Agendabundel
Tekst van het document
Het moet in de regio makkelijker worden om naar een snelle fietsroute te fietsen, of naar een hub of knooppunt, zoals een station. Daarnaast willen wij het functionele en recreatieve fietsnetwerk beter aan elkaar koppelen en kansen voor investeringen verder uitwerken. Samen met de Ontspannen regio pakken we dit op. Om ketenmobiliteit te stimuleren, is het van belang dat de overstap comfortabel en gemakkelijk is. De overstap tussen fiets en openbaar vervoer optimaliseren we daarom verder. De Groene Metropoolregio is een bijzondere fietsregio. Voor onze ambities zijn we, vanuit onze Legacy Velocity 2017, landelijk actief en internationaal zichtbaar.
WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
zijn er met partners (nieuwe) mobiliteitshubs en knooppunten in stad en regio gerealiseerd waar we een betere koppeling maken tussen het regionale en stedelijke infrastructuurnetwerk.
organiseren wij nieuwe vormen van duurzame mobiliteit aan (deelvervoer, elektrisch, MaaS).
•
zorgen wij voor ‘mobiliteit op maat’ als onderdeel van het vraagafhankelijk vervoer in de regio.
De ambitie is om uiterlijk in 2025 minimaal twaalf mobiliteitshubs ontwikkelen en op de langere termijn nog meer. Op een hub kunnen reizigers overstappen naar een actief en/of duurzaam vervoermiddel, zoals een e-bike, bus, trein of e-auto. Zo verminderen we de filedruk in de regio én stimuleren we duurzaam vervoer. In het eerste kwartaal van 2021 publiceerden we onze strategische agenda ‘Mobiliteitshubs in de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. Naar een regionaal netwerk van hubs’. Daarin hebben we ons plan voor de korte termijn gepresenteerd. Dit zijn locaties in onder andere Arnhem, Beek/ Ooij, Druten en Nijmegen. Daarnaast wordt er met de locatie Zevenaar-Oost alvast naar de langere termijn gekeken. Wij kijken samen met de gemeenten naar de benodigde processen en capaciteit voor de implementatie. De hubs verschillen qua type, grootte, voorzieningenniveau en het aanbod aan vervoermiddelen. Welk type hub waar komt, hangt af van de ligging, de aansluiting op weg en spoor en de doelgroep. De hubs zijn nodig omdat de regio Arnhem-Nijmegen snel groeit. Tot 2025 komen er 20.000 woningen bij en op de lange termijn zelfs 50.000 tot 60.000. Daarom willen wij de toenemende druk op het wegennetwerk afzwakken en actief en schoon vervoer stimuleren. Dit doen we op allerlei manieren, waaronder de (door)ont-
18
19
SPEERPUNT 4 GEDRAG EN DUURZAME MOBILITEIT wikkeling van mobiliteitshubs. Dankzij zo’n hub worden verkeersstromen slim gebundeld van en naar drukbezochte plekken in de regio, zoals een stadscentrum en werklocaties. De provincie Gelderland start in april 2022 met HaltetaxiRRReis. Wij sluiten hierop aan met een uitgekiend netwerk van vraagafhankelijk vervoer in de regio. Dit netwerk wordt gekoppeld aan de lokale haltes, (e)hubs en knooppunten en de huidige kaders van het aanvullend vervoer voor mensen die o.a. gebruik maken van Wmo (AVAN).
van afgeronde verkenning naar realisatie gaan vormgeven. • Meerjarige investeringsagenda. Samen met de betrokken partijen werken wij aan daadwerkelijke realisatie van kansrijke stadrandhubs. • Hubs en de toeristische overstappunten. Wij onderzoeken de koppelkansen tussen de hubs en de toeristische overstappunten. Dit doen wij in samenhang met de Ontspannen regio. • Overige hubs. Afhankelijk van het Verstedelijkingsakkoord verkennen wij mogelijke ontwikkellocaties. • Hub-ontwikkelingen. Onze hubaanpak gaan we koppelen aan het HOV-actieplan en OV-haltes. • HaltetaxiRRReis. Het uitwerken van een vraagafhankelijk netwerk in relatie met HaltetaxiRRReis. Wij werken toe naar pilots die haltetaxiRRReis versterken en een bijdrage leveren aan de leefbaarheid/bereikbaarheid van onze kleine kernen en in die gebieden waar niet of nauwelijks OV is.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO Voortbordurend op 2022 gaan we verder met het verkennen van mobiliteitshubs die opgenomen zijn in de strategische agenda hubs en knooppunten. Hierbij ligt de focus zowel op korte- als lange termijnmaatregelen, waarbij we nadrukkelijk naar verbanden zoeken met de overige regionale opgaven en het HOV-actieplan. Daarnaast onderzoeken we hoe we de vervolgstap
WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
maken meer inwoners, werknemers en bezoekers gebruik van duurzame vormen van mobiliteit en hebben we invulling gegeven aan het klimaatakkoord.
Dit speerpunt richt zich op gedragsbeïnvloeding van de verkeersdeelnemers. Doel is het beter benutten van het mobiliteitsnetwerk door ons nadrukkelijk te richten op de beïnvloeding van mobiliteitsgedrag en vervoermiddelkeuzen. Wij werken hierin o.a. samen met het Rijk, provincie en het bedrijfsleven in een programma Slim& Schoon Onderweg 2023-2026. Slim en Schoon Onderweg heeft in de afgelopen jaren hard gewerkt aan het stimuleren van duurzame mobiliteit en het beïnvloeden van het gedrag. We gaan naar een meer gebiedsgerichte aanpak, zoals we nu met A12 doen. Gedragsaanpak passen we ook toe op de andere corridors. De regio heeft een grote verstedelijkingsopgave. We gaan intensief afstemmen en samenwerken. Op het gebied van parkeernormen bij nieuwbouw, reservering van ruimte voor deelmobiliteit en verdichting rond (OV )knopen. Maar ook het afstemmen van de vraag, opwekking en transport van duurzame energie, de afweging van economische en leefbaarheidsbelangen. De relatie tussen gedragsmaatregelen en grote wegwerkzaamheden gaan we verder versterken. We gaan intensiever samenwerken met de stakeholders in de regio: bedrijven, onderwijsinstellingen, diverse overheidslagen en de gemeenten binnen de regio. Dat betekent: samen plannen maken en samen uitvoeren. Daarmee verhogen we de betrokkenheid en het besef van gezamenlijke verantwoordelijkheid.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO •B ewonersaanpak. In 2023 starten we met een bewonersaanpak, met name gericht op mensen
20
21
SPEERPUNT 5 VERKEERSVEILIGHEID die verhuizen en nieuw gewoontegedrag moeten gaan ontwikkelen. •D eelmobiliteit en mobiliteitshubs zijn een belangrijk onderdeel van het mobiliteitssysteem. We zetten in op de uitrol van deelmobiliteitshubs in de regio en het stimuleren van het gebruik ervan. We gaan van kleinschalige pilots naar een opschaling. •L ast mile providers. Samen met kennisinstellingen en gemeenten houden we een overzicht bij van last mile providers in de regio, met de locaties en stromen waar ze zich op richten en dit communiceren we binnen het netwerk. Hierbij werken we samen met de gemeenten, omdat er zowel stadsrandhubs als regionale hubs gewenst zijn, die een samenhangend netwerk vormen. •W e werken toe naar een goed netwerk voor laadinfrastructuur in 2025, zowel regulier laden als snelladen en heavy duty-laden voor grote voertuigen. Er is ruimte nodig voor deze laadinfrastructuur maar ook voor logistieke hubs en personenvervoerhubs. De ontwikkeling van de netcapaciteit en de opwekking van groene stroom is essentieel. Samen met de provincie Gelderland werken we de Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL) verder uit. Met de
vervoersorganisatie Doelgroepenvervoer Regio Arnhem Nijmegen (BVO DRAN) werken wij toe naar een zero emissie doelgroepenvervoer. De BVO DRAN werkt de komende jaren toe naar een zero emissie situatie voor AVAN doelgroepenvervoer op uiterlijk 1 januari 2028. Aan betrokken vervoerders de opdracht om daartoe voor 1 januari 2023 een infaseringsplan op te stellen. De regio wil in 2023 een implementatieplan maken. •V oor heavy duty-laadinfrastructuur verzorgen wij de coördinatie en aansturing. Voor het ontwikkelen van de laadinfrastructuur en opschalen voor vrachtwagens en bestelwagens in woonwijken, op bedrijventerreinen en bij distributiecentra, bij mobiliteitshubs en snellaadcapaciteit op corridors heeft de provincie een leidende rol. Een deel van de locaties voor laadinfrastructuur valt samen met Clean Energy Hubs, die onder de Circulaire regio vallen. •W e streven naar schonere kilometers (schonere voertuigen) en minder kilometers (efficiënter beladen, bundeling via logistieke bedrijven en hubs). De afgelopen jaren merken we dat bedrijven interesse hebben in schonere voertuigen en daarin willen investeren. De logistiek makelaars blijven een belangrijke rol spelen.
WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
De verkeersveiligheid in Nederland heeft een impuls nodig. De daling van het aantal verkeersdoden stagneert, terwijl het aantal verkeersgewonden toeneemt. Dit veroorzaakt veel persoonlijk leed voor de slachtoffers en hun naaste omgeving.
vastgestelde position paper Verkeersveiligheid vormt de leidraad voor onze aanpak, met als kern een meer gerichte, risicogestuurde en proactieve aanpak.
Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft op 5 december 2018 een Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) 2030 aan de Kamer aangeboden. Hoofdlijn van het plan: alles uit de kast halen om de verkeersveiligheid te verbeteren, risicogestuurd en uitgewerkt op regionaal niveau. Daarnaast heeft de nieuwe coalitie in haar Coalitieakkoord ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’, beschreven dat samen met gemeenten wordt bezien waar binnen de bebouwde kom de maximumsnelheid zinvol verlaagd kan worden naar 30 km/uur.
•M eerjaren uitvoeringsagenda als basis voor subsidiëring door derden. We maken een jaarlijkse update van geprioriteerde potentiële projecten die bijdragen aan onze verkeersveiligheidsdoelen. •O ndersteuning in gebruik publieke data/ contractbeheer Viastat voor alle gemeenten ten behoeve van risicogestuurd werken. •D e regio maakt samen met de provincie Gelderland jaarlijks een programma verkeerseducatie en gedragscampagnes. •H et initiëren en coördineren van regionale studies/pilots die bijdragen aan de kaders van het SPV.
is de verkeersveiligheid in de hele regio verbeterd.
is er ten opzichte van 2021 een dalende lijn in het aantal doden en gewonden in alle regionale gemeenten.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO
Logistiek is noodzakelijk voor onze maatschappij, maar zorgt ook voor overlast en onveilige situaties. In de binnensteden gaat het bijvoorbeeld om een ophoping van bevoorradend verkeer, pakketpost en flitsbezorgers. Op andere routes gaat het om verkeersveiligheid, bijvoorbeeld wanneer een route samenvalt met een schoolroute. De gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen hebben ieder hun eigen verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van haar (verkeersveiligheids) beleid. De regio speelt een stimulerende en ondersteunende rol, door samen met de provincie Gelderland een integraal en uniform verkeersveiligheidsbeleid uit te werken. Wij slaan de handen ineen om een zo groot mogelijk effect op de verkeersveiligheid te bereiken. De in 2019
22
23
WAT MAG HET KOSTEN realisatie begroting begroting meerjarenraming 2021 2022 2023 2024 2025 2026 (bedragen x € 1.000) Verbonden regio Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na reserves
95 95 -
1.022 1.022 -
1.202 1.202 -
1.216 1.216 -
1.188 1.188 -
1.188 1.188 -
-
-
-
-
-
-
De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting.
24
25
5. PRODUCTIEVE REGIO (PROGRAMMA) OVER VIJF JAAR: is het MKB de COVID-19 crisis te boven. Het innovatief vermogen en positie van bedrijven is versterkt en de productiviteit van bedrijven is toegenomen. De werkgelegenheid is gestegen. Er is een toekomst- bestendige arbeidsmarkt en externe gelden zijn binnengehaald om te investeren in onze economie.
Onze regio kent veel innovatiekracht en de vestigingskwaliteit van onze werklocaties scoort boven het landelijk gemiddelde. We willen de kwaliteiten van onze regio steviger profileren en de economische potenties beter benutten. We versterken onze inzet op innovatiekracht in de clusters Health, Hightech & Energy, met de crossover naar Food. Dit legt de basis voor een sterke (inter)nationale positie en een goede productiviteit van toonaangevende bedrijven. Een sterk economisch profiel maakt onze regio interessant voor talenten. We versterken de economische basis, zodat bedrijven zich willen vestigen en kunnen groeien, met banengroei tot gevolg.
De situatie in Oekraïne heeft ook effect op de wereldeconomie. Waar mogelijk en nodig zetten wij ons in om het MKB ook daarin te ondersteunen. Samen met de Ontspannen regio blijven we inzetten op bruisende binnensteden en krachtige kernen. •W e zetten in op meer starters, scale-ups en het toekomstbestendig houden van bestaand MKB. Dit blijven we de komende jaren doen. Met het programma Toekomstbestendig Ondernemen screenen we 75 ondernemers op toekomstbestendigheid en waar nodig verwijzen we ze door naar het passende vervolgloket. De komende jaren breiden we dit programma uit tot 150 ondernemers. •W e brengen samen met onze partners de financiële mogelijkheden voor het MKB in beeld. We maken dit zichtbaar door actieve communicatie. Dit blijven we structureel doen. •W e blijven ons inzetten om externe gelden naar de regio te halen om te investeren in onze economie. •W e ondersteunen de MKB-deal Sm@rt Together en dragen dit waar mogelijk uit. We blijven dit doen totdat de derde en laatste pijler van de MKB-deal is afgerond. •W e maken in 2022 een Economische Monitor. Daarmee creëren we een ijkpunt; waar staan we met onze economie? We leggen een basis en bouwen dit de komende jaren uit tot een uitgebreide monitor/dashboard. We gaan jaarlijks monitoren om te kunnen bijsturen en als input voor toekomstige beleidskeuzes.
•W e ronden in 2022 het onderzoek ‘Economie van de Toekomst’ af, een visie op onze economie voor de langere termijn. Dit vormt een belangrijk kader voor de meerjarige keuzes in deze opgave. De vertaling van onze toekomstige economie naar ruimtebehoefte nemen we daarin mee als input voor de Verstedelijkingsstrategie. •D e position paper Logistiek is afgerond. Deze is gemaakt door de HAN, samen met de provincie, VNO/NCW, Logistics Valley en gemeenten. Dit advies is verwerkt in de regionale agenda 2023-2025. Binnen de Productieve regio blijven wij inzetten op inventarisatie en kennisdeling van bestaande initiatieven voor verduurzaming van brandstoffen in de logistiek. De sector is zelf verantwoordelijk voor het nemen van initiatie-
Voor de langere termijn zetten we in op behoud en aantrekken van (nieuwe) bedrijvigheid in de regio. Op verschillende niveaus: van zelfstandigen en startups tot het MKB en internationale bedrijven. We versterken de kwaliteiten van de werklocaties. We verbinden lokale bedrijven, instellingen en activiteiten aan de topsectoren en bieden synergievoordelen en ondersteuning bij het uitwerken van ideeën tot concrete projecten. We versterken de samenwerking met het onderwijs, gericht op een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, passend bij de vraag van ondernemers en de skills van werknemers en werkzoekenden. In de regionale agenda 2022 zijn we gestart met inzet op bovenstaande ambities. Daar bouwen we de komende jaren op voort. • We zetten onverminderd in op de relatie en samenwerking met TEB. Belangrijk daarbij is het verbinden van initiatieven voor Health, Hightech & Energy met de gehele regio en de zichtbaarheid van de kansrijke sectoren vergroten. We organiseren daarvoor o.a. de Dag van de Clusters. In 2023 e.v. bouwen we deze samenwerkingsrelatie verder uit. • We ondersteunen het MKB in de coronacrisis, deze heeft veel impact op het MKB maar ook op onze binnensteden en kernen. De komende jaren zijn de effecten daarvan nog zichtbaar.
