parken verder te laten toenemen. En om in een andere periode ook nog eens meer gasten te willen hebben, dan moet je daar dus ook meer te bieden hebben, dan rust, zon, zee en strand en de weidse omgevingen waar men daar veelal voor komt.

F.L.

- 31/57 -

25 januari 2024

Er zouden daartoe dan ook veel meer slecht-weer-voorzieningen aldaar aanwezig moeten zijn, in de nabije omgeving of op de parken zelf, zoals grote overdekte zwembaden, sporthallen, binnenspeeltuinen voor kinderen etc. Maar aangezien de druk op de omgeving nu al te hoog is in het hoogseizoen, moet je er dus zeker niet meer bijbouwen aan bungalows, want dat zorgt geenszins voor de gewenst spreiding! Je krijgt dan alleen maar meer van hetzelfde, met nòg meer congestieproblemen - op alle fronten in het hoogseizoen. 5.

Hoe willen we het bereiken; eerste aandachtspunt. Waar is deze verantwoording - qua ‘communicerende vaten’ in het geval van Europarcs terug te vinden, voor wat betreft het door haar gewenste extra contingent aan bungalows (77 stuks), dat zij zou willen plaatsen op het voorgestelde uitbreidingsgebied? Waar in de Gemeente en wanneer is er de overeenkomstige afname van 77 stuks gepland?

6.

Hoe willen we het bereiken; vierde aandachtspunt. Wat valt - gegeven de Gemeentelijke regels (zie blz. 13 van deze zienswijze) - onder haar verscherpte kwaliteitseisen? Het lijkt er op dat hierover op het scherpst van de snede een discussie gevoerd moet worden!? Als ik - volgens de Gemeente - op 1 hectare maximaal 20 recreatiebungalows mag plaatsen òf 33 eenheden voor het recreatief nachtverblijf en ik hanteer daarvoor de omschrijving uit de Regels van de Gemeente, dan zou ik dus 33 recreatiewoningen neerzetten en deze omschrijven als recreatieve nachtverblijven….. Mag ik de Gemeente ook hier nogmaals (nadrukkelijk) vragen om haar definities/omschrijvingen van e.e.a. duidelijk(er) en bovenal eenduidig/onderscheidend te maken. Ik meen uit de achterliggende materie begrepen te hebben, dat beide bouwwerken even omvangrijk mogen zijn, maar ook dat het enige (?) onderscheid tussen beide bouwwerken de bouwhoogte is (of wellicht de vergunningsvrijheid?); maak die dan ook onderdeel van de definities. En mocht de uitbreiding van Europarcs Schoneveld (onverhoopt) doorgaan, dan is er op het uitbreidingsterrein - volgens deze definities - dus sprake van extra recreatiebungalows, terwijl dat contingent voor Schoneveld oorspronkelijk al beperkt was tot circa 315.

n.

F.L.

Op blz. 68 start Bijlage 2 Kadastrale gegevens (zie afbeelding)

- 32/57 -

25 januari 2024

Het verdient aanbeveling om in de afbeelding duidelijk te maken wat hierop de ‘Weg Schoneveld’ is. Wordt hiermee inderdaad slechts het huidige wandelpad van en naar de duinen bedoeld, lopend langs de eveneens genoemde kavel 363? Overigens ben en blijf ik van mening, dat laatstgenoemde kavel nooit of te nimmer tot het uitbreidingsgebied van Europarcs Schoneveld mag (gaan) behoren, aangezien betreffend Gemeenteperceel de bestemming wonen heeft, ook al is het - naar verluid - eigendom van Europarcs Schoneveld en heeft deze het in de loop der jaren - de woning en het perceel - ernstig laten verpauperen. Het was m.i. een kleine moeite geweest om in ieder geval dit nog een kwalitatief hoge uitstraling te laten behouden, maar zelfs dat (b)lijkt in de praktijk een te grote opgave te zijn (geweest). Dat geeft weinig vertrouwen m.b.t. de voorgestelde herinrichting van het recreatiepark.

o.

