CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20240613- Notulen van de raadsvergadering van 13 juni 2024

Gemeenteraad 9 juli 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de raadsvergadering van 13, 18 en 20 juni 2024.60.579 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

De VOORZITTER. Mevrouw De Jong. Mevrouw DE JONG (gdj). Dat klopt, maar die keuzes worden niet uiteindelijk door mij gemaakt. Vorig jaar hebben we het hier ook over gehad met de concept-Voorjaarsnota. Dezelfde punten zijn toen ook al naar voren gebracht. Die zijn ook in principe naar... daar is ook geen gehoor aan gegeven op zo’n wijze, uiteindelijk worden de plannen gemaakt en wij spreken als één mond, als gemeenteraad, als één mond. Maar ik ben een heel klein, klein onderdeel daarvan en daarin heb ik mijn zegje ook destijds gedaan voordat de plannen überhaupt zijn doorgevoerd, dat ik het er niet mee eens was. Dus. De VOORZITTER. De heer Roskam. De heer ROSKAM (lr). Kijk, het college spreekt met één mond. De raad met een vijftien verschillende monden eigenlijk, eigenlijk met 45 monden. Maar goed, dus daarbij wilde ik het laten. Punt. De VOORZITTER. Helder. Mevrouw DE JONG (gdj). Mag ik daar nog even op reageren voorzitter? Ja, dat is ook zo, maar als een beslissing wordt genomen door de raad is het: de raad neemt een beslissing. Dan dat ik persoonlijk heb gezegd: ik ben het er niet mee eens met mijn ene zetel, dat maakt dan vrij weinig uit. Uiteindelijk is het: de raad heeft een beslissing genomen want we zitten met een meerderheidsprincipe. Dus zodoende dat ik het zo zeg. Ik heb het misschien niet op de beste manier gezegd maar dat is wel hoe het uiteindelijk werkt.

De VOORZITTER. Helder. Dank u zeer. Daarmee zijn we aan het einde van de eerste termijn van de zijde van de raad. Ik gun u een middagpauze van een uur tot 14.00 uur. Als u het daarmee eens bent

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

968

dan starten we om 14.00 uur met de eerste termijn van de zijde van het college. De vergadering is geschorst. (De vergadering is geschorst.)

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

969

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

970

Notulen raadsvergadering Notulen van de buitengewone raadsvergadering van 13 juni 2024 Notulen van de buitengewone raadsvergadering van 13 juni 2024 (middagzitting) Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 8 Voorzitter: de heer ing. A. Aboutaleb, met dien verstande dat het voorzitterschap van 15.55 uur tot 16.00 uur is waargenomen door mevrouw A. Kockelkoren Voor de presentielijst van deze vergadering wordt verwezen naar de ochtendzitting van deze vergadering Namens het college zijn tegenwoordig: de heer F. Achbar, de heer R. Buijt, mevrouw N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein, de heer R.A.C.J. Simons, de heer M.J.W. Struijvenberg, de heer T.B. Versnel en mevrouw C.M. Zeegers Griffier: mevrouw I.C.M. Broeders, met dien verstande dat zij van 14.08 uur tot 14.37 uur is waargenomen door de heer W. de Bel Heropening De VOORZITTER. Ik heropen de vergadering. Mag ik u verzoeken te gaan zitten? 5.

VERANTWOORDINGSDEBAT – vervolg

5.1

Debat met het college van burgemeester en wethouders naar aanleiding van de voorlopige jaarstukken 2023, de tussentijdse bevindingen van de accountant en het adviesrapport van de Commissie tot Onderzoek van de Rekening Het voorstel tot vaststellen van de bestemmingsvoorstellen jaarrekeningresultaat 2023

5.2

De VOORZITTER. Aan de orde is het debat met het college van burgemeester en wethouders naar aanleiding van de voorlopige jaarstukken 2023, tussentijdse bevindingen van de accountant en het adviesrapport van de Commissie tot Onderzoek van de Rekening, de beantwoording van de zijde van het college in eerste termijn. Ik wil u graag vragen te gaan zitten en stilte aan de raadzaal. Als u iets te overleggen heeft, kunt u dat buiten doen. Als eerste de locoburgemeester wethouder Simons. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Dank u voorzitter. Dank ook uw raad voor uw kritische vragen. Dat is ook gewoon goed, dat houdt het college scherp. Maar ook dank aan de COR. Het is vanochtend ook al een aantal keren uitgesproken, maar het is niet altijd heel erg sexy, ook niet heel erg zichtbaar, maar het is wel heel erg belangrijk. En dan ook nog dank aan de ambtelijke ondersteuning. Ik heb zelf gezien hoeveel technische vragen er over de jaarrekening zijn beantwoord tijdens de commissievergadering en voor de commissievergadering. Dus dat is mooi en dat mag denk ik ook wel eens gezegd worden. Ik zal, en daar ben ik eigenlijk al mee begonnen, een korte reflectie houden en daarna zal ik mijn eigen punten, de vragen die op mijn portefeuille zijn gesteld en een motie van advies voorzien.

Daarna volgt de gebruikelijke volgorde, te beginnen bij de wethouder van Financiën en dan net zoals de volgorde bij u, die elk jaar weer hetzelfde is. Ik heb vanochtend natuurlijk aandachtig en goed naar u geluisterd en ik dacht: wat leren we hier nu van? En één punt is natuurlijk wel, met die collegetargets, toen dacht ik toch ook van: ja, we staan… ondanks dat het ongetwijfeld allemaal goed gaat komen, wil ik daar toch nog iets over zeggen en laat ik dan bij mijn eigen portefeuille beginnen. Ik heb twee collegetargets, eentje is de bedrijfsruimte. Feitelijk is die gewoon gehaald, dat staat er ook. Maar hij is niet tijdsgebonden en de definitie boekje niet helemaal conform het definitieboekje. Ik was er zelf echt van overtuigd, en dat ben ik nog steeds, dat van 1 januari tot 1 januari vier jaar lang, gewoon 1 januari 2022 tot 1 januari 2026 een veel betere periode was, ook voor uw raad, omdat u dan het vertrekkende college gewoon nog kritisch kunt benaderen over dat collegetarget. Maar goed, de Rekenkamer zegt:

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

971

jullie zijn op 1 juli begonnen, of 16 juni eigenlijk, maar 1 juli dus, die peildatum hebben we nu ook met ze afgesproken. Dat heeft elkaar gekruist. Het tweede punt was dat er sommige bedrijfsruimten in verbouwing zijn, dus die mag u niet meerekenen. Nou, oké, het is een klein percentage dat varieert van jaar tot jaar, maar het ligt rond de 1%. Dus dat is volgend jaar op orde. En ik denk dat dat ook voor veel andere collegetargets geldt. Als je kijkt naar de kritiek van de Rekenkamer is het vooral over de definities, meetbaar. Dus wij hebben die boodschap gewoon opgepakt. Wij zullen er ook voor zorgen dat de discussie volgend jaar over het behalen van de targets inhoudelijk gaat en niet over de meetmomenten of wanneer of hoe we dat doen. Dat kunnen we echt gewoon dit jaar veranderen. Dan zijn er natuurlijk veel kritische punten naar voren gebracht en daar zullen zo ook de vakwethouders respectievelijk iets over gaan zeggen. En wat me ook wel altijd weer opvalt, of wat me opviel vanochtend en waar ik me ook goed bewust van ben, is natuurlijk de dunne scheidslijn tussen terugkijken, de jaarrekening en de Voorjaarsnota waar we vooruit gaan kijken. En de lessen die we als college geleerd hebben zetten we natuurlijk om in maatregelen die we ook met de Voorjaarsnota zullen presenteren. En dan wil ik nog één punt, meer in algemene zin brengen.

