998342 Bijlage 2 Rekenkameronderzoek inwoners- en overheidsparticipatie
Tekst van het document
Hiermee kunnen onderwerpen breed onder de aandacht gebracht worden van de samenleving en inwoners actief worden betrokken bij het maken van beleid of bij projecten. Tijdens de SAMENloop is over het online platform aangegeven dat er een drempel wordt ervaren in het geven van een mening door de inwoners op het online platform. Bijvoorbeeld als het gaat om laadpalen.
Deel C: Bijlagen
46
Uit aangeleverde documenten voor de casus Totstandkoming Maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee is met uitzondering van een persbericht na afloop van de enquête geen beeld ontstaan over hoe de gemeente hierover met de samenleving heeft gecommuniceerd. De Rekenkamer heeft geen documenten aangereikt gekregen over de wijze waarop met inwoners is gecommuniceerd over de totstandkoming van het Maatregelenpakket. Dit met uitzondering van een persbericht dat is verstuurd na afloop van de enquête. In andere documenten, zoals het raadsvoorstel, staat over de communicatie dat er: - een enquête is uitgezet en hierover een persbericht is uitgegaan; - het ontwerp-maatregelpakket is verspreid via de gebruikelijke gemeentelijke kanalen en dat inwoners door middel van een web-formulier hun reactie kunnen geven op het ontwerp-maatregelenpakket; - na definitieve vaststelling van het maatregelenpakket de klankbordgroep en de inwoners die hebben aangegeven op de hoogte te willen blijven van de ontwikkelingen persoonlijk worden geïnformeerd over het aanbieden van het maatregelenpakket aan de gemeenteraad; - via de gebruikelijke gemeentelijke communicatiekanalen het maatregelenpakket verder wordt verspreid; - er gecommuniceerd zal worden wat de planning zal zijn voor de uitvoering van de diverse thema’s.
De communicatie vanuit de gemeente naar en met de SDW-raden verloopt soms wel en soms niet goed. En niet in alle kernen/wijken is een (actieve) SDW-raad om mee te communiceren. In een gesprek met de ambtelijke organisatie over de casus Convenant Stads-, Dorps- en Wijkraden is aangegeven dat: - communicatie tussen de SDW-raad en de gemeente doorgaans plaatsvindt via de gemeentelijke contactfunctionaris. Deze verwijst ook naar collega’s binnen de gemeentelijke organisatie;
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
- het aan de SWD-raad is om vorm te geven aan de communicatie naar de eigen inwoners; - op de gemeentelijke website een samenvatting staat van het convenant en de contactgegevens van de SDW-raden. Communicatie over het Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire wordt voornamelijk verzorgd door de stichting zelf. De gemeente besteedt er in nieuwsbrieven aandacht aan. Communicatie over het Ideeënloket Ikhebeenidee vindt plaats via de gemeentelijke website. Het is vooral de initiatiefnemer van het Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire, die de communicatie rondom het initiatief verzorgt. De stichting Schoolbus Zonnemaire communiceert onder meer via haar website over de schoolbus. De gemeente besteedt via de nieuwsbrief over SD op Weg aandacht aan de Schoolbus Zonnemaire, zoals bijvoorbeeld over de inzet van de bus voor de Kerstreis voor ouderen, de inzet van de bussen vanaf het Transferium en het extra vervoer voor vluchtelingen. Over het loket Ikhebeenidee staat op de website van de gemeente. “U hebt een idee. U wilt iets doen voor Schouwen-Duiveland en daarover met ons overleggen? We gaan graag met u in gesprek.” Initiatiefnemers kunnen bellen met het algemene nummer en worden dan doorverbonden met een van de vier adviseurs, of mailen naar Ikhebeenidee@schouwen-duiveland.nl. De belofte is dat de adviseurs ervoor zorgen dat een idee snel bij de juiste afdeling(en) komt.
In het filmpje wordt de boodschap herhaald en worden voorbeelden gegeven van initiatieven. De Rekenkamer heeft in dit onderzoek geen beleidsuitspraken of concrete voorbeelden gezien van situaties waarin de gemeente ervoor kiest niet te participeren en dit ook toelicht. De Rekenkamer is in het onderzoek niet gestuit op beleidsuitspraken of duiding van situaties waarbij de gemeente geen prioriteit geeft aan participatie.
Deel C: Bijlagen
47
Deelvraag
Criterium
5. Welke effecten heeft de participatie op de besluitvorming (gehad)
e participatie heeft effect (gehad) op de D besluitvorming in algemene zin en in de vier geselecteerde casussen.
Bevindingen Er zijn motieven om als gemeente te kiezen voor participatie. Bijvoorbeeld om te komen tot beter beleid, of voor het verkrijgen van draagvlak. De gemeente maakt niet expliciet met welk doel zij participatie inzet, en of deze effecten ook worden bereikt. De positieve effecten van participatie worden niet belicht of uitvergroot. Deze blijven impliciet, wellicht zoals is geopperd, door Zeeuwse bescheidenheid. Bij de beantwoording van vraag 2 is aandacht besteed aan motieven van de gemeente om te kiezen voor participatie. De Rekenkamer heeft geen documenten aangereikt gekregen of kunnen achterhalen waarin staat wat de gemeente wil bereiken met afzonderlijke processen Inwonerspartcipatie. Ook wordt achteraf niet vastgesteld tot welke effecten de participatie heeft geleid en of de doelen zijn bereikt. Als het gaat om Overheidsparticipatie zijn er door de samenleving initiatieven ontwikkeld. Tijdens de SAMENloop is naar aanleiding van het Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire aangegeven dat de gemeente een informerende rol op zou moeten pakken naar andere dorpen; initiatieven/ideeën monitoren en dat wat goed uitpakt uitventen. Daarbij geldt wel dat wat in de ene kern werkt, in de andere niet zo hoeft te werken. Zo regelen inwoners in Haamstede en Dreischor onder elkaar een helpende hand, bijvoorbeeld dat ze ergens naartoe kunnen.
Aangegeven werd dat het wel een soort verlegenheid lijkt om te laten zien wat goed werkt. Dat is de volksaard: “doe maar gewoon”. Anderen kunnen beter vertellen wat goed gaat.
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Er is geen standaard om als de raad tussentijds de vinger aan de pols te houden en participatieprocessen na afloop te (laten) evalueren. Dit is wel gebeurd voor de Omgevingsvisie Landelijk Gebied en experimenten Uitdaagrecht Uit het gesprek met de sleutelpersonen uit de vakdisciplines komt naar voren dat: - grote projecten soms worden geëvalueerd, inclusief de participatie die heeft plaatsgevonden; - participatieprocessen niet standaard worden geëvalueerd. Er zijn wel evaluaties uitgevoerd naar de participatieprocessen Omgevingsvisie Landelijk Gebied en de experimenten Uitdaagrecht. Omgevingsvisie Landelijk gebied In de ‘Reflectienotitie Omgevingsvisie Schouwen-Duiveland: Naar een uitnodigende overheid in het landelijke gebied van Schouwen-Duiveland’ blikt de Erasmus Universiteit Rotterdam terug op hoe het participatieproces van de Omgevingsvisie is ervaren vanuit inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en overheden. Hierin worden de volgende constateringen gedaan: - de gemeenteraad is op verschillende momenten betrokken geweest. Daarbij is gebruik gemaakt van de gebruikelijke instrumenten van een openbare informatieavond en een beeldvormende raadsbijeenkomst; - bij behandeling van de ontwerp Omgevingsvisie blijkt dat de raad zich onvoldoende betrokken heeft gevoeld bij het opstellen van de visie.
De raad heeft het gevoel dat ze het proces zijn kwijtgeraakt en toen te snel een beslissing moesten nemen. Daarbij hadden zij het idee enkel “ja” te kunnen zeggen tegen de visie, zonder vanuit haar politiek primaat de kaders te stellen en afwegingen te maken. Wij geven daarvoor drie concrete handvatten: 1. Bepaal van tevoren gezamenlijk het doel van de participatie en spreek af hoe het participatieproces zich verhoudt tot het democratische besluitvormingsproces.
