094c bijlage Startversie en analyse document PPLG
Tekst van het document
heden te realiseren.
bootcamps en durfsporten – op te vangen. De exacte opgave verschilt per regio. Zo is de recreatieve druk in
Ook als we inrichting, beheer en bereikbaarheid van de
Noord-Holland Noord minder groot, hoewel sommige
huidige natuur- en recreatiegebieden optimaliseren, zal
recreatiegebieden ook daar incidenteel of structureel
het niet mogelijk zijn om de volledige recreatiebehoefte
overbelast zijn. Met name in de Metropoolregio
hier op te vangen. We moeten dus ook nieuwe recreatie
Amsterdam zal de druk de komende jaren sterk
voorzieningen creëren. Waar mogelijk combineren we
toenemen. In 2050 is in Noord-Holland sprake van een
dit met de aanleg van het Natuurnetwerk Nederland,
tekort van ruim 5.000 hectare recreatieruimte.41
bossen en groenblauwe dooradering, locaties voor waterberging met strandjes en zwemgelegenheid,
Wij vinden het belangrijk om recreatie een plek te geven
nieuwe verdienmodellen in de agrarische sector –
in alle gebiedsprocessen. Voor elk van de vijf programma
inclusief boerenland-, vlonder- of laarzenpaden – en
gebieden brengen we uiterlijk begin 2024 zowel de
een groene, meer duurzame inrichting van bedrijven
recreatiebehoefte, als de kansen voor recreatieve
terreinen. In alle gebiedsprocessen verdient het
voorzieningen in kaart. De resultaten betrekken we bij
verbeteren van het recreatieve routenetwerk voor
de ontwikkeling van de uitvoeringsprogramma’s (zie
wandelen, fietsen en varen aandacht, aangezien we
hoofdstuk 5). Wij beschouwen het tekort aan recreatie
hiermee een goede verbinding tussen stedelijk en
ruimte niet als separate ruimtelijke opgave. In plaats
landelijk gebied bevorderen. Na afronding van het
daarvan willen wij de recreatiebehoefte deels opvangen
wandelnetwerk op Texel is ons wandel- en fietsnetwerk
in de huidige natuur- en recreatiegebieden, en deels
provinciedekkend. We volgen hoe het netwerk wordt
nieuwe recreatievoorzieningen creëren door slimme
benut en hoe we dit kunnen optimaliseren.
41 Bureau BUITEN en Bureau voor Ruimte & Vrije Tijd Onderzoek (2022). Natuur- en Recreatiegebieden Noord-Holland.
Buitengewoon Noord-Holland!
Loosdrecht
48
Provincie Noord-Holland
49
Buitengewoon Noord-Holland!
Provincie Noord-Holland
3 VAN DATA TOT INZICHT 3.1 Inleiding
Context
Werken aan een vitaal landelijk gebied kan alleen met de juiste data, informatie, kennis en inzicht.
Inzicht
Zo maken we de goede keuzes, weten we of we
bv: Dit jaar is 300 ha nieuw natuurgebied gerealiseerd. Dat is meer dan vorig jaar. Omdat de grondprijs stijgt, zullen we aanvullend budget Kennis moeten vrijbv: Dit jaar is maken. 300 ha nieuw natuur-
Ervaring
Samenhang
onze doelen halen en kunnen we desgewenst bijsturen. Dit hoofdstuk beschrijft hoe we dit borgen. Wij gaan daarbij uit van het volgende model (afbeelding 12).
3.2 Data en informatie
Betekenis
Informatie
gebied gerealiseerd. Dat is meer dan vorig jaar.
bv: Dit jaar is 300 ha nieuw natuurgebied gerealiseerd.
Data/ gegevens
Samen met het Rijk, kennisinstellingen en
bv: 300 ha natuurgebied.
regionale partners verzamelen wij data en infor
Begrip
matie die nodig zijn om de voortgang, resultaten
en effecten te volgen van ons beleid en onze maat regelen. We beginnen niet op nul: er is al enorm
Afbeelding 12. Kennismodel: van data tot inzicht
3.3 Kennis en inzicht
gelijktijdig met het definitieve PPLG vaststellen,
Eén van de kenmerken van een transitie is dat nog
staat hoe wij de huidige monitoringsstelsels – van
niet alle antwoorden bekend zijn. Dat betekent
onszelf en van andere overheden en kennisinstel
veel beschikbaar. In de Datastrategie PPLG, die we
dat leren belangrijk is: samen weten we meer dan
lingen – voor natuur, stikstof, water en klimaat
alleen. Als we onze successen en fouten delen
gebruiken en verder ontwikkelen. Een speerpunt
staan we sterker. Nieuwe kennis en inzicht doen
in de Datastrategie is het slim combineren van
we op door lerend evaluatieonderzoek en door
data en informatie. Dat past bij de integraliteit
gezamenlijke reflectie, zowel in
van onze opgave en zo ontstaan nieuwe kennis en
beleidsontwikkeling als in de gebiedsprocessen.
inzichten. Daarnaast leggen we een relatie met
Een mooi voorbeeld zijn de ‘living labs’, waar we
andere ruimtelijke opgaven. In schema 9 staan
samen met partners onderzoek uitvoeren en
de vijf principes die in de Datastrategie worden
geleerde lessen delen en opschalen. Het living lab
uitgewerkt.
Dijkland, nabij Spaarnwoude, is het eerste voorbeeld. Hier werken we samen met soortenorganisaties, agrarische ondernemers, overheden en kennisinstellingen zoals de Vrije
Principe 1
Ruimtelijk inpassen: Met alle beschikbare data en informatieproducten dragen wij zo optimaal mogelijk bij aan het ruimtelijk inpassen van het PPLG met de andere ruimtelijke opgaven van de provincie. We maken inzichtelijk of de uitvoering van de opgaven ruimtelijk mogelijk is en waar keuzes gemaakt moeten worden.
Principe 2
Monitoren & modelleren: Wij zorgen er samen met partners voor dat de noodzakelijke monitors en modelleringen zijn ingericht, passend bij de gemaakte landelijke afspraken, zodat de voortgang inzichtelijk is evenals de impact van het voorgenomen beleid.
Principe 3
Beschikbaarheid van data: Wij hebben de benodigde data voor de opgaven binnen het landelijk gebied tot onze beschikking en digitaal toegankelijk gemaakt.
Principe 4
Harmonisatie & standaardisering: We zetten in op het ontwikkelen van een eenduidig begrippenkader, één taal, omtrent datagedreven werken, zodat we in staat zijn om heldere afspraken te maken rondom dataverzameling, -(her)gebruik, -beheer, en -delen.
Principe 5
Vernieuwen van data en digitale technologie: We signaleren kansen en risico’s omtrent innovatie op data- en digitaliseringsgebied en vertalen deze naar concrete producten en acties, waardoor we blijven vernieuwen in data- en digitale technologie.
Schema 9. Vijf principes voor de Datastrategie PPLG
Buitengewoon Noord-Holland!
50
Provincie Noord-Holland
Universiteit. Om processen zoals deze te faciliteren
zowel van onszelf als partners – gemakkelijk toeganke
hebben we een (digitale) Atlas Vitaal Landelijk Gebied
lijk op één online plek. We zorgen voor verwijzingen
samengesteld, die openbaar toegankelijk is. In de
naar data die al zijn ontsloten door het Rijk en we sluiten
jaarlijkse Strategische Evaluatie- en Onderzoeksagenda PPLG
aan bij vergelijkbare ontwikkelingen op landelijk
programmeren we evaluaties en onderzoeken. We stellen
niveau. Zo worden ook data, informatie en kennis van
de Strategische Evaluatie- en Onderzoeksagenda
landelijke kennisinstellingen, zoals het Planbureau
tegelijkertijd vast met het definitieve PPLG.
voor de Leefomgeving, het RIVM en universiteiten,
3.4 Kennis- en dataportaal Gelijktijdig met de vaststelling van het definitieve PPLG lanceren we een Kennis- en dataportaal. Dit portaal maakt data, informatie en kennis over het landelijk gebied –
Afbeelding 13. Een screenshot uit de Atlas Vitaal Landelijk Gebied
gemakkelijk vindbaar.
51
Buitengewoon Noord-Holland!
Provincie Noord-Holland
4 PARTICIPATIE 4.1 Uitgangspunten voor participatie De toekomst van het landelijk gebied raakt ons allemaal. Ieder van ons heeft zijn of haar wensen, belangen, ideeën, kennis en ervaring. Daarom maken we dit PPLG samen. We waarderen ieders
betrokkenheid en vinden het belangrijk dat iedereen zijn of haar inbreng kan leveren. De vele goede suggesties zorgen voor een beter resultaat.
