20241219- Notulen van de raadsvergadering van 19 december 2024
Tekst van het document
En bovenal maakt GroenLinks zich zorgen over de opvang van alleenstaande minderjarige vluchtelingen. Deze amv'ers zijn jonge mensen, kinderen die hier zonder familie komen. Als er één groep is die onze steun en genegenheid keihard nodig heeft is het deze. Kinderen zijn de toekomst, altijd. En dat betekent dat we in hen moeten investeren en dat begint met opvang. Zelfs onder de Spreidingswet kiest Rotterdam ervoor om niet meer mensen op te vangen, ook geen alleenstaande minderjarige vluchtelingen. We missen nog 191 plekken. Daarom dienen wij een motie in die vraagt om dat gewoon te gaan regelen en daarmee aan de taakstelling te voldoen. Naar aanleiding van onderzoek van het NRC over een stichting waar wij subsidiegeld aan hebben gegeven, hebben wij met diverse andere partijen onze zorgen daarover geuit. Zorgen over de wijze van handelen en de moreel-
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2431
ethische kwesties hierbij. Deze zorgen heeft de wethouder niet serieus genomen en weggewuifd met de woorden: bij ons zijn geen signalen bekend. Alsof het onderzoek van het NRC geen aanleiding zou zijn om zelf wat te onderzoeken. Dit heeft ons aan het denken gezet over ethiek en moraliteit. GroenLinks vindt het belangrijk dat de keuzes die wij maken, vooral met ons gemeenschapsgeld, ethisch verantwoord zijn. Daarom hebben wij nog een motie die oproept tot het opstellen van een kader, in samenspraak met de raad. Dan is het de afgelopen tijd in de samenleving breed gegaan over een motie die is aangenomen in de Tweede Kamer. Deze motie heeft tot veel onrust en angst geleid. Ik persoonlijk maar ook anderen met mij, om mij heen, zijn benaderd hierover en een petitie hiertegen is breed gedeeld en ondertekend. In deze tijden waar mensen met een andere huidskleur of nationaliteit veelal worden weggezet als boosdoener is het tijd om hen een handreiking te doen, naast hen te staan en hen te steunen. Zoals ik zei, in deze gure tijden hebben we allemaal behoefte aan gezelligheid, genegenheid en gelijkheid. Rotterdammers met een migratieachtergrond maken zich er zorgen over of zij wel als gelijk worden gezien in deze stad. En dat mag niet zo zijn.
Daarom heb ik deze motie, die de raad vraagt zich uit te spreken naast alle Rotterdammers met een migratieachtergrond te gaan staan en hun rechten te waarborgen, en dat deze motie van de Tweede Kamer oproept tot een schending van de Grondwet. Daarnaast verzoeken wij het college om geen medewerking te verlenen aan uitvoering hiervan, zoals ook andere steden hebben gedaan, Amsterdam, Gouda en Wageningen bijvoorbeeld. De VOORZITTER. De heer Ceulemans heeft hier een vraag over. De heer CEULEMANS (lr). Ja, ik heb een vraag aan mevrouw Vlieger. Los van dat ik het inhoudelijk allemaal onzin vind en eigenlijk niet waard om erop in te gaan, heb ik wel een procedurele vraag aan haar. Zegt zij nu eigenlijk dat de gemeente dus selectief kan zijn in welk landelijk beleid de gemeente wel en niet uitvoert, al naargelang je het ermee eens bent of niet? De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Dat is best grappig, want dat doen we eigenlijk met de Spreidingswet ook al. De heer CEULEMANS (lr). Nee, dat is niet waar. Dan begrijpt u de Spreidingswet niet. De Spreidingswet vraagt gemeenten om voor 1 november via de provincie een aanbod te doen. Dat hebben we gewoon gedaan. Vervolgens wordt op 31 december dat verdeelbesluit getekend, dus de gemeente handelt volledig in lijn met de Spreidingswet, dus dat heb ik even van tafel getikt.
En nogmaals de vraag aan u: vindt u dat de gemeente selectief mag omgaan met landelijk beleid wel of niet uitvoeren al naargelang je het met het beleid eens bent of niet? De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Voorzitter, allereerst, de Spreidingswet gaat over asielzoekers. Die plekken vullen wij niet. Ten tweede, dit is een motie, geen landelijk beleid dan wel wetsvoorstel. Dus deze vraag gaat helemaal niet op. De VOORZITTER. Tot slot de heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Nou, tot slot, ik ben nog wel eventjes bezig denk ik. Uw motie roept het college op om geen medewerking eraan te verlenen. Dus als het landelijk beleid wordt om naar aanleiding van die landelijke motie een onderzoek te gaan verrichten of wat dan ook, dan roept u het college op: doe daar niet aan mee. Dat heb ik toch goed begrepen? De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Zoals ik al zei, het is een motie die hier voorligt. Van die motie zeggen wij: voer dat niet uit. Het is geen wetgeving, er is geen beleid over, dus deze vraag is totaal irrelevant. De VOORZITTER. Ik geloof niet dat jullie veel meer bij elkaar komen. Ik geef nog ruimte voor een vraag. De heer CEULEMANS (lr). Nou, dan een tweeledige opmerking. Eén, wat u over de Spreidingswet zegt klopt van geen kant. De Spreidingswet heeft op dit moment nog helemaal geen wettelijk aantal aan de
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2432
gemeente opgelegd. Het is een indicatief aantal op basis waarvan de gemeente aan tafels tot een aanbod via de provincie richting het rijk komt. Dus de gemeente handelt conform, in lijn met die wet, dus dat argument slaat nergens op. En twee, u zegt dat de gemeente geen medewerking moet verlenen als er vanuit het rijk verzoeken komen om hieraan mee te werken. Ergo, als die landelijke motie beleid wordt, zegt u en zeggen de andere partijen die die motie meetekenen, dan moet de gemeente daar geen medewerking aan verlenen. Ik wil dus bij dezen aangetekend hebben dat al de partijen die onder deze motie staan bij mij nooit meer moeten aankomen met het argument: ꞌhet moet van het rijkꞌ, ook niet als het over asielopvang gaat, ook niet als het over de huisvesting van statushouders gaat. Vanaf dat moment is ons argument dan ook: als we het er niet mee eens zijn dan voeren we het gewoon lekker niet uit. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja voorzitter, zoals gewoonlijk is de heer Ceulemans heel goed om appels met peren te vergelijken, want die motie is onuitvoerbaar. Het is een belachelijke motie, is onuitvoerbaar, het zal nooit landen in landelijk beleid, het zal ook nooit door het Sociaal en Cultureel Planbureau worden uitgevoerd. Dat weet de heer Ceulemans ook.
Dus het zal nooit landen als landelijk beleid, dus die motie is onuitvoerbaar en wij moeten ook niet meewerken als dit soort verzoeken tot onderzoek komt. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen heeft nog een opmerking. Oké, ik dacht dat mevrouw Van Groningen hier ook nog op wilde reageren, maar de heer Ceulemans, prima. De heer CEULEMANS (lr). Ja dank, het was een interruptie op mij. Dit is een interruptie van de heer Coşkun van redelijk laag niveau. Hij zegt: het is een belachelijke motie. Dat is geen argument. Er wordt landelijk een motie aangenomen. Vervolgens is het dan aan het kabinet om daar wel of niet een bepaalde uitvoering aan te geven. En deze motie zegt: als het kabinet besluit om die motie te gaan uitvoeren en aan gemeenten te vragen om daar medewerking aan te verlenen, zegt deze motie die nu voorligt: daar moet de gemeente geen medewerking aan verlenen. Ik constateer dus dat we vanaf dit moment in de raad besluiten dat we dus als gemeente niet aan landelijk beleid gaan meewerken als we het daar niet mee eens zijn. Ik ben het niet eens met heel veel landelijk beleid op het gebied van klimaat, op het gebied van asiel, op het gebied van statushouders. Dus alle partijen die onder deze motie staan, kunnen bij mij nooit meer aankomen met het argument: dat moet van het rijk. Dat wil ik ook heel duidelijk hier neergelegd hebben.
