Bijlage Rapport Veiligheidsbeleving in Schiedam
Tekst van het document
Figuur 10: geregistreerde criminaliteit in de Wibautbuurt, vergelijkingsgebied: Gemeente Schiedam (MVS, 2020g)
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
26
Subjectieve veiligheid Zoals eerder beschreven ervaren bewoners Nieuwland, waar zowel de Nolensbuurt als de Wibautbuurt onderdeel van uitmaken meer onveiligheidsgevoelens dan de gemiddelde Schiedammer. Daarnaast bleken deze onveiligheidsgevoelens op wijkniveau te zijn verslechterd sinds 2017. De Wibautbuurt is in zowel 2017 als in 2019 de buurt in Schiedam waar de buurtbewoners de meeste onveiligheidsgevoelens in eigen buurt ervoeren. In 2019 voelde 69% van de buurtbewoners zich ‘soms tot vaak onveilig’ in de eigen buurt (Kenniscentrum MVS, 2020). In 2017 was dat nog 72% van de bewoners (Kenniscentrum MVS, 2018: 30). Het verschil kán voor de Wibautbuurt dus wijzen op een kleine verbetering, gelet op de betrouwbaarheidsmarges van dit soort onderzoeken lijkt het beter uit te gaan van een stabilisatie. Opvallend is dat bewoners van de Wibautbuurt zich ook ‘in het algemeen’ zich relatief onveilig voelen: in 2019 gaf 24% van de inwoners aan zich ‘vaak’ onveilig te voelen in het algemeen. De bewoners in de Wibautbuurt geven de veiligheid in de buurt in 2019 een 5,5: het laagste cijfer van alle buurten die mee zijn genomen in dit onderzoek. In heel Schiedam zijn er slechts twee buurten met een vergelijkbaar (Fabribuurt) of nog lager cijfer (Newtonbuurt) (Kenniscentrum MVS, 2020).
In de Monitor Leefbaarheid en Veiligheid komt naar voren dat er in en rond de Wibautbuurt een aantal plekken zijn die door de Schiedammers als onveilige plek worden gezien. Bewoners van Schiedam geven aan zich onveilig te voelen in Nieuwland (in het algemeen) en de PJ Troelstralaan en het metrostation.7 Het metrostation Troelstralaan werd in de Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2017 ook genoemd als onveilige plek (Kenniscentrum MVS, 2018: 31). Overige belevingsaspecten De bewoners van de Wibautbuurt geven de woningen in de buurt een 6 en de omgeving waarin zij wonen een 4,9 (Kenniscentrum MVS, 2020). De sociale cohesie in de Wibautbuurt scoort erg laag in de Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2019. Het cijfer dat buurtbewoners geven aan de sociale cohesie in de Wibautbuurt is een 4,8. De Wibautbuurt staat hiermee op de 48e (van de 50) plek van de lijst. Gegevens over de buurtproblemen die bewoners ervaren zijn alleen beschikbaar op wijkniveau. Omdat de Wibautbuurt net als de Nolensbuurt in de wijk Nieuwland ligt, zijn er geen andere gegevens beschikbaar voor de Wibautbuurt. De buurtproblemen die bewoners van de wijk Nieuwland ervaren zijn: 1. 2. 3. 4. 5.
7
Rommel op straat Vuilnis naast de container/verkeerd aanbieden van huisvuil Te hard rijden Hondenpoep op straat Lawaai op straat
Deze plekken zijn achtereenvolgens nummer 3 en 9 op de lijst met onveilige plekken in Schiedam.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
27
Bewoners beoordelen de gemeente waar het gaat om toezicht op het naleven van regels in Nieuwland zeer uiteenlopend. 35% van de bewoners beoordeelt het optreden van de gemeente als onvoldoende, 23% van de respondenten als voldoende, De rest van de respondenten uit Nieuwland is neutraal of heeft er geen mening hierover (Kenniscentrum MVS, 2020).
4.3.3 Wat zeggen de bewoners? Het oordeel over de buurt wisselt sterk over de (49) respondenten die wij in de Wibautbuurt spraken. Er zijn bewoners die positief zijn over de buurt, maar ook mensen die de buurt als zeer negatief ervaren en liever nog vandaag dan morgen zouden verhuizen als ze daartoe in staat zouden zijn. Het contact met de directe buren wordt vaak hooggewaardeerd net als fysieke aspecten van de buurt, zoals de nabijheid van de metro, speeltuinen, het park, de hondenuitlaatplek en de moskee. Veiligheid verslechterd? Over hoe de buurtveiligheid zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld, verschillen bewoners van mening. De grootste groep (40%) vindt dat de buurtveiligheid de afgelopen jaren is verslechterd. Dat is een hoger percentage dan in de Nolensbuurt waar dat gold voor 24% van de respondenten. Daarnaast is er ook een groep die vindt dat de wijkveiligheid gelijk is gebleven (34%) en een kleinere groep die verbetering ziet (14%). Opvallend is dat in de Wibautbuurt relatief veel mensen (12%) zeggen niet te weten hoe de wijkveiligheid zich heeft ontwikkeld. Instroom Oost-Europese arbeidsmigranten Opvallend is dat veel ‘gevestigden’ (mensen mét en zonder migratieachtergrond) spreken over de toestroom van Oost-Europese arbeidsmigranten, die zij als negatief ervaren.
Uit de gesprekken rijst het beeld van een nieuw ‘wij’/ ‘zij’-gevoel, waarbij ‘gevestigden’ die al lang in de buurt wonen last hebben van ‘nieuwkomers’. ‘Ook merk je dat er veel Polen, Roemenen en Bulgaren bij zijn gekomen, en zodra zij een drankje op hebben gaan ze schreeuwen en troep maken. En het is vervelend als je weet dat ze met z’n twintigen in een huis zitten en troep maken. Zoveel mensen in een huis kan niet goed gaan, en ze zorgen voor veel troep. Zo plassen ze ook in de lift, en dat is goor.’ (man, 35 jaar, Turks-Nederlands) Verloedering van de woonomgeving Een tweede centraal thema dat uit straatinterviews naar voren komt, is de verloedering van de woonomgeving. Die verloedering ervaren bewoners op allerlei manieren. Sommige bewoners ervaren verschillende vormen van overlast van hangjongeren en de eerdergenoemde arbeidsmigranten. Anderen zijn van mening dat het onderhoud van woningen en het groen tekort schiet. Ook wordt geklaagd over vuil op straat en parkeerproblemen.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
28
Criminaliteit: van horen zeggen Als het gaat over criminaliteit dan wordt vernieling, inbraak en drugscriminaliteit genoemd. Anders dan in de Nolensbuurt worden weinig eigen, concrete ervaringen daarmee naar voren gebracht. Vaak geeft men aan het ‘van horen zeggen’ te hebben dat in de buurt sprake is van criminaliteit en drugshandel. Laag vertrouwen in instituties Opmerkelijk is het lage vertrouwen dat bewoners van de Wibautbuurt zeggen te hebben in de overheid en (andere) instituties. De gemeente wordt vooral genoemd als instantie waardoor bewoners zich niet serieus genomen voelen. Maar ook andere partijen worden in die context genoemd. ‘We klagen al jaren over hoe het er hier aan toe gaat, maar de burgemeester steekt zijn kop in het zand en doet alsof het echt ontzettend goed gaat hier. Volgens de gemeente is de veiligheid misschien verbeterd, maar dat komt omdat ze geen aangiften willen aannemen. Ja dan zien de cijfers er een stuk beter uit als je het zo doet.’ (man, 40 jaar, Surinaams-Nederlands) ‘De huizen zijn gehorig, je belt 100 keer naar de woningbouw voor dingen die niet goed zijn en je krijgt gewoon geen gehoor.
