2 Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sittard-Geleen
Tekst van het document
Ruimtelijke ontwikkelingen die archeologische waarden aantasten is een negatieve baat. Dit risico geldt bijvoorbeeld voor de realisatie van de Brightlands Chemelot Campus, in een gebied met een lage, hoge en zeer hoge archeologische verwachting. De beleidskeuzes op het gebied van cultureel erfgoed dragen bij aan het verhogen van de vastgoedwaarde. Het verbeteren van de leefomgeving kan leiden tot waardestijging van onroerend goed. Het beter zichtbaar maken van erfgoed, bijvoorbeeld met stadswandelingen, is positief voor recreatie en toerisme. Dit kan namelijk leiden tot een toename van het aantallen bezoekers en daarmee bestedingen van toeristen. Bronnen van kengetallen om een batenanalyse voor deze batencategorieën uit te voeren zijn: TEEB Stadtool (2013)28
28
TEEB-stad - Klimaatadaptatie (klimaatadaptatienederland.nl)
45
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
5.5
Ruimtelijke kwaliteit
5.5.1
Ruimtelijke kwaliteit
Tabel 8: Beoordelingstabel Ruimtelijk kwaliteit.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
+/-
De centra Sittard en Geleen kennen belangrijke plekken om te behouden, maar de randen van de centra en de overgangsgebieden tussen stedelijk en landelijk gebied vragen om versterking van ruimtelijke kwaliteit vanwege barrièrewerking en slecht ontwikkelde randen.
Autonome ontwikkeling
+/-
Er zijn geen autonome ontwikkelingen bekend met effect op het behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit in Sittard-Geleen.
Doelbereik
In de ontwerp omgevingsvisie is aandacht voor het behoud van ruimtelijke kwaliteit bij ruimtelijke ontwikkelingen. De juiste plek voor een aantal ontwikkelingen dient nader uitgewerkt te worden en bepaalt de mate van behoud. Een aantal beleidskeuzes richt zich ook op versterking van ruimtelijke kwaliteit, waaronder het vergroenen van concrete locaties in de landschappelijke overgang tussen stedelijk gebied en buitengebied.
Uit de Foto van de Leefomgeving blijkt dat de gemeente op basis van de nota ruimtelijke kwaliteit (NRK) ruimtelijke identiteitsdragers en de kwaliteit van de bebouwde en onbebouwde omgeving borgt. In de Foto is weinig concrete, objectieve en gebiedsspecifieke informatie opgenomen over de ruimtelijke kwaliteit van de gemeente Sittard-Geleen. In het centrum van Sittard zijn het Marktplein, stadstuinen, schootsvelden, stadswallen en de Petruskerk belangrijke plekken om te behouden. In het centrum van Geleen wordt de Markt gezien als belangrijke plek. De beschermde gezichten zijn: Sittard centrum, Sanderbout, Leijenbroek, Sjpoarkolonie te Sittard en Oud-Geleen. Buiten de centra zorgen barrières zoals spoor-, weg-, en waterverbindingen en Chemelot voor een harde scheiding tussen stedelijk en landelijk gebied. De randen van de centra worden met name bepaald door infrastructuur en bebouwing van lagere kwaliteit. Er zijn geen ontwikkelingen bekend die relevant zijn voor het behoud en versterking van de ruimtelijke kwaliteit, specifiek aan de randen van de centra en het stedelijk gebied. Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 3 ‘cultuur en erfgoed voor iedereen’ en ambitie 8 ‘Groene wijken en dorpen’ van de ontwerp omgevingsvisie dragen bij aan het verbeteren van de staat van de leefomgeving ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit ten opzichte van de autonome ontwikkeling.
Met beleidskeuzes onder ambitie 3 wordt bij nieuwe ontwikkelingen aandacht te hebben voor bijzondere plekken, zoals monumenten, centra en beeldbepalende structuren en stadsentrees en door monumentenbiotopen aan te wijzen, in het bijzonder ‘vestingstad Sittard’. Ruimtelijke kwaliteit is verbonden met andere thema’s, zoals openbaar groen, landschap en cultureel erfgoed, en dient geborgd worden bij ruimtelijke ontwikkelingen, zoals woningbouw, mobiliteit en het creëren van ruimte voor economische activiteiten en duurzame energieopwekking. Daarom hebben ook beleidskeuzes onder ambitie 8 ‘Groene wijken en dorpen’ raakvlak met ruimtelijke kwaliteit. De gemeente zorgt voor vergroening van wijken en dorpen, meer en betere bomen in de bebouwde omgeving, en versterking van de landschappelijke overgang tussen stedelijk gebied en buitengebied, met name door vergroening. De gemeente wijst in haar ontwerp omgevingsvisie concrete locaties aan voor vergroening: de groene wig Sint Rosa, het gebied rondom het stadion, ESCS-locatie (omgeving Sportcentrumlaan Sittard), Landschapspark De Haese, het Geleenbeekdal aan de oostzijde van Geleen en de groene buffer tussen Lindenheuvel/Krawinkel en Chemelot. De gemeente spreekt in de ontwerp omgevingsvisie daarnaast vaak van het bepalen van de juiste locaties voor ontwikkelingen of activiteiten.
Woningbouw, mits goed ingepast, kan een impuls geven aan de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving. Ruimtelijke kwaliteit wordt op deze manier in de ontwerp omgevingsvisie impliciet aangegeven als indicator voor ‘juistheid’ van een locatie, maar kan concreter naar voren komen. Hierbij gaat het onder andere om: het juiste bedrijf op de juiste plaats toe te laten, de juiste woning op de juiste plek, zorg op de juiste plek, de juiste boom op de juiste plek, en ook met betrekking tot energie-infrastructuur ‘de juiste balans vinden tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving’.
46
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Ruimtelijke kwaliteit krijgt voldoende aandacht in de ontwerp omgevingsvisie en wordt beschouwd in het licht van ruimtelijke ontwikkelingen. Om concreet te bepalen of ruimtelijke kwaliteit behouden blijft en versterkt wordt met het voorgenomen beleid dient het concreter te zijn wat de juiste locaties zijn voor al deze ruimtelijke ontwikkelingen. Batenanalyse ruimtelijke kwaliteit De gemeente is voornemens de openbare ruimte te vergroenen. Dit komt de ruimtelijke kwaliteit in de gemeente ook ten goede en heeft meerdere maatschappelijke baten en daarmee raakvlakken met andere taakvelden. Hiermee draagt de ontwerp omgevingsvisie bij aan de verbetering van gezondheid, door vermeden zorgkosten en het voorkomen van arbeidsverlies, stijging van vastgoedwaarde, door het verbeteren van de leefomgeving, en het verbeteren van sociale veiligheid door toename van ontmoetingsplekken. Het vergroenen heeft ook een negatieve baat ten aanzien van sociale cohesie en veiligheid: het onveiligheidsgevoel kan toenemen bij te veel en te dichte begroeiing. Dit is echter sterk afhankelijk van het soort groen. Bomenlanen en wadi’s zijn bijvoorbeeld groen en overzichtelijk. Bronnen van kengetallen om een batenanalyse voor deze batencategorieën uit te voeren zijn: TEEB Stadtool (2013)29, Veiligheid in MKBA (2012)30
5.6
Wonen
5.6.1
Woningaanbod
Tabel 9: Beoordelingstabel woningaanbod.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
-
Er zijn niet genoeg woningen in Sittard-Geleen. Er is gebrek aan betaalbare huur- en koopwoningen en levensloopbestendige woningen. Daarnaast zijn veel woningen van lage kwaliteit. Het woningaanbod sluit niet volledig aan op de woningbehoefte.
Autonome ontwikkeling
-
Vanwege vergrijzing zullen nog meer levensloopbestendige woningen nodig zijn. Daarnaast zullen woningen van een lage kwaliteit mogelijk gesloopt moeten worden, waardoor het aanbod van betaalbare woningen afneemt. Dit is wel een kans voor woningtransformatie, waarbij beter op de behoefte aangesloten kan worden van bijvoorbeeld levensloopbestendige woningen.
