Programmabegroting 2025
Tekst van het document
Hierin werd onder andere geadviseerd om ombuigingen op medebewindstaken in beeld te brengen, inclusief de maatschappelijke effecten van deze maatregelen. Ook in het tweede begrotingsadvies van de VNG werd onder andere geadviseerd om de financiële en inhoudelijke consequenties van noodzakelijke ombuigingen in beeld te brengen. Wij hebben in de samenvatting aangegeven, waarom wij het voorbereiden van ombuigingsmaatregelen nu niet noodzakelijk achten. Wat niet wegneemt, dat alertheid op het monitoren van ontwikkelingen geboden blijft. Onderstaand lichten wij de ontwikkeling van het begrotingsbeeld nader toe. Wij maken hiervoor onderscheid in Rijksbeleid, beleidskeuzes. opvolging VNG-advies en prudent begroten.
23
Programmabegroting 2025-2028 Rijksbeleid
In de meicirculaire 2024 is de opschalingskorting vanaf 2026 geschrapt. Het structureel voordeel voor onze begroting is € 3,7 mln.
(Beleids)keuzes
De indexering van de OZB-opbrengst zetten we in voor het begrotingssaldo. Het structureel effect is € 2,1 mln. Opvolging: We hebben 2025 sluitend gemaakt inclusief verwerking van de incidentele korting in het gemeentefonds; We hebben geen bezuinigingen doorgevoerd op andere beleidsterreinen vanwege de groei van de kosten voor jeugdzorg;
2de VNG 2025-2028
begrotingsadvies
-
We hebben rekening gehouden met de ontwikkelingen rondom het Btw-Compensatiefonds. Dit levert een structureel voordeel op voor de begroting van € 0,7 mln. Onder het motto ‘Wat kan wel’ zijn op basis van de uitvoeringsagenda voornamelijk tijdelijke impulsen in de begroting verwerkt
Prudent begroten
Weerstandsvermogen Voor een goed inzicht in onze financiële positie kijken we naast de ontwikkeling van het begrotingsbeeld naar onze financiële weerbaarheid. Hierbij gaat het over de mate waarin wij in staat zijn financiële risico’s op te vangen. Dit komt tot uitdrukking in ons weerstandsvermogen. Dit weerstandsvermogen geeft aan over hoeveel incidentele middelen we beschikken om risico’s en/of onvoorziene tegenvallers op te kunnen vangen, zonder dat de uitvoering van de begroting in het gedrang komt. In de kadernota weerstandsvermogen en risicobeheersing hebben wij de kaders voor de minimale omvang van ons weerstandsvermogen vastgelegd. Het gaat dan over de algemene reserve en de algemene reserve risicobeheersing. In onderstaande tabel hebben we de toepassing van deze kaders voor beide reserves inzichtelijk gemaakt. Algemene reserve risicobeheersing In de algemene reserve risicobeheersing dekken wij ons risicoprofiel af. Dit doen we op basis van onderstaande spelregels uit de kadernota weerstandsvermogen en risicobeheersing. De dekkingsgraad weerstandsvermogen bedraagt 100% (1,0); In deze reserve vindt 100% risicoafdekking plaats. Het risicoprofiel is gebaseerd op het totaal van de gekwantificeerde risico’s en het restrisico. Het restrisico wordt gebaseerd op 1% van het begrotingstotaal; Overschotten/ tekorten in deze reserve verrekenen we met de algemene reserve.
Tabel opbouw algemene reserve risicobeheersing Opbouw algemene reserve risicobeheersing Kwantificeerbare risico's
11.360
Genormeerd risicoprofiel - restrisico 1% van het begrotingstotaal
4.000
Benodigd in algemene reserve risicobeheersing
15.360
Algemene reserve risicobeheersing (jaarrekening 2023)
16.400
Verrekening met de algemene reserve (surplus)
1.040
weerstandscapaciteit na aanvulling
100%
24
In bovenstaande tabel zijn de financiële gevolgen van de actualisatie van ons risicoprofiel voor de algemene reserve risicobeheersing in beeld gebracht. Het geactualiseerd risicoprofiel voor individueel kwantificeerbare risico’s bedraagt € 11,4 mln. Hierin zijn onder andere risico’s op het gebied van ontwikkellocaties, aandeel macrobudget BUIG, verzilveringspercentage Wmo, volumeontwikkeling Jeugdzorg en ombuiging ESCS-locatie betrokken. Op basis van dit profiel en een 100% dekkingsgraad blijkt dat we in 2025 een overschot hebben in de algemene reserve risicobeheersing van € 1,0 mln. Via de besluitvorming over deze begroting stellen wij voor dit overschot toe te voegen aan (het surplus van) de algemene reserve. Na deze verwerking is het geactualiseerd risicoprofiel exact 100% afgedekt in de algemene reserve risicobeheersing. Voor een gedetailleerde toelichting op bovenstaande tabel verwijzen wij naar paragraaf 5.2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Het overschot in de algemene reserve risicobeheersing ad € 1,04 mln. toe te voegen aan het surplus van de algemene reserve, waardoor het geactualiseerd risicoprofiel volledig (100%) wordt afgedekt.
Algemene reserve In de kadernota weerstandsvermogen en risicobeheersing is de ondergrens van de algemene reserve bepaald op 2% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel geven wij inzicht in het verloop van de algemene reserve. Tabel Opbouw algemene reserve Bedragen x € 1.000
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
31-12-2027
31-12-2028
Opbouw algemene reserve Omvang algemene reserve
29.365
28.195
18.656
13.641
14.081
Bestemmingen
-1.364
-1.364
-1.364
-1.364
-1.364
Ondergrens (2% van het begrotingstotaal)
-8.000
-8.000
-8.000
-8.000
-8.000
Surplus in algemene reserve
20.001
18.831
9.292
4.277
4.717
Uit bovenstaande tabel blijkt dat het begroot saldo van de algemene reserve eind 2024 € 29,4 mln. bedraagt en vervolgens afneemt tot een bedrag van € 14,1 mln. in 2028. Deze daling is het gevolg van de besluitvorming over de dekking van de uitvoeringsagenda bestuursperiode 2025-2026 (begroting 2024). Hierbij hebben we met de inzet van incidentele middelen tijdelijk impulsen geven aan een aantal activiteiten/ speerpunten. In de omvang van de algemene reserve in 2025 is rekening gehouden met de aanvulling van het overschot uit de algemene reserve risicobeheersing van € 1,04 mln. Na inzet voor een aantal specifieke bestemmingen en rekening houdend met de ondergrens resulteert het surplus in de algemene reserve. De specifieke bestemmingen zijn gebaseerd op eerdere raadsbesluiten. Het betreft onder andere afdekking van het tekort Sportstichting, verlies Holtum Noord 3 en 50% afdekken van de openstaande vorderingen Het Groene Net. Het surplus neemt af van € 20,0 mln. in 2024 tot een bedrag van € 4,7 mln. in 2028. Wij benadrukken dat het surplus een incidenteel karakter heeft. De toename van de algemene reserve en het surplus in het bijzonder draagt bij aan het versterken van onze financiële positie respectievelijk aan de ontwikkeling van onze financiële kengetallen.
IBOR- budgetten Binnen het investeringsprogramma maken we onderscheid in vervangingsinvesteringen IBOR en investeringen in nieuw beleid. De investeringen in nieuwe beleid hebben een plek gekregen in de uitvoeringsagenda bestuursperiode 2024-2026 (begroting 2024). Hierop zijn we eerder in dit hoofdstuk ingegaan.
