Bijlage 1 Programmabegroting 2023
Tekst van het document
Omdat op basis van beeld uit de meicirculaire 2022 voor 2027 en volgende jaren het financieel beeld van 2026 niet wezenlijk wijzigt, zijn wij van mening dat het incidenteel oplossen van het tekort in 2026 niet effectief is. Hetgeen door onze provinciale toezichthouder wordt onderschreven. Incidentele overschotten in de jaarschijven 2024 en 2025 Wij stellen voor de voordelige saldi in de jaarschijven 2024 en 2025, in afwachting van de eerder gememoreerde uitkomsten uit de septembercirculaire 2022 en contourennota nu niet aan te wenden. Wij gaan ervan uit dat in het traject van de kadernota 2023, mede op basis van genoemde publicaties, inzicht is de structurele financiële mogelijkheden. Op basis van de structurele financiële ruimte enerzijds en de inventarisatie van nieuwe ambities, gebaseerd op het coalitieakkoord en uitvoeringsafspraken anderzijds, kan dan een integrale afweging plaatsvinden.
22
Weerstandsvermogen Voor een goed inzicht in onze financiële positie kijken we naast de ontwikkeling van het begrotingsbeeld naar onze financiële weerbaarheid. Hierbij gaat het over de mate waarin wij in staat zijn financiële risico’s op te vangen. Dit komt tot uitdrukking in ons weerstandsvermogen. Dit weerstandsvermogen geeft aan over hoeveel incidentele middelen we beschikken om risico’s en/of onvoorziene tegenvallers op te kunnen vangen, zonder dat de uitvoering van de begroting in het gedrang komt. In de kadernota weerstandsvermogen en risicobeheersing hebben wij de kaders voor de minimale omvang van ons weerstandsvermogen vastgelegd. Het gaat dan over de algemene reserve en de algemene reserve risicobeheersing. In onderstaande tabel hebben we de toepassing van deze kaders voor beide reserves inzichtelijk gemaakt Algemene reserve risicobeheersing In de algemene reserve risicobeheersing dekken wij ons risicoprofiel af. Dit doen we op basis van onderstaande spelregels uit de kadernota weerstandsvermogen en risicobeheersing. De dekkingsgraad weerstandsvermogen bedraagt 100% (1,0); In deze reserve vindt 100% risicoafdekking plaats. Het risicoprofiel is gebaseerd op het totaal van de gekwantificeerde risico’s en het restrisico. Het restrisico wordt gebaseerd op 1% van het begrotingstotaal; Overschotten/ tekorten in deze reserve verrekenen we met de algemene reserve.
Tabel opbouw algemene reserve risicobeheersing Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
Opbouw algemene reserve risicobeheersing Kwantificeerbare risico's
7.530
8.960
8.960
8.960
8.960
Genormeerd risicoprofiel - restrisico 1% van het begrotingstotaal
4.000
4.000
4.000
4.000
4.000
Totaal benodigd weerstandsvermogen
11.530
12.960
12.960
12.960
12.960
-100
-100
-100
-100
-100
Benodigd in algemene reserve risicobeheersing
11.430
12.860
12.860
12.860
12.860
weerstandscapaciteit na aanvulling
100%
100%
100%
100%
100%
Dekking post onvoorzien
Uit bovenstaande tabel blijkt dat wij ons gekwantificeerd risicoprofiel, inclusief een achtervang voor een restrisico van 1% van het begrotingstotaal 100% kunnen afdekken. Het saldo van de algemene reserve risicobeheersing loopt op van € 11,43 mln. in 2022 naar € 12,86 mln. met ingang van 2023. Voor een gedetailleerde toelichting op bovenstaande tabel verwijzen wij naar paragraaf 5.2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Algemene reserve In de kadernota weerstandsvermogen en risicobeheersing is de ondergrens van de algemene reserve bepaald op 2% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel geven wij inzicht in het verloop van de algemene reserve. Hierbij is nog geen rekening gehouden met de effecten van de besluitvorming over de begroting 2023. Tabel Opbouw algemene reserve Bedragen x € 1.000
31-12-2022
31-12-2023
31-12-2024
31-12-2025
31-12-2026
Opbouw algemene reserve Omvang algemene reserve
19.671
17.346
17.424
17.733
17.783
Bestemmingen
-8.081
-6.777
-6.857
-6.937
-7.017
Ondergrens (2% van het begrotingstotaal)
-8.000
-8.000
-8.000
-8.000
-8.000
Surplus in algemene reserve
3.590
2.569
2.567
2.796
2.766
23
Uit bovenstaande tabel blijkt dat het saldo van de algemene reserve in 2022 € 19,67 mln. bedraagt en met ingang van 2023 daalt naar afgerond circa € 18 mln. In deze saldi is rekening gehouden met de correctie van de stortingen in algemene reserve, zoals eerder in de hoofdstuk opgenomen in de tabel autonome ontwikkelingen. Aanvullend worden middelen gereserveerd voor een aantal specifieke bestemmingen. Onder andere voor het opvangen van nadelige coronagevolgen. Van de ontvangen steunpakketten is nog een bedrag van € 4,80 mln. beschikbaar. Na inzet voor een de specifieke bestemmingen en rekening houdend met de ondergrens van 2% resulteert het surplus in de algemene reserve. Dit surplus bedraagt € 3,6 mln. in 2022 en daalt dan naar circa € 2,6 mln. in 2023 en 2024 respectievelijk circa € 2,8 mln. in 2025 en 2026. Wij benadrukken dat het surplus een incidenteel karakter heeft. De toename van de algemene reserve en het surplus in het bijzonder draagt bij aan het versterken van onze financiële positie respectievelijk aan de ontwikkeling van onze financiële kengetallen. Vervangingsinvesteringen IBOR Eerdere besluitvorming Binnen het investeringsprogramma maken we onderscheid in vervangingsinvesteringen IBOR en investeringen in nieuw beleid. In hoofdstuk 3 gaan we nader in op de investeringen in nieuw beleid.
Op basis van de kadernota 2015 is voor IBOR vervangingsinvesteringen jaarlijks een bedrag van € 7,8 mln. beschikbaar. Vervolgens hebben we op basis van het integraal onderhoudsplan IBOR - vastgesteld in de raadsvergadering van 13 november 2019 – een investeringsbedrag van € 14,2 mln. beschikbaar om herstelmaatregelen op het gebied van met name verhardingen te realiseren. Dit investeringsbedrag is uitgesmeerd over de jaren 20202023. In de 3e rapportage 2020 is het budgettair kader voor deze investeringen verder aangevuld voor teerhoudend asfalt met € 1,6 mln. Dit bedrag is uitgesmeerd over de jaarschijven 2021 tot met 2023. In de begroting 2022 is het reguliere budget voor vervangingsinvesteringen met € 1,5 mln. opgehoogd. Begroting 2023 In dit hoofdstuk is bij de toelichting op de autonome ontwikkelingen/ beleidskeuzes onder andere ingegaan op de uitwerking van de beheerplannen Ibor. De confrontatie tussen de budgetten, benodigd op basis van de beheerplannen en de beschikbare budgetten binnen onze begroting, toont aan dat om de beheerplannen uit te kunnen voeren: Het investeringsvolume vanaf 2024 jaarlijks met € 1,5 mln. moet worden opgehoogd; Het investeringsvolume voor herstelmaatregelen in 2024 incidenteel moet worden opgehoogd met € 4,1 mln. In onderstaande tabel vatten wij het budgettair kader voor IBOR vervangingsinvesteringen samen.