Op blz. 81 staat het tweede advies van de Toetsingscommissie vermeld. Bij de derde bewering is niet duidelijk wàt er opgelost wordt en zo kan ook niet beoordeeld worden of de voorgestelde aanpak naar de mening van de overige betrokkenen, zoals ondergetekende, inderdaad passend is. Aldus wordt de mogelijkheid ontnomen om hierbij een zienswijze in te dienen. De betreffende formulering in het rapport verdient m.i. in ieder geval wijziging/verduidelijking.

Punt 30. Ad Bijlage 2 Onderzoek wegverkeerslawaai

a.

De (op blz. 5 & 6) getoonde afbeeldingen zijn (m.i.) qua begrenzing (voorgestelde) uitbreiding per definitie incorrect; ze zijn ook niet gelijk aan elkaar, dus minimaal één ervan is onjuist. Ik herhaal daarom hier ook nog even, dat hetgeen ik in het voorgaande reeds aan gebreken, onjuisten/of onwaarheden gesignaleerd heb, mutatis mutandis ook van toepassing geacht moet worden in alle overige documenten en bijlagen, ook als ik e.e.a. in het vervolg van het voorliggende stuk niet (meer) expliciet benoem(d heb). Waarvan akte.

b.

Op blz. 9 wordt (m.i.) m.b.t de ‘Intensiteit op de wegen’ geconstateerd, dat gegeven de cijfers van 2019 en 2020 men zich vervolgens verder kan beperken tot een jaarlijkse autonome ophoging van 1,5 % per jaar naar het jaar 2033. Graag spreek ik hier toch graag mijn twijfels uit over deze bewering. Naar mijn bescheiden mening in dezen wordt hierbij helaas voorbij gegaan aan het feit, dat de komende jaren 2 à 3 jaren zeer waarschijnlijk alsnog een explosieve extra groei verwacht mag worden, als gevolg van het completeren/afbouwen van de accommodaties in Waterdunen en Zeebad en de aansluitend toenemende verkeersbewegingen van de nog te verwachten extra gasten.

c.

Op blz. 13 wordt gefilosofeerd over maatregelen ter reductie van de geluidbelasting. Ik begrijp, dat de facto afgezien wordt van ingrijpen. Echter, als ik e.e.a. goed begrepen heb, dan zou er dus ook extra winst behaald kunnen worden met het aanbrengen van snelheidsbeperkende borden en drempels, waarmee tegelijkertijd ook nog eens de veiligheid vergroot kan worden van gasten, die vanaf een recreatieterrein en/of parkeerplaats de Nieuwesluisweg en v.v. over willen steken. Ik geef dan ook graag met nadruk in overweging, deze optie serieus mee te nemen.

F.L.

- 33/57 -

25 januari 2024

d.

In Bijlage 1 bij het rapport Onderzoek wegverkeerslawaai (i.c. ‘Invoergegevens’) wordt bij Verkeersgeneratie Europarcs Schoneveld het volgende opgemerkt: “….. De voorzieningen die alleen door gasten van het park worden gebruikt, zoals de Supermarkt, daarvan is de verkeersgeneratie al in de kengetallen opgenomen (CROW-272-) Echter is het zwembad ook toegankelijk voor externe bezoekers. …..“

Ik mis hier echter tevens het restaurant met terras en snack-hoek, alsmede de bar en de bowlingbaan. Het restaurant en de bowlingbaan richten zich nadrukkelijk ook op de nabije omgeving en omliggende dorpen en genereren daarmee een niet te verwaarlozen hoeveelheid extra verkeersbewegingen en overlast. Denk daarbij aan feestjes en partijen, disco’s en (bijv.) kien-avonden (standaard op de maandagavonden). En vlak natuurlijk ook niet uit de toegenomen verkeersbewegingen van leveranciers voor (m.n.) restaurant, café, frituur, terras en winkel, alsmede het groeiend aantal bestelbusjes à la PDP, PostNL en DHL. Punt 31. Ad Bijlage 7 Quickscan flora en fauna

a.

De afbeeldingen op blz. 6, 8, 13, en 46 zijn qua begrenzing - voorgestelde - uitbreiding incorrect.

b.