25
Programmabegroting 2025-2028 Op basis van eerdere besluitvorming is jaarlijks een investeringsbudget voor reguliere Ibor-vervangingen beschikbaar van € 14,6 mln. Dit jaarlijks investeringsbedrag wordt bijgesteld voor het effect van prijsstijgingen. Dit effect wordt binnen de bestaande begroting opgevangen. Aanvullend is in 2024 een incidenteel krediet beschikbaar voor herstelmaatregelen van € 4,1 mln. Passend binnen een reële raming en het daadwerkelijk kunnen uitvoeren van deze herstelmaatregelen is dit krediet uitgesmeerd over de jaarschijven 2024-2026. Bij de bijstelling door autonome ontwikkelingen is de incidentele vrijval van de kapitaallasten in 2025 verwerkt. Samenvatting vervangingsinvesteringen Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
2028
totaal
14.600
14.600
14.600
73.000
500
500
2.000
IBOR - vervangingsinvesteringen Begroting 2024 Vervangingsinvesteringen IBOR regulier
14.600
14.600
500
500
Incidentele verhoging herstelmaatregelen
1.400
1.400
1.300
Totaal beschikbaar
16.000
16.500
16.400
Begroting 2025 inflatie / prijsstijgingen
4.100 15.100
15.100
79.100
Voor een verdere toelichting op de IBOR-vervangingsinvesteringen verwijzen wij naar de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen. Het beschikbaar stellen van een krediet voor vervangingsinvesteringen Ibor in 2025 van € 16,5 mln. Specifieke begrotingsposten Stelpost inflatie Via de P&C-cyclus volgen wij de invloed van loon- en prijsstijgingen op onze begroting. In onze begroting hebben wij middelen, die wij hiervoor via de circulaires hebben ontvangen, gereserveerd om de effecten van deze loon- en prijsstijgingen op te kunnen vangen. Deze middelen zijn gereserveerd op de stelpost inflatie. In onderstaande tabel brengen wij de inzet van deze stelpost in beeld. Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Beschikbaar o.b.v. de actuele begroting
25.444
26.770
31.754
22.947
Beschikbaar inflatie sociaal domein
1.526 26.970
26.770
31.754
27.921
Inzet 1ste rapportage 2024
2.424
2.602
2.602
CAO-verhoging 2024 - salarissen
6.226
6.208
6.205
Inzet begroting 2025
9.848
10.670
11.200
Totaal inzet
18.498
19.480
20.007
8.193
Saldo stelpost inflatie
8.472
7.290
11.747
19.728
bedragen x €1.000 Inzet stelpost inflatie Beschikbaar:
Beschikbaar o.b.v. meicirculaire 2024 Totaal beschikbaar
4.974
Inzet:
8.193
Uit bovenstaande tabel blijkt dat in 2025 en 2026 een bedrag van afgerond € 27 mln. beschikbaar is om de gevolgen van loon- en prijsontwikkelingen op te kunnen vangen. In 2027 is dit € 31,8 mln. gevolgd door € 27,9 mln. in 2028.
26
Via de P&C-cyclus worden voorstellen gedaan om effecten van loon- en prijsontwikkeling (LPO) op onze begroting uit de gereserveerde middelen te dekken. Naast de verwerking van de afgesloten CAO op onze salarissen van structureel ruim € 6 mln. en de inzet in de 1ste rapportage 2024 wordt in de begroting een aantal voorstellen gedaan om een beroep te doen op de gereserveerde middelen. In 2025 gaat het over een bedrag van € 9,8 mln. In onderstaande tabel is aangegeven, welke posten het betreft. Begroting 2025
bedragen x €1.000
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Specificatie inzet begroting 2025 Meicirculaire 2024: dekking lagere LPO
1.655
2.522
3.037
90 122
90 122
90 122
90 122
CAO 2024 - reservering RVU CAO 2024 - reservering normbudgetten 2025
1.200
1.200
1.200
1.200
Subsidies professionele instellingen
1.278
1.276
1.276
1.276
Loonsom college CAO Rijk 2024-2025 Energie vastgoed, openbare verlichting en parkeren
87 1.528
87 1.528
87 1.528
87 1.528
Ibor- beheerbudgetten
545
545
545
545
Budgetten Jeugdzorg
1.300
1.300
1.300
1.300
Centraal opleidingsplan
540
540
555
555
Loongebouw BOA's Gemeenschappelijke regelingen:
240
240
240
240
- Veiligheidsregio Zuid-Limburg - RUD
893 31
893 31
893 31
893 31
- GGD - Het Gegevenshuis
42 40
40
40
40
- BsGW Contracten IM-ICT
96 131
96 131
96 131
96 131
Kleine posten (<€ 50.000)
30
29
29
59
Saldo inzet stelpost inflatie
9.848
10.670
11.200
8.193
Centrale materiële HR-budgetten Materiele facilitaire budgetten
Voor een inhoudelijke toelichting op bovenstaande bijstellingen verwijzen wij u naar het programmaplan. In hoofdlijnen plaatsen wij een aantal opmerkingen bij de bijstelling en de verwerking van LPO. Conform toezeggen aan de raad (raadsdebat 1ste rapportage 2024 – 30 mei 2024) is het effect van gestegen energietarieven 2024 structureel in de begroting verwerkt; Na verwerking in de begroting 2025 is in 2025 nog een bedrag van € 8,5 mln. beschikbaar om effecten van LPO op onze begroting op te kunnen vangen. Dit bedrag loopt op tot € 19,7 mln. in 2028; Voor de inzet van de resterende middelen in 2025 zijn mogelijk claims te verwachten van onder andere de nieuwe Cao 2025, de energietarieven 2025, gemeenschappelijke regelingen etc. De middelen die het Rijk via de circulaires beschikbaar heeft gesteld, kunnen bij minder nadelige inflatieontwikkelingen weer gekort worden. In de meicirculaire 2024 is dit gebeurd. Zie hiervoor de bijstelling ‘Meicirculaire 2024; dekking lagere LPO’ Middels het afzonderlijk reserveren van de middelen die het Rijk beschikbaar stelt en het hieruit afdekken van de effecten door LPO voorkomen we dat deze effecten invloed hebben op ons begrotingssaldo. Recentelijk hebben landelijke media melding gemaakt van te lage inschattingen van de inflatie door het Centraal Planbureau.
Deze inschatting vormt de basis voor de compensatie die gemeenten via het gemeentefonds ontvangen. Het gevolg is dat deze compensatie via het gemeentefonds de laatste jaren lager is geweest dan de daadwerkelijke inflatie.
27
Programmabegroting 2025-2028
Robuuste begroting – weerbaar en wendbaar In de begroting 2024 is een structurele post van jaarlijks € 2 mln. in onze begroting opgenomen om de flexibiliteit in onze begroting te vergroten, gericht op de weerbaarheid en wendbaarheid van onze begroting. Om daarmee over middelen te kunnen beschikken om risico’s op te kunnen vangen, in te kunnen spelen op actuele ontwikkelingen en opgaven en op basis van cofinanciering samen met andere partijen ontwikkelingen te kunnen opvangen. In dit verband stellen we voor uit deze post middelen beschikbaar te stellen voor deelname aan de doorontwikkeling van het Maastricht Convention Bureau. Bedragen x € 1.000
2025
2026
2027
2028
2.000
2.000
2.000
2.000
75
90
100
100
1.925
1.910
1.900
1.900
Post robuuste begroting Beschikbaar Gemeentelijke bijdrage Maastricht Convention Bureau Resterend saldo post robuuste begroting
De internationale congresmarkt groeit wereldwijd met een sterke groei van kleinere en meerdaagse events. Per kennisdomein waarop de vier Limburgse Brightlands campussen zich richten, is er marktpotentieel om te groeien in het aantrekken van congressen naar de provincie Limburg en dus ook naar Sittard-Geleen. Het Maastricht Convention Bureau (MCB) is een onafhankelijk congresbureau dat de economische kracht van (de regio) Maastricht verbindt met marktpotentieel binnen de (inter)nationale congresmarkt. MCB richt zich op de acquisitie van meerdaagse wetenschappelijke associatiecongressen met als doel stimuleren van regionale economische ontwikkelingen. Het MCB wil de transitie maken naar een congresbureau voor heel Limburg gericht op de kennisdomeinen van de campussen. Hiervoor moet MCB van de juiste uitrusting worden voorzien met een vergelijkbare omvang als de concurrerende steden c.q. metropoolregio’s: voldoende personeel, voldoende middelen, lokale verankering en regionaal netwerk. Om deze groei mogelijk te maken heeft MCB bij gemeenten Sittard-Geleen, Heerlen en Venlo en bij de in deze drie gemeenten gevestigde campussen het verzoek gedaan voor een financiële bijdrage voor de periode 2025 – 2028. Gezien het karakter van cofinanciering wordt voor de dekking de post robuuste begroting voorgesteld.
