Bijlage 3 Voorlopige jaarstukken 2024 Rogplus
Tekst van het document
3.1.2
Financiële kengetallen
De volgende tabel toont de financiële kengetallen die gemeenten en gemeenschappelijke regelingen, conform het BBV, op moeten nemen in de begroting en de jaarstukken.
26
Kengetal netto schuldquote netto schuldquote, gecorrigeerd voor verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit
31-12-2024 2,10% 2,10% 0,00% 0,00% nvt nvt
31-12-2023 1,02% 1,02% 0,00% 0,00% nvt nvt
+ Netto schuldquote. Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het is een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximumnorm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. In de situatie van Rogplus ligt dit percentage aanzienlijk lager omdat Rogplus geen eigen middelen heeft. Rogplus verstrekt geen leningen. De netto schuldquote, gecorrigeerd voor verstrekte leningen is daarom gelijk aan de (niet gecorrigeerde) netto schuldquote. + Solvabiliteitsratio. Dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin Rogplus in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid. Deze ratio wordt bepaald door het eigen vermogen af te zetten tegen het balanstotaal. Rogplus heeft geen eigen vermogen. De solvabiliteitsratio is daarom 0%. Vanwege de wijze waarop Rogplus gefinancierd wordt (de gemeenten betalen het verschil tussen de totale kosten en de eigen bijdragen van cliënten), is een solvabiliteitsratio van 0% in het geval van Rogplus niet problematisch. + Structurele exploitatieruimte.
Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte er is om de eigen lasten te dragen of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Dit kengetal wordt bepaald door het saldo van structurele lasten en baten af te zetten tegen de totale baten. Omdat in het geval van Rogplus de (structurele) lasten en baten aan elkaar gelijk zijn, is dit kengetal voor Rogplus per definitie 0%. Rogplus exploiteert geen gronden en heft geen belastingen. De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn daarom niet van toepassing voor Rogplus.
3.2 Financiering Algemeen Met ingang van 1 januari 2001 is de Wet financiering decentrale overheden (wet Fido), door de Provincie omgedoopt in financieringsstatuut, van kracht geworden. De financiële sturing en beheersing (treasuryfunctie) wordt als volgt gedefinieerd: Het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op: de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s.
27
Sinds 1 januari 2022 is Rogplus een Gemeenschappelijke Regeling als Openbaar Lichaam. Sinds dit jaar doet Rogplus daarom aan schatkistbankieren.
In- en externe ontwikkelingen Gezien de manier waarop Rogplus gefinancierd wordt, is in 2024 geen beroep gedaan op de kapitaalmarkt om geldleningen aan te trekken. De in- en uitgaande kasstromen, die voortvloeien uit de normale exploitatie, zijn goed te beheersen. De maandelijks voortschrijdende liquiditeitsprognose is het voornaamste instrument om het liquiditeitsrisico te beperken. Het liquiditeitsoverschot is risicoarm uitgezet bij de bank. In 2024 heeft Rogplus inkomsten uit rente ontvangen.
Kasgeldlimiet De kasgeldnorm bepaalt hoeveel kasgeld Rogplus gemiddeld mag hebben geleend in een kwartaal, zoals vastgelegd in de wet. In het volgende schema zijn de normen opgenomen. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
2.498,03 Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
957
429
419
423
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
1.541
2.069
2.079
2.075
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
(2)
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
124.902 124.902 -
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het Drempelbedrag drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
2.498,03
Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
87.088
39.072
38.587
38.896
91
91
92
92
957
429
419
423
Sinds de verandering van de governancestructuur van stichting naar Gemeenschappelijke Regeling als Openbaar Lichaam in 2022 is Rogplus verplicht tot schatkistbankieren. Schatkistbankieren is bedoeld voor instellingen die een wettelijke of publieke taak uitvoeren en hiervoor gelden van het Rijk ontvangen. Dit houdt in dat zij de publieke gelden aanhouden bij het ministerie van Financiën.
28
Rogplus heeft geen langlopende leningen. De renterisiconorm is daarom niet van toepassing.
3.3 Bedrijfsvoering 3.3.1
Kengetallen Wmo
Aantal cliënten en voorzieningen Voor alle hieronder staande tabellen geldt dat een cliënt gedurende een jaar recht en/of levering kan hebben gehad bij meerdere MVS-gemeenten. Het aantal unieke cliënten van de drie gemeenten bij elkaar opgeteld kan daarom hoger zijn dan het totaal aantal unieke cliënten voor heel MVS omdat deze cliënt in het totaal maar één keer geteld wordt.
Totaal aantal unieke cliënten met recht
Aantal nieuwe cliënten met recht
Een cliënt wordt als nieuwe cliënt gezien als deze cliënt in het betreffende jaar voor het eerst (sinds 2015) één of meerdere WMO-voorzieningen heeft.
29
Aantal unieke cliënten met recht en levering, excl. WMO-vervoer
Gebruik WMO-vervoer
Aantal inwoners per gemeente (bron: CBS)
De tabellen geven per voorziening aan hoeveel cliënten in 2023 en 2024 een indicatie voor de voorziening hadden en hoeveel cliënten daadwerkelijk gebruik hebben gemaakt van de voorziening. Er zit verschil tussen deze twee indicatoren omdat niet alle cliënten de indicatie verzilveren. Ter vergelijking zijn de aantallen cliënten afgezet tegen de totalen en de aantallen 65+’ers in de MVS-gemeenten.
30
De volgende tabel toont de leeftijdsverdeling van de cliënten van Rogplus. Meer dan 70 procent van de cliënten is 65+.
Cliënten kunnen tegelijkertijd indicaties hebben voor voorzieningen uit verschillende begrotingsonderdelen. De volgende tabel geeft weer voor hoeveel verschillende begrotingsonderdelen cliënten een indicatie hebben.
Ievo en Wmo-vervoer Sinds augustus 2023 verzorgen Trevvel en Willemsen De Koning de ritten in samenwerking met het vervoersloket van Munckhof. Vanuit het vervoerloket is gewerkt aan reizigersprofielen voor cliënten die gebruik willen maken van Wmo-vervoer. In 2024 zijn er 155.453 ritten met ievo gereden. Dit is een toename van bijna 10% ten opzichte van 2023 (141.902 ritten). Het vervoer van het aantal personen over 2024 kwam uit op 179.269 tegenover 163.141 personen in 2023. Ook hier is het verschil 10%. Sinds de ingang van de nieuwe contracten is een toename te zien in het aantal ritten en het aantal vervoerde passagiers. Een verklaring hiervoor is dat de nieuwe leveranciers meer chauffeurs beschikbaar hebben dan de oude leverancier. Het aantal ritten blijft nog wel achter bij de periode van voor de COVID 19-pandemie en de coronamaatregelen: in 2019 bedroeg het aantal ritten nog 217.153. Dit is vergelijkbaar met het landelijke beeld waarvoor nog geen direct aanwijsbare oorzaak bekend is.
31
Tegemoetkoming meerkosten In 2024 heeft Rogplus ruim 3000 aanvragen verwerkt, waarvan 2772 zijn uitgevoerd. Dit is vergelijkbaar met de aantallen van 2023. Beschikkingen tegemoetkoming meerkosten
LI
ER
Totaal
Maassluis
241
620
861
Vlaardingen
298
605
903
Schiedam
326
682
1008
Totaal
865
1.907
2.772
Aantal beschikkingen De volgende tabel toont de beschikkingen van Rogplus in 2024: Aantal toekenningen
Negatieve beschikkingen
32
Doorlooptijd beschikkingen Het uitgangspunt van Rogplus is zo snel mogelijk de melding of aanvraag af te handelen. Als uit een gespreksverslag blijkt dat een maatwerkvoorziening een oplossing kan bieden voor de hulpvraag, dient binnen twee weken na ontvangst van de aanvraag de beschikking afgegeven te worden. De tabel hieronder geeft de gemiddelde doorlooptijd per voorziening of regeling in dagen. Het gewogen gemiddelde (er wordt rekening gehouden met het totaal aantal beschikkingen) van de doorlooptijd is 17,9 werkdagen. De volgende tabel geeft de gemiddelde doorlooptijd per soort voorziening weer.
