CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

210719_Concept_Notulen_13jul21.pdf

Besluitvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 28 september 2021, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 4: Vaststellen notulen 29 juni en 13 juli 202145.052 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

De heer Bijderwieden Voorzitter, dank u wel. Kan de wethouder dan ook eigenlijk schetsen hoe hij dat dan ook ziet in de uitvoering? Want de heer Paas was daar zelf niet duidelijk over. De voorzitter Dank u wel. De heer Vat. Wethouder Vat In de gesprekken - ik weet niet of u er bij was toen dit aan de orde kwam hier vanmiddag. Toen was u er waarschijnlijk inderdaad dus nog niet… - heeft de heer Paas inderdaad een aantal voorbeelden gegeven en dat gaan we nu ambtelijk de komende periode in rij en gelid zetten. Wat ons overigens ook echt kan helpen in de lijn die we ook op het sociaal domein aan het uitzetten 297

zijn, bijvoorbeeld voor wat betreft mensen meer vanuit zeg maar niet werken, vanuit uitkering naar een werksituatie of naar een vrijwilligerswerksituatie of een dagbestedingssituatie gaan krijgen om vooral inderdaad de mensen mee te laten doen, de inwoner mee te laten doen in de samenleving. Maar ook het voorbeeld wat ook in het amendement staat over schuldenproblematiek. We weten ook inderdaad met zijn allen en daarom ben ik op zich ook wel blij met het amendement - we weten met zijn allen dat heel veel van de zorgvragen die er zijn, een heel groot deel daarvan begint bij een klein financieel probleem wat gaat groeien en op enig moment komen daar hele andere zorgvragen bij. Dus in die zin is het de oproep om ‘college, kijk er naar en kom daar met voorstellen’ en ook een verdere verwerking van die 1 miljoen Enecogelden die al gereserveerd stond naar aanleiding van de motie van vorig jaar, om daar nu in de begroting 2022 met wat meer concretere voorstellen te komen. De voorzitter Dank u wel. De heer Pauw op hetzelfde punt. De heer Pauw Even een aanvullende vraag, want het college adviseert positief. Heeft het college ook al een beeld wat zij doen als zij zelf de schuldeiser zijn? Wordt dat daar ook in meegenomen? De voorzitter De heer Vat. Wethouder Vat Dat is een goede vraag, voorzitter. (…) Wat zegt u? Dat is waar, ik had het niet hoeven te zeggen.

Daar zal uiteraard ook naar gekeken worden. Ik zat ook gelijk eventjes in een flits te denken aan de hele belastingaffaire waarin nu ook - dat is vanmorgen overigens in het college aan de orde geweest - dat op basis van landelijke regelgeving/wetgeving is aangegeven naar de gemeenten toe om ook te kijken naar de gemeentelijke schulden die er zijn, om die in voorkomende gevallen vrij te spreken, waarbij overigens het Rijk dan vervolgens weer garant staat voor de financiën ervan. Maar uw vraag is breder dan - hier gaan we zeker naar kijken. De voorzitter Dank u wel. Ik zag dat de heer Dunsbergen nog een vraag heeft. De heer Dunsbergen Klopt, dat was ook even een korte vraag naar aanleiding van de toelichting die de wethouder gegeven heeft. Het zit hem vooral op het punt dat we natuurlijk zagen dat vorig jaar de motie werd vastgesteld waarin 1 miljoen euro is gelabeld voor kwetsbare inwoners. Dit is natuurlijk even een nadere invulling vanuit de SGP-ChristenUnie, specifiek voor schuldhulpverlening. Is het zo dat de wethouder dan ook op basis van de educatie die bijvoorbeeld daarin gegeven wordt, die 1 miljoen euro specifiek benut voor kwetsbare inwoners in de categorie schuldhulpverlening, of dat er ook nog nadere plannen te verwachten zijn die bijvoorbeeld breder zitten bij andere groepen kwetsbare inwoners, wat dat dan ook specifiek moge zijn? De voorzitter Dank u wel.

Wethouder Vat. Wethouder Vat Jazeker voorzitter, maar zo staat die ook in het amendement genoemd, hè? Een aantal groepen worden daarin genoemd die voor deze 1 miljoen, om daar ondersteuning aan te geven. Dus niet alleen maar financiële hulp, maar hier staat bijvoorbeeld ook: mensen uit de bijstand naar werk begeleiden, incidentele impuls om eenzaamheid onder financieel kwetsbare inwoners tegen te gaan. Dus het amendement is breed en kan dus inderdaad wat dat betreft ook breed ingezet gaan worden voor, en dat gaf de motie vorig jaar ook aan, voor onze kwetsbare inwoners. De voorzitter Dank u wel. Gaat u verder.

298

Wethouder Vat Dan kom ik bij de woordvoering van PRO Sliedrecht, voorzitter. Dank overigens voor de dank die uitgesproken werd aan de ambtenaren in dezelfde technische avond als de avond die we vorige week gehad hebben. U vraagt naar een aantal voorbeelden van: hoe staat het nou bij het Watertorenterrein en het BW-plein, als ik het eventjes over mijn beide projecten mag hebben? We hebben al meer aangegeven dat beide projecten wat dat betreft - als ik het heb over het

Watertorenterrein wil ik hier nog een keertje nadrukkelijk en uitdrukkelijk aangeven dat de gemeente geen eigenaar is van het Watertorenterrein. Dat het inderdaad echt particulier eigendom is en dat we helemaal afhankelijk zijn van hoe snel of hoe langzaam die particuliere ontwikkelaar is. Overigens zitten we daar deze week/volgende week weer mee aan tafel om gewoon ook hem aan te horen, maar vooral ook proberen te sturen en te faciliteren om het Watertorenterrein wat dat betreft tot ontwikkeling te laten komen. U weet inderdaad overigens ook waar het vraagstuk van de ontwikkelaar op dit moment zit. De voorzitter De heer Verheul heeft hierover nog een vraag. De heer Verheul. De heer Verheul Voorzitter, ik waardeer echt enorm van de heer Vat dat hij echt inhoudelijk ingaat op de portefeuilles, maar het was echt meer een aandachtsvraag van: let ook alsjeblieft op de stand van vandaag. U hoeft niet, wat mij betreft, nu per onderwerp helemaal te vertellen wat de stand van zaken is, want dat geloof ik ook wel. Maar wij als PRO Sliedrecht vragen ook echt aandacht voor: probeer ook de dingen van vandaag nu op te lossen. Ik waardeer de extra inhoud, maar het is misschien - omwille van de tijd mag het ook wat korter. De voorzitter De heer Vat.

Wethouder Vat Voorzitter, aan de andere kant: dit is ook inderdaad de situatie van vandaag de dag en ik wil hem toch eventjes kwijt, over het BW-plein. U komt daar ook regelmatig en dan kan het u niet ontgaan dat u daar al heel veel beweging ziet en heel veel verandering ziet. Het nieuwe Apothekershuis, het MC Rembrandt wat bijna opgeleverd gaat worden, de sloop die heeft plaatsgevonden. Er gebeurt daar al van alles. Gelukkig gebeurt er al heel veel. Ik hoop dat het nu gaat gebeuren, dat we ook hier na de zomervakantie - we gaan echt heel veel gesprekken met elkaar voeren na de zomer - dat we hier inderdaad ook èn met de ontwikkelaar èn met de ondernemersvereniging met u het gesprek aangaan over de verdere ontwikkelingen van het BW-plein. Het CDA had op mijn portefeuille geen vragen. Slydregt.NU op mijn portefeuille: de hondenbelasting gaat afgeschaft worden; college, wat gaat u doen om de inkomsten die dan komen te vervallen, hoe gaat u die weer invullen? Die vraag gaat straks naar u als raad komen. Daar gaat inderdaad een gat van ergens rond de ton in de begroting vallen en dan is inderdaad de vraag: hoe gaat die ton gefinancierd worden? Is dat belastingverhoging, is dat bezuinigen, is dat andere inkomsten generen? Daar moeten we dus weer echt het gesprek, vooral met u, ook aangaan. De voorzitter De heer Jongeneel heeft een vraag.