Het aantrekken van (nieuwe) congressen draagt bij aan het ontwikkelen van de zakelijke markt in Sittard-Geleen en de regio. Tevens sluit het aantrekken van de zakelijke markt aan op de doelstellingen van de Toekomstvisie 2030. Een Limburg breed congresbureau geeft invulling aan het versterken van de economische veerkracht met als doel het leveren van een bijdrage aan een ondernemend en innovatief Sittard-Geleen. Het aantrekken van congressen, zakelijk toerisme en innovatieve bedrijven naar Sittard-Geleen draagt bij aan het stimuleren van een duurzame, innovatieve en veilige bedrijvigheid. De Return On Investment (ROI) kan worden gemonitord op basis het aantal congressen die worden georganiseerd en het aantal (extra) zakelijke toeristen die in Sittard-Geleen overnachten. Extra hotelovernachtingen hebben als gevolg een hogere opbrengst aan toeristenbelasting. De gemeentelijke bijdrage aan de pilot voor de periode 2025-2028 aan het congresbureau Maastricht Convention Bureau te dekken uit de begrotingspost ‘robuuste begroting”. Deze bijdrage bedraagt € 75.000 in 2025, € 90.000 in 2026 en € 100.000 in 2027 en 2028 Ombuigingen Na de sanering van een aantal ombuigingen in de kadernota 2023 resteert in onze begroting nog een ombuiging. Het betreft de taakstelling privatisering ESCS-locatie, inclusief de Hateboer voor een bedrag van jaarlijks € 1,2 mln.
Deze taakstelling zal in 2025 niet worden gerealiseerd. De belangrijkste reden is dat
28
zwembad de Hateboer open blijft tijdens de vernieuwbouw van Glanerbrook. Op basis van besluitvorming over de begroting 2024 wordt deze taakstelling in 2025 afgedekt uit de algemene reserve risicobeheersing. We gaan ervan uit deze taakstelling door ontwikkelingen op de locatie vanaf 2026 kan worden ingevuld. Uitvoeringsagenda bestuursperiode 2024-2026 In de door de Koning op 17 september jl. uitgesproken Troonrede stond ‘wat kan wel’ centraal. Deze uitspraak komt overeen met ons uitvoeringsprincipe uit de kadernota 2023 ‘Daar waar keuzes gemaakt kunnen worden doen we dat’. Op basis van dit uitvoeringsprincipe is in de begroting 2024 de uitvoeringsagenda 2024-2026 opgenomen. In deze agenda zijn de ‘speerpunten’ uit de kadernota 2023 en overige ambities uit het coalitieakkoord ‘Samen zorgvuldig, verbindend doorpakken! en de Uitvoeringsafspraken 2022-2026 opgenomen. Dit met het doel om activiteiten tijdelijk aan te jagen, te intensiveren of van een impuls te voorzien. Deze agenda, gedekt met incidentele middelen, kent een looptijd tot en met 2026, waarbij de uitvoering van enkele speerpunten in 2027 eindigen. Gebaseerd op het overzicht uit de begroting 2024 is onderstaande de resterende periode van de uitvoeringsagenda weergegeven. Via de besluitvorming over de begroting 2024 zijn de middelen beschikbaar gesteld. Uitvoeringsagenda -- investeringen Investeringsvoorstellen
2025
2026
2027
5.000 300
5.000 300
5.000 300
160 100
100
100
bedragen x € 1.000 Strategische huisvestingsplan onderwijs- en kindfuncties Mobiliteitsaanpak Landschapspark de Haese Stimulering vrijetijdseconomie Corio Glana HL 16/17
2.700
Ontwikkelpad Geleen Zuid
3.000
Totaal investeringsbedragen
8.260
5.400
8.400
2025
2026
2027
Landschapspark de Haese - exploitatie
52
52
52
Groenagenda
150
150
Brede aanpak veiligheid
175
175
Cultureel en immaterieel erfgoed
425
500
Veerkrachtig MKB
201
201
Uitvoeringsprogramma detailhandel
1.865
1.865
Veerkrachtig Geleen centrum - circulaire economie
1.050
1.050
Veerkrachtig Geleen centrum - aankoop leegstaande panden
1.500
Uitvoeringsagenda - exploitatie SPEERPUNT bedragen x € 1.000
Actieve klantbenadering Vidar
1.250
1.250
Proeftuin Zeeheldenbuurt
50
50
Stadsmarketing
350
400
Arbeidsmarktinfrastructuur
130
130
Ruimte voor het MKB
742
742
Lokale lastenverlichting
1.050
50
Veiligheid ontwikkelpaden
Verduurzaming maatschappelijk vastgoed
100
0
0
0
1500
1500
1500
29
Programmabegroting 2025-2028
SPEERPUNT bedragen x € 1.000
2025
2026
Smart City
150
150
Stadslabs
500
500
'Koesteren groene plekken'
50
'1:1-aanpak met bijzondere aandacht voor energiearmoede'
0
0
0
'Actief benaderen inwoners rondom energiearmoede'
0
0
0
'Ruimte voor ontmoeting in de openbare ruimte'
16
'Leerwerklijnen Vidar'
0
0
0
'Versnelling woningbouwplannen'
0
0
0
'Toekomstgericht kader voor ontwikkelingen op woongebied'
0
0
0
'Actief in gesprek met inwoners'
0
0
0
'Volgende stap in van buiten naar binnen werken'
0
0
0
'Ondersteunen bestuurlijke rol in diverse netwerken'
0
0
0
'Versterken informatiepositie van de raad'
0
0
0
'Samenwerking raad en college minimaal jaarlijks evalueren'
0
0
0
Centra zijn continu schoon'
0
0
0
'Versterken coördinatie op werkzaamheden derden in ORU'
0
0
0
'Uitwerking ontwikkelpaden in concrete uitvoeringsvoorstellen'
0
0
0
Werkdruk verlagen in de ambtelijke organisatie'
0
0
0
'Ondersteuning MKB'
0
0
0
10.206
8.715
2.702
Totaal speerpunten - exploitatie
2027
In de begroting 2024 zijn de meeste speerpunten financieel gekwantificeerd. Aanvullend wordt in de begroting 2025 voorgesteld een drietal speerpunten financieel te kwantificeren. Het betreft de speerpunten lokale lastenverlichting, koesteren groene plekken en ruimte voor ontmoeting in de openbare ruimte. De dekking van deze posten is meegenomen in de bijstellingen van het begrotingsbeeld. Voor de uitvoering van de overige speerpunten3 zijn geen extra financiële middelen nodig. In het programmaplan wordt op de (sub)programmabladen toegelicht op welke wijze hier met de beschikbare budgetten en capaciteit uitvoering aan wordt gegeven. Voor het speerpunt Ruimte voor ontmoeting in de openbare ruimte wordt naast het bedrag van € 15.500 voorgesteld een krediet van € 50.000 beschikbaar te stellen. Momenteel wordt een interne inventarisatie gemaakt van bij de gemeente bekende en/of gekenmerkte ontmoetingsplekken én mogelijke nieuwe ontmoetingsplekken. In overleg met inwoners bepalen we welke plekken extra aandacht nodig hebben en welke maatregelen hierbij horen. Voor het realiseren van kleine aanpassingen wordt een investeringskrediet gevraagd van € 50.000. Het beschikbaar stellen van een investeringskrediet van € 50.000 voor de uitvoering van het speerpunt Ruimte voor ontmoeting in de openbare ruimte. De kapitaallasten worden gedekt ten laste van de algemene middelen.
3
Gekwantificeerd met ‘0’
30
Programmaplan 2025-2028
Leeswijzer In het financieel kader hebben we de ontwikkellijnen in de begrotingsopzet toegelicht. De stappen die zijn gezet in het stuurbaar(der), meetbaar(der) en toegankelijk(er) maken van de begroting komen met name in het programmaplan tot uiting. Een stuurbare begroting (Sub)programma’s In de uitwerking van het programmaplan hebben we meer structuur aangebracht door de programma’s onder te verdelen in (sub)programma’s. Met deze onderverdeling beogen we: - De samenhang tussen de verschillende inhoudelijke onderwerpen binnen een programma te verbeteren; - De financiële informatie over de budgetten en de financiële bijstellingen te verdiepen; - De samenhang tussen inhoud en bijbehorende budgetten te verbeteren. Voor de indeling van de begrotingsstructuur verwijzen wij u naar bijlage 4. Op het niveau van het programma beschrijven wij de volgende onderdelen: - Korte samenvatting van de inhoud van het programma, inclusief de relatie met de veerkrachten; -
Het beschikbare budget (baten en lasten van het programma), inclusief toelichting op hoofdlijnen.
