CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20220623- Notulen van de raadsvergadering van 23 juni 2022.pdf

Gemeenteraad 8 september 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van de raadsvergadering van 23 juni 2022 en 7 juli 202255.200 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

804

voor statushouders willen zijn, dan moeten we er ook kunnen zijn en dan moet dat ook passen bij wat de stad kan opnemen en kan absorberen. Een van de punten waar ik u bijvoorbeeld op wil wijzen is de enorme druk, ook van bijvoorbeeld urgente, die onze woningmarkt vanuit de statushouders toch ook belasten. Daar kunt u van zeggen: dat bestaat niet, dat is geen probleem, maar het is wel een probleem. We hebben al een enorme krapte hier in deze stad en daar moeten we ook een oplossing voor vinden. We kiezen voor de statushouders maar we kiezen ook voor die Rotterdammer en we moeten daar allemaal plaats voor maken. We doen daar ook heel veel voor. We gaan er ook als gemeente straks extra plaatsen voor maken om mensen hier op te leiden en door te laten stromen in de arbeidsmarkt. Maar het moet wel allemaal georganiseerd worden en dat willen we ook goed doen. We willen niet alleen maar opvangen en de mensen hier op een riviercruisebootje eventjes opvangen en zeggen: u bent welkom. Nee, we willen ze ook een toekomst bieden in deze stad. Dat vraagt draagvlak en dat vraagt ook draagvermogen van deze stad om dat allemaal te organiseren. En daar mogen wij, en dat vind ik meer dan redelijk, ook naar de regio kijken. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Voorzitter, laat duidelijk zijn dat de PvdA ook vindt dat de regio gewoon haar deel moet doen.

Maar dat betekent niet dat Rotterdam minder hoeft te doen. We hebben hier gewoon een aantal toegewezen gekregen en die moeten we gewoon opvangen. En ik snap niet waarom deze groep nu als een probleem wordt gezien, geproblematiseerd wordt. Ik vind dat foute politiek en het stelt me heel erg teleur dat D66 en DENK daarin meegaan. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Dank u voorzitter. Ik sla even aan op de opmerking van de heer Moti dat wij als rechtse partij een oordeel zouden vellen op basis van iemands huidskleur of afkomst, want dat is echt complete onzin en ik vat dat bijna persoonlijk op. Ik vind dat gewoon niet kunnen. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ja voorzitter, het valt me op dat de heer Moti selectief shopt in het coalitieakkoord, want als hij de passages waarnaar hij verwijst goed leest, dan ziet hij dat wij gewoon de taakstelling zullen vervullen die ons wordt opgelegd door het rijk. We gaan daarnaast kijken hoe de statushouders over de regio worden verdeeld en daarover in gesprek. Er is dus geen discussie over de taakstelling. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, de heer Moti benoemt in elke bijdrage die hij tot nu toe op dit punt heeft gedaan het woord minder.

Maar het gaat niet om minder, het gaat om de taakstelling die tot nu toe vanuit het rijk wordt opgelegd en daar gaan we volledig aan voldoen. En op het moment dat wij kijken naar de regio, gaat het ook om een spreiding, waar wij willen dat mensen in de komende periode ook een leven kunnen opbouwen, ook naar school kunnen gaan en ook aan het werk kunnen gaan. Dat er een bredere basis is om een goed leven te kunnen opstarten. Maar wat mij vooral ergert in het betoog van de heer Moti, is dat er niet wordt gekeken naar wat er vervolgens op die punten wel kan worden geïntensiveerd en wel kan worden gedaan, zodat die basis op orde kan worden gemaakt en er niet alleen wordt gekeken naar ronde nul, sec opvang.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

805

De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, dank. Nu ben ik een beetje in verwarring, want er wordt toch gewoon een getal genoemd? Er is dus toch gewoon een quotum? Ik ben dus vooral even door de opmerking van mevrouw Maassen op het verkeerde been gezet, en misschien moeten we dan toch in stemmingen en zo, toch kunnen amenderen op dat coalitieakkoord. Want ik hoor u helemaal niets over dat getal zeggen en ik lees gewoon een quotum. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ik leg het heel graag uit. Er staat een cijfer voor het aantal asielzoekers en versnelde statushouders die wij als Rotterdam willen opnemen. Daarnaast legt het rijk ons een taakstelling op voor statushouders, regulier. Die taakstelling omarmen we en daar voldoen we gewoon aan. Dat staat duidelijk in het coalitieakkoord. Wat betreft asielzoekers, kan het COA een beroep op Rotterdam doen. Dat is geen taakstelling. Zij kunnen ons daar niets opleggen. Dat is een beroep. Dat doen wij omdat wij dat barmhartig vinden, omdat we die mensen willen helpen, omdat we het COA willen helpen. Het COA doet vaak een beroep op ons omdat locaties zoals Ter Apel vollopen omdat er een enorme toestroom is van vluchtelingen. Dan kan het zo zijn dat in die locaties ook vluchtelingen zitten of mensen die al een status hebben. Dat zijn statushouders.

Dus bovenop de taakstelling die we dan van het rijk krijgen, zeggen ze: dan willen we graag verzoeken om versneld nog extra statushouders op te nemen. Dat zit in die 500, dat komt bovenop de taakstelling die we van het rijk krijgen voor de reguliere plaatsing van statushouders. Dat zijn dus twee verschillende groepen en zo zou het ook gelezen moeten worden. Dus er is geen discussie over de reguliere taakstelling van statushouders en dat staat ook duidelijk in het coalitieakkoord. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, een heel ingewikkelde uitleg. Ik kan me overigens ook heel goed voorstellen dat het aan tafel heel ingewikkeld is geweest. U staat meteen weer op, u gaat het dan dadelijk heel veel duidelijker zeggen, maar ik vind het nog steeds best ingewikkeld. Ik constateer gewoon dat er een getal is genoemd en daarmee doe je iets. Dat is ook de motie die de heer Vonk heeft ingediend waar wij met plezier onze naam onder hebben gezet. Het is gewoon een quotum. Noem het gewoon zoals het is. Wees zo manmoedig zoals je ook in de rest van het coalitieakkoord hebt gezegd. We hebben bruggen moeten bouwen. Dit is eventjes een veer die we hebben moeten laten. Maar breng hem niet als: jongens, dit hebben we eruit gehaald. Kijk eens aan, 500. Het is een quotum, het is een novum, en dat moeten we met elkaar markeren. Dat heeft u gedaan.

De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, ik snap dat het ingewikkeld is, maar simpeler kunnen we het systeem niet maken. Dus we moeten voor dat ingewikkelde systeem een oplossing bedenken en dat is wat er gebeurd is. Er is juist gezocht en een oplossing gevonden en het is jammer dat u het ingewikkeld vindt. Maar ik denk dat door D66 duidelijk is aangegeven waar de knelpunten zitten en waar juist in die ingewikkelde materie is gekeken naar een goede oplossing. En dat u daar niet de moeite voor wilt nemen om het systeem te ontleden en die ingewikkeldheid verder te gaan uitbouwen en uitwerken met een goede deugdelijke uitwerking, dat is dan jammer. De VOORZITTER. De heer Moti.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

806

De heer MOTI (pvda). Voorzitter, ik denk toch echt dat mevrouw Mohamed-Hoesein en mevrouw Maassen zich in het pak hebben laten naaien door Leefbaar Rotterdam en de VVD. Want wat u hier zegt wat in het coalitieakkoord staat, dat staat er helemaal niet. Ik lees gewoon letterlijk voor: we starten daarom een lobby richting het rijk om als Rotterdam een eerlijke bijdrage te leveren voor de taakstelling voor statushouders zodat Rotterdam meer wordt ontzien dan nu het geval is. Dat is toch alles om te zeggen: we willen minder statushouders hier in Rotterdam? En dan is de vraag: waarom wilt u minder statushouders? Het gaat hier over de reguliere groep. Het staat er letterlijk: we starten een lobby om Rotterdam te ontzien om statushouders op te vangen. Mevrouw MAASSEN (d66). Mag ik de heer Moti verzoeken om… De VOORZITTER. Mevrouw Maassen, mevrouw Maassen, u gaat er niet doorheen praten. Als mijnheer Moti uitgesproken is, krijgt u van mij rustig het woord. Mevrouw MAASSEN (d66). Mag ik de heer Moti verzoeken… De VOORZITTER. Dat mag nu ja. Mevrouw MAASSEN (d66). Mag ik de heer Moti verzoeken om de zin daarvoor ook op te lezen? De heer MOTI (pvda). Ja dat klopt. In de zin daarvoor staat: we nemen onze verantwoordelijkheid. En naast het nemen van onze verantwoordelijkheid willen we eigenlijk minder. En daarom starten we een lobby omdat Rotterdam ontzien moet worden.