26
27
SPEERPUNT 1 STIMULEREN ONDERNEMERSCHAP MKB WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
ven. Onze focus ligt op projecten waar we als regio meerwaarde kunnen bieden. Daarnaast zetten we in op een regionale analyse, coördinatie en uitrol van initiatieven. We vergelijken de potentie van initiatieven. Door het opschalen van kansrijke lokale initiatieven naar regionale schaal, werken we toe naar de oprichting van 1 of 2 INTERREG-projecten om nieuwe gelden naar de regio te halen. • In 2022 maken we samen met veel stakeholders een Human Capital Agenda en een Human Capital Akkoord. Daarmee bundelen we krachten en focussen we ons op de meest resultaatgerichte instrumenten. In het akkoord staat wie wat bijdraagt. Met de enorme krapte op de arbeidsmarkt en de kwantitatieve en kwalitatieve mismatch blijft inzet hierop voor alle opgaven van groot belang. Bijvoorbeeld door initiatieven en netwerken te verbinden en samenwerking met andere partijen op te zoeken. Met de agenda en het akkoord als basis, zetten we hier de komende jaren verder op in. Samen met de stakeholders die hierbij betrokken zijn. • In 2022 starten we met een actie om onze werklocaties te vergroenen. Er vindt een inventarisatie plaats en op basis daarvan werken we samen met de provincie een plan hiervoor uit. Met de behoefte aan meer circulair, duurzaam en klimaatbestendig blijven wij ons de komende jaren hiervoor inzetten.
•
• •
hebben we in de regio meer start-ups, scale-ups en nieuwe bedrijven in het MKB.
heeft het MKB een slag gemaakt in digitalisering. is het MKB meer toekomstbestendig door meer kennis, kunde en slagkracht van MKB’ers.
• •
stimuleren we ondernemerschap via (lokale) broedplaatsen. zijn ondernemers verbonden aan kennis- en investeringsnetwerken in regionaal en nationaal verband.
Wij stimuleren nieuw en innovatief ondernemerschap en ondersteunen het MKB om toekomstbestendig te worden. Dit doen we door het vergroten van kennis, kunde, slagkracht, productiviteit en creativiteit van MKB’ers. Op deze manier kan worden ingespeeld op nieuwe technologieën en verdienmodellen. Het MKB heeft een grote rol in de leefbaarheid van centra van de steden en kernen. Daarom zetten wij samen met de Ontspannen regio in op kennis delen, elkaar informeren en inspireren. Tot slot zetten we in op digitalisering, waarvan de COVID-19 crisis onomstotelijk de urgentie en noodzaak heeft bewezen. We houden constant de vinger aan de pols bij het Rijk voor nieuwe kansen. Bijvoorbeeld door de MKB Toekomstagenda 2023 en het regeerakkoord inzet herstel COVID-19 MKB.
• We scheppen voorwaarden voor MKB’ers om een stap te maken in verdere digitalisering en toekomstbestendigheid. Dat doen we allereerst door de voortzetting van het programma ‘Toekomstgericht Ondernemen’ uit 2022 waarin we 300 ondernemers screenen op toekomstbestendigheid. Afhankelijk van de uitkomst van de screening wordt een vervolgroute gekozen. Daarnaast doen we dat door de MKB-Deal Sm@rt-Together voor digitalisering. We dragen deze verder uit en verbinden deze waar nodig met het bedrijfsleven. In de laatste pijler van de MKB-deal (publiek-private samenwerking voor bruisende binnensteden en krachtige kernen) leggen wij verbinding met de Ontspannen regio. We bouwen de samenwerking rond bruisende binnensteden en krachtige kernen verder uit en trekken samen met de Ontspannen regio op in de kennisdeling richting ondernemers. • We ontwikkelen samen met onze partners een ecosysteem dat bijdraagt aan meer start-ups en nieuwe bedrijven in het MKB. Hierbij ligt de focus op het stimuleren van nieuwe (lokale) broedplaatsen. We halen bij het MKB op waar de behoefte ligt, we inventariseren wat er al is en zorgen voor een betere toegankelijkheid voor ondernemers. Dit alles in samenwerking met onze partners. De resultaten hiervan nemen we mee in het RPW.
• We verbinden lokale projecten met projecten op de investeringsagenda en het MKB: wat speelt er in de regio en waar kunnen ondernemers bij aanhaken?
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • In 2022 krijgen we inzicht in de mogelijkheden voor financiële steun tot 1 miljoen euro. Dit wordt structureel ontsloten door communicatiecampagnes. Om ondernemers hier optimaal gebruik van te laten maken, bouwen we aan landelijke en regionale kennis- en investeringsnetwerken die makkelijk toegankelijk zijn voor onze ondernemers. Dit doen we samen met onze partners zoals VNO/NCW, Oost NL en TEB. • We organiseren samen met onze partners ontmoetingsmomenten voor ondernemers gericht op netwerken, innovatie en kennisdeling.
28
29
SPEERPUNT 2 HUMAN CAPITAL WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
•
•
is er in Health, Hightech & Energy en Food voldoende en goed gekwalificeerd personeel beschikbaar en kunnen we deze behouden in de regio.
hebben we vraag en aanbod op de arbeidsmarkt bij elkaar gebracht en initiatieven versterkt voor werkenden, studenten en werkzoekenden.
profileren we ons als aantrekkelijke regio voor (internationaal) talent.
hebben we de samenhang verbeterd via kennisdeling van projecten en samenwerking tussen partners duurzaam geborgd.
•
hebben we externe middelen binnengehaald om de arbeidsmarkt te versterken.
Er is sprake van een enorme krapte op de arbeidsmarkt in diverse sectoren. Hiervoor is het noodzakelijk om de krachten te bundelen. Human Capital is randvoorwaarde om de doelen te kunnen bereiken in de andere speerpunten binnen de Productieve regio. Maar ook voor voortgang in de andere opgaven. Samenwerking op regionaal niveau en commitment tussen overheden, kennisinstellingen en bedrijven is cruciaal om de urgente vraagstukken op de arbeidsmarkt te kunnen oplossen. We gaan aan de slag om de regionale arbeidsmarkt te versterken. We starten in 2022 met de uitvoering van de Human Capital Agenda en maken een Human Capital Akkoord. Met de Human Capital Agenda brengen we focus aan en bepalen we de koers. We leggen de focus op de kansrijke sectoren Health, Hightech & Energy en Food. Het thema logistiek maakt hier onderdeel van uit. In het Human Capital Akkoord 2022-2025 maken we afspraken over wat betrokken partijen bijdragen, de resultaten en wie welke rol daarin heeft. De gezamenlijke ambitie is om te komen tot een regio waar bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheden zich aan verbinden. We willen de krachten bundelen en focus aanbrengen voor de verschillende projecten en initiatieven binnen de triple helix.
In 2023 geven we samen met TEB, de provincie en andere stakeholders verder invulling en uitvoering aan de resultaatgerichte instrumenten uit de Human Capital Agenda en het Human Capital Akkoord. Hierbij betrekken we ook onze sociale partners. De doelstellingen uit het Human Capital Akkoord borgen we in 2023. Dit doen we door een verbindende rol te spelen en te zorgen voor kennisdeling. Hierbij leren we ook van de ervaringen van andere (grensoverschrijdende) regio’s. Verder leggen we verbindingen tussen projecten en de investeringsagenda en zoeken we actief naar voldoende financiële middelen om een vervolg te kunnen geven aan (lopende) projecten die nodig zijn om tot een evenwichtige arbeidsmarkt te komen. We werken in samenspraak met de andere opgaven verder aan een regio die aantrekkelijk is om te studeren, wonen en werken.
30
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO
•S amenwerkingspartner van TEB en provincie om samen met andere stakeholders tot een goede evenwichtige arbeidsmarkt te komen.
