20201126- Notulen van de raadsvergadering van 26 november 2020
Tekst van het document
Ik weet niet precies wat u met uw motie beoogt, maar dit heeft inderdaad wel al mijn aandacht en niet alleen op die plek. Afgelopen jaar, ook sinds corona, sinds de straten soms wat rustiger zijn, lijkt het wel alsof mensen daar gebruik van maken om de straat ineens als een racebaan te gebruiken. We zitten daar bovenop, ook met de politie. We hebben ook op dertig plekken maatregelen genomen om verkeersremmende maatregelen te nemen. Ik zou graag eventjes in de pauze met u naar de motie willen kijken. Ik zou het niet aan één incident willen hangen, want in die zin is het standaardbeleid van ons als gemeente dat we na een ongeluk goed analyseren,
goed kijken wat er nodig is, maar nog meer, en dat staat ook in Rotterdam Veilig Vooruit, proberen het voor te zijn, want dat is nog veel belangrijker om, vanuit daar naar de verkeersveiligheid te kijken, met het voorspelmodel dat we hebben ontwikkeld, dat we van tevoren al gevaarlijke punten in kaart hebben. Daarnaast zijn we natuurlijk ook non-stop bezig met de black-spots, de aanpak daarvan, om te zorgen dat die allemaal zo snel mogelijk zijn uitgevoerd. Maar nogmaals: laat u in de pauze even zien wat u beoogt met de motie. Verkeersveiligheid is echt een speerpunt van dit college. Nou, brede steun van de SP, die het liefst de hele stad autovrij ziet, autoluw ziet. De stad is aan het veranderen en de positie van voetgangers en fietsers ook. Dat staat ook in de Rotterdamse Mobiliteitsaanpak. En we zien dat daar op veel punten de stad ook vooruitgaat. We doen dat gedoseerd, met mate, maar steeds stap voor stap vooruit en ik ben blij met uw steun daarin. De VOORZITTER. Wethouder, u bent uitgesproken? Mevrouw BOKHOVE (gl) (wethouder). Dit waren de vragen en dit waren de adviezen over de moties. De VOORZITTER. Heel goed. Ja. Ik dacht dat u ook ambitieus was met alle vragen. Ik weet niet of u niets gemist heeft. Ik check het even bij de raadsleden.
Misschien heeft iemand nog behoefte aan een tweede termijn? En u wilt in de pauze nog even zo meteen spreken over de motie van de Partij van de Arbeid en anderen. Is er behoefte aan een tweede termijn? Mevrouw Van Groningen? Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Dank u. Ik had eigenlijk nog een openstaande vraag waar ik graag nog antwoord op zou willen van de wethouder. Dus dan is het een stukje veegronde, met uw welbevinden. Ik had nog gevraagd of de wethouder met de partijen zoals de belanghebbenden, de mindervaliden, de
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1987
gebieden en de ondernemers ook om tafel gaat om echt het uitvoeringsprogramma vorm te geven. En daarnaast wilde ik dan nog even weten wanneer ze precies met dat overzicht komt voor die speed pedelecs. Daar ben ik nog even benieuwd naar. Dank u. Mevrouw BOKHOVE (gl) (wethouder). Voorzitter, ik had juist gezegd dat de loopagenda tot stand komt met de stakeholders en met de gebieden. Dus ik had daar bij mijn weten al antwoord op gegeven. Daar worden echt de partijen uit de praktijk bij betrokken. En ik gaf u aan dat de termijn van de ontheffing afloopt in 2022 en dat we daarvoor een evaluatie hebben, een permanente monitor, maar daarvoor evalueren of verlenging van die maatregel nodig is. Dus dat zal eind 2021 zijn, zodat in 2022 al of niet die regeling verlengd kan worden. De VOORZITTER. Tevreden zo mevrouw Van Groningen? Ik neem aan van wel. Ja, oké. Dan stel ik u voor, als er geen tweede termijn is, om nu voor de lunchpauze te gaan pauzeren. Als het nodig is, dat hoor ik overigens graag van mijnheer Tak, dan komen we nog terug op zijn motie. Dan kunt u daar nog iets mee doen als u dat wilt als raad. Daarna gaan we aanvangen met agendapunt 16.1, het Cultuurplan. Ik schors de vergadering tot 13.35 uur. De vergadering is geschorst. (De vergadering is geschorst.) (Lunchpauze.) (12.52 uur)
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1988
Notulen raadsvergadering
Notulen van de raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen van de raadsvergadering van 26 november 2020 (middagzitting)
De heer TAK (pvda). Ja, ik heb even nog wat tijd nodig.
Voor de agenda wordt verwezen naar volgnummer 16.
De VOORZITTER. Hoeveel tijd heeft u nodig? Tien minuten?
Voorzitter: de heer ing. A. Aboutaleb, met dien verstande dat het voorzitterschap van 14.55 tot 15.10 uur en van 17.12 tot 18.07 uur is waargenomen door de heer R.A.C.J. Simons
De heer TAK (pvda). Nou, een kwartier? De VOORZITTER. Dan verleng ik de schorsing nog even met een kwartier. De heer TAK (pvda). Dank u.
Voor de presentielijst wordt verwezen naar de ochtendzitting van deze vergadering.
De VOORZITTER. Dan heropen ik om 14.05 uur.
Namens het college zijn tegenwoordig mevrouw J. Bokhove, de heer A. Bonte, de heer A.H.P. van Gils, de heer M.K.A. Grauss, de heer S. Kasmi, mevrouw B.C. Kathmann, de heer S.A. Kurvers, de heer S. de Langen, de heer R. Moti en de heer B. Wijbenga-van Nieuwenhuizen.
(De vergadering is geschorst.) Heropening De heer TAK (pvda). Ja, dank u wel voorzitter. Hoort u mij?
Griffier: mevrouw I.C.M. Broeders
De VOORZITTER. Zeker.
Afwezig met bericht: wethouder S. de Langen
De heer TAK (pvda). Ha, top. Ik heb letterlijk net op de verzendknop gedrukt naar de griffie om inderdaad onze motie in te dienen. Ik zal hem anders nog even kort toelichten. De motie heet: ‘Motie veilige straten’, en ik dien hem in samen met mijn vrienden van GroenLinks en de Rotterdamse VVD. De eer voor de tekst schrijven gaat overigens naar mijn collega’s van GroenLinks, die dezelfde motie ook al in voorbereiding hadden bij de behandeling van de begroting op 26 november, maar naar aanleiding van, zoals ik al eerder aanhaalde, het verschrikkelijke verkeersongeval op de Mathenesserlaan, vonden wij met z’n drieën dat het toch echt tijd is voor actie en daarom dienen wij nu deze motie alsnog in. En ik ben overigens nog vergeten te noemen dat ook het CDA
Heropening De VOORZITTER. Beste raadsleden, ik heropen de vergadering. Ik zou eerst even een check willen plegen bij mijnheer Tak van de Partij van de Arbeid. Die zou in de lunchpauze nog overleggen. Mijnheer Tak. De heer TAK (pvda). Ja dank u voorzitter. Is het oké als we nog even kunnen schorsen? Ik ben namelijk bijna klaar? De VOORZITTER. Hoeveel tijd heeft u nodig?