Deel C: Bijlagen
48
2. Organiseer het participatieproces en het proces met de gemeenteraad niet volgtijdelijk maar parallel. Bijvoorbeeld door deelbesluiten voor te leggen of door raadsleden te betrekken bij gesprekken en bijeenkomsten met bewoners. Zo wordt voorkomen dat de inbreng van gemeenteraadsleden pas op het moment van vaststelling plaatsvindt. 3. Verken hoe het gesprek over de Omgevingsvisie binnen de gemeenteraad op een productieve manier gevoerd kan worden. Hoe kan in vertrouwelijkheid gesproken worden over belangen en dilemma’s, zonder daarbij het streven naar openbaarheid en transparantie los te laten? Hoe kan een Omgevingsvisie breed en integraal zijn, zonder daarbij dikke boekwerken te produceren? In de Reflectienotitie wordt de spanning belicht tussen de representatieve en participatieve democratie: “De wellicht belangrijkste en tegelijkertijd lastigste uitdaging, is de spanning tussen de representatieve en participatieve democratie. In de ‘geest van de Omgevingswet’ zijn gemeenteraad en participanten samen aan zet. Er zijn – vanuit de praktijk en de wetenschap – (nog) geen ‘simpele’ antwoorden, ‘quick fixes’ of ‘one-size-fits-all’ oplossingen bekend om aan deze spanning te ontsnappen.
Daarom is het zaak om vroegtijdig en tussentijds met de raad expliciet te spreken over het doel van participatie, de inbreng die participanten mogen leveren en hoe de uiteindelijke besluitvorming plaatsvindt.” Vanuit de ambtelijke organisatie is een eindverslag gemaakt: ‘Samen werken (we) aan een Omgevingsvisie! Eindverslag proces Omgevingsvisie Landelijk Gebied Schouwen-Duiveland’. De Rekenkamer bekeek een concept van 10 maart 2022. Niet duidelijk is wie de opsteller is en wat er met de evaluatie is gedaan. De volgende analyse is gemaakt: De relatie tussen het participatieproces (= participatieve democratie) en de gemeenteraad (= representatieve democratie) was ook onduidelijk. Vooraf is niet expliciet gemaakt hoe de uitkomsten van het participatieproces worden
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
vastgelegd en hoe de verschillende belangen uiteindelijk samenkomen in een Omgevingsvisie. Aan het einde van het traject werden bij de bestuurlijke behandeling van de Omgevingsvisie kritische vragen (insprekers en raadsleden) gesteld over inhoud en wijze van aansturing. Mede vanwege het feit dat veel raadsleden te ver van het proces en de inhoud afstonden ontstond verwarring en twijfel en werd het lastig deze vragen effectief (doel een raadsbesluit) te beantwoorden. “Raadsleden waren het proces kwijtgeraakt en moesten toen snel een beslissing nemen. Daarbij hadden zij het idee enkel “ja” te kunnen zeggen tegen de visie, zonder vanuit haar politiek primaat de kaders te stellen en afwegingen te maken” (citaat evaluatie EUR rapport). Daarmee stagneerde en strandde uiteindelijk het planproces. In het slotwoord wordt benadrukt dat de pilot waardevol is geweest, ondanks het feit dat het inhoudelijke doel niet is bereikt. “Een evaluatie in een proces dat (gedeeltelijk) niet heeft geleid tot het gewenste resultaat heeft al snel een negatieve lading. Wat ging er dan mis en waarom krijgt al snel de boventoon. Een negatieve toon doet echter onrecht aan het doorlopen proces. Met veel positieve energie en zelfs bevlogenheid is gewerkt aan de totstandkoming van een Omgevingsvisie Landelijk Gebied. Dit geldt voor organisaties en personen binnen en buiten de gemeentelijke organisatie.
Er ging juist ook heel veel goed. Dit verdient een groot compliment en mag niet onvermeld blijven (rapport EUR). Dat dit proces uiteindelijk niet geleid heeft tot een concreet resultaat is voor velen een teleurstelling. Dit doet immers geen recht aan de geleverde inzet, het beoogde resultaat, de (ontstane) verwachtingen en het opgewekte vertrouwen. Ook deze teleurstelling mag niet onvermeld blijven en geeft de kwetsbaarheid van deze processen aan. Het voorkomen van teleurstellingen en het (hernieuwd) vinden van en vasthouden van gezamenlijke energie is juist een belangrijke drijfveer achter deze eindevaluatie. De pilot heeft ons (en andere Zeeuwse gemeenten) in dat opzicht veel geleerd en is daarmee, ondanks het niet bereiken van het inhoudelijke doel en geleverde inzet, waardevol geweest.
Deel C: Bijlagen
49
Experimenten Uitdaagrecht De experimenten Uitdaagrecht zijn geëvalueerd en besproken in de gemeenteraad. De Rekenkamer bekeek het document ‘Uitdaagrecht, Wat is het, welke ervaring hebben we opgedaan en hoe gaan we het toepassen?’ Dit document is niet gedateerd en heeft geen afzender. Er staat onder meer: - de initiatiefnemers en ambtenaren die betrokken zijn bij de experimenten hebben deze samen geëvalueerd aan de had van vier vragen: Wat ging goed? Wat ging minder goed? Wat moet er meer gedaan worden? Wat moet er minder gedaan worden? - op basis van de ervaring en de evaluatie van de experimenten stelt de gemeente Schouwen-Duiveland een aantal uitgangspunten op , die op alle initiatieven van toepassing zijn. Daarnaast neemt het college over iedere aanvraag het besluit of zij hier positief tegenover staat. De uitgangspunten zijn: • het voorstel komt uit de gemeenschap zelf; • het voorstel wordt gedaan door een rechtspersoon; • de initiatiefnemers kunnen voldoende continuïteit bieden; • er is voldoende draagvlak; • de gemeente weet welke risico’s het voorstel met zich meebrengt en hoe zij daar mee om kan gaan. De conclusie is dat de ervaringen en resultaten van de experimenten positief zijn, voor initiatiefnemers en gemeente. En dat de gemeente het uitdaagrecht mogelijk maakt voor alle inwoners aan de hand van de vijf uitgangspunten.
In het Coalitieakkoord 2022-2026 staat dat de gemeente blijft inzetten op het gebruik van het Uitdaagrecht. De gemeente komt waar mogelijk tegemoet aan de wensen van inwoners, maar de gemeenteraad maakt haar eigen afweging. Uit het gesprek met sleutelpersonen binnen de ambtelijke organisatie komt naar voren dat:
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
- de gemeente waar mogelijk tegemoet komt aan de wensen van inwoners. Zo komen bij de uitvoering van civiele projecten inwoners naar inloopavonden en zijn er inwoners die een kijkje nemen bij de uitvoering. Goede ideeën die naar voren worden gebracht, worden dan zo mogelijk ingepast door de gemeente; - het anderzijds gebeurt dat de gemeenteraad afwijkt van de wensen van (een deel van) de inwoners. Hierbij kan verwezen worden naar de besluitvorming over de verplaatsing van de supermarkt in Burgh-Haamstede. Er zijn 400 handtekeningen ingediend tegen die verplaatsing, maar de gemeenteraad besluit het wel te doen op basis van kaders die eerder zijn gesteld. Bij de casus Totstandkoming Maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee heeft het participatieproces invloed gehad op de inhoud van het Maatregelenpakket, ook al wijkt de raad af van het resultaat van het participatieproces. In het BenW-advies van 22 september 2020 staat dat “het conceptMaatregelenpakket op 19 mei 2020 is besproken met de klankbordgroep en dat de opmerkingen en aanvullingen van de klankbordgroep zijn verwerkt in het maatregelenpakket”. En verderop: “Het maatregelenpakket is opgemaakt na een intensief participatietraject.
