CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20251016- Notulen van de raadsvergadering van 16 oktober 2025

Gemeenteraad 11 november 2025, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de openbare raadsvergaderingen van:62.299 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 7

Als je aankomt bij het stadhuis, dat je makkelijk inderdaad al kan drukken op paspoort, geboorteaangifte, hulp bij huiselijk geweld. Dat kost geen extra geld, dat is al een manier om te bevorderen. Of via 14010 dat je automatisch kan doorschakelen, wilt u een melding vuilnis afhalen? Wilt u afspraak voor een paspoort? Of wilt u hulp inroepen bij huiselijk geweld? Dat zijn dingen die heel belangrijk zijn zodat de slachtoffers niet apart hoeven te bellen met Veilig Thuis, maar incognito bij de gemeente kunnen doen. In het afdoeningsvoorstel staat: dit zijn dingen die we kunnen doen binnen de grenzen, dus die aanbeveling kunnen we omarmen. We kunnen niet ieder specifiek idee wat u heeft voorgesteld omarmen. Voor mij zou dat de reden zijn om te zeggen: stem in ieder geval dan voor deze aanbeveling om die dingen die wel haalbaar zijn alvast te doen en neem de rest als een inspiratiebron of een witboek voor de coalitieonderhandelingen om mee te nemen als het geld werkelijk moet worden vrijgemaakt. Mevrouw Verkoelen zegt van: moet ik nu wel voorstemmen als ik zo meteen heel erg mis, het elementje van preventie, want dat is toch een wezenlijke pijn, die zit er nu niet in. Ik zou zeggen dat het niet verstandig is om het goede af te schrijven, omdat je het perfecte niet hebt gekregen.

Ik denk dat je binnen zo'n voorstel wat nu al 22 pagina's lang is, als ik ook nog eens een keer een hele analyse had moeten maken van wat er allemaal op het gebied van onderwijs en op het gebied van opvoeding gedaan had kunnen worden, waarbij je af kan vragen: wat is de rol van de Rijksoverheid als het gaat om de inhoud van onderwijs? Waar ligt de rol van de gemeente? Voor mij als liberaal, wat is de rol überhaupt van de overheid als het gaat om opvoeding? Dat dat in die zin vooral iets is wat de samenleving uit zichzelf zou moeten doen. Ik zou het onverstandig vinden om al die andere goede aanbevelingen af te serveren, omdat het elementje wat u mist er niet voldoende inzit. Dat is een afweging die ik niet voor u kan maken, maar dat zou voor mij de reden zijn om toch voor te stemmen. De VOORZITTER: Mevrouw Van de Peppel heeft een vraag. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd): Voorzitter, ik word hier een beetje verdrietig van. Omdat als ik alleen ook kijk naar een klas van pak ‘m beet 25 kinderen, basisonderwijs, er 5 kinderen zitten met een trauma na huiselijk geweld. Wat vindt de heer Verweij daar dan van? Want als we daar preventief op in hadden gezet, had de zorg erna ook minder gekost.

raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1970

De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, het is ook heel belangrijk en goed om daar verdrietig over te zijn. Dat gevoel heb ik ook. Ik vind het vreselijk dat inderdaad in iedere schoolklas zo'n plukje kinderen zit, iedere schoolklas die dat soort dingen heeft meegemaakt. De voorstellen die ik doe, bijvoorbeeld het vergroten van de meldingsbereidheid, die voorkomt ook dat geweld kan escaleren als we zorgen dat mensen veel eerder en veel makkelijker zich melden bij veilig Thuis, om hulp te vragen om begeleiding te krijgen met het opvoeden, naarmate dat geweld niet hoeft te ontsporen. Aanbeveling 2 bevordert dat omstanders weten wat ze moeten doen. Dat houdt ook in leerkrachten. Als leerkrachten eerder kunnen herkennen dat er iets niet pluis zit, dat ze eerder weten waar ze dan moeten zijn en dat ze vervolgens ook zich comfortabeler voelen met de delen van vermoedens. Want nu is het vaak zo dat ze zich een beetje belemmerd voelen van, hoe zit het met privacy? Als we die belemmeringen weg weten te nemen en er eerder geëscaleerd kan worden en er eerder opgetreden kan worden, dan zal het wel degelijk afnemen van jongeren die te maken krijgen met ontsporend geweld. Ik heb het in die zin wel degelijk opgenomen in het voorstel, althans zo heb ik het wel bedoeld. De VOORZITTER: Mevrouw Van de Peppel.

Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd): Voorzitter, daar ben ik het toch niet helemaal mee eens. Want die bereidheid vanuit leerkrachten is er wel degelijk. De mogelijkheid is er gewoon minder. Je hebt een heel systeem eromheen en je kunt ook niet zomaar binnen een gezin gaan wroeten met een vermoeden van huiselijk geweld. Want een pleger, zoals u het in uw voorstel heeft staan, natuurlijk is het een pleger, maar een pleger is ook een vader, is ook moeder en je gaat niet zomaar in zo'n existentiële relatie wroeten. Want ook dat als het niet waar is, levert trauma's op. Deze materie vraagt echt preventief zoveel voorzichtigheid, want de trauma's achteraf kun je niet meer herstellen. 14010 prima, maar ook een pleger kijkt in telefoons waarvoor jij gebeld hebt. Ik begrijp wel uw voorstellen en voor een groot deel ben ik het met u eens dat we heel veel mogelijkheden moeten gaan bieden om te kunnen melden. Dat ben ik met u eens, want hoe preventiever we zijn, hoe beter het is. Maar ik denk dat echt op dat vlak, dat we daarop in moeten zetten en niet nu, wat u in uw voorstel zegt, de capaciteit voor noodopvang vergroten. Ik wil dat die mensen gewoon helemaal niet in de noodopvang komen, want daarna gaat er zoveel geld naar de kosten om het beter te krijgen voor de kinderen, voor de mensen die slachtoffer zijn.

Het volgend debat hebben we het weer over de kosten in de zorg en hoe krijgen we die naar beneden? Door hier preventief open te gaan zetten. Ik vind het in uw voorstel, ook al zie ik hele goede elementen, echt een manco dat er niet op preventie is ingezet. De VOORZITTER: De heer Verweij. De heer VERWEIJ (vvd): Voorzitter, ik ben het toch niet helemaal eens met de conclusie dat er niks aan preventie gedaan wordt, want preventie kan een paar dingen zijn. Die kunnen generiek en heel algemeen zijn. Laat me op voorhand, voordat er überhaupt iets aan de hand is, voorlichting over je grens aangeven, op een gezonde manier met ruzies omgaan, zorgen dat het op school en thuis wordt geleerd. Maar er kan ook wat meer speciale preventie zijn, namelijk we weten dat er iets net niet helemaal lekker zit in een gezin. We weten dat een gezin net wat schuchter wordt of net wat meer in zichzelf gekeerd raakt of net wat te vaak aangeeft dat het misschien niet helemaal goed gaat thuis. Als jij voorkomt, preventie, dat het geweld ontspoort, omdat de omgeving beter weet, wacht, dit kind is meer naar zichzelf gekeerd toe. Ik moet hier iets mee. Ik kan ook vrijblijvend bellen met Veilig Thuis voor advies en ga niet meteen dat kind uit huis plaatsen. Dat voorkomt, nogmaals preventie, dat het uit de hand loopt.