De conclusie (op blz. 15) van betreffend rapport geeft (m.i.) nog een extra reden om het woonperceel Nieuwesluisweg 9 NIET in de uitbreiding van Europarcs Schoneveld mee te (mogen) nemen. Het is - als het in oude glorie is hersteld - een prachtige woonlocatie voor (bijv.) een natuurliefhebber, mede door de aangrenzende ‘groene oase’ en de ligging nabij strand en Waterdunen.

Punt 32. Ad Bijlage 11 Watertoets

a.

De in betreffende bijlage getoonde afbeeldingen qua begrenzing (voorgestelde) uitbreiding - en bijbehorende beschrijvingen - zijn qua begrenzing - voorgestelde - uitbreiding per definitie incorrect.

b.

De op blz. 8 boven afbeelding 1-2 vermelde aantallen neem ik maar voor kennisgeving aan; ik verwijs in dezen naar hetgeen ik hierover reeds in het voorgaande van deze zienswijze hierover heb opgemerkt.

c.

De op blz. 15 gesignaleerde Beschermingszones zijn van groot belang, indien onverhoopt alsnog een uitbreiding wordt toegestaan. In het noordelijk deel daarvan gelden dan nl. duidelijk beperkingen ten aanzien van de funderingen e.d.

d.

De op blz. 21 beschreven/afgebeelde Waterbergingstechnieken zijn wellicht interessant, doch zijn aldaar in het geheel niet aan de orde, gezien punt a. **********

N.B. Aldus de zienswijze puntsgewijs bij de Bijlagen Betreffende punten gelden mutatis mutandis ook voor de overige ‘tabbladen’ van het beleidsplan.

F.L.

- 34/57 -

25 januari 2024

Naast de voorgaande punten wil ik verder nog het volgende opmerken bij de ‘Regels’, waarbij ik gemakshalve doorga met nummering; waarvan akte! ********** Punt 33. Ad Regels a. Ad 1.22 centrale voorzieningen Het verbaast mij - zeker met Europarcs Schoneveld en/of Roompots Scheldeveste/Zeebad in het achterhoofd - dat onder deze verzamelterm centrale voorzieningen alhier geen melding wordt gemaakt van (o.m.) een bar, frituur en restaurant. Die moeten hier m.i. toch zeker voor beide - toegevoegd worden. b. Ad 1.35 parkwinkel Ik weet niet beter dan dat de (Europarcs) parkwinkel - gegeven dit artikel - daarnaast dus ook bedrijfsvreemde activiteiten ontplooide/ontplooit. Zo werden/worden er daar bijv. in ieder geval ook fietsen en e-choppers verhuurd. c. Ad 1.39 recreatiewoning Waarom wordt hier de recreatiewoning apart gedefinieerd en niet volstaan met slechts een verwijzing naar art 1.27 gebouw voor recreatief nachtverblijf (i.e.: “een gebouw dat is bestemd voor recreatief nachtverblijf, zoals een recreatiewoning, kampeerhuisje, stacaravan of chalet, door personen die hun hoofdverblijf elders hebben.”) !? Er zit nl. in de huidige omschrijving alhier geen enkel onderscheidend vermogen; ook de andere gebouwen voor recreatief nachtverblijf kunnen/worden nl. gedurende een gedeelte van het jaar gebruikt …!?.

En vreemd genoeg worden het kampeerhuisje, de stacaravan en het chalet verder niet gedefinieerd in de regels. Zie in datzelfde kader ook mijn opmerking onder m.6. op blz. 32. d. Ad 1.42 verblijfsrecreatie “het kortdurend verblijf van één of meerdere personen met overnachting die elders hun hoofdverblijf hebben, waarbij in ieder geval geen sprake is van permanente bewoning.”