Dat heeft u afgesproken. Dus u houdt zich aan de wet. Dat is groot nieuws, Rotterdam houdt zich aan de wet. Prima. Maar u wilt die wet veranderen. U wilt dat er minder statushouders hiernaartoe komen. Dat is de zin erna. We lobbyen om Rotterdam minder statushouders toe te laten bedelen. Dat is wat er staat. U heeft zich in het pak laten naaien door rechts Rotterdam. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ik zal de heer Moti helpen door het zelf op te lezen. We nemen als stad onze verantwoordelijkheid in de opvang van statushouders die door het rijk worden toegewezen aan Rotterdam. Punt. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Voorzitter, dit lijkt wel Kafka. Het is toch raar als we dat niet zouden doen? Dit is gewoon wat ons is opgelegd door het rijk. Je kan het opschrijven, maar dit is gewoon wat ons al opgelegd is. Natuurlijk moeten we dat doen. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ik zal de heer Moti verrijken met hoe het in de rest van Nederland gaat. Het zou zeker zo kunnen zijn dat het zo staat in de wet. Maar er zijn ook heel veel gemeenten die niet voldoen aan die wet. Dus het is heel erg bijzonder dat we dit als Rotterdam gewoon doen en er worden door het rijk geen consequenties aan verbonden.

Dat wij met elkaar afspreken dat we hiermee doorgaan, dat kan als een vanzelfsprekendheid worden opgevat omdat het in de wet staat, maar zo’n vanzelfsprekendheid is dat niet. De VOORZITTER. De heer Moti.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

807

De heer MOTI (pvda). Eens met mevrouw Maassen dat dit kabinet slap is en niet handhaaft. Dat klopt. Dit kabinet van D66, VVD, is daar heel slap in. Het handhaaft niet. Dat hadden ze wel moeten doen. Maar het is niets bijzonders, Rotterdam houdt zich gewoon aan de wet. Dat deden we al en dat blijven we doen. Dat is toch niets nieuws? Daar hoeven we toch niet trots op te zijn? Waar ik me voor schaam is dat Rotterdam nu gaat lobbyen om ervoor te zorgen dat er minder statushouders hiernaartoe komen. Alsof het een probleemgroep is. Alsof het een groep is die we in deze stad niet zouden moeten willen hebben en daar ageer ik tegen. De VOORZITTER. Mevrouw Bokhove. Mevrouw BOKHOVE (gl). Dank u wel. Mevrouw Maassen is bezig met wat tekstexegese en daar houd ik altijd wel van, dus misschien kan zij dan ook de volgende zin uitleggen aan mij: het aantal asielzoekers dat we op enig moment opvangen in Rotterdam stijgt niet boven de 500. Dat is een quotum hè. Het mag niet boven de 500. Dat is minder dan nu en minder dan mogelijk noodzakelijk is, humanitair gezien. Daarbinnen vallen ook statushouders die aan Rotterdam zijn toegewezen die we versneld naar Rotterdam halen. Dus dat quotum van 500 kan ook nog lager zijn omdat die plekken die dan beschikbaar zijn worden ingevuld door statushouders.

Of moet ik dat ook anders lezen? Dat eigenlijk dat quotum van 500, dat al zo pijnlijk is, eigenlijk ook nog lager kan uitpakken? Kunt u dat even uitleggen mevrouw Maassen? De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Volgens mij heb ik het dus net al uitgelegd en dat was een zeer complex verhaal. Dus ja, daar laat ik het op dit moment bij. Mevrouw BOKHOVE (gl). Dan kort hè, want het was inderdaad zeer complex. Maar 500 is het maximaal aantal asielzoekers, maar dat wordt minder als daar ook statushouders worden opgevangen. Dus dan is het nog minder dan 500. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw BOKHOVE (gl). Sorry, het was een ja of nee aan mevrouw Maassen. De VOORZITTER. Ja, maar ze zei net: daar laat ik het bij, dus ik ga ervan uit dat ze niet meer reageert. (Er wordt buiten de microfoon gesproken.) Ik weet dat de wethouder iets zegt, maar het is een debat in de raad en de wethouder moet even wachten. De rollen zijn omgedraaid. Mevrouw Maassen? Nee? Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, ik had nog een vraag aan de heer Moti, want hij geeft aan dat we er niet trots op moeten zijn als Rotterdam, maar dat mogen we wel degelijk, want Rotterdam is een van de weinige steden in de G4 die daar volledig aan voldoet.

En voorts worden we nu om de oren geslagen met alleen VVD en D66, maar tegelijkertijd, als ik kijk naar de PvdA, die zitten juist in de grote steden in de colleges en die steden voldoen niet. Dus ik vind het wel heel moeilijk om datgene wat u nu aangeeft te rijmen met datgene wat er daadwerkelijk gebeurt. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Ja, even om te reageren op wat mevrouw Mohamed-Hoesein en ook wat de wethouder net zei, dat we dit willen doen en willen spreiden in de regio om de

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

808

voorzieningen voor deze statushouders en/of vluchtelingen te verbeteren. Toch vind ik het dan interessant dat we de LVV van 70 terugbrengen naar 45. Zorgt u dan voor goede voorzieningen voor vreemdelingen? De VOORZITTER. De wethouder noteert de vragen die aan hem gericht zijn, maar laten we eerst even het debat in de raad afronden. Mijnheer Lansink. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Ja voorzitter, het moge duidelijk zijn, we hebben in Nederland en in de hele wereld een enorm probleem met vluchtelingen en asielzoekers en die willen we als Nederland ook barmhartig en goed opvangen. Maar dat gaat Rotterdam in zijn eentje gewoon niet oplossen. En u zegt eigenlijk: doe het maar lekker Rotterdam en laat de rest van de regio het maar op zijn eigen manier doen. Nou, dat is niet de lijn die wij voeren. Als wij een toekomst willen bieden aan asielzoekers en aan statushouders hier in Nederland, dan dragen wij daar in Rotterdam aan bij zoals in het coalitieakkoord staat, maar is het meer dan redelijk maar ook goed voor asielzoekers en statushouders dat ook de andere regio’s een portie nemen. Het is door Rotterdam alleen niet op te lossen, dus als wij dat hier allemaal maar gaan zeggen: kom maar hiernaartoe want Rotterdam regelt het wel, terwijl wij hier de voorzieningen echt niet voor die grote groepen hebben, dan bent u gewoon naïef. Dan bent u naïef in uw oplossing.

Dat gaan wij niet voor elkaar krijgen en daarmee creëert u eigenlijk verwachtingen naar asielzoekers en statushouders die u niet waar kunt maken. Dat is niet waar deze coalitie voor staat. Deze coalitie is voor faire oplossingen en dit is de oplossing die wij bieden en daar hoort de regio gewoon bij. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja voorzitter, volgens mij was ik daar heel duidelijk in. Natuurlijk moet de rest van Nederland ook gewoon haar portie doen, zoals Rotterdam ook gewoon netjes heeft gedaan. Natuurlijk moet de regio dat doen. Maar waar ik tegen ageer, is omdat de rest dat niet doet, dat Rotterdam dan ineens minder moet gaan doen. Dat is wat hier staat in het coalitieakkoord en daar ageer ik tegen. En dat is eigenlijk deze groep problematiseren. En dat partijen daarin mee zijn gegaan, dat stelt mij zeer teleur. En waar mijn schaamte op zat, is dat Rotterdam dus nu als stad met deze coalitie gaat lobbyen en tegen het kabinet gaat zeggen: wij willen eigenlijk minder statushouders hier in deze stad. Dat staat er en daar ageer ik tegen. Daar schaam ik me voor. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Dank u voorzitter. Ik vraag me gewoon heel erg af waar de heer Moti nu precies naartoe wil.

Ja, wachten totdat er hier tenten gebouwd worden op de Coolsingel omdat alles gewoon vol zit? Dat we gewoon niet meer voor die mensen kunnen zorgen die die zorg nodig hebben? Wat wilt u? De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja voorzitter, dat is een beetje net zo’n karikatuur als de heer Lansink net deed. Niemand heeft hier gezegd: laat alle vluchtelingen van de wereld maar naar Rotterdam komen. Dat heeft hier niemand gezegd. Wij zeggen gewoon: wij moeten gewoon aan onze taakstelling voldoen. En aan die taakstelling kunnen we voldoen en er is geen enkele reden om te zeggen dat die taakstelling omlaag moet, wat deze coalitie betoogt. Er is nog geen enkel knelpunt genoemd. Ik heb er nadrukkelijk om gevraagd. Zijn er dan scholen die zeggen: sorry, wij kunnen die statushouders niet aan. Mogen ze alsjeblieft naar Vlaardingen op school? Ik heb die schooldirecteuren nog niet gehoord. Maar als ze er zijn

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

809

hoor ik ze graag. Maar u doet dat wel, dus u problematiseert deze groep. De heer Lansink roept alsof alle vluchtelingen dan naar Rotterdam komen. Nee, wij zeggen als PvdA: laat ons minimaal voldoen aan die taakstelling en er is geen enkele reden om te vinden dat de taakstelling omlaag moet en dat vindt deze coalitie wel. Dan probeer ik te achterhalen waarom deze coalitie dat vindt, dat de huidige taakstelling dus te hoog is en waarom dat minder moet. Zijn er dan problemen? Het enige wat ik kan constateren is dat u bent mee gegleden met de agenda van Leefbaar Rotterdam die eigenlijk natuurlijk het liefst wil dat geen enkele vluchteling in Nederland wordt opgevangen en zeker niet in Rotterdam. Geen azc’s in Rotterdam, was een campagneleus van Leefbaar Rotterdam. Ja, daar bent u in mee gegleden en dat stelt mij zeer teleur. De VOORZITTER. Ik ga dit debat afronden. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, ik laat me toch niet echt aanleunen dat wij hier in zijn mee gegleden en dat wij mensen problematiseren, groepen mensen problematiseren. Het is walgelijk zoals u dat nu neerzet. Voorzitter, waar de heer Moti naartoe gaat, hij geeft eigenlijk een karikatuur en hij schetst een beeld dat totaal niet overeenkomt met datgene wat er in het coalitieakkoord staat. In eerste instantie zegt hij: de taakstelling, daar moeten we aan voldoen.

Vervolgens zegt hij: die taakstelling wordt nu uitgekleed. Nee, dat klopt niet. Dus u bent gewoon in uw eigen betoog veranderd van inzet. Nee, voorzitter, ik maak hier toch echt bezwaar tegen. Dit kan niet op deze manier gedebatteerd worden. De VOORZITTER. Dat heeft u genoeg... het is helder zo. Mijnheer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Ja, mevrouw Mohamed-Hoesein zegt het inderdaad gewoon zoals het is. In het coalitieakkoord staat: wij voldoen aan de taakstelling. Punt. De heer MOTI (pvda). Voorzitter. De VOORZITTER. Nee, er staat een mijnheer achter u die al eerder het woord had gevraagd. Mijnheer Vonk. De heer VONK (cu). Ja, ik wil toch wel één poging doen. Er is aan het begin van het debat eigenlijk een vraag gesteld, namelijk wat de aanleiding is om te gaan lobbyen voor een minder grote taakstelling. Dat was de vraag. De VVD heeft daar antwoord op gegeven. Die zegt heel duidelijk: wij zien die statushouders die we nu al moeten opvangen als probleem, we kunnen die niet allemaal kwijt. Dat is een probleem voor ons. En de vraag is dus eigenlijk aan D66 en DENK: vindt u dat ook? Vindt u dat de huidige taakstelling een probleem is en dat we daarom moeten gaan lobbyen voor een lagere taakstelling? Dat was de vraag, en kunnen misschien allebei de partijen daar nog een antwoord op geven? Dan is denk ik het debat ook verduidelijkt. De VOORZITTER. Mevrouw Maassen.

Mevrouw MAASSEN (d66). Ja, dank voorzitter. Laat ik één ding heel erg duidelijk maken. Statushouders zijn geen probleem. Ik heb dat hier ook niemand horen zeggen. Maar statushouders verdienen aandacht. Aandacht om ervoor te zorgen dat ze mee kunnen draaien en mee kunnen doen in onze samenleving. Daar moeten we in investeren. Daar is in Rotterdam energie, tijd en aandacht voor nodig. Dat betekent dus dat je als stad een bepaald absorptievermogen hebt. Nu is het zo dat in deze regio de omliggende steden niet voldoen

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

810

aan die taakstelling en dat wij beschouwen dat het voor alle statushouders beter zou zijn als omringende steden ook zouden voldoen aan die taakstelling. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Nee voorzitter, daar gaat echt de passage niet over die de heer Moti al een aantal keer heeft aangehaald. Natuurlijk moeten die steden gaan voldoen aan die taakstelling en als dat de oproep is, dan alle steun. Maar dat is niet wat erin staat. U zegt: Rotterdam gaat lobbyen voor een lagere taakstelling voor Rotterdam. En de vraag was: wat is voor u de reden om te gaan lobbyen voor een lagere taakstelling in Rotterdam? Waarom is de huidige taakstelling een probleem? De VOORZITTER. Mevrouw Maassen. Mevrouw MAASSEN (d66). Ja, ik val in herhaling, maar ik heb het dus net uitgelegd. Ja, en er wordt heel hard gelachen. Als u niet tevreden bent met het antwoord is dat prima, maar de vraag blijven herhalen betekent wel dat ik steeds hetzelfde antwoord ga geven. Dan kunnen we hier concluderen dat we het niet met elkaar eens zijn en dat is helemaal prima. Maar ik kan hetzelfde antwoord blijven geven als u dezelfde vraag blijft stellen. De VOORZITTER. De vraag is ook gericht aan mevrouw Mohamed-Hoesein. Wilt u er iets over zeggen? Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk).

Voorzitter, ook ik zou in herhaling vallen, dus het lijkt mij dat als de vraag wordt gesteld hoe, dat we die vraag doorgeleiden naar het college zodat de wethouder daar antwoord op kan geven. Want kennelijk landt het nog niet wat dit college heeft neergelegd in het coalitieakkoord. En wie kan dat beter uitleggen dan de wethouder. De VOORZITTER. Wethouder, wilt u reageren op de nog resterende vraag? Wethouder Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Ja voorzitter, ik merk op dat het in deze discussie inderdaad gaat om verschillende groepen. We hebben het enerzijds over statushouders, we hebben het anderzijds over asielzoekers en we hebben natuurlijk de groep Oekraïners die je dan eigenlijk afzonderlijk moet benaderen. Dus op het moment dat er gerefereerd wordt naar het coalitieakkoord, dan staan daar inderdaad afzonderlijk ook een aantal dingen. Laat ik beginnen te zeggen over die taakstelling, op het moment dat er geciteerd wordt uit het coalitieakkoord, dan is het inderdaad goed om vanaf het begin tot het eind te lezen. Er staat ook: een lobby te starten om Rotterdam te ontzien naar draagkracht. Want dat is het woord dat daar dan ook expliciet in staat, om daar ook die regio in op te nemen en de verantwoordelijkheid daar. Als het erom gaat of wij voldoen aan onze taakstelling, moge dat helder zijn. 2021 is gelukt en we lopen ook voor dit jaar nog goed op schema.

Dus de verwachting is dat we dat dit jaar ook gaan doen als het gaat om statushouders. Kijk, asielzoekers is een groep apart. Dat is de noodsituatie die nu aan het ontstaan is in Ter Apel waarin COA kan bellen en zeggen: beste Rotterdam, wij hebben een noodsituatie. Ben jij bereid om even tijdelijk asielzoekers op te nemen? Die hebben dus nog geen status hè, dat zijn asielzoekers die tijdelijk ergens onderdak moeten hebben. Daarvan zeggen wij, ik denk dat als je dat vergelijkt, dan kom ik meteen bij motie 57 waar de heer Segers aan refereerde. Het moet niet gezien worden als een begrenzing in het coalitieakkoord, maar eerder een bereidheid. Want sinds de sluiting van het azc in Rotterdam heeft Rotterdam nul asielzoekers opgevangen. Dus het is eerder een afspraak die je met elkaar maakt. Op het

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

811

moment dat zich een noodsituatie voordoet, zijn wij bereid om 500 plekken in de stad te reserveren voor of gekoppelde statushouders, statushouders die dus nog niet een definitieve status hebben, of we vangen ze op als asielzoekers. Daarmee kom ik dus op motie 57, dat maakt dus dat ik die helaas zal moeten ontraden. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja voorzitter, maar dan ben ik toch benieuwd. Waarom vond u het dan zo nodig om dat getal te noemen? De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Ik denk dat je met elkaar moet zoeken van wat nu een gemiddelde draagkracht is als je dat vergelijkt met het azc in Beverwaard. Dan wijkt dat niet veel af met het getal qua opvang daar. Dus zo hebben we even gezocht: hoeveel is de maximale capaciteit van het azc in Beverwaard geweest en wat zouden wij dan als Rotterdam kunnen dragen, dus zo zijn wij op dat getal uitgekomen. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Maar dat is geen antwoord op mijn vraag, met permissie. Ik vraag waarom het nodig was om dat getal te noemen. Want dat noem je niet voor niets. Het is niet zo van goh, laten we eens een getal noemen. Dan helpen we de mensen die het coalitieakkoord lezen een beetje. De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder).

Nog één keer de vraag voorzitter, want ik begreep de vraag niet. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Waarom vond u het nodig dat getal te noemen? De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Wat wij doen is kijken naar wat Rotterdam aankan. Op het moment dat je iets wilt doen, vergelijk je dat met historische gegevens. Nou, wij zijn gaan kijken naar het azc in Beverwaard, maar daar was de capaciteit vergelijkbaar. Daarvan zeggen we: op het moment dat we dat doen zou dat een redelijke draagkracht kunnen zijn, dus laten we dat met elkaar op voorhand afspreken op die manier. Dus dat is de reden. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Maar is de wethouder het dan met mij eens dat je daarmee bij voorbaat zegt, als de crisis een punt bereikt waarop je boven dat getal gaat, dan zeggen wij: de deuren in Rotterdam zijn gesloten. De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Op het moment dat zich een crisissituatie voordoet, ontstaan er andere situaties. Maar wat we zeggen is: Rotterdam zou 500 aan moeten kunnen en als er zich zo’n situatie voordoet dan speelt ook de regio een belangrijke rol. Dus in mijn overtuiging is dat je het dan ook wel in de regio met elkaar moet gaan oplossen. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

812

De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja, dan concludeer ik zelf dat u het nodig vond om dit quotum te noemen, want dat heeft u gedaan, om ervoor te kunnen zeggen op het moment dat het zover is: deze deuren van deze stad zijn gesloten. Daarom heeft u dat getal genoemd. U geeft geen rechtstreeks antwoord op de vraag, maar dat haal ik eruit. De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Voorzitter, wat ik heb gedaan is verantwoordelijkheid genomen voor deze speciale groep en kijken naar de draagkracht die Rotterdam heeft als het gaat om deze specifieke kwetsbare groep. Met heel veel, jongens op het moment dat we het hebben over deze groepen, vergeet niet, het is niet alleen oké ik gooi een deur open en een kamer en ik leg een matras neer. We willen ook kwalitatieve ondersteuning bieden. Dus op het moment dat we deze discussie voeren, let ook op dat soort dingen. Er zijn mensen die nodig zijn om dit gewoon goed te kunnen managen. Dus dat is waarom wij uiteindelijk op dit getal zijn gekomen. U wilt het framen als zijnde quotum. Nee, verantwoordelijkheid nemen, wat kunnen wij aan, waar kunnen we kwalitatieve ondersteuning voor bieden en dit is wat de uitkomst is. De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja voorzitter, met het noemen van een getal open je niet de deur maar gooi je uiteindelijk een deur dicht.

Dat is wat u uiteindelijk doet en daarom is het zo ontzettend jammer en ook een terechte vraag van de heer Segers waarom er nu zo nodig een getal in moest. Wat veel beter was geweest natuurlijk was als er was gezegd: als er een crisis is, dan gaan we kijken wat we in Rotterdam aankunnen en dat gaan we doen. Zonder je op voorhand vast te leggen op een getal, want dan krijg je heel rare discussies. Stel nu dat er inderdaad asielzoekers worden opgevangen op verzoek van het COA, 400 asielzoekers. Dan is er een crisis en komt er een nieuw verzoek, 200. Dan gaat u de deur dichtgooien. Met dit getal. Is dat wat u zegt? De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Nee voorzitter, dat is niet wat ik zeg. Wat ik dus zeg is op het moment dat wij nu een bezetting hebben van 400 en het COA komt met de vraag: we hebben nog 200. Dan zeggen wij: wij pakken die 100 en zorg ervoor dat die andere 100 in de regio worden opgevangen. Want wat wij willen mijnheer Vonk, is dat wij kwalitatieve ondersteuning kunnen bieden voor die 500. Want op het moment dat er 600 komen, waar gaan we die 100 dan plaatsen? De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Dus zegt u: dan is dus inderdaad de deur dicht bij 500. En waarom dan 500, waarom waren het er geen 600 of 550? Je krijgt heel rare discussies als je over die getallen begint.

Daarom is het zo ontzettend fout om een getal de grens te laten bepalen voor datgene wat je doet voor mensen in nood. De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Voorzitter, dat is een beperkende gedachte. Op het moment dat je vernauwend kijkt alleen naar Rotterdam. De oplossing voor asielzoekers ligt in de regio. Dus als je zegt: wij nemen onze verantwoordelijkheid als Rotterdam op 500, dan

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

813

mag je ervan uitgaan dat de regio ook zijn verantwoordelijkheid neemt voor, in uw voorbeeld de laatste honderd. De heer VONK (cu). Voorzitter, u gaat niet over de regio. Daar heeft u helemaal niets over te zeggen. Dus je kan natuurlijk zeggen: wij hebben een beperkte capaciteit. Dat is logisch. En regio, laten we het met elkaar doen. Dat is prima. Maar op voorhand zeggen dat je met een getal begrenst, daar zit het punt. Dat kan alleen maar als je vooraf hebt gezegd: asielzoekers zijn een probleem en daarom willen we het begrenzen. Dat doe je met vissen, dat doe je met mest hè, stikstof hoor ik hier zeggen. Problemen die je benoemt en daar vervolgens een getal aan koppelen. Dat is nu wat u met asielzoekers doet. Een heel lelijk frame en ik zou zeggen: haal het eraf door nu gewoon te zeggen: dat getal is geen quotum. Laten we zeggen: het is een uitgangspunt en zodra de nood aan de man is gaan we dat getal desnoods loslaten. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, de heer Vonk handhaaft quotum, maar dat klopt niet. Er is duidelijk aangegeven dat het enige beperkende in het geheel, het absorptievermogen is en daar moet hij toch wel oog voor hebben en dat is precies waar we naar kijken. Dus het is jammer dat er hier juist een frame door ChristenUnie wordt geplaatst en wordt benoemd alsof het frame nu hier wordt gelegd. De VOORZITTER.

De heer Segers-Hoogendoorn. De heer SEGERS-HOOGENDOORN (cda). Ja sorry hoor voorzitter, maar dit is nu echt een jij-bak. U noemt dat getal en u doet ontzettend veel moeite om dat nu uit te leggen en om dat niet als een quotum geframed te hebben. Maar het is een quotum. Want u heeft ervoor gekozen om dat getal te noemen. Als u het nu had gedaan zoals de heer Vonk zegt. Dat is eigenlijk in lijn met al deze bloemige woorden die we nu hebben om het uit te leggen. Wees een vent, zeg dan: deze meloen hebben we moeten slikken. Dat snapt iedereen. Dat is een coalitie. Je moet af en toe meloenen slikken. De heer Segers van de ChristenUnie heeft dat volgens mij ooit bedacht. Ik vind het geweldige beeldspraak. Wees een vent, zeg: deze meloen hebben we moeten slikken want dit getal moest erin. Maar probeer alsjeblieft nu niet een frame op ons te duwen, dat wij zeggen: dit is een quotum. U heeft het er zelf in gezet en uw handtekening staat onder dat quotum. En wilt u dat niet, dan moet u het getal eruit halen. De VOORZITTER. De heer Coşkun. De heer COŞKUN (sp). Ja voorzitter, ik zit nu een half uur te luisteren, en blijkbaar hebben de heer Moti en de heer Segers en ook mevrouw Vlasblom en ook mijnheer Vonk de vinger op de zere plek gelegd.

Ik constateer ook dat het blijkbaar pijn doet en ik ben blij als SP dat die vinger op die zere plek gelegd is en dat dit debat gaat en ik hoop nog meer dat dat quotum gewoon verdwijnt, dat we dat nooit meer terugzien, niet in de conceptbegroting, niet in de kaderbrief. Het stond ooit in iets wat een coalitieakkoord was, maar we hanteren het absoluut niet. De VOORZITTER. Mevrouw De Jong. Mevrouw De JONG (bij1). Wat ik vooral bijzonder vind is dat er heel veel dingen zijn die hierin hadden kunnen staan. Er staan ook dingen in over lobbyen naar het rijk. Een van de problemen is inderdaad, dat we hier heel veel mensen hebben zitten die niet de diensten kunnen krijgen die ze nodig hebben. Helemaal mee eens. Een van de problemen waardoor

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

814

dit komt is dat als mensen hier in Nederland komen ze niet mogen werken, ze zijn niet bezig met de Nederlandse taal en heel lange tijd staan ze op stop, te wachten. Heel veel mensen daar hebben al skills, kunnen zichzelf helpen. Je had ook kunnen zeggen: we gaan lobbyen naar het rijk om te zorgen dat ze dat open gaan gooien, zodat mensen daadwerkelijk sneller aan de gang kunnen, in ieder geval binnen die kringen, zodat ze zichzelf kunnen gaan helpen. Daarom vind ik het vooral bijzonder dat dit er dan in staat, terwijl we het hebben over lobbyen naar het rijk, maar dit soort dingen die beter zouden werken dan weer niet. Daarom ga ik wel een beetje twijfelen aan de bedoelingen hiervan en of wij het verkeerd hebben ingeschat met de quota. Dat quotum past eerder in lijn met wat erin staat en wat er dus ook niet in staat. De VOORZITTER. Mijnheer Achbar, wilt u afronden? Er was trouwens nog een vraag van mevrouw Vlasblom blijven liggen. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Over de LVV. Ja ik heb dus even omschreven dat het gaat om drie groepen. Mevrouw Vlasblom benoemt de LVV, dat is inderdaad weer een andere groep. Ook daarin zeggen wij: op het moment dat wij ongedocumenteerden willen opvangen, moeten we dat ook wel kwalitatief met de juiste ondersteuning inrichten, en de middelen niet vergeten. Dat is iets waar we ook kritisch naar moeten kijken.

En met het aantal van 70 naar 45, daarvan zeggen wij: daar kunnen wij als Rotterdam de juiste begeleiding op inzetten. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Nou, een aantal van de collega-raadsleden was ook in die bibliotheek op het moment dat we het hadden over de ongedocumenteerde daklozen in Rotterdam en ze verdwijnen niet in één keer zo poef, op het moment dat we de opvangplekken verminderen. Dus wat gaat u dan doen met de daklozen die niet kunnen worden opgevangen, die er wel degelijk zijn in Rotterdam? De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Ik denk dat het sowieso een uitdaging voor ons is om inzichtelijk te krijgen hoe groot die groep is in Rotterdam. Het zit niet in 70 of 45 mevrouw Vlasblom. We hebben er denk ik totaal geen zicht op hoeveel ongedocumenteerden er op dit moment in Rotterdam zijn. Dat is al de eerste uitdaging die u mij vraagt en daar heb ik zeker wel oog voor, maar het zit niet in 70-45. Die groep, kan ik u op voorhand zeggen, is veel groter. En kunnen we opvang regelen voor al die ongedocumenteerden? Nee. Maar waar zijn ze? Ik weet het niet. Maar wat we wel zeggen: op het moment dat ze zich melden bij LVV, dan hebben we een capaciteit van 45 om die op de juiste manier te begeleiden. Dat is wat erin staat. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1).

Nou, ik kan u vertellen dat een heel grote groep van die ongedocumenteerde daklozen ook ouderen zijn en dat slapen op straat voor die ouderen absoluut geen mogelijkheid meer is en dat het ontzettend moeilijk is en de drempel ontzettend hoog om naar de LVV te stappen, vooral als het nu in capaciteit verkleind wordt. Dus hiermee zegt u: thanks but no thanks, 45 plaatsen en niet meer dan dat en de rest mag lekker op straat slapen. En ook die heel grote groep ouderen mag op straat blijven slapen. Dus waarom kunnen we niet onderzoek doen hoe we bij het rijk kunnen lobbyen voor meer middelen daarvoor? Als we toch gaan lobbyen bij het rijk dan kunnen we toch in ieder geval

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

815

van 70 misschien naar 80 of naar 100 gaan? Ik bedoel, als het lijntje van communicatie toch openstaat? De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Nou, volgens mij zitten wij wat dat betreft op één lijn, want die lobby richting het rijk gaan we zeker ook wel doen. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Is dat een toezegging? De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Een lobby richting het rijk om de middelen hiernaartoe te krijgen? Jazeker. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Om de middelen te verhogen, zodat we niet naar 45 hoeven te krimpen maar op 70 of op meer kunnen blijven? De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Voor mij zie ik het als eerste stap om überhaupt de middelen te krijgen voor die 45. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Mevrouw ELFILALI (volt). Dank voorzitter. Ik heb een vraag en ik ben even in verwarring. Ik hoor de wethouder hier zeggen dat hij niet weet hoeveel ongedocumenteerden er aanwezig zijn in Rotterdam en toch heeft deze coalitie ervoor gekozen om de capaciteit te verkleinen. Waarop baseert u dat dan? De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Daar is een advies op gekomen en op basis van dat advies zijn wij tot dit besluit gekomen. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Mevrouw ELFILALI (volt). Voorzitter, waarop is dat advies gebaseerd? De heer ACHBAR (denk) (wethouder).

Op de middelen die er zijn en de capaciteiten die LVV kan bieden. Mevrouw ELFILALI (volt). Voorzitter, ik herhaal mijn vraag. Hoe kan het zijn dat de wethouder niet weet hoeveel ongedocumenteerden er zijn, er vervolgens een advies wordt gebaseerd om de capaciteit te verkleinen terwijl ik denk dat de opvangorganisaties in Rotterdam juist meer capaciteit nodig hebben. Dus waar baseert u dat advies op en kunt u dat advies met ons delen? De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Waarom wij onvoldoende zicht hebben op ongedocumenteerden, is omdat ze in de illegaliteit leven. En mensen die in de illegaliteit leven proberen onder de radar te blijven. Daarom hebben wij ze niet inzichtelijk.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

816

De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Mevrouw ELFILALI (volt). Voorzitter, volgens mij krijg ik geen antwoord op mijn vraag. Laat ik hem dan omdraaien. Wij zouden heel graag inzicht willen hebben in hoeveel ongedocumenteerden er in Rotterdam zijn en ik zou het ook willen omdraaien. Het is niet zo dat deze mensen onder de radar willen blijven. Deze mensen kiezen hier niet voor. Het is zo dat deze mensen buiten ons systeem vallen en misschien is het zo dat ons systeem niet zo humaan is, zeker als u het vergelijkt met het systeem bijvoorbeeld in Amsterdam. Dus ik zou graag willen dat we onderzoeken hoeveel ongedocumenteerden we hier hebben en ook hoe we ons beleid kunnen verruimen en humaner kunnen maken zoals steden als Amsterdam en Utrecht. Ik zou daarop graag de reactie van de wethouder willen horen. De VOORZITTER. Eerst even mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Ja, en als op het vorige wat ik zei de wethouder niets kan toezeggen, wil ik toch wel even een andere vraag stellen. Want op het moment dat we de middelen van het rijk niet krijgen voor die 45 plaatsen, gaan we dan niemand meer opvangen? Gaan we geen enkele ongedocumenteerde dakloze meer opvangen op een humane manier? Want dat staat er. De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder).

Nou ja, kijk, voorzitter, ook ik in deze discussie merk ik op, als we het hebben over LVV, is dat een groep van asielzoekers die uitgeprocedeerd zijn. Op het moment dat we het hebben over daklozen mevrouw Vlasblom, de mensen die buiten slapen, volgens mij ligt daar ook een motie vandaag voor ons, om daar iets mee te doen. Ik denk dus dat als we het hebben over uitgeprocedeerde asielzoekers, daarvan kan ik zeggen mevrouw Elfilali dat ik die cijfers misschien nog wel uw kant op kan sturen. Dus dat kan ik voor u uitzoeken. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom nog even tot slot. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Dan wil ik de wethouder erop wijzen dat heel erg veel van deze uitgeprocedeerde mensen zoals u ze benoemt op straat leven omdat ze nergens aanspraak op kunnen maken omdat ze geen status hebben. Heel veel van deze mensen slapen op straat en dat is een feit. Dus daarom benoem ik ook het daklozenprobleem van deze mensen. Daarom is mijn vraag ook aan u, als het rijk de middelen niet biedt voor die 45 schamele plaatsen, gaan wij die dan ook schrappen als stad? Dat is mijn vraag. De VOORZITTER. De heer Achbar. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Ja kijk voorzitter, het is even zoeken naar wat er nu precies bedoeld wordt qua definitie. Op het moment dat we het hebben over daklozen, we hebben daklozenopvang.

Op het moment dat we het hebben over mensen die zijn uitgeprocedeerd als asielzoeker, die kunnen zich melden bij LVV. Waarom we naar 45 gegaan zijn? Dus als er zich 45 melden, dan kunnen ze die opvangen, maar er is gewoon een duidelijke onderbezetting op dit moment bij LVV en dat is de reden waarom we zeggen: van 70 naar 45. Want je kan wel zeggen: kom maar met 100, maar als je die begeleiding niet kunt bieden, dan heeft dat natuurlijk ook gewoon geen zin. Dus dat is even het onderscheid dat u moet maken mevrouw Vlasblom. Daklozen, ja. Dan ligt er zelfs een motie volgens mij, motie 23. Als het gaat om uitgeprocedeerde asielzoekers kunnen er zich 45 melden op basis van beschikbare capaciteit bij LVV.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

817

De VOORZITTER. De heer Vonk. De heer VONK (cu). Ja voorzitter, ik hoorde de wethouder zeggen: die reductie van plekken is gebaseerd op een advies. Ik vroeg me even af van wie dat advies is en kunnen wij dat advies ook krijgen, want ik zou dat heel graag na willen kijken. Waarom? Er komt nog een landelijke evaluatie LVV en ik was zo verbaasd dat u al besluiten heeft genomen vooruitlopend op de landelijke evaluatie. Dus dan is zo’n advies wel buitengewoon interessant. De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Misschien heb ik het te krachtig gezegd als zijnde advies, dat u dat denkt. Maar wij hebben dus wel meegekregen dat er een zware onderbezetting is bij LVV. De capaciteit van 45 is op basis daarvan daaruit voortgekomen. De heer VONK (cu). Ligt er nu een advies of ligt er geen advies? En als het nu gaat over die onderbezetting, dat klopt. Er is ook een heel mooi artikel in Vers Beton geweest, waarin gezegd wordt dat Amsterdam veel meer plekken heeft en een veel hogere bezetting, en Rotterdam heeft bijna geen plekken en ook nog eens een heel lage bezetting. Dat is niet omdat de mensen er niet zijn maar het is gewoon een gevolg van beleid dat wordt uitgevoerd. Het is een gevolg van beleid. Dan moet je dus niet zeggen: dan kunnen we de plekken wel reduceren, nee, dan moet je het beleid aanpassen, want de mensen zijn er wel en ze liggen op straat.

Dus ik wil toch graag dat advies hebben op grond waarvan u heeft besloten dat we van 70 naar 45 kunnen. Ik wil dat ook narekenen en kijken. Als het argument is: ja maar er is nu leegstand, dan zeg ik: dat is een verkeerd argument. Dat is een gevolg van beleid en dat zou een argument zijn om het beleid te gaan aanpassen en wilt u dat ook toezeggen? Dat u beleid gaat aanpassen op de situatie in Rotterdam en al die mensen die nu op straat slapen? De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Voorzitter nog één keer, ik heb het woord advies gebruikt, maar dat is op basis van beschikbare gegevens als zijnde wat kunnen wij qua capaciteit aan. En zo zijn wij dus op het getal van 45 gekomen. Maar volgens mij heeft u die informatie ook, dus het is niet een ambtelijk advies als u dat denkt. Want ik krijg erg het gevoel dat u daarop hint, maar dat is dus niet het geval. De VOORZITTER. Mevrouw Vlieger. ACHBAR. Zei u iets voorzitter? De VOORZITTER. Ja, mevrouw Vlieger. Mevrouw VLIEGER (gl). Volgens mij was de wethouder nog wel midden in zijn zin, maar anders ga ik gewoon verder inderdaad. Ik hoor eigenlijk dat de wethouder te weinig informatie heeft over dit hele fenomeen, over deze mensen die hier gewoon in onze stad leven. Het zijn niet 45 mensen, het zijn niet 70 mensen. Het zijn veel meer mensen.

Ik hoor daarin eigenlijk ook dat de wethouder de documentaire niet heeft gezien die over deze mensen gepubliceerd is. Anders zou u wel weten dat het om veel meer mensen gaat, dat vind ik een beetje jammer. Maar wat ik eigenlijk wilde aangeven, is dat ik volgende week woensdag toevallig iets organiseer voor deze specifieke doelgroep en ik wil de wethouder

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

818

graag uitnodigen om mee te gaan zodat er meer kennis is over het hele probleem zodat we het beter kunnen aanpakken, want dit werkt niet. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Er zat geen vraag in mevrouw Vlieger. Mevrouw ELFILALI (volt). Dank voorzitter. Ik ben een beetje in verwarring. Er is geen advies, er zijn wel gegevens, dus laat ik mijn vraag stellen aan de wethouder om de informatie die hij heeft, de gegevens die er zijn met ons te delen, zodat we in ieder geval op hetzelfde spoor zitten qua informatie. Ik zou eraan willen toevoegen: laten we het beleid dat we hier hebben vergelijken met het beleid dat in Amsterdam en Utrecht gevoerd wordt, zodat we op basis van die informatie een goed debat, een goede discussie met elkaar kunnen voeren. Want inderdaad, ik sluit me aan bij de heer Vonk, het is zo dat er op basis van de gegevens die we hebben, ons beleid wat dat betreft minder humaan is. En laat ik ook één ding toevoegen: er zijn ook heel veel ongedocumenteerde jongeren die er ook niet voor gekozen hebben om ongedocumenteerd te zijn. Dit zijn fantastische jongeren die tot hun 18e jaar beschermd zijn voorzitter, en die een fantastische bijdrage kunnen leveren aan onze maatschappij en aan onze stad. Dus wethouder, laten we die ook alstublieft omarmen en niet wegsturen. De VOORZITTER. Mevrouw De Jong. Mevrouw De JONG (bij1). Een aanvulling op mijn collega hier.

We hebben natuurlijk last van vergrijzing, dat is iets wat al vijftien jaar speelt. Er worden te weinig kinderen geboren om alles voort te bouwen. Dat is het mooie met nieuwkomers. Het mooie daarvan is dat als je ze echt goed behandelt en meeneemt in het proces kan dat zichzelf ook helpen. We weten nu eenmaal dat die migratie een goed iets is voor een land, elk land, dat is nu eenmaal zo als het goed is aangepakt. Ik beaam eigenlijk wat mijn collega hiernaast zegt. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). De laatste cijfers krijg ik binnen. Volgens mij is er een inventarisatie gemaakt over hoe de leegstand is geweest bij LVV. De huidige bezetting is op dit moment 41. Gewoon om even mee te geven dat u een beeld heeft van wat er op dit moment qua cijfers aanwezig is. Dan ga ik even door met de volgende. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja voordat de heer Achbar doorgaat. Mevrouw Vlasblom stelde een vraag en die is niet beantwoord. De heer Achbar heeft wel veel te veel gezegd, maar geen antwoord op de vraag. De vraag was: in het coalitieakkoord staat dat de LVV-pilot alleen gecontinueerd wordt als het rijk daarvoor dekkende financiering verschaft. Nu weten we al van de huidige LVV dat de gemeente daar zelf geld bij moet leggen. Want wat we van het rijk krijgen is minder dan wat het ons kost.

Het is nu niet dekkend, wat betekent dat dan voor de LVV-opvangplekken? Gaat u daar dan mee stoppen zoals in het coalitieakkoord staat, of blijven die 45 plekken toch overeind omdat we in deze stad humaan zijn? De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Wat ik daarover kan zeggen, en daar mag u op vertrouwen mijnheer Moti, is dat ik keihard mijn best ga doen en dat is ook wat ik aan mevrouw Vlasblom meegaf, die lobby richting het rijk wel ga ik inzetten om de middelen daarvoor vrij te krijgen.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

819

De heer MOTI (pvda). Ik kan u zeggen dat uw voorgangers dat ook hebben gedaan. De heer Karremans, de heer Wijbenga, en er is nog steeds een gat. De vraag die ik u stel en die mevrouw Vlasblom u ook stelde, als er dus geen dekkende middelen komen, gaat dit college het aantal LVV-plekken terugbrengen naar nul? Dat is gewoon een heel simpele vraag. Ja of nee? De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Wat er in het coalitieakkoord staat is dat we van 70 naar 45 gaan en dat we ons keihard gaan inzetten richting het rijk om middelen binnen te halen. Dat is wat er staat. De heer MOTI (pvda). Voorzitter, ik word hier wel een beetje moe van. De VOORZITTER. Mijnheer Moti, u mag er niet doorheen hè, dat weet u. Eerst de wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Volgens mij had ik hem afgemaakt voorzitter. Ik zal hem dan voor het gemak even nog één keer herhalen. Wat er in het coalitieakkoord staat, dat heeft u net even opgelezen mijnheer Moti. We gaan van 70 naar 45. Er is wel onderzocht waarom we daarnaartoe gaan en dat is omdat er vaak leegstand is, of dat er nooit meer dan 45 mensen zich melden. En ja, wij gaan ons keihard inzetten om de middelen vanuit het rijk binnen te halen. U mag erop vertrouwen mijnheer Moti, dat ik me daar keihard voor ga inzetten. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda).

Ja voorzitter, de heer Achbar doet weer hetzelfde zoals hij zojuist bij mevrouw Vlasblom deed, geen antwoord op de vraag geven. De vraag ging er niet over of het aantal plekken van 70 naar 45 wordt teruggebracht. De vraag gaat over de zin in het coalitieakkoord: 'We continueren alleen de LVV-pilot als het rijk daarvoor dekkende financiering verschaft.' We weten dat er geen dekkende financiering is. De vraag is: als het rijk dus blijvend geen dekkende financiering geeft, zoals nu het geval is, gaat dit college dan stoppen met LVV-pilot zoals in het coalitieakkoord staat? Moeten we dat zo begrijpen? Dat is gewoon een heel simpele vraag, ja of nee? De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Nou ja voorzitter, het zou mijnheer Moti sieren om mij überhaupt even de kans te geven een keer een gesprek te voeren met het rijk hierover en dan misschien op een ander moment de vraag te stellen. Want als ik van scenario’s uit moet gaan. De insteek is, en daar mag u op vertrouwen, dat ik me keihard zal inzetten om LVV in Rotterdam te behouden. De VOORZITTER. Nog één keer. De heer MOTI (pvda). Voorzitter, ik ben er ook wel van overtuigd dat de heer Achbar zich met ziel en zaligheid daarvoor gaat inzetten. Daar geen enkele twijfel over. Ik lees wel een tekst over wat de consequentie is.

Zoals ik het lees, waarom dit er staat, is dat als die exercitie mislukt en het rijk ons geen extra geld gaat geven, dat dit college dan gaat stoppen met LVV. Zo staat het er, zo lees ik het. En ik zou graag van het college willen horen of dat klopt of niet.

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

820

De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Ik denk dat ik in herhaling ga vallen voorzitter. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). Misschien een vraag anders gesteld dan. Stel je voor dat we geen cent van het rijk krijgen om deze LVV open te houden? Kunnen wij koste wat het kost met onze eigen middelen 45 plaatsen open houden en kunt u dat toezeggen wethouder? De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). U weet natuurlijk dat u als raad gaat over het budget van de stad, dus uiteindelijk gaat u erover. De VOORZITTER. De heer Lansink. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Ja voorzitter, dat is natuurlijk typisch links denken hè. Alles in stand houden en alles betalen als er maar vraag naar is. U heeft het rapport van de COR gelezen. We staan er als gemeente financieel niet goed bij. U kunt dus wel zeggen dat we alles bij plussen wat door de rijksoverheid niet meer wordt betaald, maar dat is onhoudbaar. Want u doet het bij de LVV, maar u gaat het straks ook bij jeugdzorg zeggen. U gaat het straks ook bij welzijn zeggen. Het moet allemaal vanuit de staatskas van Rotterdam betaald worden, maar u zegt vervolgens niet daarbij wat er dan minder gaat. Nee, meer, meer, meer. En dat is niet de manier waarop ik financieel degelijk bestuur wil voeren en dat is ook niet de opdracht die ik aan dit college geef. De VOORZITTER. De heer Coşkun.

De heer COŞKUN (sp). Voorzitter, juist daarom hebben we ontzettend behoefte aan een kaderbrief waarin de financiële kaders geschetst worden door het college en wij daar iets over kunnen zeggen, want de keuze mijnheer Lansink, de keuze zal straks worden tussen een bruisend nachtleven waar D66 op gehamerd heeft of het nachtleven van mensen die op straat moeten slapen. Dat is de keuze die we straks moeten maken. De VOORZITTER. De heer Lansink. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Ach ja, u haalt het nachtleven erbij, maar ik haal ook verduurzaming erbij. Ik haal het feit erbij dat we straks ook een druppeltje regen moeten kunnen opvangen. We moeten in deze stad ook nog gewoon met de fiets en lopend door de ons stad heen bewegen. Er zijn zoveel opdrachten die deze stad heeft uit te voeren en u bent aan het cherrypicken, want dat is natuurlijk het makkelijke verhaal. Nachtleven versus iemand op straat. Maar wat dacht u van de woningopgave die wij hier zouden moeten hebben? Want het probleem dat u aangeeft, bijvoorbeeld ook de kosten in de zorg, gaat u niet oplossen door iets te doen in het nachtleven van Rotterdam. Daar gaat u het zaakje niet mee dichtleggen, mijnheer Coşkun. De VOORZITTER. Mevrouw Elfilali. Mevrouw ELFILALI (volt). Dank voorzitter. Ik heb de wethouder gevraagd of hij alle informatie die er beschikbaar is zo snel mogelijk met ons kan delen en daarbij of het beleid

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

821

dat wij in Rotterdam voeren vergeleken kan worden met Amsterdam en Utrecht. Kan ik daar een antwoord op krijgen? Ik wil daar graag een toezegging over. De VOORZITTER. Wethouder. De heer ACHBAR (denk) (wethouder). Wat mij betreft, als er informatie beschikbaar is deel ik die graag met u, mevrouw Elfilali. De VOORZITTER. Mevrouw Van de Peppel. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd). Ja, dank u wel voorzitter. Wat mij stoort aan dit debat is dat het niet links, niet rechts, niet vanuit geld, maar vanuit naastenliefde en mededogen gaat. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Ja, je kan wel heel leuk een debat vanuit naastenliefde en mededogen gaan voeren, maar uiteindelijk moet gewoon alles betaald worden, zoals de heer Lansink ook al aangaf. In de kern snap ik precies wat u bedoelt en ben ik het ook volledig met mevrouw Van de Peppel eens, alleen werkt het zo nu eenmaal niet. De VOORZITTER. Mevrouw Van de Peppel. Mevrouw VAN DE PEPPEL (pvdd). Dat ligt eraan, vanuit welk potje u de middelen betaalt, wat u als prioriteit belangrijk vindt. Ik vind dat mededogen en u vindt dat waarschijnlijk iets anders. De VOORZITTER. Mevrouw Vlasblom. Mevrouw VLASBLOM (bij1). We kunnen kijken of er nog wel genoeg geld is om menselijk om te gaan met ongedocumenteerden in deze stad of dat het belangrijk is om € 18 miljoen naar een dierentuin te pompen.

Kijk, het zijn keuzes die gemaakt zijn hè. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Ja voorzitter, de vraag was al drie keer aan de heer Achbar gesteld, maar hij gaf geen duidelijk antwoord, maar inmiddels heeft het debat wel een duidelijk antwoord opgeleverd door de heer Lansink en de heer Van Drunen. Die zeggen nu heel duidelijk: nee, als de gemeente Rotterdam hier zelf geld in moet stoppen, dan gaan we dat niet doen dus dan stoppen we ermee. Waarvan akte. De VOORZITTER. De heer Lansink. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Dank je de koekoek. En zo moet je het doen ook. Er wordt zoveel gedecentraliseerd naar de gemeenten, naar deze gemeente en elke keer moeten wij het bijleggen en gaat het ten koste van ons eigen te voeren beleid. Dat moet gewoon stoppen. We moeten ook zeggen tegen die rijksoverheid: als u ons een opdracht geeft, dan dient u daar ook gewoon voor te betalen. En anders, ja, dan gaan we het gewoon niet meer in uitvoering nemen. Want zo komen we ook aan al die zorgtekorten hier in deze stad. Doordat we het maar opnemen en absorberen en accepteren, dat we dat met veel te weinig geld moeten uitvoeren en vervolgens zitten wij hier financieel in de penarie en dat dat zullen we de komende vier jaar toch echt moeten oplossen. En uw richting is geen bijdrage aan de oplossing om het hier financieel weer op orde te krijgen. En daarvoor kijken we ook

raadsvergadering van 23 juni 2022

Notulen pagina

822

voor LVV gewoon naar de rijksoverheid, want als u wilt dat wij het als Rotterdam oplossen, dan zult u ook moeten betalen. De VOORZITTER. De heer Moti. De heer MOTI (pvda). Voorzitter, dit debat ga ik graag met de heer Lansink aan, maar deze vraag en dit antwoord zochten we nu de hele tijd. De heer Achbar heeft er geen antwoord op willen geven en ik ben in ieder geval blij dat de VVD en Leefbaar Rotterdam wel duidelijkheid geven op zo’n heel simpele vraag. We stoppen met LVV als we het zelf moeten betalen. Punt. Dat was de vraag die drie keer gesteld is en ik snap niet waarom dat antwoord nu zo moeilijk was om te geven. De VOORZITTER. Mevrouw Bokhove. Mevrouw BOKHOVE (gl). Ik sluit me aan bij de woorden van de heer Moti, maar de heer Lansink onderstreept ook zelf wel dat het rijksbeleid momenteel echt waardeloos is, en ik wil dan ook verzoeken, u heeft een landelijke vertegenwoordiger. Tenminste, u bent landelijk vertegenwoordigd in de coalitie, sowieso meer partijen, om er ook nadrukkelijk op aan te dringen om deze budgetten wel hiernaartoe te halen. Dit is echt al jarenlang ingezet rijksbeleid om te knijpen op de gemeente. Wij zullen ook als gemeente moeten zorgen voor alternatieven. Dan komen we op de kaderbrief, op de financiën.

U heeft ons niet in staat gesteld om te kijken of er niet alleen schaarste te verdelen is maar ook om te kijken of er niet eventueel inkomstenknoppen zijn waaraan we kunnen draaien. Dat vind ik vervelend want we zijn nu toch een gemankeerd debat aan te voeren. Ik zou graag een amendement indienen om in ieder geval te zorgen dat het vanuit onze eigen middelen wel mogelijk is omdat we anders hier door een morele ondergrens gaan zakken. De VOORZITTER. De heer Van Drunen. De heer VAN DRUNEN (lr). Ja, nog even als reactie op de heer Moti. Het wordt nu net gesteld alsof Rotterdam er is en de rest van de wereld. Nee, Rotterdam bestaat als stad en er zijn allemaal randgemeenten. Als wij hier nu gaan zeggen: koste wat het kost, ongeacht wat wij hier in Rotterdam moeten gaan schrappen, gaan wij dat soort voorzieningen in stand houden. Als wij dat hier nu gaan zeggen, nou, dan zie ik de gemeentebesturen in Dordrecht, Delft, Barendrecht, Zoetermeer, alles eromheen, al in hun handjes wrijven hè. Die denken: mooi, wij hoeven hier helemaal niets meer te doen, want het rijk laat de bal vallen maar uiteindelijk lost Rotterdam het wel weer op. En het kost ons dan helemaal niets en in Rotterdam mag alles geschrapt worden. De VOORZITTER. Mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, in reactie, want een-op-een, een lesje onderhandelen.

Als je daarmee naar het rijk gaat en vervolgens zegt: we willen deze pilot continueren, dan helpt het natuurlijk wel ontzettend als je daarbij de effectiviteit van die pilot aangeeft maar ook welk budget er nu beschikbaar is. En of wij daar in die onderhandelingen meer kunnen krijgen om die pilot verder voort te zetten en verder uit te breiden, is natuurlijk ook afhankelijk van het beperkte budget dat wij hier in Rotterdam hebben en dat we eventueel dan ook aan andere zaken kunnen besteden. Dus wethouder, in dezen zou ik gewoon de opdracht willen meegeven: aan de slag met die lobby, en zorgen dat Rotterdam als een van de vijf steden die de pilots uitvoert het kan continueren. De VOORZITTER. De heer Segers-Hoogendoorn.

raadsvergadering van 23 juni 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=62bb084e-8836-4c8f-b05b-78b2af118489