Bijlage 3b regels bp 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Tekst van het document
maximaal 10,0 meter voor palen en masten; c. maximaal 3,0 meter voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 8.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn, gelet op de waarborging van de beoogde verduurzaming van het bedrijventerrein zoals geformuleerd in het ontwikkelperspectief, bevoegd nadere eisen te stellen aan bedrijfs- en kantoorgebouwen op het gebied van energie, milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde. De wijze waarop bouwplannen worden beoordeeld is vastgelegd in het toetsingskader duurzaamheid. 8.4 Specifieke gebruiksregels Ten aanzien van het gebruik gelden de volgende regels: a. garagebedrijven zijn uitsluitend toegelaten indien deze een minimale brutovloeroppervlakte hebben van 1.000 m²; b. (bedrijfs)woningen zijn niet toegestaan; c. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van horeca - feestzaal' is het gebruik voor een feestzaal en/of zaalverhuur op maandag tot en met donderdag alleen toegestaan na 18.00u, waarbij het aantal bezoekers niet meer mag bedragen dan 450.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 29
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 9
Recreatie
9.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een jachthaven; met daarbij behorende: b. erven; c. groenvoorzieningen; d. ondergeschikte detailhandel tot maximaal 200 m²; e. ondersteunende horeca; f. ontsluitingswegen, paden en verhardingen; g. parkeervoorzieningen; h. waterlopen, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen. 9.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: a. de gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd; b. het bouwvlak mag volledig worden bebouwd; c. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangeduid; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten tot een hoogte van: 1. maximaal 10,0 meter voor palen en masten; 2. maximaal 3,0 meter voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
30 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 10
T uin
10.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen. 10.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: a. uitsluitend toegelaten zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde overkappingen; b. voor de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet zijnde overkappingen geldt dat: 1. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen maximaal 2,0 meter mag bedragen, tenzij deze zijn gelegen vóór de voorgevel of het verlengde daarvan, in welk geval de hoogte niet meer mag bedragen dan 1,0 meter; 2. de hoogte van palen en masten mag maximaal 10,0 meter bedragen; 3. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal 3,0 meter bedragen. c. in afwijking van het bepaalde onder a en b zijn ondergeschikte bouwdelen, als bedoeld in artikel 2.10, toegelaten. 10.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken het bepaalde in lid 10.2, onder b voor erf- en terreinafscheidingen welke voor de voorgevel of het verlengde daarvan zijn gelegen, tot een hoogte van 2,0 meter.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 31
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 11
Verkeer
11.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. (gebieds)ontsluitingswegen en daarbij behorende voorzieningen; b. trambanen en daarbij behorende voorzieningen; c. fiets- en wandelpaden; d. nutsvoorzieningen; e. onder- en/of bovengrondse voorzieningen ten behoeve van het inzamelen van afval; f. parkeergarages en andere parkeervoorzieningen; g. verblijfsgebieden; alsmede ter plaatse van de aanduiding: h. 'verkooppunt motorbrandstoffen met lpg' voor een verkooppunt van motorbrandstoffen met lpg; i. 'overige zone - hub dagrecreatie' voorzieningen ten behoeve van de dagrecreatie. met daarbij behorende: j. straatmeubilair; k. geluidwerende voorzieningen; l. groenvoorzieningen, taluds en bermen; m. standplaatsen; n. tunnels, viaducten, bruggen, duikers en bijbehorende voorzieningen; o. voorzieningen ten behoeve van: 1. het regelen, geleiden en bewegwijzeren van het (weg)verkeer, alsmede verlichting; 2. het weren van voorwerpen die de veiligheid van het (weg)verkeer in gevaar kunnen brengen en het beveiligen van het (weg)verkeer; 3. het onderhoud van de weg, alsmede dienstwegen; p. waterlopen, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen.
11.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: 11.2.1 regels ten aanzien van gebouwen: a. gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd; b. het bouwvlak mag volledig worden bebouwd; c. de bouwhoogte van gebouwen mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangeduid; d. in afwijking van het bepaalde onder a en c zijn overkappingen en schuilgelegenheden bij tramen bushaltes toegelaten tot een hoogte van 3,5 meter; e. in afwijking van het bepaalde onder a en c zijn nutsvoorzieningen toegelaten met een oppervlakte van 20 m² en tot een hoogte van 3,5 meter; f. in afwijking van het bepaalde onder a en c zijn parkeer- en andere voorzieningen voor fietsen en vergelijkbare vervoersmiddelen toegelaten tot een hoogte van 3,5 meter. 11.2.2 regels ten aanzien van bouwwerken geen gebouwen zijnde: a. geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten tot een hoogte van 10,0 meter; b. in afwijking van het bepaalde onder b zijn bruggen toegelaten tot een hoogte van 20,0 meter.
