CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb001305] Bijlage behorende bij 23bb001304 over rapport “Horeca als façade. Een verkennend onderzoek naar misbruik van de horeca en ondermijning in Rotterdam

Commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid (2022 - 2026) 9 maart 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Veiligheid38.704 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Voorbeelden die hiervan gegeven worden, zijn automatenhandelaren die financiële leningen geven zonder dat duidelijk is hoe deze terugbetaald worden of een horeca-adviseur die de mazen in de bestaande procedures kent (bijvoorbeeld bij een Bibob-check) en ondernemers zo informeert en instrueert dat de Bibob-check doorstaan wordt.

23

3.

De Rotterdamse horecasector De gemeente Rotterdam brengt eens in de vier jaar een horecanota uit, waarin het beleid voor de komende vier jaren uiteengezet wordt. De meest recente horecanota komt uit 2016 en gaat over de termijn 2017-2021. De nieuwe horecanota komt in 2023 uit. In dit hoofdstuk wordt kort uitgelegd welke exploitatiecategorieën er zijn en welke instanties er betrokken zijn bij toezicht en handhaving van de horeca. Voor een meer uitgebreide toelichting op de manier waarop het Rotterdamse horecabeleid in ingericht, verwijzen we naar de horecanota.1 Het aantal vergunde horeca-inrichtingen in Rotterdam ligt sinds 2018 rond de 2450. In 2021 waren er 2457 vergunde horeca-inrichtingen. Er worden verschillende categorieën horeca onderscheiden. De aard van de activiteiten die in de horeca-inrichting worden aangeboden, bepaalt wat voor type vergunning vereist is. Hoe langer de openingstijden en/of hoe hoger het geluid dat geproduceerd wordt, hoe uitgebreider de vereiste exploitatievergunning. Dit geeft tevens de mogelijkheid om een deel van de ondernemers die beperkte en/of zeer lichte vormen van horeca exploiteren vrij te stellen van de vergunningplicht (categorie 0). In tabel 3.1 is een beknopt overzicht gegeven van de verschillende exploitatievergunningen zoals deze momenteel voor de horeca bestaan.

In de horecanota staat een meer uitgebreide beschrijving gegeven van de exploitatievergunningen.

1 Op het moment van schrijven is de nieuwe horecanota in ontwikkeling. https://www.rotterdam.nl/loket/documentenkcc/horecanota2017-2021.pdf

25

Horeca als façade

Tabel 3.1. Overzicht exploitatievergunningen gemeente Rotterdam Voorwaarden Type Categorie 0 (Vrijstelling ^ Geopend tussen 07:00 en 23:00 uur met ^ Een gevelterras exploiteren tot max. 3m uit de gevel over de breedte van de gevel horecabestemming) ^ Alleen alcoholische drank schenken indien zij in het bezit zijn van een Drank- en Horecawetvergunning Categorie 1 (licht) ^ Geopend zijn van 7:00 uur of tot 23:00 uur ^ Een terras exploiteren van 07:00 tot 23:00 uur; ^ En/of een gevelterras exploiteren van meer dan 3m uit de gevel en/of een terras tot 23:00 uur; ^ En/of alcoholhoudende drank schenken; ^ En/of in een straat gevestigd zijn die is aangewezen door de burgemeester Categorie 2 (regulier) ^ Geopend zijn vóór of vanaf 07:00 tot 01:00/02:00 uur - een terras exploiteren van 07:00 tot 01:00/02:00 uur; • En/of kansspelautomaten aanwezig hebben; ^ En/of amusement aanbieden, anders dan door middel van twee kansspelen; ^ En/of gelegenheid bieden tot het roken van rookwaar met gebruikmaking van waterpijpen (shisha); ^ En/of gelegenheid bieden tot het uitvoeren van seksuele handelingen anders dan tegen betaling.

Categorie B/4/4+ (Van ^ 24-uur geopend zijn P/4/4+) (middel) zwaar tot • Óf meer dan achtergrondmuziek willen produceren (3) buitencategorie) ^ En meer dan achtergrondmuziek willen produceren; (4) • En/of zaalverhuur aanbieden (minder dan 2500 bezoekers) (4) • Grootschalige evenementen faciliteren/zaalverhuur (meer dan 2500 bezoekers) (4+J. Bron: horecanota 2017-2021, gemeente Rotterdam

Het grootste gedeelte van de Rotterdamse horeca heeft een categorie 2 vergunning. In 2020 waren dit er circa 1.700. Daarnaast is er een klein deel met een zogenaamde 24-uursvergunning (categorie 3, 4 of 4+), dit zijn er circa 150. Tot slot is er een deel dat behoort tot de groep met een exploitatievergunning in categorie 1 (circa 600 inrichtingen). Horeca-inrichtingen die behoren tot de categorie 0, zijn vrijgesteld van het aanvragen van een vergunning. Deze zaken worden in het vervolg van dit rapport aangeduid als vergunningsvrije horeca. Deze zaken mogen een beperkt terras exploiteren en mogen alleen achtergrondmuziek produceren. In een aantal aangewezen gebieden is het via de Algemeen Plaatselijke Verordening geregeld dat er geen vergunningsvrije horeca gevestigd mag worden. In de praktijk is er weinig toezicht op de vergunningsvrije horeca-inrichtingen. Doordat zij geen exploitatievergunning hebben, is er geen helder beeld van wie de uitbaters zijn van deze horecainrichtingen en waar zij gevestigd zijn. Indien een vergunningsvrije horeca-inrichting een drankvergunning bezit, is deze informatie logischerwijs wel bij de gemeente bekend. In de praktijk komt het echter niet vaak voor dat een vergunningsvrije horeca-inrichting over een drankvergunning beschikt.

Overigens worden deze zaken wel bezocht tijdens surveillances van stadstoezicht en andere toezichthouders die op straat actief zijn.

26

De Rotterdamse horecasector

3.1

Actoren In het horecaveld is een groot aantal actoren actief. In deze paragraaf worden kort de belangrijkste actoren benoemd die naast de ondernemers een rol spelen bij de horeca. Pandeigenaren/horeca-makelaars Veel horecaondernemers huren de ruimte van waaruit zij hun horeca-inrichting exploiteren. Er zijn verschillende pandeigenaren. Een deel is in het bezit van woningcorporaties, de gemeente Rotterdam, bierbrouwerijen, automatenhandelaren en/of particuliere eigenaren. Voor het verhuren en overnemen van horeca-inrichtingen worden veelal horecamakelaars ingezet. Bij een overname wordt er vaak een huurcontract en de zogenaamde goodwill en inventaris overgenomen. Brouwerijen/leveran ciers De brouwerijen en leveranciers hebben naast het leveren van hun producten soms nog een andere rol binnen de horecasector. Zo hebben zij ook een deel vastgoed in hun portefeuille en kunnen zij ook financiële leningen verstrekken. Vanwege de onzekerheid rondom de horecasector tijdens de coronacrisis waren weinig banken bereid om leningen aan de horeca te geven. De horecazaken hebben over het algemeen een contract afgesloten met leveranciers over het afnemen van producten. Horeca-adviseurs De groep horeca-adviseurs spelen een rol bij het starten van een onderneming en eventueel wanneer er sprake is van problemen met de gemeente. Zij geven ondernemers advies over het opstarten van de zaak.

In de context van het onderzoek is daarbij van belang dat zij ondernemers ondersteunen bij het aanvragen van vergunningen en ondernemers kunnen vertellen wat zij kunnen verwachten van het proces. Ook wanneer er problemen zijn ontstaan rondom de exploitatie, kunnen horeca-adviseurs ondernemers bijstaan. Speelautomatenhandelaren De speelautomatenhandelaren hebben een vergelijkbare rol als de brouwerijen. Ondernemers kunnen vaak een geldbedrag krijgen wanneer zij instemmen met het plaatsen van een aantal gokkasten in de onderneming. De precieze afspraken die hierover worden gemaakt verschillen en zijn vaak niet bekend. Er is vanuit respondenten weinig zicht op de speelautomatenhandelaren die actief zijn in de Rotterdamse horeca.