De heer Jongeneel Toch wil ik u uitdagen, natuurlijk; ik ken u als een kundig wethouder. U heeft wel een bepaald idee; kunt u het misschien even delen met de raad? De voorzitter De heer Vat. Wethouder Vat Nee, voorzitter. Dank overigens voor het compliment, maar nee: hier wil ik echt, en zo zit ik ook in elkaar: ik wil niet voor u denken, maar samen met u denken over oplossingen. De voorzitter Gaat u verder. 299

Wethouder Vat PvdA, die heeft een vraag gesteld over Buurtgezinnen. U geeft inderdaad aan: 25 mei, 13 juli, er is een motie toentertijd ingediend. Buurtgezinnen is overigens weer volop aan de slag en er zijn ook contacten met Buurtgezinnen, uiteraard. Uw motie dit jaar heeft inderdaad aangegeven om rond de begrotingsbehandeling met de evaluatie van Buurtgezinnen te komen, om dan vervolgens te kunnen bepalen: gaan we door met Buurtgezinnen, ja dan nee? In die zin kan ik uw amendement wat u indient, billijken door aan te geven van: laten we het nu voor 2022 in ieder geval alvast in de begroting meenemen. Mocht het zo zijn en dan kom ik even op de opmerking die de heer Verheul

maakte, afhankelijk van: wat is de uitkomst van de pilot, als dan zou blijken dat en we zijn het hier als raad ook mee eens dat het terecht is om niet verder te gaan met Buurtgezinnen, dan kan die er tijdens de begrotingsbehandeling op die manier ook zo uitgehaald worden. Zijn we het hier met elkaar eens dat we met Buurtgezinnen door moeten gaan, dan staat die in de begroting en dan zal via de Kadernota 2023 vervolgens structureel de zaak geregeld moeten worden voor de jaren daarna. Dus in die zin staan wij als college ook positief tegenover dit amendement en de daadwerkelijke besluitvorming vindt dan plaats bij de begrotingsbehandeling. De laatste vraag die u gesteld heeft op mijn portefeuille, dat is over de vroegsignalering schulden. U vraagt van, rond deze tijd zou u weer met een nieuwe evaluatie komen. Dat zouden wij ook inderdaad doen; alleen, de tijd heeft ons ingehaald en de nieuwe werkwijze over vroegsignalering gaat nu daadwerkelijk in met ingang van 1 januari aanstaande. Daar zijn we nu dus al volop in de running en ook op aan het voortborduren. Daar is ook de ton die we nu extra vragen, voor die vroegsignalering, die ingezet gaat worden om dit vraagstuk verder tot uitwerking te krijgen.

De allerlaatste vraag die u stelde en dan voor wat betreft de PvdA, dat is van: ja, hoe ver bent u met het in gesprek zijn met de maatschappelijke partijen als het gaat om corona gerelateerde aangelegenheden? Uiteraard zijn we collegebreed, ieder vanuit zijn eigen portefeuille, continu op dit moment in gesprek met alle partijen. Wat we vorige week, drie weken terug, twee weken terug, ook hebben aangegeven, is dat we met u als raad ook na de zomer over het post-coronatijdperk willen gaan praten. Wat hebben we opgehaald vanuit het maatschappelijk middenveld vandaan, hoe staat u er als raad in en wat krijgen wij - overigens, dat wil ik hier ook best zeggen: ook de financiële ondersteuning vanuit het Rijk vandaan op corona gerelateerde aangelegenheden? Die zijn er ook absoluut en hoe gaan we daar dan vervolgens mee om? Dus dat gesprek over post corona, daar komen we dan graag bij u op terug. D66, ja, daar heb ik even met gefronste wenkbrauwen zitten luisteren. Ik wil één opmerking maken en dat was uw opmerking rondom de economische visie. Dat u zegt van ja, het college heeft alleen maar zitten navelstaren, maar niet gekeken of niet geluisterd van: wat betekent dit nou? Dan zou ik u toch willen vragen, meneer De Munck, om nog een keertje de economische visie verder door te lezen.

Want wel degelijk zijn er zinsneden opgenomen waarin we refereren aan de groei van de gemeente Sliedrecht en daarmee ook refereren aan groei van de middenstand en groei van ruimte voor onze ondernemers. De VVD heeft inderdaad een opmerking gemaakt over herverdeling van het Gemeentefonds; daar heb ik het over gehad. Kritisch kijken naar de uitgaven sociaal domein, daar heb ik het over gehad. Voorzitter, volgens mij zijn dat mijn opmerkingen vanuit mijn portefeuille vandaan. De voorzitter Dank u wel. Ik zie ook vanuit de raadsleden geen vragen meer die zijn blijven liggen. Dan kijk ik voor de volgende inbreng naar de heer Spek. De toezeggingen in deze ronde. De wethouder heeft toegezegd: het college werkt in aanloop naar de begrotingsbehandeling scenario's uit met betrekking tot de korting van het Gemeentefonds en andere onzekere posten. Akkoord; aldus genoteerd. De heer Spek, gaat uw gang. Wethouder Spek Voorzitter, ik wil in de beantwoording in de eerste termijn drie thema’s uitlichten die vrijwel bij alle fracties naar voren kwamen. Dat is het programma 300

ruimtelijke vernieuwing; hoe zit het daar nu mee? Wat hebben we nou vanaf de Kadernota van vorig jaar gedaan? Er zijn door verschillende fracties ook wat vragen gesteld over het groenbeleidsplan en er zijn verschillende opmerkingen gemaakt over verkeer. Dus dat zijn wat mij betreft even de drie thema’s waar ik mijn verhaal aan wil doen en tot slot nog een kleine opmerking voor Slydregt.NU over afvalbeleid, volgens mij. De voorzitter Meneer Jongeneel heeft nu al behoefte om u te interrumperen. De heer Jongeneel En nog een vraag over de woonplicht. De voorzitter Klopt; die zal misschien terugkomen in die driedeling. We gaan het merken.

Wethouder Spek Als het gaat over de ruimtelijke vernieuwing wil ik er allereerst op wijzen dat we de Kadernota waarin de Koers 2030 stond, natuurlijk vorig jaar pas in september hebben behandeld en dat die pas bekrachtigd is in november. Er wordt een soort suggestie gewekt dat we er al een jaar mee bezig zijn, maar als je het goed beschouwt zijn wij er eigenlijk vanaf november en eigenlijk is het geld beschikbaar gesteld per 1 januari, pas vol mee aan de bak. Wat we in de Kadernota gedaan hebben, is dat we daarmee aankondigen dat wij dat hele programma ook in het kerninstrument programma gaan gieten. Het wordt dus niet persé een groot project; het is een wat nieuw instrument dat ook in de Omgevingswet genoemd wordt, waarin een set van samenhangende maatregelen en projecten, inspanningen kan je zeggen, de maatschappelijke opgave dichterbij brengen. In september hebben wij gepland en volgens mij ligt dat ook al bij de Agendacommissie, dat wij in eerste aanleg met u spreken over die zaken. Dan gaan we het echt met u hebben over de planning van de stedenbouwkundige ontwikkeling; een stedenbouwkundig plan. We proberen ook al de eerste schetsen van de financiële doorrekening aan u voor te leggen. De resultaten van een marktconsultatie. Over de lobby gaan we dan met u spreken.

Eigenlijk zijn er in dat programma drie pijlers en dat is: ontwikkeling aan de zuidelijke kant van de A15, het middengedeelte waar we de barrière willen doorbreken en Sliedrecht-Noord, waar we zowel de sport- als ook woningbouwopgave hebben. U krijgt daar in september alle informatie over en wat wij dan bij u ophalen, verwerken wij zodat dat in de raadsvergadering van december in een raadsvoorstel met het daarbij behorende verhaal, natuurlijk ook over het fonds ruimtelijke vernieuwing waar u vorig jaar bij de begroting bij besloten hebt. Dus dat is eigenlijk wat er nu aan de hand is. De voorzitter De heer Paas heeft een vraag, voordat u verder gaat. De heer Paas. De heer Paas Dank u wel voor het woord, meneer de voorzitter.

In deze raad hebben we veelvuldige discussies gehad over projecten, definities vooraf, kaders vooraf, waardoor we het eigenlijk niet meer over de inhoud hebben, maar vooral over van: wat hadden we nou kunnen verwachten? Kan de wethouder ook aangeven of in het voorstel wat in het najaar komt over dit nieuwe instrument, wat heel aantrekkelijk klinkt - het is vernieuwend en progressief; nou, dat willen we best wel eens een keer zijn als het uitkomt - kunt u ook aangeven of u ons als raad meeneemt aan de voorkant, dat we met elkaar definities daar ook over vastleggen? Van: wanneer is het een programma? Wanneer en dat is vooral de belangrijkste vraag: wanneer heeft het instrument bereikt wat we wilden bereiken met het instrument? Want het gaat natuurlijk niet om het instrument, maar uiteindelijk het doel wat we willen bereiken met elkaar. De voorzitter De heer Spek.

