CVS Concept gebiedsvisie Moermondse Gravelinge - bijlage 1 concept gebiedsvisie
Tekst van het document
0,25 tot 0,50 0,50 tot 1,00 1,00 tot 2,00
-0,50 tot -0,25
2,00 tot 5,00
Onderwerp:
Rampweg, kwel- en infiltratieflux
Omschrijving:
__ __
Stuw Weelweg, Ellemeet, oost
1
Formaat:
A3 Liggend
Blad nr.:
Getekend
__
25-11-2019 __
Schaal:
1:8.000
Aantal bladen: 1
Gezien
__
25-11-2019 __
Gecontroleerd
__
__
Tek nr.: __Esri Nederland, Community Project nr.: Map__ Contributors
Naam
-0,25 tot 0,00
L
-2,00 tot -1,00 -1,00 tot -0,50
Datum
Afdeling
__
L
Kaarten van kwel en infiltratie in het plangebied (bron Waterschap).
FRESHEM - zoutgehalte van de ondergrond Ten zuiden van de Rampweg (buiten het projectgebied) ligt een infiltratiegebied met een zoetwaterlens: het groen-blauwe gebied links op de kaart. Het plan kan mogelijk kansen bieden om deze zoetwaterlens verder uit te breiden. Over het’witte’ gebied zijn op deze diepte geen gegevens beschikbaar.
Door het Waterschap aangeleverde kaarten van kwel en infiltratie in het plangebied.
Hoofdconclusie voor verwerking in het streefbeeld: •
•
•
•
Het is mogelijk om kreken te maken in dit gebied, maar afdichten van de kreekbodem is noodzakelijk door de (deels) zandige ondergrond en door het mogelijk optreden van zoute kwel Het waterschap wenst een watersysteem met zo min mogelijk ‘kunstgrepen’. De Initiatiefnemers kunnen natuurlijk op eigen terrein ingrepen voorzieningen treffen die zij zelf onderhouden. De drooglegging van aanpalende landbouwpercelen bepaalt het waterpeil. Het kan wel een stukje hoger liggen dan het huidige peil, maar de bandbreedte van de mogelijkheden dient in onderling overleg te worden uitgezocht. Ecologisch evenwicht in een nieuw aangelegde waterpartij heeft tijd nodig, algengroei of een andere onbalans is daarbij altijd een risico in de opstartperiode. Het maken van voldoende doorstromingsmogelijkheden en van zo natuurlijk mogelijke oevers (flauw en groen) dragen bij aan een goede waterkwaliteit.
39
studie dichtheden verblijfsrecreatie
Referentie dichtheid | Bungalows ca. 13 per hectare Bungalowpark Zeebad, Breskens
Referentie dichtheid | Groepswoningen ca. 10 per hectare Cavelot Cadzand-Bad
Referentie dichtheid | Bungalows ca. 10 per hectare Landal Strand resort Nieuwvliet Bad
Referentie dichtheid | Toeristische plaatsen ca. 30 per hectare Camping De Wielewaal, Cadzand
Referentie dichtheid | Bungalows ca. 9,5 per hectare Vebenabos, Koudekerke
Referentie dichtheid | Toeristische plaatsen ca. 18 per hectare Camping Bakkum, Castricum
De dichtheid van de accommodaties op een verblijfsrecreatief terrein heeft impact op de sfeer en beleving van het park, zowel intern als vanuit de omgeving. In dit intermezzo is een aantal voorbeelden op een rij gezet met een schatting van het aantal accommodaties per hectare. Voor het beeld en de beleving is de maat van de accommodatie en eventuele bijkomende gebouwde voorzieiningen natuurlijk ook van invloed.Deze studie heeft bijgedragen aan de discussie over passende hoeveelheden accommodaties in het gebied.
40
gespreid model
compact model
Eén integraal recreatielandschap; verblijf, beleving en natuur
Twee werelden naast elkaar: de verblijfsrecreatie profiteert
zijn met elkaar vervlochten. De insteek van de
van het nevengelegen natuur-/recreatielandschap, maar
verblijfsrecreatieve ontwikkeling is hier: landschap maken.
draagt er niet aan bij.Wel is sprake van een hoge interne landschappelijke kwaliteit.
Twee strategiën voor het meer of minder doorweven van verblijfsrecreatieve ontwikkelingen met groen.
3.6 recreatie: dichtheden versus groene doorweving Er is een zeer directe relatie tussen de dichtheid van recreatieve eenheden in een verblijfsrecreatief terrein, en het beeld dat dit oplevert. Hiernaast is het resultaat weergegeven van een korte studie naar meer en minder recente ontwikkelingen in Zeeland, en het beeld dat daar is ontstaan. In gebiedsvisie staan we dan ook voor de keuze tussen relatief compact ingerichte verblijfsrecreatieve terreinen, waardoor er meer ruimte ‘over’ blijft voor natuur en landschap, of juist ruimer opgezette terreinen, die intern een hogere natuur- en belevingswaarde hebben, maar meer ruimte innemen in het gebied. Zie de illustratie hierboven. De strategie die in de kustvisie wordt voorgestaan als ‘het produceren van landschap’ is er een waarbij het verblijfsrecreatieve terrein wordt doorweven met groen. Zo neemt de belevingswaarde toe voor zowel de recreant die op het terrein verblijft, als voor de recreant die van het landschap te plekke geniet. Deze strategie is verdere uitgewerkt specifiek voor de Schouwse uitwerking van de Kustvisie, en is te vinden in hoofdstuk 6. Ook de inrichting van het terrein zelf en van de omgeving van het terrein hebben veel invloed op de beleving van de verblijfsrecreatie.
In zijn algemeenheid valt te stellen, dat bij meer openheid in het landschap (water en of grasland), zicht op de ontwikkeling vaker mogelijk is, waardoor de impact van de bebouwing op de beleving groter is. Ook de maat en schaal van het terrein spelen een rol in deze samenhangende set van eigenschappen die samen de ruimtelijke kwaliteit van een recreatiegebied bepalen.
41
3.7 analyse toeristisch product Rampweg: veel (verblijfs)recreatie maar schrale beleving Dankzij de grote vraag naar kustrecreatie en de directe ligging van de Rampweg aan strand en zee is het huidige gebied in de omgeving van de Rampweg voor veel verblijfsrecreanten en dagtoeristen een gewilde plek om vakantie door te brengen of een dag aan het strand door te brengen en daarmee recreatief-economisch van relatief groot belang. Vanuit een breder perspectief (landschappelijk, verblijfskwaliteit, geborgenheid, kwaliteit, diversiteit) moet echter worden geconstateerd dat er geen sprake is van een duurzame beleving en uitstraling: trefwoorden als ‘schraal’, ‘winderig’ , ‘onveilig’ en ‘monotoon’ worden gebezigd door omwonenden, opinieleiders en de ondernemers zelf. Dankzij de rationele en compacte opzet van de bestaande parken en de gunstige ligging ten opzichte van strand en zee worden nog gunstige resultaten geboekt, maar het gebruik is eenzijdig, prijsgevoelig en daarmee is bij een onveranderde situatie ook de economische positie op termijn kwetsbaar.
Toerisme en recreatie = samengesteld product De gastbeleving in een toeristisch-recreatief gebied wordt gevormd door veel partijen en elementen. Denk hierbij aan landschapstypen, actieve natuurbeheerders, landgoederen, erfgoed, hoteliers, campingexploitanten, winkeliers en horeca. Toerisme en recreatie vormt dus een samengesteld product. In een vitale toeristisch-recreatieve regio vormen de omgeving, accommodaties en organisatie een organische eenheid. Ze versterken elkaar en zijn zelfs onderling afhankelijk van elkaar. Samen vormen zij de waarde voor de toerist.
Het samengestelde product in het aandachtsgebied en omgeving In de huidige situatie is het samengestelde product in de omgeving van het aandachtsgebied te schraal en te klein. De omgeving De binnenduinrandzone in het aandachtsgebied is door het ontbreken van landschapsgradiënten bijzonder smal waardoor de verblijfsparken te intensief en op een kleine ruimte ondernemen, gericht op het strand. Daardoor is het economisch potentieel in het gebied beperkt: eenzijdig strandtoerisme. Accommodaties De huidige overwegend ‘naar binnengekeerde’ parken zijn doorgaans schraal en Schema: toerisme en recreatie is een samengesteld product, monotoon: het verblijfsmotief dat ze faciliteren is ‘dichtbij strand’ en dit trekt een hoofdzakelijk bron: kustvisie Zeeland eenzijdig modaal publiek. Idealiter zijn accommodaties afgeleid van de omgeving waarin zij liggen. Ze vormen een economisch stuwende rol in het samengestelde product omdat ze zorgen voor een continue stroom van gasten in de regio.