Tabel – samenvatting vervangingsinvesteringen Ibor bedragen x € 1.000
2023
2024
2025
2026
totaal
IBOR - VERVANGINGSINVESTERINGEN Eerdere besluitvorming Vervangingsinvesteringen IBOR regulier
9.300
9.300
9.300
9.300
Herstelmaatregelen (integraal onderhoudsplan raad 13-11-2019)
3.600
3.600
Herstelmaatregelen teerhoudend asfalt (3de rapportage 2020)
500
500
Begroting 2023
-
Structurele verhoging vervangingsinvesteringen IBOR o.b.v. beheerplannen
3.300
Incidentele verhoging herstelmaatregelen
4.100
Totaal beschikbaar
37.200
investeringsvolume
voor 13.400
16.700
3.300
3.300
9.900 4.100
12.600
12.600
55.300
24
Zoals in bovenstaande tabel aangegeven bedragen de totale vervangingsinvesteringen voor IBOR in 2023 € 13,4 mln. Dit bedrag kent de volgende opbouw: De reguliere vervangingsinvesteringen van in totaal € 9,3 mln. op basis van het integraal beheerplan en daaruit afgeleide beheerplannen. Uitvoering van herstelmaatregelen in 2023 ad € 3,6 mln. op basis van het integraal onderhoudsplan en daaruit afgeleide beheerplannen. Uitvoering van herstelmaatregelen inzake teerhoudend asfalt in 2023 ad € 0,5 mln. Ombuigingen Passend binnen onze vastgestelde begrotingskaders ligt er een structureel en reëel sluitende begroting voor. Om de financiën duurzaam op de orde te krijgen en houden, moeten we uitvoering geven aan een aantal ombuigingen die in het verleden zijn vastgesteld. In onderstaande tabel presenteren wij de stand van zaken over de resterende ombuigingen. Tabel – openstaande ombuigingen bedragen x € 1.000 Sanering ombuigingsopgave OMBUIGING
2022
2023
2024
2025
2026
Realiseren: - Jeugd
800
800
- Areaal Chemelot (OZB) - Vermarkten ESCS-locatie, incl. zwembad Nieuwe Hateboer - Vastgoed
800
800
800
170
340
540
1.200
1.200
1.200
1.200
1.200
722
722
722
722
722
50
50
50
50
50
540
540
558
632
632
Niet realiseren: - Vergroten woningbouwprogramma - Verlaging rentepercentage investeringen nieuw beleid - Temporisering nieuw beleid - Onderuitputting oude kredieten 2002-2018
133
Totale ombuigingen, waarvan:
2.905
2.772
3.500
4.284
4.484
- Realiseerbaar
2.722
2.722
2.892
3.062
3.262
183
50
608
1.222
1.222
- Niet-realiseerbaar
Wij hebben bovenstaand pakket aan openstaande ombuigingen beoordeeld op hardheid, haalbaarheid en realiteitswaarde. Omdat een aantal ombuigingen niet is te realiseren, stellen wij voor deze ombuigingen af te boeken ten laste van het begrotingssaldo Om hiermee onze financiële stabiliteit zoveel mogelijk te waarborgen. Onderstaand gaan we nader op de ombuigingen in. Realiseerbaar Op het gebied van jeugd zijn al diverse maatregelen genomen die leiden tot lagere lasten. In de bijstellingen van de budgetten voor jeugd, zoals opgenomen onder de autonome ontwikkelingen, hebben wij hier rekening mee gehouden. De ombuiging areaal Chemelot gaat in per 2024 en is gekoppeld aan extra OZB als gevolg van verwachte areaaluitbreiding op Chemelot. Voor de invulling van de ESCS-locatie is mede op basis van een uitgebreid participatieproces een aantal denkrichtingen uitgewerkt. Daarnaast is in een opiniërende ronde over een aantal mogelijk te stellen randvoorwaarden gedebatteerd. Op basis hiervan wordt de besluitvorming over de invulling verder voorbereid. Naar verwachting wordt de begrote ombuiging van € 1,2 mln. in 2022 en 2023 nog niet gerealiseerd. Het risico op niet-realisatie is voor beide jaarschijven afgedekt in de algemene reserve risicobeheersing. Zie hiervoor tevens paragraaf 5.2 weerstandsvermogen en risicobeheersing. De ombuiging
25
vastgoed wordt jaarlijks ingevuld op basis van verkooptransacties op het gebied van vastgoed. Tot nu toe vindt deze invulling plaats op basis van incidentele verkoopopbrengsten. We gaan onderzoeken of en op welke wijze we deze ombuiging structureel kunnen invullen. Via de P&C-cyclus komen we hierop terug. Niet-realiseerbaar De ombuiging vergroten woningbouwprogramma betreft een restbedrag van een oude taakstelling. Wij stellen voor dit restant op te lossen ten laste van het begrotingssaldo. De overige niet-realiseerbare ombuigingen hebben betrekking op kapitaallasten. De invulling hiervan vindt jaarlijks plaats op basis van actuele renteontwikkelingen en ontwikkelingen met betrekking tot de voortgang van onze projecten en de gevolgen hiervan voor de afschrijvingen. Invulling van de ombuiging verlaging rentepercentage nieuw beleid is gezien de oplopende renteontwikkeling niet realiseerbaar. Bovendien geeft actuele regelgeving van provinciaal toezicht aan dat het ramen van onderuitputting kapitaallasten op begrotingsbasis niet meer is toegestaan. Hierop aansluitend stellen we voor deze ombuigingen af te boeken ten laste van het begrotingssaldo. Deze posten zijn als onderdeel van de autonome ontwikkelingen meegenomen bij de actualisatie van de begrotingssaldi Samenvatting financieel perspectief In deze paragraaf hebben wij het financieel perspectief geactualiseerd.
Om inzicht te krijgen in de betekenis van deze actualisatie voor onze financiële veerkracht kijken we naar de volgende onderwerpen: Ontwikkeling begrotingssaldi Borging structureel een reëel begrotingsevenwicht Omvang van de algemene reserve/ algemene reserve risicobeheersing Ruimte voor nieuw beleid/ borging continuïteit uitvoering bestaand beleid Ontwikkeling financiële kengetallen, zie paragraaf 5.2 weerstandsvermogen en risicobeheersing. In onderstaande tabel hebben wij de betekenis van de actualisatie van het begrotingsbeeld voor de ontwikkeling van onze begrotingssaldi en het structureel begrotingsevenwicht nog eens op een rij gezet.
2023
bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
STRUCTUREEL EVENWICHT Saldo baten en lasten, exclusief mutaties in reserves
-246
7.052
10.425
-6.593
Toevoeging en onttrekkingen aan reserves
129
-1.620
-1.801
-1.749
Begrotingssaldo voor bestemming Correctie incidentele posten
-118
5.431
8.623
-8.341
- incidentele baten
-9.964
-4.903
-3.358
-2.025
- incidentele lasten
10.170
5.449
3.487
1.955
208
5.978
8.753
-8.412
Structurele begrotingssaldi
Uit de actualisatie van begrotingssaldi blijkt dat in de jaarschijven 2023 t/m 2025 sprake is van sluitende jaarschijven. In 2023 realiseren we dit met de inzet van middelen uit de algemene reserve (voordelig jaarrekeningresultaat 2021) van € 0,12 mln. in 2023. In 2024 en 2025 zijn de begrotingssaldi € 5,43 mln. resp. € 8,62 mln. voordelig. Gevolgd door een tekort van € 8,34 mln. in het ravijnjaar 2026. Het structureel begrotingsevenwicht, randvoorwaardelijk om voor repressief begrotingstoezicht in aanmerking te komen, hebben we geborgd in de jaarschijven 2023 tot en met 2025. In ravijnjaar 2026 bedraagt het structureel tekort € 8,41 mln.
26
In onze algemene reserve risicobeheersing hebben we het geactualiseerd risicoprofiel, inclusief een restrisico van 1% van het begrotingstotaal volledig afgedekt. Het surplus in de algemene reserve bedraagt, rekening houdend met een ondergrens van 2% van het begrotingstotaal en een aantal specifieke bestemmingen, € 3,6 mln. in 2022 en daalt dan naar € 2,8 mln. met ingang van 2025. Onderdeel van de specifieke bestemmingen zijn de nog resterende coronamiddelen van € 4,8 mln. Voor de ruimte voor nieuw beleid verwijzen wij naar hoofdstuk 3 Investerings- en exploitatieprogramma 2022-2025. Wat betekent dit voor onze financiële veerkracht? Gezien de afdekking van het geactualiseerd risicoprofiel in de algemene reserve risicobeheersing en de buffer/ ondergrens in de algemene reserve van € 8 mln. lijkt dat we voldoende weerbaar zijn om onverwachte tegenvallers op te kunnen vangen. Door de incidentele begrotingsoverschotten in de jaarschijven 2024 en 2025, het incidenteel inzetbare surplus in de algemene reserve en de resterende coronamiddelen lijken we voldoende wendbaar om invulling te geven aan nieuwe ambities of steunmaatregelen voor verenigingen en instellingen. Wij zijn ons bewust van de urgentie om steun te bieden aan inwoners, ondernemingen, verenigingen en instellingen die nauwelijks bekomen van de coronacrisis, nu hard getroffen worden door de energiecrisis.
Toch past nu voorzichtigheid ten aanzien van de inzet van (incidentele) middelen. Met name door diverse onzekerheden, waarvan we de financiële gevolgen nu nog niet kunnen overzien. Denk aan de invloed van de steeds verder stijgende energietarieven op onze begroting en de begrotingen van gemeenschappelijke regelingen, de impact van de af te sluiten CAO op ons salarisgebouw, de nog te verwachten coronagevolgen nu de najaarsgolf is begonnen en het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames weer stijgt. De komende periode monitoren we deze ontwikkelingen nadrukkelijk. Voor zover mogelijk brengen we de financiële effecten van genoemde ontwikkelingen tezamen met effecten uit de septembercirculaire in de 4 de rapportage 2022 in beeld. Tegelijkertijd bereiden we voorstellen voor om met alternatieve inzet van (incidentele) middelen te anticiperen op de effecten van de diverse crises op bijvoorbeeld verenigingen en instellingen. We komen hier voor zover mogelijk in de 4de rapportage 2022 dan wel in de kadernota 2023 op terug. Besluitvorming Op basis van de uitwerking van dit hoofdstuk stellen wij de volgende beslispunten voor: -
Akkoord te gaan met de actualisatie van de begroting in de lopende jaarschijf 2022 door verwerking van de bijstellingen in de tabel autonome ontwikkelingen en de tabel (beleids)keuzes van de programmabegroting 2023.