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1989
deze motie uiteraard van harte zal ondersteunen en ook deze motie meetekent. En de motie is dus, zoals ik net zei, in digitale vorm naar u onderweg. De VOORZITTER. Mijnheer Tak heeft de volgende motie ingediend. Motie 4. Veilige straten ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van Uitvoeringsprogramma Fiets 2020-2021; Constaterende dat: - driekwart van de dodelijke verkeersslachtoffers in Rotterdam valt op 50-kilometerwegen binnen de bebouwde kom, waaronder afgelopen week weer op de Mathenesserlaan; - de Tweede Kamer recent een motie heeft aangenomen die stelt dat een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur de norm wordt in de bebouwde kom; Overwegende dat: - een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur leidt tot minder (dodelijke) verkeersongevallen, vooral bij ouderen en kinderen; - een lagere maximumsnelheid ook zorgt voor schonere lucht, minder geluidsoverlast, minder hardrijdende ‘verkeersaso’s’ en aantrekkelijke straten voor wonen en winkelen; - er veel manieren zijn om de maximumsnelheid in een straat te verlagen, variërend van een complete herinrichtingherinrichting tot creatieve oplossingen zoals tijdelijk groen en verbreden van fietspaden; - het aanpakken van een straat maatwerk is, waarbij samenwerking met bewoners, afstemming met hulpdiensten en goede communicatie essentieel zijn; Verzoekt het college: - samen met
gebiedscommissies, wijkraden, wijkcomités en bewoners te inventariseren in welke straten een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur onveilige situaties oplevert;
- een plan te maken voor het verlagen van de maximumsnelheid naar 30 kilometer per uur in die straten en daarbij voorrang te geven aan de meest onveilige straten en de straten waarbij de betrokkenheid van bewoners het grootst is; - met partners in de stad en bewoners creatieve oplossingen te bedenken voor het aanpassen van straten waar de kosten van volledige herinrichting nu nog te hoog zijn; - al te starten waar dat kan binnen de huidige budgetten voor bijvoorbeeld mobiliteit, schone lucht en stadsontwikkeling en voor de zomer van 2021 met een uitgewerkt plan naar de gemeenteraad te komen; - voor dat plan samenwerking te zoeken met andere gemeenten en de VNG en gezamenlijk het Rijk te verzoeken om voldoende middelen voor veilige straten; - hierbij aan te geven welke wegen vitaal zijn voor de verkeersdoorstroming en bereikbaarheid voor hulpdiensten en daarom niet in aanmerking kunnen komen voor een verlaging van de maximumsnelheid; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. D.P.A. Tak, J.P. Postma, D.A. van Groningen, R.G.C. Segers-Hoogendoorn, I. van Wifferen, R.T.J. van der Velden, P.J.H.D. Verkoelen en A. van Zevenbergen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. Kunt u ook aangeven welke namen eronder staan? De heer TAK (pvda).
Ja, deze motie is mede ondersteund door mijn collega’s mijnheer Postma, mijnheer SegersHoogendoorn en mevrouw Van Groningen. En mevrouw Van Wifferen. En de motie roept op om dus dertig kilometer de norm te maken in de stad. Dank u wel.
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1990
De VOORZITTER. Helder, dank u zeer. Dan zien wij de motie wel komen en laten we die wel rondgaan. Mijnheer Postma. De heer POSTMA (gl). Dank u wel, voorzitter. Een hele korte toevoeging hierop. Het is triest dat nogmaals een dodelijk verkeersongeluk de aanleiding moet zijn om deze motie alsnog in te dienen. Maar ik ben heel blij dat we nu ook voldoende partijen aan boord hebben om deze motie aangenomen te krijgen. Ik dank collega Tak voor het harde werk en de samenwerking hierin. En ik zou de partijen die onder de motie tijdens de begrotingsbehandeling stonden, die nog niet meegenomen zijn in de afstemming, ook van harte uitnodigen deze motie misschien mede te ondertekenen, want zij hebben hier net zoveel aan bijgedragen als de partijen. Mevrouw VAN GRONINGEN (vvd). Dank u, voorzitter. Ja, in aanvulling op mijn vorige twee sprekers, de Rotterdamse VVD heeft verkeersveiligheid ongelooflijk hoog in het vaandel staan en dat is ook de reden dat wij vandaag onder deze motie staan. Niet om aan te geven dat overal maar dertig de oplossing is, maar om aan te geven dat het belangrijk is om met elkaar in gesprek te gaan waar die verkeersveiligheid plaatsvindt. En daar ook echt maatregelen te treffen. Het is goed dat we wel erbij vernoemen dat straten waar het niet kan vanwege hulpdiensten of anderszins, dat we het daar ook niet gaan doen.
Dat moet ook volstrekt duidelijk zijn aan de voorkant. En dat daarnaast één ding ongelooflijk belangrijk is, en dat is handhaving, want zonder politiecapaciteit en ook gewoon het aanpakken van deze verkeersaso’s, die voor dit soort ongelooflijk trieste ongelukken zorgen, dat is het allerbelangrijkste. Dus aanpakken met die hap en ik ben ook mooi dat we hier een goede samenwerking hebben gevonden. Dank u wel. Mevrouw BOKHOVE (gl) (wethouder). Dank u wel voorzitter. Het is een motie die
ook bij de begroting is ingediend. Toen is hij ingetrokken. Ik ben niet blij met de aanleiding, maar wel heel blij met de bespreking van dit onderwerp over fietsen, voetgangers en wandelen en daarmee ook de verkeersveiligheid die hoog in het vaandel staat en waar nu de raad alsnog deze motie wil indienen. We hebben hem eerder omarmd en dat wil ik heel graag nogmaals doen. En bij iedereen van harte aanbevelen om daarvoor te stemmen. De VOORZITTER. De motie heeft ook nog iets met verkeersveiligheid, hoor ik net, in relatie tot handhaving. Dus verlaat ik even mijn voorzittersstoel om ook daarover nog iets te zeggen. De heer ABOUTALEB. Het onderwerp is permanent een onderwerp van aandacht in de driehoek. En zeker de politiechef begrijpt heel goed het belang dat de raad en de stad hechten aan handhaving op het terrein van verkeersveiligheid. U kent overigens wel de dilemma’s van de politie als het gaat om de beschikbare capaciteit en de vele wensen die ook politiek in onze raad leven. Maar dat dit punt een paar plekken op de prioriteitenlijst van de politiechef zal stijgen, dat zal zeer zeker het geval zijn. Dus een goede samenwerking tussen de inrichting van de wegen en de handhaving moet ons iets meer verkeersveiligheid opleveren de komende jaren. Maar ik wilde deze kanttekening wel graag plaatsen vanuit de handhaving. De VOORZITTER.
Is er nog behoefte aan een korte toelichting van iemand op dit punt? Ik ben weer voorzitter. Nee? Dan sluit ik de beraadslagingen op dit punt en dan dank ik de raadsleden en de wethouder. 16.1 Het voorstel tot vaststelling van het Cultuurplan 2021-2024 ‘Stad in transitie, cultuur in verandering’ De VOORZITTER. Ik ga naar agendapunt 16.1, het voorstel tot vaststelling van het
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1991
Cultuurplan 2021-2024 ‘Stad in transitie, cultuur in verandering’. Ik heb een lijst van sprekers en daar staat bovenaan mevrouw Walgenbach, maar die heeft gesproken met mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw Mohamed-Hoesein moet om dringende redenen de vergadering verlaten en zij heeft gevraagd of zij als eerste mag spreken. Mevrouw Walgenbach vond dat in haar ruimhartigheid goed. Dus we beginnen met mevrouw MohamedHoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Voorzitter, eerst wil ik mijn collega van D66 bedanken om mij inderdaad als eerste het woord te kunnen laten voeren. Voorzitter, het verdelingsvoorstel van de subsidiegelden voor culturele instellingen heeft de nodige discussies doen uitbarsten. Een flink aantal instellingen is ontevreden over het verdelingsvoorstel. En de fractie van DENK heeft vertrouwen in de welwillendheid van culturele instellingen om alles zo goed mogelijk op papier te zetten. En dit is niet altijd bij iedereen even goed gelukt. Ze hadden daarbij ondersteuning nodig op verschillende fronten. Om het proces van de aanvraag goed te doorgronden, hadden de aanvragers boekhoudkundige, soms procesmatige ondersteuning nodig. En dit was helaas niet het geval. Het heeft ertoe geleid dat veel culturele instellingen buiten de boot zijn gevallen en in elk geval niet een prettig gevoel hebben overgehouden aan de mate en de wijze waarop het proces is doorlopen.