301

Wethouder Spek Jazeker. Wat wij in ieder geval ook met elkaar afgesproken hebben, want we zijn nu al september aan het voorbereiden, zeg maar, dat wij ook de vragen die eerder gesteld zijn rondom de grote projecten: hoe houdt de raad grip er op en ga zo maar door, dat we daar het programma ook toe willen laten verhouden. Het moet niet zo zijn dat het programma klinkt als zijnde van ‘nou, dan geldt het onder een ander regime dan wat we met elkaar in het Rekenkamerrapport hebben geconstateerd en waar ook het college gezegd heeft van: nou, daar willen we aan gaan werken, aan de verbetering daarvan.’ Het spannende wat ik wel vind en daar kan ik op dit moment nog niet meer over zeggen, maar dan wel, is natuurlijk dat strikt wat een project is, veel meer een kop en een staart heeft dan het programma, wat natuurlijk eigenlijk het programma tot nu toe 2030 is.

Dus daar zijn we echt wel met elkaar een beetje in een struggle van, nou, u wil in ieder geval de deelprojecten die er uit voortkomen, daar gaat natuurlijk wel dat van de grote projecten gelden, maar we willen ook over het geheel dat datgene wat daar over gezegd is, eigenlijk vertaald wordt van nou, hoe zit dat nou met het programma? Of dat voldoende is gaat u zelf natuurlijk beoordelen, maar wij proberen in september daar met een proeve van te komen, zodat wij de op- of aanmerkingen, de kritische noten die u daarbij kraakt, ook in december weer verwerkt kunnen hebben in het raadsvoorstel. De voorzitter Dank u wel. Gaat u verder.

Wethouder Spek Overigens ben ik wel blij dat in bijna alle bijdrages de Koers 2030 ondersteund wordt en dat ook de urgentie van woningnood en bereikbaarheid, regionale samenwerking heel nadrukkelijk benoemd wordt. Die regionale samenwerking, daar wil ik dan ook wel benadrukken dat wij ons erg bewust zijn van dat we onze ambities niet kunnen halen, ook niet met de regio. Als we het al hebben over de alliantie die we langs de Merwede-Lingelijn hebben, dan heeft dat toch alles te maken met ‘van Dordrecht tot Gorinchem’. Tegelijkertijd kunnen we ook nieuwe allianties aan, zodat we nu niet alleen in de Drechtsteden in gesprek zijn met elkaar, maar ook dat we met Gorinchem en met Molenlanden gesprekken hebben over: hoe kunnen we elkaar in de opgaves die de gemeentes hebben, versterken? Wat dat betreft, dank voor uw steun daarvoor en ik hoop echt dat we daar ook strakjes als we er in september over spreken, dat we daarmee verder kunnen gaan. Dat was wat mij betreft even over de ruimtelijke vernieuwing. De voorzitter De heer Paas. De heer Paas Dank u wel voor het woord, meneer de voorzitter. Ik heb een vraag over die regionale samenwerking. Hij zal niet verrassend zijn, maar - tot 2022 heeft u een pot met geld om meervoudig lokaal aan het werk te gaan en dat vind ik ook goed.

Maar wanneer gaan we met elkaar in gesprek om te kijken wat we in 2023 en verder gaan doen? Want als het gesprek pas plaats moet vinden als die bui losgebarsten is boven ons en we zitten in een heel ingewikkeld vraagstuk met bezuinigingen, dan ben ik bang dat de regionale samenwerking als we het er niet over hebben gehad, als één van de eerste posten gaat lijden onder de opgave die we hebben en ik zou dat vervelend vinden. De voorzitter De heer Spek. Wethouder Spek Voorzitter, volgens mij hebben we hier ook al met elkaar afspraken over gemaakt toen we een bijkans oneindig proces hadden om de opgavebladen voor de Groeiagenda vast te stellen. We hebben toen zelfs nog even een tussenstap gemaakt, ook in deze zaal, om nog eens even heel dat Groeiagenda-verhaal toe te lichten. Sommigen van u waren daar aanwezig en herinneren zich die bijeenkomst nog. Ik heb toen toegezegd dat bij de nieuwe opgavebladen en de nieuwe opgave voor 2022, die overigens nu voor de begroting 2022 ook hier bij u langskomen, dat wij daar de discussie hebben. Ik heb u ook uitgenodigd om eventueel ook input te geven over: waar wilt u nou precies ook die grip op hebben, in het kader van de monitoring? Ik hoop dat die bijeenkomst of dat besluitvormingstraject, want het gaat dadelijk gewoon de BOB weer 302

door, dat dat ook een basis geeft om voor 2023 de discussie te voeren. Dat is wat mij betreft echt even heel bepalend van hoe straks heel de besluitvorming over de Groeiagenda 2022 verloopt, om in te kunnen schatten van wat er na 2022 gaat gebeuren. Dus die discussie zal ongetwijfeld - ik ga wethouder Vat napraten: na de zomer, maar dat geldt voor bijna alles wat we vandaag bespreken. De voorzitter Dank u wel. Ook de heer Pauw heeft een vraag. De heer Pauw. De heer Pauw Ja, behalve dat ik mijn bed moet op gaan slaan hier in september, volgens mij, want dan zitten we hier elke avond. Maar daar gaat het even niet om. Even aanvullend op de vraag van de heer Paas: ik ben een beetje in verwarring. Want ik zie de ene wethouder heel erg goed in onze ogen afwegingen maken over alle domeinen, van: wat kunnen we wel en wat kunnen we niet? En ik zie nu een wethouder en zo ken ik hem ook wel, heel enthousiast; die wil van alles nog gaan doen, maar ik heb een Kadernota voor me liggen met een meerjarenplanning die gewoon 1,2 miljoen+ in de min staat, volgend jaar. Ik zou graag willen dat we een integrale afweging op alle beleidsvelden gaan doen over wat we nog wel en wat we nog niet kunnen.

Daar gaat het politieke debat over en de vraag is: proef ik nu dat daar de hele Groeiagenda, allianties en dat soort zaken, geen onderdeel van uitmaken, of wel onderdeel van uitmaken? De voorzitter Dank u wel. De heer Spek.

Wethouder Spek Voorzitter, de raad gaat natuurlijk uiteindelijk over datgene wat er moet gebeuren, maar wat niet in de exploitatie zit is natuurlijk het fonds Ruimtelijke vernieuwing waaruit een deel van deze kosten betaald zouden worden. En bij het voorstel rondom dit programma wat ik net aankondigde, zal natuurlijk ook een verhaal komen over het fonds Ruimtelijke vernieuwing, hoe we daar geld uit kunnen halen of op basis van welke voorwaarden. Hopelijk kunnen we daar ook al een toekomstbeeld geven, dat daar misschien ook weer geld naartoe gaat. Dus dat punt is inderdaad gewoon aan de orde, maar dat zit nu niet in de exploitatie van datgene wat nu voorligt. Daar moeten we separaat met u over spreken. De voorzitter Gaat u verder. Wethouder Spek Voorzitter, volgens mij kan ik daarmee even het kopje Ruimtelijke vernieuwing parkeren tot september, waar we er echt uitgebreid met elkaar over gaan praten en u daarover informeren en graag ook heel veel van u terughoren. Als het gaat over het groenbeleidsplan wordt er nog een paar keer verwezen van, nou, fijn dat er een groenbeleidsplan is, we willen ook best wel investeren, maar wat gaat u nu precies doen? Dan kan ik wel dezelfde zaken zeggen als bij de beeldvormende vergadering, want het groenbeleidsplan als zodanig is bij u al bekend. We hebben het ook al beeldvormend met elkaar besproken.

Ook toen zijn er vragen gesteld over de KPI’s van het groenbeleid. Dus daar zijn we ook nog druk aan het kijken van: kunnen we het nog objectiveren, mogen we het onkruid per kilo doen of zo? Dat weet ik allemaal nog niet zo goed, maar we hebben met u daarover gesproken en het gaat dan met name over die klimaatdoelstelling, met name in het kader van de klimaatadaptatie. Het gaat natuurlijk om datgene wat we ook in eerdere andere beleidsstukken gezegd hebben over biodiversiteit en we hebben het ook over ruimtelijke kwaliteit. Dus die drie punten stonden in het groenbeleidsplan als zijnde: daarvoor hebben wij € 40.000,- nodig en beeldvormend is daar inderdaad ook al wat voor gezegd. Na de zomer. En meneer Pauw zegt, u kan uw bed opslaan, maar een heleboel zaken gaan gewoon tijdens de reguliere vergaderingen. Het is niet elke keer als wij zeggen ‘na de zomer’ dat we voor elk onderwerp een aparte avond hebben, maar we hebben ook gewoon nog raadsavonden waar we verschillende thema’s op één avond behandelen.