Het gaat veel over zorg, en dat is natuurlijk ook een heel belangrijk onderwerp, maar dan kijken wij ook als college wel naar het nieuwe kabinet. Want even in algemene zin, als je kijkt hoeveel taken erbij komen voor de gemeenten, dus niet alleen voor Rotterdam, of de hoeveelheid, en het geld dat daar tegenover staat, dat matcht gewoon niet. En dan kunnen we lang en kort met elkaar praten, maar als dat gat niet wordt gedicht, dan komen we de komende jaren, niet alleen de gemeente Rotterdam maar vele andere gemeenten, voor bijzonder pijnlijke keuzes te staan. Nou, u mag ook van dit college verwachten dat wij straks als alle namen bekend zijn van het nieuwe kabinet kennis gaan maken en ook de ministers, staatssecretarissen, maar ook Kamerleden proberen te beïnvloeden dat hier echt iets aan gedaan moet worden, want het is gewoon niet houdbaar op deze manier zoals het nu is ingericht. Dan ga ik nu naar de vragen die aan mij zijn gesteld. De heer Lansink begon welke lessen het college trekt uit uw eerste termijn. Nou, ik heb het even geconcentreerd rond collegetargets, omdat dat ook alle werkvelden betreft. Daarover heb ik gezegd wat ik heb gezegd. Dan had de heer Soytekin natuurlijk nog een terechte vraag over bedrijfsruimte.

Hoe gaat u met dat dilemma om? Ik weet niet of dat helemaal nu de juiste plek is om dat te gaan beantwoorden, maar ik kan wel zeggen, dan moet ik burgerraadslid Van Dijk ook gewoon citeren. Die heeft toch een mooie uitspraak gedaan: wonen wint altijd. En dat probeert het college nu te veranderen en dat is natuurlijk ook niet makkelijk. Maar daar zult u zeker het komende jaar gewoon de eerste resultaten van moeten gaan zien. En dat betekent dus ook met een dilemma dat het op sommige plekken ten koste gaat van woningbouw. Dat kan niet anders. Maar uiteindelijk voor onze toekomst, ook voor onze kinderen, maar ook voor de energietransitie, voor de maakbedrijven, om minder afhankelijk te worden van het verre buitenland, wat we allemaal willen, daar moeten we wel letterlijk ruimte voor maken. Dat zal niet vanzelf gaan. In de Voorjaarsnota kunt u straks ook zien dat daar in ieder geval wat middelen voor beschikbaar zijn gesteld. We hebben natuurlijk ook softe middelen. Dus ja, mijnheer Soytekin, we zijn ons heel erg bewust van dat dilemma, maar we gaan wel voort en we gaan ook laten zien dat dit target echt belangrijk is en dat heeft ook weer gevolgen voor anderen. Overigens, op de provincie speelt dit niveau, nationaal speelt dit niveau. Eén voorbeeldje, een groot bedrijf op de Spaanse Polder sprak mij laatst aan: mijnheer Simons, we willen verdubbelen. Echt een mooi bedrijf.

Ruimte voor bedrijven, ruimte om te wonen, ruimte voor alles wat we willen. Dat loopt eigenlijk bijna door alle portefeuilles en dat is echt een ingewikkeld vraagstuk waar je met de provincie en het rijk gewoon goed moet schakelen om die beperkte ruimte die we met name in de regio Rijnmond, Zuid-Holland hebben zo goed mogelijk te benutten. Dat is ook een proces van de lange adem. Dus ik hoop dat ik een beetje uw vraag heb beantwoord met dit praatje van mij. Ik zit even te kijken of ik eigenlijk nog meer vragen heb. Ja, de heer Segers-Hoogendoorn, de waterstofhub. Ja, wij willen de Rotterdamse haven de waterstofhub maken van Europa. We zijn nu de fossiele hub en we willen dat naar een waterstofhub brengen. Dat is natuurlijk voor de lange termijn, maar wat gebeurt er? In de haven zijn we letterlijk nu de leidingen aan het aanleggen tussen de verschillende industrieën waar het waterstof straks doorheen kan stromen. We zijn ook met de Delta Rhine Corridor bezig, dat is natuurlijk ook nationaal, om die waterstof straks naar Noordrijn-Westfalen en naar Chemelot in Zuid-Limburg te kunnen laten stromen. De overheid moet voor de infrastructuur zorgen.

Daarnaast kan ik over dat dossier ook nog zeggen dat natuurlijk de eerste elektrolyser wordt gebouwd, die gaan we natuurlijk aansluiten op de windparken zodat we ook groene waterstof hebben, want nu wordt er ook heel veel gebruikgemaakt van waterstof in de haven, maar dat is grijze waterstof, gemaakt van aardgas. Porthos zorgt ervoor dat we blauwe waterstof krijgen, dus dat we de CO2 afvangen en onder de grond stoppen in lege gasvelden. Maar we zijn wel van een aantal dingen afhankelijk. Nu ben ik toevallig vorige week nog met wethouder Zeegers bij vertrekkend minister Van der Wal geweest om onze zorgen kenbaar te maken over projecten in de Rotterdamse haven die

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

972

dreigen vertraagd te worden omdat er geen stikstofruimte is. Ons argument is altijd geweest van Porthos, de Raad van State heeft een heel duidelijke uitspraak gedaan. Die zegt: je mag tijdelijk wat stikstof uitstoten als het een groen doel dient, in dit geval de afvang van CO2. Laat ik het zo zeggen, daarbij zullen we ook straks bij de nieuwe minister, ik heb nog niet alle namen in mijn hoofd, ook weer op bezoek moeten. Want dat is echt wel een punt, samen met de netcongestie, die we gewoon nationaal kunnen en moeten regelen om ervoor te zorgen dat die energietransitie ook kan plaatsvinden, want anders gaan we sowieso in Nederland de cijfers voor de CO2-reductie voor 2030 niet halen. Dus ik denk dat er ook een nationaal belang is, maar ook een urgentie om onze toekomstige werkgelegenheid en positie als Rotterdamse haven te behouden. Ik hoop dat dat voldoende antwoord is op uw vraag. Er zitten wat afhankelijkheden in. Dan heb ik nog ꞌBehoud middelen van het Noodfonds Sportꞌ. O, sport, sorry, ik zit even met de verkeerde motie. De VOORZITTER. De heer Van der Velden nog over het vorige. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u voorzitter, over waterstof. Er was altijd een jubelstemming over waterstof, maar als u gewoon de ontwikkelingen in Nederland volgt, dan is die jubelstemming omgeslagen in een grafstemming.

En dat geldt ook voor de waterstof op de Maasvlakte, daarvan wordt gezegd, 2026 open. Maar Uniper heeft het investeringsbesluit zelfs uitgesteld. Shell en ENGIE hebben er eigenlijk ook niet meer zo’n zin in, dus hoe reflecteert u daar dan op? Want het is gewoon niet meer zo zoals een jaar geleden. De VOORZITTER. Wethouder. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Volgens mij heb ik daar antwoord op gegeven, dat er nationaal een aantal hobbels zijn, zoals de netcongestie en de stikstofruimte, waar echt een oplossing voor gevonden moet worden om ook die lokale productie op gang te krijgen. En u moet wel bedenken, die lokale productie zal ongeveer 10% uitmaken van wat we nodig hebben. Daarom zijn de burgemeester en ikzelf ook regelmatig op reis geweest om afspraken te maken met landen in de wereld waar gewoon veel zon is, en dus veel groene elektriciteit. We zullen straks 90% van de waterstof moeten importeren. Daar hebben we ook bijvoorbeeld een ammoniakkraker voor nodig op de Tweede Maasvlakte. Daar heb je ook weer stikstofruimte voor nodig, want anders gaat het niet. Dus ja, ik ben het eens met uw observatie dat nu een aantal projecten stil dreigt te vallen. Ik heb ook gezegd waarom dat is en dat we ook alle zeilen bij moeten zetten om dat mooie doel te gaan halen. En daar doen wij als college alles aan wat in onze macht ligt.

En daar rapporteren wij ook aan de commissie en aan uw raad over. Dus u bent de eerste als we weer goed nieuws hebben te melden. Dan heb ik nog één motie, ꞌReken je niet rijk met de verkoop van vastgoedꞌ. De terechte vraag bij de commissie: Simons, je hebt € 4,2 miljoen tekort. Hoe komt dat? Daar heb ik een paar antwoorden op gegeven. Ten eerste heeft uw raad een nieuwe Kadernota Vastgoed, waar u zegt: het beste plan van de wijk, maatschappelijke initiatieven, dat moet goed onderzocht worden, dat heeft gewoon vertraagd. Het tweede punt is dat het vastgoed dat we nu over hebben niet meer behoort tot het mooiste vastgoed. Het laaghangend fruit is allang verkocht. Dan heb je ook nog de marktomstandigheden met aannemers, gestegen prijzen, je moet soms ook panden opknappen voor je ze weer kunt verkopen. Ik begrijp dus ook gewoon de strekking van de motie. In eerste instantie komt hij ook gewoon heel sympathiek over. Alleen hebben we ook regels voor de begroting, van besluit begroting tot verantwoording voor provincies en gemeenten. Zo is de officiële titel en dat wordt wel BBV genoemd. Maar ook de Gemeentewet zegt daar iets over, dat je dus een sluitende begroting moet opleveren en zodra je dus de verkooplijst vaststelt, wat we elk jaar doen als college, dan weet je wat de WOZ-waarde is. Daar rekenen we mee, en dat zul je gewoon in de boeken moeten zetten.