Ik heb al 3 weken geen warm water en niemand interesseert het iets.’ (man, 20 jaar, Marokkaans-Nederlands) ‘Als je over bovenstaande [vervuiling, red.] klaagt, geeft de gemeente aan dat er te weinig personeel is bij de gemeente en Irado, dus dat ze er niets aan kunnen doen op dit moment.’ (man, 30 jaar, Marokkaans-Nederlands) Buurtwachten Opvallend is dat een aantal bewoners de Buurtwacht noemen, als vervanging van optreden door de overheid. De Buurtwachten zouden bewoners aanspreken op ongewenst gedrag. ‘Dan gebeurt er tenminste wat’, lijkt het credo. ‘Wel is er de buurtwacht die elke avond met gele jassen rondloopt in een poging er nog wat van te maken.’ (man, 40 jaar, Surinaams-Nederlands) ‘Een van mijn buren iets verderop is wel onderdeel van de buurtwacht; zij loopt met een jas in een groepje om buurtbewoners aan te spreken op hun gedrag en af en toe hoor ik dat ze zelfs in gesprek gaan met de ouders van die kinderen. Het is wel goed wat zij doen, hoor, maar eigenlijk vind ik dat meer de taak van de politie.’ (vrouw, 62 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond)
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
29
4.3.4 Wat zeggen professionals? Over de Wibautbuurt spraken wij met 4 professionals: de wijkagent, de wijkregisseur, een jongerenwerker en de gebiedsmanager van het Wijkondersteuningsteam (WOT) Schiedam-Noord. Het beeld dat daaruit ontstaat, is dat zij van mening zijn dat de objectieve veiligheid in de buurt is verbeterd, maar dat buurtbewoners dat niet zien. Zij denken dat bewoners de veiligheid in de wijk een cijfer geven tussen de 5 en 6: geen voldoende dus maar ook geen dikke onvoldoende. De wijkregisseur vermoedt dat het cijfer in de zomer lager zal liggen dan in de winter, omdat er dan meer sprake is van geluidsoverlast en hangjongeren. Professionals erkennen dat het zaak is om aan de veiligheidsbeleving van bewoners te werken. Dat doet de wijkregisseur onder andere door in gesprek te gaan met bewoners en zodanig vragen te stellen dat zij op een andere, positievere manier naar hun woonomgeving gaan kijken. Media, drugshandel en politieaanwezigheid De wijkagent hoort regelmatig dat bewoners in de avond niet over straat durven, omdat het onveilig zou zijn. Volgens hem is dat laatste niet waar, maar zijn mensen desondanks bang voor criminaliteit. Als verklaringen daarvoor geeft hij de negatieve invloed van internet en social media op de veiligheidsperceptie van bewoners, maar ook van de politie zelf die in de ogen van bewoners onvoldoende zichtbaar zou zijn in de buurt.
De wijkagent zegt verder dat hij de klachten van bewoners over drugshandel op straat maar moeilijk kan begrijpen, omdat bewoners daar zelf geen directe overlast van ervaren. Toch pleit hij voor een geloofwaardiger aanpak van drugshandel. Hij stelt dat er veel politie inzet is op het aanpakken van drugsdealers en dat drugshandel wordt bestreden door Justitie en een bestuurlijke aanpak. Tegelijkertijd merkt hij daders vaak snel weer vrijkomen met een boete. Hij merkt ook op dat de politie weinig aanwezig is in de buurt en dat de werkwijze van de politie soms onbedoeld een negatieve invloed kan hebben op de veiligheidsbeleving. De wijkagent zegt daarover: ‘Bij een inbraak moeten we bij alle mensen langs om te vragen of ze wat hebben gehoord of gezien. Hierdoor voelen mensen zich onveiliger, want ‘oh, er is wat gebeurd in de buurt.’’ Gebrek aan binding en vertrouwen De jongerenwerker ziet dat er weinig vertrouwen is tussen bewoners: ‘Mensen durven het gesprek niet met elkaar. Elkaar begroeten is al spannend. Ze gaan eerder de confrontatie aan dan een gesprek.’ (jongerenwerker) De professionals zijn het erover eens dat in het licht van veiligheidsbeleving het verbeteren van de binding tussen bewoners in de wijk en het versterken van het onderling vertrouwen belangrijk is. De gebiedsmanager van het WOT zegt daarover:
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
30
‘Het is belangrijk dat bewoners zich onderdeel voelen van de wijk, contact hebben met de sociale omgeving en in staat zijn om contacten te leggen. Het beheersen van de taal is daarvoor belangrijk . Mensen moeten ook weten wat er in hun wijk wordt aangeboden aan activiteiten en wat plekken zijn waar ze naartoe kunnen.’ De jongerenwerker voegt daaraan toe dat het vooral zaak is te werken aan vertrouwen tussen bewoners en tussen jong en oud. Collectief geheugen? De gebiedsmanager van het WOT merkt op dat ook incidenten van jaren terug, zoals de Schiedammer Parkmoord, nog altijd doorwerken in de veiligheidsbeleving.
4.3.5 Wat zien we in de media? Op de onderzochte Facebook en Twitterkanalen zijn in september en oktober 2020 elf berichten geplaatst over gebeurtenissen in de Wibautbuurt. Negen daarvan hebben betrekking op twee schietpartijen die in deze periode hebben plaatsgevonden.
4.3.6 Conclusie Wibautbuurt De onveiligheidsbeleving in de Wibautbuurt is hoog, zowel waar het gaat om het veiligheidsgevoel in de eigen buurt als die meer in het algemeen. De waardering voor de veiligheid in de eigen buurt is laag. Men acht de veiligheid in de wijk ook achteruitgegaan. De bevolkingssamenstelling van de buurt is heterogeen en sociaaleconomisch zwak. Bewoners zien de culturele verschillen in de buurt niet als problematisch, maar ervaren de instroom van specifiek de komst van Oost-Europese arbeidsmigranten wel als zodanig: zij zouden ook overlast zorgen. Er lijkt - van een tweedeling tussen ‘gevestigden’ (met en zonder migratieachtergrond) en buitenstaanders (Oost-Europese arbeidsmigranten). Dit komt naar voren uit de gesprekken met bewoners, professionals hebben aangegeven deze bevinding niet te herkennen in deze buurt. Wij zien een verschil tussen de inschatting van professionals van de veiligheid en die van de bewoners. Professionals zeggen dat de buurtveiligheid de afgelopen jaren is verbeterd en proberen bewoners daarvan ook te overtuigen, bewoners ervaren een tegenovergestelde ontwikkeling. De cijfers wijzen weliswaar in totaal op een zéér lichte verbetering, maar met een grote toename in de categorie ‘vernielingen en misdrijven tegen de openbare orde’.
Uit de literatuur weten we dat een toename daarvan door buurtbewoners wordt gezien als een signaal dat het met de buurt niet de goede kant op gaat. Verder ervaart men een verloedering van de fysieke omgeving en een niet-acterende, afwezige overheid. Dit maakt dat men zich door instanties niet serieus genomen voelt. Professionals geven andere verklaringen voor de lage veiligheidsbeleving in de buurt: gebrek aan binding tussen de bewoners en negatieve berichtgeving in de media zouden de belangrijkste oorzaken zijn. Sommige bewoners zijn actief in Buurtwachten en WhatsApp-groepen ‘om dan in ieder geval zelf maar wat aan de veiligheid te doen’: hierin ligt een kans besloten om bewoners en overheid dichter bij elkaar te brengen en samen te laten werken aan de buurtveiligheid. Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
31
4.4 Veiligheidsbeleving in Groenoord-Zuid 4.4.1 Buurtkenmerken Groenoord-Zuid is onderdeel van de wijk Groenoord. De buurt ligt tussen de (doorgaande weg) Laan van Bol’es, Churchillweg en de snelwegen A20 en A4. Het is een relatief kleine buurt, waar op volgens het bevolkingsregister 1 januari 2020 960 mensen woonden, in 425 huishoudens. De buurt kenmerkt zich door flatgebouwen, gebouwd zijn tussen 1950-1970. Het overgrote deel (93%) van deze flats bevat (sociale) huurwoningen. Meer dan twee derde (71%) van de bevolking heeft een migratieachtergrond: met ‘overig niet-westers’ (24%), Turks (13,6%), Antilliaans (9%) en Marokkaans (9%) als belangrijkste herkomst groepen. In de jaren 2015-2019 nam het aandeel van de bevolking zonder migratieachtergrond terug van 34% naar 29% van de totale bevolking (MVS, 2020h; MVS, 2020i). Meer dan driekwart van de bevolking van Groenoord-Zuid is jonger dan 50 jaar. Een derde van de bevolking is 17 jaar of jonger. In de categorieën ’20 t/m 29 jaar’ en ’40 t/m 49 jaar’ zijn er ongeveer evenveel mannen als vrouwen, in de categorie ‘30 t/m 39 jaar’ zijn vrouwen echter oververtegenwoordigd (met 7% meer vrouwen dan mannen) (MVS, 2020j). Groenoord-Zuid is de buurt in Schiedam waar het gemiddeld bruto-inkomen het laagst is; een inwoner verdient gemiddeld €14.500,- (bruto) per jaar.