32 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 12
Verkeer - Railverkeer
12.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Railverkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. spoorwegen, railverkeer en daarbij behorende voorzieningen; b. een treinstation met daaraan ondergeschikte detailhandel tot ondersteunende dienstverlening en ondersteunende horeca; c. gelijkvloers en ongelijkvloers kruisende paden, wegen en trambanen; d. verblijfsgebieden;
maximaal
200 m²,
met daarbij behorende: e. straatmeubilair; f. geluidwerende voorzieningen; g. groenvoorzieningen, taluds en bermen; h. tunnels, viaducten, bruggen, duikers en bijbehorende voorzieningen; i. voorzieningen ten behoeve van: 1. het regelen, geleiden en bewegwijzeren van het railverkeer, alsmede verlichting; 2. het weren van voorwerpen die de veiligheid van het (rail)verkeer in gevaar kunnen brengen en het beveiligen van het (rail)verkeer; 3. het onderhoud van het spoor, alsmede dienstwegen; j. waterlopen, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen. 12.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regel: a. de hoogte van bouwwerken, gemeten vanaf bovenkant spoorstaaf, mag maximaal 10,0 meter bedragen. b. in afwijking van het bepaalde onder a zijn bruggen toegelaten tot een hoogte van 20,0 meter.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 33
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 13
Verkeer - Rijksw eg
13.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Rijksweg' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. autosnelweg; b. gelijkvloers en ongelijkvloers kruisende paden, wegen, trein- en trambanen; c. verblijfsgebieden; met daarbij behorende: d. straatmeubilair; e. geluidwerende voorzieningen; f. groenvoorzieningen, taluds en bermen; g. tunnels, viaducten, bruggen, duikers en bijbehorende voorzieningen; h. voorzieningen ten behoeve van: 1. het regelen, geleiden en bewegwijzeren van het (weg)verkeer, alsmede verlichting; 2. het weren van voorwerpen die de veiligheid van het (weg)verkeer in gevaar kunnen brengen en het beveiligen van het (weg)verkeer; 3. het onderhoud van de weg, alsmede dienstwegen; i. waterlopen, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen; j. (dag)recreatief medegebruik ter plaatse van tunnels en onderdoorgangen. 13.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: a. uitsluitend toegelaten zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot een hoogte van maximaal 10,0 meter; b. in afwijking van het bepaalde onder a zijn bruggen toegelaten tot een hoogte van 20,0 meter; c. in afwijking van het bepaalde onder a mag de hoogte van voorzieningen ter verlichting van de weg maximaal 30,0 meter bedragen.
34 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 14
Verkeer - Verblijfsgebied
14.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen, straten en pleinen; b. erftoegangswegen c. fiets- en wandelpaden; d. parkeervoorzieningen; e. verblijfsgebieden; met daarbij behorende: f. straatmeubilair; g. groenvoorzieningen, taluds en bermen; h. standplaatsen; i. bruggen en duikers; j. voorzieningen ten behoeve van: 1. het regelen, geleiden en bewegwijzeren van het (weg)verkeer, alsmede verlichting; 2. het weren van voorwerpen die de veiligheid van het (weg)verkeer in gevaar kunnen brengen en het beveiligen van het (weg)verkeer; 3. het onderhoud van de weg, alsmede dienstwegen; k. waterlopen, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen; l. (collectieve) voorzieningen ten behoeve van de opwek en afname van duurzame energie. 14.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: 14.2.1 regels ten aanzien van gebouwen: a. overkappingen en schuilgelegenheden bij tram- en bushaltes zijn toegelaten tot een hoogte van 3,5 meter; b. nutsvoorzieningen zijn toegelaten met een oppervlakte van 20 m² en tot een hoogte van 3,5 meter. 14.2.2 regels ten aanzien van bouwwerken, geen gebouwen zijnde: bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten tot een hoogte van: a.
maximaal 2,0 meter voor erf- en terreinafscheidingen; b. maximaal 10,0 meter voor palen en masten; c. maximaal 20,0 meter voor bruggen; d. maximaal 3,0 meter voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 35
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 15
Water
15.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; b. scheepvaartverkeer en watersport; c. bruggen, vlonders, steigers en duikers; d. wegverkeer ter plaatse van bruggen, tunnels, vlonders, steigers en duikers; e. extensieve recreatie; alsmede ter plaatse van de aanduiding: f. 'gemaal' voor een gemaal; g. 'jachthaven' voor een jachthaven; h. 'specifieke vorm van bedrijf - scheepswerf', voor scheepswerven voor vaartuigen tot een lengte van maximaal 25 meter; i. 'overige zone - hub dagrecreatie', voorzieningen ten behoeve van de dagrecretie; met daarbij behorende: j. oevers en kaden; k. groenvoorzieningen. 15.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: a. uitsluitend toegelaten zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde; b. de hoogte mag maximaal 5,0 meter bedragen, gemeten vanaf het maaiveld; c. in afwijking van het bepaalde onder b zijn bruggen toegestaan tot een hoogte van 20,0 meter, gemeten vanaf het maaiveld; d. in afwijking van het bepaalde onder a zijn ter plaatse van de aanduiding 'gemaal' gebouwen toegestaan waarvan de hoogte niet meer mag bedragen dan op de verbeelding is aangeduid; e.
bij de bouw van bruggen, vlonders, steigers en andere bouwwerken bedoeld voor het wegverkeer of ten behoeve van de dagrecreatie wordt vooraf advies gevraagd aan de beheerder van het water met betrekking tot het effect van de bouwwerken op de goede werking van het watersysteem. 15.3 Specifieke gebruiksregels Ten aanzien van het gebruik geldt dat: a. woonschepenligplaatsen en permanente bewoning niet zijn toegestaan. 15.4 Afwijken van de gebruiksregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 15.1 voor: a. het gebruik van het water ten behoeve van bedrijfsmatige activiteiten behorende bij de aanliggende of in de directe nabijheid gelegen bedrijven, mits deze activiteiten verband houden met de aan- of afvoer van goederen, grondstoffen, halffabricaten of producten via het water (watergebonden bedrijven). b. voordat afwijking wordt verleend wordt advies gevraagd aan de beheerder van het water met betrekking tot het effect van de activiteiten op de goede werking van het watersysteem.
36 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 16
Wonen
16.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; met daarbij behorende: b. paden en verhardingen; c. parkeervoorzieningen; d. tuinen en erven. 16.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: 16.2.1 regels ten aanzien van hoofdgebouwen: a. hoofdgebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd; b. het bouwvlak mag volledig worden bebouwd; c. de goot- en bouwhoogte mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangeduid. 16.2.2 regels ten aanzien van aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen a. aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen dienen op een afstand van minimaal 1,0 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen dienen op een afstand van minimaal 1,0 meter uit de zijdelingse perceelsgrens te worden gebouwd; c. de gezamenlijke oppervlakte van aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen mag maximaal 75 m² bedragen, mits niet meer dan 50% van het zij- en achtererf van het hoofdgebouw wordt bebouwd; d. de horizontale diepte van aanbouwen aan de achtergevel van een hoofdgebouw mag niet meer dan 4,0 meter bedragen; e.