Bij de totstand koming van het PPLG volgen wij onze uitgangspunten voor participatie. Omdat het PPLG veel verschillende doelgroepen kent, In totaal hebben 5.500 mensen deelgenomen
participatie vorm te geven.
aan de raadpleging: 3.600 deelnemers aan de
passen we verschillende methoden toe om deze
open raadpleging en 1.900 mensen in het representatieve panel.
Deze startversie is exact wat het woord zegt: de start van een reis. De datum van 1 juli 2023 is een tussenstop, geen eindstation. Ook na 1 juli is nog
Om de inwonersraadpleging onder de aandacht
volop ruimte voor gesprek, nieuwe inzichten,
te brengen hebben we advertenties geplaatst in
aanpassingen en concretisering.
huis-aan-huis-bladen, in bussen en op social media. Op Bevrijdingspop in Haarlem konden
4.2 inwonerraadpleging
bezoekers op de foto bij een zuil over de raad pleging. We hebben onze partners, zoals
Hollanders kunnen meedenken over de toekomst
gemeenten, agrarische organisaties, natuur
van het landelijk gebied. Daarom hebben van
organisaties en recreatieorganisaties, actief
21 april tot en met 26 mei een online inwonersraad
geïnformeerd: velen van hen deelden de
pleging uitgevoerd. Deelnemers werden als het
raadpleging ook zelf ook op hun kanalen.
We vinden het belangrijk dat alle Noord-
ware ‘op de stoel van de bestuurder’ gezet. Door het toekennen van punten konden ze aangeven
Resultaten en waardering
wat zij belangrijk vonden. Zo is hen gevraagd voor
Uit de raadpleging komt naar voren dat zowel
welke vraagstukken in het landelijk gebied de
inwoners van het landelijk gebied als inwoners
provincie zich moet inspannen. Er waren tien
van het stedelijk gebied vinden dat de provincie
opties, zoals de kwaliteit van natuur, recreatie
zich het meest moet inspannen voor een gezonde
en de uitstoot van schadelijke stoffen. Ook is hen
leefomgeving, een goed watersysteem en
gevraagd hoe de toekomst van het landelijk gebied
verbetering van de biodiversiteit. Beide groepen
eruit zou moeten zien. Naast het verdelen van
willen meer bomen en bossen zien en meer ruimte
de punten konden deelnemers hun keuzes ook
voor water. Daarnaast vinden zij het belangrijk
toelichten.
dat er meer ruimte wordt gemaakt voor agrarische ondernemers die duurzaam willen werken. De
We hebben de inwonersraadpleging ontwikkeld
eindrapportage met volledige resultaten is te
in samenwerking met vertegenwoordigers van
lezen via een link in de bijlage. Op verschillende
gemeenten, waterschappen, landbouw-, natuur-
plaatsen in het PPLG verwijzen we naar de
en recreatieve organisaties en ondernemers. Er
uitkomsten van de inwonersraadpleging.
was zowel een open raadpleging, waaraan alle Deelnemers waardeerden de raadpleging met het
als een representatief panel. De laagdrempelig
rapportcijfer 7,6. Van hen vond 82% dat de
heid was een sterk punt van de inwonersraad
provincie deze methode vaker moet inzetten om
pleging. Deelname kostte ongeveer 20 minuten.
inwoners te betrekken bij beleidsontwikkeling.
inwoners van Noord-Holland konden meedoen,
52
Buitengewoon Noord-Holland!
Provincie Noord-Holland
Van alle deelnemers vond 78% dat zij door de raadpleging
betrokken: het Noord-Hollandse deel van het Groene Hart
leerden over de keuzes die de provincie moet maken. En
was één van de pilotregio’s. Wij zien de sociaalecono
73% gaf aan dat deze keuzes makkelijker te accepteren
mische impactanalyse als een mogelijkheid om samen
zijn als de provincie op deze manier inwoners betrekt.
met partners te bespreken welke mogelijke effecten het
Ook 73% gaf aan dat zij op deze manier meer vertrouwen
PPLG heeft op de brede welvaart in de provincie en in de
krijgt in de overheid. Dergelijk hoge scores bieden
gebieden. Omdat we participatie serieus nemen voeren
aanknopingspunten om deze manier van participatie
we na 1 juli, samen met onze partners, sociaalecono
vaker in te zetten, ook bij ander provinciaal beleid.
mische impactanalyses uit op de maatregelpakketten die we willen indienen voor middelen uit het Transitiefonds
4.3 Sociaaleconomische impactanalyse
(zie hoofdstuk 8). De resultaten van deze analyses verwerken we in het definitieve PPLG. Na vaststelling van
De transitie in het landelijk gebied heeft ook een
het definitieve PPLG voeren we sociaaleconomische
sociaaleconomische component: het gaat over de
impactanalyses uit in de vijf PPLG-programmagebieden.
toekomst van mensen die er wonen, werken en hun vrije tijd doorbrengen. Daarom brengen we de sociaaleco
De filosofie achter de sociaaleconomische impactanalyse
nomische impact van het PPLG in kaart, oftewel het
sluit goed aan bij onze Brede Basismonitor (zie afbeel
effect op de zogeheten ‘brede welvaart’, in kaart. Dit
ding 14). Om toekomstige effecten van beleidsmaat
soort analyses is in opmars, maar ook deels nog terra
incognita. Het Centraal Planbureau, Sociaal en Cultureel
regelen op de brede welvaart goed te kunnen bepalen, moeten we weten hoe de huidige situatie is. Onze Brede
Planbureau en Planbureau voor de Leefomgeving
Basismonitor schetst deze op tien thema’s voor onze
schrijven erover: “Het is belangrijk dat politiek en beleid
provincie, regio’s en gemeenten. De komende jaren
realistische verwachtingen hebben van de mogelijk
blijven wij de Brede Basismonitor gebruiken om de
heden om toekomstige effecten van beleid op brede
effecten van ons beleid te volgen.
welvaart, en hun onderlinge samenhang, in kaart te brengen. Een bredewelvaartsa nalyse die over de hele
4.4 Roadshow en conferenties
linie van brede welvaart integraal vooruitkijkt naar
Tijdens de ‘PPLG-roadshow’ hebben we tientallen
toekomstige onderlinge effecten van beleid bestaat nog
gesprekken gevoerd met belanghebbenden. We gingen
nergens ter wereld. Nederland pioniert.”
langs bij belangenorganisaties, stuurgroepen van
42
gebiedsprocessen, gemeenten, waterschappen en andere partners. Het doel was (en blijft) om zoveel mogelijk partners te laten meedenken over de toekomst van het landelijk gebied. Aanvullend hierop organiseerden we op 2 februari 2023 een werkconferentie, waar circa 180 deelnemers met elkaar in gesprek gingen. Op 21 sep tember organiseren wij een vergelijkbare conferentie over deze startversie. Ook de roadshow gaat komende maanden onverminderd door. Nu de startversie van het PPLG beschikbaar is, biedt dit ook de mogelijkheid om dit document in de gebiedsprocessen te bespreken.
4.5 Regietafel PPLG & Stikstof Bij de totstandkoming van het PPLG hebben wij dank baar gebruik gemaakt van de inbreng van de Regietafel PPLG & Stikstof (zie bijlage voor samenstelling) en de daaronder ressorterende sectortafels voor landbouw, natuur en havens & industrie. De tafels kwamen gemid deld elke twee maanden bijeen. Ook in de toekomst Afbeelding 14. Brede Basismonitor Noord-Holland
blijven we hun kennis benutten.
Een sociaaleconomische impactanalyse op de keuzes in het PPLG is dus nieuw en complex. In april 2023 heeft het Rijk ons een methodiek ter beschikking gesteld die door Wageningen Economic Research is ontwikkeld. Bij de ontwikkeling daarvan waren we overigens nauw
Afbeelding 15. Conferentie ‘Samen zetten we de koers’, 2 februari 2023
42 CPB, SCP en PBL (2022). Verankering van brede welvaart in de begrotingssystematiek. Voortgangsrapportage van de drie gezamenlijke planbureaus, pagina 7.
Buitengewoon Noord-Holland!
53
Provincie Noord-Holland
DEEL B: VAN BELEID NAAR UITVOERING
Hilversum
54
Buitengewoon Noord-Holland!
