Bijlage 4 Concept Jaarstukken 2023 DB SOW
Tekst van het document
89
B.
Toelichting per balanspost
ACTIVA VASTE ACTIVA Materiële vaste activa De materiele vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen:
Investeringen met een economisch nut
Totaal
Balanswaarde
Balanswaarde
31.12.2022
31.12.2023
534
2.070
534
2.070
Onderdelen en verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met een economisch nut:
Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal
Balanswaarde 31-12-2022 290 232 12 534
investering
desinvestering
afschrij vingen
124 49 1.469
248 140 16
-186 -101 -10
1.642
404
-297
duurzame waardevermindering
-
Balanswaarde 31-12-2023 352 242 1.475 2.070
90
VLOTTENDE ACTIVA Voorraden De in de balans opgenomen voorraden worden uitgesplitst naar de volgende categorieën: Balanswaarde
Balanswaarde
31.12.2022
31.12.2023
Grond- en
48
46
hulpstoffen
-
-
48
46
Onderhanden werk Totaal
91
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd minder dan 1 jaar kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rij ks schatkist met een rentetypische looptij d korter dan één j aar
Balanswaarde 31-12-2022 16.374 315
Boekwaarde 31-12-2023
Voorziening oninbaarheid 0 n.v.t. 20.551 n.v.t.
Balanswaarde 31-12-2023 0 20.551
Overige vorderingen: Handelsdebiteuren Uitkeringsdebiteuren Overig
978 2.866 -21
1.048 12.694 -57
-33 -9.763 0
1.015 2.932 -57
Totaal
20.512
34.236
-9.796
24.441
Voor het afdekken van de risico’s van uitzettingen met een looptijd korter dan 1 jaar, is een voorziening getroffen voor het afschrijven van dubieuze debiteuren. Balanswaarde 31-12-2022
Toevoeging
Aanwending
Voorziening dubieuze handelsdebiteuren Voorziening dubieuze inkomingsdebiteuren (verwerkt onder Overige vorderingen)
8 10.978
58 342
33 1.557
Balanswaarde 31-12-2023 33 9.763
Totaal
10.987
400
1.590
9.796
Deze voorzieningen worden in mindering gebracht op de waarde van de posten debiteuren onder de balanspost Overige vorderingen. Toelichting uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Artikel 52c in het BBV schrijft de vermelding van het drempelbedrag voor, waarboven de gemeente overtollige middelen bij de Rijksschatkist aanhoudt. Ook een overzicht met het gemiddelde banksaldo per kwartaal behoort tot de voorgeschreven onderwerpen in de jaarrekening.
92
Het drempelbedrag (2,0% van het begrotingstotaal) is voor 2023 als volgt berekend: € 165.387miljoen x 2,0% = € 3.307.740. De drempel is in 2023 niet overschreden. Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:
Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderverdeeld worden: Balanswaarde 31-12-2023 De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel: - ESF Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
Balanswaarde 31-12-2022
529
1.743
1.174
756
93
i. PASSIVA VASTE PASSIVA Eigen vermogen Het in de balans opgenomen Eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:
Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerd resultaat Totaal
Balanswaarde 31-12-2023 2.145 2.340 2.212
Balanswaarde 31-12-2022 2.482 3.170 475
6.697
6.127
Het verloop van de reserves in 2023 wordt in onderstaand overzicht weergegeven.
94
Voorzieningen
95
Er is één voorziening getroffen voor verplichtingen, verliezen en risico’s. Het betreft de voorziening voor niet-opgenomen spaarverlof. De stand en het verloop van deze voorziening is als volgt: Balanswaarde 31.12.2022 Voorziening spaarverlof personeel Totaal
Toevoeging en
677 677
0
Onttrekking
Vrijgevallen bedragen
Balanswaarde
146
0
531
146
0
531
31.12.2023
Voorziening verwerkt aan de actiefzijde van de balans Een voorziening wordt aan de actiefzijde van de balans verwerkt, wanneer sprake is van een correctie op de balanswaarde. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de voorzieningen dubieuze debiteuren. VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar De specificatie van de netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar, is als volgt:
96
Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt:
Verplichtingen die in het begrotingsj aar zij n opgebouwd en die in een volgend begrotingsj aar tot betaling komen Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsj aren komen Totaal
Balanswaarde 31-12-2023 10.318
Balanswaarde 31-12-2022 6.352
349
408
10.667
6.761
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Verplichtingen voor een langere duur dan twaalf maanden zijn de leaseovereenkomsten voor het wagenpark en enkele productiemachines binnen het Werkleerbedrijf. De leaseverplichtingen voor 2024 en de daaropvolgende jaren bedragen € 140.000 per jaar. De Vpb-toets (vennootschapsbelasting) moet jaarlijks worden gedaan op basis van de gerealiseerde cijfers. De fiscale analyse voor de jaren 2016 en 2017 is destijds afgestemd met de Belastingdienst. Op basis van de jaarrekeningen 2016 tot en met 2021, de begroting 2023 en meerjarenraming 2023-2024 is het standpunt dat Stroomopwaarts voor de jaren 2016 tot en met 2023 niet Vpb-plichtig is met haar activiteiten. Voor de jaren 2024 en volgend moet de fiscale analyse te zijner tijd nader worden beoordeeld aan de hand van de definitieve jaarrekeningen. Voor arbeid gerelateerde verplichtingen met een jaarlijks vergelijkbaar volume, mag volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) geen verplichting worden opgenomen. Stroomopwaarts past deze regel toe voor vakantiegeld over zowel salariskosten als uitkeringen, dat in het kalenderjaar is opgebouwd maar niet is uitgekeerd. De vraag is ontstaan of bij vakantiegeld over uitkeringen wel sprake is van arbeid gerelateerde verplichtingen. De commissie BBV heeft hierover geen standpunt ingenomen.