-
Akkoord te gaan met de actualisatie van de begroting 2023 en meerjarenraming 2023-2026 door verwerking van de bijstellingen in de tabel autonome ontwikkelingen en de tabel (beleids)keuzes van de programmabegroting 2023.
-
Akkoord te gaan met het sluitend maken van de jaarschijf 2022 met inzet van € 905.000 uit de algemene reserve (voordelig jaarrekeningresultaat 2021).
-
Akkoord te gaan met het sluitend maken van de jaarschijf 2023 met inzet van € 118.000 uit de algemene reserve (voordelig jaarrekeningresultaat 2021).
-
Akkoord te gaan met het aanhouden van de voordelige saldi in de jaarschijven 2024 ad € 5,43 mln. en 2025 ad € 8,62 mln. respectievelijk het nadelig saldo in 2026 ad € 8,34 mln. in afwachting van de ontwikkeling van structurele financiële ruimte in de meerjarenraming.
-
Akkoord te gaan met het beschikbaar stellen van een krediet voor vervangingsinvesteringen Ibor in 2023 voor € 13,4 mln.
27
3. INVESTERINGS- EN EXPLOITATIEPROGRAMMA 2022-2026 Voortgang investeringsprogramma In onderstaande tabel geven wij inzicht in de voortgang van ons investeringsprogramma. Tabel – voortgang investeringsprogramma Reeds besloten bedragen x € 1.000
2021
2022
2023
2024
2025
datum
Totaal
Nog beschikbaar
bedrag
VOORTGANG INVESTERINGSPROGRAMMA OP BASIS VAN RAADSBESLUITVORMING Geoormerkte middelen IP 2021-2024 1. Gemeenschapsaccommodatie Odasingel 90
1.801
627
2.428
14-07-21
50
15-12-2021 13-07-2022
2.378
27-05-21
8.050
-
2. Huisvesting wijkbeheer
750
1.500
5.400
400
8.050
3. Landschapspark Oost en fietspad
100
100
100
100
400
400
1.000
1.000
pm
pm
4. Proeftuin Zeeheldenbuurt 5. Revitalisering Geleen Zuid
1.000 pm
pm
pm
pm
6. Stedelijke ontwikkeling beide centrum Sittard
3.100
3.100
22-04-21
3.100
7. Strategisch huisvestingsplan O&K functies: capaciteit
1.500
1.500
14-07-21
371
15-12-21
957
8. Strategisch huisvestingsplan O&K functies: renovatie 9. Transformatievisie Westelijke Mijnstreek
500
10. Verplaatsing ingang kasteelpark Born
275
12. Vrijetijdseconomie: Passantenhaven
1.500
4.500
500
500
500
2.000
15-12-21
1.000
1.000
275
14-07-21
275
-
50
13-07-22
50
31.360
16-12-20
31.360
130
24-02-22
130
6.560
82
48
13. Mobiliteit verbreding A2 (grondwal Baakhoven)
6.928
15.648
200 300
16. Gymnastiekvoorziening DaCapo College en Gymnastiekvereniging Swentibold 19. Algemene investeringsimpuls
pm
172
1.500
2.224
14. Herinrichting en normalisatieproces WWL Tudderenderweg 15. Gebiedsvisie omgeving Chemelot
-
1.500
50 11. Zwem- en schaatsvoorziening
-
200 300
pm
pm
4.500
pm
200
11-11-21
300
-
pm
pm
1.000
1.000
1.000
4.000
4.000
Bestuurlijk- ambtelijke huisvesting
31.100
2.000
24-06-21
2.000
-
31.100
15-12-21
31.100
-
10.578
8-07-20
10.578
Unilocatie Grevenbicht-Obbicht
10.578
Totaal geoormerkte middelen IP 2021-2024
26.210
10.885
15.628
18.148
17. Projecten in het kader van de Toekomstvisie
1.600
2.000
2.000
2.400
8.000
18. Projecten in het kader van het BAK
2.000
2.000
2.000
2.000
8.000
Totaal geoormerkte middelen Toekomstvisie (ontwikkelpaden)
3.600
4.000
4.000
4.400
-
10.000
10.000
29.810
14.885
19.628
22.548
41.100
127.971
31.100
22-04-21
101.971
93.699
8.272
Geoormerkte middelen Toekomstvisie (ontwikkelpaden) 8.000 22-04-21
16.000
2.000
6.000
2.000
14.000
Toevoeging investeringsruimte 2025 Begroting 2022 Totaal bedrag investeringsvoorstellen
15-12-21
5.000
5.000
100.699
27.272
Dit programma bestaat uit 3 onderdelen: Aanvullend op de besluitvorming over de Unilocatie Grevenbicht-Obbicht en bestuurlijk-ambtelijke huisvesting hebben wij in de begroting 2021 een meerjarig investeringsprogramma opgenomen van ruim € 75 mln. Dit onder andere met het doel invulling te geven aan accenten uit het coalitieakkoord en addendum van de vorige bestuursperiode. In de afgelopen 2 jaar zijn op basis van afzonderlijke raadsbesluiten diverse kredieten gevoteerd en projecten in uitvoering genomen. In totaal is voor een bedrag van € 93,7 mln. aan krediet gevoteerd. Voor enkele onderwerpen dient kredietvotering op basis van een raadsbesluit nog plaats te vinden. Dit betreft een bedrag van € 8,27 mln. In paragraaf 4.5 Programma Sport, cultuur en recreatie wordt voorgesteld het binnen het resterend investeringsbedrag van € 8,27 mln. geoormerkte bedrag voor de turnvoorziening gymnastiek-
28
vereniging Swentibold ad € 1,0 mln. daadwerkelijk beschikbaar te stellen. Voor een nadere toelichting op deze kredietvotering verwijzen wij u naar genoemde paragraaf 4.5. -
Op basis van besluitvorming over de kaderbrief 2021 is een investeringsbedrag van in totaal € 14 mln. geoormerkt voor de Toekomstvisie 2030/ ontwikkelpaden en het BAk, met de kanttekening dat middelen worden ingezet op basis van cofinanciering.
-
In de begroting 2022 hebben wij in de jaarschijf 2025 € 10 mln. investeringsruimte opgenomen. Hiervan is € 5 mln. ingezet op basis van het raadsbesluit4 over de bestuurlijk-ambtelijke huisvesting. De resterende middelen zijn geoormerkt voor de ontwikkeling van het landschapspark Burgemeester Damenpark5.
