CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen besluitvormende vergadering 10 oktober 2023.pdf

Besluitvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 14 november 2023, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 4: Vaststellen notulen 10 en 31 oktober 202341.298 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Daarom zouden wij een voorstander zijn van een referendum. Want ik vind het wel wat, wat er nu gaat gebeuren in Sliedrecht: een noord-zuidverbinding en een park wat opgeofferd wordt voor woningbouw. Mag de Sliedrechter zich daar over uitspreken? Ik vind van wel, voorzitter. De voorzitter Dank u wel. De heer Van Rossum tenslotte bij deze interruptie. De heer Van Rossum Voorzitter, als je het een beetje volgt, dan hoor je dat de heer Jongeneel continu dezelfde strategie toepast. Hij gebruikt hele grote woorden en op het moment dat je hem daarop aanspreekt, beantwoordt hij de vraag niet. Waar we het hier over hebben is, voorzitter: ik ben het helemaal met u oneens. Ik vind echt dat wij vaker de gesprekken moeten aangaan met de samenleving en dat wij ook naar verenigingen moeten gaan om uit te leggen wat wij doen en dat we met actiegroepen in gesprek moeten om te horen wat ze vinden. Maar wat u zegt is: we wonen in een totalitair regime, 16

er wordt geen verantwoording afgelegd. En dat is wel wat we hier doen. En op het moment dat u daarop aangesproken wordt, of op het moment dat de heer Jongeneel daar op aangesproken wordt, komt hij met de reactie dat we bij een sportvereniging moeten spreken. Dat zijn twee hele andere dingen. Er worden erg zware woorden gebruikt, de onderbouwing daarvan mist compleet en dat zet dingen echt veel te veel op scherp, naar mijn mening. De voorzitter Dank u wel. De heer Jongeneel mag daar nog op reageren. De heer Jongeneel Bedankt, voorzitter. Kijk, in tegenstelling tot de VVD, voorzitter, is onze fractie wel af en toe aanwezig bij de bijeenkomsten van Chemours. Is de fractie van Slydregt.NU wel bij een demonstratie aanwezig bij het Willem Dreespark en zijn wij wel aanwezig bij fakkeloptochten tegen het Coronaregime. Daar heb ik de VVD nog nooit gezien. De voorzitter Ik stel voor dat u uw betoog vervolgt. De heer Jongeneel Bedankt, voorzitter. Volgens Slydregt.NU heeft dit college niet op het netvlies hoeveel impact deze veranderingen hebben op het dorpsgezicht. Ik kom nu bij mijn laatste twee alinea’s, voorzitter. Het is geen wonder dat de inwoners van Sliedrecht opstaan en zich uitspreken tegen dit ondemocratische gedrag. Het college moet ter verantwoording worden geroepen en er moet transparantie en inspraak in het besluitvormingsproces worden hersteld.

De belangen van de gemeenschap mogen niet langer ondergeschikt worden gemaakt aan de belangen van de coalitiepartijen SGPChristenUnie, CDA en VVD. Sliedrecht verdient beter dan dit. Deze partijen nemen niet eens de moeite – nou, dat heb ik net al verteld, dat ga ik dus niet herhalen. Daarom komt Slydregt.NU met een amendement. De voorzitter Gaat uw gang. De heer Jongeneel Met dit amendement halen wij de drie nieuwe aangemerkte woningbouwlocaties uit de Binnenstedelijke Herstructurering Sliedrecht. Slydregt.NU wil dat de plannen aangaande woningbouw op deze drie locaties - dan hebben we het dus over de Maaslaan, Middeldiepstraat en Valkweg - afzonderlijk aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Reden hiervoor is dat wij geschrokken zijn hoe het participatietraject in de Maaslaan is verlopen. Slydregt.NU is van mening dat met dit amendement de gemeenteraad beter in stelling wordt gebracht om woningbouw te ontwikkelen die daadwerkelijk past bij de buurt en draagvlak heeft bij de omwonenden. De voorzitter Dank u wel, meneer Jongeneel. In beslispunt 1 wijzigt u. Vetgedrukt wijzigt u, kunt u zelf voorlezen dat u toevoegt met… De heer Jongeneel Zal ik het voorlezen? De Stedenbouwkundige Visie Binnenstedelijk Herstructurering Sliedrecht vast te stellen met uitzondering van de als nieuw aangemerkte woningbouwlocaties Maaslaan, Middeldiepstraat en de Valkweg, voorzitter.

De voorzitter En u schrapt beslispunt 3. De heer Jongeneel Ja, we schrappen beslispunt 3. De voorzitter Dank u wel. Daarmee is het amendement van de heer Jongeneel ingediend, krijgt stuknummer A10.1 en maakt onderdeel uit van de beraadslaging. Ik zie dat de heer Van Rossum daar een vraag over heeft. De heer Van Rossum Ja, voorzitter, want op zich ben ik het eens met de heer Jongeneel in de zin van: dit zijn dingen waar de gemeenteraad nog een keer over moet spreken, maar dat heeft het college ook aangegeven. In Q2 volgend jaar krijgen wij het plan voor de Maaslaan hier te bespreken in de gemeenteraad. Dan probeer ik hem toch even open te stellen om de dialoog aan te gaan: hoe ziet u dat het schrappen van dit beslispunt nu helpt in het bespreken van dat individuele plan hier in de gemeenteraad met, en dat is 17

echt belangrijk, het proces wat eraan vooraf loopt, waarin nog inwoners de kans krijgen om er ook daadwerkelijk iets van te vinden? De voorzitter Dank u wel. De heer Jongeneel. De heer Jongeneel Volgens mij, voorzitter, heeft de heer Van Rossum niet geluisterd. Wij hebben geen hoge pet op van de participatie zoals die nu gaat. Daarom willen wij dat deze drie onderwerpen afzonderlijk worden behandeld, voorzitter. Bijvoorbeeld, dat kwam mij ter ore van de week: bij de brandweerkazerne worden appartementen gebouwd, maar het parkeerterrein wordt opgeofferd en daar komt dan groen voor terug. Dat er groen terugkomt vinden we een goede zaak, maar dat het parkeerterrein weggaat terwijl die wijk dat hard nodig heeft, daar willen wij toch afzonderlijk met de inwoners die daar wonen, over praten. De voorzitter Dank u wel voor uw toelichting. Er is nog een vervolgvraag van de heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, en terecht, want daar moeten we over praten. Daar moeten we ook over blijven praten. Alleen de vraag is en dat is de vraag die ik stel aan de heer Jongeneel, wat het schrappen van deze locaties op dit moment helpt in dat proces op het moment dat we weten dat we al die individuele locaties sowieso nog een keer als een los proces moeten doorlopen. De voorzitter Dank u wel. De heer Jongeneel tenslotte.

De heer Jongeneel Wat er bij de Maaslaan is gebeurd, voorzitter, dat belooft weinig goeds. U weet ook: wij hebben in maart een motie van wantrouwen ingediend. Dus het vertrouwen in dit college is bij ons heel laag. Wij hebben gewoon geen vertrouwen dat het nu goed komt, als wij op de huidige voet verder zouden gaan. Dus wij trekken aan de rem. De voorzitter De heer Van Rossum tenslotte. De heer Van Rossum Sorry, voorzitter, maar mijn vraag blijft staan wat dit amendement dan bijdraagt aan hetgeen hij wil bereiken. Want het enige wat hij zegt is, we schrappen ze nu als locatie, maar we willen er wel een project op draaien. Want u wil er over gaan praten met de inwoners, kijken wat mogelijk is. Dat is een project draaien. De voorzitter Dank u wel. De heer Jongeneel. De heer Jongeneel Ik weet niet wat ik moet antwoorden, voorzitter. Ik ga mijn antwoord niet herhalen, want daar komt weer hetzelfde uit. En waarom niet stap voor stap? Waarom moeten we alles in één keer doen? We kunnen toch stap voor stap een besluit nemen? Dat doe je ook met een normaal bestemmingsplan. De voorzitter Dank u wel. Ik zie dat nog twee andere woordvoerders u een vraag willen stellen voordat u gaat zitten. Dat is de heer Oostrom van de fractie van de SGPChristenUnie en dan de heer Dunsbergen. Eerst de heer Oostrom. Gaat uw gang. De heer Oostrom Voorzitter, dank u wel.