Voorzitter, we zijn van mening dat de culturele instellingen die niet in aanmerking komen voor subsidiegelden alsnog begeleid zouden kunnen worden naar alternatieven. We hebben van ambtelijke zijde vernomen dat het niet de primaire verantwoordelijkheid van de gemeente om de aanvragers die niet zijn opgenomen in het Cultuurplan, verder te begeleiden. Wij vinden dit jammer. En ik wil dan ook aan de wethouder vragen om hierin verantwoordelijkheid te nemen en de aanvragers van wie de aanvraag geheel of
gedeeltelijk is afgewezen te begeleiden naar alternatieven. De VOORZITTER. Mevrouw MohamedHoesein, mevrouw Walgenbach heeft een vraag aan u. Mevrouw WALGENBACH (d66). Ja voorzitter, dank u wel. Deze motie die mevrouw Mohamed-Hoesein gaat indienen is natuurlijk hartstikke sympathiek en ik las hem ook met veel sympathie. Maar ik vroeg mij toch wel ergens af waarom u de keuze maakt om deze motie in te dienen, want we hebben de afgelopen jaren veel gesproken met de begeleiding die culturele instellingen moeten krijgen. Dat is juist ook de reden waarom we de impulsregeling nu lanceren, een tweejarige regeling waar ook juist ruimte is voor coaching op het gebied van bedrijfsvoering. Dus ik ben benieuwd wat deze motie dan zou toevoegen in de ogen van mevrouw Mohamed-Hoesein. Mevrouw MOHAMED-HOESEIN (denk). Ja voorzitter, over die impulsregeling, daar kom ik zo meteen op terug. Wat het hieraan zou toevoegen, is dat er nu, in deze fase, al wordt gekeken naar de aanvragers die nu hun aanvraag hebben ingediend en dat die daarbij ook worden geholpen om te kijken naar een alternatief. De impulsregeling is er een van, maar dan ga ik even weer verder naar mijn spreektekst, want het college verwijst culturele instellingen die niet zijn opgenomen in het Cultuurplan inderdaad naar de impulsregeling.
Maar we hebben ook van een aantal culturele instellingen vernomen dat de communicatie naar die instellingen tot nu toe, in elk geval bij een aantal, niet goed is verlopen. Er zou ook sprake zijn van een financieel plafond van 75.000 euro. En dit heeft ertoe geleid, dat in elk geval minimaal één culturele instelling heeft afgezien van de regeling. Dat plafond zou te laag zijn. En ik wil de wethouder dan ook vragen: in hoeverre klopt het dat er communicatief falen is opgetreden vanuit de gemeente juist ten aanzien van die impulsregeling? En is de
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1992
wethouder bereid om die culturele instellingen alsnog de mogelijkheid te bieden om gebruik te maken van de regelingen en hierover constructief het gesprek in te gaan?
Motie 1. Ik overweeg het graag nog eens even
Voorzitter, een van de redenen voor afwijzing van de aanvraag had betrekking op de bedrijfsmatige inrichting van de financiën. De culturele instellingen, voorzitter, vinden dat culturele instellingen eerder dan de vier jaar de kans moeten krijgen om te laten zien dat zij hun financiën inmiddels wel al op orde hebben. En is de wethouder dan bereid om op basis van die herbeoordeling na die twee jaar alsnog de subsidie over de jaren 2023 en 2024 toe te kennen aan de culturele instellingen? Met name wanneer de bedrijfsvoering aantoonbaar is verbeterd en voldoet aan de criteria. Voorzitter, hoe je het wendt of keert, elke vier jaar ontstaan vrijwel dezelfde discussies tussen de gemeente en de culturele instellingen tijdens de verdeling van de meerjarige subsidiegelden. Het is dan ook tijd om dingen op een andere manier aan te pakken. We hebben het geprobeerd, het heeft nu nog niet het resultaat opgeleverd dat we hadden gewild. Dus voorzitter, wij pleiten voor een herijking van de huidige verdelingsmanier van de subsidiegelden voor culturele instellingen. Er wordt gekeken, hopen wij dan ook, naar de best practices van andere gemeenten. En hierbij wil ik aan de wethouder vragen of hij bereid is een inventarisatie te maken van welke mogelijke alternatieve verdelingsmanieren er zijn voor het verstrekken van meerjarige subsidies.
Voorzitter, moties die hierop zien heb ik al ingediend en rondgestuurd. Ik kijk uit naar de beantwoording van de wethouder. De VOORZITTER. Mevrouw MohamedHoesein heeft de volgende moties ingediend.
‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van het Cultuurplan 20212024; Constaterende dat: - een heel aantal culturele instellingen aangeven dat ze onjuist zijn beoordeeld; - in de brief van het college ook benoemd staat dat een aantal conclusies gebaseerd zijn op foutieve informatie of niet op feiten gebaseerde aannames; - daarom het verdelingsvoorstel bijgesteld is ten opzichte van het advies van de RRKC; - de RRKC juist als taak heeft de aanvragen goed te beoordelen en de adviezen wanneer noodzakelijk te rectificeren; Overwegende dat: - de verdeling van de cultuurgelden een gevoelig onderwerp is dat we nooit naar tevredenheid kunnen voltooien; - sommige instellingen tevreden zijn met de verdeling, terwijl andere teleurgesteld en boos zijn omdat het anders uitpakt dan gehoopt; - er zoveel instellingen en zoveel meningen zijn; - dit ervoor zorgt dat er altijd instellingen zullen zijn die het oneens zijn met de genomen besluiten; - het belangrijk is dat er op juiste, feitelijke gronden besluiten worden genomen; - als er op onheuse gronden is beoordeeld, instellingen dit moeten kunnen aangeven; - er momenteel geen ruimte is voor hoor-, wederhoor of een heroverweging; - het daarom belangrijk is dat er allereerst in gesprek wordt gegaan met instellingen; - als daaruit blijkt dat de beoordeling van de RRKC echt foutieve informatie
bevat, dit alsnog gerectificeerd moet worden; - het nodig is dat een dergelijk gesprek met een heroverwegingsmoment plaatsvindt, dat niet alleen op de kwantitatieve gronden berust; - dit gesprek door de RRKC gevoerd dient te worden;
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1993
Verzoek het college: - de RRKC op te roepen om bij instellingen met onjuistheden in de huidige adviezen het gesprek aan te gaan en de adviezen, wanneer noodzakelijk, te rectificeren; - een moment van hoor en wederhoor op te nemen in het proces voor alle hierna volgende cultuurplanperiodes; En gaat over tot de orde van de dag.’