Beschikbaar budgettair kader In onderstaande tabel is het beschikbaar budgettair kader voor nieuw beleid weergegeven. Met andere woorden, deze middelen zijn gedekt binnen de begroting. Het bedrag van € 8,27 mln. voor geoormerkte projecten, zoals weergegeven in de tabel ‘voortgang investeringsprogramma’ is hier niet in meegenomen. Omdat deze middelen in afwachting van een afzonderlijk raadsbesluit zijn gekoppeld aan specifieke projecten. In het beschikbaar budgettair kader is het restant jaarrekeningresultaat 2021 ad € 1,4 mln. meegenomen. Begroting 2022
bedragen x €1.000
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
totaal
Beschikbare ruimte voor nieuw beleid Exploitatieruimte : - geoormerkte middelen Toekomstvisie (ontwikkelpaden) / BAk
500
500
1.000
1.900
500
2.400
5.600
4.000
4.400
14.000
5.600
4.000
4.400
- restant jaarrekeningresultaat 2021
1.400
Beschikbare exploitatieruimte Investeringsruimte: - geoormerkte middelen Toekomstvisie (ontwikkelpaden) / BAk
1.400
- toevoeging investeringsruimte (begroting 2022) Beschikbare investeringsruimte
500
500
500
14.500
Op basis van besluitvorming over de kaderbrief 2021 zijn zowel de exploitatie- als investeringsmiddelen geoormerkt voor de Toekomstvisie 2030/ ontwikkelpaden en het BAk, met de kanttekening dat middelen worden ingezet op basis van cofinanciering. Kadernota 2023 Inzet van middelen kan alleen aan de orde zijn voor zover het past binnen de beschikbare middelen zoals opgenomen in bovenstaande tabel. Dit betekent dat, mede op basis van het bijgesteld begrotingsbeeld met het tekort van € 8,34 mln. in het ravijnjaar 2026, we nu geen nieuwe structurele verplichtingen in de exploitatie kunnen aangaan. Dit is pas aan de orde in het proces van de kadernota 2023, welke in het voorjaar 2023 in besluitvorming wordt gebracht. Onderzoek naar financiële ruimte maakt nadrukkelijk onderdeel uit van dit proces. Dit gaan we langs een aantal lijnen doen: Vertaling van de financiële effecten uit de Contourennota; Uitvoering van het proces ‘nieuw voor oud’; Beoordeling van de uitvoerbaarheid van onze begroting (reële plannen); Beoordeling van de aannames en uitgangspunten in open einde regelingen en beoordeling van de ‘Sittard-Geleense maat’; 4
Raadbesluit 15 december 2021
5 Raadsbesluit 16 december 2021
29
Parallel hieraan gaan we het coalitieakkoord en uitvoeringsafspraken nader uitwerken in consequenties voor benodigde capaciteit en budgetten. Tevens gaan we voortbordurend op het gevolgde proces bij de Toekomstvisie met onze omgeving in gesprek om afstemmen of onze ambities ook gedeeld worden door bedrijven, instellingen en burgers. Op basis van de uitkomsten hiervan en de beschikbare ruimte in onze begroting kan vervolgens een integrale afweging plaats vinden over de inzet van middelen. Borging continuïteit uitvoering bestaand beleid Zoals hiervoor beschreven, vindt de integrale afweging over nieuw beleid in de kadernota plaats. Uitzondering geldt voor een aantal onderwerpen die niet tot de behandeling van de kadernota kunnen wachten. Het gaat dan over onderwerpen: waarvoor geen (structurele) financiële middelen in begroting 2023 zijn opgenomen; die we niet kunnen doorschuiven naar kadernota 2023, omdat er dan knelpunten in de continuïteit van de uitvoering kunnen ontstaan; waarvoor we in het komend half jaar ‘de trein’ rijdend moeten houden’; die daadwerkelijk uitvoerbaar zijn in de eerste helft van 2023 en consistent zijn met de Toekomstvisie 2030/ BAk.
Beschikbare incidentele middelen De dekking van deze incidentele overbrugging dient binnen onderstaande budgetten uit de jaarschijf 2023 plaats te vinden: Exploitatie: Geoormerkte middelen Toekomstvisie (ontwikkelpaden)/ BAk: € 0,5 mln. Restant jaarrekeningresultaat 2021: € 1,4 mln. Investeringen: Geoormerkte middelen Toekomstvisie (ontwikkelpaden)/ BAk: (investeringsruimte uit de jaarschijf 2022 en 2023)
€ 9,6 mln.
Uitgangspunten incidentele overbrugging Vooruitlopend hierop zijn urgente onderwerpen in beeld gebracht, waarvoor in de begroting 2023 geen (structurele) financiële middelen zijn opgenomen. De toekenning van structurele middelen voor deze onderwerpen maakt eveneens onderdeel uit van het proces van de kadernota. Voor het bepalen en onderbouwen van de urgentie zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1. Middelen worden ingezet voor onderwerpen, die zijn gebaseerd op besluitvorming over: a. de kaderbrief 2021, waarbij de ruimte voor nieuw beleid is geoormerkt voor de Toekomstvisie 2030, onder andere voor de ontwikkelpaden en het BAk; b. de samenwerkingsagenda Kwaliteit Limburgse Centra versnelling woningbouw 2. Inzicht in de activiteiten per ontwikkelpad die minimaal nodig zijn, zodat de raad in positie is om in 2023 keuzes te kunnen maken voor het ontwikkelpad in het debat over de Kadernota; 3. Inzicht in wat minimaal nodig/randvoorwaardelijk is om het ontwikkelpad overeind te houden en in de uitvoering betrouwbaar aanwezig te zijn in de samenleving conform het gedachtegoed van de Toekomstvisie 2030. 4. Borging van een betrouwbare gemeentelijke overheid Inventarisatie onderwerpen: Op basis van een interne analyse zijn wij van mening dat de continuïteit van onderstaande onderwerpen tot aan het debat over de kadernota moet worden geborgd.
Zonder inzet van extra middelen is dat niet mogelijk. -
30
Toekomstvisie/ ontwikkelpaden
-
Geleen Zuid Sittard-Centrum Stadslabs Geleen Centrum
BAk
-
Mobiliteit Landschap Capaciteit RO/ projecten/ KLC-agenda werkbudget ontwikkellocaties
Onderstaand lichten we de noodzaak om voor deze onderwerpen het komend half jaar ‘de trein rijdend’ te houden nader toe. Ontwikkelpad Geleen-Zuid Voor Geleen Zuid is enerzijds € 150.000 opgenomen voor de programmaorganisatie Geleen Zuid en anderzijds €4 mln. voor de (her)inrichting openbare ruimte. Beiden kunnen niet wachten tot besluitvorming voorjaar 2023. - Indien het budget voor de programmaorganisatie niet beschikbaar komt, stoppen de werkzaamheden van het programmabureau maar ook alle communicatie en moet de Zuydkamer worden gesloten. Het budget bestaat namelijk uit bijdragen huur en exploitatie Zuydkamer, een communicatiebudget voor de wijkcommunicatie en een bijdrage aan de programma- en communitymanager. Zonder budget zal dit allemaal per 1-1-2023 per direct stoppen. - Indien er geen duidelijkheid komt over de investeringsbijdrage van de gemeente aan de herinrichting van de openbare ruimte en de ontkluizing van de beek, kan hiermee geen start worden gemaakt in 2023 en komt ook de betrouwbaarheid van de gemeente onder druk te staan. Zowel het Waterschap als ZOWonen hebben investeringsbijdragen toegezegd en het is noodzakelijk dat ook de gemeente hierover uitsluitsel geeft. Ontwikkelpad Sittard- Centrum Het Ontwikkelpad Sittard Centrum kent twee essentiële lijnen: 1. Samen met de samenleving komen tot een gedeelde ambitie (relatie kadernota), 2.
De basis op orde (fundament voor het doorlopen proces gericht op een nieuwe gedeelde ambitie). De eerste lijn betreft onderzoek en interactie met de samenleving om participatief te komen tot de ambitie voor de binnenstad. Deze lijn is essentieel om te starten, omdat deze de basis vormt voor de start van het ontwikkelpad conform Toekomstvisie 2030. De tweede lijn betreft onderzoek en maatregelen in de binnenstad, die momenteel sterk door de samenleving gevoeld worden en het vertrouwen moeten geven in een nieuwe ambitietraject. Inzet op deze lijn ‘basis op orde’ is nodig om urgenties weg te pakken op openbare ruimte, veiligheid en beleving van de stad. Wij stellen voor hiervoor een exploitatiebedrag van € 0,15 mln. beschikbaar te stellen. Stadslabs Voor het verder uitbouwen van de Toekomstvisie 2030 en het uitvoeren van de ontwikkelpaden (m.n. Geleencentrum, Sittard-centrum en Circulaire Samenleving), is een “onafhankelijk platform” nodig die partijen bij elkaar brengt en initiatieven aanjaagt. De basisgedachte hierachter is cocreatie en participatie van partijen/organisaties/inwoners in de samenleving, inclusief de overheid. Afgelopen jaren heeft Stadslabs Sittard-Geleen hier al haar toegevoegde waarde bewezen in Geleen-centrum, Sittard-centrum en op het stimuleren van het thema circulariteit.
Stadslabs Sittard-Geleen heeft een subsidieaanvraag ingediend voor 2023 voor het simpelweg openhouden van de infrastructuur (locaties, organisatie, stadmakers) en het organiseren van activiteiten. Zonder deze financiële bijdrage van de gemeente Sittard-Geleen kan Stadslabs Sittard-Geleen in 2023 haar deuren niet openen, omdat er nog slechts zeer beperkt inkomsten van derden
31
worden binnengehaald (is een groeimodel voor komende jaren). Voorstel is om in elk geval in de begroting 2023 een financiële bijdrage van € 500.000 op te nemen (zodat de deuren gewoon weer open kunnen) met een focus op beide centra. Ontwikkelpad Geleen-Centrum Het belangrijkste is om de vicieuze cirkel in Geleen-centrum te doorbreken. De absolute basis is het langjarig, integraal en stevige wijze aanpakken van (gevoelde) onveiligheid, waarvoor een plan is opgesteld. Veiligheid is de absolute basis voor het überhaupt kunnen bouwen aan een nieuwe toekomst voor Geleen-centrum, hiermee kan meteen in 2023 worden begonnen en moet worden opgepakt om een verdere verslechtering van de veiligheid te voorkomen. Wij stellen voor om ter overbrugging tot aan het debat over de kadernota hier € 150.000 voor beschikbaar te stellen. Mobiliteit Om uitvoering te kunnen geven aan het uitvoeringsprogramma mobiliteit stellen wij voor een exploitatiebedrag van € 0,2 mln. respectievelijk een investeringskrediet van € 0,8 mln. beschikbaar te stellen. Deze bedragen worden ingezet voor onderstaande onderwerpen die niet kunnen wachten tot besluitvorming over de kadernota 2023.