Ik was nog even de woorden aan het wegen van de heer Jongeneel. Als ik het goed heb, heb ik hem in het begin van de woordvoering horen zeggen: we moeten niet meegaan met deze rijdende trein. Wat ik nu een beetje met het amendement heb - als ik het goed interpreteer, zegt u van, nou, ik geef wel de richting van de trein aan, alleen, we willen niet instappen. Heb ik dat goed begrepen? De voorzitter De heer Jongeneel. De heer Jongeneel Bedankt, voorzitter. Er rijden volgens mij heel veel treinen in Nederland en ik ga ook niet dagelijks met de trein. Die gaat ook alle kanten uit. 18

De voorzitter De heer Oostrom nog een vervolgvraag. De heer Oostrom Voorzitter, ik was even zoekende naar de verhouding tussen enerzijds van ja, als we deze visie nu vaststellen, wat we vanavond doen - daarbij gaf de heer Jongeneel in mijn beleving aan van, we moeten niet in deze rijdende trein stappen en wat ik nu hoor, met het amendement zegt hij: ik ben wel voor deze visie. Alleen, de eerste stap willen we niet uitwerken. Dus mijn vraag is: hoe ziet de heer Jongeneel deze verhouding? De voorzitter Dank u wel. De heer Jongeneel. De heer Jongeneel Ga ik dat nou nog een keer uitleggen? Dan kom ik de hele tijd bij hetzelfde antwoord uit: stap voor stap. Wij willen gewoon niet doorgaan met deze trein en een bepaalde richting. Dat hij misschien een andere rails oploopt zodat het tempo lager gaat en dat de inwoners erbij betrokken worden, dat zouden wij prettiger vinden. Maar hoe het nu gaat - het gaat nu gewoon niet goed en dat zien wij gewoon als fractie haarscherp en daar blijven we aan vasthouden. De voorzitter Dank u wel. Daarmee heeft ook de heer Dunsbergen nog een vraag, voordat u gaat zitten. De heer Dunsbergen. De heer Dunsbergen Ja, dat klopt. Dank. Met al dat gepraat over de treinen ben je bijna het spoor bijster, maar ik denk dat het goed is om dat spoor wel weer even op te zoeken.

Dat komt denk ik ook bij het punt wat de heer Jongeneel ook benoemt, over dat we stap voor stap tot besluiten moeten komen. Maar de grap is: als je kijkt naar wat er in de afgelopen jaren is gebeurd en naar wat er nog gaat gebeuren, dan is dat eigenlijk precies wat er nu gebeurt. Volgens mij is de belangrijkste stap die zowel wij als raad, maar ook de insprekers willen, dat de inwoners gehoord worden. Dat die betrokken worden bij de planvorming. En op het moment dat wij vanavond dit besluit nemen, dan wordt eindelijk die poort opengezet. Dan gaan we naar het volgende perron en dat perron is: met de inwoners tot een plan komen. Dan is even mijn vraag aan de heer Jongeneel of hij zich ervan bewust is dat als we dit amendement aannemen, dat we daarmee dat station om met de inwoners samen tot een plan te komen, dat we dat voorbij gaan rijden. De voorzitter De heer Jongeneel. Probeer uit de beeldspraak te blijven, geef ik aan de leden mee, zodat helder is wat bedoeld wordt. De heer Jongeneel Dat verband zien wij dus juist niet. Wij denken: als je het als één bepaald woningproject behandelt, dan is daar de inwoner heel goed bij te betrekken, hoor. Wij zien het probleem niet met participatie, voorzitter. De voorzitter Dank u wel. Ik zie dat er geen andere vragen meer aan u zijn. Dank u wel, dan mag u gaan zitten.

Dan nodig ik graag de heer Oostrom uit om het woord te voeren namens de fractie van de SGP-ChristenUnie. Gaat uw gang, meneer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, dank u wel. Allereerst wil ik alle insprekers bedanken die de moeite hebben genomen om in te spreken op deze vergadering. Het geeft opnieuw de zorgen en ongemakken aan die leven bij onze inwoners. Voorzitter, ik had bij de vragenronde graag gevraagd aan de insprekers: is het nu voor u duidelijk wat hier nu besloten wordt? Maar gezien de omstandigheden in het kader van het debat heb ik dat maar even laten rusten en ik hoop dat nu wat duidelijker te maken. Want het brengt ons als fractie wel erg in verlegenheid waar we nu moeten beginnen, na alle drukte van de afgelopen weken. Toch zal ik proberen om op een zo duidelijk mogelijke wijze ons standpunt te verklaren. Net als mijn collega de heer Ippel aangaf in de oordeelsvormende vergadering, wil ik eerst beginnen met: waar hebben we het nu eigenlijk over? Voorzitter, ik heb ook wat meegenomen. We kunnen ook wat tekeningen en schetsen meenemen. Ik heb er ook één gevonden en met dank aan De Krabbelaar wil ik dit doen met een cartoon uit Het Kompas, dat op treffende wijze heeft afgebeeld wat er nu eigenlijk gaande is.

De ene weegschaal toont dat er woningen nodig zijn en de andere weegschaal geeft aan dat er voldoende groen moet zijn; een roep zoals we afgelopen weken ook gehoord hebben 19

van onze inwoners. Het geeft tegelijk de worsteling weer tussen het behoud van groen en meer woningen. Een worsteling die we als fractie herkennen, omdat we aan de ene kant ook voor meer woningen zijn. Aan de andere kant hebben we herhaaldelijk benadrukt dat er voldoende en afwisselend groen moet zijn, waar een park uiteraard onderdeel van is. En voorzitter, laten we heel duidelijk zijn: deze kanten moeten wel in evenwicht blijven. Voorzitter, voor ons ligt allereerst een visie of denkrichting. De voorzitter Voordat u verder gaat met die visie wil de heer Pauw nog een vraag stellen over wat u gezegd hebt. De heer Pauw. De heer Pauw Voorzitter, want anders gaan we de hele oordeelsvormende vergadering over doen. Dat lijkt me niet verstandig. Graag het standpunt van de SGP-ChristenUnie: bouwen in het park, ja of nee? De voorzitter De heer Oostrom moet misschien nog tot dat punt komen, maar hij mag de vraag al beantwoorden. De heer Oostrom Voorzitter, ik was bezig en ik heb dus inderdaad een wat langere woordvoering dan gebruikelijk in een besluitvormende vergadering, maar het leek mij zeer goed om eerst eens even te schetsen: waar hebben we nu over? En dan kom ik zeker op mijn standpunt. De voorzitter Gaat u verder met uw betoog. De heer Oostrom Want voor ons ligt allereerst een visie of denkrichting hoe deze balans tussen groen en woningen onder de A15 vorm zou moeten krijgen.

In verschillende stappen worden dus in deze visie de belangrijkste punten beschreven op welke manier er een betere verdeling zou kunnen zijn tussen onder andere woningen en groen. Daarmee is het de bedoeling om meer woningen te bouwen en een betere beleving van ons groen te krijgen. Voorzitter, daar zijn we voor. Dat daarvoor geld apart wordt gezet om deze denkrichting verder uit te werken is een logisch gevolg en daar zijn we dan ook voor. Als laatste stap worden de drie locaties Maaslaan, Middeldiepstraat en Valkweg genoemd als eerste stap in het verder uitwerken. Het is namelijk de bedoeling dat er eerst woningen gebouwd worden, zodat daarna gesloopt kan worden. Voor deze uitwerking wordt een geldbedrag gevraagd om een plan van de gemeente te schrijven, waarin staat waarvoor een stuk grond of een gebouw mag worden gebruikt, oftewel het zogenoemde bestemmingsplan. Verder wordt dit geld gebruikt voor het openen van exploitaties en dat zijn berekeningen van de kosten en opbrengsten van alle gronden in een bouwplan. Tot zover, voorzitter, kan ik het eenvoudig uitleggen. Is dit wat we eigenlijk besluiten, waar we voor zijn en waar wat ons betreft een punt had moeten staan. Helaas, voorzitter, is het proces anders gelopen, doordat er al behoorlijk concrete voorbeelden van uitwerkingen zijn getoond voordat de denkrichting is vastgesteld.

