CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb004663] Bijlage 3 behorende bij 24bb004682 over Bijlagen bij het ontwerpbestemmingsplan 'Ostadehof'

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 28 augustus 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen25.097 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

buitenruimte.

binnenzijde van het gebouw zijn toegepast worden gezonde

naar verwachting tot 2050 verder toe zal nemen kan lokaal de

materialen gebruikt. Dat wil zeggen materialen en producten

grondwaterstand hierdoor uitzakken. Hierdoor zal de inrichting en

Voor nieuwe gebouwen geldt dat ze natuurinclusief worden

met een lage of geen luchtverontreiniging (emissies) van o.a.

de bouw afgestemd moeten worden op de lokale grondwaterstand

ontworpen. Het principe van natuurinclusief bouwen bouwt voort

radon, vluchtige organische stoffen, vocht, vezels of geuren.

en de fluctuaties daarin.

op het samenbrengen van de bebouwde omgeving met daarbij ook

Materialenpaspoort

de (groene) buitenruimte. Een belangrijk argument voor natuur

De ontwikkeling De Zeehond maakt gebruik van een mate-

Bodemdaling zorgt daarnaast voor extra kwetsbaarheid bij

inclusief bouwen is dat extra groen voor inwoners en bezoekers een

rialenpaspoort. Het gebruik van het paspoort draagt bij aan

wateroverlast, hitte, droogte en overstroming. De nadelige effecten

aangename en gezonde buitenruimte biedt.

een duurzaam en prettig woninggebruik voor de toekomstige

van bodemdaling worden zoveel mogelijk voorkomen en het door

bewoners. Denk hierbij aan inzicht in energieverbruik, ge-

de gemeente bepaalde uitgiftepeil wordt aangehouden.

De uitgangspunten voor natuurinclusief bouwen zijn opgesteld naar aanleiding van het reeds uitgevoerde ecologisch onderzoek door

bruiksgemak door ‘slimme’ installaties, voorzien van as-build woningplattegronden, onderhoudsadvies van o.a. de gevel

De

ontwikkeling

De

Zeehond

wordt

zo

veel

mogelijk

ecologen van de gemeente Rotterdam en door het adviesbureau

en installaties, gebruikte RAL-kleuren, specifieke verzorging

klimaatadaptief ontworpen en ingericht. Hierbij worden de

Ecoresult. Aan de hand van de resultaten is een activiteitenplan met

groen (gevels), etc. Daarnaast wordt toekomstige bewoners

volgende uitgangspunten meegenomen:

maatregelen opgesteld. Zie hiervoor 7.5 Ecologie, Natuurinclusief bouwen en Biodiversiteit.

een smart home (domotica) pakket aangeboden. •

6.3 Klimaatbestendige stad Klimaatadaptatie

Tenminste 50mm van al het hemelwater binnen het plangebied dient opgevangen en vastgehouden te worden.

•

De ambitie is om bij nieuwbouw minimaal 10% van het te ontwikkelen oppervlak voor groen te reserveren. Daarbij zoveel mogelijk de combinatie zoeken door het oppervlak ook warmtewerend of verkoelend in te richten/bouwen om opwarming van het stedelijk gebied te verminderen.

•

We streven om tenminste 40% van alle oppervlakken

Rotterdam is kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering

warmtewerend of verkoelend in te richten/bouwen. Denk

en de gevolgen raken iedereen in de stad. Aan de hand

hierbij aan groene (multifunctionele) daken, groene gevels en

van zes klimaatthema’s: extreme neerslag, droogte, hitte, grondwaterfluctuatie, bodemdaling en overstroming werken we

zo min mogelijk verhard oppervlak. •

Bewust ontwerp van gebouwen draagt bij aan het beperken

aan het minimaliseren van de nadelige (toekomstige) gevolgen van

van de koelvraag van de gebouwen. Daarnaast mag koeling in

klimaatverandering.

gebouwen niet leiden tot opwarming van de (verblijf)ruimte in directe omgeving.

Om extreme neerslag het hoofd te kunnen bieden is het algemeen uitgangspunt dat tenminste 50mm van al het hemelwater binnen

Natuurinclusief bouwen

het plangebied opgevangen en vastgehouden dient te worden.

Voor het project De Zeehond wordt nieuwbouw en een nieuwe

Daarnaast kan er ook extreme droogte en hitte ontstaan in een

buitenruimte ontwikkeld op een braakliggend en groen terrein

gebied. Om de droogte tegen te gaan zullen maatregelen moeten

grenzend aan de Groene Gordel rondom Rozenburg. De Groene

worden genomen zodat nadelige gevolgen worden tegengegaan.

Gordel is een ecologisch kerngebied. De ontwikkeling De Zeehond

Vervolgens zal de bebouwing tijdens hete en koude dagen, een

sluit aan op dit gebied en streeft ernaar deze te versterken door

6. Duurzaamheid

41

6.4 Gezonde leefomgeving

Uitgangspunten

Quickscan Duurzame Gebiedsontwikkeling helpt · De om vastgesteld beleid en ambities voor de locatie

Intensiever ruimtegebruik brengt hinder, gezondheids- en veilig-

inzichtelijk te maken zie: https://duurzaam.bouwen-

heidsrisico’s, voor Rotterdammers met zich mee. Woningbouw-

aanrotterdam.nl/.

plannen worden steeds vaker op milieubelaste locaties gebouwd, zoals op oude bedrijventerreinen, kades voor scheepvaart of dicht¬bij snel- en spoorwegen.

woningen voldoen aan de BENG-norm. Toekomsti· De ge bewoners krijgen een aanbieding van de ontwikkelaar om het aantal zonnepanelen van hun woning uit te kunnen breiden indien gewenst.

Voor een aantrekkelijke, leefbare en gezonde stad is schone lucht en een aangenaam akoestisch klimaat essentieel. Het stimuleren van langzaam verkeer (fiets, voetganger), het beperken van gemotoriseerd verkeer en zoveel mogelijk afstand houden tot de bron is

bewoners kunnen een openbare laad· Toekomstige voorziening aanvragen. ontwikkeling De Zeehond maakt gebruik van een · De materialenpaspoort. Het gebruik van het paspoort

van belang. Ontwikkellocatie De Zeehond ligt op een geluid belaste

draagt bij aan een duurzaam en prettig woninggebruik

locatie, zie ook: 7.1 Geluid. Er dient rekening te worden gehouden

voor de toekomstige bewoners.

juiste indeling van ruimten. Bij de inrichting van de openbare ruim-

ontwerp van gebouwen draagt bij aan het be· Bewust perken van de koelvraag van de gebouwen. Daarnaast

te moet rekening worden gehouden met geluidbeleving. Mensen

mag koeling in gebouwen niet leiden tot opwarming

waarderen de openbare ruimte niet alleen op basis van wat zij zien,

van de (verblijf)ruimte in directe omgeving.

met een geluidluwe aangename zijde en buitenruime en akoestisch

maar juist ook op basis van wat zij horen. De ontwikkellocatie is onderdeel van de zuidkant van Rozenburg. De Groene Gordel rondom Rozenburg is de buffer tussen de snelweg A15 en de havenactiviteit ten zuiden van de locatie. De Groene Gordel rondom Rozenburg is een belangrijke locatie voor alle

50mm van al het hemelwater binnen het · Tenminste plangebied dient opgevangen en vastgehouden dient te worden.

nieuwe gebouwen geldt dat ze natuurinclusief · Voor worden ontworpen. Zie hiervoor 7.5 Ecologie, Natuurinclusief bouwen en Biodiversiteit.

inwoners om te ontspannen en te wandelen. De ontwikkeling De Zeehond is een kans om de beleving van de Groene Gordel te versterken voor de toekomstige bewoners en voor de bewoners uit de omliggende wijken.

42

De Zeehond NvU

6. Duurzaamheid

43

7. Milieu 7.1 Geluid 7.2 Luchtkwaliteit 7.3 Externe veiligheid 7.4 Bodem 7.5 Ecologie, Natuurinclusief bouwen en Biodiversiteit 7.6 Water 7.7 Milieuzonering 7.8 M.e.r. beoordeling

44

De Zeehond NvU

Foto van de ontwikkellocatie

7.1 Geluid

Industrielawaai

de geurbelasting is en dient gemotiveerd te worden of sprake is van

De woningen liggen in de geluidzone van het industrieterrein ‘Bot-

een aanvaardbare geurbelasting en/of hoe hier mee om wordt ge-

Voor het bestemmingsplan is een akoestisch onderzoek nodig

lek-Pernis’ en het industrieterrein ‘Europoort – Maasvlakte’. Het

gaan in het plan.

waarin wordt aangetoond dat de ontwikkeling voldoet aan de Wet

plan staat vermeld in bijlage 3 van het Regionaal Afsprakenkader

geluidhinder. Als een hogere waardenbeluit nodig is, moet de ont-

Geluid & Ruimtelijke Ontwikkeling (RAK). De geluidbelasting als

wikkeling voldoen aan de eisen uit het gemeentelijke Ontheffingen-

gevolg van industrielawaai moet conform de in het RAK beschreven

beleid. Dit beleid schrijft voor dat alle nieuwe woningen in princi-

procedure worden bepaald.