Dat je daarnaast ook kan investeren in heel algemene generale preventie, daar ben ik helemaal niet op tegen. Maar ik denk dat dit specifieke voorstel net wat meer richt op raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1971

die speciale preventie. Hoe voorkom je dat geweld waar het al een klein beetje begint te sluimeren, hoe moet je daar het beste mee omgaan? Dat betekent niet dat ik erop tegen ben dat er ook andere manieren zijn om op in te zetten, maar ik heb nu gekozen voor iets meer die speciale vorm van preventie die wat mij betreft ook heel belangrijk is en dat dat hoor ik u ook zeggen. De VOORZITTER: Dan zijn we hiermee aan het einde gekomen van dit debat. Er is 1 motie ingediend en het voorstel zelf natuurlijk, daarover gaan wij vanavond stemmen tijdens het stemvenster. 5.2

Initiatiefvoorstel Elfilali en Vlieger over ‘Recht op een menswaardig bestaan’

De VOORZITTER: Dan dank ik de heer Verweij en dan verwelkom ik de heer Dekkers en mevrouw Vlieger. Excuus, ik mis de belangrijkste. Maar het komt omdat hier bij mij initiatiefvoorstel Elfilali staat en dat moest ik in mijn hoofd omzetten. Mevrouw Vlieger over ‘Recht op een menswaardig bestaan’. Zij mogen beiden achter de collegetafel plaatsnemen, waar u wil, wat het fijnste vindt. Wensen de indieners ook nog een toelichting te geven? Ik zag de heer Dekkers knikken, wil hij als eerste het woord? De heer DEKKERS (volt): Voorzitter, dank u wel. We spreken vandaag over het recht op een menswaardig bestaan. Als dat te veel is gevraagd, wat zegt dat dan over ons als stad? Samen met GroenLinks en met de steun van SP, BIJ1, de leden van de dieren en de ChristenUnie is dit voorstel tot stand gekomen. Niet om een politiek punt te maken, maar om een moreel kompas te bieden. Want de rechter floot ons al een aantal keer terug en wees op wat wij hadden kunnen doen: menselijkheid vooropstellen. Afgelopen week deed de voorzieningsrechter alweer uitspraak over de LVV. De rechter moest ingrijpen om te voorkomen dat mensen hier in Rotterdam op straat zouden komen te staan. Niet omdat er een juridisch recht werd afgedwongen, maar omdat de menselijke nood zwaarder woog dan de bestuurlijke logica. Dat raakt precies de kern van ons voorstel.

Wij vragen vandaag niet het onmogelijke en zullen u als raad de mogelijkheid bieden om over elk van de 11 voorstellen uw stem uit te brengen. Kijk vandaag wat u wel kunt doen. Zoals het verbeteren van de toegang tot medische zorg door simpelweg de CAK-regeling voor onverzekerbare vreemdelingen beter onder de aandacht te brengen. Of het bieden van een mogelijkheid voor Dreamers om vrijwilligerswerk te doen, zodat ze kunnen bijdragen in plaats van buitengesloten te worden. Want wat voor stad willen we achterlaten als ons mandaat straks voorbij is? Een stad die zich verschuilt achter procedures en mandaten? Of een stad die zegt: niemand hoort buiten te slapen, niemand hoort vergeten te worden? Stem vandaag met uw hart, want Rotterdam is misschien ruw aan de rand, maar warm vanbinnen. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Mevrouw vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): Dank, voorzitter. We staan hier inderdaad vandaag voor een menswaardig bestaan voor iedereen en ook juist mensen zonder de juiste papieren. Want wij zeggen: iedereen hier in Rotterdam is een Rotterdammer, die verdient gewoon om op een juiste manier behandeld te worden. Dat hebben wij hier gedaan met ons mooie voorstel, ben erg trots op dat voorstel ook.

Volgens mij hebben we heel erg hard ons best gedaan door ook te spreken met mensen uit het veld, ervaringsdeskundigen, organisaties in de stad, om te horen: waar loopt het nu vast? Wat kunnen we verbeteren daarin? We zien dat er veel mogelijk is wat ook anders zou kunnen. Het gaat van een rusthuis tot ouderen tot betere hulp voor de Dreamers zodat zij kunnen doorstuderen en dat zijn volgens mij hele belangrijke punten. Het is tijd om de rechten voor de mensen zonder juiste papieren toegankelijk te maken. Want er zijn rechten die deze mensen gewoon hebben, zoals bijvoorbeeld toegang tot zorg. We vinden het ontzettend zorgelijk dat dat niet goed gaat. We hopen dan ook echt op de menselijkheid van de mensen hier in de raad en dat we in ieder geval voor die componenten raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1972

van zorg verbetering kunnen aanbrengen. Dat we ervoor kunnen zorgen dat deze mensen geholpen worden op de juiste manier. Want ondanks dat het wettelijk geregeld is dat men hier recht op heeft, loopt het systeem vast. We hebben tijdens de commissie alle punten uitgelicht, we zullen niet stilstaan bij alle specifieke punten, maar denk ook gewoon na over wat kunnen we nu doen met elkaar? Volgens mij kunnen wij als raad gewoon besluiten dat wij het belangrijk vinden dat er structureel overleg plaatsvindt, bijvoorbeeld nog steeds. Tussen de organisaties in de stad en met de gemeente om te horen, waar loopt het nu vast? Destijds is er gezegd door het college: dat doen we al. Maar toen hebben ook daarna de organisaties gezegd: dat is niet zo en wij missen nu overleg, want we lopen wel vast. We hopen ook daarop op uw steun. Met onze 11 voorstellen zien wij een beter leven voor ons, voor een mens zonder de juiste papieren. Daar zijn we heel erg trots op. Het is nu aan de raad om te laten zien waar ze echt voor staan. Wij hopen dat we als Rotterdam koploper worden van sociaal beleid in plaats van onmenselijk beleid. Dat we in ieder geval kleine stappen daartoe kunnen zetten vandaag. Dank. De VOORZITTER: Hartelijk dank, mevrouw Vlieger. Dan is het nu weer tijd voor de eerste termijn van de raad. De heer Van Campenhout. De heer VAN CAMPENHOUT (bij1): Dank u, voorzitter.

In onze stad mag niemand in de schaduw leven en daarom steunen wij het initiatief ‘Recht op een menswaardig bestaan’ onvoorwaardelijk. Het college moet onmiddellijk stoppen met beleid dat mens op straat zet en de LVV afbouwt. Bed bad en brood en begeleiding zijn namelijk geen gunst, maar een plicht. Iedereen die hier leeft, is een Rotterdammer en wij willen stadspas. Een Rotterdampas die ongedocumenteerde Rotterdammers helpt zich te identificeren en toegang geeft tot basisvoorzieningen en actieve voorlichting over de CAK-regeling zonder zorg dat nooit wordt geweigerd. Ook psychische zorg moet bereikbaar zijn. We bouwen aan het perspectief, ontwikkelen de Rotterdam City apps met laagdrempelige juridische hulp. Maak werk van eerlijke beloning en bestrijding van uitbuiting en geeft Dreamers toegang tot onderwijs en vrijwilligerswerk via een Rotterdams convenant. Pleit voor kinderpardon en richt een rusthuis in voor ongedocumenteerde ouderen die hier al jaren geworteld zijn. Andere steden tonen dat het wel kan en Rotterdam kan en mag niet achterblijven. Menswaardigheid is niet onderhandelbaar. Voer alle 11 voorstellen uit en kies voor een start waar rechtvaardigheid de norm is. Tot zover. De VOORZITTER: Dank u wel. Anderen? De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Voorzitter, dank.

Dat zal de indieners niet verbazen dat wij fundamenteel anders tegen dit vraagstuk aankijken dan hen, maar desondanks complimenten voor de inzet en voor het opstellen van dit initiatief. Wij staan daar heel simpel in en volgens mij ook heel erg duidelijk. Een onlosmakelijk onderdeel van de asielprocedure is dat je ook afgewezen kunt worden. Nederland kent een enorm hoog inwilligingspercentage. Het minste wat je mag verwachten van een enigszins functionerend asielbeleid is dat mensen die te horen krijgen dat ze hier niet mogen blijven, dat ze ook daadwerkelijk vertrekken. Daarom vinden wij het de goede stap dat de LVV gesloten is. Daarom vinden wij het ook een goede stap dat hopelijk illegaliteit verboden gaat worden in dit land. Nogmaals, wij ondersteunen het voorstel niet en we staan hier gewoon fundamenteel anders in. Ik heb nog wel een vraag, want volgens mij gaat er bij de financiële onderbouwing van dit plan iets fout. Daar staat namelijk in dat voor het bedrag wat 1 persoon in vreemdelingenbewaring kost, 3 personen kunnen worden opgevangen in een gemeente en dat een penny wise pond foolish is om dat niet te doen. Maar het verschil is natuurlijk dat vreemdelingenbewaring of vreemdelingendetentie door het Rijk wordt betaald en dat u voorstelt om deze opvang vanuit de gemeentelijke financiën te betalen.

