Bijlage 4 Concept Jaarstukken 2023 DB SOW
Tekst van het document
Baat of Last (B/L)
Baten
Lasten
B/L
-62
Hogere personeelskosten door het invullen van vacuture ruimte door extern personeel Schuldhulpverlening Er is minder gebruik gemaakt van de Sociale kredieten dan gepland. De kredieten worden verrekend met de gemeenten. Hierdoor vallen de baten
B/L
48 207
lager uit.Lagere personeelkosten voor het laten inzetten van de extra gelden uit de circulaire
Armoedevoorziening Overbesteding van de lasten voor de CAV en de inrichtingskosten van de statushouders en Extra baten leenbijstand voor inrichtingskosten en extra lasten door de verstrekking van inrichtingskosten op de armoede voorziening. Er is extra personeel ingehuurd voor de afhandeling van aanvragen bijzondere bijstand.
B/L
2.157
-1.823
B/L
-801
-229
De normbedragen voor de uitvoeringskosten van de kinderopvangtoeslagenaffaire in 2023 gekoppeld aan de aanvragen leiden tot een bate. Deze worden in de jaarrekening verrekend met de gemeenten. De gemeenten worden vervolgens gecompenseerde door het Rijk (1.638).
inkomensvoorziening Het bestand is in 2023 gelijk gebleven 5.171 eind december waardoor er een overbesteding is van -1.048 op de lasten. Er is een onderbesteding op de baten 333 door lagere debiteuren . Schiedam heeft een voordeel op de buig, Vlaardingen en Maasluis hebben dit niet. Hogere personeelskosten De realisatie van de Tozo (517) zijn baten en ontvangsten van de Tozo regeling. Deze worden verrekend met de gemeenten, die het weer verrekenen met het Rijk. De toestroom voor de opvang van de Oekraïners lager geweest dan begroot. Participatie
B/L
38 282
Minder inzet door teamdienstverlening hierdoor wel verschuiving van werkzaamheden naar armoede en inkomensvoorziening Overige afwijkingen
L
24
41
Totaal Programma Inkomen
€ 1431
-€ -1.625
42
Bate n
€ 2.309
Last en
-€ 12.153
Sald o
-€ 9.844
Ambitie 2023 Het is in de samenleving voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld omdat zij een arbeidsbeperking hebben, lastig om aan de slag te komen. Investeren in een inclusieve arbeidsmarkt waarin meer mensen duurzaam aan het werk gaan en het optimaal benutten en voortdurend innoveren van de mogelijkheden die de Participatiewet biedt, is noodzakelijk. Stroomopwaarts bouwt continu aan een sterk netwerk van tevreden ondernemers en ketenpartners om duurzame uitstroom te bewerkstellingen. Langdurige afhankelijkheid van een uitkering kan de afstand tot de arbeidsmarkt te groot maken. Het langdurig zittende bijstandsbestand wordt stapsgewijs beter in beeld gebracht (“iedereen in beeld”). Dit moet zo veel mogelijk leiden tot trajecten op het gebied van werk. Stroomopwaarts heeft hiermee een complexere doelgroep aangeboord, waardoor de gemiddelde resultaten bij het bereiken van duurzame uitstroom onder druk komen. Waar nodig bieden wij (met of zonder loonkostensubsidie) uitkeringsgerechtigden een tijdelijke betrekking aan bij Stroomopwaarts. We hebben in 2023 bovendien een aanzienlijke uitbreiding gerealiseerd ten aanzien van de plaatsing van cliënten met een arbeidsbeperking.
43
In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en is aangegeven in welke mate de doelstellingen zijn bereikt. Effectindicator
Relatief aandeel uitkeringsgerechtigden met inkomsten uit deeltijdarbeid
Indicator
Stand van zaken
12%
7%
85%
95%
25%
2%
Voortgang
De doelstelling van 12% is niet gehaald en was relatief hoog (ook t.o.v. de Benchmark, landelijk ligt het percentage op 9%). Zowel de ‘sluitende aanpak’ als het actief inzetten op het parttime-assessment (voor mensen die maar enkele uren per dag inzetbaar zijn bijv. wegens gebrek aan kinderopvang) had geen positief effect op het aandeel parttime werk in 2023. Aandeel duurzame uitstroom (langer dan 6 maanden aaneengesloten) in geval van uitstroom naar werk of zelfstandig ondernemerschap. Aandeel duurzame uitstroom: Verhuizingen, pensionering, detentie e.d. worden niet meegenomen in berekening KPI.
Nieuwe instroom bijstand is binnen 12 maanden aan het werk Deze groep bestaat uit mensen die het vangnet langer nodig hebben, alle kansrijke kandidaten worden bij de uitkeringsaanvraag ‘gescreend’, de kansrijke groep wordt direct door onze eigen matchmakers óf Werkstroom(Randstad) naar een baan bemiddeld vóór het tot een daadwerkelijke uitkeringsaanvraag komt.
44
Prestatie-indicator Gemiddeld aantal banen met loonkostensubsidie
Aandeel succesvol afgeronde competentie ontwikkeltrajecten (Cliënt is “job ready”, direct bemiddelbaar)
Indicator
Stand van zaken
479
509
420
Voortgang
128
Het begrote aantal COT-trajecten (420) is niet gehaald. Enerzijds was er minder instroom, anderzijds heeft de doelgroep veelal multiproblematiek waardoor een COT-traject langer duurde. Het COT traject is niet de enige voorziening naar werk waar de doelgroep gebruik van maakt. Ons project Jeugdwerkgelegenheid had in 2023 ruim 100 kandidaten. Er zijn 10 kandidaten geplaatst bij het
45
VANAD traject. Bij onze IPS-pilot (voor mensen met een psychische kwetsbaarheid) zijn in 2023 5 personen gestart. Ondanks het verlagen van de instroomcriteria bleef de instoom in het assessment laag. Uit onze analyse blijkt dat veel cliënten veelal complexe problematieken ervaren op een of meerdere leefgebieden waardoor een zorgtraject of participatietraject de eerste stap moet zijn in verbetering/stabilisering op deze leefgebieden. Om de veelvuldige no-show en verzuim te beheersen, zijn er verzuim- en maatregelconsulenten aangesteld die verzuimende kandidaten direct persoonlijk benaderen. Mochten kandidaten geen valide redenen kunnen aanvoeren voor hun verzuim, dan is in eerste instantie een waarschuwing (en daarna mogelijk een maatregeltraject) het gevolg om tot de gewenste gedragsverandering te komen en misbruik te voorkomen. Aantal matching banen vanuit Werkgevers Servicepunt (WSP) Stroomopwaarts (Uitstroom door actieve bemiddeling WSP)
275
231
Dit cijfer geeft een vertekend beeld omdat plaatsingen pas na 3 maanden zichtbaar zijn in ons administratieve systeem (Civsion). In sommige gevallen betreft het ook de z.g. ‘nuggers’ (nietuitkeringsgerechtigden die gebruik maken van onze dienstverlening maar waar geen uitstroom uit de uitkering tegenover staat).
Wat is hiervoor gedaan? Re-integratie Vanwege de krapte op de arbeidsmarkt was er het afgelopen jaar weinig nieuwe instroom in de uitkering. De aanvragen die er toch kwamen, werden voor een gedeelte afgevangen; kansrijke mensen kregen direct een baan aangeboden via Werkstroom of onze eigen matchmakers vóór de uitkeringsaanvraag werd doorgezet. We bleven ons daarom richten op het uitnodigen van mensen die al langdurig in de uitkering zitten en veelal multi-problematiek hebben. Zij hebben een grote afstand tot de arbeidsmarkt en dat heeft gevolgen voor hun inzetbaarheid, motivatie en re-integratiekansen. De no-show van deze mensen was hoog en de inzet van een speciale Maatregel- en verzuimconsulent bleek noodzakelijk. Door verzuimende kandidaten te blijven benaderen en uitnodigen zijn wij erin geslaagd om een gedragsverandering te bewerkstellingen. Dit heeft ertoe geleid dat kandidaten uiteindelijk toch aan een re-integratietraject begonnen of dat een andere vorm van hulp/ondersteuning geboden moest worden. De inzet van de verzuimconsulent zorgde ervoor dat cliënten die zich niet hielden aan de verplichtingen van de Participatiewet een waarschuwing of maatregel opgelegd kregen en dat veel cliënten, na enig aandringen, zich alsnog melden. Stroomopwaarts bouwt continu aan een sterk netwerk van tevreden ondernemers en ketenpartners om duurzame uitstroom te bewerkstellingen.