Vervolgens gaan wij per subprogramma in op de volgende onderdelen: - Een beschrijving van de inhoud van het betreffende subprogramma, waarbij de ‘7W-vragen’ als leidraad zijn gehanteerd; - Een overzicht van de beschikbare budget (baten en lasten van het subprogramma), inclusief de voostellen om de budgetten aan te passen respectievelijk kredieten te voteren. - Een uitwerking van het onderdeel monitoring, waarin is uitgewerkt hoe de voortgang van het subprogramma kan worden gevolgd. Begroting op hoofdlijnen De begroting op hoofdlijnen maakt nu integraal onderdeel uit van het programmaplan en wordt daarmee niet mee als afzonderlijk document gepubliceerd. In de uitwerking is de relatie tussen de begroting op hoofdlijnen en de (sub)programma’s verstevigd. De begroting op hoofdlijnen is geordend naar de vier veerkrachten, waarbij per veerkracht: - Korte beschrijving van de veerkracht in termen van opgaven en (letterlijk) gebaseerd op teksten Toekomstvisie en coalitieakkoord.
31
Programmabegroting 2025-2028 -
Staat van de veerkracht, met een beschrijving van waar we in 2025 op inzetten (‘hoog over’). Concrete aanpakken, projecten, resultaten die gelinkt worden aan de teksten van de programma’s en de subprogramma’s. In de digitale applicatie kan vanuit de begroting op hoofdlijnen doorgelinkt worden naar deze teksten in de (sub)programma’s.
Een meetbare begroting Zoals in het financieel kader aangegeven, hebben we om meetbaarheid in de begrotingsopzet te verankeren het onderdeel monitoring opgenomen in de inrichting van de subprogramma’s. In deze begroting hebben we eerste stappen gezet in de uitwerking van dit onderdeel. In het financieel kader gaven we al aan dat de toepassing divers is. Voor het inzicht in de beleidsindicatoren (Besluit Begroting en Verantwoording) is in het financieel kader de hyperlink naar waarstaatjegemeente.nl aangegeven. Een toegankelijke begroting Door de begroting in een digitale applicatie (LIAS) voor te bereiden en te publiceren, wordt de toegankelijkheid verbeterd. Dit komt onder andere tot uiting door: - Compactere teksten met doorklikopties naar onderliggende (beleids)documenten; - Digitale koppeling begroting op hoofdlijnen met programmabegroting; - Meer gebruik van visualisaties. Leeswijzer tabellen Voor de leesbaarheid van de financiële tabellen plaatsen wij enkele opmerkingen: Bedragen zijn weergegeven in duizendtallen, tenzij anders is aangegeven; Bedragen met een ‘+’ hebben een positieve invloed op het begrotingssaldo; bedragen met een ‘-‘ hebben een negatieve invloed op het begrotingssaldo; Tussen de verschillende overzichten kan sprake zijn van minimale afrondingsverschillen.
32
Programmabegroting op hoofdlijnen
33
Programmabegroting 2025-2028 De programmabegroting op hoofdlijnen is opgebouwd aan de hand van de vier veerkrachten uit de Toekomstvisie 2030 die we in 2020 samen met de samenleving hebben opgesteld. We beschrijven hierin op hoofdlijnen hoe wij als gemeente hieraan bijdragen vanuit onze programmabegroting.
34
Institutionele veerkracht
Institutionele veerkracht gaat over samenwerking op verschillende schaalniveaus; buurten, wijken, kernen, één gemeente Sittard-Geleen, de regio en de Euregio. Een succesvolle samenwerking is een samenwerking die transparant is en waarin je elkaar kunt vertrouwen. Als we meerledig veerkrachtig zijn, bereiken we het hoogste doel: een collectieve trots op Sittard-Geleen.
Opgaven In 2030 is Sittard-Geleen een stad waar we constructief samenwerken. Een gemeenschap van inwoners, organisaties, bedrijven en overheid. Wij bouwen aan een veerkrachtige stad. Een stad die zich kenmerkt door haar vele gezichten, met alles wat je nodig hebt binnen handbereik. Dat gebeurt door samen en gelijkwaardig te werken aan onze stad. Met buurten en kernen als vertrekpunt. Want hier komen kansen en vernieuwingen bijeen. We pakken eigen initiatieven op om onze Toekomstvisie echt waar te maken. Iedereen die het aangaat, denkt mee en komt samen tot uitvoering. Zo wordt co-creatie (‘samen doen’) onze tweede natuur.
Waar staan wij en wat willen wij bereiken in 2025? Sittard-Geleen is van de samenleving. En daarom bouwen we daar samen aan! Met inwoners, organisaties, bedrijven en gemeente. Voor de gemeente Sittard-Geleen is het deelnemen van de samenleving het uitgangspunt. We willen daarom gelijkwaardig samenwerken en beslissen in samenspraak met inwoners, organisaties, bedrijven en gemeente. In deze samenwerking stellen wij ons als gemeente dienstbaar op en nemen waar nodig verantwoordelijkheid. Voor onze gemeente is deze manier van samenwerken niet nieuw. In veel gevallen werken we al ‘van buiten naar binnen’ en is betrokkenheid van de samenleving bij de opgaven al gemeengoed. Essentieel bij gelijkwaardig samenwerken en beslissen is het respect voor elkaars rollen en bevoegdheden. We maken daarom ook duidelijk wat de ruimte voor participatie is; de gemeente heeft immers ook haar wettelijke taken en blijft het algemeen belang afwegen. In de leidraad ‘Doorontwikkeling Participatie zijn de uitgangspunten voor het deelnemen van de samenleving in de opgaven van Sittard-Geleen geformuleerd[1] De gemeente draagt bij in het realiseren van de Toekomstvisie 2030 en heeft daarom binnen de veerkrachten acties bepaald in haar programmabegroting. In onze eigen opgaven vertalen we – samen met de samenleving de doelen uit de Toekomstvisie naar de dagelijkse, praktische leefomgeving.
Voorbeelden van deze wijze van samenwerking zijn de Ontwikkelpaden, maar ook de Omgevingsvisie, Omgevingswet of projecten zoals Sportcentrum Glanerbrook en Huis aan de Markt. We werken daarbij als gemeente van ‘buiten naar binnen’. Wat buiten nodig heeft, faciliteren we, en maken we mogelijk. De gemeentelijke organisatie is zo meegegroeid in de doorontwikkeling van samenwerken als samenleving. Wij faciliteren het samenspel tussen inwoners, organisaties, bedrijven en gemeente met mensen en middelen. Onze belangrijkste inzet daarbij: Wij zijn waarden-gedreven en opgavegericht. Kernelementen als verbinding naar begroting zijn: •
Algemene middelen.
35
Programmabegroting 2025-2028 • • • •
Participatie & communicatie (deelnemen van de samenleving, participatie gemeente, participatie samenleving). Bestuur en perspectief. (Toekomstvisie – doelen van de samenleving, Omgevingsvisie, Stadsmarketing, Uitvoering). Bestuurlijke samenwerking (Euregio, Nationaal, Internationaal, Lobby). Dienstverlening.
[1] De leidraad ‘Doorontwikkeling Participatie geeft de positie en ambitie aan van participatie voor Sittard-Geleen. Het Participatiekader 2023, de Participatieverordening en de nota Participatie initiatiefnemers Omgevingswet (waar naar verwezen wordt in de leidraad) geven nadere definiëring van de samenwerking met inwoners, organisaties, bedrijven en overheid. Als gemeente faciliteren we de samenwerking.
Projecten, programma's, aanpakken etc. In de (sub) programmabladen is aangegeven waar we in 2025 concreet aan werken om de genoemde ambitie te bereiken. Onderstaand enkele voorbeelden hiervan: • •
• • •
36
Ontwikkelpaden en Dorpenvisie. Samen met de samenleving herkennen we leefbaarheidsopgaven, en vertalen deze naar initiatieven en projecten op het schaalniveau van wijken en dorpen. Stimuleren participatie in omgevingsplanactiviteiten. Met de Leidraad doorontwikkeling participatie geven we richting aan de samenwerking met inwoners, organisaties, bedrijven en overheid. We passen participatie praktisch toe in de projecten van Sittard-Geleen. Omgevingsvisie. Vertaalt de ‘doelen van de samenleving’ naar ruimte. Met als inzet dat we als samenleving samen bouwen aan de leefomgeving in stad of dorp Ronde van dialogensessies in de wijken. We blijven in gesprek met mensen uit de samenleving; over strategische vraagstukken, maar zeker ook voor operationele opgaven. Participatie in programma’s en projecten. We werken van buiten naar binnen in projecten als Proeftuin Zeeheldenbuurt, Vidar in de wijk, Inclusieagenda en Tuinman.