Het document wat er nu ligt is een product van de bewoners en ondernemers van Zierikzee.” Bij de besluitvorming wijkt de gemeenteraad door het indienen en aannemen van een amendement af van het resultaat van het participatieproces. Bij de casus SDW-raden speelt dat er (grote) verschillen zijn tussen raden: van krachtige raden, tot raden die niet als legitiem/representatief worden beschouwd. En er zijn kernen en wijken waar (nog) geen raad van de grond is gekomen. Dit heeft invloed op hoe de gemeenteraadsleden de adviezen van de SDW-raden wegen bij de besluitvorming. Tijdens het jaarlijks overleg Stads-, Dorps- en Wijkraden op 2 november 2021 is de vraag aan de orde gesteld hoe de raden de samenwerking met de gemeente
Deel C: Bijlagen
50
vinden gaan. Uit de notulen komt naar voren dat: - het verschilt per dorpsraad hoe zij de samenwerking met de gemeente ervaren; - vragen/verzoeken goed worden uitgezet en opgepikt; - dorpsraden regelmatig een luisterend oor ervaren bij de gemeente. Dit is de laatste jaren sterk verbeterd; - dorpsraden ervaren dat ze meer, vaker en eerder betrokken worden bij zaken die in hun kern spelen (maar nog niet altijd). Dit komt met name door een aantal enthousiaste/betrokken ambtenaren; - er vaker in concrete/praktische oplossingen wordt gedacht. Dat is prettig voor dorpsraden; - er vanuit de gemeente te weinig/laat/langzaam naar de dorpsraden wordt gecommuniceerd; - dorpsraden geen kennis hebben van gemeentelijke organisatie, en op de hoogte willen worden gehouden van hoe een verzoek wordt behandeld, welke route er gevolgd moet worden, hoelang een bepaalde procedure duurt, et cetera; - ambtenaren soms niet op de hoogte zijn van verschillende projecten die tegelijk bezig zijn in een kern. Het zou handiger zijn als dat integraal wordt opgepakt; - de overdracht bij het vertrek van een ambtenaar soms niet goed geregeld is, waardoor de communicatie/samenwerking ineens stopt; - dorpsraden soms ook teveel aanspreekpunten hebben binnen de gemeente, 1 aanspreekpunt zou het handigste zijn.
Uit gesprekken tijdens de SAMENloop kwam naar voren dat: - raadsleden zich bewust zijn dat niet alle dorpsraden hetzelfde zijn en dat de raad daar rekening mee houdt in de weging van het advies van de betreffende SDW-raad; - dit ook altijd maatwerk zal zijn, er is geen blauwdruk mogelijk als het gaat over de vraag hoe als raad om te gaan met adviezen vanuit de samenleving;
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
- er bij raadsleden twijfels zijn over de representativiteit van een dorpsraad; vormt een dorpsraad de goede afspiegeling? Bij de casus Ikhebeenidee hebben inwoners hun initiatief gehonoreerd zien worden. Verschillende initiatieven zijn bij het loket ingediend en worden uitgevoerd: - huisarts die met pensioen gaat en de gemeenschap beweegtuinen wil schenken (Brouwershaven, Scharendijke en Zonnemaire); - inwoners die bordjes op monumenten willen hangen en zo de Kloosterroute willen realiseren; - dorpsraad Renesse die geld heeft ingezameld om zelf een Jeu de Boulesbaan aan te leggen. Een overzicht van ingediende ideeën/initiatieven en de status daarvan is de Rekenkamer aangereikt, maar is volgens de ambtelijke organisatie niet geschikt voor extern gebruik. Ambtelijk is aangegeven dat de leerervaring is dat de portefeuillehouder over ieder initiatief geïnformeerd moet worden en via hem/haar de raad. Het gevaar bestaat anders dat initiatiefnemers rechtstreeks de raad/individuele raadsleden benaderen, die een initiatief ‘overpakken’. Dat is bijvoorbeeld gebeurd met het idee van een pumptrack. De casus Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire laat positieve resultaten zien en dat het initiatief een bredere doorwerking heeft. Deze positieve ontwikkeling wordt echter niet sterk uitvergroot in communicatieve zin.
Het burgerinitiatief is door de gemeenteraad omarmd en financieel ondersteund. De casus illustreert hoe een initiatief kan ontstaan vanuit een gevoelde urgentie/ noodzaak. En hoe een steeds grotere kring inwoners zich aan het initiatief verbindt. Het initiatief is succesvol op de lange termijn. Het is een icoon geworden in het dorp.
Deel C: Bijlagen
51
6. Vraag 5: hoe vult de raad zijn rol in? Reflectie op de rolinvulling door de raad Deelvragen en criteria Deelvragen
Criteria
1. In hoeverre gaf de raad in de praktijk - De uitvoering van participatie door invulling aan de kaders en afspraken over de raad in de praktijk past binnen de participatie? Had de raad een duidelijke vastgestelde kaders en afspraken. positie in het participatieproces? - De raad had in de praktijk een duidelijke positie in het participatieproces. 2. In hoeverre is de werkwijze van de raad toekomstbestendig in het licht van nieuwe wetgeving en ontwikkelingen? En hoe anticipeert de gemeenteraad hierop?
- De werkwijze van de raad is toekomstbestendig in het licht van nieuwe wetgeving en ontwikkelingen. - De raad anticipeert in de praktijk op de nieuwe wetgeving en ontwikkelingen.
3. Wat zou de raad moeten vasthouden, versterken, vernieuwen en verlaten als het gaat om zijn rol in participatieprocessen naar het oordeel van een brede groep betrokkenen bij de participatieprocessen?
n.v.t. (open vraag)
4. Welke handvatten en instrumenten kunnen hierbij behulpzaam zijn?
n.v.t. (open vraag)
Samenvatting Zoals in de beantwoording van de eerdere onderzoeksvragen is geschetst, is de positie van de gemeenteraad bij participatieprocessen niet expliciet gemaakt. Behalve dan dat de raad na afloop een besluit neemt. De vorige raad heeft verschillende keren gesproken over zijn rolinvulling bij participatietrajecten. Hier is niets over op papier gezet. In het verdere verleden omarmde de raad wel aanbevelingen uit de notitie Participatie: van vorm naar norm! over het
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
verduidelijken van zijn rol in participatieprocessen. Een van de acties uit het Actieplan Netwerksamenleving en netwerkmanagement is om de rol van de raad in specifieke trajecten/projecten te agenderen en om de raad daarin te faciliteren. Volgens gesprekspartners is die actie nog onvoldoende van de grond gekomen. In de praktijk neemt het college de leiding bij participatie. Hoe dat gebeurt is veelkleurig en gebaseerd op ‘learning by doing’. Er zijn geen gezamenlijke kaders, of spelregels waarin is vastgelegd welke rol de raad heeft voorafgaand, tijdens en na een participatieproces. De raad geeft uit eigen beweging niet aan hoe de raad door het college geïnformeerd wil worden over het verloop en resultaat van een participatieproces of betrokken wil zijn bij het proces. Soms wordt de betrokkenheid van de raad verduidelijkt in een bestuursopdracht/startnotitie. Dat gebeurt niet standaard. Veel tips aan de raad gaan over duidelijk positie kiezen en de rolinvulling van de raad. Er is een duidelijke behoefte om de rol van de raad explicieter te maken. Verwachtingsmanagement en communicatie zijn hierbij trefwoorden. Er worden wettelijke eisen gesteld aan participatie. Twee wetsvoorstellen hebben – als ze worden aangenomen – gevolgen voor het verankeren van participatie door gemeente(raden): de Wet versterking participatie op decentraal niveau en de Omgevingswet.
De eerste wet verplicht gemeenten tot het instellen van een participatieverordening. In deze verordening kunnen regels worden gesteld over het Uitdaagrecht als specifieke vorm van participatie. Over het Uitdaagrecht heeft de raad in Schouwen-Duiveland zich in februari 2022 uitgesproken. Naar aanleiding van de evaluatie van de drie experimenten die ermee werden gedaan op het eiland, stelde de raad uitgangspunten vast, die op alle initiatieven van het Uitdaagrecht van toepassing zijn. De Omgevingswet stelt dat iedere gemeente moet aangeven hoe zij haar participatiebeleid heeft ingevuld. Hieraan
Deel C: Bijlagen
52
heeft de gemeente Schouwen-Duiveland op dit moment niet voldaan. Wel experimenteerde de gemeente met het werken aan een Omgevingsvisie Landelijk Gebied in de geest van de Omgevingswet. Wat de raad heeft gedaan met de ervaringen en geleerde lessen is de Rekenkamer niet bekend.
