CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

GETEKEND - Bijlage jaarstukken 2025

Commissie 2 juli 2026, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 4: Raadsvoorstel Jaarstukken 202580.565 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 10

Mogelijk zal er ook op landelijk niveau worden nagedacht over de financiering van scholen, wat invloed kan hebben op het gemeentefonds. De investeringen in nieuwe schoolgebouwen in de laatste HPO’s zijn erg hoog. Mede vanwege de hoge indexering van de landelijk stijgende normbedragen voor bouw van scholen, gebaseerd op de VNG-norm, budgetkrapte in de gehanteerde kostenkengetallen én de stijgende kosten van bouwmaterialen, bestaat het risico dat de beschikbare middelen voor onderwijshuisvesting PO in de begroting niet meer toereikend zijn. 6. Beheer openbaar groen en klimaatverandering (structureel risico) Het bestrijden van exoten (Eikenprocessierupsen, dennenprocessierupsen, Japanse Duizendknoop) wordt steeds meer regulier werk. Het risico bestaat dat de overlast groter wordt en dat dit extra kosten met zich mee gaat brengen om de overlast te beperken. Een nieuwe uitdaging is de opkomst van de Aziatische hoornaar. Hoewel de bestrijding mede wordt betaald door de Provincie is de verwachting dat het de gemeente de komende jaren ook meer geld gaat kosten. Daarnaast kan klimaatverandering leiden tot langdurige droge periodes. Om het huidige groenassortiment te behouden, zullen extra maatregelen nodig zijn.

Mogelijke oplossingen voor de droogte zijn dat Waterschappen het water langer vast moeten houden, maar ook moet nagedacht worden over ander groen en minder diversiteit in soorten (vooral soorten uit het Middellands zeeklimaat, maar die hebben het ook weer moeilijk in de winters). 7. Kosten bouw- en woonrijp maken Bravis valt duurder uit (incidenteel risico) De start van de uitvoering staat gepland voor het 2e kwartaal 2026. Het tekort op het exploitatieplan is door kredieten afgedekt. De opbrengsten (uitgifteprijs voor de gronden Maatschappelijk) zijn vastgelegd en gemaximeerd in de anterieure overeenkomst met Bravis. De kostenkant is onderhevig aan macro economische ontwikkelingen, welke kunnen leidden tot forse prijsstijgingen (tot meer dan 10%). 124 P 8. Algemene Uitkering gemeentefonds valt lager uit dan begroot (structureel risico) De algemene uitkering uit het Gemeentefonds is een belangrijke inkomstenbron, maar de ontwikkeling ervan is steeds minder voorspelbaar. Het Rijk werkt vaker met incidentele en kortlopende middelen, waardoor structurele zekerheid ontbreekt. Door deze langjarige onzekerheid neemt het risico op schommelingen in de inkomsten toe. 9. Stijging aantal bijstandsklanten (structureel risico) Als het aantal bijstandsklanten meer stijgt (of minder daalt) dan begroot, nemen zowel de uitkeringslasten als de uitvoeringskosten bij het Werkplein toe.

Door bijvoorbeeld faillissementen, instroom statushouders enzovoorts kan het aantal bijstandsklanten onverwachts snel toenemen. In de vastgestelde begroting van het Werkplein is uitgegaan van een stabiel klantenbestand. Indien het bestand meer stijgt dan geraamd of dan de landelijke trend, zal dat tot een nadeel leiden. Door allerlei mondiale, landelijke en regionale ontwikkelingen bestaat altijd een risico dat de BUIG-middelen niet in lijn meer zijn met de daadwerkelijke ontwikkelingen in de bijstand. Om het risico dat de BUIG-middelen niet in lijn zijn met de werkelijke ontwikkelingen in de bijstand werken we vanaf 2022 met een egalisatiereserve participatie. Vanaf 2027 is er een lichte daling voorzien in het klantenbestand. 10. Data wordt gegijzeld door cybercriminelen (incidenteel risico) Als cybercriminelen toegang krijgen tot ons netwerk en data versleutelen, dan kunnen ze om losgeld vragen om de data weer vrij te geven. Er is continu aandacht voor bewustwording onder medewerkers voor informatiebeveiliging. Technisch wordt met autorisaties en dergelijke het risico verder verkleind en er zijn extra technische beveiligingsmaatregelen op de mailserver om de kans dat mailtjes met “foute links en bijlagen” doorkomen te minimaliseren. Ook maken we gebruik van netwerksegmentering: bij infectie of versleuteling, wordt slechts een deel van het netwerk geraakt.