303

De voorzitter Overigens gaat de Agendacommissie daar ook over. Wethouder Spek En de Agendacommissie gaat daar over. Dan is er nog wat gezegd over verkeer en met name vanuit het CDA, de verkeersveiligheid en de grote nadruk op de fiets. Daar ben ik eigenlijk wel blij mee; laat ik het positief formuleren. Want ik heb hier ook al eerder aangegeven dat in het hele verhaal van het huidige mobiliteitsplan dat de titel had Mobiliteitsplan 2017-2040, dat we eigenlijk op alle actuele punten en het verkeersveilig maken en het aanpakken van de wegen, dat we zo goed als klaar zijn en dat wat nog niet klaar is, dat we daar op dit moment mee bezig zijn. Misschien heeft u daar iets van gemerkt, hier en daar. Dus daar komen we echt aan het eind en datgene wat we ook al doen door met name het fietspad vanaf het station naar het centrum aan te pakken, dat is dan een nieuw initiatief die we nu ook combineren met het groenste fietspad, dat we daar veel nadruk op de fiets leggen. Aangezien we inderdaad nog verder moeten met het mobiliteitsplan tot 2040, zeg maar, zal ik met een herijking komen waarin ook de fiets natuurlijk een rol zal spelen. Inderdaad, de verschillende snelheden.

Het zal ook gaan over het comfort op de fietspaden, maar u moet zich wel voorstellen dat dit ook niet gelijk een heel groot gebeuren zal zijn, maar dat in het werk, daar waar het onderhoud het aangeeft dat wij fietspaden aanpakken, dat wij het steeds ook zo fietsvriendelijk mogelijk zullen maken. In die koers moet u het zien, want ook hier hebben wij op dit moment niet allerlei gelden beschikbaar voor nieuw beleid. Daarbij kwam gelijk de vraag van de SGP-ChristenUnie van: hoe zit het nu met het Boerenpad? Ik denk dat u de Tiendweg bedoelt, die in de volksmond ook wel het Boerenpad heet. Dat voetpad is inderdaad wel een goed idee. We moeten daar ook even goed naar kijken, want zowel aan de uiteinden, aan de oostkant als aan de westkant, heb je eigenlijk wel veel wandelpaden langs de Tiendweg. Mensen kiezen daar niet altijd voor. Maar zowel achter de tien-hoog flats tot aan het viaduct, maar ook aan de westkant vanaf

de Tolsteeg tot aan de Rijksweg kan je ook eigenlijk parallel gewoon heel goed lopen. Er is een gedeelte waar dat haast niet mogelijk is en het gaat vaak ten koste van groen, maar in dit hele gebeuren vinden wij dit wel een punt. Als we met de Tiendweg aan de slag gaan, zullen we kijken: kunnen we dan ook gelijk dit punt meenemen? Slydregt.NU gaf nog een ander aspect aan en dat is het weggedrag. U zei volgens mij: het weggedrag is hemeltergend. Misschien is dat niet helemaal de term die ik zou gebruiken, maar het is wel ronduit asociaal, soms en het is op dit moment ook één van de ergernissen nummer 1 waar ik over gebeld, geappt en gemaild word en waar we ook allerlei andere frictiemeldingen en zo voor krijgen. Ik ben blij dat u het hebt over gedrag. Want de gemeente kan infrastructureel doen wat ze wil: uiteindelijk wordt de snelheid van de auto bepaald door het rechterbeen van de bestuurder. En we kunnen alles met drempels en zebrapaden en met obstakels vol leggen, maar dat helpt geen moer op het moment dat mensen op stille momenten daar omheen slalommen, wat zelfs op het nieuwe gedeelte van de Baanhoek wel eens gebeurt. Dus we willen echt ook een gedragsverandering en dat zal misschien ook wel met handhaving te maken hebben. Het idee om eens te praten met de maaltijdbezorgers vind ik een sympathieke gedachte.

Dan zal ik met mijn collega Vat van Economie eens kijken van: hoe kunnen we daar nou eens met elkaar een mooie vorm voor vinden? Hij is vaak op pad, wethouder Vat, dus misschien kan hij het gelijk meenemen, bijvoorbeeld. Maar ik weet niet of dat zo is. Dan nog even de woonplicht. De woonplicht zoals die in de motie staat: volgens mij hebben wij daar al wel over terug gerapporteerd dat dat landelijk gezien vooral een mogelijkheid is voor nieuwe huizen. Dus dat we voor nieuwe huizen een woonplicht kunnen opleggen, zodat mensen niet kopen en dan vervolgens verhuren, maar voor bestaande huizen niet. Daarom hebben wij ook in de beeldvormende vergadering van 29 maart, geloof ik, gezegd dat we dit punt ook heel nadrukkelijk meenemen in het verhaal over het doelgroepenbeleid waarin we dit jaar ook nog een voorstel naar u toe willen sturen. Maar de woonplicht voor gewoon bestaande woningen is dus even op dit moment niet mogelijk. Het is alleen voor nieuwe woningen die door projectontwikkelaars worden opgekocht en vervolgens doorverhuurd. Dus dat is even het punt. Voorzitter, ik wil nog één opmerking maken als dat mag en dat 304

gaat over wat ik echt heel erg gewaardeerd heb, ook in de bijdrage van de VVD, dat die spreken over de maatschappelijke waarde. Welke maatschappelijke waarde het toevoegt. En daar wil ik aansluiten bij wat wethouder Vat ook zei: dat we met elkaar in gesprek gaan in die integraliteit, maar ook dat we moeten kijken tot 2030 wat nou de ambities ook doen rondom de gemeentelijke financiën. Als we meer inwoners krijgen, als we kijken naar de opbouw van de bevolking - heel dat verhaal willen we graag ook meenemen in het al aangekondigde verhaal van wethouder Vat, met name om ook die maatschappelijke waarde waar u op hamert, duidelijk te maken en daarmee misschien ook wel juist de urgentie voor een aantal ambities die we hebben, te onderstrepen of juist te prioriteren. Tot zover. De voorzitter Over dat punt heeft de heer Jongeneel nog een vraag. De heer Jongeneel Ik hoor dat de wethouder zegt: tot zover. U bent vergeten nog één vraag te beantwoorden, over Diftar. De voorzitter Oh ja, dank u wel. De wethouder. Wethouder Spek Voorzitter, ik ben natuurlijk ook tot de tanden toe gewapend op dat thema omdat we morgenavond hier met elkaar nog uitgebreid gaan praten daarover, maar eigenlijk was uw vraag heel eenvoudig. U zegt: u gaat voor nascheiding en wethouder, heeft u dat wel bekeken? En ik kan u zeggen….

De voorzitter De heer Jongeneel heeft behoefte om zijn vraag nog even toe te lichten. De heer Jongeneel Ik vroeg: weet u wat de gevolgen zijn op korte, middellange en lange termijn met Diftar? De voorzitter Dank u wel. De heer Spek.

Wethouder Spek Voorzitter, in het plan zoals we dat eerder hebben besproken, hebben we natuurlijk de voor- en nadelen van Diftar verteld en we hebben het recycletarief aan u voorgelegd. Het punt is: al zou ik voor nascheiding zijn, al zou ik vandaag over willen stappen op nascheiding, dat er op dit moment gewoon in deze regio daar geen bedrijf is die dat doet. Dat er geen capaciteit is die dat doet. Ik heb al eerder gezegd: ik wil heel graag, ik heb er ook al met HVC over gesproken, die willen ook nascheiding gaan doen, maar al zouden die er vandaag mee beginnen, dan zou dat nog niet volgende week geregeld zijn. Dus we hebben eigenlijk ook ‘in between’ nog een andere oplossing nodig dan nascheiding. Want het is helemaal niet zo gek gedacht; ik weet ook dat andere gemeenten overstappen. Dat zijn vaak grote gemeenten met veel hoogbouw; dat is wel een ander verhaal dan Sliedrecht, maar het verhaal is dat er op dit moment in onze regio en waar wij onze contracten mee hebben, geen capaciteit is voor nascheiding en als dat ontwikkeld moet worden, moeten we dat met meerdere gemeenten doen. Dan wil HVC investeren in een nascheidings-installatie en als die er is, dan kunnen wij de omslag maken. Maar we hebben in die tussentijd ook nog iets nodig om het nu al in de hand te houden. De voorzitter Dank u wel. Ik zie dat er geen andere vragen meer uit de raad zijn.