3.2

De impact van corona op de Rotterdamse horeca Behalve dat in dit onderzoek gekeken wordt naar de aard en omvang van ondermijning in algemene zin, wordt ook onderzocht in hoeverre COVID-19 ondernemers extra kwetsbaar heeft gemaakt voor criminele inmenging. Om deze reden is ondernemers in de vragenlijst een aantal vragen voorgelegd over de impact van COVID-19 op hun onderneming. De antwoorden op deze vragen zijn in tabel 3.2 weergegeven.

27

Horeca als façade

Tabel 3.2: impact van COVID-19 op de omzet, exploitatievorm en gebruik maken van steunmaatregelen n r Omzetverlies 2021

Gebruik gemaakt van steunmaatregel(en)

Anders exploiteren vanwege corona

Totaal Geen omzetverlies 1-20 % 21-50% 51-75% Meer dan 75% Weet niet Wil niet zeggen

177 14 9 36 49 55 7 7

Totaal Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen

175 134 38 1 2 177 13 75 87 0 2

Totaal Ja, volledig anders Deels Nee Weet niet Wil niet zeggen

100 7,9 5,1 20,3 27,7 31,1 4,0 4,0

100 76,6 21,7 0,6 1,1

100 7,3 42,4 49,2 0,0 1,1

Bron: Risbo, eigen bewerking

Uit de enquete wordt duidelijk dat COVID-19 een grote impact heeft gehad op de Rotterdamse horeca. Ongeveer een derde van de respondenten geeft aan dat zij meer dan 75 procent omzetverlies hebben geleden tijdens de coronacrisis. Iets meer dan een kwart (27,7 procent) en iets meer dan een vijfde (20,3 procent) heeft respectievelijk tussen de 51-75 procent en 21-50 procent omzetverlies geleden. Een groot deel van de respondenten heeft dan ook gebruik gemaakt van de steunmaatregelen. Ruim driekwart van de ondernemers heeft hier gebruik van gemaakt (zie tabel b3.2 in de bijlage). Met name de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL), Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) en Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig Ondernemers (TOZO) zijn aangevraagd. Behalve dat er gebruik is gemaakt van landelijke steunmaatregelen, hebben 65 (36,5 procent) van de 178 ondernemers gebruik gemaakt van een andere regeling, bijvoorbeeld met de gemeente (32 respondenten), vastgoedeigenaren (29 respondenten), en de belastingdienst (22 respondenten) (zie ook tabel b3.3 in de bijlage). Het betrof regelingen voor uitgestelde betalingen (33 respondenten), tijdelijke huurverlaging (25 respondenten) of een betalingsregeling (22 respondenten). Tot slot komt ook de creativiteit van ondernemers in het omgaan met de coronacrisis naar voren.

Ongeveer de helft van de ondernemers is vanwege corona de onderneming (deels) anders gaan exploiteren.

28

De Rotterdamse horecasector

Tijdens gesprekken met professionals ontstaat het beeld dat de gevolgen van COVID-19 nog lang niet helemaal zichtbaar zijn. Zij vrezen dat er sprake is van een uitgesteld effect en hebben de indruk dat de zwakkere zaken door de steunmaatregelen overeind zijn gehouden, terwijl zij normaal gesproken failliet waren gegaan. Dit beeld lijkt bevestigd te worden in juli 2022. Op dat moment geven horecamakelaars aan dat er steeds meer horecazaken te koop komen vanwege financiële problemen bij ondernemers.2 De professionals zijn het er dan ook over eens dat de horeca als sector als gevolg van COVID-19 kwetsbaarder is geworden voor criminele inmenging en dat deze kwetsbaarheid voorlopig nog voort zal duren. Het sentiment uit de gesprekken met professionals wordt bevestigd in de vragenlijst. De ondernemers is een aantal stellingen voorgelegd over de mate waarin de steunmaatregelen toereikend waren en de financiële impact in de privésfeer. De antwoorden op deze stellingen staan in figuur 3.1 weergegeven.

De regelingen van de overheid waren onvoldoende om de effecten van de coronacrisis tegen te gaan

41

45

Door corona heb ik gebruik moeten maken van mijn reserves

50

Om mijn onderneming overeind te houden heb ik privévermogen moeten gebruiken

26

Ik heb mijn pensioengeld moeten gebruiken om mijn onderneming overeind te houden

13

Ik maak mij grote zorgen over de toekomst van mijn onderneming

27 0y0

■ Helemaal mee eens

BMee eens

31

22

22

10 15 6

26

40

62

|7

31

42

38

25

10y0 20y0 30y0 40y0 50y0 60y0 70y0 80y0 90y0100y0

«Neutraal

«Mee oneens

«Helemaal mee oneens

Figuur 3.1: Antwoorden op stellingen over maatregelen en financiële impact COVID-19 (n Í& '^) Bron: Risbo, eigen bewerking

Een ruime meerderheid is van mening dat de regelingen van de overheid onvoldoende waren om de effecten van de crisis tegen te gaan. We zien dan ook dat meer dan 80 procent van de ondernemers tijdens COVID-19 gebruik heeft moeten maken van de eigen reserveres. Ook zien we dat meer dan de helft privévermogen heeft aangesproken om de onderneming overeind te houden. Ongeveer een derde van de respondenten heeft bovendien pensioengeld daarvoor aangesproken. Ondanks de grote financiële impact heeft ongeveer een kwart van de respondenten grote zorgen over de toekomst. Iets meer dan een derde is neutraal en een ongeveer even groot deel heeft geen (grote) zorgen over de toekomst.

2 https://nos.nl/artikel/2435165-makelaars-fors-meer-horecazaken-te-koop-door-financiele-problemen

29

Horeca als façade

3.3

Conclusie Het kan niet ontkend worden dat COVID-19 een grote impact heeft gehad op de Rotterdamse horecasector. Dit maakt het aannemelijk dat als gevolg van de crisis, de horeca kwetsbaarder is geworden voor criminele inmenging. Tegelijkertijd zien we ook tekenen van grote veerkracht onder ondernemers. Een groot deel is hun onderneming anders gaan exploiteren en staan ondanks dat zij hebben moeten interen op hun eigen reserves, positief ten opzichte van de toekomst.

30

4.

Omvang van het probleem Ondermijning is uitermate lastig vast te stellen. Dit geldt niet alleen voor ondermijning binnen de horeca, maar ook in het algemeen. Een eerste uitdaging is om te bepalen in welke gevallen er precies sprake is van ondermijning. Ondermijning is geen doel op zich maar een effect van criminaliteit op de samenleving. Er zou beargumenteerd kunnen worden dat veel vormen van criminaliteit leiden tot ondermijning. Doordat ondermijning een gevolg is van crimineel handelen, wordt dit ook vaak niet als zodanig geregistreerd. Ook binnen dit verkennende onderzoek kunnen we geen harde uitspraken doen over de mate waarin ondermijning in de horeca voor komt. Om een indicatief beeld van de omvang te krijgen, hebben we op verschillende manieren geprobeerd inzicht te krijgen in omvang van ondermijnende criminaliteit in de Rotterdamse horeca. Ten eerste hebben we tijdens de gesprekken met professionals gevraagd naar de mate waarin ondermijning volgens hen plaatsvindt. Aanvullend hebben we professionals gevraagd om een aantal concrete casussen te benoemen en een inschatting te maken hoeveel dit er zijn op jaarbasis. Aanvullend hebben we ondernemers in de enquête gevraagd hoe vaak zij zelf met verdachte situaties te maken hebben gehad en hebben we 21 politiedossiers ingezien.

In het vervolg van dit hoofdstuk gaan we in op de concrete casussen en de waarnemingen van professionals en ondernemers zelf.