slaapkamers van een woning moeten zoveel mogelijk aan een ge-

Nestgeluid

7.3 Externe veiligheid

luidsluwe zijde worden gesitueerd. Gegeven de zwaar geluidsbe-

Op dit moment is niet duidelijk of nestgeluid past binnen de geluid-

Voor de ontwikkeling moeten het plaatsgebonden risico en het

laste omgeving is het niet redelijkerwijs haalbaar om een geluids-

zones van de industrieterreinen. Het is niet uit te sluiten dat deze

groepsrisico inzichtelijk worden gemaakt en het groepsrisico moet

luwe gevel conform het gemeentelijke beleid te realiseren. Er wordt

geluidzones hierdoor binnen afzienbare tijd zullen worden aange-

verantwoord worden aan de hand van een advies van de VRR, het

daarom ingezet op maatregelen (oa het gebruik van Kokowall erfaf-

past. Omdat het nu niet duidelijk is of de geluidzones worden aan-

Externe veiligheidsbeleid” (2013) van de VRR en het Beleidskader

scheidingen) waarmee zoveel mogelijk in de buurt gekomen wordt

gepast en zo ja, in welke mate, is het nog niet nodig om het nest-

Groepsrisico Rotterdam.

van de regels uit het bestaand beleid.

geluid te betrekken bij het bepalen van een hogere waarde. Het is

pe over tenminste één geluidsluwe gevel moeten beschikken. De

echter wel verstandig om het nestgeluid van de industrieterreinen

Voor het plaatsgebonden risico ligt deze ontwikkellocatie niet bin-

Om aan het Ontheffingenbeleid te kunnen voldoen is het van belang

mee te nemen bij het bepalen van de benodigde gevelwering. Voor

nen een plaatsgebonden risicocontour van inrichtingen en trans-

om bij de situering en vormgeving van woningen rekening te hou-

nadere informatie kan contact worden opgenomen met h.zeller@

portassen. Wel moet bij de ontwikkeling van woningen op de loca-

den met geluid. De DCMR stelt het hogere waardenbesluit op.

rotterdam.nl.

tie rekening gehouden worden met verandering in het groepsrisico

Wegverkeerslawaai De geluidbelasting op woningen moet worden onderzocht als de woningen binnen de wettelijke geluidzones van wegen komen te

door de ontwikkeling van woningen.

7.2 Luchtkwaliteit

liggen. Daarnaast zal in het kader van een goede ruimtelijke orde-

Aandachtsgebieden Zodra de Omgevingswet van kracht wordt moet bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening gehouden worden met aandachtsgebieden

ning tevens de geluidbelasting van 30km/u wegen en woonerven

Bij het bestemmingsplan moet worden aangetoond dat de ontwik-

van de verschillende risicobronnen. Deze ontwikkellocatie ligt ge-

moeten worden onderzocht. Voor dit plan moet de geluidbelasting

keling niet voor een overschrijding van de normen uit de Wet Lucht-

heel in het brandaandachtsgebied én explosieaandachtsgebied

worden bepaald voor:

kwaliteit zorgt, of als dit wel het geval is, de ontwikkeling niet in

van de omliggende bedrijven en transportassen.

betekenende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Er moet De gezoneerde wegen:

· Droespolderweg · Rijksweg A15

De niet gezoneerde wegen (30 km/uur):

· Van Ostadelaan · Rivierenlaan

46

Luchtkwaliteit bij scholen en kinderopvang.

7.4 Bodem

Geurhinder

In het bestemmingsplan moet worden aangegeven dat de beoogde

Uit de Milieusignaalkaart Geur blijkt dat de het plangebied ligt

bestemming haalbaar is gezien de kwaliteit van de bodem. De be-

binnen de geurcontouren van het industrieterrein ‘Botlek-Pernis’

schikbare informatie over de milieuhygiënische kwaliteit van de bo-

en het industrieterrein ‘Europoort – Maasvlakte’. Vooral de geurbe-

dem is onvoldoende actueel en incompleet. De informatie dateert

lasting die afkomstig is van de chemische industrie ten zuiden van

uit 2006. Om vast te kunnen stellen of de aanwezige bodemkwa-

het plan kan zwaar zijn. In het kader van goede ruimtelijke ordening

liteit volstaat voor de toekomstige functie “wonen” is bodemon-

dient door middel van geuronderzoek te worden aangetoond wat

derzoek nodig. Voor het bestemmingsplan is in eerste instantie

rekening worden gehouden met de Beleidsregel buitenklimaat:

De Zeehond NvU

historisch onderzoek voldoende. Omdat voor het bouwen tevens

eiste maatregelen beschreven. Voor een uitgebreide toelichting op

lang om voor een goede uitwerking een ecologisch deskundige in

een verkennend bodemonderzoek nodig is, wordt geadviseerd dit

de vereiste maatregelen wordt verwezen naar het activiteitenplan

te schakelen voor advies. Het project De Zeehond wordt begeleid

onderzoek ook al uit te voeren.

dat is ingediend bij het bevoegd gezag (bron: Drongelen, L.D., van.

door ecologen van gemeente Rotterdam en door adviesbureau Eco-

2022. Activiteitenplan huismus, gewone dwergvleermuis en laat-

result. In verband met de aanwezige beschermde diersoorten en

Het verkennend onderzoek is niet voldoende om eventueel vrijko-

vlieger. In het kader van de Wet natuurbescherming. Plangebied:

benodigde ontheffing Wet natuurbescherming, is een onderscheid

mende grond te kunnen afvoeren. Mogelijk is daarvoor een partij-

Rivierenlaan 18, Rozenburg. Kenmerk: ER20211201v01. Ecoresult

te maken tussen maatregelen die vereist zijn voor het project en

keuring conform het Bbk vereist.

B.V., Alblasserdam).

maatregelen die gewenst zijn.

Natuurinclusief bouwen Gezonde ecosystemen en een grote biodiversiteit zijn de basis voor

vereiste maatregel is het creëren van verblijfsvoorzienin· Een gen voor de huismus in de muren of daken van de nieuwbouw-

een gezonde leefomgeving voor mens en dier, zowel op publiek als

woningen. Vereist is dat nestkasten worden ingebouwd in de

privaat terrein. Op dit moment staan biodiversiteit en ecosystemen

noordelijke, oostelijke en westelijke kopgevels van de (blokken

onder druk. Rotterdam werkt aan een biodiverse - en dus natuurin-

met) nieuwbouwwoningen. Aanvullend kunnen eventueel nog

clusieve - stad (Uitvoeringsagenda Biodiversiteit, 2020). Eén van

voorzieningen voor gierzwaluwen in de gevels en/of daken van

de sporen hiervoor is natuurinclusief ontwerpen. Dit houdt in dat

de woningen worden opgenomen. Tot slot is het gewenst om in

ook in de bebouwde omgeving aandacht is voor het creëren van

het algemeen holten en spleten in daken, onder het dakbeschot

gunstige voorwaarden voor planten en dieren.

en onder dakranden te creëren om op die manier natuurlijke

7.5 Ecologie, Natuurinclusief bouwen en Biodiversiteit Wet natuurbescherming Voor de herontwikkeling van de projectlocatie is ecologisch onder-

nestelplekken te bieden.

zoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat beschermde natuurwaarden aan-

Voor het project De Zeehond wordt nieuwbouw en een nieuwe bui-

wezig zijn en dat effecten te verwachten zijn. In het kader van de

tenruimte ontwikkeld op een braakliggend en groen terrein gren-

van een natuurvriendelijke inrichting van privétui· Stimuleren nen en voorkomen en anders zo veel mogelijk beperken van

Wet natuurbescherming moeten daarom vervolgstappen worden

zend aan de Groene Gordel rondom Rozenburg. De Groene Gordel

verharding, zowel in privétuinen als openbare ruimte. Hanteer

genomen. Eén van de vervolgstappen is het uitvoeren van een AE-

is een ecologisch kerngebied. De ontwikkeling De Zeehond sluit

het ‘nee, tenzij-principe’: richt het maaiveld groen in tenzij dit in

RIUS-berekening. Hierbij wordt gekeken of de stikstofdepositie die

aan op dit gebied en streeft ernaar deze te versterken door de be-

verband met de gebruiksfunctie niet mogelijk is. Het is vereist

door het project wordt veroorzaakt leidt tot een negatief effect op

bouwde omgeving samen te brengen met de (groene) buitenruimte.

dat de parkeervakken worden betegeld met een waterdoorla-

de instandhoudingsdoelstellingen van het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied (Solleveld & Kapittelduinen).

tend grastegelsysteem. Voor de huismus is verder vereist is dat Voor dieren hebben we het over het creëren van voedsel-, broed-

voor privétuinen met bewoners contractueel wordt vastgelegd

en verblijfsplekken in, op en rondom gebouwen en de buitenruimte.