de bouwhoogte van aanbouwen en aangebouwde overkappingen mag maximaal de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw bedragen, vermeerderd met 0,3 meter; f. de bouwhoogte van bijgebouwen en vrijstaande overkappingen mag niet meer dan 3,0 meter bedragen. 16.2.3 regels ten aanzien van bouwwerken, geen gebouwen zijnde: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag maximaal 2,0 meter bedragen, tenzij deze zijn gelegen vóór de voorgevel of het verlengde daarvan, in welk geval de hoogte niet meer mag bedragen dan 1,0 meter; b. de hoogte van palen en masten mag maximaal 10,0 meter bedragen; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal 3,0 meter bedragen. 16.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen aan de situering, de goot- en bouwhoogte van aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen, ter waarborging van: a. de verkeersveiligheid; b. een evenwichtig ruimtelijk beeld; c. landschappelijke- en cultuurhistorische waarden; d. de bezonning, privacy en/of gebruiksmogelijkheden van aangrenzende percelen.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 37
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
16.4 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 16.2.3, onder a voor erf- en terreinafscheidingen welke voor de voorgevel of het verlengde daarvan zijn gelegen, tot een hoogte van 2,0 meter. 16.5 Specifieke gebruiksregels Het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor permanente bewoning is niet toegestaan.
38 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 17
Wonen - Woonw agen
17.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - Woonwagen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen in de vorm van woonwagens op maximaal 20 woonwagenstandplaatsen; alsmede ter plaatse van de aanduiding: b. 'garage' voor garageboxen, met de daarbij behorende: c. paden en verhardingen; d. parkeervoorzieningen; e. tuinen en erven. 17.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: 17.2.1 regels ten aanzien van woonwagens a. niet meer woonwagens zijn toegelaten dan op de verbeelding is aangeduid; b. de goothoogte van een woonwagen mag niet meer bedragen dan 4,0 meter; c. de bouwhoogte van een woonwagen mag niet meer bedragen dan 8,0 meter; d. een woonwagen dient een dakafdekking te hebben in de vorm van een kap(verdieping); e. de onderlinge afstand tussen de woonwagens, met inbegrip van aan een woonwagen gebouwde aanbouwen, dient minimaal 1,5 meter te bedragen. 17.2.2 regels ten aanzien van aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen a. aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen dienen achter de voorgevel van de woonwagen of het verlengde daarvan te worden gebouwd; b. de onderlinge afstand tussen een aan een woonwagen gebouwde aanbouw en een andere woonwagen dient minimaal 1,5 meter te bedragen; c.
de gezamenlijke oppervlakte van aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen mag maximaal 75 m² bedragen, mits niet meer dan 50% van het zij- en achtererf van het de woonwagen wordt bebouwd; d. de bouwhoogte van aanbouwen en aangebouwde overkappingen mag maximaal de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van de woonwagen bedragen, vermeerderd met 0,3 meter; e. de goothoogte van bijgebouwen en vrijstaande overkappingen mag niet meer dan 3,0 meter bedragen. 17.2.3 regels ten aanzien van garageboxen a. garageboxen zijn toegelaten ter plaatse van de aanduiding 'garage', waarbij het gehele aanduidingsvlak mag worden bebouwd; b. de bouwhoogte van garageboxen mag niet meer bedragen dan 3,5 meter. 17.2.4 regels ten aanzien van bouwwerken, geen gebouwen zijnde a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag maximaal 2,0 meter bedragen, tenzij deze zijn gelegen vóór de voorgevel of het verlengde daarvan, in welk geval de hoogte niet meer mag bedragen dan 1,0 meter; b. de hoogte van palen en masten mag maximaal 10,0 meter bedragen; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal 3,0 meter bedragen.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 39
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
17.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen aan de situering, de goot- en bouwhoogte van aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen, ter waarborging van: a. de verkeersveiligheid; b. de brandveiligheid (van naastgelegen woonwagens); c. een evenwichtig ruimtelijk beeld. 17.4 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 17.2.4, onder a voor erf- en terreinafscheidingen welke voor de voorgevel of het verlengde daarvan zijn gelegen, tot een hoogte van 2,0 meter. 17.5 Specifieke gebruiksregels Het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor permanente bewoning is niet toegestaan.
40 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 18
Woongebied
18.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Woongebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; met daarbij behorende: b. tuinen en erven; c. straatmeubilair; d. verkeers- en verblijfsvoorzieningen; e. parkeervoorzieningen; f. groenvoorzieningen; g. waterlopen, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieninge'; h. (collectieve) voorzieningen ten behoeve van de opwek en afname van duurzame energie. 18.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: a. het bestemmingsvlak mag worden opgedeeld in meerdere (bouw)kavels welke haaks op de Polderweg of Schiekade zijn gelegen, waarbij de kavels door middel van sloten van elkaar zijn afgescheiden; b. de afstand tussen de bebouwing en de zijdelingse kavelsloten bedraagt minimaal 3,0 meter; c. de afstand tussen de bebouwing en de grenzen van het bestemmingsvlak bedraagt minimaal 3,0 meter; d. voor hoofdgebouwen gelegen op een afstand tot 50 meter uit de met de Polderweg of Schiekade samenvallende grens van het bestemmingsvlak geldt dat: 1. gebouwd wordt in de kavelrichting, of daar haaks op; 2. de goothoogte niet meer bedraagt dan 4,0 meter; 3. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 7,0 meter; 4. de oppervlakte per hoofdgebouw niet meer bedraagt dan 90 m²; 5.