Langdurige strategische samenwerkingen zijn daarbij het streven. De werkleertrajecten die de uitkeringsgerechtigden krijgen aangeboden, sluiten aan op de vraag in de arbeidsmarkt. Dit is geborgd in het Opleidingshuis, waarbinnen Stroomopwaarts
46
samenwerkt met het regionale bedrijfsleven en onderwijs. Hier worden korte praktijkgerichte opleidingen aangeboden, die leiden tot een officieel erkend mbo-praktijkcertificaat. Het opleidingshuis heeft in 2023 steeds meer vorm gekregen, ondanks de bescheiden aantallen re-integratiekandidaten. De directe samenwerking met werkgevers zoals VANAD en Sococo is ronduit prettig te noemen. We hebben stappen gezet binnen de sectoren zorg en dienstverlening, commerciële dienstverlening en facilitaire dienstverlening. Een en ander is uitgewerkt in onze sectorale aanpak. Daarbij is het streven om met de drie o’s tot concrete afspraken en kpi’s te komen. Het eerste convenant is met Zorg afgesloten en ons VANADproject is een goed voorbeeld van een succesvolle samenwerking rond commerciële dienstverlening. Stroomopwaarts werkt sinds 2023 samen met een partner aan het opzetten van een speciale gastouderopvang-opleiding. Naast een zeer grote groep ‘no-shows’ of uitvallers vanwege lichamelijke of psychische- gezondheidsredenen (ruim 50% van het aantal kandidaten), bleken de grote wachtlijsten bij kinderopvang en buitenschoolse opvang eveneens van invloed op de inzetbaarheid van onze doelgroep. Met deze opleiding richten wij ons met name op jonge moeders met een bijstandsuitkering die, na het succesvol afronden van de opleiding, uit de uitkering zullen stromen.
Zij kunnen vervolgens op kinderen van ándere kandidaten passen, waardoor mensen sneller in staat zullen zijn om deel te nemen aan onze re-integratie activiteiten. Op dit moment vinden de voorbereidingen plaats, zodat dit project begin 2024 van start kan gaan. In de tussentijd wordt er op tal van manieren gewerkt aan het verbeteren van het taalniveau van onze kandidaten. Naast een veelvoud aan taaltrainingen (niet alleen voor inburgeraars, maar ook voor andere mensen met een taalachterstand) is er een Anderstaligenproject afgerond in Maassluis. Hier kregen anderstalige kandidaten een intensieve taaltraining in combinatie met een parttime dienstverband in ons werkleerbedrijf aangeboden. Dit project heeft een doorstart gemaakt in het najaar van 2023, waarbij de betaalde dienstverbanden plaats hebben gemaakt voor competentie ontwikkel trajecten in verband met de kosten De jeugdwerkeloosheid in de MVS-regio is relatief gezien (aanzienlijk) lager dan bij de overige gemeenten uit onze arbeidsmarktregio. De inzet van ons speciale jongerengilde is al jaren succesvol. Om werkeloosheid onder jongeren verder tegen te gaan is er een project Jeugdwerkgelegenheid gestart. Dit project wordt volledig gefinancierd uit middelen van de arbeidsmarktregio. In dit project streven wij ernaar om 100 jongeren te activeren en, waar mogelijk, terug naar school of naar werk te begeleiden.
Het afgelopen jaar zijn wij erin geslaagd om ruim 100 jongeren te begeleiden en zijn de eerste uitstroomresultaten geboekt. Inmiddels is vanuit de arbeidsmarktregio wederom financiering gefaciliteerd, zodat dit project ook in 2024 voortgezet kan worden. Al deze activiteiten en interventies hebben er helaas niet toe geleid dat de re-integratie- en uitstroomdoelstellingen behaald konden worden. Enerzijds zijn er op dit moment simpelweg te weinig geschikte kandidaten gevonden om het re-integratietraject bij ons te volgen. Anderzijds is de multi-problematiek dusdanig van aard dat een gemiddeld re-integratie traject bij ons meer tijd heeft gekost dan voorheen ingeschat was. De groep kandidaten die het afgelopen jaar beschikbaar was voor de matchmakers bleef achter bij onze oorspronkelijke inschatting. Het Werkgevers Servicepunt (WSP) begeleidt werkgevers en kandidaten om de kans op duurzame plaatsing te vergroten. Hierbij kan gedacht worden aan goede matching van kandidaten op vacatures, werkplekaanpassingen, jobcoaching, loonwaardemetingen en de inzet van loonkostensubsidie. We investeren in een sterk netwerk van ondernemers en ketenpartners, die zich ook willen inzetten voor de sociale opgave. Hiervoor ontwikkelde Stroomopwaarts een keurmerk. Dit Sociaal Werkpact is ook in 2023 weer ieder half jaar uitgereikt aan maatschappelijk verantwoorde ondernemers uit de MVS-regio.
Naast een sluitende aanpak met ondernemers, is er in 2023 ook interne ‘sluitende aanpak’ gestart. Deze voorziet erin dat cliënten, die het hele re-integratieproces hebben doorlopen maar geen baan kunnen vinden, een tijdelijk intern dienstverband bij Stroomopwaarts aangeboden krijgen. Gedurende dit dienstverband vindt dan zo spoedig mogelijk een loonwaardemeting plaats en kan de cliënt, afhankelijk van die
47
uitkomst, ingeschreven worden in het doelgroepregister. Deze werkwijze wordt de praktijkroute genoemd. De opname in het doelgroepregister zorgt ervoor dat toekomstig werkgevers gebruik kunnen maken van loonkostensubsidie en een no-riskpolis. Hiermee wordt de cliënt aantrekkelijker. Na deze praktijkroute zullen onze matchmakers opnieuw proberen deze cliënten bij passende werkgevers onder de aandacht te brengen en op deze manier hopen wij ook de uitstroom naar de reguliere arbeidsmarkt te realiseren. We blijven hier ook in 2024 op inzetten. ESF Stroomopwaarts spant zich in om de reguliere activiteiten mede te dekken door het verwerven van externe inkomsten. Daarmee kan de bijdrage van de gemeenten worden gematigd. Dit doen wij onder andere door het aanvragen van ESF (Europese subsidie). Om aan de subsidievoorwaarden te voldoen worden scherpe eisen gesteld, ten aanzien van verantwoording. Stroomopwaarts vertegenwoordigt de MVSgemeenten en heeft voor de periode 2017 – 2019 aanspraak gemaakt op maximaal € 1,9 miljoen en voor de periode 2020-2022 op maximaal € 2,6 miljoen. Stand van zaken: ESF 2017-2019 De definitieve vaststelling van deze subsidie is inmiddels bekend en heeft geresulteerd in een subsidie van 1,2 mln. Dit bedrag is ontvangen. ESF 2020-2022 De ESF-periode liep van 1-2-2020 t/m 1-7-2022.
De verbeterpunten die zijn voortgekomen uit de ESF-evaluatie 2017-2019 zijn toegepast. De controle is inmiddels afgerond en heeft geresulteerd dat we de maximale subsidie van 2,6 mln. zullen ontvangen.
Wat heeft het programma Werk gekost?
* Betreft openeinderegelingen die op basis van realisatie met de gemeente wordt verrekend.
Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Programma Werk (nadeel € 568)
Baat of Last
48
Omschrijving (bedragen x € 1.000) Externe arbeidsparticipatie
(B/L) B
Baten
Lasten
-663
De omzet voor SW-detacheringen is lager dan begroot (845). Bij de 2e Bestuursrapportage 2023 is dit reeds gemeld aan het AB. De verwachting was dat het beoogde aantal detacheringen niet gerealiseerd zou worden en daarmee ook de begrote omzet niet gerealiseerd zou worden.