•S tructureel borgen van de afspraken uit de Human Capital Agenda en het Human Capital Akkoord, waardoor de vraag naar en aanbod van personeel dichter bij elkaar wordt gebracht. •Z orgen voor verbindingen tussen behoefte MKB en aanbod en zorgen voor kennisdeling. Bijvoorbeeld door het organiseren van werktafels. • Integraal met andere opgaven zorgen voor een aantrekkelijke regio om talent te behouden. Aantoonbaar het verschil gaan maken als regio met het accent op communicatie en zichtbaarheid van de regio voor het behouden van talent. • Inzicht geven in financieringsbronnen en deze inzetten voor alle projecten die nodig zijn om tot een evenwichtige arbeidsmarkt te komen. •L eggen van verbinding tussen lokale en regionale projecten en de investeringsagenda: wat speelt er, waar kan je versterken, waar kun je op aanhaken en waar kun je aan bijdragen.
31
SPEERPUNT 3 DOORONTWIKKELING HEALTH & HIGHTECH EN ENERGY TOT (INTER)NATIONALE CLUSTERS WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
•
•
is het innovatieve vermogen van bedrijven in deze clusters versterkt en betaalt dit zich uit in verdienvermogen, in werkgelegenheid en in de kennispositie van de regio.
zijn we zichtbaar in onze directe omgeving en daarbuiten als (inter)nationaal toonaangevende regio voor innovaties en sleuteltechnologieën op het gebied van Health & Hightech en Energy.
wordt het innovatief vermogen van de bedrijven ingezet voor andere maatschappelijke opgaven zoals energietransitie, de woonopgave en de circulaire economie.
werken we met Regio Foodvalley aan crossovers tussen Health en Food.
De kansrijke clusters zetten we in voor de maatschappelijke opgaven zoals energietransitie, groei van banen op alle niveaus en crossovers met Food. We worden voor bedrijven en instellingen ‘the place to be’ in Nederland en Europa. We zetten krachtig in op lobby en benutten de samenwerkingsmogelijkheden met Foodvalley in lijn met kansen die in de Kracht van Oost worden benoemd.
Connectr draagt bij aan de energietransitie, de regionale economie en de Human Capital Agenda. SEH’s zijn locaties waar opwek van duurzame energie, uitwisseling van warmte- en reststromen en de realisatie van decentrale energiesystemen bij elkaar komen. Voor onze regio zijn dat Innofase (Duiven) en Engie (Nijmegen) Hier liggen ook kansen voor emissieloos transport voor logistiek en scheepvaart. Op deze locaties kan technologie toegepast worden die door partijen in de regio, op IPKW of binnen Connectr, ontwikkeld wordt. TEB heeft de lead bij dit speerpunt en werkt samen met de Groene Metropoolregio en provincie. Voor de verdere ontwikkeling van het clusters is voldoende en goed opgeleid personeel van groot belang, zowel op MBO- als op HBO+-niveau. Hier ligt dan ook nadrukkelijk een koppeling met de regionale Human Capital Agenda.
HEALTH & HIGHTECH Het benutten van economische kansen gaat hand in hand met het werken aan maatschappelijke gezondheidsthema’s en nieuwe sleuteltechnologieën. Hightech levert daarbij de basis voor het realiseren van baanbrekende innovaties. De focus ligt de komende jaren op de ontwikkeling van belangrijke sleuteltechnologieën zoals digital health en artificial intelligence (AI). Briskr is hiervoor de uitvoeringsorganisatie.
BIJDRAGE TEB Clustervorming • Vast aanspreekpunt voor de clusters op inhoud. • Inventariseren en benutten structuurversterkende projectkansen.
ENERGY In dit cluster ligt de focus op doorontwikkeling van Connectr en Smart Energy Hubs (SEH).
32
• Inbrengen projectkansen bij de Investeringsagenda. •S amenwerking rondom initiatieven uit de startblokken laten komen. •H et leggen van verbindingen tussen maatschappelijke thema’s en sleuteltechnologieën. •D oorontwikkeling van de campussen en samenwerking tussen bedrijven en instellingen uitbreiden. •D e SEH aanpak (door)ontwikkelen op Innofase (Duiven) en Engie (Nijmegen) en de aanpak en leerervaringen delen met andere bedrijventerreinen. •Z oeken naar externe financieringsbronnen. •W aar mogelijk het koppelen van de regio (bedrijven, gemeenten) aan projecten en initiatieven.
Daarnaast werken we samen met het Rijk, Europa en Duitsland in de clusters en de crossovers met duurzame logistiek. We zijn de proeftuin op het gebied van decentrale energiesystemen, groeien door naar een internationaal Health & Hightech topcluster en maken onze auto’s, vrachtwagens en binnenvaartschepen schoner door toepassing van alternatieve brandstoffen.
Lobby en profilering •M et lobby en profilering bijdragen aan de (inter)nationale zichtbaarheid van onze regio op het gebied van Health, Hightech & Energy. •O p programmaniveau samenwerken met Foodvalley om innovatieve kansen tussen food en Health te kunnen benutten.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO •D eelnemen aan regionale, nationale en Europese netwerken. •M et lobby en profilering bijdragen aan de (inter-)nationale zichtbaarheid. • Input uit de Economische Monitor leveren, zodat TEB zicht heeft op kansen voor de doorontwikkeling van de clusters en verdere netwerk- en clustervorming in de regio. •T oegang geven tot ons netwerk in de regio. • Investeren in belangenbehartiging voor projecten en initiatieven van bovenregionaal belang. Belangenbehartiging betekent: ervoor ‘gaan lopen’, lobbyen en zoeken naar financiering. • Inbrengen projectkansen in de samenwerking met TEB en de Investeringsagenda.
33
SPEERPUNT 4 TOEKOMSTBESTENDIGE WERKLOCATIES WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
•
•
is de kwalitatieve en kwantitatieve vraag en aanbod van werklocaties in evenwicht.
dragen we met werklocaties bij aan de groene en duurzame ambitie van de Groene Metropoolregio.
bieden we passende ruimte voor bedrijven die bijdragen aan onze economische groei en profiel.
hebben we inzicht in welke ruimtebehoefte voor werklocaties er is tot 2040, inclusief energietransitie, logistiek en duurzaamheid.
Toekomstbestendige werklocaties gaat over bestaande en nieuwe werklocaties met het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) als basis. Dit gaat over bedrijventerreinen, kantoorlocaties en locaties voor perifere detailhandel. In het RPW vindt afstemming plaats tussen vraag en aanbod van werklocaties. Het RPW gaat vooral over nieuwe ontwikkelingen op de juiste plek. Daarbij nemen we ontwikkelingen (zoals energieopwekking, clean energyhubs, laadinfrastructuur en stadsdistributie) en de gewenste ruimtebehoefte daarvan in de eerstvolgende herziening van het RPW (of na monitoring) mee. Verder zijn duurzaamheid en de landschappelijke inpassing hierbij belangrijke thema’s. We onderzoeken waar nieuwe regionale werklocaties moeten landen in de regio en hoe om te gaan met lokale ontwikkelingen. Vanaf 2022 zetten we ook in op het vergroenen van werklocaties in samenwerking met de provincie.