Kunt u daarop ingaan? Ten tweede: denkt u ook niet dat bieden van gemeentelijke opvang aan iedereen die hier illegaal verblijft, de prikkel om terug te keren volledig wegneemt? raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1973

De VOORZITTER: Dank. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp): Voorzitter, ik zal kort zijn. De redenering van de heer Ceulemans is: als het Rijk betaalt dan is het goed en als Rotterdam betaalt dan is het niet goed. Het komt allemaal uit de zak van de beurs. Het is allemaal belastinggeld, dus voor de mensen maakt dat niks uit. Maar wat voor de mensen wel uitmaakt, is dat mensen in Rotterdam menswaardig behandeld worden. Daarom alle lof voor dit initiatiefvoorstel. We hebben van harte medeondertekend, maar het is al een jaar oud. Mevrouw Elfilali is ook al een tijd weg en de afdoening is ook al 9 maanden oud. Mijn vraag is een beetje: gebeurt er nog wat? Wanneer gaan we wat doen? Wanneer kunnen we resultaten zien van dit initiatief? De VOORZITTER: De heer Oostdijk. De heer OOSTDIJK (fvd): Dank u wel, voorzitter. Onze fractie onderschrijft de lijn die het college, zoals verwoord in de afdoeningsbrief, heeft. Wij benadrukken dat de vreemdelingenbeleid primair een Rijksverantwoordelijkheid is en dat gemeenten duidelijke wettelijke kaders nodig hebben om correct en consistent te kunnen handelen. Beëindiging van de LVV en de bijbehorende opvang in Rotterdam raakt mensen in een vaak uitzichtloze positie. Dat maakt het des te dringender dat er landelijke duidelijkheid komt over wat wel en wat niet is toegestaan. Gemeenten mogen niet telkens in een juridisch grijs gebied terechtkomen.

We kijken ook met grote verwachting uit naar de behandeling van de aangekondigde wet die illegaliteit strafbaar stelt. We zullen tevreden zijn zodra deze wet door de Eerste Kamer is. Alleen dan ontstaat er echte rechtszekerheid voor gemeenten, hulporganisaties en de betrokken personen zelf. Deze wet biedt een onmisbare wettelijke basis om te voorkomen dat bijvoorbeeld uitgeprocedeerde asielzoekers zonder perspectief in een situatie belanden waar geen van de betrokken partijen voordeel aan heeft. Met die helderheid kan Rotterdam beleid voeren dat eerlijk, uitvoerbaar en juridisch robuust is. Onze fractie dringt er dan ook op aan dat het college direct na inwerkingtreding van die wet een concreet uitvoeringsplan opstelt dat duidelijk maakt hoe de gemeente invulling geeft aan nieuwe wettelijke kaders. Uiteraard met behoud van menselijke waardigheid en rechtszekerheid. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank. Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Voorzitter, natuurlijk steunt de PvdA-fractie dit initiatiefvoorstel. Want afgelopen vrijdag op Wereld Daklozendag werd een vrouw met haar 2 kinderen de toegang tot de maatschappelijke opvang ontzegd. Geen verblijfsvergunning, wel een lopende procedure om alsnog in aanmerking te kunnen komen. Tot nu toe kan dit gezin terecht bij het rode kruis, maar of ze morgen weer op straat komen te staan? Ik weet het niet.

Dit is de harde realiteit van Rotterdam. Dit is wat vele Rotterdammers vorig jaar vrezen dat er zou gebeuren met het stopzetten van bed, bad, brood en begeleiding. Dit is het gevolg van hardvochtig beleid en van politieke keuzes op nationaal en op lokaal niveau. Ik heb dan vooral vragen aan de wethouder. Bijvoorbeeld: is hij bekend met deze situatie? Wat kan de gemeentelijke afdeling Landelijke Vreemdelingenvoorziening betekenen waarin de afwijzingsbrief die deze mevrouw heeft ontvangen naar wordt verwezen? Is de wethouder het met de PvdA-fractie eens dat mensen in zeer kwetsbare situaties, zoals vrouwen met kinderen, altijd in aanmerking zouden moeten komen voor tijdelijk onderdak? Want het is best wel hypocriet dat het college aan de ene kant zegt volle bak in te zetten op huisvesting voor dakloze mensen en aan de andere kant mensen zonder papieren de deur wijst. Gelukkig kregen we vorige week ook een hoopvoller bericht, maar dan vanuit de rechtbank. De voorlopige voorzieningen voor de mensen die het afgelopen jaar in de LVV zaten en bezwaar hebben aangetekend tegen het stopzetten, zijn opnieuw toegekend. Dat betekent dat Rotterdam voorlopig wel voor opvang moet blijven zorgen op kosten van het Rijk. Dat raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1974

betekent ook dat mensen die zich nieuw melden in Rotterdam, nog steeds voor een gesloten deur komen te staan, zoals ik net al aangaf. De PvdA-fractie is dan ook heel erg benieuwd of er eindelijk nieuws is over het beschikbaar komen van VNG-middelen. Want die zouden, wat onze fractie betreft en dat heb ik al vaker gezegd, ingezet moeten worden om nieuwe mensen die hun beroep doen op bed, bad en brood alsnog onderdak te kunnen bieden en om de begeleiding van mensen naar hun status of terugkeer weer op te starten. Graag een reactie van de wethouder. De VOORZITTER: Hartelijk dank. De heer Becker. De heer BECKER (vvd): Dank u wel, voorzitter. Allereerst complimenten aan de indieners. Ondanks dat wij ons niet kunnen vinden, zien we dat hier heel veel tijd in zit en dat indieners er ook veel aandacht op vestigen. Complimenten daarvoor. Wij zien het echter anders. Wij vinden Rotterdam geen plek om illegaal te verblijven. Als je hier illegaal bent, dan moeten we als stad op een humanitaire manier werken aan terugkeer en dat kan tegelijkertijd. De werkelijkheid is, dat werd net ook al gezegd, dat Den Haag het vreemdelingenbeleid maakt, bekostigd en de regie daarover draagt en dat Rotterdam dat grotendeels ook uitvoert. Dat is geen koud beleid, dat is duidelijk bestuur. We moeten niet als stad een eigen asielbeleid gaan voeren, naast het landelijke beleid.

Daarom staan we ook achter het sluiten van de LVV. De LVV levert te weinig terugkeer op en daarmee ook valse hoop. Mensen maanden in onzekerheid laten, terwijl de uitkomst al helder is, is juist in onze optiek een vorm van onrecht. Tegelijkertijd vinden we het belangrijk om te kijken wat wel kan en wat wel moet. Wethouder Achbar heeft met het sluiten van de LVV gekeken naar: hoe kunnen we die kwetsbare groep, hoe kunnen we daar maatwerk voor bieden? Kortom voorzitter, wat wij willen is dat er niet naast het landelijke asielstelsel nog een lokaal asielbeleid komt. Geen aparte stadspas of een verkapte status of een lokale achterdeur naar verblijf. We willen wel helderheid, handhaving en hulp bieden binnen de grenzen van de wet, ook specifiek voor die kwetsbare groep. Dat is juist eerlijk voor iedereen. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. De heer Vonk. De heer VONK (cu): Dank u wel, voorzitter. Allereerst zeer veel waardering voor het agenderen van dit onderwerp. We zijn ook als ChristenUnie blij dat wij een bescheiden bijdrage hebben mogen leveren en nu ligt dit voorstel er met onze steun. Ook geen specifieke vragen nog aan u, maar wel aan het college. Want om heel eerlijk te zijn, de reactie van het initiatief vind ik echt een aanfluiting. Het is echt zwijgen over het onrecht wat plaatsvindt in deze stad.