42
Organisatie Naast de omgeving en accommodaties wordt de vrijetijdseconomie gevormd door de organisatiegraad van diverse toeristisch-recreatieve diensten. Er is op dit moment weinig samenhang tussen verblijfsrecreatie-bedrijven en in het gebied is nauwelijks recreatieve belevingskwaliteit.
3.8 recreatieve opgave voor het gebied De voorgaande analyse van het toeristisch product geeft inzicht in de opgave voor het gebied en vormt daarmee belangrijke input voor het streefbeeld voor het nieuwe landschap en de verblijfsconcepten die daarin zouden kunnen worden ontwikkeld.
Rampweggebied als onderdeel van kustlandschap heeft meer potentie Door in het gebied een nieuw landschap te maken dat evenals op andere plekken in de Kop van Schouwen is gerealiseerd, de binnenduinrand te verruimen, komen de huidige parken te liggen in een aangenamer en beschutter gebied. Transformatie van de huidige agrarische functie naar natuur en landschap biedt ook kansen om de authentieke plekken in de omgeving, zoals Slot Moermond, oude boeren erven meer tot hun recht te laten komen en te verbinden met het nieuwe landschap. Er zijn kansen om in te spelen op latente, hoogwaardige marktbehoeften, waardoor de eenzijdigheid in het accommodatiebeeld kan worden doorbroken. Alle betrokken personen en partijen hebben input geleverd voor het streefbeeld voor het aandachtsgebied. Op alle vlakken van het samengesteld product is input gekomen: omgeving, de accommodaties en de organisatie. Deze input, tezamen met de op de pagina hierna weergegeven SWOT-analyse, vormt de opmaat tot de gebiedsvisie. De gebiedsvisie presenteert een streefbeeld waarin het samengestelde product wordt versterkt.
Opgave en input streefbeeld omgeving Belangrijkste gebiedskwaliteiten uit de omgeving uitvergroten en/of benutten, een bredere binnenduinrandzone maken, zodat meer ruimte ontstaat voor unieke verblijfsrecreatieconcepten die het economisch potentieel van het grotere gebied van de omgeving Rampweg vergroten. Inzetten op een groene omgeving direct grenzend aan de duinen met een sterk openbaar karakter met nog meer ruimte voor langzaam verkeer en het versterken van het principe ‘auto te gast’. Aandachtspunt daarbij is de uitstraling en sfeer. De opzet van de verblijfsconcepten is in het gehele gebied extensief, wat bijdraagt aan een sterk kustlandschap en de beleving ervan. Verschillen in intensiteiten van de nieuwe verblijfsconcepten in het gebied passen bij de verschillen in landschapsgradiënten. De omgeving van de damaanzet, dichtbij de kust is landschappelijk anders dan de omgeving rondom het landgoed van Slot Moermond. De omgeving nabij de damaanzet is mede gelet op de aanwezigheid van bestaande verblijfsparken een iets intensiever benut kustlandschap, dan in de omgeving Slot Moermond.
beelden uit de omgeving
43
SWOT analyse Om tot de gebiedskwaliteiten te komen voor het aandachtsgebied is een uitgebreide SWOT-analyse verricht (StrenghtsWeaknesses - Opportunitie - Threats). Deze is gemaakt op basis van de door de bewoners ingebrachte gebiedskenmerken in de bijeenkomst in 2018. De SWOT-analyse van het plangebied en omgeving toont de belangrijkste sterkten, zwaktes, kansen en bedreigingen vanuit een ruimtelijk en recreatief perspectief. Deze twee schem’s geven ze weer in woord en beeld.
Sterkte • Directe nabijheid van kust, strand, duinen en dorpen
Zwakte • Gebrek aan kustlandschap in binnenduinrand zorgt voor een recreatieve mono-oriëntatie op het strand
• Stranduitzicht met zicht op de eilanden
• Saai, onbeschut en onduidelijk landschap
• Voldoende parkeergelegenheid bij aanzet dam
• Onveilige Rampweg beperkt de recreatieve kustbeleving
• Recreatie zorgt voor bijdrage aan
• Te weinig parkeergelegenheid bij uitbreiding recreatie
eiland-economie • Openheid en zicht op Plompetoren • Markante punten: De Helle, Slot Moermond,
• Geen wandel/fietspad over/langs duinen • Rampweg volgebouwd gebied, resterende landbouw is te kleinschalig en versnipperd
Zoeten Haard en Zouten Haard
Kans • Integratie natuur/recreatie door compensatie • Gemakkelijk mogelijk om nog recreatie te realiseren • In het gebied recreatieve routes aanleggen • Natuurlijk en openbaar toegankelijke
Bedreiging • Te eenzijdige productontwikkeling: ‘teveel van hetzelfde’ en dambordverkaveling • Verdwijnen van het zicht op slot Moermond • Teveel bouwen, waardoor natuur en openheid verdwijnt
voorzieningen ontwikkelen aan route langs historische Gravelinge (kreken) • Leisure hotspots om ‘naartoe te gaan’
44
Sterkte Het gebied ligt direct bij strand, zee en duinen. En het weidse zicht vanaf de duinovergang over het open landschap.
Zwakte Het gebrek aan kustlandschap maakt het gebied onbeschut en winderig met een gebrek aan oriëntatie en recreatieve verbinding
Kans Natuurlijk lint met ‘hotspots’ waarbij de historische Gravelinge als landschapsdrager wordt teruggebracht
Bedreiging Bedreiging: eenzijdige productontwikkeling met ‘teveel van hetzelfde’ en rationeel-gedreven blokverkaveling
45
Opgave en input streefbeeld accommodaties De accommodaties zijn afgeleid van de omgeving waarin zij liggen. Ze vormen een economisch stuwende rol in het samengestelde product omdat ze zorgen voor een continue stroom van gasten in de regio. In het groene gebied dat kustrecreatie ademt en waarin verblijf een functie heeft, hebben de verblijfsparken geen harde grenzen en passen qua terreininrichting vloeiend in het omliggende landschap. De accommodaties zijn kwalitatief hoogwaardig, op ruime kavels of standplaatsen gelegen met (bouw)hoogtes die passen in het nieuwe landschap. Het type verblijfsproduct en de uitstraling daarvan is onderscheidend aan de bestaande accommodaties in de wijde omgeving en biedt kansen om nieuwe doelgroepen aan te trekken. In het gedeelte van het kustlandschap dat aansluit op de omgeving van Slot Moermond hebben de accommodaties een sfeer die past bij de omgeving van dit landgoed en een uitstraling van luxueus, allure, buitenplaatsen en residentieel. Horeca en ondersteunende detailhandel is onderdeel van nieuwe verblijfsconcepten. Aparte horecabedrijven of winkels is geen opgave voor het aandachtsgebied.
Opgave en input streefbeeld organisatie Niet denken vanuit kavels en afgebakende parken met een eigen in zichzelf gekeerde wereld, maar vanuit één landschap. Het realiseren van een gedifferentieerd verblijfsrecreatief product gecombineerd met aantrekkelijke toeristische knooppunten langs wandel en fietsroutes door het gebied, gericht op de natuur. Het nieuwe landschap kan worden gebruikt voor het ontwikkelen van aantrekkelijke dagrecreatieve activiteiten, zoals een (water)natuurspeeltuin. Bereikbaarheid door routes in combinatie met activiteiten maken het gebied aantrekkelijk om te bezoeken. Daarbij is het van belang dat ondernemers in het gebied samenwerken en verbinding zoeken. Er liggen kansen om samen te werken op het gebied van het ontplooien van dagrecreatieve activiteiten en het opzetten van arrangementen voor verblijf in samenwerking met in de omgeving aanwezige horeca- en detailhandelsbedrijven. Zowel de omgeving, de accommodaties als de organisatie zijn zodanig ingericht en gericht op Schouws DNA, zodat voor de bezoeker en verblijfsrecreant het gebied herkenbaar onderdeel is van de Schouwse kust als onderdeel van de Zeeuwse delta als vakantiebestemming.
voorbeelden van samenwerking in activiteiten
46
sfeerbeeld integraal landschap
47
Sfeerbeelden van de landschappelijke ingrediënten voor het streefbeeld: kreken, poelen en oevers, kruidenrijk / bloemrijk grasland. bosvakken en bosschages, wandel- en fietsroutes, lanen.
