[25bb000506] Verslag Hoorzitting ontwerpbestemmingsplannen 14 januari 2025
Tekst van het document
De kans is trouwens niet denkbeeldig dat de hele ontwikkeling halverwege strandt: hoeveel vraag is er werkelijk naar dit soort woningen, de metrobuis krijgt toch schade door de 65 meter lange palen, de ontwikkelaar komt in de financiele problemen…..
Moet dit zo ? Geachte leden van de gemeenteraad. Het onderstaande is niet opgesteld om u noch het college te beledigen, maar uw raad te helpen bij meningsvorming, uitgaande van de feiten. Algemeen bekend is het enorme aantal dossiers dat u moet behandelen en de complexiteit van dit alles. Cursief zijn in het onderstaande enkele cynische kanttekeningen geplaatst; burgers verliezen vaak vertrouwen in de democratie; laat dit dan maar eens de uitlaatklep zijn. Het college stelt onder punt 22.12 van haar zienswijzebeantwoording ‘. Het doel van een zienswijzenprocedure is meerledig, maar is nadrukkelijk niet om te inventariseren of het project in de omvang zoals de gemeente deze voorstaat, op instemming kan rekenen van de inwoners van Rotterdam. De zienswijzenprocedure wordt in hoofdzaak gebruikt om eventuele omissies in het ontwerpbestemmingsplan te herstellen.’ Ik geef u mee dat dit een nogal gladde voorstelling van zaken is. De burgers van Rotterdam zijn sowieso niet gehoord over de plannen, wat gezien de schaal van de planvorming en het belang van het Hofplein verwondert. Binnen de driehoek van college – ontwikkelaars – ambtelijke projectgroep is gekomen tot plannen, wat juridisch valide is, gezien de grond- en vastgoedeigendommen, maar het is aan uw raad – als volkstegenwoordigers – te bepalen of het voorliggende bestemmingsplan het belang van de Rotterdammers dient.
Zo is daar de procedure. Volgens het college hebben plannen binnen RCD-XLgebied geen enkele relatie met elkaar. Tóch worden hier u twee bouwplannen op twee locaties van twee totaal verschillende ontwikkelende partijen in één procedure voorgelegd. De Rotterdamse burger stelt zich dan de vraag: wat is hiervan de logica ? Enige politieke afweging m.b.t. het individuele bouwplan (vind ik ontwikkeling Lumiere goed, maar RISE niet, bijvoorbeeld) wordt uw raad daarmee in politieke zin (door het debat te reduceren tot: steun ik het college of niet?) onmogelijk gemaakt. Ik geef het u maar mee. Waar in onderstaand zaken niet duidelijk zijn, of punten bij u twijfels oproepen, schroom niet het college of ondergetekende hierop te bevragen. De bouwplannen voor RISE/Lumiere zijn te belangrijk om in één procedure met één hamerslag te laten passeren. Het getuigt van moed zelfstandig als volksvertegenwoordiger te denken en te handelen, al is het maar voor eigen geweten. Ik wens u alle verstand, wijsheid en politieke moed. H.J. van Velzen -------------------------------------------------------------------------------------------------------------De samenstelling van het woningbouwprogramma RISE is aanvechtbaar en ongewenst -
-
Het college suggereert in het raadsvoorstel (24bb007661) dat met 299 sociale huurwoningen 20% van het woningbouwprogramma van RISE sociaal is (zie ook punt 12.10 van zienswijzebeantwoording). Er is echter sprake van 73 sociale woningen extra t.o.v. de huidige voorraad sociale huurwoningen (226 woningen in complex Pompenburg) →daarmee is sprake van slechts 5% sociale woningen extra op deze locatie. Deze conclusie klopt. Het is een ontwikkeling die ik onderschrijf ? De 299 sociale woningen in RISE hebben aanzienlijk minder verblijfsruimte, geen kelderbergingen, noch eigen parkeerplaatsen wanneer we deze vergelijken met het bestaande Pompenburggebouw. De te verwachten servicekosten zullen zo’n E 250 a 300 zijn, overeenkomstig gebruikelijk bij hoogbouw. Dit roept zorgen op. Woningcorporatie Havensteder garandeert niets v.w.b. de te verwachten servicekosten, ze zijn hiermee vogelvrij; de huurtoeslag is op servicekosten niet van toepassing, waarmee deze kosten volledig voor de huurder zijn. Ik ga hiermee akkoord; de gemeentelijke politiek heeft hierin geen rol. Van zorgplicht is geen sprake ?
-
-
Het college stelt in haar zienswijzebeantwoording onder punt 12.11: ‘Havensteder en gemeente zagen in RISE de mogelijkheid om substantieel bij te dragen aan de woningnood in Rotterdam, waarbij er ook veel aanbod in de betaalbare sector bij zou komen’. De voorgaande punten m.b.t. ‘sociaal’ roept hieromtrent al vragen op. Maar ook de middenhuurwoningen (slechts 24% van 1470 woningen totaal) zijn v.w.b. hun huurstelling voor zover mijn informatie strekt niet voor de lange termijn gegarandeerd. Het is aan de belegger hierin op termijn keuzes te maken v.w.b. huurstellingen wanneer de eerste huurders zijn vertrokken. De vraag dient zich aan: is wat nu voorligt een geslaagde vertaling van de basisuitgangspunten die gemeente en Havensteder indertijd aanzetten tot planontwikkeling ? Ik stel dit soort vragen niet. Wij zijn als gemeente slechts faciliterend en de marktpartij die ontwikkelt en belegt moet zijn rol hebben. Winst is winst ? Toekomstwaarde: 58% van de woningen heeft een oppervlak tussen 40-65 m2 gebruiksoppervlak. Let wel: gebruiksoppervlak is niet het oppervlak aan verblijfsruimte binnen de woning; het is het oppervlak inclusief kasten, gangruimte, binnenwanden, etc.. 40 – 65 m2 gemiddeld gebruiksoppervlak is kleiner dan de woninggrootte tijdens de wederopbouw, bijvoorbeeld een gemiddelde sociale woningbouwwoning op Zuid.
Op tekeningen staat 38 m2 verblijfsruimte bij woningen. Zal dit bijdragen aan een stabiele woonsituatie binnen de torens ? Ik ben ervan overtuigd dat de kleine woningen ook op de lange termijn bijdragen aan een stabiele en wenselijke woonsituatie in de torens ?
De parkeernorm en hiermee samenhangende milieutoets (fijnstof, geluid, verkeerscongestie) van RISE en Lumiere heeft geen relatie met de dagelijkse realiteit -
-
-
-
Er is sprake van een substantiële toevoeging van woningen in de binnenstad: 1477 woningen Rise + 263 woningen Lumiere = 1740 woningen totaal (ter informatie: dit is 3,8 x het aantal hoogbouwappartementen uit het Zalmhavencomplex; daar 452 stuks) Er wordt bij RISE alleen gerekend met 68 parkeerplaatsen (= 5% van totaal aantal woningen (1477 woningen)). Bij Lumiere is sprake van 28 parkeerplaatsen (= 10% van totaal aantal woningen (263 woningen)); in dit geval niet in eigen parkeergarage binnen het bouwplan. Het college stelt in de beantwoording van de zienswijzen onder punt 26.26 dat waarden v.w.b. luchtkwaliteit voldoen aan de grenswaarde (zie de resultaten van het luchtkwaliteitsonderzoek dat als bijlage bij het (ontwerp)bestemmingsplan is gevoegd). Zij stelt: ‘Daar komt bij dat de bijdrage van dit plan zeer beperkt is, zoals ook met het onderzoek wordt aangetoond’. Er is in de milieutoets m.b.t. automobiliteit - de stukken beziend – echter niet gerekend met: o De elders door ontwikkelaar gehuurde parkeerplekken (152 naar zeggen ontwikkelaar RED Company nu, maar wat straks? Ontwikkelaar Manhave geeft aan 50 parkeerabonnementen.
