CConstaterende datSchouwen-Duiveland
Koppel je AI →
Document · PDF

2025.259 - Stichting Obase Bestuursverslag (1536632)

Gemeenteraad 3 juli 2025, gemeente Schouwen-DuivelandBij agendapunt: Ingekomen stukken24.673 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

27

waarin concrete doelen en acties worden geformuleerd om de professionele groei en ontwikkeling van medewerkers te stimuleren. Samenwerking en kennisdeling Om de afstemming van ons personeelsbeleid op de opgave van elke school te versterken, stimuleren we samenwerking en kennisdeling tussen onze scholen. Op diverse thema's werken scholen binnen OBASE zoveel mogelijk samen. De afdeling Kwaliteitszorg van OBASE zorgt hierbij voor inventarisatie, afstemming en verbinding. Monitoren en evalueren personeelsbeleid Het schoolbestuur speelt een actieve rol in het monitoren en evalueren van het personeelsbeleid. Tijdens de kwaliteits- en formatiegesprekken worden de voortgang en resultaten met de individuele school besproken, waarbij het personeelsbeleid tevens wordt geëvalueerd en indien nodig bijgestuurd. Daarnaast worden tijdens directieoverleg en -directiestudiedagen regelmatig momenten ingepland om het OBASE personeelsbeleid met de schooldirecteuren door te nemen. Dit biedt de gelegenheid om ervaringen te delen, knelpunten te identificeren en gezamenlijk te werken aan verbeteringen. De (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad speelt een belangrijke rol bij het bespreken en delen van het personeelsbeleid met leerkrachten.

Via de medezeggenschapsraad worden medewerkers betrokken bij besluitvormingsprocessen en hebben zij inspraak in het beleid dat direct invloed heeft op hun werkomgeving. OBASE stimuleert leidinggevenden om een open dialoog te voeren en te luisteren naar de input en suggesties van het personeel, zodat het beleid zo goed mogelijk aansluit op hun behoeften en verwachtingen. Door deze initiatieven te implementeren, blijven we ons personeelsbeleid voortdurend afstemmen op de specifieke opgave waar onze scholen voor staan. Samen werken we aan de verdere ontwikkeling en groei van ons personeel en daarmee aan het succes van onze scholen. Dit beleid is erop gericht te voorkomen dat personeelsleden worden ontslagen. Indien daar toch sprake van is, ondersteunt het schoolbestuur het betreffende personeelslid om op een adequate en financieel verantwoorde wijze een andere dienstbetrekking te vinden.

4.11. Banenafspraak Stichting OBASE had in 2024 geen personeelsleden in dienst die vallen onder de Participatiewet. OBASE heeft in 2024 twee personeelsleden (1,73 fte) in dienst die voorheen vielen onder WIW of IDbanen. OBASE koopt het groenonderhoud in bij een sociaal werkbedrijf. Door deze inkoop worden indirect ook banen in het kader van de Banenafspraak gerealiseerd. Door gebrek aan financiële middelen en begeleiding is het beleid van OBASE tot op heden om geen mensen in het kader van de Participatiewet aan te nemen. In 2025 wordt de managementstructuur van OBASE gewijzigd. Na afronding van deze structuur kan OBASE zich gaan richten op een visie voor het plaatsen van mensen die tot de doelgroep banenafspraak behoren. De grootste knelpunten zijn het gebrek aan mogelijkheden tot begeleiding en het gebrek aan financiële ruimte om de banen in het kader van de doelgroep te creëren.

28

4.12. Werkdrukmiddelen De inzet van de werkdrukmiddelen worden door de schoolteams besproken bij de formatieplanning. Na overeenstemming van het schoolteam wordt de inzet voorgelegd aan de MR van de betreffende school. In 2024 is een bedrag van € 367.900 besteed in het kader van de werkdrukmiddelen en is voornamelijk ingezet op personeel met als doel het verkleinen van de groepen en het bieden van ondersteuning in de groepen.

4.13. VOG Vanaf verslagjaar 2024 moet volgens de Richtlijnen Jaarverslaggeving Onderwijs gerapporteerd worden over de tijdige aanwezigheid van de VOG’s. Wij hebben onze accountant geen opdracht gegeven om de werkzaamheden zoals opgenomen in de bijlage IV bij het Onderwijsaccountantsprotocol inzake de tijde aanwezigheid van de VOG in 2024 uit te voeren. OBASE heeft als beleid om geen salarissen uit te betalen, indien er geen geldige VOG aanwezig is en voert zelf een maandelijkse interne controle uit op de tijdigheid van de VOG’s. Uit de onderstaande tabel blijkt dat alle nieuwe VOG’s tijdig aanwezig waren in verslagjaar 2024.

Nieuwe VOG's in 2024 Nieuwe medewerkers in loondienst Nieuwe personen niet in loondienst met VOGverplichting

VOG aanwezig op ingangsmoment

VOG te laat aanwezig VOG niet aanwezig

24

0

0

4

0

0

29

5. Huisvesting en facilitair 5.1.

Inleiding

Goede en passende huisvesting is een randvoorwaarde om goed onderwijs te kunnen bieden. De huisvesting is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gemeente en het schoolbestuur. Het huisvestingsbeleid wordt door de gemeente in samenspraak met de schoolbesturen vastgelegd in het Integraal Huisvestingsplan (IHP). Hierin staan de huisvestingontwikkelingen voor de komende jaren beschreven als het gaat over nieuwbouw, renovatie of uitbreiding. In 2024 is de gemeente gestart met het herijken van het IHP. Naar verwachting zal het herijkte IHP in 2025 door de gemeente afgerond worden.

5.2.

Doelen en resultaten

Het Schoolbestuur had ten aanzien van huisvesting en facilitair in 2024 de volgende doelen gesteld: Doel Duurzaamheid

Aanbrengen ventilatiesystemen

Vernieuwen deel van de wifi scholen Verbeteren digitaal werken

Resultaat Vanuit de gemeente Schouwen-Duiveland is budget beschikbaar gesteld voor het vergroenen van de schoolpleinen. In 2024 is gestart met de pilotfase waarbij het schoolplein van de Meerpaal vergroend is. In 2025 en 2026 worden de andere schoolpleinen opgepakt. In een groot aantal van de OBASE-scholen zijn ventilatiesystemen aangebracht. De systemen zijn nog niet in alle scholen werkend. Naar verwachting worden de projecten in 2025 afgerond. De leermethoden zijn in veel gevallen webbased. Om de toegankelijkheid en snelheid van het internet te optimaliseren is een deel van de wifi vernieuwd. Om het digitaal werken te verbeteren is OBASE in 2024 overgegaan naar het werken met Onedrive. Hiervoor zijn ook investeringen in de vorm van laptops gedaan.

Realisatie

Aanduiding van de kleuren: Doel gehaald. Proces loopt nog Doel niet gehaald

5.3.

Bouwprojecten

Op dit moment vinden de voorbereidingen plaats voor de nieuwbouw van Obs De Oosterburcht in Oosterland en de nieuwbouw van Obs Duiveland in Nieuwerkerk. In het eerste kwartaal van 2025 worden de investeringsbudgetten in de gemeenteraad behandeld.

5.4.

Onderhoud gebouwen

Veel onderwijsgebouwen van OBASE zijn weliswaar gedateerd, maar de onderhoudsstaat van de gebouwen is voldoende. In 2023 is het meerjarenonderhoudsplan van OBASE door middel van schouwing geactualiseerd. Elke vier jaar wordt het meerjarenonderhoudsplan geactualiseerd.

30

Vanwege de keuze voor het invoeren van ventilatiesystemen in de schoolgebouwen is het onderhoud in de scholen beperkt tot noodzakelijk onderhoud.

5.5.

Duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen

Binnen OBASE erkennen we de essentiële rol van duurzaamheid bij ons ondernemerschap. Naast het financiële aspect vinden we het belangrijk om niet-financiële indicatoren te analyseren, waaronder milieu- en personeelsaangelegenheden. Deze analyse stelt ons in staat om een volledig beeld te krijgen van onze impact op de samenleving en om gerichte acties te ondernemen om deze impact positief te beïnvloeden. In dit verslag willen we graag de aandacht vestigen op de volgende aspecten: Algemene Maatschappelijke Aspecten We zijn ons bewust van onze verantwoordelijkheid als onderwijsstichting om een positieve bijdrage te leveren aan de maatschappij. Dit omvat onder andere het stimuleren van gelijke kansen, het bevorderen van diversiteit en inclusie. In onze leerlijn Persoonsvorming komen deze aspecten terug in het leergebied ‘Zijn, samenzijn en samenleven’. Daarnaast betrekken we actief ouders, verzorgers en andere belanghebbenden bij het onderwijsproces. En zetten we ons in voor een open dialoog en een constructieve samenwerking met de bredere gemeenschap, waarbij we rekening houden met de behoeften en verwachtingen van alle stakeholders. Milieuaspecten We streven ernaar om onze ecologische voetafdruk te minimaliseren en bij te dragen aan een duurzame leefomgeving.