Het is wegkijken voor wat in onze ogen menselijk is en het is echt weglopen voor datgene wat we echt moeten doen. Nu begrijp ik best de verschillende politieke kleuren die in dit college zitten, maar deze wethouder is er verantwoordelijk voor is, komt wel uit een partij die zegt dat ze staat voor recht en inclusie. Dan kan ik oprecht niet begrijpen dat we zo omgaan met zo'n voorstel. Ik vind het ook buitengewoon pijnlijk, voorzitter. Maar ik krijg een interruptie. De VOORZITTER: De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Ik wilde zeggen: punt van de orde, maar ik heb een half uur, dus het kan ook gewoon een interruptie zijn. Ik vind het een beetje ongepast. De heer Vonk is altijd heel erg van de regels. Het moet allemaal zuiver zijn. Nu gaat hij de wethouder op zijn partijkleur aanspreken, dat is totaal niet relevant. De wethouder voert collegebeleid uit. We hebben als coalitieafspraak over hoe we met de LVV omgaan. Dat is de reden dat die dicht is gegaan. Dat kunt u leuk vinden of niet leuk vinden, maar om dat op de partijkleur van de wethouder te schuiven en te doen alsof hij dan niet meer in lijn met zijn partij zal handelen. Dat heeft uw eigen wethouder 4 jaar geleden ook 4 jaar lang gedaan.

raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1975

De VOORZITTER: De heer Vonk. De heer VONK (cu): Voorzitter, iedereen weet dat de uitkomst van deze reactie een gevolg is van politiek debat, ook binnen het college. Dat mag je best wel benoemen. Voorzitter, ik heb een aantal vragen naar aanleiding van de reactie van dit college. Er wordt gezegd: vanzelfsprekend zijn wij in gesprek met de organisaties die kennis en kunde hebben over deze doelgroep en het bieden van perspectief. Ik hoor uit de keten van organisaties die die kennis en kunde hebben dat het structurele overleg er niet is. Dat vind ik heel verbazingwekkend. Mijn vraag is gewoon: is er een goed structureel overleg met deze organisaties zoals u suggereert? Of is dat er niet? Tweede wat u aangeeft, is dat u uiteraard ook weer aandringt bij het Rijk om zijn verantwoordelijkheid te nemen. Het is duidelijk wat de verantwoordelijkheid is, namelijk dat mensen in Rotterdam opgevangen kunnen worden in de stad waar ze een beroep doen op opvang. Is het inderdaad zo dat u bij het Rijk heeft aangedrongen op het verantwoordelijkheid nemen daarvoor? Bijvoorbeeld de verantwoordelijkheid nemen voor de financiering van zo’n opvang in Rotterdam. Ik ben heel erg benieuwd. Ik heb er namelijk helemaal niets van gehoord en ik weet dat er een aantal mensen zijn geweest die daar naarstig naar gezocht hebben en ook niet zijn tegengekomen van die inspanning.

Ik hoor graag heel precies hoe u die verantwoordelijkheid heeft genomen? De VOORZITTER: Mevrouw Maassen heeft een vraag. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, een vraag aan de heer Vonk hierover. Want is nu de vraag of de wethouder bij toenmalig minister Faber heeft aangedrongen op die financiering? Want ik begrijp natuurlijk wel dat gewoon formeel gezien we een wethouder willen laten lobbyen bij het Rijk voor de financiering ervan. Maar praktisch gezien, we weten van welke partij die minister was, namelijk van de PVV. We weten hoe de PVV staat in deze hele discussie. Vindt u het nu echt realistisch om van de wethouder te vragen om aan een PVVminister te vragen voor financiering van de LVV opvang? De VOORZITTER: Mijnheer Vonk. De heer VONK (cu): Voorzitter, het is volgens mij helemaal niet de vraag of het realistisch is of niet. Ik vraag, omdat de wethouder zelf aangeeft dat hij die lobby voert en dat hij inderdaad het Rijk heeft aangesproken, wat heeft u dan precies gezegd? Hoe heeft u daar precies op aangedrongen? Het is de wethouder die aangeeft dat hij met deze inderdaad nogal incompetente minister heel constructief in gesprek is. Ik ben heel benieuwd naar wat hij dan precies heeft gedaan. Voorzitter, als laatste wil ik aandacht vragen voor een toch wel heel pijnlijk verschijnsel hier in Rotterdam.

Dat is en dat weten we allemaal: er zijn mensen die hier, dat de uitkomst is dat ze niet mogen blijven, maar ze zijn ook niet uitzetbaar. We hebben daar vaker aandacht voor gevraagd. Er zijn bijvoorbeeld mensen die in een uitzetcentrum terechtkomen en dan vervolgens weer op straat worden gezet, omdat ze niet uitzetbaar zijn. Deze mensen zitten in een vicieuze cirkel, want op een gegeven moment worden ze weer opgepakt, worden ze weer opgesloten en wordt er weer geconstateerd dat ze niet uitzetbaar zijn. Dan komen ze weer op straat enzovoort, enzovoort. Voorzitter, dat willen wij niet in deze stad. Ik ben ervan overtuigd zelfs als je aan de rechterkant zit van het politieke spectrum dat je snapt dat dat niet alleen onmenselijk is, maar dat ook nog bakken met geld en capaciteit van deze stad kost. Daarom is mijn vraag en dat wil ik ook graag met een motie onderstrepen, kunnen wij die vicieuze cirkel doorbreken? Laten we onderzoeken hoe we dat kunnen doen en zorgen dat mensen die aantoonbaar niet uitzetbaar zijn, op straat zijn gezet na een uitzetcentrum, vervolgens niet meer opnieuw weer in het uitzetcentrum terechtkomen, maar dat we daar een streep onder kunnen zetten. Hoe dat precies moet, weet ik eerlijk gezegd ook niet. Maar ik zou op zijn minst de uitdaging bij het college neer willen

raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1976

leggen om dat te onderzoeken. Daarom dien ik de motie in ‘Doorbreek de cirkel’ en dat doe ik samen met de indieners van Volt en GroenLinks. De VOORZITTER: De heer Coşkun heeft ondertussen een vraag. De heer COŞKUN (sp): Alleen de opmerking dat ik het volledig met de heer Vonk eens ben en dat ik nu helaas naar ROC Zadkine ga. De VOORZITTER: De motie ‘Doorbreek de cirkel’ is voldoende ondertekend. Ik ga toch wat zeggen, want het valt mij op tegenwoordig dat er moties door de indieners zelf worden ingediend. Hij is nu ondertekend onder andere door de heer Dekkers en mevrouw Vlieger, terwijl het over een initiatiefvoorstel van henzelf gaat. De motie is voor een initiatiefvoorstel. Dat is technisch waar je een motie op indient. Nu is de motie waarschijnlijk richting de wethouder. Wacht, ik probeer hem uit te leggen. Heel sec. Ik ga hem gewoon door laten gaan, maar ik wil het toch benoemd hebben. De motie ziet op een voorstel wat is ingediend. De indieners hebben dit voorstel ingediend en maken nu een motie op hun eigen voorstel. Dat is wat hier staat, samen met de heer Vonk. Dat is wel een bijzondere, laat ik het zo maar zeggen. De heer Vonk. De heer VONK (cu): Als ik in technische tijd mag reageren, voorzitter. Want het is niet alleen een initiatiefvoorstel, maar het is ook een collegereactie.

Die wordt betrokken bij het debat en daarom hebben wij gedacht op grond van de collegereactie, daarom heb ik ook gereageerd op de collegereactie en niet zozeer op het voorstel, gemeend een motie in te moeten dienen. Maar ik snap uw punt. Maar ik hoop dat u ook begrijpt dat het debat wat breder is dan alleen het initiatiefvoorstel, namelijk ook de reactie van het college. De VOORZITTER: Dat snap ik en daarom zal ik hem ook doorgang laten vinden. Maar het is meer gewoon voor uzelf dat u daarover nadenkt. Want als de indieners namelijk zelf niet eens zijn met de reactie van het college, kunnen zij zelf nog het voorstel aanpassen als zij nog wat willen doen. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Heel kort. Ik ga toch een beetje voor de heer Vonk in de bres springen. De wonderen zijn de wereld niet daar. Maar dit is een agendapunt en het initiatiefnota is onderdeel van het agendapunt. Maar het gaat natuurlijk in bredere zinnen over opvang en illegaliteit. Het zou raar zijn als de indieners hun eigen initiatief gingen amenderen. Maar ik vind een motie als het onder valt van een agendapunt niet vreemd en het lijkt me bovendien gewoon ontzettend fijn om hiertegen te kunnen stemmen. Ik zou zeggen: breng hem gewoon in stemming. De VOORZITTER: Ik probeerde u als raad nog te verenigen, dat is nog redelijk gelukt.