monitoring plaats, om indien nodig tussentijds te kunnen bijsturen. De besluitvorming over het RPW ligt bij de gemeenteraden. Het RPW is een verplicht onderdeel voor alle gemeenten. De Groene Metropoolregio faciliteert zowel ambtelijk als bestuurlijk de voorbereiding en afstemming over het RPW.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • In 2023 brengen we advies uit over de verdeling van nog beschikbare ontwikkelruimte voor bedrijventerreinen in de regio. • We starten de onderzoeken, verzamelen de informatie per 2024 en leveren in 2025 een nieuw RPW op met een horizon tot 2040. • Wij zetten in op het kwalitatief verbeteren van het RPW en nemen de ruimtebehoefte van werklocaties mee waar het gaat om de thema’s Health, Hightech & Energy, de circulariteitsopgaven, de energietransitie, logistiek, vergroening en landschappelijke inpassing. We leggen daarvoor verbinding met de Regionale Energiestrategie (RES), de Regionale Adaptatiestrategie (RAS) en de Regionale Agenda Laadinfrastructuur (RAL). In het RPW nemen we, naast de ruimtebehoefte, ook de aanvullende eisen mee die hieraan worden gesteld. • De transformatie van werklocaties naar woningbouw (o.a. in Arnhem en Nijmegen) leiden tot een verplaatsingsvraagstuk van bedrijven. Dit is
De Economische Visie 2040 uit 2022 vormt mede de basis voor de monitoring en de herziening van het RPW. Dit geldt eveneens voor de Verstedelijkingsstrategie, waarin de ruimtebehoefte van alle opgaven samenkomen. Het RPW is verankerd in de omgevingsverordening van de provincie. Minimaal één keer in de vier jaar moet er een nieuw RPW worden vastgesteld. In mei 2021 is het gewijzigde RPW vastgesteld door Gedeputeerde Staten, in 2025 komt er een nieuw RPW. Tweejaarlijks vindt er een
34
een nieuw vraagstuk waar extra aandacht aan moet worden besteed in het RPW. •W e onderzoeken wat de mogelijkheden voor (her)ontwikkeling van brownfields zijn en pakken dit samen met de provincie op. Onder brownfields worden verstaan: structureel onderbenutte of verwaarloosde gronden met opstallen (bijvoorbeeld bedrijventerreinen), die voor herinrichting c.q. transformatie in aanmerking komen. •B innen het RPW verkennen we in hoeverre en onder welke voorwaarden (extra) ruimte voor logistiek op bestaande bedrijventerreinen kan worden ontwikkeld. Voor grootschalige logistiek is het uitgangspunt clusteren op de knooppunten Nijmegen en Emmerich/Montferland/Zevenaar.
•D e opkomst van ‘dark stores’ is nieuw. Een ‘dark store’ is een distributielocatie/depot/hub dichtbij consumenten, om binnen 10 minuten goederen te kunnen leveren. Deze liggen vaak in woonwijken en winkelgebieden. In het RPW moeten we bepalen hoe hier mee om te gaan. •U itvoering Plan van Aanpak vergroening van bestaande werklocaties. In 2021 is een plan van aanpak voor de vergroening van bestaande werklocaties gemaakt, afgestemd met de provincie. In het tweede kwartaal 2022 wordt er een voorstel aangeboden hoe we dit verder gaan uitwerken. De resultaten hiervan worden verwerkt in de monitoring van 2022 en het RPW van 2025.
WAT MAG HET KOSTEN? realisatie begroting begroting meerjarenraming 2021 2022 2023 2024 2025 2026 (bedragen x € 1.000) Productieve regio Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve
-
575 575 -
773 773 -
794 794 -
816 816 -
816 816 -
Saldo na reserves
=
=
=
=
=
=
De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting.
35
6. CIRCULAIRE REGIO (PROGRAMMA)
OVER VIJF JAAR: hebben we onze positie als circulaire topregio versterkt en zijn we internationaal zichtbaar. Hebben we een instrumentarium ontwikkeld om zuiniger en slimmer om te gaan met energie, grondstoffen en producten.
We werken op regionale schaal al een aantal jaren samen op het gebied van duurzaamheid. De Routekaart Energietransitie vormde hiervoor de basis. Uit deze samenwerking zijn diverse projecten voortgekomen, die deels nog lopen of in 2021 een impuls hebben gekregen. Enkele voorbeelden: • 1 6 gemeenten hebben in 2021 de Regionale Energiestrategie 1.0 (RES) vastgesteld. De projectorganisatie is vernieuwd met het oog op de volgende fase RES2.0. Hiervoor is een Uitvoeringsplan opgesteld en zijn voorwaarden geschapen voor het uitvoeren van zogenaamd PlanMER. •d e gezamenlijke inkoop van duurzame energie (gas en elektriciteit) is voorbereid, zodat in 2022 de contracten voor de komende jaren kunnen worden aanbesteed c.q. verlengd. Voor een zo duurzaam mogelijke inkoop van gas is een strategie opgesteld. •h et project Circulaire Grond-, Weg- en Waterbouw is voortgezet met de organisatie van enkele kennisevents, een communicatiestrategie en de voorbereiding van proeftuinen en pilotprojecten. •w e hebben in samenwerking met de opgave Groene groei een circulaire impactladder ontwikkeld. Die biedt een maatstaf om de circulariteit van nieuwbouwwoningen te kunnen beoordelen. In 2022 gaat de implementatie van start binnen gemeenten en gaat de regionale bouwsector hiermee werken.
•w e hebben een interactieve sessie georganiseerd over klimaatadaptatie voor medewerkers van gemeenten, provincie en waterschappen. •w e hebben een startnotitie geschreven die de basis legt voor de verdere ontwikkeling en aanpak van circulaire grondstoffen en ketens.
pelijke inzet voor deze transities te versterken. De gezamenlijke overheden vervullen hierin een voortrekkersrol. (Inter-)nationale en regionale klimaatambities en doelstellingen voor 2030 en 2050 zijn vastgesteld en worden eerder aangescherpt dan getemperd. De overtuiging dat versnelling en verbreding nodig is, groeit bij steeds meer actoren en stakeholders. Bij de ontwikkeling van het Uitvoeringsplan RES2.0 merken we dat het Rijk tot nu toe onvoldoende middelen heeft verstrekt voor deze vervolgfase. Dat legt een forse claim op het projectteam, dat aanzienlijk is verkleind ten opzichte van de fase RES1.0. De complexiteit bij het ontwikkelen van duurzame energie is echter alleen maar toegenomen, omdat er in 2021 diverse signalen zijn afgegeven dat nieuwe grotere projecten niet meer aangesloten kunnen worden vanwege netcongestie. Daarbij komt dat de vraag naar elektriciteit de komende jaren nog toeneemt. Onder andere doordat we elektrisch gaan rijden en veel meer woningen gaan bouwen.
Het verhaal van een aantrekkelijke circulaire transitie is nog lang niet uitgekristalliseerd en blijft zich verder ontwikkelen en concretiseren. De aandacht voor de samenhang met andere duurzaamheidstransities neemt toe. Dat is nodig om het maatschappelijk draagvlak en de maatschap-
36
37
SPEERPUNT 1 CIRCULAIRE BOUW EN INFRASTRUCTUUR WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
besteden we alle projecten in de Grond-, Weg en Waterbouw (GWW)-sector circulair aan.
hebben wij met partners een regionaal ecosysteem ontwikkeld, waarbij het hergebruik van bouwmaterialen en grondstoffen gebruikelijk is en de bouwlogistiek duurzaam functioneert.
•
wordt minstens 25% van de woningen circulair gebouwd.
Besparen en hergebruik van grondstoffen en producten is in vele sectoren van onze samenleving van belang. De sector bouw en infrastructuur neemt ongeveer 40% van de Gelderse grond- en afvalstoffenstromen voor zijn rekening. De Groene Metropoolregio zet samen met bedrijven en onderzoeksinstellingen stevig in op het besparen van grondstoffen en hergebruik van afvalstoffen in de bouw- en infrastructuur en vermijdt daarmee zoveel mogelijk CO2-emissies.
Het in 2020 gestarte Uitvoeringsprogramma Circulaire Grond-, Weg- en Waterbouw zetten we voort en wordt in 2022 geëvalueerd. Er komt een voorstel voor het vervolg. Het project bestaat uit het delen van kennis, het ontwikkelen van een aanpak waarbij circulaire principes worden meegenomen in onze overheidsrol als opdrachtgever en het ontwikkelen van een maatstaf voor de mate van circulariteit in de infrasector.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO
ondersteunen de inzet van een projectmanager conceptueel en circulair bouwen. • In zowel de bouw als de GWW-sector wordt op grote schaal gebruik gemaakt van ‘virgin materials’ waar bovendien ook vaak nog geen goede duurzame alternatieven voor zijn. Denk bijvoorbeeld aan cement, staal en glas. Hergebruik van bouwmateriaal dat al in omloop is, is een belangrijk circulair principe om de negatieve impact van het gebruik van bouwmateriaal te verkleinen, in het bijzonder voor die materialen waar (nog) geen goede duurzame alternatieven voor zijn. Wij versterken de praktijk van hergebruik van materialen en grondstoffen door partijen te verbinden, kennis en ervaringen te delen en gezamenlijke initiatieven te ondersteunen. •C irculair bouwen en circulair aanleggen van infrastructuur vergt ook duurzame bouwlogistiek. We ondersteunen verduurzaming daarvan door uitwisseling van kennis, informatie en ervaringen te faciliteren bij alle spelers in de bouwketen.