Op onze scholen leren leerlingen over belangrijke onderwerpen zoals energiebesparing, afvalvermindering, waterbehoud, biodiversiteit en klimaatverandering. We moedigen hen aan om bewuste keuzes te maken, zoals het besparen van energie en water, het verminderen van afval en het bevorderen van recycling. Daarnaast spannen we ons in voor het creëren van een duurzame en gezonde leeromgeving. Hierbij letten we onder andere op het gebruik van duurzame materialen en stimuleren we groene initiatieven. Eén van onze initiatieven is de deelname aan een grootschalig eilandelijk project, waarbij we trachten in de planperiode 2023-2027 alle schoolpleinen van OBASE in de komende jaren te vergroenen en te voorzien van moestuinen. In dit project werken we nauw samen met de lokale stichting voor Natuur- en Milieu-Educatie (NME), die onder andere de educatieve programma's ontwikkelt om de leerlingen te betrekken bij dit proces. Sociale Aspecten Het welzijn van onze medewerkers en leerlingen staat centraal in ons streven naar duurzaamheid. We zetten ons in voor een veilige, gezonde en inclusieve leeromgeving waarin iedereen gelijke kansen heeft. We stimuleren een positieve en respectvolle omgang met elkaar en investeren in professionele ontwikkeling en welzijnsprogramma's voor onze medewerkers.

Zo hebben alle personeelsleden van OBASE het afgelopen jaar trainingen gevolgd in het vergroten van veerkrachtvaardigheden, weerbaarheid en zelfregulatie. In onze leerlijn Persoonsvorming komen deze aspecten terug in het leergebied ‘Aandacht, bewustzijn en zelfregulatie’. Tevens bieden we ondersteuning aan leerlingen met speciale behoeften, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen. Economische Aspecten Om duurzaamheid op de lange termijn te waarborgen, is het belangrijk om een gezonde financiële basis te hebben. We streven naar een evenwichtige financiële positie en efficiënt gebruik van middelen, zodat we onze educatieve doelstellingen kunnen realiseren en tegelijkertijd onze

31

maatschappelijke verantwoordelijkheid kunnen vervullen. We zijn transparant over onze financiële resultaten en zorgen voor een verantwoord beheer van onze financiële middelen. Bij OBASE zien we duurzaamheid als een integraal onderdeel van ons ondernemerschap. We blijven ons inzetten om onze maatschappelijke, milieu-, sociale en economische prestaties te verbeteren. Door verantwoordelijkheid te nemen en continu te streven naar duurzame praktijken, streven we ernaar om een positieve impact te hebben op de wereld om ons heen. Samen met onze medewerkers, leerlingen en belanghebbenden blijven we bouwen aan een toekomst waarin duurzaamheid centraal staat, en waarin we bijdragen aan een leefbare en veerkrachtige samenleving voor de huidige en toekomstige generaties.

5.6.

Toekomstige ontwikkelingen huisvesting en facilitair

Als het IHP van de gemeente afgerond wordt, zal er meer duidelijkheid komen over de mogelijke nieuwbouw en renovatie van OBASE-scholen. Naar verwachting zal in 2025 een start gemaakt worden met de ontwerpfase van de nieuwbouw voor De Oosterburcht en Duiveland. Daarnaast worden de projecten “Vergroening schoolpleinen” en “Ventilatiesystemen” verder uitgevoerd in het komende jaar.

32

6. Financieel beleid 6.1.

Doelen en resultaten

Het Schoolbestuur had ten aanzien van financiën en control in 2024 de volgende doelen gesteld: Doel Opstellen van de risico analyse Implementatie en uitvoering van de wet Werkgebonden Personenmobiliteit om te voldoen aan wet en regelgeving. Aanduiding van de kleuren:

Resultaat De risico-analyse is opgesteld en leidt tot een minimale vermogenspositie van € 1.098.000. De implementatie en uitvoering is in 2024 behaald.

Realisatie

Doel gehaald. Proces loopt nog Doel niet gehaald

6.2.

Toekomstige ontwikkelingen

Voor het kalenderjaar 2025 wil OBASE aandacht besteden aan het actualiseren van het document “Financieel beleid” en het beschrijven van de AO-IC.

6.3.

Planning en control

In de planning- en controlcyclus zijn de vaststelling van de (meerjaren)begroting en het jaarrekening de belangrijkste ijkmomenten. Tijdens het kalenderjaar stelt de controller een viermaandelijkse rapportage op die onder meer een inschatting bevat van de ontwikkeling van het resultaat van het boekjaar. Deze viermaandelijkse rapportage wordt besproken met de bestuurder en de Raad van Toezicht. In aanloop naar het volgende schooljaar wordt de financiële ruimte voor de formatie besproken tussen de schooldirecteuren, controller en personeelszaken. De scholen hebben een eigen schoolbegroting, die stand komt in overleg met de schooldirecteuren. Maandelijks worden aan de schooldirecteuren de budgetoverzichten verstrekt, zodat zij hun eigen schoolbudgetten kunnen bewaken. De (meerjaren)begroting van de stichting komt tot stand in overleg met de bestuurder in de maanden oktober en november.

6.4.

Allocatie van middelen

Met het opstellen van de begroting wordt jaarlijks de budgetten toegewezen. Volgens het managementstatuut is het schoolbestuur verantwoordelijk voor het toedelen van de budgetten. De schoolleiders hebben binnen dit proces een adviserende rol. De begroting met de verschillende budgetten wordt ook voorgelegd aan de GMR bij de aanbieding van de begroting. De rijksbijdragen worden in principe toegewezen aan de scholen. Voor zaken die op collectief niveau geregeld zijn (zoals organisatie gerelateerde zaken, huisvesting, ICT, meubilair), wordt in 2024 een

33

percentage van 18 % van de reguliere rijksbijdrage exclusief werkdrukmiddelen afgedragen. Voor de bedrijfsvoering op personeel gebied wordt 7% van de reguliere rijksbijdrage exclusief werkdrukmiddelen beschikbaar gesteld. De diensten die hiervoor aan de scholen worden geleverd zijn: personeels- en salarisadministratie, financiële administratie en controlling, ICT, AVG, huisvesting en kwaliteitszorg. Daarnaast wordt nog 6% gereserveerd voor collectiviteit op het gebied van personeel.

6.5.

Investeringsbeleid

De uitgangspunten voor het investeringsbeleid zijn de vastgestelde vervangingstermijnen en de in het Koersplan geformuleerde doelstellingen. De investeringsbegroting is een onlosmakelijk onderdeel van de (meerjaren)begroting. In het begrotingsproces doen de schooldirecteuren investeringsaanvragen die door de controller worden beoordeeld of deze investeringen passen binnen hun exploitatiebegroting. Het schoolbestuur besluit of deze investeringsaanvragen uitgevoerd mogen worden.

6.6.

Treasury

In juni 2022 is het treasurystatuut vastgesteld, dat voldoet aan de Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016. Het treasurybeleid van OBASE is ondergeschikt en dienend aan de primaire doelstelling van OBASE, namelijk het geven van onderwijs. Daarom is dit beleid sober vormgegeven en is onder meer bepaald dat we geen middelen onderbrengen in beleggingen, geen gebruik maken van financiële derivaten en/of renteswaps en alleen gebruik maken van een rekening-courant, spaarrekeningen en deposito’s. Na een aantal jaren van lage of negatieve spaarrentes is in 2024 weer een positieve renteopbrengst gerealiseerd. Ten opzichte van 2023 hebben geen wijzigingen in het beleggen en lenen plaatsgevonden. OBASE heeft in 2022 twee leningen afgesloten, die in 15 jaar annuïtair worden afgelost en een rentepercentage van 3,25% hebben.

6.7.

Onderwijsachterstanden

De middelen voor onderwijsachterstanden worden ingezet voor regulier formatie waardoor de klassen klein(er) kunnen zijn.

6.8.

Financiën in cijfers toegelicht

OBASE realiseerde over 2024 een negatief resultaat van € 200.495, terwijl in de begroting 2024 rekening was gehouden met een negatief resultaat van € 250.000. Het positievere resultaat (€ 49.500) is voornamelijk het gevolg van hogere rentebaten dan begroot, circa € 38.000. Het restantverschil van € 12.000 wordt met name verklaard door hogere baten, die grotendeels zijn uitgegeven aan personele lasten.

34

6.9.

