CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

21bb13888 Bijlage 1 behorende 21bb13887 - - Rapport Kwartiermaker Ook van Jou

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente RotterdamBij agendapunt: 20. Het vervolgproces inzake de stadsmuseale functie30.153 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

29

Ook van jou!

1

Beeld van de sector

Stip op de horizon: visie en concept

2 Een stevig stadsmuseum loont! Combineer de juiste visie met locatie, lef en ambitie

▶ Pagina 31 tot 34 Marktportretten, Binnenrotte, ­Rotterdam 2021, fotografie Zahra Reijs, tekst Priscilla de Putter.

30

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

Thanos: “Ik woon hier nu twee jaar en studeer aan de Willem de Kooning Academie. Ik voelde me welkom in deze open en creatieve stad. Ik ben altijd geïnteresseerd in kunst. Vooral in mode en installaties. Naar een tentoonstelling over historische Rotterdamse mode zou ik zeker gaan. Ik zie de meerwaarde van een museum over Rotterdam wel, als nieuwkomer in de stad wil ik meer over Rotterdam leren. Het is fijn als je bijvoorbeeld weet welke belangrijke gebeurtenissen van invloed zijn geweest op de stad.”

Fatma: “Ik zou graag een tentoonstelling zien over alle culturen uit Rotterdam en het eten dat daarbij hoort. Met producten en gerechten uit de hele wereld. En dan kan er natuurlijk ook geproefd worden!”

Lucia: “Ik denk dat het fijn en belangrijk is voor mensen zoals ik dat er een museum is dat over Rotterdam gaat. Zelf ben ik een halve Rotterdammer en alles over de geschiede­ nis van de stad hoor ik nu via mijn oma. Voor mensen zoals ik is het fijn om in zo’n museum meer over de geschiedenis van de stad te leren, zodat ik er zelf actief naar op zoek kan en het niet allemaal van mijn oma hoeft te horen.”

Imre: “Ik ga nooit naar een museum. Misschien wel als ik er gratis gebak krijg! Een tentoonstelling over antieke horloges zou ik wel willen zien. Al zie ik die al best vaak, want ik verkoop ze op de markt.”

Robert & Larissa: “Wij wonen in Dordrecht, maar woonden vroeger in Rotterdam en komen hier nog vaak. In Rotter­dam zou ik graag een tentoonstelling over het zomercarnaval willen zien, daar gingen wij altijd heen. Het was een fantastisch evenement voor de stad. Het lijkt me leuk om dat in een museum te ervaren, met een expositie van alle mooie kostuums die werden gedragen.”

Frans: “Als de toegang tot Rotterdamse musea gratis was, dan zouden meer mensen gaan. Eerlijk gezegd ga ik nooit naar een museum. Alles wat ik wil weten, zoek ik online op. Wat ik interessant vind? Alles over wielrennen. De ge­schie­ denis ervan, hoe het vroeger ging. Ik vind daarom tentoon­ stellingen die over vroeger gaan het leukst om te zien.”

Rinia, Lucienda en Linette: “Als wij zelf een tentoonstelling mochten maken dan ging het over mode maken. Of over haardracht. We gaan dan misschien weinig naar musea, maar van onszelf maken we wel graag een kunstobject, haha. We vinden kunst wel leuk hoor, maar we komen er te weinig mee in aanraking. Wij kijken vooral online naar dingen die we interessant vinden. Op Instagram bijvoorbeeld. Een tentoonstelling over Rotterdamse influencers, daar zouden we dan wel weer heen gaan.”

Ina: “Ik ben geen museumtype. Ik mis vaak sfeer in musea en ik ben bang dat ik direct iets kapot maak als ik binnenstap. Ik en mijn man zouden het wel leuk vinden om bijvoorbeeld het Rotterdam van de jaren zeventig aan onze kinderen te laten zien. Dan ervaren ze een beetje hoe onze jeugd was, met zundapps op het Stieltjesplein.”

Amy: “Vandaag ben ik jarig en 14 geworden. Ik ben geboren in Rotterdam, maar verhuisd. We komen hier nog veel. Dan ga ik vaak naar musea met een vriendin van mijn ­moeder. Ze woont in Rotterdam en met haar bezoek ik musea door heel Nederland, want ik heb een museumjaarkaart. Mijn lievelingsmuseum is het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam, en daarna het Maritiem Museum. Ik zou graag nog een tentoonstelling over de Tweede Wereldoorlog willen zien, dat vind ik een interessant onderwerp.”

Fouad: “Ik kom uit Arnhem en woon hier nu een paar maanden. Rotterdam doet me denken aan New York in het klein. Of Rotterdam een museum over de stad nodig heeft is afhankelijk van wat je er tentoon wilt stellen en hoe ver je terug in de tijd wilt gaan. Toevallig lees ik het boek van Sprengler, een geschiedenisfilosoof. Geschiedenis is belangrijk, maar wat wil je ermee vertellen? Als je pas over de stad vertelt vanaf het bombardement, dan vind ik het niet interessant genoeg. Je moet veel verder teruggaan in de tijd en beginnen bij het ontstaan van de stad.”

Max:“Een museum over de geschiedenis van Rotterdam vind ik niet per se nodig. Ik geloof niet in dat nationalisme van steden en heb daar zelf geen behoefte aan. Liever bezoek ik tentoonstellingen over het modernisme.” Vera: “Ik vind het juist wel goed, zo’n historisch museum over de stad. Ik denk dat het juist voor veel mensen die hier niet vandaan komen fijn is, dat je weet in welke stad je komt wonen. Ik kom uit Etten-Leur en zou er zeker naartoe gaan.”

▲ Gezicht op het standbeeld van Erasmus aan de Grotemarkt door J. de Vou in 1694, Gemeentearchief Rotterdam

In dit hoofdstuk staat de missie van de NSF centraal: het verhaal van de stad goed voor het voetlicht brengen en alles dat daarvoor nodig is.

2.1

Visie en missie

Doe het goed of doe het niet

Om de gezamenlijke zoektocht naar de NSF te laten slagen, is het wat ons betreft noodzakelijk om direct bij aanvang duidelijkheid te verschaffen over het ambitieniveau. Welk beeld hebben we van een NSF voor Rotterdam? En wat is daarvoor nodig? Als stip op de horizon om naar toe te werken. Een stip op de horizon die de energie geeft om een gezamenlijke zoektocht te ondernemen en met elkaar te bouwen aan iets waardevols voor de stad. Nog niet in beton gegoten, maar wel richtinggevend. In dit hoofdstuk schetsen wij een mogelijk toekomstbeeld van een NSF voor Rotterdam. Een NSF met ambitie. De praktijk wees immers uit dat zonder ambitie een stadsmuseum geen goede kans van slagen heeft. Ook de benchmark naar stadsmusea uit het vorige hoofdstuk, toont aan dat een stevig stadsmuseum loont. Zowel als verbindend element in de stedelijke samenleving en als toeristische bestemming. Waar, na de verzelfstandiging van de gemeentelijke musea in 2006, de andere Rotterdamse m ­ usea zich goed ontwikkelden (zij het soms met vallen en opstaan), is Museum Rotterdam steeds verder weggezakt. Deels door bezuinigingen, deels door verkeerde huisvestingsbeslissingen. Nu doet zich de kans voor een NSF voor Rotterdam opnieuw ‘uit te vinden’. Die kans moet met beide handen worden aangegrepen. Daarvoor is lef en ambitie nodig: doe het goed of doe het niet!

Het verhaal van de stad

Rotterdam is de stad van superdiversiteit. Een stad van oudgedienden, van nieuwkomers en alles wat daartussen zit. Een stad waar we op het eerste gezicht niet veel met elkaar lijken te delen, maar dat wel degelijk doen. We delen (de liefde voor) de stad. Je woonstad is onderdeel van je identiteit en daardoor een belangrijke verbindende factor. Het verhaal van de stad verbindt ons allemaal!

Nog eerder dan Nederlander, voelt men zich Rotterdammer Rotterdammers voelen zich niet vanzelfsprekend onderdeel van de geschiedenis van de stad. Veel bewoners voelen zich bovendien niet aangesproken door de traditionele culturele sector. Rotterdammers voelen zich wél allemaal onderdeel van het huidige Rotterdam: nog eerder dan Nederlander voelt men zich Rotterdammer. Naast Rotterdammer te zijn, voelen velen zich onderdeel van een gemeenschap. Dat zijn gemeenschappen op basis van afkomst (bijvoorbeeld de Kaapverdiaanse gemeenschap) of op basis van professie (modeontwerpers) of op basis van een bedrijfstak (de binnenvaart) of op basis van de wijk waar je woont (­Katendrecht) of op basis van je ontwikkeling (studenten), of op basis van … enzovoorts!