Doelbereik
29 30
In de ontwerp omgevingsvisie is met name aandacht voor de kwalitatieve woonopgave, specifiek voor sociale huur en betaalbare huur en koop, levensloopbestendige woningen, en bijzondere doelgroepen. De gemeente heeft de ambitie om ruim 500 woningen boven op de Woondeal te realiseren, maar concrete plannen en locaties voor woningbouw zijn nog niet bekend. De gemeente is afhankelijk van ontwikkelaars en woningcorporaties om te bouwen naar behoefte. De woonladder is een goed instrument op locaties te sturen. Het slopen van woningen is voor verduurzaming en het levensloopbestendig maken van het woningaanbod, maar blijft een risico voor de betaalbaarheid van woningen. De ontwerp omgevingsvisie heeft dus aandacht voor de belangrijkste zaken qua woningbehoefte, maar het is niet zeker of daadwerkelijk aan de vraag voldaan zal worden.
TEEB-stad - Klimaatadaptatie (klimaatadaptatienederland.nl) RWS economie - veiligheid in MKBA
47
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Uit de Foto van de Leefomgeving blijkt dat de woningvoorraad van de gemeente Sittard-Geleen bestaat uit ruim 47.000 woningen. De woningvoorraad bestond in 2022 voor 60% uit koopwoningen, 28% uit sociale huurwoningen (volledig corporatiebezit) en 12% uit particuliere huurwoningen. Wat betreft kwalitatief aanbod kampt de gemeente ook met grote verschillen in kwaliteit en aanbod van woningen tussen de verschillende wijken en woonkernen. Deze zijn sterk te linken aan sociaaleconomische verschillen. Er is een duidelijke behoefte aan sociale huur in het reguliere grondgebonden en in levensloopbestendige woningen en een duidelijke schaarste aan woningen voor lage en middeninkomens in de huidige voorraad. Er wordt een overschot verwacht van niet levensloopbestendige appartementen. Het aantal inwoners van de gemeente Sittard-Geleen is circa 92.000, met ongeveer 2 inwoners per huishouden. 33% van het aantal inwoners in Sittard-Geleen is 60 jaar of ouder. Landelijk is dat 27%. Wat betreft verhuisbewegingen is vooral een positieve instroom van mensen tussen de 25 en 35 jaar. Er is een negatief saldo voor de categorie 15 tot 25 (studerende jongeren). Arbeidsmigranten, vluchtelingen en woonwagenbewoners zijn daarnaast aparte woningbehoeftige groepen. In lijn met landelijk beleid moet de voorraad in elke gemeente in 2030 ongeveer uit 30% sociale huur bestaan.
Bij nieuwe ontwikkelingen moet er gestreefd worden naar een mix van sociaal, betaalbaar en (middel)duur. Het aanbod en potentiële bouwlocaties (gemeentelijk en privaat) is in de huidige situatie groter dan de kwalitatieve en kwantitatieve woningvraag. Wat betreft de autonome woningbehoefte zet de trend van de huidige kwalitatieve behoefte lijn tot 2035 door. Op basis van informatie uit de Foto van de Leefomgeving zijn geen concrete woningbouwplannen bekend. In de Woondeal Limburg is afgesproken dat de gemeente tot 2030 minstens 1.845 woningen gebouwd worden in Sittard-Geleen. Daarnaast moet bij nieuwe ontwikkelingen geprobeerd worden om de volgende verdeling aan te houden: 1/3 sociaal, 1/3 betaalbaar (huur tot € 1.000,- per maand en koop tot € 355.000,-) en 1/3 overig. Het is onzeker of dit behaald gaat worden, omdat bouwen voor deze segment niet op elke locatie rendabel is. Na 2035 is de verwachting dat het aantal huishoudens gaat afnemen en er een algeheel overschot ontstaat. Er is met name een overschot aan nietlevensloopbestendige woningen en woningen van lage kwaliteit. De toenemende vergrijzing vereist namelijk dat het woningaanbod levensloopbestendiger en toegankelijker wordt om te voldoen aan de groeiende groep ouderen. De transitie naar duurzame warmte vereist dat woningen beter geïsoleerd zijn.
Dit is een kans voor woningtransformatie, waarbij beter op de behoefte aangesloten kan worden van bijvoorbeeld levensloopbestendige woningen. Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 4 ‘het goede wonen’ in de ontwerp omgevingsvisie verbeteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van woningaanbod ten opzichte van de autonome ontwikkeling. De beleidskeuzes richten zich zowel op kwantitatief als op kwalitatief woningaanbod. In Sittard-Geleen wordt gebouwd voor de lokale en regionale vraag. Ondanks bevolkingskrimp in de regio en vergrijzing ziet de gemeente de kans om nieuwe inwoners naar de stad trekken. De gemeente ziet voor zichzelf een faciliterende rol richting ontwikkelaars en woningcorporaties wat betreft woningbouw en maakt afspraken met corporaties over aantallen en locaties van woningen. De gemeente heeft boven op de Woondeal Limburg een aanvullende ambitie van 500 woningen. De schaarste van sociale huurwoningen wordt ook herkend en de gemeente bevestigd te willen voldoen aan de landelijke lijn van 30% sociale huur in 2030. Dat is 2% meer dan de huidige verdeling. Dit zijn circa 900 tot 1.000 sociale huurwoningen extra. De gemeente wil dit samen met woningcorporaties realiseren; alle huidige sociale huurwoningen zijn in corporatiebezit.
Het is niet bekend of inderdaad 50% van de afspraak in de Woondeal à 1.845 woningen sociale huur is of dat de aanvullende ambitie van 500 woningen hier mede invulling aan moet geven. Naast sociale huurwoningen dienen er ook meer betaalbare koop- en huurwoningen gerealiseerd te worden. De gemeente wil afspraken maken met ontwikkelaars over betaalbaarheid en levensloopbestendigheid van woningen. Er zijn geen concrete woningbouwplannen bekend. Locaties van woningbouw uit de woondeal en de aanvullende ambitie uit de ontwerp omgevingsvisie zijn daarom ook niet inzichtelijk. Wel heeft de gemeente een woonladder voor de woningbouwprogrammering met 1) stationsomgeving en centrum Sittard, 2) centrum Geleen, 3) de dorpen, 4) stedelijke woonwijken, en 5) buitengebied. Bouwen in het buitengebied is in principe niet mogelijk. Bouwen in de dorpen en stedelijke woonwijken is enkel voor de eigen behoefte van diens inwoners. Daadwerkelijke woningbouw voor de behoefte, ook van mensen buiten de gemeente, vindt plaats in de kernen van Sittard en Geleen, middels inbreiding, en het stationsgebied van Sittard. Het toepassen van een woonladder is een belangrijk instrument om te sturen op de locaties van woningbouw. Zoals beschreven bij de autonome ontwikkeling speelt vergrijzing ook sterk in Sittard-Geleen. Met name in de dorpen en wijken. Daar wil de gemeente echter geen grootschalige woningbouw.
De gemeente zet niet in op het bouwen van levensloopbestendige woningen, maar op een gevarieerd woon-zorgaanbod en goede spreiding van ‘zorg’aandachtgroepen. Er zijn geen concrete plannen bekend met betrekking tot uitbreiding van woon-zorg aanbod, zorgvoorzieningen of het levensloopbestendig maken van woningen. Het is niet bekend of woningen ook in dorpen en 48
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
wijken gesloopt of getransformeerd worden. Hoewel slopen een kans is om nieuwe, levensloopbestendige woningen te bouwen op de juiste locaties, is dit wel een risico voor betaalbaarheid van deze woningen. De te slopen woningen bevinden zich vaak in de lage prijsklasse. Nieuwe woningen, met name als deze gebouwd worden in het centrum van Sittard, zullen duurder zijn. Ten slotte wijdt de gemeente een specifieke beleidskeuze aan bijzondere doelgroepen: statushouders, ontheemden, woonwagenbewoners en verschillende zorgbehoevenden. Groei in de woningvraag vanuit deze groepen is met name in de sociale huursector. Huisvesting voor arbeidsmigranten en studenten worden ook specifiek benoemd. Voor studenten en kenniswerkers kijkt de gemeente naar realisatie van studio’s in het stationsgebied. Er zijn geen concrete plannen. Voor arbeidsmigranten wordt geen concrete locatie aangewezen. In de ontwerp omgevingsvisie geeft de gemeente aan een huisvestingsverordening op te stellen die hier richting aan moet geven. De ontwerp omgevingsvisie is daarom niet voldoende duidelijk met betrekking tot woningaanbod voor specifieke doelgroepen.