48
Visie op de gebiedsontwikkeling
4
4.1 het integrale Streefbeeld Het vergroten van de binnenduinrandzone is al langere tijd onderdeel van de visie op dit gebied. Achtereenvolgens is dit vastgelegd in de Regiovisie Schouwen-West (1994 & 1996) de Streekplanuitwerking Schouwen-West (1996), Natuurontwikkeling Moermond en omgeving (1999) en als laatste in het Landschapsplan Duinzoom (2004). Bij een binnenduinrand hoort een halfopen landschap, een mozaïek van meerdere functies, doorsneden met paden en waterlopen. In dit gebied zijn de aanwezigheid van Landgoed en Slot Moermond en de voormalige kreek de Gravelinge, de aanknopingspunten voor de transitie van de omgeving.
De ingrediënten van dit aantrekkelijke nieuwe recreatielandschap zijn: • Een nieuwe drager van het landschap: de Gravelingenstructuur. Die bestaat uit kreken met bijbehorende landschappelijke oeverzones met riet en/of open grasland, en poelen om een ecologische en visuele verbinding te maken tussen de grotere kreekdelen. • Lanen; statige boomrijen spannen het landschap op, borduren voort op de landgoedsfeer, en bieden duiding aan wegen en routes. • Zichtlijnen; geven oriëntatie en identiteit aan de plek, geven aansluiting op open landschap ten zuiden van de Recreatieverdeelweg. • Bos en bosschages in landgoedsfeer waarin de verblijfsaccommodaties opgaan. In afwisseling met open grasland of kreek en poelen maken bos en bosschages, mogelijk aangevuld met kleinschalige beplantingselementen (houtwallen, hagen, elzenmeten), interessante doorzichten in het gebied vergroten de belevingswaade. • Recreatieve routes; fiets- / wandelpaden en eventueel ruiterpaden dragen bij aan de mogelijkheid om de omgeving in het gebied te beleven. • Toeristische knooppunten: aantrekkelijke dagrecreatieve voorzieningen langs routes door het gebied die kleinschalig zijn, als onderdeel van verblijfsrecreatieve concepten in het gebied en aanvullend zijn aan elkaar kunnen voor verschillende doelgroepen bijdragen aan de beleving van het gebied.
De sfeerbeelden op de pagina hiernaast geven een impressie van de landschappelijke sferen die worden nagestreefd in het streefbeeld, en hoe de mens van dit nieuwe natuurlandschap kan genieten.
49
Het streefbeeld van de gebiedsvisie Moermondse Gravelinge
50
Legenda kreek met rietoever bos met goede zoom ontwikkelzone verblijfsrecreatie laan open, kruidenrijk graslandschap met zichtlijnen laagte in het grasland poel heestergroep in het grasland rietmoeras doorgaande fietsroute doorgaande wandelroute grens plangebied
51
Het streefbeeld toegelicht aan de hand van de legenda Kreek met rietoever De kreken zijn de dragers van dit landschap. Ze dragen zowel bij aan de biodiversiteit, de waterbergingsopgave en ze zijn bepalend voor de belevingswaarde van het gebied. De waterkwaliteit en samenhang tussen de kreken en poelen dient in alle stappen van het proces uitgangspunt te zijn. De individuele ontwikkelingen kunnen in hun interne recreatiewereld ook aansluiten op deze krekenwereld. In het landschappelijk casco (‘landschap A’) is dan ook ruimte voor maatwerk, zodat op geschikte plekken een aansluiting op deze blauwe hoofdstructuur kan worden gemaakt. De impact op het gehele watersysteem en op de routing moet hierbij goed in de gaten worden gehouden. Bos met goede zoom De boszones in het gebied hebben twee hoofdfuncties. De ene is het geleden van de ruimtes en hiermee creëren van een aantrekkelijk landschapsbeeld, dat aansluit op de karakteristieken van het duinzoomlandschap en bosstructuren rondom Slot Moermond. De tweede functie is het inpassen van de verblijfsrecreatie, zodat deze opgenomen wordt in landschap. Daarnaast zijn de bossen en bosschages van waarde voor de biodiversiteit en wegens hun bijdrage aan de klimaatopgave.
De soortkeuze en wijze van beheer zijn erop gericht dat deze bossen aansluiten bij de Zeeuwse karakteristiek en van waarde zijn voor lokale fauna, zie hiervoor de spelregels en inspiratieregels. De gesloten boszoom is erg belangrijk voor zowel de landschappelijk inpassing van de verblijfsrecreatie, als voor de ecologische waarde. Ontwikkelzone verblijfsrecreatie De uitwerking van de verblijfsrecreatie voegt zich naar de hiervoor omschreven bossetting. Door slim om te gaan met ontwerp en beheer, kan voldoende zonlicht in de terreinen worden toegelaten, en ontstaat een aantrekkelijke groene wereld. Lanen, routes en kreken zijn de delen van het interne recreatielandschap (‘landschap B’) die op logische wijze aansluiten op de doorgaande landschappelijke structuren in de omgeving. De ontwikkelzones zijn steeds omgeven
52
door een boszoom. De verblijfsrecreatieve bebouwing voegt zich naar de sfeer van de plek en de landschappelijke context, zie ook de inspiratieregels op het gebied van beeldkwaliteit. Laan De wegen in het open poldergebied zijn onbeplant, de wegen in het binnenduinrandgebied vaak juist wel. De lanen sluiten niet alleen aan bij de duinzoom, maar ook bij statige sfeer van landgoederen en het Slot Moermond. In het streefbeeld worden de Helleweg, de Lange Moermondsweg en de nieuwe route vanaf de Rampweg het gebied in voorzien van een passende laanbeplanting. Open, kruidenrijk graslandschap met zichtlijnen Juist de afwisseling van open en besloten is zo typerend voor de duinzoom. Tevens is het bewaren en aanzetten van enkele belangrijke aanwezige zichtlijnen van essentieel belang voor de verankering van het plan in zijn omgeving. Het grasland kan door juiste wijze van aanleg en beheer een zo hoog mogelijke waarde krijgen voor zowel de biodiversiteit als voor de beleving van de recreant. Zie ook de beelden die zijn ontstaan in reeds aangelegde natuur, zowel in het plangebied als in de ruimere omgeving.
Laagte in het grasland Gradiënten in het maaiveld dragen bij aan een hogere beeldkwaliteit door de afwisseling die ontstaat, en bieden kansen voor een grotere biodiversiteit. In natte periodes kan hier ook water staan en zo draagt dit ook bij aan klimaatadaptatie. De maaiveldhoogtes dienen goed te worden afgestemd met het waterpeil in de kreken en poelen. (integrale) Ophoging van het maaiveld van de open delen van het gebied is niet passend bij de doelstellingen op het gebied van beeldkwaliteit en beleving. Poelen De poelen dragen verder bij aan de biodiversitieitswaarde in het gebied, ook hier zijn de gradiënten en oevers essentieel. Visueel gezien verbinden de poelen de grotere waterlichamen met elkaar.
53
Heestergroep in het grasland De heestergroepen voegen extra kleinschaligheid en intimiteit toe aan dit landschap, passend bij de sfeer van de binnenduinzoom. Ook voor de biodiversiteit in de grazige delen van het gebied zijn zij van toegevoegde waarde.
Rietmoeras Het rietmoeras sluit aan op de natuur van Slot Moermond en is van grote waarde voor de typische flora en fauna van dit gebied. Het beeld dat hiermee wordt gecreëerd voegt een nieuwe beleving toe aan het gebied en is hiermee ook van grote waarde voor de aantrekkelijkheid van het gebied voor de recreant. Doorgaande fietsroute De fietsroute door het gebied leidt de recreanten dóór het landschap van het aandachtsgebied in plaats van er omheen, ook als men op weg is naar bijvoorbeeld het strand of een verderop gelegen bestemming. Hierdoor zal het ook snel onderdeel worden van de recreatieve beleving in het gebied, zeker ook door de er aan gekoppelde bijzondere belevingen. Zo wordt het een plek waar men vaker naar terugkeert. Ook de zogenoemde ‘recreatieslag’ langs de Lange Moermondsweg is van belang voor de ontsluiting van het gebied voor de recreant. Doorgaande wandelroute De doorgaande wandelroute biedt een zachte, natuurlijke route die de afwisseling in het gebied beleefbaar maakt, en de diverse plekken in de omgeving met elkaar verbindt. De recreanten die in de toekomstig verblijfsrecreatie zullen verblijven hebben ook behoefte aan kleinere ommetjes die gemaakt kunnen worden in de omgeving. De interne routes in de ‘ontwikkelzones’ zullen dan ook moeten aansluiten op de in het plan aangeduide routes. Maatwerk is daartoe telkens nodig.