36

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

De belangrijke rol en taak van de NSF

Het betrekken van gemeenschappen, de dialoog met hen aangaan en hen een podium bieden: dat betekent het betrekken van ‘de Rotterdammer’. De NSF moet hierin een belangrijke rol spelen. ‘Het verhaal’ wordt in Rotterdam niet automatisch doorgegeven. Juist daarom moet het collectieve geheugen in Rotterdam actief worden gevoed. Ook dit is een belangrijke rol voor de NSF. In Rotterdam zijn er veel musea en erfgoedorganisaties die ieder voor zich een stukje van het Rotterdamse verhaal vertellen, allemaal gespecialiseerd in een specifiek onderdeel of thema. Maar nergens wordt het verhaal van Rotterdam in zijn geheel en in samenhang verteld. Hier ligt een belangrijke taak voor de NSF.

Rotterdamse museum- en erfgoedsector: samen voor meer samenhang

Het vertellen van het Verhaal van Rotterdam en het voeden van het collectieve geheugen van de stad zijn twee grote opgaven waarvoor NSF niet alleen verantwoordelijk kan zijn. Er zijn tal van betrokken organisaties en personen. De NSF kan voorzien in de breed gevoelde behoefte aan meer verbinding en samenhang in het Rotterdamse erfgoed. Het kan expertise leveren voor het eigentijds ontsluiten daarvan voor een breed publiek. Zoals ook verkenner Johan Moerman aangaf, zien wij de NSF als spin in het web. Degene die de samenhang en verbinding zoekt en het geheel meer laat zijn dan de som der delen. Dit vraagt om een heldere opdracht aan de NSF én om toewijding van betrokken partijen. Bij de benchmark-steden zien we dat alle musea met gemeentelijke collectie - zowel de thema­ musea als het overkoepelende stadsmuseum - deel uitmaken van één organisatie. Daarin worden zaken als collectiebeheer, educatieprogramma’s, collectieve marketing en digitalisering centraal aangestuurd. In Rotterdam was dit tot aan de verzelfstandiging ook het geval. Dit is geen pleidooi voor die situatie of een fusie. Toch moet er iets gebeuren waardoor de sinds 2006 woekerende vrijblijvendheid verdwijnt. Denk aan een gezamenlijke backoffice of gedeelde diensten waar collectieve diensten deel van uitmaken. Of aan een samen­werkingsverband in de vorm van een overeenkomst. Dit valt nader te onderzoeken.

Ongeacht de vorm, staat of valt alles bij een motor of aanjager. Dit is de partij die het voortouw neemt, coördineert en afspraken bewaakt. Deze taak is uitermate passend voor NSF Rotterdam.

Iedere Rotterdammer moet straks de topstukken uit de Collectie Rotterdam kennen. Niet vanwege het object zelf, maar omdat ze staan voor een groter verhaal

4,80 meter

17,50 meter

Diorama Nieuwe Waterweg, J. Gidding, Rotterdam-paviljoen wereldtentoonstelling Antwerpen 1930, Museum Rotterdam.

37

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

Museaal fundament

De NSF opereert idealiter vanuit een stevig professioneel museaal fundament: een vaste, spraakmakende opstelling waarin het grote verhaal van Rotterdam wordt gepresenteerd in herkenbare thema’s, met topstukken uit de Collectie Rotterdam. Deze topstukken worden geframed: het worden topstukken die iedere Rotterdammer moet gaan herkennen. De Nachtwachten of Mona Lisa’s van de stad. Niet vanwege het object zelf, maar omdat ze staan voor een groter verhaal. Museum ‘40 - ‘45 NU hoort daarbij en verlaat de huidige locatie om onderdeel te worden van de vaste opstelling van de NSF. Er is aanvullend substantieel ruimte nodig voor wisseltentoonstellingen, actualiteit en open podium voor debat over de agenda van de stad. Alle Rotterdammers voelen zich hier welkom en onderdeel van dit geheel. Wat de educatieve doelstellingen betreft: alle Rotterdamse kinderen (4-12 jaar) moeten hier tijdens hun basisschoolperiode minstens eenmaal zijn geweest.

Aantrekkelijke huisvesting is noodzakelijk

Als stad neem je je eigen verhaal serieus. Dat doe je op een plek die ertoe doet: een aansprekende locatie die getuigt van ambitie. De meeste Rotterdammers komen straks waarschijnlijk niet voor een mooi stadsgezicht naar het Depot, maar voor het gebouw. Maar ze worden dan wellicht geraakt door een 17e eeuws stilleven of geïnspireerd door modern werk dat ze er zien. Bezoekers kwamen niet per se naar De Trap vanwege het Groothandelsgebouw, maar vanwege hun nieuwsgierigheid naar het uitzicht. Ondertussen bouwden ze toch een band op met dit wederopbouwpand. Bezoekers gaan straks waarschijnlijk niet enkel voor het migratieverhaal naar FENIX, maar ook voor de spraakmakende architectuur die je gezien en ervaren moet hebben. Tijdens hun bezoek worden ze waarschijnlijk wél geraakt door één van de persoonlijke migratieverhalen en ze geven die informatie vervolgens door.

Als stad neem je je eigen verhaal serieus en presenteer je dat verhaal op een plek die ertoe doet en getuigt van ambitie Een bijzonder gebouw op een aantrekkelijke locatie is de manier om een Rotterdammer te boeien. Ook bezoekers komen voor de Rotterdamse grootstedelijkheid die hierbij aansluit. De urban vibe, de moderne architectuur en het optimisme dat daaruit spreekt. De huisvesting van de NSF moet hiervan getuigen en als zodanig aanleiding zijn om te komen. Natuurlijk moet de inhoud niet achterblijven op de verpakking, maar zeker in Rotterdam is aantrekkelijke huisvesting noodzakelijk.

Missie van NSF Rotterdam

NSF Rotterdam vertelt het verhaal van Rotterdam en zijn bewoners, voedt het collectieve geheugen van de stad en maakt de veelkleurige en veelvormige identiteit van de stad inzichtelijk, bespreekbaar en beleefbaar, zowel voor bewoners als bezoekers. NSF Rotterdam doet dit op een voor iedereen toegankelijke, vernieuwende en inspirerende wijze die toekomst, heden en verleden verbindt. NSF Rotterdam opereert vanuit een professionele basis op een aantrekkelijke plek met topstukken uit de Collectie Rotterdam en werkt van daaruit samen met allerhande partners in de stad en in co-creatie met inwoners, communities en makers. Op deze wijze wil NSF Rotterdam voor inwoners de betrokkenheid bij hun stad versterken en voor bezoekers de beleving van de stad vergroten.

38

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

2.2

Positionering

Eigen smoel nodig

Het verhaal van Rotterdam vraagt om een NSF met: • Een eigen smoel. Een museum dat je gezien moet hebben om de stad en bewoners te leren kennen; • Een museum waardoor alle Rotterdammers zich gerepresenteerd voelen en zich welkom voelen; • Een eigen merkidentiteit en scherpe marketingcommunicatie die qua vorm en taal aansluit bij de stad; • Een heldere, nieuwe naam. Niet meer Museum Rotterdam. Voorlopig gebruiken we de neutrale naam NSF Rotterdam. NSF Rotterdam is een beleving op zich, maar ook de portal voor de Rotterdamse museumen erfgoedsector: • Een museum dat de inleiding vormt op andere musea en organisaties die specifieke onderdelen van het verhaal van Rotterdam vertellen; • Een museum met een uitgestoken hand dat plek, podium en ondersteuning biedt aan andere organisaties, communities en personen, zolang het over Rotterdam en Rotterdammers gaat; • Etalage van de gemeentelijke erfgoedorganisaties: Stadsarchief, BOOR/archeologie en Monumentenzorg. Dit zijn diensten met interessante content, collectie en verhalen, maar beperkte middelen en expertise om dit voor een breed publiek op juiste wijze te ontsluiten; • Een spilfunctie om de broodnodige samenwerking in het Rotterdamse erfgoedveld aan te jagen en te ondersteunen.

In ieder geval op het gebied van: − Collectieve PR & marketing; − Samenhangend aanbod museum- en erfgoededucatie richting onderwijs; − Outreach programma’s voor specifieke doelgroepen; − Versterken en visualiseren Collectie Rotterdam.

2.3 Doelgroepen en publieksbereik Ook voor non-users en light-users

NSF Rotterdam richt zich op inwoners van Rotterdam en de regio Rijnmond, maar is met een eigentijdse vaste presentatie van het Verhaal van Rotterdam en steeds wisselende exposities ook interessant voor toeristen. NSF Rotterdam bedient verschillende doelgroepen: • Alle inwoners van Rotterdam en regio, met accent op: − Jeugd − Educatie/scholen − Gezinnen/families − Communities − Makers • Toeristen: − Vrijetijd (Rotterdam Partners: ‘do-risten’) − Zakelijk, expats

39

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

Maritiem Museum Rotterdam trekt ca. 200.000 bezoekers, het Wereldmuseum Rotterdam ca. 50.000 (2019; gedeeltelijk open na verbouwing). Museum Liverpool trekt bijna een miljoen bezoekers (gratis), MAS Antwerpen zit op ca. 650.000, Museum Hamburg op 100.000. Amsterdam Museum (hoofdlocatie) groeit richting 200.000 bezoekers (inclusief sublocaties (o.a. Portret­ gallerij Hermitage) zelfs ca. 600.000). Voor NSF Rotterdam denken we dat met een dijk van een museale presentatie, een veelzijdig programma aan publieksactiviteiten, een sterke branding en top gehuisvest, gekoerst kan worden op 150.000 à 200.000 bezoekers per jaar. Met de collega instellingen moet afgestemd worden wie welk publiek bedient. NSF Rotterdam kan een extra inspanning leveren om publiek te bereiken dat nu niet of minder naar musea komt: de non-users en light-users. Ook zal NSF Rotterdam gericht inzetten op de Whize-publieks­ groepen ‘stedelijke toekomstbouwers’ en ‘wijkgerichte vrijetijds-genieters’. Deze worden nu maar mondjesmaat bereikt door musea en erfgoedinstellingen. Voor de groepen die nu niet of nauwelijks bereikt worden met de ‘reguliere’ communicatiemiddelen geldt dat er online kansen liggen in het effectief bereiken en aanspreken van deze groepen. Een bijzondere doelgroep van NSF Rotterdam betreft de Rotterdamse erfgoedgemeenschap.

NSF Rotterdam ondersteunt het brede erfgoedveld met faciliteiten, samenwerkingsprojecten, collectie-uitwisseling en onderzoek. Daarbij kan het gaan om professionals van musea en erfgoedinstellingen, maar ook om erfgoedvrijwilligers. Een andere belangrijke doelgroep zijn toeristen, bezoekers aan de stad. Voor hen moet een bezoek aan de NSF vanzelfsprekend worden: een must-see bij je stedentrip. NSF Rotterdam in de voorgestelde opzet zal een belangrijk instrument kunnen zijn in de uitvoering van de Toerismevisie Te Gast in Rotterdam; een nieuwe kijk op toerisme. Niet alleen vanwege de substantiële bezoekersaantallen die haalbaar zijn, maar ook omdat de NSF Rotterdam hét verhaal van Rotterdam vertelt op authentieke wijze. Bovendien omdat NSF Rotterdam straks niet alleen zichzelf, maar de hele Rotterdamse museum- en erfgoedsector promoot.

2.4 Wat is er te zien en te beleven? Genoeg te zien en doen!

Een bezoek aan NSF Rotterdam is meer dan alleen een bezoek aan een vaste, fysieke ­tentoonstelling.

Kernelementen

Het Verhaal van Rotterdam én de Rotterdammers is waar alles om draait. Het is geen statisch gegeven vanuit het verleden, maar altijd in beweging. NSF Rotterdam biedt zowel bezoekers als de werkers in het veld volop mogelijkheid om dit verhaal te onderzoeken, te voeden, te vertellen en door te trekken naar de toekomst. NSF Rotterdam biedt daartoe wisseltentoonstellingen, speciale publieksprogramma’s, events, debatten, projectruimten, een winkel en café. Ook manifesteert NSF Rotterdam zich online.

40

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

NSF Rotterdam bestaat uit de volgende kernelementen: • NSF Experience • NSF Forum • NSF Online

NSF Experience: vaste tentoonstellingen en verbinding aan actualiteit

NSF Experience biedt een professionele, eigentijdse, inspirerende, interactieve museale bezoekerservaring waarin het Verhaal van Rotterdam wordt gepresenteerd. NSF Experience is alleen toegankelijk met een toegangsticket. De kern van NSF Experience is een (semi-)permanente presentatie van het Verhaal van Rotterdam. Groots en meeslepend gepresenteerd aan de hand van enkele hoofdthema’s, kenmerkend voor de geschiedenis van Rotterdam, te beginnen met een krachtig beeld van wat Rotterdam nu is. Vanzelfsprekend wordt dit verhaal zorgvuldig samengesteld. Gedacht kan worden aan: • Veelkleurige, multimediale tentoonstelling over het Rotterdam van nu. Over de bewoners, de architectuur, de Nieuwe Maas, de bruggen, de festivals, de haven, Feyenoord, het buitengebied. • Het ontstaan en de opkomst van Rotterdam. Over de dam in de Rotte, de stadsrechten en de eerste havenactiviteiten. En wat daar nu nog van is te zien, zoals de Laurenskerk en het Schielandshuis. • Expansie van de haven. Over de groei die de haven doormaakte in de 19e en 20e eeuw tot de destijds grootste havenstad ter wereld. Nog steeds is het de belangrijkste haven van Europa. Dat heeft effect op de economie, de stad, het landschap en de samenstelling van de bevolking. • De verwoesting van WOII op de stad. Het beeld van Rotterdam voor en na het grote bombardement van 14 mei 1940.

Het trauma: een keerpunt in de geschiedenis van Rotterdam. Parallellen tonen met andere steden die eenzelfde lot ondergingen. Het huidige Museum ‘40- ‘45 NU wordt hierin geïntegreerd. • Wederopbouw. Stad van opnieuw beginnen. Met nieuwe gebouwen, moderniteit en eigenzinnige architectuur in nieuwe wijken. De stadsuitleg, de ontwikkeling van Zuid. Met aandacht voor Rotterdam als werkstad, motor van de nationale economie. Waarbij de uitbreiding haven, Europoort, Maasvlakte I en II belangrijke rollen speelden. Met (semi-)permanente focuspresentaties, zoals: • Rotterdamse portretten. Portretten (geschilderd en gefotografeerd) van bekende en onbekende Rotterdammers door de eeuwen heen. • De Metro. Rotterdam was de eerste stad in ons land met een metro. • Rotterdam Rhythm. Beeld van de eigenzinnige jongerencultuur en Rotterdam als muzieken festivalstad. • Erasmus en wetenschap. Desiderius Erasmus: wijsgeer, filosoof en bekendste Rotterdammer aller tijden. Over de essentie van zijn denkbeelden en zijn invloed en een projectie van zijn gedachtegoed op de hedendaagse samenleving. • Rotterdam in de wereld; de wereld in Rotterdam. De impact van Rotterdam als inter­ nationale havenstad. Aantrekkingskracht op steeds weer nieuwe bevolkingsgroepen. • Stad in beeld. Rotterdam door de eeuwen heen; van het oudste (bewegende) beeld, tot nu.

Historische foto-, film- en kaartcollectie in combinatie met nieuwe mapping-technieken, 3D-kaarten en virtual reality. • Persoonlijke verhalen. Oral history, ooggetuigenverslagen en interviews op beeld en geluid. Bewoners maken van Rotterdam de stad die het is en die wij kennen.

41

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

Thema’s voor wisseltentoonstellingen worden gekozen op basis van actuele maatschappelijke vraagstukken

De vaste tentoonstellingen van NSF Experience bevatten topstukken uit de rijke Collectie Rotterdam. Presentaties worden consequent verbonden aan de actualiteit. Naast de (semi-)permanente presentatie biedt NSF Experience een programma wisseltentoonstellingen. Thema’s voor wisseltentoonstellingen worden gekozen op basis van actuele maatschappelijke vraagstukken, verdieping van een hoofdthema en/of belangrijke jubilea en herdenkingen. Wisseltentoonstellingen kunnen ook plaatsvinden op buitenlocaties, bij partnerorganisaties en in de wijken. Met het programma wisseltentoonstellingen zoekt NSF Rotterdam naar interessante crossovers, zowel op wijkniveau als op stedelijk niveau. Voor wisseltentoonstellingen wordt waar mogelijk samengewerkt met vernieuwende makers, erfgoedinstellingen, wijkorganisaties, communities, onderwijsinstellingen en ondernemers. Ook wordt gezocht naar samenwerking en crossovers met grote museale en culturele instellingen zoals het Nederlands Fotomuseum, Het Nieuwe Instituut, het Wereldmuseum, Rotterdam Festivals en De Doelen. Verder bevat NSF Experience een interactief aanbod voor de jeugd: een Medialab voor jongeren van 8 tot 24 jaar, waarin zij met inzet van verschillende media verschillende aspecten van het Verhaal van Rotterdam onderzoeken en aan elkaar presenteren.

NSF Forum: ideeën over het verhaal van de stad uitwisselen

NSF Forum is het vrij toegankelijke deel van NSF Rotterdam. Hier kun je terecht voor ontmoeting, debat, inspiratie en presentaties. NSF Forum is een trefpunt en pleisterplaats voor iedereen die geïnteresseerd is in, of betrokken bij het Rotterdamse. Dit kan een algemeen publiek zijn of vrijwilligers, studenten en professionals. NSF Forum is dé plek om ideeën, opvattingen, kennis, beelden en inzichten uit te wisselen over het actuele verhaal van de stad. NSF Forum biedt ruimte aan een zeer divers programma met lezingen, debatten, documentaires, optredens, mini-expo’s, filmavonden, stadsgedichten, live-uitzendingen, enzovoorts. In NSF ­Forum wordt het verhaal van Rotterdam caleidoscopisch verteld. Het forum fungeert als een open kanaal, met zowel eigen activiteiten als programma van andere organisaties en communities.

In NSF Forum wordt het verhaal van Rotterdam ­caleidoscopisch verteld In het hart van NSF Forum komt - naast de in het oog springende ticketbalie c.q. entree tot het museum - een stevige horecafunctie, de basis voor ontmoeting. Natuurlijk met Rotterdamse producten op de kaart. Onderdeel van de horeca is een open podium voor kleinschalige optredens. Dit is ook de plek voor een wekelijks live debatprogramma in samenwerking met mediapartners als Vers Beton, Arminius en/of RTV Rijnmond.

42

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

Gekoppeld aan de horeca zijn verschillende ruimtes voor presentaties, overleg, workshops en debat: • Vergaderruimtes in verschillende soorten en maten; • Workshop- en educatieruimtes in verschillende soorten en maten; • Auditorium, film- en theaterzaal; De horeca fungeert als foyer/catering voor bijeenkomsten in deze ruimtes, die tevens te verhuren zijn. NSF Forum krijgt een grote museumwinkel met een groot Rotterdams assortiment: • Dwarsdoorsnede van de andere museumwinkels in de stad; • Merchandising Rotterdams erfgoed (met ‘de zonnebloemen van Rotterdam’); • Design- en kunstverkoop van Rotterdamse makers; • ‘Supermarkt’ met typisch Rotterdamse producten (zoals eerst Groos). NSF Forum heeft een sterke etalagefunctie voor de gemeentelijke erfgoeddiensten Stads­archief, Bureau Archeologie en Monumentenzorg: • Etalage, met presentaties van actuele projecten/onderzoeken van afdeling Monumenten­ zorg Archeologische dienst en Stadsarchief; • Open werk- en ontvangstruimte, met flex-/studieplekken met erfgoedbibliotheek/ naslagwerken en spreekuren voor onderzoekers en geïnteresseerden.

NSF Online: het Verhaal van Rotterdam online verteld

De hele NSF-collectie is via de website van het museum te bekijken, gerubriceerd op de hoofd­ thema’s van het Verhaal van Rotterdam. Ook biedt de website een portal voor de gehele Collectie Rotterdam. Verder zijn de uitzendingen van de wekelijkse debatprogramma’s door­lopend te zien, net als de verschillende sociale kanalen waarop de NSF te volgen is. De belangrijkste invulling van NSF Online betreft de activatie van platforms. Er komen ­verschillende typen: • Inhoudelijke platforms rondom de hoofdthema’s van het Verhaal van Rotterdam. Deze platforms zijn bedoeld om collectiestukken, persoonlijke verhalen, publicaties en onderzoeken te delen. • Wijkplatforms: online plekken waar bewoners het erfgoed van hun wijk delen met eigen verhalen en foto’s. Ook foto- en filmmateriaal uit andere collecties (o.a van Stadsarchief) bekijk je hier, net als agendafunctie, met een overzicht van wat wanneer te doen is. • (Besloten) platforms voor Rotterdamse erfgoed-professionals die betrokken zijn bij structurele samenwerkingsprogramma’s.

43

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

2.5

Spilfunctie

Collectieve marketing, educatie, outreach programma’s en collectie

Naast het museaal vertellen van het verhaal van de stad krijgt NSF Rotterdam de opdracht om meer samenhang en samenwerking in de Rotterdamse museum- en erfgoedsector te krijgen. NSF Rotterdam wordt een museum met een spilfunctie. Die spilfunctie komt o.a. tot uiting in: • Gezamenlijke (wissel)tentoonstellingen • Activiteiten en de podiumfunctie van NSF Forum • Online platforms De spilfunctie van NSF Rotterdam heeft daarnaast betrekking op structurele samenwerkingsprogramma’s in de stedelijke museum- en erfgoedsector: • Marketing NSF Rotterdam support een samenwerkingsverband van de professionele musea en erfgoedinstellingen van de stad. Het samenwerkingsverband bestaat uit een gezamenlijk team van marketingcommunicatiespecialisten en programmeurs. Ook Rotterdam Festivals is aan boord. Periodiek analyseert het team (op basis van de Whize-doelgroep­ segmentatie) op instellingsniveau welke publieksgroepen goed worden bediend en welke minder of niet. Ook de kritische succes- en faalfactoren worden bepaald. Op basis van deze periodieke analyses worden verbetermaatregelen genomen, sommigen collectief en sommigen individueel. NSF Rotterdam geeft uitvoering aan of ondersteunt de gezamenlijke marketingcommunicatie-acties en beschikt daartoe over uitvoeringsbudget.

• Educatie Ook hier werken professionele musea en erfgoedinstellingen samen, waarvan de educatie-­ specialisten onder begeleiding van NSF Rotterdam een team vormen. In plaats van aanbod­ gericht te werk te gaan, zorgt het educatieteam voor museum- en erfgoedactiviteiten die aansluiten op de vraag, kerndoelen en onderwijstype. Het educatieteam zorgt ervoor dat het aanbod van de verschillende musea in samenhang aan het onderwijs wordt aangeboden. NSF Rotterdam ondersteunt en coördineert het team museum- en erfgoededucatie. • Outreach Programma’s Het ultieme doel is om alle Rotterdammers te bereiken. Ook doelgroepen die minder makkelijk naar het museum gaan, vanwege een geestelijke of lichamelijke beperking, taalbarrières (expats, nieuwkomers) of vanwege een sociaal isolement. NSF Rotterdam ontwikkelt voor deze groepen in samenwerking met de andere musea, erfgoed- en maatschappelijke instellingen, zoals zorginstellingen, Huizen van de Wijk en maatwerkprogramma’s. • Collectie NSF Rotterdam krijgt de opdracht om samen met andere collectiebeheerders meer samenhang in de Collectie Rotterdam te brengen. Met de hoofdthema’s van het Verhaal van Rotterdam als uitgangspunt, wordt een overkoepelend verzamel- en ontzamelbeleid opgesteld en uitgevoerd. Ook de digitale ontsluiting en doorzoekbaarheid van de Collectie Rotterdam wordt aangepakt, met o.a.

betere toepassing van linked open data bij collectieregistratie en harmonisering van digitale collectie portals. Daarbij wordt ook een overkoepelende webportal Collectie Rotterdam opgezet en ontwikkeld. NSF Rotterdam

44

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

stuurt hiervoor de permanente werkgroep Collectie Rotterdam aan. Alle musea en erfgoeddiensten met gemeentelijke collectie nemen deel aan de permanente werkgroep Collectie Rotterdam, maar ook andere musea met voor de stad relevante collectie (HNI, RoMeO, Chabot Museum, CBR Atlas van Stolk/Erasmus Collectie) mogen meedoen. De samenwerkingsprogramma’s hebben alleen kans van slagen wanneer aan een aantal randvoorwaarden wordt voldaan: • NSF Rotterdam moet van voldoende middelen (menskracht en budget) worden voorzien om uitvoering te geven aan de samenwerkingsprogramma’s. • De uitvoering ervan wordt expliciet in de subsidiebeschikking opgenomen met concrete, meetbare doelstellingen. • De musea en erfgoedorganisaties die structureel gemeentelijke financiering ontvangen, krijgen de opdracht van de gemeente om deel te nemen aan de samenwerkings­ programma’s door dit op te nemen in de subsidiebeschikkingen en managementcontracten (gemeentelijke erfgoeddiensten) en om hun inzet en resultaat te verantwoorden in hun jaarlijkse rapportages. • Monitoring van de beoogde samenwerking en effecten daarvan, zowel op het niveau van individuele instellingen als op sectorniveau.

2.6 Organisatie en exploitatie Andere positionering vraagt andere organisatie

Het is nu nog te vroeg om een uitgewerkt voorstel voor de inrichting van de organisatie en de exploitatieopzet van NSF Rotterdam te doen. Daarvoor is een aantal jaren ervaring met de nieuwe rollen, taken en samenwerkingen noodzakelijk. Ook is meer duidelijkheid over de locatie en de huisvesting van NSF Rotterdam nodig. In het ontwikkeltraject dat de gemeente voor de NSF heeft vastgesteld, is aangegeven dat het opstellen van een businesscase met uitgewerkte voorstellen over organisatie en exploitatie pas in de 3e fase aan de orde is (concretiseringsfase). We kunnen, met deze stip op de horizon voor een NSF Rotterdam, al wel iéts zeggen over organisatie en exploitatie. NSF Rotterdam krijgt een andere positionering en opdracht dan het Museum Rotterdam. NSF Rotterdam krijgt een representatief, uitnodigend en extrovert karakter. Hier heerst gevoel voor het grote gebaar. Hier wordt de nieuwsgierigheid naar nieuwe verhalen gewekt. Hier is een sterke drive aanwezig om die verhalen door te vertellen aan zoveel mogelijk Rotterdammers en bezoekers, ook aan groepen die minder vanzelfsprekend bereikt worden. Het NSF Rotterdam verleidt bewoner én bezoeker van Rotterdam tot een bezoek, ieder met een eigen boodschap en reden om erheen te gaan. Zo speelt NSF adequaat in op de groei van het toerisme in de stad.

De NSF is een belangrijke aanjager van de sector zelf en zoekt continu naar nieuwe verbindingen met allerlei ­partners in de stad

45

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

De NSF is verder een belangrijke aanjager van de sector zelf en zoekt continu naar nieuwe verbindingen met allerlei partners in de stad. Door consequent te werken aan samenwerkings­ programma’s, dient NSF als de spil in de stedelijke museum- en erfgoedsector: dat waar het nu aan ontbreekt. Deze oriëntatie en opdracht vraagt om specifieke competenties en vaardigheden van medewerkers. Museum Rotterdam had tot 2020 een organisatie van 28 fte. De stip op de horizon voor NSF Rotterdam vraagt om meer en deels andere personele inzet: • Actieve programmering in verbinding met de stad vraagt om stadscuratoren en producenten met een grotere diversiteit in expertise, achtergrond, leeftijd, et cetera. • Grote museale performance op meer vierkante meters met meer wisseltentoonstellingen vraagt om sterke museale basisorganisatie (programmering, openstelling, bedrijfsvoering, beheer, logistiek, marketingcommunicatie). • Ook de uitvoering van structurele samenwerkingsprogramma’s op het gebied van collectieve marketing, afstemming educatie, Collectie Rotterdam (online) en de verbinding van gemeenschappen vraagt om afzonderlijke personele inzet.

De stip op de horizon biedt tegelijkertijd ook zicht op meer inkomsten Met de ambitie van een grotere, aantrekkelijke accommodatie zullen ook de huisvestingslasten stijgen. Onduidelijk is nog met hoeveel. In het volgende hoofdstuk zijn enkele huisvestings­ scenario’s op hoofdlijnen uitgewerkt met daarbij een indicatieve kostenberekening. De stip op de horizon biedt tegelijkertijd ook zicht op meer inkomsten, vanwege hogere bezoekersaantallen in NSF Experience (museum) en de publieksactiviteiten in NSF Forum (horeca, verhuur, winkel). Ook biedt een meer ambitieus programma zicht op meer inkomsten uit fondsenwerving en sponsoring. Verkenner Johan Moerman gaf in zijn rapportage al aan dat een nieuwe invulling van de NSF ook vraagt om verruiming van de subsidie. Als indicatie noemt hij een subsidie zoals ook het Wereldmuseum en het Maritiem Museum ontvangen (ca. € 5 miljoen). Of dat voldoende is, moet blijken in de volgende fase. Op basis van een concreet huisvestings-voorstel en inzicht in de mogelijke organisatie-inrichting is een uitgewerkte businesscase mogelijk.

46

Ook van jou!

2

Stip op de horizon: visie en concept

Programmaplan 2021-2024

3 Van experimenteren kun je leren! Het belang van ruimte voor experiment bij het bepalen van de juiste koers

▶ Pagina 48 Meryem Slimani, van het instagram account @meryemfirst, met haar moeder Najate LekLye. Textielcollectie depot Museum Rotterdam 2021. Foto: Cye Wong-Loi-Sing.

47

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

Juist de periode waarin we toewerken naar een NSF moeten we goed benutten. Dat betekent dat we de collectie en het verhaal van de stad blijven tonen en onderzoeken. De komende jaren dienen als inzet om - vanuit de gedachte van het eerder geschetste basisconcept - te experimenteren met inhoud en diverse programmeringsvormen. Dus van een klassieke expositie in de Laurenskerk en bijeenkomsten op een ponton in de Maas tot een educatieve film of een vaste rubriek in de krant: de mogelijkheden zijn legio. In dit hoofdstuk zetten we het doel van het programmaplan uiteen, gaan we nader in op de experimenteerfase en het belang van een stadsbreed programma en samenwerkingen. We sluiten af met een concretisering van deze fase.

3.1

inleiding

Ruimte voor experiment, draagvlak als resultaat

Experiment met en onderzoek van inhoud zijn van belang in deze fase, net als de actieve ­benadering en binding van allerlei bekende en onbekende (programma)makers en organisaties. Diversiteit - qua leeftijd, achtergrond, expertise en aandachtsgebieden - is nodig om een zo breed mogelijke doelgroep te (be)trekken. Idealiter leiden deze samenwerkingen tot interessante crossovers, niet alleen qua presentatievormen of onderwerpen, maar ook qua publiek. Experiment is nodig om de juiste richting te ontdekken en de stip op de horizon te zetten of juist te verplaatsen. Dat betekent direct ook dat er ruimte nodig is. Ruimte voor onverwachte successen en voor onverwachte tegenvallers. Hoe dan ook dient de experimenteerfase ­ruchtbaarheid, zichtbaarheid en draagvlak op te leveren onder Rotterdammers. En inzicht in dat wat werkt bij het overbrengen van het verhaal van de stad. Vanzelfsprekend gaan we daarbij niet uit van eenmalige samenwerkingen, verbindingen, bezoeken of successen: we bouwen aan duurzame relaties en alle betrokken partijen moeten zich eigenaar, vriend of onderdeel van de NSF gaan voelen.

Doel: een helder verhaal van de stad

Het doel van programmatisch experimenteren met de collectie is om het verhaal van de stad, een diversiteit van verhalen uit het verleden en heden, helder te krijgen en zichtbaar te maken. Collectiestukken zijn dragers van verhalen en kunnen op allerlei manieren worden ingezet om verhalen over te brengen en te verbinden aan de huidige stad en actualiteit. Het experimenteren moet onder andere inzicht geven hoe je collectie op een aansprekende wijze kan presenteren, waardoor het relevantie krijgt voor Rotterdammers. Een ander doel in deze fase is om meer bekendheid voor en met de collectie te genereren. Door de deuren actief te openen voor usual en vooral ook unusual suspects, komen er nieuwe inzichten op de waarde en waardering van deze collectie voor hen en hun achterban. Dit betreft de collectie van Museum Rotterdam, maar ook collectiestukken erbuiten die het verhaal van de stad vertellen. Deze zijn bijvoorbeeld in het bezit van musea, stichtingen of particulieren. Samen vormen al deze stukken de Collectie Rotterdam. Uit al deze bronnen willen we putten om de relevantie, rijkdom en breedte van de Collectie Rotterdam te onderzoeken, tonen en betrekken bij NSF.

49

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

In alles wat we ondernemen willen we mensen ­betrekken bij het verhaal van de stad

In alles wat we in deze fase ondernemen, willen we mensen informeren en betrekken bij het verhaal van de stad: zij zijn inherent onderdeel van dat verhaal en dat moeten mensen gaan beseffen én voelen. Vanuit die gedachte is het goed om te kijken hoe we een brede groep Rotterdammers het beste aanspreken. Is dat vanuit een wetenschappelijk-historische blik? Vanuit de actualiteit? Vanuit creativiteit? Misschien is het juist de combinatie van verschillende geluiden die hetzelfde verhaal herhalen. De exeprimenteerfase is er om dit te toetsen en bij te sturen.

Doel • • • • • • •

De verhalen van de stad en de centrale thema’s daarin ophalen en vertellen; Een beeld krijgen van de belangrijke thema’s en invalshoeken die ontbreken; De relevantie van collectie toetsen; Bovenstaande bereiken door inzet van usual en unusual suspects; Bovenstaande bereiken met vernieuwende presentatievormen; Bekendheid voor de Collectie Rotterdam genereren (wat zit er in de collectie?); Draagvlak, enthousiasme en netwerk creëren voor de toekomstige NSF.

3.2 Experimenteerfase 2021-2024 Expliciete aanwezigheid van belang, juist in tijdelijkheid

Om tot enthousiasme, draagvlak en netwerk voor de NSF te komen, is herkenbaarheid belangrijk. Maar er is niet één vaste, herkenbare locatie ter representatie. Dat is zowel een uitdaging als kans in deze fase. We zijn deels genoodzaakt het wiel opnieuw uit te vinden: terug naar de kernboodschap én zien op welke wijze deze het beste landt en mensen raakt. Experiment is belangrijk, maar herhaling evenzo. Door herhaling ontstaat herkenning, erkenning en idealiter bewondering en zelfs toewijding onder Rotterdammers. Gezien de grootstedelijke overload aan boodschappen is het een uitdaging om onze boodschap helder voor het voetlicht te brengen. Of om podia te creëren waar zowel grote als kleine stadsverhalen klinken én om dit alles aan elkaar te verbinden. Terwijl het juist in deze tijdelijkheid van belang is om aanwezig te blijven en de link te leggen tussen de stad van toen en nu. Het presenteren van deze boodschappen en collectieverhalen kan gelukkig op veel manieren en zowel met als zonder vaste plek. Tijdelijkheid en experiment verlangen hoe dan ook continu een scherpe blik op effectiviteit, helderheid en bijsturen.

50

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

Uitdaging: • • • • •

Geen vaste herkenbare locatie; Geen vaste opstelling (behalve 40-45 NU); Geen klimaatinstallatie; Geen duidelijke afzender (geen naam, beeldmerk); Budget in relatie tot de ambitie.

Voordelen: • • • • • • •

Tijdelijkheid creëert urgentie bij bezoekers; Mogelijkheid tot experimenteren met presentatievormen; Bijzondere locaties uitproberen; Werken met nieuwe makers met frisse blik; Aanleiding tot (verkenning van) samenwerking met partnerorganisaties; Nieuwe netwerken en contacten aanspreken; Verhoogde mediawaarde.

Jaarlijkse vuurpijl werpt spotlight op stad

Rotterdammers houden van ‘hun’ bijzondere, opvallende gebouwen. Rotterdammers houden van tijdelijkheid: kort maar krachtig. Het Depot en De Trap tegen het Groothandelsgebouw illustreren beide. Zo zijn de zilverkleurige Susan Bijl-tassen - geïnspireerd op het Depot - niet aan de slepen. Dat de collectie van Museum Boijmans Van Beuningen in een nieuw architectonisch icoon is gevestigd, zal de bezoekerscijfers straks geen kwaad doen. En dan De Trap: hoewel de Euromast veel hoger is en dagelijks te bezoeken, beklommen maar liefst 400.000 mensen in slechts vijf weken tijd De Trap tegen het Groothandelsgebouw. Waren al die mensen geïnteresseerd in een expositie over 75 jaar Wederopbouw? Kleine kans, maar ondertussen zagen zij wél een expositie van Jan Roovers’ wederopbouwfoto’s. De ene bezoeker is te verleiden met inhoud, de ander met een groots gebaar. Toch nemen ze allebei iets van de inhoud mee én verbinden ze zich aan de plek en het moment.

Zet een thema niet alleen inhoudelijk, maar ook ­visueel op de kaart Naast bijzondere plekken en tijdelijkheid houden Rotterdammers van duidelijkheid en doelgerichtheid, in zowel onderwerp als communicatie. De Dakendagen gaan over daken, de Artweek over kunst en de Koopgoot over kopen. Wat leert dit alles ons? Dat een duidelijke focus - zowel in onderwerp als tijd en periode - belangrijk is. Verbind een thema aan een ‘vuurpijl’, een grotere activiteit of ingreep. Dat kan een expositie op een opvallende plek zijn of een grootse ingreep in de buitenruimte. Zet het thema dus niet alleen inhoudelijk, maar ook visueel op de kaart. Jaarlijks kiezen voor dezelfde periode - bijvoorbeeld oktober als de landelijke Maand van de Geschiedenis - draagt bij aan herkenning.

51

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

Naast presentatievorm en focus is een duidelijk thema van belang. Zoals ‘De Rotterdamse metro’ of ‘Het Rotterdamse koloniale- en slavernijverleden’. Het zijn juist de duidelijke thema’s die de afgelopen jaren het grootste bereik hadden én de meeste indruk maakten onder een breed publiek. Voorbeelden hiervan zijn exposities als ‘Panorama aan de Maas’ (Kunsthal Culturele Hoofdstad, 2001), ‘Interbellum Rotterdam’ (Las Palmas, 2001), ‘De Aanval’ (onderzeebootloods, 2015) en ‘Rotterdam in the Picture’ (Nederlands Fotomuseum, 2015). Events en projecten buiten de museummuren doen het in Rotterdam ook goed bij het overbrengen van historische verhalen. Denk aan ‘De tunnel of Love’ (2019) die wederopbouwmonument de Maastunnel in de spotlights zette, De Trap (2016) tegen het Groothandelsgebouw naar ­aanleiding van 75 jaar wederopbouw en de Brandgrens (2007) tijdens het Architectuurjaar. Focus in communicatie en presentatie doet niets af aan de kwaliteit en inhoud van een onderwerp, maar gaat over keuzes durven maken. De hoofdlijnen van een verhaal komen zo namelijk veel beter over bij een breed publiek, wat de drempel tot bezoek lager maakt. Vanzelfsprekend kan en moet er vervolgens op allerlei wijzen verdieping worden aangebracht.

Veel Rotterdammers zijn geïnteresseerd in historische verhalen, maar (nog) geen museumbezoekers Willen we zoveel mogelijk Rotterdammers bij het onderwerp betrekken? Dan is het belangrijk om de huidige stad én de actualiteit als vertrekpunt te nemen. De huidige bewoners, werk­ nemers en bezoekers zijn onderdeel van die stad. De stad verbindt ons. Die invalshoek stelt ons in staat om iedereen te betrekken in het verhaal. Door Rotterdam te verbinden aan hedendaagse en toekomstige vraagstukken genereer je tevens media-aandacht, wat het gewenste bereik vergroot. Idealiter is de opzet van deze jaarlijkse vuurpijl een duurzame: ook wanneer er een museumgebouw is, is een jaarlijks zichtbare ingreep, evenement of andere landmark effectief om een stadsverhaal centraal te stellen en mensen van buiten de museummuren te betrekken. Want zoals onze marktportretten (p. 31-34) illustreren, zijn er genoeg Rotterdammers die wél geïnteresseerd zijn in Rotterdams historische verhalen, maar (nog) niet in de museum­muren als kader hiervan. Zoals eerder aangegeven, zegt ‘focus aanbrengen’ niet dat presentaties enkel en alleen belangrijk zijn als ze groot, groter, grootst zijn. Het betreft hier puur een advies gericht op publieks- en mediabereik in een grote dynamische stad.

Focus • • • •

52

Bijzondere locatie Tijdelijkheid Focus qua onderwerp Huidige stad als vertrekpunt, verbindend element en relevantie

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

Stadsbreed programma

Parallel aan de bovengenoemde vuurpijl - een grote expositie of publieksevenement - is een aanvullend stadsprogramma belangrijk. Zo komen we in de haarvaten van de stad, verdiepen we het thema en bouwen we duurzame relaties op. Daar waar de vuurpijl zelf, de (gast)curator(en) en de (tijdelijke) locatie inspelen op het betreffende jaarlijkse thema, bouwen we met het stadsprogramma door op waardevolle relaties en het bestendigen ervan.

Een aanvullend stadsprogramma brengt ons in de haarvaten van de stad Dit stadsbrede programma bestaat bijvoorbeeld uit het opbouwen van mediarelaties. Een vaste rubriek voor een (online) krant biedt de kans om wekelijks een ander collectiestuk uit te lichten. Sociale media-samenwerkingen (bijvoorbeeld met educatie/hogescholen) bieden hier kansen, net als het claimen van expositieruimten in de wijken (in Huizen van de wijk, zoals het Wijkpaleis in Middelland) en exposities in de buitenruimte (zoals Openbare werken doet met de CAR-frames). Hier kan met bewoners en communities gewerkt worden aan het ophalen en tonen van actuele verhalen rondom plekken en objecten uit de stad. Aanvullend zijn pop-ups door de stad mogelijk: klimaatvitrines, buiten/billboards of ludieke exposure in samenwerking met winkeliers en/of hun winkelruiten. Dit stadsbrede programma is het hele jaar door actief, maar grijpt de ‘vuurpijlperiode’ aan om resultaten te communiceren. Ook hier is focus en herkenbaarheid weer belangrijk. Door een collectiestuk als uitgangspunt te nemen, een bewoner te interviewen over een relevant thema of door bewoners/ondernemers/ kunste­naars te laten reageren op collectiestukken die we door de actualiteit in een ander licht (kunnen) zien. Omdat veel mensen online te vinden zijn, kan een website dienen als verzamelplek van al deze activiteiten.

Een plek waar bijvoorbeeld makkelijk nieuwe reacties van makers op objecten geplaatst kunnen worden, online tweeluiken met informatie over het oorspronkelijke werk en de actuele aanleiding om er op te reageren. Ook voor de koppeling met sociale media is zo’n centrale online plek een goede basis. Het opbouwen en onderhouden van contacten in de onderzoekshoek zijn ook onderdeel van het stadsbrede programma. Op het gebied van het jaarlijkse thema kan actief de samen­ werking met de diverse onderzoekspartijen uit de stad worden opgezocht. Op basis van onderzoeksresultaten kan het programma worden bijgesteld om tot in de haarvaten te komen (on- en offline).

Jaarlijkse kick-off: voor verbinding, samenwerking, actualiteit en ­zichtbaarheid

Als kick-off van de jaarlijkse ‘vuurpijlperiode’ organiseren we een netwerkbijeenkomst voor, door en met de stad. Met professionals van collega-instellingen, ambtenaren, zusterpartijen als Dig It Up, Belvedère, het Stadsarchief, maar ook de conservator van het Erasmus MC en Rotterdamse makers gaan we op zoek naar verhalen. Zo wordt de kick-off een belangrijk netwerkmoment, een moment van verbinding en samenhang binnen de sector. Het uitgangspunt voor een inspirerend programma? De actualiteit! We ontmoeten, informeren, inspireren en werken aan een agenda met actuele thema’s. Deze lopen uiteen van museale en verzamel­ kwesties (‘hoe om te gaan met digitaal archief?’) tot bijzonder onderzoek, verricht naar een specifiek thema. Maar ook het agenderen van jubilea als 25 jaar Erasmusbrug, 150 jaar Nieuwe

53

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

waterweg of 20 jaar HipHopHuis. We roepen hier op tot verbinding en reflectie. Qua vorm kan het Stadmakerscongres een voorbeeld zijn. De aanpak in thema’s van MuCEM (Museum van de Europese en Mediterrane beschavingen in Marseille) is inspirerend. Dit museum (gehuisvest in een architectonisch icoon met jaarlijks 2,6 miljoen bezoekers) grijpt een omvangrijke erfgoedcollectie en monumentaal erfgoed aan om verhalen en thema’s te behandelen vanuit een multidisciplinair - antropologisch, sociologisch, archeologisch en historisch - oogpunt. In het verlengde van de actualiteit is het minstens zo belangrijk om een podium te bieden voor debat omtrent actuele thema’s. Wat gebeurt er bijvoorbeeld met de uitkomsten van het onderzoek naar het Rotterdamse koloniale en slavernijverleden? Hoe gaan we om met ­wederopbouwarchitectuur? Welke groepen en/of gebieden zijn er minder zichtbaar en hoorbaar in de stad en waarom is dat? Het biedt de gelegenheid aan partijen met een specifieke missie en boodschap zich te presenteren. Deze jaarlijkse bijeenkomst krijgt vorm in de experimenteerfase is work in progress, om uiteindelijk tot een duurzame variant te komen voor de NSF.

▲ Jeff Koons MuCEM. Oeuvres de la Collection Pinault’, 19 mei - 18 oktober 2021. Op uitnodiging van het MuCEM onderzocht kunstenaar Jeff Koons de erfgoedcollectie van het MuCEM. De expositie is een resultaat van dit onderzoek. De combinatie van erfgoedobjecten met zijn eigen werk is een ode aan de culturele rijkdom van de collectie van het MuCEM. Met deze combinaties moedigt hij het publiek aan zich in deze collectie te verdiepen.

54

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

Vuurpijl, stadsprogramma, kick-off Vuurpijl • Jaarlijks 1 centraal thema, met een duidelijke focus op een verhaal uit de Rotterdamse geschiedenis • Jaarlijks een gastcurator of gelegenheidsteam (organisatie) m.b.t. het thema • Jaarlijks een grotere tijdelijke expositie • Jaarlijks, in dezelfde periode, een evenement of installatie in de buitenruimte Stadsbreed programma (Doorlopend/opbouwend met piek in focusperiode) • Parallel stadsbreed programma, dat jaarlijks uitgebreid kan worden, in actief contact met bewoners en community’s • Vaste expositieruimtes in de wijken, zoals Huizen van de Wijk of etalages • Expositieplekken in de buitenruimten, zoals CAR-frames en schermen • Samenwerkingen media voor rubriek collectiestuk • Samenwerkingen op het gebied van Online, film, docu • Samenwerken met scholen/ educatie/onderzoeksgroepen Kick-off • Netwerkbijeenkomst om te informeren, presenteren, enthousiasmeren • Erfgoed als aanleiding om verhalen en thema’s te behandelen vanuit multidisciplinair oogpunt • Mix tussen geijkte instellingen en actuele zaken/partijen/initiatieven uit de stad • Opbouwen naar blijvend

3.3 2025 en verder Gefaseerd naar een nieuwe Stadsmuseale functie

De periode 2021-2024 is gereserveerd voor tijdelijke programmering. Het toewerken naar een eventueel nieuw museum overschrijdt deze periode wellicht, dat is belangrijk om te realiseren. Ook al wordt op korte termijn besloten dat er een NSF moet komen, dan nog is het een project van jaren om dat te realiseren. Wanneer we op dat moment wachten en tot die tijd inactief zijn, groeit een hele generatie Rotterdamse leerlingen op zonder een plek om in aanraking te komen met de geschiedenis van de stad. De geschiedenis waar zij bovendien zelf deel van uitmaken. Dat scenario is zeer onwenselijk voor elke zichzelf respecterende stad, laat staan voor een stad met de omvang en diversiteit van Rotterdam. Wat kunnen we daar tegenover zetten? Direct na de periode van pop-up locaties en experimenten wordt een tijdelijke locatie ingericht. Op deze plek wordt het belangrijke Verhaal van de Stad verteld en tentoongesteld. Het toewerken naar de NSM, met betrekking tot het locatievraagstuk, is met deze insteek op te delen in drie fasen:

55

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

Fase 1: bijzondere, wisselende locaties in de stad

Deze eerste fase (2021-2024) wordt gebruikt om écht te experimenteren. Met zowel collectie, curatoren, samenwerkingspartners, presentatievormen en locatie. In deze fase kunnen tijdelijke exposities plaatsvinden in leegstaande panden, bestaande instellingen als Kunsthal of Laurens­ kerk of bijvoorbeeld in een metrostation en/of online. Naast het experimenteren moet het gesprek en onderzoek m.b.t. een tijdelijke (t.b.v. fase 2) en een vaste locatie actief worden doorgezet. Opgedane ervaringen worden meteen verwerkt en nieuwe kansen en mogelijkheden worden toegevoegd en uitgezocht. Nieuwbouw heeft ± acht jaar nodig van start tot realisatie. Dus starten vanaf 2024 betekent op z'n vroegst een nieuw museum in 2032. Dat is onacceptabel.

Fase 2: realisatie stip op de horizon, vaste-tijdelijke locatie

Een stad als Rotterdam kan niet te lang zonder een plek waar het hele jaar door hét verhaal van de stad wordt verteld. In fase 1 is dat vanwege vele redenen moeilijk te realiseren. Daarnaast is het goed om even afstand te nemen van de fase in het Timmerhuis. Bovendien is het waardevol om écht te experimenteren, rustig na te denken over een volgende stap en om financiering te organiseren voor fase 2 (ná 2024). Om te voorkomen dat generaties schoolkinderen opgroeien zonder plek waar het verhaal van hun stad wordt verteld, is vanaf 2025 een vaste-tijdelijke plek van belang. Een locatie waar het verhaal van de stad wordt getoond, gecombineerd met tentoonstellingen die reageren op of zich verbinden aan de actualiteit. Het afgelopen jaar tijdens bijvoorbeeld de Black Lives Matters-gebeurtenissen en de coronacrisis, met het ErasmusMC als epi­centrum van Nederland, werd zo’n museaal podium echt gemist. Het zijn belangrijke gebeurtenissen in de levens van veel Rotterdammers en zullen herinnerd worden. Ook bij een tijdelijke locatie speelt, net als bij het basisconcept, de vraag van het ambitie­niveau. Als de stad toewerkt naar een museum met grootstedelijke uitstraling, moet de tijdelijke ­programmering in die lijn liggen. Het liefst heeft de locatie, geheel in lijn met de Rotterdamse museale traditie, een toegevoegde en zelfs aanzuigende werking.

Het mag rauw zijn en verrassend of juist klassiek met een twist, maar idealiter in elk geval met een bijzonder uitzicht of ligging. Een combinatie met tijdelijke horeca, zichtbaarheid van de buitenkant en goede bereikbaarheid is ideaal. Nog belangrijker is dat de afzender duidelijk is.

Het is onacceptabel dat een hele g ­ eneratie schoolkinderen opgroeit zonder een plek waar het verhaal van de stad, hún verhaal, wordt verteld

▲ Schiedamsesingel 1974, Alex de Herder, Stadsarchief Rotterdam

De investering voor deze fase is groter dan het bedrag dat jaarlijks voor de NSF is gereserveerd. Naast een investering om een ruimte geschikt te maken voor publiek en de investering voor wisselende exposities en evenementen, worden er kosten gemaakt voor exploitatie. Een slimme

56

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

samenwerking met een tijdelijke/pop-up horecaondernemer of (Rotterdamse) retailer, zoals het vroegere Groos, kunnen hier zinvol zijn. Een samenwerking met de NSF, de gemeente en een vastgoedeigenaar kan de basis zijn om deze optie bereikbaar te maken. Rotterdam kent vele interessante plekken, denk aan het Codrico Terrein, Meneba, het Oogziekenhuis, het HAKA-gebouw en bijvoorbeeld de panden naast de Hef aan de Stieltjesstraat. De uitdaging bij deze fase? Het voorkomen van een Timmerhuis-debacle: een verkeerde locatie, te hoge exploitatiekosten en daardoor een te laag budget voor de artistieke inhoud en communicatie.

Voorbeeld: Stedelijk Museum Amsterdam in Post CS-gebouw

Een meer dan geslaagd voorbeeld van een museum op een tijdelijke vaste-locatie, is het Stedelijk Museum Amsterdam. Van 2004 tot en met 2008 had het onderdak in het Post CS-gebouw. Deze mogelijkheid kwam tot stand door een samenwerking van de Gemeente Amsterdam, het Stedelijk Museum en bouwfonds MAB, eigenaar van het pand. In het gebouw vestigden zich in die periode aanvullend ook architecten, ontwerpers en een club 11, een bar met prachtig uitzicht. In vier jaar tijd trok het museum op deze locatie meer dan een miljoen ­bezoekers. Directeur Stedelijke Museum Gijs van Tuyl verwoordde het als volgt: “Het Stedelijk heeft vanuit die onverwachte plek met open vizier de kunst verkend. Dat heeft geleid tot nieuwe inzichten, bijvoorbeeld over hoe kunst te presenteren in relatie tot de hedendaagse maatschappij. Daar zal het museum in de toekomst zeker door geïnspireerd blijven. Ook bijzonder is dat we in het Post CS-gebouw opvallend veel jongere bezoekers getrokken hebben.” Het kán dus: een geheel eigen en actueel ‘gezicht’ presenteren op een tijdelijke, aansprekende locatie waar iedereen heen wil. Nu moeten we die plek nog vinden.

Fase 3: vaste locatie

Fase drie betreft de oplevering van de stip op de horizon, de oplevering van de Nieuwe Stadsmuseale Functie.

3.4 Concretisering experimenteerfase 2021-2024 Dit verhaal is Ook van Jou!

De NSF bevat een stevige museale basis. Het is een NSF waar de bezoeker hét Verhaal van de Stad ontdekt. Natuurlijk vanuit het nu bezien en op een ‘Rotterdamse’ wijze, maar de belangrijkste thema’s - van de dam in de Rotte, de ontwikkeling tot havenstad, het bombardement, de wederopbouw en de diversiteit - worden er stuk voor stuk gezien en gehoord. Die stevige basis begint nú! Alles wat we nu doen - en vooral ook niet doen - heeft effect op later. Precies dat laten we met de tentoonstellingen in het museum zien met betrekking tot de stad. Maar met datzelfde besef moeten we nu naar de programmering kijken. De experimenteerfase focust - met deze stip op de horizon in het achterhoofd - op één centraal verhaal per jaar. Een duidelijk thema, waar vervolgens vele aanvullende verhalen onderdeel van kunnen zijn. De gekozen thema’s komen voort uit de actualiteit en koppelen we vervolgens aan de Collectie Rotterdam. Collectie Rotterdam is, zoals eerder aangegeven, breder dan de collectie van Museum Rotterdam. Het omvat ook collecties van andere instellingen en ­objecten in de buitenruimte, zoals de Hef en ss Rotterdam. Door het gekozen verhaal te koppelen aan een paar collectiestukken, werken we aan de bekendheid van de collectie. De onderliggende

57

Ook van jou!

3

Programmaplan 2021-2024

boodschap moet daarbij altijd zijn: dit gaat jouw stad, dit gaat daarom ook over jou. Dit verhaal is kortom, ook van jou! Welke verhalen vertellen we? Welk verhaal past bij jouw visie op en ervaring met de stad?

Hoe komen we hier?

Een vaste stadscurator werkt samen met jaarlijks wisselende gastcuratoren en makers, om aan de ene kant opgebouwde expertise en netwerken te onderhouden en te bestendigen en aan de andere kant om zoveel mogelijk verschillende invalshoeken en samenwerkingspartijen te genereren. De actualiteit is het uitgangspunt, net als verbinding met collectie. Aansluiten bij de actualiteit stelt ons in staat om breder samen te werken met de partijen uit de stad. Het zorgt voor urgentie bij de media om er aandacht ten te besteden, waarmee we het bereik vergroten. Rotterdammers zijn nog niet vertrouwd of zelfs bekend met de Collectie Rotterdam. En dat terwijl alleen al de collectie van Museum Rotterdam meer dan 115.000 items bevat. Daar zitten kunsthistorische en cultuurhistorische parels tussen die te koppelen zijn aan het verhaal van de stad. De experimenteerfase brengt een aantal van die collectiestukken voor het voetlicht. Wat zijn de Rotterdamse Nachtwachten of Mona Lisa’s? Dit soort iconische stukken zijn belangrijk omdat ze als dragers van een groter verhaal dienen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=753bee2b-c58d-41c6-9c99-aaaeb392976e