49
Bate n
€ 8.054
Last en
-€ 32.778
Sald o
-€ 24.774
Ambitie 2023 Er wordt geïnvesteerd in productielijnen bij het Werkleerbedrijf en de begeleiding van werkgevers en cliënten. Optimale ontwikkeling en sociale activering van mensen staat daarbij voorop. Het Werkleerbedrijf blijft een stabiele vangnetfunctie voor de meest kwetsbaren vervullen. We bieden tijdelijke dienstbetrekkingen aan de doelgroepen uit de banenafspraak aan. Duurzame dienstbetrekkingen zijn beschikbaar voor de doelgroepen WSW (Wet sociale werkvoorziening) en Beschut werk met een grote afstand tot de arbeidsmarkt en een hoge begeleidingsbehoefte. Verder hebben we het afgelopen jaar meegedaan aan de campagne ‘ik zit klem’ van Cedris. Met deze campagne werd bij het grote publiek aandacht gevraagd voor de bestaanszekerheid van medewerkers van sociaal ontwikkelbedrijven, die door de stijgende inflatie onder grote druk stond. In december 2023 werd een cao-akkoord afgesloten voor de cao’s SW en Aan de slag. De medewerkers onder deze cao’s kregen meer salaris en een hogere reiskostenvergoeding.
50
In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en de mate waarin de doelstellingen zijn bereikt. Prestatie
Indicator
Stand van zaken Product
Voortgang
Gemiddeld aantal banen met loonkostensubsidie (banenafspraak)
479
509
Interne en Externe arbeidsparticipati e
Aandeel succesvol afgeronde werkleertrajecten (cliënt is “job ready”, direct bemiddelbaar)
420
128
Ontwikkeling
< 13,5 %
16,6 %
Interne arbeidsparticipati e
Ziekteverzuim Beschut
< 13,5 %
15,2 %
Interne arbeidsparticipati e
Arbeidsontwikkeling WSW en Beschut: gemiddelde dekking loonkosten door opbrengsten
33%
31%
Interne arbeidsparticipati e
Dit houdt verband met de achterblijvende instroom in het assessmentcentrum en de COT in 2023. Medewerkers van het team Ontwikkeling hebben team Inkomen geholpen bij de bestandsanalyse om extra instroom te bewerkstelligen. Verder zijn de instroomcriteria van het assessmentcenter verlaagd waardoor er minder belemmeringen waren om hieraan deel te nemen.
Ziekteverzuim WSW Is in lijn met de landelijke trend. De doelgroep wordt steeds ouder (geen nieuwe jonge instroom vanwege sluiting WSW) en 13.5% lijkt een te ambitieuze doelstelling. Vanuit HRM en management blijft er aandacht voor preventie en reductie van verzuim door het organiseren van SMT’s, verzuimtrainingen en door werkleiding hier alert op te houden.
51
Wat is hiervoor gedaan? Beschut
Inwoners met een beperkte loonwaarde, die meer begeleiding en faciliteiten nodig hebben dan van een reguliere werkgever mag worden verwacht, kunnen een indicatie Beschut Werk aanvragen. Na toekenning door het UWV komen zij in aanmerking voor beschut werk binnen Stroomopwaarts. Voor de komende jaren wil Stroomopwaarts een jaarlijkse groei van het aantal aanstellingen realiseren. Aantal banen beschut MSS
per gemeente VLD
SDM
SOW
Begroot 2023
19
45
53
117
Realisatie 2023
19
48
90
157
Verschil
-
3
37
40
52
Met betrekking tot de instroom van nieuwe Beschut Werkers valt op dat er sprake is van een aanzienlijke toename. Veel aanvragen die in het begin van 2023 in de ‘pipeline’ zaten, zijn per 1 september 2023 bij Stroomopwaarts in dienst getreden. We hebben een begrotingswijzing gemaakt om iedereen, in lijn met de Strategische Visie Werk en Inkomen, een aanstelling te kunnen bieden. Als belangrijkste reden voor de forse instroom in beschut werk, geldt de nauwe samenwerking met de praktijkscholen én de inzichten die wij inmiddels hebben m.b.t. de inzetbaarheid van mensen die al langdurig in de uitkering zitten en multi-problematiek hebben. WSW-populatie
De medewerkers die in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening bij Stroomopwaarts in dienst zijn, worden zowel intern ingezet (productie en dienstverlening) als extern (detachering). De mate van maatschappelijke participatie en de loonwaarde is het grootst bij detachering, daarom heeft dit voor Stroomopwaarts de voorkeur. Onder invloed van Covid-19 heeft echter een verschuiving plaatsgevonden van detachering naar inzet binnen het Werkleerbedrijf. We zetten erop in de omvang van de detacheringen zo veel als mogelijk te herstellen in de komende jaren. Hiertoe is sinds begin dit jaar een projectgroep in het leven geroepen om groepsdetacheringen te realiseren. In 2023 hebben er oriënterende gesprekken plaats gevonden met diverse grote werkgevers. Onze inschatting is dat we het komende jaar hier een eerste stijging zullen realiseren. De totale omvang van de WSW neemt in de komende jaren af door pensioneringen en doordat er (sinds 2015) geen nieuwe instroom plaatsvindt.
Aantal FTE SW gemiddeld
Productie
Diensten
Detachering
Begeleid werken
SOW
Begroot 2023
251
242
165
21
679
Realisatie 2023
241
276
125
28
670
Verschil
-10
34
-40
7
9
53
Wat heeft het programma Werkleerbedrijf gekost? Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Programma Werkleerbedrijf (nadeel € 2.070) Omschrijving (bedragen x € 1.000)
Baat of Last (B/L)
Baten
B/ L
299
Lasten
Werkleerbedrijf (incl. groen & grijs en schoonmaak & catering) De projecten uit 2022 die gefinancierd waren met de extra middelen uit het gemeentefonds (decembercirculaire 2020) zijn niet per direct maar gedurende het jaar geleidelijk afgebouwd. Verder zijn medewerkers met een indicatie “banen afspraak” en “beschut werk” gedurende het jaar geleidelijk in dienst gekomen. De heeft tot extra kosten geleid bij de payroll organisatie. Bij de 2e Bestuursrapportage 2023 is dit reeds gemeld aan het Algemeen Bestuur (1.261)
-2.369
gecorrigeerd. Deze correctie wordt gemaakt om het zogenaamde “opblaas effect” op te heffen. De omzet en de kosten worden middels de correctie beide geëlimineerd. Deze correctie had echter alleen bij één programma gemaakt moeten worden waardoor er nu voor 771 extra lasten bij het programma Werkleerbedrijf staan. Er is voor 337 transitie vergoeding betaald vanwege vertrek WSW medewerkers, deze kosten zijn onvoorzienbaar en worden niet begroot. De interne verrekening van WSW medewerkers die binnen SOW zijn gedetacheerd, is bij de 2e Bestuursrapportage 2023 ten onrechte bij twee programma’s
De lagere bate bij Schoonmaak en Catering heeft een technisch karakter (verschuiving naar andere werksoorten). De totale opbrengsten van het Werkleerbedrijf zijn boven begroting.
54
Programma Inburgering
Ambitie 2023 Stroomopwaarts heeft samen met diverse ketenpartners én de gemeenten in de MVS-regio een sluitende aanpak ontwikkeld, waardoor er veel aandacht is voor taalonderwijs in combinatie met het opdoen van werkervaring. Intern zijn goede afspraken gemaakt over de samenwerking, waardoor de duale aanpak ervoor zorgt dat de inburgeraar zich snel – maar in ieder geval binnen 3 jaar – thuis voelt in de regio, een sociaal netwerk ontwikkelt en is voorbereid op de Nederlandse arbeidsmarkt.
Wat heeft Stroomopwaarts bereikt?
55
In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en de mate waarin de doelstellingen zijn bereikt. Effectindicator
Indicator
Stand van zaken
Het percentage inburgeraars dat voldoet aan de inburgeringsverplichtingen binnen de inburgeringstermijn die hiervoor is afgesproken
80%
NNB
De gemiddelde trede zelfredzaamheid van de inburgeraar bij einde inburgering
95% 90%
NNB
Het taalniveau bij het einde van de inburgeringsplicht
60%
Prestatie-indicator
NNB
Indicator
Stand van zaken
Het percentage statushouders dat een opleiding volgt of werk heeft, 3 jaren na de start van de uitkering
80%
NNB
Percentage Plan Inburgering en Participatie (PIP) dat binnen tien weken na huisvesting gereed is
95%
100%
Percentage inburgeraars op B1 route, Z route of onderwijsroute
80%
Voortgang
Voortgang
33%
Gezinsmigranten zijn niet verplicht om een opleiding te volgen en kiezen vaak voor zelfstudie. Hier is geen rekening mee gehouden met het opstellen van de KPI. Als we de gezinsmigranten buiten beschouwing laten, komt de prestatie indicator uit op 74%.