de oppervlakte aan hoofdgebouwen op dit deel van het kavel niet meer bedraagt dan 200 m²; e. voor hoofdgebouwen gelegen op een afstand van meer dan 50 meter uit de met de Polderweg of Schiekade samenvallende grens van het bestemmingsvlak geldt dat: 1. gebouwd wordt in de kavelrichting; 2. de goothoogte niet meer bedraagt dan 4.0 meter 3. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 10,0 meter; 4. de oppervlakte aan hoofdgebouwen op dit deel van het kavel niet meer bedraagt dan 300 m²; f. hoofdgebouwen dienen een dakafdekking te hebben in de vorm van een kap(verdieping); g. voor aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen geldt dat: 1. de oppervlakte per hoofdgebouw niet meer bedraagt dan 75 m², mits niet meer dan 50% van het erf van het hoofdgebouw wordt bebouwd; 2. de goothoogte van aanbouwen en aangebouwde overkappingen niet meer bedraagt dan de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw, vermeerderd met 0,3 meter; 3. de goothoogte van bijgebouwen en vrijstaande overkappingen niet meer bedraagt dan 3,5 meter; 4. de dakhelling van een kap niet meer bedraagt dan de dakhelling van het hoofdgebouw; 5. deze op een afstand van minimaal 1,0 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden gebouwd. h. voor (overige) bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt dat: 1. deze in afwijking van het bepaalde onder c en d op het gehele bestemmingsvlak zijn
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 41
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
toegelaten; 2. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan 2,0 meter, tenzij deze zijn gelegen vóór de voorgevel of het verlengde daarvan, in welk geval de hoogte niet meer mag bedragen dan 1,0 meter; 3. de hoogte van palen en masten niet meer mag bedragen dan 7,0 meter; 4. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, niet meer mag bedragen dan 3,0 meter. 18.3 Nadere eisen 18.3.1 Nadere eisen ten aanzien van situering en maatvoering Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen aan de situering, de goot- en bouwhoogte van aanbouwen, bijgebouwen en overkappingen, ter waarborging van: a. de verkeersveiligheid; b. een evenwichtig ruimtelijk beeld en de landschappelijke waarden, zoals deze zijn vastgelegd in het 'Beeldkwaliteitsplan Polderwetering'; c. de bezonning, privacy en/of gebruiksmogelijkheden van aangrenzende percelen. 18.3.2 Nadere eisen ten aanzien van waterberging Burgemeester en wethouders zijn, ter waarborging van de goede werking van het watersysteem, bevoegd nadere eisen te stellen aan de wijze waarop wordt voorzien in maatregelen ter compensatie van de toename aan het oppervlak verharding en de afname van overloopcapaciteit, voor zover maatregelen naar oordeel van de beheerder van het watersysteem ter plaatse noodzakelijk zijn.
18.4 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken het bepaalde in lid 18.2, onder h, voor erf- en terreinafscheidingen welke voor de voorgevel of het verlengde daarvan zijn gelegen, tot een hoogte van 2,0 meter. 18.5 Specifieke gebruiksregels Het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor permanente bewoning is niet toegestaan. 18.6 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om het plan ter plaatse van de gronden met de aanduiding 'wetgevingzone - wijzigingsbevoegdheid 3' te wijzigen naar de bestemming 'Groen - 1', 'Groen - 2' of 'Water'. Daarbij gelden de volgende voorwaarden: a. toepassing van de wijzigingsbevoegdheid vindt plaats als verdere uitwerking van de uitgangspunten en ambities voor het bedrijventerrein zoals vastgesteld in het ontwikkelperspectief; b. toepassing van de wijzigingsbevoegdheid vindt plaats nadat burgemeester en wethouders een inrichtingsplan voor het gehele wijzigingsgebied hebben vastgesteld. In dit inrichtingsplan wordt onder andere ingegaan op: 1. de wijze waarop wordt voorzien in een goede waterhuishoudkundige, ecologische en klimaatbestendige situatie; 2. de wijze waarop rekening wordt gehouden met de in of nabij het wijzigingsgebied gelegen dubbelbestemmingen, gebiedsaanduidingen en andere relevante omgevingsaspecten; 3.
de relatie van de voorgenomen inrichting met andere ontwikkelingen in de directe nabijheid. c. voordat toepassing wordt gegeven aan de wijzigingsbevoegdheid vindt overleg plaats met de beheerder van het watersysteem over de eventuele voorwaarden die worden gesteld gelet op de waterveiligheid, de waterkwaliteit en de waterberging in het gebied; d. na toepassing van de wijzigingsbevoegdheid zijn de overeenkomstige regels bij de afzonderlijke bestemmingen uit dit bestemmingsplan van toepassing. Indien nodig of wenselijk kunnen burgemeester en wethouders aanvullende bepalingen opnemen die het toegestane gebruik 42 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
binnen deze bestemmingen reguleren.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 43
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 19
Leiding - Gas
19.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Gas' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de aanleg, instandhouding en het beheer en onderhoud van een gasleiding met bijbehorende voorzieningen ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding - gas' met een diameter van 16 inch en een druk van 40 bar, met een belemmeringszone ter breedte van 4,0 meter aan weerszijden van de hartlijn van de leiding. 19.2 Bouwregels In het belang van de bescherming van de ter plekke aanwezige leiding mag, in afwijking van het bepaalde bij de andere met de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' samenvallende bestemming, op deze gronden uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Gas', tot een hoogte van maximaal 3,0 meter. 19.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 19.2 voor het bouwen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor zover deze zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de dubbelbestemming 'Leiding - Gas' samenvalt, mits vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder waaruit blijkt dat de belangen van de leidingbeheerder niet worden geschaad. Een omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen kwetsbare objecten worden toegelaten.
19.4 Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze regels, wordt in ieder geval gerekend: a. het opslaan van goederen, met uitzondering het opslaan van goederen ten behoeve van inspectie en onderhoud van de gastransportleiding; b. het wijzigen van het gebruik van bestaande gebouwen, indien daardoor een kwetsbaar object wordt toegestaan. 19.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 19.5.1 Algemeen Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het uitvoeren van grondwerkzaamheden, waartoe ook wordt gerekend het ontginnen, verlagen, afgraven, ophogen, egaliseren, diepploegen, woelen en mengen van gronden; b. het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; c. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en anderszins indringen van voorwerpen in de bodem; d. het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige waterpartijen; e. andere werken die een verandering van de waterhuishouding of het grondwaterpeil tot gevolg kunnen hebben, zoals drainage en (onder)bemaling; f.
het aanbrengen of verwijderen van diepwortelende beplantingen, het bebossen en aanplanten van gronden en het rooien en/of kappen van bos en andere houtgewassen waarbij de stobben worden verwijderd; g. het aanbrengen van andere leidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur.