Provincie Noord-Holland
5 HET GEBIEDSPROCES 5.3 Uitgangspunten voor een succesvol gebiedsproces
centrale rol daarbij is weggelegd voor gebieds
Wij beschouwen onszelf als regisseur van gebieds
Een visie moet ook werkelijkheid worden! Een
5.1 Inleiding
processen in het landelijk gebied. Al vele decennia
gebiedsproces? Wat is nodig om dat proces succes
vervult de provincie deze rol. De afgelopen jaren
processen in het landelijk gebied. Hoe gaat zo’n
zijn veel gebiedsprocessen gestart, zowel op ons
hier nader op in. Daarmee vormt dit hoofdstuk
initiatief als dat van partners. Deze zetten we
de opmaat naar een opdracht aan elk van de vijf
voort. Bovendien vergroten we onze inspanningen.
programmagebieden, die we in hoofdstuk 7
We zorgen ervoor dat voor ons hele landelijk gebied
formuleren.
programmamanagers en goed toegeruste gebieds
vol te laten verlopen? In dit hoofdstuk gaan we
teams beschikbaar komen, die de taak hebben om
5.2 Het gebiedsproces als puzzel
gebiedsprocessen te regisseren. Zij zorgen voor een
Een gebiedsproces in het landelijk gebied is te
voortvarende uitvoering van de opdracht en het
vergelijken met een puzzel. Elk puzzelstukje staat
oplossen van problemen die deze uitvoering in de weg staan. Regisseren betekent niet dat de
Elke puzzel is anders: ieder gebied heeft zijn eigen
uitvoering van alle opgaven volledig bij de
historie, identiteit en opgaven. De deelnemers aan
provincie ligt. Het is goed denkbaar dat bepaalde
het gebiedsproces zijn de puzzelaars: inwoners van
(delen van) gebiedsprocessen worden geregisseerd
Noord-Holland, grondeigenaren, maatschappe
door andere partijen, zoals een waterschap, een
voor een opgave die op de juiste plek moet ‘landen’.
gemeente, een terreinbeherende organisatie,
schappen, provincie en het Rijk. Ieder van hen
een agrarisch collectief of lokale initiatiefnemers.
heeft zijn/haar eigen drijfveren, kennis en emotio
Omdat wij het belangrijk vinden dat onze partners
lijke organisaties, bedrijven, gemeenten, water
nele binding bij het gebied.
goed kunnen participeren in de gebiedsprocessen, stellen wij, onder voorwaarden, een vergoeding
“De realiteit van de transitie is dat op een gegeven
moment een persoon aan de boer vraagt of hij op het erf
mag komen. Vanaf dat moment is het gebiedsproces ineens echt, omdat het een gezicht krijgt. Op dat moment ontstaat of verdwijnt vertrouwen.”
beschikbaar voor de capaciteit die zij inzetten. Voor een vergoeding van de capaciteit die gemeenten en waterschappen inzetten maken we ons hard bij het Rijk. Omdat elk gebiedsproces zijn eigen dynamiek kent, laten we keuzes over de vormgeving van het gebiedsproces zoveel mogelijk aan de deelnemers.
“Wat wel kan. Uit de impasse en
Tegelijkertijd moet het proces gestructureerd en
een aanzet voor perspectief.”)
resultaatgericht verlopen, zodat mijlpalen en
(Bron: adviesrapport-Remkes,
besluitvormingsmomenten duidelijk zijn. Daarom gelden de volgende uitgangspunten voor alle
Een gebiedsproces kan alleen slagen als de deelnemers interesse in elkaars belevingswereld
gebiedsprocessen.
en belangen tonen. Een goed gebiedsproces vraagt
1. Integraliteit
balanceren tussen geduld en resultaatgerichtheid,
In hoofdstuk 2 zijn de opgaven in het landelijk
een brede blik en focus, tact en duidelijkheid,
gebied thematisch in beeld gebracht, die de basis
zorgvuldigheid en snelheid. Het vraagt zoveel
vormt voor de opdracht aan elk van de vijf
mogelijk continuïteit in de opgave en ruimte voor
programmagebieden. Hiermee wordt de opdracht
lokale initiatieven. En het belangrijkste
breder ten opzichte van onze eerdere aanpak, die
ingrediënt: respectvolle, vroegtijdige en eerlijke
zich vaak primair op de afronding van het
communicatie, ook als de boodschap lastig is.
Natuurnetwerk Nederland en de uitvoering van natuurherstelmaatregelen richtte. De gedachte achter deze bredere aanpak is dat opgaven in het
Buitengewoon Noord-Holland!
55
Provincie Noord-Holland
landelijk gebied met elkaar samenhangen. Ze kunnen
financiering beschikbaar. Daarom nemen we in de
elkaar versterken (zoals natuurontwikkeling en vermin
maatregelpakketten een geoormerkt budget per gebieds
dering van stikstofemissies) of juist in de weg zitten (zoals
programma op voor de ondersteuning van lokale
peilverhoging in veenweidegebieden en uitspoeling van
initiatieven, experimenten of pilots. De inzet van dit
fosfaat). Sommige opgaven zijn heel concreet en kennen
budget is ter beoordeling van de programmamanager.
‘harde tijdshorizonnen’, andere zijn dit minder of vergen nader onderzoek. Veel opgaven komen samen op het
4. Communicatie en participatie
boerenerf en hebben daar invloed op de toekomstige
Respectvolle, vroegtijdige en eerlijke communicatie is
ontwikkeling van het bedrijf. Daarom kiezen we voor een
essentieel, ook als de boodschap lastig is. Dat is twee
integrale aanpak, die leidt tot betere plannen, meer
richtingsverkeer, dus niet alleen ‘zenden’, maar ook
samenhang in de uitvoering en doorgaans tot meer
‘ontvangen’. De kern van het gebiedsproces bestaat uit
draagvlak voor de gekozen oplossingen.
het voeren van gesprekken met alle betrokkenen, zowel individueel als gezamenlijk. Vaak zal niet gelijk alles
Een opgave behoort alleen tot de opdracht aan het
volledig uitgekristalliseerd zijn. Maar we communiceren
programmagebied als hiervoor voldoende financiering
over wat we weten en wat nog onduidelijk is. We geven
beschikbaar is. Opgaven die niet in het PPLG zijn opge
zoveel mogelijk helderheid over kansen, plannen,
nomen behoren in beginsel ook niet tot de opdracht.
restricties, termijnen en afhankelijkheden die op partijen
Uitzonderingen hierop – bijvoorbeeld het meenemen
afkomen. Datzelfde geldt voor mogelijke transitiepaden
van opgaven van partners – zijn mogelijk, ter beoor
en ondersteuning daarbij, zoals de beschikbaarheid van
deling van de opdrachtgever van de programma
subsidieregelingen, grond of de juridische borging van
manager. De programmamanager kan de opdracht
maatregelen. Ten slotte geven we iedereen voldoende tijd
‘verdelen’ over de verschillende gebiedsprocessen.
om een zorgvuldige afweging te kunnen maken en
Dit biedt ruimte voor maatwerk.
hierbij desgewenst een onafhankelijk adviseur of
2. Prioritering
vertrouwenspersoon in te schakelen.
Hoewel wij ervan overtuigd zijn dat de opgaven in het
5. Continuïteit
landelijk gebied om een integrale aanpak vragen, bestaat
Starten met een gebiedsproces is niet vrijblijvend. Het
het risico dat hierdoor de focus op uitvoering minder
betekent dat gesprekken worden gevoerd die wezenlijk
scherp wordt. Onuitgewerkte opgaven kunnen leiden tot
zijn voor de toekomst van een gebied en de mensen die er
onduidelijkheid of vertraging, waardoor de uitvoer ing
wonen en werken. Het opbouwen van relaties en
van heldere opgaven en kansrijke initiatieven in het
vertrouwen kost tijd en aandacht. Daarom is voor een
gedrang komt. Als een programmagebied veel verschil
geslaagd gebiedsproces een langdurig gevoeld ‘eigenaar
lende opgaven kent, moeten misschien prioriteiten
schap’ nodig, ook van de betrokken overheidsorganisaties.
gesteld worden. Deze prioritering is deels afhankelijk van
We willen gebiedsprocessen niet tussentijds afbreken en
lokale omstandigheden (zoals bestuurlijke afspraken of
bij personele wisselingen – die we, voor zover dat in ons
eisen van financiers), maar er zijn enkele algemene
vermogen ligt, proberen te beperken – zorgen we voor een
uitgangspunten. De hoogste prioriteit hebben opgaven
zorgvuldige overdracht. Een goede programmaorganisatie
die een wettelijke tijdshorizon hebben – bijvoorbeeld in
helpt hierbij (zie hierna). Zoveel mogelijk zekerheid over
en rond de Natura 2000-gebieden. Daarna geldt dat
beleidsmatige kaders, beschikbare budgetten en instru
maatregelen die meerdere opgaven tegelijk dienen,
menten ook. En uiteraard geldt: afspraak is afspraak.
prioritair zijn boven maatregelen die slechts één opgave dienen. No regret-maatregelen zijn prioritair boven maatregelen waar het risico van een lock-in bestaat. Tot
5.4 De organisatie
slot zijn concrete uitvoeringskansen prioritair aan maat
5.4.1 Vijf uitvoeringsprogramma’s
regelen waarvan de uitvoeringstermijn onduidelijk is, of
De toename van het aantal gebiedsprocessen en het
ver in de toekomst ligt.
aantal mensen dat hieraan werkt vraagt een nieuwe,
3. Ruimte voor lokale initiatieven
duidelijke structuur. In dit PPLG onderscheiden we vijf programmagebieden (zie kaart 10). In elk daarvan lopen
Gebiedsprocessen gaan over duurzame gebiedsontwikke
meerdere gebiedsprocessen, vaak afgebakend door de
ling. Dat is méér dan enkel het ‘afvinken’ van een lijstje.
grenzen van één of enkele polders. Wij houden rekening
We bespreken met partners hun perspectief op een
met 30 tot 35 gebiedsprocessen in de gehele provincie.
gebied. Welke kansen en bedreigingen zien ze? Hoe kunnen we elkaars kennis en betrokkenheid benutten?