Hiermee ligt het inkomen onder het sociaal minimum (allecijfers.nl, 2020c). Meer dan 20% van de bevolking in Groenoord-Zuid leeft in armoede (Gemeente Schiedam, z.d.b).
4.4.2 Veiligheid in Groenoord-Zuid: wat zeggen de cijfers? Objectieve veiligheid De door de politie geregistreerde criminaliteit in de buurt over de periode 2016-2018 is afgenomen. Dat is min of meer gelijkelijk over alle drie de in figuur 11 weergegeven categorieën8.
Figuur 11: geregistreerde criminaliteit per 1.000 inwoners in Groenoord-Zuid (links) en gemeente Schiedam als geheel (rechts) Gemeente Schiedam (MVS, 2020k)
8 Let wel op: de relatieve teruggang is groot, in een buurt van deze omvang gaat in absolute zin echter ook om zeer kleine aantallen.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
32
Subjectieve veiligheid Volgens de Monitor Leefbaarheid & Veiligheid 2019 (Kenniscentrum MVS, 2020) voelde in de wijk Groenoord als geheel in 2019 39% van de inwoners zich soms onveilig, terwijl 13% aangaf zich ‘vaak’ onveilig te voelen. In Groenoord-Zuid draait die verhouding om: hier voelde in 2019 20% zich ‘soms’ onveilig, terwijl 44% aangaf zich vaak onveilig te voelen voelt in eigen woonbuurt. Ten opzichte van de wijk Groenoord als geheel voelt dus een groter percentage van de bewoners uit Groenoord-Zuid zich (vaak) onveilig in eigen buurt. Dit strookt ook met de cijfers die bewoners geven aan de veiligheid: in GroenoordZuid wordt een 5,6 gegeven aan de veiligheid, maar in Groenoord-Midden een 6,4 en Groenoord-Noord een 6,7. Bewoners uit Groenoord-Zuid ervaren hun buurt ook onveiliger dan in het algemeen: in het algemeen voelt 47% zich ‘soms’ onveilig en 13% ‘vaak’ (Kenniscentrum MVS, 2020). De wijk Groenoord wordt genoemd als onveilige plek in Schiedam; het staat op nummer 10 van de lijst onveilige plekken in Schiedam (Kenniscentrum MVS, 2020) In 2017 is alleen het parkeerterrein bij het zwembad Groenoord genoemd als onveilige plek (Kenniscentrum MVS, 2018). Overige belevingsaspecten De bewoners van Groenoord-Zuid geven de woningen in hun buurt een 5,9 en de omgeving waarin ze wonen een 5,7 (allecijfers.nl, 2020c).
De sociale cohesie in hun buurt waarderen zij op een 5,5, een lagere score dus dan gemiddeld in Schiedam (5,9) (Kenniscentrum MVS, 2020). Uit de Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2019 (Kenniscentrum MVS, 2020) blijkt dat bewoners uit de wijk Groenoord (waar Groenoord-Zuid onderdeel van uit maakt) last hebben van de volgende buurtproblemen: 1. 2. 3. 4. 5.
Rommel op straat Vuilnis naast de containers/verkeerd aanbieden van huisvuil Te hard rijden Geluidsoverlast door vliegtuigverkeer Hondenpoep op straat
De beoordeling van bewoners uit Groenoord als het gaat over toezicht op het naleven van regels, is uiteenlopend. 18% van de bewoners beoordeelt het toezicht op het naleven van de regels positief en 29% van de bewoners beoordeelt het toezicht op het naleven van regels negatief. Wat opvallend is, is dat een groot percentage van de bewoners ofwel geen mening heeft (37%), ofwel neutraal is (16%) (Kenniscentrum MVS, 2020).
4.4.3 Wat zeggen bewoners? Wij spraken met in totaal 47 bewoners van Groenoord-Zuid. Het oordeel van deze respondenten over de buurt is gemengd. Sommige mensen zijn positief, anderen niet. Opvallend is dat relatief veel mensen geen uitgesproken oordeel uitspreken, maar zeggen de buurt ‘redelijk’ of ‘wel oké’ te vinden. Ze zijn positief over de voorzieningen of zeggen dat er aardige mensen wonen. Prettig contact met de buren wordt in GroenoordVeiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
33
Zuid in tegenstelling tot andere buurten echter niet genoemd. Bewoners die de buurt negatief beoordelen, noemen vaak ‘asociale mensen’ als reden. Een aantal keren is het woord ‘getto’ en ‘achterstandswijk’ gevallen. ‘Het voelt hier steeds meer als een getto. Ik voel me er niet echt prettig bij.’ (vrouw, 26, Somalisch-Nederlands) Een relatief grote minderheid (38%) is van mening dat de veiligheid in de buurt is verslechterd. Daar staat maar een enkeling tegenover die juist verbetering ziet. De helft (52%) meent dat de veiligheid in de buurt de afgelopen jaren gelijk is gebleven. Onveiligheid, verloedering, hangjongeren en drugs rond de flats Veel bewoners vertellen over onveiligheid die zich voordoet rond de flats. Bewoners praten over jongeren die ’s nachts rondhangen op de parkeerterreinen en zich daar bezighouden met drugsgebruik en drugshandel. ‘Als ik ‘s nachts uit het raam kijk, dan schrik ik van wat ik rond de flats zie gebeuren. Lachgasflessen worden in en uit auto’s geladen. Pakketjes gaan van hand tot hand.’ (man, 80 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Sommige vrouwen zeggen dat ze zich onveilig voelen door hangjongeren die ze tegenkomen.
‘Ik ga liever via de garage naar binnen, dan via de officiële ingang omdat ik me gewoon niet veilig voel als ik bij al die hangjongeren de deur open moet doen om naar binnen te gaan.’ (vrouw, 50 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Verder wordt gesproken over fietsendiefstal en auto inbraken rond de flats. ‘De veiligheid laat wel te wensen over. Twee keer is mijn fiets gestolen en er is ingebroken in de auto van mijn vader.’ (vrouw, 15 jaar, Afrikaans-Nederlands) Een aantal keren is ook gezegd dat de portiekdeuren niet in het slot vallen en iedereen daardoor naar binnen kan. ‘De flat waar ik in woon, vind ik niet veilig. Jan en allemaal kunnen zomaar binnen lopen. Dat geeft geen veilig gevoel. De deur is voor iedereen open.’ (man, 30 jaar, Pakistaans-Nederlands) Tot slot, geeft de algehele verpaupering van flats een onveilig gevoel. Gesproken wordt over vocht, slechts onderhoud. ‘Veel verpaupering van de buurt, de ene flat ziet er niet uit en zo volgen er steeds meer, dat doet echt wat met het gevoel.’ (vrouw, 65 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Onveiligheid door en onder jongeren Niet alleen de aanwezigheid en het gedrag van hangjongeren, maar ook het gedrag van kinderen worden genoemd als indicator dat het achteruit gaat met de buurt. We tekenden ervaringen op over schreeuwen, schelden en uitschelden.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
34
‘Veel overlast van geluid, kinderen die hele dag door schreeuwen tot ook laat in de nacht. Het bezorgt mij een hoge bloedruk.’ (vrouw, 55 jaar, Portugees-Nederlands) Opvallend is daarbij dat ook een aantal jongeren zegt zich onveilig te voelen door leeftijdgenoten. ‘’s Avonds op straat zie ik vaak groepjes jongens die herrie maken en druk zijn. Dan ben ik wel angstig.’ (vrouw, 15 jaar, Afrikaans-Nederlands) Ook spraken we met jongens die aangaven bang te zijn voor leeftijdgenoten en voor messen in het bijzonder. Dat er jongerengroepen zijn die messen dragen, wordt ook over en in andere Schiedamse buurten gezegd. Dat jongeren er bang voor zijn, hoorden we alleen uit eerste hand in de Nolensbuurt en Groenoord-Zuid. ‘Soms zijn er kinderen van de overkant die messen hebben, dat vinden we wel eng.’ (3 x man, 14-15 jaar, Marokkaans- en Surinaams-Nederlands) ‘Het enige waar we (jongerengroep, red.) bang voor zijn, zijn messen. Maar we zijn nog vrijwel nooit in aanraking gekomen met zulke situaties.’ (man, 19 jaar, Surinaams-Nederlands) Verkeersveiligheid Verkeersveiligheid wordt door een aantal bewoners als buurtprobleem genoemd. Het gaat dan over te hard rijden en de noodzaak om veilige oversteekplaatsen te realiseren. ‘Auto’s rijden er veel te hard, lijkt wel formule 1 race hier in de buurt, echt niet normaal.