44 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
19.5.2 Uitzondering Het in lid 19.5.1 bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn of waarvoor vergunning is verleend voor het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan; c. noodzakelijk zijn voor de uitvoering of realisatie van een bouwplan welke is toegelaten op grond van het bepaalde in artikel 19.2 of waarvoor op grond van artikel 19.3 wordt afgeweken van het bestemmingsplan. 19.5.3 Toetsingscriteria en voorwaarden De in lid 19.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien: a. door de uitvoering van de bedoelde werken en/of werkzaamheden, dan wel door de daarvan direct of indirect te verwachten gevolgen het normaal functioneren van de leiding niet wordt of kan worden aangetast; b. de werken en/of werkzaamheden zijn toegelaten op grond van de regels van deze bestemming, dan wel van de andere bestemmingen waarmee de dubbelbestemming samenvalt; c. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder. 19.6 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen, blijkens een schriftelijk advies van de leidingbeheerder, de bestemming 'Leiding - Gas' wijzigen door de bestemmingsaanduiding geheel of gedeeltelijk: a. te verwijderen, indien ter plaatse de leiding is komen te vervallen; b.
te verschuiven indien dit vereist is ten gevolge van de bouw van bouwwerken, aanleg van wegen, paden, leidingen of watergangen of de aanwezigheid van (beperkt) kwetsbare objecten binnen de als Leiding - Gas bestemde gronden, mits het groepsrisico als bedoeld in het Besluit externe veiligheid buisleidingen wordt verantwoord.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 45
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 20
Leiding - Hoogspanningsverbinding
20.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de aanleg, instandhouding en het beheer en onderhoud van een bovengrondse hoogspanningsverbinding van maximaal 150 kV met bijbehorende masten en (veiligheids)voorzieningen, met een belemmeringszone ter breedte van 25 meter aan weerszijden van de hartlijn van de hoogspanningsverbinding. 20.2 Bouwregels In het belang van de bescherming van de ter plekke aanwezige leiding mogen, in afwijking van het bepaalde bij de andere met de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' samenvallende bestemming, op deze gronden uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding', tot een hoogte van maximaal 40,0 meter. 20.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 20.2 voor het bouwen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor zover deze zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de dubbelbestemming 'Leiding Hoogspanningsverbinding' samenvalt, mits vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder, waaruit blijkt dat de belangen van de leidingbeheerder niet worden geschaad.
20.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 20.4.1 Algemeen Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanbrengen van hoogopgaande beplanting of bomen; b. het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties of apparatuur hoger dan 5,0 meter. 20.4.2 Uitzondering Het in lid 20.4.1 bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn of waarvoor vergunning is verleend voor het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan; c. noodzakelijk zijn voor de uitvoering of realisatie van een bouwplan welke is toegelaten op grond van het bepaalde in artikel 20.2 of waarvoor op grond van artikel 20.3 wordt afgeweken van het bestemmingsplan. 20.4.3 Toetsingscriteria en voorwaarden De in lid 20.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien: a. door de uitvoering van de bedoelde werken en/of werkzaamheden, dan wel door de daarvan direct of indirect te verwachten gevolgen het normaal functioneren van de leiding niet wordt of kan worden aangetast; b.
de werken en/of werkzaamheden zijn toegelaten op grond van de regels van deze bestemming, dan wel van de andere bestemmingen waarmee de dubbelbestemming samenvalt; c. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder.
46 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
20.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' wijzigen door de bestemmingsaanduiding geheel of gedeeltelijk te verwijderen, indien ter plaatse de hoogspanningsverbinding is komen te vervallen, blijkens een schriftelijk advies van de leidingbeheerder.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 47
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 21
Leiding - Water
21.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de aanleg, instandhouding en het beheer en onderhoud van een watertransportleiding ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding - water', met een belemmeringszone ter breedte van 4,0 meter aan weerszijden van de hartlijn van de leiding. 21.2 Bouwregels In het belang van de bescherming van de ter plekke aanwezige leiding mogen, in afwijking van het bepaalde bij de andere met de dubbelbestemming 'Leiding - Water' samenvallende bestemming, op deze gronden uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd ten behoeve van de dubbelbestemming 'Leiding - Water', tot een hoogte van maximaal 3,0 meter. 21.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 21.2 voor het bouwen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor zover deze zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de dubbelbestemming 'Leiding - Water' samenvalt, mits vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder waaruit blijkt dat de belangen van de leidingbeheerder niet worden geschaad.
21.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 21.4.1 Algemeen Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het uitvoeren van grondwerkzaamheden, waartoe ook wordt gerekend het ontginnen, verlagen, afgraven, ophogen, egaliseren, diepploegen, woelen en mengen van gronden; b. het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; c. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en anderszins indringen van voorwerpen in de bodem; d. het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige waterpartijen; e. andere werken die een verandering van de waterhuishouding of het grondwaterpeil tot gevolg kunnen hebben, zoals drainage en (onder)bemaling; f. het aanbrengen of verwijderen van diepwortelende beplantingen, het bebossen en aanplanten van gronden en het rooien en/of kappen van bos en andere houtgewassen waarbij de stobben worden verwijderd; g. het aanbrengen van andere leidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 21.4.2 Uitzondering Het in lid 21.4.1 bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden welke: a.