4.1

Concrete casussen De meest concrete signalen van criminele inmenging in de Rotterdam horeca staan in de 21 afgeronde politiedossiers die in het kader van dit onderzoek bekeken zijn. Het betreft dossiers uit de periode 2016­ 2021, die de politie Rotterdam op het verzoek van Risbo heeft geselecteerd. Specifiek is gevraagd naar dossiers waarbij er sprake was van criminaliteit in een horecagelegenheid dan wel door de horecaondernemer. De dossiers die zijn ingezien, waren opgesteld ten behoeve van de burgemeester om een afweging te kunnen maken over het nemen van een bestuurlijke maatregel tegen de betreffende ondernemingen. De 21 politiedossiers varieerden op verschillende manieren. De horecaondernemingen bevonden zich op verschillende locaties binnen

Rotterdam, varieerden qua vergunningen

(exploitatievergunning,

alcoholvergunning, aanwezigheidsvergunning) en ook de criminaliteitsvormen die in de dossiers werden vastgesteld, liepen uiteen. Bij meerdere dossiers kwamen misstanden in een horecaonderneming per toeval aan het licht. Dit kon zijn dat de onderneming naar voren kwam in een grootschalig onderzoek, maar ook omdat de politie per toeval de feiten constateerden. Een voorbeeld was een horecaonderneming die gecontroleerd werd op een dag dat preventief fouilleren was toegestaan; een ander voorbeeld was een verdachte die door de politie achtervolgd werd en een horecaonderneming binnen rende, waarna hier strafbare feiten werden geconstateerd. Een groot deel van de dossiers hadden als aanleiding een melding, afkomstig vanuit verschillende bronnen (zoals MMA, wijkagent, cameratoezicht).

31

Horeca als façade

Ook tijdens de gesprekken met professionals zijn concrete casussen benoemd. Met name medewerkers van de politie en de gemeente noemen enkele gevallen waarbij er misbruik van de horeca plaatsvond. Dit aantal casussen is echter beperkt. Een probleem dat door professionals wordt benoemd is dat ondermijning binnen de horeca moeilijk aantoonbaar is. Het aantal gevonden concrete casussen toont aan dat criminaliteit in de horeca plaatsvindt maar dat de omvang relatief beperkt blijkt. Desondanks kan dit niet met zekerheid gesteld worden omdat er veel buiten het zicht om lijkt te gebeuren.

4.2

Onderbuikgevoelens Uit de gesprekken met professionals komt telkens terug dat er gesproken wordt over onderbuikgevoelens die maar moeilijk hard gemaakt kunnen worden. Deze onderbuikgevoelens hebben vaak betrekking op schijnbeheersituaties waarbij professionals sterke gevoelens hebben dat de exploitant op papier niet de werkelijke exploitant is. Dit komt bijvoorbeeld naar voren tijdens kennismakingsgesprekken tussen de gemeente en een nieuwe exploitant. Bij een deel van deze gesprekken hebben professionals het gevoel dat de beoogde exploitant weinig kennis heeft van de op te zetten onderneming en/of geen reëel beeld heeft van wat het exploiteren van een horecaonderneming behelst. Dit komt ook voor bij overnames van een vergunning. Professionals die controles uitvoeren geven aan dat het tijdens controles regelmatig voor komt dat een klant die in de zaak aanwezig is het woord voert bij controles in plaats van de op papier geregistreerde exploitant. Dit soort situaties zijn sterke tekens dat er sprake is van schijnbeheer. Tegelijkertijd geven professionals aan dat het erg lastig is om in deze gevallen hard te maken dat er sprake is van schijnbeheer. Daarvoor dient een omvangrijk dossier opgebouwd te worden, waarbij op verschillende aannemelijk gemaakt moet worden dat de vergunde exploitant niet de werkelijke uitbater is.

In een van de politiedossiers komt een geval van schijnbeheer sterk naar voren. In deze casus wordt er door een persoon een verzoek tot overname van de exploitatievergunning gedaan. Deze aanvraag wordt afgewezen op basis van een negatief Bibob-advies. Vervolgens blijkt tijdens verschillende controles en incidenten dat de afgewezen beoogde exploitant telkens aangetroffen wordt bij controles in de onderneming en het woord voert. Ook wanneer er bijvoorbeeld sprake is van inbraak, is het deze persoon die aangifte doet bij de politie. Uiteindelijk wordt besloten dat er een sterk genoeg dossier is opgesteld om schijnbeheer hard te kunnen maken. Echter, voordat er ingegrepen kan worden, levert de exploitant zijn vergunning in en stopt de noodzaak om bestuurlijk op te treden. De openbare orde en veiligheid is namelijk niet langer meer in het geding. Tegelijkertijd bestaat bij de politie de angst dat de beoogde exploitant een andere stroman zal zoeken en opnieuw zal proberen om de zaak in handen te krijgen. Daarbij zien we dat er spanning ontstaat tussen de politie en de gemeente. De politie geeft aan bang te zijn dat wanneer er geen duidelijke link is tussen de stroman en de beoogde exploitant, het opgebouwde dossier niet langer bruikbaar is. Voor de gemeente stoppen echter de mogelijkheden om handhavend op te treden omdat de vergunning is ingeleverd.

4.3

Volgens de ondernemers zelf De ondernemers van de vergunde horeca is gevraagd hoe vaak zij met verdachte situaties te maken hebben gehad. Daarbij zijn er acht situaties benoemd die kunnen duiden op criminelen die proberen

32

Omvang van het probleem

invloed te verkrijgen in de horeca. Van de circa 175 respondenten heeft 90 procent nog nooit met een verdachte situatie te maken gehad. Er bestaan echter wel verschillen voor wat betreft de soort verdachte situatie. Zo hebben slechts twee van de 175 respondenten een aanbod gekregen om tegen betaling een computer met illegale gokspellen in de onderneming te plaatsen. Het aantal respondenten dat een voorstel heeft gehad om het huurcontract tussentijds te beëindigen is eveneens klein (8 van de 176 respondenten). De meest voorkomende situatie die ondernemers hebben meegemaakt, is het verzoek tot overname van de onderneming door een onbekende. Meer dan tien procent van de respondenten heeft dit een enkele keer of meerdere malen meegemaakt. Een deel van de respondenten heeft vanwege corona het verzoek gekregen om een ruimte te verhuren tijdens de lockdown. Het is echter de vraag in hoeverre daarbij gesproken kan worden over ondermijning of opportunisme tijdens corona.

Tabel 4.1: Mate waarin ondernemers met verdachte situaties te maken hebben gehad (n ů '^) Nooit Een enkele Meerdere Weet niet keer malen Een verzoek tot overname van uw onderneming 154 15 4 2 door een onbekende (88,0) (8,6) (2,3) (1,1) Een voorstel voor een financiële lening/impuls 155 11 4 4 door een vage bekende/onbekende (89,1) (6,3) (2,3) (2,3) Vraag om (besloten) ruimte te verhuren terwijl de horeca vanwege maatregelen gesloten was

158 (89,3)

Een groep verdachte klanten die uw zaak als ontmoetingsplek gebruikt

165

Vermoedens van klanten die vanuit/in uw zaak illegale activiteiten plannen of ondernemen Een voorstel voor het tussentijds beëindigen van het huurcontract Aanbod om tegen betaling een computer met (illegale) gokspellen te plaatsen Andere corona-gerelateerde aanbiedingen door onbekenden

2 (1,1)

Totaal 175 (100) 174 (100)

11 (6,2)

6 (3,4)

177 (100)

160

7

3

5

175

(91,4)

(4,0)

(100)

5

(1,7) 0

(2,9) 6

176

(93,8)

(2,8)

(0,0)

(3,4)

(100)

166

5

3

2

176

(94,3)

(2,8) 1

(1,1) 3

(100)

170

(1,7) 1

(97,1)

(0,6)

(0,6)

6

4

(1,7) 3

(100)

162 (92,6)

(3,4)

(2,3)

(1,7)

(100)

175 175

Bron: Risbo, eigen bewerking

Wanneer we de uitkomsten op deze vraag uitsplitsen naar gebied waar de ondernemers gevestigd zijn, dan zien we dat ondernemers die binnen de ring op Rotterdam-Zuid gevestigd zijn vaker met verdachte situaties te maken krijgen dan andere ondernemers (zie tabel 4.2). Vanwege de relatief beperkte aantallen dienen deze cijfers met de nodige voorzichtigheid geïnterpreteerd te worden. Uitsplitsing naar soort situatie laat zien dat ondernemers binnen de ring op Rotterdam-Zuid voornamelijk vaak gevraagd is om een ruimte te verhuren tijdens de coronacrisis en relatief vaak een voorstel hebben gehad voor een financiële lening door een onbekende (zie tabellen b4.1 t/m b4.8 in de bijlage).