Ook voor de kinderen van mij vind ik het niet veilig als ze moeten oversteken bijvoorbeeld.’ (man, 30 jaar, Pakistaans-Nederlands) Geen contact met overheid In andere buurten zagen we dat tenminste met één overheidsorganisatie wel merkbaar contact had of zichtbaar was voor bewoners (zoals gemeente, politie en/of BOA’s). In deze buurt komt in de gesprekken geen enkele partij naar voren. Ten eerste lijken mensen nauwelijks te melden: het merendeel van de mensen zegt dat nooit te doen, vaak omdat zij de indruk hebben dat melden -bijvoorbeeld via de Buiten Beter-app – geen zin heeft. Ten tweede zeggen veel bewoners dat ze de overheid niet of nauwelijks zien in de buurt. Dat is overigens zeker niet voor iedereen een probleem: ‘Goed, ik hoor of zie ze niet zo vaak, dus denk dat het goed is dan. Gelukkig geen problemen.’ (vrouw, 37 jaar, Roemeens) Anderen vinden dat gegeven problematisch, gelet op alle problemen in de buurt. ‘Ik zie overheidsinstanties bijna nooit, alleen als er iemand opgepakt moet worden. Ik zie ze bijvoorbeeld niet controles uitvoeren in de buurt.’ (vrouw, 24 jaar, Surinaams-Nederlands) ‘Ik vind dat de politie vaak te laat is met zaken. Ze zijn ook weinig aanwezig en geven geen prioriteit aan de dagelijkse problematiek die mensen hier meemaken.’ (man, 55 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond)
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
35
4.4.4 Wat zeggen professionals? Over Groenoord-Zuid zijn 5 professionals geïnterviewd: de wijkagent, de wijkregisseur, en 3 medewerkers van het Wijkondersteuningsteam (WOT) vanuit verschillende aandachtgebieden. Aan het interview met WOT-medewerkers deed ook een bewoner mee die sinds jaren actief is in Groenoord-Zuid. Professionals denken dat bewoners de buurtveiligheid een cijfer zullen geven tussen een 4 en een 6. Afkomst speelt volgens een WOT-medewerker een rol in de beoordeling. Mensen die vanuit het buitenland hier zijn komen wonen hanteren andere maatstaven. Ze zijn eerder tevreden dan mensen die hier zijn opgegroeid en die de buurt en de bevolkingssamenstelling hebben zien veranderen. Geopperd wordt daarbij dat dit met name zou gelden voor – voornamelijk witte – ouderen die al sinds lange tijd in de buurt wonen. Instroom van kwetsbare bewoners Professionals merken op dat in Groenoord-Zuid de afgelopen jaren veel kwetsbare mensen -waaronder alleenstaande moeders en mensen met multiproblematiek - zijn komen wonen, vanwege het aanbod van relatief goedkope en ruime huurwoningen. Bij gevestigde buurtbewoners (en ouderen in het bijzonder) leidt dat tot onveiligheidsgevoelens. Kwetsbare mensen zelf ervaren volgens de professionals weinig grip op hun leven: zij zijn vooral bezig te overleven.
Verder wordt opgemerkt dat vooral ouderen sinds de Corona-crisis vereenzamen, daardoor psychisch achteruitgaan en zich onveiliger zijn gaan voelen. Jongerenoverlast, verloedering en verkeersveiligheid Verder schatten de professionals in dat jeugdoverlast, (fysieke) verloedering – met name afval – en verkeersonveiligheid afbreuk doen aan de veiligheidsbeleving in deze buurt. De wijkagent licht daarbij toe dat uit meerdere snelheidsmetingen is gebleken dat automobilisten binnen de snelheidslimiet blijven en dat het te hard rijden waar bewoners over klagen daarmee vooral een kwestie van perceptie is. Verder komen veiligheidsproblemen achter de voordeur, zoals huiselijk geweld en burenruzies, volgens de professionals veel voor in deze buurt. De wijkagent zegt in deze buurt vooral bezig te zijn met meldingen over vervuilde woningen, verwarde personen en het inschakelen van hulpverlening. Daarnaast wordt naar voren gebracht dat mediaberichtgeving over criminaliteit en onhandig optreden van de overheid onveiligheidsgevoelens in de hand werken. Wisselende inzichten over drugscriminaliteit De wijkregisseur is van mening dat in de buurt sprake is van serieuze drugscriminaliteit die zorgt voor onveiligheidsgevoelens bij bewoners. De wijkagent daarentegen meent dat grootschalige drugshandel is gestopt sinds een criminele familie is aangepakt.
Het huidige dealen gebeurt volgens hem snel en vluchtig waardoor bewoners er geen overlast van zouden ervaren.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
36
Positieve punten zijn volgens professionals de voorzieningen in de buurt. Er zijn winkels, speelplaatsen, parken, scholen en ook het openbaar vervoer is dichtbij. Een aantal professionals is trots op de beperkte groep – vooral witte, oudere – vrijwilligers die activiteiten organiseren. (On)voldoende aandacht voor de veiligheidsbeleving in de buurt? Uit de interviews komt niet duidelijk naar voren of en hoe professionals proberen invloed uit te oefenen op de veiligheidsbeleving van bewoners. De wijkagent zegt wel dat hij de Buiten Beter -app gebruikt om afval te laten ophalen en ook dat terugkoppelen na meldingen een positief effect heeft: ‘Ik vind het belangrijk verschil te maken voor mensen door terug te koppelen als iemand is opgepakt na hun melding. Mensen worden daar dan echt blij en dankbaar van. Ze voelen zich gezien en geholpen.’ (wijkagent) Opvallend is dat professionals kritisch zijn over het optreden van de gemeente in Groenoord-Zuid. Zij merken dat veel aandacht uitgaat naar Nieuwland en Oost en dat Groenoord-Zuid bij de gemeente geen prioriteit heeft. Zo zou de besluitvorming van de gemeente traag zijn, zoals bijvoorbeeld rond het realiseren van een buurthuis. Ook zou de gemeente slecht luisteren naar bewoners en daardoor met ideeën komen die niet aansluiten bij hun behoeften.
Ook wordt gezegd door een aantal professionals dat zij weinig steun en vertrouwen ervaren van de gemeente bij initiatieven die zij nemen. Gewenste Interventies Om de veiligheidsbeleving van bewoners te verbeteren, is volgens professionals meer ‘verbinding’ nodig. Daarmee wordt allereerst verbinding tussen bewoners onderling bedoeld, want zo stellen WOT-medewerkers, contact = veiligheid. En precies dat is wat mensen in deze buurt niet hebben met elkaar of alleen op een negatieve manier, met de burenoverlast en -ruzies die daarvan het gevolg zijn. Daarnaast brengen diverse professionals naar voren dat de overheid – en de gemeente in het bijzonder – veel zichtbaarder zou moeten zijn in de buurt, contact moet maken met bewoners en beter naar hen moet luisteren om het vertrouwen te winnen. Daarbij wordt ook het belang van verbinding tussen verschillende diensten benadrukt, die beter en structureler met elkaar moeten samenwerken. Tenslotte zou de instroom van kwetsbare mensen beperkt moeten worden, om zo de ervaren getto-vorming tegen te gaan.