Door de nieuwe kwaliteit die is gecreëerd in het gebied zullen ook omwonenden en dagrecreanten graag gebruik maken van deze wandelmogelijkheden.
54
55
Referentiebeelden voor de interne kwaliteit van de terreinen (glamping - zomerwoning)
4.2 Recreatief concept Kernconcept van het aandachtsgebied: van Rampweggebied naar Moermondse Gravelinge. Het integrale streefbeeld voor het landschap vormt de basis van de visie op de transformatie van dit gebied naar een aantrekkelijk kustlandschap. Verblijfsrecreatieve concepten en de daarvan deel uitmakende accommodaties en voorzieningen moeten passen in het landschapsbeeld en het Schouwse DNA. De visie op het ontwikkelen daarvan bestaat uit een viertal bouwstenen. 1. Differentiatie Het is cruciaal dat nieuwe accommodaties qua esthetiek/aangezicht en qua type gebruik een hogere positionering hebben dan de huidige verblijfsparken in het gebied. Dit wordt ook door de Zeeuwse Kustvisie als uitgangspunt meegegeven: meer differentiatie in aanbod gericht op nieuwe markten voor Zeeland. Meer differentiatie betekent ook dat gekeken wordt naar de huidige mix aan verblijfstypen; wat kan hier aan worden toegevoegd zodat een goede of betere mix ontstaat? 2. Accommodaties sluiten aan bij aanwezige identiteit en versterken Schouws DNA De accommodaties sluiten aan bij de lokaal aanwezige identiteit van het gebied (de Moermondse Gravelinge) en versterken zo het Schouws DNA. Daarbij valt te denken aan robuuste natuurlijke materialen en een stoere/ruige uitstraling. In hoofdstuk 6 zijn de inspiratieregels voor beeldkwaliteit en inspiratie voor het Schouws DNA opgenomen.
De accommodaties moeten bijdragen aan de ideale kustbeleving en aan de benodigde differentiatie en hogere en eigen Zeeuwse kwaliteit die nodig is. 3. Er is aantoonbare marktbehoefte Nieuwe ontwikkelingen moeten aantoonbaar maken dat er behoefte is aan het type product. Marktontwikkelingen maken inzichtelijk naar welke segmenten er vraag is. Daarnaast kan een ontwikkeling bijdragen aan marktvergroting en aanboddifferentiatie in het gebied. Naast dat de marktbehoefte en haalbaarheid aangetoond wordt, is vanuit de Zeeuwse kustvisie en het gemeentelijke beleid een centrale bedrijfsmatige exploitatie vereist bij ieder verblijfsinitiatief in het aandachtsgebied. En ieder plan moet onderscheidend vermogen laten zien en een sociaal maatschappelijke bijdrage leveren. In bijlage XX is een aanvulling/verduidelijking op het Ontwikkelkader A t/m D opgenomen. 4. Initiatieven produceren zelf landschap binnen de kaders van de visie Initiatiefnemers in het aandachtsgebied produceren (en financieren) op hun eigen terrein landschap binnen de kaders van deze visie, die nader zijn uitgewerkt en opgenomen in hoofdstuk 6. Op deze manier dragen ze zelf bij aan het realiseren van de gebiedsvisie. Daarnaast dragen ze bij aan het ontwikkelen en beheren van het totale landschap.
56
Referentiebeeld voor de interne kwaliteit van de terreinen (kampeerhuisjes/lodges)
4.3 Samenwerking Organisatievisie: drie uitgangspunten Om deze landschappelijke visie ten uitvoer te brengen, in samenwerking met de ondernemers in het gebied, zijn de volgende organisatorische uitgangspunten van belang. 1. Eén ontwerper voor het hele gebied Het is belangrijk dat de uitwerking van het integrale streefbeeld met daarbinnen de ruimtelijke landschapsplannen van initiatiefnemers in het aandachtsgebied worden ontworpen door één ontwerper. Niet alleen ondernemers investeren in het gebied, er ligt ook nog een restant opgave voor de overheid om natuur te ontwikkelen om te komen tot de juiste verhouding natuur/landschap in relatie tot de eerder in gang gezette ontwikkelingen van Strandpark De Zeeuwse Kust en Resort Land & Zee. De hoofdstructuur van de kreek vraagt nadere studie en uitwerking. Het opstellen van een waterhuishoudkundig plan is nodig om te kunnen komen tot een goed ontwerp. Van belang is dat sprake is van een eenheid in de landschapsstructuur. Voorkomen moet worden dat individuele initiatiefnemers denken vanuit kavels en individuele parken of terreinen, in plaats vanuit één landschap. Dat kan worden bereikt door de uitwerking bij één ontwerper neer te leggen. 2. Kreek, wandel- en fietsroutes De financiering van het landschap inclusief de recreatieve infrastructuur is een gedeelde opgave voor de verschillende initiatiefnemers en de overheid.
Het beheer van het landschap/natuur dat geen onderdeel is van de recreatieparken kan het best worden uitgevoerd door publieke diensten, bij de uitvoering wellicht in samenwerking met de exploitanten. De bekostiging ervan kan worden gefinancierd door een bijdrage van de eigenaar van de grond, naast eventuele inzet van overheidsfinanciering voor een extra opgave voor natuurontwikkeling, zoals de uitbreiding van het Natuurnetwerk Zeeland. 3. Recreatieknooppunten In deze visie ontstaat de invulling van de recreatieknooppunten door marktwerking. Als ‘vanzelf’ zullen er initiatieven komen zoals een pluktuin, theetuin, blote-voeten-pad, natuurspeeltuin, streekwinkel en passende horeca zoals een terras of streekeigen visrestaurant. Deze recreatieknooppunten maken deel uit van de verschillende verblijfsconcepten. De financiering en het beheer hiervan komen toe aan de ondernemer.
57
Door de samenwerking in de vorm van deze integrale aanpak te gieten, en ook door de samenwerking met de diverse betrokken overheden, kunnen grenzen worden beslecht die een individuele initiatiefnemer niet kan overstijgen: • onzichtbaarheid van de kavelgrenzen • er wordt buiten de eigen kaders gedacht • er wordt samen gewerkt aan een groter geheel • grote meerwaarde voor landschap én verblijfsproduct • de verschillende ondernemers kunnen verschillende toeristisch-recreatieve producten aanbieden en tegelijkertijd elkaar versterken Dit levert grote meerwaarde op voor de brede omgeving!
58
59
60
5
Toeristisch recreatief programma 5.1 CRITERIA TOEKOMSTBESTENDIG VERBLIJFSRECREATIEF PROGRAMMA •
• • •
Uitgangspunt van deze gebiedsvisie is de landschappelijke invulling van het gebied waardoor het kustlandschap wordt vergroot. Binnen dit nieuwe kustlandschap is ruimte voor nieuwe recreatieve ontwikkeling omdat: Het gebied al is aangewezen als compensatielocatie in het kader van de integrale gebiedsontwikkeling in Schouwen-West; Het gebied recreatieve ontwikkeling nodig heeft om het beleefbaar te maken; Het nieuwe landschap gefinancierd moet worden. Dat kan in deze visie door de verblijfsrecreatieve ontwikkelingen het landschap te laten produceren: ‘rood’ betaalt ‘groen-blauw’.
Mogelijke recreatieve invullingen van het gebied bestaan uit: • Verblijfsrecreatie • Dagrecreatie • Consumptieve horeca • Detailhandel De vier bouwstenen voor de accommodatievisie, zoals weergegeven in hoofdstuk 4, kunnen ingezet worden om een goed verblijfsrecreatief programma te bepalen. Vanuit de vier bouwstenen is nagedacht over een goede mix aan verblijfstypen. Zo ontstaat een programma dat bijdraagt aan alle vier de uitgangspunten: 1. Differentiatie: welk aanbod is wenselijk, aanvullend op het huidige aanbod? 2. Aansluiten bij de lokaal aanwezige identiteit: welk programma past bij de identiteit van het gebied en draagt bij aan de kustbeleving, differentiatie en positionering? 3. Marktbehoefte: waar is behoefte aan en/of wat draagt bij aan marktvergroting? 4. Financiële uitvoerbaarheid bijdrage aan grondexploitatie : welke mix aan verblijfstypen draagt 75 financieel zodanig bij dat het landschap ontwikkeld en beheerd kan worden?