om alsnog gebruik te kunnen maken van de impulsregelingen voor cultuur; - de extra kosten voor de impulsregeling te dekken vanuit de onderbesteding op festivals door corona en/of vanuit de extra financiële middelen die door het Rijk verstrekt zullen worden; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’
w.g. E.C. Eskes, E.S. Walgenbach, J. Smet, P.J.P. Lansink-Bastemeijer, N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein, A. van Zevenbergen en T.J. Vonk
w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein en E. Büyükçifci Motie 4. Begeleid alle aanvragers naar alternatief
Motie 3. Geef een impuls aan culturele instellingen ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van agendapunt 16.1 het voorstel tot vaststelling van het Cultuurplan 2021-2024 ‘Stad in transitie, cultuur in verandering’; Constaterende dat: - een flink aantal culturele instellingen in Rotterdam ontevreden is over het verdelingsvoorstel van het RRKC; - volgens het huidige proces de gemeente van tevoren alle informatie en correspondentie ophaalt bij de aanvragers en deze ter beschikking stelt aan de RRKC; - er communicatief falen is opgetreden vanuit de gemeente naar de cultuurinstellingen toe waarbij onterecht werd aangegeven dat er een financieel dak bestond voor de impulsregeling; - door dit falen, culturele instellingen niet de mogelijkheid hebben gekregen om gebruik te maken van de impulsregeling; Van mening dat: - culturele instellingen alsnog de mogelijkheid moeten krijgen om gebruik te maken van de impulsregelingen van de gemeente voor cultuur; Verzoekt het college: - te onderzoeken of er een mogelijkheid aangeboden kan worden door de gemeente om culturele instellingen in staat te stellen aanvullende informatie te leveren
‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van agendapunt 16.1 het voorstel tot vaststelling van het Cultuurplan 2021-2024 ‘Stad in transitie, cultuur in verandering’; Concluderende dat: - een flink aantal culturele instellingen in Rotterdam ontevreden is over het verdelingsveerstel van het RRKC; - de aanvragers in deze procedure vaak geen boekhoudkundig of praktische procesmatige ondersteuning krijgen om het proces van de aanvraag goed te kunnen doorgronden en (financiële) mogelijkheden om deze ondersteuning aan te zoeken nihil tot zeer beperkt zijn; Van mening dat: - begeleiding bij de aanvraag zal leiden tot een betere aansluiting bij de bestaande mogelijkheden van subsidietoekenning of financiële ondersteuning bij de activiteiten; Verzoekt het college: - de aanvragers in deze ronde van wie de aanvraag geheel of gedeeltelijk is afgewezen te begeleiden naar alternatieven en hen bij de aanvraag in elk geval te laten ondersteunen volgens het model van de ondersteuning bij Rotterdamfestivals, waarbij financiële en praktische ondersteuning bij de aanvraag laagdrempelig mogelijk is; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1994
w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein
w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein
Motie 5. Cultuur verankeren in Rotterdam
Motie 6. Er zijn meer wegen die leiden naar cultuur
‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van agendapunt 16.2 het voorstel tot vaststelling van de conclusies en aanbevelingen uit het rapport van de Rekenkamer Rotterdam ‘Waarde van publiek, onderzoek publieksbereik cultuurplaninstellingen’; Constaterende dat: - ieder stadsdeel in Den Haag een cultuuranker heeft; - cultuurankers bedoeld zijn om alle krachten in de stadsdelen te bundelen en zo de kunst en cultuurbeleving en cultuurparticipatie uit te breiden; - bij de Cultuurankers bewoners kunnen genieten van (jeugd)theater, dans, film, literatuur, muziek of cabaret; - de Cultuurankerfunctie in ieder stadsdeel belegd is bij een culturele organisatie; Van mening dat: - cultuur dichter bij de Rotterdammers moet worden gebracht; - Rotterdammers op een laagdrempelige manier kennis moeten kunnen maken met kunst en cultuur; - cultuurankers kunst en cultuur tot in de haarvaten van de wijken zal brengen; - door Cultuurankers, de cultuurparticipatie en cultuurbeoefening van de Rotterdammers in de wijken gestimuleerd zullen worden; - door dynamische, diverse en artistieke programma's, die georganiseerd worden met verschillende partijen zoal scholen, jongeren-, migranten en bewonersorganisaties op het gebied van kunst en cultuur, het publieksbereik van kunst en cultuur in Rotterdam zal vergroten; Verzoekt het college: - te onderzoeken of
op de lange termijn Cultuurankers, naar voorbeeld van de gemeente Den Haag, opgericht kunnen worden in de gebieden van Rotterdam; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’
‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van agendapunt 16.1 het voorstel tot vaststelling van het Cultuurplan 2021-2024 'Stad in transitie, cultuur in verandering'; Constaterende dat: - een flink aantal culturele instellingen in Rotterdam ontevreden is over het verdelingsvoorstel van het RRKC; - elke vier jaar discussies ontstaan tussen de gemeente en de cultuurinstellingen tijdens de verdeling van de meerjarige subsidiegelden; Van mening dat: - de huidige verdelingsmanier van subsidiegelden voor culturele instellingen niet zorgt voor een groot genoeg draagvlak; - er meer manieren zijn van subsidieverstrekking dan de huidige meerjarige verdeling; - er een voorbeeld genomen kan worden aan andere gemeenten waarbij er een manier gehanteerd wordt, die zorgt voor minder discussies tijdens de verdeling van de subsidiegelden voor cultuurinstellingen; Verzoekt het college: - een inventarisatie te maken van welke mogelijke alternatieve verdelingsmanieren er zijn voor het verstrekken van meerjarige subsidies aan Rotterdamse culturele instellingen, waarbij gekeken wordt naar de best practices van andere gemeenten; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein en J. Smet Motie 7.
Samen in cultuur ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van agendapunt 16.1 het voorstel tot vaststelling van het Cultuurplan
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1995
2021-2024 ‘Stad in transitie, cultuur in verandering’; Constaterende dat: - de gemeente medeverantwoordelijk is voor het culturele klimaat in de stad; - de maatschappelijke en technologische vernieuwingen de toekomst van het cultuuraanbod in de stad veranderen; - de gemeente als ambitie heeft om meer ruimte te maken voor nieuwe cultuurinstellingen en genres in de stad; Van mening dat: - een goede samenwerking tussen culturele instellingen van groot belang is; - de ontwikkelingen en bijbehorende beleidsambities van invloed zijn op de cultuursector; - nieuwe, relatief kleine en/of middelgrote culturele instellingen een enorme toegevoegde waarde hebben voor de cultuur in de stad; - intensieve samenwerking en wederzijdse verbondenheid sleutelbegrippen zijn voor het in harmonie laten treden van deze nieuwe, kleine en/of middelgrote culturele instellingen en het cultureel veld in de stad; - subsidiegelden voor kleine en/of middelgrote culturele instellingen laagdrempeliger en beter toegankelijk moeten worden gemaakt; Verzoekt het college: - te onderzoeken op welke laagdrempelige manieren de nieuwe, relatief kleine en/of middelgrote culturele instellingen toegang kunnen krijgen tot de (meerjarige) subsidieregelingen van de gemeente; - te onderzoeken op welke manieren de nieuwe, relatief kleine en/of middelgrote culturele instellingen in staat worden gesteld om aansluiting te zoeken
bij de huidige culturele infrastructuren in de stad, vergelijkbaar met Rotterdam Festivals; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein
‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020, ter bespreking van agendapunt 16.1 het voorstel tot vaststelling van het Cultuurplan 2021-2024 ‘Stad in transitie, cultuur in verandering'; Constaterende dat: - bij de beoordeling van de ingediende aanvragen de RRKC heeft gekeken naar de bedrijfsmatige inrichting op het gebied van onder andere financiën; - een van de redenen voor afwijzing van de aanvragen voor de subsidiegelden te maken had met het financieel beleid van een aantal culturele instellingen; Van mening dat: - financiële drempels voor aanbieders van cultuur in de stad verlaagd moeten worden; - met betrekking tot periodiciteit naar een andere financierings- en subsidiesystematiek kan worden overgegaan waarin culturele instellingen meer ruimte krijgen; - culturele instellingen in Rotterdam de ruimte moeten krijgen om binnen twee jaar alsnog in staat moeten worden gesteld om te bewijzen dat de financiële positie is verbeterd en inmiddels voldoen aan de eisen om in aanmerking te komen voor de subsidiegelden van de gemeente; Verzoekt het college: - aan de culturele instellingen waarbij de bedrijfsmatige inrichting op het gebied van financiën de reden was tot afwijzing van de subsidieaanvraag, een mogelijkheid te bieden om alsnog in aanmerking te komen voor de subsidiegelden van de gemeente; - op basis van een herbeoordeling na twee jaar alsnog
te besluiten om de subsidie voor de jaren 2023 en 2024 toe te kennen aan deze culturele instellingen, wanneer de bedrijfsvoering aantoonbaar is verbeterd en inmiddels voldoet aan de criteria voor de subsidiegelden; - hierover te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’
Motie 8. Geef de culturele instellingen nog een kans
w.g. N.D.Z.R. Mohamed-Hoesein en E. Büyükçifci
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1996
De moties zijn voldoende ondersteund en maken deel uit van de beraadslagingen.
sprake van een voortrekkersrol op de drie i’s bij de meeste RTB-instellingen. En dit moet beter en scherper en dat zullen wij de komende jaren ook nauwlettend in de gaten houden.
De VOORZITTER. Mevrouw MohamedHoesein, ik dank u zeer. Dan gaan we terug naar de lijst. Mevrouw Walgenbach.
Tot slot: wij hebben gezien dat het proces van beoordelen van 122 aanvragen in twaalf commissies in slechts een aantal weken door de RRKC heeft geleid tot gemor in de culturele sector en ook in deze gemeenteraad. We hebben er lang over gesproken. D66 is van mening om die reden dat het goed zou zijn deze inrichting eens tegen het licht te houden. De toenemende mate van cross-overs in de culturele sector, de noodzaak van hoor en wederhoor, de tijdsplanning van het proces tot het komen van advies en het verdelingsvoorstel en de onafhankelijke positie die de RRKC inneemt ten opzichte van het gemeentebestuur. Die punten nemen we daar graag in mee, want zo blijven we de goede dingen doen op de goede manier. En daar hebben wij ook een motie over ingediend. Tot zover, voorzitter.