5.6.2
Leegstand woningen
Tabel 10: Beoordelingstabel leegstand woningen.
Beoordeling Huidige situatie
Autonome ontwikkeling
Doelbereik
Onderbouwing
+/-
Langdurige leegstand van woningen in Sittard-Geleen is circa 1%. Dit komt overeen met het gemiddelde in Limburg en ligt iets hoger dan landelijk gemiddeld.
-
Een kwalitatieve mismatch van de woningvoorraad en de toekomstige woningbehoefte leidt mogelijk tot meer leegstand. De gemeente verwacht sloop van een deel van de woningen van slechte kwaliteit. Onduidelijk of dit leegstaande woningen zijn. Het veranderen van functies voor leegstaande panden draagt bij aan het verminderen van het percentage leegstaande woningen. Sloop van woningen van een slechte kwaliteit draagt sterker bij, mits dit ook woningen zijn die langdurig leegstaan.
In 2022 stonden 590 woningen langdurig leeg stonden. Deze woningen stonden een jaar eerder ook leeg. Dit is circa 1% van de woningvoorraad. Dit komt overeen met het gemiddelde in Limburg, maar is iets hoger vergeleken met andere provincies31. Leegstand is met name in de stadscentra een probleem. Op termijn is er een overschot aan nietlevensloopbestendige woningen en woningen van lage kwaliteit. Mogelijk leidt dit tot aanvullende leegstand. Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 4 ‘het goede wonen’ in de ontwerp omgevingsvisie verbeteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van leegstand van woningen ten opzichte van de autonome ontwikkeling. In de ontwerp omgevingsvisie wordt meer aandacht geschonken aan leegstand van winkelpanden, met name in het centrum van Geleen, dan aan leegstand van woningen. Leegstaande panden kunnen mogelijk van functie wijzigen. Zo krijgen kunstenaars ruimte in leegstaande panden in de centra. Indien dit ook woningen zijn, draagt deze beleidskeuze bij aan een verminderd percentage leegstand van de woningvoorraad. Het slopen van leegstaande panden en bouwen van nieuwe woningen op deze plekken draagt sterker bij aan het verlagen van dit percentage. De gemeente verwacht dat woningcorporaties een deel van de woningen van slechte kwaliteit gaan slopen in de komende jaren.
Dit zijn vooral oude woningen die niet te verduurzamen zijn en niet-levensloopbestendig zijn. Het is aannemelijk, maar niet zeker, dat een deel van de huidige woningen die langdurig leegstaan gesloopt zullen worden. Als de kwalitatieve mismatch in woningvraag en -aanbod, zoals beschreven in paragraaf 5.6.1, niet opgelost wordt met het woningbouwprogramma bestaat het risico op toenemende leegstand. Door het slopen van nietlevensloopbestendige en niet te verduurzamen woningen wordt dit risico gemitigeerd. De bouw van nieuwe woningen heeft daarnaast mogelijk een aantrekkende werking van nieuwe bewoners, waardoor de aantrekkelijkheid van wonen in Sittard-Geleen toeneemt en leegstand vermindert.
31
Landelijke Monitor Leegstand (cbs.nl)
49
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
5.6.3
Duurzame woningvoorraad
Tabel 11: Beoordelingstabel Duurzame woningvoorraad.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
--
De helft van de woningvoorraad in Sittard-Geleen is niet goed geïsoleerd en heeft energielabel D t/m G. Meer dan 10% heeft energielabel F of G. Hiermee loopt de gemeente achter op het landelijk gemiddelde.
Autonome ontwikkeling
-
Woningcorporaties liggen op schema om woningen in hun beheer tot minimaal label C te isoleren. Het is niet bekend of particuliere woningen ook zullen verduurzamen.
Doelbereik
De sloop van kwalitatief slechte woningen, uitvoeringsplannen op wijkniveau en door afspraken te maken met woningcorporaties voor verdere verduurzaming van sociale huurwoningen dragen bij aan het verduurzamen van de woningvoorraad in Sittard-Geleen. Daarmee zal het gemiddeld energielabel hoger worden, maar er resteert een grote verduurzamingsopgave.
Uit de Foto van de Leefomgeving blijkt dat bijna de helft van de woningen in de gemeente op dit moment niet goed geïsoleerd (energielabel D t/m G) is, waarvan circa 40% rendabel te isoleren is. Sittard-Geleen loopt daarmee qua voorraad met een hoger energielabel (A t/m C) achter op het Nederlandse gemiddelde. Dit komt door een relatieve oude voorraad en groter aandeel in de labels F en G. Wat betreft autonome ontwikkeling liggen de woningbouwcorporaties op schema om alle woningen de komende jaren tot minimaal label C op te waarderen. Dat gebeurt via sloop (en deels vervangende nieuwbouw) en renovatie. Het is niet bekend hoe de particuliere woningvoorraad gaat verduurzamen. De transitie naar duurzame warmte draagt mogelijk bij aan het isoleren van deze woningen door huiseigenaren. Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 4 ‘het goede wonen’ in de ontwerp omgevingsvisie verbeteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van de duurzame woningvoorraad ten opzichte van de autonome ontwikkeling. Specifiek gericht op een duurzame en toekomstbestendige woningvoorraad maakt de gemeente met woningcorporaties afspraken over de aanpak van de niet-toekomstbestendige woningvoorraad, met aandacht voor energiearmoede.
De gemeente geeft aan individuele woningeigenaren te gaan stimuleren duurzame alternatieven voor aardgas te kiezen en kwetsbare groepen te ondersteunen, maar geeft niet concreet aan hoe dit te doen. De gemeente kijkt met name naar het Rijk voor de financiering. Op wijkniveau gaat de gemeente samenwerkingsverbanden en wijkuitvoeringsplannen opstellen om een warmte-infrastructuur en verzwaring van de elektriciteitsaansluitingen voor elektrische verwarming aan te leggen en om isolatieprogramma’s in vast te leggen. Het is niet duidelijk wanneer deze plannen opgesteld en uitgevoerd worden. In de ontwerp omgevingsvisie geeft de gemeente ook aan dat zij verwachten dat een deel van de woningen van slechte kwaliteit door woningcorporaties gesloopt zullen worden in de komende jaren. Dit zijn met name woningen die niet te verduurzamen zijn en niet levensloopbestendig zijn. Daarmee resteert waarschijnlijk nog een grote opgave. Circa 23.000 woningen zijn niet goed geïsoleerd, waarvan ongeveer 14.000 niet rendabel te isoleren is. Met de sloop van een deel van de kwalitatief slechte woningen en door afspraken te maken met woningcorporaties voor verdere verduurzaming van sociale huurwoningen zal het gemiddeld energielabel hoger worden, maar resteert een grote verduurzamingsopgave.