33

Horeca als façade

Tabel 4.2: Mate waarin ondernemers met verdachte situaties te maken hebben gehad naar vestigingsgebied (0A) Nooit Een Meerdere Weet niet enkele malen keer Centrum ^50) 91,0 5,3 2,8 1,0 Noord binnen de stadsring (Delfshaven, Noord, Kralingen92,4 0,2 5,4 2,0 Crooswijk) ^51) Noord buiten de stadsring (Prins-Alexander, Hillegersberg94,1 4,6 0,9 0,5 Schiebroek, Overschie, Hoek van Holland) ^27) Zuid binnen de stadsring (IJsselmonde, Charlois, Feijenoord) ^33) 85,2 4,5 4,2 6,1 Zuid buiten de stadsring (Pernis, Hoogvliet, Rozenburg) (n^6) 98,4 0,0 0,0 1,6 Wil niet zeggen ^2)

100

0

0

0

Bron: Risbo, eigen bewerking

Tot slot is de ondernemers gevraagd of zij een beeld hebben in de mate waarin andere ondernemers met soortgelijke verdachte situaties te maken hebben gehad (zie tabel 4.3). Tabel 4.3: Antwoorden op de vraag of andere ondernemers met verdachte situaties te maken hebben gehad (n/%) n y0 Ja, dat weet ik zeker Ik heb sterke vermoedens, maar weet het niet zeker

10 17

5,8 9,8

Nee, nog nooit iets over gehoord Weet niet

78 68

45,1 39,3

Wil niet zeggen

0

0

173

100

Totaal Bron: Risbo, eigen bewerking

Op basis van deze vraag lijkt ongeveer hetzelfde beeld te ontstaan als bij voorgaande vraag. Het overgrote deel van de respondenten geeft aan nog nooit iets te hebben gehoord van andere ondernemers die met verdachte situaties te maken hebben gehad (45,1 procent) of dat zij het niet weten (39,3 procent). Tien respondenten geven aan zeker te weten dat andere ondernemers ook met verdachte situaties te maken hebben gehad (5,8 procent). Een nog iets groter deel, 9,8 procent (17 respondenten), hebben sterke vermoedens dat andere ondernemers daarmee te maken hebben gehad, maar weten het niet zeker.

4.4

Invloed van corona Eén van de vragen binnen dit onderzoek is of corona van invloed is geweest op de mate waarin ondermijning plaatsvindt en hoe dit van invloed is geweest op de kwetsbaarheid van ondernemers. Professionals zijn van mening dat de coronaperiode niet direct heeft geleid tot een rechtstreekse toename van criminele inmenging. Met name de lockdown leidde ertoe dat afwijkend gedrag eerder zou opvallen. Zo zou het bijvoorbeeld vreemd zijn als er grote omzetten werden gedraaid tijdens de lockdown. Wel zijn professionals het erover eens dat ondernemers financieel kwetsbaarder zijn geworden als gevolg van de coronacrisis. Dit komt ook terug in de antwoorden van ondernemers in hoofdstuk 3. Mogelijk dat deze kwetsbaarheid ertoe geleid heeft dat criminelen, vaker dan voor corona, ondernemers zijn gaan benaderen met voorstellen. In die zin is het lastig om de cijfers uit de vragenlijst te duiden.

34

Omvang van het probleem

Qua delictsvormen zien we dat een deel van de ondernemers te maken heeft gehad voorstellen die rechtstreeks verband houden met de coronaperiode. Zo is een relatief groot deel van de deelnemers aan de vragenlijst gevraagd om een ruimte te verhuren tijdens de lockdown. Professionals merken op dat tijdens de coronaperiode verbouwingen gewoon doorgingen. Ook bij kleine zaakjes buiten het centrum. Mogelijk dat een deel van die verbouwingen gebruikt zijn als witwasconstructie, maar het kan evengoed zo zijn dat ondernemers van de gedwongen sluiting gebruik maakten om te verbouwen. Er zijn geen sterke aanwijzingen gevonden dat de coronacrisis heeft geleid tot een toename van criminele inmenging in de Rotterdamse horeca. Wel bestaat de angst dat dit eventueel later nog gebeurt vanwege de toegenomen kwetsbaarheid van de sector. Zo verwachten veel professionals dat er sprake is van een uitgestelde faillissementsgolf die pas volgt als betalingsachterstanden ingelopen dienen te worden

4.5

Conclusie Het is niet mogelijk om een duidelijk antwoord te geven op de vraag hoe wijdverbreid ondermijning in de horeca is. Op basis van de uitkomsten van dit onderzoek is onze verwachting dat het overgrote deel van de Rotterdamse horeca uit welwillende ondernemers bestaat die er alles aan doen om hun zaak succesvol te maken. Het zou echter naïef zijn om te denken dat criminele activiteiten niet plaatsvinden binnen de horeca. Zowel uit de gesprekken met professionals, ondernemers en de politiedossiers komen signalen en concrete casussen van criminele inmenging naar voren. Uit de gesprekken met professionals en de politiedossiers komt eveneens een beeld naar voren dat ondermijning weliswaar plaatsvindt, maar dat lastig vastgesteld kan worden hoe wijdverbreid dit is. Voor dit onderzoek zijn 21 dossiers bekeken waarbij er sprake was situaties die duiden op ondermijning in de afgelopen 5 jaar. Dit aantal dossiers duidt erop dat er criminaliteit plaatsvindt in de Rotterdamse horeca, maar dat het relatief beheersbaar lijkt. Daarbij dient opgemerkt te worden dat er sprake was van een selectie die is aangedragen door de politie. Een andere factor die meespeelt is dat het erg lastig is gebleken om criminaliteit aan te tonen en wanneer dit leidt tot ondermijning.

De mate waarin criminaliteit plaatsvindt is vermoedelijk veel groter dan uit de dossiers naar voren komt, maar kan vaak niet aangetoond worden. Professionals schetsen een beeld dat op sommige locaties vermoedens bestaan dat ondermijning plaatsvindt. Bijvoorbeeld door het bestaan van zaken waar nooit iemand komt, of vanwege een eenzijdig horeca-aanbod in bepaalde straten. Ook hebben verschillende professionals van de gemeente de indruk dat aanvragen van vergunningen lang niet altijd de daadwerkelijke exploitanten zijn. In sommige gevallen lukt het om hier tegenop te treden maar in andere gevallen is er geen grondslag om een vergunning niet te verlenen. De resultaten van de enquête wijzen erop dat circa 10 procent van de ondernemers wel eens benaderd is met verdachte voorstellen die kunnen wijzen op criminele inmenging. Hoewel slechts een heel klein deel vermoedelijk in zal gaan op dergelijke aanbiedingen, valt niet te zeggen in hoeverre er sprake is van een vertekening van de resultaten doordat slechts een klein deel van ondernemers de vragenlijst heeft ingevuld.

35

Horeca als façade

De invloed van de coronacrisis op criminele inmenging lijkt momenteel nog beperkt. Hoewel de horeca als sector kwetsbaarder is geworden, zijn er nog geen sterke signalen gevonden dat criminele deze kwetsbaarheid proberen te misbruiken door zich in de horeca in te kopen. Professionals benoemen dat dit wellicht later plaatsvindt wanneer uitgestelde betalingen ingelopen dienen te worden.

36

5.

Verschijningsvormen Ondermijnende criminaliteit in de horeca is lastig te definiëren. In dit hoofdstuk doen we een poging daartoe. We benoemen daarbij twee hoofdcategorieën van ondermijnende criminaliteit waarbij de horeca een rol speelt: 1) horeca als fysieke façade en 2) horeca als administratieve façade. In de volgende paragrafen worden deze verschijningsvormen verder uitgelegd en geconcretiseerd.