Sociale veerkracht
Sociale veerkracht gaat over de veerkracht van mensen, fysiek en mentaal. Door de focus te leggen op positieve gezondheid, en een leven lang leren en ontwikkelen te stimuleren creëren we een veerkrachtige samenleving die om kan gaan met veranderende omstandigheden.
Opgaven We gaan op de eerste plaats voor de positieve gezondheid van onze inwoners. Bij positieve gezondheid staat een betekenisvol leven van mensen centraal. Samen met inwoners willen we de nadruk leggen op veerkracht en eigen regie en niet alleen op de beperkingen of ziekte zelf. De buurt en de woon- en leefomgeving is daarom extra van belang. De leefomgeving van wijk, buurt, dorp of straat en de aanwezige ontmoetingsplekken en voorzieningen maken van een huis immers een ‘thuis’ en zijn belangrijk voor onze gezondheid. Dan gaat het om voldoende en duurzame woningen, voldoende groen, water en schone lucht, maar vooral ook om contact met buren en buurtgenoten en een thuisgevoel. En ook een beweegvriendelijke leefomgeving met goede fiets- en wandelpaden en sportaccommodaties. Of het verbinden van onze rijke historie met een circulaire toekomst. Als gemeente willen wij hieraan bijdragen. Werken aan een samenleving waarin mensen worden gezien, iedereen mee kan doen en gelijke kansen krijgt. Waar het veilig is, de betrokkenheid bij elkaar wordt vergroot en waarin we elkaar kunnen aanspreken. De aanpak om sociale veerkracht te vergroten, is niet voor iedereen hetzelfde. Mensen hebben verschillende behoeften. Wijken en buurten zijn op een andere manier georganiseerd en hebben allen andere uitdagingen.
Maatwerk per wijk of buurt is belangrijk waarbij we meer aandacht willen geven aan de omgeving en ontmoeting en de manier waarop we met elkaar samenleven. Want de sociale veerkracht verbeteren kunnen we niet alleen.
Waar staan wij en wat willen wij bereiken in 2025? Zowel de gezondheid van onze inwoners als de veerkracht van onze wijken en buurten verdienen veel aandacht. De gezondheidsmonitor van de GGD toont aan dat de gemiddelde gezondheid, en met name ook de gezondheidsbeleving van inwoners maar ook de feitelijke gezondheid, flink lager scoort dan het gemiddelde van Nederland. En onderzoek naar de veerkracht van onze wijken en buurten laat zien dat deze de afgelopen jaren in een aantal wijken, met name in Sittard en Geleen, achteruit is gegaan. Hierbij is gekeken naar veiligheid, wonen en de mate van concentratie van kwetsbare inwoners in wijken en buurten. Extra belangrijk dus dat we als gemeente vooral inzetten op de woon- en leefomgeving van inwoners samen met de door ons gesubsidieerde formele en informele organisaties die zich inzette voor een sterke sociale basis, gezond opgroeien en het ontwikkelen van onze jeugd en het bevorderen van een gezond en actief leven van iedereen. En bij de uitvoering van de wettelijke taken Wmo, Jeugdwet en Participatiewet is een integrale dienstverlening erg belangrijk, het onderscheid dat wij maken in de uitvoering van de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet is voor onze inwoners niet van belang. De afgelopen jaren is hierin flink geïnvesteerd. In 2025 wordt de zogenaamde doorbraakmethode geïmplementeerd als aanvulling op de ‘omgekeerde toets’.
37
Programmabegroting 2025-2028 We investeren ook in sport en cultuur. We wonen in een prachtige groene gemeente met een rijke historie, bijzonder cultureel aanbod en grote diversiteit aan sportfaciliteiten. We verbinden, verwonderen, spiegelen en prikkelen. We stimuleren betekenisvolle ontmoetingen en een omgeving die uitnodigt tot bewegen. Dat doen we in de openbare ruimte, in de culturele instellingen en gemeenschapshuizen en in en nabij onze talloze sportvoorzieningen. Wij zorgen voor een (maatschappelijk en (sport)voorzieningenniveau dat optimaal bijdraagt aan de opgaven op het vlak van ontmoeten en bewegen. En dat doen we niet alleen met voorzieningen. We maken ontmoeten en bewegen ook mogelijk door een leven lang sport en beweegaanbod samen met verenigingen, de Sportstichting en Ecsplore. Ook werken we aan meer ruimte voor fietsen en wandelen zodat onze inwoners op een actieve en duurzame manier van hun woning bij voorzieningen, werk en ons mooie buitengebied kunnen komen. Uit verschillende woningbehoefteonderzoeken blijkt dat onze woningen op termijn niet meer aansluiten bij de vraag en onverkoopbaar worden omdat ze niet meer passen bij de behoefte en het passend duurzaamheidsniveau. Ook woningcorporaties moeten een deel van hun voorraad vanwege dezelfde reden de komende jaren transformeren.
We onderzoeken de kansen om dit op te pakken in de stadswijken die sociale en fysieke aandacht nodig hebben. Ook zien we veiligheid als de basis voor een prettige manier van samenleven in onze gemeente, voor iedereen. We zetten ons in om onze gemeente veilig te maken en houden. We werken samen en zorgen voor brede betrokkenheid bij veiligheid. We kijken goed naar de ontwikkelingen op het gebied van veiligheid en doen vervolgens wat nodig is. Als rode draad op het gebied van veiligheid is de doelgroep jeugd benoemd. Rode draad betekent dat we binnen vrijwel ieder thema, project of activiteit, op het gebied van veiligheid zorgen voor bijzondere aandacht voor jeugd.
Projecten, programma's, aanpakken etc. In de (sub) programmabladen is concreet aangegeven wat in 2025 gerealiseerd zal worden om de genoemde ambities te bereiken. Onderstaand de belangrijkste voorbeelden hiervan: • • • • • • • • • • •
38
Sportplatform Soeple Het nieuwe Domein Verduurzaming accommodaties Trendbreuk Health in all policies Vidar in de Wijk Pilot op de Rit Aanpak dak- en thuislozen Smart City Aanvraag volkshuisvestingsfonds Buurtpreventieteams
Ecologische veerkracht
Ecologische veerkracht draait om de natuurlijke verhouding tussen omgeving en de organismen die erin leven, met onderliggende belangrijke waarden als biodiversiteit (soortenrijkdom) ruimtelijke kwaliteit, klimaatbestendigheid, schone lucht, water en bodem en stilte. Ecologische veerkracht draait ook om circulair leven, door uiteindelijk geen fossiele brandstoffen aan de aarde te onttrekken en grondstoffen steeds te hergebruiken. In de Toekomstvisie 2030 en het Coalitieakkoord 2022-2026 werd de ambitie uitgesproken om de ecologische veerkracht te vergroten.
Opgaven Onze ambitie is een gemeente met schonere lucht en water, een rijkere natuur, en meer groen in de woonomgeving. Dit draagt ook bij aan een beter leef- en vestigingsklimaat in onze gemeente. Onze ambitie om uiteindelijk geen fossiele grondstoffen meer aan de aarde te onttrekken en grondstoffen te hergebruiken is verbonden met het mondiale klimaatakkoord Parijs 2016 en het nationaal klimaatakkoord 2019 om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan.
Waar staan wij en wat willen wij bereiken in 2025? De monitoring van de tussenresultaten laat zien dat we achterlopen in het terugdringen van CO2-uitstoot en energieopwekking met duurzame energiebronnen. In 2025 zetten we verdere stappen om voor alle onderdelen van onze begroting gedragsverandering stimuleren: minder energie gebruiken in huishoudens, in bedrijven, in ons vervoer en met ons eetgedrag. Daarnaast gaan we minder grondstoffen gebruiken door minder spullen te kopen, ze langer te gebruiken en ze te repareren of een andere bestemming te geven als ze kapot zijn. Het uiteindelijke doel is dat we een geheel circulaire samenleving hebben waarin we alleen spullen produceren met grondstoffen die gemaakt worden van producten die niet meer gebruikt worden. We gaan in 2025 ook nog verdere stappen zetten: met wind en zon meer energie opwekken, gebruik maken van de restwarmte van onze industrie, woningen isoleren. In 2050 moeten we gas- en emissieloos zijn. Om onze groene ambitie te realiseren moeten we grote stappen zetten om de biodiversiteit en de landschappelijke kwaliteiten van ons buitengebied te verbeteren. Het water loopt ons steeds vaker letterlijk over de voeten en hittestress is inmiddels een gezondheidsprobleem voor kwetsbare inwoners.