Daarnaast moet de manier van uitwerking ook nog worden behandeld en dat noemen we dan de zogenoemde Nota van verdichting. Voorzitter, dat vinden we jammer, omdat deze concrete voorbeelden van uitwerking die zijn getoond, vandaag niet worden vastgesteld. Zoals ik al zei: dat komt in het uiteindelijke bestemmingsplan, dat van een concept, dus dat moet nog worden gemaakt en richting dat concept zijn er nog verschillende mogelijkheden van inspraak, naar een definitieve versie wordt opgesteld. De voorzitter De heer Brandwijk heeft bij dit punt een vraag. De heer Brandwijk Dank u wel. Ik moet nog even kijken hoe ik dit vraag. Volgens mij is inmiddels algemeen bekend dat er 120 woningen komen. Dat aantal zou nog iets meer kunnen worden, maar wat kan je veranderen aan 120 woningen op die locatie? De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, dank u wel. Zoals ik al aangaf stellen we vandaag een visie vast, dus een denkrichting. In de komende drie of vier weken stellen we nog vast op 20

welke manier dat moet worden uitgewerkt. Dus op dit moment stellen we geen 120 woningen vast, in onze beleving. De voorzitter Dank u wel. Voordat u verder gaat: dat roept vragen op bij allereerst de heer Van der Plas, dan mevrouw Visser en dan de heer Pauw. De heer Van der Plas. De heer Van der Plas Dank u wel, voorzitter. De spreker zegt terecht dat wij hier een denkrichting vandaag vaststellen. Wat vindt de spreker dan van de contouren van het bouwplan aan de Maaslaan zoals die in het visiedocument zijn aangegeven? De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, dank u wel. Een goede vraag. Wat wij ervan vinden, van de contouren: nogmaals, het is een denkrichting en het is geen concrete uitwerking. Dat is ons standpunt voor dit moment. We vinden er wat van. Daar kom ik zo ook wel op terug, maar het is wel goed om even vast te stellen dat de contouren die zijn geschetst -en die zijn ook nog eens verschillend, overigens, als je de verschillende platen gaat vergelijken dat is wel de denkrichting en geen definitieve uitwerking. Laten we daar even helder in zijn. De voorzitter Dank u wel. Mevrouw Visser. Mevrouw Visser Voorzitter, eerst maar een opmerking. Een denkrichting, dat leidt al vrij snel tot een tunnelvisie, dus ik vind het wat ingewikkeld dat de vertegenwoordiger van de SGP-ChristenUnie doet alsof alles nog mogelijk is.

Maar het tweede is, als hij zegt ‘dit zijn contouren die we vaststellen’, is de fractie van de SGP-ChristenUnie dan bereid om een aantal kaders aan die contouren mee te geven? De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom. Mevrouw Visser En dat zouden aantallen kunnen zijn. De voorzitter De heer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, dank u wel voor deze twee vragen. Opnieuw goede vragen wat mij betreft. Jazeker, daar zouden we zeker kaders in willen meegeven. De voorzitter Mevrouw Visser heeft een vervolgvraag. U wilde nog vragen. Mevrouw Visser Nu vandaag, vanavond? De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, dat is inderdaad de tweede vraag. Nou wil het zo zijn dat we dus nu op dit moment een denkrichting vaststellen. De voorzitter Dank u wel. Meneer Oostrom heeft het woord. De heer Oostrom Ik ben nog niet klaar. Ik wilde hem even schetsen, want er werd gevraagd, gaat u heel concreet vaststellen van wat u dan wel wilt? Op dit moment stellen we een denkrichting vast en de manier van uitwerking, dat moet nog worden vastgesteld. Maar door al heel deze beeldvorming willen we passend bij deze denkrichting wel een kader meegeven. Alleen: we zijn nog niet in de fase van ‘het moeten zoveel woningen zijn, het moet zoveel procent zijn’. Nee, je geeft een richting, een duiding. De voorzitter Dank u wel.

Ik zie dat - de fractie van PRO Sliedrecht moet wel even zelf beoordelen wie de woordvoerder is. Mevrouw Visser gaat verder in de vraagstelling. Mevrouw Visser Toch nog maar even. Want ik pak hem dan maar op hoofdlijn. Een denkrichting, heb ik net gezegd, zou kunnen leiden tot een tunnelvisie. Dus als de 21

denkrichting onderschreven wordt door de SGP-ChristenUnie zou dat uitgelegd kunnen worden van, de voet die al een aantal keren uitgelekt is en beschreven is, dat is onder andere 120, daar gaan we gewoon mee verder en dan komen we met een definitief plan naar de raad en dat is het dan. Nu zegt de fractie van de SGP-ChristenUnie: ‘nee, het is een denkrichting en voor ons zijn er nog een aantal kaders belangrijk’. Ja, noem er dan maar een aantal. Ik bedoel, onze fractie is helder, die zegt gewoon: de huidige bebouwing is de huidige bebouwing en verder gaan we niet. De voorzitter Uw vraag is? Mevrouw Visser Ik ben zoekende waar de fractie van de SGP-ChristenUnie nu aan de ene kant gaat zeggen, ga maar 7 ton uitgeven om verder te gaan met de denkrichtingen, en of zij dan werkelijk overwegen, na het uitgeven van al dat geld, in kwartaal 2 gaan zeggen: ‘nou, maar waar de wethouder nou mee komt, nee, dat is ons toch echt te veel’. De voorzitter Dank u wel. Uw vraag is helder. De heer Oostrom. De heer Oostrom Ik wil één ding corrigeren. Ik ben geen wethouder, maar - we geven nu geen 7 ton uit, maar het is een reservering. Volgens mij geven we € 235.000, - uit als voorbereidingskrediet. Maar goed, dat even terzijde. Als u het goed vindt ga ik zo even verder met mijn woordvoering en dan hoop ik daarna de kaders die we in gedachten hadden, ook wat helderder te schetsen.

Het komt eraan, maar er zit wel een opbouw in de woordvoering. De voorzitter Is het dan goed dat de heer Oostrom eerst even dit punt afmaakt in zijn woordvoering, zodat er daarna vragen over gesteld kunnen worden? De heer Oostrom vervolgt zijn betoog. De heer Oostrom Mijn volgende zin was en dat sluit ook aan bij de vraag van mevrouw Visser: het uiteindelijke bestemmingsplan zullen we als fractie uiteraard kritisch beoordelen, met het complete stedelijke raamwerk, dus inclusief de nog vast te stellen nota Verdichting. Omdat de voorbeelden van uitwerking bij de Maaslaan en het naastgelegen Willem Dreespark een dusdanige verstoring van het evenwicht tussen groen en woningen lijken te geven, willen we nu al wel met een motie een grens trekken. Om die reden dienen wij samen met de heer Prins van het CDA en de heer Van Wijngaarden namens de VVD de motie in ‘Voor een kwalitatief en groen Willem Dreespark’ waarvan ik nu het dictum zal voorlezen. De voorzitter Gaat uw gang. Het is nog de eerste termijn, maar het mag. U kunt ook eerst aangeven wat u wil en dan hoort u wel of het nog nodig is dat er een motie wordt ingediend, maar u mag ook de motie indienen. Het Reglement van Orde verbiedt u dat niet. Dus wat u wil. De heer Oostrom Ik wil, gezien de vragen die gesteld zijn, deze motie indienen. De voorzitter Gaat uw gang, dan mag u het dictum voorlezen.

De heer Oostrom Daarmee zeg ik: Constaterende dat: in de huidige beeldvorming van de te ontwikkelen locatie Maaslaan de plangrenzen dusdanig groot worden weergegeven dat dit ten koste zou gaan van het Willem Dreespark. Overwegende dat: bij de Binnenstedelijke - je ontkomt er niet aan, want het is gewoon een vakterm - bij de Binnenstedelijke herstructurering Sliedrecht de hoeveelheid woningen in balans moet blijven met de hoeveelheid groen; de groene kwaliteit van het Willem Dreespark voor onze inwoners van grote waarde is. Verzoekt het college om 1. De functie van het Willem Dreespark bij de ontwikkeling van de Maaslaan zoveel mogelijk te handhaven en samen met de Stichting Sliedrecht Groen te versterken; 2. waardevolle bomen indien mogelijk te herplanten; 3. bestaande functies, zoals bijvoorbeeld de volière, de speelplaats en het hondenuitrenveld te behouden binnen het parkgebied. En gaat over tot de orde van de dag. 22

[applaus] De voorzitter Ik wil u vragen om u te onthouden van goed- of afkeuring. De motie is ingediend door de leden Oostrom, Van Rossum en Prins. Deze krijgt stuknummer M10.1 en maakt onderdeel uit van de beraadslaging. Ik zie dat in ieder geval de heer Verheul een vraag heeft over deze motie. En voor degenen die de motie niet voor hun neus hebben: hij staat inmiddels wel digitaal in ons systeem en voor de bezoekers is die te zien op raad.sliedrecht.nl. Allereerst de heer Verheul over deze motie. De heer Verheul Voorzitter, waar ik nieuwsgierig naar ben is of het klopt dat deze motie niet gedeeld is met de partijen die niet onderdeel uitmaken van de coalitie. Dat was mijn eerste vraag. De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, dat klopt inderdaad. Op het laatste moment is dit tot een definitieve motie gemaakt en we hebben daarvoor hem niet gedeeld omdat en daar wil ik alvast een toelichting geven: omdat ik het ook belangrijk vond om eerst het goed het verhaal te schetsen en gezien alles wat er gaande was, leek me dat niet goed om dat zonder beeldvorming zo te verspreiden. De voorzitter Dank u wel. De heer Verheul heeft een vervolgvraag. De heer Verheul Voorzitter, dit zorgt er wel voor dat we gaan schorsen. Dat kan ik u vast aangeven, want we moeten natuurlijk kennis kunnen nemen van deze motie.