Is hierover verder iets vastgelegd, of kunnen deze hoeveelheden extern op termijn groter worden?) o Verkeer van pakjesdiensten en internetbestellingen voor 1740 woningen o Vervoersbewegingen en parkeerplekken waar bewoners extra van gebruik zouden kunnen maken (openbare ruimte, gehuurde/gekochte plekken elders/bezoek van gasten aan 1740 woningen) o Alle taxi-vervoersbewegingen voor de hotels (11.850m2; 183 kamers + 11.291; max 180 kamers = 23.140 m2; 363 kamers; ter informatie: het Hilton hotel heeft 250 kamers) o Alle taxi-vervoersbewegingen voor de kantoren (26.300 m2 + 4.300 = 30.600 m2; ter informatie: Nationale Nederlanden heeft een totaal kantooroppervlak van 66.000 m2) De woonwijken langs de Schiekade en Statenweg staan rood op de Kankeratlas Nederland. Extra verkeersbewegingen over deze druk gebruikte verkeersaders en sluipwegen door
-
Provenierswijk (Proveniersstraat/Provenierssingel), Agniesebuurt (Heer Bokelweg/Noordplein), Oude Noorden (Bergweg) en Blijdorp (Stadhoudersweg) hebben invloed op de levensverwachting van veel Rotterdamse burgers in Noord. In de zienswijzebeantwoording onder punt 26.25 staat overigens een onjuistheid. Citaat: In de Omgevingsvisie is opgenomen dat Rotterdam ernaar streeft om de luchtkwaliteit te verbeteren tot het niveau van de WHO-advieswaarden van 2005. Hiermee streeft de gemeente dus naar strengere waarden dan de nieuwe WHO-waarden van 2021.’ Dit is pertinente onzin. De nieuwe WHO-waarden zijn strenger dan die uit 2005. Ik ben ervan overtuigd dat de 1740 nieuwe huishoudens van het plan RISE/Lumiere zich bewust van de klimaatcrisis – af zullen keren van het bezit van een eigen auto en – waar mogelijk – automobiliteit zullen mijden en zich ook niet meer zullen bezondigen aan internetbestellingen ? Ik ben mij ervan bewust dat bij het vermeerderen van electrisch autogebruik ook electrisch autotransport veel fijnstof en congestie oplevert, maar maak mij daarover geen zorgen. Deze extra verkeersbewegingen worden zwaar overschat en zijn bovendien toch niet bij de onderzoeken in beeld gebracht. Het is dus prima dat hiermee in de verkeersmodellen geen rekening is gehouden ? Ik vind zo’n Kankeratlas nogal overschat.
Dat is ook maar een werkelijkheid, ongetwijfeld alleen die van kritikasters. Het wonen in de stad heeft bovendien zijn prijs, dat weten we toch allemaal ?
Bezonning: de toets volgens vigerende regelgeving toont aan dat de bezonning op het Hofplein niet voldoet. (zie o.a. Bijlage 3 van de u door het college gestuurde stukken, blz 73) -
-
-
Het Hofplein is een representatieve ruimte en geen sunspot zoals bijvoorbeeld het Stadhuisplein (het laatste is eigenlijk logischer, maar dan gelden strengere eisen). Voor een representatieve ruimte geldt de volgende eis: per 21 september moet slechts sprake zijn van tenminste 3 uur bezonning (daglengte is dan 12,2 uur; de ‘3 uur bezonning’ garandeert geen 3 uur zon; dit is afhankelijk van weersomstandigheden/bewolking) en op 21 juni slechts 5,5 uur bezonning (daglengte is dan 16,5 uur). Dit voor een ruimte die als verblijfs- en stadspark moet gaan functioneren in een dicht bevolkt gebied. Een uiterst beperkte eis. Rotterdam ligt op de Noorderbreedte van New Foundland (ter info: Manhattan ligt op de hoogte van Madrid; daar is sprake van een substantieel hogere zonnestand). Het college lijkt zich in haar zienswijzebeantwoording onder punt 19.1 weinig zorgen over schaduw te maken. ‘Minder dan 2 zonuren per dag in december legitimeert de impact van extra schaduwhinder in die periode door nieuwe hoogbouw’ wordt daar gesteld.
Valt het u daarnaast ook op dat in de zienswijzebeantwoording onder punt 10.15 alleen sprake is van het benoemen van de groeninvulling op het Hofplein en dat de verblijfskwaliteit voor mensen geen enkele aandacht krijgt ? Bovendien wordt ook geen enkele melding gemaakt van het feit dat de nieuwe hoogbouwtorens aan de zuidzijde van het plein, de noordzijde van het Hofplein definitief in de schaduw gaan zetten? Het college concludeert terecht dat aan de vigerende bezonningseis met de huidige plannen niet wordt voldaan. Zij introduceert op blad 9/17 van het raadsvoorstel een ingewikkelde redenering en verwijst naar onbenutte planologische ruimte. Zij stelt dat deze niet benut zal worden, maar wie zegt dat? De planologische ruimte is immers juridisch verankerd en het is aan eigenaren om binnen de bestemmingsplangrenzen initiatieven te nemen. Niet aan het
-
-
-
-
college. Het college verwijst op blad 9/17 bovendien naar het ASR-plan. Dat doet verbazen. Er is immers volgens het college sprake van ‘niet organisatorisch samenhangende planvorming’ in gebied RCD-XL, dus waarom dan toch naar ASR verwezen? De realisatie van RISE zou afhangen van de realisatie van ASR? Het college stelt tot besluit dat het onvermijdelijk is dat RISE/Lumiere een grote schaduw werpt op het Hofplein. Zij verwijst als vergoelijking naar constructieve eisen en het gewenste woningbouwprogramma. Maar dat gewenste woningbouwprogramma is het resultaat van deze specifieke planvorming die heeft plaatsgevonden. Er is – kortom – sprake van merkwaardige cirkelredeneringen. Daarnaast legt het college de bezonningseis van de Hoogbouwvisie, vastgesteld door de raad, naast zich neer. Daar geldt de planologische ruimte als basis voor toetsing van bezonning in de openbare ruimte. Het college stelt in de zienswijzebeantwoording onder punt 26.12: ‘De gemeenteraad kan gemotiveerd afwijken van haar beleid. Dat is wat wij in dit geval ook adviseren aan de gemeenteraad’.
Hiermee dient zich de dwingende vraag aan: wat is toch uw motivatie als raad van Rotterdam om af te wijken van door u vastgesteld beleid? Is er sprake van interne strijdigheid in uitgangspunten en is het dan niet verstandig duidelijke keuzes te maken ? En wanneer u mogelijkheden ziet om af te wijken van de door u vastgestelde eisen m.b.t. bezonning; wat betekent dit dan in juridische zin bij volgende hoogbouwplannen (zie het volledige RCD-XL gebied) en de daaruit volgende zonschade? Het college stelt bij de zienswijzebeantwoording onder punt 26.15 en 26.16: ‘Het aanwijzen van het Hofplein als sunspot zou in strijd zijn met de ambitie om dit gebied verder te verdichten middels hoogbouw’. Maar iedereen die de makette van het gebied bekeken heeft begrijpt dat dit onzin is. Hoogbouw kan prima gerealiseerd worden, maar zeker niet in deze dichtheid als je zon en licht op waarde schat.
Het voorgaande roept dus vragen op: waarom het hoogbouwbeleid in deze dichtheid aan torens realiseren? waarom het gewenste plan niet mondjesmaat maar stevig gewijzigd en aangepast, gezien de onderzoeksconclusies? Waarom heeft het college u raadsleden niet eerder benaderd met dit probleem en waarom plannen nu voorgelegd binnen één coördinatieregeling, met als uitgangspunt: slikken of stikken? Waarom niet een onsje minder, bijvoorbeeld gewoon 1 hoge toren bij RISE, het plan dat met zijn torenwand de grootste problemen oplevert? Nu komt het Hofplein de helft van de dag in de schaduw te liggen t.g.v. de drie bijna tegen elkaar staande torens van RISE met als resultaat definitief enorme schaduw in dit toekomstig belangrijke stads- en verblijfsgebied. Ik ben overtuigd van het voorliggende woningbouwprogramma en haar samenstelling. De door de raad van Rotterdam vastgestelde bezonningseis mbt hoogbouw is ook maar een procedureregel, en uitzonderingen hierop zijn hoe dan ook altijd mogelijk, mits de politieke wens er is ? Wij zijn als Rotterdamse raad bevoegd waar dan ook af te wijken van de bezonningseis uit de Hoogbouwvisie en deze plannen moeten nu eenmaal doorgaan ? We zouden dit meer moeten doen om op termijn nog meer torens dicht op elkaar te kunnen zetten. Bezonning wordt veel te belangrijk gevonden ? De bezonning op het Hofplein is van mineur belang.
De ruimte wordt daar idd groen ingericht, maar er zal nooit sprake zijn van een fijne groene ruimte. Er is gewoon veel te veel verkeer en de hoogbouwtorens leveren straks zoveel windhinder op dat van echt uitgesproken groen en een fijn parkgevoel toch geen sprake zal zijn ? Dat groen plein is een goed verkoopplaatje in dit post-truth tijdperk ?