En toen had ik maar wat graag Sluis’ regel/omschrijving van ‘Verblijfsrecreatieterrein’ willen aantreffen. Voorzover ik echter van de Gemeente Sluis begrijp zou dat dan een ‘park’ zijn met accommodaties voor het recreatief nachtverblijf, met centrale bedrijfsmatige exploitatie. ERGO, ik herhaal hierbij met nadruk mijn verzoek aan de Gemeenste Sluis om het bestemmingsplan voor Bungalowpark Schoneveld dit jaar ook conform aan te passen, aangezien het daarbij nu gaat om een bungalowpark op Gemeentegrond, zonder centrale bedrijfsmatige exploitatie en alwaar permanente bewoning niet (meer) toegestaan zou zijn. e. Ad 4.1 Bestemmingsomschrijving In de betreffende tekst van het artikel wordt verwezen naar aanduidingen van diverse voor een bepaalde bestemming aangewezen gronden. F.L.

- 35/57 -

25 januari 2024

Echter, ik heb geen enkele link of tekst kunnen vinden die verwijst naar de (m.i.) bijbehorende afbeelding en/of toelichting zodat men e.e.a. kan inzien en beoordelen. Ik verzoek u mij per omgaande te informeren, waar ik e.e.a. (alsnog) kan vinden, danwel mij de betreffende ontbrekende afbeelding (incl. bijbehorende legenda) toe te sturen, zodat ik me hierover een definitief oordeel kan vormen, mocht in dezen een evt. bezwaar t.z.t. (nog) noodzakelijk blijken. Zo heb ik nu - zonder verdere info - sowieso al sterke twijfels met betrekking tot de punten d, g, h, i, en j. Ad a. Europarcs was/is (oorspronkelijk) de facto niets anders dan een kampeerterrein. Sterker nog: Er waren op het terrein van Rekreatiepark Schoneveld oorspronkelijk 572 standplaatsen toegestaan, waarbij de exploitant op enig moment zelf mocht gaan invullen, waarvoor hij/zij het zou gebruiken. Echter, op het terrein waren daarbij (maar) 312 recreatiewoning toegestaan. Aan dat laatste is door de toenmalig exploitant invulling gegeven; dat aantal is vervolgens gerealiseerd op (nu) Bungalowpark Schoneveld. Wat nu dus rest is de voorgaande afspraak op het campinggedeelte van het (oorspronkelijke) Rekreatiepark Schoneveld en dan hebben we formeel dus nog maar plaats voor zo’n 260 vergunningvrije bouwwerken voor recreatief nachtverblijf….

En volgens mij staan die nu ook al(lang) op betreffend terrein, in aanzienlijk grotere aantallen. Ad d. Hiervan was en kan géén sprake zijn volgens de uitgangspunten van de Gemeente Sluis! Ergens kan ik mij aldus ook niet aan de indruk onttrekken, dat met dit artikel sprake is van een ‘domme verschrijving’, nl. dat de oorspronkelijk teksten van Rekreactiepark Schoneveld zijn gebruikt en dat vervolgens - on(voldoende) bekend met de historie c.q. feitelijkheid - de teksten zijn aangepast. f.

Ad 4.2.1 Toelaatbare bebouwing kampeerterrein 1. Volgens de tekst onder a.2. zou het toegestaan zijn/worden om op deze gronden een (1) bedrijfswoning met bijbehorende bouwwerken te plaatsen. Onder 1.9 bedrijfswoning wordt echter gesteld, dat het dan moet gaan om “een woning in of bij een gebouw of op een terrein, die slechts is bestemd voor bewoning door (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar noodzakelijk is, gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein.”

In de praktijk is gebleken, dat een dergelijke huisvesting daar niet noodzakelijk werd/wordt geacht. Bovendien leidt een dergelijk (extra) bouwwerk ook zeer waarschijnlijk weer tot ongewenste horizonvervuiling, mede gezien het feit, dat hierbij geen beperking tot de gangbare hoogtes voor het recreatief nachtverblijf gelden. Het wordt aldus een zeer storend element in het betreffend gebied. 2. Volgens de tekst onder b.1. wordt gesteld, dat op een standplaats een (‘verbannen’?) “kampeermiddel mag worden gebouwd” of een ‘gebouw voor recreatief nachtverblijf, niet zijnde een recreatiewoning..”! Regel 1.27 Gebouw voor recreatief nachtverblijf luidt echter: “Een gebouw, dat is bestemd voor recreatief nachtverblijf, zoals een recreatiewoning, kampeerhuisje, stacaravan of chalet, door personen die hun hoofdverblijf elders hebben. Kortom: gelieve het voor ingezetenen van de Gemeente duidelijk èn eenduidig te maken! F.L.