het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn of waarvoor vergunning is verleend voor het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan; c. noodzakelijk zijn voor de uitvoering of realisatie van een bouwplan welke is toegelaten op grond van het bepaalde in artikel 21.2 of waarvoor op grond van artikel 21.3 wordt afgeweken van het bestemmingsplan. 21.4.3 Toetsingscriteria en voorwaarden De in lid 21.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien: 48 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
a. door de uitvoering van de bedoelde werken en/of werkzaamheden, dan wel door de daarvan direct of indirect te verwachten gevolgen het normaal functioneren van de leiding niet wordt of kan worden aangetast; b. de werken en/of werkzaamheden zijn toegelaten op grond van de regels van deze bestemming, dan wel van de andere bestemmingen waarmee de dubbelbestemming samenvalt; c. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder. 21.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen, blijkens een schriftelijk advies van de leidingbeheerder, de bestemming 'Leiding - Water' wijzigen door de bestemmingsaanduiding geheel of gedeeltelijk: a. te verwijderen, indien ter plaatse de leiding is komen te vervallen; b. te verschuiven indien dit vereist is ten gevolge van de bouw van bouwwerken of de aanleg van wegen, paden, leidingen of watergangen binnen de als 'Leiding - Water' bestemde gronden.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 49
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 22
Waarde - Archeologie
22.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming en het behoud van de op en/of in deze gronden voorkomende archeologische waarden. 22.2 Bouwregels In het belang van de archeologische monumentenzorg mogen, in afwijking van het bepaalde bij de andere met de bestemming 'Waarde - Archeologie' samenvallende bestemming(en), geen bouwwerken (waaronder begrepen het heien van heipalen en het slaan van damwanden) worden gebouwd: a. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 1', die dieper reiken dan 1,0 meter beneden het maaiveld; b. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 2', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 100 m²; c. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 3', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m²; d. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 4', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én die dieper reiken dan 0,5 meter beneden het maaiveld; e. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 5', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én die dieper reiken dan 3,0 meter beneden het maaiveld; f.
ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 6', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én die dieper reiken dan 1,0 meter beneden het maaiveld; g. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 7', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én dieper dan de huidige onderwaterbodem. 22.3 Afwijken van de bouwregels a. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de bouwregels, als bedoeld in lid 22.2, voor bouwwerken voor zover deze zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de bestemming 'Waarde - Archeologie' samenvalt. b. Er kan slechts afgeweken worden van de bouwregels indien op basis van een archeologisch onderzoek kan worden aangetoond dat ter plaatse waar gebouwd gaat worden geen archeologische waarden als zodanig aanwezig zijn, dan wel dat er passende maatregelen zijn genomen om de aanwezige archeologische waarden veilig te stellen. c. Aan de afwijking van de bouwregels kunnen in ieder geval de volgende voorwaarden worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen; 3. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.
22.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 22.4.1 Algemeen Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. grondwerkzaamheden, waartoe ook wordt gerekend het ontginnen, verlagen, afgraven, diepploegen, woelen en mengen van gronden; b. het aanleggen, verdiepen, verbreden van sloten, watergangen en overige waterpartijen; 50 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
c. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; d. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur dan wel het indrijven van enig ander voorwerp. 22.4.2 Toepassingsbereik Het in lid 22.4.1 bedoelde verbod geldt voor werken en werkzaamheden: a. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 1', die dieper reiken dan 1,0 meter beneden het maaiveld; b. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 2', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 100 m²; c. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 3', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m²; d. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 4', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én die dieper reiken dan 0,5 meter beneden het maaiveld; e. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 5', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én die dieper reiken dan 3,0 meter beneden het maaiveld; f. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 6', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én die dieper reiken dan 1,0 meter beneden het maaiveld; g. ter plaatse van de aanduiding 'Waarde - Archeologie 7', waarvan de gezamenlijke oppervlakte groter is dan 200 m² én dieper dan de huidige onderwaterbodem.
22.4.3 Uitzondering Het in lid 22.4.1 bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan. 22.4.4 Toetsingscriteria en voorwaarden a. De in lid 22.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien: 1. op basis van een archeologisch onderzoek kan worden aangetoond dat ter plaatse waar de werken en/of werkzaamheden plaatsvinden geen archeologische waarden als zodanig aanwezig zijn, dan wel dat er passende maatregelen zijn genomen om de aanwezige archeologische waarden veilig te stellen; 2. de werken en/of werkzaamheden zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de bestemming 'Waarde - Archeologie' samenvalt. b. Aan de in lid 22.4.1 genoemde vergunning kunnen in ieder geval de volgende voorwaarden worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen; of 3. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.
22.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming 'Waarde - Archeologie' wijzigen door de betreffende bestemmingsaanduiding geheel of gedeeltelijk te verwijderen, indien ter plaatse, op basis van archeologisch onderzoek kan worden aangetoond dat geen archeologische waarden aanwezig zijn.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 51
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 23
Waterstaat - Waterstaatkundige functie
23.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waterstaat - Waterstaatkundige functie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. het beheer van waterstaatsdoeleinden; b. waterstaatkundige voorzieningen, zoals waterkeringen en persleidingen. 23.2 Bouwregels Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming, en voorts met inachtneming van de volgende regels: a. uitsluitend toegelaten zijn bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de waterstaatsdoeleinden; b. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal 5,0 meter bedragen. 23.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de bouwregels, als bedoeld in lid 23.2, met inachtneming van de volgende regels: a. afwijken van de bouwregels voor andere bouwwerken is mogelijk, voor zover deze zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen, waarmee de dubbelbestemming samenvalt; b. voordat een besluit over het afwijken van de bouwregels wordt genomen horen burgemeester en wethouders de waterstaatbeheerder.