Rotterdam is op meerdere plaatsen bezig met bouwprojecten: Oost, Feijenoord, M4H, Kralingsebos, maar de woningnood is zo nijpend dat ons geen andere mogelijkheid openstaat dan juist hier bij het Hofplein volgens deze plannen te gaan bouwen. Dat het Hofplein en de Rotterdammers hier de komende 200 jaar onder gaan lijden, is dan maar zo ? Bovendien, wat is de waarde van een boom? We gaan voor de 300 meter !
Salami-tactiek: het college geeft aan dat er geen sprake is van een financiële, organisatorische of bouwkundige samenhang, en/of onderlinge afhankelijkheid tussen verschillende ontwikkelingen binnen het gebied RCD-XL en verwijst naar een uitspraak van de Raad van State (ter info: deze uitspraak van de Raad van State ging over het RCD-gebied en niet het gebied RCD-XL). -
-
-
Er is al langere tijd sprake van geïntegreerde planvorming. Begin 2021 werd het windtunnelonderzoek voor het Schiekadeblok door bureau Peutz uitgevoerd. Alle torens in het RCD-XL-gebied zaten daarin. De gegevens van de torens (afmetingen, positie, hoogte) werden in 2020 aan Peutz aangeleverd. Per december 2021 vond een presentatie aan de vereniging RCD plaats met alle torens erin en werd het gebied gelabeled als RCD-XL. Er is al langere tijd een gemeentelijke projectorganisatie voor het gebied actief en de RCD-XL plannen zijn min of meer simultaan ontwikkeld. Het gebied als geheel wordt ‘vermarkt’ op het web en in brochures. We zijn inmiddels al flinke tijd verder. Het punt v.w.b. de ASR-torens is in het voorgaande al aan de orde gekomen, maar ook de plannen in het Pompenburggebied worden bij de onderzoeken – hoe het maar uitkomt – niet of wel meegenomen. Het college geeft nu aan in een eerder bezonningsonderzoek voor Rise/Lumiere de plannen voor het Pompenburggebied te hebben meegenomen. In de huidige bezonningstoets is het Pompenburggebied weer niet meegenomen. De kritische lezer denkt dan: ongetwijfeld omdat resultaten door RISE anders nog negatiever uit zouden vallen. Het college schuift hiermee in uitgangspunten v.w.b. haar toetsen in het gebied. Gevolg van de huidige aanpak is dat de schaduw op het Hofplein en haar omgeving t.g.v.
de torens in het Pompenburggebied en van RISE/Lumiere voor u als raad en voor ons als burgers onzichtbaar blijven. En wat betekenen straks de ASR en de Schiekadebloktorens voor het Hofplein en de daar bestaande en ook nieuw te bouwen woningen? Een integrale bezonningstoets voor het gehele gebied RCD-XL in combinatie met andere onderzoeken binnen een MER blijft maar steeds uit. Eerder vastgestelde hoogbouwplannen worden immers steeds als nulwaarde ingevoerd in de computermodellen en aan u gepresenteerd, alsof we iedere keer weer opnieuw beginnen. De beantwoording van de zienswijzen door het college maakt het allemaal nog onduidelijker: Onder punt 10.14 wordt gesteld dat men de gezamenlijke effecten van RISE en Lumiere wel in een kleine MER onderzocht heeft. Maar waarom deze twee onafhankelijk ontwikkelde plannen dan wel tegelijkertijd ? Over de andere ontwikkelingsprojecten wordt gesteld: ‘De genoemde andere ontwikkelingsprojecten verkeren in een minder vergevorderd stadium en worden niet zoals RISE en Lumière min of meer gelijktijdig ontwikkeld.’ Leeft het college in een andere wereld? Uitgebreide behandeling van de plannen in het Pompenburggebied heeft plaatsgevonden. Om nog maar niet te spreken over de ASR-torens waarvan de modellen u gepresenteerd zijn, of het door u zelf vastgestelde bestemmingsplan Schiekadeblok.
Ik ken de discussies over Salami-tactiek, maar ben het eens met het college dat je allerlei plannen te pas en te onpas kunt combineren of juist niet combineren om plannen er doorheen te jassen ? Nulmeting, nulwaarde, het zegt me niets, waarom toch zo moeilijk gedaan met die rekenmodellen, ik begrijp ze sowieso niet ?
Plannen vormen slechts één onverbrekelijk geheel als het college dat zegt. Ik wens daar verder niet al te veel over na te denken, knijp liever een oogje dicht; het levert me anders toch maar politieke problemen op ?
Merkwaardig MER-onderzoek en een merkwaardige reactie van het college -
-
-
De huidige bestaande ruimtelijke situatie is helemaal niet gebruikt als basis voor de MER-toets. Van een concrete nulmeting is bij het voorliggend bestemmingsplan, in ieder geval voor RISE geen sprake geweest. Twee bijkans identieke situaties (beiden met practisch identiek bouwvolume) zijn met elkaar in de MER vergeleken. Deze methode ondergraaft de methodieken waarvoor een MER wordt opgesteld, namelijk het vergelijken van de concrete situatie met de nieuw te realiseren situatie. Het staat het college vrij om twee relevante alternatieven te toetsen zoals zij stelt in haar zienswijzebeantwoording onder punt 22.12, maar ook de bestaande situatie zou als afweging meegenomen moeten zijn. Het college geeft aan de leefbaarheid en bereikbaarheid voor de bouwplannen RISE en Lumiere niet te kunnen monitoren en gooit dit punt, juist ingebracht door de commissie MER, in de afvalbak. Zie het raadsvoorstel, blad 5/17. Het college meldt wél dat gevolgen mbt leefbaarheid en bereikbaarheid van alle plannen in het RCD-XL gebied in één monitoringsplan voor RCD-XL ondergebracht zouden kunnen worden. De haalbaarheid en opzet van zo’n monitor zal de komende tijd met DCMR worden uitgewerkt. Het college zegt hierin echter niets toe en heeft het alleen over metingen tijdens en achteraf, na realisatie.
Een kloppend en volledig MER-onderzoek voorafgaand aan de plannen wordt met dit antwoord dus niet toegezegd en uw raad wordt aan het lijntje gehouden. Dit bij plannen die 1740 woningen, 23.000 m2 hotel en 30.600 m2 kantoor toevoegen aan bestaand en druk stedelijk gebied. Ik begrijp niet zoveel van MER’s en dat geeft niet, want door me niet al te zeer voor te laten lichten, kan ik kritische vragen daarover ontlopen ? Leefbaarheid en bereikbaarheid zijn termen waar je alle kanten mee op kunt. Het zijn de harde cijfers qua m2 en hoogte die tellen en dat is wat ons Rotterdammers past ? Op de vraag of uiteindelijk verhuurbaarheid en leegstand hier onder leiden (je zet gebouwen neer voor zo’n 200 jaar), is het juiste antwoord: na mij de zondvloed ?
Externe veiligheid, weerbaarheid; veel te weinig aandacht -
-
-
De plannen voor RISE bevinden zich in de directe nabijheid van het politiebureau en stadhuis. De politie waarschuwt in haar zienswijze o.a. voor inkijk in haar burelen. Dit is vanuit het oogpunt van de georganiseerde misdaad en terrorisme een vanzelfsprekend punt van zorg. Een criminele organisatie in een dure hoogbouwflat is een bekend Rotterdams verschijnsel (zie Wilhelminapier). Drie forse torens, bijna tegen elkaar aan gebouwd met zo’n 10 a 15 meter tussenruimte zijn een aantrekkelijk object voor een aanval → een ballistische raket of vliegtuig kan Rotterdams hoogste toren samen met zijn buurtorens in één klap raken, waarbij de nabije bestuurscentra ook onmiddellijk worden uitgeschakeld. De sociale toren heeft vrij uitstekende bordesbalkons buiten het bouwvolume. Dit tot op een hoogte van 135 meter! → windkrachten, windzuiging op die hoogte in combinatie met zaken die op het balkon gestald worden, resulteert onvermijdelijk bij windvlagen in neerstortende stoelen/planten (op dakterras, straat, of stadhuisgebouw)
Ik begrijp de bovenstaande punten, maar heb er het volste vertrouwen in dat de verhuurder voldoende controlemechanismen kan inbouwen en dat daarmee de veiligheid van onze politie en/of stadsbestuurders is gewaarborgd ? Ik zie een aanval door een vreemde mogendheid niet zo snel gebeuren, bovendien voldoen die brandvoorzieningen in de torens toch ? Die uitstekende balkons bij de sociale toren worden toch niet gebruikt. Wie gaat er nu op zo’n balkon op die enorme hoogte zitten ? ik word al duizelig bij het idee ?