En ten tweede, u vindt het inhoudelijk een onzinnige motie. Ik vind het een uitstekende motie. We hebben te maken met een gigantisch integratieprobleem in dit land, zeker ook in deze stad. Dat uit zich in achterlijke opvattingen, onder andere over Joden, vrouwen, homo's en om dat in kaart te brengen lijkt mij een heel goed idee. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Ja voorzitter, ik als Rotterdamse VVD vindt het natuurlijk nogal wat dat er iets wordt gezegd over een van mijn collega's in het land. Er wordt gesproken over schending van grondrechten. Ik vraag me oprecht af of ze zich hebben verdiept in de motie en in wat die motie vraagt die landelijk is ingediend. Overigens vind ik het ook vrij lastig dat we hier nu met elkaar een heel debat gaan voeren over iets wat ze landelijk aan het doen zijn en dan vervolgens ook nog de vraag om ons niet aan de wet te houden, terwijl hier een college zit met wethouders. Dat zijn mensen die zich aan de wet horen te houden. Dus dan kun je niet hier opeens zeggen: we gaan ons niet meer aan de wet houden omdat ons iets niet zint. Maar ik zou allereerst graag willen horen hoe u überhaupt kijkt naar het feit dat u het schending van de Grondwet noemt, terwijl ik dat echt heel anders zie. Dus heeft u zich verdiept in de motie? De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl).
Voorzitter, zoals gesteld ook in de motie, zien wij dit als schending van het gelijkheidsbeginsel. Daar gaat het over en dan gaat het in tegen de Grondwet. Als dat zo is, is het vrij logisch dat dit ook niet uitvoerbaar is, zoals ook de heer Coşkun net aangaf. Daarnaast wordt door mevrouw Van Groningen nu benoemd dat het over een wet gaat. Het gaat natuurlijk niet over een wet. Er is helemaal geen wet. Dus dan gaan we het hebben over een toekomstscenario dat er niet is, dus ik begrijp echt deze relevantie niet.
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2433
De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Ja voorzitter, ik heb het niet over een wet gehad. Ik heb het wel over de Grondwet waar mevrouw Vlieger het over heeft gehad. Waar het mij om gaat, is dat deze motie niets anders vraagt dan gewoon inzichtelijk te maken, dus niet langer op het onderbuikgevoel te varen, maar juist op basis van feiten te weten hoe het gaat met onze integratie. Dat is in het verleden gedaan. Vijf jaar geleden. Het lijkt ons belangrijk om dat te doen, want wij hebben normen en waarden. Iedereen hoort erbij in Nederland, ook in Rotterdam. Juist daarom is het zo van belang dat we dit inzichtelijk maken. Er wordt niets gevraagd aan de gemeente. Er worden ook geen lijstjes bijgehouden, wat u insinueert. Ik vind het heel erg dat dit gebeurt en dat we dit debat voeren en dat hiermee ook een partij beschadigd wordt. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Nou, die partij heeft zichzelf duidelijk beschadigd door deze motie in te dienen, door dit nu te zeggen, goed. In ieder geval, het is pas onderbuikgevoel om op basis van een gevoel en een vermoeden mensen te willen gaan onderzoeken. Als we het zo graag willen hebben over normen en waarden dan moeten we dat doen over de hele samenleving en niet over een specifieke groep mensen. De VOORZITTER. Afrondend mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd).
Ja voorzitter, wij gaan elkaar niet vinden. Nogmaals, ik vind het vreselijk dat u dit zo doet. Laat ik ook even in herinnering roepen dat dit soort dingen over mensen roepen, over partijen roepen, alleen maar polarisatie en ook bedreiging in de hand werkt. Gisteren is weer de monitor uitgekomen. Wij zien ook dat bedreigingen richting raadsleden, richting bestuurders alleen maar toenemen. Ik vind het echt vreselijk dat dit gebeurt en ik werp het verre van me. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ja voorzitter, ik hoor de VVD zeggen: we hadden het niet zo bedoeld, maar zo is het wel door heel veel mensen in Nederland ervaren. Het is niet voor niets dat het CDA, de SP, de ChristenUnie allemaal excusesberichten hebben gepubliceerd omdat ze voor deze motie hebben gestemd. Omdat er heel veel emoties zijn ontstaan, omdat we verwerpelijke gedachten binnen Nederland in kaart moeten krijgen, zeker mensen die intolerant zijn. Maar ja, dat wil je breed uitvragen en het gevoel dat bij heel veel mensen opgeroepen werd, is dat we mensen gaan bijhouden en dat we gaan registreren wat mensen vinden.
Dat is misschien niet wat de motie heeft gevraagd, want mevrouw Becker heeft op de socials uitgelegd wat ze nu precies wil, maar dat is wel het gevoel dat bij heel veel mensen is opgeroepen, en wordt er ook vandaag in dit debat een motie ingediend en wordt gezegd: we gaan niet mensen hun gedachten registreren of bijhouden, want dat is namelijk wel de angst die bij heel veel mensen heeft geleefd naar aanleiding van deze motie. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Ja maar voorzitter, daar zit ook precies het probleem. Al deze partijen die u net noemt hebben netjes voor die motie gestemd, juist omdat iedereen graag de feiten wil begrijpen. Dat is wat wij als VVD gevraagd hebben en alleen maar omdat er nu gevoelens oppoppen op basis van onjuiste informatie, hebben we deze discussie. Nogmaals, ik werp het verre van me. Ik vind het heel verschrikkelijk dat hier mensen door gestigmatiseerd worden. Het is ook nooit de bedoeling geweest, ze heeft ook altijd aangegeven dat iedereen er bij hoort in Nederland, alleen dat we dit willen doen op basis van feiten. En daarom is er gevraagd: willen jullie gewoon netjes weer dat onderzoek uitvoeren dat vijf jaar geleden ook is uitgevoerd? Het werd dus al gedaan. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66).
Ja, ik vind het heel vervelend dat het gevoel werd ervaren dat men werd gestigmatiseerd, maar dat is dus ook precies wat deze motie heeft veroorzaakt bij een andere groep Nederlanders, namelijk dat ze het gevoel hadden dat ze werden gestigmatiseerd. Dus de ene groep
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2434
voelt dat ze worden gestigmatiseerd en dan zegt een andere groep: wij voelen ons ook gestigmatiseerd door deze reactie. Ja, de conclusie is dus heel nauwkeurig formuleren op het moment dat we het over dit soort onderwerpen hebben en dat is duidelijk niet gebeurd. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja voorzitter, het gaat niet om feiten. Het gaat erom dat er een motie is ingediend waarvan mijn partij gelukkig bijtijds heeft ingezien dat het een miskleun was om daar aan mee te werken, dat ook erkend heeft. Sowieso, als er ergens iets gevraagd wordt over mensen met een migratieachtergrond, dan komt dat meestal uit de rechtse of extreemrechtse hoek. Mensen met een migratieachtergrond is typisch een statistisch begrip waar we nooit aan zouden moeten meewerken, dus dat moet je niet willen. Dat kun je ook niet onderzoeken op deze manier en dat moet je ook niet willen onderzoeken. En ik denk ook niet dat het vijf jaar geleden zo is onderzocht, heb ik van mensen van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Dus u moet die foute motie niet hier gaan verdedigen in deze raadzaal mevrouw Van Groningen, het was een foute motie die vroeg om fout onderzoek. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Voorzitter, wij staan 100% achter deze motie en precies om wat ik net gezegd heb.