Financiële positie (balans)

Balans Jaarrekening 2023

Jaarrekening 2024

Verschil jaarrekening 2024-jaarrekening 2023

Materiële vaste activa

1.902.602

1.797.052

-105.550

Financiële vaste activa

54.529

53.029

-1.500

Totaal vaste activa

1.957.131

1.850.081

-107.050

ACTIVA VASTE ACTIVA

VLOTTENDE ACTIVA Vorderingen

408.033

679.910

271.877

Liquide middelen

3.340.198

3.078.204

-261.994

Totaal vlottende activa

3.748.231

3.758.114

9.883

TOTAAL ACTIVA

5.705.362

5.608.195

-97.167

2.629.580

2.704.920

75.340

926.508

666.523

-259.985

Reserve privaat

63.198

63.198

-

Herwaarderingsreserve MVA

106.417

90.567

-15.850

PASSIVA EIGEN VERMOGEN Algemene reserve Bestemmingsreserve publiek

Totaal eigen vermogen

3.725.703

3.525.208

-200.495

VOORZIENINGEN

265.949

311.950

46.001

LANGLOPENDE SCHULDEN

94.036

87.935

-6.101

KORTLOPENDE SCHULDEN

1.619.675

1.683.102

63.427

TOTAAL PASSIVA

5.705.362

5.608.195

-97.167

In 2024 is voor € 298.000 in materiële vaste activa geïnvesteerd. De materiële vaste activa zijn in 2024, na afschrijving en desinvestering met € 106.000 gedaald. De grootste posten betreffen investeringen van: • € 175.000 in ICT, waaronder laptops voor personeel (€ 125.000), chromebooks voor leerlingen (€ 29.000) en deels vernieuwen van het wifi-systeem (€ 18.000). • € 50.000 in aanschaf van leermethoden bij diverse scholen. • € 49.000 in betalingen ventilatiesystemen In 2023 is gestart met de aanleg van ventilatiesystemen op een zevental scholen. Eind 2024 waren deze werken nog niet afgerond. Naar verwachting zullen de ventilatiesystemen in de loop van 2025 worden opgeleverd. De boekwaarde per 31-12-2024 is opgebouwd uit: • Betalingen materiële activa in uitvoering € 652.000 • Ontvangen subsidie RVO via de gemeente € 221.000 -/• Ontvangen subsidie DUS-i voor ventilatiesysteem ’t Kofschip € 63.000 -/• Bijdrage gemeente tot en met 2024 € 184.000 -/Boekwaarde materiële vaste activa in uitvoering € 184.000

35

De financiële vaste activa zijn met € 1.500 gedaald ten opzichte van 2023. Voor het gebruik van Snappet moet een waarborgsom voor chromebooks worden betaald. In 2024 zijn enkele chromebooks teruggegeven, waardoor de borgsom wordt terugbetaald. De kortlopende vorderingen stijgen met € 272.000 ten opzichte van 2023. Deze stijging is voornamelijk toe te schrijven aan: • De overeenkomst over het medegebruik door Kibeo is in een afrondende fase. De geraamde afrekeningen over de jaren 2022 tot en met 2024 zijn hoger dan verwacht. Hierdoor stijgt de vordering met € 132.000. In het eerste kwartaal 2025 is dit bedrag volledig ontvangen. • In 2023 was de maandtermijn december te laat uitbetaald door het Samenwerkingsverband Kind op 1. Hierdoor ontstond een vordering van € 53.000 eind 2023, die in 2024 volledig is ontvangen. • Eind 2024 heeft OBASE een vordering op het UWV in verband met uitbetaalde transitievergoedingen (€ 17.000). • In 2024 waren de vooruitbetaalde kosten voor energie lager dan 2023, hierdoor was de vordering € 20.000 lager dan 2023. • Tot en met 2024 zijn de betalingen voor de ventilatiesystemen € 368.400. De gemeente draagt hier 50% in bij. De vordering van deze bijdrage bedraagt € 184.200. De liquide middelen daalden met € 262.000. Een uitgebreide verklaring voor deze afname staat beschreven in het kasstroomoverzicht dat in de jaarrekening 2024 is opgenomen.

Belangrijkste oorzaak is de betaling van de personele lasten die ten laste van de algemene reserve kwamen, die leidde tot een negatief resultaat (eveneens begroot). Het eigen vermogen van OBASE daalde door het negatieve resultaat over 2024 van € 3.726.000 tot € 3.525.000. OBASE heeft de volgende voorzieningen: • Jubilea: de dotatie 2024 bedroeg € 66.000. Aan deze voorziening is in 2024 een bedrag van € 16.000 onttrokken in verband met uitgekeerde jubilea. De voorziening jubilea bedroeg per 31 december 2024 € 213.000. • Duurzame inzetbaarheid: in verband met duurzame inzetbaarheidsuren die medewerkers kunnen sparen is in 2024 € 20.000 gedoteerd aan de voorziening duurzame inzetbaarheid. Er heeft een onttrekking plaatsgevonden van € 40.000 voor opgenomen uren duurzame inzetbaarheid. Per 31 december 2024 bedroeg de voorziening € 29.000. • Langdurig zieken: Per 31 december 2024 is deze voorziening gebaseerd op het doorbetalen van loon aan twee personeelsleden waarvan verwacht wordt dat zij niet meer terug zullen keren in hun functie bij OBASE. De verplichte doorbetaling gaat door tot het personeelslid na twee jaar ziek uit dienst gaat. In 2024 is € 70.000 gedoteerd en € 53.000 onttrokken. Per 31 december 2024 bedroeg de voorziening € 70.000. Het totaal van de voorzieningen bedraagt per 31 december 2024 € 312.000 (2023: € 266.000).

OBASE heeft twee langlopende leningen ter financiering van de zonnepanelen afgesloten. Deze leningen hebben een looptijd van 15 jaar en worden annuïtair afgelost. De langlopende schulden zijn met € 6.100 afgenomen door de jaaraflossing van de leningen. De langlopende schulden bedragen per 31 december 2024 € 88.000 (2023: € 94.000). De kortlopende schulden stegen met een bedrag van € 63.000 van € 1.620.000 tot € 1.683.000. De belangrijkste oorzaak is dat de schuld voor loonheffing van de maand december in 2024 € 49.000

36

hoger is dan in 2023, oorzaak hiervoor is de toegenomen brutosalarissen als gevolg van de caomaatregelen.

6.10. Resultaat (staat van baten en lasten) Staat van baten en lasten Verschil jaarrekening 2024 ten Jaarrekening Begroting Jaarrekening opzichte van 2023 2024 2024 begroting 2024

Verschil jaarrekening 2024 ten opzichte van jaarrekening 2023

BATEN Rijksbijdragen

11.514.932

11.571.502

11.687.870

116.368

172.938

Overige overheidsbijdragen

36.288

36.200

37.939

1.739

1.651

Overige baten

397.901

255.586

381.137

125.551

-16.764

11.949.121

11.863.288

12.106.946

243.658

157.825

9.485.353

9.872.680

10.094.593

221.913

609.240

Afschrijvingen

212.543

227.920

219.458

-8.462

6.915

Huisvestingslasten

845.010

847.575

874.045

26.470

29.035

Overige lasten

1.005.798

1.161.413

1.153.535

-7.878

147.737

TOTAAL LASTEN

11.548.705

12.109.588

12.341.631

232.043

792.926

Saldo baten en lasten Saldo financiële baten en lasten Saldo buitengewone baten en lasten

400.416

-246.300

-234.685

11.615

-635.101

16.884

-3.700

34.190

37.890

17.306

-

-

-

-

-

TOTAAL RESULTAAT

417.300

-250.000

-200.495

49.505

-617.795

TOTAAL BATEN LASTEN Personeelslasten

SALDO

Belangrijkste verschillen staat van baten en lasten 2024 ten opzichte van de begroting 2024: Rijksbijdragen De totale rijksbijdragen zijn € 116.000 hoger dan de begroting 2024. In juli 2024 is € 225.000 extra aan rijksbijdrage ontvangen vanwege de indexering 2024. De overige incidentele rijksbijdragen zijn hoger dan begroot, zoals de subsidie Ontwikkelkracht (€ 13.000) en de bijzondere bekostiging vreemdelingen (€ 13.000). Daarnaast nog enkele kleine incidentele rijksbijdragen (€ 19.000). De doorbetalingen van het Samenwerkingsverband waren minder dan begroot € 154.000 -/-. In de begroting 2024 was een bedrag begroot voor een vijfde groep bij SBO de Meie. Deze vijfde groep is niet doorgegaan en de personele lasten zijn in 2024 hierop aangepast. Overige baten De overige baten zijn circa € 126.000 hoger dan begroot. Het verschil is te verklaren vanuit verschillende posten. In 2024 is meer duidelijkheid gekomen over het contract voor het medegebruik van Kibeo. Hierdoor is in 2024 een hogere bate dan begroot verantwoord € 45.000, daarnaast heeft een afrekening van voorgaande jaren plaatsgevonden die in totaal € 52.000 bedroeg.