5.1

Horeca als façade Hoewel het misbruiken van de horeca als fysieke en administratieve façade beide tot ondermijning kunnen leiden, verschillen deze verschijningsvormen op een aantal punten van elkaar. In tabel 5.1 is een overzicht gegeven van de verschillen en overeenkomsten van horeca als fysieke en administratieve façade, uitgesplitst naar kenmerken, indicatoren, verschijningsvormen en de mate van zichtbaarheid. Deze dimensies worden in het vervolg van dit hoofdstuk verder uitgewerkt. Tabel 5.1: Verschillen en overeenkomsten tussen horeca als fysieke en administratieve façade Kenmerken

Fysieke façade ^ Vindt plaats in de onderneming ^ Afhankelijk van bezoekers die deelnemen aan illegale activiteiten ^ Vaak in gebieden met weinig sociale controle

Indicatoren

Administratieve façade ^ Via de onderneming (horeca als vehikel) ^ Normaal geëxploiteerde onderneming met normale bezoekers ^ Theoretisch mogelijk in grote ondernemingen in het centrum als kleine vergunningsvrije zaken ^ Weinig over bekend ^ Vastgoedspeculatie: veel verbouwingen in korte tijd

^ Weinig bezoekers ^ Mutaties op vergunningen ^ Verloederde indruk ^ Afwijkende openingstijden/bezoekers ^ Overlast die afwijkt van de norm Voorbeelden ^ Illegaal gokken ^ Witwassen verschijningsvormen ^ Illegale prostitutie ^ Vastgoedspeculatie ^ Drugshandel(Aopslag) ^ (Belasting)fraude ^ Ontmoetingsplek ^ Uitbuiting/mensenhandel ^ Informele overname ^ Uitbuiting/mensenhandel Zichtbaarheid ^ Via schijnbeheer blijven daadwerkelijke plegers zoveel mogelijk uit beeld ^ Onderbuikgevoelens ^ Bekende casussen hebben veelal betrekking op fysieke façade

^ Weinig concrete casussen bekend

37

Horeca als façade

5.1.1 Horeca als fysieke façade Ondermijning waarbij de horeca als fysieke façade fungeert, verschilt in kenmerken van ondernemingen die als administratieve façade worden gebruikt. Professionals benoemen verschillende locaties waar ondermijning plaatsvindt waarbij de horeca een fysieke façade is. Illegaal gokken vereist bijvoorbeeld groepen bezoekers op wellicht afwijkende tijdstippen. Dit valt minder op in een gebied minder sociale controle, waar de meldingsbereidheid lager is dan bijvoorbeeld in het centrum. Hoewel daders die betrokken zijn bij criminele activiteiten waarbij de horeca een fysieke façade is wensen niet op te vallen, zijn zij afhankelijk van bezoekers die worden ontvangen. Met de ontplooiing van criminele activiteiten in de horecaonderneming en het klantenbezoek die dit moet genereren, nemen deze daders een zeker risico. De kans bestaat dat de bezoekers van die horeca de aandacht trekken en dat de onderneming daardoor op de radar van de toezichthoudende diensten terechtkomen. Illegaal gokken Voor wat betreft gokken bestaat er een legale kansspelenbranche binnen de horecasector. Het gaat dan speelautomaten/gokautomaten, waarvoor een vergunning moet worden aangevraagd. Tegelijkertijd is er in de horecasector sprake van illegaal gokken. Het gaat dan om bijvoorbeeld illegale casino's en loterijen die vanuit de horecaonderneming worden georganiseerd.

Volgens de toezichthouders kan illegaal gokken in verschillende categorieën ingedeeld worden. Er zijn ondernemers die bijverdienen aan het neerzetten van een paar laptops, ondernemers die volledige toernooien organiseren en ondernemers die onder druk worden gezet door gokautomatenhandelaren. De toezichthouders vertellen verder wel eens patronen langs etnische lijnen te zien, al blijft dat moeilijk vast te stellen. Voorbeelden die genoemd werden, waren het gokken op voetbalwedstrijden binnen de Turkse cultuur en illegale loterijen in de Antilliaanse cultuur. Wanneer er vermoedens zijn van illegaal gokken, is het volgens de toezichthouders gebruikelijk dat de Kansspelautoriteit aansluit bij de integrale controle. Wanneer Illegaal gokken door de toezichthouders werd aangetroffen, betrof het meestal in een achterkamertje opengeklapte laptops en printers. Maar ook hebben de toezichthouders wel eens pokertafels aangetroffen, alhoewel volgens hen tijdens de coronacrisis vaker in een woning lijkt plaats te vinden. In de dossiers hebben we verschillende voorbeelden gezien van illegaal gokken in de horeca. Zo vond naar aanleiding van een Meld Misdaad Anoniem-melding een integrale controle plaats bij een horecaonderneming in Rotterdam-Zuid. In deze melding werden vermoedens van illegaal gokken in de vorm van Antilliaanse loterijen en onvoldoende voedselhygiëne geuit.

Bij de controle waren daarom de politie, Stadsbeheer en NVWA betrokken. Tijdens de controle werden aanwijzingen gevonden die de vermoedens uit de melding bevestigden. Bij een andere horecaonderneming in Rotterdam-West werd drie keer in één jaar illegaal gokken geconstateerd. Bij twee van de drie registraties ging het om 30 man die in de onderneming werden aangetroffen. In sommige gevallen waren het bekenden van de politie. Tijdens het illegaal gokken stond iemand op de uitkijk. Een ander voorbeeld betrof een hotel waarbij een kamer als Mahjong-ruimte was ingericht met professionele apparatuur. Bij verschillende voorvallen van illegaal gokken werd onder de aanwezigen grote sommen geld aangetroffen die niet logisch verklaard konden worden. Dit geld is door de politie in beslag genomen. Er is een voorbeeld bekend waarbij illegaal

38

Verschijn ingsvormen

gokken per toeval aan het licht komt. Tijdens een verkeerscontrole besluit de persoon die staande werd gehouden weg te rennen. Deze persoon rent een hotelruimte in. Bij het betreden van het hotel treft de politie de verdachte en een grote groep mensen die zich bezighoudt met illegaal gokken aan. Drugshandel Drugshandel kan in verschillende vormen voor komen. De horecaonderneming kan fungeren als opslagplek voor drugs, deallocatie of om ter plekke te consumeren. In veel gevallen zal er sprake zijn van overlap. Betrokkenheid bij drugs is door een meerderheid van de respondenten benoemd als vorm van ondermijnende criminaliteit die plaatsvindt in een deel van de Rotterdamse horeca. In sommige gevallen fungeert de horecazaak als dekmantel voor opslag en distributie en opslag van drugs. Ook zijn er gevallen benoemd waarbij handel in drugs onder tafel in de horecaonderneming plaatsvond waarbij ook reguliere gasten aanwezig waren. In het dossiers komen we een casus tegen van een onderneming in Rotterdam-West die tijdens een opsporingsonderzoek aan het licht komt. Er waren vermoedens dat er vanuit de horeca-inrichting handel in verdovende middelen plaatsvond. Tijdens een observatie door de politie werd vastgesteld dat twee mannen de horeca-inrichting betraden en met twee gevulde tassen naar buiten kwamen. De politie vond daarin twee kilo hennep.

In een locatie in Rotterdam-Zuid is een casus bekend van een café dat overgenomen is door een groep criminelen waar bij controle drugs verpakt in handelshoeveelheden werd aangetroffen. Het betrof een zaak waarbij de zaak informeel was overgenomen en de eigenaar wel aanwezig was maar geen zeggenschap meer had. Deze zaak kwam aan het licht door meldingen van een bezoeker. In een aantal gevallen wordt een link gevonden met bestaande horeca maar blijft het onduidelijk wel rol deze onderneming speelt. Zo wordt bijvoorbeeld bij een controle naar aanleiding van een verkeersovertreding, grote sommen geld in een verborgen ruimte in een auto aangetroffen. Nader onderzoek toont vervolgens aan dat het adres waar de persoon staat ingeschreven eigendom is van een familielid met een horecaonderneming, die op dezelfde locatie woont. Bij huiszoeking wordt op het adres van de horecaondernemer grote sommen geld gevonden en instrumenten die duiden op betrokkenheid bij drugshandel. Of de horecaonderneming een rol speelt bij de drugs wordt niet duidelijk. Horeca als ontmoetingsplek De horeca is de uitgelezen sector om met verschillende mensen op een openbare plek samen te komen en gesprekken te voeren. Dat is dan ook een reden dat verschillende respondenten naar voren brengen dat zij het gevoel hebben dat de horeca wordt gebruikt voor criminele ontmoetingen.