Wethouder Spek heeft toegezegd in overleg met wethouder Vat het gesprek aan te gaan met de maaltijdbezorgers over hun weggedrag. Dat vonden we een mooie toezegging. Het zijn misschien ook wel grootgebruikers van de maaltijdbezorgers, deze twee leden van het college, maar dat weten we niet. We gaan over naar de derde wethouder en dat is wethouder Goverde. Aan u het woord. Wethouder Goverde Dank u, voorzitter. Als je twee collega-wethouders voor je hebt gehad die al het gras voor je voeten wegmaaien, waarvoor dank, want ik kan niet anders 305

dan hun krachtige woorden onderschrijven op een aantal vragen en antwoorden. Ik wil toch even met name het programma Ruimtelijke vernieuwing nog eens even onderstrepen, zoals wethouder Spek dat al onder woorden heeft gebracht. Dat komt ook, wat mij betreft, vooral tegemoet aan een verzoek van de VVD als het gaat om ‘veel ambities in die Kadernota, maar maak het eens wat concreter’. Nou, als het gaat om ruimtelijke vernieuwing, voorzitter, dan gaan we daar in Q3 en Q4 nadrukkelijk mee aan de slag, nemen we u als raad mee, wordt het allemaal veel concreter en ik kan u verzekeren dat ik samen met wethouder Spek hier bij voortduring samen in optrek. Ruimtelijke vernieuwing raakt natuurlijk ook zeer mijn portefeuille. Als het dan gaat om ‘maak het concreter als het gaat om ambities’, dan kom ik eigenlijk ook bij het vastgoedverhaal. Het vastgoedbeleid gaan we later dit jaar vaststellen en ook het accommodatiebeleid. De accommodatiebehoefte gaat binnenkort onderzocht worden, met name op het gebied van sportaccommodaties en begin 2022 zullen we u daarvan de uitkomsten voorleggen. Als ik dan verder ga op vastgoed, voorzitter, dan heeft de PvdA met name gezegd: ‘wanneer wordt het zichtbaar op straat, aan de objecten, want mooi dat we allerlei budgetten beschikbaar stellen, maar ik wil het wel in de stenen zien, zodat de Sliedrechters er gebruik van kunnen maken’.

Zoals ik u al heb aangekondigd, de uitvoering Elektra gaat in 2022 echt gebeuren. Ik kom nog bij u terug, zoals ik heb beloofd, met het complete plaatje van zowel: hoe gaat het er nou uitzien en ook: hoe gaan we het beheer doen? Dat komt direct na de zomer. Ook als het gaat om het Raadhuis en gemeentekantoor, dan hebben we voor dit jaar op de planning staan dat het voorstel voor de aanpak van deze twee objecten naar u toekomt. Dan moet ergens in 2022 natuurlijk de uitvoering starten om in 2023 de terugkeer van de raad naar het Raadhuis mogelijk te maken. Voorzitter, de PvdA heeft ook nog gewezen op het doorzetten van de aanpak van alles wat met Chemours te maken heeft. U heeft recent volgens mij het logboek ontvangen waarin de stand van zaken is geschetst. Het nieuwe Moestuinenonderzoek start binnenkort. En ja: er is ons alles aan gelegen om wat dat betreft aan het belang van de gezondheid van onze inwoners recht te doen. Voorzitter, dan zie ik nog een aantal opmerkingen van D66. Het waren niet echt vragen, maar opmerkingen waar ik graag even op inga. Met betrekking tot, zoals de heer De Munck het noemde, de toeristische visie, maar het was echt een recreatievisie en dat is net een ander accent: we gaan niet komen met een beleidsplan zoals u uitsprak, maar met een uitvoeringsprogramma. Dus ook daarin ook wel proberen het concreter te maken.

Dat het Baggermuseum nog niet in die visie zo expliciet stond benoemd met de ambitie die het heeft, dat had natuurlijk alles te maken met het moment van verschijnen van die visie en daarna

pas de naar buiten gebrachte ambitie van het Baggermuseum om er meer van te maken dan het nu is. Overigens is het nu ook een heel interessant museum en zou iedere Sliedrechter daar echt naar toe moeten als hij er nog niet is geweest, maar de ambitie gaat verder. Die ondersteunen wij, laat ik het zo zeggen, van harte en we gaan kijken waar we het kunnen faciliteren op het moment dat dat nog weer een slag concreter wordt. Een ander ding wat ook is genoemd, dat is wel aardig, dat was in de droom van de heer Jongeneel als het gaat om: hoe ziet Sliedrecht er in 2030 uit? Hij noemde onder andere een strandje bij de waterbuffer en ik neem dat ideetje graag mee om te kijken of we daar al iets mee kunnen in het uitvoeringsprogramma van de Recreatievisie. Voorzitter, dan heb ik volgens mij alle vragen die aan mij zijn gesteld wel gehad. Ja, dat is het, voorzitter. De voorzitter Dank u wel. Ik kijk even naar de raadsleden. Er zijn geen vragen blijven liggen. Dank u wel. Daarmee komen we bij de volgende portefeuillehouder en dat ben ik zelf. Dan geef ik het voorzitterschap even over aan onze vicevoorzitter de heer Paas. De heer Paas vervangt burgemeester De Vries als voorzitter.

306

De vicevoorzitter Zoals het hoort heropen ik dan de vergadering bij het agendapunt over de Kadernota en geef ik het woord aan portefeuillehouder De Vries. Burgemeester De Vries Dank u wel, voorzitter. Ik wil ingaan op twee onderwerpen. Allereerst de organisatie en daarna openbare orde en veiligheid. Over de organisatie hebben we recent uitgebreid gesproken bij de Tussenrapportage en we gaan er ook in het najaar nog uitgebreider over spreken. Er is toegezegd door het college om nog voor de begrotingsbehandeling met u te spreken over de ontwikkelingen in de organisatie. Ook gezien de op- en aanmerkingen die u gemaakt heeft is het ook goed om dat ook op dat moment uitgebreid te kunnen doen. Ik noteer wel en anderen hebben dat ook al voor mij gezegd, dat het goed is dat velen van u uw waardering hebben uitgesproken voor het vele werk wat onze medewerkers hebben verricht. Niet alleen bij het opstellen van de Kadernota, maar ook in de afgelopen periode, in coronatijd. Het is een groot compliment waard dat zij in staat zijn gebleken om al het werk voor ons, maar vooral voor onze inwoners en ondernemers te kunnen voortzetten. Ik ben blij dat u dat als raad ook ziet en daar uw complimenten voor uitspreekt. Dat was ook een voorbeeld van vitaal en flexibel de organisatie vormgeven en het werk uitvoeren. Ja, en soms vraagt dat ook extra investeringen.

Daar zijn door verschillende van u, door de heer Verheul in het bijzonder, opmerkingen over gemaakt, om die basis op orde te brengen en tegelijkertijd ook nieuwe ambities te realiseren. De heer Verheul vroeg, voorzitter, of je nou echt werkelijk vier jaar nodig hebt om die basis op orde te brengen. Het is wel goed om te memoreren dat daar natuurlijk niet alleen die € 110.000,- die daarvoor gevraagd is per jaar voor nodig is, maar dat met de beschikbare middelen en inzet die we nu al hebben, natuurlijk daar alles op gericht is, maar dat het ook een stap-voor-stap benadering is die gekozen wordt in de organisatie waarbij, in dit geval, extra geld nodig is voor de bedrijfsvoering en de bestuursprocessen, zodat juist ook de informatievoorziening naar de raad en college en de relatie tussen college, raad en ambtelijk apparaat daarmee goed bediend kan worden. Daar zijn ook verbeteringen nodig. En gelukkig zien we al verbeteringen, maar daar gaan we in het najaar uitgebreider met u als raad over in gesprek, voorzitter. De vicevoorzitter Er is een interruptie van de heer Pauw. Meneer Pauw, u heeft het woord. De heer Pauw Een dossier van 4,5 miljoen euro; over de afgelopen vijf jaar zien we verbeteringen. Dan ben ik benieuwd natuurlijk welke verbeteringen dat dan zijn. De vicevoorzitter De heer De Vries.