4.4.5 Wat zien we in de media? Allereerst valt op dat op Facebook en Twitter in september en oktober 2020 weinig berichten zijn geplaatst over gebeurtenissen in Groenoord-Zuid. In totaal zijn vijf berichten te vinden waarvan er twee betrekking hebben op veiligheid: over een illegaal bordeel dat is aangetroffen op het Louis Zimmermanplein en over een politieactie in de omgeving van Groenoord.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
37
4.4.6 Conclusie Groenoord-Zuid De veiligheidsbeleving in Groenoord-Zuid is extreem laag. Veel mensen voelen zich onveilig; het komt daarnaast zelden voor dat de groep mensen die zegt zich ‘vaak’ onveilig te voelen tweemaal zo groot is als de groep die dat ‘soms’ zegt te zijn. Een relatief groot deel geeft aan dat de veiligheid ook is verslechterd. Er is wellicht een criminele familie in de buurt aangepakt waardoor grootschalige drugshandel is verminderd, maar bewoners zien rond de flats nog voldoende gedragingen die zij met druggebruik en drugscriminaliteit associëren, zij het wellicht van een mindere orde. Maar vooral wijzen zowel bewoners als professionals op de instroom van kwetsbare mensen in de buurt die de sociale samenstelling verandert en de veiligheidsbeleving onder druk zet. Daarnaast is er in de ogen van bewoners ook sprake van verloedering op zowel sociaal als fysiek gebied: door gedrag van jongeren en kinderen, door burenruzies en geweld achter de voordeur, door vervuiling. Meerdere malen is in de interviews het woord ‘getto-vorming’ gevallen. Uit zowel de monitor Veiligheid en Leefbaarheid als uit de straatgesprekken is op te maken dat het gevoel van onveiligheid niet voorbehouden is aan oudere, witte inwoners, maar veel breder leeft.
Er moet zelfs rekening mee worden gehouden dat de kwetsbare mensen die de wijk instromen zelf sneller een gevoel van onveiligheid ervaren en zo dus op een tweeledige manier aan de hoge (gemeten) onveiligheidsbeleving bijdragen. In Groenoord-Zuid lijkt daarnaast een ‘vacuüm’ te bestaan in de aanpak van onveiligheid en onveiligheidsbeleving. Bewoners zien veel, maar melden niet en hebben er ook geen vertrouwen in dat het zinvol is om contact te zoeken met de overheid. Professionals geven daarnaast aan dat klachten die hen wél bereiken soms lastig zijn om naar tevredenheid van bewoners aan te pakken. Te hard rijden bijvoorbeeld is objectief (met meting) niet vastgesteld. En als jongeren lachgas gebruiken op een parkeerterrein is dat voor bewoners wellicht wel onprettig, maar niet strafbaar. Het kan niet uitgesloten worden dat de opvallende daling van de geregistreerde criminaliteit in de buurt over de periode 2016-2018 al dan niet ten dele in het licht van dit vacuüm moet worden gezien, waardoor de aangiftebereidheid van het publiek zou kunnen zijn gedaald. Tenslotte vinden professionals en een aanmerkelijk deel van het publiek elkaar in de constatering dat Groenoord-Zuid in het licht van de sociale en veiligheidsproblematiek meer aandacht zou moeten krijgen van de overheid en van de gemeente in het bijzonder.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
38
4.5
Veiligheidsbeleving in de Stationsbuurt
4.5.1 Buurtkenmerken De Stationsbuurt ligt, zoals ook al blijkt uit de naam, rondom het treinstation in Schiedam in de wijk Oost. Station Schiedam Centrum is het enige treinstation in Schiedam en is tevens een metrohalte. Aan de zuidzijde van het station bevindt zich het stationsplein met aangrenzend eetgelegenheden, supermarkt en een studentenhotel. In de Stationsbuurt wonen 1165 mensen die met elkaar 695 huishoudens vormen. De woningen in de Stationsbuurt kenmerken zich door het feit dat het alle woningen volgens gegevens uit het Kadaster meergezinswoningen zijn (flats, portiek-, beneden- en bovenwoningen). 33% van deze woningen is na 2000 gebouwd (met name tussen 2000-2010), voor de rest van de woningen geldt dat ze gebouwd zijn tussen 1980-1990, met nog een klein deel tussen 1925-1950). Iets minder dan de helft (46%) van de woningen betreft koopwoningen zijn, het overige deel zijn huurwoningen in eigendom van bedrijven, particulieren en beleggers (allecijfers.nl, 2020d). Het aantal inwoners van de Stationsbuurt is sinds 2013 met 35% gegroeid (allecijfers.nl, 2020d; MVS, 2020l). Het overgrote deel van de bewoners heeft een uiteenlopende migratieachtergrond: ‘overig niet-westers’ (22%), ‘overig westers’ (16%), ‘Turks’ (15%) en ‘Midden- en Oost-Europees’ (13%). Had in 2015 nog 30% van de inwoners geen migratieachtergrond, in 2019 is dit gedaald tot zo’n 20%.
Meer dan de helft van de inwoners valt in de leeftijdscategorie 20 t/m 39 jaar. Er zijn weinig ouderen in de Stationsbuurt (de groep 60 jaar en ouder bedraagt zo’n 6% van de bevolking) (MVS, 2020n). Het gemiddeld bruto-inkomen in de Stationsbuurt is €23.000,-, waarmee het vlakbij het gemiddelde bruto-inkomen van Schiedam ligt (allecijfers.nl, 2020d).
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
39
4.5.2 Veiligheid in de Stationsbuurt: Wat zeggen de cijfers? Objectieve veiligheid Uit de politiestatistieken (zie figuur 12) zijn een aantal dingen op te merken: ten eerste ligt het aantal geregistreerde delicten per 1000 inwoners in de Stationsbuurt hoger dan het gemiddelde aantal registraties in Schiedam. Verder valt op dat er, in verhouding, in de Stationsbuurt veel gewelds- en seksuele misdrijven worden gerapporteerd. Daarnaast blijkt dat er in 2017 een stijging zichtbaar is van 40% in het totaal aantal vernielingen/misdrijven tegen openbare orde. Dit is opvallend omdat er in die periode in heel Schiedam juist een daling van 12,5% te zien is Figuur 12: geregistreerde criminaliteit per 1.000 inwoners in Stationsbuurt (links) en gemeente Schiedam als geheel (rechts) (MVS, (MVS, 2021c). En ten slotte is het totaal aantal 2020o) diefstallen uit woning/schuur zo sterk gedaald dat ze niet meer terug te zien zijn in de grafieken (MVS, 2020o). Bij het beoordelen van de cijfers moet rekening gehouden worden met het effect van de aanwezigheid van een treinstation met de personenstromen die daarmee samenhangen. Subjectieve veiligheid In de Stationsbuurt voelde in 2019 67% van de bewoners zich ‘soms tot vaak onveilig’ in eigen buurt.
Daarmee staat de Stationsbuurt op de (gedeelde) tweede plek als het gaat om locaties binnen Schiedam waar bewoners zich in hun eigen buurt ‘soms tot vaak onveilig’ voelen9. Alleen in de Wibautbuurt voelen meer mensen zich ‘soms tot vaak onveilig’ in eigen buurt (Kenniscentrum MVS, 2020). Het aandeel bewoners dat zich onveilig voelt is dan ook aanzienlijk hoger dan het gemiddelde van de wijk Oost waar de Stationsbuurt deel uit maakt: hier voelt 59% van de bewoners zich in eigen woonbuurt soms tot vaak onveilig voelt (en 50% van de bewoners zich in Schiedam in het algemeen soms tot vaak onveilig voelt) (Kenniscentrum MVS, 2020). Het cijfer dat bewoners geven aan de veiligheid in de Stationsbuurt is een 6,3. Dit ligt net onder het gemiddelde van heel Schiedam (6,5). Als we kijken naar de hele buurt, dan valt op dat Oost een 5,8 scoort. (Kenniscentrum MVS, 2018). Er is een aantal plekken in de Stationsbuurt die door Schiedammers worden aangewezen als onveilige plek in Schiedam (Kenniscentrum MVS, 2020). Het gaat om het station Schiedam Centrum (inclusief de achterzijde van het station en het stationsplein). Deze locatie staat op nummer 2 van de ranglijst met onveilige plekken in Schiedam.
Verder wordt de hele wijk Oost (in het algemeen) genoemd als onveilige plek (op nummer 5), de tunnelonderdoorgangen nabij Euroscoop en Station Schiedam Centrum (nummer 14) en de Boerhaavelaan/Boerhaaveplein (nummer 15). 9 De N (het aantal respondenten in dit onderzoek) is echter (nog) lager dan die in andere buurten, waardoor naar onze mening rekening moet
worden gehouden met een hoge(re) betrouwbaarheidsmarge.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
40
In 2017 werd alleen het gebied aan de achterzijde van het station Schiedam Centrum genoemd als onveilige plek in Schiedam. In 2017 is specifiek gevraagd naar hoe vaak men zich veilig voelde bij station Schiedam Centrum. Destijds is door 43% aangegeven dat men zich daar zelden of nooit onveilig voelt, 44% voelde zich soms onveilig en 13% voelde zich vaak onveilig (Kenniscentrum MVS, 2018). Overige belevingsaspecten De bewoners van de Stationsbuurt geven hun woning een 6,7 en de omgeving waarin ze wonen een 6,2 (Kenniscentrum MVS, 2020). De sociale cohesie in de Stationsbuurt scoort het laagst van alle andere buurten in Schiedam, een 4,4 (Kenniscentrum MVS, 2020: 13). Door bewoners uit de wijk Oost, waar de Stationsbuurt onderdeel van is, wordt aangegeven dat ze de volgende buurtproblemen ervaren (Kenniscentrum MVS, 2020): 1. 2. 3. 4. 5.