U wilt toch ook, mijnheer Coşkun, dat mensen hier in Nederland kunnen meedoen, niet aan de zijlijn staan, dat we respect hebben voor vrouwen, voor homo's, voor de lhbti-gemeenschap, dat we met elkaar besluiten dat iedereen erbij hoort. Dan is het dus belangrijk om inzichtelijk te maken hoe het gaat met die integratie. Maar ik ben hier geen Tweede Kamer aan het spelen, dat wil ik ook helemaal niet. Er ligt hier alleen die motie die dat wel van mij vraagt, en nogmaals, dat werp ik verre van mij. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja volgens mij gaat het ontzettend goed in Rotterdam met de integratie, en hebben we daar ook geen onderzoek voor nodig. Er zijn natuurlijk mensen die een beetje achterlopen, die komen uit allerlei kringen. En op sommige terreinen lopen ze weer voor, op andere lopen ze achter. Dat heeft met voetbal te maken, dat heeft met religie te maken, het heeft met cultuur te maken, het heeft met van alles en nog wat te maken. Het zijn allemaal individuele casusgevallen. We hebben een uitgebreide, goede technische sessie gehad over femicide en daar hebben we ook gehoord dat je van elke casus ook specifiek de context moet onderzoeken. Dat kun je niet op een cultuur of wat voor achtergrond schuiven. Daar zitten allerlei zaken achter.
En nogmaals, deze motie roept op tot fout onderzoek, met een verkeerde insteek, en daar moet je niet aan mee willen werken. Never nooit niet. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Voorzitter, dank. Ik weet niet door welke roze bril de heer Coşkun kijkt, maar zo goed vind ik het niet gaan met de integratie. Gewoon het feit dat vrouwen hier niet over straat kunnen lopen omdat ze last hebben van seksuele straatintimidatie, het feit dat homo's hier niet hand in hand kunnen lopen, ik denk dat dat wel degelijk belangrijk is dat mensen die hier komen wonen, andere normen en waarden hebben, dat we met elkaar in ieder geval zorgen dat dat één geheel is en dat we dus ook zorgen dat iedereen kan meedoen. Dat als je hier komt wonen dat je een huis hebt, dat je kunt werken. Dat is overigens ook waar we graag naartoe willen in dit debat, en niet naar dit. De VOORZITTER. De heer Coşkun ook afrondend. De heer COŞKUN (sp). Ja, ik weet dat er mensen zijn in uw kringen die niet zo goed geïntegreerd zijn. Ik weet dat er mensen zijn die niet door mijn wijk durven te lopen omdat ze niet van mensen met hoofddoekjes houden, omdat ze niet van mensen met een kleur houden, omdat ze zich ongezellig voelen in een beetje gekleurde, diverse wijken.
Dus er valt nog veel te doen aan de integratie van mensen uit Kralingen en Schiebroek of hoe het ook allemaal mag heten rondom de Molenlaan. Dat geldt dus voor alle groepen in onze samenleving, dat er strubbelingen zijn. Daar moeten we permanent aan werken. Dat doen we in het onderwijs, dat doen we op alle mogelijke manieren. We hebben zelfs een wethouder die erover gaat. Een letter over samenleven. Dus daar doen we van alles en nog wat aan. Maar over het algemeen is internationaal en nationaal de conclusie dat het redelijk goed gaat met
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2435
die integratie van de Rotterdammers. Dus wat de migratieachtergrond ermee te maken heeft, overal misschien, maar niet in Rotterdam. De VOORZITTER. Ik geef het woord aan de heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Dank voorzitter. Allereerst heeft mevrouw Van Groningen gelijk, sinds de toestroom van grote groepen migranten in de jaren zestig, zeventig is de integratie compleet mislukt, en dat uit zich in gigantische bakken problemen die we iedere dag op straat zien. Dat mag natuurlijk duidelijk zijn. Ik neem aan dat iedereen die niet uit een ei komt dat ook gewoon inziet. En twee, ook even een vraag aan mevrouw Maassen. Want zij springt in de bres voor mevrouw Vlieger. Steunt u die motie die nu is ingediend? De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ja. De heer CEULEMANS (lr). Oké, dan constateer ik dus dat D66 een motie steunt waarin een coalitiepartner wordt beticht van het schenden van mensenrechten en het schenden van de Grondwet. Ik sta hetzelfde in die motie als mevrouw Van Groningen, dus u vindt dat twee coalitiepartners dat doen. Dus u bent er ook dubbelhartig in. U steunt een stoere motie, maar ondertussen werkt u wel braaf met die partijen samen. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ja voorzitter, ik kijk altijd in de samenwerking met mijn coalitiepartners naar wat ze hier lokaal doen.
Want er zijn wel meerdere dingen die gebeuren op landelijk niveau door landelijke partijen waar ik niet altijd achter sta. Maar ik kijk altijd naar hoe de samenwerking hier lokaal is. Ik beticht mevrouw Van Groningen niet van het zich niet houden aan de wetgeving. Ik beticht u daar niet van. Ik zie alleen dat de motie Becker niet is waar ik voor sta en ik steun de oproep van mevrouw Vlieger om ons daarover uit te spreken. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Oké, helder. Dan weet u vanaf nu ook van mijn fractie dat argumenten als ꞌhet moet van het rijkꞌ voor ons niet meer gelden, ook als het gaat om asiel, ook als het gaat om statushouders. Dus daar moet u bij mij niet meer mee aankomen. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ja voorzitter, nogmaals, er zit echt een wezenlijk verschil tussen het uitvoeren van de wet, of een willekeurige motie die in de Tweede Kamer wordt aangenomen, die vraagt om een bepaald onderzoek. Dat is echt een heel groot verschil. Ik kijk graag naar de wet, en de wetgeving moeten we uitvoeren, ook als het rijk dat van ons vraagt. Daarom hebben we wethouders, maar we hebben geen motiehouders. We hebben geen motiehouders hier in Rotterdam. Op het moment dat we het wet- en motiehouders noemen, dan kunnen we een nieuw gesprek voeren, en dan moeten we die moties van de Tweede Kamer ook allemaal uitvoeren.
Dat is op dit moment niet het geval. Er wordt van ons wel gevraagd om wetten uit te voeren en daar wil ik me ook toe beperken. De VOORZITTER. Afrondend de heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Ja, afrondend inderdaad, er zijn hier geen motiehouders, er zijn wethouders. Maar deze motie van mevrouw Vlieger roept op dat als deze motie die landelijk is ingediend tot beleid komt, en de gemeente wordt gevraagd om daaraan uitvoering te geven, dat we daar dan niet uitvoering aan moeten geven. Nogmaals, ik vind dat een trendbreuk en het is heel duidelijk gemarkeerd hier. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger heeft de volgende moties ingediend. Motie 1. Stad met een hart voor minderjarige vreemdeling
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2436
"De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 19 december 2024 ter bespreking van agendapunt 6.2 Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders; constaterende dat: - de indicatieve taakstelling vanuit de Spreidingswet voor het opvangen van minderjarige alleenstaande vreemdelingen (amv) 226 plekken is; - Rotterdam in het regioplan heeft aangegeven slechts 35 plekken ter beschikking te stellen voor amv; overwegende dat: - op basis van indicatieve verdeling Rotterdam 191 plekken te weinig aanbiedt voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen; - deze groep vreemdelingen extra kwetsbaar zijn en daarom extra bescherming nodig hebben; - Rotterdam, door geen uitvoering te geven aan de afspraken binnen de Spreidingswet, niet alleen haar verantwoordelijkheid niet neemt maar ook een extra kwetsbare groep vreemdelingen in de kou laat staan; verzoekt het college: - alleenstaande minderjarige vreemdelingen niet aan hun lot over te laten door te voldoen aan de taakstelling door het gevraagde aantal opvangplekken voor amv te bieden; - hierover terug te koppelen aan de raad; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. L.S. Vlieger, S. van de Peppel, T.S.J. Coşkun, M.R. van Campenhout, P.J.H.D. Verkoelen, T.J. Vonk en M.E. Vogelaar Motie 2.