- De in het uitvoeringsprogramma 2023 genoemde projecten die voortvloeien uit de gebiedsverkenning Westelijke Mijnstreek kunnen niet worden opgestart (vanwege het ontbreken van exploitatiemiddelen) of worden gerealiseerd (vanwege het ontbreken van investeringsmiddelen). - Exploitatiemiddelen zijn nodig vanwege het doen van onderzoek in fase 1-2 mobiliteitsprojecten en subsidie aan Zuid-Limburg bereikbaar. Anders zijn we genoodzaakt dit met ingang van 1 januari 2023 te stoppen. - Investeringsmiddelen zijn nodig om de projecten die nu in onderzoek zijn (o.a. het verbeteren van de N276 – Hoogveld – Heerlenerweg Middenweg en de Verloren van Themaatweg, beiden vloeien voort uit het BAk) verder te kunnen voorbereiden; - Mobiliteit staat hoog op de agenda van het Rijk en er zijn de komende tijd veel subsidiemogelijkheden vanuit het rijk en de provincie. Hier kunnen we niet op inspelen omdat er geen geld is voor cofinanciering. Landschap Wij stellen voor € 0,15 mln. aan exploitatiemiddelen beschikbaar te stellen voor onderstaande onderwerpen die niet kunnenwachten tot besluitvorming over de kadernota 2023. Als gevolg van het wegvallen van landelijke middelen hiervoor, is de subsidiebijdrage van € 70.000 voor 2023 opgenomen in de uitvoering agenda landschap (van totaal € 0,32 mln.).
Als hierover pas in het voorjaar kan worden besloten betekent dit dat per 1 januari 2023 alle activiteiten van het CNME stoppen en dat heeft grote consequenties, niet alleen m.b.t. de belangrijke activiteiten (op het vlak van natuureducatie en in het licht van de global goals en klimaatverandering) maar ook m.b.t. de mensen die dit uitvoeren en dan hun baan kunnen verliezen. - Daarnaast hebben we verwachtingen gewekt richting provincie en partijen inzake de natuurcompensatie VDL en de gebiedsontwikkeling Graetheide als belangrijke gebiedsontwikkeling voortvloeiend uit de door de raad vastgestelde Gebiedsvisie Chemelot. Hiervoor zijn procesmiddelen noodzakelijk. Wanneer er geen middelen beschikbaar zijn moeten we onze werkzaamheden hiervoor per 1 januari 2023 stopzetten. Capaciteit RO/ projecten/ KLC agenda - Werkbudget ontwikkellocaties We hebben de ambitie om beter in te spelen op de behoeften en opgaven van de samenleving. Daarom hebben we een veranderbeweging en organisatieontwikkeling in gang gezet. De ambities die een plek moeten krijgen in de fysieke leefomgeving, zowel sociaal-maatschappelijk als economisch zijn hoog en het aantal projecten neemt toe, mede als gevolg van autonome ontwikkelingen Daarnaast staat de uitvoeringskracht en – capaciteit binnen het fysiek domein onder druk en is op dit moment grotendeels ingevuld met tijdelijk
32
personeel en tijdelijk geld. De afgelopen jaren zijn er diverse besluiten genomen met een tijdelijke impact rondom projectmatig werken, de aanpak ontwikkellocaties en projectgebonden formatie. In het ontwikkelplan staan we een aanpak voor die uitgaat van overall-sturing, goedlopende werkprocessen en een kwalitatieve en kwantitatieve verbeterslag. De eenmalige voeding van de reserve ontwikkelprojecten met een bedrag van € 0,45 mln. kan niet wachten tot besluitvorming 2023. We hebben op dit moment immers geen meerjarige financiële strategie voor ontwikkelprojecten. Er is sprake van krapte op de arbeidsmarkt en een groot deel van de huidige projectformatie is tijdelijk of ingehuurd. Daarnaast is met de vaststelling van de KLC agenda een priortering van projecten vastgesteld. Zonder de inzet van genoemde middelen moeten we per 1 januari 2023 overgaan tot vergaande herprioritering, waarbij we ook een groot deel van de reeds in gang gezette projecten stop moeten zetten in verband met het beëindigen van tijdelijke contracten van projectmanagers. Daarnaast kunnen we ook geen nieuwe projecten meer oppakken, dit heeft ook gevolgen voor de uitvoering in de ontwikkelpaden. Samenvattend In onderstaand overzicht hebben we de middelen die nodig zijn om de continuïteit van de uitvoering van een aantal onderwerp uit bestaand beleid op een rij gezet. bedragen x € 1.000
2023 exploitatie
2023 investering
Benodigd voor borging continuïteit uitvoering bestaand beleid Ontwikkelpad Geleen- Zuid
150
4.000
Ontwikkelpad Sittard-Centrum
150
-
Ontwikkelpad Geleen-Centrum
150
BAk - Mobiliteit
200
BAk - Landschap
150
Stadslabs
500
Werkbudget ontwikkellocaties
125
Capaciteit ruimtelijke ontwikkeling - projecten
325
Totaal benodigd voor borging continuïteit uitvoering bestaand beleid
1.750
800
4.800
BESCHIKBARE DEKKINGSMIDDELEN Exploitatie nieuw beleid
500
Restant jaarrekening 2021
1.400
Investering ruimte nieuw beeleid Totaal beschikbare dekking Verschil beschikbaar - benodigd
9.600 1.900
9.600
150
4.800
Uit bovenstaande tabel blijkt dat de beschikbare exploitatie- en investeringsruimte toereikend is om de benodigde bedragen voor het borgen van de continuïteit van een aantal onderwerpen tot aan de besluitvorming over de kadernota 2023 te kunnen borgen. Het structureel beschikbaar stellen van middelen voor deze onderwerpen maakt onderdeel uit van de integrale afweging bij de kadernota 2023. De inzet van deze middelen voor de borging van de continuïteit van de uitvoering van genoemde onderwerpen verwerken wij in de 4de rapportage 2022.
33
Besluitvorming Op basis van de uitwerking van dit hoofdstuk stellen wij de volgende beslispunten voor:
-
In te stemmen met het in 2022 beschikbaar stellen van een extra investeringskrediet van € 0,1 mln. voor een nieuw cameratoezichtsysteem en de kapitaallasten te dekken binnen de bestaande begroting.
-
In te stemmen met het in 2023 beschikbaar stellen van een investeringskrediet van € 1,0 mln. voor de turnvoorziening van gymnastiekvereniging Swentibold en dit te dekken uit de hiervoor geoormerkte middelen binnen het investeringsprogramma 2021-2024.
-
In te stemmen met het oormerken van exploitatiemiddelen ad € 1,75 mln. respectievelijk investeringsmiddelen ad € 4,8 mln. om in 2023 de continuïteit van de uitvoering van de volgende onderwerpen te borgen: Onderwerp
Exploitatie
a
Ontwikkelpad Geleen-Zuid
€ 0,15 mln
b
Ontwikkelpad Sittard-Centrum
€ 0,15 mln
c
Ontwikkelpad Geleen-Centrum
€ 0,15 mln
d
Stadslabs
€ 0,50 mln
e
BAk- mobiliteit
€ 0,20 mln
f
BAk- landschap
€ 0,15 mln
g
Werkbudget ontwikkellocaties/
€ 0,33 mln
h
Capaciteit ruimtelijke ontwikkeling- projecten
€ 0,12 mln
Totaal
€ 1,75 mln
Investering € 4,00 mln
€ 0,80 mln
€ 4,80 mln
en dit in de 4de rapportage 2022 te verwerken en te dekken uit: Dekking i j k
Beschikbare exploitatieruimte voor nieuw beleid in de begroting 2023 Inzet algemene reserve (voordelig jaarrekeningresultaat 2021) Beschikbare investeringsruimte voor nieuw beleid in de begroting 2023 Totaal
Exploitatie
Investering
€ 0,50 mln € 1,25 mln € 4,80 mln € 1,75 mln
€ 4,80 mln
34
4. PROGRAMMAPLAN 2023-2026 4.1 INLEIDING Begrotingsstructuur In dit hoofdstuk wordt de begrotingsstructuur nader uitgewerkt in doelen en resultaten. Tevens wordt een relatie gelegd met het beschikbare budgettaire kader. De begrotingsstructuur kent de volgende opbouw: Programma
Taakvelden
nr. naam
nr.