In 2025 zetten we onze programma's voort om het groenoppervlak in het bebouwde gebied en de kwaliteit van groenoppervlaktes te vergroten voor gezondere inwoners en een hogere biodiversiteit in de stedelijke gebieden, dorpen en buitengebied. We gaan ook de uitstoot van schadelijke stoffen verminderen, we geven meer ruimte voor het water en stimuleren natuur-inclusieve landbouw.
Projecten, programma's, aanpakken etc. In de (sub) programmabladen is concreet aangegeven wat in 2025 gerealiseerd zal worden om de genoemde ambities te bereiken. Onderstaand de belangrijkste voorbeelden hiervan: •
Met de Routekaart Energie gaan we met zon en wind meer duurzame energie opwekken.;
39
Programmabegroting 2025-2028 • • • • •
40
Als onderdeel van het Warmtenet Zuid Limburg gaan we restwarmte van de industrie inzetten om woningen en bedrijven te verwarmen en te koelen; Als onderdeel van het Nationale Isolatieprogramma gaan we het energieverbruik van inwoners en ondernemers verminderen. Als onderdeel van het Nationale Schone Lucht Akkoord gaan we de uitstoot van schadelijke stoffen verminderen. Met de Agenda Groen werken we aan onze groene ambities die verder gaan dan het beheren van het huidige groen. Met Corio Glana in het Geleenbeekdal geven we ruimte aan het water, houden we droge voeten en dragen we bij aan gezondere inwoners.
Economische veerkracht
Economische veerkracht is de combinatie van weerbaarheid en wendbaarheid om verantwoordelijkheid en eigen regie te kunnen nemen voor je baan, je onderneming en (jouw plek in) de samenleving. In de Toekomstvisie 2030 en het Coalitieakkoord 2022-2026 is hierover de ambitie uitgesproken dat onze mkb-ondernemers beter ondersteund worden, onze stadscentra aan kracht winnen, de banen in onze industrie behouden blijven en dat we blijven werken aan de aantrekkelijkheid van onze gemeente om in te werken en wonen om zo onze beroepsbevolking en daarmee het draagvlak voor voorzieningen op peil te houden.
Opgaven Het tonen van economische veerkracht houdt in dat de gemeente Sittard-Geleen voor de volgende opgaven staat: • Op regionaal en nationaal niveau ondernemers, mkb-dienstverleners en overheden met elkaar verbinden in een regionaal mkb-ecosysteem. Hierin kunnen mkb-ondernemers meer en effectiever investeren in de toekomstbestendigheid van hun producten en bedrijfsprocessen. • Met alle partijen in de stadscentra een collectief verdienmodel ontwikkelen dat inspeelt op het (steeds) veranderende consumentengedrag. Deze collectieve verdienmodellen dienen economisch toekomstbestendig te zijn. Deze dienen een herkenbaar en aantrekkelijk profiel te hebben dat bestaansrechte heeft ten opzichte van wijkwinkelcentra op een lager schaalniveau en concurrerend is met grotere steden op het schaalniveau van Zuid-Nederland • Aan nationale invloed en impact winnen om in de circulaire samenleving van morgen bij te dragen van de verankering van de Chemelot-bedrijven in Sittard-Geleen en het ontwikkelen van een toekomstperspectief voor VDL Nedcar • Op het schaalniveau van de Euregio Maas Rijn bedrijven, kennisinstellingen en overheden met elkaar verbinden om de kansen van de Euregionale arbeidsmarkt te benutten
Waar staan wij en wat willen wij bereiken in 2025? Op weg naar economische veerkracht voor mkb-ondernemers moeten belangrijke stappen gezet worden. Uitgaande van het (landelijke) gegeven dat 80% van alle MKB-ondernemers minder dan 10 medewerkers in dienst heeft en slecht 15% van alle mkb-ondernemers investeert in de toekomstbestendigheid van de eigen producten en bedrijfsprocessen, is ook in Sittard-Geleen de weerbaarheid van mkb-ondernemers te laag. Samen zijn zij goed voor ruim 50% van de banen in onze gemeente. In 2025 intensiveren wij de ondersteuning van onze mkb-ondernemers zodat deze beter hun maatschappelijke bijdrage leveren aan werkgelegenheid, vermindering van hun energieverbruik en het opleiden en vasthouden van hun (talentvolle) werknemers. Op weg naar economische veerkracht voor onze stadscentra zien we het volgende beeld. Nederlandse steden met een inwonertal tussen de 70.000 en 100.000 inwoners kampen al jaren met een hoge winkelleegstand in hun stadscentra. Sittard-Geleen springt daar fors uit door een winkelleegstand die nog veel hoger en veel langduriger is dan in vergelijkbare steden. Met een robuuste aanpak die is gericht op het toevoegen van
41
Programmabegroting 2025-2028 andere functies, het vergroten van de kwaliteit van het winkelaanbod en het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit zetten wij in 2025 stappen om het tij te keren. Op weg naar economische veerkracht om de banen in onze industrie te behouden moeten belangrijke stappen gezet worden. De veerkracht van de afzonderlijke industriële multinationals in onze gemeente is goed. Dat is anders met de gezamenlijke chemische industrie op Chemelot, die een nog nooit eerder getoonde opgave moet volbrengen om met producten bij te dragen aan een wereld zonder restafval en met bedrijfsprocessen die geheel circulair zijn. In 2025 participeren wij actief in de samenwerking van rijk, provincie en gemeenten om de publieke randvoorwaarden hiervoor te scheppen en de samenwerking van Chemelot-ondernemers en de Brightlands Chemelot Campus, zijn cruciaal voor de maakindustrie van Nederland en voor de 10.000 gezinnen in onze regio die hun boterham verdienen in de industrie. De beëindiging van meer dan 60 jaar autoproductie in onze gemeente laat de kwetsbaarheid en sociale impact zien van onze industrie. Economische veerkracht om meer aantrekkelijk te zijn voor (jonge) mensen die de keuze maken om te blijven in of te komen naar Sittard-Geleen is urgent. In 1 op de 3 branches kampen ondernemers met een tekort aan personeel.
We gaan in 2025 verder met het scheppen de voorwaarden om werknemers te behouden en aan te trekken door woningen te bouwen die aantrekkelijk zijn voor deze jonge werknemers. Dat doen we ook door stappen te zetten in de richting van één Euregionale Arbeidsmarkt waardoor werken in de Euregio Maas aan aantrekkingskracht wint omdat daardoor de ontplooiingsmogelijkheden toenemen.
42
Projecten, programma's, aanpakken etc. In de (sub) programmabladen is concreet aangegeven wat in 2025 gerealiseerd zal worden om de genoemde ambities te bereiken. De belangrijkste voorbeelden hiervan zijn: • •
• •
Het programma ‘Ambitieus MKB046’ dat mkb-ondernemers ondersteunt om klimaat-neutraal, inclusief en digitaal te kunnen ondernemen; Het programma verduurzaming bedrijventerreinen, dat de voorwaarden schept dat bedrijven minder afhankelijk worden van stroomvoorziening van buiten het bedrijventerrein, dat stap voor stap duurzamer wordt; Het uitvoeringsprogramma detailhandel, waarmee impulsen worden gegeven om de (wijk)winkelcentra toekomstbestendig en aantrekkelijk te houden; Het Circular Economic Action Plan, dat gericht is op technologische innovaties, circulaire vaardigheden, infrastructuur om circulair te kunnen ondernemen en het zetten van de stap naar een circulaire economie naar een circulaire samenleving.
43
Programmabegroting 2025-2028
Bestuur & Ondersteuning
We willen in Sittard-Geleen gelijkwaardig samenwerken en beslissen met inwoners, organisaties, bedrijven en gemeente. De richting van Sittard-Geleen is daarom ook door de samenleving zelf geformuleerd in de Toekomstvisie 2030, gebouwd op vier veerkrachten. De veerkrachten sociaal, ecologisch en economisch geven zicht op ‘wat’ we gaan doen. Deze veerkrachten dienen de inhoud op de herkenbare gemeentelijke domeinen sociaal, ruimte en economie. De institutionele veerkracht geeft richting in ‘hoe’ we dat dat gaan doen. De gemeente draagt bij in het realiseren van de Toekomstvisie en heeft daarom binnen de veerkrachten acties bepaald in haar programmabegroting. Onze gemeente is van de samenleving. Sittard-Geleen maken we daarom sámen. De institutionele veerkracht gaat dus over de samenwerking met inwoners, organisaties, bedrijven en overheden. Over hoe we zaken net wat anders aanpakken, waardoor samenwerken echt sámen werken wordt. In buurten, wijken, kernen, de gemeente en de regio. Zo maken we onze gemeente met elkaar; minder vanuit het gemeentehuis en meer vanuit de gehele samenleving. Het programma bestuur en ondersteuning geeft invulling aan deze institutionele veerkracht en ondersteunt en verbindt de gemeentelijke organisatie. Als breinaald door de veerkrachten. Dit vraagt wat van onze manier van werken. Meer van ‘buiten naar binnen’.