56
Wat is er voor gedaan Het is nu moeilijk uitspraken te doen over de realisatie van de prestatiedoelstellingen. De termijn die veelal gehanteerd wordt om de resultaten te meten, beslaat 3 jaar en wij zijn nu 2 jaar met deze kandidaten aan de slag. Of de inburgeraars dus daadwerkelijk binnen de gestelde inburgeringstermijn aan de verplichtingen van de nieuwe wet voldoen, weten we (voor de eerste deelnemers) pas in 2024. In 2022 is Stroomopwaarts gestart met het uitvoeren van de Wet Inburgering. Dat was een jaar waarin alles opgestart is en in de loop van 2022 kwam de instroom van inburgeraars op gang en werden de eerste inburgeraars aangemeld. In 2023 heeft Stroomopwaarts 352 Statushouders en 320 Gezinsmigranten in begeleiding. De ambtelijke inzet en inkoop van trajecten wordt constant aangepast aan het aantal inburgeraars. Ook komend jaar zal dit het geval zijn. Voorlopig wordt uitgegaan van de taakstelling vanuit het Rijk en de gegevens van de dienstverleningsovereenkomst (DVO) tussen Stroomopwaarts en de MVS-gemeenten. Met betrekking tot het taalonderwijs zijn in 2023 diverse klassen voor de Z en de B1 route gestart bij EchtNL. EchtNL heeft een locatie in Vlaardingen geopend. Voor de onderwijsroute liften wij mee op de aanbesteding van Rotterdam Regio. Deze is voor 2 jaar afgesloten vanwege de financiële middelen.
Voor 2024 is gestart met een nieuwe aanbestedingsprocedure voor de mbo-route. Deze is in 2023 afgerond en het contract start in januari 2024. De eerste successen zijn inmiddels in het taalonderwijs behaald. Een jaar na de start van hun inburgeringstraject hebben een aantal inburgeraars hun taalexamen gehaald. Zij geven daarmee blijk van een grote leerbaarheid en motivatie! Er is een goede samenwerking met de teams Ontwikkeling en Werkgeversdienstverlening en team Inburgering. De trajecten zijn laagdrempelig met activiteiten in de wijk of vrijwilligerswerk. Zodra een kandidaat klaar is voor een traject naar werk, sluit de ontwikkelcoach en de matchmaker aan. De Beroepentuin is onder andere een traject waar statushouders kunnen aansluiten. Van de doelgroep statushouders die aan het inburgeren is, is inmiddels 7% aan het werk. Van de doelgroep gezinsmigranten is dit niet bijgehouden, omdat zij geen bijstand ontvangen vanwege een werkende partner. at heeft Stroomopwaarts daarvoor gedaan? Werkwijze Zodra bekend is dat de asielmigrant gekoppeld is aan de gemeente, wordt er contact opgenomen voor een kennismaking. Is de verhuisdatum bekend, dan volgt er een warme overdracht met een begeleider van het asielzoekerscentrum (AZC). Twee weken na huisvesting wordt gestart met de brede intake.
Bij de gezinsmigranten zoekt de casemanager zo snel mogelijk na vestiging contact met de gezinsmigrant, heet hem of haar welkom en geeft een globale toelichting op wat er verwacht kan worden de komende periode en wat er wordt verwacht van de gezinsmigrant. De brede intake vindt plaats nadat de inburgeraar is gehuisvest in zijn of haar nieuwe woonplaats. De brede intake brengt de startpositie en de ontwikkelmogelijkheden van de inburgeraar in kaart. Hierbij wordt, net als bij de niet-statushouder die zich bij Stroomopwaarts meldt, gekeken naar alle leefgebieden, waaronder dus ook de fysieke en mentale gezondheid. Naar aanleiding van de brede intake worden in het Plan Inburgering en Participatie (PIP) alle afspraken omtrent het inburgeringstraject vastgelegd in de vorm van een beschikking. Daarnaast is er een dynamisch persoonlijk ontwikkelplan waar op verschillende gebieden de in het PIP afgesproken doelen worden gemonitord. De maatschappelijke begeleiding wordt uitgevoerd door St. Inclusia. Het Praktijkverklaringstraject wordt vormgegeven door Stichting Voorlichters Gezondheid. Voor de onderwijsroute is in de arbeidsmarktregio Rijnmond een regio-brede samenwerking met MBO, HBO en WO, waaraan Stroomopwaarts deelneemt. Het taalonderwijs in de B1-route en de Z-route wordt door onszelf uitgevoerd in samenwerking met
57
een taalaanbieder die de lessen binnen de MVS-regio organiseert. De toeleiding naar vormen van participatie verzorgt Stroomopwaarts zelf. Stroomopwaarts vindt het belangrijk dat er een divers aanbod is, voor zowel hoog als laagopgeleiden en in verschillende branches. Het aanbod wordt zo veel mogelijk extern gecreëerd. Voor invulling van de B1- en Z-route trekken we nauw samen op met werkgevers en vrijwilligersorganisaties
Wat heeft het programma Inburgering gekost?
58
Betreft openeinderegelingen die op basis van realisatie met de gemeente wordt verrekend.
Verschil begroot Programma Dekkingsmiddelen
Herijkte begroting 2023 Baten
Lasten
Begroting 2023 na BW3
Saldo
Baten
Lasten
Realisatie t/m 31 december 2023
Saldo
Baten
Lasten
(t/m BW3) en realisatie Baten
Lasten
Saldo
Bij drage algemene dienstverlening
22.921
-
22.921
23.815
-
23.815
23.815
-
Saldo 23.815
-
-
-
Bij drage werkleerbedrij f
17.821
-
17.821
17.821
-
17.821
17.821
-
17.821
-
-
-
Bij drage inkomensvoorziening **
81.837
-
81.837
88.309
-
88.309
89.815
-
89.815
1.506
-
1.506
Bij drage armoedevoorziening *
6.875
-
6.875
22.793
-
22.793
22.368
-
22.368
-425
-
-425
Bij drage inburgering ***
1.280
-
1.280
3.546
-
3.546
3.546
-
3.546
-
-
-
Bij drage Tozo ****
-
-
-
-
-
-
-517
-
-517
-517
-
-517
Bij drage overhead
19.349
-
19.349
21.152
-
21.152
21.152
-
21.152
-
-
-
Overige dekkingsmiddelen
300
-
300
300
-
300
-
-
-
-300
-
-300
Totaal baten en lasten:
150.383
-
150.383
177.735
-
177.735
264
Reservemutaties Geraamd resultaat:
150.383
-
150.383
177.735
-
177.735
177.999
-
-812
812
177.187
812
177.999 177.999
264
-
-812
812
-
-548
812
264
Het overzicht van dekkingsmiddelen laat voornamelijk de bijdragen van de gemeenten zien. De lasten voor Inkomensvoorziening en Armoedevoorziening worden per kwartaal afgerekend met de gemeente op basis van realisatie. De lagere dekkingsbijdrage geeft die afrekening van de producten Inkomens- en Armoedevoorziening weer en de Tozo. De post overige dekkingsmiddelen bestaat uit ontvangen subsidie.
59
Op grond van BBV-voorschriften dienen de overhead, vennootschapsbelasting en de post onvoorzien apart te worden opgenomen. Bij Stroomopwaarts is geen vennootschapsbelasting aan de orde. Gezien het verplichtende karakter is deze post wel opgenomen.
Wat hebben de Overhead, Onvoorzien, Vennootschapsbelasting gekost?
60
Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Overhead, Onvoorzien en Vennootschapsbelasting (voordeel € 2.520K)
Baat of Last
Omschrijving (bedragen x € 1.000)
(B/L)
Overhead
Baten
Lasten
B/L
Ontvangen ESF subsidie ( 2.143k) 2489
Meer rentebaten als begroot ( 346k)
-311
Er zijn meer lasten gemaakt met betrekking tot de doorontwikkeling en transitie, (311). Onvoorzien
L
200
De post onvoorzien is gedurende 2023 niet gebruikt. Reservemutaties Er zijn minder lasten gemaakt met betrekking tot de thuiswerkvoorziening (-56) en vrijval december circulaire (198)
B 142
Overige afwijkingen Totaal Overhead, Onvoorzien, Vennootschapsbelasting
2631
-111
In de paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing, en Bedrijfsvoering worden bovenstaande onderwerpen nader toegelicht.