Marktanalyse
1. Differentiatie De Zeeuwse Kustvisie zet inopop een Meer dan helft slaapplaatsen op Schouwen-Duiveland kampeerplaatsen Kenniscentrum Kusttoerisme voert periodiek een inventarisatie uit het van het verdergaande differentiatie van recreatieve verblijfsaanbod in de Provincie Zeeland uitgevoerd. De gemeente Schouwen-Duiveland product. Differentiatie van product en markt is beschikt over circa 118.000 slaapplaatsen2, met daarbij: hierbij vanbevindt belang. Om die differentiatie • Circa 60% van de slaapplaatsen zich op kampeerterreinen. Er zijn te in de gemeente ongeveer bewerkstelligen evenveel toeristische kampeerplaatsen (reguliere is het nodig dat er een kampeerplaatsen, seizoenplaatsen, bijzondere accommodaties) als jaarplaatsen; toekomstbestendige mix aan verblijfstypen in • Bijna 30% van het aanbod is vakantiewoningen, chalets en appartementen. Dit het gebied aanwezig is. Daarvoor is in aanbod is te vinden op parken met bedrijfsmatige verhuur, maar ook op beeld tweedewoningparkengebracht en als lossewat eenheden. een derde er opOngeveer dit moment aanvan het aanbod wordt bedrijfsmatig verhuurd; verblijfstypen aanwezig is in Schouwen• Ongeveer 10% van de slaapplaatsen zijn in jachthavens. Het merendeel van deze Duiveland en ook in het aandachtsgebied zelf. plaatsen zijn vaste ligplaatsen.
• Het aantal slaapplaatsen hotelkamers, B&B-kamers en neemt ( zieinbijlage H ) Vervolgens ispensions gekeken wateen hier bescheiden aandeel in het totaal (circa 2%) in. aan toegevoegd kan worden om een goede, gedifferentieerde mix te krijgen.
Figuur 8.1. Aandeel slaapplaatsen naar type 2% 10%
30%
10%
19%
29% Toeristische kampeerplaatsen (incl. bijzondere accommodaties) Jaarplaatsen Vakantiewoningen/chalets/appartementen (particulier bezit) Vakantiewoningen/chalets/appartementen (bedrijfsmatige verhuur) Ligplaatsen jachthavens Kamers (hotels/pensions/B&Bs) Bron: Kenniscentrum Kusttoerisme via Gemeente Schouwen-Duiveland, bewerking ZKA. Voor Aandeel slaapplaatsen naar type, jachthavens is per ligplaats 3,5 slaapplaatsen gehanteerd. Seizoenplaatsen zijn tot de toeristische kampeerplaatsen gerekend.
bron kenniscentrum toerisme
2
Bron: Kenniscentrum Kusttoerisme, peilmoment maart 2021.
61
2. Aansluiten bij de lokaal aanwezige identiteit: De Moermondse Gravelinge Om te bepalen welk recreatief product geschikt is in dit aandachtsgebied, is gekeken naar de wijze waarop het aansluit en bijdraagt aan de identiteit van het gebied. De ‘Moermondse Gravelinge’ is een gebied dat allure en hoogwaardigheid gaat uitstralen. Daar past een recreatief product bij dat deze allure bevestigt en benadrukt: een luxe (design)hotel, ruime vakantiewoningen en comfortabele en luxe kampeereenheden, bijv. met hotelservice, passen in dat streefbeeld. De standaard permanente plaatsen met stacaravans of de standaard toeristische plaatsen op campings passen hier bijvoorbeeld veel minder goed bij. De regelets in hoofdstuk 6 geven handvatten om de gewenste inrichting van het landschap en kwaliteiten van de recreatieve ontwikkelingen te kunnen bereiken. Onderdeel daarvan is ook een beeldkwaliteitplan op het gebied van sfeer, uitstraling en materiaalgebruik voor de accommodaties en voorzieningen. 3. Marktbehoefte Gekeken is naar het marktpotentieel van de diverse accommodatietypen. Daarbij is rekening gehouden met de huidige marktsituatie op Schouwen-Duiveland, de vraaggroei in de afgelopen jaren en de trends en ontwikkelingen in de markt voor de komende jaren. Dit leidt tot een marktpotentieel per type accommodatie. 4. Financiële uitvoerbaarheid De opgave is landschap produceren.
Dit betekent dat de recreatieve ontwikkelingen in het gebied bijdragen aan de landschappelijke ontwikkelingen. Bij het bepalen van een toekomstbestendige mix is ook van belang om te onderzoeken of ruimte kan worden geboden voor accommodatietypen die het produceren van landschap financieel kunnen dragen. Zo kan van een camping een kleinere bijdrage verwacht worden dan van een recreatiewoningenterrein. De gemeenteraad hanteert voor het produceren van landschap in dit gebied dat iedere initiatiefnemer 70% van het landschap moet produceren. Daarnaast dient in de onderbouwing van de financiële uitvoerbaarheid van de individuele plannen ook kosten voor langjarig beheer en onderhoud moeten worden opgenomen. In de huidige situatie zijn al bedrijven in het gebied gerealiseerd, zonder dat daarbij destijds in dezelfde verhouding 70% landschap is geproduceerd. Dat betekent dat de nog te realiseren recreatieve ontwikkelingen in combinatie met 70% landschap daarbij produceren niet het gehele aandachtsgebied is omgevormd tot landschap. Dit betekent dat voor de financiële uitvoerbaarheid van het totale gebied de overheid (gemeente, provincie, waterschap en eventueel rijk) ook een financiële bijdrage dient te leveren om de totale ontwikkeling van dit aandachtsgebied mogelijk te maken.
Door deze vier criteria te combineren is inzichtelijk gemaakt welke aanbodmix gewenst en haalbaar is, zowel marktkundig, conceptueel (identiteit), beleidsmatig (differentiatie) als financieel. In de navolgende paragraaf zoomen we in op de marktontwikkelingen.
62
5.2 MARKTONTWIKKELINGEN Bouwstenen voor de raming van de marktruimte zijn een marktanalyse van de ontwikkeling van vraag en aanbod, zowel op kwalitatieve als kwantitatieve wijze. Onderzocht is wat het groeipotentieel is, mede op basis van economische ontwikkelingen, demografische trends en karakteristieken van Zeeland. Dit leidt vervolgens tot een indicatie van de marktruimte per accommodatievorm. Het marktonderzoek is opgenomen in bijlage H. De hoofdconclusies worden hier per type accommodatie weergegeven. Toeristische kampeerplekken: zijn typisch voor Zeeland en altijd bijzonder in trek, vooral in de kustzones. Daarbij is er steeds meer behoefte aan luxe en comfort. Kampeerplekken maken steeds meer plaats voor glamping, ecolodges en andere verhuureenheden. De campermarkt is groeiende. Er is dus zeker nog behoefte aan dit type logiesaanbod. In de afgelopen jaren is kamperen zelfs herontdekt onder invloed van goede, warme zomers en de coronacrisis. Jaarplaatsen voor stacaravans: de algemene langjarige trend is dat er steeds minder vraag is naar jaarplaatsen voor stacaravans, al is deze trend op A-locaties langs de kust minder zichtbaar. In de afgelopen jaren zijn veel plannen gerealiseerd waarbij toeristische plaatsen zijn omgezet in permanente plaatsen voor stacaravans of kampeerhuisjes. In de Kop van Schouwen is op dit moment een goede balans in vraag en aanbod.
Maar gezien de langjarige trend is er niet of nauwelijks ruimte voor nieuwe ontwikkelingen voor jaarplaatsen met stacaravans. Bungalows/groepswoningen: er is een bescheiden groei in de vraag en in het aanbod geweest. Nieuwe en onderscheidende bungalowparken, vooral in het hogere segment langs de kust presteren evenwel zeer goed omdat er grote vraag naar is. Dit wordt gevoed door de behoefte aan meer luxe, de vergrijzing en 3-generatie-vakanties. Hotels: de vraag naar hotelovernachtingen nam voor de coronacrisis landelijk gezien toe. Succesvolle hotelexploitaties zijn voor een aanzienlijk deel afhankelijk van zakelijke gasten. Deze doelgroep is op Schouwen-Duiveland relatief klein. Op dit moment zijn er veel kleine en toeristische hotels (<50 kamers). Er is vanuit de gast behoefte aan luxe, onderscheidende concepten (eigen content/thema). Voor dit aandachtsgebied kan gedacht worden aan een concept als ‘we are blooming’ (weareblooming.com). Voor vrijwel alle typen accommodaties (met uitzondering van de jaarplaatsen) is er nog ruimte in de markt. Het is daarbij wel belangrijk dat nieuwe concepten onderscheidend zijn en marktvergrotend zijn door het (deels) aantrekken van een nieuw publiek.