De langere doorlooptijd bij woonvoorzieningen wordt veroorzaakt door het opvragen van offertes voor woningaanpassingen. In het geval van een huurwoning moet een eventuele verhuurder bovendien van tevoren geïnformeerd worden en de gelegenheid krijgen om te reageren. Bij tegemoetkoming meerkosten komt de hoge doorlooptijd door personeelskrapte in het eerste half jaar van 2024. In het laatste kwartaal is de achterstand helemaal ingehaald.
3.3.2
Kengetallen Jeugdhulp
De volgende tabellen geeft een overzicht van respectievelijk de aantallen unieke cliënten die in 2024 via een beschikking voor specialistische jeugdhulp (verwijszorg) hebben gehad en de aantallen unieke cliënten die specialistische jeugdhulp hebben ontvangen. De totaaltellingen in deze tabel zijn meestal niet de som van de onderdelen. Dit komt, omdat een cliënt meerdere vormen van jeugdhulp kan ontvangen, omdat een cliënt die in 2024 binnen de MVS-gemeenten is verhuisd in meerdere gemeenten is geregistreerd en omdat in crisissituaties ook hulp kan worden ingezet als een cliënt nog geen beschikking heeft.
33
Productcode 40-Persoonlijke verzorging 41-Dagbehandeling 43-Jeugdhulp verblijf (incl. behandeling) 44-Jeugdhulp verblijf (excl. behandeling) 45-Jeugdhulp ambulant 46-Jeugdhulp crisis 51-Generalistische basis-ggz 53-Kindergeneeskunde 54-Jeugd-ggz Nog niet gespecificeerd Unieke cliënten
Productcode 40-Persoonlijke verzorging 41-Dagbehandeling 43-Jeugdhulp verblijf (incl. behandeling) 44-Jeugdhulp verblijf (excl. behandeling) 45-Jeugdhulp ambulant 46-Jeugdhulp crisis 51-Generalistische basis-ggz 53-Kindergeneeskunde 54-Jeugd-ggz Nog niet gespecificeerd Unieke cliënten
Jeugdhulp beschikt Maassluis Vlaardingen Schiedam
0 66 24 44 312 3 67 69 327 58 653
1 154 70 161 743 7 181 266 892 142 1.644
0 143 76 136 623 13 112 210 839 157 1.478
Totaal
1 363 170 341 1.678 23 360 545 2.058 357 3.775
Jeugdhulp geleverd en betaald Maassluis Vlaardingen Schiedam Totaal
0 62 23 43 290 3 53 52 300 0 610
1 143 70 154 673 7 140 184 818 0 1.519
0 142 72 130 563 11 89 140 746 0 1.353
1 342 162 324 1.517 21 281 375 1.858 0 3.462
Naast de in de tabellen gepresenteerde aantallen cliënten hebben in 2024 83 cliënten jeugdhulp ontvangen op basis van een PGB. Dit waren er 17 in Maassluis, 31 in Vlaardingen en 35 in Schiedam. Ook hebben kinderen en jeugdigen in de MVS-gemeenten 258 kinderen en jeugdigen jeugdhulp ontvangen op basis van landelijk ingekochte trajecten (LTA). Dit gaat om 42 cliënten in Maassluis, 112 in Vlaardingen en 104 in Schiedam. De verantwoording van jeugdhulp op via LTA wordt door de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) gedaan en niet door Rogplus.
3.3.3
Klachten en bemiddelingen
Klachten Klachten worden onderverdeeld in interne en externe klachten. Interne klachten betreffen de eigen organisatie en de externe klachten gaan over producten en dienstverlening van gecontracteerde aanbieders. Interne klachten worden door kwaliteitsmedewerkers
34
afgehandeld volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Externe klachten worden door de aanbieders zelf behandeld volgens hun eigen protocol. Rogplus volgt en registreert de klacht en bemiddelt indien nodig. Zowel formele als informele klachten worden conform de Awb afgehandeld. Is de cliënt niet tevreden, dan kan deze zich wenden tot de Ombudsman. Klachten
Intern
Extern
2023
2024
2023
2024
Formeel
5
1
1
0
Informeel
24
27
221
176
Totaal
29
28
222
176
Van de in totaal 204 klachten (28 intern en 176 extern) zijn er 84 gegrond verklaard, 44 ongegrond, 45 deels gegrond, 21 neutraal en 10 nog in behandeling. In 2024 zijn er 28 klachten over Rogplus ontvangen. Dit is één minder dan in 2023. Minder dan de helft van deze klachten is gegrond verklaard. De klachten betreffen bejegening, onvoldoende onderzoek en het overschrijden van de wettelijk termijn van 6 weken voor afhandeling. Bij alle klachten wordt er hoor en wederhoor toegepast, zodat alle betrokken partijen ervan op de hoogte zijn dat er naar een oplossing wordt gezocht. Van de 176 externe klachten zijn er 76 gegrond verklaard, Dit is een flinke daling ten opzichte van 2023. Ongeveer de helft van de klachten is gegrond verklaard. Een kwart is ongegrond verklaard en in 2024 zijn er relatief meer klachten deels gegrond verklaard. Opvallend is dat bij de rolstoelleveranciers en bij het Wmo-vervoer vaker klachten deels gegrond dan ongegrond worden verklaard. De meest voorkomende klachten zijn: + Geen zorg of voorziening ontvangen; + Weken tot maanden op zorg of voorziening moeten wachten; + Slechte communicatie naar de cliënt. De meeste klachten hadden betrekking op bepaalde thuiszorgaanbieders. Zij hebben vooral moeite met het bieden van zorgcontinuïteit. Het gevolg is dat bij een ziekmelding van een medewerker een client soms een maand zonder ondersteuning zit.
Ook nemen de wachtlijsten steeds meer toe. Daardoor zijn aanbieders niet in staat om binnen twee weken de gevraagde zorg te leveren. De meeste klachten gaan over de aanbieders van Schoon Huis, het Wmo-vervoer (ievo) en de rolstoelleveranciers.
35
Schoon Huis In 2024 hadden de aanbieders van Schoon Huis opnieuw problemen met de continuïteit van de roosters. Dit leidde tot klachten over het ontbreken van een vaste hulp, wachtlijsten en cliëntenstop. Dit bemoeilijkte ook het overstappen naar een andere aanbieder. De meeste klachten vonden plaats in het derde kwartaal in de zomerperiode, door personeelstekorten. Hoewel de wachtlijsten eind 2024 zijn afgenomen, leidde dit niet tot minder klachten. Ievo In 2024 daalden de klachten over het Wmo-vervoer, maar er was wel een piek in het vierde kwartaal door de seizoendrukte in december en mogelijke capaciteitsproblemen. Ook de opdracht vanuit Rogplus om de ritten functioneler te plannen, kan invloed hebben gehad op het aantal klachten. De meeste klachten kwamen uit Schiedam, wat mogelijk komt door de verkeersdrukte in deze regio. Rolstoelleveranciers De klachten over Welzorg en Medipoint zijn in 2024 gehalveerd ten opzichte van 2023. Hoewel er nog problemen zijn met de (technische) service op rolvoorzieningen, leidde dit minder vaak tot klachten dan voorheen.
Bemiddelingen Bemiddeling wordt ingezet wanneer er geen klacht is, maar een cliënt en de aanbieder gezamenlijk geen oplossing vinden. Dan volgt een gesprek om de gebeurtenissen, verwachtingen en mogelijkheden te bespreken. Dit geeft beide partijen inzicht, wat meestal positieve effecten heeft. In het jaar 2024 hebben er 59 bemiddelingen plaatsgevonden, tegenover 60 in 2023. Sinds 2020 is het aantal bemiddelingen fors gestegen. Dit is in 2024 gestabiliseerd. De meeste bemiddelingen vonden plaats tussen cliënten en de aanbieders van Schoon huis, gevolgd door Zorg Samen. De belangrijkste reden voor bemiddeling is ongewenst gedrag van cliënten, zoals seksueel grensoverschrijdend gedrag, manipulatie, schelden en bedreigen. Ook werden er meldingen gedaan van een onveilige en/of onhygiënische werkomgeving. Team kwaliteit merkt een toename van complexe situaties waarin cliënten zorg weigeren of onrealistische eisen stellen. In sommige gevallen is de zorg beëindigd. Team kwaliteit merkt een toenemende vraag van zorgaanbieders om de zorg te beëindigen. Het protocol zorgbeëindiging wordt in toenemende mate gebruikt. Dit wijst enerzijds op meer bewustwording, maar anderzijds is het zorgelijk dat de zorg niet goed op gang komt.