50
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Batenanalyse wonen De gemeente is voornemens woningcorporaties en private ontwikkelaars te stimuleren en faciliteren bij het bouwen van nieuwe woningen, het transformeren van bestaande woningen en het slopen van woningen. Dit heeft meerdere maatschappelijke baten en daarmee raakvlakken met andere taakvelden. Hiermee draagt de ontwerp omgevingsvisie bij aan het verhogen van de vastgoedwaarde van woningen in de centra van Sittard en Geleen, waar percentage leegstand van woningen het hoogst is. Het verbeteren van woningen, door te slopen en herbouwen, door te transformeren of te verduurzamen, heeft een positief effect op de vastgoedwaarde van deze woningen en omliggende woningen. Het effect op de waardestijging van onroerend goed kan groot zijn, maar is sterk context-afhankelijk en onzeker. Het verduurzamen van woningen draagt bij aan een vermeden uitstoot van CO2 . Bronnen van kengetallen om een batenanalyse voor deze batencategorieën uit te voeren zijn: MKBA Baten in de buurt32, Handboek Milieuprijzen (2023)33
5.7
Intermezzo: voorkomen van trillinghinder van spoorwegen bij nieuwbouw
De afgelopen jaren is er een toename geweest in zowel personen- als goederenvervoer per spoor. Tegelijkertijd wordt er door de toenemende vraag naar woningbouw en schaarse ruimte steeds vaker dicht bij het spoor gebouwd, zoals de gemeente Sittard-Geleen ook voornemens is. Het treinverkeer kan trillingen in de grond voortbrengen die hinder kunnen veroorzaken voor omwonenden. Een voorbeeld van hinder is slaapverstoring of, in extreme gevallen, schade aan gebouwen34. Omwonenden ervaren steeds vaker overlast door trillinghinder, zo blijkt uit de stijging van het aantal klachten over trillinghinder bij ProRail. Als gevolg is er meer aandacht gekomen voor dit probleem. Hoewel het niet wettelijk verplicht is om rekening te houden met trillinghinder, heeft het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat in 2019 wel de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen gepubliceerd35. Wanneer gebouwen eenmaal zijn gebouwd, kunnen maatregelen om trilling effecten en de resulterende overlast te verminderen moeilijk en duur zijn. Er wordt in de handreiking daarom geadviseerd om trillinghinder in omgevingsvisies te betrekken zodat er vroegtijdig rekening mee gehouden kan worden in de planvorming van nieuwbouw bij het spoor. Op deze manier kan overlast voor de nieuwe bewoners beperkt worden.
In hoofdstuk 3 van de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen (2019), paragraaf 3.3, is een stroomschema opgenomen die helpt bij de beslissing of trillinghinder relevant is om mee te nemen in de omgevingsvisie (zie Figuur 14).
32
MKBA Baten in de buurt :: Maatschappelijke kosten- en batenanalyse (mkba-informatie.nl) Handboek Milieuprijzen 2023 | Rapport | Rijksoverheid.nl 34 Brononderzoek naar trillingen op het spoor helpt overlast voorkomen (tno.nl) 35 Handreiking nieuwbouw en spoortrillingen 33
51
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Figuur 14: Stroomschema trillinghinder in omgevingsvisie uit de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen (2019).
In het stroomschema wordt onderscheid gemaakt in de afstand van nieuwbouw tot het spoor. Bij afstanden van minder dan 250 meter tussen nieuwbouw en het spoor, is het volgens de Handreiking relevant om trillinghinder op te nemen als aandachtspunt in de omgevingsvisie. Indien de afstand tussen de 100 en 250 meter betreft, is het volgens de Handreiking verstandig om te kijken of klachten, bodemopbouw en/of het treinbeeld (treintypen en -passages) aanleiding geven voor nader onderzoek. Indien de afstand tussen nieuwbouw en het spoor minder dan 100 meter betreft is het volgens de Handreiking verstandig om: • •
• •
52
De omgang met trillinghinder duidelijk in de gemeentelijke visie te benoemen. Een quick scan trillinghinder uit te voeren in het plangebied van de omgevingsvisie. Hierin wordt gekeken naar bodemgesteldheid en -opbouw, aanwezigheid en ligging van waterpartijen, treintypen en -passages, locaties van elektrische scheidings-las, wissels en overgangsconstructies van kunstwerken, voorziene locaties van bebouwing, type bebouwing en toekomstige wijzigingen aan het spoor. Stedenbouwkundige basisprincipes met betrekking tot nieuwbouw en trillingen op te nemen in de visie. Deze zijn uitgewerkt in paragraaf 10.8 van de Handreiking. Te overwegen om als bevoegd gezag extra ambities te stellen met betrekking tot trillinghinder door spoor.
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
5.8
Mobiliteit
5.8.1
Modal split
Tabel 12: Beoordelingstabel Modal split.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
-
Het aandeel verplaatsingen met de auto is veel groter dan met het OV of met de fiets. Dit geldt voor alle afstanden.
Autonome ontwikkeling
-
Er zijn geen autonome ontwikkelingen bekend die significant bijdragen aan een verandering van de modal split
Doelbereik
Het aanleggen van fietsroutes en -infrastructuur, het uitbreiden van het OV-netwerk en het toepassen van het STOMP-principe bij (her)inrichting van straten en buurten draagt bij aan een betere balans in de modal split.
De modal split van de gemeente Sittard-Geleen is ongeveer gelijk aan de modal split van Zuid-Limburg voor drie beschouwde afstanden: <7,5 km, 7,5-15 km, en >15km. Van het OV wordt nauwelijks gebruik gemaakt. Het autogebruik is hoog. Het aandeel van verplaatsingen met de fiets is minder dan 25%. Hiermee is dit aandeel, op de gemeenten Heerlen en Rotterdam na, het laagst van de 22 grootste agglomeraties van Nederland. Er zijn geen autonome ontwikkelingen bekend die significant bijdragen aan een verandering van de modal split. Vergrijzing leidt mogelijk tot een toename van autogebruik, maar dit ligt al hoog in Sittard-Geleen. Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 2 ‘gezond bewegen’ in de ontwerp omgevingsvisie verbeteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van de modal shift ten opzichte van de autonome ontwikkeling. Beleidskeuzes richten zich op lopen, fietsen en duurzame mobiliteit (OV en deelmobiliteit). Hiermee richt de gemeente zich op een modal shift van autogebruik naar deze gezondere en meer duurzame vormen van transport.
Beleidskeuzes zoals het verbinden van wijken en dorpen met werklocaties via fietsroutes, het voorzien van bushaltes met fietsenrekken, het bestaande OV-netwerk uit te breiden, en het behouden van goede treinverbindingen vanaf station Sittard richting Maastricht/Luik, Heerlen/Aachen en Eindhoven/Randstad dragen hier aan bij. De gemeente stelt het STOMP-principe centraal in mobiliteit en wil dit toepassen bij herinrichting van een straat of buurt. Dit is een voorkeursladder van 1) stappen (lopen), 2) trappen (fietsen), 3) OV, 4) mobiliteitsdiensten (deelmobiliteit) en als laatste 5) privéauto. Onderdeel hiervan is het aanleggen van nieuwe fietsroutes, mobiliteitshubs voor elektrische deelmobiliteit inrichten, en autoverkeer uit de wijken leiden. In de ontwerp omgevingsvisie wordt niet concreet aangegeven welke straten en buurten heringericht zullen worden. De ontwikkeling van nieuwe woningen in de centra en mogelijk in het stationsgebied zijn een kans voor het bereiken van een evenwichtigere modal split.
5.8.2
Autobereikbaarheid
Tabel 13: Beoordelingstabel Autobereikbaarheid.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
+
Sittard-Geleen is goed bereikbaar vanuit de rest van Nederland. Ook vanuit de gemeente is de gemiddelde afstand tot een hoofdverkeersader voor inwoners kort. Er zijn een aantal locaties met structurele congestie.
Autonome ontwikkeling
+/-
Er zijn een aantal ontwikkelkansen bekend voor de weginfrastructuur, maar concrete plannen voor ontwikkeling zijn niet bekend. Behalve de verbreding van de A2 tussen Het Vonderen en Kerensheide. De uitbreiding van Chemelot heeft echter een verkeersaantrekkende werking, zowel personen- als vrachtverkeer en leidt daarom mogelijk tot meer congestie. Er zijn geen plannen bekend die dit risico mitigeren.
53
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Beoordeling
Onderbouwing In de ontwerp omgevingsvisie zet de gemeente in op het ‘te gast maken’ van de auto in woonwijken door onder andere het toepassen van het STOMP-principe bij (her)inrichting. Autobereikbaarheid binnen SittardGeleen neemt hierdoor mogelijk af. Groei van Chemelot leidt mogelijk tot meer congestie en krijgt geen aandacht in de ontwerp omgevingsvisie.