Rommel op straat Vuilnis naast de container/verkeerd aanbieden van huisvuil Te hard rijden Hondenpoep op straat Agressief verkeersgedrag
De bewoners van Oost zijn wisselend in de mate waarin zij de gemeente beoordelen als het gaat om toezicht op het naleven van regels. 19% van de bewoners beoordeelt de gemeente positief, 29% negatief, 30% is neutraal en 22% heeft geen mening (Kenniscentrum MVS, 2020).
4.5.3 Wat zeggen bewoners? In de Stationsbuurt is op verschillende locaties met (in totaal 4610) bewoners gesproken, waarbij steeds is gecheckt of mensen daadwerkelijk in de Stationsbuurt wonen voordat het gesprek is aangegaan. Immers, op en rond het Stationsplein zijn veel passanten die elders wonen. Uit de gesprekken kwamen zes centrale thema’s naar voren. Gemengd oordeel over de buurt, veiligheid verslechterd Het oordeel over de buurt is gemengd. Mensen die positief zijn over de buurt zijn vooral te spreken over sociale aspecten: de multiculturele sfeer en het goede contact met directe buren. ‘Ik geef m’n huissleutel gerust aan de buren. Ik geef ook de poes van de buren eten als ze op vakantie zijn bijvoorbeeld.’ (man, 55 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond)
10 In totaal is gesproken met 46 bewoners in de Stationsbuurt. Er is met meer mannen dan vrouwen gesproken. Dat is in overeenstemming met de
bevolkingssamenstelling waarin mannen ook zijn oververtegenwoordigd (55%) In deze buurt zijn relatief veel mensen bevraagd van 51 jaar en ouder (iets minder dan 50%). Dat is scheef, omdat in werkelijkheid het grootste deel van de bewoners jonger is dan 39 jaar. Relatief met weinig mensen van Oost-Europese afkomst gesproken. Daarbij is de kwaliteit van de interviews die we met hen wel hebben door de taalbarrière vrij laag.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
41
De multiculturele sfeer wordt alleen door mensen met een migratieachtergrond genoemd als positief aspect. We hebben jongeren apart bekeken en zien dat zij de buurt positief ervaren, maar dat ze wel een plek missen waar ze samen kunnen komen. ‘Er is nergens een hangplek.’ (man, 18 jaar, Surinaams-Nederlands) ‘Geen plek voor de boys waar we kunnen chillen.’ (man, 19 jaar, SurinaamsNederlands) Mensen die de buurt negatief beoordelen doen dat vooral vanwege het sociale verval dat zij waarnemen en de toenemende onveiligheid. In dat licht wordt genoemd dat er meer kansarme mensen in de buurt zijn komen wonen, het samenleven lastiger is geworden door taal- en cultuurverschillen en dat veel sprake is van asociaal gedrag zoals drinken, blowen en te hard rijden. ‘Niet fijn, heel erg druk, altijd heisa, en veel alcoholgebruik’ (vrouw, 46 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) De Stationsbuurt kent van de 5 onderzochte buurten het hoogste percentage (44%) bewoners die vindt dat de wijkveiligheid de afgelopen jaren is verslechterd. Tegelijkertijd vinden evenveel respondenten (44%) dat de wijkveiligheid gelijk is gebleven. Een minderheid (12%) ziet juist verbetering. Hangjongeren Hangjongeren worden het vaakst genoemd als factor die afbreuk doet aan buurt en de buurtveiligheid.
Opvallend is dat mensen aangeven dat ze het aantal hangjongeren en groep de afgelopen jaren zijn toegenomen en dat ze agressiever zijn geworden. Agressiever wordt dan omschreven als een houding die jongeren aannemen. Er wordt ook verwezen naar toegenomen wapenbezit. Bij het laatste lijkt berichtgeving in de media en verhalen die bewoners in de buurt horen een belangrijke rol te spelen. ‘Er zijn veel meer hangjongeren als vroeger en ze zijn kwader geworden met de jaren heen, lopen bijna allemaal met een mes op zak en zo.’ (man, 71, Nederlands zonder migratieachtergrond) ‘’s Avonds voel ik me wel onveilig. Er zijn dan veel hangjongeren en er rijden dure auto's door de straten die hier denk ik niks te zoeken hebben.’(vrouw, 60 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Criminaliteit en drugshandel Criminaliteit wordt ook als buurtprobleem naar voren gebracht. Vooral schiet- en steekincidenten die zich in de buurt hebben voorgedaan, lijken een grote impact te hebben op de veiligheidsbeleving. ‘Ik voel mij niet veilig hier, omdat er veel schiet- en steekpartijen zijn.’ (vrouw, 33 jaar, Kaapverdisch-Nederlands) Daarnaast wordt over drugshandel gesproken. Sommige bewoners hebben dat van horen zeggen, anderen zeggen het concreet waar te nemen.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
42
‘De drugshandel die hier welig tiert. Het speeltuintje tegenover mijn huis gebruiken drugsdealers om hun handel te verkopen.’ (vrouw, 60 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Vervuiling Vuil wordt ook als ergernis genoemd, maar opvallend genoeg vooral door Nederlanders zonder migratieachtergrond. ‘Ik vind dat de buurt hard achteruit gaat: dat zie je aan vuil en hondenpoep op straat.’ (vrouw, 60 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Bewoners brengen daarbij ook het niet goed functioneren van de vuilcontainers naar voren als buurtprobleem. ‘Het pasjessysteem functioneert niet. De horeca maakt er misbruik van. De containers zitten vaak overvol.’ (vrouw, 80 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Bereidheid tot melden Wat opvalt is dat bewoners vaker dan in Nieuwland en Groenoord-Zuid zeggen meldingen te doen bij instanties. Dat doen ze via de formele kanalen (BuitenBeter-app en het telefoonnummer van de politie), maar ook vaak rechtstreeks bij politie en handhavers op straat of digitaal.
‘Ik heb een aantal keren de politie gewaarschuwd, dit was drugsgerelateerd.’ (man, 61 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) ‘Een buurman maakt regelmatig foto’s van drugsdealers, nummerplaten en deelt die met de politie.’ (vrouw, 60 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Responsiviteit van de overheid Bewoners zijn vervolgens echter teleurgesteld aan het gebrek aan responsiviteit van de overheid. ‘Ik probeer zelf activiteiten op te zetten, maar het wordt niet gehoord door de gemeente.’ (vrouw, 37 jaar, Surinaams-Nederlands) ‘De gemeente onderneemt geen actie betreft het verkeer. Ze doen niks, heb ze een aantal keren gebeld maar ze hebben tot nu toe niks gedaan.’ (man, 52 jaar, Hindoestaans-Nederlands) ‘Ik voer dan dingen in bij de BuitenBeterApp en dan kan je ook zien dat ze het gelezen hebben. Maar daar blijft het dan bij. Eerder kreeg ik daar meer reactie op. (man, 50-55 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Die teleurstelling geldt ook jegens politie en handhaving, hoewel we daarover ook een aantal concrete, positieve ervaringen horen, met name over het optreden tegen mensen die drinken in het openbaar. Onder jonge mannen horen we daarentegen geluiden over onrechtvaardige bejegening door met name de politie. Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
43
‘De politie heeft al een vooroordeel voordat ze je aanspreken en zien je gelijk als een straatratje.’ (man, 20 jaar, Bosnisch-Nederlands) ‘Soms treden ze te hard op bij jongere boys. Ze stellen dan brutale vragen zoals: wat doe jij hier.’ (man, 19 jaar, Surinaams-Nederlands)
4.5.4 Wat zeggen professionals? Over de Stationsbuurt zijn drie professionals geïnterviewd: de wijkagent, de wijkregisseur, een wijk-BOA en een jongerenwerker. Met de jongerenwerker is alleen zijdelings over de Stationsbuurt gesproken. Hij is verbonden aan het Lentiz-college waar kinderen uit heel Schiedam opzitten. Het gesprek met hem ging daarom meer over veiligheid en veiligheidsbeleving van Schiedamse jongeren in het algemeen. Overlast van arbeidsmigranten en drugshandel Professionals denken dat bewoners de Stationsbuurt een onvoldoende (5) of een nipte voldoende geven (6) geven. Vooral de ‘witte’ mensen die hier al lang wonen zouden de buurt snel en in negatieve zin hebben zien veranderen. De komst van Oost-Europese arbeidsmigranten – in deze buurt vooral Bulgaren – leidt volgens professionals tot veel overlast op straat (alcoholgebruik, groepsvorming), net als tot overlast door overbewoning. Vooral het Van ‘t Hoffplein en het Stationsplein worden als hotspots genoemd. Volgens de wijkregisseur is er sprake van polarisatie. Bulgaren krijgen als het ware overal de schuld van, een idee dat nog eens wordt versterkt door berichtgeving op social media. De wijkagent merkt op dat ook drugshandel de veiligheidsbeleving van bewoners drukt. Vroeger gebeurde drugshandel vanuit dealpanden, tegenwoordig vanuit auto’s op straat.