61
Paragrafen De begroting en de jaarstukken bestaan uit programma’s en paragrafen. De programma’s betreffen het beleid en de uitvoering van dit programma. Paragrafen zijn dwarsdoorsneden van de begroting over bepaalde organisatie brede onderwerpen als bedrijfsvoering en financiering. Deze zijn bedoeld om onderwerpen die verspreid in de begroting staan, als een geheel weer te geven. Hierbij gaat het vooral om de aspecten die van belang zijn voor het realiseren van de beleidsvoornemens of de financiën. In de financiële verordening Stroomopwaarts MVS is aangegeven dat de volgende paragrafen in ieder geval moeten worden opgenomen: - Weerstandsvermogen en risicobeheersing; - Onderhoud kapitaalgoederen; - Financiering; - Bedrijfsvoering; - Openbaarheid.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Onderhoud kapitaalgoederen
Financiering
Bedrijfsvoering
62
In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste risico’s voor het primaire proces van Stroomopwaarts. Per risico worden de beheersmaatregelen benoemd. Door de beheersmaatregelen toe te passen - zo is het streven - wordt de impactscore van risico’s lager. Vervolgens wordt het weerstandsvermogen van Stroomopwaarts behandeld in relatie tot de genoemde risico’s. Tenslotte volgt een korte samenvatting van de financiële positie. Risico’s van materieel belang In de volgende tabel zijn de risico’s geïnventariseerd en benoemd. De risico’s zijn beoordeeld aan de hand van een risicotabel. Daarbij is een score 1 tot en met maximaal 10 toegekend voor de kans dat een risico zich voordoet en voor de impact van het risico. Het totaal aan risico’s wordt gecalculeerd op € 2,051 miljoen voor de algemene dienstverlening en € 1,296 miljoen voor de individuele dienstverlening. Onderaan de tabel zijn de totaalbedragen gesplitst naar de gemeenten. Op basis van de gehanteerde normen is een vrije algemene reserve van circa € 3,63 mln noodzakelijk (€ 2,592 mln x 1,4).
Risicomanagement Een belangrijk punt is het risicobewustzijn in de organisatie van Stroomopwaarts. Het managen van risico’s is een integrale verantwoordelijkheid van het management. Om de vinger goed aan de pols te houden, maken de benoemde risico’s onderdeel uit van de interne en externe rapportages. Zo wordt verzekerd dat er continu aandacht voor is. Ook wordt het mogelijk om het tijdig te melden wanneer zich risico’s voordoen, zodat er bijgestuurd kan worden.
Risico’s bij Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing (bedrag x €1.000)
63
Risico
Kans Impact Score Toelichting
Beheersingsmaatregelen
Bedrag
A. Algemene dienstverlening
A.
Realiseren van de toegevoegde waarde die gebaseerd is op de loonwaarde
4
3
12
In de begroting wordt uitgegaan van een gemiddelde loonwaarde (WSW, Beschut, loonkostensubsidies). Daadwerkelijke realisatie hangt mede af van niveau van de instroom, afspraken met klanten en beschikbaarheid van werk en diensten. Genoemd bedrag is gebaseerd op achterblijven verwachte opbrengsten PMC's participatie, beschut en WSW met 10%.
• Intensieve werkgeversbenadering en acquisitie • Tijdige loonwaardemeting • Begeleiding • Ontwikkelen PMC's die aansluiten op ontwikkeling doelgroep en arbeidsmarkt • Juiste, volledige en tijdige inrichting en registratie in drie systemen: Civision, Navision en HR
€ 502
Beroep op Schuldhulpverlening
3
2
6
De stijging van de energielasten heeft in de afgelopen periode geleid tot een toename van problematische schulden en het aantal aanmeldingen voor schuldhulpverlening. Door Stroomopwaarts is invulling gegeven aan vroegsignalering. De wijziging geeft gemeenten de mogelijkheid om gegevens van burgers met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen met woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden tijdig in beeld en kunnen zij schuldhulpverlening aanbieden. De beschikbare formatie is ingaande 2023 aangepast op basis van extra rijksmiddelen, daarom wordt dit risico nu minder hoog ingeschat dan in de jaarstukken over 2022.
• Beschikbaar stellen extra middelen uitvoering, continueren vroegsignalering en schuldenlab • Procesoptimalisatie • Samenwerking met maatschappelijke partners
€ 29
Beschikbare capaciteit voor kwalitatieve dienstverlening (ziekteverzuim, werkdruk)
3
3
9
Het ambtelijke ziekteverzuim over 2023 was gemiddeld circa 9%. De landelijk trend is, dat het ziekteverzuim toeneemt, die trend is dus ook zichtbaar bij Stroomopwaarts. De doelstelling voor het ziekteverzuim in 2024 is gemiddeld 7,5%. Om de kwaliteit van de dienstverlening te kunnen verbeteren (doorontwikkeling) en te voorkomen, dat er een te hoge werkdruk ontstaat, is er voldoende capaciteit nodig. Zo nodig moet er worden ingehuurd. Hier is uitgegaan van 1,5% extra inhuur.
• Professionaliseren managementinformatie verzuim, verlof en analyse • Aanpak ziekteverzuim • Samenwerking met arbodienst • Procesmanagement • Flexibele schil
€ 143
Harmonisatie beleid en uitvoering,
3
2
6
Stroomopwaarts heeft de opgave om efficiënt en effectief te werken. Hierbij is harmonisatie van beleid en uitvoering voor de drie gemeenten essentieel. Vertragingen en intensiviteit van overleg om te komen tot harmonisatie van beleid, geven extra druk op de organisatie. Daardoor is er minder ruimte voor innovaties en ontwikkelingen en de noodzaak tot een hogere inzet van beleidscapaciteit.
Gezamenlijke verantwoording van Stroomopwaarts en gemeenten: • Opvolging aanbevelingen Berenschotrapport • Regie op beleidsontwikkeling • Kwaliteit personeel verhogen • Professionele samenwerking
€ 23
64
Algemene dienstverlening Het financieel weerstandsvermogen van Stroomopwaarts is het vermogen om niet-structurele financiële risico’s op te vangen, zonder dat het uitvoeren van de taken in het gedrang komt. Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de bekende risico’s. Dit zijn risico’s waarvoor niet afdoende stuur- en beheersmaatregelen kunnen worden getroffen of waarvoor geen voorzieningen bestaan. In de begroting is als beheersmaatregel ruimte opgenomen voor onvoorziene ontwikkelingen. Als zich risico’s voordoen, kan dit gevolgen hebben voor de financiën van Stroomopwaarts wanneer de post ‘onvoorzien’ al is benut. Hiervoor zijn er reserves opgebouwd om de kosten voor risico’s te dekken. Voor het risico op dubieuze handels- en inkomensdebiteuren is een voorziening opgenomen. In de voorziening voor inkomensdebiteuren is een storting en een realisatie geraamd. Voor de handelsdebiteuren wordt de hoogte van de betreffende voorziening geraamd op basis van de uitkomsten van het incassobeleid. De stand van de algemene reserve is als volgt: Algemene Reserve (bedragen x € 1.000) Stand per 1 januari
Stand 2023 2.482
Resultaat voorgaand boekjaar Afrekening resultaat voorgaand boekjaar met gemeenten Vorming bestemmingsreserves
-
Begrote storting
-
Begrote onttrekking
337
Stand per 31 december
2.145
65
Stroomopwaarts stelt alles in het werk om te voorkomen dat zich risico’s voordoen. De organisatie focust op beheersmaatregelen en zoekt naar oplossingen binnen de eigen begroting. Pas in laatste instantie wordt er een financieel beroep op de deelnemende gemeenten gedaan.
d. Financiële positie en kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat een aantal kengetallen wordt gepresenteerd in de jaarstukken. Deze kengetallen geven, samen met de duiding die eraan gegeven wordt, inzicht in de financiële positie. De kengetallen zijn niet bij uitstek geschikt om Stroomopwaarts als opstartende gemeenschappelijke regeling mee te beoordelen. Ze zijn meer geschikt om iets te zeggen over een organisatie met een historie van bezittingen en schulden. Hiervan is bij Stroomopwaarts nog geen sprake. Dit betekent dat scores grillig kunnen verlopen en met enige voorzichtigheid beschouwd moeten worden.