Maar wat ik echt betreur is dat de coalitie altijd heeft gezegd van: jongens, we willen raadsbrede steun, we willen niet een oppositie-coalitie-denken. We gaan in verschillende verbanden een meerderheid zoeken. Daarbij komt dat een erelid van de SGP-ChristenUnie, ik zal hem niet bij naam noemen, de voorkeur heeft aangegeven richting een andere fractie ’als we de motie niet kennen, dan gaan we hem gewoon simpelweg niet behandelen.’ Dus ik vind het echt heel erg betreurenswaardig dat de coalitiepartijen toch weer in oppositiecoalitielijn gaan zitten, ons niet kennis laten nemen van deze motie en hetgeen uitvoeren waar ze zelf zo’n hekel aan hebben. Voorzitter, ik vind het zonde en ik kan u vertellen dat mijn fractie dadelijk minimaal 20 minuten nodig heeft om de motie goed te kunnen beoordelen. De voorzitter Voordat u tot dat punt komt. De heer Oostrom, wil u nog reageren op de heer Verheul? De heer Oostrom Nee, voorzitter, ik vind dat vervelend om te horen. Het is ook zo dat het ook onze fractie ook best wel het één en ander aan tijd heeft gekost om dit zo goed mogelijk te kunnen beoordelen, dus dat is wel de uiteindelijke reden. De voorzitter Dank u wel. De heer Brandwijk heeft ook een vraag. De heer Brandwijk Dank u wel. Ik heb eigenlijk dezelfde gevoelens die de heer Verheul net al zei en die wil ik toch ook even uitspreken.

Want het is inderdaad de fractie SGPChristenUnie die gezegd heeft ‘als er een motie vreemd komt, dan steunen wij die niet, dan kunnen we niet eens behandelen, want we hebben hem niet kunnen bespreken’ en u overvalt ons hier wel met een motie/amendement waarover we afgesproken hebben om dat met elkaar te doen. Ja, hij was op het laatste moment. Kan ik ook. Ik heb zelf drie amendementen bij het voorstel over het raadhuis, die heb ik ook pas vanmiddag gestuurd. Ik heb nog een appje naar elke partij gestuurd van: weet dat die amendementen er zijn. Al had u mij om 19.59 uur geappt ‘hij staat er in’, dan had ik hem nog even door kunnen lezen. De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom nog behoefte om daar op te reageren? Anders gaan we naar de heer Pauw.

23

De heer Oostrom Voorzitter, ik begrijp het punt en misschien is dit ook niet de juiste afweging geweest; daar wil ik best eerlijk in zijn. Alleen, ik heb op dat moment ook de afweging gemaakt en dat is namens mijzelf, om juist ook het hele verhaal op deze wijze in te brengen. De voorzitter Dank u wel. De heer Pauw heeft een inhoudelijke vraag misschien? De heer Pauw Ja, dan hebben we de procedure gehad, dan gaan we naar de inhoud. Ik moet nog 20 minuten schorsen, heb ik net gehoord, maar ik heb al wel twee vragen. De voorzitter Daar gaat u niet over. U maakt uw inhoudelijke punt. De heer Pauw Daar gaat mijn fractievoorzitter over, dat klopt. De voorzitter Stel uw vraag, meneer Pauw. De heer Pauw Er staat in de motie ‘zoveel mogelijk te handhaven van het park’. Wat is zoveel mogelijk? En de tweede is ‘waardevolle bomen indien mogelijk te herplanten’. Wat is indien mogelijk? En dan nog de belangrijkste vraag, want het was een beetje een wedstrijd vliegen afvangen vanavond over welk besluit genomen is en wanneer. Hoe verhoudt deze motie zich tot uitgangspunt 6 van het Programma Ruimtelijke Vernieuwing? De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, dank u wel. Ik weet alleen nog de laatste vraag. De voorzitter Herhaalt u nog even de eerste vraag. De heer Pauw Er staan dus twee teksten in, in de motie.

We gaan dus het groen zoveel mogelijk handhaven en de tweede is: we gaan bomen, indien mogelijk, herplanten. Wat is indien mogelijk? Wat is zoveel mogelijk handhaven? En eigenlijk voor ons de belangrijkste vraag, voorzitter, want het was een beetje vliegen afvangen vanavond, was het verhaal. We hebben op 4 juli, 96 dagen geleden, hier als raad iets vastgesteld. Namelijk uitgangspunt 6, locaties Binnenstedelijke Herstructurering en daar staat in ‘herontwikkeling van het schoolterrein aan de Maaslaan’. Niet het park, maar het schoolterrein. Dat heeft heel deze raad geaccordeerd. Hoe verhoudt de motie zich tot dit punt? De voorzitter Dank u wel voor uw vraag. De heer Oostrom. De heer Oostrom Voorzitter, ik denk dat ik alle drie de punten in zijn geheel kan behandelen. Nogmaals, ik zei het dus net ook al: wat ons betreft hoort dit bij de fase waar we nu in zitten. Het is voor mij nu onmogelijk om te zeggen: het gaat over zoveel percentages, het gaat over zoveel woningen, omdat we het hebben over een richting. Dat is één. De manier hoe we het moeten doen, dat moet nog worden vastgesteld. Daarom leek het ons goed in deze fase deze kaders mee te geven, want het moet nog verder worden uitgewerkt. De voorzitter Dank u wel. Een vervolgvraag van de heer Pauw en daarna vervolgt de heer Oostrom zijn betoog. De heer Pauw.

De heer Pauw Als het kaders moeten zijn, voorzitter, is de vraag waarom het een motie is en geen amendement. De voorzitter Dank u wel. De heer Oostrom. De heer Oostrom Omdat het in onze optiek niets afdoet aan de visie die we vaststellen. Maar nogmaals, wat ik ook net in mijn woordvoering schetste: doordat er al behoorlijk wat concrete voorbeelden zijn getoond, was het de vraag maar geweest of we dit hadden 24

ingediend en hadden we gestopt van, we zijn voor, wat ik net al zei, daar had een punt moeten staan. Maar juist ook door de beeldvorming die nu ontstaan is leek het ons juist wel van belang, ook al moeten we nog naar de concrete uitwerking, maar wel op voorhand al aan te geven: dit is wel de grens, de grenzen, de kaders die we dan nog eens extra willen benadrukken voordat men naar de concrete, de verdere uitwerking gaat, wat nog moet gebeuren. De voorzitter Dank u wel. Was u klaar met uw betoog? De heer Oostrom Ik heb nog één alinea, voorzitter. Het is al gezegd: we betreuren de recente maatschappelijke onrust en de beeldvorming die in de afgelopen weken is ontstaan en in overeenstemming daarmee, zoals ook de heer De Borst dat al aangaf, nemen we nadrukkelijk afstand van de persoonlijke aanvallen. We vinden dat dit niet thuishoort in de Sliedrechtse samenleving. Dat neemt echter niet weg dat onze inwoners zich kennelijk niet goed geïnformeerd en betrokken voelen bij de ontwikkelingen die de binnenstedelijke herstructurering met zich meebrengen en dat moeten we zeker serieus nemen. Zoals de heer Ippel in de vorige vergadering al heeft aangegeven is het van belang om de processen van planvorming inzichtelijk en visueel te maken, zodat het voor iedereen tastbaar wordt en tegelijk gemakkelijk om naar te verwijzen.