Dus het voorstel dat u doet kan ik zo niet uitvoeren, dus vandaar dat ik deze motie ontraad. Maar ik wil u wel toezeggen dat we in aanloop naar de begroting voor volgend jaar die verkoopplanning nog eens goed onder de loep nemen. Kunnen we daar niet scherper op sturen, dat u niet volgend jaar mij aanspreekt: je hebt niet alles verkocht dus we hebben een tekort. Dat is wat ik toe kan zeggen aan u, maar de motie zoals die nu is verwoord moet ik ontraden. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja, dank u wel voor de toelichting. Begrijp ik dan ook dat dat niet alleen iets is wat u niet alleen als college doet maar waar ook de raad bij betrokken wordt, bij die afwegingen? Want als dat zo is, en met het feit dat hij technisch dan ook niet uitvoerbaar is, zoals ik van u begrijp, want dat had ik nog niet eerder begrepen, dan trek ik natuurlijk graag de motie in, met deze toezegging.

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

973

De VOORZITTER. Wethouder. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Ja, de toezegging heb ik gedaan en vanzelfsprekend zal ik ook uw raad daarin meenemen, wat we dan anders gaan doen met de planning voor de verkoop voor volgend jaar. De VOORZITTER. Daarmee kan motie 5 van de ChristenUnie worden ingetrokken. U kunt verdergaan. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Volgens mij ben ik klaar voorzitter. De VOORZITTER. Dank. Dan gaan we naar wethouder Struijvenberg. Mevrouw Kockelkoren. Mevrouw KOCKELKOREN (gl). Ja voorzitter, nog één vraag op dit punt, want eerlijk gezegd begrijp ik niet zo goed waaruit dan de clash met BBV bestaat, want als je gewoon een baat hebt, kun je die toch gewoon inboeken? Dan hoef je toch niet per se van tevoren al te gaan zeggen: we verwachten een keer een baat, waardoor we elke keer met die schuld zitten? De VOORZITTER. Wethouder Simons. De heer SIMONS (lr) (wethouder). Nee, we hebben gewoon een verkooplijst, we stellen gewoon een verkooplijst vast en die moet ook gewoon in de begroting komen. En daar staat gewoon een geldbedrag tegenover. Dus als je dat weet, moet je dat ook in de begroting zetten. Dat doen we ook en dan kijk je achteraf wat er gerealiseerd is bij de jaarrekening. Dus ik zou niet weten hoe dat op deze manier zoals u voorstelt moet. Volgens mij moet je gewoon reëel transparant begroten.

Zodra we die verkooplijst hebben en vaststellen moet dat ook gewoon meegenomen worden in de begroting. Dat is wat ik heb begrepen. Dat doen we ook bij alle andere posten. Want het is niet zomaar van: we zien volgend jaar wel wat we verkopen. Nee, we hebben daar een plan voor, dus nogmaals, dat moet je ook in de begroting meenemen. De VOORZITTER. Dan ga ik naar wethouder Struijvenberg. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Dank u wel voorzitter. Ik zag gisteren geloof ik op het internet een fraaie foto van de PvdA van een gehaktbal, waarbij stond: jaarrekening 2023, u kunt wel raden wat wij daarvan gaan maken. En vandaag is het dan zover wat we ervan gaan maken. Wel een mooie foto overigens. De VOORZITTER. Ik dacht overigens dat de gehaktbal de favoriete hap was van wethouder Struijvenberg. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Die hobby deel ik met wethouder Karremans, kan ik er nog bij vertellen ook. Dus ik had er wel zin in, dat klopt. Maar voorzitter, ik had ook gedacht: dan is die toch wel een beetje gekruid. Een beetje een gekruide gehaktbal. Laat ik eens kijken of ik wat kruiden kan toevoegen in mijn reactie op onze vleesliefhebbers. Voorzitter, we bespreken vandaag de jaarrekening 2023, maar ik moet zeggen: het debat van vandaag met alle opmerkingen over financiële tekorten doet mij wel terugdenken aan het debat over de begroting 2023.

Vandaag achteraf, toen natuurlijk vooraf. Dat was in november 2022, ik was toen net een maand officieel geïnstalleerd als wethouder van Financiën, en ik heb toen gezegd: er zitten nog wel wat donkere wolken aan de horizon. Het kan allemaal nog wel wat gaan tegenvallen. Ik heb toen ook een paar voorbeelden genoemd wat voor zaken er misschien nog op ons af zouden kunnen komen met toch nog wat gevolgen. En ik zeg er ook bij wat de PvdA toen zei, ik citeer: "Dit college zit als een Dagobert Duck op een uitpuilende gemeentekas. De buffers zijn voldoende om zelfs in tijden van de meest heftige crisis het gemeentelijk huishoudboekje op orde te houden." Begroting 2023. Maar gelukkig Rotterdam voorzitter, o gelukkig Rotterdam, dat het college niet daarnaar heeft geluisterd. We moesten veel meer uitgeven. Er was zelfs een voorstel, ik maak de pepermolen even leeg, er was zelfs een voorstel om € 1,5 miljard, ik maak geen verspreking, € 1,5 miljard uit te geven extra om van een brug een tunnel te maken. Ook maar niet toe besloten voorzitter, en ik denk dat Rotterdam daar gelukkig mee zal zijn. De VOORZITTER. De heer Tak.

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

974

De heer TAK (pvda). Ja, dank u voorzitter. Kijk, ik had eigenlijk niet verwacht dat het aan mij de taak is om de wethouder van Financiën uit te leggen wat het doel is van het debat van vandaag. We bespreken vandaag de jaarrekening 2023. Dat is de verantwoording van afgelopen jaar en wij spreken u aan op de dingen die goed zijn gegaan, de dingen die niet goed zijn gegaan. En er zijn best wel wat dingen niet goed gegaan. Daar hoor ik u dan niet over. U begint nu over allerlei geld dat we elders aan uit zouden willen geven. Ja, ik wil best een tegenbegroting voor u maken of samen met u inderdaad wel gaan investeren in die metro waar heel Rotterdam op zit te wachten, die nota bene volgens mij ook de heer Karremans zelf nog in het VVD-verkiezingsprogramma had opgenomen. Maar in alle ernst wethouder via u voorzitter, vandaag is de verantwoording over 2023. Ook in de commissie was u een beetje aan het vissen naar complimenten. Alsof het allemaal koek en ei is. Er gaan gewoon dingen niet goed in deze stad en ik zou graag van deze wethouder daar een reactie op willen. En ik vind dat u op deze manier op een heel makkelijke manier probeert weg te komen bij in alle eerlijkheid jaarstukken waar echt op flink wat onderwerpen flink wat af te dingen is. En u bent als wethouder van Financiën uiteindelijk toch hoofdverantwoordelijk voor de jaarstukken. De VOORZITTER. Wethouder.

De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Ja, de heer Tak zegt dat ik op een heleboel dingen niet in ben gegaan, maar ik ben nog maar net begonnen. Dit was mijn inleiding. Ik vond hem eigenlijk wel aardig. En even los van, waar je misschien ook nog een beetje met een mondhoek omhoog naar kan luisteren, is natuurlijk de inhoud er ook wel. Ik vind ook wel dat ik dat terug mag roepen in dit debat. Ik mag ook terugroepen: hoe zijn we hier gekomen en hoe heb ik dat ingezet, ook vanuit mijn verantwoordelijkheid met mijn collega’s in het college. En als er nu wordt gezegd: ha, wat een tekorten en het is allemaal niet goed, dan denk ik: goh, en dat van een partij die toen zei: je hebt heel veel geld over, ga het nu uitgeven, hier, € 1,5 miljard voor een tunnel. Nou, mag ik toch even duiden dat die combinatie der dingen, ik denk opvallend is. De VOORZITTER. De heer Tak. De heer TAK (pvda). Kijk, ik hoop niet dat ik deze wethouder lessen financiën hoef te geven, maar u weet ook dat een investeringsvoorstel voor een tunnel, dus investeren voor de komende honderd jaar in deze stad, van een heel andere orde is dan een wethouder die niet eens doorheeft dat ze dit jaar € 43 miljoen moeten afrekenen omdat de eigen financiële administratie niet op orde is. Ja sorry wethouder, daar wil ik u echt op aanspreken. U probeert zich er heel makkelijk van af te maken.