De programmamanager stelt een uitvoeringsprogramma
We bieden ruimte aan lokale initiatieven, zodat partijen
op, dat een concrete uitwerking is van de opdracht in
– binnen de kaders van dit PPLG en het nog op te stellen
hoofdstuk 7 van dit PPLG. Het uitvoeringsprogramma
uitvoeringsprogramma (zie hierna) – zelf aan de slag
biedt zicht in de mate en snelheid waarmee opgaven
kunnen. Voor dergelijke lokale initiatieven is niet altijd
worden gerealiseerd. Het bevat een overzicht van de
56
Buitengewoon Noord-Holland!
Provincie Noord-Holland
(beoogde) gebiedsprocessen en de concrete projecten en
Beleidsontwikkeling via Provinciaal Programma Landelijk Gebied
activiteiten die in de gebiedsprocessen worden uitge
voerd. Ook bevat het programma een planning en een
Programmabureau Provinciaal Programma Landelijk Gebied
menten) die hiervoor nodig zijn. De uitvoeringspro
raming van de middelen (capaciteit, budget en instru gramma’s zijn ‘beleidsarm’. Dit houdt in dat ze zich niet richten op nieuwe beleidsontwikkeling, maar op uitvoering van het beleid in dit PPLG. Wel kunnen op lokaal niveau beleidsmatige afwegingen worden
NoordKennemerland
Zuid-Kennemerland en Amstel-Meerlanden
Gooi & Vechtstreek
Gebiedsprocessen
Gebiedsprocessen
Gebiedsprocessen
Gebiedsprocessen
Gebiedsprocessen
Inwoners, lokale partners, grondeigenaren en pachters
nomen in de uitvoeringsprogramma’s. De vijf uitvoe
Afbeelding 16. Schematische weergave organisatie PPLG
brede beleidsuitwerking vragen, worden niet opge
Laag Holland
gemaakt. Beleidsopgaven die nog generieke/provincie
Wadden, Kop van Noord-Holland en West-Friesland
ringsprogramma’s worden uiterlijk op 1 maart 2024 door
5.4.3 Bestuurlijke samenwerking
worden geactualiseerd. Het reeds bestaande uitvoerings
De bestuurlijke samenwerking met partners krijgt vorm
Gedeputeerde Staten vastgesteld en zullen periodiek
op verschillende plaatsen. Op provinciaal niveau functio
inhoud van dit PPLG. Datzelfde geldt voor het bestaande
neert de Regietafel PPLG & Stikstof (zie bijlage voor samen
programma Oostelijke Vechtplassen, dat deel gaat
stelling) en de daaronder ressorterende sectortafels voor
uitmaken van het uitvoeringsprogramma Gooi &
landbouw, natuur en havens & industrie. De Regietafel
Vechtstreek.
PPLG & Stikstof staat onder voorzitterschap van een lid
programma Laag Holland wordt geactualiseerd aan de
van Gedeputeerde Staten; het hoofd van het programma
5.4.2 Programmabureau PPLG
bureau is secretaris. Binnen elk van de vijf programma gebieden wordt een bestuurlijke stuurgroep gevormd,
we uiterlijk 1 oktober 2023 een programmabureau PPLG
waarin de belangrijkste partners op bestuurlijk of
op. Gelijktijdig met de oprichting van het programma
directieniveau de koers van het uitvoeringsprogramma
bureau PPLG wordt het Regiebureau Natuurnetwerk
bewaken. Deze stuurgroep staat onder voorzitterschap van
opgeheven. Het programmabureau heeft vier taken:
een gedeputeerde; de programmamanager is secretaris.
Om de uitvoering van het PPLG te coördineren richten
1. Het (hoofd van het) programmabureau is ambtelijk De transitie in het landelijk gebied vraagt een nauwe
In die hoedanigheid toetst hij/zij de vijf uitvoerings
samenwerking tussen Rijk, provincie, gemeenten en
opdrachtgever van de vijf programmamanagers. programma’s, bewaakt de consistentie en zorgt voor
waterschappen. Hoewel elk van deze overheden zijn
heldere sturingslijnen. Ook toetst hij/zij of de
eigen rollen en bevoegdheden heeft, willen wij werken
opdrachten die in het PPLG worden geformuleerd aan
volgens het parool ‘één overheid’. Dat sluit aan bij de
de uitvoeringsprogramma’s, uitvoerbaar zijn.
filosofie van de Omgevingswet voor interbestuurlijke
2. Het programmabureau organiseert de toedeling van
samenwerking. Met het Rijk zullen we de opgave in het
budgetten aan de vijf uitvoeringsprogramma’s en
landelijk gebied steeds verder concretiseren en werken
coördineert de plannings- en verantwoordingscyclus
we samen aan de beschikbaarstelling van middelen uit
naar het bestuur en het Rijk.
het Transitiefonds. Met de andere provincies wisselen
3. Het programmabureau coördineert de inzet van
we kennis en ervaringen uit en werken we samen over de
specialistische kennis zoals grondverwerving,
provinciegrenzen. De gemeenten spelen een belangrijke
ecologische, hydrologische en agrarische expertise en
rol in de gebiedsprocessen; zij staan immers het dichtst
bedrijfsvoeringstaken.
bij hun inwoners, beschikken over waardevolle lokale
4. Het programmabureau organiseert een loket waar
kennis en hebben soms zelf ook opgaven in het landelijk
(onder meer) agrarische ondernemers en andere
gebied te realiseren. Ten slotte heeft de totstandkoming
grondeigenaren terecht kunnen.
van het PPLG de samenwerking met de Noord-Hollandse waterschappen een belangrijke impuls gegeven. Na
taak. Deze berust bij de beleidssectoren, die verant
schappen een bestuursovereenkomst sluiten over de
woordelijk zijn voor het formuleren van op uitvoering
uitvoering ervan.
gericht beleid. Hier wordt ook het eigenaarschap en de reguliere actualisatie van dit PPLG belegd, inclusief de verdere uitwerking van (soms nog abstracte) beleidsopgaven en instrumentontwikkeling.
vaststelling van het PPLG willen we met de water
Het programmabureau heeft geen beleidsontwikkelende
57
Buitengewoon Noord-Holland!
Provincie Noord-Holland
6 INSTRUMENTENKOFFER Wanneer zich op nationaal niveau relevante beleidsontwikkelingen voordoen met betrekking tot het perspectief voor de landbouw zullen deze in het PPLG worden verwerkt.
6.1 Inleiding We kunnen de opgave in het landelijk gebied alleen succesvol aanpakken met een goed gevulde instrumentenkoffer. In deze koffer zit een variëteit
aan instrumenten: van breed inzetbaar tot specia listisch, gericht op verschillende doelgroepen en
op verschillende situaties. Omdat er veel verschil lende instrumenten zijn en ze soms nog volop in
Afbeelding 17. Zeven paden van de kringlooplandbouw, uiteraard zijn combinaties tussen de paden mogelijk Kritische prestatie-indicatoren
nieuwe of ‘beeldbepalende’ instrumenten. Voor
De sturing op de transitie naar kringlooplandbouw
een actueel overzicht van alle ons bekende instru
gebeurt door middel van zogenoemde kritische
menten maken we een pagina op onze website.
prestatie-indicatoren (kpi’s, zie schema 10). De
ontwikkeling zijn, gaan we hier enkel in op
essentie van het kpi-systeem is dat de overheid
6.2 Transitiepaden naar kringlooplandbouw
drempel- en streefwaarden formuleert voor elk van de indicatoren. Opgeteld leiden ze tot de beoogde
Om agrarische ondernemers te helpen met de
kringlooplandbouw. Voor onze extra ambitie met
transitie naar kringlooplandbouw onderscheiden
betrekking tot de grondgebonden landbouw
we zeven transitiepaden. De keuze voor het
krijgen ze ook een vertaling naar natuurinclusieve
gewenste pad – of een combinatie ervan – is een
landbouw.