Verder willen we nog benadrukken dat we als raad ook echt meer aan de voorkant betrokken willen worden, zoals onder andere bij de inwonersbijeenkomsten. Dat is dan niet om te participeren, maar wel om ons oor te luisteren te leggen. Dit is al heel lang afgesproken en past bij onze taak als volksvertegenwoordiger om te weten wat er nu speelt in de samenleving. Tenslotte, voorzitter, wil ik ook nog mijn dank uitspreken richting de betrokken ambtenaren die hier hard aan gewerkt hebben; ook voor hen zal dit proces niet altijd even gemakkelijk zijn geweest. Dank u wel. De voorzitter Dank u wel, meneer Oostrom. Dan gaan wij over naar de volgende spreker en dat is de heer Van Rossum namens de VVD-fractie. Ik nodig hem uit naar voren te komen. (…) Hij lijkt verrast. (…) Nee hoor, gaat uw gang. De heer Van Rossum Voorzitter, dank u wel. Ook ik wil graag beginnen met een dank je wel aan de insprekers. Ook wij hebben als fractie, anders dan het beeld dat ontstond, interessante gesprekken gevoerd, onder andere met de actiegroep en dat is best verhelderend en leerzaam. Die gesprekken vragen namelijk ook om reflectie. We moeten als gemeenteraad af en toe best goed naar onszelf kijken: in hoeverre is het überhaupt nog te volgen wat wij hier doen? Daarom wil ik, om daar een beetje duiding bij te geven, een aantal vragen met u behandelen.

Waarom staan wij hier en hoe komen wij nu bij deze visie terecht? Wat besluiten we precies, maar ook: wat besluiten we vandaag niet? Ik wil toch nog even stilstaan bij de overeenkomst en ook vooruitkijken: hoe moeten we nu verder? Voorzitter, even de context. Laten we eens beginnen bij het waarom. Waarom staan we hier en hoe komen we hier terecht? Dan moeten we eigenlijk even een stap terug, naar een jaar of vier geleden. Toen constateerden we, vrij breed, dat er sprake was van achterstallig onderhoud in Sliedrecht en dat er een grote verbouwing nodig was om op langere termijn Sliedrecht leefbaar te houden. Om in verbouwingstermen te spreken: met alleen een likje verf gingen we het niet redden. De badkamer en keuken en vloeren moeten vernieuwd binnen in het dorp, een uitbouw moet worden geplaatst, we moeten het dorp iets vergroten en we moeten isoleren. We moeten gaan verduurzamen en terwijl we dat doen moeten er ook tuinen gedaan worden, terwijl we er met zijn allen leven. Dat is best een opgave. Maar we moeten investeren om Sliedrecht klaar te maken voor de toekomst. Onderdeel daarvan, hebben we ook breed besloten, was het bouwen van die 2.500 woningen en het versterken van de sociaaleconomische structuur. De Koers 2030 vormt hiervoor de basis en die Koers is ook met brede steun in deze raad vastgesteld. Vervolgens maak ik even grote stappen.

We zijn via het programma Ruimtelijke Vernieuwing en de Startnotitie Binnenstedelijke Herstructurering beland waar we staan vandaag. En waar staan we dan? Wat wordt nu vandaag concreet aan de raad gevraagd, waar hebben we het over? Punt 1. We stellen een visie vast, of ons wordt gevraagd een visie vast te stellen. Ook over die visie waren in de vorige vergadering best veel partijen het met elkaar eens. Deze visie bevat misschien niet alles, maar wat er in staat is op heel veel punten eigenlijk niet zo heel spannend. Met de kritische kanttekeningen die wij de 25

vorige keer gemaakt hebben, want die hebben wij echt, kunnen wij op inhoud redelijk instemmen met deze visie. Punt 2. We maken middelen over naar reserve. De voorzitter Voordat u verder gaat, de heer Pauw heeft een vraag. De heer Pauw Het wordt een avond van hele smalle woorden, voorzitter, dus je moet goed opletten en goed luisteren. Redelijk instemmen met deze visie, hoor ik de VVD zeggen. Dus de vraag is even wat dan de VVD niet bevalt in deze visie. En nu we toch bezig zijn: als mede-indiener van een motie wilt u misschien antwoord geven op het feit hoe de motie zich verhoudt tot uitgangspunt 6, vastgesteld op 4 juli 2023. De voorzitter Dank u wel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, de vorige keer waren wij best wel kritisch. Het ging niet alleen over de dingen die erin staan, maar ook vooral de dingen die er niet in staan. De visie zoals die voorligt, mist heel veel van dingen die je verwacht in stedenbouwkundige kaders, of als je het hebt over een stedenbouwkundig kader, als je het hebt over massa, als je het hebt over aantallen. Daar zijn we de vorige keer vrij uitgebreid al op ingegaan en we hoeven die discussie niet te herhalen. Het leek me goed om dat iets korter te doen deze keer. U vraagt naar de verhouding tot die motie.

Wij hebben heel nadrukkelijk, ook als mede-indiener van de motie, wel gezegd: zoals de contouren nu staan ingetekend, dat is misschien ietwat te ruim en alles wat daar omheen hangt, daar ga ik ook straks wel even dieper op in, daar hebben wij onze twijfels bij. Daarom zijn wij mede-indiener van die motie. Ik wil me ook gelijk aansluiten bij de woorden van de heer Oostrom: dat hadden wij inderdaad vooraf misschien beter moeten delen met de rest van de raad. De voorzitter Dank u wel. Een vervolgvraag van de heer Pauw. De heer Pauw. De heer Pauw Het proces, daar gaat mijn buurman over. Het gaat mij even over de inhoud. Punt 6, dat is het punt wat gewijzigd moest worden. Per besluit van 4 juli 2023 hebben we iets toegevoegd, 96 dagen geleden. Wat we hebben toegevoegd is de gefaseerde ontwikkeling en herontwikkeling van het schoolterrein aan de Maaslaan. Er wordt geen park genoemd. Nu, 96 dagen later, kunt u geen antwoord geven op de vraag: wil je bouwen in het park, ja of nee? Dat gaan we dan nog uitzoeken. Hoe kan dit? De voorzitter De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, volgens mij heb ik dat net wel beantwoord: met deze motie geven we volgens mij een vrij sterk signaal af dat wat nu voorligt, wat ons betreft echt te ver gaat. Tegelijkertijd: uitgangspunten hebben wij ook vastgesteld. Als je het hebt over aantallen woningen, als je het hebt over betaalbare woningen.

Die balans moet er wel continu zijn en wij kunnen nu niet op basis van één plan zo maar zeggen: dit gaan we niet doen, want dat heeft effect op de rest. Dat moeten we integraal blijven bekijken. Daarom kan ik niet één, twee, drie zeggen wat de effecten zijn. De voorzitter Dank u wel. Ik zie dat de heer Brandwijk ook een vraag heeft. De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u voor het stukje zelfreflectie van de heer Van Rossum over het eerdere inlichten. Zo is er niet alleen het college wat slecht participeert met hun inwoners, maar ook de coalitie met de oppositie. De heer Van Rossum Net als u met uw amendementen, ja. De voorzitter De heer Brandwijk heeft het woord. De heer Brandwijk gaat verder met zijn vraag. De heer Brandwijk Hoe verhoudt dit zich? Want naar mijn idee stemmen we vanavond ook in met 120 woningen - eenheden namens Tablis, want het staat in de samenwerkingsovereenkomst. Als ik nu uw motie lees, de functie van het zoveel mogelijk 26

te handhaven, dan zegt het college zo meteen: we hebben een samenwerkingsovereenkomst, sorry, we hebben niets kunnen handhaven, 120 woningen, 5 hoog, gewoon de tekeningen die de heer Ten Brinke heeft laten zien. Zijn dit echt kaders of zouden de woorden dan moeten veranderen in ‘de functie van het Willem Dreespark moet behouden blijven’ in plaats van ‘zoveel mogelijk’? De voorzitter Dank u wel voor uw vraag. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, ik kom zo op wat wij verstaan onder wat wij vaststellen vandaag. Daar was ik eigenlijk net mee bezig, met die reflectie. Wij zijn, daar kan ik wel vooruitlopen, niet van mening dat wij vandaag vaststellen dat wij 120 woningen op die locatie willen. De voorzitter Gaat u verder met uw betoog. Ik stel echt voor dat de heer Van Rossum nu eerst even zijn betoog vervolgt, want het is al 21.50 uur en we willen allemaal alle woordvoerders graag horen. De heer Van Rossum vervolgt zijn betoog. De heer Van Rossum Voorzitter, want dan komen we bij beslispunt 2 en dat is net ook al behandeld: we maken middelen over naar een reserve. Als je de stukken, die helaas geheim zijn, nader bestudeert, dan volgt eigenlijk: de gemeente investeert hier veel geld in betaalbare en sociale woningbouw en daarvoor moeten we aanvullend 7 ton reserveren.