En u kent mij, ik houd van een grapje, dus ik kan dat ook zeker waarderen. Maar in alle ernst, de jaarstukken van 2023, er is heel veel ruimte voor verbetering en ik zie uit naar de rest van uw beantwoording. De VOORZITTER. U kunt verdergaan wethouder. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). De maat nemen zou ik niet doen, als ik het zo mag interpreteren als wethouder van Financiën een les geven. Misschien moet ik er andersom ook op letten dat ik dat niet te snel doe hoor. We nemen elkaar hier in deze zaal serieus. Maar laat ik zeggen, ja, € 1,5 miljard, nee, dat geef je niet in één keer uit, ik weet wel hoe dat werkt. Maar het leidt natuurlijk tot een flink beslag op de begrotingen van de komende decennia elk jaar weer. Ik heb het niet uitgerekend. Wat zal het zijn? Tientallen miljoenen per jaar. En dat had ons dan vandaag toch ook in ieder geval financieel gezien parten gespeeld in onze jaarrekening voorzitter. Welnu, oké voorzitter, er zijn natuurlijk wel een aantal vragen gesteld en ik denk ook goede en terechte vragen en een van de vragen was van de heer Biljoen van GroenLinks, als lid van GroenLinks bedoel ik dus, niet als voorzitter van de COR. Maar hij zei wel: het is me niet helemaal duidelijk of de COR-aanbevelingen nu wel of niet worden opgevolgd met een reactie die het college daar ondertussen over heeft geschreven en aan u heeft gezonden.

Welnu, jammer als dat niet helemaal duidelijk is, maar ik loop ze even af. De Kadernota Reserves, daarvan zeggen we: daarover gaan we graag in gesprek met de COR, dus dat is niet een ja, niet een nee, maar laten we samen eens kijken hoever we daarmee komen. Op zich bereidheid om daar het gesprek over te voeren. Dan de link naar de raadsbesluiten is volgens mij ja, met de kanttekening dat het er soms al is, maar waar die er niet is gaan we hem toevoegen. Dus dat is ja. Drie, de mutaties van die reserves, ja, vanaf begroting 2025. Dus dat is ook een ja. Vier, dat gaat over het advies met betrekking tot filantropie. Het advies zegt dat het kan. Het kan, staat er in het advies. Maar de burgemeester zal ingaan op vragen die daar vandaag over zijn gesteld. En vijf, het aanpassen

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

975

van de monitor grondexploitaties. Ja, die is dus juist in overleg met uw raad aangepast en nu in de nieuwe vorm beschikbaar. Dus we hebben gezegd hoe moet die vormgegeven worden. Er is een gesprek over geweest. Oké, dan gaan we hem zo maken. En nu hebben we hem zo gestuurd. Dus dat vind ik wel belangrijk om daarbij te vertellen en we twijfelen eerlijk gezegd of het sneller kan, maar, zeggen we, we spreken daar ook gerust met u over verder. Ik moet in de commissie met mijn collega Zeegers… in ieder geval staan we altijd open voor een gesprek daarover. Maar we geven deze winstwaarschuwing alvast wel mee. Dat zijn de COR-aanbevelingen voorzitter. Dan komt de € 43 miljoen zorg natuurlijk logisch een aantal keren terug en laat ik daar ook iets over zeggen vanuit mijn verantwoordelijkheid. Kijk, het is zo dat een overbesteding in de jeugdzorg, zoals die er overigens ook voorgaande jaren was, normaal gesproken verwerkt wordt in het daaropvolgende jaar. Je kan er allemaal wat van vinden, maar het is niet een heel uitzonderlijke situatie. Dus in dit geval zou je dat dan verwerken in 2024, dit jaar. Want hij komt voort uit vorig jaar, 2023, en je boekt hem in 2024. Maar dat moest nu verwerkt worden in 2023. Dat is het verschil. En daarom plopt die opeens op als dat ook vanuit FA omhoog komt, vanuit de accountant omhoog komt bij het jaarrekening-controlproces.

Daar plopt die dan op en verwerk je hem alsnog in 2023. Dat is dan natuurlijk een tegenvaller ten opzichte van het laatste beeld in 2023, maar ik zeg er wel bij, anders had u hem in 2024 gezien, net zoals u hem over 2022 in 2023 zag en over in 2021 in 2022 zag. Dus op zich is in ieder geval het feit an sich niets nieuws onder de zon. Wat u er verder precies van vindt en hoe, dat is natuurlijk allemaal, maar financieel gezien is het niet iets nieuws onder de zon, alleen boeken we hem in een ander jaar. Maar anders hadden we hem in dit jaar moeten boeken, dus we worden daar per saldo onder de streep niet rijker of armer van in welk jaar je het boekt voorzitter. De heer Lansink zegt: de jaarrekening geeft ook stof tot nadenken en hij zou wat meer willen weten van de echte dilemma’s waar het college nu voor staat en wat is er nu heel erg meegevallen, wat is nu heel erg tegengevallen en wat betekent dat dan weer voor wat je vanaf vandaag weer gaat doen en kunnen we daar niet iets over schrijven in de jaarrekening? De jaarrekening gaat natuurlijk altijd over terugblikken, het is nu eenmaal een jaarrekening, en we geven ook een toelichting op de mee- en de tegenvallers daaraan. Maar ik kan me wel voorstellen dat we er iets van een algemene reflectie aan toevoegen, wat meer beleving, wat meer kleur als het ware daar in de tekst, dat we zoiets gaan doen.

En het maken van keuzes, wat doe je dan vervolgens, dat is dan weer iets meer voor bij een begroting of een Voorjaarsnota en daar liep ergens ook nog een discussie waar de beelden nog niet over gelijk zijn. Maar in ieder geval niet primair bij de jaarrekening zelf natuurlijk omdat je dan terugkijkt. Maar laat ik hem op die manier oppakken. Ik zie de heer Lansink daarop instemmend knikken voorzitter, dus dan gaan we dat zo doen. Dat kan genoteerd worden. De EU-subsidies, mevrouw Elfilali. Dank voor het compliment, wat aardig van u. Kunnen die organisaties die aanspraak kunnen maken op dat soort subsidies daar nu ook goed kennis van nemen dat het bestaat en dat dat ook allemaal kan, is dat bekend als het ware? Ik denk het wel. Ja, je kan altijd meer doen hoor, maar we hebben nieuwsbrieven, fysieke bijeenkomsten, berichten op LinkedIn en we hebben een speciaal steunpunt daarvoor om dat op een goede manier te regelen. Dus ik denk wel dat we daar veel aandacht aan geven en dat de organisaties die überhaupt denken van: hé, daar zou ik een aanvraag willen indienen, dat die de weg toch zeker vrij eenvoudig zouden moeten vinden voor zover ze die niet al kennen omdat ze het tegenkomen in de communicatie die we daarover doen.

Ja, ook toch nog wel een vooruitblik, maar het is natuurlijk geen onlogische vraag vandaag: hoe zie ik dan 2026 en verder en heb ik daar contact over met andere wethouders? Jazeker voorzitter, het is zelfs zo dat er een speciale ledenvergadering van de VNG is geweest om exclusief met als reden te spreken over: hoe zitten wij met financiën in gemeenten en de bekostiging vanuit het rijk. Het is nog niet zo lang geleden, anderhalve week geleden of zoiets. Dus dat doe ik zeker niet alleen. Ik heb daarnaast ook regelmatig overleg met mijn collega’s vanuit de G4. Ik doe het nu anderhalf jaar, en ik geloof dat er eigenlijk niet één vergadering van ons is geweest, en we vergaderen met enige regelmaat, waarbij dit niet een onderwerp van gesprek is geweest en ook laatst toen we elkaar nog zagen, eind vorige week, hebben we het daar weer over gehad voorzitter. En ook volgende week weer trouwens. Dus nogal vaak eigenlijk, wat ik zeg, het is een beetje toevallig deze weken. Maar goed, we zien elkaar vaak en we spreken er vaak over. Maar ja, op dit moment is het natuurlijk toch, laten we wel zijn, even afwachten op de nieuwe ploeg. Ook die moeten een kans krijgen om ons onze zin te geven, vind ik.