Mevrouw WALGENBACH (d66). Dank u wel, voorzitter. Ik zit hier vandaag als een tevreden D66-cultuurwoordvoerder. Al vanaf mijn allereerste cultuurdebat in 2018 heb ik elk debat keer op keer gepleit voor meer cultuurbudget. En dat is er ook gekomen. Geen loze woorden en ambities van het college, maar de daad bij het woord voegen als dat nodig is. En zo zien wij het graag. En dat dit college ervoor kiest juist nu, in deze coronacrisis, te investeren in kunst en cultuur is verstandig en ook zeer te prijzen. En in het bijzonder wil ik dan ook de investering van drie miljoen om makers eerlijk te belonen, benoemen. Dit is uniek in Nederland en ik hoop dat het een inspiratiebron zal zijn voor de andere gemeenten. We hebben een uitgebreid debat gevoerd in de commissie over dit verdelingsvoorstel, dus ik beperk mij nu dan ook tot de hoofdlijnen. Wij steunen de koers die ingezet wordt met dit voorstel met als kern meer ruimte voor nieuwkomers en doorgroeiers. Bij deze instellingen is inclusiviteit, innovatie en interconnectiviteit geen opdracht vanuit het stadhuis, maar zit het ingebakken in hun DNA. Zij zijn de motor die ons dichterbij brengt bij het ideaal van een cultureel aanbod voor alle Rotterdammers. Wij hopen dat de instellingen die uitblinken in die drie i’s ook worden ingezet om best practices te delen met de anderen. Want zo komen wij tot een ijzersterk cultureel ecosysteem.
En dan kijk ik toch ook met een schuin oog naar onze acht instellingen in de Rotterdamse culturele basis, waar meer dan de helft van het gehele meerjarige cultuurbudget heengaat. Wij verwachten absoluut topwerk van deze instellingen. In een aantal gevallen zijn wij toch wel teleurgesteld. Er is op dit moment geen
De VOORZITTER. Mevrouw Walgenbach heeft de volgende motie ingediend. Motie 2. Het beste advies voor de culturele sector ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020 ter bespreking van het agendapunt “Stad in transitie, cultuur in verandering, Cultuurplan 2021-2024”; Constaterende dat: - iedere vier jaar de RRKC de plannen van Rotterdamse cultuurinstellingen beoordeelt en het stadsbestuur adviseert over de verdeling van de cultuurgelden voor de aankomende jaren; - de RRKC hiermee een cruciale rol vervult voor het Rotterdamse cultuurlandschap; - de rol en procesgang van de RRKC na iedere cultuurplanprocedure wordt geëvalueerd; Overwegende dat:
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1997
- het college en de gemeenteraad door de RRKC optimaal in staat moeten worden gesteld over een rechtvaardige verdeling van de cultuurgelden in Rotterdam; - zowel de ‘cultuurraad’ als cultuurplanprocedures in andere gemeenten op verschillende wijzen worden ingericht; Verzoekt het college: - een onderzoek uit te voeren met als kernvraag wat de optimale vorm is voor een onafhankelijk Rotterdams cultureel advies; - hierin in ieder geval mee te nemen: herijking van het cultuurplanproces, de adviserende rol o.a. bij RCB-instellingen en de plaatsing van het orgaan ten opzichte van het stadsbestuur en te onderzoeken in hoeverre ook de nachtcultuur kan worden ingebed in de cultuurplanprocedure; - het culturele veld, binnen en buiten Rotterdam, te raadplegen voor dit onderzoek; - de gemeenteraad ruim voorafgaand aan de nieuwe cultuurplanprocedure te betrekken in dit onderzoek; - lessen uit dit onderzoek in te bedden in de procesgang voor de volgende cultuurplanronde; En gaat over tot de orde van de dag.’
buiten het stadhuis hiervoor. Ik sluit me gemakshalve, omwille van de tijd, ook aan bij de inbreng van mevrouw Walgenbach. Dank daarvoor. En laat ik het verder daarom maar kort houden, voorzitter, het voorstel voor het Cultuurplan 2021-2024 kan op instemming rekenen van de GroenLinksfractie met een aantal aandachtspunten. Instellingen en aanvragen die tussen de wal en het schip zijn beland, of die te groot voor het servet en te klein voor het tafellaken zijn, die zijn er en die blijven er altijd zijn. Maar de toezegging van de wethouder om hiermee voortvarend aan de slag te gaan, zien we ook met veel plezier uitgevoerd worden. Een tweede aandachtspunt is het cultuurplanstelsel zelf. Ik heb dit in de commissie ook al kort aangestipt: is dit nu de manier waarop we dit willen vormgeven met elkaar? Kan het niet op een andere wijze? De motie van mevrouw Walgenbach heb ik medeondertekend, die vraagt om evaluatie. Maar ook de motie die DENK heeft ingestuurd, heb ik ook mee ondertekend. Ik denk dat we in de komende vier jaar opnieuw met elkaar om de tafel kunnen zitten. En ik heb wat ideeën hiervoor die ik graag zou willen bespreken. Wordt vervolgd.
w.g. E.S. Walgenbach en J. Smet De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Dank u zeer. Mijnheer Smet. De heer SMET (gl). Dank u wel voorzitter. Wat een prachtstad en wat een geweldige kunstzinnige en culturele cultuur hebben we hier neergezet de afgelopen jaren. Voorzitter, met deze woorden startte ik mijn bijdrage in de commissievergadering over het cultuurplan in oktober. Een commissievergadering waar ik met veel plezier en ook waardering op terugkijk. Ik dank de commissieleden en de wethouder en daarmee ook meteen alle andere betrokkenen, ook buiten het stadhuis, juist
Laatste aandachtspunt is filmeducatie. De wethouder heeft positieve aandacht hieraan gegeven in de commissievergadering en een toezegging gedaan. Ik hoor graag nu nog van de wethouder welke stappen hij gaat nemen, zodat ik daar ook een oordeel over kan vellen. Voorzitter, het afgelopen jaar, en nu uitmondend in dit raadsvoorstel heeft duidelijk gemaakt hoe kunst en cultuur in Rotterdam natuurlijk geworteld is en opnieuw een goede voedingsbodem biedt voor nieuwe initiatieven. Daar had ik het eerder ook al over vandaag. Wat een prachtstad.
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1998
De VOORZITTER. Dank u zeer. Mijnheer Lansink-Bastemeijer. De heer LANSINK-BASTEMEIJER (vvd). Dank u wel, mijnheer de voorzitter. Allereerst wil de Rotterdamse VVD zijn waardering uitspreken richting de wethouder en ook onze dankbaarheid voor zijn toezegging om het Gergiev-festival richting zelfstandigheid te loodsen. En daar te kijken of er nog middelen zijn om hen richting die zelfstandigheid te ondersteunen. En die toezegging is, wat ons betreft, echt afdoende en wij hebben er vertrouwen en geloof in dat de wethouder zijn woord bij die toezegging voegt. En voorzitter, de VVD is daarnaast ook blij met het verdelingsvoorstel en daarin ook de woorden van Museum Rotterdam dat met dit verdelingsvoorstel het Oorlogs- en Verzetsmuseum in ieder geval niet zal worden geraakt, want dat zou voor ons onverteerbaar zijn geweest als dat museum het loodje zou hebben gelegd. Dus we zijn blij dat Rotterdam van dat museum kan blijven genieten, want wij denken dat de stad niet zonder kan. Voorzitter, in het proces van een Cultuurplan zijn er, gezien het aantal aanvragers en het beschikbare budget, natuurlijk altijd winnaars en verliezers. Maar in deze cultuurplanperiode zijn er ook, wat laten we zeggen, weeffouten en fouten gemaakt in het proces, waaronder, andere leden hebben dat ook al aangegeven, het hoor en wederhoor van de instellingen die een aanvraag hebben gedaan.