Doelbereik
De gemeente Sittard-Geleen is goed bereikbaar met de auto vanuit andere delen van Nederland, via de A2, A76, N276 en N297. In Sittard-Geleen is de afstand voor inwoners tot een hoofdverkeersader gemiddeld 1,9 km. Daarmee is de rest van Nederland ook goed bereikbaar voor inwoners van de gemeente. In 2016 is gekeken naar de ICverhouding in de ochtend- en avondspits van het wegennet in Sittard-Geleen. Er is structurele congestie op de op de N276 ter hoogte van de VRI Hoogveld, de N294 ter hoogte van VRI Oude Postbaan en de VRI Rijksweg-Zuid aan de Kerenshofweg (I/C verhouding boven 0,8). En in mindere mate tussen de N294 en de VRI Gardenz, tussen de Westelijke Randweg en VRI Hellingstockstraat, en bij de VRI Heerlenerweg. Hoofdzakelijk bij de verkeersregelinstallaties is er dus sprake van congestie. De realisatie van de wegverbreding tussen de knooppunten Het Vonderen en Kerensheide is gestart en zal volgens planning tussen 2025 en 2027 opengesteld worden 36. Tot die periode kan hinder ervaren worden die leidt tot verminderde autobereikbaarheid. Na openstelling verbetert mogelijk de doorstroming. Er zijn een aantal ontwikkelkansen inzichtelijk gemaakt, met name gericht op het verbeteren van leefbaarheid en verkeersveiligheid. Het is niet bekend of er concrete plannen zijn. Een andere belangrijke autonome ontwikkeling is de voorziene groei van Chemelot.
Groei van werkgelegenheid en productie op Chemelot heeft een grote verkeersaantrekkende werking, zowel van personenauto’s als vrachtverkeer. Dit leidt mogelijk tot nieuwe en verdere congestie. Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 1 ‘we maken ruimte voor ontmoeten’ en ambitie 2 ‘gezond bewegen’ in de ontwerp omgevingsvisie verslechteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van autobereikbaarheid ten opzichte van de autonome ontwikkeling. Beleidskeuzes in ambitie 1 ‘we maken ruimte voor ontmoeten’ en 2 ‘gezond bewegen’ hebben invloed op de autobereikbaarheid van en naar, en met name binnen Sittard-Geleen. De gemeente zet in op een modal shift naar meer gebruik van OV, fietsen en wandelen. De gemeente wil autoverkeer uit de wijken krijgen door bij (her)inrichting meer aandacht voor fietsers en wandelaars te hebben met het toepassen van het STOMP-principe, waarbij de privéauto onderaan de prioritering staat, waar nodig parkeerplekken te centreren, en autoverkeer vanuit de wijken naar gebiedsontsluitingswegen te leiden. De beleidskeuzes blijven op ambitieniveau en behoeven concretere uitwerking. Het is ook niet bekend of deze ambities daadwerkelijk reistijd met de auto verlengen of tot meer congestie leiden. Er is geen verkeersmodel waarmee dit aangetoond kan worden.
De gemeente is voor regionale bereikbaarheid daarnaast afhankelijk van de provincie Limburg. In de ontwerp omgevingsvisie geeft de gemeente verder aan dat uitbreiding van Chemelot niet aan de orde is, buiten de uitbreiding van de Brightlands Chemelot Campus. Chemelot verwacht in haar strategische visie 2025 te groeien in werkgelegenheid. In de ontwerp omgevingsvisie wordt het risico op congestie niet beschreven. Met de Circular Mile wil de gemeente de Brightlands Campus en het centrum van Geleen verbinden. Mogelijk mitigeert dit deels het risico op congestie.
5.8.3
Openbaar vervoer
Tabel 14: Beoordelingstabel Openbaar vervoer.
Beoordeling Huidige situatie
36
+
Onderbouwing Sittard-Geleen is goed verbonden via de trein en kent een uitgebreid busnetwerk. De stations en bushaltes zijn voor het grootste deel van de inwoners goed bereikbaar. Station Sittard ontving in 2022 7.349 reizigers per dag. Dit is minder dan voor COVID. Het is niet bekend wat de cijfers anno 2024 zijn.
A2: wegverbreding Het Vonderen-Kerensheide (rijkswaterstaat.nl)
54
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Beoordeling Autonome ontwikkeling
+
Doelbereik
Onderbouwing Er zijn geen relevante trends en ontwikkelingen bekend. Door in te zetten op het makkelijker maken van voor- en natransport van OV wordt gebruik van het OV toegankelijker en neemt het aantal inwoners die gebruik maakt van OV toe.
Sittard-Geleen is goed verbonden via de trein met drie treinstations, waarvan één IC-station in Sittard. De stationsdichtheid in Zuid-Limburg is hoog. Gemiddeld wonen mensen op 3,1 km van een treinstation. In Sittard-Geleen wonen mensen nog dichterbij: 2,5 km. Het Nederlandse gemiddelde is 5,2 km. Station Sittard is de belangrijkste mobiliteitshub binnen de gemeente en ontving in 2022 7.349 treinreizigers per dag. Dit is minder dan voor COVID. Het is niet bekend wat de cijfers anno 2024 zijn. Er zijn twee belangrijke streekverbindingen in het busnetwerk en de dekking van bushaltes in Sittard-Geleen is voor het grootste deel van de gemeente goed. Alleen voor de buurten Hoogveld (is wel gelegen nabij een IC-station), Graetheide langs het Julianakanaal, bedrijventerreinen ten noorden van Holtum en delen van Munstergeleen is de dekking minder goed. In de jaarlijkse OV-klantenbarometer wordt het openbaar vervoer in Zuid-Limburg positief gewaardeerd door OV-reizigers (treinen 7,6; bus 8,0). Er zijn geen trends en ontwikkelingen bekend met betrekking tot het OV. Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 2 ‘gezond bewegen’ in de ontwerp omgevingsvisie verbeteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van openbaar vervoer ten opzichte van de autonome ontwikkeling.
Beleidskeuzes richten zich meer op een verplaatsing van vervoersbeweging vanuit de auto naar de fiets of wandelen en op het aansluiten van verschillende modaliteiten met elkaar door voor- en natransport van het openbaar vervoer makkelijker te maken, zoals de trein en deelmobiliteit of bushaltes en fietsen. Bijvoorbeeld door fietsenrekken bij bushaltes neer te zetten.
5.8.4
Fietsen en wandelen
Tabel 15: Beoordelingstabel Fietsen en wandelen.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
+/-
Gekeken naar objectieve factoren scoort de gemeente laag wat betreft de kwaliteit van fietsvoorzieningen. Uit enquêtes van de Fietsersbond blijkt dat inwoners de kwaliteit als Fietsstad overwegend positief beoordelen. Er is geen informatie met betrekking tot wandelen bekend.
Autonome ontwikkeling
+/-
Er zijn geen ontwikkelingen bekend die leiden tot een verminderde kwaliteit en beleving van fietsvoorzieningen. Mogelijk neemt het gebruik van deze voorzieningen toe door een toename in het gebruik van ebikes.
Doelbereik
Door in te zetten op het stimuleren van fietsen en wandelen met (recreatieve) fiets- en wandelroutes en het toepassen van het STOMPprincipe neemt de kwaliteit van fietsvoorzieningen toe. Inwoners waarderen de kwaliteit als Fietsstad al positief.
Uit de Foto van de Leefomgeving blijkt dat Sittard-Geleen in vergelijking met andere Nederlandse gemeenten onder gemiddeld scoort wat betreft kwaliteit van het fietsaanbod. Heel Zuid-Limburg scoort in verhouding met de rest van Nederland slecht. Met name objectieve factoren, zoals de omrijdfactor en veiligheid langs 50 km/u wegen scoren laag. Enquêtes van de Fietsersbond uit 2018, 2020 en 2022 laten echter zien dat inwoners zelf over de jaren heen stabiele en geen lage scores geven. De beleving van fietsen, onderhoud en kwaliteit van de infrastructuur en een logisch fietsnetwerk kregen in 2022 tussen de 3,3 en de 3,8 uit 5. Toename van het gebruik van e-bikes leidt mogelijk tot een toename van het gebruik van fietsvoorzieningen. In de Foto van de Leefomgeving is geen informatie over wandelroutes- en voorzieningen in de gemeente beschreven.