Rekening 2022
begroti ng 2023
Netto schuldquote
-4,17%
-1,76%
-2,58%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen
-4,17%
-1,76%
-2,58%
Solvabiliteitsratio
29,39%
23,82%
27,99%
Grondexploitatie
-
Kengetal
Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Rekening 2023
-
194,99%
4,04%
-
-
199,64%
Bij de start begon Stroomopwaarts met een negatief eigen vermogen. Daardoor moest in de eerste jaren geleend worden om in het verwachte exploitatietekort te voorzien (zie ook de paragraaf financiering). Daarnaast is de balans erg kort, omdat er nauwelijks bezittingen zijn. Met ingang van 2020 is er een overschot op de begroting. De financiële positie is eind 2023 verbeterd ten opzichte van eind 2022. Er zijn weinig bezittingen. Er is een positief eigen vermogen en er is sprake van korte schulden. In de begroting zijn meerjarige maatwerken financieringsafspraken en subsidiebaten niet als incidenteel aangemerkt. Bij het opstellen van de jaarstukken was de notitie ‘structurele en incidentele baten en lasten’ van de Commissie BBV leidend. Deze schrijft voor dat dergelijke afspraken als incidenteel worden beschouwd. De gemeenten committeerden zich aan de continuïteit van Stroomopwaarts en dienen als vangnet.
66
67
De paragraaf ‘Onderhoud kapitaalgoederen’ is kort, omdat er slechts op beperkte schaal sprake is van vaste activa. De vaste activa zijn opgenomen en toegelicht op de balans. Daarnaast zijn de afschrijvingslasten in de jaarrekening verwerkt. Het afschrijvingsbeleid is vastgelegd in de bijlage bij artikel 8 van de Financiële verordening Stroomopwaarts MVS 2023.
68
De paragraaf ‘Financiering’ bevat de verantwoording van activiteiten die vanwege de financierings- of treasuryfunctie zijn uitgevoerd. Dit is het geheel van activiteiten dat zich richt op het sturen en beheersen, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, geldstromen, posities en de hieraan verbonden risico’s. Samengevat In 2023 voerde de treasury geen geldmarkttransacties uit. Bij het uitoefenen van de treasuryfunctie bleef Stroomopwaarts binnen de wettelijke kaders van renterisico en kasgeldlimiet.
Ontwikkelingen en rentevisie De rente liet in 2023 een lichte stijging zien.
Liquiditeitsrisico Door de geldstromen bij te houden en te werken met prognoses, is in 2023 tijdig voorzien in de liquiditeitsbehoefte van Stroomopwaarts. De liquiditeitsprognose op maandbasis wordt aan de daadwerkelijke geldstromen getoetst. De meerjarige liquiditeitenplanning vormt de basis voor de begroting.
Renterisico en kasgeldlimiet De Renterisiconorm bepaalt hoeveel Stroomopwaarts maximaal in een jaar aan aflossingen op langlopende leningen mag hebben. Deze norm is gesteld op 20 procent van de begrotingsomvang. Er zijn in 2023 geen langlopende leningen aangegaan of afgelost. De kasgeldnorm bepaalt hoeveel kasgeld (dat is kort geleend geld) Stroomopwaarts gemiddeld mag hebben geleend in een kwartaal, zoals vastgelegd in de wet. De norm is 8,2 procent van het begrotingstotaal. In het volgende schema zijn de normen opgenomen.
69
Stroomopwaarts bleef binnen deze wettelijke kaders, zoals blijkt uit onderstaande tabel:
70
Overzicht kasgeldlimiet in 2023 (bedragen x €1.000) per kwartaal Kwartaal:
1
2
3
4
Bedrag kasgeldlimiet
13.562
13.562
13.562
13.562
Gebruik kasgeldlimiet
0
0
0
0
13.562
13.562
13.562
13.562
Ruimte onder- of overschrijding (-) kasgeldlimiet
e. Wat is er bereikt? Ambitie 2023 De bedrijfsvoering van Stroomopwaarts streeft naar zichtbare resultaten, gericht op een optimale dienstverlening en efficiënte ondersteuning van de werkprocessen. De kwaliteit van de organisatie blijft onder permanente aandacht staan, om het dienstverleningsconcept verder te verbeteren en actueel te houden voor wat betreft de wensen van de cliënt, commerciële klanten en overige contacten/belanghebbenden. Door meer gebruik te maken van digitalisering zijn processen verkort en worden cliënten beter ondersteund in hun ambities voor werk en inkomen. Ook is geïnvesteerd in nieuwe ICT-apparatuur en een zelfstandige ICT-omgeving. Er kan hierdoor efficiënter gewerkt worden en het samenwerken wordt bevorderd. Stroomopwaarts heeft ook geïnvesteerd in opleidingen en ontwikkeling van medewerkers met het oog op een optimale dienstverlening. Zij worden in hun ambities ondersteund door de Strategische Personeelsplanning, die inspeelt op de in de toekomst gevraagde kwantitatieve en kwalitatieve bezetting van de organisatie. Binnen huisvesting zijn onderzoeken gedaan naar “Heel, Schoon en Veilig” en naar de wetgeving over de duurzaamheid. De discussie over en de uitwerking van een passende en doelmatige huisvesting zijn nog in behandeling bij de eigenaren van de gebouwen, de drie gemeenten.
Uit deze onderzoeken is al wel naar voren gekomen dat gemeenten de komende tijd moeten investeren in de gebouwen, om
71
in ieder geval op basis van de huidige, verre van optimale, huisvestingssituatie invulling te geven aan de huidige bedrijfsvoering.
In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en is te zien in welke mate de doelstellingen zijn bereikt.
Prestatie
Indicator
Stand van zaken
Cliënttevredenheid (KTO) onder cliënten van de Participatiewet (tweejaarlijks gemeten door BMC)
7,5
???
Bedrijfsvoering
Klanttevredenheid commerciële klanten
8
???
Bedrijfsvoering
< 5,4%
9%
Bedrijfsvoering
Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel ligt onder het landelijk gemiddelde voor vergelijkbare organisaties
Product
Voortgang
De stijging van het verzuim is een landelijke trend. Binnen Stroomopwaarts is het verzuim van onze medewerkers die vallen onder de CAO SW/Cao onder de benchmark. Het verzuim binnen de ambtenaren (9,3% voortschrijdend) stijgt en ligt zelfs iets boven de landelijke benchmark (8,2%). De oorzaak is psychosociale arbeidsbelasting (maatschappelijke veranderingen, pandemie, financieel, oorlog, inflatie, mantelzorg en een veeleisendere maatschappij (tempo en werkdruk)). Dit zorgt voor meer langdurig verzuim. Binnen SOW bieden we hulp en ondersteuning bij bovengenoemde oorzaken.
Absoluut aantal bezwaarschriften
970
477
Het percentage bezwaarschriften dat (ambtelijk of anderszins) gegrond wordt verklaard
< 25%
25,71%
Wat is hiervoor gedaan? In 2023 heeft Stroomopwaarts de tijd gehad om de overname van de hosting een plek te geven in de staande Stroomopwaarts organisatie. Begin 2024 wordt er conform de afspraken tussen de betrokken gemeenten en Stroomopwaarts een formele evaluatie gedaan ten aanzien
72
van de vraag of Stroomopwaarts over voldoende middelen beschikt om de bedrijfsvoeringsfunctie goed en doelmatig in te richten. Kwaliteit Stroomopwaarts heeft de afgelopen tijd geïnvesteerd in het verhogen van kennis en kunde van consulenten en het bewaken van het kwaliteitsniveau door middel van periodieke toetsing. De juridische kwaliteit van primaire besluiten is hierdoor aanzienlijk verbeterd. Er is zowel een afname waarneembaar van het aantal bezwaarschriften als het percentage dat gegrond wordt verklaard. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim is een heikel punt binnen Stroomopwaarts. Het verzuim sluit weliswaar aan bij de landelijke trend, maar is zorgwekkend. We ondersteunen de leidinggevenden waar we kunnen en richten ons op een persoonlijke aanpak van deze problematiek. ICT-projecten algemeen In 2023 is een nieuw ERP-systeem aangeschaft. Het hele jaar is er achter de schermen druk gewerkt om dit voor te bereiden en mogelijk te maken. Eind 2023 is er volop getest en is het systeem geïmplementeerd. Per 1 januari 2024 wordt dan ook gewerkt met dit nieuwe pakket.