Moraliteit leidt "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 19 december 2024 ter bespreking van agendapunt 6.2 Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders; constaterende dat: - de gemeente Rotterdam in 2023 en 2024 bijna €140.000 subsidie heeft uitgekeerd aan Stichting GoedWerk; - uit publicatie in het NRC blijkt dat de stichting op onethische wijze te werk gaat in het 'begeleiden naar terugkeer' van personen zonder geldige verblijfsstatus, waarbij het belang van de persoon in kwestie niet voldoende wordt meegewogen en door middel van een financiële prikkel een bepaalde dwang wordt uitgevoerd die mensen beweegt richting 'vrijwillige' terugkeer; overwegende dat: - deze werkwijze, gericht op het verwijderen van personen uit de stad zonder het persoonlijk belang en perspectief mee te wegen, moreel verwerpelijk is; - deze werkwijze niet strookt met waarden van de gemeente Rotterdam rondom een betrouwbare overheid en het bieden van de menselijke maat; - de gemeente Rotterdam geen directe of indirecte steun zou moeten verlenen aan moreel verwerpelijke handelingen van organisaties in de stad; verzoekt het college: - te waarborgen dat de gemeente alleen relaties aangaat met moreel handelende partijen door een ethisch toetsingskader, in samenspraak met de raad, op te stellen wat gebruikt wordt bij het aangaan van subsidierelaties; - derhalve
binnen het beleidsveld inburgering en samenleving uitsluitend subsidierelaties of partnerschappen aan te gaan die moreel aanvaardbaar werken met oog voor de persoonlijke situatie, belangen en perspectief van mensen zonder een huidige geldige verblijfsstatus; en gaat over tot de orde van de dag."
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2437
w.g. L.S. Vlieger en S. van de Peppel Motie 3. Geen onderscheid tussen Rotterdammers "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 19 december 2024 ter bespreking van agendapunt 6.2 Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders; constaterende dat: - Rotterdam als doelstelling heeft statushouders zo snel mogelijk te laten integreren in Rotterdam; - de Tweede Kamer de motie van lid Becker (VVD) heeft aangenomen, waarin wordt opgeroepen tot het monitoren van culturele en religieuze normen en waarden bij Nederlanders met een migratieachtergrond; - artikel 1 van de Grondwet bepaalt dat iedereen die zich in Nederland bevindt, gelijk wordt behandeld en dat discriminatie op welke grond dan ook niet is toegestaan; - Rotterdam met meer dan 170 nationaliteiten een diverse stad is met veel inwoners met een migratieachtergrond; overwegende dat: - integreren alléén verwacht kan worden van statushouders wanneer er sprake is van gelijkwaardigheid in behandeling en bejegening; - ditzelfde geldt voor volwaardig meedraaien in de samenleving voor alle Rotterdammers met een migratieachtergrond; - het bijhouden van dergelijke gegevens risico's met zich meebrengt op het gebied van privacy, stigmatisering en mogelijke schending van de Grondwet; - het verzamelen en delen van informatie over culturele en religieuze normen en waarden specifiek gericht op inwoners met
een migratieachtergrond in strijd is met de inclusieve waarden en de nondiscriminatiebeginselen die Rotterdam nastreeft; - Rotterdam veel inwoners heeft die direct geraakt worden door dit voorstel en zich begrijpelijk zorgen maken over hun rechten en positie in de samenleving; spreekt uit: - dat de motie Becker oproept tot een schending van het gelijkheidsbeginsel en artikel 1 van de Grondwet; - naast alle Rotterdammers met een migratieachtergrond te staan door hun rechten te beschermen; verzoekt het college: - geen medewerking te verlenen aan eventuele verzoeken van het rijk naar aanleiding van de motie Becker om informatie te verzamelen of te delen over culturele en religieuze normen en waarden van Rotterdammers met een migratieachtergrond; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. L.S. Vlieger, A.J.A. Maassen, S. Soytekin, T. Kind, T.S.J. Coşkun en M.R. van Campenhout De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Ik geef de heer Soytekin het woord. De heer SOYTEKIN (denk). Ja, met het gevaar toch weer een stap terug te gaan in deze discussie, wat ik eigenlijk zelf niet eens wilde, want de motie en de woorden die hier vallen over integratie en de massale problemen waarvoor die mensen hebben gezorgd die in de jaren zestig hiernaartoe zijn gekomen, wat zojuist gezegd werd door de heer Ceulemans, werp ik verre van mij.
Het was gisteren nog de dag van de gastarbeider (Internationale Dag van de Migrant). Dat hebben we mogen vieren. Dat hebben we mogen herdenken. En om dan vandaag met zo'n opmerking te komen. Die motie, zeg ik tegen de heer Ceulemans, gaat over mij. Die motie gaat over mij, over mijn waarden, mijn normen. En die motie zegt: uw ouders zijn ergens anders geboren, dus ik ga u onderzoeken. Ik ga kijken wat u in uw dagelijks leven doet, of dat goed of fout is. Die motie zegt niet: houdt mijnheer Soytekin zich aan de wet? Want dat zou prima kunnen zijn. Ik houd me aan de wet, aan de regels die hier in Nederland zijn. En dan ben ik gewoon een Rotterdammer, net zoals u. En deze motie zegt: nou, omdat de heer Soytekin
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2438
misschien meedoet aan de ramadan, of dat hij zorgt voor zijn ouders, of dat hij zijn ouders in huis neemt in plaats van in een bejaardentehuis, want dat zijn ook bepaalde culturele waarden, hoort hij hier niet thuis of is hij verdacht. Dat zegt die motie en daarom is die fout. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr). Voorzitter, de heer Soytekin kan deze motie persoonlijk maken, de problemen die decennialang van massale immigratie in deze stad veroorzaakt hebben, is voor heel veel Rotterdammers persoonlijk. Dat zijn mensen wiens familie hier al generaties lang woont, en die zien dat hun waarden en hun veiligheid en hun identiteit door het afvoerputje gaan door massale immigratie. Als u het persoonlijk wilt maken, moet u ook naar die mensen kijken. De VOORZITTER. De heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). En ik kijk ook naar die mensen en die mensen die hier generaties wonen zijn ook mijn ouders. En die wonen samen met de kiezers van Leefbaar Rotterdam naast elkaar, en die vormen de stad. Die vormen de stad op een goede manier. Het is niet dat er oorlog is hier in Rotterdam. Het is niet dat er elke dag vrouwen verkracht worden door heel Rotterdam, zoals u mensen wilt doen laten geloven. Dat is niet het geval. Wat deze motie zegt, is dat puur op basis van gedachten mensen gecontroleerd en verdacht worden gemaakt.
En daarom is deze motie, nogmaals, ontzettend fout. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Ja voorzitter, ook ik wilde liever niet die stap terugdoen, maar ik moet het toch doen. De woorden van mevrouw Van Groningen werp ik verre van mij en hetzelfde geldt voor die van de heer Ceulemans. Maar ik wil toch echt reageren op de woorden van mevrouw Van Groningen. Want dat is politiek van verdachtmaking, van mensen in een hoekje zetten en zondebokpolitiek, van polarisatie en het wantrouwen voeden. Ik wil u vragen om dit niet te doen. Het gaat juist om het vertrouwen terugwinnen. Als we dat daadwerkelijk belangrijk vinden, en als de VVD daadwerkelijk cijfers zo belangrijk vindt, dan doe je zo'n onderzoek onder iedereen. En dan ga je niet daarna ꞌja maarꞌ zeggen en dan allerlei redenen opnoemen die een bepaalde groep mensen verdacht maken. Dat is polariserend en dat is niet de manier waarop wij hier met onze Rotterdammers om moeten gaan. De VOORZITTER. Mevrouw Van Groningen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Ja voorzitter, mevrouw Vlieger spreekt mij aan, dus het lijkt me goed als ik daar nog even op reageer. Ik vind het gewoon feitelijk onjuist wat u zegt. Uiteindelijk bent u degene hier die oproept tot polarisatie, die iets neerlegt, een frame neerlegt op een partij. Hoe u percipieert dat het is gegaan. Het enige wat zij vragen is: wij willen de feiten hebben.