De voorzitter Ik vraag u echt om omzichtig en zorgvuldig om te gaan met geheime stukken en geen conclusies te trekken, maar gaat u verder met uw betoog. De heer Van Rossum In ieder geval, de conclusie is: de VVD kan instemmen met investeren in betaalbare en sociale woningbouw en verder gaan we drie keer € 75.000, uitgeven om aan de slag te gaan. Maar het is ook wel goed om te benoemen wat we niet doen. Eén. Wat we niet doen vandaag is het bestemmingsplan vaststellen voor de Maaslaan. Twee, wat we ook niet doen is een overeenkomst vaststellen. Punt 1, geen bestemmingsplan voor de Maaslaan. We stellen ook niet vast dat er 120 woningen komen. Het enige wat we vandaag inhoudelijk echt vaststellen en daar moeten we echt eerlijk over zijn, is dat we op de drie locaties bij elkaar 150 tot 200 woningen gaan bouwen, maar hoe die verdeeld zijn, dat staat nergens in de stukken. De voorzitter De heer Pauw. De heer Pauw Voorzitter, dan komt zo meteen het verzoek de zaal maar te ontruimen, dan. Dan gaan we het daar wel over hebben. U weet donders goed – sorry, voorzitter - de heer Van Rossum weet donders goed waar het staat en nu krijg ik een verhaal weer op de mouw gespeld dat gewoon feitelijk niet klopt, maar niet mag weerspreken. De voorzitter De heer Van Rossum op dit punt, waarbij hij zorgvuldigheid betracht. De heer Van Rossum Voorzitter, nou wordt die gevoelig.

Nee, wij stellen vandaag, als je de visie er op naslaat, sec de visie bekijkt, dan staat er niets anders in dan dat wij over drie locaties 150 tot 200 woningen gaan bouwen. Dat staat er in de visie. Voorzitter, tegelijkertijd vraagt de maatschappelijke onrust die daar is ontstaan wel om een reactie; ook van ons. We hebben de afgelopen weken ook gesproken met omwonenden en de actiegroep en bij een deel van de inwoners is het beeld ontstaan dat we het halve of zelfs hele Willem Dreespark willen opofferen. Dat lijkt ons evident niet de bedoeling. Bouwen op die locatie is voor ons acceptabel, maar het park moet zoveel mogelijk worden gehandhaafd en er moet duidelijkheid komen over de functies, zoals de volière, het speelpark en het hondenuitrenveld. Daarom dienen wij samen met de SGP-ChristenUnie een motie in. Punt 2, voorzitter, er is nogal wat discussie geweest over de overeenkomst met Tablis. Daar moeten we toch even bij stilstaan. Dat begint bij de Startnotitie die unaniem is vastgesteld. Alle partijen hebben ingestemd met de opdracht aan het college. Ik ben net al kort ingegaan op wat erin staat, maar feitelijk hebben wij als raad collectief het college die opdracht gegeven deze overeenkomst te sluiten, inclusief de financiële 27

uitgangspunten en we hebben afgesproken dat de raad daar alleen over wordt geïnformeerd. Dat is misschien wel iets waar we in de toekomst iets nadrukkelijker bij stil moeten staan als wij een dergelijk besluit nemen. De voorzitter Mevrouw Visser heeft een vraag. Mevrouw Visser Voorzitter, toch nog maar even een vraag, want ondanks dat u het niet ziet. Volgens mij zegt u nu van: wij hebben die opdracht gegeven. U had net een dispuutje met de heer Jongeneel over artikel 160 en artikel 169, maar actief informeren hoort er wel bij. Dat bent u met mij van mening. Dan is het toch raar dat onze fractie moest vragen om de samenwerkingsovereenkomst? Ga niet zeggen dat dit college geweldig is, voorzitter. De voorzitter De heer Van Rossum heeft het woord. De heer Van Rossum Dat is precies mijn volgende regel. De afspraken zijn gemaakt, alleen, we hadden hier niet om moeten vragen. Het college had dit actief moeten aanbieden. Het staat in mijn tekst. Dus wij zijn het volledig met elkaar eens. Dan kom ik tot de conclusie, voorzitter: het college heeft in hoge mate een opdracht uitgevoerd die wij hem hebben gegeven, punt. Dan is de enige vraag die nog rest: is de rol van de raad als eindbeslisser gewaarborgd? Ook wat dat betreft is ons antwoord ja. Onder artikel 7.2 erkennen partijen rollen en bevoegdheden.

Eigenlijk zegt dat zoiets als ‘de gemeenteraad is de baas’ en in artikel 7.3 staat met heel veel moeilijke woorden dat de gemeente niet aansprakelijk is als het bestemmingsplan te laat of niet wordt vastgesteld. Met andere woorden, de raad blijft beslisser. Even plat gezegd: als wij als raad ofwel het aantal woningen of het opofferen van de hoeveelheid groen te veel vinden, dan zitten we daar als gemeente niet aan vast. Dat is wat ons betreft dan ook voldoende over de overeenkomst. Dan kom ik bij mijn laatste vraag: wat moet er anders? De voorzitter Voordat u verder gaat, de heer Brandwijk heeft een vraag daarover. De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Ja, of de heer Van Rossum hier een inschatting van kan maken. Volgens de heer Van Rossum zeggen we nu niet ja tegen 120 woningen; naar mijn idee wel. We zeggen nu wel ja, anders eventjes, vanavond tegen verdere uitwerking. Dan zouden ze met een voorstel kunnen komen en dan zegt u: er is nog alle ruimte om bij te schaven. Maar is dat voorstel dan zo meteen niet af en is dat nu dus precies de weg die we inslaan en hebben we dan helemaal geen ruimte meer om nog bij te schaven of iets te willen veranderen? De voorzitter Dank u wel voor uw vraag. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Een goede vraag. Wat ons betreft is de gemeenteraad de eindverantwoordelijke en degene die het besluit moet nemen.

Wij geven vandaag een eerste kader, als het aan ons ligt, mee aan het college om hier nog eens, eigenlijk als we het hebben over de plannen, specifiek even goed te gaan kijken en eigenlijk terug te gaan naar de tekentafel. De voorzitter De heer Brandwijk heeft een vervolgvraag. De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u wel. Ik vind dat fijn om te horen. Ik ben even aan het even zoeken hoe ik deze vraag goed kan stellen. Mijn aanname is: nu de SOK gesloten is en als we deze verder gaan uitwerken, wordt het wel moeilijker om deze te ontbinden, zelfs als we hier als gemeenteraad tegen stemmen. Ik zie de wethouder nee schudden. De voorzitter De wethouder is niet aan het woord. U bent aan het woord; de heer Van Rossum heeft u een vraag gesteld. De heer Brandwijk Ik zie hem een non-verbale communicatie maken. Vorige week wilde hij daar ook op reageren. 28

De voorzitter U heeft een vraag aan de heer Van Rossum gesteld. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, volgens mij heb ik net toegelicht hoe wij artikel 7.1, 7.2 en 7.3 lezen en wat daaruit volgt. Het enige is, voorzitter, daar moeten we wel eerlijk in zijn en daar moeten we ook als raad eerlijk in zijn: als wij zeggen, het college moet terug, moet nog eens kritisch kijken naar de plannen, dan kan het wel financiële consequenties hebben en dan moeten wij als gemeenteraad daar wel over besluiten. De voorzitter Dank u wel. De heer Pauw heeft daarover een vraag. De heer Pauw. De heer Pauw Ja en is dan, gezien die financiële consequenties, voorzitter, de vervolgvraag niet een reden om vanavond gewoon het besluit te nemen: bouwen we wel of bouwen we niet in het park? Dan ben je namelijk van dat hele gedoe af en daarna kan je alles gewoon uit gaan voeren wat je wil. De voorzitter De heer Van Rossum heeft het woord. De heer Van Rossum Voorzitter, nee, juist niet. Wat we vandaag moeten doen is tegen het college zeggen: ga nu eens kijken naar de plannen. Kom nu eens met concrete plannen en maak inzichtelijk wat de effecten zijn en zover zijn we gewoon nog niet. De voorzitter Was u klaar met uw betoog? U moet nog uw laatste pagina en ik vraag iedereen op de tribune zich van het woord te onthouden.