dat maximaal 50% van het totale tuinoppervlak verhard is. In

Uit het ecologisch onderzoek is verder gebleken dat binnen de pro-

Aandacht voor planten kan zich uiten in de toepassing van groene

totaal dient binnen 50 meter van huismusnesten in woningen

jectgrenzen beschermd leefgebied van huismussen en vleermuizen

daken, groene gevels, groene erfafscheidingen en groene buiten-

direct ten noorden van de Rivierenlaan minimaal 200 m2

aanwezig is. Omdat negatieve effecten niet zijn te voorkomen, is

ruimte. Het aanbieden van een gezond plantenbestand vormt daar-

functioneel en bodembedekkend groen voor de huismus terug

het noodzakelijk dat een ontheffing van de Wet natuurbescherming

naast een belangrijke voorwaarde voor een goede leefomgeving

te komen in de nieuw in te richten privétuinen en openbare

wordt verkregen. Een voorwaarde hiervoor is dat de juiste maatre-

voor dieren. Flora en fauna zijn complementair aan elkaar en goede

ruimte. De volgende soorten zijn daarbij belangrijk om aan te

gelen worden getroffen om effecten zo veel mogelijk te minimalise-

combinaties versterken het resultaat van natuurinclusief ontwer-

planten (waarbij het aan de zijde van de Rivierenlaan vereist

ren en weer te herstellen. Deze maatregelen zijn uitgewerkt in een

pen.

is en in het overige plangebied gewenst): een mix van liguster, meidoorn, vuurdoorn, bramen en rozen. Binnen de vereiste

activiteitenplan, dat al bij een ontheffingsaanvraag is ingediend en wordt getoetst door het bevoegd gezag. Enkel na goedkeuring van

Hieronder is opgenomen wat in het ontwerp moet worden verwerkt

compensatiezone van 200 m2 voor de huismus moet ten minste

het plan en het verkrijgen van de ontheffing mag de projectontwik-

ten aanzien van natuurinclusief bouwen. Omdat dit maatwerk is,

75% van de aanplant al volgroeid zijn. Tot slot is het vereist dat

keling in uitvoering. In de volgende tekst wordt een deel van de ver-

afgestemd op de omgeving en op specifieke soorten, is het van be-

tussen de struiken of langs de randen van de mitigatiezones

7. Milieu

47

voor de huismus enkele open plekken aanwezig zijn met een

bloeiperiode jaarrond voorzien in voedsel voor bijvoorbeeld

zandige bodem.

insecten en vogels.

is gewenst dat minimaal 70% van de erfafscheidingen · Het groen zijn, met bijvoorbeeld hagen, klimop en plantsoenen

van te veel intensief beheerd gazon met het streven · Voorkomen naar meer kruidenrijke stroken, mede als voedselgelegenheid

In overleg met de waterbeheerder wordt een watertoets opgesteld.

met afwisselend kruidenrijk gras, struweel en bomen. Voor het

voor insecten en de huismus. Beheer gefaseerd uitvoeren,

pervlaktewater of waterberging, dan moet dit in de regels van het

verkrijgen van de ontheffing is het vereist dat een deel van de

zodat op elk moment voldoende onaangetaste stroken overblij-

bestemmingsplan worden opgenomen. Voor deze ontwikkellocatie

groene erfafscheiding in de voortuinen langs de Rivierenlaan

ven waar insecten en andere diersoorten in kunnen voortplan-

is berekend dat er geen watercompensatie nodig is. Er heeft af-

wordt gerealiseerd door onder andere haagbeuken.

ten of overwinteren.

stemming met het waterschap plaatsgevonden. Er is gebleken dat

Laat bladeren liggen in de plantvakken als schuilgelegenheid

er geen vergunning aangevraagd hoeft te worden en een melding

· voorzieningen voor vleermuizen in de nieuwbouwwoningen.

Als er water gecompenseerd dient te worden in de vorm van op-

muur met 2,5 tot 3 centimeter vrije ruimte te bereiken via open

· voor dieren. versterken en creëren van lijnvormige groen- en · Behouden, waterstructuren binnen en rondom het projectgebied (zowel

stootvoegen van 1,5 tot 2 centimeter breed. Hoger in de kop-

bomenrijen als groenstructuren met dekking op maaiveld),

gevels kunnen open stootvoegen van minimaal 2,7 centimeter

zodat zij op elkaar blijven aansluiten en een doorlopende route

breed worden gemaakt om ook grotere vleermuizen, zoals de

vormen voor dieren zoals vleermuizen en egels. Denk hierbij

laatvlieger, toegang te bieden. Alternatieven in het ontwerp

aan de groenstructuur langs de Van Ostadelaan ten westen,

Onderzoek welke bedrijven in de omgeving hinder kunnen veroor-

zijn geschikte gevelbetimmering, boeiboorden en sierlijsten

aan de groen- en waterstructuur ten oosten die de Rivierenlaan

zaken en onderzoek of de afstand tot de nieuwe bestemmingen

of eventueel inmetselbare vleermuiskasten. Vereist is dat ver-

haaks kruist en aan de groen- en waterstructuur ten zuiden

aanvaardbaar is aan de hand van de bedrijvenlijst van de VNG. Dit

blijfsvoorzieningen in de noordelijke, oostelijke en westelijke

evenwijdig aan de Droespolderweg. Voor de laatste twee

geldt ook voor geurhinder als dit relevant is.

kopgevels van de (blokken met) nieuwbouwwoningen worden

genoemde groenstructuren geldt dat deze niet mogen worden

gerealiseerd.

aangetast in hun functie voor vleermuizen. Elke ingreep aan

In de nabijheid van de locatie ligt een bedrijventerrein. Bij de ont-

Zo min mogelijk verlichting toepassen die uitstraalt op gevels,

deze structuren dient eerst getoetst te worden door een des-

wikkeling van woningen moet gekeken worden naar het effect van

kundig ecoloog.

het plan op nabijgelegen bedrijfsbestemmingen en vice versa. Tus-

Behoud oude bomen en bomen met holtes zo veel mogelijk

sen het plan en het bedrijventerrein staan woningen. Deze wonin-

Een andere vereiste maatregel is het creëren van verblijfs-

Bij voorkeur in de vorm van een geschikte spouwruimte in de

· bomen en watergangen. Een vereiste maatregel is dat noodza-

volstaat.

7.7 Milieuzonering

aan de oostkant van het plangebied zal bestaan uit vleermuis-

· gezien hun ecologische waarde voor o.a. vogels, insecten en

vriendelijke amberkleurige verlichting. De verlichtingsarmatu-

vleermuizen. Denk bij veiligheidsoverwegingen eerst aan

van het plan voor deze bedrijven zijn daarom niet waarschijnlijk. Dit

ren ter plaatse van het pad naast de bomen dienen afscherming

kandelaberen in plaats van rooien.

dient in de ruimtelijke onderbouwing beschouwd te worden.

kelijke nieuwe verlichting bij de woonhuizen of wandelpaden

te hebben, waardoor enkel het pad wordt verlicht en geen strooilicht naar boven of het oosten uitstraalt. Daarnaast wordt

· ten aanzien van vochtberging en bodemleven) met een laag

vruchtbare grond van minimaal 60 centimeter dik (minimaal 6%

het plangebied geen veiligheidsverlichting gevoerd richting het

organische stof). De grond dient een open structuur te hebben.

oosten. Als dit toch noodzakelijk blijkt, dan wordt dit amber-

Er dient daarom rekening gehouden te worden met de werk-

kleurige verlichting en wordt het aantal lampen beperkt tot het

volgorde, zodat bouwverkeer en werkzaamheden de grond niet

hoogstnoodzakelijke.

aanstampen (ook de onderlaag!).

· groen in de openbare en private buitenruimte. aan inheemse en bes-, zaad- en bloemdragende · Variatie bomen, struiken en kruiden die door een onderlinge variatie in

gen zijn bepalend voor de milieuruimte van de bedrijven. Gevolgen

Aandacht voor een goede bodemstructuur (klimaatadaptief

aan de gevels van de nieuwe woningen aan de oostzijde van

Verblijfplaatsen voor zangvogels door voldoende dicht en hoog

48

7.6 Water

voor insectenverblijven, bijvoorbeeld een insecten· Aandacht hotel of dode boomstammen waar insecten op en in kunnen leven.

De Zeehond NvU

7.8 M.E.R. beoordeling Op basis van de resultaten uit bovenstaande onderzoeken stelt de DCMR een (vormvrije) m.e.r.beoordeling op. Het is op basis van de beschikbare informatie nog niet duidelijk of de activiteit onder het Besluit m.e.r. valt of dat een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling nodig is. Dit dient afgestemd te worden met de DCMR.

Uitgangspunten

akoestisch onderzoek. · Benodigd Geuronderzoek nodig voor aantoning geurbelasting. · Geen plaatsgebonden risico maar mogelijk gewijzigd · groepsrisico. in brandaandachtsgebied en explo· Ontwikkellocatie sieaandachtsgebied. onderzoek en verkennend bodemonderzoek · Historisch benodigd. stikstofonderzoek nodig. · Verplicht Bebouwde omgeving samenbrengen met de (groene) · buitenruimte (Groene Gordel). van voedsel-, broed- en verblijfsplekken voor · Creëren dieren in, op en rondom gebouwen en buitenruimte. voor planten (toepasing van groene daken, · Aandacht groene gevels, groene erfafscheidingen en groene buitenruimte.

aanbieden van een gezond plantenbestand als · Het belangrijke voorwaarde voor een goede leefomgeving voor dieren.

en fauna zijn complementair aan elkaar en goede · Flora combinaties versterken het resultaat van natuurinclusief ontwerpen.

watercompensatie nodig. · Geen Aandacht voor effect van het plan op nabijgelegen · bedrijfsbestemmingen en vice versa.