Ik ben daarom ook blij dat ik mee kan tekenen dan wel steun zal uitspreken voor enkele moties van fracties, waaronder die van CDA, D66 en de fractie van DENK. Overigens sluit ik mij ook aan bij de woorden van mijnheer Smet om toch ook nog aandacht te vragen voor enkele aanvragers die buiten de boot zijn gevallen, omdat zij ook in de aard van hun aanvraag feitelijk naast cultuur ook andere beleidsterreinen van deze gemeente ondersteunen. Ik noem maar veiligheid en
onderwijs, dan wel taaleducatie. En ik blijf de wethouder oproepen ook met hen het gesprek aan te houden zodat het aanbod dat zij doen wellicht via de andere beleidsterreinen alsnog een weg richting Rotterdam kan vinden. Voorzitter, wat mij betreft een prima voorstel vanuit het college waar mijn fractie zeer verguld mee is. Tot zover. De VOORZITTER. Dank u zeer. Mijnheer Engberts. De heer ENGBERTS (pvda). Ja voorzitter, dank u wel. We zijn heel blij met deze Cultuurnota. De belangrijkste inhoudelijke uitgangspunten, innovatie, interconnectiviteit en, voor ons met stip bovenaan, inclusie komen heel goed naar voren. En meer dan ooit zien we die diversiteit terug in dit verdeelvoorstel waar bovendien maar liefst twintig nieuwe instellingen in zitten, hartstikke mooi. In de vorige periode hebben we als PvdA nog wel eens kritiek geuit. In onze ogen was het cultuurbeleid van onze gemeente namelijk voor alles een instellingenbeleid, waar de makers buiten beeld zijn geraakt. En we zijn dan ook blij dat we ook daar veranderingen zien. Meer dan in de vorige periode gaat het ook om de makers zelf. En ik heb het dan natuurlijk vooral over de fair-practice-code. En we hebben bij de verkiezingen voor de gemeenteraad er flink campagne voor gevoerd, voor een betere beloning en een betere waardering van onze kunstenaars, voor de makers.
En we zijn dan nu ook trots dat Rotterdam als enige gemeente in Nederland fair pay volop invoert en daar extra middelen voor beschikbaar heeft gesteld om die enorme achterstand in te lopen en ervoor te zorgen dat mensen een normale beloning krijgen. En we zitten daarmee meteen met een vraag aan de wethouder. Want de roep om een betere beloning, die komt uit de sector zelf. Voornamelijk van de makers, maar ook de instellingen hebben zich daar altijd achter geschaard. En tegelijkertijd, we moeten wel zeker zijn dat het ook gebeurt. En we zijn enigszins gerustgesteld door
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
1999
wat de wethouder in de commissie heeft gezegd, namelijk dat niet alleen de drie i’s, maar ook de fair pay het kader vormt voor de subsidieverlening. Maar we worden dan weer wat ongerust als we de brief lezen van de wethouder van twee dagen geleden, waarin hij zegt dat de subsidie een lumpsum-financiering is, niet gelinkt aan concrete activiteiten. En met dat laatste zijn we het natuurlijk wel helemaal eens, maar hoe garanderen we dan binnen die financieringssystematiek dat we zeker zijn van een eerlijk loon? En dat niet alleen wij, maar uiteindelijk de makers zelf daar zeker van kunnen zijn? Want juist in tijden van corona hebben we allemaal goed kunnen zien hoe ongelooflijk onzeker dat bestaan in de culturele sector kan zijn. En we zouden dan ook graag van de wethouder horen, hoe wij als gemeente erop toezien, dat dat geld specifiek voor fair pay niet aan extra voorstellingen of aan extra activiteiten wordt besteed tegen een stagevergoeding. Dat kan natuurlijk gewoon door de accountantsverklaring, maar ik kan me ook voorstellen dat de wethouder, bijvoorbeeld halverwege deze cultuurnotaperiode in een midterm daar specifiek aan de raad op ingaat hoe het uitpakt. Ik ga er natuurlijk van uit dat elke instelling die zich niet aan de kaders houdt, dat dit leidt tot ingrijpen. Ik hoor het graag nog van de wethouder.
daarover. Ik noemde daarnet overigens de private middelen en daar was in een artikel op Vers Beton nog wel wat over te doen en ik denk dus dat het ook heel goed is dat we in januari in de commissie spreken over de kaders omtrent filantropie. Want voorzitter, we zijn heel erg blij met alle particulieren en vermogenden of minder vermogende particulieren die willen bijdragen aan onze stad en aan de cultuur in onze stad. En het is aan ons om ervoor te zorgen dat het op een manier gebeurt, waarbij we van tevoren duidelijk hebben hoe we ieders rol zien.
Voorzitter, nu we het trouwens toch over geld hebben, we zijn natuurlijk heel erg blij met al die extra middelen voor cultuur. Het is een hele goede stap voor deze stad, maar niettemin we zitten nog steeds onder het niveau van voor 2008. En ondertussen is de stad wel gegroeid. En ik zou dan ook wel eens in kaart gebracht willen hebben, hoe die groei van de stad zich verhoudt tot de groei van de voor cultuur beschikbare en benodigde middelen. En dan bedoel ik overigens niet alleen de gemeentemiddelen, maar het totaal aan rijksmiddelen en de publieksinkomsten en niet te vergeten de private middelen. En ik heb daarvoor een motie ingediend en ik hoor graag de opvatting van de wethouder
Voorzitter, ik zou nog aandacht willen geven aan één specifieke instelling en dat is FLOW. Het negatieve advies gaat vooral op bedrijfsadministratieve gronden. En tegelijkertijd is iedereen heel erg blij met zijn bijdrage aan de Rotterdamse culturele sector. Binnen de culturele sector, binnen de gemeente, we hebben het overal gevraagd, we hebben het veelvuldig op het podium gezet en het is dan ook eigenlijk gewoon zuur, dat dit het vanwege die meer administratieve bedrijfsmatige kant niet gered heeft richting deze Cultuurnota. En we willen hem graag voor de stad behouden. Dus mijn vraag aan de wethouder is om toe te zeggen dat we ervoor zorgen dat hij zijn rol in de stad kan
Meer dan in de vorige periode hebben wij als raad onze rol kunnen vervullen. We hebben vooral uitgebreid over de uitgangspunten gesproken en over de manier waarop we dat proces in zouden richten. En ik denk dat het heel goed is om dat vast te houden voor een volgende periode. Dat voorkomt dat we nu achteraf proberen onze invloed uit te oefenen. De uitgangspunten komen inhoudelijk goed terug en het proces is gegaan zoals we hadden afgesproken. Ook al was er veel kritiek trouwens op het proces, het is ook al eerder genoemd, in het bijzonder waar het gaat om het corrigeren van feitelijke onjuistheden bij de RRKC-advisering. En er is al heel veel over gezegd en ik denk dat er ook echt wel verbetering mogelijk is.
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
2000
blijven vervullen door via andere subsidieregelingen voldoende geld daarvoor te vinden. En dat we ervoor zorgen dat hij bijvoorbeeld via de impulsregeling in een tweede ronde verder kan richting de volgende Cultuurnota, zodat we er ook echt alles aan gedaan hebben om hem te behouden voor de stad. En ik hoor ook dat graag van de wethouder. Een allerlaatste punt gaat ook over de filmeducatie, mijnheer Smet sprak er ook al over. En we hebben er in de commissie voor gepleit om binnen de educatiemiddelen geld hiervoor beschikbaar te stellen. De vorige periode is de filmeducatie eigenlijk noodgedwongen wegbezuinigd. En als je dan ziet dat bijvoorbeeld in de gemeente Den Haag drie ton beschikbaar is voor programmaactiviteiten voor filmeducatie en in Rotterdam op dit moment helemaal niks, dan hebben we wel weer wat op te bouwen hier in deze stad, ook op dat punt. En daar zit dan ook onze vraag, want er is een netwerk van instellingen en de samenwerking daartussen gaat prima, maar daaronder heb je natuurlijk ook activiteiten nodig. En we zouden graag van de wethouder horen, dat die bereid is om binnen de educatiegelden daar ook middelen voor te vinden, zodat we daar ook in kunnen investeren. En niet omdat de film maar een van de vele disciplines is, maar omdat filmeducatie jongeren kan helpen om creatief en kritisch met beelden om te gaan.