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
53
Uitwerking onderzoeksvraag Deelvraag
Criteria
1. In hoeverre gaf de raad in de praktijk - De uitvoering van participatie door invulling aan de kaders en afspraken over de raad in de praktijk past binnen de participatie? Had de raad een duidelijke vastgestelde kaders en afspraken. positie in het participatieproces? - De raad had in de praktijk een duidelijke positie in het participatieproces.
Bevindingen De gemeente Schouwen-Duiveland heeft geen kaders en afspraken vastgelegd over de rol van de raad bij participatieprocessen. Soms is er door middel van het vaststellen van een bestuursopdracht wel meer expliciet gemaakt hoe de raad betrokken wordt tijdens het participatieproces. Er is geen standaardprocedure/aanpak om expliciet te maken welke rol de raad vooraf, tussentijds en na afloop van een participatieproces invult bij inwonersparticipatie. Niet in het algemeen en ook niet bij de casussen waarop in dit onderzoek is verdiept. Wel heeft de raad een duidelijke rol als het gaat om de besluitvorming na afloop van een voorstel dat in een participatieproces tot stand is gekomen. De gemeenteraad geeft niet aan hoe de raad door het college geïnformeerd wil worden over het verloop en resultaat van een participatieproces of betrokken wil zijn bij het proces. Veel tips aan de raad gaan over duidelijk positie kiezen en de rolinvulling van de raad. Er is een duidelijke behoefte om de rol van de raad explicieter te maken. Verwachtingsmanagement en communicatie zijn hierbij trefwoorden. De positie van de gemeenteraad bij participatieprocessen is niet expliciet gemaakt. Behalve dan dat de raad na afloop een besluit neemt. In de praktijk neemt het college de leiding bij participatie. Er is duidelijk behoefte aan
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
gezamenlijke spelregels/kaders, waar de komende periode ook aan gewerkt gaat worden. Er is geen document waarin is vastgelegd wat de positie is van de gemeenteraad bij participatieprocessen. Wel is de raad vaak aan zet na afloop van participatieprocessen wanneer er een besluit genomen moet worden. Bij de start van het onderzoek gaf het college het volgende aan over de positie van de raad: “Het is ook nog zoeken hoe de raad een positie te geven in de participatieprocessen. Dan volgt de raad bij de besluitvorming bijvoorbeeld niet de uitkomst van het participatieproces. En andersom is het lastig te bepalen wat je de samenleving kunt meegeven bij de start van een participatieproces, als je weet dat aan het eind de raad een besluit neemt.” Tijdens het onderzoek is in gesprekken, in de online vragenlijst en tijdens de SAMENloop naar voren gebracht dat er behoefte is aan duidelijkheid over de rol van de raad voorafgaand, tijdens en na afloop van een participatieproces. Deelvraag
Criteria
2. In hoeverre is de werkwijze van de raad toekomstbestendig in het licht van nieuwe wetgeving en ontwikkelingen? En hoe anticipeert de gemeenteraad hierop?
- De werkwijze van de raad is toekomstbestendig in het licht van nieuwe wetgeving en ontwikkelingen. - De raad anticipeert in de praktijk op de nieuwe wetgeving en ontwikkelingen.
Bevindingen Twee wetsvoorstellen hebben – als ze worden aangenomen – gevolgen hebben voor het verankeren van participatie door de gemeente(raad): de Wet versterking participatie op decentraal niveau en de Omgevingswet. De eerste wet verplicht gemeenten tot het instellen van een participatieverordening, de tweede stelt dat de gemeente moet aangeven hoe zij haar
Deel C: Bijlagen
54
participatiebeleid heeft ingevuld. Op beide punten voldoet de gemeente nu nog niet aan deze wettelijke verplichtingen. Bij nieuwe wetgeving die raakt aan participatie gaat het om twee voorgenomen wetten: de Wet versterking participatie op decentraal niveau en de Omgevingswet. De Rekenkamer heeft in een tweetal sheets » samengevat welke eisen beide wetten stellen aan participatie. Voor zover de Rekenkamer kan vaststellen op basis van aangereikte documenten en gesprekken, voldoet de gemeente Schouwen-Duiveland op dit moment nog niet aan de verplichtingen die voortkomen uit deze mogelijk toekomstige wetten. In de participatieverordening kunnen regels worden gesteld over het Uitdaagrecht als specifieke vorm van participatie. Over het Uitdaagrecht heeft de raad zich al uitgesproken door het vaststellen van een aantal uitgangspunten. Over het Uitdaagrecht heeft de raad in Schouwen-Duiveland zich uitgesproken. Naar aanleiding van de evaluatie van de drie experimenten die ermee werden gedaan op het eiland, stelde de raad op 24 februari 2022 unaniem een aantal uitgangspunten vast, die op alle initiatieven Uitdaagrecht van toepassing zijn.
Deze uitgangspunten zijn: - het voorstel komt uit de gemeenschap zelf; - het voorstel wordt gedaan door een rechtspersoon; - de initiatiefnemers kunnen voldoende continuïteit bieden; - er is voldoende draagvlak; - de gemeente weet welke risico’s het voorstel met zich meebrengt en hoe zij daar mee om kan gaan; - het gaat om een taak die is opgenomen in de gemeentelijke begroting. Wanneer de gemeente wordt uitgedaagd neemt het college hiervoor een beginselbesluit en informeert zij de gemeenteraad hierover. De gemeente heeft de afgelopen jaren invulling gegeven aan participatie, hiermee geëxperimenteerd en zich ontwikkeld door learning by doing’.
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Wat op basis van mogelijke toekomstige wetgeving nog nodig is, is dat de gemeenteraad participatiebeleid vaststelt, zodat voor inwoners en gemeente duidelijk is wie op welke manier in welke fase van het beleidsproces betrokken is. Ook moet een Participatieverordening worden vastgesteld. De Rekenkamer heeft op basis van aangereikte documenten en gesprekken niet kunnen vaststellen hoe de gemeente zich voorbereidt op mogelijk toekomstige wetgeving. Deelvraag
Criterium
3. Wat zou de raad moeten vasthouden, versterken, vernieuwen en verlaten als het gaat om zijn rol in participatieprocessen naar het oordeel van een brede groep betrokkenen bij de participatieprocessen?
n.v.t. (open vraag)
Bevinding Betrokkenen bij dit onderzoek spraken zich uit over wat de raad zou moeten vasthouden, versterken, vernieuwen en verlaten als het gaat om zijn rolinvulling bij participatieprocessen, met het 4V-kwadrant als resultaat. Tijdens de SAMENloop spraken deelnemers zich uit over wat zij vinden dat de gemeente en met name de raad zou moeten vasthouden (blijven doen), versterken (meer doen), vernieuwen (anders doen) en verlaten (niet meer doen) in participatieprocessen. De Rekenkamer bracht deze uitspraken samen in het 4V-kwadrant, dat in de terugkoppeling van de SAMENloop is opgenomen. » Deelvraag
Criterium
4. Welke handvatten en instrumenten kunnen hierbij behulpzaam zijn?
n.v.t. (open vraag)
Deel C: Bijlagen
55
Bevinding Betrokkenen bij dit onderzoek gaven tips aan de raad. Dat deden zij in gesprekken met de Rekenkamer, in de beantwoording van online vragenlijsten en tijdens de SAMENloop. Met als resultaat een Top tien participatietips aan de raad. Deelnemers aan de SAMENloop gingen in gesprek over wat de raad te doen staat voor, tijdens en na het participatieproces. Dit deden ze aan de hand van de ‘Top tien participatietips’. Deze Top 10 baseerde de Rekenkamer op gesprekken die werden gevoerd en op de reacties van genodigden voor de SAMENloop op de online vragenlijsten. Deelnemers kleurden niet alleen de tips in, maar stonden ook stil bij wat er aan ieder participatieproces voorafgaat. Het leidt tot tips voor de raad. Deze zijn opgenomen in de Conclusies en aanbevelingen in Deel A: Bestuurlijk deel.