Maar het is meer daarom, het is een beetje een vaag gebied, maar technisch is het ook een beetje grijs waar we nu in terechtkomen met deze motie. Maar hij is gewoon onderdeel van het debat, geen enkel punt. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, allereerst mijn complimenten. Mevrouw Vlieger en ook mevrouw Elfilali hebben zich al jarenlang dat ze hier in de raad zitten, nu opvolger de heer Dekkers natuurlijk, hard gemaakt voor deze groep. Dat betekent ook dat heel veel van de voorstellen die we hier al eerder hebben besproken in deze raad en dat er ook al meerdere moties over zijn aangenomen. Ik zal het kort houden op de punten die voor D66 nog aandacht behoeven, punt 3 en punt 5. Ik begin met punt 5, in gesprek te blijven met de betrokken maatschappelijke organisaties. We hebben daar eerder inderdaad als D66 een motie over ingediend. Die heeft het helaas toen niet gehaald, omdat GroenLinks-PvdA en Leefbaar Rotterdam daar geen heil in zagen. Mijn eerste vraag is van: kunt u misschien kort toelichten wat u tot het hernieuwd inzicht heeft gebracht dat het toch nuttig is om een overlegstructuur raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1977

in stand te houden? Hebben we ook inderdaad van de organisaties te horen gekregen dat ze aan tafel willen, want ik had begrepen dat eerder die behoefte er niet was. Dan punt 3, dat gaat inderdaad over die toegankelijkheid van de medische zorg. Wat ons betreft ook heel erg belangrijk om daar aandacht voor te vragen. De enige vraag is van: hoe kijkt de wethouder daarnaar? Ook overigens naar punt 5. Eerder is die motie toen omarmd en is het oordeel van de wethouder daarover nog steeds hetzelfde? Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda): Dank, voorzitter. Ieder mensenleven is evenveel waard en wij hebben als gemeente gewoon een lokale verantwoordelijkheid te nemen dat mensen niet op straat hoeven te slapen. Dat is het uitgangspunt en zo hebben wij ook naar dit initiatiefvoorstel gekeken en de collegereactie daarop. Ik wil ook graag aansluiten bij het pleidooi aan het eind van de heer Vonk. Ik heb vaker verwezen naar de documentaire Leven in Limbo en ik hoop dat ondertussen iedereen die heeft gezien. Want er zijn gewoon een hoop mensen die compleet tegen hun eigen schuld in, daar geen enkele schuld aan hebben, simpelweg geen dak boven hoofd hebben en 0 status. Alleen daarom al zou er een opvangvoorziening moeten zijn die gesteund wordt door de gemeente. Onze steun voor dit voorstel.

Ik hoor nu net voor het eerst over de motie die werd ingediend zojuist door de heer Vonk en ik zou hem via de microfoon willen vragen of ook het CDA daar nog bij kan. Dank u wel. De VOORZITTER: Hartelijk dank. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk): Dank u wel, voorzitter. Ik wil mevrouw Vlieger, mevrouw Elfilali en ook de heer Dekkers ontzettend danken voor het voorstel. In het bijzonder ook mevrouw vlieger en mevrouw Elfilali, ook in haar periode als raadslid, hebben zich echt wel behoorlijk ingezet op dit thema en onderwerp. Dat vind ik alleen maar mooi om te zien en daar heb ik ook veel bewondering voor. Dat gezegd hebbende, heb ik wel een aantal vragen over het voorstel, maar die gaan denk ik meer richting de wethouder. Er zijn echt een aantal punten die volgens mij ook al in bepaalde vorm van kracht zijn, die we ook al doen. Dat gaat bijvoorbeeld over het onder de aandacht brengen van die verschillende regelingen. Maar ook de gesprekken inderdaad, daar zijn ook al vragen over gesteld, met verschillende organisaties die in die keten functioneren. Misschien dat de wethouder daar toch wel iets meer over kan zeggen dan in de collegereactie. Dan de stadspassen, want volgens mij hebben we ook een soortgelijke pas die ook bepaalde toegang geeft sowieso aan die medisch noodzakelijke zorg. Volgens is dat ook iets wat we al doen.

Er stond ook een punt over het stimuleren van vrijwilligerswerk, dat vond ik op zich wel een interessante. Ik weet niet of dat dat gebeurt, maar misschien dat de wethouder daar ook nog op kan reageren. Er waren nog 2 punten, wat in mij opkwam. Over het onderwijs convenant, in hoeverre wij daarnaar gekeken hebben? Of daar dingen zijn waarvan we zeggen: dat is misschien nog wel interessant? Het tweede is: iedere Rotterdammer kan gratis naar de bieb. Dit is misschien meer een vraag aan wethouder Kasmi, maar ik was benieuwd of dat ook voor ongedocumenteerden geldt? De VOORZITTER: Ik geloof dat dit laatste punt een beetje buiten de orde van dit debat valt. Ik zou dan ook willen voorstellen als daar vragen over zijn, om dat toch wel bij de betreffende wethouder te doen die daarover gaat en die is hier nu niet aanwezig. De heer SOYTEKIN (denk): Dan bewaar ik hem, ook prima. Maar dan kan ik dat achter de schermen checken of dat klopt. De VOORZITTER: Anderen nog? Niet. Dan kijk ik eerst naar de indieners. De heer Ceulemans.

raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1978

De heer CEULEMANS (lr): Het is helemaal mijn schuld, want ik was met 3 dingen tegelijk bezig. Ik zat niet te luisteren naar de heer Soytekin. Maar wat zei hij over de bibliotheek? De heer SOYTEKIN (denk): Volgens mij is net geconcludeerd dat het buiten de orde van het debat was. Ik zal u zo meteen bijpraten. De VOORZITTER: Mijnheer Ceulemans, dit was ook precies mijn reactie. Waar gaat het over? Maar volgens mij hebben we het al geregeld. De indieners, mevrouw Vlieger eerst? Mevrouw VLIEGER (gl): Voorzitter, dank iedereen voor de bijdrages en de vragen. Om daar dan gelijk maar mee te beginnen, de SP kwam met een vraag waarvan we niet wisten voor wie die was. Wat gebeurt er nu nog? Want het is al zo lang geleden. Wat er in de tussentijd is gebeurd, is volgens mij vooral een goede vraag aan de wethouder. Wat ons betreft is natuurlijk, er is niks gedaan met ons initiatiefvoorstel of eerdere moties die zijn ingediend. Wij hopen juist nu dat er wat gaat veranderen. Leefbaar begon met de vraag over de kosten. Daar reageerde de SP ook al wel op, want dat heeft natuurlijk allemaal met elkaar te maken. De totale kosten voor de samenleving zijn ontzettend belangrijk om daarin mee te nemen. Voornamelijk ook omdat we hebben gezien dat het Rijk uiteindelijk betaalde voor onze opvang die wij hier hadden.

Dat zien we ook nu weer als we kijken naar de discussie die nu gaande is in de rechtbanken. Er wordt echt gekeken naar: wie is er nu eindverantwoordelijk? Dat ligt dan bij het Rijk en het Rijk betaalt de gemeente voor de opvang. De VOORZITTER: De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Maar u zegt in het initiatiefvoorstel dat dit niet echt financiële gevolgen heeft, want het is goedkoper om mensen nu in nieuwe gemeentelijke bed-badbrood opvangvoorzieningen te huisvesten dan in vreemdelingenbewaring. Maar het punt is natuurlijk dat, of ik heb uw nota verkeerd begrepen, maar volgens mij stelt u gewoon voor om op kosten van de gemeente opvang te gaan regelen in de gemeente voor ongedocumenteerden en dat vergelijkt met de kosten die gemaakt worden voor vreemdelingenbewaring en vreemdelingendetentie. Terwijl dat natuurlijk van a tot z Rijksbeleid is, inclusief financiering. Het hele argument van dat het voor de kosten niet veel uitmaakt, dat gaat natuurlijk niet op. U wilt gewoon hele nieuwe kosten gaan maken voor gemeentelijke opvangvoorzieningen. De VOORZITTER: Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): Ik begrijp het punt, maar ik heb het idee dat u mijn punt niet helemaal begrijpt dat wij zeggen: dit is groter dan dat. De opvang die we altijd hebben gehad, werd door het Rijk betaald.