36
3.3.4
Kwaliteitszorg
Kwaliteitsonderzoeken Team kwaliteit voerde in 2024 kwaliteitsonderzoeken uit op het gebied van de Algemene voorziening Schoon Huis, Beschermd Wonen, Wmo verslaglegging en Ondersteuningsplannen Jeugd. Elk kwaliteitsonderzoek wordt afgesloten met aanbevelingen. Daarnaast zijn de cliënt ervaringsonderzoeken (CEO's) voor Wmo en Jeugd uitgevoerd het team.
Rechtmatigheidscontroles en Uitstroom Team kwaliteit voert elk kwartaal dossiercontroles (audits) uit in opdracht van de accountant, waarbij wordt gecontroleerd of de indicatie juist is afgegeven en of de cliënt de afgesproken ondersteuning ontvangt. In 2024 zijn er 131 casusaudits uitgevoerd, waarbij de PDCA-cyclus (Plan-Do-Act-Check) wordt toegepast om verbeteringen door te voeren. Daarnaast controleert Team kwaliteit de dossiers van cliënten die uitstromen bij ZorgSamen. In 2024 zijn steekproefsgewijs 83 dossiers van uitstromende cliënten gecontroleerd om te verifiëren of deze correct zijn afgerond.
Beroep en bezwaar In 2024 zijn er in totaal 53 bezwaarschriften ingediend. Hiervan waren 44 bezwaren gericht tegen een besluit in het kader van de Wmo, 8 bezwaren in het kader van de Jeugdwet en 1 bezwaar in het kader van de Wet open overheid (Woo). Daarnaast is er in 2024 2 maal over een ingebrekestelling beslist. Van de in 2024 ingediende bezwaarschriften is de uitkomst als volgt: + 14 ongegrond; + 1 (gedeeltelijk) gegrond; + 25 ingetrokken; + 13 nog in behandeling op 31 december 2024. In 2024 zijn 24 bezwaarschriften afgehandeld die in 2023 zijn ingediend. Hiervan zijn er 10 ongegrond verklaard, 7 ingetrokken en 7 niet ontvankelijk verklaard. In 2024 zijn er 5 beroepsschriften ingediend en 1 voorlopige voorziening (vovo), die is afgewezen. De 5 beroepsschriften waren op 31 december 2024 nog in behandeling bij de rechtbank Rotterdam. In 2024 is 1 beroepsprocedure uit 2023 afgehandeld, die ongegrond is verklaard. 2 beroepszaken uit 2023 waren op 31 december 2024 nog in behandeling bij de rechtbank Rotterdam. In 2024 zijn er geen hoger beroepsschriften ingediend. Wel is in 2024 1 hoger beroepsschrift uit 2022 afgehandeld en 5 uit 2023. Hiervan is 1 hoger beroep ongegrond verklaard, 2 niet ontvankelijk en 2 ingetrokken. 6 procedures, zowel bezwaarschriften, beroepsschriften als een ingebrekestelling zijn door 1 client ingediend. Deze betreffen Jeugdhulp.
37
De bezwaarmakers in 2024 zijn als volgt verdeeld: Vlaardingen (23), Schiedam (21) en Maassluis (9).
Wet Open Overheid Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet is in de plaats getreden van de Wet openbaarheid bestuur (Wob). Het voorstel voor de Wet Open Overheid (Woo) werd in 2012 ingediend door de politieke partijen GroenLinks en D66. De wet is bedoeld om overheden transparanter te maken en moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. Het grote verschil tussen de huidige Woo en de Wob is de actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. Voor passieve openbaarmaking (openbaarmaking op verzoek) volgde het initiatiefwetsvoorstel vrijwel geheel de Wob. In 2024 is er slechts één Woo-verzoek ingediend. Tegen het besluit over dit Woo-verzoek is een bezwaarschrift ingediend. Tegen de beslissing over bezwaar is vervolgens beroep ingesteld bij de Rechtbank Rotterdam. Deze zitting zal in 2025 plaatsvinden. Alhoewel de WOO op 1 mei 2022 in werking is getreden, gelden de verplichtingen om steeds meer overheidsinformatie actief openbaar te maken niet direct vanaf die datum. Omdat dit veel werk en aanpassing van systemen kost, gebeurt dit in kleine stappen. De Afdeling Juridische Zaken en de Afdeling Communicatie van Rogplus hebben gezamenlijk in kaart gebracht welke informatie van welke datum openbaar gemaakt moet zijn.
Voor een Gemeenschappelijke Regeling gold de verplichting om per 1 november 2024 informatie openbaar te maken met betrekking tot ‘organisatie en werkwijze’ en ‘bereikbaarheidsgegevens’. Op 14 oktober 2024 heeft de afdeling Juridische Zaken, na overleg met de manager bedrijfsvoering, opdracht gegeven aan het bedrijf ‘Daadkracht’ om de Woo-index te vullen met de informatie die verplicht openbaar gemaakt moest worden vanaf 1 november 2024. Op 30 oktober 2024 heeft Daadkracht laten weten dat de gegevens in de Woo-index zijn aangevuld en dat Rogplus voldoet aan de eisen die de Woo per 1 november 2024 stelt.
3.3.5
Personeel en organisatie
Onderstaand overzicht toont de bezetting op 31-12-2024: Bezetting
Aantal 2023 Aantal 2024
Directie/Staf
13
15
FTE 2023 12,0
FTE2024 13,6
Uitvoering
47
56
41,5
49,0
Bedrijfsvoering
43
45
37,0
40,4
Totaal
103
116
90,5
103,1
Naast de vaste formatie is in 2024 gemiddeld 13,90 fte ingezet door externe bureaus. Deze inhuur was nodig voor de ontlasting van teams met een hoge werkdruk, de
38
vervanging van langdurig zieken en voor moeilijk in te vullen vacatures (ICT, consulenten WMO).
Strategisch plan Eind 2024 hebben directie, MT en alle medewerkers een start gemaakt met een nieuw strategisch plan. Door middel van medewerkersbijeenkomsten is input opgehaald voor de strategie, missie, visie en de leidende principes van Rogplus. Tijdens een tweedaagse bijeenkomst zijn directie en het breed MT, onder begeleiding van Fazili Consulting, aan de slag gegaan met de input. Zo wordt het strategisch plan uiteindelijk een voor iedereen bij Rogplus herkenbare leidraad die bij onze manier van werken past. De verwachting is dat het strategisch plan in het eerste kwartaal 2025 gereed is.
Medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) In het tweede kwartaal van 2024 heeft er een medewerkerstevredenheidsonderzoek plaatsgevonden. Het onderzoek is uitgevoerd door onderzoeksbureau Baker Tilly. De respons was 87%. Alle thema’s scoorden bovengemiddeld als het gaat om de tevredenheid van medewerkers. De meeste waardering kregen de thema’s werkomstandigheden, werkbeleving en werkplezier. In het derde kwartaal van 2024 zijn de resultaten en de aanbevelingen tijdens een medewerkersbijeenkomst toegelicht. Ook is tijdens deze bijeenkomst in de vorm van een workshop input van de medewerkers opgehaald om te bedenken hoe we de tevredenheid kunnen behouden en vergroten. Rogplus neemt verschillende maatregelen om de tevredenheid van medewerkers te vergroten op het gebied van leiderschap, interne communicatie, arbeidsvoorwaarden en onderlinge samenwerking. De maatregelen worden opgenomen in de (strategisch) jaarplannen van 2025.
HR21 Rogplus startte in het vierde kwartaal met de voorbereiding van de overstap naar een ander functiewaarderingsysteem. Reden hiervoor is dat het huidige bewerkelijke en verouderde systeem (ODRP-functiewaarderingssysteem). Na een zorgvuldige afweging en in overeenstemming met de ondernemingsraad (OR) is besloten tot de overstap naar het functiewaarderingsysteem HR21. HR21 is hét functiewaarderingssysteem voor de sector Gemeenten en wordt dan ook geadviseerd in de cao van de Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (SGO). De verwachting is dat HR21 uiterlijk in het vierde kwartaal 2025 ingevoerd is.