Zo'n onderzoek kun je niet doen onder iedereen, hoe graag we het misschien zouden willen. De simpele reden is omdat je daar niet kunt toetsen hoe de integratie loopt. Dat moet je doen bij de mensen die hier zijn komen wonen. Vragen hoe het gaat: heb je een baan, spreek je de taal, kun je meedoen? Dat is precies de essentie van deze motie geweest. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Volgens mij snapt mevrouw Van Groningen de motie niet. Als je wilt weten hoe lang mensen al taal volgen, daar hebben we gewoon trajecten voor. Daar hebben we monitoren voor in de stad. Daar gaat het niet om. Het gaat om de normen en waarden van mensen. Dat is iets heel anders. Dan heb jij al werk en dan begrijp jij de Nederlandse taal. Waar het hier om gaat, is de verdachtmaking. Er worden ook mij constant allerlei woorden in de mond gelegd. Dat ik aan het polariseren ben. Nee, ik probeer hier te zeggen: wij staan naast alle Rotterdammers en dus ook die zovele mensen, die honderden verschillende nationaliteiten die wij hier hebben. En op de een of andere manier kan de VVD het niet over haar hart verkrijgen om ook naast die Rotterdammers te staan. De VOORZITTER. De heer Van Campenhout. De heer VAN CAMPENHOUT (bij1). Ja voorzitter, door te claimen dat de integratie totaal mislukt is, schrijf je een hele groep Rotterdammers af als mislukt die een migratieachtergrond hebben.
Er zijn veel
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2439
mensen die succesvol bijdragen aan de Rotterdamse samenleving. Die groep is vele malen groter. En ik vind het ook niet passend dat juist een bepaalde groep onderzocht wordt, puur omdat ze een andere afkomst hebben dan het Nederlanderschap, of dat ze ouders hebben die een andere afkomst hebben. Ik heb met verschillende mensen nu gesproken, bestuurders, mensen met een migratieafkomst die zich succesvol hebben ingezet voor onze samenleving en die voelen zich ook echt benadeeld door deze motie en de gang van zaken en hoe we daarmee omgaan. Dus ik sluit me echt hartstikke aan bij deze motie die straks wordt ingediend, want ik vind het niet passend dat we straks tweederangsburgers krijgen in deze stad. De VOORZITTER. Ik ga even kijken wie de volgende is op de lijst. Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda). Ja voorzitter, terug naar het onderwerp zou ik willen zeggen, want we hebben dit debat in de commissie gevoerd en het gaat onder andere over de Spreidingswet. Dat is natuurlijk een heel controversiële wet geweest, al een paar jaar lang. Ik ben blij dat ondanks dat het kabinet van plan is om deze in te trekken, die nog wel van toepassing is. Wat mij eigenlijk zorgen baart, is dat wij vervolgens als Rotterdam zijnde er van alles aan doen om daar onderuit te komen.
De Spreidingswet is juist bedoeld voor gemeenten om hun verantwoordelijkheid te nemen in het opvangen van asielzoekers, zodat we in Nederland kunnen zorgen dat asielzoekers een plek krijgen en dat bijvoorbeeld Ter Apel niet volloopt. We hebben het al gehad over die asielketen die helemaal verstopt zit. Hoe kan het dan, vraag ik me af, en dat is ook mijn vraag aan de wethouder, dat wij maar 500 asielzoekers gaan opvangen? Want de wethouder geeft aan in zijn brief dat er 2500 plekken worden ingediend, maar daar zijn 2000 plekken van voor statushouders, terwijl de Spreidingswet echt is bedoeld voor de opvang van asielzoekers. Mijn vraag is dan eigenlijk: is dat omdat in het coalitieakkoord is afgesproken dat Rotterdam slechts 500 asielzoekers opvangt? En ik ben ook heel erg benieuwd, en misschien dat de andere partijen daar op kunnen reageren, waarom ook de fracties van VVD en D66 dit laten gebeuren, terwijl zij in Den Haag zich juist altijd met bloed, zweet en tranen hebben ingezet voor de Spreidingswet? De VOORZITTER. Dit lokt een reactie bij de heer Becker uit. De heer BECKER (vvd). Ja, dank u wel. Nou, wij zijn heel blij met deze afspraak die we in het coalitieakkoord hebben gemaakt en ook op de manier waarop deze wethouder er uitvoering aan geeft.
Rotterdam doet heel veel in de opvang van niet alleen asielzoekers, maar ook statushouders en doet dat op een manier, we hebben een stad die gewoon druk is. Er is gebruik aan ruimte, mensen zoeken een woning. Deze wethouder geeft zo'n invulling aan de opvangopgave die we hebben dat de stad ook ontlast wordt door middel van schepen. En wij zien dit als een heel goede afspraak die op een heel goede manier wordt uitgevoerd. De VOORZITTER. Mevrouw Vogelaar. Mevrouw VOGELAAR (pvda). Ja, dank u wel de heer Becker voor uw toelichting. Ik vind dat toch interessant, omdat de hele gedachte van de Spreidingswet is juist om te zorgen dat gemeenten hun aandeel nemen in asielopvang. Dat daar een indicatief getal voor is genomen waarin ook gewogen wordt wat de draagkracht is van een gemeente, dus er wordt ook gekeken naar de sociaaleconomische status bijvoorbeeld en op basis daarvan wordt een richtgetal afgegeven. En daar zitten wij als Rotterdam gewoon zwaar onder. Dus ik ben daar toch heel verbaasd over, maar ik denk dat ik gewoon maar verderga met mijn betoog, want het wordt nog erger. Begin december is bekend geworden dat de opgave van de Spreidingswet op nationaal niveau wordt verhoogd van 96.000 plekken naar 115.000 plekken. Dat is een stijging van zo'n 20% en de kans is dus groot dat Rotterdam meer asielzoekers moet gaan opvangen.
De wethouder heeft in de commissievergadering aangegeven dat hij zeker uitvoering zal geven aan het verdeelbesluit van de minister, dus daar ben ik heel blij om en ook blij als de wethouder dit zo in zijn termijn nogmaals kan bevestigen. Maar de wethouder heeft ook aangegeven dat hij nog geen enkel idee heeft hoe hij een eventuele hogere opgave gaat uitvoeren en ook hoe die opvang dan geregeld wordt. Want in Rotterdam hebben we tot en met 31 januari 2025 opvanglocaties geregeld voor asielzoekers en de doorstroomlocatie Silja. Maar per 1 februari 2026 zijn daarvan nog, zoals het er nu naar uitziet, 35 plekken voor amv'ers over en is er voor de rest nog niets geregeld. Voorzitter, zoals de wethouder in dat commissiedebat zelf aangaf: regeren is vooruitzien, en om de wethouder daar een handje bij te helpen, dient de PvdA samen met veel andere partijen een motie in die het college verzoekt om duurzame opvang voor asielzoekers te regelen. En voor de
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2440
duidelijkheid: duurzame opvang gaat om kleinschalige meerjarige opvang verdeeld over de stad en niet op boten. Ik ben benieuwd of de wethouder inmiddels wel een idee heeft hoe hij dit gaat realiseren. En voorzitter, tot slot dien ik nog een motie in die met een vergelijkbare strekking in meerdere steden is ingediend, met het verzoek om geen kind meer in noodopvang of doorstroomlocaties op te vangen, omdat alle kinderen recht hebben op een veilige, stabiele omgeving waar ze gewoon kind kunnen zijn. En in het kader van de kerstgedachte hoop ik dat ik hiervoor een meerderheid in deze raad kan vinden. De VOORZITTER. De heer Becker wil daar nog wat over zeggen. De heer BECKER (vvd). Ja, toch een vraag over die laatste motie. Zijn er dan volgens mevrouw Vogelaar gevallen in Rotterdam dat dat het geval is, dat kinderen in noodopvanglocaties worden opgevangen? Want het is mooi om dat uit te spreken, maar als het niet nodig is… Volgens mij is dat namelijk niet het geval. Mevrouw VOGELAAR (pvda). Wat ik heb begrepen is dat er op dit moment in de asielnoodopvang inderdaad geen kinderen zitten, dus dat is op de rivierschepen. Maar op de Silja, dus de doorstroomlocatie, bevinden zich wel kinderen en ook dat vinden wij onwenselijk. De VOORZITTER. Mevrouw Vogelaar heeft de volgende moties ingediend. Motie 4.