43
keuze van de ondernemer zelf, die hij/zij zal laten afhangen van overtuiging, talent, persoonlijke
Agrarische ondernemers kiezen, individueel of
omstandigheden, omgeving en perspectief.
in een samenwerking, op welke manier zij die
• Transitiepad 1: Hightech gesloten systemen –
drempel- of streefwaarden behalen; passend bij hun
technische innovatie
bedrijf. Ketenpartijen en lokale partners kunnen
• Transitiepad 2: Hightech open systemen –
hierbij helpen; elk gebied heeft immers zijn eigen
technische innovatie
uitdagingen en kansen. Een blauwdruk bestaat niet
• Transitiepad 3: Extensivering –
– inspirerende voorbeelden gelukkig wel.
landschappelijke innovatie
6.3 Stimuleringsinstrumenten kringlooplandbouw
• Transitiepad 4: Biologische landbouw • Transitiepad 5: Natuurbeheer en natuurontwikkeling
Het Rijk en wij ondersteunen de transitie naar Bijvoorbeeld door het subsidiëren van
kringlooplandbouw op verschillende manieren.
• Transitiepad 7: Stoppen
• Transitiepad 6: Multifunctionele landbouw
investeringen (zoals stalaanpassingen om diensten (zoals natuur-, water- en landschaps
presteren, maar hun bedrijf niet kunnen verenigen
beheer) en door de agrarische structuur te
met de opgaven in het gebied. Ook van verplaatsers
verbeteren (zoals kavelruilprojecten). Om
verwachten we uiteraard de transitie naar kring
agrarische ondernemers te helpen met de stappen
looplandbouw, net als van de blijvers.
richting kringlooplandbouw verzorgen wij
43 Zie voor een toelichting op de transitiepaden: SER (2021). Naar duurzame toekomstperspectieven voor de landbouw. Verkenning 21/06, mei 2021.
emissies te verminderen) en maatschappelijke
voor agrarische ondernemers die economisch goed
Ten slotte kan bedrijfsverplaatsing een optie zijn
Buitengewoon Noord-Holland!
58
Provincie Noord-Holland
begeleiding, zoals coaching en bedrijfsdoorrekening.
bevoegd gezag om de regeling uit te voeren. We werken de
Hiervoor richten wij een centraal loket in. Ook
komende maanden de regeling verder uit en zetten in op
stimuleren wij kennisontwikkeling, innovatie en
openstelling eind 2023/begin 2024. De beschikbare GLB-
verbreding, bijvoorbeeld door het stimuleren van nieuwe
NSP middelen willen we - waar mogelijk - benutten als
afzetmarkten en ketens voor (bijvoorbeeld) eiwit
cofinanciering van maatregelen uit het Transitiefonds.
producten en biobased materialen. Ten slotte pakken wij ook de juridische verankering van de maatregelen
Landbouwportaal en Loket Veenweideboeren
op: de effecten ervan moeten immers geborgd worden
In het Landbouwportaal Noord-Holland bundelen de
en ondernemers moeten zekerheid hebben dat hun
waterschappen, provincie en agrarische organisaties de
investering loont.
krachten. Via het Landbouwportaal kan subsidie worden
Gemeenschappelijk Landbouwbeleid
aangevraagd voor maatregelen op het gebied van water, bodem en natuur. Ook is het mogelijk om een coach op
Het Nationaal Strategisch Plan (NSP) is de Nederlandse
het erf te laten komen voor bedrijfsadvies op maat.
uitwerking van het Europese Gemeenschappelijk
Wij steunen de voortzetting van het Landbouwportaal
Landbouwbeleid (GLB). Het NSP-GLB ondersteunt
en verbreding naar andere thema’s zoals groenblauwe
agrarische ondernemers die hun bedrijf willen
dooradering, klimaatmitigatie en zoetwater
verduurzamen en een bijdrage leveren aan het verbeteren
beschikbaarheid.
van milieu, biodiversiteit, klimaat en waterkwaliteit. Het Rijk en provincies zijn gezamenlijk verantwoordelijk
Via het Loket Veenweideboeren is het mogelijk om
voor de uitvoering van het NSP-GLB, waaronder het
subsidie aan te vragen voor waterinfiltratiemaatregelen.
openstellen van subsidieregelingen. Op diverse punten is
Voor de overige maatregelen worden nog subsidierege
er samenhang tussen het NSP en het PPLG. Zo benutten
lingen uitgewerkt.
we het NSP-GLB om beheer (o.a. het agrarisch natuur- en landschapsbeheer) te vergoeden. Ook zijn er subsidie
Emissiereductie
mogelijkheden voor (zowel productieve als niet-produc
We zetten in op verdere emissiereductie bij (melk)
tieve) investeringen op agrarische bedrijven, voor jonge
veebedrijven door het beschikbaar stellen van
landbouwers en voor plattelandsontwikkeling (het zgn.
investeringssubsidies voor bronscheiding (scheiding van
LEADER-programma). De Uitvoeringsregeling NSP-
mest bij de bron) en mestvergisting. Daarnaast
subsidies Noord-Holland wordt het kader voor de provin
stimuleren we emissiearm bedrijfsmanagement door
ciale subsidie-openstellingen. Een nieuw instrument
een (structurele) vergoeding via de kpi-systematiek.
onder het GLB-NSP is de regeling ‘samenwerking
Subsidies voor managementmaatregelen,
integrale gebiedsontwikkeling’. Hiermee worden de
mestverwerking en –behandeling worden provinciebreed
voorbereiding en uitvoering van integrale gebiedsplan
aangeboden. Bij kostbare investeringen met een groot
nen ondersteund. Bij de uitvoering valt onder meer te
reductiepotentieel, zoals bronscheiding, geven wij
denken aan realisatie van productieve en niet-productie
prioriteit aan bedrijven die in overgangszones zijn
investeringen gericht op klimaat, water, bodem,
gevestigd en aan bedrijven die een grote bijdrage leveren
biodiversiteit en landschap. Andere voorbeelden zijn
aan weidevogelbeheer. Subsidies uit de Transitie
ruilverkaveling en beheeractiviteiten. De provincie is
fondsmiddelen voor bronscheiding, managementmaat
KPI
Onderwerp
Toelichting
1
Stikstofbalans
Aanvoer - afvoer kg N/afvoer : aanvoer kg N
2
Ammoniakemissie
Emissie Kg NH3, Stal en land apart
3
Fosfaatbalans
Aanvoer - afvoer kg P / ha
4
Herkomst van inputs
Herkomst aanvoer voer & mest, gebruik reststromen
5
Broeikasgasemissies
CO2 per ha en per dier + CO2 voor aanvoer mest en voer
6
Gewasbeschermingsmiddelen
Milieubelastingpunten per ha (milieumeetlat)
7
Energiebalans
Nog in ontwikkeling
8
Bodemorganische stof
Aanvoer - afvoer (gemiddeld over 10 jaar)
9
Bodemkwaliteit
Blijvend grasland & gereduceerde grondbewerking (<15 cm)
10
Waterkwantiteit
Nog in ontwikkeling
11
Gewasdiversiteit
Kruidenrijk grasland, gewasdiversiteit in bouwplan
12
Natuur & Landschap
% oppervlakte natuur- en landschapsbeheer
13
Dierenwelzijn
Nog in ontwikkeling
14
Diergezondheid
Nog in ontwikkeling
Schema 10. Kritische prestatie-indicatoren
Buitengewoon Noord-Holland!