Rogplus Academie In het kader van de strategisch P&O thema’s ‘binden, boeien en groeien van (nieuwe) medewerkers, is in 2024 is een projectgroep samengesteld om een leer- en ontwikkelplatform op te richten. Dit platform biedt alle medewerkers de kans om zich continu te ontwikkelen, kennis te delen en te vergroten en hun talenten optimaal te benutten. De verwachting is dat de Rogplus Academie in het derde kwartaal van 2025 van start gaat.
39
Inhuur externe medewerkers via broker en uitzendbureau De afgelopen jaren huurde Rogplus externe medewerkers direct bij de betrokken bureaus in (detacherings- en uitzendbureaus). In verband met de Europese aanbestedingsrichtlijnen en het eigen inkoopbeleid heeft Rogplus gekozen voor het inhuren van externe medewerkers via twee kanalen vanaf 1 april 2024. Brokerdienst Flinter zorgt voor de inhuur van (specialistische) functies (vanaf schaal 8 en hoger). Uitzendbureau Randstad is verantwoordelijk voor de inhuur van functies tot en met schaal 7.
Ontwikkelingen afdelingen Alle afdelingen hebben zich in het afgelopen jaar ingezet om verder te bouwen aan een organisatie die wendbaar, innovatief en toekomstbestendig is. Zo is er veel aandacht besteed aan digitalisering, innovatie, integrale samenwerking, in- externe communicatie en data gedreven werken.
Eerste contactpersoon voor het Wijkondersteuningsteam Schiedam (WOT) Vanaf 2 april 2024 is de frontoffice van Rogplus het eerste contactpunt voor het Wijkondersteuningsteam Schiedam. Dit betekent dat cliënten vanaf dat moment niet meer iemand van de Zorgcentrale aan de lijn krijgen maar de collega’s van de frontoffice. Het belangrijkste doel hiervan is dat de cliënt beter te woord gestaan wordt. De overdracht van werkzaamheden is soepel verlopen en de medewerkers van de frontoffice zijn getraind om de werkzaamheden goed uit te kunnen voeren.
Aanvragen leerlingenvervoer Vanaf 2 april 2024 komen aanvragen van het leerlingenvervoer niet meer binnen bij de gemeenten (MVS), maar direct bij Rogplus. Zowel de aanvraag met indicatiestelling, als wijzigingen, vragen en klachten worden vanaf 2 april alleen nog door Rogplus afgehandeld. Dit doet Rogplus voor alle drie de MVS-gemeenten. De gemeenten behandelen de bezwaren voor het leerlingenvervoer. De inhoudelijke beoordeling van aanvragen voor leerlingenvervoer was belegd bij de afdeling Bedrijfsvoering maar is in het vierde kwartaal 2024 ondergebracht bij de afdeling Uitvoering om onder andere de continuïteit beter te waarborgen. De afdeling bedrijfsvoering blijft de backofficetaken voor het leerlingenvervoer uitvoeren.
Vitaliteit In 2024 heeft de vitaliteitswerkgroep weer allerlei activiteiten georganiseerd waarbij aandacht is besteed aan zowel mentale als fysieke vitaliteit.
40
Ziekteverzuim Een overzicht van het ziekteverzuim over 2024 geeft het volgende beeld. Afdeling
2023 incl.zw
2024 incl. zw.
2023 excl. zw
2024 excl. zw
Directie/Staf
1,30%
2,00%
1,30%
2,00%
Uitvoering
6,40%
4,00%
6,40%
4,00%
Bedrijfsvoering
7,10%
9,00%
6,40%
8,20%
Totaal
8,60%
5,60%
5,90%
5,20%
Terugkijkend naar 2023 is het verzuimpercentage in 2024 met 0,7% gedaald. Net als het voorgaande jaar wordt het verzuimpercentage met name beïnvloed door langdurig verzuim. Rogplus en arbodienst Ammerlaan ARBO zijn tevreden met de samenwerking. De samenwerking wordt dan ook in 2025 voortgezet.
3.3.6
Informatisering en automatisering
ZorgNed Medio 2024 werd de applicatie RondOm inclusief cliëntportaal overgezet van On Premise naar Software as a Service (SaaS) van Zorgned. Dit betekent dat de applicatie niet meer draait op servers van PQR maar op de servers van ZorgNed. Dit betekent ook dat de aanpassingen in de toekomst niet meer door de ICT-afdeling van Rogplus uitgevoerd wordt, maar door ZorgNed zelf. Rogplus was nog een van de weinige organisaties die gebruik maakte van de applicatie On Premise. De gegevens zijn nu beter beveiligd en de omgeving is nog stabieler geworden door deze verandering.
Cliëntportaal www.mijn.rogplus.nl en DigiD In april is de DigiD-koppeling van Rogplus gecontroleerd door een gespecialiseerd bureau. Na de controle is het cliëntportaal ontkoppelt van DigiD. De controle liet zien dat de inrichting van de netwerkomgeving onvoldoende veilig is en ook een aantal controleprocedures bleken onvoldoende. Door de SaaS-toepassing zijn 14 van de 21 aandachtspunten ondergebracht bij ZorgNed. Rogplus kan met een Third Party Memorandum (TPM-verklaring) aantonen dat het cliëntportaal veilig is opgebouwd. Het is de bedoeling dat het cliëntportaal vanaf 1 april 2025 weer actief is. Cliënten kunnen het leerlingenvervoer vanaf dat moment weer digitaal aanvragen. Ook kan later in het jaar het portaal verder ingericht worden in het kader van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (wmebv).
Vergaderapparatuur Rogplus heeft in 2024 haar verouderde vergadersysteem vervangen. Hierdoor is het mogelijk om makkelijker en beter digitaal / hybride te vergaderen. De systemen hangen in
41
vijf ruimtes. Er is dus ook sprake van een uitbreiding van het systeem. Er kan nu op meer plekken vergaderd worden via een groot scherm in combinatie met Microsoft Teams.
Topdesk Sinds 2023 maakt Rogplus gebruik van Topdesk voor het verwerken van de ICTmeldingen. In 2024 is Topdesk verder in gebruik genomen. De meldingen worden geclassificeerd. Ook de hardware en software worden in Topdesk geregistreerd. Topdesk beschikt ook over een selfservice-portaal en change management. De inrichting van het portaal en opzetten van change management zullen in 2025 verder uitgerold worden.
Doorontwikkeling werkprocessen RondOm In 2024 is voor Mevis een intensief hulpverleningsproces gebouwd. Ook werd er een proces voor de Yets-coaches (jongerennetwerk) gebouwd, specifiek voor thuiszitters. Daarnaast werden de mogelijkheden voor E-health (digitale zorg) uitgebreid. Een aanpassing voor de wijkteams zorgde voor een makkelijkere indicatiestelling voor Meedoen in de Stad. Ook konden in 2024 voor het eerst formulieren automatisch worden ingelezen in RondOm. Voor de afdeling kwaliteit zijn processen gebouwd in RondOm. Hierdoor worden de klachten op cliëntniveau geregistreerd en verwerkt.
RBAC (Rol Based Acces) Rogplus heeft voor het uitgeven van de rechten en rollen een overzicht opgesteld waarin per medewerker de toegang tot mailboxen, applicaties en het netwerk is omschreven. Deze RBAC maakt het mogelijk om betere controles op de uitgegeven accounts uit te voeren.
Dashboards In 2024 zijn opnieuw dashboards voor de WMO gebouwd en omgebouwd. Zo zijn de bestaande dashboards uit het DIM-model (Destiny Item Manager) omgezet naar de BITool (Business Intelligence). Dashboards die niet werden gebruikt zijn verwijderd en de licenties om toegang te krijgen tot de dashboards zijn opnieuw ingedeeld. Mevis heeft Aspectu gevraagd om de dashboards voor de jeugdwet te bouwen. Hiervoor werd een semantische verbinding (visuele weergaven) opgezet tussen de database, Zorgned en Aspectu.