55
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Ontwerp omgevingsvisie: beleidskeuzes onder ambitie 1 ‘we maken ruimte voor ontmoeten’, ambitie 2 ‘gezond bewegen’ en ambitie 10 ‘Heuvelland en Maasvallei verbonden’ in de ontwerp omgevingsvisie verslechteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van fietsen en wandelen ten opzichte van de autonome ontwikkeling. De gemeente zet in op het beter verbinden van wijken en dorpen met werklocaties en de centra en stations van Sittard en Geleen via fietsroutes. Ook in de centra, wijken en dorpen wil de gemeente fietsbereikbaarheid vergroten door fietsroutes aan te wijzen en meer fietsenstallingen te realiseren. Het toepassen van het STOMP-principe prioriteert stappen (wandelen) en trappen (fietsen) in de (her)inrichting van de leefomgeving. Ook voor recreatief fietsen en wandelen in het buitengebied heeft de gemeente beleidskeuzes opgesteld in de ontwerp omgevingsvisie. Specifiek een oost-westverbinding via de Roode beek en het Limbrichterbos naar het Rivierpark Maasvallei en vanaf de Stadsregio Parkstad via het Geleenbeekdal naar het Graetheideplateau.
5.8.5
Verkeersveiligheid
Tabel 16: Beoordelingstabel Verkeersveiligheid.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
-
Er is geen informatie bekend over het aantal verkeersongevallen, maar er zijn concrete risicolocaties in beeld. Dit betreft een 18-tal wegen in Sittard-Geleen.
Autonome ontwikkeling
-
De risicolocaties blijven voor het grootste deel bestaan.
Doelbereik
Bij (her)inrichting van straten en buurten kan verkeersveiligheid verbeterd worden. Er wordt geen aandacht besteed aan concrete ongevallenlocaties. Door een toename van verkeersbewegingen van en naar Chemelot, onder andere op de Circulair Mile, neemt het risico op verkeersongevallen toe.
Er is geen informatie bekend over het aantal verkeerongevallen. Uit de Foto van de Leefomgeving blijkt dat er een aantal concrete risicolocaties bekend zijn (in 2021), waarin het verleden diverse ongevallen op hebben plaatsgevonden: • • •
50 km/u wegen voor fiets en e-bike, brom- en snorfiets en vanwege snelheid in het verkeer: Leyenbroekerweg, Provinciale weg Limbricht, Sittarderweg, Jos Klijnenlaan, Mauritslaan, Groenstraat, Bornerweg, Engelenkampstraat. 30 km/u wegen voor fiets en e-bike: Agricolastraat, Jubileumstraat, Broeksittarderweg, Beatrixlaan, Vermeerstraat. 30 km/u wegen voor ouderen vanwege snelheid in het verkeer: Lienaertsstraat, Dokter Nolenslaan (Geleen), Salmstraat, Peschstraat en de Kastanjelaan.
De Engelenkampstraat wordt in 2024/2025 heringericht volgens planning. Daarmee worden mogelijk risico’s voor verkeersveiligheid weggenomen. Mogelijk leidt de toename van e-bikes in het verkeer tot meer gevaarlijke situaties. Ook toename van verkeer vanwege de groei van Chemelot kan leiden tot meer ongevallen. Ontwerp omgevingsvisie: de ontwerp omgevingsvisie leidt niet tot een verandering de staat van de leefomgeving ten aanzien van verkeersveiligheid ten opzichte van de autonome ontwikkeling. Beleidskeuzes richten zich op het stimuleren van meer fietsen en wandelen. Daarbij wordt verkeersveiligheid als onderwerp genoemd. Zo wil de gemeente bij het (her)inrichten van een straat of buurt het makkelijker, comfortabeler en veiliger maken voor wandelaars en fietsen en wil de gemeente comfortabele en veilige fietsroutes aanleggen tussen wijken en dorpen en werklocaties en de centra en stations van Sittard en Geleen. Ook wil de gemeente schoolomgevingen veiliger inrichten om kinderen en ouders te stimuleren met de fiets of lopend naar school te komen. Het verminderen van autoverkeer in de woonwijken, zoals beschreven in paragraaf 5.8.2, draagt ook bij aan verkeersveiligheid. De beleidskeuzes zijn echter op een hoger ambitieniveau beschreven en richten zich met betrekking tot verkeersveiligheid niet tot de concrete ongevallenlocaties zoals hierboven beschreven. Voor de Circulair
56
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Mile geldt dat op deze locatie een toename van het aantal vrachtwagenbewegingen wordt verwacht. In combinatie met het stimuleren van fietsen op de Circulair Mile neemt het risico op verkeersongevallen ook toe.
5.8.6
Duurzame mobiliteit
Tabel 17: Beoordelingstabel Duurzame mobiliteit.
Beoordeling
-
In 2023 waren er 2.211 elektrische auto’s geregistreerd in de gemeente Sittard-Geleen. Dat betekent dat 11,06% van de auto’s in de gemeente elektrisch is. In 2023 beschikt de gemeente Sittard-Geleen over 419 (semi)publieke laadpunten. Dit zijn 4,5 laadpalen per 1.000 inwoners, dit is lager dan het landelijk gemiddelde.
+/-
De transitie naar duurzame mobiliteit leidt er in Sittard-Geleen toe leiden dat het aandeel elektrische/duurzame personenauto’s toeneemt. Daarmee neemt ook de noodzaak voor meer laadpalen/-punten toe. Er worden tot en met 2024 72 openbare laadpalen aangelegd in de gemeente.
Huidige situatie
Autonome ontwikkeling
Onderbouwing
Doelbereik
In de ontwerp omgevingsvisie wordt geen aandacht besteed aan duurzame personenauto’s en laadpalen/-punten. De staat van de leefomgeving blijft gelijk.
In 2023 waren er 2.211 elektrische auto’s geregistreerd in de gemeente Sittard-Geleen. Dat betekent dat 11,06% van de auto’s in de gemeente elektrisch is 37. In 2023 beschikt de gemeente Sittard-Geleen over 419 (semi)publieke laadpunten. Dit zijn 4,5 openbare laadpalen per 1.000 inwoners38. Dit is lager dan in de rest van Nederland, waar in 2023 gemiddeld 7,8 laadpalen per 1.000 inwoners beschikbaar waren. Zie Figuur 15 voor de dekking van laadpalen in de gemeente Sittard-Geleen.
37 Er zijn ongeveer 20.000 auto’s in de gemeente 38 Inwonersaantal oktober 2023 is 92.673
57
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Figuur 15: Laadpalennetwerk in de gemeente Sittard-Geleen. Bron: Nationale Agenda Laadinfrastructuur (juni 2024), Landelijk dekkend netwerk, geraadpleegd in augustus 2024.
Er worden tot en met 2024 72 openbare laadpalen aangelegd in de gemeente 39. De transitie naar duurzame mobiliteit zal er waarschijnlijk in Sittard-Geleen ook langzaam toe leiden dat het aandeel elektrische/duurzame personenauto’s toeneemt. Daarmee neemt ook de noodzaak voor meer laadpalen/-punten toe. Er zijn geen verdere plannen bekend om dit te realiseren. Over het algemeen is de verwachting dat het aandeel duurzame personenauto’s en laadpalen/punten in Nederland stijgt. Ontwerp omgevingsvisie: de ontwerp omgevingsvisie leidt niet tot een verandering de staat van de leefomgeving ten aanzien van duurzame mobiliteit ten opzichte van de autonome ontwikkeling. In de ontwerp omgevingsvisie besteed de gemeente weinig aandacht aan duurzame mobiliteit in de vorm van elektrische/duurzame personenauto’s. Laadpunten voor elektrische auto’s worden enkel genoemd als randvoorwaarde voor het slagen van de beleidskeuze ten aanzien van lokale distributiehubs. Netcongestie is daarnaast een probleem dat genoemd wordt in dit kader.
5.8.7
Deelmobiliteit
Tabel 18: Beoordelingstabel Deelmobiliteit.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
+/-
Er zijn recent een deelfietssysteem met 94 fietsen en 4 greenwheels deelauto’s geïntroduceerd in de gemeente. Het is niet bekend in hoeverre de introductie van deelauto’s heeft geleid tot een vermindering van privéauto’s.
Autonome ontwikkeling
+/-
Er zijn geen plannen bekend voor het uitbreiden van deelmobiliteitsopties.