37

De detachering van personeel van OBASE bij het Taalexpertisecentrum was € 13.000 lager dan begroot, dit vanwege beëindigen van dienstverbanden op eigen verzoek. In 2024 zijn incidentele subsidies en baten ontvangen voor onder andere cultuureducatie, bewegingsonderwijs (€ 42.000). Personeelslasten De personele lasten bedroegen in 2024 € 10.095.000 en zijn € 222.000 hoger dan begroot. De hogere lasten zijn grotendeels te verklaren door de volgende posten. De dotaties aan de voorzieningen jubilea en duurzame inzetbaarheid is hoger dan begroot vanwege de doorwerking van de loonstijging (€ 65.000). Daarnaast is gedoteerd aan de voorziening langdurig zieken, die niet was begroot (€ 70.000). De inhuur van derden is € 124.000 hoger dan begroot. In afwachting van de samenwerking met Op Dreef is geen schooldirecteur aangesteld maar is een interim-directeur aangesteld die eveneens de samenwerking begeleidt vanuit OBASE. Door uitval van een schooldirecteur was op korte termijn geen vervanger beschikbaar, waardoor inhuur noodzakelijk was. Een deel van deze kosten zijn gedekt vanuit de personele uitkeringen. Voor scholing is € 65.000 meer besteed dan begroot. De scholen hebben meer teamscholing gedaan dan begroot (€ 18.000). Deze toename blijft binnen hun schoolbegrotingen. Voor de zogenaamde “kweekvijver voor schoolleiders” zijn uitgaven gedaan die niet begroot waren (€ 18.000).

Gezien de ontwikkelingen voor een nieuwe managementstructuur is gekozen om een aantal personeelsleden de opleiding schoolleider startbekwaam te laten volgen. Een bedrag van € 29.000 is aan scholing besteed, waarvoor subsidies tegenover staan. Dit bedrag was niet begroot voor scholingskosten. Een hoger ziekteverzuim dan begroot heeft invloed op de kosten voor trajecten en vervangingen. De kosten voor trajecten waren vanwege langdurige zieken hoger dan begroot (€ 27.000). Door een hoog ziekteverzuim is er meer inzet op vervangingen, waardoor de vergoeding voor vervangingen ook hoger is dan begroot (€ 24.000 -/-). De bijdrage van het UWV is ook hoger dan begroot, deels doordat er meer uitkeringen zijn aangevraagd (€ 13.000) en deels door vergoeding van de verstrekte transitievergoedingen bij ziekte die declarabel zijn bij het UWV (€ 75.000). Huisvestingslasten De huisvestingslasten zijn € 26.000 hoger dan begroot. De hogere kosten worden met name veroorzaakt door hogere onderhoudskosten (€ 27.000). Door krapte op de markt stijgen de tarieven voor onderhoud. De energielasten waren lager dan begroot (-/- € 16.000) doordat de tarieven lager uitvielen dan begroot. De schoonmaakkosten zijn, vanwege forse indexering, € 9.000 hoger dan begroot. Ook de beveiligingskosten zijn door inflatie hoger dan begroot (€ 8.000). De huur van het bestuurskantoor was € 2.000 lager dan begroot.

Per saldo waren de totale onderhoudskosten € 26.000 hoger dan begroot. Overige lasten De overige lasten bedragen in 2023 € 1.153.000. Dit is € 8.000 lager dan begroot. De accountantskosten zijn gestegen door meerwerk en review van de controle € 11.000, de kosten voor leermiddelen zijn € 39.000 lager dan begroot. Hogere kosten voor culturele vorming € 20.000, maar daartegenover staan subsidies.

38

Financiële baten De rentebaten waren in de begroting 2024 voorzichtig begroot. Vanaf 2023 ontving OBASE weer rente op de spaargelden. Vanaf 2024 is dit doorgezet en waren de uiteindelijke rentebaten € 42.000 ten opzichte van een begroting van € 4.000. Belangrijkste verschillen staat van baten en lasten 2024 ten opzichte van 2023: Rijksbijdrage De rijksbijdrage is € 173.000 hoger dan in 2023. Vanwege indexering van de reguliere bekostiging is € 459.000 meer aan bijdrage ontvangen. Daarentegen is er € 400.000 minder verantwoord omdat in 2023 het restant van het Nationaal Programma Onderwijs is uitbetaald. Vanuit de incidentele subsidies is meer bijdragen ontvangen, namelijk de subsidie basisvaardigheden was € 142.000 hoger door nieuwe toekenningen in 2024, toekenning van subsidie Ontwikkelkracht (€ 13.000), en diverse kleinere subsidies (€ 10.000). De bijzondere bekostiging voor vreemdelingen was in 2024 lager dan 2023, doordat minder leerlingen in aanmerking kwamen voor deze subsidie (€ 37.000 -/-). De doorbetalingen van het Samenwerkingsverband Kind op 1 waren € 14.000 lager dan 2023 doordat het tarief voor de lichte ondersteuning naar beneden is bijgesteld. Overige baten De overige baten zijn € 17.000 lager dan de jaarrekening 2023.

Dit lagere bedrag heeft verschillende oorzaken: Door een nieuwe overeenkomst met Kibeo zijn de baten toegenomen met € 94.000, inclusief afrekeningen van voorgaande jaren. De detacheringsbaten zijn lager dan 2023 doordat er minder OBASE-personeel is gedetacheerd aan het Taalexpertisecentrum (€ 26.000 -/-). In 2023 was een nagekomen afrekening van de jaren 2021 en 2022 van het Taalexpertisecentrum verantwoord, hierdoor zijn de baten in 2024 € 83.000 lager. De incidentele bijdragen en subsidies waren in 2024 lager dan 2023 (€ 2.000 -/-). Personele lasten De personele lasten zijn € 609.000 hoger dan 2023. Deze stijging komt met name door doorwerking van de cao-maatregelen van 2023 en de nieuwe cao-maatregelen over 2024 (€ 359.000), meer inzet van fte ten opzichte van 2023 (€ 305.000). De extra inzet van fte heeft te maken met de inzet voor vervanging en inzet voor de subsidies basisvaardigheden en NPO. De dotatie aan de personele voorzieningen is gestegen vanwege de loonstijgingen (€ 28.000). Daarnaast is de dotatie aan de voorziening langdurig zieken hoger € 70.000 dan 2023 (€ 17.000). In 2024 is inhuur geweest voor een interim-directeur, een kwaliteitsmedewerker, vakleerkrachten gym, daarnaast is er inhuur geweest voor vacatures die niet ingevuld konden worden. Ten opzichte van 2023 is de inhuur € 60.000 lager. De scholingskosten zijn in 2024 hoger dan 2023 (€ 68.000).

De scholen hebben meer kosten voor teamscholing gemaakt (€ 6.000). Ter voorbereiding op de nieuwe managementstructuur hebben een aantal personeelsleden in 2024 de opleiding schoolleider startbekwaam gevolgd (€ 18.000). In 2024 zijn de schooldirecteuren op studiereis naar Finland geweest (€ 34.000). Daarnaast zijn in 2024 meer scholingskosten gemaakt die ten laste komen van diverse subsidies (€ 10.000). De activiteiten voor personeel inclusief de kerstpakketten waren € 10.000 hoger dan 2023. Door het hoge ziekteverzuim is er meer gebruik gemaakt van de diensten van de arbodienst en zijn meer trajecten tot reïntegratie noodzakelijk. Om deze redenen zijn de kosten € 35.000 hoger dan 2023. Door meer advies te vragen bij deze ziekteverzuim gevallen zijn deze juridische kosten ook

39

hoger dan 2023 € 7.000. Door de loonsverhoging is de premie voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering ook hoger dan 2023 (€ 6.000). Van het vervangingsfonds werd meer bijdrage ontvangen (€ 128.000), vanwege meer inzet van vervangingen. Ook van het UWV werd meer bijdrage ontvangen (€ 41.000) door onder andere de vergoeding van transitievergoedingen.