- 36/57 -

25 januari 2024

g. Ad 4.2.4. Maatvoering ‘verblijfsrecreatie’ In de tabel dient voor het Bouwwerk voor recreatief nachtverblijf onder de kopjes Aantal, Bouwhoogte en Oppervlakte de exacte maat vermeld te worden, gegeven de onduidelijkheid op vele plaatsen. Hier - onder Regels - zou er geen onduidelijkheid of twijfel meer mogen zijn over wat en hoe de Gemeente voornemens is in haar wijsheid in dezen toestaan te staan, op het moment dat zij de voorgestelde, toekomstige uitbreiding alsnog door zou laten gaan. h. Ad 4.2.5. maatvoering ‘wonen’ Gezien de eerdere/overige uitlatingen van de Gemeente over recreatieparken en de centrale bedrijfsmatige exploitatie stel ik voor om deze sub-paragraaf - om misverstanden hierover te voorkomen - alhier volledig te laten vervallen. i.

Ad 4.4.2. Voorwaardelijke verplichting kwaliteitsverbetering Hier wordt een zeer vreemde ‘move‘ gemaakt. Er ligt in feite een uitgewerkt plan voor om evt., en onder voorwaarden, Europarcs te laten uitbreiden en dan gaat het oorspronkelijk om een zeer oude toezegging, dat àls het Campinggedeelte van Rekreatiepark Schoneveld ruimer en mooier ingericht zou worden, er dan extra ruimte voor kampeermiddelen gegeven zou (hebben) kunnen worden (zie “Notitie overgangsbeleid in relatie tot de Zeeuwse Kustvisie van 26 juni 2017”, alwaar in de Bijlage bij zgn. “Pijplijn-projecten” duidelijk is aangegeven, dat het ging/gaat om ‘Camping Schoneveld’ te Breskens en voor wat betreft de Type accommodatie: ‘Kampeereenheden’! Inmiddels is er blijkbaar (1) in het geheel geen sprake meer van kampeermiddelen, (2) staat Europarcs Schoneveld volgebouwd met recreatiebungalows, (3) wordt er zelfs nog steeds - ten onrechte gesproken over een mogelijke uitbreiding, waarbij Europars meteen al in haar schetsen laat zien, dat het louter om recreatiebungalows gaat …. en dan gaan we in deze paragraaf toch weer praten over ‘het kampeerterrein’!? Dat was en is er al lang niet meer, dus wees duidelijk over welk gebied je het nu echt hebt en illustreer dat met een duidelijk/eenduidige afbeelding, en die bovendien ook spoort met de overige afbeeldingen en tekst.

Maar laten we nu nog even verder duiken in de oude afspraken; ik citeer daarbij wat er toentertijd ten aanzien van de zgn. “Pijplijn-projecten” door de betrokken partijen is vastgelegd: “….. Voor deze plannen/projecten geldt dat één of meerdere bij de Zeeuwse Kustvisie betrokken partijen zich vóór 1 juli 2016, op basis van vigerende beleidskaders, aan het plan/project hebben gecommitteerd. Dit commitment ligt vast in de vorm van een (voor)ontwerpbestemmingsplan, een (openbare) overeenkomst of raadsbesluit. Voor plannen in deze categorie, voorzover niet in overeenstemming met de uitgangspunten voor de kustvisie, geldt het principe 'agree to disagree'. Voor deze plannen/projecten geldt dat er uiterlijk 1 januari 2019 een door de gemeenteraad vastgesteld bestemmingsplan/vergunning dient te liggen op basis van de vigerende beleidskaders. Indien vóór 1 januari 2019 er nog géén vastgesteld plan/vergunning is zullen de betreffende ontwikkelingen na die datum worden beoordeeld op basis van het op dat moment geldende beleid. Voor die tijd streven betrokken partijen ernaar om, voor zover mogelijk, de projecten nader uit te werken overeenkomstig de uitgangspunten van de Zeeuwse kustvisie …..”