Voldoe aan verdeelbesluit Spreidingswet "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 19 december 2024, ter bespreking van 'Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders'; constaterende dat: - de Spreidingswet in het leven is geroepen omdat het gemeenten tot nu toe niet lukte om voldoende opvangplaatsen te realiseren voor asielzoekers1; - gemeenten vanuit de Spreidingswet een indicatieve opgave toegewezen hebben gekregen voor het opvangen van asielzoekers; - Rotterdam een indicatieve opgave heeft van 2667 of meer plekken; - het college per brief van 1 oktober jl.
heeft aangegeven dat Rotterdam 2500 plekken realiseert t/m 31 januari 2026 en daarmee niet voldoet aan de indicatieve opgave; - er van de 2500 beschikbare plekken slechts 500 plekken zijn voor asielzoekers, waaronder 35 plekken voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv's); overwegende dat: - de indicatieve opgave van 2667 onder andere is bepaald aan de hand van de sociaaleconomische status van de gemeente en dit aantal daarmee zeer redelijk is; - het bieden van 500 plekken voor asielzoekers zwaar ondermaats is gelet op de gestelde opgave; - de overige 2000 plekken die Rotterdam aanbiedt voor statushouders en niet voor asielzoekers zijn, en deze plekken gedeeltelijk ook nog eens een regionale functie hebben; - de kosten voor de opvang worden bekostigd vanuit het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA); - de verwachting is dat de huidige indicatieve opgave bij het verdeelbesluit wordt opgehoogd vanwege een grotere opvangbehoefte2; verzoekt het college: - alsnog aan de indicatieve opgave van 2667 plekken te voldoen voor de opvang van asielzoekers gekoppeld aan Rotterdam; - onverkort uitvoering te geven aan het definitieve verdeelbesluit van de minister van Asiel en Migratie, ook wanneer de opvangopgave wordt verhoogd; en gaat over tot de orde van de dag." 1 Veelgestelde vragen Spreidingswet I Asielbeleid I Rijksoverheid.nl 2 Kamerbrief over actuele situatie asielketen
en Oekraïense ontheemden december 2024 I Kamerstuk I Rijksoverheid.nl
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2441
w.g. M.E. Vogelaar, L.S. Vlieger, S. van de Peppel, T. Kind, M.R. van Campenhout, T.S.J. Coşkun, R.G.C. Segers-Hoogendoorn en T.J. Vonk Motie 5. Duurzame opvang van asielzoekers is beter voor iedereen "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 19 december 2024, ter bespreking van 'Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders'; constaterende dat: - een doel van de Spreidingswet is om duurzame opvang van asielzoekers te realiseren; - vrijwel alle plekken die Rotterdam in het kader van de Spreidingswet heeft georganiseerd een tijdelijk karakter hebben op tijdelijke locaties, namelijk cruise- en rivierschepen; - de plekken op de rivierschepen beschikbaar zullen zijn tot 1 februari 2026; - er volgens de huidige plannen van het college per 1 februari 2026 slechts 35 duurzame opvangplekken voor asielzoekers in Rotterdam over- en openblijven; overwegende dat: - betrokken maatschappelijke organisaties aandringen op duurzame opvang omdat het bijdraagt aan maatschappelijk draagvlak.
Het is prettiger wonen voor mensen in de opvang en voor de wijkbewoners daaromheen; - asielzoekers in een duurzame opvang betere toegang hebben tot voorzieningen en activiteiten in de buurt, wat bijvoorbeeld participatie en uiteindelijk inburgering versnelt; - een duurzame opvang bijdraagt aan welzijn van asielzoekers en dit uiteindelijk een positief effect heeft op de zorgkosten; - de maatschappelijke kosten van tijdelijke opvangplekken hoger zijn dan die van kleinschalige duurzame opvang1; - riviercruiseschepen niet over faciliteiten beschikken die duurzame en menswaardige opvang mogelijk maken; - er onderaan de streep per 1 februari 2026 slechts 35 opvangplekken zullen zijn wanneer het college niet verder kijkt dan zijn neus lang is; verzoekt het college: - met hoge prioriteit duurzame en menswaardige opvanglocaties voor het bieden opvang van asielzoekers in het kader van de Spreidingswet te realiseren voor de periode na 1 februari 2026; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. M.E. Vogelaar, S. van de Peppel, M.R. van Campenhout, T.S.J. Coşkun, T.J. Vonk en T. Kind 1 Kamerbrief over actuele situatie asielketen en Oekraïense ontheemden december 2024 I Kamerstuk I Rijksoverheid.nl
Motie 6. Geen kind meer in de asielnoodopvang of tijdelijke doorstroomlocatie "De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 19 december 2024, ter bespreking van 'Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders'; constaterende dat: - het aantal kinderen in Nederland in de noodopvang de afgelopen jaren sterk is toegenomen, met naar schatting 6200 kinderen in 20241 waarvan ongeveer 2500 alleenstaand zijn; - de omstandigheden in veel noodopvanglocaties, zoals galmende geluiden, gedeelde ruimtes zonder privacy en beperkte speelmogelijkheden, niet voldoen aan de normen die nodig zijn voor een veilige en stabiele omgeving voor kinderen; - in Rotterdam er op dit moment geen kinderen worden opgevangen in de noodopvang maar dit geen garantie biedt voor de toekomst; - er op de tijdelijke doorstroomlocatie MS Silja wel kinderen verblijven onder voornoemde ongewenste omstandigheden; - meerdere toezichthouders, waaronder de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd2 Hebben geconstateerd dat kinderrechten in de noodopvang regelmatig worden geschonden door een gebrek aan stabiliteit, onderwijs en toegang tot medische zorg;
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2442
overwegende dat: - alle kinderen het recht hebben op een veilige, gezonde en stabiele omgeving; - gemeenten het rijk nodig hebben om structurele en landelijke oplossingen te realiseren die ervoor zorgen dat kinderen in de asielopvang de zorg en stabiliteit krijgen die zij nodig hebben; - het verblijf van kinderen in de noodopvang of tijdelijke doorstroomlocatie de kans vergroot op zeer blijvende negatieve effecten op hun ontwikkeling en welzijn, wat niet in lijn is met internationale kinderrechten; verzoekt het college: - de situatie van kinderen in de noodopvang en doorstroomlocaties samen met andere gemeenten actief te agenderen in overleg met het rijk, en specifiek de zorgen over de schending van kinderrechten over te brengen; - het rijk op te roepen om te zorgen voor structurele oplossingen – zoals kleinschalige en kindvriendelijke locaties, met als uitgangspunt geen opvang op schepen – waar kinderen kunnen rekenen op stabiliteit, toegang tot onderwijs en goede medische zorg; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. M.E. Vogelaar, M.R. van Campenhout, T.S.J. Coşkun, S. van de Peppel, T.J. Vonk en L.S. Vlieger 1 https://jeugdjournaal.nl/artikel/2528591-baseer-woont-al-maanden-in-de-noodopvang-kan-niet-naar-school 2 https://www.igj.nl/actueel/nieuws/2023/05/03/inspecties-veiligheid-en-ontwikkeling-kinderen-asielopvang-nog-steeds-in-
gevaar
De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Dan geef ik het woord aan de heer Vonk. De heer VONK (cu). Dank u wel voorzitter. Het niveau van beschaving is af te lezen aan hoe je omgaat met de meest kwetsbaren en daarom is het onderwerp van opvang van statushouders, Oekraïners en asielzoekers altijd van groot belang. Allereerst dank aan de wethouder voor het toesturen van de informatie over de opvang op de Silja. Het geeft in ieder geval weer meer duidelijkheid. De duidelijkheid die wij ook vroegen in de commissie, dus dank daarvoor. Vanaf het begin heeft de ChristenUnie met argusogen naar de deal gekeken die is gesloten ten aanzien van de Silja, omdat daar statushouders worden opgevangen, niet in de reguliere huisvesting, zoals de taakstelling dat eigenlijk vraagt, maar op een marginale huisvesting van opvang. Dat is nooit de bedoeling geweest van die taakstelling en we zien dat dan ook als een uiterste noodmaatregel. Daarom waren wij zo ongelofelijk enthousiast over dat particuliere initiatief dat er in de stad kwam, van Thuisgevers. Want hoe klein dat initiatief ook is, daar worden mensen wel in reguliere woningen geplaatst, en voorzien van een warm netwerk. Dat is de beste voorwaarde om te kunnen integreren in een nieuw land. En dat is iets wat de overheid nooit op die manier kan bieden.