De heer Van Rossum Voorzitter, de vorige keer hebben we ook uitgebreid gereflecteerd wat volgens de VVD anders moet en dat doen we nu korter. Er is onder de inwoners veel onrust ontstaan. Te veel. En dit komt echt doordat er soms te veel door elkaar loopt en het voor inwoners onvoldoende duidelijk is wanneer welk besluit genomen wordt. We moeten duidelijker zijn over het proces. Inwoners moeten weten op welk moment ze wat van de gemeente mogen verwachten en wanneer zij invloed kunnen uitoefenen over besluitvorming. Wij hadden het daar over verwachtingenmanagement en perspectief, het CDA over voorspelbaarheid; daar vonden wij elkaar, voorzitter. Dat is een thema waar wat ons betreft het college mee aan de slag moet. Daarom dienen wij hier mede namens de SGP-ChristenUnie een motie over in, die vooraf gedeeld is met de raad. De voorzitter Gaat uw gang. Leest u het dictum voor.

De heer Van Rossum Voorzitter, het is nogal een technisch dictum, maar het komt er in ieder geval op neer: wij roepen het college op om richting onze inwoners helder en duidelijk te maken wat er de komende jaren gaat gebeuren in Sliedrecht op het gebied van de ruimtelijke ontwikkeling en hiervoor passende communicatiemiddelen in te zetten en/of bijeenkomsten te organiseren, waarbij ook - en dat is echt belangrijk - duidelijk gemaakt wordt op welke manieren en op welk moment inwoners – sorry, er staat alleen op welke manieren, misschien moeten we dat nog even toevoegen - inwoners invloed uit kunnen oefenen op de ruimtelijke plannen; en 2. Hierbij aandacht te hebben voor verwachtingen van inwoners, het bieden van perspectief en het daardoor creëren van meer voorspelbaarheid bij de ruimtelijke procedures. De voorzitter U wilt nog iets toevoegen, begrijp ik? De heer Van Rossum Dat zal ik zo doen in de schorsing. De voorzitter Nee, dat moet u nu doen. De heer Van Rossum Dan wordt het: op welke manieren en op welk moment inwoners invloed kunnen uitoefenen op ruimtelijke plannen.

29

De voorzitter Oké. De motie is ingediend door de leden Van Rossum, Oostrum en Dunsbergen, maakt onderdeel uit van de beraadslaging en heeft stuknummer M10.2. Ik zie dat er een vraag over is van de heer Brandwijk. De heer Brandwijk, gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel. Even over hoe ik deze motie moet interpreteren als we zo gaan schorsen, dan kunnen we deze ook nog bespreken. Is dat: roept het college op, alles wat daar staat, om richting onze inwoners helder en duidelijk te maken wat er de komende jaren gaat gebeuren; is dat al geen taak van dit college en erkent u hiermee dat het college dit dan niet heeft gedaan? Zou dit dan geen motie van afkeuring moeten zijn? De voorzitter De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, wat wij constateren is dat er in ieder geval een verschil is ontstaan tussen wat het college heeft gemeld en hoe mensen het hebben ervaren en dat daar een extra inspanning nodig is om duidelijk te maken hoe de verschillende ontwikkelingen zich tot elkaar verhouden. Daarbij geef ik even het voorbeeld wat we ook de afgelopen weken hebben gezien. Er waren oprecht mensen die dachten dat wij vanavond een plan zouden vaststellen. Nou, dat is niet het geval. Wij stellen vanavond een visie vast en wat we zien is dat verschillende beleidstrajecten, visietrajecten en plannen elkaar doorkruisen.

Het moet echt duidelijker zijn hoe die verschillende procedures zich tot elkaar verhouden en op welk moment onze inwoners kunnen zeggen ‘hier ben ik het niet mee eens’ en ook daadwerkelijk hun instrumenten kunnen inzetten, zoals het indienen van een zienswijze et cetera, om invloed uit te oefenen op die besluitvorming. De voorzitter Dank u wel. Een vervolgvraag van de heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u wel. Ik hoor hier toch iets te veel van de VVD ‘we kunnen het u beter uitleggen hoe dit zich tot elkaar verhoudt en dan snapt u het wel’. De voorzitter De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, dan wordt er maar half geluisterd, want ik heb ook meerdere keren herhaald dat het heel belangrijk is dat het college benadrukt op welke momenten inwoners echt besluiten kunnen beïnvloeden, of besluitvorming en procedures kunnen beïnvloeden. Want dat hoort bij een democratie. De voorzitter Dank u wel. De heer Pauw heeft ook een vraag over de ingediende motie. De heer Pauw. De heer Pauw Eigenlijk even over de strekking met het verhaal daarvoor. Nogmaals, wat ons een beetje tegenstaat is dat we als raad dingen anders lezen.

Dus dan ga ik de visie er nog eens bij pakken wat daar nou staat en dan vraag ik aan de VVD: kunt u mij nou uitleggen hoe nou, dat wordt op pagina 40 genoemd over de visie Maaslaan, waarin wordt gesproken dat woonontwikkeling in de ligging van het park, profiteren enzovoort, enzovoort, met een tekening die dat deel inderdaad van het park aan de rechterzijde van de hondenrenplaats omcirkelt. Die visie stellen we dus vast. Maar hoe kan de VVD dat nou vertalen dat je eigenlijk dus… inderdaad, geen aantallen, dat klopt, maar wel dat je gaat bouwen in het park? Deelt de VVD die visie ook niet? En als het antwoord daarop nee is, voorzitter, dan is natuurlijk de vraag waarom in de motie niet gewoon staat zoals net door Slydregt.NU wordt voorgesteld: we doen het gewoon niet. De voorzitter De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Nee, voorzitter, het is een schets van een plangebied en in dat plangebied kan alles gebeuren wat daar is. Er hoeft niet noodzakelijk gebouwd te worden. Plat gezegd: er kunnen daar ook bomen gepland worden. Voorzitter, er wordt hier en dat is wel echt belangrijk, er wordt hier een beeld gecreëerd dat dat hele vlak volgebouwd gaat worden. Dat lijkt ons niet de bedoeling en dat is wat wij zeggen met de motie. 30

De voorzitter Dank u wel voor uw toelichting. De heer Pauw heeft een vervolgvraag. De heer Pauw Dan worden me weer woorden in de mond gelegd, voorzitter, die ik niet gezegd heb. Het gaat om het feit, dus als we de visie vaststellen, dat is de mening van de VVD, dan stellen we eigenlijk niets vast. Dat komt ergens later met een, weet ik het wat, maar toch komt er dan een motie. Maar dan is de vraag even: de tekst bij pagina 40 over de visie Maaslaan suggereert op zijn minst dat er gebouwd gaat worden in het park en de tekening versterkt dat. Dus dan is de vraag niet: hoeveel huizen gaan we daar bouwen? Daar verschillen we van mening wat er in de SOK staat, maar wel of we in het groen gaan bouwen en waarom kan de VVD niet gewoon zeggen: ja of nee? De voorzitter Dank u wel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, dan herhaal ik mijzelf nogmaals. Wij zeggen volgens mij vandaag heel duidelijk richting het college dat wij willen dat het college nog eens heel kritisch gaat kijken naar waar ze mee bezig is, met de plannen die er voorliggen en dat wij willen dat het groen zoveel mogelijk gehandhaafd wordt. De voorzitter Dank u wel. U was gekomen aan het einde van uw betoog? De heer Van Rossum Voorzitter, nog een laatste afrondende alinea. De voorliggende visie geeft een kader voor de invulling en samenhang tussen verschillende plannen.