•O m circulair aanbesteden in de GWW-sector algemeen geaccepteerd en breed toegepast te krijgen, moet kennis van en ervaring met deze manier van aanbesteden snel groeien bij alle opdrachtgevers, budgethouders, inkopers, projectleiders en uitvoerders in de regio. We ondersteunen en versnellen deze leercurve door het opbouwen en uitwisselen van kennis en informatie te organiseren en door de (directe en indirecte) meerwaarde van circulair aanbesteden inzichtelijk te maken. •V oor het beoordelen van de circulariteit van bouw hebben we een methode ontwikkeld: de circulaire impactladder. Om deze methode in 2025 in de hele regio toe te kunnen passen op alle bouwprojecten, organiseren we een leertraject om de implementatie soepel te laten verlopen. We faciliteren het uitwisselen van kennis, informatie en ervaringen rondom het beoordelen van de circulariteit van bouw en
In de Woondeal Arnhem-Nijmegen is het streven vastgelegd dat na verloop van tijd een steeds groter aandeel circulair gebouwd wordt: in bestaande plannen minimaal 10%, vanaf 2025 25%, vanaf 2030 50% en vanaf 2050 100%. De regio heeft hiervoor een maatstaf ontwikkeld: de circulaire impactladder. Het Kenniscentrum Circulaire Bouw in Nijmegen is een mooi voorbeeld waar kennis en kunde over circulaire bouw wordt samengebracht. Mogelijk gaat dit centrum deel uitmaken van VIA-t, centrum voor innovatie, duurzaamheid en vakmanschap in de bouw. Ook willen we leren van proeftuinen en experimentlocaties, bijvoorbeeld in het Lifeport Circular Lab. Deze initiatieven dragen bij aan het verminderen van het tekort aan kundige vaklieden voor circulair bouwen. De bouwsector kampt nu al met een tekort aan personeel en circulaire bouw vergt voor een deel andere kennis, kunde en vaardigheden.
38
39
SPEERPUNT 2 CIRCULAIRE ECONOMIE: GRONDSTOFFEN EN KETENS WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
• •
•
Circulaire economie is een transitievraagstuk waar de hele samenleving in dit decennium mee te maken krijgt, in overheidsbeleid en -eisen en vragen van bedrijven. Voor een individuele gemeente is het lastig hierop in te spelen. Partijen willen verspilling voorkomen, producten anders ontwerpen, productlevensduur verlengen en producten leasen, hergebruiken en recyclen. Dit is hard nodig, want er raken nog veel grondstoffen verloren omdat ze bij voorbeeld nog onnodig worden verbrand. De Groene Metropoolregio wil voorsorteren op de toekomst waarin schaarste aan materialen en grondstoffen wordt verwacht en anticiperen op Rijks- en overheidsbeleid. Circulariteit, klimaat en energie worden in landelijk en Europees beleid steeds meer geïntegreerd benaderd, o.a. omdat circulariteit nodig is om klimaatdoelen te halen maar ook omdat het verstandig is om de energietransitie zo circulair mogelijk te laten verlopen, omdat materialen en grondstoffen schaarser worden (bijvoorbeeld in Fit for 55 (EU) en in het nieuwe Coalitieakkoord).
grondstoffen- en afvalstromen, vooral om focus aan te brengen in waar we als gezamenlijke overheden het meest kunnen bijdragen aan het circulair maken van onze regio. • We stimuleren de ontwikkeling van een zestal grondstoffenhubs en dragen bij aan een goede, evenwichtige ruimtelijke inpassing. De zes grondstoffenhubs zijn bouw- & sloopafval, accu’s & batterijen, zonnepanelen, kunststoffen, textiel en voedselketen. • We helpen samen met provincie en omgevingsdiensten bij het wegnemen van juridische belemmeringen bij de ontwikkeling van nieuwe recyclingketens, bijvoorbeeld in de landbouw waar nog veel kansen liggen. • We ondersteunen gemeenten bij het circulair inkopen van producten en diensten en zorgen voor een stimulerend platform voor uitwisseling van kennis en ervaring. • We signaleren kansen voor nieuwe banen voor praktisch en technisch geschoolden, afgestemd met de brede Human Capital Agenda in de opgave Productieve regio. • Landelijke of projectgebonden programma’s voor gedragsbeïnvloeding delen we met gemeenten om verspilling bij consumenten en producenten tegen te gaan. • Als circulaire topregio zoeken we expliciet naar kansen voor funding en cofinanciering voor versnelling van onze aanpak. De lobbykracht versterken we in samenhang met de provincie en The Economic Board.
hebben we 6 productieketens/ reststromen circulair gemaakt.
functioneert een regionaal ecosysteem waarin hergebruik van grondstoffen en materialen fors is toegenomen.
kopen alle gemeenten in de regio circulair in.
Mede door de COVID-19 crisis en door geopolitieke spanningen is er een trend richting deglobalisering en kortere ketens. De aanvoer stokt bv in de hightech, maakindustrie en food sectoren. De circulaire economie kan helpen nieuwe verdienmodellen op te zetten in een Europese, landelijke of zelfs regionale markt. Daar spelen we graag op in.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO • We versterken ons inzicht in de regionale
40
SPEERPUNT 3 WATER EN KLIMAATADAPTATIE WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
•
•
zijn we steeds beter geworden in het opvangen, vasthouden en hergebruiken van water.
hebben we het bebouwd gebied in stad en dorp verder vergroend.
hebben we maatregelen genomen om goed om te gaan met wateroverlast, droogte of hittestress.
bouwen we klimaatbestendig.
niveau. Versnipperde kennis brengen wij bijeen en delen we met elkaar. We brengen wetenschappelijke én praktijkkennis van buiten onze regio naar onze regio toe.
Water en klimaatadaptatie is een belangrijk thema. Voor de regio willen we water beter opvangen, vasthouden en hergebruiken en willen we overlast en onveilige situaties voorkomen. Steden, dorpskernen en werklocaties kunnen we nog verder vergroenen, waarmee we beter zijn voorbereid op extreme regenval, hitte en droogte. We bevorderen tegelijk de biodiversiteit.
2) Klimaatbestendig bouwen. Versterken kennis, kunde en profiel op het gebied van klimaatbestendig, natuurinclusief en biodivers bouwen. Ontwikkelen uniforme aanpak voor water- en klimaatbestendige bouwprojecten. Verwerven Europese/nationale cofinanciering voor vooruitstrevende projecten.
De gemeenten in de regio zijn betrokken bij verschillende Regionale Adaptatiestrategieën (RAS) die samen met waterschappen en andere partijen worden ontwikkeld. Hierbij heeft de Groene Metropoolregio geen rol gespeeld. De RASsen zijn gereed en/of in een afrondend stadium. Daarna volgt de uitwerkingsfase waarbij we als regio kunnen leren van goede voorbeelden over hoe om te gaan met extreme wateroverlast, hitte en droogte. Ook living labs en klimaatproeftuinen dragen daaraan bij. Bovendien hebben we als regio een forse bouwopgave waarbij we de groene kwaliteiten van de regio willen versterken. Dat levert de uitdaging op om klimaatbestendig, natuurinclusief en biodivers te bouwen.