Dit gaat om maatschappelijke totale kosten waarbij we zien dat de kosten voor de detentie hoger zijn en uiteindelijk ook de maatschappelijke kosten en de gevolgen daarvan groter zijn en we als gemeente … De VOORZITTER: De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr): Maar dan concludeer ik af. Dan begrijpen we elkaar in ieder geval. Voorheen werd inderdaad de LVV door het Rijk gefinancierd. We zijn ermee gestopt toen de Rijksfinanciering wegviel. U zegt nu: ik wil los daarvan nu op kosten van de gemeente, omdat het Rijk het niet meer doet, gemeentelijke opvang voor illegalen vestigen. Daar zijn we het niet over eens. Maar dat het in ieder geval wel duidelijk is voor de kijker dat uw plan is dat op kosten van de gemeente van a tot z illegale opvang hier komt. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen.

raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1979

Mevrouw MAASSEN (d66): Begrijp ik dan goed dat het voorstel van de initiatiefnemers is dat het randvoorwaardelijk is dat de kosten die nu door het Rijk worden betaald voor de vreemdelingendetentie, dat die worden overgeheveld naar de gemeente? Dat we dan uitvoering kunnen geven aan dit initiatiefvoorstel? De VOORZITTER: Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): Dat is inderdaad zo. Het is niet randvoorwaardelijk, want zo hebben we het ook niet opgeschreven. Dat is het antwoord daarop. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Maar dat betekent het inderdaad, ook wel wat de heer Ceulemans zegt, is dat er in principe geen dekking is voor dit voorstel? De VOORZITTER: Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): De vraag over of opvang bieden ervoor zorgt dat niemand weggaat. Ik denk dat dat ook goed aansluit bij de vraag van de heer Vonk zojuist over: we hebben gewoon een visuele cirkel in onze stad met mensen die geen kant op kunnen. Wij zeggen: je moet daar hulp aanbieden. De kans dat mensen vanaf de straat weggaan is sowieso nihil. Dat gebeurt gewoon niet. Op het moment dat er opvang is geregeld, kun je mensen ook begeleiding bieden en kun je in ieder geval ernaar kijken of mensen ook inderdaad een terugkeerwens hebben en hen dan daarin begeleiden. Dat sluit dan ook weer aan bij de vraag van D66 die weer een keer begonnen over hun motie over in gesprek blijven.

Dat was de motie niet, de motie ging over terugkeer en daarom hebben wij daartegen gestemd. U blijft dat ons voor de voeten gooien, maar dat is niet hoe het dictum van de motie was. Ik heb hem net nog weer opgezocht. Dat ging gewoon over terugkeer en daar staan wij niet achter. De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, de heer Vonk heeft zojuist aangegeven dat er schrijnende gevallen zijn van mensen die inderdaad niet in staat zijn om terug te keren. Maar er is ook een groep mensen die juist wel wil terugkeren met de juiste hulp. Volgens mij biedt dat het juiste perspectief aan deze mensen, zouden we daaraan kunnen bijdragen door een overlegstructuur in stand houden. Mijn vraag aan mevrouw Vlieger is van: miskent u dan de behoefte van ongedocumenteerde mensen in deze stad dat als zij een kans krijgen met hulp van ons om terug te keren, dat we daar dan niet aan willen bijdragen? De VOORZITTER: Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): Ik heb zojuist gezegd dat de kans dat iemand vanaf de straat terugkeert, er niet is. Dat op het moment dat je opvang biedt, je kunt inventariseren wat de behoeftes zijn. Inderdaad, als er een terugkeer behoefte is, dat je die dan vanuit begeleiding kunt bieden. Die behoeftes kunnen er zijn en het werkt alleen maar op het moment dat er opvang en begeleiding is dat je iemand daar ook bij kan helpen.

De VOORZITTER: Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66): Voorzitter, er zijn naar schatting tussen de 6.000 en 8.000 ongedocumenteerden in onze stad. Deze mensen leven niet allemaal op straat. Dat u zegt van: je kunt niet terugkeren vanaf de straat. Dat begrijp ik heel goed. Maar ongedocumenteerden in onze stad zijn vrij weerbaar en krachtige mensen en leven ook niet allemaal op straat. Nogmaals mijn vraag: bent u het eens dat deze structuur ook in stand kan raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1980

worden gebracht zonder dat er per se ook meteen een opvang wordt gerealiseerd? Juist ook omdat er heel veel ongedocumenteerden in onze stad zijn die mogelijk die behoefte hebben en dat daar nu niet in wordt voorzien. De VOORZITTER: Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl): Voorzitter, de vraag is: is de structuur van overleg nodig om alleen maar terugkeer te faciliteren? Daarvan zeggen wij nee. Je moet op zichzelf staand zeggen: er moet structureel overleg zijn, want dat is ook voor andere zaken nodig. Er zijn ook andere zaken die om een andere reden vastlopen bijvoorbeeld en dingen die gewoon besproken moeten worden met elkaar. We hechten waarde aan de overlegstructuur, dat is waar het punt in het initiatiefvoorstel over gaat en de motie van D66 ging over iets anders. De VOORZITTER: Afrondend, mevrouw Maassen Mevrouw MAASSEN (d66): Laatste punt inderdaad, want we weten natuurlijk ook dat heel veel van de problemen waar ongedocumenteerden tegenaanlopen juist bij het Rijk liggen. Dat hebben we nu precies niet in de hand, hoe daar de politieke kleuren zijn. Bent u het met mij eens dat zolang dat niet verandert, het juist goed is om ook als Rotterdam aandacht te geven aan die terugkeer? Omdat we nu eenmaal afhankelijk zijn van hoe het Rijk bepaalt over het al dan niet toekennen van verblijfsstatussen voor deze groep mensen. De VOORZITTER: Mevrouw Vlieger.

Mevrouw VLIEGER (gl): Nogmaals, voor ons is dat punt van terugkeer niet het eerste punt waar wij het over willen hebben. Als mensen die behoefte hebben, dan zijn daar inderdaad organisaties voor en dan moet je ervoor zorgen dat die mensen met elkaar in gesprek blijven. Dan hoop ik ook dat u straks voor dat punt gaat stemmen als u het zo belangrijk vindt dat die structuur blijft bestaan. Want op dit moment zien we gewoon, dat was volgens mij ook uw vraag van: wat zeggen de organisaties? Die organisaties zeggen zelf: die structuur is er niet en dat missen wij. Dat lijkt mij een kleine moeite om dat in ieder geval weer in het leven te roepen. Volgens mij was dat ook de vraag van D66 als het ging om de punt van de zorg. Ook daarvoor, zoals we hebben aangegeven, we hebben met ervaringsdeskundigen gesproken. We hebben met mensen in de praktijk gesproken, zoals de straatartsen en die geven aan: het is geregeld, maar het is nog niet voldoende. Dat ook de collegereacties natuurlijk: we doen het al. Maar als het al gedaan wordt, dan kunnen we er nog best een schepje bovenop doen met de punten die in het initiatiefvoorstel volgens mij staan.

Dat sluit volgens mij ook aan bij de vraag van DENK over: wat doen we met CAK? Welke gesprekken lopen er? In de collegereacties wordt er inderdaad summier op gereageerd met: het gebeurt, het wordt onder aandacht gebracht, hebben we het ook in de commissie besproken. Maar men zegt in de praktijk: het zou nog best wel fijn zijn als het wat meer kan. We hebben het volgens mij ook heel summier in ons stuk opgenomen, breng het onder de aandacht bij alle betrokkenen. Want dat zegt men in de stad, dat dat zou helpen. Volgens mij zijn dat alle vragen. De VOORZITTER: Hartelijk dank. Alle antwoorden zijn gegeven. Dan vraag ik de wethouder om de vragen die op zijn terrein zijn gesteld, om nog te beantwoorden. De heer ACHBAR (wethouder): Dank u, voorzitter. Laat ik ook beginnen om complimenten te maken richting de indieners van dit initiatiefvoorstel, zowel mevrouw Vlieger, mevrouw Elfilali en de heer Dekkers die het nu overneemt. Belangrijk onderwerp en zoals de heer Dekkers dat mooi zei: Rotterdam is een stad met een ruwe rand, maar zeker wel met een zachte inhoud. Dat zien we op allerlei terreinen terug wat we aan het doen zijn in de stad, zeker binnen het sociaal domein van mijn portefeuille. Tegelijkertijd zien we een aantal afspraken die zijn gemaakt binnen deze coalitie en de knelpunten die dat met zich meebrengt raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1981

vanuit landelijke keuzes die gemaakt worden. Maar desondanks is het goed om te kijken: wat kunnen we dan wel doen als gemeente Rotterdam? Er zijn in een eerdere debatten ook moties aangenomen waarin we toch hebben gezocht, wat kunnen we wel doen voor deze specifieke doelgroep? Met name voor de meest kwetsbaren hebben we gezegd: daar moeten we als stad beschikbaar voor blijven. Ik heb afgestemd met de indieners of ik nu punt voor punt afga van het initiatiefvoorstel. Ik hoor de kritiek die geleverd wordt over het feit dat er een summiere reactie is. Dat was niet de intentie om het op die manier af te doen, want het is voor mij persoonlijk absoluut wel een belangrijke doelgroep en een belangrijk onderwerp. Maar ik heb afgesproken dat ik niet punt voor punt inga, maar wel inga op de vragen wat er een aantal punten op het initiatiefvoorstel zullen raken. Laten we beginnen dan met de vragen die zijn gesteld vanuit GroenLinks. Die geeft aan met name 2 onderdelen, en volgens mij gaf mevrouw Maassen diezelfde onderdelen ook aan, 3 en 5 om het zo maar te noemen. Dat gaat enerzijds om die CAK-regeling goed onder de aandacht te brengen en in gesprek blijven met maatschappelijke partners die betrokken zijn bij deze doelgroep. Geldt overigens ook een vraag vanuit ChristenUnie en ik kan daarvan zeggen, dat doen we al.