Huisvestingslasten De huisvestingslasten zijn € 29.000 hoger dan in 2023. De onderhoudskosten zijn gestegen met € 29.000 door indexering van onderhoudstarieven. De energielasten zijn gedaald met € 23.000. De energiemarkt is in een rustiger vaarwater gekomen, waardoor Energie voor Scholen een gunstiger tarief kon afsluiten. De kosten voor schoonmaak zijn ten opzichte van 2023 gestegen met € 21.000, door forse indexering vanwege loonstijgingen. Vanwege afrekeningen van voorgaande jaren waren de kosten voor heffingen € 2.000 hoger dan 2023. Overige lasten De overige lasten zijn € 148.000 hoger dan 2023. De voornaamste oorzaken voor deze hogere lasten ten opzichte van 2023 zijn als volgt te benoemen. • De accountantskosten zijn € 15.000 hoger als gevolg van review door de inspectie van Ministerie OCW en meerwerk van de accountant. • Meer kosten voor deskundigheidsadvies (€ 8.000)voor advieskosten voor samenwerking met Op Dreef en het passeren van de nieuwe statuten bij de notaris. • Hogere ict-kosten vanwege de overgang naar Onedrive (€ 29.000). • In 2024 zijn subsidies ontvangen op cultureel gebied, hiervoor zijn in 2024 uitgaven gedaan (€ 19.000). • De afrekening van het Taalexpertisecentrum is opgesteld door Lithora en leidt tot een afrekening voor schooljaar 2022-2023 van € 41.000.

Tegenover dit bedrag staan baten vanuit de regeling Bijzondere bekostiging vreemdelingen (€ 22.000 in 2024). • In 2024 heeft OBASE externe audits op kwaliteit laten uitvoeren. De kosten bedragen € 41.000. Financiële baten en lasten De rentebaten over 2024 bedragen € 42.000. Dit is € 18.000 hoger dan de rentebaten over 2023. In 2023 ontving OBASE weer rentebaten na een periode van negatieve rente. Dit heeft zich in 2024 doorgezet. De financiële lasten zijn ten opzichte van 2023 ongeveer gelijk gebleven.

6.11. Resultaatbestemming Het negatieve resultaat over 2024 van € 200.495 zal voor € 259.985 worden onttrokken aan de bestemmingsreserve werkdrukmiddelen/NPO, voor € 15.850 worden onttrokken aan de herwaarderingsreserve 1e materiële vaste activa, en voor € 75.340 worden toegevoegd aan de algemene reserve.

40

7.

Continuïteitsparagraaf

7.1.

Ontwikkelingen in meerjarenperspectief

Hieronder is een tabel afgebeeld met daarin de ontwikkeling van het aantal leerlingen. Leerlingen Kalenderjaar Teldatum Basisonderwijs Speciaal basisonderwijs Totaal aantal leerlingen

2023 1-2-2022 1260 49 1309

2024 1-2-2023 1224 58 1282

2025 1-2-2024 1211 62 1273

2026 1-2-2025 1213 54 1267

2027 1-2-2026 1223 54 1277

De jaren 2026 en 2027 zijn geprognotiseerde leerlingaantallen die opgesteld zijn op basis van het huidige leerlingenbestand en de leerlingprognoses die de gemeente Schouwen-Duiveland door het bureau Pronexus heeft laten opstellen. Het aantal leerlingen is per 1-2-2023 licht gedaald, maar blijft vanaf 1-2-2024 stabiel.

FTE per teldatum 31-12 Kalenderjaar Verslagjaar 2023 Verslagjaar 2024 Prognose 2025 Bestuur/management 10 10 10 Onderwijzend personeel 70 71 70 Overig personeel 24 25 19 Totaal 104 106 99

Prognose 2026 10 69 17 96

Prognose 2027 10 66 17 93

De verwachting is dat het aantal fte zal gaan dalen. In 2024 waren er personeelsleden die bekostigd werden vanuit de subsidies basisvaardigheden en Nationaal Programma Onderwijs, waarop personeel met tijdelijk dienstverbanden zijn ingezet. Het beleid van OBASE is om de baten en lasten met elkaar in evenwicht te houden. Als de baten afnemen, zullen ook de personele lasten (en daardoor fte’s) afnemen.

41

7.2.

Meerjarenbegroting en -balans

In de volgende staat zijn de baten en lasten van de afgelopen boekjaren opgenomen, maar ook de prognose naar de komende drie jaren. Deze prognoses zijn gebaseerd op de meerjarenbegroting. Staat van baten en lasten

Jaarrekening Begroting Jaarrekening Begroting 2023 2024 2024 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

11.374.396

11.397.113

BATEN Rijksbijdragen

11.514.932

11.571.502

11.687.870

11.744.948

Overige overheidsbijdragen

36.288

36.200

37.939

38.000

38.000

38.000

Overige baten

397.901

255.586

381.137

148.217

139.295

139.295

11.949.121

11.863.288

12.106.946

11.931.165

11.551.691

11.574.408

9.485.353

9.872.680

10.094.593

9.930.205

9.687.441

9.497.000

Afschrijvingen

212.543

227.920

219.458

247.606

266.996

285.354

Huisvestingslasten

845.010

847.575

874.045

824.265

844.265

864.265

TOTAAL BATEN LASTEN Personeelslasten

Overige lasten

1.005.798

1.161.413

1.153.535

1.116.589

1.070.689

1.042.689

TOTAAL LASTEN

11.548.705

12.109.588

12.341.631

12.118.665

11.869.391

11.689.308

Saldo baten en lasten Saldo financiële baten en lasten Saldo buitengewone baten en lasten

400.416

-246.300

-234.685

-187.500

-317.700

-114.900

16.884

-3.700

34.190

22.500

22.700

22.900

-

-

-

-

-

-

TOTAAL RESULTAAT

417.300

-250.000

-200.495

-165.000

-295.000

-92.000

SALDO

In de jaren 2025 tot en met 2027 is het begrote resultaat negatief. Deze tekorten worden gedekt uit de algemene reserve en de reserve werkdrukmiddelen/NPO. De algemene reserve is een buffer om risico’s te kunnen afdekken. Onder andere is deze buffer benodigd om frictiekosten van personeel te kunnen opvangen. Voor de jaren 2025 tot en met 2027 is jaarlijks een bedrag van € 92.000 opgenomen om deze frictiekosten te kunnen financieren. Vanaf 2030 is dit bedrag niet meer benodigd en zal de baten en lasten met elkaar in evenwicht zijn.

42

Balans in meerjarig perspectief Jaarrekening Jaarrekening 2023 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

ACTIVA VASTE ACTIVA Materiële vaste activa

1.902.602

1.797.052

1.993.445

2.096.449

2.176.095

Financiële vaste activa

54.529

53.029

53.000

53.000

53.000

Totaal vaste activa

1.957.131

1.850.081

2.046.445

2.149.449

2.229.095

408.033

679.910

300.000

300.000

300.000

Liquide middelen

3.340.198

3.078.204

2.630.996

2.218.082

2.031.512

Totaal vlottende activa

3.748.231

3.758.114

2.930.996

2.518.082

2.331.512

TOTAAL ACTIVA

5.705.362

5.608.195

4.977.441

4.667.531

4.560.607

2.629.580

2.704.920

2.719.094

2.731.848

2.652.082

926.508

666.523

501.523

206.523

206.523

Reserve privaat

63.198

63.198

63.198

63.198

63.198

Herwaarderingsreserve MVA

106.417

90.567

76.393

63.639

51.405

3.725.703

3.525.208

3.360.208

3.065.208

2.973.208

VOORZIENINGEN

265.949

311.950

195.600

187.200

179.000

LANGLOPENDE SCHULDEN

94.036

87.935

81.633

75.123

68.399

KORTLOPENDE SCHULDEN

1.619.675

1.683.102

1.340.000

1.340.000

1.340.000

TOTAAL PASSIVA

5.705.362

5.608.195

4.977.441

4.667.531

4.560.607

VLOTTENDE ACTIVA Vorderingen

PASSIVA EIGEN VERMOGEN Algemene reserve Bestemmingsreserve publiek

Totaal eigen vermogen

In de balans wordt het effect weergegeven van de exploitatie op de reserves en de liquiditeit. Er is geen sprake van majeure investeringen en/of volledige doorcentralisatie van de huisvesting. Het is daarom volgens de verslaggevingsregels voldoende om in de continuïteitsparagraaf de aankomende drie jaren op te nemen. De geprognotiseerde meerjarenbalans is opgesteld aan de hand van de opgestelde jaarrekening 2024 en de mutaties in de balansposten conform de meerjarenbegroting 2025-2029. Reserves De reserves zullen in de periode 2025 tot en met 2027 afnemen. Uit de kengetallen blijkt dat OBASE voldoende weerstandsvermogen blijft houden gedurende deze periode. Het ministerie van OCW hanteert een rekentool voor de berekening van het bovenmatig eigen vermogen. Het model berekent een normatief eigen vermogen en vergelijkt dit vermogen met het feitelijke vermogen. Indien het feitelijk vermogen boven het normatief eigen vermogen zit, heeft de stichting volgens het ministerie OCW een bovenmatig vermogen. OBASE heeft in de begrotingsjaren 2025 tot en met 2027 een bovenmatig vermogen. Eind boekjaar 2027 zal OBASE naar verwachting geen bovenmatig eigen vermogen meer hebben.