23.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 23.4.1 Algemeen Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het ontginnen, verlagen, afgraven, ophogen of egaliseren van gronden; b. het aanleggen of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; c. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; d. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; e. het aanleggen of aanbrengen van oeverbeschoeiingen, aanlegplaatsen of verhardingen ten behoeve van de watersport. 23.4.2 Uitzondering Het in lid 23.4.1 bedoelde verbod is niet van toepassing op werken of werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan. 23.4.3 Toetsingscriteria en voorwaarden De in lid 23.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien: a.
door de uitvoering van de bedoelde werken en/of werkzaamheden, dan wel door de daarvan direct of indirect te verwachten gevolgen het normaal functioneren van de waterstaatkundige functie niet wordt of kan worden aangetast; b. de werken en/of werkzaamheden zijn toegelaten op grond van de regels van de andere bestemmingen waarmee de dubbelbestemming samenvalt; c. vooraf advies wordt ingewonnen bij de betreffende waterstaatbeheerder. 52 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
23.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen de bestemming 'Waterstaat - Waterstaatkundige functie' wijzigen door de bestemmingsaanduiding geheel of gedeeltelijk te verwijderen, indien ter plaatse de waterstaatkundige functie is komen te vervallen, blijkens een schriftelijke verklaring van de waterstaatbeheerder.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 53
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
54 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Hoofdstuk 3 Artikel 24
ALGEMENE REGELS
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 55
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 25
Algemene aanduidingsregels
25.1 Geluidzone - industrie a. Binnen de 'Geluidzone - industrie' is nieuwbouw ten behoeve van de uitbreiding van het aantal woningen en de nieuwvestiging van geluidgevoelige objecten niet toegelaten, tenzij de geluidsbelasting op de gevel ten gevolge van industrielawaai niet meer bedraagt dan; 1. de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder, of; 2. een voor de locatie waar de nieuwbouw plaatsvindt vastgestelde hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in artikel 110a van de Wet geluidhinder. b. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door het geheel of gedeeltelijk verwijderen van de aanduiding 'Geluidzone - industrie', voor zover een wijziging van een gezoneerd industrieterrein daartoe aanleiding geeft. 25.2 Geluidzone - luchtvaart a. Binnen de 'Geluidzone - luchtvaart' is nieuwbouw ten behoeve van de uitbreiding van het aantal woningen en de nieuwvestiging van geluidgevoelige objecten niet toegelaten. b. Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsplan wijzigen door het verkleinen, verwijderen of vergroten van de aanduiding 'Geluidzone - luchtvaart' indien door een wijziging van het voor Rotterdam the Hague Airport geldende luchthavenbesluit, de bij dit besluit behorende 56 dB(A) Lden -contour wordt gewijzigd. 25.3 Geluidzone - spoor a.
Binnen de 'Geluidzone - spoor' is nieuwbouw ten behoeve van de uitbreiding van het aantal woningen en de nieuwvestiging van geluidgevoelige objecten niet toegelaten, tenzij de geluidsbelasting op de gevel ten gevolge van railverkeerlawaai niet meer bedraagt dan: 1. de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder, of; 2. een voor de locatie waar de nieuwbouw plaatsvindt vastgestelde hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in artikel 110a van de Wet geluidhinder. b. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door het geheel of gedeeltelijk verwijderen van de aanduiding 'Geluidzone - spoor', voor zover een wijziging van een spoorweg daartoe aanleiding geeft. 25.4 Geluidzone - weg a. Binnen de 'Geluidzone - weg' is nieuwbouw ten behoeve van de uitbreiding van het aantal woningen en de nieuwvestiging van geluidgevoelige objecten niet toegelaten, tenzij de geluidsbelasting op de gevel ten gevolge van wegverkeerlawaai niet meer bedraagt dan: 1. de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde uit de Wet geluidhinder, of; 2. een voor de locatie waar de nieuwbouw plaatsvindt vastgestelde hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in artikel 110a van de Wet geluidhinder. b.
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door het geheel of gedeeltelijk verwijderen van de aanduiding 'Geluidzone - weg', voor zover een wijziging van een gezoneerde weg daartoe aanleiding geeft. 25.5 Milieuzone - gezoneerd industrieterrein a. Binnen de 'Milieuzone - gezoneerd industrieterrein' zijn geen nieuwe woningen en andere geluidsgevoelige objecten als bedoeld in de Wet geluidhinder toegelaten. b. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door het wijzigen of geheel of gedeeltelijk verwijderen van de aanduiding 'Milieuzone - gezoneerd industrieterrein' ten behoeve van het wijzigen of (gedeeltelijke) opheffen van een gezoneerd industrieterrein, mits de wijziging niet leidt tot een onevenredige benadeling of beperking van de gebruiksmogelijkheden van de binnen de 'Milieuzone - gezoneerd industrieterrein' gevestigde geluidzoneringsplichtige bedrijven.
56 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
25.6 Veiligheidszone - bevi a. Binnen de 'Veiligheidszone - bevi' is de bouw of uitbreiding van nieuwe (beperkt) kwetsbare objecten niet toegelaten, tenzij de uitbreiding niet ziet op een toename van het aantal in het gebouw verblijvende personen. b. Binnen de 'Veiligheidszone - bevi' is het niet toegelaten de doorzet aan LPG uit te breiden naar meer dan 1.000 m³ per jaar. c. Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsplan wijzigen door het geheel of gedeeltelijk verwijderen van de aanduiding 'Veiligheidszone - bevi' voor zover het stopzetten van de bedrijfsvoering of een verandering in de externe veiligheidsnormering- en waardering daartoe aanleiding geeft. 25.7 Veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen a. Binnen de 'Veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen' is de bouw of uitbreiding van (beperkt) kwetsbare objecten niet toegelaten, tenzij de uitbreiding niet ziet op een toename van het aantal in het gebouw verblijvende personen. b. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde onder a voor de bouw van nieuwe (beperkt) kwetsbare objecten, voor zover deze zijn toegelaten op grond van de regels van de bestemming(en) waarmee de aanduiding 'Veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen' samenvalt en vooraf advies wordt ingewonnen bij de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond. c.