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
56
7. Vooruitzicht Raad en college hebben aangekondigd werk te maken van participatie. Participatie is in het raadsakkoord 2022-2026 een van de zes thema’s, waar de raad heldere uitgangspunten aan verbindt. “Participatie moet op een goede manier geborgd worden in de gemeentelijke processen en de gemeentelijke manier van werken om succesvol te kunnen zijn. Bij participatie managen we de verwachtingen en zorgen ervoor dat de ‘spelregels’ vooraf duidelijk zijn. Vooraf duidelijkheid voorkomt teleurstelling achteraf. De uiteindelijke beslissing is altijd aan de gemeenteraad; de raad weegt de uitkomsten van een participatietraject mee in de besluitvorming.” In ‘Samen Koers Houden’, het coalitieakkoord 2022-2026 wordt aangekondigd om in te zetten op invloed van inwoners, op basis van heldere afspraken, verwachtingsmanagement.
“Als we als gemeente burgerparticipatie inzetten dan zijn de verwachtingen over en weer duidelijk. Dat betekent dat: a) de gemeenteraad de mate van invloed van inwoners vaststelt voordat een traject start. Mag je als inwoner alleen meepraten of ook meebeslissen? b) de gemeente tijdens het traject zorgt dat het voor inwoners altijd helder is welke rol en invloed zij hebben, c) de rol van de gemeenteraad als eindbeslisser en volksvertegenwoordiger duidelijk is in het hele traject.”
In relatie tot de 5 onderzoeksvragen stellen raad, college en ambtelijke organisatie het volgende in het vooruitzicht.
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
1. Begrippen De ambtelijke organisatie streeft naar meer eenduidigheid. “Participatie is een containerbegrip. Het is goed om kleuring te geven, waar gaat het precies over?” (Gesprek 10 mei 2022). “De tijd is nu rijp om afspraken te maken over hoe we de verwachtingen managen en al aan de voorkant van een project afstemmen over de inrichting van het participatieproces. Bijvoorbeeld over wie heeft welke rol, welke trede van de participatieladder kiezen we?” (Gesprek 9 mei 2022). In alle gesprekken wordt gewezen op de noodzaak om helder te zijn over de rolverdeling in participatieprocessen. De raad krijgt hierover de nodige tips aangereikt. 2. Motieven voor participatie Zoals uit het Raadsakkoord 2022-2026 blijkt, wil de raad dat nieuw of aangepast beleid tot stand komt “vanuit of in samenwerking met inwoners, bedrijven en organisaties”. In het akkoord staat ook dat jongeren actief betrokken zullen worden bij vraagstukken die hen raken, doelgericht en op projectbasis, waarbij gezocht wordt naar participatievormen die hen passen. De doelgroep jongeren wordt ook in het Coalitieakkoord 2022-2026 uitgelicht. Daarin wordt ook aangegeven dat geëxperimenteerd wordt met een burgerforum of burgerberaad om burgers meer zeggenschap te geven over hun directe leefomgeving. Met als uitgangspunt dat de gemeenteraad de besluiten neemt. 3.
Wat er over participatie wordt vastgelegd De gemeente vindt dat de tijd is aangebroken om participatiebeleid op te stellen. De raad kondigt in het raadsakkoord aan dat het college een participatiekader opstelt dat de gemeenteraad vaststelt. Met de participatieladder die helpt om te verduidelijken wat ieders rol is. Het wordt een dynamisch document dat periodiek wordt bijgesteld op basis van opgedane leerervaringen. In het coalitieakkoord staat dat de gemeente haar werkwijze voor burger- en overheidsparticipatie de komende periode vaststelt. Het voornemen is ook om de SDW-raden (nog) beter
Deel C: Bijlagen
57
in positie te brengen in de ontwikkeling en uitvoering van stads-, dorps- en/of wijkvisies. Daarbij zal de gemeente naar alle betrokkenen communiceren over deze rol, zodat voor iedereen helder is wat de (nieuwe) rol inhoudt. 4. Participatie in de praktijk De breed gedragen behoefte van gesprekspartners om een nieuwe fase in te luiden, sluit aan bij de uitgangspunten die de raad in het Raadsakkoord formuleerde bij het thema Participatie. Evenals bij het voornemen uit het Coalitieakkoord ‘Samen koers houden’ om participatiebeleid op te stellen en de SDW-raden beter in positie te brengen. In dezelfde beweging als het actualiseren van het Tij van de Toekomst, kondigt de raad aan dat het college van BenW een participatiekader opstelt, dat wordt vastgesteld door de raad. “Het participatiekader moet een dynamisch document zijn dat periodiek kan worden bijgesteld op basis van opgedane leerervaringen.” (Raadsakkoord). De belofte in het Coalitieakkoord is: “Komende periode stellen we onze werkwijze voor burger- en overheidsparticipatie vast (…) en stellen via de programmabegroting 2023–2026 budget beschikbaar om participatiebeleid op te stellen en daarnaast structureel budget voor participatie; het college werkt dit verder uit.” In datzelfde Coalitieakkoord staat geschreven: “We vinden de betrokkenheid bij en het participeren in projecten door inwoners heel belangrijk.
De stads-, dorps- en wijkraden zijn daarin een essentiële schakel. Deze adviesorganen bestaan uit vrijwilligers die onbezoldigd veel tijd, inzet en energie hieraan besteden. De projecten waarbij zij betrokken zijn worden steeds complexer. Om te borgen dat zij goed kunnen blijven functioneren zetten we daarom in op meer ondersteuning en versterking van stads-, dorps-, en wijkraden. Daarnaast zetten we deze periode in op gelijke behandeling, voldoende representatie en gelijkwaardige participatie van alle doelgroepen in onze lokale samenleving.”
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
5. Rol van de gemeenteraad In het nieuwe Raadsakkoord wordt een participatiekader aangekondigd dat door de raad wordt vastgesteld. In het nieuwe coalitieakkoord staat dat de gemeente haar werkwijze voor burger- en overheidsparticipatie de komende periode vaststelt. Het voornemen is om verwachtingen over en weer duidelijk te maken. “Dat betekent dat: de gemeenteraad de mate van invloed van inwoners vaststelt voordat een traject start. Mag je als inwoner alleen meepraten of ook meebeslissen?, de gemeente tijdens het traject zorgt dat het voor inwoners altijd helder is welke rol en invloed zij hebben, de rol van de gemeenteraad als eindbeslisser en volksvertegenwoordiger duidelijk is in het hele traject.” In het Coalitieakkoord staat ook: “We bereiden een advies voor waarin, mede in het licht van de nieuwe Omgevingswet, de rolverdeling tussen gemeenteraad en college bij ruimtelijke planvorming en besluiten over ruimtelijke initiatieven wordt uitgewerkt.”