F.L.

- 37/57 -

25 januari 2024

Ik wijs hier met nadruk nog even op de genoemde, concrete ‘deadline’ voor de “Pijplijn-projecten”: “…..

Indien vóór 1 januari 2019 er nog géén vastgesteld plan/vergunning is zullen de betreffende ontwikkelingen na die datum worden beoordeeld op basis van het op dat moment geldende beleid.

…..” En leg dit vervolgens naast hetgeen in bijlage 5 ‘Proces’ van het Kwaliteitsverbeterplan van Europarcs Schoneveld aan tijdlijn en processtappen wordt getoond …

Mijns inziens is daarmee de oude toezegging van de toenmalige Gemeenteraad, dat Schoneveld haar camping gedeelte desgewenst - en onder voorwaarden – zou (hebben) mogen vergroten, door de tijd ingehaald. Er was op dat moment de facto geen sprake meer van een camping; alle standplaatsen (en méér) waren reeds volgebouwd met bouwwerken voor het recreatief nachtverblijf (‘recreatiebungalows’). De herinrichting van Eurparcs dient aldus door de Gemeenteraad als een losstaand project beschouwd, beoordeeld, en besloten te worden, op basis van de huidige van kracht zijnde beleidskaders. Een eventueel verzoek voor een mogelijke uitbreiding van het Park is op zijn vroegst aan de orde als het project ’Herinrichting Europarcs’ niet alleen goedgekeurd is, doch bovendien naar volle tevredenheid van de betrokken organisaties volledig gerealiseerd/afgerond is. Tegen die tijd kan de dàn zittende Gemeenteraad een evt. voorstel beoordelen aan de hand van de op dat moment van toepassing zijnde (beleids)plannen en (gewenste) ontwikkelingen en omstandigheden. j.

F.L.

Ad. 4.5 Afwijken van de specifieke gebruiksregels Ik volsta met de opmerking, dat me dit hooglijk verrast. Eerder was hiervan volgens mij geen sprake en het verbaast me dan ook, dat dit hier nu ineens vermeld staat. Ik adviseer het dan ook hier weer te laten vervallen qua vermelding; de huidige opzet van het park, noch de indeling ervan, staat iets dergelijks (ruimtelijk) toe. - 38/57 -

25 januari 2024

k. Algemene opmerking/suggestie/aanvulling bij de regels, in het kader van duurzaamheid. Ligt het niet voor de hand, dat de Gemeente Sluis in het huidig tijdsgewricht per definitie ook - v.w.b. de bouwwerken door recreatief nachtverblijf - àlle vormen van bouw en/of gebruik van open haarden (dus hout èn gas) alsmede open vuur(korven) verbiedt. In ieder geval zou dit (m.i.) met ingang van heden en voor elke nieuw- of verbouw van dit soort bouwwerken moeten gelden. En mag ik aanvullend ook de suggestie doen om op/voor deze locaties (Verblijfsrecreatieparken) ook de verplichting op te (laten) leggen om ingeval van een barbecue e.d. ook alleen nog maar gebruik te (laten/mogen) maken van elektrische apparaten. Gelieve deze uitgangspunten in de (bouw- en ‘leef’-)regels van de parken en/of de APV op te (laten) nemen en voor dit besluit vooral niet de verdere ontwikkelingen af te wachten met betrekking tot de herinrichting van Europarcs. Dit zijn m.i. zgn. ‘quick-wins’. De voorliggende zienswijze begon (o.m.) met een compliment aan de Gemeenteraad Sluis en eigenlijk moet ik hier nu ook nog afsluiten met een excuus. Ik heb in de praktijk weer eens mogen ervaren wat Zeelands spreuk ‘Luctor et emergo’ behelst.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=294f5cb3-5729-4153-870f-715e2fc99248