59
regelen en mestvergisting worden waarschijnlijk in 2025
Provincie Noord-Holland
6.4 Beheer landelijk gebied
opengesteld, als de pilots en onderzoeken die nu worden
(Agrarisch) natuur- en landschapsbeheer
uitgevoerd, afgerond zijn. We willen echter zo snel
In ons Natuurbeheerplan staat voor welk soort
mogelijk concrete maatregelen nemen in de gebiedspro
(agrarisch) natuur- en landschapsbeheer wij subsidie
cessen. Daarom zetten we in 2023 in op het ontwikkelen
verstrekken. De beheerdoelen in het Natuurbeheerplan
van gerichte subsidies via de Field Labs (zie kader) voor
vinden hun oorsprong in (inter)nationale natuurdoelen,
de ombouw van (drijfmest)stallen voor bronscheid ing en
de natuurdoelanalyses en dit PPLG. Beheerders van
betere mestaanwending. In samenwerking met de
natuurgebieden (zoals terreinbeherende organisaties,
provincies Utrecht en Zuid-Holland zetten we in op (rijks)
natuurcollectieven en particuliere beheerders) en
subsidiëring van bedrijven die als koploper kunnen
agrarische collectieven kunnen bij ons een subsidie voor
worden aangemerkt. Daarnaast onderzoeken we
zes jaar aanvragen. Om in aanmerking te komen voor
businesscases voor mestverwerkingsinstallaties die bij
een subsidie voor natuurbeheer moet de beheerder zijn
onze extensieve en grondgebonden veehouderij passen.
terrein openstellen voor publiek. De subsidies worden
Ten slotte worden agrarische ondernemers aangemoe
verstrekt op basis van het Subsidiestelsel Natuur en
digd om, indien mogelijk, gebruik te maken van
Landschap, dat voor alle provincies geldt.
landelijke instrumenten uit het GLB-NSP, zoals de eco regeling. Wij zetten de provinciale instrumenten uit het
Beheercheck
GLB-NSP in voor investeringen in bedrijfsmodernisering
Agrarische ondernemers spelen een belangrijke rol bij
en bedrijfsverduurzaming.
het beheer van natuurgebieden, zeker waar het weide vogelgraslanden betreft. Bij beëindiging of verplaatsing
Field Labs
van agrarische bedrijven kan het beheer van deze gebieden in het geding komen. Daarom doen wij vooraf
In een Field Lab experimenteren agrarische onder
gaand aan elk gebiedsproces een beheercheck, die duide
nemers, ketenpartijen, kennisinstellingen, over
lijk maakt wat nodig is om het (toekomstige) beheer goed
heden en maatschappelijke partijen met verschil
te kunnen uitvoeren. We kijken hierbij naar zowel de
lende agrarische maatregelen en innovaties. Het
ecologische als landbouwkundige aspecten en betrekken
doel is om de transitie naar kringlooplandbouw
alle PPLG-doelen.
te versnellen. Als sprake is van omzetting van agrarische percelen naar Er zijn twee typen Field Labs. Het eerste type richt
natuur (‘functiewijziging’) stellen wij een zogenaamde
zich volledig op de stal: op succesvolle marktintro
SKNL-subsidie beschikbaar voor zowel de waardedaling
ductie van innovaties en het opdoen van ervaring
die hiervan het gevolg is, als voor de inrichtingskosten.
met het werken met doelvoorschriften en real time
Ook is er de mogelijkheid om bestaande natuurgebieden
meting van het effect op emissies. De ondernemer
een kwaliteitsimpuls te geven.
bepaalt zelf welke maatregelen het beste passen binnen zijn bedrijfsvoering.
Landschapsgrond Het nieuwe begrip ‘landschapsgrond’ is geïntroduceerd
In het tweede type Field Lab vormen ondernemers,
in het regeerakkoord van het huidige kabinet en wordt
kennis- en onderwijsinstellingen, overheden en
nog nader uitgewerkt door het Rijk. De contouren zijn
andere stakeholders samen een regionaal netwerk.
echter voldoende duidelijk om voor onze provincie de
Ze ontwikkelen technologische en sociale inno
gewenste invulling van landschapsgrond te bepalen. We
vaties en stomen deze klaar voor de dagelijkse
zetten landschapsgrond in als stimuleringsinstrument
praktijk van het boerenerf. Noord-Hollandse
om opgaven in het landelijk gebied (natuur, stikstof,
voorbeelden zijn het Field Lab Zoetwaterboeren,
klimaat, water, bodem, landschap en transitie van de
het Field Lab bloembollen en BioValley.
landbouw) te realiseren. De werkwijze is dat de grondeigenaar een langjarige verplichting aangaat op
Een concreet voorbeeld van een Field Lab is ook het
(een deel van) zijn percelen. Hierin wordt vastgelegd dat
Field Lab Groene Hart, waarvan wij mede-initiatief
hij/zij extra handelingen verricht of juist nalaat
nemer zijn. Een groep van zo’n 50 ondernemers laat
(bijvoorbeeld minder bemesting), ten dienste van de
in dit Field Lab zien wat er allemaal mogelijk is in de
opgaven in dit PPLG. Omdat dit leidt tot hogere kosten
veenweidegebieden: beter water- en bodembeheer,
en/of lagere opbrengsten dan regulier agrarisch gebruik,
extensivering met groenblauwe dooradering,
wordt de grondeigenaar hiervoor gecompenseerd.
weidegang, ruwvoerwinning, stalaanpassingen en
Landschapsgrond is een stimuleringsinstrument dat op
mestbewerking, -opslag en -aanwending. Wij
vrijwillige basis wordt ingezet en waarbij de landbouw
vragen het Rijk om versnellingsgeld en hulp bij de
bestemming gehandhaafd blijft. Wij zien geen aanlei
juridische borging van de maatregelen.
ding om landschapsgrond als nieuw planologisch beschermingsregime te introduceren. Wij vragen bij het
Buitengewoon Noord-Holland!
60
Provincie Noord-Holland
Rijk middelen aan voor 1.600 hectare landschapsgrond
doel op zichzelf. Provinciale grondposities kunnen
die we in de gehele provincie kunnen inzetten, met
helpen om op de juiste plek de gewenste functies te
accent op de binnenduinrand en de veenweidegebieden
realiseren. Bovendien draagt het herschikken van
omdat hier onze grootste opgaven liggen.
grondeigendom bij aan een goede agrarische structuur
Ontpachting
en efficiënt beheer van natuur en landschap. Ons grondbeleid is vastgelegd in de Vijfde Nota Grondbeleid.
Binnen het Natuurnetwerk Nederland ligt circa
De belangrijkste uitgangspunten daarvan zijn:
700 hectare die als ‘gerealiseerd’ is aangemerkt, maar
• Rechtmatigheid: we voldoen aan wet- en regelgeving
nog in agrarisch gebruik is. Het zijn gronden die
en aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur,
eigendom zijn van terreinbeherende organisaties en –
zoals het zorgvuldigheid- en gelijkheidsbeginsel.
met een grote diversiteit aan pachtcontracten – worden
• Transparantie: we handelen transparant en openbaar.
verpacht aan agrarische ondernemers. Het natuurbeheer
• Marktconformiteit: op de grondmarkt hanteren we
op deze percelen is vaak niet overeenkomstig de beoogde
grondwaarden die door onafhankelijke en gecertifi
natuurdoelen. De pachter heeft vaak een overeenkomst voor agrarisch natuurbeheer tot 2029. Wij zetten ons in voor een goede oplossing van dit vraagstuk, zodat verpachter en pachter alsnog de beoogde natuurdoelen
ceerde taxateurs worden vastgesteld in taxaties. • Duurzaamheid: ons handelen draagt bij aan verschillende duurzaamheidsaspecten.
realiseren. Onderdeel van deze oplossing is een subsidie
6.6.2 Grondverwerving
regeling voor het – tegen een marktconforme vergoeding
Wij verwerven gronden – zowel binnen de begrenzing van
– pachtvrij maken van dergelijke gronden.
het Natuurnetwerk Nederland als daarbuiten – als dat
6.5 Overige instrumenten Groen Kapitaal en Boer & Business in Balans
bijdraagt aan de realisatie van de opgaven in dit PPLG, of als deze als ruilgrond kunnen worden ingezet. Wij richten ons in het bijzonder op mogelijke ‘agrarische stoppers’,
Door het delen van kennis kunnen we van elkaar leren.
zeker in de nabijheid van Natura 2000-gebieden. Bij de
Zowel het Rijk als wij ondersteunen dit op verschillende
verwerving van agrarische bedrijven kopen wij ook
manieren, zowel via bijeenkomsten over specifieke
emissieruimte voor stikstof die in de Wet natuurbescher
thema’s als via langjarige steun aan kennisontwikke
mingsvergunning is vervat. Een deel daarvan wordt
ling, innovatie en experimenten. Op onze platforms
afgeroomd voor natuur, conform de geldende salderings
Groen Kapitaal en Boer & Business in Balans bieden
regeling. Bij verplaatsing of beëindiging van agrarische
we inspiratie, delen initiatiefnemers hun kennis en
bedrijven sluiten wij de mogelijkheden voor intensivering
ontstaan nieuwe samenwerkingen.
van veehouderijen zoveel mogelijk uit, zodat extensive
Ontwerpend onderzoek
ring en verlaging van de milieudruk mogelijk wordt gemaakt en een gezond verdienmodel tot stand komt.