73
Bezetting Binnen de bedrijfsvoering hebben we gelden over gekregen voor formatieplekken en de daarbij behorende bezetting. Echter bij de Overname van Onderneming (OVO) hebben we ook medewerkers overgekregen welke werkzaamheden deden voor Stroomopwaarts, die niet in de formatie zijn opgenomen. Formatie Tabel formatie en bezetting ambtelijk 31 december 2023 (in FTE)
Tabel Bezetting SW31 december 2023 (in FTE)
74
De Woo, die 1 mei 2022 in werking is getreden, regelt het recht van burgers op informatie van de overheid. De wet gaat uit van gefaseerde invoering en beoogt overheden transparanter te maken door overheidsinformatie beter vindbaar en digitaal toegankelijker te maken, en daarmee vertrouwen van onze inwoners meer terug te krijgen. De Woo regelt dat iedereen een verzoek om informatie kan indienen. Daarnaast verplicht de Woo ons om actief informatie openbaar te maken uit 11 informatiecategorieën. Op PLOOI (landelijke Platform Open Overheidsinformatie) zouden inwoners, overheden en bestuurders op een centrale plaats alle (actief) openbaar gemaakte overheidsinformatie moeten kunnen gaan vinden. De ontwikkeling van het PLOOI is echter gestopt. Dat neemt de openbaarheidsverplichtingen echter niet weg. Wat hebben is er bij Stroomopwaarts in 2023 gebeurd in het kader van de implementatie van de Woo? Er is een verkenning gestart op producten die ingezet zouden kunnen gaan worden, ter vervanging van mogelijkheden die PLOOI zou bieden. Stroomopwaarts heeft het initiatief genomen om periodiek met Woo functionarissen van de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam bij elkaar te komen. Er zijn immers mogelijk raakvlakken als het gaat om de inhoud van Woo verzoeken. Bovendien zijn we met vier organisaties in een relatief klein werkgebied dezelfde wet aan het implementeren.
We kunnen profiteren van elkaars kennis en van elkaars ervaringen. Stroomopwaarts heeft een businesscase uitgewerkt die duidelijk maakt dat het waardevol is om te investeren in de aanschaf van anonimiseringssoftware. Er is ook een marktverkenning op anonimiseringssoftware gedaan. Vooralsnog kunnen Woo verzoeken per post ingediend worden. Er zijn voorbereidingen getroffen om de verzoeken ook digitaal in te kunnen dienen, op een wijze waarbij de aanvraag direct in het Zaaksysteem landt. Er is bij Stroomopwaarts een podcast gemaakt voor medewerkers, waarin al besprekend toegelicht wordt, wat de Woo beoogt en welke impact het kan hebben in de organisatie. In 2023 heeft SOW ongeveer 12 tot 15 Woo-verzoeken ontvangen en afgehandeld.
75
f. Balans met toelichting
76
77
Verschil begroot Programma
Herijkte begroting 2023 Baten
(bedragen x 1.000)
Begroting 2023 na BW3
Lasten
Saldo
Baten
Realisatie t/m 31 december 2023
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
(t/m BW3) en realisatie Baten Lasten Saldo
GEREALISEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN Inkomen
2.515
-102.096
-99.581
5.889
-129.535
-123.646
7.235
-131.160
-123.926
1.346
-1.625
Werk
3.065
-14.280
-11.215
2.971
-12.248
-9.276
2.309
-12.153
-9.844
-663
95
-568
Werkleerbedrijf
8.495
-27.475
-18.980
7.755
-30.409
-22.654
8.054
-32.778
-24.724
299
-2.369
-2.070
-
-1.878
-1.878
-
-4.535
-4.535
-
-2.274
-2.274
-
2.261
2.261
150.383
-
150.383
177.735
-
177.735
177.999
-
177.999
264
-
264
-19.457
-19.452
5
-18.697
-18.692
2.494
-19.008
-16.515
2.489
-311
2.178
Inburgering Dekkingsmiddelen Overhead
5
-279
Vennootschapsbelasting
-
-0
-0
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Onvoorzien
-
-200
-200
-
-200
-200
-
-
-
-
200
200
-165.387
-924
194.355
-195.625
-1.270
198.089
-197.374
716
3.735
-1.749
1.985
85
-
Gerealiseerd saldo baten en lasten:
164.463
TOEVOEGINGEN EN ONTTREKKINGEN RESERVES Inkomen
838
-
838
1.184
-
1.184
1.268
-
1.268
Werk
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Werkleerbedrijf
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Inburgering
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Dekkingsmiddelen
-
-
-
-
-
-
-812
812
-
-812
812
-
Overhead
85
86
-
86
86
-
86
228
-
228
142
-
142
924
-
924
1.270
-
1.270
685
812
1.497
-585
812
227
Inkomen
3.354
-102.096
-98.743
7.072
-129.535
-122.462
8.503
-131.160
-122.657
1.431
-1.625
-195
Werk
3.065
-14.280
-11.215
2.971
-12.248
-9.276
2.309
-12.153
-9.844
-663
95
-568
Werkleerbedrijf
8.495
-27.475
-18.980
7.755
-30.409
-22.654
8.054
-32.778
-24.724
299
-2.369
-2.070
-
-1.878
-1.878
-
-4.535
-4.535
-
-2.274
-2.274
-
2.261
2.261
150.383
-
150.383
177.735
-
177.735
177.187
812
177.999
-548
812
264
-19.457
-19.366
91
-18.697
-18.606
2.722
-19.008
-16.286
2.631
-311
2.320
-0
-0
-
-
-
-
-
-
-
-
-200
-200
-
-200
-200
-
-
-
-
200
200
-165.387
-0
195.625
-195.625
0
198.774
-196.562
2.212
3.150
-938
2.212
mutaties reserves: RESULTAAT VAN BATEN EN LASTEN
Inburgering Dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Onvoorzien Gerealiseeerd resultaat:
91 165.387
-
78
Op grond van artikel 25 van het Besluit Begroting en Verantwoording dient bij de programmarekening een analyse te worden opgenomen van de afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de programmarekening. De rechtmatigheid van de uitgaven wordt getoetst aan de hand van de analyse van begrote en werkelijke lasten. Hierbij wordt op programmaniveau getoetst of de werkelijke lasten niet hoger waren dan de begrote lasten. Mocht er sprake zijn van hogere werkelijke lasten dan wordt per product geanalyseerd of er sprake is van een onrechtmatige uitgave. In de kadernota Rechtmatigheid legde de commissie BBV de visie hieromtrent vast. De analyse is in het jaarverslag per programma opgenomen. In de jaarrekening wordt daarom volstaan met een verwijzing naar de programmaverantwoording in het jaarverslag. Per product is een nadere analyse vermeld. De begrotingsafwijkingen zijn beoordeeld op rechtmatigheid en opgenomen in onderstaande tabel. Er is geen sprake van administratieve onrechtmatigheid van de geconstateerde kostenoverschrijdingen.
79
80
Overzicht incidentele baten en lasten Stroomopwaarts Incidentele Baten (x € 1.000) Programma Inkomen Maatwerk Uitvoeringskosten
Begroot 2023 2.835 42
Programma Werk Maatwerk SEN Subsisdies
244 -
Programma Werkleerbedrijf Subsidies Boekwinsten
Realisatie 2023
Incidentele Lasten (x € 1.000)
Begroot 2023
Programma Inkomen 3.403 Capaciteit 42 Uitvoering Tozo Middelen decembercirculaire Uitvoeringskosten Programma Werk 273 Middelen decembercirculaire Project Jeugdwerkgelegenheid 106
Realisatie 2023
233 288 231 1.037
233 373 231 1.145
197 -
197 240
Programma Werkleerbedrijf 1.160
Dekkingsmiddelen Subsidies
300
Overhead Maatwerk
425
Correctie a.p.