Professionals stellen dat de overheid (gemeente, politie en handhaving) te weinig zichtbaar is en in de ogen van bewoners te weinig daadkracht uitstraalt. Er is weinig vertrouwen dat ervaren problemen echt worden aangepakt. Dit werkt onveiligheidsgevoelens in de hand. Ook een recent schietincident werkt lang door op de veiligheidsbeleving van bewoners. Noodzaak van zichtbaarheid, capaciteit en doortastendheid De wijk-BOA en de wijkagent proberen zoveel als mogelijk zichtbaar aanwezig te zijn in de buurt, maar dat is lastig vanwege capaciteitstekorten die er zijn bij beide diensten. Daarnaast is doortastend optreden vaak lastig. Handhavers bijvoorbeeld kunnen alleen optreden als zij ter plekke een situatie -bijvoorbeeld overlast – aantreffen. Aanpakken kan niet meer als zij na een melding afkomen en de overlastgevers inmiddels zijn verdwenen. De wijkagent merkt verder op dat de taalbarrière -met vooral arbeidsmigranten van OostEuropese afkomst- het lastig werken maakt. De wijkregisseur merkt op dat de buurt op een aantal punten verbeterd is. Er zijn ondergrondse vuilcontainers gerealiseerd en het parkeren is beter gereguleerd. Echter, bewoners lijken dat niet te merken. Voor het verbeteren van de veiligheidsbeleving is het volgens professionals belangrijk dat de overheid zichtbaarder wordt en dat ervaren problemen (overlast en drugshandel) daadkrachtig worden aangepakt.
De gemeente wil graag dat bewoners meer melden, Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
44
maar bewoners hebben er geen vertrouwen in dat er iets met hun melding gebeurt. Dat moet doorbroken worden. De gemeente zou daarnaast meer moeten inzetten op schoonen-heel. Ook wordt de suggestie gedaan om het Stationsplein opnieuw in te richten met terrasjes en winkeltjes. Tot wordt gesteld dat de samenwerking tussen handhaving en politie verbeterd moet worden om daadkrachtig te kunnen optreden.
4.5.5 Wat zien we in de media? Op Facebook en Twitter zijn in september en oktober 2020 zestien berichten geplaatst over de Stationsbuurt. Dertien daarvan hebben betrekking op een enkele ernstige incidenten: twee schietpartijen, een gewapende overval op een Poolse supermarkt en een steekincident.
4.5.6 Conclusie Stationsbuurt De indicaties van een lage – en verder verslechterde – veiligheidsbeleving in de Stationsbuurt wordt bevestigd door de gesprekken. Daarin worden, soms consistent, soms minder consistent, plausibele verklaringen voor de lage veiligheidsbeleving naar voren gebracht. Volgens professionals zet een toestroom van Oost-Europese arbeidsmigranten de veiligheidsbeleving onder druk. Bewoners horen we daar echter nauwelijks over. Zij spraken vooral over hangjongeren die zorgen voor overlast en onveiligheid. Jongeren zelf geven aan geen geschikte plek in de buurt te hebben om bij elkaar te komen op een manier dat ze geen overlast veroorzaken. Wat bewoners en professionals wel gemeen hebben, is hun zorg over de sfeer in de buurt die verhardt. Bewoners geven aan dat hangjongeren agressiever zijn geworden, de wijkregisseur spreekt over polarisatie tussen bewoners en Bulgaarse arbeidsmigranten. In de Stationsbuurt lijkt een deel van de bewoners goed in staat om in contact te treden met de overheid. Er lijkt echter een kloof te bestaan in hoe zij de problemen en het oplossen daarvan percipiëren. Dat verschil laat zich onder andere zien rond vuil in de buurt. De wijkregisseur merkt op dat ondergrondse vuilcontainers zijn gerealiseerd om tegemoet te komen aan klachten van bewoners over vuil en naastplaatsingen.
Bewoners daarentegen brengen vuil en het niet goed functioneren van de vuilcontainers (nog steeds, red.) naar voren als buurtprobleem. Bewoners geven aan dat politie en handhaving te weinig zichtbaar zijn in de buurt en dat de gemeente onvoldoende respons geeft op meldingen en klachten. Professionals geven in het verlengde daarvan aan dat er te weinig samenwerking tussen handhaving en politie is om daadkrachtig op te treden. De politie legt uit dat het ook vaak vanwege de gegeven kaders lastig is om daadkrachtig op te treden.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
45
4.6
Veiligheidsbeleving in de Vogelbuurt
4.6.1 Buurtkenmerken De Vogelbuurt is onderdeel van de wijk Kethel. De buurt wordt door de Bewonersvereniging Vogelbuurt omschreven als: ‘onze buurt, met eengezinswoningen, [die zijn] gebouwd in de periode 1960-1995’.11 Begin 2020 wonen in de Vogelbuurt 1605 mensen in 685 huishoudens (allecijfers.nl, 2020e). Uit de gegevens van het kadaster blijkt dat 89% van de woningen in de Vogelbuurt eengezinswoningen zijn en vrijwel allemaal (94%) koopwoning. In de Vogelbuurt wonen met name Nederlanders zonder migratie-achtergrond. Naast de grote groep Nederlanders-van-origine, is er ook een groep buurtbewoners met ‘overig westers’-achtergrond. De grootte van de deze twee groepen is in de afgelopen jaren nauwelijks gewijzigd. Mensen met Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse achtergrond wonen (vrijwel) niet in de wijk (MVS, 2020q). Het merendeel van de bevolking in de Vogelbuurt is ouder dan 40 jaar (MVS, 2020p). Het gemiddeld inkomen ligt boven het gemiddeld inkomen van Schiedam: €32.700,- bruto per jaar (ten opzichte van €23.500,- gemiddeld in Schiedam). De Vogelbuurt scoort, ten opzichte van de rest van Schiedam, hoog op de waardering die gegeven wordt voor woning, woonomgeving en sociale cohesie. De bewoners geven een 8,2 aan hun woning en een 8,1 aan de woonomgeving (ten opzichte van een 7,6 en een 6,8 voor Schiedam gemiddeld).
Het cijfer dat de buurtbewoners aan de sociale cohesie geven is gemiddeld een 7,5. Dit is het hoogste cijfer van de onderzochte buurten en ligt ook ver boven het gemiddelde van Schiedam (een 5,9) (Kenniscentrum MVS, 2020).