Maar als ik deze signalen nu van u krijg dan zou ik die 2 onderdelen, die CAK-regeling nog beter onder de aandacht brengen en daarmee een ondersteuning van hetgeen wat ik aan het doen ben op bestaand beleid. Die kan ik wat mij betreft onderschrijven en het gaat dan om die CAKregeling. Er is een werkgroep, ik weet dat daar een straatarts het een persoonlijk thema van heeft gemaakt: hoe zorg je voor dat die toegankelijkheid op die medische zorg voor de kwetsbare ongedocumenteerden toegankelijk blijft? We zijn betrokken ambtelijk in die werkgroep en ik zal het meenemen om dat nog beter onder de aandacht te brengen. Dat geldt ook voor het structureel overleg met maatschappelijke partners. Zeker vanuit mij, de deur staat altijd open en koffie staat klaar, maar zeker als daar behoefte is vanuit de partners. Ik weet dat er ambtelijk zeker goed contact is. Ik heb voor de zomer de partners aan tafel gehad, ondanks dat er een aantal partners zeiden: maar als het toch stopt, heeft het misschien geen zin om het gesprek met elkaar aan te gaan. Er is wel een uitnodiging gegaan en het stemt me positief dat uiteindelijk wel iedereen aanwezig was. De VOORZITTER: De heer Vonk. De heer VONK (cu): Dank voor dat antwoord. Ik twijfel ook echt niet aan uw oprechte intenties op dat punt.

Maar als ik uit de keten het signaal krijg: er is voor de zomer een overleg geweest, maar dat heeft op geen enkele wijze een structureel karakter gekregen en daar is wel behoefte aan. Niet zozeer met u per se, maar wel ambtelijk. Ik krijg in ieder geval de signalen dat dat er nu niet is. Waar je bijvoorbeeld casuïstiek kan inbrengen, waar je ervaringen die er op dit moment in de stad zijn kan delen en kijken: hoe gaan we dat samen oplossen? Voor zover ik weet, heeft dat structurele overleg geen plaats op dit moment. Herkent u dat? Zegt u nu van: als dat niet zo is, dan gaan we dat vanaf vandaag regelen? De VOORZITTER: De wethouder. De heer ACHBAR (wethouder): Voorzitter, ook daarin zou ik kunnen zeggen: ja, een structureel overleg zou ik best wel voor open willen staan, maar tegelijkertijd met welk doel en verantwoordelijkheid doe je dat? Kijk casussen bespreken, dat kan altijd, maar je wilt ook wel een oplossing hebben. Ik wil echt wel gaan kijken: hoe is het nu ingericht en kunnen we dat structureel doen? Dan ook wel met elkaar kijken: wat voor rol en verantwoordelijkheid hebben wij daar als gemeente in? Kunnen we van betekenis zijn of zijn we alleen faciliterend? Zou ook nog kunnen, maar ik wil hem zeker meenemen. Ook omdat die vraag breder leeft van, wij zijn in gesprek met die partners. Als er behoefte is om dat structureel in te bedden, wil ik daarnaar kijken.

Maar wel met de kanttekening: binnen de kaders en verantwoordelijkheden die we hebben. De VOORZITTER: U kunt doorgaan. raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1982

De heer ACHBAR (wethouder): Dank. De SP stelde een vraag: wanneer gaan we resultaten zien? Er zitten geen targets op de doelgroep ongedocumenteerden. In die zin zijn we aan het doen wat we kunnen doen en binnen de bevoegdheden die we hebben en de verantwoordelijkheden die we hebben. Die vraag was zo vaag, dat ik niet zo goed begreep voorzitter, wat er bedoeld werd met wanneer zien we resultaten in deze? Ik zie dat de heer Coşkun weg is naar Zadkine, dus hij kan die vraag ook niet verhelderen. De PvdA bracht een casus in, deze specifieke casus is mij niet bekend. Het is altijd vervelend als vrouwen met kinderen geen onderdak hebben. Vind ik verschrikkelijk, laat ik dat vooropstellen. Maar we weten ook binnen de kaders die we hebben en dat gaat om de regeling Wmo 2015, waarbij bij Centraal Onthaal mensen zich kunnen melden, maar alleen mensen met een verblijfsvergunning. Deze groep valt daar dan automatisch buiten als ze geen verblijfsvergunning hebben. Nogmaals, ik vind het vervelend om te zeggen, maar ook daar is geen oplossing voor. Het rode kruis is daar een tijdelijke oplossing voor. Ik wil dat absoluut niet te vaak zeggen, maar ook die verantwoordelijkheid eindigt bij ons, omdat we zo natuurlijk ook de kaders met elkaar hebben afgesproken. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar.

Mevrouw VOGELAAR (pvda): Voorzitter, dat maakt het nu natuurlijk zo ontzettend pijnlijk dat wij ervoor kiezen om die stad te zijn waarin wij een vrouw met 2 kinderen de deur wijzen. Waarin zij afhankelijk is van particuliere hulporganisaties om een dak boven haar hoofd. Het is niet veel wat we vragen. Ik ben wel blij, de wethouder reflecteert daar ook op, ik zie ook dat het hem raakt, dat het hem wat doet. Ik zou toch willen kijken binnen de mogelijkheden en de kaders die er zijn. We hebben bijvoorbeeld ook te maken en de opvangplekken zitten ook vaak hartstikke vol. Bijvoorbeeld ook bij Oekraïne opvang, hebben ook wel met dezelfde problemen, andere doelgroep. Maar daar is bijvoorbeeld wel aan de Marten Meesweg plek voor om echt schrijnende situaties, in ieder geval Oekraïense vluchtelingen bijvoorbeeld op te vangen. Zou de wethouder dan kunnen kijken, zou dat dan ook mogelijk zijn voor mensen die ongedocumenteerd zijn en in zo’n positie, voor vrouwen met kinderen, om die dan toch een plekje aan te kunnen bieden? De VOORZITTER: De wethouder. De heer ACHBAR (wethouder): Ik zou vanuit mijn hart iedereen willen opvangen in deze stad, mevrouw Vogelaar. In alle eerlijkheid moeten we ook met elkaar zeggen: dat gaat ons niet lukken, dat gaat ons oprecht niet lukken. We hebben vorige week de discussie gehad met elkaar over hoe het knelt en piept op dit moment in de totale opvang.