Deel C: Bijlagen
58
Deel C: Bijlagen Bijlage 1. Gesprekspartners
60
Bijlage 2. Beoordelingskader
62
Bijlage 3. Casusbeschrijvingen
65
• Totstandkoming maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee
66
• Werking van het convenant Stads- Dorps- en Wijkraden
72
• Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire
77
• Ideeënloket Ikhebeenidee
82
Bijlage 4. Bronnenoverzicht
88
Bijlage 5. Afbeeldingen
91
• Participatietermen en definities
91
• Participatieladder
92
• Convenant
93
• Wettelijke eisen aan participatie
94
• Het Participatieverhaal over feiten en beleving
96
• 4V-kwadrant
102
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
59 59
Bijlage 1: Gesprekspartners Startgesprek ambtelijk contactpersonen 10 maart • Denise de Leeuw, stafadviseur participatie • Janny de Jonge, stafadviseur participatie Startgesprek communicatieadviseur gemeenteraad 10 maart 2022 • Daan Frantzen, communicatieadviseur gemeenteraad Startgesprek college 22 maart 2022 • Jack van der Hoek, burgemeester • Ankie Smit, wethouder • Jacqueline van Burg, wethouder • Daniël Joppe, wethouder • Paula Schot, wethouder • Marieke van den Heuvel, gemeentesecretaris/algemeen directeur • Denise de Leeuw, stafadviseur participatie • Janny de Jonge, stafadviseur participatie Gesprek Casus Convenant SDW-raden, 14 april 2022 • Heleen Vis, beleidsmedewerker Stads- en Dorpsraden, dorpshuizen en sport • Corina Jansen, contactfunctionaris Stads- en Dorpsraden sinds 2014 • Pethy Maris, contactfunctionaris Stads- en Dorpsraden tot 2014 • Ellen Goossens, eerste contactfunctionaris Stads- en Dorpsraden SchouwenDuiveland • Ricardo de Winter, programmamanager ruimtelijke projecten en dorpsvisies Gesprek Casus Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire, 25 april 2022 • Rick Hiele, verkeerskundig medewerker gemeente • Rien Heutink, beleidsmedewerker gemeente
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Gesprek Casus Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire, 3 mei 2022 • Joost Loomans, een van de initiatiefnemers en voormalig voorzitter stichting Schoolbus Zonnemaire • Janny de Jonge, als lid van het team ikhebeenidee van de gemeente betrokken bij burgerinitiatieven • Eric Caspers, strategisch adviseur concernzaken gemeente, aanspreekpunt voor de stichting Schoolbus Zonnemaire Gesprek Casus ikhebeenidee, 3 mei 2022 • Denise de Leeuw, stafadviseur participatie en lid team ikhebeenidee • Janny de Jonge, stafadviseur participatie en lid team ikhebeenidee Gesprek sleutelpersonen Participatie & Communicatie, 9 mei 2022 • Marieke van den Heuvel, gemeentesecretaris/algemeen directeur • Denise de Leeuw, stafadviseur participatie • Janny de Jonge, stafadviseur participatie • Manon de Jonge, communicatieadviseur • Marieke de Wild, coördinator cluster communicatie en communicatieadviseur • Janneke de Jonge, communicatieadviseur • Daan Frantzen, communicatieadviseur (gemeenteraad) Gesprek sleutelpersonen vakdisciplines, 10 mei 2022 • Onno Kasse, lid team ikhebeenidee en coördinator cluster Omgevingsbeleid • Kees Paauwe, lid team ikhebeenidee en projectleider • Ricardo de Winter, programmamanager ruimtelijke projecten en dorpsvisies • Jasper Maaskant, projectleider openbare werken • Cockie de Wilde, beleidsmedewerker groen en landschap • Baukje Bruinsma, beleidsadviseur energie en
duurzaamheid • Guus Besuijen, beleidsmedewerker erfgoed • Liesbeth Boerwinkel, beleidsmedewerker sociaal domein
Deel C: Bijlagen
60
Deelnemers SAMENloop 20 juni 2022 • Gertjan Benou, ambtenaar • Ron Brink, raadslid • Milco Busker, commissielid • Hanno Canters, collegelid • Richard Donselaar, inwoner • Jeffrey van Doorenmalen, raadslid • Dian Fluijt, commissielid • Rien Heutink, ambtenaar • Laurence Haack, commissielid • Jack van der Hoek, collegelid • Corina Jansen, ambtenaar • Manon de Jong, ambtenaar • Daniel Joppe, collegelid • Onno Kasse, ambtenaar • Rutger Kater, inwoner • Erika Kater, commissielid • Berbel Korenhof, raadslid • Leontien Kroesbeek, raadslid • Ruud van de Laar, raadslid • Willem Marsman, inwoner • Tonny Merle, inwoner • Karen Nije, inwoner • Florus van der Paauw, raadslid • Jose Schikker, raadslid • Ankie Smit, collegelid • Heleen Vis, ambtenaar • Corina van der Vliet-Hart, raadslid • Ricardo de Winter, ambtenaar
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Gespreksbegeleiders SAMENloop 20 juni 2022 • Daan Frantzen, gemeente • Margot Gerritsen, 7Zebra’s • Ellen Goossens, gemeente • Roland Houtzager, gemeente • Janny de Jonge, gemeente • Aloys Kersten, Rekenkamer • Jessica van Koert, 7Zebra’s • Denise de Leeuw, gemeente • Arianne Metz, Rekenkamer • Betty Talstra, Rekenkamer
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
61
Bijlage 2: Beoordelingskader De Rekenkamer maakt bij dit onderzoek gebruik van een beoordelingskader met criteria om te komen tot bevindingen. Het is de meetlat waar de Rekenkamer het beleid en de uitvoering langs legt. Voor elk van de vijf onderzoeksvragen zijn deelvragen met criteria opgesteld. 2. Waarom hechten gemeente en samenleving aan participatie?
1. Waar gaat het bij participatie over? Deelvragen
Criteria
Deelvragen
Criteria
1. Wat verstaat de gemeente SchouwenDuiveland onder participatie en welke soorten participatie worden onderscheiden? En hoe verhoudt participatie zich tot de representatieve democratie?
- De gemeente heeft gedefinieerd wat zij verstaat onder participatie en welke vormen van participatie zij onderscheidt. - De gemeente heeft vastgelegd hoe participatie zich verhoudt tot de representatieve democratie.
1. Wat zijn beweegredenen van de gemeente om met de samenleving in gesprek te gaan?
- De gemeente noemt in haar beleid motieven om met de samenleving in gesprek te gaan.
2. Wat wordt bedoeld met de kaderstellende, volksvertegenwoordigende en controlerende rol van de raad? En wat betekent dit voor de rolinvulling bij participatietrajecten?
- De gemeente heeft vastgelegd wat wordt bedoeld met de kaderstellende, volksvertegenwoordigende en controlerende rol van de raad en wat deze betekenen voor de rolinvulling bij participatietrajecten.
2. Welke motieven hebben inwoners, ondernemers, instellingen om wel en niet te willen participeren?
- De gemeente realiseert zich wat de motieven van inwoners, ondernemers, instellingen kunnen zijn om wel en niet te willen participeren.
3. Wat wordt er (naar verwachting) wettelijk geregeld met betrekking tot participatie?
- De gemeente heeft inzicht in de wettelijke eisen die naar verwachting worden gesteld aan participatie.
3. Wanneer zegt de gemeente ‘nee’ tegen participatie?
- De gemeente heeft in haar beleid benoemd in welke situaties er geen prioriteit wordt gegeven aan participatie.
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
62
3. Wat staat er over participatie op papier in Schouwen-Duiveland?
4. Hoe verloopt de participatie feitelijk in de praktijk?
Deelvragen
Deelvragen
Criteria
1. Welke kaders (ambities, doelen en - De gemeenteraad heeft kaders (ambities, uitgangspunten) heeft de gemeenteraad doelen en uitgangspunten) vastgesteld vastgesteld op het gebied van op het gebied van participatie. participatie? Zijn deze duidelijk en - De kaders zijn duidelijk en concreet concreet geformuleerd? geformuleerd.
1. Hoe geeft de gemeente invulling aan participatie?
- De gemeente geeft in de praktijk invulling aan participatie.
2. Hoe zijn deze ambities, doelen en uitgangspunten uitgewerkt tot richtlijnen voor raad, college en ambtelijke organisatie? Zijn de taken, verantwoordlijkheden en procedures helder beschreven?
- De ambities, doelen en uitgangspunten met betrekking tot participatie zijn uitgewerkt tot richtlijnen voor raad, college en ambtelijke organisatie. - De taken, verantwoordlijkheden en procedures met betrekking tot participatie zijn helder beschreven.
2. Hoe geeft de samenleving invulling aan participatie?
- De samenleving geeft in de praktijk invulling aan participatie.
3. Op welke domeinen is het beleid of zijn de activiteiten met betrekking tot participatie gericht?
- De gemeente heeft bepaald op welke beleidsdomeinen beleid of activiteiten met betrekking tot participatie zijn gericht.
3. Hoe geeft de raad invulling aan zijn kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol bij participatie?
- De raad heeft invulling gegeven aan zijn kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol bij de vier geselecteerde casussen.