11 Zie: https://www.vogelbuurt-schiedam-kethel.nl/
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
46
4.6.2 Wat zeggen de cijfers Objectieve veiligheid De criminaliteitscijfers per 1.000 inwoners liggen in de Vogelbuurt (ver) onder het gemiddelde van Schiedam. De daling in geregistreerde delicten die in heel Schiedam zichtbaar is, laat zich desalniettemin ook zien in de Vogelbuurt (zie figuur 13). 12 Subjectieve veiligheid In de Vogelbuurt geeft in 2019 18% van de buurtbewoners aan zich ‘soms tot vaak onveilig’ te voelen in eigen buurt Figuur 13: geregistreerde criminaliteit in de Vogelbuurt, (Kenniscentrum MVS, 2020). Dat is iets vergelijkingsgebied: Gemeente Schiedam (MVS, 2020r) meer dan de helft van het aandeel bewoners dat zich in 2019 de totale wijk Kethel zegt onveilig te voelen in de eigen buurt (33%). Dat laatste cijfer is een aanzienlijke stijging ten opzichte van 2017, toen het percentage nog op 22% lag. Gevraagd naar de mate waarin men zich onveilig voelt in het algemeen liggen de cijfers van de inwoners van de wijk Kethel overigens hoger: daarop zegt 60% zich soms of vaak onveilig te voelen. Ook dat cijfer is gestegen ten opzichte van 2017, toen dit nog 45% bedroeg. De bewoners van de Vogelbuurt beoordelen de veiligheid in 2019 met een schoolcijfer 7,4 (Kenniscentrum MVS, 2020). In de wijk Kethel als geheel was dit in 2019 een 7,1 (2017: 7,0). Geen van de onveilige plekken die genoemd zijn door Schiedammers bevindt zich in de Vogelbuurt.
Echter de Hof van Spaland wordt als onveilige plek ervaren (nummer 11 op de ranglijst van onveilige plekken). Deze bevindt zich naast de Vogelbuurt (Kenniscentrum, 2020). In 2017 werd deze plek nog niet als onveilige plek genoemd (Kenniscentrum, 2018). Overige belevingsaspecten In de Monitor Leefbaarheid en Veiligheid 2019 (Kenniscentrum MVS, 2020) wordt door bewoners van de wijk Kethel (waar de Vogelbuurt onderdeel van uit maakt) de volgende buurtproblemen als meest voorkomend genoemd: 1. Geluidsoverlast door vliegtuigverkeer 2. Te hard rijden 3. Rommel op straat 4. Parkeeroverlast 5. Gaten of verzakkingen in de bestrating
12 Grafiek 13 wijst op een verdubbeling van het aantal gewelds- en seksuele misdrijven tussen 2016 en 2018 wel een verdubbeling zien. Ook hier
moet weer rekening worden gehouden met het relatief lage aantal delicten in absolute zin, waardoor een kleine verandering in absolute aantallen al een grote verandering in percentage op kan leveren (MVS, 2020r; MVS, 2021d).
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
47
De bewoners van Kethel beoordelen de gemeente als het gaat om toezicht op het naleven van regels niet erg positief. 42% van de bewoners acht de gemeente onvoldoende in staat om toezicht te houden op het naleven van regels. Dit is de minst positieve score van alle wijken in Schiedam. 18% van de bewoners vindt dat de gemeente daartoe wel voldoende in staat is, terwijl 28% neutraal oordeelt en 13 % hierover geen mening heeft (Kenniscentrum MVS, 2020).
4.6.3 Veiligheid in de Vogelbuurt: wat zeggen buurtbewoners? In de Vogelbuurt is met 43 bewoners gesproken. Uit de interviews zijn 6 thema’s gedestilleerd die relevant zijn in relatie tot veiligheidsbeleving. We beschrijven deze hierna kort. Positief oordeel over de buurt Bewoners zijn over het algemeen heel positief over de Vogelbuurt. Ze kenmerken de buurt als een rustige, groene buurt waar mensen elkaar kennen en op elkaar letten in de positieve betekenis. ‘Het is een erg rustige buurt. Erg fijn om er te wonen. Er is saamhorigheid en de mensen groeten elkaar wel.’ (man, 73 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Over hoe de buurtveiligheid zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld, zijn de meningen verdeeld. Ongeveer de helft van de respondenten (48%) vindt dat de buurtveiligheid de afgelopen jaren gelijk is verbeterd. Iets meer dan een kwart (26%) dat vindt dat deze is verslechterd, een iets kleiner deel (19%) vindt dat deze gelijk is gebleven. Actieve burgers Opvallend is dat bewoners relatief veel zelf ondernemen om de buurt veilig, leefbaar en sociaal te houden. Zo is er een actieve wijkvereniging die activiteiten organiseert voor verschillende doelgroepen, er zijn actieve VVE’s en er wordt actief gebruikt gemaakt van de BuitenBeter-app en WhatsApp groepen. Actieve bewoners verwachten bij hun inzet medewerking van de overheid en dan met name van de gemeente.
Over die medewerking zijn ze positief als het gaat om zaken die op korte termijn om reactie vragen, zoals meldingen in de BuitenBeter-app en ingediende reparatieverzoeken. Bewoners zijn negatiever als het gaat over de aanpak van grootschaliger kwesties zoals verzakkingen en het realiseren van eenrichtingsverkeer. In die situaties wordt heldere besluitvorming en communicatie in sommige gevallen gemist. Verkeersproblematiek Als het gaat om factoren die de beleving van de buurt negatief beïnvloeden, dan wordt verkeer regelmatig en op verschillende manieren genoemd: te hard rijden, met name op de Zwaluwlaan, parkeeroverlast en geluidsoverlast van overvliegende vliegtuigen.
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
48
Hangjongeren Hangjongeren worden verreweg het vaakst genoemd als factor die gevoelens van onveiligheid in de hand werken. Het gaat vooral om jongeren die samenkomen bij het winkelcentrum en op het industrieterrein bij de sportschool. De aanwezigheid van groepen jongeren vinden verschillende mensen om verschillende redenen onprettig. Sommigen ergeren zich aan de herrie en de troep die jongeren zouden maken, anderen oudere mensen- voelen zich geïntimideerd door hun aanwezigheid, weer anderen zeggen zich te storen aan hun alcohol- en drugsgebruik. Een aantal bewoners zegt dat hangjongeren ook in drugs handelen, maar neemt dat -anders dan in bijvoorbeeld de Nolensbuurt – niet zelf waar. Optreden van de politie Hoewel bewoners over het algemeen positief zijn over het optreden van de politie wordt een doortastende aanpak gemist als het gaat om het gedrag van hangjongeren: ‘Ze doen niet genoeg, ze pakken weinig aan. Ze komen steeds tekort om het probleem echt op te lossen.’(man, 37jaar, Algerijns) ‘De wijkagent houdt zich niet aan de afspraken.
Kijk maar naar oud en nieuw: geen handhaving helemaal niks.’ (man, 64 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) De reputatie van Schiedam De zorgen over de aanwezigheid van hangjongeren lijkt versterkt te worden door de reputatie van (en ervaringen in) andere delen van Schiedamse, zoals de Parkweg, de flats in Groenoord-Zuid en het Centraal Station. Dat wat daar in de ogen van de buurtbewoners gebeurt (drugscriminaliteit, schiet- en steekincidenten) kan zomaar overwaaien naar de eigen buurt, zo lijken bewoners te denken. Gevraagd naar wat de burgemeester van Schiedam als eerste zou moeten aanpakken, geven bewoners dan ook opvallend vaak prioriteit aan andere wijken en buurten dan de Vogelbuurt. ‘Er moet meer diverse woningbouw zijn, dat mensen meer gemengd kunnen wonen. De concentratie van lage inkomensgroepen leidt tot meer criminaliteit in Schiedam’ (vrouw, 50 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) ‘De criminaliteit in andere wijken en buurten moet aangepakt worden, vooral drugscriminaliteit (man, 34 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond) Ook wordt gezegd dat het centrum van Schiedam weer aantrekkelijk moet worden gemaakt. ‘Schiedam is vaak negatief in het nieuws en dat moet veranderen. De winkelstraten moeten weer aantrekkelijk worden, zodat mensen naar Schiedam willen komen om te winkelen.’(vrouw, 67 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond)
Veiligheidsbeleving in Schiedam – een studie in vijf buurten
49
Het Beatrixpark als onveilige plek In de gesprekken met bewoners wordt het Beatrixpark een aantal keren genoemd als een plek waar men zich onveilig voelt, vooral ‘s avonds. Als redenen worden slechte verlichting, alcoholgebruik en de (vermeende) aanwezigheid van potloodventers genoemd. Sommigen kunnen geen duidelijke reden noemen. ‘De snelste route van de stad naar huis is het Beatrixpark, maar dat vermijd ik liever. Het onveilige gevoel is niet zozeer ontstaan door een gebeurtenis. Het is simpelweg een gevoel dat ik heb bij het park in de avond… Er is de Schiedammer Parkmoord geweest …maar dat is zo lang geleden, dat kan geen invloed meer hebben.’ (man, 69 jaar, Nederlands zonder migratieachtergrond)