Zettingen; te weinig borging -
Het college gaat in haar raadsvoorstel, blz 6/17 uitgebreid in op het gevaar van zettingen (o.a. voor stadhuis en metro). Zij geeft aan dat over de periode na de bouw nog nadere afspraken gemaakt worden met de ontwikkelaar. Dit gaat vóórafgaand aan de start bouw plaatsvinden. Te uwer informatie: zettingsproblematiek treedt altijd veelvuldig op nádat een toren gebouwd is (t.g.v. het volledige gewicht, straks inclusief opslag waterbassins in de kelders en de geleidelijke zakking van grondpakketten onder en rondom de toren). De vraag dient zich aan: waarom kiest het college er niet voor dit risico onmiddellijk en duidelijk af te dekken en dit nu met uw raad te bespreken? Bij calamiteiten is sprake van forse kostenconsequenties en wie gaat er dan betalen ? Ik maak me geen zorgen over zettingen. Discussies over verantwoordelijkheid en over wie de kosten voor herstel draagt lossen zich altijd vanzelf op is mijn ervaring ?
Beste commissieleden, Ik woon op Heliport – ook wel het kabouterdorp genoemd. Mijn woning bevindt zich aan de kant van de Willemspoortunnel en ik kijk uit onder andere op de toren van dit stadhuis. Op 20 december scheen eindelijk weer eens de zon. En de zon scheen daardoor ook weer in mijn woning en op mijn balkon. Daar heb gelijk gebruik van gemaakt en mijn balkon in de zon winterklaar gemaakt en daarna in de zon met een kopje thee op de bank gezeten. Waarom ik u dit vertel? Het deed mij namelijk in volle omvang beseffen dat als al de hoogbouwplannen van Rise, Lumiere en de andere plannen zoals Plan Pompenburg doorgaan, zeker in de herfst, winter en vroege voorjaar, er voor zorgen dat er nooit meer zon in mijn huis en op mijn balkon zal schijnen. De gedachte alleen al doet mij huiveren. Vandaar dat ik hier nu voor u zit om mijn punt ook mondeling duidelijk te maken wat al de plannen betekenen voor mijn woon- en leefkwaliteit. Maar ik woon op Heliport niet alleen. Er wonen meer dan 1200 mensen in 584 appartementen. De plannen hebben op grote delen van Heliport een negatief effect vanwege de schaduwwerking en dit tijdens een groot deel van het jaar. Ik zie voor mij een wand aan gebouwen rondom Heliport. Het wordt dan echt een kabouterdorp, weggestopt en in het donker gezet.
Die gewenste bom op Heliport van toenmalig wethouder Mentink is dan toen niet gevallen maar het voelt alsof het nu op een indirecte manier wel gebeurt. Ik heb ervaren en kunnen constateren dat er weinig aandacht is om serieus te kijken naar de cumulatieve effecten van schaduwwerking, wind, geluid, verkeer, van al deze plannen zoals plan Rise, Lumiere, Plan Pompenburg, ASR torens, Schieblock, op Heliport maar ook op andere omliggende wijken. Neem nu bijvoorbeeld de in aanbouw zijnde toren op het postkantoor dat heeft nu al een schaduwwerkend effect. De diverse hoogbouwplannen zetten Heliport voor een groot deel van het jaar in de schaduw. Bij een aantal van deze appartementen is uit de bezonningsstudie voor plan Rise en plan Pompenburg gekomen dat zij sowieso onder de norm komen qua bezonning – en dan heb ik het over de bezonningsstudie berekend op de data 21 juni en 21 september. Maar juist voor de periode dat de zon veel lager staat zoals 21 december, en dus door veel meer gebouwen geblokkeerd wordt, is er geen berekening gedaan. Juist dan heeft de geplande
hoogbouw veel negatieve impact op de bezonning, en dit zou kunnen betekenen dat veel meer woningen onder de norm komen te liggen. Meer woningen moeten er zeker komen in de stad, ook in het centrum. Maar de huidige schaal en vorm zoals er nu de plannen er liggen zeker met Rise, maar ook Lumiere en de andere plannen, is van zodanige omvang en heeft mijn inziens zoveel negatieve impact (zon, wind, geluid, verkeer) op een reeds verstedelijkt gebied dat de leefbaarheid voor zowel bewoners als de gebruikers in de publieke ruimte, er sterk op achteruit gaat. Andere vormen dan nu voorgestelde hoogbouw moet toch mogelijk zijn, er is toch creativiteit genoeg in deze stad om daarover na te denken en met ideeën te komen. Ik vraag daarom aan u 1) Niet in te stemmen met de huidige bestemmingsplannen voor Rise en Lumiere maar opdracht te geven aan het college om eerst uit te zoeken welke impact de diverse in de planning staande hoogbouwprojecten hebben op Heliport en andere wijken. Op dit moment worden alle plannen los van elkaar in stelling gebracht en grotendeels los van elkaar beoordeeld – dit gaat voorbij aan de impact van het totaal. Daarnaast is betreft de bezonningsstudie niet de wintermaanden meegenomen, voor een goed inzicht op de schaduwwerking het hele jaar door is dit wel nodig. Hiervoor nog opdracht te laten geven.
U kunt nu dus geen goed besluit nemen met wat er nu bekend is omdat dit integrale impact onderzoek (MER) niet gedaan is en er dus geen duidelijkheid is over de cumulatieve effecten van alle plannen op woningen, groen en leefbaarheid in dit deel van de stad. 2) Het college opdracht te geven alternatieve, minder grootschalig en hoge, plannen te ontwikkelen met aantrekkelijke woningen voor diverse doelgroepen. En niet alles in XL hoogbouw te stoppen op een toch relatief klein gebied rond het Hofplein / Heliport. Dank dat u naar mijn verhaal hebt willen luisteren en dank alvast voor het kritisch nadenken over de plannen zoals die er nu hier vanavond voor liggen en die dan in context met de andere plannen die op andere momenten worden of zijn gepresenteerd te beschouwen.
Stroveer Heliport , 22 december 2025, 15.06 uur Marjolein Kooistra
Alle torens op een rij
Inspraakreactie Hart van Rotterdam B.V. Inzake ontwerp bestemmingsplannen The RISE en Lumière Hoorzitting Subcommissie Bestemmingsplannen Datum: dinsdag 14 januari 2025, 19:00 uur
INSPRAAKREACTIE Hart van Rotterdam B.V., exploitant van Grace/The Grit gevestigd aan het Stadhuisplein 1a (3012 AR) te Rotterdam, hierna te noemen: cliënte Advocaat: mr. P.M.L. Schilder Spel
Geachte Voorzitter, commissieleden, Namens cliënte, Hart van Rotterdam B.V., wil ik graag in aanvulling op de eerder ingediende zienswijzen inzake de ontwerp bestemmingsplannen The RISE en Lumière graag nog het volgende naar voren brengen. Cliënte exploiteert het horecabedrijf Grace/The Grit aan het Stadhuisplein 1a (3012 AR) te Rotterdam. Het horecabedrijf bestaat uit een festive restaurant op de begane grond en eerste verdieping, inclusief terras, en club The Grit in de kelder. Live muziek en dj’s zijn een essentieel onderdeel van het concept van het horecabedrijf. Onlangs zijn er maatwerkvoorschriften aan cliënte opgelegd, onder meer in het kader van woningen in het Luciagebouw (tegenover de horecabedrijven aan het Stadhuisplein), aan de Joost Banckertsplaats en de locatie Post. Cliënte meent dat deze maatwerkvoorschriften te beperkend zijn en onvoldoende zekerheden bieden en heeft beroep en een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de Rechtbank Rotterdam. Deze procedures lopen nog. Met de onderhavige ontwerp bestemmingsplannen is nog meer woningbouw gepland door de gemeente. Op grond van artikel 23 van het bestemmingsplan Lijnbaankwartier-Coolsingel (sinds 1 januari 2024 onderdeel van het omgevingsplan Rotterdam) zijn nieuwe woningen, gelegen in het aandachtsgebied geluid, alleen toegestaan als – kortgezegd – ten opzichte van de bestaande
horeca-inrichtingen aan de geluidsnormen van het Activiteitenbesluit kan worden voldaan of als uit akoestisch onderzoek blijkt dat er een binnenniveau van 35 dB(A) gegarandeerd kan worden. Alhoewel het ontwerp bestemmingsplan Lumière ook een dergelijke bepaling bevat, en blijkt uit het Nota zienswijze dat in het
bestemmingsplan The Rise ook een dergelijke bepaling ook
opgenomen zal worden, meent cliënte dat een onbelemmerde voortzetting van de huidige horecaactiviteiten nog niet voldoende is gegarandeerd. Alleen al omdat niet bekend is hoe deze bepaling in The Rise exact geformuleerd zal worden. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft eerder geoordeeld dat in het kader van de woningontwikkeling in het Luciagebouw onvoldoende rekening was gehouden met de aanwezige horeca ter plaatse. Cliënte meent dat deze geschiedenis zich in het onderhavige geval herhaalt. Zo is in eerst instantie voor de rapportages uitgegaan van verouderde informatie wat betreft Grace/The Grit. Inmiddels is het rapport van Peutz geactualiseerd. Het staat op dit moment echter geenszins vast dat de nu door Peutz gebruikte uitgangspunten juist zijn. Dit geldt met name voor de situatie met betrekking tot de gevels van Grace/The Grit en het terras. Cliënte meent dat het rapport van Peutz wat dat betreft op diverse punten onjuist is. Dit is onderwerp van de lopende beroepsprocedure en de bestuursrechter zal daar nog over moeten oordelen. In het onderhavige geval kan daarom niet van de juistheid van het geactualiseerde rapport van Peutz uit worden gegaan. Inzake het ontwerpbestemmingsplan Lumière is op basis van bijlage 10 het geluid van de horeca maatgevend.