3) Klimaatproeftuinen en vergroeningsprojecten. Ontwikkelen van een lerende en inspirerende omgeving waarin kennis en praktijkervaringen over klimaatproeftuinen en aanpak van grote en kleinere vergroeningsprojecten op regionale schaal worden gedeeld. Daarbij halen we zo nodig ook inspiratie van buiten onze regio om nog meer stappen vooruit te zetten. • Ondersteuning Lifeport Circular Lab. Het Lifeport Circulair Lab ontwikkelt in triple helix-verband kleinschalige regionale initiatieven op het gebied van circulariteit door naar reguliere werkwijzen, zoals circulair bouwen, het inrichten van grondstoffenhubs en klimaatadaptieve maatregelen. Als Groene Metropoolregio zijn wij een verbindende schakel naar lokale overheden. •P rofilering met projecten landschapsontwikkeling.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO •K ennis delen: 1) Regionale Adaptatiestrategieën (RAS). Binnen de regio wordt op verschillende plekken gewerkt aan een water- en klimaatadaptieve regio. Als Groene Metropoolregio tillen we het kennisniveau van de hele regio naar een hoger
41
SPEERPUNT 4 TRANSITIE NAAR DUURZAME ENERGIE WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
•
gebruiken bedrijven, inwoners en gemeenten minder (fossiele) energie.
is onze regio volop in staat innovaties in opwekking, opslag en transport tot stand te brengen.
•
is het aandeel duurzame, hernieuwbare energie dat we in de regio gebruiken groter dan landelijk gemiddeld.
Met de plannen van de Europese Unie (Fit for 55) en het regeerakkoord zijn de doelen voor de energietransitie naar boven bijgesteld. Daarnaast dringt het bewustzijn door dat we niet alleen een opgave hebben op het gebied van verduurzaming van de energie, maar dat ook leveringszekerheid een cruciaal thema wordt. Voor de gemeenten die aan het thema energietransitie werken hebben deze ontwikkelingen een aantal gevolgen. •D oordat de RES in een verdere fase komt en door de hogere ambities van EU en Rijk moeten gemeenten een omslag maken van het maken van visies naar het versneld faciliteren van de uitvoering. •E r zal naast de blijvende focus op elektriciteit en warmte ook steeds meer aandacht besteed moeten worden aan opslagmogelijkheden van energie, zoals de toepassing van waterstof. •D oor ontwikkelingen op de arbeidsmarkt is het voor gemeenten lastig om kwantitatief en kwalitatief voldoende personeel te krijgen voor de opgave.
Grote landschapsontwikkelingsprojecten zijn van belang om als regio water- en klimaatbestendig te worden. Het groene karakter geeft onze regio een herkenbaar gezicht en maakt het een aantrekkelijke plek om te wonen en te recreëren. Als Groene Metropoolregio zetten wij ons in voor de partnerships en cofinanciering van landschapsontwikkeling waarbij klimaatadaptatie een rol speelt.
In de RES1.0 hebben we afgesproken 1,62 TWh duurzame elektriciteit op te wekken en te streven naar een betere verhouding in wind- en zonne-energie.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO •W e faciliteren een nieuw bod RES 2.0 en ondersteunen de borging van afspraken die in RES1.0 zijn vastgelegd. Hiertoe maken we onder andere een regionaal PlanMER. We onderzoeken samen met onze partners of we de afspraken kunnen borgen in een gezamenlijk regionaal omgevingsprogramma. We werken tevens samen aan een regionale warmtestructuur met bronnenstrategie, in samenhang met de gemeentelijke transitievisies warmte. •W e stimuleren de ontwikkeling van smart energy hubs en nieuwe duurzame energiedragers zoals waterstof en accu’s. Connectr speelt een belangrijke rol in dit speelveld. •W e zorgen namens gemeenten voor de contracten voor gezamenlijke inkoop van energie. •W e organiseren en delen kennis op het gebied van o.a. aardgasvrije wijken, expertisecentra en energieloketten. •W e zorgen voor monitoring van onze inspanningen voor CO2-reductie, waarbij we zoveel mogelijk gebruik maken van bestaande data.
Met de Regionale Energiestrategie werken we samen aan de opwek van duurzame hernieuwbare elektriciteit en warmte en de bijbehorende infrastructuur, samen met Rijk, provincie en waterschappen. Daarmee dragen we bij aan de opgave om in 2030 55% minder CO2 uit te stoten en aan een CO2 neutrale energievoorziening.
42
43
WAT MAG HET KOSTEN? realisatie begroting begroting meerjarenraming 2021 2022 2023 2024 2025 2026 (bedragen x € 1.000) Circulaire regio Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Saldo na reserves
198 198 -
638 638 -
696 696 -
714 714 -
733 733 -
733 733 -
De realisatie 2021 betreft de baten en lasten zoals deze in de administratie van de Groene Metropoolregio zijn verantwoord. Details van dit overzicht zijn opgenomen in de begroting.
44
45
7. ONTSPANNEN REGIO (PROGRAMMA)
OVER VIJF JAAR: hebben we een goede balans tussen groei en kwaliteit van leven door onze inzet op duurzaam toerisme, goede voorzieningen in centra voor inwoners en bezoekers, een sterke culturele infrastructuur en versterking van natuur, landschap en erfgoed.
We groeien als regio. In inwoneraantal, in woningen, wegen, fietspaden, werkgelegenheid en nog veel meer. We willen alles wat het leven in deze regio zo prettig maakt, onze kwaliteit van leven, mee laten groeien. Daar gaat deze opgave over.
bezoekers in de centra en culturele activiteiten, helpen om binnensteden en kernen levendig en leefbaar te houden. De speerpunten ‘bruisende binnensteden, krachtige kernen’, ‘duurzaam toerisme’ en ‘cultuur’, hebben veel met elkaar te maken. Voor de ondernemers en de regionale economie is een levendig centrum erg belangrijk. Daarom werken we hier samen met Productieve regio aan. •h et ‘groen’ en het ‘blauw’ zijn belangrijk voor inwoners en bezoekers. Tegelijkertijd willen we de drukte die dat met zich mee brengt goed over de regio spreiden. Want minder drukte is prettiger voor de bezoeker, voor de mensen die rondom het recreatiegebied wonen en beter voor de natuur. Met onze acties binnen het speerpunt ‘duurzaam toerisme’ zorgen we dat er meer aantrekkelijke plekken zijn om te bezoeken. En dat die plekken goed bekend zijn bij iedereen. Tegelijkertijd denken we in het groen-blauw raamwerk goed na welke plekken juist niet bezocht moeten worden, omdat de natuur rust nodig heeft. En we kijken of we slimme combinaties kunnen maken met oplossingen voor andere problemen. Bijvoorbeeld een combinatie tussen nieuwe natuur en het opvangen van water of het opwekken van duurzame energie. Dat laatste doen we samen met de Circulaire regio.
We willen dat inwoners en bezoekers in hun vrije tijd nog meer kunnen genieten van de mooie plekken in onze regio. Door bijvoorbeeld het fiets- en wandelroutenetwerk te verbeteren, willen we er aan bijdragen dat iedereen die in de regio woont of de regio bezoekt, gezond kan bewegen, sporten en leven. We willen dat de kernen van onze steden en dorpen levendig en leefbaar zijn. We vinden het belangrijk dat we het landschap, de natuur, het water, het (groene) erfgoed en de cultuur in onze regio nog beter en sterker maken. En soms moeten we ook herstellen wat (deels) verloren is gegaan. Denk aan natuurgebieden waar zoveel bezoekers komen, dat de natuur verstoord is geraakt. Het versterken en herstellen van landschap, natuur, water, erfgoed en cultuur doen we deels om de groei in inwoners en woningen op te vangen: als er meer mensen wonen, hebben we ook meer aantrekkelijke plekken nodig. Maar we doen het ook omdat landschap, natuur, water, erfgoed en cultuur een belangrijke waarde van zichzelf hebben, die we graag willen behouden en versterken.