4. Wat is het communicatiebeleid van de gemeente in relatie tot participatie?
- De gemeente heeft beschreven hoe zij communiceert met de samenleving over de wijze waarop geparticipeerd kan worden bij initiatieven vanuit de gemeente. - De gemeente heeft beschreven hoe zij met de samenleving communiceert over de wijze waarop de gemeente aansluit bij initiatieven vanuit de samenleving.
4. Hoe communiceert de gemeente met de samenleving over participatie(mogelijkheden)?
- De gemeente communiceert met de samenleving over participatie(mogelijkheden), in algemene zin en in de vier geselecteerde casussen. - De gemeente legt uit in wanneer er geen prioriteit wordt gegeven aan participatie.
5. Welke effecten heeft de participatie op de besluitvorming (gehad)?
- De participatie heeft effect (gehad) op de besluitvorming in algemene zin en in de vier geselecteerde casussen.
Inhoud
Criteria
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
63
5. Reflectie op de rolinvulling door de raad Deelvragen
Criteria
1. In hoeverre gaf de raad in de praktijk - De uitvoering van participatie door invulling aan de kaders en afspraken over de raad in de praktijk past binnen de participatie? Had de raad een duidelijke vastgestelde kaders en afspraken. positie in het participatieproces? - De raad had in de praktijk een duidelijke positie in het participatieproces.
2. In hoeverre is de werkwijze van de raad toekomstbestendig in het licht van nieuwe wetgeving en ontwikkelingen? En hoe anticipeert de gemeenteraad hierop?
- De werkwijze van de raad is toekomstbestendig in het licht van nieuwe wetgeving en ontwikkelingen. - De raad anticipeert in de praktijk op de nieuwe wetgeving en ontwikkelingen.
3. Wat zou de raad moeten vasthouden, versterken, vernieuwen en verlaten als het gaat om zijn rol in participatieprocessen naar het oordeel van een brede groep betrokkenen bij de participatieprocessen?
n.v.t. (open vraag)
4. Welke handvatten en instrumenten kunnen hierbij behulpzaam zijn?
n.v.t. (open vraag)
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
64
Bijlage 3. Casusbeschrijvingen
Terug naar Samenvatting onderzoeksbevindingen
Aan de hand van documenten en een gesprek met de betrokken ambtenaren/ initiatiefnemer is voor vier casussen - zo feitelijk mogelijk - een aantal aspecten van het participatieproces in beeld gebracht. • Totstandkoming maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee • Werking van het convenant Stads- Dorps- en Wijkraden • Burgerinitiatief Schoolbussen Zonnemaire • Ideeënloket Ikhebeenidee Tijdens het onderzoek zijn de concept-casusbeschrijving aan de betrokkenen voorgelegd voor een check op juistheid en compleetheid. Waar aan de orde heeft dat geleid tot aanpassingen in de beschrijving. Op basis van de casusbeschrijving heeft de Rekenkamer het participatieproces gevisualiseerd.
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
65
Casusbeschrijving Totstandkoming maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee Aan de hand van documenten en een gesprek met de betrokken ambtenaren is - zo feitelijk mogelijk - een aantal aspecten van het participatieproces in beeld gebracht. Tijdens het onderzoek is de concept-casusbeschrijving aan de ambtelijk betrokkenen voorgelegd voor een check op juistheid en compleetheid. Waar aan de orde heeft dat geleid tot aanpassingen in de beschrijving.
• Ontwikkeld met een klankbordgroep van 8 inwoners en ondernemers • Informeel ter inzage gelegd • Formele inspraakprocedure doorlopen • Ter vaststelling aangeboden door college aan de gemeenteraad • De raad wijkt af van het voorstel dat is afgestemd met de klankbordgroep
Op basis van de casusbeschrijving heeft de Rekenkamer het participatieproces gevisualiseerd.
Concept-maatregelenpakket gedeeld met college en besproken met klankbordgroep April
Bespreking raadsbrief in Commissie R&E Juni Juni
Mei Rapport Enquête Parkeerbeleid Zierikzee > Inzicht in huidige situatie en draagvlak voorgedragen voorstellen
College stelt conceptmaatregelenpakket vast en informeert raad per raadsbrief
0 2 0 2 2 02 0 Inhoud
Juni en Juli
Conceptmaatregelenpakket ligt formeel ter inzage
20 2 0
Conceptmaatregelenpakket ligt informeel ter inzage. Wordt verspreid via de gebruikelijke gemeentelijke kanalen. Inwoners kunnen reageren dmv een web-formulier
Oktober
Augustus tot medio september
0 202
2 0 20 Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Klankbordgroepbijeenkomst in aanwezigheid van de wethouder
Deel C: Bijlagen
December November
College stelt raadsvoorstel vast > raad wordt voorgesteld het maatregelenpakket vast te stellen en te dekken door verhoging parkeertarieven
202 0
Raad stelt maatregelenpakket vast. Besluit met een amendement tot één vergunning per huishouden en bedrijf per 1/1 2022 > ipv voorgestelde ‘uitsterfbeleid
2020 66
Initiatiefnemer
Gemeente Schouwen-Duiveland
Maatschappelijke opgave
Parkeerbeleid in het centrum van Zierikzee. Het parkeren en de vervoersbewegingen hebben invloed op de leefbaarheid en duurzaamheid (milieu) in de binnenstad van Zierikzee. Tegelijkertijd zijn er de economische belangen van de ondernemers die in de binnenstad gevestigd zijn. Daarnaast hebben de hulpdiensten 3,5 meter doorgang nodig voor de bereikbaarheid/doorgang bij calamiteiten. Het komt door de hoge parkeerdruk in veel straten voor dat deze maat met regelmaat niet gehaald wordt.
Relevantie/impact voor de samenleving
Het belang om de auto op redelijke afstand te kunnen parkeren en de leefbaarheid in de buurt.
Agendering
Parkeren in het centrum van Zierikzee is een onderwerp dat al sinds de jaren 70 van de vorige eeuw actueel is. De basis voor het Maatregelenpakket ligt in het parkeerbeleid 2017, waarin is opgenomen dat er in de bijlage bij het parkeerbeleid verschillende locaties zijn benoemd die in aanmerking zouden kunnen komen voor uitbreiding van betaald parkeren, in combinatie met het toestaan van vergunninghouderparkeren (voorstel 2, par. 5.1.2. parkeerbeleid 2017). Samen met bewoners en ondernemers zal worden bezien of deze locaties ook op draagvlak kunnen rekenen. Dit zal als een projectuitwerking uitgevoerd worden met uitgebreid overleg en inspraak met in ieder geval bewoners en ondernemers in het centrum van Zierikzee.
Kaderstelling door de raad
De kaders voor het Maatregelenpakket zijn opgenomen in het door de raad vastgestelde Parkeerbeleid 2017-2020. - Inhoudelijk: ‘Meer betaald parkeren locaties in het centrum in combinatie met vergunning parkeren op alle betaald parkeerplaatsen in het centrum. Vanuit de gemeente brengen we potentiële locaties in beeld. Beoogde locaties zijn Nieuwe haven, Nieuwe Boogerdstraat (na herinrichting), Balie (na herinrichting), Raamstraat, Hofferplein’. - Procesmatig: ‘Samen met bewoners en ondernemers zal worden bezien of deze locaties ook op draagvlak kunnen rekenen. Dit zal als een projectuitwerking uitgevoerd worden met uitgebreid overleg en inspraak met in ieder geval bewoners en ondernemers centrum Zierikzee.’