In bijlage 7 wordt geadviseerd om de geluidwering van de gevels van de woningen zodanig uit te voeren dat wordt voldaan aan de binnenwaarde van 35 dB(A) etmaal waarde. In dit rapport wordt uitgegaan van geluidsabsorberende plafonds in de loggia’s. Dit wordt echter niet in het bestemmingsplan gegarandeerd. Uit de Nota zienswijze blijkt dat de isolerende maatregelen pas nader opgelegd zullen worden in de omgevingsvergunningen voor bouwen. Cliënte meent dat daarom op dit moment de isolerende maatregelen niet voldoende zijn gegarandeerd. Inzake het ontwerpbestemmingsplan The Rise voldoet Grace/The Grit niet aan het Activiteitenbesluit en zijn de maatwerkvoorschriften noodzakelijk. Deze zijn onlangs opgelegd, op basis van het geactualiseerde rapport van Peutz. Zoals hiervoor ook gesteld, zijn in dit rapport van Peutz echter niet de juiste uitgangspunten voor Grace/The Grit gehanteerd. Verder is –
2
anders dan in de Nota zienswijze wordt gesteld – The Rise niet meegenomen in de maatwerkvoorschriften voor Grace/The Grit. In de maatwerkvoorscriften is alleen uitgegaan van een rekenpunt bij Coolsingel 18. Dit correspondeert
niet met de gevels van de voorziene
woningen. In de Nota zienswijze wordt gesteld dat er na realisering van The Rise nieuwe maatwerkvoorschriften zullen worden verleend. Dit geeft echter op dit moment een rechtsonzekere situatie. Het bestemmingsplan zal worden vastgesteld door de Raad, terwijl maatwerkvoorschriften worden opgelegd door een ander bestuursorgaan, namelijk het College. Cliënte meent dat eerst de maatwerkvoorschriften moeten worden aangepast, voordat sprake kan zijn van een goede ruimtelijke ordening. Onduidelijk is overigens waarom de maatwerkvoorschriften nog niet zien op The Rise, aangezien het project in het rapport van Peutz geheel in beeld is gebracht. Daarnaast wordt er nog steeds van uitgegaan dat er geen sprake is van herkenbaarheid als muziekgeluid op de Coolsingeltoren in de nachtperiode. Dit is echter op geen enkele manier onderbouwd. Hiermee loopt Grace/The Grit een onaanvaardbaar risico. Wie is er verantwoordelijk als er in de praktijk toch klachten komen van bewoners en er gemeten wordt en er alsnog muziekgeluid herkenbaar is? In dat geval is er sprake van een hogere overschrijding met 10 dB. Wie is hier dan verantwoordelijk voor? Op grond van de beginselplicht tot handhaving zal de gemeente dan moeten handhaven. Cliënte dient garanties te krijgen op dit gebied.
Cliënte wenst voldoende gewaarborgd te zien dat het toegestane geluidsniveau van Grace/The Grit door de bouw van de woningen niet negatief wordt beïnvloed. Er dient in volle omvang rekening te worden gehouden met de huidige exploitatie, waar livemuziek een essentieel onderdeel van is. Op grond van de huidige stukken is cliënte er niet van overtuigd dat dit het geval is. Daarom meent cliënte dat er sprake is van strijd met de goede ruimtelijke ordening. Cliënte meent dan ook dat de ontwerpbestemmingsplannen pas (gewijzigd) vastgesteld kunnen worden, als gegarandeerd is dat de exploitatie van Grace/The Grit met komst van de nieuwe woningen ongewijzigd kan worden voortgezet.
3
advocaten Subcommissie bestemmingsplannen van de gemeenteraad van Rotterdam Bestemmingsplan Lumière en RISE Datum: 14 januari 2025 te 19.00 uur
Inspreekreactie Skihut Exploitatie 1, 2 en 6 B.V., Stadhuisplein 29 Vastgoed B.V. en Skihut Holding B.V., alle gevestigd te Rotterdam advocaat-gemachtigde: mr. M.R. Plug Geachte Voorzitter, geachte commissieleden, 1.
Namens de Skihut exploitaties (Skihut) spreek ik vanavond ontwerpbestemmingsplannen voor de Lumière- en de RISE-torens.
in
over
de
2.
Voor Skihut is het essentieel dat zij als gevolg van nieuwe ontwikkelingen niet onevenredig in haar belang wordt geschaad. Dat staat bij het vaststellen van de voorliggende bestemmingsplannen allerminst vast. Zoals bij uw raad bekend is, heeft de vaststelling van het bestemmingsplan Lijnbaankwartier-Coolsingel en het realiseren van studentenwoningen tegenover Skihut geleid tot langdurige juridische discussies, die nog steeds niet zijn afgelopen. Dit bestemmingsplan houdt Skihut en uw raad helaas al jaren bezig en het lijkt inmiddels een gebed zonder eind.1
3.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) heeft in haar uitspraak van 19 augustus 2020 het bestemmingsplan Lijnbaankwartier-Coolsingel gedeeltelijk vernietigd. Hierom heeft uw raad op 3 februari 2022 een nieuw bestemmingsplan vastgesteld. In dat bestemmingsplan heeft de raad maatwerkvoorschriften opgenomen voor onder andere Skihut, maar deze waren niet zorgvuldig en onder tijdsdruk tot stand gekomen. Het college heeft hierom op 3 februari 2022 separate ontwerpmaatwerkvoorschriften ter inzage gelegd, waartegen Skihut zienswijzen heeft ingediend. Omdat deze ontwerpmaatwerkvoorschriften opnieuw niet houdbaar bleken, heeft het college op 29 december 2023 weer een nieuwe versie van de ontwerpmaatwerkvoorschriften ter inzage gelegd, waartegen opnieuw zienswijzen door Skihut zijn ingediend. Op 14 november 2024 heeft het college de maatwerkvoorschriften uiteindelijk vastgesteld. Hiertegen is op 24 december 2024 door Skihut beroep ingesteld, alsmede een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening. Ook de eigenaar van het Luciagebouw (Raiffeisen) heeft tegen de maatwerkvoorschriften beroep ingesteld.
4.
In de periode tussen 19 augustus 2020 en heeft Peutz in opdracht van de gemeente keer op keer gewijzigde akoestische rapporten opgesteld, steeds met het doel om de akoestische
1 Bij uitspraak van 27 maart 2019 (ECLI:NL:RVS:2019)927) heeft de Afdeling in een tussenuitspraak bepaald dat de raad de gebreken in het op 1 februari 2018 vastgestelde bestemmingsplan Lijnbaankwartier-Coolsingel moet herstellen, hetgeen de raad bij besluit van 17 oktober 2019 heeft gedaan. Bij uitspraak van 19 augustus 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:1953) heeft de Afdeling het besluit van de raad van 17 oktober 2019 vernietigd. De raad heeft vervolgens op 3 februari 2022 een nieuw bestemmingsplan vastgesteld. Daartegen is beroep ingesteld. De voorzieningenrechter heeft bij uitspraak van 4 juli 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:1870) dit bestemmingsplan geschorst. De raad is bezig om ook dit bestemmingsplan te herstellen.
1/2
cee advocaten
berekeningen op papier kloppend te krijgen. Kort vóór de vaststelling maatwerkvoorschriften is er weer een nieuw rapport door Peutz opgesteld.
van
de
5.
Wat betekent deze inleiding nu voor de bestemmingsplannen Lumière en RISE, die uw raad moet beoordelen en vaststellen? De boodschap die ik u meegeef is die van de zorgvuldigheid. Aan deze inspraakreactie is als bijlage een brief van 9 januari 2025 (bijlage 1) gehecht, die is opgesteld door Ir. Jan Kupers, de akoestisch adviseur van Skihut. Jan Kupers is ook gerechtelijk deskundige.