Elkaar in de horeca ontmoeten is niet strafbaar, maar als er vervolgens afspraken worden gemaakt die leiden tot ondermijnende criminaliteit of er criminele contacten worden gelegd, dan is het wel problematisch. Verschillende respondenten geven aan dat de horeca een belangrijke rol speelt waar criminelen elkaar ontmoeten en plannen bespreken. Deze horeca zou volgens een medewerker van het Openbaar Ministerie gekenmerkt worden door een gesloten karakter: "Wat wij wel zien is dat de horecaondernemingen zich ook laten gebruiken door criminelen. Dus dat jij en ik, (...) dat wij niet in zo'n horecaonderneming naar binnen kunnen, dus dat we geweerd worden, dat horecaondernemingen schoongeveegd worden als er bepaalde

39

Horeca als façade

ontmoetingen zijn, dat het niet echt een plek is die uitnodigt om te gaan zitten." (Respondent 28) Sommige vormen van ondermijnende criminaliteit overlappen met elkaar. Een horecagebiedsadviseur stelt dat het niet ongebruikelijk is dat wanneer een onderneming wordt betrapt op illegaal gokken, de aanwezigen vaak bekenden van de politie zijn. Op die manier wordt de horeca gebruikt als zowel een ontmoetingsplek als faciliteit voor illegaal gokken. Dit komt ook naar voren in de politiedossiers. De verdachten die worden aangehouden in horeca waar ondermijnende criminaliteit is geconstateerd, hebben vaak antecedenten op hun naam. Daarnaast worden er ook regelmatig andere strafbare feiten geconstateerd. Bijvoorbeeld het niet kunnen verklaren van grote sommen geld of de aanwezigheid van wapens of drugs bij een horecacontrole. Illegale prostitutie, mensenhandel en uitbuiting Deze vormen van criminaliteit tonen vaak een grote mate van overlap. In een klein deel van de horeca lijkt er sprake van illegale prostitutie. Bij dit soort gevallen zien de toezichthouders vrouwen aan de bar van de horecaonderneming zitten, waar zij contact leggen met mannelijke bezoekers. Op het eerste oog lijkt er sprake van reguliere bezoekers. Toezichthouders geven aan dat het opvalt wanneer er dames aan de bar zitten met meerdere telefoons voor zich, vermoedelijk om afspraken te maken.

Een andere indicator is dat bij controles bijvoorbeeld jassen en tassen van dames in privégedeelten worden aangetroffen. Bij één van de controle is in hetzelfde pand waar een café gevestigd is in een bovenwoning een kamer gevonden die was ingericht om de illegale prostitutie te faciliteren. Er zijn geen dossiers ingezien waarbij er sprake was van illegale prostitutie, mogelijk dat dit komt door de selectie die door medewerkers van de politie is gemaakt. Bij mensenhandel worden mensen geworven of gehuisvest met gebruik van dwang, met als doel om die personen uit te buiten. Volgens respondenten is het lastig om het onderscheid te kunnen maken tussen mensenhandel en uitbuiting. Soms treffen de toezichthouders illegale werknemers aan die te weinig betaald krijgen, maar er is ook wel eens melding gemaakt van een minderjarig meisje die als serveerster van café naar café ging. Zij maakte melding van haar situatie omdat zij bang was om gedwongen te worden om in de prostitutie in Antwerpen te gaan werken. Een vorm van uitbuiting betreft het laten werken van illegaal in Nederland verblijvende personen zonder deze (eerlijk) te betalen. Deze personen zouden zogenaamd wachten op vervoer naar de volgende locatie en worden zij (in de tussentijd) gedwongen te werken.

Respondenten zien een andere vorm van uitbuiting met name bij afhaalzaakjes waar minderjarigen in dienst zijn en op een scooter het eten rondbrengen. Eén van de politieagenten gaf aan dat het vaker is voorgekomen dat dergelijke bezorgscooters overlast veroorzaakten, waarna bij de controle van de horecaonderneming werd geconstateerd dat de bezorgers minderjarig waren. In hoeverre dit ondermijning is, kan ter discussie gesteld worden. Wederom kan beredeneerd worden dat een paar minderjarige bezorgers geen ondermijnend effect hebben op de samenleving, maar als er structureel wordt gefraudeerd met de loonheffing wordt het alweer een ander verhaal. Dat is echter niet vanuit de casussen af te lezen of te beoordelen.

40

Verschijn ingsvormen

5.1.2 Horeca als administratieve façade Criminelen die een onderneming als administratieve façade misbruiken, zijn erbij gebaat dat de onderneming zo min mogelijk opvalt en zoveel mogelijk op een regulier functionerende horecaonderneming lijkt. Voor deze criminaliteitsvormen lijkt locatie een belangrijke rol te spelen. Hoewel er geen concrete bewijzen of casussen zijn, bestaan er twee verschillende theorieën over het soort horecaondernemingen dat zich hiervoor leent. Grootschalige witwaspraktijken vereisen een onderneming die ook een grote omzet genereert, welke volgens de professionals vaker in het centrum worden gevonden. Er zijn echter geen concrete voorbeelden gevonden voor ondermijning waarbij grootschalige zaken in het centrum betrokken waren. Meer kleinschaligere vormen van witwaspraktijken zouden eerder plaatsvinden in gebieden waar veel contant betaald wordt, voornamelijk in gebieden met een lagere sociaaleconomische status. Vormen van administratieve ondermijning zijn volgens de professionals die zich hiermee bezighouden, zeer moeilijk aan te tonen en vragen langdurig en intensief opsporingswerk. Zoals nog zal blijken uit hoofdstuk 8, ligt de focus bij het opsporen en aanpakken van ondermijning in de horeca vanwege praktische redenen primair bij situaties waarbij er sprake is van overlast en waar de openbare orde wordt bedreigd.

Er is momenteel dan ook weinig concreets bekend over waar deze vormen van ondermijning plaatsvinden. Witwassen Samen met schijnbeheer wordt ook witwassen vaak genoemd als een vorm van ondermijnende criminaliteit in de horecasector. Het doel van witwassen is om crimineel geld een ogenschijnlijke legale herkomst te geven, waardoor het in de legale wereld kan worden uitgegeven. Crimineel geld betreft met name contant geld en daarmee is de horecasector een interessante branche om crimineel geld wit te wassen; (grote hoeveelheden) contant geld is immers niet ongebruikelijk in de horecasector. Witwassenconstructies zijn complex en moeilijk aantoonbaar. Respondenten benoemen verschillende vormen van witwasconstructies: omzetfraude, belastingfraude, via vastgoedinvesteringAverbouwingen en crowdfunding. Bij het witwassen via omzetfraude wordt de omzet kunstmatig verhoogd waarmee illegaal verkrijgen geld in de economie wordt gebracht. Iemand die zelf veel crimineel geld bezit, kan een horecaonderneming beginnen om op die manier via de bedrijfsvoering het geld weg te sluizen. In de boekhouding wordt een groot aantal klanten opgevoerd die contant betalen. Bij belastingfraude worden de inkomsten kunstmatig laag gehouden om zo minder belasting te hoeven betalen. Dit is een vorm van criminaliteit die niet specifiek voor de horeca is.

Een andere manier waarop geld wordt witgewassen via de horecasector, is door het te investeren in vastgoed. Zo kunnen er grote verbouwingen worden gedaan om een horecaonderneming meer waard te maken. De verbouwingen zouden in dat geval met illegaal verkregen geld uitgevoerd worden. Bij verkoop van de onderneming wordt het geïnvesteerde geld terugverdiend en is het witgewassen. Ditzelfde geldt ook voor de handel in horecaondernemingen. Het idee is dat het aantrekkelijk kan zijn om ondernemingen te kopen en verkopen waarbij zwart geld rondgepompt wordt. Bijvoorbeeld door een onderneming op papier te kopen voor een bedrag onder de marktwaarde, waarbij de verkoopprijs onder tafel wordt aangevuld met contant (crimineel verkregen) geld. Op die manier krijgt niet alleen de verkoper extra geld,

41

Horeca als façade

ook is de koper diens crimineel geld kwijt. Dit is in de horecasector relatief eenvoudig door het gebruik dat ook de goodwill en inventaris wordt overgenomen (ook wanneer het huurpanden betreft). Twee respondenten namen een nieuwe ontwikkeling waar waarbij crowdfunding werd ingezet om geld op te halen voor (het starten van) een horecaonderneming. Volgens een van deze respondenten zou dit een nieuwe manier van witwassen kunnen zijn. Er wordt een voorbeeld gegeven van een actie waarbij binnen twintig minuten anderhalf miljoen euro werd opgehaald. Het verloop van deze actie doet vermoeden dat er sprake is van een vooropgezet plan. Het is echter niet geheel duidelijk hoe deze constructie verder in elkaar steekt. De professionals brachten naar voren dat witwassen naar hun idee op andere schalen gebeurt in de vergunde en vergunningsvrije horecazaken. Gezien het feit dat de vergunningsvrije horecasector gebonden is aan een maximale omvang, draaien zij een relatief lagere omzet dan de vergunde zaken. De bedragen die in de vergunningsvrije sector worden witgewassen zouden volgens de respondenten dan ook vrij minimaal zijn. Zeker in vergelijking met de vergunde sector. Volgens de respondenten wordt in deze vergunde sector de grootste geldbedragen witgewassen.