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
67
Procesverloop
Inhoud
- 30 januari 2019: schriftelijke vragen VVD-fractie aan college over parkeren. - November 2019: de gemeente zet – met ondersteuning van een onderzoeksbureau Juust - een enquête uit onder 4 doelgroepen voor het parkeren in en om het centrum van Zierikzee: inwoners, werknemers, werkgevers en bezoekers. Hiermee wilde de gemeente inzicht krijgen in de parkeersituatie van de verschillende doelgroepen, achterhalen welke verbeteringen zij noodzakelijk vinden en onderzoeken in hoeverre er draagvlak is voor wijzigingen en/of maatregelen in het parkeerbeleid voor Zierikzee. - 5 maart 2020: raad neemt motie aan over ‘Parkeren Schouwen-Duiveland’. Deze gaat over het onderzoeken van de mogelijkheden om met de invoer van een vignet de parkeerdruk op vergunningsplaatsen te verkleinen. Deze motie van het CDA wordt aangenomen. - 10 maart 2020: resultaat handtekeningenactie – op initiatief van een bewoner - ingediend bij college en gemeenteraad. - 9 april 2020: verschijnen rapport Enquête Parkeerbeleid Zierikzee 2020; inzicht in huidige situatie en draagvlak voorgedragen voorstellen. Opgesteld door Juust bv. - 12 mei 2020: het concept-Maatregelenpakket wordt gedeeld met het college. - 19 mei 2020: het Maatregelenpakket wordt besproken met de klankbordgroep Maatregelenpakket parkeerbeleid, bestaande uit 8 bewoners en/of ondernemers. De wethouder is aanwezig bij deze bijeenkomst.
Uit de notulen blijkt dat de digitale bijeenkomst als zeer positief ervaren is door de deelnemers. De opmerkingen en aanvullingen van de klankbordgroep zijn verwerkt in het Maatregelenpakket. - 16 juni 2020: vaststelling ontwerp-Maatregelenpakket door het college. Raad wordt hierover per raadsbrief geïnformeerd. In de raadsbrief staat dat na vaststelling van het ontwerp-Maatregelenpakket de volgende stap is dit voor te leggen aan alle inwoners om feedback te krijgen op het document. - 22 juni 2020: commissie Ruimte en Economie: Raadsbrief 16 juni over vaststellen ontwerp-Maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee (oordeelsvormende fase). Besproken wordt dat het pakket in oktober terugkomt in de commissie. Op de besluitenlijst staat: Besproken. Het definitieve voorstel wordt afgewacht. - 26 juni t/m 20 juli: het ontwerp-Maatregelenpakket ligt informeel ter inzage. Het ontwerp-Maatregelenpakket is via de gebruikelijke gemeentelijke kanalen verspreid en inwoners kunnen door middel van een web-formulier hun reactie geven op het Maatregelenpakket. - 7 augustus t/m 11 september 2020: concept-Maatregelenpakket (versie van 6 augustus) ligt formeel ter inzage.
- 22 september 2020: BenW-advies waarin het college instemt met het aanbieden van het Maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee aan de commissie en de gemeenteraad, en met de dekking van het Maatregelenpakket door verhoging van parkeertarieven (NB: tot de verhoging van de parkeertarieven was in najaar 2019 besloten in verband met de tekorten op de begroting. Dit stond los van de maatregelen op het gebied van parkeerbeleid. Gelijktijdig werd besloten het Mobiliteitsfonds, waarin de revenuen uit parkeerbelasting werden gestort, op te heffen).
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
68
Procesverloop vervolg
- 6 oktober 2020: het college stelt het raadsvoorstel vast, waarin de raad wordt voorgesteld het Maatregelenpakket vast te stellen. In het raadsvoorstel staat dat ‘het concept-Maatregelenpakket op 9 juli 2020 is vastgesteld door de gemeenteraad’. Vaststelling van het ontwerp-maatregelenpakket stond echter niet op de raadsagenda van 9 juli. Ook is er geen besluit aangetroffen. - 23 november 2020: klankbordgroepbijeenkomst Parkeerbeleid Zierikzee (via MS Teams) in aanwezigheid van de wethouder. Aangegeven wordt dat het ontwerp-Maatregelenpakket (voorstel 6 augustus 2020) ter vaststelling aan de raad wordt aangeboden. Uit de notulen komt naar voren dat een lid van de klankbordgroep het niet eens is met het uitsterfbeleid van de vergunningen. Naar zijn mening moeten er geen tweede vergunningen meer afgegeven worden. De wethouder geeft aan dat dit al eerder is besproken en bepaald en dat alleen de gemeenteraad nu nog aanpassingen kan doen. - 30 november 2020: commissievergadering. - 17 december 2020: de gemeenteraad stelt het Maatregelenpakket vast. Bij de behandeling zijn twee amendementen ingediend en aangenomen (uitgebreider beschreven bij onderdeel besluitvorming hierna).
Rol van de raad
De rol van de gemeenteraad in dit proces is het vaststellen van het Maatregelenpakket. Bij de behandeling worden twee amendementen ingediend en aangenomen.
Besluitvorming
De raad heeft op 17 december 2020 het Maatregelenpakket vastgesteld. Bij de behandeling zijn twee amendementen ingediend en aangenomen: - een door de fractie van het CDA, mede namens de fracties LSD en VVD, ingediend amendement wordt unaniem aangenomen. Het voorziet erin dat inwoners en ondernemers van Schouwen-Duiveland, die rechtmatig in bezit zijn van nog niet gebruikte kraskaarten, de aanschafwaarde desgevraagd door de gemeente vergoed krijgen; - een door de fractie van GroenLinks ingediend amendement, dat erin voorziet per 1 januari 2022 nog slechts één vergunning per huishouden en bedrijf te verstrekken, wordt met 15 stemmen voor en 8 stemmen tegen aangenomen. Voor stemmen de fracties CDA, SGP, VVD, GL, SP, PvdA en HvSD. Tegen stemmen de fracties LSD en D66. Opvallend is dat in het amendement staat: ‘Vanuit de bewoners en andere belanghebbenden wordt het verzoek vernomen om ‘door te pakken’.’
Inhoud
Deel A: Bestuurlijk deel
Deel B: Onderzoeksverslag
Deel C: Bijlagen
69
Besluitvorming vervolg
Het geamendeerde voorstel wordt met 22 stemmen voor en 1 stem tegen aangenomen. De fractie van D66 stemt tegen. De raad besluit het Maatregelenpakket parkeren centrum Zierikzee vast te stellen, met dien verstande dat: - in het Maatregelenpakket in hoofdstuk 5 genaamd Kraskaarten op pagina 11 wordt toegevoegd: De nog niet gebruikte kraskaarten, die nog in bezit zijn van inwoners en ondernemers van Schouwen-Duiveland, waarvan per 1 juli 2021 de geldigheid vervalt, worden desgevraagd door de gemeente binnen een nader te stellen termijn vergoed tegen de aanschafwaarde dan wel gecompenseerd in nieuwe parkeerkaarten tegen minimaal de aanschafwaarde; - het voorstel op pagina 10 van de bijlage bij het raadsvoorstel luidt als volgt: 1. bewoners en ondernemers maximaal één vergunning per adres per 2022; 2. de uitgegeven tweede vergunningen blijven van kracht, maar vanaf 2022 worden er geen tweede vergunningen meer verstrekt of verlengd.
Effect participatie
In het BenW-advies van 22 september 2020 staat dat ‘het concept-Maatregelenpakket op 19 mei 2020 is besproken met de klankbordgroep en dat de opmerkingen en aanvullingen van de klankbordgroep zijn verwerkt in het Maatregelenpakket’. En verderop: ‘Het Maatregelenpakket is opgemaakt na een intensief participatietraject. Het document wat er nu ligt is een product van de bewoners en ondernemers van Zierikzee.’ De raad wordt in het raadsvoorstel d.d. 6 oktober als volgt geïnformeerd over het participatieproces: - eind 2019 is er een parkeerenquête uitgezet door adviesbureau Juust onder inwoners, werknemers, werkgevers en bezoekers van Zierikzee; - via deze enquête wilden we ophalen wat de parkeerwensen van de inwoners, ondernemers, werknemers en bezoekers van het centrum van Zierikzee zijn om te achterhalen welke verbetermogelijkheden gebruikers zien. Daarnaast is middels deze enquête informatie verzameld over het huidige parkeergedrag, de ervaren knelpunten en mogelijke verbeteringen van de belanghebbende op het gebied van parkeerbeleid; - aan de hand van de resultaten van de enquête is er een concept-Maatregelenpakket opgesteld. Deze is op 19 mei besproken met de klankbordgroep. De opmerkingen en aanvullingen van de klankbordgroep zijn verwerkt in het Maatregelenpakket.