6.
In het kader van deze inspraakreactie is het niet mogelijk om alles uitvoerig te bespreken. Ik beperk mij hierom tot een aantal elementen uit de brief van Jan Ku pers.
7. Jan Ku pers wijst erop dat tot op heden geen sluitende akoestische berekeningen zijn uitgevoerd. Dat is echter wél een noodzakelijk vereiste bij de ontwikkeling van woningen. Ik wijs u nogmaals op de grote akoestische problemen bij het Luciagebouw op het Stadhuisplein. De raad moet voorkomen dat Lumière en RISE tot een vergelijkbaar probleem gaan leiden. 8.
Voor Skihut zijn geen maatwerkvoorschriften opgelegd ter zake van Lumière en RISE. Dat betekent dat voor Skihut de normen gelden, zoals die in het Activiteitenbesluit zijn vastgelegd en dat dus geen hogere normen op de gevel zijn toegestaan, zoals bij het Luciagebouw. Voor Lumière en RISE worden door LBPISight en DGMR bovendien verschillende criteria gebruikt om het hoorbare muziekgeluidniveau te bepalen, dus dat is rechtsonzeker. De nieuw te realiseren geluidsluizen gaan daarnaast tot problemen leiden; als de deuren door het binnenlaten van een groep bezoekers even open staan, dan wordt namelijk niet voldaan aan de toegestane geluidbelasting op de gevel, maar ook niet aan het gecumuleerde binnengeluidniveau van 35 dB(A) binnen de woningen van Lumière en RISE. Volgens de heer Ku pers betekent dit dat de toelaatbare muziekgeluidniveaus van Skihut door de voorliggende plannen worden beperkt tot circa 90 tot 95 dB(A) in plaats van de huidige 100 tot 110 dB(A).
9.
Ten slotte geeft de heer Kupers nog aan dat de effecten van Lumière en RISE niet zijn vast te stellen, omdat de bestemmingsplanprocedure Lijnbaankwartier-Coolsingel en de MERprocedure nog lopen. Kortom, er zal hoe dan ook eerst duidelijkheid moeten komen over bestemmingsplan Lijnbaankwartier-Coolsingel. De verwachting is dat het beroep tegen dit bestemmingsplan in de loop van 2025 tot duidelijkheid zal leiden. Pas daarna kan door uw raad worden beoordeeld of de voorliggende bestemmingsplannen in overeenstemming is met de goede ruimtelijke ordening.
10. Ik vraag uw subcommissie dan ook om niet mee te gaan in het collegevoorstel om het bestemmingsplan vast te stellen en eerst de uitkomst van het beroep tegen LijnbaankwartierCoolsingel af te wachten. Ik dank u voor uw aandacht. Advocaat-gemachtigde Deze zaak wordt behandeld door mr. M.R. Plug, Cees Advocaten N.V. Laan van Nieuw Oost-Indië 25, Postbus 80504, 2508 GM Den Haag, tel. 088 336 88 07
2/2
advocaten
Bijlage 1.
KUPERS&NIGGEBRUGGE Bouwakoestiek ~ scuw#sa verkeerslawaai Milieubeheer
!'.
Cees Advocaten N.V. T.a.v. de weledele heer mr. M.R. Plug Laan van Nieuw Oost-Indie 25a 2593 BJ Den Haag Utrecht, 9 januari 2025 ons ref. nr.: B0501540aaA0.jk
Betreft: Ontwerpbestemmingsplannen Lumière en Rise te Rotterdam: reactie op aangepaste stukken, gevolgen voor de exploitatie horeca-inrichtingen Après Skihut, Get Back en De Bierkeller verklaring
Geachte heer Plug, Op uw verzoek zenden wij u in deze brief onze reactie op de aangepaste stukken en hebben wij hieronder de gevolgen van de projecten Lumière en Rise voor de exploitatie van de horeca-inrichtingen de Après Skihut, Get Back en De Bierkeller te Rotterdam aangegeven. Bestaande situatie Ondergetekende is reeds jaren (vanaf ca. 2000) de akoestisch adviseur van de horeca-inrichtingen Après Skihut, Get Back en De Bierkeller aan het Stadhuisplein te Rotterdam. In deze periode zijn diverse akoestische onderzoeken bij deze bedrijven uitgevoerd ter bepaling van eventueel vereiste voorzieningen om aan de geluidnormen bij de naburige woningen van derden (waaronder de dichtstbijzijnde woningen aan de Joost Banckertsplaats en de Manhaveflat) te kunnen voldoen. Après Skihut, Get Back en De Bierkeller mogen op basis van de aan hen verleende exploitatievergunningen voor de bestaande exploitatie als nachtclub een muziekgeluidniveau van 100- 110 dB(A) ten gehore brengen, dat wil zeggen dance- en housemuziek.
■ D
Cimbaalsingel 12 3438 DB Nieuwegein Tel: 030 2410218 landel;jk register van gerechtelijke deskundigen
ING: NL47 ING 0007 5431 55 Rabobank: NL41 RABO 0394 5775 66 K.v.K. Utrecht 30137041 Email: info@kupnigbv.nl Website: www.kupnigbv.nl
KUPERS&NIGGEBRUGGE Bouwakoestiek ~ Bouwfys1ca
'f(
Verkeerslawaai Milieubeheer
In de huidige situatie is ter hoogte van de dichtstbijzijnde bestaande woningen aan de Joost Banckersplaats en de Manhaveflat geen sprake van geluidsklachten of vastgestelde overtredingen van de geluidnormen. Niet is gebleken dat ter plaatse van deze woningen geluidnonnen zijn overschreden door de Après Skihut, Get Back en de Bierkeller. De woningen aan de Joost Banckertsplaas en de Manhaveflat liggen op circa 150 meter van de gevel van Après Skihut, Get Back en De Bierkeller. Hetzelfde geldt voor de terrassen van deze inrichtingen aan het Stadhuisplein. De op grond van de akoestische onderzoeken en de aan deze inrichtingen getroffen geluidsisolerende voorzieningen zijn volgens de uitgevoerde geluidscontroles afdoende om aan de geluidnonnen bij de bestaande woningen te voldoen. Daarnaast is elk bedrijf aangesloten op een monitoringsysteem, waarbij het muziekgeluidniveau ter hoogte van gevel van de woningen aan de Joost Banckertsplaats en de Manhaveflat met een microfoon gemeten wordt en tevens gecontroleerd wordt op hoorbare muziek. Als daar muziekgeluid waargenomen wordt, vindt een melding (door middel van een rood schenn) in het bedrijf plaats dat de eventuele overschrijding veroorzaakt.
Dit bedrijf kan dan meteen maatregelen treffen.1 Kortom, alle exploitaties voldoen in de huidige situatie ter hoogte van de bestaande woningen sinds 2000 aan het Besluit horeca- sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer d.d. 1998 en aan het Activiteitenbesluit milieubeheer d.d. 2008. Akoestisch effect Lumière en Rise:
Als gevolg van deze projecten komen de Lumière toren en de Rise torens met hun woningen ten opzichte van de genoemde horecabedrijven op kortere of vergelijkbare afstand als de bestaande woningen te liggen. In het MER (zie tabel 0-1) is sprake van 2 alternatieven (varianten) voor zowel Lumière als Rise: enerzijds de focus op werken en anderzijds de focus op wonen.
1 Bijvoorbeeld per ongeluk openstaande deur dichtzetten o.d.
80501540aa.A0.jk
2
~
KUPERS&NIGGEBRUGGE
In de laatste situatie is sprake van 100 extra woningen (520 i.p.v. 420) in Lumière en 320 (1.820 i.p.v. 1.500) woningen extra woningen in Rise. Voor Lumière houdt de eerste variant in dat er pas vanaf de 8° verdieping woningen gebouwd worden. In de tweede variant is dat mogelijk vanaf de plint. In de akoestische onderzoeken in het MER is voor zover na te gaan alleen de eerste variant onderzocht in relatie tot de horecabedrijven aan de Kruiskade en het Stadhuisplein. Alternatief 2, waarbij meer woningen worden gerealiseerd, is echter ook mogelijk. De beoordeling voor geluid vindt vooral plaats in het kader van de goede ruimtelijke ordening (zie de VNG brochure bedrijven en horecabedrijven). Lumière en Rise liggen binnen het bestaande bestemmingsplan Lijnbaankwartier Coolsingel. In dat bestemmingsplan is bepaald dat de cumulatieve geluidbelasting van de bedrijven op de kaart in bijlage 5 bij het bestemmingsplan zodanig gereduceerd moet worden, dat binnen de woningen aan een gecumuleerde geluidbelasting Lcum van 35 dB(A) etmaalwaarde voldaan wordt. Après Skihut, Get Back en De Bierkeller zijn onderdeel van de kaart in bijlage 5 van het geldende bestemmingsplan Lijnbaankwartier Coolsingel. Het voorgaande (gecumuleerde geluidbelasting Levan 35 dB(A) etmaalwaarde) was expliciet verwerkt in de planregels van het ontwerpbestemmingsplan Lumière, maar aanvankelijk niet in die van Rise.