De Ontspannen regio was bij de start in 2021 een relatief nieuwe opgave in regionaal verband. We zijn begonnen met het maken van een toeristisch profiel, het groen-blauw raamwerk en een analyse en toekomstbeeld voor bruisende binnensteden, krachtige kernen. Ook hebben we gekeken wat nodig is om ons fiets- en wandelroutenetwerk beter te maken. De wethouders van Cultuurregio 025 hebben afspraken gemaakt over de uitvoering van het Transformatievoorstel cultuurregio 025. Hiervoor krijgen we van de provincie 1,3 miljoen euro.
Om te zorgen dat de kwaliteit van leven op peil blijft en beter wordt, blijven we ook in de jaren 2023-2025 werken aan vier speerpunten: ‘duurzaam toerisme’, ‘bruisende binnensteden, krachtige kernen’, ‘groen-blauw raamwerk’ en ‘cultuur’. Deze vier speerpunten hebben veel met elkaar en met de andere opgaven te maken. Een paar voorbeelden: •m eer woningen en wegen vragen om aantrekkelijke recreatieve voorzieningen in stadscentra en dorpskernen. Toeristische bezienswaardigheden, een goed en gevarieerd winkelaanbod,
46
We gebruiken 2022 om concreter te maken wat we als regio gaan doen. We maken af waar we
47
SPEERPUNT 1 DUURZAAM TOERISME WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
in 2021 mee begonnen zijn, doen een vitaliteitsonderzoek en starten met de uitvoering van het Transformatievoorstel cultuurregio 025. Met onze aanpak sluiten we goed aan op wat de provincie, het Rijk en Europa belangrijk vinden en maken we gebruik van de middelen die daar beschikbaar zijn.
•
•
hebben we in de regio een vitale sector voor recreatie, die - aansluit bij de vraag en - bijdraagt aan de (basis)voorzieningen en leefbaarheid in de kernen.
In de periode 2023-2025 zorgen we dat de plannen die we in 2022 maken, uitgevoerd worden. Met samenwerkingspartners regelen we middelen en beleggen we de uitvoering bij wie dat het beste kan.
kiezen bezoekers steeds vaker voor een verblijf van meer dagen in de regio.
•
is de drukte door bezoekers beter verspreid over de regio en over de seizoenen.
In 2022 maken we een toeristisch profiel op basis van verhaallijnen, ook wel belevingsgebieden genoemd, zoals ‘Romeinen’, ‘Water’ of ‘Vrijheid’. Daarnaast doen we een vitaliteitsonderzoek: welke (soorten) toeristische bedrijven zijn er in de regio en wat zijn de sterke en minder sterke punten van de sector? En we werken aan een verbetering van ons fiets- en wandelroutenetwerk. Met de Verbonden regio proberen we de kansen die er zijn voor verbetering van het functionele fietsroutenetwerk, voor bijvoorbeeld woon-werkverkeer, te koppelen aan kansen om het recreatieve fietsroutenetwerk te verbeteren.
Veel van wat wij willen, wil de provincie ook. We werken samen binnen alle speerpunten. In het Verstedelijkingsakkoord met het Rijk verwachten we afspraken te kunnen maken over versterking van landschap, natuur en erfgoed en over binnensteden en kernen. Waterschappen, Rijkswaterstaat, natuur- en terreinbeherende organisaties, zoals Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten, zijn onze partners om het groen-blauw raamwerk te realiseren. We doen dat samen met de opgave Groene groeiregio. De gebiedsuitwerkingen binnen die opgave zijn een belangrijk uitgangspunt.
gen we meer nadruk op klimaat- en milieubewust ondernemen in de toeristische sector. En op het bereiken van zoveel mogelijk verschillende groepen mensen om in deze regio te komen recreëren en ontspannen.
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN - BIJDRAGE VAN DE REGIO •S amen met VAN stemmen we de subregionale marketingvisies op elkaar af en komen we tot een geheel dat past bij het toeristisch profiel op basis van belevingsgebieden. •W e scheppen de voorwaarden (financieringsmogelijkheden, organisatie) om de belevingsgebieden verder te ontwikkelen en bewaken de samenhang daarin. •W e vertalen het vitaliteitsonderzoek verder in een plan van aanpak om de vitaliteit van de toeristische sector te verbeteren en meerdaags verblijf te bevorderen. •W e scheppen de voorwaarden om de vitaliteitsaanpak uit te voeren (o.a. financieringsmogelijkheden en organisatie). •W e ondersteunen de professionalisering van het opdrachtgeverschap tussen gemeenten en VAN. We zoeken naar de gezamenlijke belangen en organiseren gesprekken om te komen tot prestatieafspraken. •O p basis van het plan van aanpak voor fiets- en wandelroutenetwerken, maken we een meerjarige uitvoeringsagenda voor recreatieve routenetwerken, afgestemd met de meerjaren agenda Fiets (Verbonden regio). We actualiseren deze agenda jaarlijks.
Het toeristisch profiel en het vitaliteitsonderzoek zijn de basis voor onze samenwerking op dit speerpunt in 2023-2025. We werken de belevingsgebieden verder uit en werken aan de promotie daarvan. We ondersteunen ondernemers in toerisme om een vitaal en levensvatbaar bedrijf te hebben en te houden. Zo komen er meer aantrekkelijke plekken om te bezoeken, wat helpt om bezoekers meer over de regio en de seizoenen te spreiden. We gaan in de periode 2023-2025 door met het verbeteren van ons fiets- en wandelroutenetwerk. Ook dat helpt om bezoekers over de regio te spreiden.
Met Visit Arnhem Nijmegen (VAN) en andere partners werken we verder aan duurzaam toerisme. We leren van de VeluweAlliantie en trekken samen op waar dat helpt. Dat geldt ook voor de andere regio’s, die naast onze regio liggen of daarmee deels overlappen: de Achterhoek, Noord-Limburg, Noord-Oost-Brabant, het Land van Maas en Waal en de Euregio Rijn-Waal. De culturele sector betrekken we in 2022 bij de uitvoering van het Transformatievoorstel Cultuur, zodat die mede-uitvoerder van het Transformatievoorstel Cultuurregio 025 wordt.
In het groen-blauwe raamwerk besteden we ook aandacht aan recreatie en toerisme. Door na te denken over de vraag: waar creëren we ruimte in natuur en landschappen om te recreëren en waar is het juist belangrijk om natuur en landschap met rust te laten? In de periode 2023-2025 leg-
48
49
SPEERPUNT 2 BRUISENDE BINNESTEDEN, KRACHTIGE KERNEN
• Samen met de Verbonden regio scheppen we de voorwaarden om de agenda voor het recreatieve wandel- en fietsroutenetwerk uit te voeren (o.a. financieringsmogelijkheden en organisatie). Het aanleggen van de routes gebeurt op gemeentelijk niveau. • We inventariseren wat nodig is voor het beheer en onderhoud van het fiets- en wandelroutenetwerk en stimuleren de doorontwikkeling van de organisatie hiervan.
WAT WILLEN WE BEREIKEN - OVER VIJF JAAR:
•
• •
hebben we een sterk en complementair aanbod van voorzieningen in onze binnensteden en centra van kernen (kortweg: centra).
hebben we leegstand in onze centra aangepakt en beperkt. houden we de centra leefbaar voor bewoners, bezoekers en ondernemers.
Binnensteden en kernen worden steeds minder een plek om alleen spullen te kopen en steeds meer een plek om elkaar te ontmoeten en te ontspannen. En we wonen ook steeds meer in de binnensteden en kernen. De gevolgen van de COVID-19 crisis maken het extra belangrijk om te blijven werken aan sterke binnensteden en krachtige kernen. Gemeenten en ondernemers zijn hier volop mee bezig, op eigen kracht en met steun van provincie en de Rijksoverheid. De vraag is wat wij hier op regionaal niveau aan kunnen toevoegen. We weten dat binnensteden en kernen in onze regio van elkaar afhankelijk zijn en elkaar aanvullen. Maar hoe zijn die binnensteden precies aanvullend aan elkaar en waar is er overlap of zijn er nog witte vlekken En waar liggen kansen om elkaar te versterken? Om dat te bepalen, gebruiken we de analyse en het toekomstbeeld ‘bruisende binnensteden, krachtige kernen’. Omdat