De ChristenUnie vindt het dan ook onbegrijpelijk dat de gemeente ervoor kiest om deze samenwerking te stoppen. Met als argument: iedereen moet de boot in. Dat klinkt efficiënt maar het is oerdom en een slecht signaal. Het is ook een ontmoediging naar een dergelijk particulier initiatief. We hebben ook verhalen gehoord van mensen die in die woningen zijn geplaatst, ook mensen die eerst op die boot hebben gezeten en toen in die woningen terecht zijn gekomen. En als je dan hoort over de vreugde die zij beleven en de ongelofelijke overgang, hoe zij die meemaken, dan moet je dit gewoon willen. We willen de wethouder dan ook oproepen om de samenwerking met Thuisgevers niet te stoppen, maar alles op alles te zetten om dit initiatief doorgang te laten vinden. Daarvoor wil ik ook een motie indienen en die motie is niet bedoeld om een akkoord al per motie af te dwingen, want dat kun je natuurlijk niet per motie regelen, maar wel om in gesprek te gaan met Thuisgevers met de intentie in ieder geval om samen tot een akkoord te komen. Daarvoor wil ik de motie straks indienen, ꞌThuis geven aan Thuisgeversꞌ. Een tweede punt dat ik wil maken voorzitter is over de taakstelling voor plekken amv. In de eerste plaats over dat rommelige proces in Nesselande.
We hebben de informatie van de wethouder goed bestudeerd en die heeft aangegeven dat er een omgevingsbeeld is gemaakt van Nesselande en daar hebben we het in de commissie ook over gehad. Hij heeft aangegeven in de commissie dat hij dat niet wil delen en dat verbaast ons, want als ons als raad wordt uitgelegd hoe een proces werkt en vervolgens je achteraf wil zeggen, dan willen we dat ook wel eens controleren, dan krijg je vervolgens de informatie niet waarvan hij op voorhand heeft gezegd dat die er wel is. Wij vinden dat raar. We gaan er geen motie over indienen, maar ik hoop eigenlijk dat
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2443
de wethouder alsnog kan toezeggen dat hij die informatie met ons wil delen. Want voorzitter, er is ook een enorme kloof tussen de taakstelling, 226, en de realisatie van plekken van 35. Dus er moet ook echt iets gaan gebeuren. Dan willen we ook weten hoe de wethouder richting die taakstelling gaat toewerken. We snappen dat je dat niet in één keer gaat halen, en we snappen ook dat heel veel informatie niet gedeeld kan worden, bijvoorbeeld over specifieke locaties en de zoektocht daarnaar. Maar we willen wel graag een plan van aanpak dat in algemeenheid schetst hoe de wethouder wil komen tot de realisatie van die taakstelling. Daarom dien ik daarover ook een motie in, en die heet ꞌLaat je goede voornemens zienꞌ. Deze moties worden mede ingediend door GroenLinks, de SP, BIJ1 en de PvdA. Voorzitter, ik wil geloven dat het omgaan met de meest kwetsbare mensen in Rotterdam bij dit college in goede handen is, maar laat het dan ook zien. Dank u wel. De VOORZITTER. De heer Vonk heeft de volgende moties ingediend. Motie 7.
Thuis geven aan Thuisgevers "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 19 december 2024 ter bespreking van de collegebrief 'Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders'; constaterende dat: - Rotterdam een taakstelling heeft op het gebied van statushouders die de stad vraagt om mensen te voorzien van reguliere huisvesting; - het college ervoor kiest om een groot deel van deze statushouders te huisvesten in een tijdelijke opvanglocatie (de Silja); - er initiatieven zijn vanuit de samenleving, zoals het initiatief van Thuisgevers, die huisvesting bieden in reguliere huisvesting met een warme begeleiding vanuit de Rotterdamse gemeenschap; - het college ervoor kiest om het initiatief Thuisgevers niet te ondersteunen met als argument dat iedereen in de genoemde opvanglocatie opgevangen moet worden; - de mensen die worden opgevangen, bijvoorbeeld afkomstig van de Silja, hun grote blijdschap en dankbaarheid laten merken vanwege de enorme verbetering van hun situatie; overwegende dat: - sociale initiatieven voor de huisvesting van kwetsbare burgers juist ondersteund moeten worden omdat ze met hun betrokkenheid een woning en een warm netwerk kunnen bieden wat de overheid niet zo goed kan; - schaalgrootte niet relevant is, alles is beter dan tijdelijke opvang op een boot; - met je gezin in een huis zoveel beter is dan met 2000 mensen op een boot;
- het stopzetten van de samenwerking een slecht signaal is naar al die Rotterdammers die zich hier – voor een groot deel belangeloos – voor inzetten; verzoekt het college: - het gesprek te heropenen met stichting Thuisgevers om te komen tot een akkoord voor de huisvesting van statushouders via dit maatschappelijke initiatief; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, L.S. Vlieger, T.S.J. Coşkun en M.E. Vogelaar Motie 8. Laat je goede voornemens zien "De gemeenteraad van Rotterdam, bijeen op 19 december 2024 ter bespreking van de collegebrief 'Ontwikkelingen opvang van vluchtelingen en Oekraïners en huisvesting van statushouders'; constaterende dat: - Rotterdam een taakstelling kent voor de opvang van alleenstaande minderjarige asielzoekers; - deze taakstelling is vastgesteld op 226; - de realisatie ligt op 35, ongeveer 15% van de taakstelling; overwegende dat: - er voor de raad nog geen begin is te zien van een stap richting realisatie van de taakstelling;
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2444
-
mogelijke stapjes zoals de zoektocht naar 1 extra locatie – waarmee we bij lange na niet in de buurt komen van de realisatie van de taakstelling – in het uiterste geheim plaatsvindt; het hier gaat om een zeer kwetsbare groep binnen de toch al kwetsbare groep van vluchtelingen; solidariteit bij de realisatie van de opvang in ons land een groot goed is en Rotterdam dus ook zijn aandeel moet nemen; andere taakstellingen, zoals de taakstelling in het kader van de Spreidingswet, ook niet gehaald worden en daarmee het vertrouwen dat dit college zich tot het uiterste inspant voor de opvang van zeer kwetsbare vluchtelingen niet groeit;
verzoekt het college: - in het eerste kwartaal van 2025 met een plan te komen waarin beschreven staat welke stappen het college zet om de taakstelling te realiseren; - hierin duidelijk te maken wat het college als realistisch doel ziet voor de realisatie van deze taakstelling; - hierin duidelijk te maken wat – naast de geheime zoektocht naar een nieuwe locatie – de andere inspanningen zijn om deze taakstelling (deels) te halen; - hierover eind eerste kwartaal de raad te informeren; en gaat over tot de orde van de dag." w.g. T.J. Vonk, M.R. van Campenhout, L.S. Vlieger en T.S.J. Coşkun De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Hartelijk dank mijnheer Vonk. Dan geef ik het woord aan de heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja voorzitter, er is al veel over gezegd en in tegenstelling tot mevrouw Vogelaar had ik de brief van de wethouder en alle nagekomen brieven juist positief gelezen en wilde ik de heer Ceulemans complimenteren met zijn voortschrijdend inzicht, want in de notulen van 12 november had hij nog gezegd: 500 blijft 500, en die 2000 op de Silja zijn voor statushouders. En ik had juist gelezen: de wethouder heeft die 2000 plekken op de Silja in de aanbieding gedaan voor asielzoekers. Maar misschien heb ik er helemaal niets van begrepen. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr).