7. Milieu

49

8. Technische uitgangspunten 8.1 Afval 8.2 Peilmaat 8.3 Kabels en leidingen 8.4 Nutsvoorzieningen, trafo’s en installaties

50

De Zeehond NvU

Foto van de ontwikkellocatie

8.1 Afval

Bij dit nieuwbouw project zal de afvalinzameling van huishoude-

Voor het ophalen van huisvuil is Stadsbeheer Schone Stad verant-

ondergrondse container. Deze wordt geplaatst aan de Van Ostade-

woordelijk. Dit is mogelijk middels (ondergrondse) wijkcontainers

laan. De precieze locatie zal bepaald worden bij het opstellen van

in de openbare ruimte of (rol-)containers gestald in een inpandige

het IP.

lijk restafval plaatsvinden door middel van een nieuw te plaatsen

ruimte. Het inzamelen van papier groente-, fruit- en etensresten zal gedaan Na de inwerkingtreding van het bouwbesluit van 2012 is de eis van

worden aan de hand van minicontainers. Elke woning krijgt 2 mini-

een gemeenschappelijke inpandige opslagruimte voor huishoude-

containers te weten:

lijk afval komen te vervallen. Deze wijziging heeft zowel gevolgen voor nieuwbouw als bestaande bouw. Nu in de regelgeving de eis ontbreekt van een gemeenschappelijke containerruimte, hoeven noch de eigenaren bij bestaande bouw noch de projectontwikke-

· 11 xx gft · papier

Deze moeten worden aangeboden waar de inzamelwagen bij kan

laars bij nieuwbouw te voorzien in een dergelijke functionaliteit. Dit

komen. In dit geval wordt geadviseerd clusterplaatsen aan te wij-

betekent een grotere aanslag op de buitenruimte als er niks gere-

zen waar de toekomstige bewoners deze minicontainers zouden

geld wordt.

moeten plaatsen. Hier hoeft contractueel niets voor te worden vastgelegd daar dit in de DVK wordt geregeld. Echter het contract met

Voor Schone Stad is het uitgangspunt voor afvalinzameling als

Irado eindigt eind 2023. De situatie daarna is voor alsnog nog niet

volgt; Het inzamelen van de verschillende afvalstromen (Huishou-

bekend.

delijk restafval, glas, papier en groente-, fruit- en etensresten) dient in de buitenruimte te worden gefaciliteerd. Bij een nieuwe ontwik-

In de uitwerking van het IP wordt in overleg met landschap en

keling dient gekeken te worden of er mogelijk al voldoende inza-

stadsbeheer rekening gehouden met inpassing van kliko-opstel-

melcapaciteit in de nabije omgeving aanwezig is. Als dit niet het

plekken langs de Rivierenlaan. In het ontwerp is rekening te houden

geval is zal er o.b.v. de uitgebreide behoefte aan inzamelcapaciteit

met mogelijke stallingplaatsen in de achtertuinen. Het is belangrijk

door Schone Stad in overleg een nieuwe voorziening moeten wor-

vanuit ruimtelijke kwaliteit dat de opstelplaatsen in het verlengde

den ingericht voor de afvalinzameling. Het inzetten van de “stan-

komen te liggen van de achterpaden van de woningen, zodat de

daard” ondergrondse (pers)containers is hierbij het uitgangspunt

containers niet permanent in de voortuin worden geplaatst

voor de afvalstromen huishoudelijk restafval, papier en glas. Voor de inzameling van groente-, fruit- en etensresten wordt de GFE cocon toegepast. Waar de standaard inzamelmiddelen niet passen in de nieuwe ontwikkeling is het mogelijk om in afstemming met Schone Stad, de ontwikkelaar en de ontwerper van Stadsontwikkeling alternatieve oplossingen voor het inzamelen van de verschillende afvalstromen in te richten. Het is aan te raden om dit vroegtijdig in het ontwerptraject te doen zodat er ruimte is voor verschillende oplossingen. Ontwikkellocatie

52

De Zeehond NvU

8.2 Peilmaat Het uitgifte/vastgestelde peil ligt op 1,1 meter + NAP. Hiermee ligt het uitgiftepeil 1,2 meter boven het waterpeil.

8.3 Kabels en leidingen

8.4 Nutsvoorzieningen, trafo’s en installaties Nutsvoorzieningen, transformatorruimtes en installaties dienen in overleg met de betrokken diensten/instanties in de bebouwing te worden opgenomen. De impact op de plintgevel en buitenruimte moet worden geminimaliseerd.

Alle kabels en leidingen blijven voorlopig (ca. komende 4 - 5 jaar) liggen zoals ze momenteel liggen. Er kan dus van de huidige infrastructuur uit worden gegaan. In de toekomst zullen deze mogelijk verlegd en/of vervangen worden. Bij het bepalen van de inrichting van de openbare ruimte zal er rekening worden gehouden met de randvoorwaarden van de nutsvoorzieningen. Ook zal er een gescheiden stelsel moeten worden aangebracht, hiervoor zal ook ruimte in de ondergrond moeten worden gereserveerd. Kabels en leidingen tracés kunnen niet onder boomkruinen lopen. Voor een kaart met kabels en leidingen wordt doorverwezen naar het Ingenieursbureau, binnen dit gebied kan contact worden opgenomen met Jannekee van Herreveld j.vanherreveld@rotterdam.nl.

8. Technischeuitgangspunten

53

9. Proces 9.1 Procedure 9.2 SMP en IP 9.3 Participatie en communicatie

54

De Zeehond NvU

Deze Nota van Uitgangspunten is erop gericht het initiatief voor de

projectmanager zorgt voor de procesmatige afstemming met de

ontwikkeling van De Zeehondlocatie tot uitvoering te brengen. Dit

projectmanager van de groene gordel.

hoofdstuk geeft uitleg over het proces richting de realisatie.

9.1 Procedure Aangezien het project niet binnen het huidige bestemmingsplan

9.3 Participatie en communicatie

past (huidige bestemming is Groen en Recreatie) is het opstellen

Omdat het plan niet binnen het vigerende bestemmingplan past

van een project bestemmingsplan vereist. De ontwikkelaar draagt

zijnde volgende communicatie/participatie momenten met de be-

zorg voor de wijziging van het bestemmingsplan en het ontwerp.

langrijkste stakeholders uit de directe omgeving voorzien:

Als gemeente maken wij alle gronden bouw- en woonrijp. Als gemeente stellen wij een Nota van Uitgangspunten, SMP en IP

informeren van de omgeving over de geplande ontwik· Het keling middels informatiebrief waarin we o.a. een informa-

op voor de locatie. De Nota van Uitgangspunten wordt gebruikt als

tiebijeenkomst rond het wijzigen van het bestemmingsplan

toetsingskader voor met name het privaatrechtelijke traject beho-

aankondigen.

rende bij dit project.

9.2 SMP en IP Bij de Nota van Uitgangspunten wordt een stedenbouwkundig matenplan (SMP) opgesteld. In het SMP staan onder andere de volgende elementen aangegeven:

· Huidig peil en uitgiftepeil aangrenzend openbaar gebied · Omgeving en landmeetkundige assen (coördinaten) · Uitgiftegrenzen · Rooilijnen, bebouwingscontouren en bouwhoogtes

organiseren van een informatiebijeenkomst met betrek· Het king tot de procedure rondom het wijzigen van het bestemmingsplan waarin het plan gepresenteerd wordt. Dit is een verantwoordelijkheid van de ontwikkelaar in samenspraak met de gemeente.

organiseren van een informatiebijeenkomst voor de · Het omgeving over de openbare ruimte zodra het VO-IP gereed is. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt zowel bij gemeente als ontwikkelaar.

Gezien de impact van deze ontwikkeling op de buitenruimte stelt de gemeente een Inrichtingsplan (IP) op. Dit IP wordt in samenhang ontworpen met de ontwikkeling binnen het bouwvlak. De projectlocatie grenst aan de groene gordel van Rozenburg. Dit project moet dan ook afgestemd worden met het project de groene gordel. De landschapsontwerper sluit bij beide projecten aan en kan hiermee de ruimtelijke kwaliteit en samenhang bewaken. De

9. Proces

55

10. Bijlagen 10.1 Vuistregels 10.2 Concept Stedenbouwkundig Matenplan (SMP) 10.3 Parkeernormen auto en fiets 10.4 Welstandsnota gebiedscriteria

56

De Zeehond NvU

Foto van de ontwikkellocatie

10.1 Vuistregels Bouwen in de uitbreidingswijken en kleine kernen De Rotterdamse Vuistregels zijn een overzicht van het ruimtelijke beleid van de gemeente. De Vuistregels helpen initiatiefnemers van bouwprojecten snel op weg, door antwoord te geven op de volgende vragen: Welk beleid is van kracht in de uitbreidingswijken of kleine kernen? Welke stappen kunt u verwachten? Met wie kunt u contact opnemen? Duurzame toekomstwaarde Rotterdamse uitbreidingswijken en kleine kernen hebben een rustig en groen karakter met een breed aanbod aan voorzieningen. Ze zijn echter constant in ontwikkeling en moeten kunnen meebewegen met hoe geleefd en gewoond wordt in de stad, nu en in de toekomst. Rotterdam richt zich op een duurzame toekomstwaarde voor deze wijken: economisch, sociaal, recreatief en cultureel. Bouwprojecten dienen daarom toekomstbestendig te zijn (robuust en resilient) en toekomstwaarde voor de wijk te creëren. 1. Versterken bestaande kwaliteiten van de wijk De Rotterdamse uitbreidingswijken en kleine kernen zijn onderling verschillend van sfeer en identiteit. Deze staan beschreven in de Welstandsnota. Bouwprojecten gaan zorgvuldig om met de bestaande context, versterken het karakter van de wijk of voorzien de wijk van een kwalitatieve verbijzondering.