Maar ik heb geloof ik een keer gezegd dat ik vermoed dat de nieuwe kabinetsploeg wanneer zij van het bordes naar het ministerie lopen waarschijnlijk ergens onderweg de gemeenten op hun pad vinden om dit punt met hen te bespreken. Het heeft de volle aandacht. We zien wel wat er ondertussen is gebeurd. We kunnen natuurlijk ook een onderhandelaarsakkoord lezen. We zijn er zeker niet gerust op als gemeente, dus die zorg delen we met u, maar u kunt er in ieder geval van uitgaan, en ik zeg hierbij dat het meer dan de volle aandacht heeft van mij en mijn collega-wethouders van financiën in eigenlijk het hele land, voor ons wat vaker met de G4. De ombuigingen op de organisatie vanuit het coalitieakkoord

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

976

vroeg de heer Vonk. Ik meen dat dat hem was hè, zeg maar even de € 20 miljoen coalitieakkoord. Ja voorzitter, die kan hij niet terugvinden. Dat klopt. Want die is op die manier verwerkt. Die is taakstellend verwerkt op de verschillende bedrijfsonderdelen zal ik maar zeggen, de verschillende clusters. Zo gebeurt dat op zich vaker. Dat is de vorige periode volgens mij ook gebeurd. Een ander bedrag maar eenzelfde methode. Dus die is taakstellend ingezet en die volgen we dan niet vervolgens per fte. Daar is die ingeduwd. Dat geldt niet voor, laat ik zeggen, de kiezen voor Rotterdam, de € 150 miljoen, zo kennen we die. Daar ga ik een monitor op inzetten. Daar gaan we het volgen. Fte, budgetten, bezettingen, formaties, die gaan we volgen. Dus die krijgt de heer Vonk en al zijn collega’s natuurlijk wel voorzitter, maar die € 20 miljoen is gewoon ingeboekt à la methode vorige periode. En ook wel vaker hoor overigens, ook toen niet alleen, is er gewoon taakstellend in gezet. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja voorzitter, als dat in de vorige periode onduidelijk is geweest is dat natuurlijk geen reden om dat door te zetten, maar het stond in het coalitieakkoord. Het is heel politiek, en dan wil je het als raad natuurlijk ook volgen. Het is u kennelijk gelukt hè om € 20 miljoen om te buigen op die apparaatskosten. Dan zou ik zeggen: fantastisch.

Maar dan wil ik natuurlijk wel weten hoe u dat dan heeft gedaan. Het is toch nog niet zo onlogisch, omdat het zo politiek is, om dat ook in zo’n jaarstuk terug te vinden? De VOORZITTER. Wethouder. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Nee voorzitter, het is ook een verantwoordingsdebat. Ik zeg niet dat de vraag niet mag of niet kan. Het valt mij wel op, laat ik eerlijk zijn, ik ga het gewoon zeggen, het valt mij wel op dat er zaken die gebeuren waarbij ik denk: zoals te doen gebruikelijk, de afgelopen weken wel eens lijken te leiden bij partijen die zelf ook eerder in een college hebben gezeten, die toen ook gebeurden, en toen akkoord kregen van diezelfde partijen. Dan denk ik: het maakt de vraag voor mij an sich niet ongeldig. Kan er iets beter? Nou, misschien wel en misschien is de volgende periode ook weer een idee van een andere partij die nu achter deze tafel zit. Dat is allemaal niet zo erg. Maar ik vind niet dat we moeten doen als van: ja, hoe kan dat nu? Hoe kan dat nu? Dan denk ik: nee, niet onder die vlag. Daar heb ik dan eerlijk gezegd wat moeite mee. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja voorzitter, zo heb ik die vraag ook niet gesteld hè, maar ik denk vooral dat als je het nu beter wilt voor de toekomst, dan moet je niet terugvallen op hoe het in het verleden ging. En vanuit die optiek zeg ik: prima om te kijken of het inderdaad beter kan.

Ik ben benieuwd naar die informatie en ik denk alle raadsleden. Want het is nogal wat hè, € 20 miljoen ombuigen. Dat heeft impact op mensen. Het is geen gekke vraag, dat zegt u zelf ook. Dus hoe krijgen wij daar nu goed antwoord op? De VOORZITTER. Wethouder. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Ja, een informatieverzoek weiger ik niet snel. Als er wordt gevraagd: kunt u nog eens een brief sturen met wat uitleg over hoe die € 20 miljoen zijn weg heeft gevonden in de financiën van ons concern, wil ik dat sturen. Maar ik zeg er wel bij: u gaat daarbij niet… een gewoon management van de verwachtingen, want we hebben hem al ingeboekt. U gaat van mij niet een lijstje krijgen van zoveel fte op die afdeling, of dat soort zaken. Maar ik kan er wel wat meer over schrijven dan ik nu zo even hier kan vertellen voorzitter, dus graag bereid om daar informatie over te sturen. Een beetje management van de verwachtingen ook richting de heer Vonk over wat hij ervan mag verwachten. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja, top voorzitter. En dat geeft ons misschien ook de gelegenheid om u straks een vet compliment te geven over hetgeen u bereikt heeft, dus dat lijkt me een open kans. Dank u wel. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Fair enough, dank voorzitter. De 213a-onderzoeken. Opsturen naar de Rekenkamer en raad.

Kijk, het zit zo, de wet schrijft voor dat wij als college de raad

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

977

en Rekenkamer op de hoogte stellen van de resultaten van deze onderzoeken. De wet schrijft niet voor in welke vorm dat gebeurt en in Rotterdam is de praktijk dat we zowel geplande als afgeronde onderzoeken vermelden in begroting en in jaarverslag, paragraaf bedrijfsvoering zal het zijn. Ja, in begroting en in jaarverslag. Maar goed, als de wens is om dat anders te doen, ook daar hoeft niets mis mee te zijn en is er volgens mij een toezegging voor genoteerd om dat ook toe te zenden. Heb ik dat goed uit mijn hoofd onthouden? Sorry, volgens mij, en anders bij dezen. De 213a-onderzoeken om die te sturen. Dan doe ik er even een brief bij met wat duiding, dat het een beetje makkelijk leest. De VOORZITTER. Het ging over het plan, het onderzoeksplan was het. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Sorry, ging het om het plan? De VOORZITTER. Ja, het onderzoeksplan. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Daar is ook helemaal niks mee. Welke onderzoeken bent u van plan te gaan doen, wat is de planning? Er is ook niks mis mee om dat te laten weten. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu).

Voorzitter, mijn punt was, volgens mij, want zo heb ik het begrepen maar ik checkte het ook wel even bij u, is dat gewoon ook een wettelijke vereiste dat u zeg maar altijd bij begroting en jaarstukken vertelt: wat ben ik van plan met de onderzoeken te gaan doen en hoe is de voortgang van deze plannen en uiteindelijk natuurlijk ook de resultaten neem ik aan. Maar ook juist die plannen en de voortgang, die heb ik niet kunnen vinden, dus vandaar mijn vraag: is het niet een wettelijke eis, niet dus een reactie op een verzoek vanuit de raad, maar een wettelijke eis om dat ook te doen? De VOORZITTER. Wethouder. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Ik wil het nog even nakijken en er in tweede termijn op terugkomen, maar volgens mij voldoen we op zich aan de wettelijke eisen omdat de interpretatie die de heer Vonk geeft is geen vreemde, alleen de eis, de wet stelt niet vast op welke manier het moet. De heer Vonk zegt nu: ik zou het graag op die manier willen. En wij deden het altijd op een andere manier, waar de wet op zich ook ruimte toe laat. Ik zeg: de manier die de heer Vonk een goede vindt, lijkt mij prima. Laten we het voortaan op die manier gaan doen, maar nu eenmaal niet omdat we eerder de wet overtraden of iets dergelijks. Dat is dan niet zo. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Voorzitter, dan zie ik even uit naar het antwoord in de tweede termijn.