Een medewerker van de gemeente vertelt: "Misschien is het makkelijker om binnen die [vergunde] branche geld wit te wassen, dat kan, omdat een horecaondernemer misschien grotere omzetten kan opvoeren dan een onvergund, dat is ook een horecabedrijf, maar een onvergund bedrijf... andere redenen kan ik niet zo snel bedenken. Als je onder de radar wilt blijven en dat willen criminelen, dan zit je in de onvergunde sector." (Respondent 5) Toch verwachten respondenten dat witwassen niet minder voor komt in de vergunningsvrije sector, al zijn de bedragen waarschijnlijk lager. Opvallend was een opmerking van een van de respondenten bij de politie over de 'magische' grens van C20.000,- bij de Belastingdienst: Als je nu zorgt dat je onder de 20.000 euro inkomsten hebt als zelfstandig ondernemer, dan hoef je geen inkomstenbelasting te betalen. Dus zorg als ondernemer dat je onder de 20.000 blijft en dan kun je maximaal witwassen. (Respondent 9). Ook de locatie heeft volgens de respondenten te maken met de waarschijnlijkheid dat er sprake is van witwassen. Zo vertelt een van de respondenten van de gemeente dat de 'grote jongens' in het centrum zo zichtbaar zijn, dat als er ondermijning plaatsvindt, dit met name op het gebied van witwassen zou zijn.

Op grote schaal witwassen zou dermate professioneel gebeuren dat onnodige risico's waarbij illegale activiteiten in de horecaonderneming koste wat kost vermeden wordt. Immers, het faciliteren van bijvoorbeeld illegaal gokken brengt onnodig veel risico met zich mee. Respondenten spreken behalve over witwassen, ook over zwartwassen. Waar het bij witwassen gaat om het uit illegale activiteiten verkregen vermogen te vermengen met legaal vermogen, gaat het bij zwartwassen om legaal geld dat in het illegale circuit wordt gebracht. Zo kan een horecaonderneming winst draaien, maar een break-even opgeven. Het contant geld wat de ondernemer dan in de eigen zak stopt, wordt bijvoorbeeld gebruikt om drugs te kopen.

42

Verschijn ingsvormen

Andere vormen van fraude Sommige horecaondernemers zouden zich volgens de respondenten schuldig maken aan fraude. Het gaat dan bijvoorbeeld om belastingfraude door geen loonheffing af te dragen, maar ook om fraude met het afvalcontract. Ook werd benoemd hoe tijdens de coronacrisis soms werd gefraudeerd. Horecaondernemingen gaven dan een andere omzet op dan ze daadwerkelijk draaiden om een groter bedrag aan coronasteun te ontvangen.

5.2

Werkwijzen Om een horecaonderneming te kunnen gebruiken voor de ontplooiing van criminele activiteiten, is de meest voor de hand liggende manier om zelf een horecaonderneming te starten. In het Rotterdams horecabeleid zijn een aantal waarborgen ingebouwd om te voorkomen dat kwaadwillende personen een exploitatievergunning krijgen voor een horecaonderneming. Met name de Bibob-toets, waarvoor ook informatie wordt ingewonnen bij ketenpartners, is ingericht om kwaadwillende ondernemers eruit te filteren en een vergunning te weigeren. Als een persoon geen vergunning krijgt, kan diegene op drie manieren toch een horecaonderneming in bezit krijgen. Deze drie manieren zijn: 1) schijnbeheer, 2) informele overname en 3) vergunningsvrije horeca starten. Schijnbeheer Schijnbeheer is (nog) niet strafbaar bij wet, maar is in de APV als grondslag opgenomen om een vergunning te kunnen weigeren of intrekken. Van schijnbeheer is sprake wanneer bij het aanvragen van een vergunning een katvanger naar voren wordt geschoven of wanneer bij bestaande horeca de exploitant op papier niet de daadwerkelijke uitbater in de praktijk is. Dit is een persoon zonder antecedenten die het vergunningverleningsproces doorloopt in plaats van de persoon die daadwerkelijk de onderneming runt. De persoon die de onderneming gaat runnen, wil om verschillende redenen niet bij de gemeente in beeld komen.

Het meest voor de hand liggend is een persoon die zelf geen vergunning kan krijgen omdat hij/zij niet aan de voorwaarden kan voldoen. Hiervoor bestaan uiteenlopende motieven. Dit kan enerzijds met goede bedoelingen, bijvoorbeeld wanneer iemand de ambitie heeft om een horecaonderneming te starten, maar wellicht door antecedenten niet aan een vergunning kan komen. Anderzijds kan het gaan om kwaadwillende personen die de horecaonderneming bewust willen gebruiken voor illegale activiteiten en daarbij zelf buiten het beeld van de gemeente willen of moeten blijven. In de politiedossiers die betrekking hebben op schijnbeheer, wordt duidelijk hoe moeilijk dit aantoonbaar is. Vaak is er sprake van uitgebreide dossiers en moet op verschillende momenten aannemelijk worden gemaakt dat iemand anders de onderneming exploiteert. Een casus had betrekking op een zaak waarover al geruime tijd twijfels bestonden of de onderneming wel werd gedreven door degene die op papier als exploitant is aangemerkt. De persoon die namelijk het woord voerde en dagelijks aanwezig was, stond niet als exploitant op de vergunning. De persoon die wel op de vergunning stond als de exploitant, kreeg een positief Bibob-advies. In een ander dossier, waar zestien eerdere (overlast)registraties over hetzelfde café bekend waren, was ook sprake van schijnbeheer.

Een medewerker van het café deed het woord bij de politie, had de sleutel van het café, was degene die een horecapieper wilde aanvragen en buren betaalde om niet te klagen. De exploitant die op de vergunning stond, woonde in het buitenland en was nagenoeg niet bereikbaar. In een andere casus wil ene persoon een zaak overnemen. Nadat deze persoon een vergunning wordt geweigerd, blijkt bij controles dat de afgewezen persoon in de praktijk de zaak heeft overgenomen. Deze persoon doet bijvoorbeeld aangifte van inbraken, heeft namens de

43

Horeca als façade

onderneming contracten afgesloten en voert het woord tijdens controles. Echter, op het moment dat besloten wordt in te grijpen, levert de daadwerkelijke exploitant de vergunning en stopt de vervolging. Informele overname Bij een informele overname wordt een horecaonderneming overgenomen zonder dat deze overname formeel geregistreerd wordt. De horecaondernemer wordt dan onder druk gezet om diens onderneming beschikbaar te stellen voor criminelen, dan wel om de onderneming volledig over te dragen. De exploitant heeft in de praktijk geen zeggenschap meer over de bezoekers en activiteiten die in de onderneming plaatsvinden. In de gesprekken is een aantal voorbeelden naar voren gekomen van situaties waarbij sprake was van een onrechtmatige overname. Door middel van afpersing, bedreiging en/of chantage werd de eigenaar van een horecaonderneming naar de achtergrond geduwd. Professionals geven voorbeelden van jongeren die betrokken zijn bij het uithalen van drugs uit de haven die een broodjeszaak overnemen, een groep Albanezen die vanuit de voorkant van een café drugs verhandelen en een motorclub die een café als clubhuis gebruikt. Vergunningsvrije horeca starten Een deel van de Rotterdamse horeca is vrijgesteld van het hebben van een vergunning (zie ook hoofdstuk 3).