39
Openbare laadpalen - Gemeente Sittard-Geleen
58
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Beoordeling Doelbereik
Onderbouwing In de ontwerp omgevingsvisie maakt de gemeente de beleidskeuzes om deelmobiliteitsopties in mobiliteitshubs op centrale plekken te realiseren. Het station Sittard wordt gezien als een centrale plek. Verdere locaties zijn niet bekend. Het is niet bekend welke deelmobiliteit en hoeveel voertuigen voorzien worden, maar het aantal deelauto’s en andere deelmobiliteitsopties neemt waarschijnlijk toe.
De gemeente Sittard-Geleen beschikt over een deelfietssysteem met 94 fietsen (circa 1 per 1000 inwoners) verdeeld over 12 locaties. Deze locaties bevinden zich dichtbij OV of een andere belangrijke bestemming. Per 100.000 inwoners waren er in 2022 4,4 greenwheels deelauto’s. Dat zijn dus 4 deelauto’s in de gehele gemeente. Er zijn circa 20.000 auto’s in Sittard-Geleen. Het is niet bekend in hoeverre de introductie van deelauto’s heeft geleid tot een vermindering van privéauto’s. Er zijn geen plannen bekend voor het uitbreiden van deelmobiliteitsopties. Ontwerp omgevingsvisie: Beleidskeuzes onder ambitie 2 ‘gezond bewegen’ in de ontwerp omgevingsvisie verbeteren naar verwachting de staat van de leefomgeving ten aanzien van deelmobiliteit ten opzichte van de autonome ontwikkeling. Specifiek de beleidskeuze om (elektrische) deelmobiliteit in zogenoemde mobiliteitshubs op centrale plekken in wijken en dorpen te stimuleren. In de ontwerp omgevingsvisie wordt deze beleidskeuze niet verder toegelicht. Het is niet bekend welk type deelmobiliteit gestimuleerd wordt, de aantallen vervoersmiddelen naar gestreefd wordt, en welke centrale plekken de mobiliteitshubs gerealiseerd zullen worden. Eén mobiliteitshub is waarschijnlijk het station Sittard.
De gemeente wil voor- en natransport van station Sittard verbeteren door deelmobiliteitsopties te plaatsen bij het station, zoals fietsen en scooters. Batenanalyse mobiliteit De gemeente is voornemens een modal shift van de auto als vervoersmiddel naar andere modaliteiten zoals het openbaar vervoer, de fiets of deelmobiliteit te stimuleren. Daarbij wil de gemeente de auto te gast te maken in de wijken en de verbinding tussen verschillende modaliteiten verbeteren. Onder andere door fietsenrekken bij bushaltes te plaatsen en op centrale plekken mobiliteitshubs te creëren. Deze beleidskeuzes hebben meerdere maatschappelijke baten en daarmee raakvlakken met andere taakvelden. Hiermee draagt de ontwerp omgevingsvisie bij aan een vermeden uitstoot van CO2 en minder luchtverontreiniging. Meer fietsen en wandelen is daarnaast positief voor gezondheid en draagt bij aan vermeden zorgkosten en voorkomen van arbeidsverlies. Wat betreft de batencategorie bereikbaarheid zijn er verschillen per modaliteit. Bereikbaarheid uit zich in verandering van reistijd en gewaardeerde tijd van werknemers. Voor automobilisten neemt de reistijd mogelijk toe, met name voor bestemmingen binnen de wijken. Voor fietsers neemt reistijd mogelijk af, met de oost-west verbinding. Er is geen verkeersmodel bekend.
Bronnen van kengetallen om een batenanalyse voor deze batencategorieën uit te voeren zijn: Handboek Milieuprijzen (2023)40, RWS kengetallen bereikbaarheid (2022) 41
40 41
Handboek Milieuprijzen 2023 | Rapport | Rijksoverheid.nl Kengetallen Bereikbaarheid | Kengetallen | RWSeconomie.nl
59
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
5.9
Maatschappelijke voorzieningen
5.9.1
Onderwijsvoorzieningen
Tabel 19: Beoordelingstabel Onderwijsvoorzieningen.
Beoordeling Huidige situatie
Autonome ontwikkeling
Onderbouwing
+/-
Er zijn 45 basisscholen en 8 middelbare scholen in Sittard-Geleen. Het is onduidelijk of de hoeveelheid onderwijsinstellingen en type onderwijsinstellingen bij de behoefte in de gemeente past.
-
Er is een grote verduurzamingsopgave. Veel schoolgebouwen dienen vernieuwd of verplaatst te worden.
Doelbereik
Er zijn geen beleidskeuzes gericht op het toevoegen of verwijderen van PO en VO scholen in Sittard-Geleen. Een deel van de gebouwen zal gesloopt moeten worden vanwege de verduurzamingsopgave.
In Sittard-Geleen zijn ongeveer 45 basisscholen en er gaan 5.775 leerlingen naar deze scholen42. In Sittard-Geleen wonen 13.915 jeugdigen onder de 18 jaar. Er dienen voldoende primair- en voorgezet onderwijsinstellingen te zijn. Deze dienen goed bereikbaar te zijn voor alle scholieren. De gemiddelde afstand tot een primaire basisschool in de gemeente is 0,7 km, dit is hetzelfde als in Limburg en de rest van Nederland43. Er zijn 8 middelbare scholen in de gemeente Sittard-Geleen, met in totaal 3.449 leerlingen44. De gemiddelde afstand tot het voortgezet onderwijs is korter dan in de rest van Nederland, namelijk op 2,3 km afstand (in Nederland is de gemiddelde afstand 2,5 km). Het is onduidelijk of de hoeveelheid onderwijsinstellingen en type onderwijsinstellingen bij de behoefte in de gemeente past. Over de kwaliteit van schoolgebouwen is bekend dat deze aangepast zijn naar de vereisten van het moderne onderwijs, maar dat er een grote verduurzamingsopgave is. Mogelijk liggen een aantal scholen ook niet op de juiste plek om deze scholen te ontwikkelen tot ontmoetingsplekken. Er zijn geen ingrijpende autonome ontwikkelingen bekend, zoals demografische trends, die invloed hebben op het benodigd aantal - en voorgezet onderwijsinstellingen.
Ontwerp omgevingsvisie: de ontwerp omgevingsvisie leidt niet tot een verandering de staat van de leefomgeving ten aanzien van het aantal onderwijsvoorzieningen ten opzichte van de autonome ontwikkeling. In de ontwerp omgevingsvisie van de gemeente Sittard-Geleen wordt het aantal en de kwaliteit van onderwijsvoorzieningen niet genoemd. Wel wordt de bestaande verduurzamingsopgave genoemd. Een groot deel van de scholen vraagt vernieuwing of verplaatsing. Het is niet bekend welke en welk type scholen dit zijn. Het is ook niet bekend of er voldoende PO en VO scholen zijn in Sittard-Geleen richting 2040. Daarnaast ziet de gemeente scholen als ontmoetingsplek voor kinderen en jongeren, zogenaamde integrale kind- en ontmoetingscentra. Renovatie en sloop van bestaande schoolgebouwen heeft daarom het risico op verdwijning van ontmoetingsplekken, maar ook een kans om rol als ontmoetingsplek te verbeteren.
5.9.2
Zorgvoorzieningen
Tabel 20: Beoordelingstabel Zorgvoorzieningen.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
+
Er is geen informatie bekend het aantal zorgvoorzieningen in de SittardGeleen.
Autonome ontwikkeling
+/-
Er is geen informatie bekend het aantal zorgvoorzieningen in de SittardGeleen. Vergrijzing leidt tot een grote vraag naar zorg.
42 (Speciaal) basisonderwijs en speciale scholen; leerlingen, schoolregio | CBS 43 Statline (2021), Nabijheid voorzieningen; afstand locatie, regionale cijfers 44 Allecijfers (2024), Middelbare scholen gemeente Sittard-Geleen
60
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Beoordeling Doelbereik
Onderbouwing De gemeente wil zorgvoorzieningen op de juiste plek. In de wijken en dorpen zet de gemeente in op een gevarieerd woon-zorgaanbod. In de stadscentra zet de gemeente minder in op zorgwoningen. Het is niet bekend of hiermee voldaan wordt aan de vraag naar zorg. Het is niet bekend of het aantal zorgvoorzieningen en de afstand tot zorgvoorzieningen verandert.