En zo beter te kunnen participeren in onze samenleving. Dank u wel, voorzitter. De VOORZITTER. Mijnheer Engberts heeft de volgende motie ingediend. Motie 9. Cultuur op de groei ‘De gemeenteraad van Rotterdam, in vergadering bijeen op 26 november 2020 ter bespreking de Rotterdamse cultuurnota; Constaterende dat:
- het cultuurbudget van de gemeente door dit college is verhoogd maar nog onder het niveau van voor de crisis uit 2008 zit; Overwegende dat: - het inwonertal van Rotterdam de afgelopen tien jaar enorm is toegenomen; - budgetten voor veel (maatschappelijke) voorzieningen meebewegen met de groei van de stad maar het cultuurbudget daar los van staat; - culturele voorzieningen opgenomen zijn als een van de referentiewaarden bij grote woningbouwprojecten; - door het college een Denktank New Deal Cultuur is opgericht die onder andere aanbevelingen moet doen voor langetermijn-scenario’s en strategieën die moeten leiden tot een weerbare en flexibele cultuursector; Verzoekt het college om: - door bijvoorbeeld de denktank New Deal Cultuur mede te laten onderzoeken of en zo ja hoe de groei van de stad zich moet vertalen in het cultuurbudget; - daarbij de ontwikkelingen van private fondsen en publieksinkomsten te betrekken; - hierover voor de zomer 2021 te rapporteren aan de raad; En gaat over tot de orde van de dag.’ w.g. G.J. Engberts en A. van Zevenbergen De motie is voldoende ondersteund en maakt deel uit van de beraadslagingen. De VOORZITTER. Dank u wel. Mijnheer Koster. De heer KOSTER (lr). Ja dank u wel, voorzitter. De coronacrisis heeft de Rotterdamse cultuursector keihard geraakt. Bij onder andere De Doelen, Ahoy en Luxor wordt personeel op straat gezet.
Van Blijdorp en Ahoy hebben we de noodaanvragen al in de raad behandeld. Het einde is nog niet in zicht. De gedeeltelijke lockdown lijkt tot minimaal half januari 2021 te duren. En dan, wat zijn de consequenties op de middellange termijn? Mogen dan ineens wel de zalen open? Of
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
2001
zitten we vast aan en eerder gehanteerd maximum van ongeveer 25 procent van de normale bezetting? Voorzitter, het blijft sturen in de mist. En het blijft niet alleen bij mist, er zijn ook donkere wolken met onweer, heel veel onweer. Ik heb het over Boijmans, daarover straks meer. Onder dit gesternte buigen we ons vandaag over het Cultuurplan 2021-2024. Om uit de mist en de donkere wolken te komen, is goede stuurmanskunst nodig. En vooral leiderschap, en daar schort het helaas aan. Dit leiderschap is wel nodig, zoals de IHDX, een internationaal adviesorgaan al in 2017 concludeerde: het ontbreekt in Rotterdam aan een echte topper. Het subsidiebeleid van de gemeente stimuleert hierin op geen enkele manier verandering. Vandaag wil Leefbaar Rotterdam met een aantal moties een duidelijk signaal afgeven. Het eerste signaal dat ik af wil geven: stop alstublieft met die onzinnige, vage en gezochte criteria, zoals de door wethouder Kasmi gehanteerde drie i’s, innovatie, interconnectiviteit en inclusiviteit. Spreek gewoon over vernieuwing, samenwerking en diversiteit. Voorzitter, toen ik deze drie criteria de eerste keer hoorde, dacht ik aan een grap die vroeger over oud-PSVvoorzitter Harry van Raaij werd gemaakt. De onlangs overleden oud-voorzitter had een leiderschapsstijl, waarbij hij zou werken met de drie o’s.
Wellicht even handig dat u thuis meeschrijft: het ging hierbij om overzicht, overwicht en autoriteit. Goed, de drie i’s van wethouder Kasmi: interconnectiviteit, inclusiviteit en innovatie. Het criterium inclusiviteit leidt tot gewoonweg discriminatoire taferelen. In plaats van instellingen puur op hun culturele aanbod en aantrekkingskracht op het Rotterdamse publiek te beoordelen, worden personeelsbestanden tegen de meetlat gelegd. Te veel blanke mannen? Helaas, zeg maar dag tegen je subsidie. Daarom komen wij vandaag met de motie: inclusie als exclusie. En wij willen dat het Rotterdamse cultuuraanbod gericht wordt op het totaalaanbod, zodat er voor ieder
wat wils is. Deze drie i’s doorkruisen bovendien het doel van de Rotterdamse culturele basis, waarin acht grote instellingen zijn opgenomen, deze RCB. Het gros van de cultuursubsidies naar deze acht instellingen gaat door, ondanks dat ze niet voldoen aan deze drie criteria, waar dus andere instellingen wel aan moeten voldoen om voor de subsidie in aanmerking te komen. Hoe moet het dan in de toekomst beter? Met wat voor criteria kunnen we werken? Een van mijn voorgangers in de raad van Leefbaar Rotterdam, Anton Molenaar, introduceerde al in 2011 een model voor objectievere beoordeling. Hij zegt: samenvattend zijn er zes factoren waar we rekening mee moeten houden: behoefte, ondernemerschap, uniciteit, waarde, economisch belang van de stad en de nadruk van het college. Tussen die factoren kun je nog wegen, maar ik denk dat er dan een veel objectiever beeld komt van hoe en op welke gronden we de subsidies aan bepaalde instellingen verstrekken. Voorzitter, als de coronacrisis ons één ding heeft geleerd, is het wel hoe ondernemers omgaan met tegenslag. Ik heb echt veel waardering voor de creativiteit van de vele horecaondernemers in Rotterdam. Niet bij de pakken neerzitten, maar snel aanpassingen maken in hun bedrijfsmodel. Zo zie ik restaurant Buks dat is omgevormd tot een luxe bakkerij.
En wie had gedacht dat je bij het chique restaurant Old Dutch binnenkort oliebollen kan kopen? Deze ondernemerszin moet gestimuleerd worden en daarom komen wij met een motie: ‘Business in culture’. Voorzitter, ik ga verder. Leefbaar Rotterdam is kritisch op het proces dat heeft geleid tot het Cultuurplan. Het Gergiev-festival moet hemel en aarde bewegen om netjes een goede afbouw te realiseren. Dat is uiteindelijk gelukt, hebben we gisteren te horen gekregen. En terecht. Alleen, wethouder, hoe kan het nu dat u
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
2002
ineens hier vier ton beschikbaar voor heeft? De VOORZITTER. Mijnheer Koster, u krijgt een vraag van mevrouw Walgenbach. Mevrouw WALGENBACH (d66). Ja voorzitter, ik denk: zal ik hem nou laten gaan, maar toch een vraag aan mijnheer Koster. Want hij gaat een motie indienen, of heeft hij ingediend om ondernemerschap te stimuleren. Maar dan vraag ik me toch wel af welk advies van de RRKC mijnheer Koster heeft gelezen, want ondernemerschap wordt al meegenomen. Er zijn zelfs instellingen waarin dat een grote reden is om een positief advies te geven, omdat zij heel veel eigen inkomsten binnenhalen. Dus u doet het op mij wel een beetje overkomen alsof de culturele sector niet ondernemend genoeg is. En ik wil toch wel stellen dat dat onjuist is.
aanvraag moet worden behandeld. Vreemd, de instelling moet zelf kunnen bepalen tot welke categorie zij zich richt. Als Jazz International graag beoordeeld wil worden op talentontwikkeling, dan moeten zij niet ineens worden beoordeeld als concertorganisator, want hoor en wederhoor moet leiden tot een eerlijke behandeling door de RRKC. Daarvoor heb ik een motie, die enigszins lijkt op de andere moties: een eerlijke beoordeling zodat er alsnog hoor en wederhoor wordt toegepast en ja, dat we dat ook kunnen aanpassen, dat dat eventueel alsnog tot aanpassingen kan leiden. En ook in de toekomst moet dit beter. Wij zijn zelf, als Leefbaar Rotterdam, ook kritisch op de RRKC. Wij vinden dat er een kritische externe evaluatie moet komen. Daarvoor hebben wij de motie: een toekomstbestendige RRKC? Ik roep ook het college op om zelfstandig tot een oordeel te komen en niet klakkeloos voort te bouwen op het advies van de RRKC. Ondanks alle goede intenties die daar zitten, vind ik uiteindelijk dat het oordeel van het college moet komen en niet klakkeloos overnemen van een extern adviesorgaan. Dus die kritische externe evaluatie.