Uit de nieuwe versie van de MER komt naar voren dat deze verplichting voor Rise ook van toepassing is. In de geluidberekeningen voor de horecabedrijven is ervan uitgegaan dat in de bestaande situatie het muziek-, stem- en installatiegeluid op de gevels van de woningen van de Manhaveflat en de woningen aan de Joost Banckertsplaats aan de geluidnormen (artikel 2.17) en het overgangsrecht (artikel 2.17a) van het Activiteitenbesluit voldoen. 2 Alhoewel in de rapporten aangegeven zijn geen geluidbelastingen van de individuelen horecabedrijven van het
Stadhuisplein van de kaart ter hoogte van Lumière in kaart gebracht.
B0501540aa.A0.jk
3
KUPERS&NIGGEBRUGGE Bouwakoest1ek ~ Bouwfys1ca
ff
Verkeerslawaai Milieubeheer
Wij merken op dat in alle geluidberekeningen het geluid> van de overige inrichtingen op de Kruiskade en het Stadhuisplein, die niet op de kaart in bijlage 5 van het bestemmingsplan Lijnbaankwartier - Coolsingel ontbreekt4. Daarnaast wordt opgemerkt dat in een aantal geluidberekeningen de toeslag van muziekgeluid niet verwerkt is, terwijl dat op grond van het eigen criterium van het akoestisch adviesbureau, dat het onderzoek uitgevoerd heeft voor het MER, wel dient plaats te vinden. Dit geldt voor de berekende geluidbelastingen in etmaalwaarde van Lumière voor de horecabedrijven aan de Kruiskade en aan het Stadhuispleins. Ter plaatse van Lumière vindt de beoordeling alleen plaats op grond van de geluidbijdrage van de horecabedrijven aan de Kruiskade. De afzonderlijke bijdrage van de horecabedrijven aan het Stadhuisplein wordt echter niet vermeld. In de autonome ontwikkelingen van het MER komt naar voren dat er aan de Korte Lijnbaan twee woon-werk torens van ASR (twee torens van 100 en 150 m hoogte met mix van kantoren, woningen en een commercieel programma in de plint) gepland is. Deze torens met woningen6 zijn bij het bestemmingsplan Rise ten onrechte buiten beschouwing gelaten.
Afgezien van het voorgaande bevinden zich buiten de horeca-inrichtingen op de kaart in bijlage 5 diverse (horeca) inrichtingen op de Kruiskade met muziek, installaties en terrassen, die niet meegenomen zijn in de akoestische onderzoeken voor de bestemmingsplannen Lumière en Rise. Inzage in de hoogte van de geluidbelastingen van horecabedrijven op het Stadhuisplein en daarbuiten ontbreekt. Voor diverse horecabedrijven op onder andere het Stadhuisplein is de geluidbelasting in de bestaande, maar ook in de toekomstige situatie (als het herstelde bestemmingsplan Lijnbaankwartier 3 Het gaat bij deze inrichtingen om inrichtingen met hoge muziekgeluidniveaus zoals een theater op de Kruiskade m met grote luchtbehandelingskasten, koelmachines, etc. 4 Het geluid van het theater op de Kruiskade waar sprake is van hoge muziekgeluid niveaus, laden en lossen, komende
en gaande bezoekers, een grote luchtbehandelings- en koelinstallatie op het dak ontbreekt bijvoorbeeld. 5 Zoals de Après Skihut, Get Back en De Bierkeller.
6 Die van invloed zijn op het toelaatbare geluidniveau van de horeca-inrichtingen van Skihut.
B0501540aa.A0.jk
4
R-
KUPERS&NIGGEBRUGGE Bouwakoest,ek
{(
Verkeerslawaai
~--
Milieubeheer
Coolsingel van kracht zou worden7) hoger van de standaard (of op grond van het overgangsrecht verhoogde) geluidnonn van het Activiteitenbesluit. Daarvoor zijn in relatie tot Rise en Lumière maatwerkvoorschriften vereist, tenzij deze inrichtingen alsnog akoestische voorzieningen moeten treffen voor de woningen van Rise en Lumière. Daarnaast neemt de cumulatieve geluidbelasting op de woningen van Rise en Lumière toe als de toeslag voor hoorbaar muziekgeluid aan de orde is, waardoor een hogere geluidwering aan deze woningen vereist is. Uit het voorgaande blijkt dat in de akoestische onderzoeken bij de bestemmingsplannen Rise en Lumière de geluidbelasting van de bestaande horecainrichtingen gebrekkig onderzocht is en de situatie voor wat betreft geluid onjuist is ingeschat (d.w.z. te lage geluidniveaus berekend zijn). Ten aanzien van de planregels zijn diverse opmerkingen te maken. In de planregels van Lumière en Rise is de cumulatie van geluid in relatie tot de binneneis van geluid van 35 dB(A) etmaalwaarde op de mogelijk nieuw beoogde en bestaande horeca-inrichtingen binnen het plangebied en de bestaande horecainrichtingen buiten het plangebied niet opgenomen.
Opgemerkt wordt dat in de akoestische onderzoeken bij het geluid van de bestaande horeca-inrichtingen in het plangebied alleen het geluid van Après Skihut, Get Back en De Bierkeller, Café Plein, 't Fust, Coconuts, Cornelis, Amigos, Café De Beurs, Villa Thalia, Tiwya en de horeca-inrichtingen op de kaart in bijlage 5 bij het bestemmingsplan Lijnbaankwartier Coolsingel is meegenomen. De akoestische onderzoeken zijn hierom niet volledig en kunnen op deze manier niet ten grondslag worden gelegd aan de voorliggende bestemmingsplannen. De geluidbijdrage van de overige horeca-inrichtingen buiten het plangebied ontbreekt. Als gevolg daarvan zijn de cumulatieve geluidbelasting op de gevels van de woningen van Lumière en Rise onjuist, d.w.z. feitelijk te laag berekend.
7 Dit bestemmingsplan is door de Afdeling geschorst wegens onder andere akoestische problematiek van de horeca-
inrichtingen op het Stadhuisplein. Onduidelijk of en zo ja wanneer het plan van kracht wordt.
B0501540aa.A0.jk
~
Bouwfysica
5
KUPERS&NIGGEBRUGGE Bouwakoest,ek ~ Bouwfysica '(' Verkeerslawaai Milieubeheer
Recent heeft de gemeente nieuwe maatwerkvoorschriften opgelegd aan de genoemde horeca-inrichtingen, waartegen een beroepsprocedure loopt. In de huidige situatie wordt door de horeca-inrichtingen op de Kruiskade en het Stadhuisplein gewerkt met een monitoringsysteem, waardoor ter plaatse van de bestaande woningen aan de Joost Banckertsplaats en de Manhaveflat voldaan wordt aan de geluidseisen. De gemeente is voornemens het bestaande systeem in de nieuwe maatwerkvoorschriften te continueren met een ander soortgelijk systeem. Daarnaast is in de nieuwe maatwerkvoorschriften ten aanzien van de werking van de sluizen voorgeschreven dat tenminste 1 deur verplicht dicht moet zijn en beide deuren niet gelijktijdig open mogen staan. Aangezien de sluizen in de nieuw geplande situatie ca. 2,5 m diep zijn, uitgevoerd zijn met een binnen- en buitendeur, alsmede in de praktijk groepen van 5-10 personen of groter (gelijktijdig) komen en gaan, is het voorgaande in de praktijk niet mogelijk c.q. niet werkbaar. Het voorgaande wordt ook erkend door de opsteller van de maatwerkvoorschriften DCMR voor de horeca-inrichtingen aan het Stadhuispleine. Als de sluisdeuren aan de binnen- en buitenzijde van de sluis gelijktijdig open staan worden de berekende waarden in de MER onderzoeken voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau van een inrichting ter plaatse van de
8 Beide deuren van de sluis kunnen in de praktijk bij gelijktijdig open bij komen en gaan van groepen (bijvoorbeeld veiligheidscontroles), gezien de diepte van de sluizen. In het concept handhavingsprotocol (en maatwerkvoorschriften) is kunnen sluizen of deuren in principe tot 3 minuten open staat voor het doorlaten van goederen en personen.