43

In de volgende tabel is het bovenmatig eigen vermogen over de meerjarenbegroting 2025-2027 berekend: Jaarrekening 2023 Jaarrekening 2024 Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Reserves totaal

€

3.725.703 €

3.525.208 €

3.360.208 €

3.065.208 €

Af: Private reserves

€

63.198 €

63.198 €

63.198 €

63.198 €

2.973.208 63.198

Feitelijk vermogen vlgs rekentool:

€

3.662.505 €

3.462.010 €

3.297.010 €

3.002.010 €

2.910.010

Normatief vermogen vlgs rekentool:

€

2.474.570 €

2.434.663 €

2.653.035 €

2.802.439 €

2.941.930

Bovenmatig vermogen vlgs rekentool:

€

1.187.935 €

1.027.347 €

643.975 €

199.571 €

-

De afbouw van het bovenmatig eigen vermogen vindt plaats door de begrote negatieve resultaten en de mutaties in de aanschafwaarde in gebouwen en terreinen. Vanaf 2027 heeft OBASE geen bovenmatige reserve meer, maar heeft nog wel voldoende reserve om te voldoen aan de eigen norm van de benodigde algemene reserve. Uit de risicoanalyse van 2024 blijkt dat OBASE minimaal een benodigde algemene reserve nodig heeft van € 1.100.000. OBASE voldoet hier ruim voldoende aan. Voorzieningen

OBASE heeft drie personele voorzieningen gevormd. De voorziening jubilea is gevormd ter dekking van de kosten van jubileumgratificaties die op grond van de CAO dienen te worden betaald. De voorziening duurzame inzetbaarheid is gevormd vanwege het sparen van duurzame inzetbaarheidsuren. Daarnaast is tijdelijk een voorziening gevormd voor langdurig zieken, welke in 2025 volledig zal vrijvallen. Ontwikkeling toekomstige kasstromen en investeringen De materiële vaste activa neemt in 2025 toe met € 177.000 en deze stijging zet zich ook in de jaren daarna nog voort. Deze stijging komt met name doordat vanaf 2023 OBASE gebruik maakt van de componentenmethode voor vervanging in groot onderhoud, waardoor de investeringen worden geactiveerd en afgeschreven. Dit is een administratieve aanpassing geweest, er verandert niets aan de planning en uitvoering van het groot onderhoud. Daarnaast nadert het schoolmeubilair van een aantal scholen het einde van de afschrijvingstermijn en OBASE wil in de komende jaren gaan investeren in nieuw schoolmeubilair. Vanuit de meerjarenbegroting zijn de volgende investeringen in de komende jaren begroot.

Ten aanzien van de financieringsbehoefte zal de liquiditeit in de komende jaren gaan dalen, maar OBASE heeft voldoende eigen middelen om deze investeringen te financieren. Het aantrekken van vreemd vermogen is op korte termijn niet nodig.

44

7.3.

Financiële positie en reservepositie

Kengetallen Jaarrekening Jaarrekening 2023 2024 Liquiditeit (Vlottende activa/ Kortlopende schulden) Solvabiliteit 2 (Eigen vermogen + voorzieningen / balanstotaal) Rentabiliteit (Resultaat/ totale baten inclusief financiële baten x 100%) Weerstandsvermogen (Eigen vermogen / Totale baten inclusief financiële baten)

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Signaleringswaarde onderwijsinspectie

2,3

2,2

2,2

1,9

1,7

Ondergrens: 0,75

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

Ondergrens: < 0,3

3%

-2%

-2%

-1%

-3%

-

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

Ondergrens: < 0,05

De kengetallen geven inzicht in de toekomstige financiële positie van OBASE. Naast deze kengetallen is de signaleringswaarde van de onderwijsinspectie opgenomen. De kengetallen die uit deze meerjarenbegroting voortvloeien blijven op langere termijn goed en blijven boven de signaleringswaarde van de onderwijsinspectie. Het weerstandsvermogen geeft aan het vermogen om niet-voorziene, tot de reguliere bedrijfsvoering behorende risico’s op te vangen. Bij toepassing en verankering van het risicomanagement in de organisatie en het goed functioneren van de planning & control cyclus blijven altijd restrisico’s achter. Voor het opvangen van de mogelijke financiële effecten moet de stichting voldoende weerstandsvermogen hebben of opbouwen. Op basis van de risicoanalyse van 2024 is een buffer van € 1.100.000 de ondergrens. Als dit bedrag wordt afgezet tegenover de totale baten 2024 (inclusief rentebaten) betekent dit een weerstandsvermogenratio van 0,09. Hiermee voldoet OBASE ruim aan de ondergrens van 0,05 die door de onderwijsinspectie wordt gehanteerd.

7.4.

Interne controle en beheersing

7.4.1. Aanwezigheid en werking van interne controle en beheersing Stichting OBASE heeft de financiële administratie in eigen beheer. Voor de beheersing volgt OBASE een planning- en controlcyclus. Jaarlijks wordt de begroting conform de statuten van de stichting goedgekeurd door de Raad van Toezicht. Deze begroting is het kader waarbinnen het komende jaar gewerkt mag worden. Bij de begroting wordt ook een meerjarenbegroting over vier jaren aan de Raad van Toezicht voorgelegd, zodat dit een doorkijk geeft naar de financiële positie op de langere termijn. De begroting wordt opgesteld met het principe dat de baten en lasten in evenwicht zijn. Indien in de

45

loop van het kalenderjaar afwijkingen op de begroting ontstaan, wordt een begrotingswijziging ingediend bij de Raad van Toezicht. Naast deze bewaking van de begroting wordt in september jaarlijks een doorrekening gemaakt van de formatie van het nieuwe schooljaar ter toets of de formatieplanning is uitgekomen. Aan het einde van de cyclus komt de jaarrekening, die gecontroleerd wordt door de accountant. In 2024 heeft OBASE een risico-analyse uitgevoerd, die in de Raad van Toezichtvergadering van december 2024 is besproken. De belangrijkste conclusie vanuit deze risico-analyse was dat OBASE voldoende financieel gezond is om de mogelijke risico’s te kunnen opvangen. Jaarlijks wordt deze risico-analyse geactualiseerd.

7.4.2. Risico’s en onzekerheden In het jaarverslag van OBASE willen we graag de belangrijkste risico's benoemen waarmee de stichting wordt geconfronteerd. Het identificeren en beheersen van deze risico's is van cruciaal belang om onze doelstellingen te realiseren en de continuïteit van onze onderwijsactiviteiten te waarborgen. Financiële risico's We erkennen dat onze stichting afhankelijk is van overheidsbekostiging en andere financiële bronnen. De volgende risico's kunnen onze financiële positie beïnvloeden: veranderingen in de bekostigingssystematiek, onvoorziene kostenstijgingen, budgettekorten, daling van het aantal leerlingen en mogelijke schommelingen in subsidies en externe financiering. We streven ernaar om een gezonde financiële basis te behouden en nemen maatregelen om deze risico's te monitoren en te beheersen. Juridische en compliance-risico's Als onderwijsstichting opereren we binnen een complex juridisch en regelgevend kader. We zijn alert op mogelijke risico's op het gebied van wet- en regelgeving, zoals naleving van onderwijswetten, privacywetgeving, arbeidsrecht en contractuele verplichtingen. We laten ons indien nodig adviseren en bijstaan door onze huisjurist van Vondelkwartierjuristen B.V. Ook zorgen we ervoor dat we up-todate blijven met de geldende regels en nemen passende maatregelen om juridische risico's te beheersen en te minimaliseren.

Operationele risico's Om ons onderwijs op een effectieve en efficiënte manier te kunnen uitvoeren, moeten we aandacht besteden aan operationele risico's. Deze kunnen onder andere betrekking hebben op faciliteitenbeheer, ICT-systemen, veiligheid en beveiliging, onderwijskwaliteit, personeelsbeheer en continuïteit van onderwijs bij calamiteiten. We implementeren passende maatregelen om deze risico's te identificeren, te beheersen en waar mogelijk te verminderen. Reputatierisico's Het imago en de reputatie van OBASE zijn van essentieel belang voor het aantrekken van leerlingen, het behoud van vertrouwen bij ouders en belanghebbenden, en het handhaven van een sterke positie in de gemeenschap. We zijn ons bewust van mogelijke risico's die onze reputatie kunnen schaden, zoals negatieve publiciteit, klachten of ontevredenheid van ouders of leerlingen, en sociale media. We hebben mechanismen en communicatiestrategieën ingevoerd om deze risico's te beheersen en proactief met stakeholders te communiceren.