Bij ieder initiatief is vereist: • Een analyse van de wijk en een bouwplan dat daaruit volgt (eigentijdse interpretatie of historiserend). • Een passende verhouding tot de cultuurhistorie van de plek. • Het behoud of versterken van 1) de samenhang met de stad, 2) de stedenbouwkundige structuur van de wijk, 3) de maat en schaal van het stedelijk weefsel en 4) de rooilijnen en gevelwand, waarbij het gesloten bouwblok veelal uitgangspunt is. Welstandsnota Rotterdam (2012), Welstandsnota: gebiedskarakters (2012), Cultuurhistorische verkenningen, Bouwverordening Bron: Vuistregels voor bouwen in de buitenwijken en kleine kernen

58

De Zeehond NvU

Rotterdam (2010), Gebiedsgerichte Visies en Masterplannen,

bruikskwaliteit altijd onderwerp van gesprek bij een nieuw initia-

5. Gebruikswaarde lange termijn

Handboek opstellen en borgen Cultuurhistorische Verkenningen

tief.

De grote kracht van de Rotterdamse uitbreidingswijken en kleine

(2017).

• Goed bruikbare (groene), royale privé-buitenruimten per woning.

kernen is de verscheidenheid aan woonvormen. De Rotterdamse

• Ruime verdiepingshoogten.

wijken zijn flexibel en kunnen meebewegen met de ontwikkelingen

2. Hergebruik gebouwen

• Bij wooncomplexen tot 50 eenheden aandacht voor ontmoeting.

van leven, wonen en werken in de loop van de tijd: woon- en voor-

De Rotterdamse uitbreidingswijken en kleine kernen herbergen

Bij grotere complexen is een gemeenschappelijke ruimte voor ont-

zieningengebouwen hebben gebruikskwaliteit op lange termijn.

een groot aantal gebouwen met cultuurhistorische waarde. Rot-

moeting, sport of overige maatschappelijke activiteiten wenselijk,

Ook nieuwe initiatieven worden zo ontworpen dat ze aanpasbaar

terdam hecht veel waarde aan de historische gelaagdheid van de

evenals de aanwezigheid van een portier of beheerder.

zijn aan toekomstige ontwikkelingen. Nieuwe gebouwen moeten

stad en stuurt daarom bij ieder initiatief aan op hergebruik van

• In het geval van een parkeergarage een tussenstop tussen de ga-

in de toekomst kunnen wisselen van programma, gebruik of doel-

waardevolle bestaande gebouwen. Dit kan variëren van zorgvul-

rage en entree woningen, met contact met de straat.

groep zonder grote aanpassingen aan de bouwkundige structuur.

dige restauratie tot complete transformatie met andere functies.

Daarnaast wordt ingezet op meer werkmilieus voor kleinere on-

Uitzonderingen op deze regel kunnen worden gemaakt indien na

Profilering wonen in de Binnenstad (2011), Hoogbouwvisie (2011)

dernemers en makers op buurt- en wijkniveau. Functiemenging is

zorgvuldige afweging op projectniveau blijkt dat er geen andere

Herziening 2019, Nieuw Rotterdams Kwaliteitsbeleid Wonen

vooral kansrijk op plekken die goed multimodaal bereikbaar zijn

optie is dan slopen en nieuwbouw.

(2020), Woonvisie Rotterdam (2016), Coalitieakkoord 2018-2022:

(met name HOV knooppunten).

Nieuwe energie voor Rotterdam (2018), Gebiedsatlas 2.0 ontwikArchitectuurnota: Architectuur en Rotterdam (2010), Cultuurhisto-

keling woningvoorraad (2020), Addendum Woonvisie 2030 (2019),

Woonvisie Rotterdam (2016), Architectuurnota: Architectuur en

rische Verkenningen per deelgebied, Motie

Actieplan middenhuur (2019)

Rotterdam (2019), Rotterdam Resilience

Cultuurhistorisch besef (2015), Besluitenlijstje Beschermd Stads-

Strategy (2016), Coalitieakkoord 2018-2022; Nieuwe energie voor

gezicht (2010), Woonvisie Rotterdam

4. Behoud groene karakter

Rotterdam, Nota Ruimte voor Bedrijven

(2016), Handboek opstellen en borgen Cultuurhistorische Verken-

Het groene karakter van de Rotterdamse uitbreidingswijken en

2019

ningen (2017)

kleine kernen is de meest wezenlijke kwaliteit van deze wijken. Dit groene karakter wordt bepaald door een groot aantal verschillende

6. Inclusieve stad

3. Woningdifferentiatie en woonkwaliteit

groene en blauwe elementen die in de wijken aanwezig zijn: parken,

Rotterdam streeft naar wijken waar het prettig wonen is en waar

Rotterdam heeft grote behoefte aan kwalitatief hoogwaardige wo-

singels, lanen, private en collectieve tuinen, groene erfafscheidin-

mensen de kansen krijgen om volop mee te doen in de samenleving.

ningen voor de juiste doelgroepen op de juiste plek. Op wijkniveau

gen, historische linten en restgroen. Veel van deze groenelementen

Hiervoor scheppen we de juiste condities zodat mensen daadwer-

streven we naar woningdifferentiatie in woninggrootte en prijs, die

zijn onderdeel van de verkaveling van de buurtjes. Het is belangrijk

kelijk mee kunnen doen en elkaar makkelijk kunnen ontmoeten.

toekomstbestendig is. Nieuwe grotere woningbouwinitiatieven

dat elke nieuwe bouwontwikkeling één of meerdere groene bouw-

Maatschappelijke voorzieningen, woongebouwen en openbaar

kennen een combinatie van kleine, middelgrote en grote woningen

stenen herbergt en zodoende een bijdrage levert aan het groene ka-

vervoer zijn toegankelijk en bruikbaar voor iedereen. Maar ‘mee-

en een combinatie van prijssegmenten. Stadsbreed streven we

rakter van de wijk. Bij nieuwe ontwikkelingen in het gebied houden

doen’ gaat om meer dan toegankelijkheid voor mensen met een

naar de bouw van 18.000 woningen in deze collegeperiode: 20%

we rekening met bestaande boomstructuren. Waardevolle bomen

beperking en chronische ziekte. Het gaat bijvoorbeeld om werkge-

daarvan zijn sociale woningen, 30% middensegment, 30% hoger

dienen behouden te blijven, hetzij door ze in te passen in het ont-

legenheid, de mogelijkheid om andere mensen te ontmoeten of te

segment en 20% topsegment.

werp, hetzij door ze te verplanten.

kunnen bewegen als je geen geld voor de sportschool hebt. En om

Aandachtspunten zijn:

een sociaal veilige omgeving waar kwetsbare mensen tóch de deur

• Woningen kennen per initiatief een minimaal gemiddelde ge-

Welstandsnota Rotterdam (2012), Rotterdamse Stijl (2009), Na-

uit durven. Of woonzorgconcepten waar mensen langer zelfstandig

bruiksoppervlakte van 70m2 en zijn nooit kleiner dan 60m2 (mo-

tuurkaart Rotterdam (2014), Bouwen aan de

thuis kunnen wonen.

gelijkheden voor een afwijkende gebruiksoppervlakte zijn opgeno-

groen Hillegersberg-Schiebroek (2013), Groenstudie Hoogvliet

Rotterdam richt zich bij herstructurering op goede fasering, goede

men in het Nieuw Rotterdams Kwaliteitsbeleid Wonen).

(2004), Natuurinclusief bouwen (2018)

communicatie, tijdige participatie en zorgvuldige herhuisvesting.

• Naast gebruiksoppervlakte zijn collectiviteit, flexibiliteit en ge-

10. Bijlagen

Nieuwe initiatieven voorzien in voldoende vierkante meters maat-

59

schade of duurdere herstelmaatregelen in de toekomst te voorko-

schappelijk programma zoals opgenomen in de Referentiewaarden 8. Plinten met hoge kwaliteit

men. Gebouwen en hun omgeving dragen bij aan een klimaatro-

De plint en de erfafscheiding zijn beeldbepalend voor de kwaliteit

buuste inrichting. Bij nieuwe bouwwerken en nieuwe terreinverhar-

Bouwmaatregelen Woningbouw Rotterdam (2018), Convenant

op straat: het is Rotterdam op ooghoogte. De plint en de erfafschei-

ding van 500 vierkante meter en groter moet 50 mm waterberging

Huisvesting Bijzondere Doelgroepen (2015), Motie Slim Fase-

ding markeert de overgang van privé naar de openbare ruimte. Bij

worden aangelegd. De waterberging geldt voor het verhard opper-

ren (2018), Referentiewaarden maatschappelijke voorzieningen

woningen is het uitgangspunt: voordeuren/entrees aan de straat en

vlak (dak en terreinverharding) en moet na 50 uur weer beschikbaar

(2020), Ruimte voor stad in balans (2018), Woonvisie (2016), Langer

zichtbaar in het straatbeeld. Als er geen ruimte is voor een voortuin

zijn voor de volgende bui. Hittestress gaan we tegen door het re-

Thuis (2015), Bouwstenen Kindvriendelijke Wijken (2010), Adden-

kan de overgang met het trottoir met een zogenaamde drempel-

duceren van hitte in de stad en door hittebestendig te ontwerpen.

dum Woonvisie 2030 (2019), Actieplan middenhuur (2019), Lokale

ruimte (stoepzone) worden vormgegeven. De plint dient te voldoen

Voor buitendijkse gebieden geldt een minimaal uitgiftepeil om de

Agenda Toegankelijkheid (2021)

aan de volgende kenmerken:

gevolgen van een overstroming bij hoogwater te beperken.