De heer Coşkun heeft er inderdaad helemaal niets van begrepen. Die 500 plekken zijn de bestaande 500 plekken voor asielopvang en de 2000 plekken op de Silja zijn plekken voor gekoppelde statushouders. Dus u heeft er inderdaad niets van begrepen, maar goed dat u dat zelfinzicht inmiddels heeft ontwikkeld. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja, ik had begrepen, daar zitten een paar honderd voor Rotterdam en een paar honderd voor randgemeenten die nog een huis moeten krijgen en binnen vijf maanden stromen ze uit. En dan komen die plekken vrij voor asielzoekers die ons toegewezen gaan worden vanaf 1 januari 2025. Dat zouden er 2600-zoveel zijn. Waarschijnlijk 3000. Dan hebben we in ieder geval nog iets. Maar zo heb ik dat gelezen. Dus ja, dan moet ik nog niet blij zijn met uw voortschrijdend inzicht, maar in het kader van de Spreidingswet komt dat nog wel, want er komen echt meer asielzoekers naar Rotterdam. Dan zou ik u willen zeggen, net zo goed als ik blij was dat u vorig jaar voortschrijdend inzicht had dat er toch zestig mensen onderdak mogen vinden die dus niet meer op straat hoeven te slapen en dat er twaalf mensen uit de bed-bad-broodregeling bij ons blijven. Dus ik hoop dat ik ook snel het voortschrijdend inzicht rondom asielzoekers bij de heer Ceulemans kan constateren. De VOORZITTER. De heer Ceulemans. De heer CEULEMANS (lr).
Ja, de heer Coşkun heeft volgens mij thuis heel leuk iets geprobeerd in te studeren, maar het komt totaal niet uit de verf omdat het van A tot Z onzin is wat u zegt. Er komen niet asielzoekers op de Silja, ook niet na 1 januari. Die Silja is voor gekoppelde statushouders. Dat is de
raadsvergadering van 19 december 2024
Notulen pagina
2445
deal, daar zijn die plekken voor. Het aantal asielopvangplekken in Rotterdam blijft 500, dus u kunt nu proberen eronderuit te glibberen met een woordgrapje, maar u snapt er gewoon helemaal niets van. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Nou ja, ik heb goed naar de heer Ceulemans geluisterd. De wet is de wet, die moeten we uitvoeren. Dus straks moeten wij 2612, misschien 3000 asielzoekers opvangen in Rotterdam. Nou, de SP stelt dan voor om vijf kleinere asielzoekerscentra te maken, verspreid over de stad, maximaal 600, zodat we die mensen fatsoenlijk kunnen opvangen. Dat kon in het verleden, dat konden we bij de Beverwaard. Dat konden we op allerlei andere plekken. Dat kunnen we nu nog. Zo ingewikkeld is dat niet. Dus ik ga dan weer vragen aan de wethouder: wanneer denkt u volgend jaar ons… Want we zijn al tien maanden hierover in gesprek, waar gaan we die asielzoekers die wij moeten opvangen dan plaatsen? Hetzelfde geldt voor de minderjarige asielzoekers, waar ook te weinig plekken voor zijn, volgens de normen waar we wel straks aan moeten voldoen. Dat is dan aan mijn vraag aan de wethouder en het hele college. De VOORZITTER. Oké, u bent gelijk klaar. Heel goed. Dan de heer Soytekin. De heer SOYTEKIN (denk). Dank voorzitter. Voorzitter, in Rotterdam vangen we zo'n 2000 Oekraïners op.
Er zijn opvangplekken voor 500 asielzoekers en ook 2000 gekoppelde statushouders worden gehuisvest op de Silja. Daarnaast voldoen wij, in tegenstelling tot veel andere gemeenten, aan onze taakstelling en dat doen we al een tijdje. Ik wil de wethouder dan ook complimenteren voor het behalen van die taakstelling in een zeer complexe situatie, zeker met dit kabinet en deze minister. Daar kom ik zo nog wel even op terug. Het provinciaal verslag laat in ieder geval wel zien dat er ook uitdagingen zijn, vooral met de opvang voor amv'ers. Daar werd net ook al aan gerefereerd. In de brief van de commissaris wordt benadrukt dat gemeenten meer moeten samenwerken en dat er een integrale aanpak nodig is om die druk te verlichten. En voor amv'ers die pas na hun achttiende een verblijfsstatus krijgen, lijkt er geen structurele warme overdracht te zijn. Daarom ook de vraag of wij daar iets in kunnen betekenen, want het ligt volgens mij wel voornamelijk bij het COA, maar wellicht dat de wethouder daar voor zichzelf ook een rol ziet. Voorzitter, als we het hebben over asielzoekers wordt er ten onrechte een negatief beeld gecreëerd, met name ook door het huidige kabinet en vooral deze minister. Deze minister die alleen maar meer stuurt op chaos en verdeeldheid, blijkt ook nog eens onbekwaam en onbereikbaar te zijn.
Het lijkt me dan ook voor provincies, gemeenten en het COA onwerkbaar om met dat onderbuikbeleid van Faber te moeten werken. Eerst zou de Spreidingswet worden ingetrokken, toen toch weer niet. Er werd maanden gezocht naar een dragende motivering om een crisis uit te roepen, en na de ꞌu moet terugꞌ-borden, die niet bestonden, zijn we inmiddels zinloze grenscontroles aan het uitvoeren. En inmiddels wordt er gebroed op de vraag: wat is soberder? Want dat weet ook nog niemand. Ik kan me dus voorstellen dat het als lokaal bestuur en als lokale bestuurder ook bijzonder frustrerend moet zijn om bijna wekelijks verrast te worden met onwerkelijke ideeën uit die fantasiewereld van Faber. Mijn vraag is dan ook: hoe gaat de wethouder om met het zwalkend beleid en geeft hij ook mee in de gesprekken, ik weet niet of hij die heeft, dat dit in ieder geval niet bijdraagt aan goed uitvoerbaar beleid in de gemeente? En door dit sentiment worden in het land inmiddels ook raadsleden bekogeld en bedreigd wanneer zij opkomen voor nieuwe opvangplekken, want ze pikken al onze woningen in, want we durven niet meer over straat. Het zijn allemaal testosteronbommen, enzovoort, enzovoort. Mensen wordt wijsgemaakt dat alles is opgelost in Nederland wanneer we geen vluchtelingen meer opvangen.
En voorzitter, het wordt daarom ook steeds belangrijker om transparanter te zijn, feiten weer te geven en om in de wijze waarop we opvang en huisvesting van asielzoekers en statushouders organiseren meer inzicht in te bieden, om zo ook de onwaarheden tegen te spreken en om te zorgen dat omwonenden, die zorgen die zij hebben ook weg te nemen. Want het gebrek aan draagvlak en informatievoorziening rondom asielopvang kan leiden tot toenemende spanningen in wijken en buurten. Omwonenden en wijkorganisaties worden al betrokken bij nieuwe opvanglocaties, maar een uniforme en een gestructureerde werkwijze, denk bijvoorbeeld aan klankbordgroepen of andere vormen, kan dit wellicht nog verder verbeteren. Dus actief met de wijk samenwerken om bij te dragen aan het versterken van die transparantie en ook het draagvlak. Daar dien ik ook graag een motie voor in voorzitter. Tot zover. De VOORZITTER. De heer Soytekin heeft de volgende motie ingediend. Motie 9. Vergroten draagvlak en transparantie rondom asielopvang