46

Strategische risico's Als onderwijsstichting staan we voor uitdagingen in een snel veranderende onderwijssituatie en maatschappelijke context. Strategische risico's kunnen ontstaan door demografische veranderingen, concurrentie van andere scholen of onderwijsaanbieders, technologische ontwikkelingen, onderwijsvernieuwingen en veranderende behoeften en verwachtingen van ouders, leerlingen en andere belanghebbenden. We blijven alert op deze risico's en passen onze strategieën en beleidsmaatregelen aan om hierop in te spelen en kansen te benutten. De bovengenoemde risico's zijn niet uitputtend en kunnen veranderen naarmate de omstandigheden evolueren. We blijven voortdurend onze risicoanalyse uitvoeren, passende maatregelen implementeren en de effectiviteit van ons risicobeheersingskader evalueren. Door proactief risicomanagement te waarborgen, streven we ernaar om de stabiliteit en duurzaamheid van OBASE te waarborgen en onze missie van hoogwaardig onderwijs voor onze leerlingen te vervullen.

7.5.

Informatiebeveiliging en Privacy (IBP)

In 2024 zijn diverse maatregelen getroffen en beleidsstukken geëvalueerd, geüpdatet en vastgesteld om de informatiebeveiliging en privacy binnen de organisatie te waarborgen. De belangrijkste ontwikkelingen zijn: Beleidstukken geüpdatet en vastgesteld: • Beveiligingsincidenten en datalekken • IBP beleidsplan • Procedure verzoek rechten van betrokkenen • Regeling teken- en bevoegdheden FG • Beleid mobiele devices OBASE • Gedragscode veilig gebruik internet en ICT-medewerkers • Privacyreglement leerlingen • Social media reglement medewerkers Uitgevoerde DPIA’s en Implementaties: • DPIA MQscan uitgevoerd • DPIA Parnassys uitgevoerd, plan van aanpak gemaakt en afgehandeld. Overige verbeteringen: • Handboek voor scholen opgesteld met AVG, informatiebeveiliging en privacy • Bewustwordingsbijeenkomst voor schooldirecteuren georganiseerd, waarbij de AVG-kennis is doorgegeven aan schoolteams • Start gemaakt met afronding DPIA Google • Veiligere werkomgeving geïnitieerd door medewerkers te voorzien van devices binnen Microsoft 365 • Aanschaf van privacybasis-module in Parnassys en monitoring van afspraken over het leerlingvolgsysteem • Proces gestart voor het opschonen van papieren archieven

47

In 2025 wordt de focus gelegd op de implementatie van de in 2024 opgestelde plannen en verdere verbetering van informatiebeveiliging en privacy. De actiepunten voor 2025: • Implementatie van het handboek in de scholen • Afronden van DPIA Google • Implementatie van beleidsstukken en bewustwording bij schoolteams en medewerkers. • Monitoring van afspraken omtrent AVG en informatiebeveiliging. Om de overgang van Google Drive naar Microsoft 365 soepel en veilig te laten verlopen, zijn er concrete afspraken gemaakt met de externe netbeheerder. Met deze maatregelen en implementaties is de informatiebeveiliging en privacy binnen de organisatie naar een hoger niveau gebracht. Dit alles is een stap in de richting van het werken aan het Normenkader, om zo te voldoen aan de gestelde eisen en richtlijnen op het gebied van informatiebeveiliging en privacy. Nieuwe Normenkader Om eind 2027 aan het Nieuwe Normenkader informatiebeveiliging en privacy voor het onderwijs te voldoen, wordt vanaf 2025 gebruik gemaakt van het groeipad van Kennisnet. Reeds opgestelde beleidsstukken in het kader van informatiebeveiliging en privacy zijn in het Governance, Risk en Compliance-tool (GRC-tool) Your Safety Net (YSN) vastgelegd. De fasen van het groeipad worden gevolgd om voornoemde beleidsstukken waar nodig te actualiseren en daarnaast aan te vullen met nieuwe beleidsdocumenten.

7.6.

Rapportage toezichthoudend orgaan

De rapportage van de Raad van Toezicht over 2024 volgt in hoofdstuk 8.

48

8.

Verslag Raad van Toezicht 2024

8.1.

Algemeen

De Raad van Toezicht (RvT) van Stichting OBASE heeft in 2024 op verschillende momenten toezicht gehouden op het bestuur en de organisatie van OBASE. Hierbij zijn de richtlijnen van de Code Goed Bestuur Primair Onderwijs gevolgd. In overeenstemming met de statuten van de Stichting OBASE legt de Raad van Toezicht door middel van dit verslag verantwoording af over haar werkzaamheden.

8.2.

Positie

De Raad van Toezicht oefent binnen de Stichting OBASE toezicht uit op het bestuur van het openbaar primair onderwijs op Schouwen-Duiveland. De werkzaamheden van de raad zijn nader te omschrijven door de volgende aandachtsgebieden: toezicht houden, het werkgeverschap voor de bestuurder en het vervullen van een klankbordfunctie voor de bestuurder. Taken en verantwoordelijkheden van de Raad van Toezicht zijn vastgelegd in de Wet op het Primair Onderwijs (WPO) en in de statuten van de Stichting OBASE. De Raad opereert conform de Code Goed Bestuur in het primair onderwijs van de PO-Raad, met het toezichtkader als leidraad. Het toezichtkader beschrijft de visie, uitvoering en uitgangspunten van de RvT. Het toezichtkader is geactualiseerd in 2024 om in lijn te blijven met ontwikkelingen in wetgeving en governance. De Raad van Toezicht is lid van de Vereniging van Toezichthouders in Onderwijsinstellingen (VTOI). OBASE werkt daarnaast samen met VOS/ABB voor advies en ondersteuning. Contact met de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR) heeft in 2024 bijgedragen aan het versterken van de governance-driehoek GMR-RvT-CvB.

8.3.

Samenstelling van de RvT

Op 1 januari 2024 bestond de Raad van Toezicht uit de volgende personen: Voorzitter R.A. Sperna Weiland Voorzitter remuneratiecommissie Vicevoorzitter E.J.A. Fagg Voorzitter auditcommissie Secretaris N.M. Duinkerke Lid auditcommissie lid J.J. Meijer Lid remuneratiecommissie lid J.J.G. van den Oord Lid auditcommissie In 2024 zijn N.M. Duinkerke en E.J.A. Fagg afgetreden vanwege het verstrijken van hun tweede termijn. Eén van de vrijgekomen posities is ingevuld door een nieuw lid, benoemd door de gemeenteraad op voordracht van de GMR. Het nieuwe lid brengt expertise op het gebied van juridische zaken mee. Per 1 augustus 2024 heeft de heer J.J.G. van den Oord de functie van Voorzitter overgenomen van de heer R.A. Sperna Weiland en heeft mevrouw J.J. Meijer de rol van Vicevoorzitter overgenomen van de heer E.J.A. Fagg.

49

8.4.

Persoonlijke gegevens van de Raad van Toezicht

Naam R.A. Sperna Weiland

N.M. Duinkerke E.J.A. Fagg

Hoofdfunctie Gepensioneerd, voormalig hoofd Bureau Mediadiensten Provincie Zuid-Holland Bestuurssecretaris Scalda Stichting voor MBO Gepensioneerd, voormalig directeur Scheldemond College

J.J. Meijer

Raad van Bestuur Stichting Ouderenzorg Noord-Beveland

J.J.G. van den Oord

Rector Jan Tinbergen College/voorzitter CvB SOVOR

G.M. van Belzen

Gemeentejurist en Functionaris Gegevensbescherming

8.5.

Nevenactiviteiten Geen

Geen Toezichthouder Stichting KOW (Kinderopvang Walcheren) Voorzitter JVOZ (Jeugd Voetbal Opleiding Zeeland) Voorzitter Stichting Van de Velde publicatiefonds Toezichthouder KOZV (Kinderopvang Zeeuws Vlaanderen) Toezichthouder Terra Maris Toezichthouder Museumcafé de Orangerie Toezichthouder Samenwerkingsverband ROOS VO Roosendaal Voorzitter van de klachten- en geschillencommissie Zuid-West namens zes woningcorporaties. Voorzitter en lid van bezwaarschriftencommissies (Hulst, Middelburg, Rucphen, Steenbergen)

Rooster van aftreden Raad van Toezicht

Het rooster van aftreden is als volgt geactualiseerd: Naam Datum benoeming Datum benoeming 2e termijn N.M. Duinkerke 01-05-2016 01-05-2020 E.J.A. Fagg 01-05-2016 01-05-2020 R.A. Sperna Weiland 01-05-2017 01-05-2021 J.J. Meijer 24-02-2022 24-02-2026 J.J.G van den Oord 24-02-2022 24-02-2026 G.M. van Belzen 01-06-2024 01-06-2028

8.6.