De heer KOSTER (lr). Nee, dat doe ik ook niet. Ik heb ook dit mooie rapport gelezen en daarin zie je dat sommige instellingen inderdaad heel veel geld halen uit de markt, maar andere instellingen niet. En ik denk dat daar mijn motie toe oproept, dat daar veel meer best practices tussen de instellingen geformuleerd kunnen worden, dat de instellingen elkaar stimuleren om hier, ja, voordeel mee te doen. Daartoe roept die motie ook op.
De VOORZITTER. Ik vraag even de vicevoorzitter. Ik moet even iets doen.
De VOORZITTER. Mevrouw Walgenbach? Nee? U kunt verdergaan.
De heer KOSTER (lr). Ik weet niet wat hier gebeurt, maar ik ga gewoon door.
De heer KOSTER (lr). Intussen gaan er ineens minder huizen van het gas af. Hoe komen we aan die vier ton? Dat hoor ik zo meteen graag van de wethouder.
De VOORZITTER. Ja, u kunt verdergaan.
Vorige week was last minute een technische sessie ingelast om alsnog te voldoen aan hoor en wederhoor. Goed, ik heb toen ook gezegd: die intentie is natuurlijk goed, maar het is veel te laat. Ik schrok zelf van de bewering van de ambtelijke ondersteuning dat de RRKC zelf moet bepalen door welke commissie de
De heer KOSTER (lr). Oké. Verder met het Cultuurplan. Cultuur in Alexander is een schaars goed. Leefbaar Rotterdam vindt dat dit anders kan. En dat vindt ook een groot deel van de gebiedscommissie aldaar. De cultuurcampus Kom op Zuid, dat is prima, maar we moeten ook kijken hoe we cultuur in het oosten kunnen stimuleren. Vandaar dat we met een onderzoeksmotie komen: ‘Cultuur in Alexander’. Wij willen dat daar wordt onderzocht hoe cultuur een
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
2003
grote rol kan spelen in Prins Alexander en een inventarisatie naar welke soorten cultuur behoefte is. Nog een gratis advies op deze plek alvast voor het college: vraag in de eerste plaats waar de inwoners van Prins Alexander behoefte aan hebben. Wij willen dus geen essays van kunstenaars met plannen voor Prins Alexander, maar een proces van bottom-up, dus niet van top-down. De eerste input heb ik al gekregen via de gebiedscommissie, waarvoor dank. Er is in het verleden behoefte uitgesproken geweest voor theater- of bioscoopfaciliteiten. Ik ga verder, cultuur op Zuid. Daar refereerden andere sprekers ook al aan, dat moet gestimuleerd worden. Wij, als Leefbaar Rotterdam, gaan niet afwachten tot we over een paar jaar wellicht een cultuurcampus hebben. We grijpen alsnog de kans om Boijmans op Zuid te realiseren. Daarom komen wij met een motie: ‘Toch een Boijmans op Zuid’. En ik heb er een paar argumenten voor en die wil ik toch noemen hier. Ik vind het eigenlijk een behoorlijk kwalijke zaak dat er maar twee miljoen nodig was om dit te realiseren en dat het daarom niet is doorgegaan. Ik denk het gat van twee miljoen, we praten bij het ambitieuze scenario van Boijmans over veel grotere bedragen. Het gat zou relatief makkelijk te dichten zijn met bijdragen van andere belanghebbende partijen zoals NPRZ, de gemeente of het Rijk.
Bovendien het oude pand van de V&D waar dit gerealiseerd zou moeten worden, is nog steeds beschikbaar als locatie. Wellicht is er nog met de verhuurder, met de eigenaar, te spreken over een mogelijke aanpassing van de huur. En ik denk dat Boijmans op Zuid de ideale wegbereider is voor de cultuurcampus op Zuid. Dat sluit ook aan bij de ambities van het Nationaal Programma en de gebiedsontwikkeling Hart van Zuid. En, dat opper ik ook maar even, wellicht is het een mooie plek om de collectie van het Museum Rotterdam al dan niet tijdelijk hier te huisvesten. En ik denk, op deze manier kunnen veel meer bezoekers kijken naar deze waardevolle
collectie. Ik wil op deze plek uitspreken, ik ben in Museum ’40-’45 geweest, ik vind het een prachtige collectie, maar de plek waar dit staat verdient dat niet, verdient Rotterdam en de geschiedenis van Rotterdam ook niet. Voorzitter, het is kwalijk dat we in een miljoenenstad als Rotterdam om twee miljoen euro dit tijdelijke museum niet kunnen hebben laten doorgaan. Dit is onbegrijpelijk als je ziet dat er meer geld in de voorbereiding voor de cultuurcampus op Zuid wordt gestopt, ik meen dat daar een bedrag van 2,7 miljoen aan wordt gespendeerd. Dus, wethouder Kasmi, kunt u duidelijk maken: wat speelt hier? Is die twee miljoen nou echt de reden dat het niet is doorgegaan? Ik ga verder met mijn betoog. We zijn inmiddels van de mist terechtgekomen midden in een donkere wolk, de verbouwing van Boijmans. De kosten van de verbouwing van het gebouw zijn tot dusver beraamd op minstens 169 miljoen. En daarbovenop komen nog eens 40, 45 miljoen voor dit ambitieuze scenario. Alleen daar is geen geld voor. De raad heeft zich al eerder uitgesproken dat de financiering van dit ambitieuze scenario niet door Rotterdam dient te gebeuren, maar hoe dan wel? De deadline wordt steeds vooruitgeschoven, nu horen we weer 1 maart 2021 en we weten nog steeds niet waar we aan toe zijn. We zijn inmiddels al met de vijfde bouwmanager bezig.
En, wethouder Kurvers, dat zeg ik maar even tegen u, dat is niet gebruikelijk dat er al een vijfde bouwmanager is. Er is ook nog steeds geen nieuwe voorzitter van de Raad van Toezicht. Wethouder Kasmi heeft vorige week aangekondigd dat die deze week benoemd zou worden, maar er is nog steeds niemand die volgende maand in de schoenen van de huidige voorzitter Jan Loorbach gaat staan. Wethouder Kasmi, ik hoor echt graag wat hier speelt, want dit is geen goed proces en we weten allemaal wat voor penibele situatie dit is. Hier moet echt duidelijkheid over komen. Voorzitter,
raadsvergadering van 26 november 2020
Notulen pagina
2004
het project dat Rotterdam een culturele impuls had moeten geven, is verworden tot een schimmig achterkamertjesdossier en dat is diep, diep, diep triest. We zijn hierover met u bijgesproken in een besloten sessie van de raad en daarover kunnen wij dus niks zeggen, onze handen zijn gebonden. We hebben toen het verhaal van uw kant gehoord en van wethouder Kasmi. Inmiddels heb ik ook de andere kant van het verhaal gehoord van andere betrokken partijen en dat is toch iets anders. Voorzitter, ik heb niet de behoefte om hier tussenin te gaan staan. De waarheid zal uiteindelijk in een onderzoekscommissie Boijmans boven tafel komen. Wel heb ik één observatie: Boijmans wordt gekort met vier ton, dat hebben we vandaag ook allemaal uitgebreid in de media kunnen lezen, omdat zij niet voldoen aan de drie i’s van wethouder Kasmi. En dus niet vanwege hetgeen besproken is tijdens de besloten vergadering. Ik begrijp dat niet, Leefbaar Rotterdam begrijpt dat ook niet. Vandaar mijn motie: ‘Het signaal naar Boijmans mag groter’. Ik realiseer me daarbij dat het signaal belangrijker is dan geld in mindering brengen. Ik wil niet dat banen van museummedewerkers op het spel komen. Voorzitter, ik weet niet of u inmiddels al bent aangeschoven, maar als dat wel zo is, dan verzoek ik in deze motie, daar is geen bedrag ingevuld, maar dan verzoek ik u op de stippellijntjes een bedrag van één euro te zetten.