En misschien ook goed om mee te nemen, ik heb een verordening gelezen, de Rotterdamse verordening waar volgens mij in artikel 3 staat wat voor interpretatie je geeft aan de wettelijke kaders. De VOORZITTER. Goed, indien nodig nog in de tweede termijn. De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Daar ga ik voor zorgen voorzitter, dank u wel. Dank ook aan de heer Vonk voor die mogelijkheid. Daar ga ik nog even in duiken. Voorzitter, deze had ik er eigenlijk nog bij moeten noemen, het effect van die € 43 miljoen op het weerstandsvermogen. Als je hem dan verwerkt in de jaarrekening dan komt hij daar natuurlijk ook weer uit in het weerstandsvermogen zeg maar, de 1,0 en hoe ver je daarvan af zit, dus daar zit die dan ook in. En hij heeft nog gevraagd, maar was dat een wat algemenere of een specifieke vraag? Kan de raad eerder informatie ontvangen om beter in positie te zijn? Ik heb hem wat algemeen genoteerd, maar misschien heb ik het niet helemaal goed begrepen. Voorzitter, ik denk eerlijk gezegd tot zover en anders krijg ik nog een appje van de heer Vonk dat hij mij herinnert om hier op terug te komen in de tweede termijn denk ik. Dank u wel. De VOORZITTER. Dank u zeer.

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

978

De heer STRUIJVENBERG (lr) (wethouder). Excuus, sorry, excuus voorzitter. Ik mis een motie. Ik heb één motie die ik van een advies moet voorzien. D66 en DENK ꞌFirst time rightꞌ, een plan van aanpak te ontwikkelen waarin duidelijke stappen en maatregelen zijn opgenomen eerste lijn en tweede lijn te verbeteren. Het sluit eigenlijk aan op een discussie die we in de Commissie tot Onderzoek van de Rekening hebben gehad. In hoeverre lukt het nu zo goed mogelijk om de eerste keer dat een boeking wordt gedaan dat die meteen goed is, want dan heb je weinig te corrigeren. We hebben eigenlijk te veel te corrigeren. Dat ben ik met hen eens. Dus ze zeggen first time right omhoog. Ook daar zijn we het met elkaar over eens. En deze motie sluit daarop aan en die zegt: maak eens een plan van aanpak en stuur dat ons op zodat we daar met elkaar het goede gesprek over kunnen voeren. Die motie zou ik graag willen omarmen voorzitter. Het is motie 3. Dank u wel. De VOORZITTER. Goed, dank u. Dan gaan we naar wethouder Karremans. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Geen vragen gehad. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Nee? Oké. Dat geldt voor wethouder Kasmi ook, liet hij mij weten. Dan gaan we naar wethouder Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Ja voorzitter, ook geen vragen maar wel één motie, ꞌBehoud middelen van het Noodfonds Sport voor de sportꞌ.

Ik moet er wel even bij zeggen, maar dat is eerder een technische opmerking die ik maak, want die subsidie loopt natuurlijk gewoon tot juli 2024. Dus eigenlijk is de vrijval pas in 2024 aan de orde, dus daarmee is het misschien handig om dit mee te nemen tijdens de bespreking van de Voorjaarsnota. Daarmee het tweede streepje voorzitter bij het dictum, te onderzoeken of deze middelen ingezet kunnen worden voor innovatieve projecten. Wij voeren jaarlijks gesprekken met Rotterdam Sportsupport en zeker als het gaat om de vitaliteit en de toekomstbestendigheid van organisaties en er wordt daar expliciet aandacht aan besteed, ook om bijvoorbeeld pilots of projecten op te zetten en daar hoeft wat mij betreft niet apart geld voor gereserveerd te worden omdat daar natuurlijk al ruimte voor is. Dus om die reden ga ik hem ontraden voorzitter. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja, het ging even zo snel dat ik de appreciatie op het eerste dictum miste. De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Wij bespreken natuurlijk vandaag de jaarrekening 2023. Dit geld loopt nog tot juli 2024. Dus in de jaarrekening is er geen vrijval voor dit bedrag. Dus op het moment dat u dit wilt bespreken, dan is het handig om dat mee te nemen tijdens de Voorjaarsnota waar dus die vrijval plaatsvindt. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn.

De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Dan ga ik ervan uit dat dat technisch klopt en in dat geval wil ik hem dan, hoe zeg je dat, terugtrekken of intrekken. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Voorzitter, ik wil daarbij dus nog wel opmerken, dat tweede dictum, dat verhaal blijft natuurlijk wel staan wat ik daarover heb gezegd. De VOORZITTER. Helder, maar de motie zelf wordt ingetrokken, de motie Segers-Hoogendoorn. Dan gaan we naar wethouder Zeegers. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, dank u wel voorzitter. Er is een aantal vragen aan mij gesteld en er zijn opmerkingen gemaakt die ik een voor een zal doornemen, en er is één motie ingediend. Ik begin bij de opmerkingen van de PvdA en dat ging over startend met het klimaat, van: wordt daar voldoende in gerealiseerd en hoe zit het met de targets? Daar kan ik wel het een en ander over zeggen. In het targetboekje dat we ook hebben gemaakt en ook de voortgang op dit target hebben we inderdaad een target voor het stedelijk gebied opgenomen, -25%. Vorig jaar zaten we al hoger op de mijlpaal die we hadden voorzien. We zouden namelijk -15%... maar we hebben vorig jaar 18% gerealiseerd. En ook de rapportage van DCMR geeft er inzicht in dat we die stappen aan het zetten zijn. Dus in die zin ben ik niet ontevreden over de voortgang daarin, maar ik ben me wel bewust

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

979

dat als je in 2050 helemaal klimaatneutraal wilt zijn, dat er ons nog ongelofelijk veel te doen staat in Rotterdam en in Nederland. Dus dat ben ik helemaal met u eens als daar uw zorg zit. U vraagt ook even wat concrete zaken die gerealiseerd zijn. Nou, we zitten inmiddels op 340 megawatt wind op land. Ons target is 350, daar is de haven natuurlijk bij betrokken. We hebben 12.000 energieclusters voor ons werken inmiddels. Dat is een aanzienlijk aantal. Die hebben ook, heb ik hier staan, inmiddels 14.000 woningen bezocht. Hier staat maar één woning per energiecluster. Dat is natuurlijk nog niet zo, want het heeft toch wel enige tijd geduurd voordat … Ja, hij gaat. Nou, hetzelfde, een andere naam, maar we hebben vorig jaar in ieder geval 1,1 km2 zonnepanelen en recentelijk heeft het CBS ook gezien dat wij de grootste stijger zijn in Nederland als het gaat om zonnepanelen in stedelijk gebied. Dus er worden grote stappen gezet. Maar voor de doorrekening van het target heeft DCMR ook gewoon nog meer tijd voor nodig om dat heel zorgvuldig te doen, en daarom komt dat in oktober. Dat is helaas niet anders dan hoe het nu eenmaal werkt. Wij moeten dat wel wat beter onderbouwen ook in de rapportages en de begroting zoals die voorligt. Dus dat hebben we ook gezegd in de reactie op de Rekenkamer om wat preciezer te onderbouwen hoe dat zit, dus dat zal ik ook doen.

Verder vraagt u ook inzicht in de financiën rondom woningbouw. Dat is een heel brede vraag en het helpt altijd complexe situaties ook in brokken te hakken van: waar hebben het precies over? We hebben laten we zeggen twee derde van onze woningbouw die niet op eigen grond plaatsvindt. Een derde wel op eigen grond. Eigen grond hebben we natuurlijk de grondexploitaties waar dat dan in valt. Twee derde is dus ook weer een heel andere financieringsstroom waar je het dan over hebt. Dus het is een zo brede vraag dat ik het niet heel concreet kan beantwoorden. Wat ik wel kan zeggen is dat wij natuurlijk ook ons Doorbouwfonds inzetten om woningen mogelijk te maken en dat we dat ook combineren met maatregelen van het rijk, dus de startbouwimpuls van het rijk en onze eigen startbouwmiddelen dat onderdeel is van het Doorbouwfonds. Dus dat zijn financiële stromen die lopen. Die gaan zowel voor projecten niet op eigen grond als projecten wel op eigen grond. Als het projecten zijn wel op eigen grond, dan heb je natuurlijk toch de verevening, wat eigenlijk zo’n grondexploitatie ook is. En dan is het per grondexploitatie weer anders welke kosten nu direct toerekenbaar zijn aan woningbouw. Dat is elke keer weer anders. Dus ik kan daar alleen in algemene zin iets over zeggen. Dan de vragen van Volt over de studentenwoningentarget.

Nou, ongelofelijk belangrijk, daar stuur ik ook heel nauwgezet op, omdat we die woningen ook keihard nodig hebben, net als andere woningen. De VOORZITTER. De heer Tak. De heer TAK (pvda). Ja, dank u voorzitter. De concrete vraag was natuurlijk waarom er € 42 miljoen niet uitgegeven is op klimaat. De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, die vraag had ik bij iemand anders staan, dus excuus. Ik dacht dat dat door een andere partij was gevraagd. Die € 42 miljoen, het is een beetje afhankelijk of u het alleen over het investeringsgeld heeft of ook over de bestemmingsreserves. Het zijn natuurlijk verschillende redenen waarom die niet uitgegeven zijn. Als het gaat om aardgasvrijwijken wil ik die reserves of die middelen nog behouden omdat we aardgasvrijwijken, die aanpak, wat mij betreft absoluut moeten doorzetten, maar dat wij nog wachten op de wetgeving, de Wet collectieve warmte, die afgelopen week naar de Tweede Kamer is gestuurd. Daarmee komt er meer rust in de markt, weten we beter hoe dat daar gaat. Er is natuurlijk een investeringsstop bij de warmtebedrijven Eneco en Vattenfall voor nieuwe wijken. Daar hebben wij dus ook mee te maken als het gaat om Prinsenland en Het Lage Land. Dat ze daar nog even wachten hoe die wetgeving precies gaat uitpakken om de doorstart te maken.

Wij zijn vanuit Rotterdam wel bezig om te kijken of we niet met maatwerk toch stappen kunnen gaan zetten, maar het geld wil ik dus nog wel gereserveerd houden voor het moment dat we gewoon weer verder kunnen gaan met de aanpak aardgasvrij. Dat is een deel van het geld dat nog op de plank ligt. Er is ook een deel dat gewoon meerjarig bestemd is in bestemmingsreserves zoals bijvoorbeeld ook het duurzaamheidstransitiebudget en het ETB, nog van het vorige college. Daar zit ook nog geld in, omdat dat meerjarig gereserveerd is voor die plannen, onder andere de isolatieaanpak waar u vaak ook om vraagt. Om dat helemaal goed van de kant te krijgen, moet je eerst de zaken organiseren en de uitvoering neemt daarvoor dus wat meer jaren in beslag dan dat je dat allemaal in één jaar kan doen. De VOORZITTER. De heer Tak.

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

980

De heer TAK (pvda). Dank u voorzitter. Kijk, het kan niet zo zijn dat u denkt: ik ga nog steeds net zo makkelijk mijn doelen halen, maar als u niet vervolgens investeert wat nodig is om die doelen te halen. Die twee dingen zijn dan toch niet met elkaar te rijmen? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja hoor, deze middelen zijn gewoon meerjarig bedoeld. Dus wij zijn bezig met deze. Kijk, aardgasvrij maken, hetzelfde als bijvoorbeeld windmolens, dat is een heel grote bijdrage aan de CO2-reductie in de stad. Als ik zeg: ik ga al deze middelen voor iets anders inzetten. Het bereik van deze middelen voor CO2-reductie is heel groot en het is ook wat binnen onze mogelijkheden ligt om die reductie te realiseren. En daarom wil ik deze middelen nog beschikbaar houden, maar het was ook allemaal niet gezegd dat we dat in één jaar zouden uitgeven. Dat is ook niet wat we ooit hebben beweerd. De VOORZITTER. De heer Tak. De heer TAK (pvda). Kijk, zo staat het wel in de begroting hè. In de begroting was er € 80 miljoen aan uitgaven begroot, en kijk, ik stel vast dat je volgens mij je doelstellingen niet kan halen zonder dat je de investeringen doet. Volgens mij onderkennen we allebei dat het klimaatprobleem heel groot is, dus u zult snappen dat mijn fractie zich zorgen maakt over het halen van deze doelen als het geld niet wordt uitgegeven. De VOORZITTER. Wethouder.

Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Nou, u weet natuurlijk ook dat investeringen zoals ze wel vaker in de begroting staan, over meerdere jaren uitgegeven worden. Dus er zijn reserves waarmee je dat ook doet. Dus die investeringen gaan we wel degelijk doen, alleen zijn er soms autonome ontwikkelingen. Het lijkt wel alsof het grondexploitaties zijn waar we het over hebben, maar dat geldt ook voor klimaat. We hebben te maken met wetgeving die langer op zich laat wachten, waardoor warmtebedrijven ook op de rem hebben gestaan. Ik zou zeggen: laten we niet gelijk in de paniekstand raken en dan allerlei andere dingen gaan doen. Dit zijn heel effectieve maatregelen voor CO2-reductie, dus laten we die middelen ook daarvoor reserveren, en op het moment dat het kan weer die investeringen doen. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç. Mevrouw MORKOÇ (gl). Voorzitter, dank u wel. In de commissie had de wethouder ook aangegeven dat de ambities op aardgasvrij in ieder geval worden aangehouden en niet zullen dalen. Wij zijn ook benieuwd of er dan versnellingsmogelijkheden zijn om dat volgend jaar te doen, want dan ligt er opeens een enorme opgave. Want alles wat u dit jaar wilde doen is niet gelukt, dus dat moet allemaal overgaan naar volgend jaar. Ook via de voorzitter ben ik benieuwd naar de rol van de wethouder als regiewethouder op klimaat.

Niet alleen op de dossiers en de onderwerpen en de projecten waarvoor de wethouder verantwoordelijk is op haar eigen portefeuille, maar ook die op de portefeuilles van de andere wethouders, zoals bijvoorbeeld walstroom bij Parkkade, maar ook de zero-emissiezone, daar zijn ook vertragingen te vinden. En de wethouder is wel verantwoordelijk voor een breed klimaatbeleid, ook op de portefeuilles waar zij regie over zou moeten hebben. daar is ook vertraging te vinden. Hoe kan de wethouder dat uitleggen? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ik voer regie op de doelstelling, dat klopt, maar zeroemissiezones en de walstroom zijn de verantwoordelijkheden voor mijn collega’s. Zo hebben wij die taken verdeeld in het college, dus daar kunnen zij het een en ander over zeggen. Over de totale CO2doelstelling, de target die we hebben, ben ik regievoerder van en wij sturen daar gezamenlijk op. Maar dit was een nieuwe vraag, dus ik ga eventjes terug naar de vorige. Wat u aangaf, ja, die targets blijven overeind. Dat betekent dat je extra moet doen volgend jaar en daarom hebben wij dat geld ook nodig. En ik ben met allerlei maatwerkaanpakken aan het kijken of we toch versnellingen kunnen doen in een aantal wijken waar we nu de pauzeknop hebben ingedrukt, om die pauzeknop ook weer snel los te laten.

Het zijn verschillende pauzeknoppen, het is niet één hele grote, dus daar wordt met de

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

981

warmtebedrijven en met de corporaties en met de bewoners hard aan gewerkt om toch in een aantal wijken al versneld aan de slag te gaan. De VOORZITTER. De heer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja, dank u voorzitter. Ik wil toch dat de wethouder mij wat beter meeneemt of misschien begrijp ik het niet. Dat kan ook, volstrekt logisch kan dat ook. Er was € 80 miljoen. Volgens de stukken heeft u € 37 miljoen uitgegeven. Dan blijft er € 42 miljoen over. Dan heb je die maatregelen, bijvoorbeeld de Wet warmtenet die u noemde, aardgasvrij is op de lange baan. Maar als ik dat allemaal uitreken dan blijft er nog steeds € 20 miljoen liggen. Wat doet u daar dan mee? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder). Ja, het klimaatbeleid wordt vanuit verschillende potten gefinancierd. Dus we hebben ieder jaar dat we een donatie doen aan het duurzaamheidstransitiebudget. Als ik kijk naar 2023, want het is een terugblik, zat daar € 50 miljoen in. Dat hebben we overgeprogrammeerd, zodat we in ieder geval kunnen zeggen, we kunnen maar voor € 50 miljoen uitgeven maar we hebben plannen voor € 100 miljoen ongeveer, maar we geven alleen maar voor € 50 miljoen uit omdat we dat begrensd hebben op € 50 miljoen. Dit jaar in de Voorjaarsnota ziet u dat we weer geld vrijmaken voor het duurzaamheidstransitiebudget. Dus dat is één pot.