Een gedeelde visie op ruimtelijke kwaliteit en cultureel erfgoed vormt een waardevolle basis onder een gebieds
Wij streven naar verwerving via minnelijke overeen
proces. Het helpt hierbij om een landschapshistorische
stemming met de grondeigenaar. Eigenaren van alle
analyse als basis te gebruiken. Daarnaast kan ontwer
NNN-gronden binnen en direct nabij de begrenzing van
pend onderzoek worden ingezet voor bijvoorbeeld klimaat
Natura 2000-gebieden bieden wij een volledige schade
adaptieve en gebiedsgerichte toekomstperspectieven en
loosstelling. In het uiterste geval, wanneer ook na een
inrichtingsvoorstellen. In zo’n ontwerpproces worden
zorgvuldig traject geen minnelijke overeenstemming
doelen altijd integraal benaderd en wordt met partners
wordt bereikt, wordt het instrument van wettelijke
gezocht naar samenhangende oplossingen.
onteigening ingezet. Wij beschouwen dit als een uiterste
Juridische instrumenten
middel. Onteigening is alleen mogelijk op grond van een wettelijk planfiguur (zoals een bestemmingsplan,
Het PPLG is zelfbindend voor de provincie Noord-Holland,
inpassingsplan of projectbesluit) en na het aanbieden
maar de inhoud ervan kan worden uitgewerkt in juri
van een volledige schadeloosstelling aan de grond
disch bindende instrumenten zoals de Omgevingsver
eigenaar. Volledige schadeloosstelling en wettelijke
ordening, andere (subsidie)verordeningen en instructie-,
onteigening zijn daarmee onlosmakelijk aan elkaar
project-, voorbereidings- of peilbesluiten die het resultaat
gekoppeld: wij mogen een grondeigenaar alleen dan
kunnen zijn van gebiedsprocessen.
volledige schadeloosstelling aanbieden als wij bereid
6.6 Grond 6.6.1 Algemene principes
zijn om als uiterst middel ook wettelijke onteigening in te zetten. Als we dat niet doen, is sprake van ongeoor loofde staatssteun.
Veel opgaven in dit PPLG hebben een relatie met grond.
Wij hebben – net als gemeenten en het Rijk – de mogelijk
Grondaankoop, -bezit en -verkoop beschouwen wij als
heid om op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten
middel voor het realiseren van onze opgaven; niet als
een voorkeursrecht op percelen te vestigen, waardoor een
Buitengewoon Noord-Holland!
61
Provincie Noord-Holland
eigenaar deze eerst aan ons moet aanbieden als hij deze
worden in gezet bij experimenten voor het realiseren van
(vrijwillig) wil verkopen. Wij kunnen dit instrument
diverse provinciale opgaven. Om te borgen dat verpachte
inzetten als binnen een gebiedsproces duidelijkheid is
gronden beschikbaar komen als dat nodig is, nemen we
over de beoogde (wijzigingen van) functies in een gebied.
in de pachtovereenkomst een ontbindingsmogelijkheid op. Als gronden niet verpacht kunnen worden sluiten we
Voor grondverwerving ten dienste van het NNN maken
(beheer)contracten af met terreinbeheerders, agrarische
wij gebruik van een krediet dat door Provinciale Staten
ondernemers of loonbedrijven.
beschikbaar is gesteld. Echter, ook voor andere PPLGopgaven kan grondverwerving nodig zijn. Daarom zullen
Aangezien onze gronden een belangrijke rol kunnen
wij aan Provinciale Staten voorstellen om het bestaande
spelen in gebiedsprocessen zijn we komende jaren zeer
NNN-krediet breder te kunnen inzetten. Dit laat onverlet
terughoudend met de verkoop ervan. Wanneer hier toch
dat de NNN-middelen uitsluitend worden aangewend
sprake van is – bijvoorbeeld omdat de gronden niet nodig
voor NNN-realisatie. Voor de noodzakelijke afwaardering
zijn voor het realiseren van provinciale opgaven –
van de grondaankopen verwachten wij dekking vanuit
gebeurt dit openbaar, volgens de uitgangspunten zoals
de rijksmiddelen uit het Transitiefonds. Een andere
beschreven in paragraaf 6.6.1. Alleen als vaststaat dat
financieringsoptie voor grondverwerving is de onlangs
slechts één gerede partij in aanmerking komt om onze
opgerichte Nationale Grondbank, die op ons verzoek
gronden te verwerven, kunnen wij hiervan afwijken,
gronden kan verwerven die kunnen worden ingezet in
hoewel wij ook dan de verkoop openbaar aankondigen.
een gebiedsproces. Wij beschouwen de Nationale Grondbank en uitkoopregelingen als aanvullingen op
6.6.4 Wet inrichting landelijk gebied
ons eigen grondinstrumentarium en zullen komende
Kavelruil is een instrument om een groot aantal koop-,
tijd verkennen welke meerwaarde deze hebben.
ruil- of verkoopovereenkomsten in een gebiedsproces, in
6.6.3 Beheer en verkoop van gronden
één overeenkomst vast te leggen. Hierdoor kunnen in een ‘gebiedsdekkende’ puzzel de beoogde functies op de
In afwachting van hun inzet in het gebiedsproces houden
juiste plekken worden gerealiseerd. Kavelruil kan zowel
wij bij het beheer van onze gronden zoveel mogelijk reke
op vrijwillige basis gebeuren, als op een meer sturende
ning met de toekomstige doelen. Het grootste deel van
wijze in de vorm van een landinrichting op grond van de
onze gronden verpachten wij conform ons in 2020 vast
Wet inrichting landelijk gebied (Wilg, per 1 januari 2024
gestelde pachtbeleid. Ons uitgangspunt zijn langjarige
de Omgevingswet). Dit zijn langdurige processen,
pachtovereenkomsten en duurzaam gebruik (pacht met
omgeven met veel kaders en zorgvuldigheden. In 2024
voorwaarden). Wij zorgen bovendien voor experimenteer
verkennen we of, en zo ja in welke gebieden we de
ruimte: tot 10% van de jaarlijks te verpachten gronden kan
instrumenten van de Wilg willen inzetten.
Schermer
Buitengewoon Noord-Holland!
62
Provincie Noord-Holland
7 OPDRACHT PER PROGRAMMAGEBIED
decennia onder druk komen te staan door de
vorm. In dit hoofdstuk gaan we dieper in op deze
gevolgen van klimaatverandering. De zeespiegel
gebieden. In een overzichtstabel aan het einde van
zal stijgen, maar er zal ook sprake zijn van droogte
het hoofdstuk formuleren we voor elk programma
en toenemende verzilting. Deze ontwikkeling
gebied een concrete opdracht, op basis van de
heeft gevolgen voor het gebruik van de ruimte,
opgaven en beleidskeuzes in hoofdstuk 2. Deze
met name in de binnenduinrand.
natuurgebied. De zeereep zal in de komende
In de vijf programmagebieden krijgt de uitvoering
7.1 Inleiding
programma’s die uiterlijk 1 maart 2024 door Gede
opdracht vormt de basis voor de vijf uitvoerings
De Waddenzee is het grootste aaneengesloten natuurgebied van Europa en heeft de status van
5.4.1). De inhoud van de opdracht moet in samen
Unesco-werelderfgoed en Natura 2000-gebied. Het
hang worden gelezen met de inhoud van het
Noord-Hollandse Waddengebied heeft eigenlijk
gehele PPLG.
twee eilanden: Texel én het voormalig eiland
puteerde Staten worden vastgesteld (zie paragraaf
Wieringen, beide ontstaan op keileem. Ook de Nog niet alle opgaven in het PPLG kunnen al
eilanden zijn grotendeels beschermd als Natura
worden vertaald naar een concrete opdracht of
2000-gebied, NNN of Bijzonder Provinciaal
kwantitatieve doelen, bijvoorbeeld omdat de
Landschap (BPL). De landbouw op Texel en
beleidsuitwerking nog niet is afgerond of omdat
Wieringen is relatief extensief en kleinschalig,
nog een nadere invulling van het Rijk nodig is.
mede vanwege de ondergrond, het reliëf en de
Ook na 1 juli werken we door aan een verdere
afwisseling van natte en droge en ook zoet- en
aanscherping en concretisering van de opdracht
zoutwatergebieden. Met name Texel heeft een
per programmagebied.
rijke historie met agrarisch natuurbeheer, het beheer van de tuunwallen, educatie en de
7.2 Wadden, Kop van NoordHolland en West-Friesland
verbinding met recreatie. Hier kan op worden
het land binnen de Westfriese Omringdijk een divers en
dynamisch landelijk gebied. Texel en Wieringen bestaan uit glooiende stuwwallandschappen afgewisseld met meer
vlakke, lager gelegen, open kogen en polders. De grootschalige productiepolders in de Kop bieden ruimte en kilometerslange
vergezichten. West-Friesland heeft een prachtig afwisselend landschap van kleinere zeekleipolders en droogmakerijen. De regio wordt van oudsher gekenmerkt door agrarische
innovatiekracht. Dat geldt voor het noordelijk bollengebied en Agriport, maar zeker ook voor de akkerbouw, veehouderij en vollegronds groenteteelten. De agrarische bedrijven en de plantveredeling- en zaadtechnologiebedrijven zijn veelal
groot en kapitaalkrachtig en van toenemend belang voor onze voedselzekerheid.