3.3.7
Informatiebeveiliging en privacy
Scholing privacy In 2024 konden medewerkers van Rogplus zich weer inschrijven voor een nieuwe training over privacy. Deze scholing heeft Rogplus verplicht gesteld voor alle medewerkers en wordt ieder jaar, al dan niet in andere vorm, herhaald. Dit jaar is er gekozen voor een interactieve training waarbij cyber security en samenwerken centraal stonden.
42
Loggingbeleid Er zijn verschillende dossiers gecontroleerd in 2024 op basis van (mogelijke) incidenten. Hierbij zijn geen onregelmatigheden aangetroffen. Daarnaast worden er steekproeven gedaan zonder dat daar een aanleiding voor is. In 2024 zijn er op basis van de steekproeven geen onrechtmatigheden geconstateerd. Registratie datalekken In 2024 zijn 13 datalekken gemeld bij de functionaris gegevensbescherming van Rogplus. Hierbij gaat het voornamelijk om menselijke fouten als verkeerd verzonden e-mails of brieven. De datalekken zijn geregistreerd in het datalekkenregister. Ieder datalek is op de juiste wijze afgehandeld. Er zijn diverse aanpassingen gedaan in werkprocessen om herhaling te voorkomen. Dossieraanvragen Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) In 2024 zijn er zes dossieraanvragen geweest. Twee dossieraanvragen bleken na een telefoontje geen dossieraanvraag. De cliënten wilden een kopie van het indicatierapport. Eén dossieraanvraag is ingetrokken door een cliënt. Eén dossieraanvraag was niet voor Rogplus bedoeld maar voor Stroomopwaarts. Over één dossieraanvraag is een besluit genomen. Dit dossier is opgestuurd. In december is één dossieraanvraag binnengekomen. Deze wordt afgehandeld in 2025. Informatiebeveiligingsbeleid Het informatiebeveiligingsbeleid is in 2024 bijgewerkt en aangeboden aan het MT.
Dit nieuwe beleid is een voorbereiding op de nieuwe BIO-versie (v2, nog in concept). Het nieuwe beleid neemt meer van de ICT-omgeving mee, waaronder het beleid om het bestand met leveranciers goed te kunnen beheren. Dit is voor Zorgned een belangrijk punt omdat Rogplus dit niet meer intern beheert, maar uitbesteed heeft. 3.3.8
Financieel beheer
Financieel beleid De voornaamste taak van de financiële functie is het adviseren en ondersteunen van het bestuur, het management en de MVS-gemeenten op het gebied van financiën. Het doel daarbij is de ambities en verantwoordelijkheden waar te maken onder de voorwaarde van een evenwichtige financiële huishouding nu en in de toekomst. De voornaamste onderdelen hiervan zijn de samenstelling en tijdige aanlevering van de planning en control producten (P&C): kadernota, begroting, tussenrapportages en jaarstukken.
Planning & control In 2024 heeft Rogplus elk kwartaal een financiële voortgangsrapportage opgesteld en besproken in de financiële overleggen met de gemeenten. De tussenrapportages dienen als input voor de aanlevering van financiële gegevens aan het CBS. De begroting voor 2024 is driemaal gewijzigd om beter aan te sluiten op voortschrijdende inzichten in het beroep op de Wmo in de MVS-gemeenten en om de budgetten voor Jeugdhulp goed in de
43
begroting op te nemen. Zowel de jaarstukken van 2023 als de begroting voor 2025 zijn gepubliceerd op de website.
Accountantsverklaring jaarstukken 2023 Rogplus heeft geen goedkeurende verklaring gekregen voor haar jaarstukken over 2023. De accountant heeft een oordeel met beperking gegeven. De (enige) reden hiervoor is dat Rogplus het verschil tussen de uitgaven van Mevis over 2023 en de begrote bijdrage aan Mevis voor dat jaar niet in de jaarcijfers 2023 heeft verwerkt. Dit is op voorspraak van en in overleg met de MVS-gemeenten gedaan met het doel de raden van de gemeenten beter de betrekken bij de besluitvorming over de bekostiging van dit verschil (€ 3,8 miljoen). De accountant heeft geoordeeld dat dit in strijd is met het beginsel dat kosten moeten worden verantwoord in het boekjaar waarin de geleverde prestaties plaats hebben gevonden. Rogplus beoogt alle kosten, die betrekking hebben op 2024, inclusief de kosten voor de Jeugdhulp, in de jaarstukken 2024 te verantwoorden. De gemeenten en raden zijn in de tweede helft van 2024 geïnformeerd over de verandering van de verantwoording van de uitgaven voor de jeugdhulp.
3.3.9
Rechtmatigheid Wmo en bedrijfsvoering Rogplus
Rogplus is in 2024 zijn meer processen in de applicatie Comm’ant vastgelegd en interne controles uitgevoerd. Sommige controles hebben geleid tot verbeteringen van processen en procedures. Zo is een begin gemaakt met risicogerichte controles. Eind 2024 is de financiële verordening voor 2025 door het algemeen bestuur vastgesteld 2025. Deze vervangt het document ‘Regeling financieel beleid’. Concrete verbeteringen in 2024: + Jaarlijkse actualisatie normenkader rechtmatigheid; + Jaarlijkse actualisatie controleprotocol; + Risicomanagement; + Risicoanalyse; + Verdere ontwikkeling in sturingsinformatie. Het dagelijks bestuur geeft in deze jaarrekening een rechtmatigheidsverantwoording. Deze verantwoording heeft betrekking op drie criteria: begrotingscriterium, voorwaardencriterium en het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium. Conform het BBV gaat de paragraaf Bedrijfsvoering in op deze rechtmatigheidscriteria.
Begrotingscriterium Het begrotingscriterium heeft betrekking op het financiële handelen binnen het kader van de geautoriseerde begroting. Volgens het BBV worden afwijkingen in de jaarrekening herkenbaar opgenomen en toegelicht.
44
De derde begrotingswijziging van december 2024 voorzag in een verhoging van het budget Jeugdhulp als gevolg van het toegenomen beroep op de jeugdhulp. Hiervoor is in overeenstemming met de BBV een voorziening ‘aanvullend budget jeugdhulp 2024’ voor de verwachte uitgaven voor de jeugdhulp voorgesteld. Daarna zijn in februari 2025 in de vierde kwartaalrapportage 2024 de voorlopige totale lasten van 2024 gepresenteerd met een beperkte overschrijding van de actuele begroting. Hierdoor is er geen sprake van een begrotingsonrechtmatigheid.
Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op eisen aan financiële beheerhandelingen. Deze zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving, zowel intern als extern. De financiële stromen in Rogplus, waarbij aan het voorwaardencriterium moet worden voldaan, zijn tweeledig: zorgkosten en uitvoeringskosten.
Uitvoeringskosten Voor de uitvoering van de taken, die bij Rogplus zijn belegd, worden naast inzet van eigen personeel ook externe partijen ingeschakeld zoals externe inhuur, (medisch) advies en de accountantscontrole. Bij deze kosten gaat het om aanbestedingsrechtmatigheid. De senioradviseur inkoop en contractmanagement is strikt in de naleving van de aanbestedingsregels. Voor controle op aanbestedingsrechtmatigheid voert Rogplus een uitgaveanalyse (spendanalyse) uit, waarmee wordt nagegaan of de werkelijke bestedingen in lijn zijn met aangegane overeenkomsten. Uit deze analyse komen geen onrechtmatigheden naar voren. Wel wordt voor HRC (project powerful ageing) en ZorgNed (bedrijfsautomatisering) een beroep gedaan op uitzonderingsregels. Verder zijn in 2024 voorbereidingen gestart voor de volgende Europese aanbestedingen: + IT-hardware (april 2025); + Salarisadministratie (maart 2025); + Medische advisering (april 2025); + Accountantsdiensten (april 2025); + Schoonmaakdiensten (mei 2025); + MVS-leerlingen en jeugdhulpvervoer (juni 2025).
Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Hierbij gaat het met name om fraude. Het belangrijkste risico zit in het betalingsverkeer. De interne beheersingsmaatregelen zijn sterk gericht op het uitsluiten van frauduleuze betalingen en ook de werking van deze maatregelen wordt gecontroleerd. Er was daarnaast geen sprake van signalen van misbruik, oneigenlijk gebruik of fraude. Op grond van de maatregelen kan worden geconstateerd dat Rogplus voldoet aan het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium.
45
3.3.10
Rechtmatigheid jeugdhulpopdracht
Sinds 2023 is de toeleiding tot de Jeugdwet in de MVS-gemeenten belegd bij Mevis. De bekostiging van Mevis verloopt via Rogplus. De (begrote en werkelijke) uitgaven van Rogplus bestaan sindsdien voor een belangrijk deel uit de voorschotten aan Mevis en de afrekening daarvan. De rechtmatigheidsverantwoording van Rogplus heeft daarom (ook) betrekking op de bekostiging van Mevis. Als onderdeel van de rechtmatigheidsverantwoording moet Rogplus uitspraak doen over de financiële rechtmatigheid van de besteding van deze middelen. Zoals aangegeven in de Kadernota Rechtmatigheid van de Commissie BBV houdt dit in dat verstrekte voorzieningen moeten worden getoetst op recht, hoogte en duur. Onder meer vanwege de AVG heeft Rogplus beperkt toegang tot informatie over cliënten van Mevis en de ondersteuning die zij krijgen. Met name voor de toets op de duur van de verstrekte voorzieningen (prestatielevering) is Rogplus afhankelijk van door Mevis uit te voeren controlewerkzaamheden. Rogplus heeft opdracht verstrekt aan Mevis om de voor de rechtmatigheidsverantwoording van Rogplus noodzakelijke controlewerkzaamheden uit te voeren.
Recht De toets op recht op zorg voor de cliënten, die in de MVS-gemeenten ondersteuning krijgen op basis van de Jeugdwet, bestaat uit twee onderdelen: 1. Toeleiding. In het kader van het jaarrekeningwerk moet worden getoetst of de toegang tot ondersteuning vanuit de Jeugdwet zorgvuldig is verlopen. Voor een steekproef bij 80 cliënten moet op grond van de ondersteuningsplannen wordt gecontroleerd of is voldaan aan de tien stappen van de Centrale Raad van Beroep voor zorgvuldig onderzoek voor toegang tot de Jeugdwet. Mevis voert deze controle uit. De controle kan niet door Rogplus worden gedaan omdat Mevis ondersteuningsplannen alleen geanonimiseerd mag delen met Rogplus. Bij anoniem gedeelde plannen zijn de gecontroleerde dossiers niet ter herleiden naar de items in de steekproef. Mevis mag voor de controle dezelfde steekproefitems gebruiken als die zij voor haar eigen jaarrekeningwerk moet controleren. Voor de overige groepen (zorgcontinuïteit, PGB en jeugdhulpvervoer) heeft Rogplus de controle op zorgvuldigheid wel zelf uitgevoerd. 2. Woonplaatsbeginsel. Cliënten van Mevis moeten volgens het actuele woonplaatsbeginsel onder de verantwoordelijkheid vallen van één van de MVSgemeenten. Als onderdeel van de registratie van de cliënt in RondOm wordt automatisch de inschrijving van de cliënt in de basisregistratie personen (BRP) gecontroleerd.
Jaarlijks voert de accountant van Rogplus in het kader van de
46
interimcontrole een IT-audit uit. Als onderdeel hiervan is vastgesteld dat de BRPcontrole bij de inschrijving van cliënten goed functioneert. Aanvullend op de IT-audit controleert Rogplus met een steekproef bij 80 cliënten of de cliënt onder de verantwoordelijkheid van één van de MVS-gemeenten valt. Op deze steekproef is dezelfde onderverdeling van toepassing als hiervoor genoemd bij ‘Toeleiding’. De bevindingen van deze controles zijn op het moment van opstellen van de voorlopige jaarstukken nog niet bekend. Deze worden in de definitieve jaarstukken gepresenteerd.
Hoogte De jeugdhulpopdracht aan Mevis is door de MVS-gemeenten verstrekt op basis van populatiebekostiging. Een controle op de kosten van de jeugdhulp op cliëntniveau is daarom niet relevant voor de rechtmatigheidsverantwoording van Rogplus. Wel draagt Rogplus zorg voor de aansluiting van het in de jaarrekening verantwoorde totaalbedrag op de afspraken daarover met Mevis.
Duur De toets van de duur van de verstrekte voorziening wordt uitgevoerd door te controleren of de prestatielevering in overeenstemming is met de voor de jeugdhulp geldende wet- en regelgeving en de afgegeven beschikking. Vanwege de taakverdeling tussen Mevis en Rogplus en de AVG kan Rogplus deze controle niet zelfstandig uitvoeren en moet Rogplus kunnen steunen op een toets op de prestatielevering door Mevis. Mevis moet daarom voor een steekproef bij 80 cliënten op basis van controles aantonen dat aan deze cliënten jeugdhulp is geleverd binnen de kaders van de Jeugdwet en (wanneer aanwezig) de verstrekte beschikking. In de steekproef moet rekening worden gehouden met het onderscheid tussen jeugdhulp in de wijkteams, verwijszorg en crisishulpverlening. Mevis mag hiervoor dezelfde steekproefitems gebruiken als die zij voor haar eigen jaarrekeningwerk moet controleren. De bevindingen van deze controles zijn op het moment van opstellen van de voorlopige jaarstukken nog niet bekend. Deze worden in de definitieve jaarstukken gepresenteerd.
Rol accountant Mevis De accountant van Mevis rapporteert in het accountantsverslag over de jaarstukken van Mevis richting Mevis over de verrichte werkzaamheden. Elementen vanuit de memo aan Rogplus over de controlebevindingen van Mevis kunnen daarin terugkomen, zoals de aanpak van de controle, de aantallen gecontroleerde dossiers en de uitkomsten en conclusies van de controles. De accountant van Mevis kan Mevis machtigen om de specifieke passages uit het accountantsverslag te delen met Rogplus. De accountant van Mevis voert geen specifieke controle uit op de memo van Mevis aan Rogplus met de controlebevindingen.
47
Zodoende heeft Rogplus inzicht in de wijze waarop de jaarrekeningcontrole bij Mevis, specifiek de controle van de geleverde zorg door onderaannemers, zich verhoudt tot de rapportage die Mevis aanlevert bij Rogplus op basis van de verstrekte opdracht van Rogplus aan Mevis.
48
JAARREKENING 4
Balans
BALANS Boekjaar 2024 Activa
31-12-2024
31-12-2023
Vaste activa Materiële vaste activa Overige materiële vaste activa
408.938
423.437
Totaal vaste activa
408.938
423.437
Uitzettingen Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen
1.187.400 4.945.931 819.360
1.662.600 6.742.234 376.614
Liquide middelen Kas en banksaldi
425.723
1.315.158
Overlopende activa Overige overlopende activa
1.034.287
444.348
Totaal vlottende activa
8.412.701
10.540.955
TOTAAL
8.821.639
10.964.392
Vlottende activa
Passiva
31-12-2024
31-12-2023
Vaste passiva Eigen vermogen Bestemmingsreserves
0
0
Vreemd vermogen Voorzieningen
0
0
Totaal vaste passiva
0
0
Vlottende schulden Overige vlottende schulden
2.579.308
744.772
Overlopende passiva Vooruit ontvangen bijdragen van overige overheden Overige overlopende passiva
3.783.574 2.458.756
6.194.272 4.025.348
Totaal vlottende passiva
8.821.639
10.964.392
TOTAAL
8.821.639
10.964.392
Vlottende passiva
49
5.
Rechtmatigheidsverklaring
Inleiding De baten, lasten en balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Hieruit blijkt een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Die betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik-criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur van Rogplus toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik-criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door de het dagelijks bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 19 december 2024 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door algemeen bestuur bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 72.000,-.
Bevinding Het dagelijks bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. De geconstateerde afwijkingen betreffen: + De kosten van enkele aanbieders zijn aanbestedingsplichtig. Hier is inmiddels actie op ondernomen. + De overschrijdingen op de budgetten van de diverse programma’s zijn hoger dan € 72.000,-. Deze worden toegelicht in deze jaarstukken. Dit wordt niet gezien als een onrechtmatigheid aangezien er tot driemaal toe een begrotingswijziging is aangeboden en vastgesteld door het algemeen bestuur. + De controle op de rechtmatigheid van de uitgaven voor de door Mevis uitgevoerde jeugdhulp is deels uitgevoerd. Daardoor kan nog geen oordeel worden gegeven over de jeugdhulpuitgaven. In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie het onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
50
6
Overzicht van baten en lasten 6.1
Uitgangspunten
Rogplus verzorgde in 2024 voor de deelnemers aan de Gemeenschappelijke Regeling Rogplus de uitvoering van de Wmo individuele verstrekkingen, Beschermd Wonen en het contract- en informatiemanagement voor de Jeugdwet. In opdracht van de MVSgemeenten heeft Rogplus in 2024 ook backofficetaken voor jeugdhulp en leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer uitgevoerd. De uitgaven en de kosten van Rogplus worden ten laste gebracht van de volgende BBV-taakvelden: 0.4 Overhead 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) 6.71a Huishoudelijke hulp (WMO) 6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO) 6.72a Jeugdhulp begeleiding 6.72b Jeugdhulp behandeling 6.72c Jeugdhulp dagbesteding 6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig 6.73a Pleegzorg 6.73b Gezinsgericht 6.73c Jeugdhulp met verblijf overig 6.74a Jeugdbehandeling GGZ zonder verblijf 6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf 6.74c Gesloten plaatsing 6.81a Beschermd Wonen 6.82b Jeugdreclassering De inkomsten bestaan uit bijdragen in de kosten (hierna: eigen bijdragen) voor verschillende Wmo-voorzieningen, bijdragen van cliënten voor vervoer met het Wmovervoer (ievo), bijdragen van cliënten aan de Aanvullende Algemene Voorziening Schoon Huis, een bijdrage van Mevis voor door Rogplus geleverde diensten, rente-inkomsten en bijdragen van de drie
MVS-gemeenten. De gemeentelijke bijdrage is het verschil tussen de uitgaven en de overige inkomsten van Rogplus. Rogplus heeft op grond hiervan per definitie een sluitende begroting.
51
Deze inkomsten worden verantwoord onder de volgende BBV-taakvelden: 0.8 Overige baten en lasten 6.6 Maatwerkvoorziening (WMO) 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 6.71a Huishoudelijke hulp (WMO) 6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO) 6.81a Beschermd Wonen De programmaverantwoording is opgesteld volgens het stelsel van baten en lasten. Voor zover mogelijk zijn alle directe verplichtingen uit de in 2024 ingediende aanvragen verwerkt in het resultaat. Hiertoe zijn alle bekende verplichtingen meegenomen en verwerkt in de jaarcijfers. In deze jaarstukken zijn de uitgaven van Rogplus als positieve bedragen opgenomen en de inkomsten als negatieve. Deze worden voorafgegaan door het teken ‘-‘. Medio 2023 is de primaire begroting 2024 van Rogplus vastgesteld. Op basis van voortschrijdende inzichten is de begroting 2024 van Rogplus drie keer gewijzigd. De begrotingswijzigingen zijn gespecificeerd in de bijlagen
6.2 Totaaloverzicht Baten/
Werkelijk
Begroot
Begroot
Werkelijk
Lasten
Programma
2023
Primair 2024
3e wijziging 2024
2024
Lasten
Wmo
53.380.993
55.895.200
57.133.000
57.029.337
Beschermd Wonen
5.706.936
6.021.600
6.142.000
5.878.922
Jeugdhulp
63.828.681
58.170.500
87.338.700
90.105.740
Overhead
4.393.823
4.814.300
5.322.800
5.303.467
Totaal Lasten Baten
Totaal Baten Eindtotaal
127.310.433
124.901.600
155.936.500
158.317.465
Bijdrage Gemeente Maassluis
18.511.627
19.582.700
24.079.100
24.273.944
Bijdrage Gemeente Vlaardingen
57.033.466
54.347.800
68.707.500
69.514.813
Bijdrage Gemeente Schiedam
49.096.772
48.483.900
60.248.100
61.437.713
Bijdragen cliënten
2.192.849
2.370.200
2.404.800
2.495.095
Overige inkomsten
475.720
117.000
497.000
595.901
127.310.433
124.901.600
155.936.500
158.317.465
0
0
0
0
De totale lasten van Rogplus over 2024 zijn per saldo € 2.380.965 hoger dan begroot. De inkomsten uit eigen bijdragen van cliënten (inclusief bijdragen voor het Wmo-vervoer) en de overige inkomsten zijn € 189.196 hoger uitgevallen dan begroot. Het totaal van de gemeentelijke bijdragen valt € 2.191.770 hoger uit dan begroot. Inherent aan de financieringswijze van Rogplus is het resultaat € 0.
52
Baten en lasten per BBV-taakveld: Baten/
Taakveld BBV
Lasten Lasten
Totaal Baten Eindtotaal
Begroot
Begroot
Werkelijk
2023
Primair 2024
3e wijziging 2024
2024
0.4 Overhead
4.393.823
4.814.300
5.322.800
5.303.467
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
113.475
119.800
129.100
129.225
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
108.388
139.700
192.500
183.365
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
12.636.046
12.191.100
17.982.400
17.929.824
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
11.873.137
11.223.300
13.130.700
12.783.875
6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)
23.868.481
25.839.400
25.257.200
26.038.624
6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO)
17.240.121
18.345.200
18.044.300
17.539.293
6.72a Jeugdhulp begeleiding
11.366.555
10.391.600
15.231.500
18.461.857
6.72b Jeugdhulp behandeling
8.842.749
8.147.600
11.782.000
2.481.657
6.72c Jeugdhulp dagbesteding
3.515.945
3.120.500
4.800.500
10.453.193
6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig
554.910
491.500
756.600
0
6.73a Pleegzorg
3.526.449
3.131.400
4.846.400
5.723.862
6.73b Gezinsgericht
9.211.394
8.172.000
12.651.700
3.256.878
6.73c Jeugdhulp met verblijf overig
1.757.871
1.561.000
2.415.800
9.652.989
6.74a Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf
6.071.227
5.396.900
8.283.600
15.051.356
6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf
3.235.770
2.875.400
4.449.800
4.010.758
6.74c Gesloten plaatsing
2.854.210
2.534.600
3.922.500
3.438.320
6.81a Beschermd Wonen
5.706.936
6.021.600
6.142.000
5.878.922
6.82b Jeugdreclassering
432.947
384.700
595.100
0
127.310.433
124.901.600
155.936.500
158.317.465
Totaal Lasten Baten
Werkelijk
0.8 Overige baten en lasten
-125.117.585
-122.531.400
-153.531.700
-155.822.370
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
-597.885
-786.700
-679.100
-734.533
6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)
-875.299
-861.800
-928.300
-975.545
6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO)
-485.516
-479.800
-522.400
-551.556
6.81a Beschermd Wonen
-234.149
-241.900
-275.000
-233.461
-127.310.433
-124.901.600
-155.936.500
-158.317.465
-0
0
0
0
53
Baten en lasten per BBV-taakveld per programma: Programma
Baten/
Taakveld BBV
Lasten Wmo
Lasten
Wonen
Totaal Lasten Baten
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
290.866
347.600
508.300
484.180
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
11.873.137
11.223.300
13.130.700
12.783.875
6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)
23.868.481
25.839.400
25.257.200
26.038.624
6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO)
17.240.121
18.345.200
18.044.300
17.539.293
53.380.993
55.895.200
57.133.000
57.029.337
-51.422.294
-53.766.900
-55.003.200
-54.767.703
6.6 Maatwerkvoorziening (WMO)
-597.885
-786.700
-679.100