Burgemeester De Vries Voorzitter, zoals ik u al zei is het goed om daar wat uitgebreider bij stil te kunnen staan in het najaar, voor de begrotingsbehandeling. Het college beseft dat er in eerdere jaren ook veel geld in onze organisatie gestoken is en dat we misschien soms teleurgesteld kunnen zijn over

de resultaten die dat weer heeft opgeleverd, maar dat ontslaat het huidige college niet van de plicht om te kijken waar het nu nodig is om die basis op orde te brengen en tegelijkertijd ook de ambities die u als raad ook heeft ondersteund, te kunnen realiseren. Dat vraagt extra investeringen, maar we zien gelukkig op verschillende gebieden al die verbeteringen. Voorzitter, en dat raakt ook aan het vraagstuk waar de heer De Munck ook over sprak: hoe kan nou die samenwerking tussen raad, college en ambtelijk apparaat worden verbeterd? Dat is een breed gedragen wens in uw raad, maar ook evenzeer in het college en bij het ambtelijk apparaat. Daar hebben we in de afgelopen periode - en de heer De Munck refereerde daaraan - veel in geïnvesteerd op onderdelen. Als uw burgemeester en voorzitter van de raad en portefeuillehouder zeg ik u, voorzitter, dat ik erg blij ben met wat er daarin al gerealiseerd is en hoeveel tijd en energie daar in gestoken is. Het blijft vanzelfsprekend altijd nodig dat zowel de raad, het college als het ambtelijk apparaat steeds blijven reflecteren op de vraag: doen we het nog goed, hoe 307

kunnen we die samenwerking nog verder verbeteren en daar ook het gesprek met elkaar over blijven voeren. Voorzitter, dat wat betreft onze ambtelijke organisatie. Dan stap ik graag over naar het onderwerp openbare orde en veiligheid. Verschillende fracties hebben daar opmerkingen over gemaakt of vragen bij gesteld. De VVD- en CDA-fractie hebben gevraagd naar het cameratoezicht. Misschien om een misverstand weg te nemen: cameratoezicht kàn bijdragen aan het versterken van de veiligheid, kan bijdragen aan preventie en soms ook aan het oplossen van criminaliteit. Wij hebben niet het voornemen, ik heb als uw portefeuillehouder niet het voornemen om een breed onderzoek daarnaar te verrichten, maar vooral om te kijken: waar zijn nu de overlast gevende situaties en kan dan, in dat geval, cameratoezicht van toegevoegde waarde zijn? Daarover voeren we vanzelfsprekend het gesprek, voorzitter, met de politie en kijken we natuurlijk ook naar mogelijke alternatieven, waar de heer Dunsbergen naar vroeg, of het bijvoorbeeld mogelijk is om misschien onze BOA’s intensiever, breder in te zetten hiervoor. We komen nog wel uitgebreider terug op de BOA’s. Dat is toegezegd in de reactie op schriftelijke vragen van de heer Joop de Vries, omdat wij het ook nodig vinden om het beleid van de BOA’s te herprioriteren.

Ook waar het gaat om de afspraken voor 2022 willen we kijken hoe we nog meer het beleid kunnen sturen naar de prioriteiten die de gemeente Sliedrecht stelt. Nou, ook hier, voorzitter, hebben we toegezegd in het najaar een uitgebreidere sessie met de raad te beleggen om over de vraagstukken van openbare orde en veiligheid en ook de BOA’s verder te kunnen spreken. Voorzitter, over persoonlijk toezicht gesproken: door BOA’s hebben we gelukkig ook buurttoezicht. De heer Paas heeft even de zaal verlaten, maar er zijn nog genoeg andere fractieleden… De vicevoorzitter Ik zit naast u. Burgemeester De Vries Excuus. De vicevoorzitter In the heat of the fire, zullen we maar zeggen. Gaat u verder. Burgemeester De Vries Ik probeerde die petten goed te scheiden, zoals u merkt, voorzitter. De vicevoorzitter Ik ben die vlieg aan de muur. Burgemeester De Vries Precies. Maar mocht de heer Paas nog meeluisteren, dan kan hij er van op aan dat ik blij ben dat hij ziet dat het buurttoezicht ook onze aandacht heeft, maar vooral ook van onze medewerkers, om ze goed te faciliteren. Wij zijn met de SGPChristenUnie-fractie van mening dat het een belangrijke functie heeft in onze gemeenschap en we hopen dat nog meer vrijwilligers zich daarbij aansluiten. Waar het maar kan probeer ik dat ook te promoten als portefeuillehouder. Ja, voorzitter, dan rest mij nog één vraag van de SGP-ChristenUnie-fractie.

Bij monde van u heeft die gevraagd naar de stand van zaken rondom de brandweerkazerne en heeft ook bepleit om daar helderheid in te geven. Dat is precies waar alle inzet op gericht is. Wij voeren daarover intensieve gesprekken met diezelfde brandweer om te komen tot een keuze voor een kazerne op een plek waarbij de aanrijtijden goed bediend kunnen worden en tegelijkertijd goede nieuwe faciliteiten gerealiseerd kunnen worden. Ik kan u toezeggen dat alles er op gericht is om in het vierde kwartaal

van dit jaar een locatiekeuze mogelijk te maken. Daarmee wordt het vervolgens mogelijk om te kijken: wat doen we vervolgens dan met de huidige brandweerlocatie? En we hebben goed gehoord als college wat voor verschillende suggesties daarvoor zijn gedaan, maar daar komen we op een later moment op terug. Allereerst is het nodig dat we zo snel mogelijk, ook aan onze brandweer, duidelijkheid geven waar zij zich permanent op een goede nieuwe locatie met goede faciliteiten kunnen vestigen. Voorzitter, ik denk dat ik daarmee alle vragen heb beantwoord.

308

De vicevoorzitter Dan is er nu nog een vraag van de heer Pauw. De heer Pauw Niet aan deze portefeuillehouder, maar even een algemene. Want ik hoor nu weer een datum: Q4 2021. Is het mogelijk, voorzitter, om via u de vraag te stellen anders moet ik het technisch doen - om alle data die het college nu genoemd heeft van wanneer we van alles gaan doen, om dat gewoon eens even onder elkaar te zetten, zodat ik in mijn controlerende functie kan kijken of het inderdaad ook gebeurt? Nogmaals, ik wil hem ook technisch stellen, maar ik denk: ik probeer het eerst even zo. De vicevoorzitter Dank u wel voor het opzetje en het voorzetje, meneer Pauw, want ik schiet hem graag even in. Ik constateer ook dat de portefeuillehouder die nu naast me staat een aantal keren het woord ‘toezeggingen’ in de mond heeft genomen. Eén keer concreet toegezegd en dat is de toezegging dat alles er op gericht is om in Q4 een keuze te kunnen maken over de brandweerkazerne. Die was makkelijk om te onthouden, maar ik heb ook allerlei referenties gehoord naar toezeggingen in de beantwoording van technische vragen en ik ben het met u eens: ik neem de gelegenheid te baat om ook te zien als voorzitter dat in het voorgaande debat ook heel vaak het woord ‘meenemen’ en ‘dat gaan we doen’ gebruikt is.

Nou ben ik helemaal niet tegen het woord meenemen, maar ik zou het inderdaad wel handig vinden als voorzitter om concrete afspraken te maken. Dingen die we gewoon doen, die doen we gewoon. Die hoeven we niet vast te leggen, maar als het gaat over speciale toezeggingen zou ik inderdaad willen vragen om dat goed te formuleren. Dus meneer de portefeuillehouder, u heeft een aantal keren het woord ‘toezeggingen’ gedaan. Die laatste toezegging die ik voorlas, die staat. Ben ik nog een andere toezegging vergeten? Burgemeester De Vries Die eerdere toezegging, als ik zo vrij mag zijn, is al eerder gedaan bij de Tussenrapportage. Dat betrof de toezegging om met de raad uitgebreider te spreken over de organisatie en over de openbare orde en veiligheid. De vicevoorzitter Prima, dan zijn die genoteerd. De heer Pauw. De heer Pauw Dan ben ik nog even zoekende of ik hem nou nog een keer technisch moet stellen, want ik hoor alleen maar Q3 en Q4 en najaar. Ik wil er gewoon data bij, anders raak ik echt het overzicht kwijt. Maar dan ga ik hem denk ik maar gewoon technisch stellen. De vicevoorzitter Het staat u altijd vrij om de vraag technisch te stellen en ik zie als voorzitter ook dat er nog een tweede termijn is voor u als raad waar we dit punt ook nog kunnen adresseren. De portefeuillehouder.