De onduidelijkheid over de besluitvorming op dit punt brengt een zeker risico met zich mee voor de jaarstukken 2023. Het risico is echter dermate onzeker, dat er geen voorziening wordt getroffen. Wel wordt dit onderwerp als een niet uit de balans blijkende verplichting opgenomen. Gebeurtenissen na balansdatum De energie/financiële crisis heeft vooralsnog geen financiële gevolgen voor de jaarrekening 2023, maar wel voor naar verwachting veel beleidsterreinen van onze begroting 2024 en mogelijk voor de jaren daarna. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Onze organisatie loopt geen risico voor de continuïteit. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren. Op 1 juli 2023 is de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen in werking getreden. De Gemeenschappelijke Regeling Stroomopwaarts MVS zal daarom worden aangepast. Daarnaast zal de belangrijkste wijziging zijn dat de activiteiten van
97
Stroomopwaarts in delegatie zullen worden uitgevoerd in plaats van mandaat (met verwerking als delegatie). In haar accountantsverslag 2021 heeft de voorgaande accountant (Deloitte) benoemd, dat er door het Ministerie aanwijzingen zijn gegeven voor de wijze waarop de verantwoording van de Participatiewet dient plaats te vinden in het geval dat een gemeenschappelijke regeling de Participatiewet uitvoert. Deelnemers kunnen de bevoegdheden toewijzen via delegatie of mandaat. Stroomopwaarts MVS past een hybride model toe, waarbij de Participatiewet (voor wat betreft de bijstandsverlening) in mandaat wordt uitgevoerd, terwijl de baten en lasten in de jaarrekening 2023 worden verwerkt alsof er sprake is van delegatie. Volgens bovengenoemde aanwijzingen zouden de baten en lasten van de Participatiewet (voor wat betreft de bijstandsverlening) alleen door de gemeenten zelf verantwoord moeten worden in hun jaarrekening, en blijven deze buiten de begroting en de jaarrekening van Stroomopwaarts MVS. Dat is voor de transparantie en volledigheid van de verantwoording van Stroomopwaarts niet wenselijk en sluit niet aan bij de praktijk. De (verbijzonderde) interne controle en accountantscontrole vindt ook plaats bij Stroomopwaarts. De gemeenten zijn hierop niet ingericht. De betreffende informatie wordt overigens ook meegenomen in de jaarstukken van de gemeenten (SiSa bijlagen).
Het Rijk heeft daarom geen bezwaar gemaakt tegen deze werkwijze.
Ten behoeve van de bestendige gedragslijn en het voorgenomen besluit tot de formele overgang naar het delegatiemodel zijn de jaarstukken vooruitlopend op formele effectuering van dit besluit opgesteld uitgaande van het delegatiemodel. Desondanks is door het Algemeen Bestuur op 13 april 2023 ingestemd met een aanpassing van de GR, waarin een en ander eenduidig wordt geregeld in de lijn van de bestaande werkwijze (delegatie). Dit is vastgelegd in een nieuwe GR tekst. Na de behandeling in het Algemeen Bestuur is het traject van zienswijzen en vaststelling door de raden en de colleges gestart. De aangepaste regeling is ingetreden per 1 januari 2024 in werking. Dit heeft geen impact op de informatieverstrekking over 2023 aan en de bestuurlijke invloed van de gemeenten, de belangrijkste stakeholders van Stroomopwaarts.
98
Hier volgt een specificatie per reserve of voorziening:
I. RESERVES Algemene reserve Doel: De Algemene Reserve dient als weerstandsvermogen van voldoende omvang (ratio 1-1,4) ten opzichte van de gekwantificeerde risico’s. Ingesteld: AB, 6 oktober 2015
99
Algemene
Begroting 2023
Realisatie 2023
Stand
reserve Saldo 31 december 2022
2482
Gerealiseerd resultaat 2022
2.482
475
Saldo 1 januari 2023
2957
Toevoegingen Terugvloeien reserve doorontwikkeling op einddatum Terugvloeien reserve zaaksysteem op einddatum
0
Onttrekkingen Kinderopvangtoeslagaffaire
812
812
100