naam
0. Bestuur en Ondersteuning
0.1 0.2 0.3 0.4 0.5 0.61 0.62 0.63 0.64 0.7
Bestuur Burgerzaken Beheer overige gebouwen en gronden Overhead Treasury OZB-woningen OZB-niet woningen Parkeerbelasting Belasting overig Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (Vpb) Mutatie reserves Resultaat van de rekening van baten en lasten
0.8 0.9 0.10 0.11 1. Veiligheid
1.1 1.2
Crisisbeheersing en brandweer Openbare orde en veiligheid
2. Verkeer, Vervoer en Waterstaat
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
Verkeer en vervoer Parkeren Recreatieve havens Economische havens en waterwegen Openbaar vervoer
3. Economie
3.1 3.2 3.3 3.4
Economische ontwikkeling Fysieke bedrijfsinfrastructuur Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen Economische promotie
4. Onderwijs
4.1 4.2 4.3
Openbaar (basis)onderwijs Onderwijshuisvesting Onderwijsbeleid en leerlingzaken
5. Sport, Cultuur en Recreatie
5.1 5.2 5.3
Sportbeleid en activering Sportaccommodaties Cultuurpresentatie, cultuurproductie cultuurparticipatie Musea Cultureel erfgoed Media
5.4 5.5 5.6
en
35
Programma
Taakvelden
nr. naam
nr.
naam
5.7
Openbaar groen en recreatie
6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6
Samenkracht en burgerparticipatie Wijkteams Inkomensregelingen Begeleide participatie Arbeidsparticipatie Maatwerkvoorzieningen (WMO)
Maatwerkdienstverlening 18+
6.71a 6.71b 6.71c 6.71d
Hulp bij het huishouden (WMO) Begeleiding (WMO) Dagbesteding (WMO) Overige maatwerkarrangementen (WMO)
Maatwerkdienstverlening 18-
6.72a 6.72b 6.72c 6.72d 6.73a 6.73b 6.73c 6.74a 6.74b 6.74c
Jeugdhulp begeleiding Jeugdhulp behandeling Jeugdhulp dagbesteding Jeugdhulp zonder verblijf overig Pleegzorg Gezinsgericht Jeugdhulp met verblijf overig Jeugdhulp behandeling GGZ zonder verblijf Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf Gesloten plaatsing
Geëscaleerde zorg 18 +
6.81a 6.81b
Beschermd wonen (WMO) Maatschappelijkeen vrouwenopvang (WMO)
Geëscaleerde zorg 18 -
6.82a 6.82b
Jeugdbescherming Jeugdreclassering
7. Volksgezondheid en Milieu
7.1 7.2 7.3 7.4 7.5
Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria
8. Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Stedelijke Vernieuwing
8.1 8.2 8.3
Ruimtelijke ordening Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) Wonen en bouwen
6. Sociaal Domein
De uitwerking vindt plaats langs de beantwoording op de volgende W-vragen: - Wat willen we bereiken? - Wat doen we om dit te bereiken? - Wie en/of wat hebben we nodig om dit te bereiken? - Wat mag het kosten? - Wie betaalt mee? - Wat gebeurt er als we het niet doen c.q. wat zijn de (financiële) risico’s?
36
Beleidsindicatoren In het gewijzigde BBV is aangegeven dat het voor gemeenten steeds belangrijker wordt om te kunnen sturen op basis van meetbare prestaties en hierbij vergelijkingen te kunnen maken met andere gemeenten. In dit verband is in het BBV een set van uniforme beleidsindicatoren voorgeschreven. De aan de indicatoren gekoppelde waardes zijn conform voorschrift ontleend aan www.waarstaatjegemeente.nl respectievelijk de gegevens uit de eigen begroting. De beleidsindicatoren zijn opgenomen bij de betreffende programma’s.
37
4.2 PROGRAMMA - 0 - BESTUUR EN ONDERSTEUNING
Alles wat we doen is voor de samenleving, We zijn één gemeente Gelijkwaardige samenwerking, die transparant is en waarin je elkaar kunt vertrouwen. Met een gemeente, die zich dienstbaar opstelt en waar nodig verantwoordelijkheid neemt. Die inwoners meeneemt, in de afwegingen en keuzes die gemaakt worden en duidelijk is over wat wel en niet kan en over haar rol.
De klantwaarde staat voorop! In ons acteren staat het realiseren van waarde voor onze inwoner, ondernemer en partner (de klant) voorop. Het realiseren hiervan is een samenspel tussen beleidsmatige keuzes, de participatie van onze omgeving en de wijze waarop we onze producten leveren en diensten uitvoeren en communiceren.
Het programma bestuur en ondersteuning geeft invulling aan institutionele veerkracht en ondersteund daarmee soms direct, soms indirect de andere veerkrachten uit de Toekomstvisie 2030. Wat willen we bereiken? Met dit programma willen we samenwerking met onze omgeving realiseren: in buurten, wijken, kernen, de gemeente, de regio en de Euregio; met inwoners, organisaties, bedrijven en overheden; die transparant is en waarin je elkaar kunt vertrouwen; op basis van gelijkwaardigheid; in het besturen van de gemeente (niet alleen vanuit het gemeentehuis, maar vanuit de gehele samenleving). Door verder te ontwikkelen naar een gemeente die “van buiten naar binnen werkt”: die actief naar “buiten” gaat; die aanspreekbaar is (raad, college en ambtelijke organisatie); die open staat voor vernieuwing, zich dienstbaar opstelt en waar nodig verantwoordelijkheid neemt; die inwoners meeneemt in de afwegingen en de keuzes, die worden gemaakt en duidelijk is over wat wel en niet kan en over haar rol; die voor iedereen bereikbaar, digitaal en fysiek toegankelijk is en communiceert op een begrijpelijke manier. met een ambtelijke organisatie, die meebeweegt met de veerkrachten van de stad. Alles wat we doen is voor de samenleving. We zijn één gemeente.
38
Wat doen we om dit te bereiken? Participatie We komen tot een gedeelde ambitie van participatie, verankerd in een participatieverordening . We gebruiken de opbrengst van de inwonerspeiling 2022 om de hierin door de inwoners aangegeven relevante thema’s verder met hen te verdiepen. Telefonische bereikbaarheid We implementeren een nieuwe telefonieoplossing, die onder andere tot doel heeft de telefonische bereikbaarheid van de totale organisatie (met name 2de lijns contact) te verbeteren. Transparantie We realiseren meer openheid over en transparantie van onze informatie door de implementatie van de wet open overheid. Wij wijzen een contactpersoon aan waar inwoners terecht kunnen met vragen over de beschikbaarheid van informatie. Contactkanalen We borgen dat de inwoner op de manier van zijn voorkeur contact met ons kan opnemen (telefonisch, balie, social media, internet) en verruimen de mogelijkheden om digitaal zaken met de gemeente te kunnen regelen. We blijven m.b.v. onze inclusiepartners investeren in toegankelijke informatie (communicatie op B1 niveau, toegankelijke website) en toegankelijke overheidsgebouwen. We onderzoeken de mogelijkheid voor een inwonersportal (persoonlijke internet pagina) waarmee de inwoner zelf de status van zijn aanvragen kan volgen. We blijven investeren in het klantgerichter en klantgedrevener inrichten van het (digitaal) aanvraagproces.
Dienstverleningscompetenties ambtelijke organisatie We ondersteunen de medewerkers in het doorontwikkelen van hun dienstverlenende competenties, door op organisatie, team en individueel niveau begeleiding en training te organiseren (begeleidingsprogramma doorontwikkeling dienstverlening). Sturen op kwaliteit van de dienstverlening Op basis van de visie op dienstverlening worden dienstverleningsindicatoren benoemd. (bereikbaarheid, doorlooptijden, klantervaringen, toegankelijkheid etc.). Vervolgens wordt een dienstverleningsdashboard gebouwd waarmee gestuurd kan worden op deze indicatoren. Lobby -
Er komt extra aandacht voor lobby en fondsen. Hier wordt actief op ingezet zodat de gemeente extra financiële middelen en landelijk een betere positie krijgt. Dit bereiken we door onder meer de gemeente actief in te bedden in netwerken zoals G40 en VNG, ook in de nieuwe bestuursperiode. De verwachting is dat de komende maanden vanuit onder meer het Rijk en de EU diverse fondsen ter beschikking komen om de economische transitie te ondersteunen en om de huizenmarkt vlot te trekken. De samenwerking met de Provincie Limburg en andere Zuid-Limburgse gemeenten wordt hier onder andere in het kader van de NOVI agenda/ Novex-gebied opgezocht. Het aantrekken van cofinanciering door het voeren van lobby en actieve fondsenwerving maken de gemeente SittardGeleen veerkrachtiger om zo de gemeentelijke uitdagingen, beschreven in de Toekomstvisie, efficiënter uit te voeren.
39
Euregio/ Internationalisering De uitdagingen van afgelopen jaar laten zien dat grensoverschrijdende samenwerking actueler is dan ooit. In de aanpak van zowel COVID-19 als de wateroverlast is samengewerkt met België en Duitsland, maar is ook pijnlijk duidelijk geworden hoezeer de crisisaanpak per land verschilt en daarmee het werken en leven beïnvloedt. Als gemeente met zowel grenzen aan de Belgische als Duitse zijde, is gemeente Sittard-Geleen zich bewust van het belang van doelgerichte en pragmatische grensoverschrijdende samenwerking. We willen daarom onze relaties en netwerken binnen de Euregio verder uitbreiden en versterken. Als stedelijke gemeente, centraal gelegen in de euregio, zet Sittard-Geleen zich in voor verdere versterking van ons (eu)regionale netwerk. Dit doen we door het onderhouden van reeds actieve contacten en ons netwerk aan weerszijden van de grens uit te breiden. We blijven actief deelnemen aan diverse overlegstructuren zoals MAHHL+, euregio Rhein-Maas-Nord en EGTS euregio Maas-Rijn. Deze blik over de grens is noodzakelijk om ambities op andere thema’s, zoals arbeidsmarkt en circulariteit en duurzaamheid te kunnen realiseren. Onze gemeente is zowel een industrieel centrum (Chemelot) als kruispunt door haar centrale ligging voor zowel de havens van Antwerpen/Rotterdam richting Duitsland en grote industriegebieden in België (Kempen met o.a.
Hasselt en Genk, Luik), het Ruhrgebied in Duitsland, en Brainport Eindhoven en Greenport Venlo in Nederland. Hierdoor creëren we kansen en worden we aantrekkelijker als regio. Als de grensoverschrijdende samenwerking toeneemt en we geen grensbelemmeringen zouden ervaren, stijgt Sittard-Geleen van plek 49 naar 23 als aantrekkelijke regio. Daarnaast is onze euregionale ligging doorslaggevend geweest in de toekenning van Zuid-Limburg als NOVI-gebied. Als gemeente willen inwoners, ondernemers en kennisinstellingen stimuleren om over de grens te kijken. We zetten ons via diverse netwerken in voor betere samenwerking aan de landsgrenzen op zowel lokaal, regionaal en nationaal niveau. Op nationaal niveau zet onze gemeente zich via de G40 en GROS in om meer aandacht te generen voor de bijzondere situatie in de grensregio’s. Daarnaast zijn er banden met de steden Genk en Hasselt, zijn we actief lid van het burgemeestersnetwerk MAHHL+. We zijn per 1.1.2022 lid van ERM Nord en via Provincie Limburg ook aangesloten bij EGTS Euregio Maas-Rijn. Daarnaast is Sittard-Geleen aangesloten bij Mayors for a drinkable Meuse. Deze organisatie verbindt alle gemeenten gelegen langs het stroomgebied van de Maas om te werken aan diverse duurzaamheidsdoelstellingen.
Wij willen de inwoners laten zien dat zij profiteren van grensoverschrijdende samenwerking, dat euregionale samenwerking bijdraagt aan de brede welvaart voor iedereen. Hierbij zien we twee opgaves: 1. Versterken van het Oost-West denken Nauwe banden met de bestuurlijke en ambtelijke evenknieën aan zowel de Belgische als Duitse kant. Goede betrekkingen met de buurlanden maken snel schakelen mogelijk wanneer kansen zich voordoen of in tijden van crisis. Een economisch gelijk speelveld is nodig om de transities waar Limburg voor staat mogelijk te maken, te ontwikkelen en door te voeren. Hiervoor is tevens (het behoud) van voldoende talent essentieel. Meer aandacht voor euregionale arbeidsmarkt Zeker in grensregio’s met een krimpende bevolking is het belangrijk dat jongeren die van school komen over de vaardigheden beschikken waar het (eu)regionale bedrijfsleven behoefte aan heeft. Kennis van de buurtalen is een eerste voorwaarde om tot een grensoverschrijdende arbeidsmarkt te komen. Aandacht voor de Duitse en Franse taal, in het bijzonder in het (V)MBO, is van essentieel belang voor grensoverschrijdend ondernemen en een verdere ontwikkeling van de arbeidsmarkten langs de landsgrenzen. Daarnaast moet de dienstverlening van GIP, SGA en Expatcentre geborgd worden voor de regio.
We willen draagvlak ontwikkelen bij burgers door samenwerking binnen het onderwijs, culturele sector, verenigingsleven en jongerenorganisaties.
40
2. Aantrekkingskracht van de Regio Dit valt onder een breder geheel en is onder andere ook terug te zien in de Toekomstvisie 2030, NOVI de ambities van Chemelot Circular Hub (inmiddels buisleidingen beslissing). Het zijn van een aantrekkelijke regio draagt bij inwonersgroei. Door ontgroening en vergrijzing is grote druk op het arbeidsaanbod. Dat is een risico voor het realiseren van onze ambities en het behoud van werkgelegenheid in onze regio. Agglomeratievorming versterkt de positie van Sittard-Geleen. Inzetten op branding & regioambassadeurs om gemeente meer op de kaart te zetten. Uitlichten unieke geografische punten (Grensmaas België, Westelijkste punt Duitsland etc.) o.m. ter benadrukking van toeristische mogelijkheden.
We willen dit aanpakken middels zowel top-down (vanuit bestuurlijke route) benadering als een bottom-up benadering (vanuit inwoners) door: Lidmaatschap Euregio Rhein-Maas-Nord Lidmaatschap burgemeestersnetwerk MAHHL+ Via MAHHL en provincie nauwe band met EGTS EMR Samenwerking met Euregio Maas-Rijn Incidentbestrijding en Crisisbeheersing (EMRIC) Lidmaatschap Mayors for a drinkable Meuse Inzichtelijk maken kansen en mogelijkheden aan weerszijden van de grens Versterken banden directe buurgemeenten door het verbeteren van persoonlijke contacten zowel bestuurlijk als ambtelijk met de Belgische en Duitse buurgemeenten, via terugkerende contactmomenten 1 á 2 maal per jaar. Stimuleren lokale initiatieven gericht op grensoverschrijdende samenwerking Benutten energie en kennis van regionale/lokale organisaties als Stichting Geen Grens. Peilingen In het voorjaar van 2022 hebben we de inwonerspeiling uitgevoerd. We gaan de resultaten gebruiken als input voor beleids- en organisatieontwikkeling en voor de doorontwikkeling van de dienstverlening. Mensen staan centraal in onze dienstverlening. We vinden het belangrijk om te weten hoe onze inwoners onze dienstverlening ervaren. Daarom voeren we klantervaringsonderzoeken uit. Met de ondernemerspeiling wordt de waardering van ondernemers gepeild m.b.t.
de diverse facetten die invloed hebben op het ondernemersklimaat, gebruikmakend van de ondernemerspeiling van de VNG. Resultaten hiervan zijn gepubliceerd op www.waarstaatjegemeente.nl. Ook jongeren adviesraad JONGK! peilt op de mening van jongeren over onder andere wonen, werken, school, veiligheid en vrije tijd. Deze uitkomsten nemen we mee bij het formuleren van nieuw beleid. Global Goals Via ambtelijke initiatieven worden de global goals verder ingebed in de bedrijfsvoering van de organisatie. Via aansluiting met de Toekomstvisie en het sturingsmechanisme van de organisatie, de directieplannen en teamplannen, worden de global goals een integraal onderdeel van de ambtelijke organisatie. Huisvesting De huisvesting van de gemeente is verouderd. De huidige gebouwen zijn technisch en functioneel afgeschreven. Door college en raad is in 2021 gekozen om de gebouwen te renoveren of af te stoten en niet meer te investeren in de huidige huisvesting. In 2021 is gestart met deze trajecten. De wereld staat niet stil en we worden geconfronteerd met geopolitieke aspecten. De naweeën van corona zijn nog niet verwerkt en we krijgen te maken met een oorlog in de Oekraïne met in het verlengende hiervan prijsstijgingen in het algemeen en van energie in het bijzonder. Ook de krapte op de arbeidsmarkt zorgt voor prijsstijgingen en heeft mogelijk
41
langere doorlooptijden tot gevolg. Ondertussen staat de wetgeving ook niet stil onder andere op het vlak van duurzaamheid wordt deze steeds stringenter. Op dit moment kennen wij vier soorten huisvestingsthema’s en daardoor ook vier projecten met elk een eigen tempo. 1. Representatieve functie gemeente d.m.v. realisatie Huis aan de Markt (herontwikkeling V&D-locatie) in Sittard 2. Bestuurlijke en ambtelijke huisvesting in Geleen 3. Huisvesting Vidar in Geleen 4. Huisvesting Wijkbeheer in Geleen Momenteel loopt de nieuwe aanbestedingsprocedure van Huis aan de Markt welke eind 2022 tot een gunning zal komen. Hierna kan in 2023 gestart worden met de verdere uitwerking. Het Huis aan de Markt wordt dé bestuurlijk representatieve ontmoetingsplek van de gemeente Sittard-Geleen waar bestuur(ders), ondernemers, medewerkers, inwoners en partners elkaar ontmoeten. Het is echter geen reguliere werklocatie voor bestuurders en ambtenaren van de gemeente. De locatie is gericht op het vervullen van onze rol als netwerkende en participerende gastvrije overheid. Het Huis aan de Markt wordt gepositioneerd op de markt op de locatie van de voormalige V&D. In 2023 vindt de aanbesteding voor bestuurlijk-ambtelijke huisvesting plaats. Wijkbeheer is al aanbesteed en in 2023 wordt het ontwerp afgerond waarna eind 2023 de bouw zal starten.
Wie en/of wat hebben we nodig om dit te bereiken? Vanuit onze dienstverleningsprincipes en onze rol van netwerkende en participerende overheid zijn we sterk gericht op samenwerking, klantwaarde voorop en (mentaal) eigenaarschap, en eigen initiatief in de samenleving. De toekomstambassadeurs en de stadsmakers spelen hierbij een duidelijke rol. De doelen uit dit programmablad vergen daarbij ook een gezamenlijke inspanning van bestuur, organisatie en omgeving. Verbonden Partijen Belastingsamenwerking gemeenten en waterschap NV Bank Nederlandse gemeenten Claim Staat Vennootschap (CSV) Amsterdam B.V. Enexis N.V. Publiek Belang Elektriciteitsproductie B.V. N.V. Waterleidingmaatschappij Limburg Voor verdere informatie met betrekking tot de verbonden partijen wordt verwezen naar de hierover afzonderlijk opgenomen paragraaf.
42
Wat mag het kosten? Overzicht gevraagde bijstelling exploitatiebudgetten Bedragen x € 1.000 Programma 0 BATEN gevraagde bijstelling begroting B1. Gemeentefonds Meicirculaire B2. Positionering Euregionaal Historisch Centrum B3. Verkoop panden B4. Kapitaallasten B5. Lokale Lasten OZB B6. Vervallen detachering RWM B7. Correctie stelpost Jeugd LASTEN gevraagde bijstelling begroting L1. Gemeentefonds Meicirculaire L2. Indexering Verbonden Partijen (stelpost inflatie) L3. Bijstellingen BsGW L4. Fietspad Middengebied L5. Kapitaallasten L6. Digitale dienstverlening L7. Verkiezingen L8. Sanering ombuigingsopgave L9. Bijstelling begroting ICT L10. Positionering Euregionaal Historisch Centrum L11. Capaciteit dekking projecten L12. Bijdrage GGU VNG L13. Gymnastiekvoorziening Swentibold L14. Indexering rechten, leges, belastingen L15. Wet Open Overheid L16. Wet Open Overheid L17. Indexatie prijsstijgingen investeringen L18. Vervallen detachering RWM L19. Correctie kopieerslag Huis aan de Markt L20. Bijstelling Raming HH L21. Vrijval middelen taakmutaties SD jeugd looncompensatie L22. Vrijval middelen taakmutaties SD voogdij 18+ L23. Vrijval middelen taakmutaties SD Extra middelen Rijk Mutatie reserves: Onttrekkingen gevraagde bijstelling begroting O1. Coronamiddelen O2. Correctie Algemene Reserve O3. Inzet POK-middelen Toevoegingen gevraagde bijstelling begroting T1.
Correctie Algemene Reserve Saldo Administratieve wijzigingen en kleine afwijkingen Saldo
Meerjarenraming AO/ BK/ AW/C
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
AO AO AO AO AO AO BK
24.395 22.791 -91 -6 1.779 -78 -
30.182 28.578 -91 -6 1.779 -78 -
31.437 29.833 -91 -6 1.779 -78 -
14.670 14.793 -91 -6 -2 1.779 -78 -1.725
AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO AO BK BK BK BK
-16.756 -18.941 287 -199 -114 -65 -70 -50 -176 -579 93 -71 -32 192 -192 -144 120 303 243 166 2.473
-17.097 -16.604 287 -27 120 -65 -18 -608 -176 -579 93 -71 20 -32 211 -211 -272 120 303 243 169 -
-17.901 -16.151 287 -27 -370 -65 -18 -1.222 -176 -579 93 -71 20 -32 230 -230 -428 120 303 243 172 -
-18.286 -16.300 287 -27 -6 -415 -65 -18 -1.222 -176 -579 93 -71 45 -32 230 -230 -788 120 145 303 243 177 -
-2.954 152 -3.506 400 5.869 5.869
-3.216 -3.216 4.292 4.292
-245 -245 1.933 1.933
-1.505 -1.505 3.193 3.193
279 10.834
441 14.602
440 15.663
440 -1.487
C AO BK AO AW
Toelichting gevraagde bijstelling exploitatie budgetten Autonome Ontwikkeling (= AO) B1./L1. Gemeentefonds meicirculaire De meicirculaire 2022 is op 1 juni 2022 verschenen. Het positief resultaat van de meicirculaire 2022 wordt voornamelijk bepaald door: - Het herverdeeleffect van het nieuwe verdeelmodel - Accresontwikkeling
43
-
Impuls woningbouw Opschalingskorting 2023-2025 BTW compensatiefonds
De circulaire bevat ook diverse compensaties (taakmutaties), die nodig zijn als dekking van noodzakelijke extra kosten. De omvangrijkste taakmutaties in de meicirculaire zijn: - De compensatie 2023 voor de tekorten in de jeugdzorg ad € 2,5 mln. - De toegezegde eenmalige compensatie voor de Energietoeslag. Het Rijk gaat uit van een energietoeslag van € 800 per huishouden. De vergoeding voor Sittard-Geleen bedraagt bijna € 5 mln. in 2022. - Uitvoeringskosten 2022 voor het klimaatakkoord ad € 0,5 mln. Het kabinet gaat maatregelen nemen om de zorgkosten bij gemeenten te verlagen. Het betreft een aanpassing van de eigen bijdrage voor de huishoudelijke hulp met ingang van 1 januari 2025. De korting op de algemene uitkering bedraagt gemiddeld € 0,6 mln. per jaar. Een andere korting heeft betrekking op de valpreventie bij ouderen. De korting op de algemene uitkering bedraagt m.i.v. 2023 gemiddeld € 0,1 mln. per jaar. Tenslotte staat in de circulaire een toelichting over de diverse rijksvergoedingen voor de opvang van gevluchte Oekraïners en vergoedingen die we in de september- en of decembercirculaire kunnen verwachten voor de inkomstenderving 2021 corona en de omgevingswet. De indicatie van de verwachte prijsstijgingen op basis van constante prijzen binnen de exploitatie zijn toegevoegd aan de centrale stelpost inflatie.
De indicatie van de verwachte prijsstijgingen op basis van lopende prijzen (cumulatief) binnen de exploitatie worden toegevoegd aan de stelpost inflatie binnen het Gemeentefonds. B2./L10. Positionering Euregionaal Historisch Centrum Conform besluit uit het collegevoorstel Positionering Euregionaal Historisch Centrum (EHC) worden 2 archiefmedewerkers die wettelijke taken uitvoeren bij De Domijnen in gemeentelijke dienst genomen. Daarmee staan de 8 medewerkers die wettelijke archieftaken uitvoeren, conform nieuwe archiefwet, op de loonlijst van de gemeente. Het budget kostenplaats Team EHC wordt met deze begroting (en in 2022 vanaf 1 juli) structureel en resultaat neutraal ingeregeld door aframing van het budget van De Domijnen. B3. Verkoop panden Het verkoopresultaat van de op dit moment bekende verkooptransacties bedraagt in totaliteit € 1,2 mln. Het merendeel van deze panden is vorig jaar reeds gemeld in de 2 e programmarapportage. Door vertraging van het verkooptraject worden deze verkopen dit jaar pas geeffectueerd. Dit verkoopresultaat wordt, conform vigerend beleid, ten gunste van de bestemmingsreserve ‘incidentele dekking taakstellingen’ gebracht. Het exploitatieresultaat komt ten laste of gunste van de taakstelling ‘verkoop niet strategisch vastgoed’. Van de panden die in de 2e rapportage 2021 reeds gemeld zijn, is dit meerjarig al verwerkt in de taakstelling.