• Royale verdiepingshoogte om kwaliteit toe te voegen en flexibili-

• Circulair: Rotterdam streeft naar circulair. Daarom wordt ‘slim’ en

7. Veranderende mobiliteit

teit in programma te bieden.

‘sociaal’ gesloopt en worden materialen hergebruikt. Nieuwe ge-

Mobiliteit staat in dienst van de gezonde leefomgeving, de energie-

• Een kwalitatief hoogwaardige uitstraling en zorgvuldige detaille-

bouwen gebruiken een materialenpaspoort.

transitie en de ruimtelijke verdichting. Dit betekent dat we de fiets,

ring.

• Gezond: Op basis van de ligging van de locatie wordt onderzocht

voetganger en openbaar vervoer meer ruimte geven. We zetten in

• Duidelijk herkenbare entrees.

of er geen sprake is van geluids-, geur- of fijnstof-overlast. Dit geldt

op nieuwe schone vervoersmiddelen en ander reisgedrag.

• Erfafscheidingen zijn onderdeel van het ontwerp en ondersteu-

ook voor het aspect omgevingsveiligheid. Maatregelen dienen in-

Parkeren:

nen het groene totaalbeeld van de wijk.

tegraal te worden opgenomen in de ruimtelijke kwaliteit van het

• In de uitbreidingswijken en kleine kernen liggen de kansen voor

• Vloeiende aansluiting op peilmaat buitenruimte.

ontwerp.

innovatieve parkeeroplossingen, zoals deelmobiliteit en Mobility

• Aandacht voor privacy bewoners: geen glas tot aan de grond bij

• Natuur: In Rotterdam is de aandacht voor de natuur in de stad

as a Service (MaaS), voornamelijk rondom de OV-knooppunten.

woningen aan de straat.

sterk toegenomen. Rotterdam houdt rekening met flora en fauna

Maatschappelijke Voorzieningen.

bij de inrichting van de stad en de ontwikkeling van gebouwen:

• Elk plan moet voorzien in beweeg- en parkeerruimte voor fietsparkeren, scooters, bakfietsen etc. en moet voldoen aan bijbehorende

Architectuurnota: Architectuur en Rotterdam (2019), Welstands-

natuurinclusief bouwen. Voor de verschillende wijken in de stad is

kwaliteitseisen. Ook wordt elektrisch rijden gefaciliteerd, zowel de

nota Rotterdam (2012), Gebiedsgerichte Visies en Masterplannen,

er een overzicht gemaakt van te nemen maatregelen. Voor nieuwe

bestaande als toekomstige laadinfrastructuur door middel van de

Rotterdamse Stijl, Handboek openbare buitenruimte (2009), Bouw-

gebouwenis te denken aan het toepassen van groene hagen en ge-

EV-ready eis voor nieuwbouw parkeergelegenheid. Bij eengezins-

stenen Kindvriendelijke Wijken (2010)

vels en nestmogelijkheden en het beperken van verharding van privéterrein. Aandacht voor effect spiegelende gevels op fauna.

woningen dientvoldoende ruimte voor fietsbergingen te worden

60

voorzien.

9. Duurzame gebouwen

Stadsdistributie:

Duurzaamheid is van fundamenteel belang voor de leefbaarheid

Convenant aardgasvrij, Convenant klimaatadaptief bouwen, Mili-

Logistieke voorzieningen worden inpandig ingepast, waarbij de

in Rotterdam: nu en in de toekomst. Bij nieuwe initiatieven is duur-

eubeleid Rotterdam (2015), Rotterdam Resilience Strategy (2016),

bevoorrading vlot, veilig en schoon plaats kan vinden (bijvoorbeeld

zaam bouwen integraal onderdeel van de ontwerpopgave. Duur-

Programma Duurzaam 2015-2018: Duurzaam dichter bij de Rot-

door inpandig laden & lossen, laad & los routes, restricties aan for-

zaamheid kent vijf componenten:

terdammer (2015), Gebiedsgerichte Visies en Masterplannen voor

maat/emissies voertuigen etc.).

• Energie: Rotterdam is in 2050 aardgasvrij. Woningen worden ont-

deelgebieden, Natuurinclusief bouwen (2019), Herijking beleid

worpen op een lage energievraag en voorzien zoveel mogelijk in

(grond)uitgiftepeilen in buitendijks gebied (2018), Programma Rot-

Rotterdamse mobiliteitsagenda 2015-2018 (2014), Stedelijk Ver-

hun eigen energiebehoefte. Alle nieuwbouwprojecten in de groene

terdam Circulair 2019-2023, Rotterdam gaat voor groen (2019), Ur-

keersplan Rotterdam 2030 (2017), Bouwverordening Rotterdam

woonwijken van Rotterdam worden verplicht op industriële rest-

gentiedocument Rotterdams Weerwoord (2019), Verordening

(2010), Fietsplan 2016-2018: Fietsen heeft voorrang (2016), Beleids-

warmte aangesloten, of een vergelijkbaar alternatief.

Beheer Ondergrond Rotterdam (2021)

regeling Parkeernormen auto en fiets gemeente Rotterdam (2018),

• Klimaat: In Rotterdam bouwen we klimaatadaptief om hiermee

Rotterdamse MobiliteitsAanpak (2020)

schade of duurdere

De Zeehond NvU

10. Bouwplaatsinrichting en kwaliteit in de tijdelijke situatie In Rotterdam wordt voortdurend gebouwd en daardoor is de dynamiek groot. Een goede invulling bij leegstand en een goede uitstraling van een bouwplaats zijn belangrijk, zodat de leefomgeving ook in tijdelijke situaties haar kwaliteit behoudt. • Bouwplaatsinrichting is vanaf start ontwerp integraal onderdeel van de opgave. Daarbij hoort het opstellen van een BLVC-plan conform format. Bouwlogistiek dient te worden afgestemd met de afdeling Stadsbeheer. • In afwachting op de start bouw: de tijdelijke situatie dient kwaliteit te bieden voor de omgeving. Denk daarbij aan communicatie met en participatie van omwonenden, programmering, evenementen, en bijzondere vormgeving. • Tijdens de bouw: de overlast voor de omgeving dient zoveel mogelijk te worden beperkt. Denk hierbij aan: rijroutes bouwverkeer, inrichting bouwlocatie, inbeslagname openbare weg, geen parkeerplaatsen op de bouwplaats en alternatieven voor dieselaggregaten voor opwekken bouwstroom. • Bomen worden beschermd. Lokale opslag vermindert transport. Gebruik van hub’s. Landelijke richtlijnen bouw- en sloopveiligheid (2012), Binnenstadsplan 2008-2020 ‘Binnenstad als City Lounge’ (2008), Programma Rotterdam Circulair 2019-2023 11. Architectenkeuze Rotterdam is architectuurstad.

De architectonische kwaliteit van gebouwen is van groot belang voor de kwaliteit van de stad. Het formuleren van de opgave, het programma en het vinden van de juiste architect is essentieel en gebeurt bij voorkeur in gezamenlijk overleg tussen opdrachtgever en gemeente. De opdrachtgever heeft hierbij de beslissende stem.

Architectuurnota: Architectuur en Rotterdam (2019), Architectenprotocol

10. Bijlagen

61

10.2 Concept Stedenbouwkundig Matenplan (SMP) 27

14

29

16

30

31

4794

33 NK

91

15.4

4795

4793

35

27.8

58

4792

VERKLARING :

32 37

34

PROJECTGRENS

2 NK

TOEKOMSTIGE BEBOUWING

36

OPTIONELE UITBREIDING

4

27

+1.10

99

6

58

VERVALLEN TOPOGRAFIE

97

VERKLARING :

0

PARKEERINDELING

3.0

37

UITGIFTEGRENS ( STREEPLIJN IS FICTIEF )

5.6

60

0

AS LANDMETEN EVENT. MET COORDINATEN ( SO-SB Afd. Basisinformatie )

3.0

34

15.4

4

6.00

59

7

8 NK

43.1

10

1.6

16

36

12

27

4

3

57

39

7

5.0

6.0

0

1.6

16

10.0

0 3.0

4

59 15.4

9.2

6

3.0 0

10 10.

0

+1.10

0

0

37.8

1.8

2.2

10.

10

7

27

0

58.2

1.8

+1.10

+1.10

9.0

74

1

· · · · · · · ·

0

+1.10

G

Gebied: ......................

47

34.