Burgemeester De Vries Misschien mag ik daar ook iets over zeggen; niet alleen als portefeuillehouder van dit onderwerp. Bij mijn weten hebben wij ook een lange termijn agenda die we in de Agendacommissie bespreken, waarbij het college kan aangeven in welk kwartaal ze dat denken te kunnen voorleggen en dat is ook het moment en de plek waar wat inzicht kan ontstaan en ook kan bijdragen aan een goede planning en inzicht. De vicevoorzitter De heer Verheul.

De heer Verheul Voorzitter, nou daagt de portefeuillehouder mij uit, want er verdwijnen namelijk wel eens plotseling stukken van de grosagenda van de Agendacommissie, zonder een notitie aan ons als commissie. Dus ik zou voor dat middel toch niet een mooi overzicht willen hebben. Ik snap de heer Pauw; de groslijst is al lang. Ik hoor diverse wethouders van alles zeggen van ‘het komt Q3/Q4’. Het heeft ook mijn wens wel om een soort van overzicht te hebben wat er allemaal vandaag is toegezegd. 309

De vicevoorzitter Oké, dat is helder. Ik kijk dan ook nog even naar de griffier, want die heeft ook nog wat gehoord. Die heeft gehoord dat er toegezegd is dat het college zal kijken in welke situaties cameratoezicht een toegevoegde waarde kan hebben. Dat geldt ook voor de inzet van BOA's. Is dat een correcte weergave van de toezegging die u heeft gedaan, meneer de portefeuillehouder? Burgemeester De Vries Ik zou hem iets scherper willen formuleren: dat we alleen bij overlast gevende situaties kijken of cameratoezicht van waarde is. De vicevoorzitter Dan wordt het: Het college zal kijken bij welke overlast gevende situaties cameratoezicht een toegevoegde waarde kan hebben. Dat geldt dan ook voor de inzet van BOA's. Burgemeester De Vries Dank u wel. De vicevoorzitter Dan geef ik graag de leiding van de vergadering weer over aan de voorzitter. Burgemeester De Vries Dank u wel. Burgemeester De Vries neemt zijn plaats als voorzitter weer in. De voorzitter Dank aan de heer Paas; fijn dat hij weer aanwezig is als woordvoerder. Excuus daarvoor. We constateren overigens, u had het nog niet opgemerkt, dat het college nog geen oordeel heeft gegeven over één van de moties. Dat is de motie van de heer Jongeneel over asielzoekers en de prioriteit voor asielzoekers. Ik stel voor dat we de heer Spek de gelegenheid geven om daar zijn visie op te geven. De heer Spek.

Wethouder Spek Voorzitter, het punt van de vergunninghouders is dat dat ons opgelegd wordt. De Rijksoverheid bepaalt elk half jaar het totaal aantal vergunninghouders wat over de gemeenten verdeeld moet worden; de verdeling van de taakstelling over de gemeenten is weer afhankelijk van het aantal inwoners. U gaf aan: ja, ze moeten achter aan de lijst, maar dat is natuurlijk oneerlijk, want het is niet zo dat iemand 18 jaar voordat hij moet vluchten voor een oorlog zich eerst moet inschrijven bij Tablis om dan bij ons aan de bak te komen. Maar het is wat ons betreft gewoon een motie die voor ons niet uitvoerbaar is omdat het een taakstelling is; voldoen wij er niet aan, dan krijgen we een aanwijzing van de provincie. Dus wij ontraden die motie. De voorzitter De heer Jongeneel heeft een vraag. De heer Jongeneel Oneerlijk, oneerlijk - ik vind het eigenlijk een beetje verkeerd taalgebruik, want er zijn heel veel Nederlanders die al zes jaar of langer op een wachtlijst staan. Dat is ook niet echt eerlijk, vind ik. Ja… niet zo slim om dat te zeggen. Volgens mij is in de Tweede Kamer in 2017 toch iets veranderd, dat het niet meer het geval zou zijn. Ik ken gemeenten in Nederland waar het al weg is. In Castricum bijvoorbeeld geldt het al niet meer. Waarom kan dat hier in Sliedrecht niet? De voorzitter Meneer Jongeneel heeft een vraag gesteld aan de heer Spek. Gaat uw gang.

Wethouder Spek Ik zie nog een aanvullende vraag. De voorzitter Eerst deze vraag.

310

Wethouder Spek Zo ver wij weten en ik ken het geval Castricum niet - het is gewoon nu zo in de provincie Zuid-Holland dat wij een aanwijzing krijgen van hoeveel wij er elk half jaar moeten doen. Daar moeten wij ook op rapporteren en voldoen wij niet aan het aantal, dan krijgen we een aanwijzing van de provincie. Dat is nu gewoon common sense. Misschien dat er gemeenten zijn die in een soort overmoedige bui dat niet uitvoeren, maar dit is common sense in gemeenteland. De voorzitter Dank u wel. Er is ook een vraag van de heer Van Wijngaarden. De heer Van Wijngaarden. De heer Van Wijngaarden Voorzitter, ik probeer even mee te denken. Volgens mij is het namelijk iets anders. Volgens mij was het jaren geleden al zo dat statushouders die voorrang niet automatisch kregen, maar is het in 20.. - noem het: op het hoogtepunt van de vluchtelingencrisis, toen is vanuit het landelijke volgens mij ingesteld dat statushouders automatisch die urgentie krijgen. Volgens mij is het inmiddels zo, zoals de heer Jongeneel aangeeft, dat gemeenten zelf kunnen aangeven van: joh, die vluchtelingencrisis - in ieder geval vanuit het landelijke wordt aangegeven dat die over is en daardoor dat die urgentie niet meer automatisch verleend werd. Dus daar gaat het hier volgens mij eerder om: geven we een statushouder automatisch verlenging of niet, als de motie aangenomen zou worden.

Wat we niet doen is zeggen dat er helemaal geen mogelijkheid tot urgentie is, maar wat we hiermee zeggen is: de urgentie is niet meer automatisch of vanzelfsprekend, maar de urgentie wordt verleend op het moment dat er sprake is van urgentie. Dank u. De voorzitter Dank u wel. De heer Spek. Wethouder Spek Voorzitter, dan zal ik daar in de tweede termijn even op terug moeten komen. Dan zal ik daar even ambtelijk over bijgepraat moeten worden. Zo ver ik hier, zoals ik hier sta, weet, is het verhaal gewoon dat wij elk half jaar een lijstje krijgen van: zoveel moet u er doen, en klaar. Dus ik kom daar in de tweede termijn dan op terug. De voorzitter Dank u wel. Dank voor de toezegging om er straks op terug te komen en dank dat we deze…. Wethouder Spek Maar die hoeft niet genoteerd te worden, toch? Want dan sta ik achter in het college. De voorzitter Nee. Dank. Goed dat we dit punt nog even hebben meegenomen, zodat alle vragen in eerste termijn voldoende zijn beantwoord. Ik zie ook geen vragen meer van de raadsleden. Dat betekent dat we gekomen zijn aan het einde van de eerste termijn; dat is mooi. We lopen een beetje voor op schema. Dat gaat goed. Er is nu gelegenheid om de maaltijd te gebruiken en ook onderling overleg te hebben over de voorbereiding van de tweede termijn. Ik denk dat we gewoon om 19.30 uur scherp, precies op tijd de vergadering heropenen.