Dan hebben we nog de pot energietransitiebudget. Dat is nog een pot van het vorige college. Ook daar is de uitputting nog niet volledig, omdat je ziet dat projecten vaak langer duren. Daar heeft het vorige college ook helemaal mee te maken gehad. Dus we zijn nog steeds bezig met projecten van het vorige college. Dat is een andere pot. Vervolgens hebben we die € 50 miljoen voor aardgasvrij maken. Die zitten in de RIM, in de investeringsmiddelen, iets anders dus dan de bestemmingsreserves, waar ik het net over had. DTB en ETB zijn bestemmingsreserves. Die aardgasvrijmiddelen zitten in de investeringsmiddelen. Daar zat € 50 miljoen in. Een deel daarvan is besteed aan aardgasvrijprojecten die we inmiddels van de kant hebben geroeid. Maar een deel is nog over omdat we die projecten, die vijf gebiedsaanpakken waar we mee werken, nog niet allemaal helemaal hebben kunnen implementeren. Dus ik ben even zoekende naar waar uw € 40 miljoen vandaan komt, maar dit zijn de drie grote potten waaruit wij putten en waarin nog geld beschikbaar is. Dan wordt gevraagd naar de middelen rond klimaatarmoede. De VOORZITTER. De heer Van der Velden. De heer VAN DER VELDEN (pvdd). Ja dank u. Ik geloof dat u dan daar nu bij komt. Want ik had ook gevraagd, we zien dat het budget voor de energiearmoede blijft liggen. Klopt dit en waarom is dat? De VOORZITTER. Wethouder. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder).

Ja, de energiearmoede, deels zijn dat weer SPUK-gelden, dus dat zijn dan weer andere middelen dan de drie potten waar ik het over had. Dat is een budget dat ik samen met mijn collega-wethouder Mohamed-Hoesein beheer. Daar komt een voortgangsrapportage en ik heb hem al gezien, dus ik dacht dat die al naar de raad was gestuurd maar mogelijk komt dat binnenkort, wat we precies doen voor die middelen voor energiearmoede. Eén deel zit in mijn beheer zullen we maar zeggen, en dat is een deel dat we met name met corporaties afspraken hebben gemaakt. We hebben € 9 miljoen aan de corporaties verstrekt om daar zonnepanelen voor neer te leggen, isolatie voor te doen, juist die zaken die de energiearmoede van hun huurders, dus de energierekening van hun huurders moet verlagen. De corporaties geven zelf aan dat ze wat meer tijd nodig hebben om allemaal aannemers aan te nemen om dat overal te realiseren. Ik ben bij een aantal projecten op bezoek geweest en dan zie je ook: de praktijk is vaak weerbarstiger dan onze wensen. Dus daar wordt hard aan gewerkt. Het geld is ook gedoteerd, alleen moet het nog uitgegeven worden door de corporaties zelf. Dat is het deel waar ik mij vooral mee bezighoud. Dan vanuit de ChristenUnie vragen over de tegenvallers in de grondexploitaties. We hebben even nu het klimaathoofdstuk. Nu even het hoofdstuk bouwen en wonen.

Wat wij natuurlijk zien, en daar hebben wij vorig jaar u ook over geïnformeerd, jaarlijks verstrekken wij u een Markt- Vastgoed- en Grondrapportage. Dat komt in oktober uit. In de commissie had ik gezegd: voor de zomer, maar het is na de zomer. Daarin staan eigenlijk de autonome ontwikkelingen beschreven. Dus wat doet de wereldeconomie, de grondstoffenprijzen, al die zaken meer, arbeidsmarkt. Wat betekenen deze autonome ontwikkelingen

raadsvergadering van 13 juni 2024

Notulen pagina

982

en die worden dan vertaald per grondexploitatie die wij hebben naar wat dat betekent voor de bouwkosten, dus eigenlijk de kosten en de opbrengsten. Want eigenlijk is een grondexploitatie niet meer dan een boekhoudboekje, geografisch begrensd tot een gebied. Dus wat zijn de kosten, wat zijn de opbrengsten die wij op grond van deze autonome ontwikkelingen verwachten en dat heeft natuurlijk geleid, en dat komt tot uitdrukking in de monitor grondexploitaties, tot in dit jaar behoorlijke verliezen. En dat is heel vervelend, maar dat heeft te maken met die bouwkosten, de rentestanden die daar belangrijk in zijn en terugvallende opbrengsten. Het ene wordt duurder, maar de opbrengsten worden ook lager ingeschat. Dat heeft ook te maken met terugtrekkende beleggers et cetera. Dus per grondexploitatie zien wij dat die autonome ontwikkelingen heel grote effecten hebben. In andere tijden zijn die effecten heel anders. Wij hebben jarenlang enorm verdiend aan grondexploitaties, dus het is met name dit beeld. Als we kijken over de afgelopen twintig jaar en we zouden het middelen, dat hebben we verleden jaar gedaan, dan zien we dat we € 1 miljoen in de min staan. Maar er zijn jaren waarin we € 100 miljoen hebben verdiend aan grondexploitaties. Dit jaar niet. Maar we rekenen dat dus uit.

We reduceren de complexiteit en we houden control om te weten wat is een autonome ontwikkeling, hoe vertaalt zich dat naar die grondexploitaties. Dat ziet u terug in de grondexploitatiemonitor en u ziet die terug in de jaarrekening, in de verliesvoorziening die er is, hoe de grondexploitaties ook op de balans staan. Zo ziet u het op geaggregeerd niveau en de monitor geeft het per grondexploitatie aan. Op dat moment kun je kijken: wat kun je dan nog doen? Want dat is vaak de vraag, hoe kun je dan nog bijsturen? En dat is een moeilijke vraag, zeker als het gaat om autonome ontwikkelingen. Je zou natuurlijk beleidsmatige keuzes kunnen maken door te zeggen: we schrappen alle dure dingen. Nou, dan kom ik allemaal aan dingen die u allemaal aan het hart gaan. Dat is sociale woningbouw, dat zijn voorzieningen, bedrijventerreinen, parkeren. Dat zijn allemaal dingen die extra kosten met zich meebrengen want die zijn niet rendabel. Dus het is lastig om uit de techniek met een mitigerende aanpak te komen. Dat heeft altijd te maken met beleid waar je dan aan gaat sleutelen. De autonome ontwikkelingen, ik kan niet de wereldmarkt veranderen. Dat is niet zo, dat kun je op lokaal niveau niet doen. De rentestand, de bouwkosten, daar hebben wij gewoon mee te werken. Dus dat is hoe die systematiek in elkaar steekt.

Er is ook nog wel het een en ander gezegd over: is de portefeuille niet te groot? En ik realiseer me terdege dat het een zware portefeuille is, maar meer collega’s van mij hebben te maken met een zware portefeuille. De kracht van waarom deze portefeuille wat mij betreft in ieder geval een goede combinatie is, is dat je juist die verduurzaming toekomstgerichtheid ook in de stedelijke ontwikkeling een plek kan geven. En het mooie is dat wij in het college eigenlijk hebben gezegd: wij doen allemaal onze bijdrage aan de klimaataanpak, energietransitie of een goede portemonnee voor onze bewoners. Vanuit de economie, vanuit de haven is wethouder Haven daarvoor aan zet en wethouder Economie. Vanuit mobiliteit collega Karremans, dus we hebben echt de taken verdeeld en ik vind het heel mooi dat we dat zo doen. Dus u hoeft er zich geen zorgen over te maken dat ik hier zwaar overbelast rondloop, dat is niet zo. We doen het als een team en ik denk daarom ook zoveel meer krachtiger. De VOORZITTER. Mevrouw Morkoç heeft een vraag. Mevrouw MORKOÇ (gl). Voorzitter, de wethouder zegt dat de taken zijn verdeeld. Maar hoe zorgt de wethouder Klimaat dat ook daadwerkelijk de klimaatdoelstellingen worden gehaald en dat alle projecten doorgang vinden want dat is nu momenteel niet zo. Mevrouw ZEEGERS (d66) (wethouder).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=afcd438f-be54-4f48-ac62-947e1c34f4f7