Aan de afwijking kunnen uit het oogpunt van externe veiligheid en het verbeteren van de zelfredzaamheid in voorwaarden worden verbonden met betrekking tot de luchtdichtheid van constructies en gevels, de afsluitbaarheid van ventilatiesystemen en de situering van de luchttoevoer van het luchtverversingssysteem ten opzichte van de risicobron. d. Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsplan wijzigen door het geheel of gedeeltelijk verwijderen van de aanduiding 'Veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen' voor zover een verandering in de externe veiligheidsnormering- en waardering daartoe aanleiding geeft. 25.8 Vrijwaringszone - provinciale vaarweg a. Binnen de 'Vrijwaringszone - provinciale vaarweg' is de bouw van bouwwerken of het aanbrengen van beplanting of bomen niet toegelaten. b. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde onder a indien de activiteiten geen belemmering vormen voor de veiligheid en doorvaart van de scheepvaart, de bereikbaarheid van de vaarweg voor hulpdiensten en het uitvoeren van beheer en onderhoud aan de vaarweg én vooraf advies wordt ingewonnen bij de beheerder van de vaarweg.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 57
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 26
Algemene afw ijkingsregels
26.1 Afwijkingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders zijn bevoegd af te wijken van de regels van het plan, voor: a. het oprichten van bouwwerken van algemeen nut, mits de oppervlakte van een gebouw niet meer bedraagt dan 20 m² en de bouwhoogte van de bouwwerken niet meer zal bedragen dan 3,5 meter; b. het overschrijden van in deze regels genoemde maten en percentages, zoals goothoogte, bouwhoogte en oppervlakte van gebouwen en bouwwerken en bebouwingspercentages, met niet meer dan 10%; c. het overschrijden van de regels inzake de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met niet meer dan 20%; d. beneden peil gelegen kelders alsmede erkers, balkons, galerijen, luifels, buitentrappen en soortgelijke onderdelen, waarbij de grenzen van het bouwvlak met niet meer dan 1,0 meter mogen worden overschreden; e. het in geringe mate, doch met niet meer dan 3,0 meter, afwijken van een bestemmingsgrens of het profiel van de weg, voor zover dit noodzakelijk is om het plan aan de bij uitmeting blijkende werkelijke toestand van het terrein aan te passen. f. geluidwerende voorzieningen tot een hoogte van 15,0 meter; mits de bouw- en gebruiksmogelijkheden van nabijgelegen percelen niet in onevenredige mate worden beperkt en de ter plaatse aanwezige waarden niet op onevenredige wijze worden of kunnen worden aangetast.
26.2 Adviesplicht Voordat een besluit over het afwijken van de regels zoals bedoeld in lid 1 wordt genomen vragen burgemeester en wethouders schriftelijk advies aan de desbetreffende leidingbeheerder wanneer het voorgenomen bouwplan zich bevindt binnen de dubbelbestemming Leiding - Gas, Leiding - of Leiding - Water. Uit het advies moet blijken dat de belangen van de leidingbeheerder niet worden geschaad.
58 esteld)
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastg
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 27
Algemene bouw regels
27.1 Bestaande afwijkingen Een bestaand bouwwerk, waarvan op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van dit plan de feitelijk aanwezige hoogte, oppervlakte of afstand tot een ander gebouw of grenslijn in strijd is met een in dit plan voorgeschreven maximum dan wel minimum hoogte, oppervlakte of afstand, mag worden gehandhaafd, veranderd en/of vernieuwd, maar niet worden vergroot of anders gesitueerd. 27.2 Aangrenzende terreinen Het is verboden enig terrein of bouwperceel zodanig te bebouwen, dat daardoor op een aangrenzend terrein, bouwvlak of bouwperceel een toestand zou ontstaan, die aldaar niet meer met de regels van dit plan zou overeenstemmen, of voor zover er reeds aldaar een afwijking van de regels bestaat, zodanig te bebouwen, dat deze afwijking zou worden vergroot.
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020 (vastgesteld) 59
bestemmingsplan 's-Graveland & Spaanse Polder 2020
Artikel 28
Algemene gebruiksregels
28.1 Vormen van verboden gebruik Het is verboden de gronden en gebouwen te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze, of tot een doel, strijdig met het bestemmingsplan. Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan het gebruik (van gebouwen) ten behoeve van het (doen) exploiteren van een seksinrichting of (het laten uitoefenen van) straat- of raamprostitutie. 28.2 Parkeren, laden, lossen en stallen 1. Het gebruik op grond van de regels in Hoofdstuk 2 (oprichting van een gebouw, verandering van een functie en uitbreiding of wijziging van bestaand gebruik) is slechts toegestaan indien op eigen terrein wordt voorzien in: a. voldoende parkeergelegenheid, met in achtneming van de als Bijlage 3 bij deze regels opgenomen Parkeernormen; b. voldoende ruimte voor het laden en lossen en/of het stallen van fietsen. 2. Het bepaalde in lid 1, onder b geldt niet ten behoeve van het wonen. 3. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 1, onder a indien op een andere wijze in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien, door: a. de aanleg van nieuwe parkeergelegenheden in het openbaar gebied; b. het gebruik van bestaande parkeerplaatsen in het openbaar gebied, voor zover deze zijn gelegen binnen een straal van 300 meter en de kosten samenhangend met de aanleg van deze parkeerplaatsen worden vergoed; c.
duurzaam gebruik van parkeerplaatsen in naburige parkeervoorziening binnen een straal van 300 meter. 4. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 1, onder a indien sprake is van uitwisselbaarheid van parkeervoorziening, bij: a. woningbouw welke overwegend wordt gerealiseerd binnen 500 meter van station Schiedam Centrum; b. de aanwezigheid van gemeenschappelijke parkeervoorzieningen, welke voorzien in de parkeerbehoefte van een afgebakend gebied; c. buurtvoorzieningen, waarbij aannemelijk is dat bezoekers geen gebruik zullen maken van de auto; d. de toepassing van andere mobiliteitsvormen dan de auto. 5. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 1, onder a indien het bepaalde in lid 3 en 4 niet van toepassing is en met de verwezenlijking van het plan een bijzonder gemeentelijk belang gemoeid is. 6. Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van het bepaalde in lid 1, onder b en c indien aantoonbaar op een andere wijze aan de vereiste te voorzien in ruimte voor laden en/of lossen en stallingsvoorziening voor fietsen wordt voldaan, of het gebruik geen aanleiding geeft tot het aanwezig zijn van dergelijke voorzieningen. 7. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen ten aanzien van de aard, plaats en inrichting van de lid 1 genoemde voorzieningen. 8.