1.8

Planteam:

2.0

01. 8

0

Doorzetten voetpad richting container Projectgrens aangepast

ALTERNATIEVE LOCATIE AFVALCONTAINER GEMAAL

Armand Blommaert 27-09-2023

Akkoord definitief plan d.d.:

BEBOUWING NIEUW SO/PMB:

Opdr.g.:

Armand Blommaert 14-12-2022

VUZ

GAM:

Getekend door

Versie

Datum

ESSENTIEEL LEEFGEBIED VOOR VLEERMUIZEN

0

Voorlopig Stedenbouwkundig matenplan

0

Rivierenlaan De Zeehond GAZON EN / OF-BEPLANTING

10.

00

Rozenburg 6.0

0

5.0

0

48. 54

62

Uitgiftepeil aangepast naar +1.10 NAP Opstelplek containers toegevoegd

Alternatieve locatie voor container in de Van Ostadelaan toegevoegd TEGEL OPSTELPLEK CONTAINERS Gemaal toegevoegd

SO/ROA:

6.0

+1.10

Uitgiftegrens hoekwoningen uitgebreid met 90cm VRIJE RUIMTE BOOM Zij-entree toevoegd bij hoektuin (zuid-oost hoek)

+1.10

10.

5.0

BOUWHOOGTE LAGEN

TOEKOMSTIGE BOOM T.o.v. de vorige uitzending 2022-12-14 is het volgende gewijzigd:

+1.10

G

PUNT BEKEND ALS COORDINAAT ( SO-SB Afd. ) de uitwerking Disclaimer: alle buitenruimte is indicatief weergegeven. Hier kunnen geen rechten aan Basisinformatie worden ontleend. Zie voor het toekomstige inrichtingsplan. De uitgiftegrenzen zijn nog niet definitief

7

0

85

27

6

04

2.5

2L

1.8

Het Stedenbouwkundig Matenplan is tot stand gekomen op basis van de volgende tekening: plangebied ABB_221121 TE2202_Verkaveling ROOIEN BOOM

10. 4

10.4 7

29.

0 6.0

6

+1.10

5.0 0

0

24.6

9692

+1.10

1.0

0

·

+1.10

0

VASTGESTELD PEIL T.O.V. N.A.P. ( SO Afd Ingenieursbureau )

+1.10

1.8

4

314 .

88.1

9

1.8

48.5

1.8

0

8.2

3

+1.10

1.8

0

5.0

91.8

2.1

GAZON EN / OF BEPLANTING

• • • • •• • • •• • •••••••••••••

74

0

6880

+1.10

1.8

0 1.8

0

BEBOUWING NIEUW

MAATVOERING IN METERS ESSENTIEEL LEEFGEBIED VOOR VLEERMUIZEN

3.1

6.0

+1.10

61

8.5

MAATVOERING LANDMEETKUNDIGE AS

6.00

0

0

+1.10

24.8

7.000

10.4

01.8

0

GEMAAL

AS LANDMETEN EVENT. MET COORDINATEN ( SO-SB Afd. Basisinformatie )

2.0

1.8

15.4

47 24.8

29.0

4 12.1

+1.10

34.7

+1.10

G

1

59

+1.10

+1.10

9.0

15.9

96

7

33.8

10.4

0

7

27 37.8

0

1.8

0

0 3.0 0

70

.00

ALTERNATIEVE LOCATIE AFVALCONTAINER

PARKEERINDELING

58.2

39 23.6

3.0

00 11.6

09

10.4

14

TEGEL OPSTELPLEK CONTAINERS UITGIFTEGRENS ( STREEPLIJN IS FICTIEF )

+1.10

+1.10

10.

68

G

9

02

34.3

45.

+1.10

8.2

5.6

60

1.8

TOEKOMSTIGE BOOM

VRIJE RUIMTE BOOM VERVALLEN TOPOGRAFIE

10.1

7

4.5

97

TE ROOIEN BOOM

5.0

10.4

0

.00

25

0

PUNT BEKEND ALS COORDINAAT ( SO-SB Afd. Basisinformatie )

TOPOGRAFIE ( GEEN BEBOUWING )

0

2.0

+1.10

59

3.0 0

0 3.0

6.0

0

31.8 29.0 5 4

1.0

99

VASTGESTELD PEIL T.O.V. N.A.P. ( SO Afd Ingenieursbureau )

BOUWHOOGTETOPO LAGEN ( GEEN BEBOUWING ) 2L TOEKOMSTIGE

7

BR 34.2

OPTIONELE UITBREIDING BEBOUWING

+1.10

10.4

+1.10

6880

0

1.8

35

1.8

0

38.1

0

15.4

10.1 0

00 10.2

15.4 58

40

0.4

• • • • •• • • •• • •••••••••••••

74 +1.10

8.5

MAATVOERING IN METERS

TOEKOMSTIGE BEBOUWING

3.1

+1.10

43.1

43.

7.000

39

+1.10

10.4

16.8

02

45.6

MAATVOERING LANDMEETKUNDIGE AS PROJECTGRENS

29.0

15.9

+1.10

+1.10

TOPOGRAFIE ( GEEN BEBOUWING )

4.5

8

4799

TOEKOMSTIGE TOPO ( GEEN BEBOUWING ) BR

96

35

4798

BEBOUWING 40

32

20.2

4797

68

33

30

27.8

31

15.4

4796

29

43.1

1.8

0

24.

6

+1.10

Bestandsnaam: RO_SMP_Rivierenlaan - De Zeehond.dwg

Schaal: 1:500 Formaat: A2

Stadsontwikkeling

Buurt: 422

Ruimtelijk Ontwerp & Advies

De Zeehond NvU

TE - 22 / 00056

Bladnr:

1

/1

10. Bijlagen

63

Kaart: Gebiedsindeling Beleidsregeling Parkeernormen voor auto en fiets gemeente Rotterdam 2022

10.3 Parkeernormen auto en fiets

64 De Zeehond NvU

Autoparkeren

Fietsparkeren

ten in de buitenruimte. Inpassing van fietsparkeervoorzieningen in

De mobiliteitstransitie heeft ook zijn doorwerking in het Parkeer-

De fietsparkeervraag van gebruikers (bewoners, werknemers, etc.)

de openbare ruimte dienen te worden afgestemd met de adviseur

beleid. Middels de Beleidsregeling parkeernormen auto en fiets

dient binnen de plangrenzen van de ontwikkeling te worden gefaci-

van het cluster fietsparkeren en de landschaparchitect.

wordt onder meer bijgedragen aan het stimuleren van alternatie-

liteerd. Dit geldt tevens voor de fietsparkeervraag voor bezoekers

De precieze inpassing van eventueel benodigde fietsnietjes in de

ven voor de eigen auto en het beter benutten van parkeercapaciteit

van de voorzieningen in de ontwikkeling, niet zijnde bewoners of

openbare ruimte worden in het IP traject voor de buitenruimte be-

in de omgeving. Verder maken ook parkeereisen voor fietsen (voor

werknemers. Voor het fietsparkeren voor bezoekers van het gebied

paald.

niet-woonfuncties) onderdeel uit van de regeling om het fietsbezit

is het belangrijk dat deze stallingsplaatsen openbaar toegankelijk

en -gebruik te stimuleren.

zijn en op loopafstand liggen van de bestemming conform de uit-

Voor zowel bewoners, werknemers en bezoekers is het van belang

gangspunten van de Beleidsregeling. Het realiseren van een werk-

onderscheid te maken in fietsparkeren van normale/standaard fiets

Er is onder voorwaarden geheel of gedeeltelijk van de gestelde par-

bare oplossing voor fietsparkeren is een oplossing op maat waarbij

(60% van de vraag) en voor gemiddeld 40% deelfietsen, deelscoo-

keereis op eigen terrein af te wijken:

de fietsparkeereis, bestaande fietsparkeerdruk, soort gebruiker,

ters, buitenmodelfietsen (bakfietsen, fietsen met kratjes, etc.)

· keervoorziening mogelijk en wenselijk is voor verschillende Toepassing van dubbelgebruik van (een deel van) de par-

gebruikersduur, loopafstand, locatie, bestemming, kwaliteit, ligging, sociale veiligheid en gebiedskarakter belangrijke criteria zijn.

De adviseur van het cluster fietsparkeren zal de volgende uitgangs-

functies, onderbouwd met een parkeerbalans

Indien de combinatie van factoren niet meegewogen worden zal de

punten meenemen in het uitwerkingsvraagstuk voor het onderdeel

Toepassing van een bijzondere vrijstellingen om de parkeereis

fietsparkeeroplossing niet of onvoldoende gebruikt worden en zal

fietsparkeren, waarbij in de meeste gevallen, naast de Beleidsrege-

“overlast” en verrommeling van de buitenruimte, aantasting groen

ling Parkeernormen, het Bouwbesluit 2012 mede bepalend is:

gebruikers van de ontwikkeling en de stad. Dit kan op basis van

veroorzaakt worden in betreffend gebied. Hiernaast is het (finan-

1a. Uitgangspunt voor bewoners en werknemers is een inpandige

de nabijheid van OV-stations, realisatie van extra fietsparkeer-

cieel) van belang dat de fietsparkeeroplossing voorafgaand aan

oplossing;

ruimte, aanbieden van deelauto’s, aanbieden van Mobility as a

de (gebieds)ontwikkeling meegenomen wordt en niet achteraf pas

1b. Uitgangspunt voor bezoekers van voorzieningen in de ontwik-

Service.

in beeld komt. Om deze reden dient een adviseur van het cluster

keling (niet zijnde bewoners of werknemers) is het uitgangspunt

De toepassing van een of meerdere bijzondere vrijstellingen

fietsparkeren van SO Mobiliteit (_SO_fietsparkeren@rotterdam.

dat dit op eigen terrein of inpandig wordt gerealiseerd.

op de parkeereis leidt tot uitsluiting van het recht op vergun-

nl) een definitief akkoord te geven op de uitgangspunten voor fiets-

1c. Uitgangspunt voor bezoekers van het gebied is dat deze stal-

ning voor straat parkeren. Ook indien er ten tijde van verlenen

parkeren bij ontwikkelingen.

lingsplaatsen in de openbare ruimte op loopafstand van de bestem-

· te verlagen indien wenselijk voor ontwikkelaar, bewoners,

ming worden gerealiseerd.

van de omgevingsvergunning nog geen sprake is van betaald parkeren.