63
5.3 VERTALING TRENDS EN MARKT NAAR HET AANDACHTSGEBIED RAMPWEG Toeristische kampeerplekken zijn typisch voor Zeeland, hier blijft behoefte aan bestaan. De trend is dat steeds meer plekken worden omgevormd tot luxere plaatsen en eenheden. Volume in deze luxere kampeervormen ontbreekt nu nog in het aandachtsgebied zelf, maar ook verder op SchouwenDuiveland. Luxe kamperen past bij de identiteit van het gebied en bovendien kunnen deze vormen effectief bijdragen aan de landschapsontwikkeling. Er is behoefte aan reguliere toeristische kampeerplaatsen, onder andere ook door de groei van de campermarkt. Enerzijds kan die behoefte en groei worden ingepast op de bestaande campings. In het aandachtsgebied kan ruimte worden gegeven aan ongeveer ongeveer 27% tot 44% toeristische eenheden (incl. glamping en camperplaatsen). Voor permanente standplaatsen/jaarplaatsen voor stacaravans zien we een dalende trendlijn en bovendien kent het gebied en vooral de Kop van Schouwen al veel permanente plaatsen voor stacaravans. In de opgave om te komen tot een gedifferentieerd toeristisch-recreatief product ligt er geen opgave om in het aandachtsgebied extra permanente standplaatsen voor deze categorie accommodaties toe te voegen. Nieuwe, onderscheidende parken met recreatiewoningen kunnen van toegevoegde waarde zijn. Recreatiewoningenterreinen zijn nu nog niet aanwezig in het aandachtsgebied.
Belangrijk is dat het concept onderscheidend is, gericht op luxe en comfort, zodat het passend is bij de identiteit van het gebied. Centrale bedrijfsmatige exploitatie met wisselende toeristisch-recreatieve verhuur is bovendien een vereiste. Een minimale omvang van 60-80 woningen is gewenst. Op basis van marktonderzoek kan ruimte worden geboden om 20% tot 35% van de eenheden in de vorm van recreatiewoningen. Naast de reguliere recreatiewoningen is er steeds meer behoefte aan grotere groepswoningen of geschakelde woningen voor vakanties met grotere groepen/ 3-generatie families. Ongeveer 3% tot 5% kan hier zeker voor bestemd worden. In de praktijk zullen deze groepswoningen onderdeel zijn van een bungalowpark. Hotels moeten over een onderscheidend thema beschikken, waarmee een nieuwe doelgroep aangetrokken wordt. Een luxe logiesvorm past goed in het gebied.. Een luxe logiesvorm past goed in het gebied. Op basis van het marktonderzoek kan worden ingezet op relatief grotere hotels (vanaf ca. 50 kamers) en kan ruimte gegeven worden aan 24% tot 40% hotelkamer-eenheden. Tabel eenheden is aangepast Belangrijk te beseffen is dat hier percentages van de totaal geplande worden gebruikt. Het percentage van het bebouwingsoppervlakte wijkt hiervan af. Dat laatste percentage bepaalt uiteraard Toeristisch programma aandachtsgebied het ruimtelijke beeld van het gebied.
Recreatiewoningen zorgen dan al snel voor meer bebouwde Voorgaand advies mondt uit in de mix aan accommodatievormen in het aandachtsgebied zoals weergegeven in de tabel. vierkante meters voor verblijfsrecreatie en de hotels voor veel minder. Met veel eenheden hebben Hierbij wordt in percentages weergegeven hoeveel procent van alle eenheden het behelst (zwart) en hoeveel van de hotels, meters mits vanzelfsprekend ingepast, dus relatief weinig impact opeen hethotel landschappelijke beeld. vierkante (rood). Zo is het aantal goed eenheden van hotelkamers relatief groot, maar de impact van qua vierkante meters is een stuk kleiner dan die van bijvoorbeeld een bungalowpark. Het aantal eenheden in exacte Met veel eenheden hebben hotels dus relatief weinig impact op het landschappelijke beeld (mits goed aantallen is afgerond op vijftallen. Het gemiddeld programma (laatste kolom) past binnen de nog beschikbare vierkante ingepast). meters bestemd voor recreatieve bebouwing in het aandachtsgebied. Bovendien kan met deze mix voldaan worden aan de benodigde kosten voor landschapsontwikkeling. Type
% ondergrens (in eenheden en in m2)
% bovengrens (in eenheden en in m2)
Eenheden ondergrens
Eenheden bovengren s
Gemiddeld passende mix
Recreatiewoningen
21% / 36%
35% / 60%
60
100
80
Groepswoningen (gem. 12 pers.)
3% / 9%
5% / 16%
10
20
12
Hotelkamers / appartementen
24% / 9%
40% / 16%
65
120
92
Toer. / camper / (eco)lodges / glamping
27% / 20%
44% / 35%
70
130
101
205
370
286
Totaal
Het aandachtsgebied zou verder goed gedijen bij 3 tot 5 toeristische knooppunten met dagrecreatieve voorzieningen (belevingspunten). Consumptieve horeca kan hier een ondersteunende functie hebben. Voor retail is geen ruimte in deze visie. Par. 7.3-7.5 geven een verdere uitwerking van deze onderdelen.
64
62
5.4 AANVULLENDE VOORZIENINGEN Dagrecreatieve voorzieningen
Het aandachtsgebied zou goed gedijen bij drie tot vijf toeristische knooppunten met dagrecreatieve uiveland wordt gekenmerkt voorzieningen (belevingspunten). Door strategische punten te kiezen kunnen deze knooppunten te gebieden, doorsneden dat de duinbeken, opbijdragen de klei aan en verbinding in het gebied. Recreanten gaan van punt tot punt en kunnen zo het gehele gebied beleven. Hier geldt dat meer intensieve voorzieningen passen aan de Rampweg en meer ve routes. extensieve voorzieningen landinwaarts een plek kunnen krijgen. Het is met name voor de huidige ondernemers en initiatiefnemers kansrijk om deze knooppunten te ontwikkelen. Maar ook nieuwe ondernemers kunnen dit rendabel exploiteren. De financiering en het beheer van de dagrecreatieve voorzieningen zijn voor rekening van de ondernemers. Inspiratie: • Beach fun zoals midgetgolf, strandspeeltuin, openlucht fitness en terras aan Rampweg; • Levendige natuurspeelplaats in de buurt van de Rampweg; • Boerderij / landgoed met streekproducten, meer landinwaarts; • Pluktuin / moestuin en/of maïsdoolhof meer landinwaarts, bijv. omgeving / bij landhuis De Helle; • Natuurpoort, meer landinwaarts, bijv. bij De Helle; • Het huidige Slot Moermond, met meer luxe voorzieningen
roten duinzoomgebied (2004)
Consumptieve horeca Het is niet nodig om bij voorbaat zelfstandige horeca (consumptief) aan te trekken naar het gebied. Diverse vakantieparken aan de Rampweg beschikken al over horecavoorzieningen. Renesse heeft bovendien veel horeca-aanbod en consumptieve horeca. Horeca in de buitengebieden wordt in eerste instantie niet als zeer kansrijk beschouwd (Marktonderzoek Horeca Schouwen-Duiveland, 2017). Daarnaast zijn er diverse strandpaviljoens op het Noordzeestrand aanwezig die goed passen in de visie van een intensievere beleving aan de kust. Horeca is doorgaans afgeleid van gastenconcentraties in een gebied. Consumptieve horeca is dan ook ondersteunend aan ontwikkelingen in het gebied en zijn niet leidend.
Eigentijds en authentiek Als er nieuwe horecavoorzieningen als onderdeel van verblijfsrecreatieve concepten of kleinschalig en ondersteunend aan dagrecreatieve (belevings)voorzieningen worden toegevoegd, is het belangrijk dat dit kwalitatief goede, hoogwaardige horeca is. Op die manier is het aanvullend op het bestaande aanbod. De horeca moet volgens het Marktonderzoek Horeca (2017) eigentijds zijn, maar ook aansluiten bij de authenticiteit die gasten vragen. Hier valt te denken aan een streekeigen visrestaurant. Ook hier geldt dat de financiering van de ontwikkeling en exploitatie geheel voor rekening van de ondernemers komt.