Tot die tijd heeft u gelegenheid om in zaal 3 en 4 de maaltijd te gebruiken. Heel nadrukkelijk is het van belang dat u weet dat u vaste zitplaatsen heeft en dat u op uw zitplaats moet blijven zitten. Die zijn ingericht op 1,5 meter. We moeten strikt aan de voorwaarden voldoen; daar hebben wij ook een voorbeeldfunctie in. Dus ik wil u vragen om daar ook die voorwaarden en ook de medewerkers van de Lockhorst daarin ook de richtlijnen na te leven. De heer Pauw heeft nog een vraag over de maaltijd? De heer Pauw Nee, niet over de maaltijd, dat komt wel goed, maar wel even over de tijdsduur. Want we zijn nu om 17.30 uur klaar. Anderhalf uur, dan kunnen we toch gewoon om 19.00 uur verder? De voorzitter We hebben eerder aangegeven dat het goed zou zijn om 2 uur te schorsen zodat u ook even wat tijd heeft voor ontspanning, maar als u als raad allemaal zegt: nou, we kunnen wel al eerder om 19.00 uur beginnen - ik ben als was in uw handen op dat punt, maar mijn voorstel aan u is om even de tijd te nemen. Ik zie de mimiek van verschillende woordvoerders eigenlijk zeggen van:

311

laten we maar even de tijd nemen. Dan stel ik voor dat we schorsen tot 19.30 uur. In zaal 3 en 4 kunt u de maaltijd gebruiken op een vaste zitplaats, zodat u allemaal 1,5 meter kunt naleven. Voordat het zover is: ik schors allereerst de vergadering en daarna vraag ik u een moment van stilte in acht te nemen. De vergadering is geschorst en ik wil u vragen om nu even een moment van stilte in acht te nemen. (…) Dank u wel. Schorsing De voorzitter De vergadering is heropend. Hartelijk welkom opnieuw in deze vergadering. Wat een discipline. Het werd vanzelf stil. Ik hoop dat u genoten hebt van de maaltijd en van de onderlinge ontmoetingen; is ook belangrijk op zo’n dag als vandaag. Fijn dat dat kan. We gaan over tot de tweede termijn. Allereerst de tweede termijn van de raad. Ik stel u voor dezelfde sprekersvolgorde te hanteren als in de eerste termijn en ik nodig daarom allereerst de voorzitter van de SGP-ChristenUnie-fractie uit, de heer Paas, om het woord te voeren. De heer Paas, aan u het woord. De heer Paas Dank u wel voor het woord, meneer de voorzitter. Allereerst hartelijk dank aan het college voor de beantwoording in de eerste termijn. Een belangrijk punt wat we toen in hebben gebracht is de financiële donkere wolk. Het antwoord van de portefeuillehouder, daar waren we ook erg blij mee.

Ook hij en het college zien de uitdaging die er is als het gaat over de financiën, maar ook wel de onzekerheid: hoe gaat dat nou uiteindelijk uitkomen? Nou hadden we in de woordvoering opgenomen een inspanningsverplichting. De wethouder heeft wel duidelijk aangegeven dat hij dat ging doen in zijn beantwoording, maar wat nog is blijven hangen is het punt wat we wilden maken als fractie: dat we niet wilden zeggen van: een miljoen is een te groot tekort, het mag maximaal een half miljoen zijn. Dat willen we niet doen. Maar aan de andere kant willen we toch wel iets harder vast hebben liggen dat het college echt die inspanningsverplichting heeft om het tekort tot een minimum te beperken. Ik zou graag van het college willen horen of ze dat kunnen toezeggen, dat ze die inspanningsverplichting doen om het tekort zo minimaal mogelijk te houden. Voor de rest kan ik nogmaals alleen maar zeggen dat we erg blij zijn met de reactie over hoe er met scenario’s om wordt gegaan, maar zeker ook met, als je niet zeker weet wat het is, dat het dan ook een effect heeft voor je risicoparagraaf. Dus daar zijn we zeer blij mee.

Dan wil ik graag even gebruik maken van de gelegenheid om het amendement wat wij hebben ingediend toch nog iets verder toe te lichten, want ik begreep uit de eerste termijn, met name van de VVD, dat er wat vragen zijn over: hoe moeten we dat nou zien? Het amendement is wat ons betreft helder en dat gaat dus over wat we willen doen. Hoe we het willen doen, daarvan zegt de fractie van de SGP-ChristenUnie: dat is aan het college om daar uitvoering aan te geven, dus daar gaan we niet over. Maar ik zou wel een aantal zaken mee willen geven, ook ter verduidelijking van de andere fracties. Kijk, als het gaat over het opkopen van schulden, dan zegt onze fractie: dat betekent dat er ook iets tegenover moet staan. Als je iemand helpt, dan mag je ook een tegenprestatie verwachten. De eerste tegenprestatie heb ik al benoemd: dat is dat je ook meewerkt aan educatie als het gaat over budgetbeheer, over: hoe krijg je je financiën op orde? Een andere tegenprestatie zou kunnen zijn en ik zeg niet dat het moet zijn, maar het zou kunnen zijn dat je mensen vraagt om actief vrijwilligerswerk te doen als ze dat nog niet doen. Je zou ook regels kunnen opnemen over wat voor soort schulden je opneemt.

Iedereen kan zich voorstellen dat als je een notoire hardrijder hebt die allemaal ansichtkaarten van het CJIB krijgt, dat je daarvan zegt: die boetes, meneer, dat valt niet in de categorie schulden die wij als gemeente voor u opkopen. Zo hebben we een aantal zaken waarvan we denken: dat leggen we graag neer bij het college, maar het is dus niet gratis geld waar Sliedrechters gebruik van kunnen maken en waar ze keer op keer gebruik van kunnen maken. Het is echt bedoeld om mensen die financieel kwetsbaar zijn, die in armoede leven, om die er uit te halen en er ook uit te houden. Ik hoop dat met deze toelichting het ook voor de andere partijen die niet helemaal duidelijk hadden wat precies de bedoeling was, dat zij ook kunnen instemmen met dit amendement. Hopelijk 312

haalt het amendement het dan en zou ik het college oproepen om voortvarend aan de slag te gaan met die uitvoeringsregeling. Niet om dat ter goedkeuring voor te leggen aan ons als raad, maar we zijn natuurlijk wel heel benieuwd wat het uiteindelijke resultaat wordt.

De voorzitter Voordat u verder gaat hebben de heer Bijderwieden en de heer Dunsbergen een vraag. Eerst de heer Bijderwieden; gaat uw gang. De heer Bijderwieden Voorzitter, dank u wel. Eén van de dingen die in mijn tweede termijn eigenlijk naar voren zou komen, maar ik denk, ik kan hem beter nu maar stellen, dan is het allemaal wat duidelijker: in het amendement wordt gesproken over ‘revolverend schuldenfonds’. Kan de SGP-ChristenUnie duidelijk maken hoe dat revolverend moet zijn? De voorzitter Dank u wel. De heer Paas. De heer Paas Ja, dat kan ik. Laten we een voorbeeld nemen. Iemand heeft een betalingsachterstand van € 300,- en kan dat niet betalen. Dan zegt de gemeente samen met de persoon die die vroegsignalering van die schuld doet, die klopt bij die meneer aan, zegt van: ik zie dat u een probleem heeft met uw betaling. Weet u wat we voorstellen, wij kunnen die schuld overnemen. We treffen een betalingsregeling met u. U hoeft niet bang te zijn dat er een deurwaarder langskomt en we spreken met u af dat u drie jaar de tijd krijgt om die schuld aan ons terug te betalen, mits u ook meewerkt aan de training als het gaat over budgetbeheer. Wilt u daar niet aan meewerken, prima, maar dan blijft, ik noem maar wat, het bedrag staan en de terugbetalingsverplichting voor een jaar of tien. Maar die terugbetaling is wel een wezenlijk onderdeel van het geheel.

En er zullen altijd situaties zijn waarin je zegt: nou, we schelden het nu kwijt en ja, dat deel wat je kwijtscheldt, dat is natuurlijk niet revolverend. Dus het kan best zijn dat na verloop van tijd het fonds zijn bodem bereikt. De voorzitter Dank u wel. De heer Bijderwieden voor een vervolgvraag. De heer Bijderwieden Voorzitter, dat was ook natuurlijk de tweede vraag die ik wilde stellen en eigenlijk ook van de cursussen die hierbij worden verplicht. Die moeten ook betaald worden. Ik neem aan dat er dan geen rente betaald wordt op de schulden, of juist wel? Ik blijf het nog wel een mooi ballonnetje vinden, maar nog niet heel revolverend, zeg maar. De voorzitter Dank u wel. De heer Paas tenslotte. De heer Paas Of er wel of geen rente betaald moet worden, dat vind ik echt een soort van uitvoering. In de basis zou ik zeggen: ze moeten dat geld betalen, de rente is niet zo hoog; laten we het renteloos doen. Ik zag pas een voorbeeld waarin iemand een maand achterstand had bij de zorgverzekering. Daar kwam vervolgens een periode van herhalingen en aanmaningen achteraan en dat duurde wel jaren, maar uiteindelijk was het bedrag opgelopen tot € 1.600,-. Als het op gaat aan deurwaarderskosten, boetes, boeterentes, ja, dat wil je natuurlijk voorkomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/140/documents/2235