B0501540aa.A0.jk
6
~-
KUPERS&NIGGEBRUGGE
Lumière toren met ca. 10-15 dB(A) overschreden, aangezien de bedrijfsduurcorrectie niet van toepassing is op muziekgeluid9. Dit komt neer op toelaatbare muziekgeluidniveaus binnen Après Skihut, Get Back en De Bierkeller van ca. 90-95 dB(A). Dit betekent dat de exploitatie van categorie 4 inrichtingen van Après Skihut, Get Back en De Bierkeller (alle nu nachtcafé met harde house/dance muziek van 105110 dB(A)) niet meer voortgezet kan worden (zie onderstaande tabel 1 van de NSG richtlijn Muziekspectra in horecabedrijven d.d. maart 2015). Tabel 1: Muziekspectra en geluidsniveau in horecabedrijven
bruincalé, automatenhal, sportkantine •
,' £
,
i
70-85 ,
jongerencafé, cultureel centrum, discotheek. dansstudio, sportschool schouwb urg,
dub,
feestzaal,
live
muziek,
discotheek,
café
met
club, feestzaal, live muziek, D)
D)
85 - 100 9s - 1o3 98 - 103°
De exploitatie van de inrichtingen Après Skihut, Get Back en De Bierkeller valt dan terug naar die van een dansstudio, jongerencafé, dansstudio o.i.d. Geconcludeerd wordt dat de huidige exploitatie van de Après Skihut, Get Back en De Bierkeller door Rise en Lumière onevenredig geschaad wordt. Naar onze inschatting brengt de bouw van de Rise en Lumière de continuïteit van de horeca-inrichtingen Après Skihut, Get Back en De Bierkeller zonder meer in gevaar1o.
9 Op grond van de bedrijfsduurcorrectie moet het gemeten langtijdgemiddeld beoordelingsniveau uitgemiddeld worden voor de dag-, avond- of nachtperiode, alvorens dit te toetsen aan de geluidnormen. Dit resulteert afhankelijk van de meetduur van het gemeten equivalente ("gemiddelde") geluidniveau op een aftrek. Voor muziekgeluid is deze uitmiddeling (aftrek) op grond van artikel 2.18 lid 2 van het Activiteitenbesluit niet toegestaan. Het kortstondig gemeten equivalente ("gemiddelde") muziekgeluid niveau bij twee openstaande sluisdeuren is dan bepalend voor het langtijdgemiddeld beoordelings-niveau in de dag-, avond- en nachtperiode.
B0501540aa.A0.jk
7
KUPERS&NIGGEBRUGGE
Toetsingskader Raad van State bestemmingsplan Lijnbaankwartier Coolsingel Op grond van het voorgaande wordt geconcludeerd dat de planvoorschriften in de bestemmingsplannen Rise en Lumière niet in lijn zijn met (d.w.z. voldoen aan het gestelde in) uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 19 augustus 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:1954), inhoudende dat de nabijgelegen woonbestemming (Luciagebouw) de bedrijfsvoering van de bestaande horecainrichtingen aan de Kruiskade (en het Stadhuisplein) niet onevenredig mogen schaden. Ten aanzien van de maatwerkvoorschriften (planregels) gelden, rekening houdend met de Afdelinguitspraak1z, twee hoofdpunten waaraan, kort samengevat voldaan dient te worden: •
•
Is ter hoogte van naburige nieuw geplande gevoelige bestemmingen (Lumière, Rise, studentenwoningen Luciaplein etc.) sprake van een goed woon- en leefklimaat; Is geen sprake van een onevenredige belemmering van de exploitatie van de horeca-inrichtingen aan de Kruiskade en het Stadhuisplein.
10 Voor de horeca-inrichtingen van Skihut geldt dat de huidige exploitatie na het van kracht worden van de plan regels
per direct onmogelijk wordt op grond van het Activiteitenbesluit, ofwel onevenredig geschaad wordt. Daarnaast geldt dat door de geluidsuitstraling van de sluizen op grond van voorschrift 2.18 lid 2 niet kan worden voldaan aan de geluidniveaus van de maatwerkvoorschriften ter hoogte van de gevel van de studentenwoningen, waardoor ook niet voldaan wordt aan de bestemmingsplaneis van een gecumuleerd geluidniveau van 35 dB(A) etmaalwaarde binnen de woningen van Lumière. 11 onderdeel 12.4 uitspraak. In paragraaf 5.4.4./ van de plantoelichting staat: 'Het nemen van een maatwerkvoorschrift en de onder a en b genoemde voorwaarden zijn in de regels van het bestemmingsplan als voorwaardelijke bepaling bij wonen ter plaatse van de studentenwoningen (stadhuisplein 16) opgenomen' Door het verbinden van deze voorwaarden aan de mogelijkheid om ter plaatse van de stadhuisplein 16 te wonen wordt enerzijds geborgd dat de bestaande horeca aan het stadhuisplein de exploitatie kan voortzetten en anderzijds de woonfunctie alleen mogelijk is als er sprake is van een goed woon -en leefklimaat. Evident is dat daartoe maatregelen getroffen moeten worden en dat daartoe nog onderzoek gedaan moet worden' De bestemmingsplanregeling beoogt een kader voor de die nadere uitwerking te geven met de betrokken partijen'.
12 onderdeel 12.5 uitspraak: 'Anderzijds mag de planregeling er niet toe leiden dat de horeca-inrichtingen onevenredig in hun bedrijfsvoering worden belemmerd. De planregeling moet voorts waarborgen dat ter plaatse van de studentenwoningen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat'.
0501540aa.A0.jk
8
KUPERS&NIGGEBRUGGE
Uit het voorgaande blijkt dat aan beide hoofdpunten van de uitspraak van de Afdeling van 19 augustus 2020 niet voldaan is.13 Aanlevering stukken maatwerkvoorschriften en gegevens akoestisch onderzoek
Bij de ontwerpbestemmingsplannen Rise en Lumière d.d. november 2023 waren diverse akoestisch onderzoeken opgenomen, waarop zienswijzen zijn ingediend. Duidelijk was dat deze onderzoeken, gezien de ingediende zienswijzen, niet correct waren uitgevoerd. Sindsdien zijn er nieuwe onderzoeken uitgevoerd. Vanafeind 2023 tot november 2024 heeft geen enkel overleg ofafstemming plaatsgevonden met de horecaexploitanten over de inhoud van de ingediende zienswijzen en de nadien opgestelde nieuwe akoestisch onderzoeken14. Op november 2024 zijn de nieuwe maatwerkvoorschriften vastgesteld en bekend gemaakt met een termijn van 6 weken, waarna deze definitiefworden. De termijn voor beroep en een voorlopige voorziening bedraagt 6 weken na publicatie. Bij deze beschikkingen is een nieuw en op diverse onderdelen gewijzigd akoestisch rekenmodel aangeleverd op 14 november 2024. In november 2024 zijn de nieuwe akoestisch rapporten bij de wijziging van de maatwerkvoorschriften aangeleverd.
13 Daarnaast blijkt uit de stukken dat de voorschriften (zie de toelichting op maatwerkvoorschriften van de inrichtingen op van het Stadhuisplein d.d. 15 november 2024), die opgenomen zijn in de planregels, niet controleerbaar d.w.z. handhaafbaar zijn, waardoor deze geen garantie bieden dat aan de planregels t.a.v. de toelaatbare geluidniveaus voldaan zal worden. De plan regels en maatwerkvoorschriften zijn dientengevolge rechts onzeker.
141n deze zienswijzen is duidelijk aangegeven dat diverse voorschriften onwerkbaar zijn en de exploitatie van de horeca-inrichtingen onevenredig schaden. Overleg over de voorschriften in de planregels het bevoegd gezag heeft tot op heden niet plaats gevonden.
B0501540aa.A0.jk
9
KUPERS&NIGGEBRUGGE Bouwakoest,ek ~
(
Milieubeheer
Deze akoestisch rapporten bevatten alleen de tekst en bijlagen met summiere invoergegevens en summiere berekeningsresultaten. Wij hebben recent de een laatste tekst ontvangen met aanvullende berekeningsresultaten ter controle. Opgemerkt wordt dat deze tekst ca. 1.000 pagina's omvat, die gecontroleerd moeten worden. Het nieuwe akoestisch rapport is onvolledig zodat de inhoud niet te controleren is op cruciale details. Door de late toezending van deze gegevens (de akoestisch rapporten werden pas in november beschikbaar) is het onmogelijk daarop op korte termijn een definitieve reactie te geven. Wij merken op dat in de termijn van 6 weken ook nog 2 weken kerstvakantie is opgenomen. Onze voorlopige bevindingen zijn: •