Zelfs de Marten Meesweg gaat knellen en piepen. We hebben bepaalde kaders, we hebben een Centraal Onthaal. We hebben dan ook gezegd vanuit de Wmo 2015: iedereen kan daar aankloppen binnen deze kaders en dan valt er een groep daarbuiten. Hoe hard het misschien ook klinkt, want zo wil ik niet zijn, maar de enige organisatie waar ze kunnen aankloppen is IND, DTenV als je echt hulp zoekt. Maar dan zal het gericht zijn op terugkeer in deze. De VOORZITTER: De heer Vonk. De heer VONK (cu): Toen de LVV werd afgeschaft, toen heeft de minister gezegd: er zullen geen schrijnende situatie in steden voordoen, want die hebben hun eigen infrastructuur als het gaat om opvangen van mensen die geen dak boven hun hoofd hebben. Dat heeft toen minister Faber op gewezen, degene waar u zo'n constructief overleg ook mee heeft gehad. Dat is ongetwijfeld ook aan de orde geweest. Ook de Raad van State zegt bij voortduring en ook nu weer in augustus, dat mensen die een beroep doen op onderdak, niet kunnen worden verwezen naar vrijheidsbeperkende locaties elders in het land, maar dat zij moeten worden opgevangen in de stad. Daar heeft de gemeente een verantwoordelijkheid. De minister en de raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1983

Raad van State zeggen: de verantwoordelijkheid ligt bij de gemeente. U kunt zich niet verschuilen achter het Rijk. Bent u het met me eens dat de Raad van State ook dat zo zegt? De VOORZITTER: De wethouder. De heer ACHBAR (wethouder): Voorzitter, de meest kwetsbaren, want dat is wat ook de Europese wetgeving aangeeft, daar moet je als gemeente je rol en verantwoordelijkheid inpakken. Volgens mij doen wij dat ook. Maar het is niet zo dat iedereen zonder een verblijfsdocument dat we daar opvang voor gaan organiseren, dat is en blijft een Rijkstaak. Dat een minister dat roept, dat kan zo zijn en tegelijkertijd is het zo dat als de minister dat roept, daar ook de middelen tegenover moet stellen. Het kan niet zo zijn van: organiseer het dan maar op die manier in je eigen stad. Dat is gewoon te makkelijk in deze. Ik zie geen andere mogelijkheid dan te zeggen: op het moment dat je ongedocumenteerd bent en kwetsbaar bent, medisch kwetsbaar, dan kunnen we daar iets in betekenen. Maar op het moment dat je ongedocumenteerd bent, hebben we daar gewoon trajecten vanuit het Rijk met elkaar afgesproken. Dat is de verwijzing die ik helaas moet doen. De VOORZITTER: Mevrouw Van de Peppel. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd): Voorzitter, een verhelderende vraag hoor, want volgens mij begrijp ik het niet helemaal goed.

Ik hoor de heer Vonk net heel duidelijk een definitie geven over wat kwetsbaar is en wat de uitspraken zijn vanuit de Raad van State. Ik hoor de wethouder daaroverheen praten en zeggen, maar correct me if i’m wrong, dat kinderen dan niet kwetsbaar zijn. Dat u kinderen niet per definitie als kwetsbaar definieert. Heb ik dat goed gehoord? De VOORZITTER: De wethouder. De heer ACHBAR (wethouder): Nee, heb je niet goed gehoord. Wat ik heb gezegd is dat wij wet- en regelgeving hebben en Europese wetgeving en binnen die kaders moet ik mij houden als wethouder. Volgens mij heeft u dan ook niet gehoord dat ik heb gezegd heb: als het aan mij ligt, met een groot hart, zou ik iedereen willen opvangen. Alleen dat gaat helaas niet binnen de kaders en regels die er zijn. Ik heb ook gezegd ten aanzien van die casus, dat vrouwen met kinderen vind ik een kwetsbare doelgroep. Vind ik heel vervelend dat dat soort situaties ontstaan. Tegelijkertijd is er maar 1 ding op het moment dat je hier onrechtmatig verblijft, als ongedocumenteerd hier in het land verblijft, zou IND of de DTenV daarin kunnen ondersteunen, maar dat is vooral gericht op terugkeer. Dat is wat ik heb gezegd. De VOORZITTER: Mevrouw Van de Peppel. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd): Voorzitter, ik heb weer goed geluisterd naar de wethouder. U draait eromheen en vindt nog steeds dat kinderen gewoon geen opvang nodig hebben.

Dat u daar niet verantwoordelijk voor bent juridisch, terwijl daar juridisch wel degelijk een basis voor is. U wilt er gewoon geen geld aan uitgeven. De VOORZITTER: De wethouder. De heer ACHBAR (wethouder): Voorzitter, met alle respect, dit is echt een simpele redenatie. Ik ben niet verantwoordelijk voor alle kinderen in de stad. Dat zijn in essentie die ouders, die moeten daar de verantwoordelijkheid voor nemen. Op het moment dat ze in vervelende situaties komen, dan wil ik echt wel kijken wat binnen de mogelijkheden zijn die ik heb op zoek naar een oplossing. We moeten ook eerlijk met elkaar zijn. Je kunt niet voor elk individu een oplossing bieden. Die ouder die zo in een kwetsbare situatie komt, kijken of je ze kan helpen. Maar uiteindelijk ligt die verantwoordelijkheid bij die ouders om te voorkomen dat raadsvergadering van 16 oktober 2025

Notulen pagina

1984

die kinderen in kwetsbare situaties komen. Dat is de kern van het verhaal. Ik draai er niet omheen. Je moet daar eerlijk over zijn en een eerlijk verhaal vertellen en dat is wat ik graag doe. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Ik zou dan toch willen vragen vanuit de verantwoordelijkheid van de wethouder en gelet op die uitspraak van de Raad van State van afgelopen zomer 27 augustus, waarin wordt geconstateerd IND-verblijf, dat werkt niet. Wat dan nog rest zijn de reguliere nood- en daklozenopvangen die ook voor Nederlandse ingezetenen beschikbaar zijn, omdat er anders geen voorzieningen zijn waar deze mensen terecht kunnen. Zou de wethouder, misschien als niet nu is dan misschien op een later moment schriftelijk daarop terug kunnen komen, hoe hij dan die uitspraak van de Raad van state interpreteert? Of dat dan toch ruimte geeft om dit soort, in ieder geval in de ogen van de PvdA-fractie, zeer schrijnend geval van een vrouw met 2 kinderen alsnog die mogelijkheid kan bieden binnen de kaders die er zijn? Want het enige wat er dus nog rest, aldus de Raad van State, dat is die reguliere nood en daklozenopvang. De VOORZITTER: De wethouder. De heer ACHBAR (wethouder): Voorzitter, het is moeilijk om in te zoomen op 1 casus. In zijn algemeenheid wil je kinderen niet in kwetsbare situaties hebben. De kern van het verhaal: ouders zijn daar verantwoordelijk voor.

Op het moment dat jij een situatie creëert waar dat kind in een kwetsbare situatie terechtkomt, zou je die ouder daarop aanspreken. Dan kijk je welke mogelijkheden er zijn, kun je daar als gemeente iets in betekenen. Vervolgens loop je die stappen met elkaar door, komt tot de conclusie Centraal Onthaal, Wmo 2015, dat valt niet binnen deze kaders, u moet naar een alternatief. Dan zie je dat het vaak wringt. Ik ken deze specifieke casus niet. Maar in zijn algemeenheid is dat wel de afspraak die we met elkaar hebben en hoe we dat proces met elkaar hebben ingericht. Als wij hier iemand kunnen opvangen omdat die medisch heel kwetsbaar is, hebben we, door middel van die motie ook en op dit moment met die verlenging die er zijn voor die vovo, gezegd: de meest kwetsbaren gaan we opvangen. Maar dan kun je niet voor elke casus die je inbrengt nu zeggen van generiek bepalen. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Toch nog 1 vraag, want u noemt de Wmo 2015, maar er ligt een uitspraak van de Raad van state van afgelopen augustus.

Mijn vraag is: hoe weegt u dan de uitspraak van de Raad van State ten opzichte van de Wmo 2015 die zegt: nee, terwijl de Raad van State zegt: ja? De heer ACHBAR (wethouder): Ik maak die vergelijking niet in die zin, omdat er ook nog werd gerefereerd uitspraak van de minister en uitspraak van de Raad van State en dan de kaders die er gewoon voorliggen. Het is nogmaals heel ingewikkeld om vanuit deze casus nu te zeggen: waar past hij in? Wat is precies het verhaal? Daarom probeer ik hem ook vanuit een algemene redenatie toe te lichten van: hoe ga je om met situaties die zich voordoen van ongedocumenteerden? Daarvan hebben we gezegd: de meest kwetsbaren, daar gaan we opvang voor organiseren hier in Rotterdam. Of deze vrouw met kinderen daaronder valt, dat is voor mij heel moeilijk te bepalen. De VOORZITTER: Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda): Sorry, toch nog tot slot 1 keer, voorzitter. Ik begrijp dat deze casus ingewikkeld is, maar mijn vraag richt zich meer op, dit is een voorbeeld daarvan. raadsvergadering van 16 oktober 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=9a9e475f-cc25-4d69-ad28-d05289df0e54