-734.533
6.71a Huishoudelijke hulp (WMO)
-875.299
-861.800
-928.300
-975.545
6.71d Overige maatwerkarrangementen (WMO)
-485.516
-479.800
-522.400
-551.556
-53.380.993
-55.895.200
-57.133.000
-57.029.337
0.8 Overige baten en lasten
-0
0
0
0
5.706.936
6.021.600
6.142.000
5.878.922
5.706.936
6.021.600
6.142.000
5.878.922
0.8 Overige baten en lasten
-5.472.787
-5.779.700
-5.867.000
-5.645.461
Totaal Beschermd Wonen
Totaal Baten
-233.461 -5.878.922
0
0
-0
119.800
129.100
129.225
6.2 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
12.345.180
11.843.500
17.474.100
17.445.644
6.72a Jeugdhulp begeleiding
11.366.555
10.391.600
15.231.500
18.461.857
6.72b Jeugdhulp behandeling
8.842.749
8.147.600
11.782.000
2.481.657
6.72c Jeugdhulp dagbesteding
3.515.945
3.120.500
4.800.500
10.453.193
6.72d Jeugdhulp zonder verblijf overig
554.910
491.500
756.600
0
6.73a Pleegzorg
3.526.449
3.131.400
4.846.400
5.723.862
6.73b Gezinsgericht
9.211.394
8.172.000
12.651.700
3.256.878
6.73c Jeugdhulp met verblijf overig
1.757.871
1.561.000
2.415.800
9.652.989
6.74a Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf
6.071.227
5.396.900
8.283.600
15.051.356
6.74b Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf
3.235.770
2.875.400
4.449.800
4.010.758
6.74c Gesloten plaatsing
2.854.210
2.534.600
3.922.500
3.438.320
6.82b Jeugdreclassering
432.947
384.700
595.100
0
63.828.681
58.170.500
87.338.700
90.105.740
-63.828.681
-58.170.500
-87.338.700
-90.105.740
-63.828.681
-58.170.500
-87.338.700
-90.105.740
0
0
0
0
0.4 Overhead
4.393.823
4.814.300
5.322.800
5.303.467
4.393.823
4.814.300
5.322.800
5.303.467
0.8 Overige baten en lasten
-4.393.823
-4.814.300
-5.322.800
-5.303.467
0.8 Overige baten en lasten
Totaal Lasten Baten
-275.000 -6.142.000
0
Totaal Jeugdhulp Lasten
-241.900 -6.021.600
113.475
Totaal Baten Overhead
-234.149 -5.706.936
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
Totaal Lasten Baten
183.365
6.81a Beschermd Wonen
6.81a Beschermd Wonen
Lasten
2024
192.500
Totaal Baten Jeugdhulp
Werkelijk
3e wijziging 2024
139.700
Totaal Wmo Lasten
Begroot
Primair 2024
108.388
Totaal Baten Beschermd
Begroot
2023 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
Totaal Lasten Baten
Werkelijk
-4.393.823
-4.814.300
-5.322.800
-5.303.467
Totaal Overhead
0
0
0
0
Eindtotaal
0
0
0
0
54
6.3 Doorberekening gemeenten De totale kosten van Rogplus worden verdeeld over de drie gemeenten (Maassluis, Schiedam en Vlaardingen) en afgerekend. Ter financiering van de lopende uitgaven wordt maandelijks een voorschot verkregen op deze eindafrekening. Bij de toerekening van de kosten gaat per programma als volgt: + Wmo. De kosten worden per gemeente geregistreerd en op basis van werkelijkheid ten laste van de woonplaats van de cliënt berekend. Voor Wmo-vervoer zijn de kosten verdeeld op basis van het aantal ritten en kilometers per gemeente. De directe opbrengsten en eigen bijdragen zijn in mindering gebracht op de kosten. + Beschermd Wonen. De uitvoering van Beschermd Wonen voor Maassluis, Vlaardingen en Schiedam valt vanaf 1 januari 2015 onder de verantwoordelijkheid van centrumgemeente Vlaardingen. De gemaakte kosten worden per gemeente geregistreerd maar verantwoord aan de centrumgemeente Vlaardingen. + Jeugdhulp. De bijdragen aan Mevis worden over de MVS-gemeenten verdeeld volgens de daarvoor in de ‘herijking 2022’ vastgelegde verdeling. De uitgaven voor jeugdhulp op basis van zorgcontinuïteit, jeugdhulp op basis van het PGB en jeugdhulpvervoer worden, net als bij Wmo-voorzieningen, per gemeente geregistreerd en op basis van werkelijkheid ten laste van de woonplaats van de cliënt gebracht. + Overhead.
Conform de Gemeenschappelijke Regeling worden deze kosten over de gemeenten verdeeld aan de hand van de in de volgende paragraaf genoemde verdeelsleutel.
Verdeelsleutels De verdeelsleutel van de kosten van de overhead in 2024 over de drie gemeenten is afgestemd met de financiële commissie. Uitgangspunt is hierbij een evenwichtige verdeling op basis van een aantal kengetallen. De verdeelsleutel van de kosten van de uitvoering over de drie gemeenten wordt bepaald op basis van de vastgestelde kengetallen. Dit zijn: + Het aantal pashouders voor het Wmo-vervoer; + Het aantal unieke cliënten; + Het aantal aanvragen. In de begroting 2024 is per gemeente, per kengetal het aantal bepaald voor het laatst afgesloten jaar. Voor de begroting 2024 is dit 2022. Per kengetal wordt de verhouding tussen de drie gemeenten berekend. Vervolgens wordt het gewogen gemiddelde berekend voor het aandeel van de gemeenten. Het gewogen gemiddelde wordt afgerond op halve procenten.
55
De verdeling van de kosten is in 2024 gebaseerd op de volgende verdeelsleutel: + Maassluis 20,0 % + Vlaardingen 40,0 % + Schiedam 40,0 % Voor de uitgaven voor het contract met Mevis geldt de kostenverdeling, zoals deze is afgesproken door de MVS-gemeenten. De herijking van de opdrachtwaarde op basis van de realisatie 2022 leidt tot de volgende verdeelsleutel: + Maassluis: 15,6 % + Vlaardingen: 42,4 % + Schiedam: 42,0 % De verdeelsleutel voor het budget voor de backofficetaken leerlingenvervoer en jeugdhulpvervoer is gebaseerd op het aantal vervoerde kinderen in het laatst afgesloten jaar. Dit leidt tot de volgende verdeelsleutel: + Maassluis: 22,0 % + Vlaardingen: 38,8 % + Schiedam: 39,2 % Doorberekening aan de gemeenten: Werkelijk
Begroot
Begroot
Werkelijk
Gemeente
Programma
2023
Primair 2024
3e wijziging 2024
2024
Maassluis
Wmo
9.134.562
9.527.500
9.900.300
Beschermd Wonen
-
-
-
9.701.486 -
Jeugdhulp
8.629.491
9.092.300
13.190.200
13.608.364
Overhead
747.574
962.900
988.600
964.094
Totaal Maassluis
18.511.627
19.582.700
24.079.100
24.273.944
Vlaardingen
Wmo
21.355.436
22.096.600
22.656.100
22.532.015
Beschermd Wonen
5.472.787
5.779.700
5.867.000
5.645.461
Jeugdhulp
28.467.638
24.545.800
38.207.300
39.406.566
Overhead
1.737.604
1.925.700
1.977.100
1.930.771
Totaal Vlaardingen
57.033.466
54.347.800
68.707.500
69.514.813
Schiedam
20.932.295
22.142.800
22.446.800
22.534.202
Wmo Beschermd Wonen Jeugdhulp Overhead
26.608.715
24.415.400
35.824.200
36.973.809
1.555.762
1.925.700
1.977.100
1.929.702
Totaal Schiedam
49.096.772
48.483.900
60.248.100
61.437.713
Eindtotaal
124.641.865
122.414.400
153.034.700
155.226.470
Ten opzichte van de derde gewijzigde begroting vallen de bijdragen van de drie gemeenten in totaal € 2.454.770 hoger uit. De bijdrage van Maassluis is € 194.844 hoger dan begroot, Vlaardingen € 807.313 en Schiedam € 1.189.613.
56
6.4 Onvoorzien Rogplus heeft in 2024 geen posten als onvoorzien aangemerkt en geboekt.
6.5 Incidentele baten en lasten Rogplus heeft in 2024 geen posten als significante incidentele lasten aangemerkt. Een incidentele baat is de vergoeding van de inzet van de projectleider voor het project deelscootmobielen uit een specifieke uitkering (SPUK IZA) die de gemeenten hebben ontvangen en hiervoor in kan worden gezet. Dit betreft een bedrag van € 52.500.
57
7
Toelichtingen 7.1
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Ook is de jaarrekening in overeenstemming met de Wet normering topinkomens (WNT) opgesteld. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. De activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden alleens genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's, die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend waren. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegelden verlofaanspraken en dergelijke.