Wat de VVD betreft kunnen we overgaan van visie naar het maken van plannen. Want in visies en plannen, daar kunnen wij niet in wonen en die woningen zijn hard nodig. We geven wel kaders mee aan het college op inhoud en op proces, ook bij vervolgprojecten. Wat ons betreft kunnen we dan een volgende stap zetten in de grote verbouwing van Sliedrecht. De voorzitter Dank u wel. Er is nog een vraag van mevrouw Visser. Mevrouw Visser Voorzitter, wat is nou het verschil volgens de vertegenwoordiger van de VVD tussen visies en het maken van plannen? Want visies zijn toch ook een soort van plannen? De voorzitter De heer Van Rossum heeft het woord. De heer Van Rossum Voorzitter, wij hebben het nu over een, ik weet niet hoeveel locaties en voor iedere locatie moet een concreet plan gemaakt worden. Dat is de opdracht die we geven aan het college. De voorzitter Dank u wel. Dan zijn we gekomen aan het einde van uw termijn. Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Van der Plas van de PvdA-fractie. Voor u als raad en onze toehoorders op de tribune: nadat alle sprekers hebben gesproken zal ik schorsen voor 20 minuten, zodat alle fracties kunnen overleggen over de reeds ingediende amendementen en moties en ook het college zich kan voorbereiden. Het woord is aan de heer Van der Plas. De heer Brandwijk heeft daar een vraag over.

De heer Brandwijk Ik heb één vraag over het ordevoorstel wat u doet. De voorzitter Ik doe geen ordevoorstel. De heer Brandwijk U zegt, u geeft een schorsing door. De voorzitter Ik geef aan hoe het gaat verlopen, het verdere proces. De heer Brandwijk Is die schorsing dan ook gelijk om ons voor te bereiden? Waarom krijgen wij eerst geen reactie van het college op de moties en amendementen? Want dat zal ons ook helpen in de schorsing om een beeld te vormen.

31

De voorzitter Als u nu even luistert, meneer Brandwijk? Het college, heb ik gezegd, heeft ook behoefte aan een schorsing voordat er antwoord komt op de eerste termijn. Die tijd kunt u gebruiken om u als fractie te buigen over de ingediende moties en het amendement. Ik geef allereerst het woord aan de heer Van der Plas. De heer Van der Plas Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, nadat in 2020 de Kadernota 2021, ook wel bekend als Koers 2030 met als subtitel Groei en Ontwikkeling door de gemeenteraad was vastgesteld, heeft onze fractie zich steeds kritisch, maar constructief en pragmatisch opgesteld ten aanzien van elke stap die in het verdere proces moest worden gezet. Zo ook bij het vaststellen van de Omgevingsvisie Sliedrecht en het programmaplan Ruimtelijke Vernieuwing op 14 december 2021. Documenten met een hoog abstractieniveau, die de basis vormden voor de verdere uitwerking van Koers 2030. Rond die tijd waren wij ook bezig met het schrijven van ons verkiezingsprogramma voor de komende gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022. Daarin hielden wij de kiezers voor dat de tijden veranderen; dat ook Sliedrecht daaraan niet zou ontkomen en dat we daarom misschien keuzes moesten maken die we ons 10 jaar eerder nog niet konden voorstellen, en ook dat zoiets vroeg om een heldere en realistische blik op de zaken. Eigenlijk een soort winstwaarschuwing.

Maar we beloofden de kiezer ook dat wij de plannen voor elk deelproject of elk deelgebied, zodra dat ook maar enigszins concreet leek te gaan worden, zorgvuldig en kritisch zouden beoordelen. Die fase is nu aangebroken. De stedenbouwkundige visie die we vanavond bespreken is een ruimtelijke vertaling van de ambities uit eerdere documenten, wat in de volgende fase moet leiden tot concrete plannen. En die concrete plannen, die tekenen zich in de stedenbouwkundige visie hier en daar al behoorlijk af. Voordat u vragen stelt: zie hiervoor pagina 28 van het visiedocument waar een tekeningetje van de locatie Maaslaan in staat. Van in totaal acht herstructureringslocaties in het dorp wordt beschreven hoe deze zich zouden kunnen ontwikkelen. Daarbij wordt stevig geleund op de nota Verdichting, een document dat pas op 31 oktober oordeelsvormend in de gemeenteraad wordt besproken en dat inmiddels nota van Stedenbouwkundige transformatie en verdichting van Sliedrecht heet. In de beantwoording van de vragen van de SGP-ChristenUnie van 4 oktober stelt het college dat de Stedenbouwvisie en de Nota Verdichting, laat ik hem zo nog maar even noemen, gelijktijdig aan elkaar zijn opgesteld, waardoor is gewaarborgd dat de nota en de visie complementair, dus aanvullend aan elkaar zijn.

Ook zou de Nota Verdichting aangeven waar het verantwoord is om te verdichten of te stapelen en waar juist niet en hoe je daarmee kwaliteit kunt toevoegen. Daarbij dringt zich natuurlijk meteen de situatie aan de Maaslaan aan ons op. Voorzitter, u zult hopelijk begrijpen dat wij daarom deze twee nota’s graag in samenhang met elkaar hadden willen bespreken. We krijgen nu steeds sterker het idee dat we maar over een half voorstel praten. Wij horen ook graag hoe de andere fracties daarover denken. Dan inderdaad nog even over de Maaslaan. In de beeldvormende vergadering heb ik al aangegeven dat onze fractie grote moeite heeft met de plangrens zoals die voor deze locatie is aangegeven in de stedenbouwkundige visie. Daarbij wordt de oostelijke rand van het Willem Dreespark aan het plangebied toegevoegd; nota bene een deel waarin zich veel karakteristieke, volwassen bomen bevinden. Dat is wat ons betreft niet bespreekbaar. Het Willem Dreespark is onderdeel van de parkzone en maakt daarmee deel uit van de hoofdgroenstructuur van Sliedrecht. In het Groenbeleidsplan 2021 staat dat groen dat deel uitmaakt van de hoofdgroenstructuur niet mag worden verkocht, verhuurd of ter adoptie worden aangeboden. Wij vinden het daarom niet acceptabel als een groot stuk van dit park, op welke manier dan ook, aan een woningbouwontwikkeling zou worden toegevoegd.

Mijn vraag aan het college is dan ook: heeft u dit voornemen ook getoetst aan het eigen groenbeleid? Overigens staat in het collegewerkprogramma de volgende zin: ook bij onderhoud en herinrichten van de openbare ruimte geven we zelf het goede voorbeeld via de uitvoering van het vigerende beleid, waaronder de omgevingsvisie, het groenbeleidsplan en het gemeentelijk rioleringsplan. Omdat de stedenbouwkundige visie van alle kanten raakt aan het herinrichten van de openbare ruimte mogen wij gevoeglijk aannemen dat dit principe ook voor woningbouwontwikkeling geldt, of in ieder geval daarvoor zou moeten gelden. Wij begrijpen best dat de zoektocht naar schuifruimte voor pakweg 200 woningen een lastige opgave is. Maar om nu het hele traject van de herstructurering te beginnen met het aantasten van een karakteristiek en voor veel mensen dierbaar park, puur omdat deze locatie kennelijk zoveel mogelijk schuifruimte 32

zou moeten opleveren, is niet uit te leggen en dat moet je ook eigenlijk helemaal niet willen. Een wat hogere bouwmassa is voor onze fractie geen taboe, maar dan wel op zorgvuldig uitgekozen plaatsen en daar hoort de locatie aan de Maaslaan wat ons betreft niet bij. Dan zijn er nog een tweetal moties, ik meen dat het allebei moties waren, aangekondigd, waarvan ik op één wil reageren. De tweede kwam op een moment dat ik nogal druk aan iets anders zat te schrijven. Het gaat in ieder geval over de motie, de eerste die ingediend is, door de coalitiepartijen, om Stichting Sliedrecht Groen te betrekken bij het opwaarderen van het park, of het kwalitatief in ieder geval op niveau houden. Ik vraag me heel erg af of Sliedrecht Groen daar wel aan mee wil werken, want die zijn volgens mij met heel andere bedoelingen naar deze vergadering gekomen en met andere dingen bezig. Dat is aan hen natuurlijk, om dat te bepalen. Hoe wij op die motie zullen reageren moet ik binnen de fractie nog overleggen, maar tot slot wil ik toch wel graag even nog een citaat voorlezen uit het verkiezingsprogramma van één van de indieners. Daar staat, ik citeer: ‘Er komt meer ruimte voor groen, waardoor het percentage groen en het aantal bomen in Sliedrecht in de komende jaren zal toenemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/584/documents/8037