vismigratie en een recreatieve impuls. Op termijn zal dit gebied een transformatie doormaken onder de invloed van zeespiegelstijging. In het zuid
westelijke deel van de duinen van Texel wordt gestart met het onderzoek naar de beste wijze van dynamisering van de zeereep. Deze moet bijdra gen aan behoud en versterking van de natuur
doelen, waterveiligheid, de zoetwatervoorraad en economisch gebruik. Daarnaast wordt voor het behoud van kwetsbare leefgebieden in Natura 2000-gebied ingezet op de aanpak van invasieve exoten, in het bijzonder watercrassula. In de Agenda voor het Waddengebied 2050 staat de koers waar het Rijk, de Waddenprovincies, water
ontstane grote inpolderingen in de Kop vormen samen met
meer en het achterland door natuurontwikkeling,
tiek. Texel, het voormalige eiland Wieringen en de later
van de samenhang tussen Waddenzee, Amstel
Wadden. De drie kusten hebben ieder hun eigen karakteris
Waddengebied wordt gewerkt aan het versterken
kanten omringd door water: de Noordzee, het IJsselmeer en de
voortgebouwd. In het Noord-Hollandse
schappen, gemeenten en partners aan werken. Deze agenda is uitgewerkt in een Uitvoerings
Het meest noordelijke deel van Noord-Holland wordt aan alle
De Noordzeekust van de Kop van Noord-Holland
programma 2021-2026. In het Bestuurlijk Overleg
(Natura 2000-gebied) heeft een relatief smalle
Waddengebied en in de Beheerautoriteit
zeereep met daarin het Zwanenwater als iconisch
Waddenzee werken we samen met onze partners,
Buitengewoon Noord-Holland!
63
Provincie Noord-Holland
waarbij het Omgevingsberaad Waddengebied een
dien aan de orde: momenteel wordt veel zoet water via
adviserende rol heeft. Het Waddenfonds, dat in 2006 in
West-Friesland naar dit deel van de Kop geleid. Door
het leven is geroepen, financiert investeringen in
vaker optredende droogte neemt de beschikbaarheid van
ecologie en economie van het Waddengebied. In het
zoet water af en zal de afhankelijkheid van het IJssel
Investeringskader Waddengebied zijn zes majeure
meer groter worden. Het IJsselmeer wordt echter brakker
opgaven geformuleerd: de Waddenzee, vitale kust en
als gevolg van klimaatverandering en daarmee geringere
Afsluitdijk, havenontwikkeling en natuurverbetering,
zoetwatertoevoer vanuit de Alpen. De instandhouding
eilanden op eigen kracht (verduurzaming van de
van waterintensieve teelten wordt hierdoor lastiger.
energievoorziening) en de versterking en vermarkting
Het vraagt om innovaties in het vasthouden van zoet
van het werelderfgoed en de Eems-Dollard. Het
wateroverschotten in natte perioden. Het landgebruik
Waddenfonds loopt tot 2026. Wij bepleiten bij het Rijk
en de zoetwaterbeschikbaarheid in de polders zullen
dat via een Kustfonds ook na 2027 middelen beschikbaar
beter op elkaar moeten worden afgestemd. Groenblauwe
zijn voor investeringen die voortvloeien uit de Agenda
dooradering kan in deze regio vorm krijgen door aan te
voor het Waddengebied 2050.
sluiten bij de krachtige polderstructuren, bijvoorbeeld door de aanleg van ecologische oevers en het herstel en
De grootschalige productiepolders Wieringermeer en
aanleg van bomenlanen, windsingels, natuurlijke
waardpolders zijn ooit aangelegd vanuit waterstaat
akkerranden en erfbeplanting. Maar ook door aan de
kundige en landbouwkundige overwegingen. Het zijn
randen en buiten de polders meer ruimte te bieden aan
open en rationeel vormgegeven landschappen ten
natuurlijke waterlopen.
dienste van de akkerbouw, veehouderij, bollenteelt en (glas)tuinbouw. Er is hier letterlijk en figuurlijk volop
Rond het Amstelmeer is een proces van verzilting
ruimte om te ondernemen en te innoveren. De agrari
gaande. Dit kan op termijn leiden tot verandering van de
sche bedrijven vormen een onderdeel van Greenport
natuur en een aangepast grondgebruik. Vanuit het meer
Noord-Holland Noord en opereren op de wereldmarkt.
strekt zich richting het zuiden een fijnmazig netwerk
De primaire agrarische productie is verbonden met een
van water: de restanten van het oorspronkelijke
keten van bedrijven en speelt een rol in de verduur
krekenstelsel in de Kop. Hier kan veel worden gewonnen
zaming van teelt- en energiesystemen. De instand
door een betere inrichting van de hoofd- en zijkreken als
houding van deze polders en hun huidig gebruik is
onderdeel van de groenblauwe dooradering. Deze water
echter niet zonder problemen. Het uit zee gewonnen
lopen bieden bovendien een vaarroutenetwerk dat kan
land vraagt om voortdurende bemaling. Zelfs in deze
bijdragen aan het recreatieve potentieel van de Kop.
robuuste polders daalt de bodem geleidelijk en is er kans
Polderbossen zoals het Robbenoordbos, Dijkgatbos, het
op wateroverlast door piekbuien. Verbrakking is boven
Wildrijk en Ananasbos vormen in dit open landschap
Aan de slag in de regio: Project Zoetwaterboeren Van 2014 tot en met 2020 heeft Klaas Schenk onder zocht hoe hij zijn bedrijf toekomstbestendig kon maken. Water speelt daar een belangrijke rol in. Schenk: “De gangbare manier van akkerbouw zie ik niet meer als dé weg. Ik zie wél een grote toekomst voor landbouw in Nederland. We zijn met het project Zoetwaterboeren veel aan het onderzoeken en zijn goed op weg, maar we zijn er nog niet. Het is geen panklaar iets.” Schenk ziet veel kansen voor nieuwe drainagesys temen in plaats van standaard afvoerdrainage. Door onder andere de recirculatie van regenwater hoopt hij klimaatverandering eerder of langer het hoofd te bieden. “Tijdens de droogte van het afgelopen jaar In het project Zoetwaterboeren in Anna Paulowna
merkten we al dat we op een andere manier water
werken diverse partners aan het ontwikkelen en
konden geven door de high-tech oplossingen die we
uitvoeren van duurzaam agrarisch waterbeheer. Het
ontwikkeld hebben. Je kunt de teelt meer sturen, tot
project gaat over de volle breedte van watervraag en
aan vervroeging door verwarming aan toe. Zo hopen
-aanbod, watergift en -opslag en waterkwaliteit.
we elk jaar wijzer te worden.”
Buitengewoon Noord-Holland!
64
Provincie Noord-Holland
bijzondere enclaves met eigen natuurwaarden en
met het achterland en juist die verbinding kan versterkt
recreatieve mogelijkheden. Bij het Robbenoordbos en het
worden. Er wordt gewerkt aan een nieuwe relatie tussen
Dijkgatbos kan worden geëxperimenteerd met peilver
het land en het water: een natuurlijke balans tussen
hoging, wat gunstig is voor de biodiversiteit en waardoor
water, ecologie en activiteiten aan weerszijden van de
natte teelten mogelijk worden.
dijk. Daarbij moet de kustzone aantrekkelijker en beter beleefbaar worden voor inwoners, recreanten, water
Ook in West-Friesland is de agrarische sector van
sporters, toeristen en inwoners. Uiteraard moet vol
oudsher sterk en vormt deze een belangrijk onderdeel
doende ruimte beschikbaar blijven voor toekomstige
van de Greenport Noord-Holland Noord. Er zijn plant
inpassingsvraagstukken langs de rand van het IJssel
veredelings- en zaadtechnologiebedrijven van mondiale
meer voortkomend uit klimaatverandering.
betekenis (Seed Valley) en daarnaast vele melkvee
Een voorbeeld is de versterking van de
houderijen en een diversiteit aan teelten zoals grond
Markermeerdijken, met het nieuw aangelegde
gebonden tuinbouw, fruitteelt en glastuinbouw.
stadsstrand van Hoorn met een 130 meter brede
Het gevarieerde landschap binnen de monumentale
oeverdijk, volop nieuwe recreatiemogelijkheden en een
Westfriese Omringdijk bestaat uit een aaneenschakeling
natuurvriendelijke inrichting. Rijkswaterstaat werkt
van kleinere zeekleipolders, enkele droogmakerijen, een
vanuit de Programmatische Aanpak Grote Wateren aan
klein deel veenweidegebied en vele iconische stolpen.
de opdracht om de ecolog ische kwaliteit te versterken