-
Totaal Incidentele baten programma Mutatie reserves Programma Inkomen Programma Werk Programma Werkleerbedrijf Programma Inburgering Dekkingsmiddelen Overhead (Begrotings)saldo t.l.v. algemene reserve (Begrotings)saldo t.l.v. bestemmingsreserve Totaal Incidentele baten reserves Totaal Incidentele baten
5.007
1.002 7 Dekkingsmiddelen 2.119 Deelnemersbijdrage (resultaat 2022) Overhead 376 Maatwerk Capaciteit en doorontwikkeling Transitie Afwikkeling ERP-geschil 10 Zaaksysteem en thuiswerkvoorzieningen 7.337 Totaal Incidentele lasten programma
1.270
Mutaties reserves 1.269 Programma Inkomen Programma Werk Programma Werkleerbedrijf Programma Inburgering 812 Dekkingsmiddelen 228 Overhead (Begrotings)saldo t.g.v. algemene reserve (Begrotings)saldo t.g.v. bestemmingsreserve 2.309 Totaal Incidentele lasten reserves
6.277
9.646
1.184 -
86
Totaal Incidentele lasten
182 88
10 145 30
2.257
2.604
-
812
-
812
2.257
3.416
81
Bedragen in € 1.000 Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording dient bij de programmarekening een analyse te worden opgenomen van het resultaat incidentele baten en lasten. In 2018 publiceerde de Commissie BBV de notitie structurele en incidente baten en lasten. De jaarrekening is materieel in evenwicht. In de begroting 2023 inclusief begrotingswijzigingen, zijn op basis van besluiten, de volgende incidentele lasten en baten opgenomen: a. b. c. d. e.
Het maatwerk betreft sociale kredieten en specifieke afspraken en wordt afgerekend op basis van realisatie. Het maatwerk betreft voormalig ID-banen en wordt afgerekend op basis van realisatie. De ambitie is om € 300 ESF-subsidiebaten te genereren. Het maatwerk betreft garantievoorwaarden, incidentele lasten transitie en bijdrage Talent en wordt afgerekend op basis van realisatie. Het resultaat ad € 0,475 mln over 2022 is in 2023 bestemd, er is 0,337 onttrokken aan de Algemene Reserve en 0,812 toegevoegd aan de reserve Kinderopvangtoeslag. f. Vanuit de reserve decembercirculaire is er capaciteit en budget beschikbaar gesteld voor zowel programma Inkomen als Werk. g. Voor de lasten van de overgang van bedrijfsvoering naar Stroomopwaarts is € 145 beschikbaar gesteld vanuit de reserve Transitie. h. Voor de lasten van thuiswerkvoorzieningen was € 88 begroot als onttrekking aan de Reserve Thuiswerkvoorzieningen, er is 3k gebruikt i. Voor maatwerkafspraken zijn zowel lasten als baten in de begroting verwerkt. Enkele afspraken zijn meerjarig, maar worden als incidenteel beschouwd, omdat ze voor maximaal twee tot drie jaar gelden. Realisatie a. Onder maatwerk zijn ook de tijdelijke regelingen Energietoeslag en de toeslagaffaire kinderopvang opgenomen, wordt afgerekend op basis van realisatie. b. De realisatie van de ESF bate is € 1.819 hoger dan begroot. c.
Bate voor maatwerk garantievoorwaarden was lager dan begroot. d. De uitvoering van de Tozo was € 85 hoger dan begroot. e. De uitvoering van leefgeld Oekraïners kinderopvangtoeslag en energietoeslag waren hoger dan begroot. f. Extra capaciteit in programma Werk is conform begroting. g. De reserve transitie is lager doordat kosten afwikkeling langer duurde dan gepland en hierdoor een deel van de kosten in 2024 gemaakt zullen worden. h. De realisatie van de thuiswerkvoorzieningen is ook lager dan begroot. Uit het overzicht incidentele baten en lasten blijkt dat de incidentele lasten worden gedekt door structurele baten.
82
g. Overzicht incidentele baten en lasten Stroomopwaarts
83
De WNT is van toepassing op Stroomopwaarts MVS. Het voor Stroomopwaarts MVS toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 216.000 (algemeen bezoldigingsmaximum voor topfunctionarissen in dienstbetrekking). Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling Gegevens 2022
N.C. van der Wekken
(bedragen x € 1)
Directe
Functiegegevens
ur 01/03 t/m
Aanvang en einde functievervulling in 2023
31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
ja Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen 145.4 47
Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
22.3 17 167.763
Totale bezoldiging 216.000 167.763
84
Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.800 of minder Naam
A.J. Proos A.N. Biekman
Functie in 2023 AB en DB lid (voorzitter AB en DB vanaf september 2023) AB en DB lid (voorzitter AB en DB tot september 2023)
S.B. Kuiper
AB en DB lid
B. Bikkers S. Evers P. Zwang
AB lid AB-lid AB-lid
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2023 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
85
86
A.
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend waren. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Een uitzondering hierop vormen voorzieningen of schulden vanwege jaarlijks terugkerende arbeidskosten of daaraan gerelateerde verplichtingen. Deze worden toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet worden gedacht aan componenten, zoals doorlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.
h. Balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut In de Financiële verordening Stroomopwaarts MVS 2023 zijn regels voor waardering en afschrijving vastgelegd. De activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke aanschafwaarde. Slijtende investeringen worden vanaf het jaar volgend op ingebruikneming lineair afgeschreven
87
gedurende de verwachte gebruiksduur. Daarbij wordt rekening gehouden met een eventuele restwaarde. In artikel 8 van de Financiële verordening Stroomopwaarts MVS 2023 is het beleid over de waardering en afschrijving vaste activa beschreven. De afschrijvingsmethode is als bijlage bij de verordening opgenomen en luidt als volgt:
Afschrijvingsbeleid materiële vaste activa met economisch nut. De volgende materiële vaste activa worden lineair afgeschreven in: a. 40 jaar: (nieuwbouw) kantoren en bedrijfsgebouwen; b. 25 jaar: renovatie kantoren en bedrijfsgebouwen; c. 15 jaar: technische installaties in kantoren en bedrijfsgebouwen; d. 10 jaar: nieuwbouw tijdelijke kantoren en bedrijfsgebouwen; e. 10 jaar: veiligheidsvoorzieningen kantoren en bedrijfsgebouwen; f. 10 jaar: mechanische installaties en machines; g. 10 jaar: kantoormeubilair; h. 10 jaar: aanhangwagens en zware motorvoertuigen; i. 5 jaar: telefooninstallaties; j. 3 jaar: mobiele telefoons; k. 5 jaar: personenauto’s en lichte motorvoertuigen; l. 5 jaar: gereedschappen; m. 5 jaar: automatiseringsapparatuur; n. 5 jaar: software gemeentelijke applicaties; o. 5 jaar: software kantoorautomatisering; p. Activa die niet onder a t/m o vallen worden afgeschreven op basis van technische levensduur. Vlottende activa Voorraden Voorraden grond- en hulpstoffen (magazijnvoorraden), halffabricaten, en voorraad gereed product worden niet gewaardeerd. Het betreft voorraad van de afnemer. Voorraden verbruiksartikelen worden gewaardeerd tegen verkrijgingprijs dan wel lagere marktwaarde. Incourante voorraden worden afgewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of marktwaarde. De toegepaste regel op de voorraad verbruiksartikelen betreft FIFO (first in first out).
Deze waardering is anders beschreven dan in voorgaande jaren. Bij de inrichting van het ERP is deze waardering verwerkt in de processen rond mutaties in verbruiksartikelen.
88
Vorderingen De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening dubieuze uitkeringsdebiteuren wordt dynamisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. De voorziening dubieuze handelsdebiteuren wordt statisch bepaald. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Algemene reserve De algemene reserve is in 2015 gevormd op basis van de begroting, waarmee een negatieve reserve is ontstaan. 5 jaar na de start van de organisatie is deze teruggebracht naar een positief saldo. De bestemmingsreserve is in 2021 gevormd om de incidentele middelen specifiek beschikbaar te houden voor de middelen decembercirculaire 2020, transitie bedrijfsvoering en de uitvoeringskosten van zowel Tozo als de kinderopvangtoeslagaffaire. De niet gebruikte incidentele middelen in het lopend kalenderjaar vloeien terug naar de bestemmingsreserve. De maximale doorlooptijd van deze reserves is 4 jaar. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting of het voorzienbare verlies. Vaste schuld Stroomopwaarts heeft geen vaste schuld. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarden.