20251111 en 20251113- Notulen van de raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Tekst van het document
Ik krijg mensen die zeggen: ik woon nu 3 maanden daar in dat flatgebouw en ik wil nu alweer weg, omdat ik crackrokers in mijn portiek zie, omdat ik achternagezeten word 's nachts, omdat er mensen zijn die helemaal van de wereld zijn door drugsgebruik die mij aanvallen. Er is een steekpartij voor mijn deur. Noem het maar op. Ik vind het belang van die mensen, van die bewoners en die ondernemers boven het belang gaan van de Pauluskerk om die functie door te kunnen zetten. Nogmaals, voor de rest hebben we de argumenten gewisseld: voor mensen die recht hebben op opvang moet in Rotterdam plaats zijn, maar de huidige functie op de huidige locatie van de huidige Pauluskerk kan niet doorgaan. De VOORZITTER: Mevrouw Van Groningen. De publieke tribune mag nooit klappen, dan mag de raadszaal dat ook niet doen. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd): Voorzitter, dank u wel. Ik vind het ook, net zoals u, echt verschrikkelijk. Ik vind het schrijnend. Ik vind het walgelijk dat mensen zover gaan dat ze dit soort dingen doen in de openbare ruimte, dat onze ondernemers er last van hebben, dat mensen achtervolgd worden naar hun huis. Ik ken ook alle verhalen en mijn hart is ook echt bij deze mensen. Dus ja, ik ben helemaal aan uw zijde als u zegt: we moeten dit aanpakken op een goede manier.
Alleen mijn kritische punt is dat ik niet zie, als we nu de deuren zouden sluiten vandaag, dat we dan het probleem oplossen. Dus ik heb liever dat we nadenken over een duurzame langetermijnoplossing voor een goede locatie voor de Pauluskerk, die we, volgens mij, allemaal willen, in plaats van morgen die deuren te sluiten. Dan ga ik liever met het college het goede gesprek aan hoe we de overlast nu kunnen aanpakken op een serieuze constructieve manier, dan de deuren nu te sluiten. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, er is een essentieel punt waar mevrouw Van Groningen aan voorbijgaat. Dat is het gegeven dat de Pauluskerk mensen naar Rotterdam trekt die anders niet in Rotterdam geweest zouden zijn. Dus u maakt een denkfout als u zegt: als nu de boel dichtgaat, gaan daar allemaal mensen rondhangen. Nee, mensen zijn daar omdat die deur op dit moment open is. Dat is de oorzaak van de overlast, dat is waar het fout gaat en dat is waar u een denkfout maakt. Waarbij ik wel wil aantekenen dat ik het goed vind dat de VVD in ieder geval een stap in onze richting gekomen is de afgelopen maanden.
raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2170
De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, ik vind het een beetje een kansloos verhaal om weer een nieuwe zondebok te zoeken waar we tegen kunnen slaan. De Pauluskerk doet hartstikke goed werk in de stad en het voelt een beetje als het strafbaar stellen van het helpen van mensen in nood. De Pauluskerk probeert mensen in nood te helpen. En wat gaan we doen? We gaan de Pauluskerk straffen omdat ze goed werk verrichten. Ik heb afgelopen weken ook met Rotterdammers gesproken. Weet je waar ze zich ernstig zorgen over maken? Wat als de Pauluskerk er niet meer is? Wat gebeurt er dan? Dat is het echte punt. Deze mensen gaan niet weg uit onze stad, ze zijn er, ze zullen er zijn en het is schrijnend om te weten dat deze mensen op dit moment geen plek hebben, binnen, om te slapen. Het is goed dat de Pauluskerk een hand uitsteekt en deze mensen helpt. Door de Pauluskerk, wat überhaupt niet eens kan, door niet eens eerlijk te zijn in uw verhaal dat de Pauluskerk niet ergens anders naartoe kan, omdat wij als gemeente daar niet over gaan, door te doen alsof we ze kunnen dwingen ergens anders naartoe te gaan, gaan die mensen niet weg. Deze mensen zijn in Rotterdam, het zijn ook Rotterdammers waar we voor moeten zorgen. Waar we voor moeten zorgen en waardoor de overlast niet in één keer weggaat door te zeggen dat de Pauluskerk zijn werk niet meer kan doen.
Ik vind het lijken op wat er nu in Den Haag gebeurt, namelijk het strafbaar stellen van het helpen van mensen in nood. Dat is echt heel erg fout. De VOORZITTER: De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Ik heb geen vraag gehoord, alleen een verschil van inzicht. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, wat Leefbaar Rotterdam doet, is de schuld leggen bij mensen die hiernaartoe worden gehaald omdat Rotterdam een magneet is. Wij hebben hier arbeidsmigranten nodig. We hebben 6000 vacatures in de haven. Die mensen komen hier om te werken, worden vervolgens uitgekotst bij het bedrijf waar ze zitten, omdat ze niet kunnen doen wat ze beoogd waren te doen en dan zijn ze hier op straat. Omdat wij als gemeente vervolgens niet onze taak invullen, want u kijkt weg van de gemeentelijke taak, springt de Pauluskerk in het gat. Daar mogen we blij om zijn, want die mensen slapen op straat, die hebben geen plek om naartoe te gaan. Wij moeten daar alles aan doen. De Pauluskerk springt in het gat en daar moeten we blij om zijn. Ten tweede: de Pauluskerk is eigendom van het pand, is eigendom van de grond. Dus ik vind het ook belachelijk dat er op deze manier naar die partij wordt gewezen. Een partner waar we trots op zouden mogen zijn. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, 2 redenen.
Een café waar structureel een bedreiging voor de openbare orde vanuit gaat, is ook eigenaar van de eigen grond van het eigen pand. Dat is nooit een belemmering om een café te sluiten op het moment dat dat een onaanvaardbare druk op de omgeving legt qua onveiligheid. Voor de Pauluskerk geldt precies hetzelfde. Vanuit dat pand worden activiteiten verricht die leiden tot een onaanvaardbare druk, tot onaanvaardbare overlast in de directe omgeving. En 2, u zegt: omdat de gemeente zijn verantwoordelijkheid niet neemt en u koppelt daaraan arbeidsmigranten. Als deze gemeente iets wel gedaan heeft, is het een verantwoordelijkheid genomen. Er is een hele nieuwe opvang uit de grond gestampt bij de Volkelstraat voor arbeidsmigranten die niet rechthebbend zijn, die aan lagerwal zijn geraakt. Ik deel voor een deel ook nog uw analyse dat er soms schofterig met arbeidsmigranten wordt omgegaan, dat mensen hier naartoe worden gehaald voor een habbekrats, worden uitgebuit en daarna als een hond de straat op geschopt worden. Daar zijn we het niet over oneens. Dat is een schande. Maar wat wij gedaan hebben, is voor mensen die aan lagerwal zijn geraakt die opvang openen, waar mensen naartoe kunnen, waar ze kunnen werken aan het afkicken van hun verslavingsproblematiek, waar ze kunnen worden begeleid naar terugkeer naar werk of raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2171
naar het land van herkomst. Dat is je verantwoordelijkheid nemen. Wat de Pauluskerk doet, is een magneet vormen op mensen die anders niet in Rotterdam zouden zijn geweest. Het is ook een farce dat u beweert dat daar mensen komen, arbeidsmigranten, die nergens anders terechtkunnen. Die kunnen in de Volkelstraat terecht, mevrouw. De VOORZITTER: Mijnheer Coşkun heeft ook een vraag. De heer COŞKUN (sp): De heer Ceulemans beschreef net wat de Pauluskerk doet: mensen begeleiden, opvangen en kijken of ze ergens anders niet beter terechtkunnen et cetera. Dat is precies wat de Pauluskerk doet, maar ik vroeg me af of u wel eens buiten Rotterdam komt. Bent u wel eens in Berlijn geweest of Kopenhagen of Parijs of Barcelona? Hebt u daar ook die dakloze mensen gezien net als hier en denkt u dat daar een Pauluskerk staat? De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, ik ben een man van de wereld, ik ben in alle 4 de steden geweest die u opnoemt. Welke vergelijking u verder maakt, is mij niet helemaal duidelijk. Volgens mij probeert u te zeggen: daar zijn ook daklozen en daar is geen Pauluskerk. Het punt is dat er hier extra daklozen zijn omdat de Pauluskerk er is. We hebben de verhalen gehoord, omdat er mensen van het station komen met het adres van de Pauluskerk in hun zak. Dat zijn mensen die anders helemaal niet in Rotterdam geweest waren. Dat is het punt. De VOORZITTER: Mijnheer Coşkun.
De heer COŞKUN (sp): Hoeveel mensen denkt u dat er met dat adres zo van het station hiernaartoe komen? Dat is een fabeltje dat al heel lang verteld wordt, maar de mensen die in de Pauluskerk terecht komen, zijn om allerlei redenen, al dan niet Rotterdam geboren, al dan niet van buiten, al dan niet via via. Ze krijgen daar een kop koffie en een luisterend oor en nog zowat. Dat is niet meer dan menselijk, omdat de gemeente dat niet doet, omdat er in Rotterdam geen welkomhuis is, zoals in Stockholm of zo. Daarom doet de Pauluskerk wat de gemeente nalaat. Maar in al die andere steden is geen Pauluskerk. Die aanzuigende werking komt door het centrum van een grote stad in Europa. De heer CEULEMANS (lr): Er wordt nu de hele tijd een beeld opgeworpen, mevrouw de voorzitter, alsof de Pauluskerk allemaal functies bekleedt en dat dat noodgedwongen is omdat er door de gemeente niets gedaan wordt. Voor Rotterdamse rechthebbende daklozen is opvang beschikbaar. Daar is de Pauluskerk niet voor nodig. Voor MOE-landers hebben wij notabene het gat zelf opgevuld, voor aan lagerwal geraakte arbeidsmigranten. Daar was geen voorziening voor, daar is de opvang aan de Volkelstraat voor in het leven geroepen. Dus daar is de Pauluskerk ook niet voor nodig.
Dan is de enige groep die overblijft, daar verschillen u en ik politiek over van mening, is dat u vindt dat er ook illegalen moeten worden opgevangen, terwijl wij zeggen: nee, geen gesubsidieerde opvang voor illegalen, maar terug naar het land van herkomst. Dat is het verschil. Dat is de groep waar u het voor op wil nemen. Ik wil het opnemen voor die Rotterdammers in het centrum die gebukt gaan onder ongekende overlast die er voor een deel niet geweest zou zijn als de Pauluskerk niet deze activiteiten ontplooide. Dan kan ik verder, denk ik. Waar was ik gebleven? Voorzitter, als het gaat om het stoppen van de toestroom van kansarmen, dan moeten we tot slot ook verder dan migratie kijken. Dan heb ik het natuurlijk over de Rotterdamwet. De wet die door het eerste Leefbaar college werd ingevoerd en waarmee de gemeente kon sturen op de vraag wie zich wel en niet in onze wijken mag vestigen. Het vorige college heeft de kapitale fout begaan om een cruciaal onderdeel eruit te slopen: artikel 8, de zogeheten inkomenseis. Leefbaar Rotterdam wil dit instrument terug, het mag bekend zijn, en gaat zich hier de komende periode hard voor maken. Het toelaten van nieuwe kansarme en werkloze inwoners van buiten is immers op geen enkele manier in het belang van onze stad en onze eigen inwoners. Wie anders beweert, vraag ik om 1 voordeel te noemen. Het blijft stil en dat zegt genoeg.
Voorzitter, ik zei het al: naast de toestroom van buiten is asociaal gedrag en het raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2172
toenemende gevoel van wetteloosheid de grootste bedreiging voor de leefbaarheid in onze stad. Ergernis nummer 1 voor veel Rotterdammers, jongeren, zoals dat dan eufemistisch heet, die vrouwen lastigvallen op straat, rondhangen in winkelcentra op zoek naar rottigheid, poortjes intrappen op het station, agenten en handhavers uitlachen en maar 1 kwaliteit in het leven hebben: anderen het bloed onder de nagels vandaan halen. Die als prinsjes vanaf hun fatbike op nette mensen neerkijken met een blik van: niemand maakt mij wat. Wat vaak helaas nog waar is ook, aangezien burgers weten dat een opmerking over hun gedrag op zijn minst beantwoord wordt met een scheldkanonnade en omdat politie en handhaving, ondanks de forse investeringen van dit college, nog altijd onderbemand zijn en bovendien ook nog eens beknot worden door regeltjes geboren uit misplaatst wantrouwen. Voorzitter, het is, wat ons betreft, tijd voor een gezagoffensief. We doen graag een eerste aanzet. Een, wijs zoveel mogelijk delen van de stad op tijdelijke basis aan als veiligheidsrisicogebied, zodat overal preventief fouilleren mogelijk wordt. Wat afgelopen zomer in Nesselande kon, moet ook elders kunnen. Twee, zet preventief fouilleren niet random, maar zo gericht mogelijk in. Tante Nel uit Pendrecht met haar rollator is echt het probleem niet.
Drie, kap met die derde waarnemer bij preventief fouilleren en stop met het opgelegde diversiteitsgedram binnen de politieorganisatie, waar op de werkvloer amper draagvlak voor is. Geen gezeur, maar gezag. Vier, gaat direct over tot het bewapenen van boa's met wapenstok en pepperspray. Aanspreken is leuk, maar de lange lat maakt toch echt meer indruk. En tot slot, 5, raak ouders die totale desinteresse tonen in hun opvoedkundige verantwoordelijkheden en waarvan hun kinderen zich structureel misdragen maar in de portemonnee. Sluit ze uit van gemeentelijke inkomensregelingen. Waarom zou de samenleving moeten opdraaien voor allerlei extraatjes voor mensen die diezelfde samenleving voortdurend tot last zijn? De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik ben in de war, want volgens mij is dit ook de initiatiefnota waar we ook nog een ander debat over hebben. Maar volgens mij is de afdronk ook van het betoog tot nu toe dat Leefbaar Rotterdam vooral mensen in onze stad tegen elkaar af wil zetten. Het zijn dakloze mensen die alle overlast veroorzaken die uit andere landen komen. Het zijn de jongeren die overlast veroorzaken.
Terwijl we het hier allemaal over Rotterdammers hebben en dat hier Leefbaar Rotterdam aan het einde van de rit opeens met allemaal offensief en veiligheidsplannen komt, ik wil Leefbaar Rotterdam vragen, in deze 4 jaar tijd dat u aan de knoppen zat, is Rotterdam er veiliger op geworden of niet? De heer CEULEMANS (lr): Dit college heeft het meeste geld uitgetrokken voor veiligheid ooit. We hebben meer dan een derde extra uitgetrokken voor veiligheid ten opzichte van uw college. We hebben gedaan als gemeente wat we konden en nee, het is nog niet genoeg. Wij willen veel meer, maar de laatste partij die mij daarop aan mag spreken, is de uwe. Want wij hebben hier 4 jaar lang doorlopend voorstellen gedaan voor meer repressie, voor meer handhaving, voor harder optreden en keer op keer stemt de PvdA tegen. Dus als er één partij is die niets mag zeggen over de onveiligheid in deze stad, dan is het uw partij. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, volgens mij is het toch echt Leefbaar Rotterdam die aan de knoppen zit. Volgens mij is het ook juist preventie wat nodig is om op duurzame manier de veiligheid in onze stad te verbeteren. Ik weet niet of u de krant heeft gelezen deze week, maar ik zie ook in 8 dagen tijd iets van 6 schietincidenten in onze stad.
Ik vind het er niet veiliger op geworden, maar zoals ik Leefbaar Rotterdam hoor: als je er maar geld tegenaan knalt, komt alles goed, daar zijn wij niet van. De heer CEULEMANS (lr): Nee hoor, helemaal. Niet alleen maar geld tegenaan knallen. Daarom zeg ik ook preventief fouilleren in de hele stad. We zien dat schietpartijen de hele raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2173
stad teisteren. Wat ons betreft is het heel reëel om op dit moment de stad aan te wijzen als een groot veiligheidsrisicogebied. Wij zeggen al jarenlang: zet de marechaussee in om de politie en handhaving te ondersteunen. Keer op keer stemt u tegen. Dus u bent alleen geloofwaardig als ik hier dadelijk moties over indien en u ervoor stemt, gaat u dat dan doen? Niet doen, dus het is terug naar de oude geitenwollen sokken aanpak en het veiligheidsprobleem op geen enkele manier serieus nemen. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, het hele betoog gaat uit van wantrouwen in onze eigen bewoners, in onze eigen jongeren, in onze eigen mensen die hier proberen een goed leven op te bouwen. Wat wij wel hebben gezien, de afgelopen periode is op dat op al die initiatieven die juist zich inzetten op preventie, op het helpen van jongeren, op het voorkomen van overlast, dat daarop is bezuinigd. Dan kunt u inderdaad allerlei repressieve middelen uit de kast trekken, met heel grote verhalen, maar feit is dat u de afgelopen 3 jaar alle initiatieven die juist in die preventiekant zaten, de nek om heeft gedraaid. Dat vind ik een heel fout verhaal voor de stad, de stad die het nodig heeft om vanuit vertrouwen met bewoners te kijken. Dat is wat GroenLinks en PvdA voor staan.
De heer CEULEMANS (lr): Ik heb ontzettend veel vertrouwen in bewoners en ik gun bewoners dat zij veilig door het winkelcentrum kunnen op zaterdagmiddag, dat zij 's avonds veilig met de metro kunnen, dat zij 's avonds veilig over straat naar hun huis kunnen. Dat zij veilig boodschappen kunnen gaan doen zonder lastiggevallen te worden. Voor die mensen kom ik op. U had net gezegd: u zet groepen tegenover elkaar. Dat doe ik inderdaad. Ik zet groepen die niet deugen weg. Die zet ik tegenover mensen die wel deugen. Wij komen op voor de mensen in deze stad die goedwillend zijn, die deugen, die er wat van willen maken met elkaar. We zien dat een kleine groep daar doorlopend afbreuk aan doet. Die dan doorlopend bezig zijn om mensen het bloed onder de nagels vandaan te halen, voor onveiligheid zorgt, voor intimidatie zorgt. Die groep wil ik keihard aanpakken, niet met preventie, dat is op die mensen totaal verspilde energie, maar met repressie. Vandaar doe ik de voorstellen die ik doe. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, resumerend. Dakloze mensen deugen niet, de Pauluskerk deugt niet, jongeren deugen niet. Dan weten we ook weer waar Leefbaar voor staat. De heer CEULEMANS (lr): Jongeren deugen enorm. Jongeren die de beest uithangen en die tuig zijn, deugen niet. Van daklozen heb ik niet gezegd dat die niet deugen.
Ik heb gezegd: dakloze Rotterdammers die recht hebben op opvang moeten in de opvang. Verder hebben mensen die hier niets te zoeken hebben, hier niets te zoeken. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik wil ook nog een specifiek punt uit de initiatiefnota aanhalen. Punt 5 gaat erover dat ouders die opvoedkundige uitdagingen hebben, die jongeren en kinderen hebben die op straat onzin uithalen, die worden afgesloten van inkomensregelingen. Ik ben toch wel benieuwd hoe dat op een duurzame manier de veiligheid in onze stad gaat verbeteren. Kunt u dat toelichten? De heer CEULEMANS (lr): Dat kan ik heel goed toelichten. Dit is ook een gezagoffensief. Ik vind dat we als overheid veel meer onze tanden moeten laten zien. Ik vind het niet te verkopen dat er in deze stad ouders zijn, natuurlijk kunnen je kinderen ook ontsporen zonder raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2174
dat je daar zelf iets aan doet, ondanks al je inzet. Maar er zijn in deze stad ook veel ouders die het geen bal kan schelen wat hun kinderen uitvreten, die het geen bal kan schelen dat hun kinderen 's avonds laat of 's nachts over straat gaan en iedereens leven daar aan het terroriseren zijn. Die ouders zijn er ook en ik vind het niet uit te leggen dat die bijvoorbeeld een heel dik vet jeugdtegoed krijgen, waar dat prinsje vervolgens een duur trainingspak van kan kopen dat hij vervolgens aantrekt, op zijn fatbike de stad in gaat om weer mensen te terroriseren. Dat vind ik niet uit te leggen. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik kan u verzekeren: mensen de armoede instorten, gaat de veiligheid in onze stad en de leefbaarheid in onze stad zeker niet verbeteren. Dit is een kulvoorstel. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, vroeger kwam de PvdA op voor nette hardwerkende mensen. Mensen die elke ochtend naar hun werk gingen en voor een bescheiden salaris zich elke dag aan het inspannen waren. Het is belastinggeld van die mensen waarmee wij inkomensregelingen zoals het jeugdtegoed in deze stad in het leven hebben geroepen.
Vindt u het uit te leggen aan uw kiezers dat hun geld gaat naar mensen die hun opvoedkundige verantwoordelijkheden totaal verzaken, die het geen bal kan schelen dat hun kinderen het winkelcentrum aan het terroriseren zijn, die het geen bal kan schelen dat hun kinderen zich in de metro misdragen, die het geen bal kan schelen dat hun kinderen op straat vrouwen aan het lastigvallen zijn en dat ze daar nog een lekkere, dikke, vette bonus van een paar honderd euro bovenop kunnen krijgen, zodat die kinderen ook nog eens een duur trainingspak kunnen kopen. Vindt u dat uit te leggen? De VOORZITTER: Mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, ik weet niet eens hoe ik hierop moet reageren, omdat het zo belachelijk is. De heer CEULEMANS (lr): Bevestigend. Mevrouw REITEMA (pvda): GroenLinks en PvdA staan voor solidariteit en wij geloven dat het soms in het leven tegenzit en dat je dan op een solidaire gemeente moet kunnen leunen, die naast je staat en niet tegenover je staat en alleen maar handelt vanuit wantrouwen. Dat werkt niet. Dat heeft de geschiedenis ook bewezen. De heer CEULEMANS (lr): Wij staan ook voor solidariteit, maar dan voor solidariteit van mensen met goede wil die er het beste van maken in deze stad en die zich aan onze regels houden. Ik sta niet voor solidariteit met mensen die deze stad verzieken. Dat is het verschil tussen uw partij en de mijne.
De VOORZITTER: De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Laten we het voorstel een klein beetje afpellen, mijnheer Ceulemans. Wat de heer Ceulemans zegt, is: de ouders moeten bestraft worden, dus alle regelingen die dan vanuit de gemeente worden toegekend, moeten we op korten et cetera. Stel je verdient een ton per jaar en je kind heb je niet in de hand en je doet er ook helemaal niets aan. Hoe gaan we dan om met die mensen? Of is het alleen een extra straf op mensen die al in armoede leven, wat Leefbaar Rotterdam wil? De heer CEULEMANS (lr): Nee, mensen die een ton verdienen en waarvan de kinderen zich misdragen, moeten daar ook enorm hard over worden aangesproken. Die kinderen moeten raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2175
hard gestraft worden, maar ik zoek een handvat wat mogelijk is en het handvat is: geld dat mensen van de gemeenschap krijgen, mensen die gebruik maken van gemeentelijke inkomensregelingen, zoals het jeugdtegoed, worden gespekt door de gemeenschap. Dat is een kraan die je dicht kunt draaien en dat is wat ik voorstel. De heer SOYTEKIN (denk): Dus om hem dan concreet en helder te krijgen: de rijken worden niet bestraft en de armen wel. Dat is dan het voorstel van Leefbaar Rotterdam. Het voorstel dat overigens sowieso absurd is, maar dat terzijde. De heer CEULEMANS (lr): Mijn voorstel is dat we als gemeenschap niet meer mensen spekken die diezelfde gemeenschap de hele dag aan het terroriseren is. Dat is mijn voorstel. Dan moet je dus kijken welke maatregelen je daarvoor hebt. Maatregelen die je daarvoor hebt zijn geldstromen van die gemeenschap naar mensen, dus waar die geldstromen zijn, kun je ze afknippen, waar die geldstromen niet zijn, kun je dat helaas niet doen. De VOORZITTER: De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Dus het voorstel is maar half, het absurde voorstel is maar half. Het is al een slecht voorstel en het is ook nog maar voor de helft af, omdat u zegt: de mensen die in armoede leven, die hun kind volgens u niet goed opvoeden, moeten we nog meer de armoede instorten.
De mensen die rijk zijn waarvan de kinderen ook niet deugen, volgens u, prima, daar kunnen we niets aan doen dus die laten we dan zo. Dat is dan het voorstel. De heer CEULEMANS (lr): Ik ga dezelfde vraag aan u stellen als die ik aan mevrouw Reitema stelde. De achterban van DENK, mensen die daar met hun gezinnetje wonen en die werken en die elke maand moeite hebben om het einde van de maand te halen, maar het lukt net. Die betalen gemeentelijke belastingen. Van die gemeentelijke belastingen, die pot die we met elkaar opbrengen, bestaan inkomensregelingen. Die worden vervolgens verstrekt aan andere mensen. Vindt u het aan uw kiezers, die hard werken en die belasting betalen, uit te leggen dat hun belastinggeld bij honderden euro's per persoon gaat naar mensen die voor de hele gemeenschap niet alleen niets terugdoen, maar die de hele gemeenschap ook nog eens tot last zijn, die de kinderen van dat gezin dat op DENK stemt in de metro lastigvallen, die de kinderen van dat gezin dat op DENK stemt op de sportverenigingen of in het winkelcentrum lastigvallen. Vindt u dat uit te leggen? Ja of nee. De VOORZITTER: Mijnheer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Die kiezers die op DENK stemmen, hebben helemaal niets aan dit voorstel waar u nu mee komt.
De kiezers van DENK hebben iets aan een voorstel waarbij ze zich veilig voelen op het moment dat repressie en preventieve maatregelen hand in hand gaan, dat we zo de stad gaan besturen. Niet met dit soort rare voorstellen die helemaal niets gaan opleveren. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, nog één vraag. Kennelijk acht Leefbaar Rotterdam zichzelf in staat om ouders die hun kinderen slecht opvoeden te beoordelen. Ik hoor hier een opvoedpolitie. Dat lijkt mij niet de kant die we uit moeten. Ik zou ook wel willen weten van de heer Ceulemans hoe die dat dan gaat meten. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, dat is vrij eenvoudig vast te stellen. Er zijn probleemjongeren in deze stad waar hele trajecten mee lopen, waar ouders bij betrokken zijn, ouders die met gesprekken op school zijn, die bij HALT zijn, noem maar op. Er is heel duidelijk aan te tonen of ouders inzien dat hun kinderen zich niet goed gedragen, die eraan raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2176
bijdragen om dat te proberen te verbeteren en er zijn ouders die de deur dichthouden voor instanties wanneer die aankloppen van uw kind misdraagt zich. Die politieagenten nota bene een grote bek geven als die kinderen op het politiebureau opgehaald moeten worden. Dat verschil is hartstikke goed te maken. Wij willen deze stad opdelen in mensen die deugen en in mensen die niet willen deugen. De mensen die niet willen deugen, mogen niet langer aan het infuus liggen van de mensen die wel deugen. Volgens mij is het heel helder zo. Dan ga ik over, voorzitter, naar Overschie. De VOORZITTER: De heer Dekkers heeft nog een vraag. De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dank u wel. Het klinkt een beetje als een woordspraak vanuit George Orwell, moet u maar eens opzoeken. Waar ik het graag over wil hebben, is over problemen oplossen. Daar merk ik dat we elkaar niet vinden. Dus we hebben problemen in de stad, we hebben een Pauluskerk die instapt, die lost problemen op, die willen we sluiten. Hier hebben we ook problemen met de stad. Wat gaan we mensen doen, mensen misschien wel die in armoede zitten, de problemen nog groter maken. Het is dus in plaats van populistische voorstellen neer te leggen, zou ik echt graag het gesprek willen hebben over dingen oplossen. Dat mis ik echt volledig.
De heer CEULEMANS (lr): Wat wij willen, is het gezag in deze stad herstellen en het gezag leidt enorm afbreuk op het moment dat mensen die dat gezag tarten, die zorgen voor onveiligheid, die zorgen voor een onleefbare omgeving, wel lekker gebruik kunnen maken van allemaal extraatjes van de gemeenschap die ze zelf tot last zijn. Dat vind ik niet uit te leggen. Het feit dat u het allemaal niet met mij eens bent, verbaast me niets, maar het stelt me wel teleur. Dan ga ik naar Overschie, voorzitter. De dreigende sluiting van het zwembad is heel begrijpelijk een grote bron van zorg daar in de wijk. Dit is een kwestie die momenteel in het hele land speelt en we zien dat diverse provincies momenteel dispensatie verlenen aan gemeenten waar zwembaden dreigen te sluiten. Wij dienen daarom dadelijk, ik zal het ook aan het einde doen, een motie in die de wethouder oproept om met de provincie Zuid-Holland in gesprek te gaan om dispensatie te verkrijgen voor het zwembad in Overschie. Daarnaast weten we dat in 2022 investeringen in onderhoud zijn gedaan, waardoor het zwembad in ieder geval tot en met 2026 gebruikt kan worden. De tijd die we met de dispensatie kunnen winnen, kunnen we vervolgens gebruiken om te bekijken wat er echt nodig is om het zwembad veilig open te kunnen houden tot het moment dat het daadwerkelijk opgeleverd moet worden voor de nieuwbouw.
De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik ben blij te horen dat Leefbaar Rotterdam het zwembad ook open wil houden. Wat wij wel hebben gelezen, is dat er dan natuurlijk nog wat geld nodig is om hem langer open te houden. Daarom hebben wij een amendement ingediend om daar dekking voor te regelen. Wil Leefbaar Rotterdam daar dan ook steun aan verlenen? De VOORZITTER: De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Nee, omdat het waarschijnlijk niet nodig is, is onze inschatting. Want als we gaan kijken naar de kosten, 5,5 ton heeft u in het amendement staan. Dat is opgebouwd uit 3 ton eigentijdse wet- en regelgevingskosten. Dat zijn de kosten waarvan wij denken: daar kan de provincie dispensatie voor verlenen, omdat we dat in andere delen van het land ook zien gebeuren. Dan is er nog 2,5 ton voor onderhoudskosten, maar we hebben nog een oud rapport liggen van wethouder Eskes uit 2022 waarin zij zegt: met de bijna 2 ton die destijds is geïnvesteerd, kan het zwembad in ieder geval veilig gebruikt worden tot en met 2026. Dus wij zeggen: die 3 ton kan dispensatie voorkomen, dat zijn die eigentijdse weten regelgevingskosten, die zijn wat ons betreft niet nodig en die 2,5 ton hoeft niet 2,5 ton te raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2177
zijn. Er is al geïnvesteerd, het kan gebruikt worden tot en met 2026. Dus de tijd die we winnen willen wij gebruiken om te kijken: wat is er nou echt nodig om het zwembad veilig open te houden tot het moment dat het vervangen wordt? De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, ik vind het wel bijzonder, want dit is een heel ander verhaal dan het college ons heeft verteld. Wij hebben hier stevig op doorgevraagd aan verschillende wethouders: de wethouder die gaat over het pand zelf en de wethouder die gaat over sport. Die zeggen: zonder die investering van 5,5 ton kunnen we het niet openhouden. Dus ik denk dat die dekking wel nodig is. Ik ben het ook met u eens dat die ontheffing van de provincie nodig is om dat dan langer te doen. Daar vinden we elkaar. Maar ik denk dat je dus nog steeds wel die investering nodig hebt om het zwembad langer open te houden. Als dat niet zo is, ben ik ook blij, want dan kan ik dat geld ergens anders aan besteden. Maar ik vind het wel een heel ander verhaal dan ik van het college heb vernomen. Graag hoor ik van u: heeft u andere informatie? Waarom ligt die dan niet op tafel? Of 2, maakt u een andere afweging? Dat kan natuurlijk ook. De VOORZITTER: Mijnheer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Onze afweging is dat het nu nodig is om zo snel mogelijk naar de provincie Zuid-Holland te gaan om die dispensatie te vragen.
Dat is ook niet iets raars, volgens mij, wat we dan vragen. U zegt terecht ook: dat gebeurt in andere delen van het land ook, waarom zou dat niet hier kunnen? Twee, wij willen daarna vervolgens in kaart gebracht krijgen, middels een onderzoek, wat er nu echt concreet nodig is om dat zwembad tot aan het moment dat het moet worden opgeleverd voor de nieuwbouw veilig te kunnen blijven gebruiken. Dat is ons voorstel. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, dit is dus weer in de trant van een onderzoek om geld te vinden, net zoals we al eerder hebben gezien met de LVV. Het college heeft gezegd: er is die 5,5 ton nodig, daar verschillen wij dan op dit moment nog van mening, tenzij er andere informatie over de tafel komt waar ik dan wel heel nieuwsgierig naar ben. Dus dan zou ik toch vragen om in elk geval ook ons amendement mee te wegen. Anders is het een beetje een sigaar uit eigen doos. De heer CEULEMANS (lr): Die 5,5 ton bestaat uit twee componenten waarvan een deel, die lobby richting de provincie of althans het verzoek bij de provincie voor dispensatie, al een heleboel zou oplossen. Dat is om te voldoen aan eigentijdse nieuwe regelgeving. Daar kan die dispensatie voor komen. Dan is er nog een stuk onderhoud, dat een onderdeel van die 5,5 ton omvat.
Daarvan heeft wethouder Eskes gezegd: met wat er in 2022 is geïnvesteerd, kan het zwembad openblijven tot en met 2026. Die tijd winnen we dus. We willen vervolgens kijken: wat is er dan nog echt nodig voor het resterende openblijven van het zwembad qua investering in veiligheid, want dat het veilig moet gebeuren, ben ik ook helemaal met het college eens. We kunnen niet hier als gemeente zeggen: laat het maar gaan en we zien wel of er een plafond naar beneden komt. Dat moet goed in kaart worden gebracht. De VOORZITTER: Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl): Voorzitter, vindt u dat dan niet een motie van wantrouwen naar uw eigen college? Als u nu terug moet grijpen op een rapport uit 2018 wat dus de hele tijd op tafel heeft gelegen bij het college, waar wij nu 2 commissievergaderingen lang spreektijd aan hebben moeten besteden om met 2 wethouders uit te vragen: jongens, heel raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2178
Overschie staat ten hoop, we moeten dat zwembad openhouden. Dat u nu zegt: dit college heeft het volledig over het hoofd gezien, het is allemaal niet nodig. Leefbaar weet het wel, alleen de hele raad en het hele college weet het nog niet. Dat vind ik toch een beetje een apart verhaal. Die kritiek naar het college moet u dan wel iets stevig onderbouwen, want ik vind het raar. Zij hebben dat rapport uit 2018 ook gehad. U maakt nu een heel andere inschatting dan het college. De heer CEULEMANS (lr): In de eerste plaats moet ik helemaal niets. Ik heb geen kritiek op het college in dezen. Ik heb een standpunt namens Leefbaar Rotterdam. Mijn standpunt is dat we naar de provincie moeten gaan, dat we daar om dispensatie moeten vragen en vervolgens in kaart moeten brengen: wat is er nou echt nodig om dat zwembad veilig open te houden? Ik vind het ook een beetje een vreemde interruptie van u, want het ene moment vindt u dat we helemaal niet dualistisch zijn en dat alles afgekaart is. Nu doe ik hier een voorstel en dan zegt u: hoe kunt u dit nou doen, want het college zei in de commissie iets anders. Wat is het nou? De VOORZITTER: De heer Vonk. De heer VONK (cu): Voorzitter, dank u wel. Ik heb nog een aanvullende vraag.
Wij vinden elkaar echt absoluut op dit punt, dus na dit hele eerste betoog over dat guur rechtse beleid, wat ik maar heb laten lopen, wat overigens een perfecte vertolking is geweest van het beleid de afgelopen tijd van de coalitie en het college. Complimenten daarvoor. Zo guur rechts was het inderdaad. Maar nu eindelijk een wat sympathiek en opbouwend punt, met steun inderdaad van DENK en D66, precies. Nu een opbouwend punt: het zwembad. Gaan wij nu straks inderdaad deze zaal verlaten en de bewoners van Overschie vertellen: mensen, we hebben vandaag bereikt dat we naar de provincie gaan. Is dat het eindpunt? Ik zou willen kijken en verkennen met u of we nog een stapje verder kunnen gaan. Er is natuurlijk een grote kans dat de provincie gaat zeggen: dat gaan we niet doen. Kunnen we dan toch nog een stap met elkaar zetten en zeggen: wat er ook gebeurt, wij gaan er wel voor zorgen dat dat zwembad in ieder geval openblijft. Zo gaan wij vandaag dus deze raadszaal uit en gaan wij naar Overschie. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, het vertrouwen in de politiek is al heel erg laag en wat ik niet wil is aan de voorkant keiharde beloftes doen, terwijl er een ander voorstel op dit moment op tafel ligt. Ik ga niet mensen nu blij maken met dat iets gegarandeerd geregeld is, dat ga ik niet doen. Dat vind ik van mezelf ook niet fair richting die wijk.
Wat ik wel doe, is dat ik zeg dat wij een uiterste poging doen en dat we zien dat in verschillende delen van het land provincies dispensatie verlenen. Dat ik geen enkele reden zou zien waarom daar hier geen sprake van zou kunnen zijn. Dat is een. Twee, dat we willen gaan kijken: wat is er nu echt nodig om dat zwembad veilig tot het moment van opleveren open te houden, waar waarschijnlijk een relatief laag bedrag voor nodig is, omdat er al in 2022, meen ik, investeringen zijn gedaan, waardoor het tot en met 2026 gebruikt kan worden. Dat wil ik in kaart brengen. Op het moment dat we die informatie hebben, kunnen we daar een definitief besluit over nemen. Maar deze motie is uiteraard wel bedoeld, omdat wij vinden dat het zwembad niet moet sluiten. De VOORZITTER: Mijnheer Vonk. De heer VONK (cu): Nogmaals, die dispensatie moeten we doen, maar we kunnen ons niet overleveren aan de grillen van een provincie. Dus kunnen we toch een stap zetten en zeggen: we brengen het in kaart en vervolgens gaan we ervoor zorgen, op zo'n begroting van 5,1 miljard is dat echt niet de wereld, gaan we er in ieder geval voor zorgen dat deze mensen daar kunnen blijven zwemmen.
raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2179
De heer CEULEMANS (lr): Waar de heer Vonk en ik dan van mening over verschillen, is dat hij bij voorbaat zegt: je moet het niet eens proberen en je moet zelf nu al de knip trekken met tonnen, terwijl we in de rest van het land zien dat dat misschien helemaal niet nodig is. In de rest van het land zijn provincies dispensatie aan het verlenen. Dus ik zou deze stap overslaan, heel onverstandig vinden en geen goede manier van omgaan met belastinggeld. De heer VONK (cu): Tot slot, voorzitter. Wat mijn ideale scenario is, is dat we zeggen: we gaan alvast die middelen met elkaar reserveren. Dat kan ook. Dat laat het amendement zien. Mocht er inderdaad die dispensatie komen, daar teken ik ook graag op mee, dan is een deel van het bedrag niet nodig. Dan hebben we een meevaller die we straks weer kunnen uitgeven, bijvoorbeeld om het nationaal vuurwerk in 2027 te gaan financieren. De heer CEULEMANS (lr): U noemt maar een dwarsstraat. Nee, dit is de motie hoe ik hem indien. U kunt er straks voorstemmen, als u dat wilt. Voorzitter, dan ga ik langzaamaan, maar nog niet helemaal, richting een afronding. Rotterdam blijft een geweldige stad met een ongekend potentieel.
Wij zijn trots op deze stad en doen alle voorstellen die wij doen, of u het er nou mee eens bent of niet, in de absolute overtuiging dat ze Rotterdam een betere, veiligere en prettigere stad maken voor iedereen van goede wil, ongeacht afkomst. Dat is waar wij voor staan. Een stad waar de belangen van onze eigen inwoners centraal staan, waar iedereen zijn steentje bijdraagt. Een stad waar iedereen veilig over straat kan, waar vrouwen niet hoeven te piekeren over de route die ze 's avonds naar huis nemen en waar mannen hand in hand over straat kunnen zonder uitgescholden te worden. Een kleine, benaderbare overheid en een gemeente die lasten en regels voor burgers en ondernemers tot een minimum beperkt. Een stad waar we vakmanschap vieren, waar we trots zijn op onze haven en deze koesteren als economische motor die bij duizenden Rotterdamse gezinnen voor brood op de plank zorgt. Waar iedere geboren Rotterdammer, Hoekenees, Rozenburger, Pernisser en Hoogvlieter zijn hele leven kan blijven wonen en een gezin kan stichten, omdat we onze eigen mensen voorrang geven op sociale huurwoningen en bouwen voor de middenklasse. Een stad die met warmte zorgt voor je opa en oma, in ruil voor wat zij voor de stad hebben betekend.
Een stad ook waarin we staan voor onze cultuur, identiteit, tradities, geschiedenis en vrijheden en waarin we niet buigen voor pogingen om deze verdacht te maken of te besmeuren. Een gemeente waarin het verenigingsleven floreert, waar alle lagen van de bevolking in de kantine met een biertje op de week terugkijken. Kortom, een Rotterdam voor de gewone Rotterdammer die iedere dag opstaat om er het beste van te maken, die soms best kritiek heeft, maar die bij het binnenrijden van de stad toch iedere keer weer denkt: hier ben ik thuis. Het is dat Rotterdam waarvoor wij in 2022 tot het stadsbestuur zijn toegetreden. We hebben onze nek uitgestoken. We kozen niet voor de weg van de minste weerstand, maar zijn in zee gegaan met politieke tegenpolen om het maximale te kunnen doen voor onze kiezers. Natuurlijk is niet alles perfect gegaan. Ook wij zullen best fouten gemaakt hebben, ik zie al bevestigende blikken, maar we zijn trots op wat we de afgelopen 4 jaar bereikt hebben. Want uiteindelijk maakte Rotterdam maar één ding het verschil: Leefbaar Rotterdam wel of Leefbaar Rotterdam niet in het college. Want zonder Leefbaar Rotterdam hadden we in deze stad niet het strengste asielbeleid van Nederland gehad. Hadden onze eigen wijk- en dorpsbewoners geen maximale voorrang op sociale huurwoningen gekregen.
Waren woningbezitters uitgemolken door de grijpgrage socialistische handjes van de PvdA en hadden ondernemers als pinautomaat gediend. Zonder Leefbaar Rotterdam hadden ouderen in deze gemeente moeten betalen voor het openbaar vervoer, hadden veel sociale huurders nog altijd zonder perspectief in een vieze en ongezonde schimmelwoning gezeten. Was het recreatieoord Hoek van Holland niet in handen van de bewoners gekomen en zonder Leefbaar Rotterdam was het niet het meeste geld ooit voor veiligheid uitgetrokken. Het is duidelijk, voorzitter: het gaat ergens om in maart. Dan rond ik helemaal af. In februari volgt bij het verantwoordingsdebat nog een allerlaatste terugblik. Maar tegen die tijd kunt u de degens kruisen met mijn opvolger. Ik zal daar dan niet meer bij zijn. Daarom nu, aan het einde van mijn betoog over de laatste raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2180
begroting van dit college, een korte persoonlijke noot richting onze coalitiepartners VVD, D66 en DENK: Dieke, Agnes en Serkan. Ik wil u oprecht bedanken voor de samenwerking de afgelopen jaren. Onze partijen verschillen enorm en we waren het vaak niet eens, maar dat had juist iets heel verfrissends. Afspraak is afspraak en verder geen vruchteloze pogingen om elkaar van ons gelijk te overtuigen. Ik denk dat er niet eerder een coalitie is geweest waarin partijen zo open en bloot konden clashen, zonder dat het voor de persoonlijke verhoudingen gevolgen had. We zijn daar volwassen en altijd in een goede sfeer mee omgegaan. Heel soms konden we elkaar wel achter het behang plakken, maar dat duurde doorgaans maar een paar minuten, als ik tenminste de volgende dag niet een boos persbericht stuurde, maar dat terzijde. De komende weken zal de campagne losbarsten en zullen we de verschillen tussen onze partijen stevig gaan benadrukken. Dat is alleen maar goed, want de Rotterdammer moet zien dat er iets te kiezen valt. Maar hoe we het ook moge aflopen, ik heb de samenwerking enorm gewaardeerd. Dank. Tot zover, voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel, mijnheer Ceulemans. Wij mogen alvast een beetje vooruitlopen door u een heel goede tijd in de Tweede Kamer toe te wensen. U wordt morgen beëdigd, als alles goed gaat, volgens mij.
Als u al uw papieren ook bij elkaar houdt, dat is altijd wel een goede voorwaarde. Maar u neemt nog geen afscheid, toch? Die indruk kregen we toch een klein beetje, maar we gaan echt nog een volwaardig afscheid nemen als het zover is. In ieder geval heel veel geluk en wijsheid toch gewenst in de Tweede Kamer. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, dank voor die woorden. Dat afscheid moeten we nog bezien. Ik heb het altijd een beetje ongemakkelijk gevonden dat mensen die tussentijds afscheid nemen heel veel aandacht krijgen, terwijl als je netjes de rit uitzit, dat het een beetje lopende bandwerk is. Ik ga proberen daar onderuit te komen, maar toch bedankt voor uw woorden. De VOORZITTER: U hebt uw moment nu al een klein beetje gehad, mijnheer Colemans, die heeft u zelf opgeworpen. Het is subtiel. De VOORZITTER: De heer Ceulemans heeft de volgende moties ingediend. Motie 3.
Strakkere handhaving bedelverbod De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 11 en 13 november ter bespreking van de begroting 2026; constaterende dat: - bedelarij op grond van artikel 2:65 van de APV verboden is in Rotterdam; - er desondanks sprake is van een ernstige toename van bedelarij; - dit tevens veelvuldig plaatsvindt op drukke verkeerskruispunten; - dit de veiligheid van zowel verkeersgebruikers als van de bedelaars in gevaar brengt; overwegende dat: - achter bedelpraktijken in Rotterdam vaak rondtrekkende criminele netwerken verborgen gaan; - de toename van bedelarij afbreuk doet aan de leefbaarheid van onze wijken; - het strak handhaven van het bedelverbod de aanzuigende werking zal laten afnemen; - de APV er is om gehandhaafd te worden; verzoekt het college: - het bedelverbod strikter te handhaven;
raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2181
-
hierbij prioriteit te geven aan bedelarij op en rond de bekende drukke verkeerskruispunten; het bedelverbod nadrukkelijker onder de aandacht te brengen in de openbare ruimte; de raad te informeren over de vorderingen;
en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. S. Ceulemans Motie 4. Zwembad Overschie: overbruggen, niet afsluiten “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 11, 12 en 13 november ter bespreking van de Begroting 2026; constaterende dat: - Zwembad Overschie volgens het besluit van het Sportbedrijf Rotterdam per 1 januari 2026 de deuren zal sluiten; - het inspectierapport van Smits van Burgst (2022) aangaf dat het zwembad technisch open kon blijven tot en mét 2026, mits in 2022 de benodigde investering werd gedaan; - er in 2022 195.000 euro is geïnvesteerd voor het vervangen van verwarmingsketels, het vervangen van waterleidingen, het vervangen van de warmteopwekking, het verbeteren van de luchtkwaliteit, het aanpassen van de zwembadinstallaties, aanpassingen aan het elektrawerk en bouwkundige aanpassingen aan de stalen kolommen en het plafond; - inmiddels duidelijk is dat de nieuwbouw van het sportcomplex met zwembad pas in 2028 start en naar verwachting rond 2030 wordt opgeleverd; - wethouder Eskes in 2022 heeft aangegeven dat sluiting van het huidige zwembad zou leiden tot "ongewenste reisbewegingen en een afname van sportparticipatie"; - de provincie Zuid-Holland bevoegd gezag is voor toezicht en dispensatie op het zwemwater, waarbij de eerdere dispensatie liep tot 1 januari 2026; overwegende dat: - de maatschappelijke waarde van het zwembad voor Overschie groot
is, zeker voor ouderen, vrouwen, kinderen en sportverenigingen; - het maatschappelijk en sportief ongewenst is dat Overschie meerdere jaren zonder zwembad komt te zitten; - er- nu er concreet zicht is op nieuwbouw- ruimte zou moeten zijn voor een tijdelijke verlenging van de dispensatie door de provincie Zuid-Holland; verzoekt het college: - een aanvullend onafhankelijk onderzoek te laten uitvoeren naar de technische, financiële en veiligheidsmatige mogelijkheden om Zwembad Overschie open te houden tot aan de start van de nieuwbouw; - in overleg te treden met de provincie Zuid-Holland om te onderzoeken of en onder welke voorwaarden dispensatie of uitstel van handhaving mogelijk is, tot de sloop en start nieuwbouw van het zwembad in 2028; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. M. Crielaard De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen.
raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2182
De VOORZITTER: Ik kijk naar de klok. Het is net 12.30 geweest. Ik stel voor dat we toch nu maar de lunch gaan doen, anders moet je halverwege weer een debat onderbreken. Wij schorsen voor anderhalf uur. Dat heeft er ook mee te maken dat wij als college nog een college hebben, vandaar dat we de tijd nodig hebben om wel de zaken te doen. Ik stel voor dat wij om 14.00 uur hier weer terugkomen. Ik schors de vergadering tot 14.00 uur. (De vergadering is geschorst.)
raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2183
raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2184
Notulen raadsvergadering Notulen van de raadsvergadering van 11 november 2025 Notulen van de raadsvergadering van 11 november 2025 (middagzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 16 Voorzitter: mevrouw drs. C.J. Schouten Voor de presentielijst van deze vergadering wordt verwezen naar de ochtendzitting van deze vergadering Namens het college zijn tegenwoordig: de heer R.A.C.J. Simons, de heer B.J. van Rij, de heer T.B. Versnel en de heer F. Achbar Griffier: mevrouw I.C.M. Broeders Heropening 6.1
Debat over de concept- begroting voor 2026 en de daarbij behorende voorstellen zoals genoemd onder 6.2 tot en met 6.4. (vervolg)
De VOORZITTER: Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het begrotingsdebat. Wij zijn gebleven bij mevrouw Reitema. De heer VAN DER VELDEN (pvdd): Voorzitter. De VOORZITTER: De heer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd): Ik heb een vraag. Ik begrijp niet zo goed waarom we nu 2 uur geschorst hebben. Wie heeft die schorsing aangevraagd en waarom? Het is mij totaal onduidelijk waarom we nu 2 uur hebben geschorst. De VOORZITTER: Er was nog overleg met de coalitiefracties. Die hadden nog even wat tijd nodig. De heer VAN DER VELDEN (pvdd): Maar wie heeft dan de schorsing aangevraagd? Het college kan geen schorsing aanvragen, het college is te gast in de gemeenteraad. Dus ik vind het wel zo netjes dat er dan gezegd wordt wat er aan de hand is. Nu tast bijna de hele gemeenteraad in het duister waarom we nou geschorst hebben. Kan iemand toelichten wie een schorsing heeft aangevraagd en waarom? De VOORZITTER: Mevrouw Verkoelen. Mevrouw VERKOELEN (50plus): Ik had hetzelfde. Ik zie dat de wethouder wil gaan staan. Ik zou de wethouder wel willen laten blijven zitten, anders word ik nog pissiger. Ik wil weten wie dit gerealiseerd heeft. Ik zit echt 2 uur voor Piet Snot. Het wordt nu toch blijkbaar 12 uur voor me. Daar heb ik niet zo'n trek in. Ik snap er echt helemaal niets van.
Ik vind het heel onaangenaam en ik zou graag willen weten hoe dit ontstaan is en wie dit heeft gerealiseerd. De VOORZITTER: Mijnheer Ceulemans. raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2185
De heer CEULEMANS (lr): Als iemand de schuld op zich moet nemen, wil ik het met alle liefde doen. Er was overleg nodig en als er een naampje opgeplakt moet worden, plak mijn naampje er maar op. De VOORZITTER: Dan gaan wij nu verder met het begrotingsdebat. Het woord is aan mevrouw Reitema. Mevrouw REITEMA (pvda): Voorzitter, het is een mooie en bijzondere dag vandaag. Niet alleen omdat het toch een beetje ook als een opluchting voelt dat we de laatste begroting van dit college gaan bespreken, maar ook omdat dit een bijzonder moment is voor de PvdA Rotterdam. Bijna 80 jaar nadat de PvdA als fusiepartij ontstond uit de SDAP, de VrijzinnigDemocratische Bond en de Christelijk-Democratische Unie, gaan we vanaf volgend jaar verder als nieuwe fusiepartij GroenLinks-PvdA. Daarmee is dit dus de allerlaatste begroting die wij als PvdA Rotterdam fractie in deze raadszaal zullen behandelen. Voorzitter, ik ben ook ontzettend trots op onze partij. De PvdA is namelijk ontstaan door visionairen die over hun schaduw heen stappen om een doorbraak te creëren en het land op te bouwen. Niet vanuit hun eigen bubbels en vanuit hun eigen gelijk, maar vanuit een basis van gemeenschapszin en samenhorigheid. Samen de schouders eronder, vanuit de overtuiging dat onze welvaart, kennis en macht eerlijk moet worden herverdeeld en dat we die eerlijk moeten delen met elkaar.
Vandaag bekijken we de begroting daarom ook door de bril van de reuzen, waar deze stad zo ontzettend veel aan te danken heeft. Vergeef mij als dit iets te veel een geschiedenisles wordt, maar ik ga die ruimte toch lekker wel nemen. Want, voorzitter, de uitdagingen waar we vandaag de dag voor staan, zijn niet nieuw. Armoede, woningnood, dakloosheid, voorzieningen die onder druk staan, dat zijn allemaal zaken waar dit college de afgelopen jaren geen grip op heeft gekregen, maar waar we ook kunnen leren van de reuzen van de PvdA die met sociaal en links beleid deze stad wel vooruit hebben geholpen onder veel moeilijkere omstandigheden. Hoewel wij snappen dat het college en de raad bescheidenheid past in haar laatste begroting, hebben we vandaag, zoals u van de PvdA mag verwachten, natuurlijk wel een aantal voorstellen om het beleid in 2026 toch iets linkser en socialer te maken. Ik ga ze toelichten met dus een knipoog naar het verleden. We hebben 4 voorstellen die we gaan toelichten. De eerste gaat over de speeltuinverenigingen. Want een van de reuzen waar ik het net over had, was Nancy Zeelenberg. In 1956 werd zij de eerste vrouwelijke wethouder van Rotterdam. Een feminist van het eerste uur en een van de drijvende krachten achter de wederopbouw van onze stad.
Een visionair die vond dat kinderen een gezonde ontspanning en opvoeding nodig hebben en om die reden bewoners hielp bij het oprichten van speeltuinverenigingen bij de herinrichting van de door de oorlog zo beschadigde wijken. Een gouden greep waar nog veel kinderen dagelijks de vruchten van plukken in onze wijken. Hoewel we donderdag de speeltuinenvisie nog uitgebreid gaan behandelen, kom ik wel vandaag alvast met een voorstel, in de geest van mevrouw Zeelenberg, om speeltuinverenigingen meer financiële ruimte te bieden. Ik zal straks ook in één keer alle 4 de moties indienen. De tweede gaat over de bescheidenheid van het college in haar laatste begroting, voorzitter. Want onze fractie vindt het, nogmaals, terecht dat de begroting beleidsarm aan de raad wordt gepresenteerd. Tegelijkertijd vinden we wel dat zaken waar brede steun voor is, geregeld moeten worden. Iedereen wil dat Rotterdammers die niet begrepen worden, een veilige plek hebben om binnen te kunnen lopen. Dan heb ik het natuurlijk over de ggz-inloopvoorzieningen, hij is al een keer aan bod gekomen vanochtend. Ik denk hierbij aan weer een andere reus: een PvdA-bestuurder Elizabeth Schmitz en Jantine Kriens. Zij hebben het voor elkaar gekregen dat Rotterdammers een menswaardige opvang hadden. Wij vinden het daarom ondenkbaar dat de ggz-inloopvoorzieningen slechts voor 1 jaar verlengd gaan worden.
Het moet niet voor 1 jaar openblijven, maar meerjarig. Dat kunnen we vandaag regelen en daarvoor heb ik ook een voorstel. Ons derde voorstel gaat terug naar onze kameraad Pim Vermeulen, die in zijn tijd als bestuurder succesvol streed tegen de huisjesmelkers in onze stad. Mens boven markt. Voorzitter, dat is toch wel de rode draad in ons rode DNA, een visie die je terugziet op meerdere dossiers en het is een strijd die raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2186
wij als PvdA ook in deze periode hebben doorgezet en waar wij donderdag ook een nieuwe stap in kunnen gaan zetten als de gemeenteraad, eindelijk en hopelijk, de leegstandsverordening aan gaat nemen. Om ervoor te zorgen dat we ook daadwerkelijk het personeel in kunnen zetten dat die verordening dan gaat handhaven, vragen we het college om met een voorstel te komen om dit te dekken. Bij de voorjaarsnota heeft een ruime meerderheid zich uitgesproken voor een leegstandsverordening, dus we rekenen ook vandaag op brede steun om dit dan ook financieel te regelen. Tot slot, ons vierde voorstel, gaat over het Museumpark. Wij willen dat bewoners en organisaties goed betrokken worden bij de aanpak van het vuil, de overlast en de renovatie. Het tijdelijk schoonoffensief zorgt niet voor een schoon, heel en veilig Museumpark. Ook hier wil ik natuurlijk een reus uit de geschiedenis vermelden: dat is bestuurder Edith Hallensleben. Zij was in de jaren 90 haar tijd ver vooruit op het gebied van bewonersparticipatie. Ik kom tot een afronding, voorzitter. Ik besef natuurlijk dat ik nog veel meer PvdA-bestuurders had kunnen noemen uit onze geschiedenis, want onze partij is schatrijk aan succesvolle kameraden. Aan al het moois in onze stad kleven de vingerafdrukken van sociaaldemocraten.
We hebben laten zien en bewezen hoe mooi de stad kan worden als er een links en progressief stadsbestuur aan de knoppen zit. In de afgelopen Tweede Kamerverkiezing heeft de Rotterdammer ook gesproken. Ik ben gigantisch hoopvol om te zien dat zij daar ook zo over denken. Het kan beter, voorzitter. Ik 4 moties die ik ga indienen, waarvan 1 gecorrigeerde net aangeleverd is. De VOORZITTER: Mevrouw Reitema heeft de volgende moties ingediend. Motie 5. Met een tonnetje erbij, maken we speeltuinen blij “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 11 en 13 november 2025, ter bespreking van "6.1 debat over conceptbegroting voor 2026 en de daarbij behorende voorstellen zoals genoemd onder 6.2 tot en met 6.4'; constaterende dat: - naast een vrijwilligerstekort, slecht onderhouden speeltoestellen en een gebrek aan beheerders speeltuinverenigingen te kampen hebben met een grote druk op de begroting; overwegende dat: - speeltuinverenigingen de hoekstenen van onze wijken zijn; - de toekomst van veel speeltuinverenigingen aan een zijden draadje hangt; - een verhoging van het subsidieplafond kan bijdragen aan een levendigere speeltuin; - dit de gemeente helpt bij het behalen van de doelstellingen uit de nota 'Samen spelen samen groeien'; verzoekt het college: - het subsidieplafond voor speeltuinverenigingen in 2026 te verhogen met €100.000,-; - hierbij een evenredige verdeling te
maken tussen speeltuinen die in aanmerking komen voor de subsidie vitaal en plus inclusief de speeltuinen in wijken die op de sociale index lager scoren dan het Rotterdams gemiddelde; - hiervoor het eind van 2025 een dekkingsvoorstel voor te doen; - de effecten van de verhoging te evalueren voorafgaand aan de begrotingsbehandeling van 2027; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. S. Reitema, A. Kockelkoren, D. Yildirim en S. Leewis
raadsvergadering van 11 en 13 november 2025
Notulen pagina
2187
Motie 6. GGZ-inloopvoorzieningen meerjarig begroten “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 11 november 2025 ter bespreking van '6.1 debat over concept-begroting voor 2026 en de daarbij behorende voorstellen zoals genoemd onder 6.2 tot en met 6.4'; constaterende dat: - mensen die dak- of thuisloos zijn geweest regelmatig te maken hebben met mentale gezondheidsproblemen, al dan niet als gevolg van de periode dat zij dakloos waren; - GGZ-inloopvoorzieningen laagdrempelige locaties in de wijk zijn, gericht op mensen met psychische of psychosociale problematiek waar onder begeleiding ruimte is voor ontmoeting, rust en activiteiten; - onafhankelijk onderzoek door bureau AEF (2025) concludeert dat het onzeker is of voor bezoekers van deze inloopvoorzieningen een passend alternatief te vinden is; - het college nu alleen bereid is om voor 2026 middelen vrij te maken voor het openhouden van de GGZ-inloopvoorzieningen die nog niet zijn gesloten; overwegende dat: - voorzieningen in de wijk bijdragen aan sociale cohesie en welzijn van bewoners; - laagdrempelige inloopvoorzieningen voor mentale gezondheid daar onderdeel van zouden moeten uitmaken; - de bestaande GGZ-inloopvoorzieningen in een behoefte voorzien; - GGZ-inloopvoorzieningen in het bijzonder een rol kunnen vervullen voor mensen die via de aanpak 'wonen eerst' weer een dak boven hun hoofd hebben of begeleiding
kunnen bieden aan mensen om dakloosheid te voorkomen; - De wachtlijsten voor GGZ-trajecten onverminderd lang zijn; - het niet meerjarig reserveren van middelen voor de GGZ-inloopvoorzieningen risico's met zich meebrengt; verzoekt het college: - om ook na 2026, maartenminste voor 2027 en 2028 middelen te reserveren voor het openhouden van de GGZ-inloopvoorzieningen; en gaat over tot de orde van de dag.” w.g. S. Reitema, A. Kockelkoren en J.M. de Bruijn Motie 7. Niet alleen praten, ook handhaven op leegstand “De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 11 en 13 november 2025, ter bespreking van 'de concept- begroting voor 2026 en de daarbij behorende voorstellen zoals genoemd onder 6.2 tot en met 6.4'; constaterende dat: - er een grote behoefte is aan een leegstandverordening in Rotterdam; - de invoering van de leegstandverordening structurele uitvoerings- en handhavingskosten met zich meebrengt, geraamd op circa €800.000 per jaar; - deze kosten op dit moment nog niet structureel in de begroting zijn opgenomen; overwegende dat: - de invoering van een Rotterdamse leegstandverordening direct bijdraagt aan het op peil houden van de bestaande stad en het terugdringen van langdurige leegstand;