In de gemeente Sittard-Geleen is het huisartsenaanbod 8,7 per 10.000 inwoners en de gemiddelde afstand tot een huisartsenpraktijk 0,8. Dit is vergelijkbaar met de rest van Zuid-Limburg en hoog ten opzichte van het gemiddelde in Nederland45. De gemiddelde afstand per inwoner tot een ziekhuis is 4 km. Dit is iets lager dan in de rest van ZuidLimburg46. Vanwege vergrijzing zal de vraag naar zorg en daarmee naar zorgvoorzieningen toenemen. Het mantelzorgpotentieel ligt in de zorgregio Zuid-Limburg lager dan in de rest van Nederland. Ontwerp omgevingsvisie: de ontwerp omgevingsvisie leidt niet tot een verandering de staat van de leefomgeving ten aanzien van zorgvoorzieningen ten opzichte van de autonome ontwikkeling. De gemeente wil zorgvoorzieningen op de juiste plek. In de wijken en dorpen zet de gemeente in op een gevarieerd woon-zorgaanbod. In de stadscentra zet de gemeente minder in op zorgwoningen. Het is niet bekend of hiermee voldaan wordt aan de vraag naar zorg. Het is niet bekend of het aantal zorgvoorzieningen en de afstand tot zorgvoorzieningen verandert. Batenanalyse maatschappelijke voorzieningen De gemeente is voornemens maatschappelijk vastgoed in de gemeente verduurzamen. Hiermee draagt de ontwerp omgevingsvisie bij aan het verhogen van de vastgoedwaarde van dit vastgoed.
Het effect op de waardestijging van onroerend goed kan groot zijn, maar is sterk context-afhankelijk en onzeker. Het verduurzamen van panden draagt bij aan een vermeden uitstoot van CO2 . Bronnen van kengetallen om een batenanalyse voor deze batencategorieën uit te voeren zijn: MKBA Baten in de buurt47, Handboek Milieuprijzen (2023)48
5.10
Externe veiligheid
5.10.1
Plaatsgebonden risico en aandachtsgebieden
Tabel 21: Beoordelingstabel Plaatsgebonden risico en aandachtsgebieden.
Beoordeling
Onderbouwing
Huidige situatie
-
De gemeente kent veel externe veiligheidsbronnen, waarvan het industrieterreinen Chemelot en VDL Nedcar, de snelwegen en spoorlijnen. Dit heeft met name in de centra van Sittard en Geleen raakvlak met woningen. De gemeente heeft uitgebreid beleid op externe veiligheid, met als doel inwoners zo weinig mogelijk risico te laten lopen en ruimtelijke ontwikkelingen op een verantwoorde en veilige manier plaats te laten vinden.
Autonome ontwikkeling
--
In de toekomst zijn een aantal ruimtelijke ontwikkelingen gepland, die de kans op een incident kunnen vergroten.
45 VZ (2022), Eerstelijnszorg | Regionaal | Huisartsenzorg 46 Regiobeeld Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (2022), Zorgaanbod 47 48
MKBA Baten in de buurt :: Maatschappelijke kosten- en batenanalyse (mkba-informatie.nl) Handboek Milieuprijzen 2023 | Rapport | Rijksoverheid.nl
61
Onze referentie: WE6NCSCHCSF2-120416608-134:1.0 - Datum: 7 januari 2025 - Public
OMGEVINGSEFFECTRAPPORTAGE OMGEVINGSVISIE SITTARDGELEEN
Beoordeling Doelbereik
Onderbouwing De gemeente zet zich actief in om de externe veiligheid in de gemeente te verbeteren. Tegelijktijdig zorgen nieuwe ontwikkelingen dat risicobronnen toenemen en worden er meer woningen langs het spoor gebouwd.
Externe veiligheid is in vergelijking met een gemiddelde Nederlandse gemeente een belangrijk en invloedrijk thema in de gemeente Sittard-Geleen. De gemeente Sittard-Geleen kent een aantal gebieden en bronnen waar rekening moet worden gehouden met de externe veiligheid: de industrieterreinen Chemelot en VDL Nedcar, de A2 en A76, het spoor en de emplacementen (met name Sittard), de havens in en rondom Holtum-Noord, verscheidene LPG-tankstations (en andere milieubelastende activiteiten met een risico), de buisleidingenstrook. De gemeente heeft het externe veiligheidsbeleid uitgewerkt in twee zelfstandige beleidsdocumenten, één voor het industrieterrein Chemelot en één voor de spoorzone rondom de spoorwegen. Het doel van het externe veiligheidsbeleid van de gemeente is onder andere om de mensen die wonen, werken en verblijven in Sittard-Geleen zo weinig mogelijk risico te laten lopen en dat de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen kunnen blijven plaatsvinden op een verantwoorde en veilige manier voor de leefomgeving. Vanwege de grote impact van de industrie op de externe veiligheid heeft de gemeente een locatie specifiek veiligheidsbeleid opgesteld voor Chemelot (2011). In 2018 heeft de Onderzoeksraad voor Veiligheid aanbevolen dat de Provincie Limburg samen met omliggende gemeenten een veiligheidsvisie ontwikkelt voor Chemelot en haar omgeving.
Dit heeft geleid tot de 'Veiligheidsvisie Chemelot en Omgeving', inclusief een bovenwettelijk veiligheidskader opgesteld door een Technische Veiligheidscommissie, met aanbevelingen die in 2023 zijn vastgesteld en juridisch verankerd in een convenant 49. Ook voor de spoorzone in Sittard-Geleen bestaat een aparte Veiligheidsvisie uit 2012. Deze heeft tot doel om een kader te bieden voor keuzes die bijdragen aan een goede balans tussen ruimtelijke/ economische ontwikkelingen en externe veiligheid in de nabijheid van spoorwegen. De kenmerkende mix van Sittard-Geleen met zijn stedelijk gebied, landelijke kernen en het industriële cluster Chemelot zorgt voor dynamiek, maar ook voor spanningen als het gaat om externe veiligheid in de leefomgeving. Functies voor werken, wonen en recreëren zullen steeds meer worden verweven in de ruimtelijke planning. En ook nieuwe ontwikkelopgaven op het gebied van infrastructuur, klimaatadaptatie en energietransitie hebben een raakvlak met het thema externe veiligheid. Er vinden een aantal ruimtelijke ontwikkelingen plaats in de gemeente, zoals de wegverbreding van de A2 tussen de knooppunten Het Vonderen en Kerensheide. De snelweg wordt tussen beide knooppunten verbreed naar 2x3 rijstroken plus een vluchtstrook.
Verder wordt het elektriciteitsstation Graetheide verzwaard, wordt een logistiek systeem aangelegd voor het transport van materialen tussen Chemelot en de haven Stein en worden we waarschijnlijk nieuwe buisleidingen aangelegd. Deze nieuwe ontwikkelingen kunnen de kans op een incident vergroten. Voor ruimtelijke ontwikkelingen nabij andere risicobronnen (buisleidingen, Rijkswegen en Waterwegen en andere milieubelastende activiteiten met risico’s) is in de huidige situatie geen (vastgesteld) beleid. Hiervoor worden de wettelijke kaders gehanteerd. Met de introductie van de Omgevingswet wordt de huidige externe veiligheidswetgeving gemoderniseerd. De gemeente blijft een belangrijke rol spelen in de lokale veiligheidsafweging rondom de opslag en het transport van gevaarlijke stoffen. Wat verandert is de wijze waarop deze afweging plaatsvindt. Die afweging zal o.a. gaan plaatsvinden aan de hand van aandachtsgebieden 50 en voorschriftgebieden51. Ontwerp omgevingsvisie: de ontwerp omgevingsvisie leidt niet tot een verandering de staat van de leefomgeving ten aanzien van externe veiligheid ten opzichte van de autonome ontwikkeling. De gemeente wil de veiligheid op en in de omgeving van Chemelot verbeteren, de veiligheid rondom spoor, wegen en kanaal verbeteren en de veiligheid rondom overige risicobronnen, zoals tankstations en bedrijven, en rondom buisleidingen verbeteren.