Detailhandel Voor de vestiging van zelfstandige detailhandel is in dit aandachtsgebied geen ruimte. De nabijheid van de kernen Renesse en Scharendijke maakt dat dit niet nodig is. Ook uit de analyse en brainstorms met verschillende partijen is naar voren gekomen dat detailhandel in dit gebied niet wenselijk is. Er zou hooguit ruimte kunnen zijn voor kleinschalige detailhandel die ondersteunend is aan de verblijfsrecreatie en/of de recreatieve knooppunten: winkelcorners voor de vergeten boodschappen, broodjesservice, streekproducten en vakantie-verstrooiing. 65
66
5.5 ONTWIKKELRUIMTE IN AANDACHTSGEBIED RAMPWEG Op basis van het uitgevoerde marktonderzoek en het streefbeeld voor het nieuwe landschap is in de voorgaande paragrafen een richtinggevend toeristisch-recreatief programma opgesteld. Van alle huidige ondernemers die betrokken zijn bij dit gebied is in beeld gebracht wat hun plannen zijn. Sommige ondernemers hebben al zeer concrete plannen, bij anderen is dit nog minder concreet. In ieder geval is een beeld ontstaan van het aantal nieuwe eenheden dat zij willen realiseren in het gebied. Dit kan vergeleken worden met de voorgestelde programmamix op basis van het actuele marktonderzoek (2021). Zo is in eerste instantie te zien dat het aantal eenheden binnen de voorgestelde mix valt, hoewel in een andere samenstelling. Alleen een hotelaccommodatie is geen onderdeel van de plannen. Dit is een nieuwe slide. Graag check of dit zo opgenomen kan Vervolgens is grofweg doorgerekend welke programmamix zo ontstaat en hoeveelworden. vierkante meters Huidige plannen in het aandachtsgebied de plannen beslaan (uitgaande van standaard oppervlakte per type accommodatie). Aangezien Er zijn diverse ontwikkelingen plannenoppervlakte in het aandachtsgebied. Sommige ondernemers hebben al zeer concrete plannen, bij worden maximaal 30% van deentotale van het aandachtsgebied verblijfsrecreatief kan anderen is dit nog minder concreet.
Van alle huidige ondernemers die betrokken zijn bij dit gebied is in beeld gebracht wat hun bestemd en 70% van de totale oppervlakte voor landschap/natuurontwikkeling is gereserveerd. Uit plannen zijn. Daarbij gaan we uit van het aantal nieuwe eenheden dat zij willen realiseren in het gebied. Verplaatsen van eenheden rekenen we hierin niet mee, omvolgt dat we hieronder van bebouwde m2.programma Vervolgens is grofweg doorgerekend ruimte voor een eerste grove berekening dat metuitgaan het voorgestelde de beschikbare welke programmamix zo ontstaat en hoeveel vierkante meters de plannen beslaan (uitgaande van standaard m2 per type bebouwing overschrijdt (ca. 2.1 hectare t.o.v. de 1,5 hectare die beschikbaar is). Daarin is het accommodatie). Dit kan vergeleken worden met de voorgestelde programmamix op basis van het actuele marktonderzoek verplaatsen vaninstantie eenheden vanhetde bestaande tweedebedrijven nietandere meegerekend. Bij de (2021). Zo is in eerste te zien dat aantal eenheden binnen voorgestelde in mixhet valt, gebied hoewel in een samenstelling. Maar dat hetvan aantal vierkante meters beschikbare ruimte voor bebouwing ha t.o.v. ca.kaders 1,5 nadere uitwerking de plannen isde het een aandachtspunt omoverschrijdt binnen (ca. de 2,1 maximale te ha die beschikbaar is).
blijven er tevens voorworden te zorgen dat alle binnen het maximum van 30% van de totale Bij concreteen plannen moet getoetst of het voldoet aan plannen de criteria voor een toekomstbestendig verblijfsrecreatief programma (par. 7.2) en ofverblijfsrecreatie, er voor het totale gebieden sprake van max. 30%bebouwingspercentage voor verblijfsrecreatie en waarvanvan maximaal oppervlakte voor hetismaximale 13%13% blijven. mag worden bebouwd (zie beleidskader in hoofdstuk 2 van deze visie). Type
% in eenheden
% in m2
Eenheden aantallen
in m2
Recreatiewoningen
47%
64%
152
Ong. 13.500
Groepswoningen (gem. 12 pers.)
2%
5%
7
Ong. 1.000
Hotelkamers / appartementen
0%
0%
0
-
Toer. / camper / (eco)lodges / glamping
50%
31%
162
Ong. 6.500
Totaal
100%
100%
321
Ong. 21.000
Van theorie naar praktijk De exacte invulling van het gebied is afhankelijk van diverse contextuele factoren zoals: compensatieruimte, marktontwikkelingen en grondposities. Het is aan individuele initiatiefnemers om hun marktonderbouwing specifiek te maken, om aan de vereiste differentiatie invulling te geven en om tot unieke concepten te komen. Onderscheidend vermogen is bijzonder belangrijk om tot de gewenste product- en marktdifferentiatie te komen en om marktvergroting te realiseren. Hiervoor is een aantal ontwikkelprincipes van belang.
Ontwikkelprincipes Er zijn vier principes die centraal staan bij het toetsen van nieuwe logiesontwikkelingen in de toeristisch-recreatieve sector. 1. Er is ruimte voor divers, kwalitatief goed verblijfsaanbod dat de recreatieve markt vergroot. 2. We kiezen voor recreatief ondernemerschap met ondernemers die gericht zijn op langjarige centrale bedrijfsmatige exploitatie met wisselend nachtverblijf. 3. De omgeving wordt zowel ruimtelijk als financieel versterkt. 4. Nieuwe initiatieven worden duurzaam ontwikkeld en geëxploiteerd.
67
62
Vanuit deze vier principes is een aantal succesfactoren voor nieuwe logiesaccommodaties opgesteld, ingedeeld in 5 categorieën. 1. Regioversterkend: het initiatief ligt in een uitstekende verblijfsomgeving en versterkt het karakter van de natuur en het landschap. 2. Ruimtelijk goed ingepast: het initiatief wordt ruimtelijk goed ingepast. Het beeldkwaliteitsplan wordt in acht genomen, evenals de regelsets voor het produceren van landschap die in hoofdstuk 6 van deze gebiedsvisie zijn opgenomen. 3. Meerwaarde in de markt: er is marktruimte voor het onderscheidende marktgerichte concept, zowel in de financieringsmarkt (bij eventuele uitponding) als in de huurmarkt van verblijfsrecreatie. 4. Economisch bestendig (langjarige centrale bedrijfsmatige exploitatie): het initiatief is economisch haalbaar en heeft een langjarige focus op toeristisch-recreatieve exploitatie met voldoende ondernemersprikkels. Financiers weten dat hun investering rendeert omdat de toeristisch-recreatieve huurmarkt wordt aangesproken. 5. Duurzaam en circulair: het initiatief wordt duurzaam en waar mogelijk circulair gerealiseerd en geëxploiteerd.
In bijlage G is de toelichting opgenomen over deze categorieën die deel uitmaken van het ontwikkelingskader. Initiatiefnemers kunnen dat al tijdens hun planvorming gebruiken.
5.6 ECONOMISCHE IMPACT VAN HET VERBLIJFS-RECREATIEVE PROGRAMMA 66
Economische impact van het verblijfsHet recreatieve geschetste toeristisch-recreatieve programma legt sterke nadruk op het verblijfsrecreatieve deel. programma 7.6
Het geschetste toeristisch-recreatieve legt sterke nadruk op het Dit zal ook zorgen voorprogramma de meeste (economische) impact. Om inzicht te krijgen in de economische verblijfsrecreatieve deel. Dit zal ook zorgen voor de meeste (economische) impact. impact vanpagina’s het verblijfsrecreatieve Deze en volgende geven weer wat de economischeprogramma impact is van het is steeds gekeken naar een minimale variant en een verblijfsrecreatieve programma. Daarbij is steeds gekeken naar een minimale variant en maximum variant. De eenheden die daarbij zijn aangehouden, staan in onderstaande tabel. Het gaat een maximum variant. De eenheden die daarbij zijn aangehouden, staan in onderstaande tabel. Het gaat hierbij om het programma dat wordt toegevoegd aan de aan de bestaande bedrijven. hierbij om het programma dat wordt toegevoegd bestaande bedrijven. logiesvorm
Minimaal aantal eenheden
Maximaal aantal eenheden
Recreatiewoningen
60
100
Groepswoningen (gem. 12 pers.)