Waarbij we gelijkwaardig samenwerken, transparant en vanuit vertrouwen. In deze samenwerking; • •
beslissen inwoners mee hoe de leefomgeving eruit moet zien, vertrouwen we in actief burgerschap en initiatieven die daaruit ontstaan en ondersteunen de inwoner daar waar dat niet lukt, • werken we vanuit ‘wat buiten nodig heeft’, faciliteren we, en maken mogelijk, • is de gemeente voor iedereen bereikbaar, • houden we in onze contacten met de inwoners meer rekening met verscheidenheid. Wij zijn als gemeente dienstbaar en nemen waar nodig verantwoordelijkheid. Wij nemen inwoners mee in de afwegingen en keuzes die gemaakt worden. We zijn een betrouwbare partner in het samenspel met de samenleving, waarbij we ook duidelijk zijn over wat wel en niet kan en welke rol de gemeente heeft. Het realiseren van waarde voor onze inwoners, organisaties en bedrijven staat voorop. Financiële toelichting: De (gesaldeerd) voor het programma beschikbare gelden betreffen de dekking voor de lasten van de overige programma’s. De totale baten bestaan voornamelijk uit de diverse uitkeringen van het gemeentefonds en belastingenontvangsten in het kader van OZB en overige belastingen. De belangrijkste uitgavenposten betreffen kosten overhead. Hierin zijn de budgetten opgenomen die verband houden met de bedrijfsvoering. Het gaat om de uitvoering van de volgende taken: personeel en organisatie, financiën, inkoop, facilitaire zaken en huisvesting, informatiemanagement en ICT en communicatie.
Al deze zaken vallen onder het subprogramma Algemene middelen. Daaraan ook gekoppeld het subprogramma Participatie & communicatie,
44
dat de samenwerkende werkwijze faciliteert. Daarnaast worden binnen het subprogramma Bestuur en Perspectief en Bestuurlijke Samenwerking ook de budgetten die direct verband houden met de gemeentelijke bestuursorganen (college, raad) en de directe ondersteuning hiervan geboekt. Binnen het taakveld burgerzaken is er een verscheidenheid van wettelijke verplichtingen. De uitvoering hiervan is georganiseerd binnen de stadswinkel (onder andere burgerzaken en klantcontactcentrum) en opgenomen in het subprogramma Dienstverlening. De stijging van de beschikbare gelden in dit programma zijn het gevolg van de autonome ontwikkelingen uit de meicirculaire en de aframing van de stelpost inflatie voor alle indexeringen van de overige programma’s wat in programma 0 positieve resultaten laat zien en in de overige programma’s negatief (overall budgettair neutraal). 2023 Jaarrekening Bedrag x1.000 Baten Lasten Onttrekkingen Toevoegingen Totaal
2024 2025 2025 2025 2026 2027 2028 Actuele Begroting Bijstelling Begroting Begroting Begroting Begroting begroting voor na bijstelling bijstelling
304.437
315.733
297.026
26.514
323.540
304.600
305.835
306.210
-64.571
-93.844
-74.821
-6.940
-81.761
-68.160
-63.746
-65.278
20.347
17.628
4.314
38
4.351
11.305
6.830
1.175
-21.476
-5.720
-3.753
-
-3.753
-2.446
-2.344
-2.371
238.737
233.797
222.766
19.612
242.378
245.299
246.576
239.735
Participatie en Communicatie Het deelnemen van de samenleving bij de opgaven in gemeente Sittard-Geleen is het uitgangspunt. Dit is niet nieuw, dit doen we al jaren. Hoe we invulling geven aan deze participatie, hebben we samen met de samenleving in 2023 en 2024 ook vastgesteld in de leidraad Doorontwikkeling Participatie, met daaraan gekoppeld het Participatiekader 2023, de Participatieverordening Sittard-Geleen en de nota Participatie initiatiefnemers Omgevingswet. Deze beleidsregels en handreiking stimuleren initiatiefnemers om ruimte te geven aan de samenwerking met de samenleving. Zo wordt de kwaliteit van oplossingen vergroot omdat verschillende perspectieven, kennis en creativiteit worden toegevoegd. De toepassing en de beoordeling van deze participatie is in 2024 gestart en zetten we door in 2025. Als gemeente zetten we een volgende stap in het ‘van buiten naar binnen denken’, waarbij we het maatschappelijk vraagstuk centraal zetten. Dit doen we in 2025 on the job in lopende programma’s, projecten en diensten. Zoals de implementatie van de Omgevingswet en de uitvoering van de Omgevingsvisie ‘Samen stad en dorp maken’. Als gemeente willen we daarbij zoveel mogelijk participatief en netwerkend zijn. Als we geen presterende of rechtmatige rol hoeven in te nemen, doen we dit ook niet.
Vanuit de verschillende programma’s werken we gebiedsgericht samen (dicht bij de leefomgeving van onze inwoners) en sluiten in eerste instantie aan bij de al lopende ontwikkelpaden, dorpenvisies en uitvoeringagenda’s van grote projecten (zoals Chemelot). De gemeente vult haar zorgplicht in door zaken op te pakken waar de gemeente een verantwoordelijkheid heeft. Daarbinnen geeft de gemeente ruimte aan de samenleving om zaken van ons over te nemen (bijvoorbeeld via projecten zoals de Tuinman of door invulling te geven aan het nu geldende uitdaagrecht, of zelf initiatiefnemers te zijn van een opgave). Bij nieuwe plannen wordt in een vroeg stadium met inwoners, organisaties en bedrijven gepraat over hun ideeën; wij volgen daarbij onze principes van de leidraad Doorontwikkeling Participatie. Dit geldt zowel voor de gemeente als voor andere initiatiefnemers, want we gaan vaker en meer gelijkwaardig samenwerken. Dit levert een betere kwaliteit van de plannen in stad en dorp. Samen met de buurgemeenten, de Provincie Limburg, ketenpartners, het Rijk en de Euregio-overheden werken we ook aan de versterking van de regio. In 2023 is over de leefomgeving op dorpen-/wijkniveau gesproken met inwoners op uitvoerende vraagstukken.
In 2023/2024 zijn inwoners, organisaties en bedrijven, bevraagd op meer beleidsmatige vraagstukken op het gebied van ruimte, om hiermee invulling te geven aan de Omgevingsvisie. We streven ook in 2025 naar een
45
Programmabegroting 2025-2028 doorlopende dialoog met de samenleving en hebben ook aandacht voor de inwoners die zich niet gehoord voelen.
Bedrag x1.000 Baten Lasten Onttrekkingen Toevoegingen Totaal
2023 Jaarrekening
2024 Actuele begroting
2025 Begroting voor bijstelling
2025 2025 2026 Bijstelling Begroting na Begroting bijstelling
17
34
34
-349
-543
-459
118
135
120
-
-
-
-
-
-213
-374
-305
2
2
2027 Begroting
2028 Begroting
34
34
34
34
-458
-338
-318
-318
120
-
-
-
-
-
-
-
-304
-304
-284
-284
2025 Bijstelling Begroting
2026 Bijstelling Begroting
2027 Bijstelling Begroting
Kapitaalslasten De kapitaalslasten zijn geactualiseerd en de afschrijvingen bijgesteld op basis van actuele prognoses voor de voortgang van onze projecten.