Voor zowel bewoners, werknemers en bezoekers is het van belang

2. Loopafstanden;

In sommige gevallen is er af te wijken omdat er structureel

onderscheid te maken in fietsparkeren van de normale/standaard

3. Soort fietsen, inclusief aandacht voor buitenmodelfietsen, elek-

fiets (60% van de vraag) en voor gemiddeld 40% deelfietsen, deel-

trische fietsen en snor-/bromfietsen;

bepaald loopafstand. In het beginsel is dit niet op straat maar

scooters en zogenaamde buitenmodelfietsen (bakfietsen, fietsen

4. Bestemming;

op ander privéterrein of in een andere garage gelegen. Voor

met kratjes, etc.)

5. Gebruiker;

· alternatieve parkeervoorzieningen beschikbaar zijn binnen een

6. Gebruikersduur;

bewoners en personeel dient er een overeenkomst te worden afgesloten voor de huur van deze plekken. Voor bezoekers

In beginsel leidt dit voor bezoekers van de voorzieningen tot open-

7. Locatie;

volstaat aangetoonde beschikbaarheid.

baar toegankelijke oplossing binnen de projectgrenzen. In overleg

8. Kwaliteit;

Het bevoegd gezag heeft de mogelijkheid een lagere parkeer-

met de adviseur van het cluster fietsparkeren kan hier op sommige

9. Ligging ten opzicht van fietsroute en ingang bestemming;

locaties onderbouwd vanaf geweken worden en kan ruimte gevon-

10. Karakter gebied.

· norm te hanteren voor zorgwoningen en sociale huurwoningen, indien ze voldoen aan specifieke voorwaarden.

10. Bijlagen

den worden (wellicht tegen financiële compensatie) ruimte in een openbare fietsenstalling of in fietsparkeervoorzieningen op straat.

Het Rotterdamse fietsbeleid staat beschreven in de Fietskoers

Fietsparkeervoorzieningen mogen niet leiden tot aantasting van

2025, te downloaden via https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/

het openbaar groen en overlast veroorzaken door storende elemen-

fietsstad/

65

Bijlage 4. Normen en aanwezigheidspercentages als bedoeld in artikel 3, tweede en achtste lid, artikel 5, eerste en derde lid, artikel 6, tweede lid, artikel 7, artikel 9, artikel 11, artikel 14 en artikel 18, eerste lid van de Beleidsregeling Parkeernormen auto en fiets gemeente Rotterdam 2022 Tabel 4.1 Normentabel auto woonfunctie

< 40 m² 40 tot 65 m² 65 tot 85 m² 85 tot 120 m² ≥ 120 m²

< 40 m² 40 tot 65 m² 65 tot 85 m² 85 tot 120 m² ≥ 120 m²

Aantal autoparkeerplaatsen per woning Gebiedstype A Gebiedstype B hoogstedelijk gebied stadswijken 0,10 0,10 0,40 0,50 0,60 0,80 1,00 1,00 1,20 1,20

Gebiedstype C overig gebied 0,10 0,60 1,00 1,40 1,80

Werken

Tabel 4.2 Normentabel auto niet-woonfuncties

Tabel Korting parkeereis voor nabijheid openbaar vervoer OV-halte Functie

66

Gebiedstype B stadswijken 0,10 0,50 0,80 1,00 1,20

Gebiedstype C overig gebied 0,10 0,60 1,00 1,40 1,80

Tabel 4.2 Normentabel auto niet-woonfuncties Functie

Woonfunctie (m² gbo)

Gebiedstype A hoogstedelijk gebied 0,10 0,40 0,60 1,00 1,20

Hemelsbrede afstand ontwikkeling - entree OV-halte Opmerking Aantal autoparkeerplaatsen per 100 m² bvo tenzij anders bepaald in de 0 tot 400 meter 400 tot 800 meter 800 tot 1200 meter opmerking Gebiedstype Gebiedstype Gebiedstype Rotterdam Centraal -50% -40% A B -30% C hoogstedelijk stadswijken overig Beurs, Blaak, Alexander en Schiedam -40% -30% -20% gebied gebied Centrum Werken Kantoor 0,76 1,00 1,20 Bedrijfsverzamelgebouw / 0,72 0,80 0,80 Overige treinstations -30% -20% -10% Atelier Overige RSR/metrostations in gebiedstype A -30% -20% -10% Arbeidsintensief / 0,67 1,20 2,00 en B bezoekersextensief bedrijf (industrie, laboratorium, Overige tramhaltes in gebiedstype A -30% -20% -10% werkplaats, etc.) Arbeidsextensief / 0,19 0,30 0,60 RSR/metrostations in gebiedstype C -20% -10% -5% bezoekersextensief bedrijf (behalve Hoek van Holland Nesselande) (loods, opslag, transportbedrijf etc.)B Overige tramhaltes in gebiedstype -20% -10% -5% Winkelen Commerciële 1,20 2,00 2,50 dienstverlening en kantoren -10% RSR/metrostation in Nesselande -5% 0% met baliefunctie Overige tramhaltes in gebiedstype C -10% -5% 0% Detailhandel inclusief 0,38 2,50 2,50 kringloopwinkel en apotheek Supermarkt 0,38 2,80 Artikel 13. Korting van de parkeereis voor gebouwen met een bijbehorende of2,50 Maximale omvang 0,0 0,0 0,0 toegewezen Mandjessupermarkt parkeervoorziening: betaald parkeergebied 1.

Indien een ontwikkeling in betaald parkeergebied 500 m² voorziet bvo in extra fietsparkeerplaatsen op eigen terrein, kan de autoparkeereis met ten hoogste 10% worden verlaagd in de raadsvergadering van: verhouding twee fietsparkeerplaatsen in plaats van één autoparkeerplaats. Deze extra fietsparkeerplaatsen worden gerealiseerd op eigen terrein en zijn bedoeld voor lang raadsstuk 21bb16085

Opmerking

Aantal autoparkeerplaatsen per 100 m² bvo tenzij anders bepaald in de opmerking Gebiedstype Gebiedstype Gebiedstype A B C hoogstedelijk stadswijken overig gebied gebied 0,76 1,00 1,20 0,72 0,80 0,80

Kantoor Bedrijfsverzamelgebouw / Atelier Arbeidsintensief / 0,67 1,20 bezoekersextensief bedrijf (industrie, laboratorium, werkplaats, etc.) Arbeidsextensief / 0,19 0,30 bezoekersextensief bedrijf (loods, opslag, transportbedrijf etc.) Winkelen Commerciële 1,20 2,00 dienstverlening en kantoren met baliefunctie Detailhandel inclusief 0,38 2,50 kringloopwinkel en Grootschalige detailhandel n.v.t. 4,50 apotheek Bouwmarkt, n.v.t. 2,20 Supermarkt tuincentrum, 0,38 2,50 kringloopwinkel Mandjessupermarkt Maximale omvang 0,0 0,0 Showroom, meubelzaak 0,26 0,60 500 m² bvo Sport en Gymzaal, sporthal binnen 0,08 1,70 raadsvergadering van: recreatie (incl. squash, tennis) Sportveld buiten (incl. Normgrondslag: raadsstuk 0,65 13,00 21bb16085 tennisbaan) ha. netto terrein Dansstudio, sportschool 0,10 2,00 Jachthaven Per ligplaats 0,05 0,50 Cultuur Museum 0,02 0,40 Bibliotheek 0,01 0,50 Bioscoop, theater, Per zitplaats 0,01 0,10 schouwburg Sociaal cultureel centrum, 010 0,90 wijkgebouw Religiegebouw Per 0,01 0,10 bezoekersplaats Horeca Cafetaria/snackbar 0,40 4,00 Discotheek / feestruimte 0,70 7,00 Café / bar 0,40 4,00 Restaurant 1,60 8,00 Logies/pension Per kamer 0,2 0,25 Hotel Per kamer 0,5 0,7 Onderwijs Crèche, peuterspeelzaal, 0,80 0,90 kinderdagverblijf Basisonderwijs Per lokaal (excl.

0,40 0,45 Kiss & Ridestrook) Voorbereidend Per lokaal 0,40 0,45 dagonderwijs (vmbo, havo, vwo) Beroepsonderwijs en WO Per lokaal 0,50 2,00 Zorg Ziekenhuis Per bed 1,10 1,30 Verpleeghuis, hersteltehuis, Per wooneenheid 0,40 0,45 hospice 1e lijns gezondheidscentra Per 0,53 1,70 (huisarts, tandarts, behandelkamer therapeut)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=56d02357-03f8-45d2-b4ac-aeb3477c988f