Voor kleine ondernemingen die bijna geen overlast veroorzaken, worden drempels aan de voorkant weggehaald om ondernemerschap te stimuleren. Ondernemers die zijn vrijgesteld van de vergunningplicht, komen niet direct in beeld bij de gemeente en kunnen na inschrijving bij de KvK starten met hun horecaonderneming. Het weghalen van de drempels aan de voorkant heeft echter ook een keerzijde. Het betekent namelijk dat ook een crimineel, die vanwege diens antecedenten niet aan een vergunning kan komen, zonder controle een vergunningsvrije horecaonderneming kan starten. De gemeente is in zo'n geval niet op de hoogte hiervan. Uit de gesprekken met de politie en de toezichthouders van de gemeente is in enige mate duidelijk geworden dat capaciteitsproblemen ertoe leiden dat niet alle horeca standaard gecontroleerd wordt. Preventief toezicht ontbreekt al voor de vergunningsvrije horeca, door geen exploitatievergunning te eisen, maar ook repressief toezicht is beperkt. De prioriteit van de toezichthoudende instanties ligt met name op overlast gevende horeca, wat vaker de vergunde horeca is gezien de hogere bezoekersaantallen en de terrassen. Uiteraard gaan de toezichthoudende instanties af op meldingen, dus ook op meldingen in de vergunningsvrije horeca, maar uit de gesprekken bleek dat de algemene controles gericht zijn op de vergunde horeca.

Dit betekent in principe dat wanneer een kwaadwillende ondernemer onder de radar blijft en ervoor zorgt dat er geen meldingen over de vergunningsvrije onderneming binnenkomen, de pakkans kleiner is dan bij vergunde horeca.

5.3

Kenmerken die samenhangen met verschillen in verschijningsvorm Naast de algemeen geldende kenmerken van de verschijningsvormen, is er een aantal meer specifieke kenmerken te benoemen die samenhangen met de verschijningvorm van ondermijning. We maken daarbij, opnieuw onderscheid naar horeca die misbruikt wordt als fysieke en administratieve façade.

44

Verschijn ingsvormen

De kenmerken van horeca die misbruikt worden als fysieke en administratieve façade verschillen van elkaar. Dit verschil wordt veroorzaakt door de aard van de verschijningsvormen. Horecaondernemingen waarbij criminele activiteiten worden ontplooid die vallen onder de administratieve façade, zijn erbij gebaat dat de onderneming zoveel mogelijk op een legitieme horecaonderneming lijkt. Dit soort vormen van ondermijning zijn zeer moeilijk aan te tonen en vragen zeer langdurig en intensief opsporingswerk. Zoals nog zal blijken, ligt de focus bij het opsporen en aanpakken van ondermijning in de horeca vanwege praktische redenen primair bij situaties waarbij er sprake is van overlast en waar de openbare orde bedreigd wordt. Er is momenteel dan ook weinig concreets bekend over deze vormen van ondermijning. De voorbeelden die we in dit onderzoek zijn tegengekomen zijn via Meld Misdaad Anoniem (MMA), door informanten of als bijvangst in grootschalig opsporingsonderzoek aan het licht gekomen. Witwassen Criminelen die veel geld verdienen met illegale activiteiten zijn vaak bezig met het zoeken van manieren waarop dit geld in de legale economie kan worden gebracht. Dit maakt branches waar veel contant geld in omgaat interessant omdat zwart geld via de omzet witgewassen kan worden. Onderzoek van Kleemans et al.

(2002) beschrijft dat als er crimineel geld geïnvesteerd wordt, dit vaak gebeurt in horecagelegenheden. Professionals hebben vermoedens dat de horeca wordt gebruikt om geld wit te wassen, maar hebben geen inzicht in omzetcijfers en kunnen deze daarom niet relateren aan bezoekersaantallen. Verschillen in locatie Met name voor wat betreft de locatie zien we verschillen die af te leiden zijn naar de verschijningsvorm. Voor ondermijning via de exploitatie, worden in de horecaonderneming criminele activiteiten ontplooid zoals illegaal gokken, drugshandel en fungeert de onderneming als ontmoetingsplek. Hoewel deze zaken ook niet wensen op te vallen, wordt er een zeker risico genomen omdat deze activiteiten in de onderneming plaatsvinden. Dit soort ondermijning zou zich vooral vestigen in buurten waar weinig sociale controle is. Daardoor is een ondernemer minder in zicht en is de kans op een melding vanuit bewoners kleiner. De cijfers uit de enquête lijken het beeld te schetsen dat ondermijnende criminaliteit iets vaker lijkt voor te komen in Rotterdam-Zuid binnen de ring dan in andere gebieden (zie ook tabel 4.2 in hoofdstuk 4).

Dat wordt beaamd door een medewerker van het RIEC: Als je het op een wetenschappelijk niveau, dus op een wat abstracter hoger niveau beschouwt, zul je denk ik zien dat horecagelegenheden in een bepaald gebied bevattelijker zijn voor ondermijning, overigens een beetje afhankelijk van wat voor soort ondermijning, een horeca inrichting in het centrum kan natuurlijk hartstikke interessant zijn omdat die ook een hoge omzet heeft, dus makkelijk wit te wassen, maar je komt "malafide", horecaondernemingen, gemiddeld genomen vaker tegen in gebieden die kwetsbaarder zijn waar diverse problematiek speelt. Ongetwijfeld [is er sprake van] een afglijeffect van het feit dat in dat soort gebieden ook drugs meer een rol spelen, dus dat het een omgeving is waar meer strafbare feiten zich voordoen, dat is in de zin geen specifiek kenmerk van de horeca, maar meer een kenmerk van het gebied waar de horeca zich bevindt. (#16) Ondermijning waarbij de horeca als façade fungeert, bevindt zich vermoedelijk op andere locaties dan ondermijning via de exploitatie. Zoals gezegd is er weinig bekend over dit soort ondermijning en dienen deze uitkomsten met de nodige voorzichtigheid geïnterpreteerd te worden. Zichtbaarheid is een

45

Horeca als façade

belangrijke factor bij de keuze voor een locatie om criminele activiteiten te ontplooien. Zo vertelt een respondent van de gemeente dat de horeca in het centrum dermate in het zicht bestaat dat als er al ondermijnende criminaliteit plaatsvindt in dat gebied, het vermoedelijk zou gaan om witwasconstructies die in het verborgene opereren. Bijvoorbeeld in het Centrum zul je geen illegaal gokken aantreffen, dat is gewoon, je hebt een printer nodig, je hebt een laptop nodig, je moet faciliteiten leveren om zo'n zaak om dat draaiende te houden en ja, het Centrum staat in de spotlights, iedereen loopt daar, politie loopt daar, de burgemeester zit om de hoek bij wijze van spreken, directie Veiligheid zit er, er lopen zoveel ambtenaren dat je als je een keer betrapt wordt dat is gewoon heel groot. Dan kan je een of ander horeca tentje in Zuid ergens op een hoek in een straatje waar niemand komt, nou ja prima, [de kans] dat je dan gepakt wordt is vrij klein. (#20) Een deel van de professionals van stadstoezicht constateert dat illegaal gokken zich van de horeca naar woningen verplaatst, mede vanwege de coronacrisis. Dit kent zowel voor- als nadelen. Voordelen zijn dat een woning niet gesloten kan worden op last van de burgemeester in tegenstelling tot een horecagelegenheid en daarnaast onder minder toezicht staat dan een horecazaak.

Een nadeel vanuit het perspectief van de organisator is dat het sneller opvalt wanneer regelmatig grote groepen dezelfde woning betreden en tot diep in de nacht aanwezig zijn dan wanneer dit in een horecaonderneming gebeurt. Deskundigen geven aan dat ook andere factoren ervoor zorgen dat ondermijnende criminaliteit in mindere mate in het centrum plaatsvindt. Dit heeft te maken met de prijzen van het huren/kopen van een pand op die locaties. Doordat een pand op een 'A-locatie' dermate prijzig is dat een goede omzet cruciaal is, starten hier met name de ondernemers met ervaring en een sterk ondernemersplan. Op een minder dure locatie is het eenvoudiger om een kleine onderneming te starten, wat een minder sterk ondernemersplan vereist. Dit vertaalt zich volgens een van de horecagebiedsadviseurs in kwetsbaarheid: "Op Zuid heb je gewoon een heel ander soort type ondernemer ook, in het Centrum merken ze dat een stuk minder omdat daar echt de goede ondernemers naar toe komen die op een A locatie een concept gaan uitvoeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=bbccc54f-9f02-46ac-9852-5634b7d25c30