2
2
2
2
Totaal
2
2
2
2
Toelichting
2028 Bijstelling Begroting
Bestuur en Perspectief Met inwoners, organisaties, bedrijven en gemeente is de Toekomstvisie 2030 opgesteld. De opgaven die in Sittard-Geleen worden opgepakt, zijn in lijn met deze doelen van de samenleving. De Toekomstvisie 2030 is niet vrijblijvend, dit vraagt commitment van de inwoners, organisaties, bedrijven en gemeente. Als samenleving handelen en investeren wij in de richting van dit commitment en spreken elkaar daar op aan (zoals ook is vastgelegd in een maatschappelijk contact). De doelen vanuit de Toekomstvisie 2030 zijn in 2023 samen met de samenleving vertaald naar de Omgevingsvisie. Naast de ambities voor de ruimtelijke leefomgeving beschrijft de Omgevingsvisie ook onze collectieve identiteit als circulaire gemeente, waar we trots op zijn. De Omgevingsvisie is na vaststelling door de raad, een open uitnodiging om samen te werken aan Sittard-Geleen. We betrekken iedereen bij onze plannen, en we nodigen iedereen ook uit om met plannen te komen, die bijdragen aan onze ambities. Zo maken we in Sittard-Geleen samen stad en dorp. In veel gevallen werken we al ‘van buiten naar binnen’ en is betrokkenheid van de samenleving bij de opgaven reeds gemeengoed. Met de Omgevingsvisie zetten we de leefomgeving van onze inwoners meer centraal. Onze inzet vertrekt vanuit de opgave, de vraag in de samenleving.
Vanuit de Toekomstvisie 2030 werken we al enkele jaren met een gebiedsgerichte aanpak in de zogenoemde Ontwikkelpaden, waarbinnen onze rol veelal participerend en netwerkend is. Vanuit de Omgevingsvisie intensiveren we deze aanpak. We nodigen wijken en dorpen uit om te werken aan hun eigen plannen voor hun omgeving. Wij faciliteren dit proces en kijken hoe we hier vanuit onze programma’s aan bij kunnen dragen. We sluiten in eerste instantie aan bij: • Ontwikkelpad Sittard West. • Ontwikkelpad Sittard Centrum (met hierin ook stationsomgeving). • Ontwikkelpad Geleen Centrum. • Ontwikkelpad Geleen Zuid. • Dorpenvisie Einighausen-Guttecoven. • Uitvoeringsagenda Strategische gebiedsvisie omgeving Chemelot. Met stadsmarketing willen wij de identiteit van Sittard-Geleen uitdragen. Stadsmarketing draagt bij aan het creëren van meer trots en verbinding onder de inwoners en draagt bij aan het aantrekken en behouden van talent. In 2024 was stadsmarketing een speerpunt in onze begroting en vond de uitwerking plaats van strategische- en jaarplannen, governance en juridische structuren, regievorming en visuele beeldtaal. Hier zijn partijen uit de Sittard-Geleen opnieuw bij betrokken. Samenwerking met andere programma’s is essentieel om
46
de stadsmarketingaanpak te laten slagen en het onderdeel te laten worden van het weefsel van gemeente en samenleving. De uitrol moet in 2024 breed gedragen gaan worden tussen uitvoering, beleid, gedrag, dienstverlening en externe partners. In 2025 kan bij positieve besluitvorming worden gestart met
uitvoering. 2023 Jaarrekening Bedrag x1.000 Baten Lasten Onttrekkingen Toevoegingen Totaal
2024 Actuele begroting
2025 Begroting voor bijstelling
2025 2025 2026 Bijstelling Begroting na Begroting bijstelling
2027 Begroting
2028 Begroting
272
123
123
-
123
123
123
123
-4.231
-4.280
-4.258
-193
-4.450
-4.529
-4.529
-4.522
233
-
-
-
-
-
-
-
-237
-32
-32
-
-32
-32
-32
-32
-3.963
-4.188
-4.166
-193
-4.359
-4.438
-4.437
-4.430
2025 Bijstelling Begroting
2026 Bijstelling Begroting
2027 Bijstelling Begroting
2028 Bijstelling Begroting
Bijdrage (GGU) VNG In 2018 zijn gemeenten gestart met de Gezamenlijke Gemeentelijke Uitvoering (GGU) waarbij er grote maatschappelijke en organisatorische opgaven gezamenlijk worden aangepakt. Dit wordt gefinancierd middels een bijdrage (per inwoner) vanuit de gemeenten richting de VNG. De bijdrage was in 2024 € 3,79 per inwoner en is gestegen in 2025 naar € 4,574. De stijging is enerzijds het gevolg van jaarlijkse indexatie (4,2%), meer structurele diensten op het gebied van lokale agenda bestaanszekerheid, asiel en migratie, versterking gezamenlijke wetgevingsfunctie en transitieprogramma Common Ground conform de VNG Kadernota 2025-2028. Impact voor Sittard-Geleen bedraagt € 75.000 per jaar welke gedekt wordt uit algemene middelen (€ 60.000) en stelpost inflatie (€ 15.000). Daarnaast wordt ook de contributie aan het VNG geïndexeerd en gedekt vanuit de stelpost inflatie € 8.000. CAO 24-25 RIJK Betreft administratieve aanpassing waarbij de salarissen van B&W geactualiseerd worden naar aanleiding van de nieuwe CAO Rijk 2024-2025 ten laste van de stelpost inflatie.
-83
-83
-83
-83
-87
-87
-87
-87
Doorbelasting capaciteit personeel Resultaat als gevolg van nieuwe capaciteitstoerekening
-23
-23
-23
-23
Totaal
-193
-193
-193
-193
Toelichting
47
Programmabegroting 2025-2028
Bestuurlijke samenwerking Ook in 2025 zullen we ons ambtelijk en bestuurlijk inzetten om onze gemeente strategisch te positioneren in formele netwerken zoals G40 en VNG. Daarnaast blijven we inzetten op informele netwerken door geregeld een rol te pakken bij netwerkbijeenkomsten in onze (EU)regio en daarbuiten. Springplank hiervoor zijn onder andere de G40 netwerkdagen die in september 2024 in Sittard-Geleen plaatsvinden. We willen van dit moment gebruik maken om onze zichtbaarheid in Den Haag te vergroten door geregeld bij netwerkbijeenkomsten en op ministeries in Den Haag aanwezig te zijn. Door extra aandacht te blijven geven aan public affairs en fondsenwerving positioneren we onze stad strategisch en beïnvloeden we beleidsmakers. Daarnaast zetten we in op het werven van extra financiële middelen. Zo zullen we pro-actiever onze positie versterken bij het Rijk door actiever betrokken te zijn bij overlegstructuren waar financiële middelen aan verbonden zijn zoals het MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport) en actief werven van fondsen zoals VHF (Volkshuisvestingsfonds). Door met specifiekere public affairs thema´s aan de slag te gaan proberen we onze impact te vergroten. Ook in de EU-regio zullen we ons blijven inzetten op het gebied van public affairs.
Zo organiseren we in 2025 de Grenslandconferentie waarin verschillende bestuurders en beleidsmakers onze gemeente zullen bezoeken. Daarnaast zoeken we actief de samenwerking op met public affairs adviseurs van andere grote steden en de provincie Limburg om ook onze (EU)regio en provincie strategischer te positioneren bij stakeholders. Tien Zuid-Limburgse gemeenten sloten in november 2023 met het Rijk de Regio Deal Zuid-Limburg. Daarmee is een budget van 40 miljoen euro (inclusief cofinanciering) vrijgekomen om onze Zuid-Limburgse regio te versterken. Sittard-Geleen vervult een actieve rol in de uitvoering van deze deal. Een aanzienlijk deel van de Rijksbijdrage is geland in Sittard-Geleen en de Westelijke Mijnstreek. Zo is Rijksfinanciering onder andere toegekend aan Glanerbrook en het Burgemeester Damenpark, de Circulaire werkplaats in Geleen, Corio Glana, Circular Mile, de haven van Stein en het grondstoffenprogramma op Chemelot Circulair. Hiermee is een bedrag van circa 9 miljoen euro binnengehaald. De regiodeal geeft niet alleen perspectief voor de projecten die financiering krijgen. We werken via de Regiodeal ook aan het versterken van het netwerk met de betrokken ministeries. Daarmee blijven we zoeken naar nieuwe kansen en mogelijkheden om de opgaven van onze gemeente en regio onder de aandacht te brengen van het Rijk.
Via het Regiodeal netwerk werken wij momenteel samen met de Regio Parkstad Limburg en de Provincie Limburg aan de uitwerking van Elke regio telt. Ook wordt ingezet op het binnenhalen van nieuwe rijksmiddelen uit de zesde tranche van de Regiodeals.
2023 Jaarrekening Bedrag x1.000 Baten Lasten Onttrekkingen Toevoegingen Totaal
2024 Actuele begroting
2025 Begroting voor bijstelling
2025 2025 2026 Bijstelling Begroting na Begroting bijstelling
2027 Begroting
2028 Begroting
-
-
-
-
-
-
-
-
-177
-617
-167
-187
-354
-354
-354
-354
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-177
-617