10
20
Hotelkamers / appartementen
65
120
Toer. / camper / (eco)lodges / glamping
70
130
Totaal
205
370
68
67
Impactraming toeristisch programma De uitgangspunten voor onderstaande impactraming zijn: Berekening economische betekenis conform Impactmodel Vrijetijdssector (zie bijlage H); De uitgangspunten voor onderstaande impactraming zijn: •De Berekening economische betekenis conformheeft Impactmodel Vrijetijdssector op de sectoren logies, detailhandel, entree en vervoer. economische betekenis betrekking impactraming toeristisch programma
(zie bijlage 8.5); De economische betekenis heeft betrekking op de sectoren logies, detailhandel, entree en vervoer. Het minimale voorgestelde programma levert daarmee ongeveer € 9 miljoen op; het maximale voorgestelde programma rond de € 16 miljoen. Aan toeristenbelasting is dit tussen de € 200.000 en € 360.000. •
Het minimale voorgestelde programma levert daarmee ongeveer € 9 miljoen op; het maximale voorgestelde programma rond de € 16 miljoen. Aan toeristenbelasting is dit tussen de € 200.000 en € 360.000. logiesvorm
Economische betekenis per eenheid (incl. logies)
Economische betekenis minimaal aantal eenheden
Economische betekenis maximaal aantal eenheden
Recreatiewoningen (gem. 4,5 pers.)
± € 60.000,-
€ 3,6 miljoen
€ 6,1 miljoen
Groepswoningen (gem. 12 pers.)
± € 150.000,-
€ 1,5 miljoen
€ 3,0 miljoen
Hotelkamers / appartementen (gem. 3 pers.)
± € 50.000,-
€ 3,5 miljoen
€ 6,5 miljoen
Toer. / camper / (eco)lodges / glamping (gem. 3 pers.)
± € 5.000,-
€ 400.000,-
€ 700.000,-
± € 9 miljoen
± € 16,3 miljoen
Totaal
68
Werkgelegenheid toeristisch programma
werkgelegenheid toeristisch programma
Het voorgestelde toeristisch-recreatieve programma levert extra werkgelegenheid op: Het voorgestelde toeristisch-recreatieve programma levert extra werkgelegenheid • op;Uitgaande van de minimale aantal eenheden per type accommodatie levert dit rond de 110 banen • Uitgaande de minimalevan aantal eenheden per type accommodatie levert ditkomt rond dit neer op rond de 200 banen; op. Envan uitgaande de maximale aantal eenheden de 110 banen op. En uitgaande van de maximale aantal eenheden komt dit neer op • rond Hiermee geeft het voorgestelde toeristisch-recreatieve programma, dat invulling geeft aan de de 200 banen; • Hiermee geeft het voorgestelde toeristisch-recreatieve programma, gebiedsvisie, een mooie impuls aan het gebied.dat invulling
•
geeft aan de gebiedsvisie, een mooie impuls aan het gebied. logiesvorm
werkgelegenheid bij minimaal aantal eenheden (FTE, direct en indirect)
werkgelegenheid bij maximaal aantal eenheden (FTE, direct en indirect)
Recreatiewoningen (gem. 4,5 pers.)
40
70
Groepswoningen (gem. 12 pers.)
20
35
Hotelkamers / appartementen (gem. 3 pers.)
45
85
Toer. / camper / (eco)lodges / glamping (gem. 3 pers.)
4
8
± 110
± 200
Totaal
69
Het Rijksmonument ‘De Helle’ verstopt zich in een groene erfbeplanting, dit markante object biedt kansen voor beleving van de cultuurhistorie in het gebied
70
6
Van visie naar uitvoering
Uitgangspunt van de gebiedsvisie is: samen aan de slag. Hoe moet een ontwikkeling met Zeeuwse Kustkwaliteit er op deze locatie uit gaan zien? Handvaten daarvoor vindt u in dit hoofdstuk.
6.1 samenhangende regelsets In dit hoofdstuk wordt uitgelegd: hoe bereik je dit streefbeeld? Het helpt het gebied verder richting een uitwerking met de gewenste kwaliteit, aan de hand van een aantal spelregelsets en de bijbehorende ingrediënten en sfeerbeelden.
De verdeling van landschap en recreatie
maximaal 13% bebouwd
In de Kustvisie is voor de gemeente Schouwen-Duiveland de verdeling in (minimaal) 70% landschap en (maximaal) 30% verblijfsrecreatie vastgelegd, zoals is verbeeld in het schema hieronder. Daarnaast is vastgelegd dat maximaal 13% van het gebied bebouwd mag zijn. Voor iedere ondernemer die in dit gebied iets wil initiëren,
70% Landschap
30% Verblijfsrecreatie
is deze verdeling de basis. Leidend bij het maken van de plannen is vooral het bereiken van Zeeuwse kustkwaliteit, door middel van een verwevenheid van recreatie en landschap.
Bij het berekenen van de onderdelen landschap en recreatie van een plan, worden de volgende onderdelen gerekend tot verblijfsrecreatie: • verblijfsaccommodaties, inclusief bergingen • standplaats / privé deel bij verblijfsaccommodatie, inclusief terras • centrumvoorzieningen • dienstgebouwen • wegen en andere verhardingen • parkeervoorzieningen • ‘standaard’ landschappelijke inpassing, indien van toepassing
Ingrediënten en spelregels Er zijn drie sets van beleid en regels die op elkaar voort bouwen en elkaar aanvullen: • spelregels uit vigerend beleid, de Zeeuwse kustvisie en de agenda toerisme (2.4) • landschappelijk streefbeeld met spelregelset behorende bij deze Schouwse uitwerking van de Kustvisie (6.3) • beeldkwaliteitsdocument voor de bebouwing behorende bij deze Schouwse uitwerking van de Kustvisie (6.4) Zo ontstaat een samenhangend geheel waarmee de kwaliteit van het integrale recreatielandschap van het aandachtsgebied geborgd is.
71
Bebouwingsdichtheid
ie van bestaande recreatieterreinen ate waarin bebouwing voorkomt een j de vraag of er landschap wordt ge. Ook tijdens de excursies die in het n georganiseerd, is gebleken dat de ng erg veel invloed heeft op de landate waarin (nog) van een groene ontorden.
bouwingspercentage van 8% als de worden gezien, waarbij er in dat geval et geprivatiseerde buitenruimte en er p wordt ontwikkeld en als dusdanig
- Integraal landschap in plaats van private verkaveling Nieuwe projecten worden duurzaam in stand gehouden. Doel is om de nieuwe ontwikkeling door middel van (nader omschreven/ eenduidig uit te werken) landschappelijke dragers die aansluiten bij de omgeving in de omgeving te verankeren. Door het beheer van nieuw te ontwikkelen gebieden in één hand te leggen (en niet bij individueel eigendom) blijft deze landschappelijke drager continu en gewaarborgd. In de kustvisie wordt onderzocht hoe dit georganiseerd kan worden.
niet zo:
23% groen 65% privé terrein 12% bebouwd
Integraal landschap in plaats van private verkaveling niet zo:
beheer door individuele eigenaren; een versnipperd beeld ontstaat, privé werelden
maar zo:
maar zo:
eproject van 10ha kan maximaal 0,8ha er er privétuinen worden uitgegeven et projectgebied te worden vergroot dat de landschappelijke opzet gega92% groen 8% bebouwd projectgebied hiernaast uitbreiden indien privé terrein gewenst is
beheer in één hand: landschappelijk beeld houdt langdurig stand, landschap is meer openbaar beleefbaar
Een passend bebouwingspercentage voor de plek dient te worden • 26 •
B O S C H
S L AB B E R S
Nieuwe projecten worden duurzaam in stand gehouden.
gekozen, waarbij er sprake moet zijn van een niet geprivatiseerde
Doel is om de nieuwe ontwikkeling in de omgeving te
buitenruimte, maar juist één integraal landschap wordt ontwikkeld
verankeren door middel van landschappelijke dragers die
en als dusdanig beheerd. Wanneer er privétuinen worden
daarbij aansluiten.