Datum aftreden 01-05-2024 01-05-2024 01-05-2025 24-02-2030 24-02-2030 01-06-2032

Bezoldiging Raad van Toezicht 2024

De bezoldiging van de RvT-leden in 2024 bleef ongewijzigd ten opzichte van voorgaande jaren. Elk lid had recht op een kilometervergoeding en een professionaliseringsbudget van € 1.500 exclusief BTW.

50

8.7.

Vergaderfrequentie, onderwerpen en besluiten

8.7.1. Overlegvergaderingen met de bestuurder De Raad van Toezicht heeft in 2024 vijf reguliere overleggen gevoerd met de bestuurder en één extra overleg in verband met de samenwerking tussen CBS Op Dreef en OBS De Meerpaal. Voorafgaand aan deze vergaderingen hield de RvT een intern vooroverleg. Belangrijke onderwerpen waren het strategisch meerjarenplan, kwaliteitszorg en financiële ontwikkelingen. 8.7.2. Interne RvT-vergaderingen In 2024 heeft de RvT twee interne vergaderingen gehouden. Deze bijeenkomsten stonden in het teken van de werving van nieuwe leden en de evaluatie van het functioneren van de Raad. Belangrijke besluiten en thema’s De belangrijkste thema’s en besluiten van de RvT van het afgelopen jaar zijn hieronder weergegeven: Vergaderdatum 18-06-2024 18-06-2024 15-12-2024 15-12-2024

Besluit Goedkeuring jaarrekening OBASE 2023 Decharge directeur-bestuurder voor beleid 2023 Accordering meerjarenbegroting 2025-2029 Goedkeuring begroting 2025

Governance • De RvT heeft een nieuw lid, de heer Maurits van Belzen, benoemd, en gewerkt aan het bijstellen van het reglement van de benoemingsadviescommissie (BAC) om werving en selectie transparanter te maken. Het nieuwe rooster van aftreden werd vastgesteld, met aandacht voor rollen en vertegenwoordiging vanuit de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad (GMR). •

De toezichtvisie en het toezichtkader werden besproken en herzien om passend te blijven bij de organisatieontwikkeling en strategie.

•

Sinds 2018 is de jaarlijkse bezoldiging voor een lid van de Raad van Toezicht vastgesteld op € 4.000 en voor de voorzitter op € 6.000. Na evaluatie en inachtneming van de economische ontwikkelingen, zal de bezoldiging per 1 januari 2025 worden verhoogd naar € 5.000 voor een lid en € 7.500 voor de voorzitter.

•

De RvT heeft in 2024 als werkgever van de directeur-bestuurder toezicht gehouden op diens functioneren. In de vergadering van 15 juli 2024 heeft de RvT het functioneren van de bestuurder geëvalueerd. Er waren geen aanleiding tot benoeming, ontslag of schorsing. De beloning van de bestuurder is vastgesteld conform de geldende wet- en regelgeving.

•

De RvT heeft toezicht gehouden op de naleving van de relevante wettelijke voorschriften, waaronder de Wet op het Primair Onderwijs (WPO). De naleving van de richtlijnen van de Code Goed Bestuur Primair Onderwijs is structureel geborgd. Er hebben zich in 2024 geen afwijkingen voorgedaan van de wettelijke voorschriften of de Code Goed Bestuur.

51

•

Er hebben zich in 2024 geen situaties voorgedaan met (potentieel) tegenstrijdige belangen. De RvT heeft duidelijke procedures om belangenconflicten te voorkomen.

•

Er heeft zich geen vermenging voorgedaan van een bestuursfunctie met een toezichthoudende functie in een andere onderwijssector. De RvT monitort actief op mogelijke risico’s in deze context.

Financieel beleid en risicomanagement • De jaarstukken 2023 zijn goedgekeurd, en de directeur-bestuurder is décharge verleend voor het gevoerde beleid in 2023. Hierbij heeft de accountant een goedkeurende verklaring afgegeven. • Er is uitgebreid toezicht gehouden op de meerjarenbegroting 2024-2028. De RvT heeft onder andere ingestemd met het gebruik van reserves voor noodzakelijke investeringen, zoals de versterking van het personeel op scholen met een herstelopdracht en vervanging van schoolmaterialen en IT-apparatuur. • De RvT heeft een presentatie ontvangen over een nieuwe systematiek voor risicomanagement en houdt toezicht op periodieke updates van de risico-analyse. • De RvT heeft in 2024 toezicht gehouden op de rechtmatige verwerving en de rechtmatige en doelmatige besteding van middelen. • In haar decembervergadering heeft de RvT de begroting van 2025 en bijhorende meerjarenbegroting goedgekeurd. De bestuurder heeft deze vervolgens vastgesteld. • In 2024 moesten we op zoek naar een nieuwe accountant, omdat de huidige accountant eenzijdig het contract had opgezegd. Na diverse offertes te hebben gewogen is de keuze gevallen op 8 Elements. Onderwijs en kwaliteit • In 2024 hield de RvT toezicht op het verbetertraject voor Binnen de Veste.

De Raad had kennis genomen van het inspectierapport en de aanbevelingen werden actief gevolgd via herstelplannen en kwaliteitsrapportages. De school heeft inmiddels een positief inspectieoordeel ontvangen. • Er is toezicht gehouden op de doorstroomresultaten van leerlingen aan de hand van de IEPtoetsen, met focus op het verbeteren van de opbrengsten en planmatig werken binnen alle scholen. • De RvT heeft een bestuurlijke audit besproken en aanbevelingen geadresseerd in het jaarplan van OBASE. Personeelsbeleid • Ziekteverzuim was een belangrijk aandachtspunt. De Raad ontving regelmatig rapportages over het verloop en interventies bij langdurig verzuim. • Er werd toezicht gehouden op de formatie en personeelsuitputting, waarbij structurele verbeteringen zijn doorgevoerd. Strategische samenwerking en externe relaties • Er vonden verkennende gesprekken plaats over verdere samenwerking tussen CBS Op Dreef en OBS De Meerpaal. De RvT ondersteunt de stappen richting een intensievere samenwerking en volgt de voortgang nauwgezet. • Er zijn goede afspraken gemaakt over de relatie en samenwerking met de GMR. Trainingen en een verbeterde structuur zijn besproken om de betrokkenheid van de GMR bij beleid en toezicht te versterken.

52

Toekomstgerichte ontwikkelingen • De RvT heeft een geactualiseerd koersplan goedgekeurd, met concrete aandachtspunten zoals kwaliteitsbeleid, meetbaarheid van doelen, en communicatie naar personeel. • De geplande vervangingen van IT-middelen en schoolmeubilair werden opgenomen in de meerjarenbegroting, met focus op behoud van financieel weerstandsvermogen.

8.8.

Commissies

De auditcommissie en remuneratiecommissie hebben hun werkzaamheden voortgezet in 2024. De auditcommissie heeft toezicht gehouden op financiële stabiliteit, terwijl de remuneratiecommissie zich richtte op de werkgeversrol.

8.9.

Zelfevaluatie RvT

In lijn met de Code Goed Bestuur heeft de RvT in 2024 een zelfevaluatie uitgevoerd onder begeleiding van een extern bureau. Aandachtspunten zijn opgenomen in het actieplan 2025.

8.10. Overleg met de GMR De RvT heeft eenmaal overleg gevoerd met de GMR, met focus op governance en samenwerking. De samenwerking werd als constructief en waardevol ervaren en de afspraak is dat we in het vervolg twee keer per jaar met elkaar gaan overleggen.

8.11.

Bezoek scholen

De RvT heeft gedurende 2024 drie keer scholen van OBASE bezocht (in totaal 5 scholen) en daar gesproken met leerlingen, leerkrachten en de directeur. Dit doet ze om inzicht te krijgen in hoe beleid en strategie in de praktijk worden uitgevoerd. Dit helpt de Raad om de onderwijskwaliteit te beoordelen en beter toezicht te houden op het bestuur. De schoolbezoeken bevorderen betrokkenheid en geven de RvT de kans om direct feedback te krijgen van schoolleiders en leerkrachten. Ze bieden context voor strategische beslissingen en zorgen ervoor dat de RvT goed geïnformeerd is over de realiteit binnen de stichting. Op deze manier kan de RvT effectiever toezicht houden en gefundeerde besluiten nemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15722380/1