Door onder meer toepassing van SaaS wordt de opslag van data verspreid over meerdere locaties en meerdere leveranciers. Als één leverancier gehackt wordt, wordt alleen die data versleuteld. 125 Toelichting op het weerstandsvermogen Risicoprofiel Het risicoprofiel voor de jaarrekening 2025 is tot stand gekomen door voor alle organisatieonder-delen de risico’s in het desbetreffende werkveld te bepalen. Aan elke risicovolle gebeurtenis is een kans en een financiële waarde toegekend. Omdat niet alle risico’s zich maximaal en/of gelijktijdig zullen voordoen, is een zogeheten statistische Monte Carlo risico-simulatie uitgevoerd. Daarmee is berekend hoe groot de weerstandscapaciteit is die minimaal benodigd is om met een waarschijn-lijkheid van 90% de gevolgen van zich eventueel voordoende risico’s af te kunnen dekken. In totaal zijn voor de organisatie 64 risico’s in beeld gebracht, waarvan 55 met een financieel gevolg. In onderstaande tabel is per vakje het aantal risico’s geclassificeerd naar risicobedrag en de kans dat een risico zich zal voordoen. Het risicoprofiel is een momentopname.

Geld | Netto x > € 1.000.000 | 6 | 3 | 2 | 1 | 3 € 500.000 < x < € 1.000.000 | 7 | 1 | 1 € 200.000 < x < € 500.000 | 3 | 5 | 1 € 50.000 < x < € 200.000 | 2 | 5 x < € 50.000 | 8 | 5 | 2 Geen geldgevolgen | 5 | 1 | 2 | 1 Kans | 10% | 30% | 50% | 70% | 90% De benodigde weerstandscapaciteit Indien alle geïdentificeerde gemeentelijke risico’s zich gelijktijdig en in maximale omvang voor zouden doen, is een bedrag van € 65,2 miljoen benodigd. Dit zal in de praktijk echter niet het geval zijn, zodat het reserveren van dit maximale bedrag niet noodzakelijk is. De risicosimulatie toont aan dat met een waarschijnlijkheid van 90% een bedrag van € 18,8 miljoen voldoende is om de geïdentificeerde risico’s in financiële zin te kunnen afdekken (= benodigde weerstandscapaciteit). 126 P De beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit middelen waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten, die onverwacht en substantieel zijn, te dekken zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de volgende componenten: A. De vrij aanwendbare algemene reserves (x € 1.000) (incidenteel karakter) Deze bestaan uit: Stand 31-12-2025 Algemene reserve 23.178 Totaal 23.178 B.

De vrij aanwendbare bestemmingsreserves (X € 1.000) (incidenteel karakter) Bestemmingsreserves zijn vrij aanwendbaar voor zover deze niet zijn belast met verplichtingen aan derden, respectievelijk wanneer zij niet de functie hebben van een egalisatiereserve. Indien een risicogebeurtenis zich voordoet heeft de gemeenteraad de mogelijkheid om de bestemming van de reserve te wijzigen ter dekking van het risico. De volgende (delen van) bestemmingsreserves worden als vrij aanwendbaar aangeduid: Stand 31-12-2025 Bestemmingsreserve Roosendaal spreekt, Roosendaal Doet Bestemmingsreserve Grondexploitatie 14.859 Bestemmingsreserve Duurzaamheid 239 Bestemmingsreserve Participatie 2.362 Bestemmingsreserve Investeringsfonds 17.536 Aanpak snelweg A58 1.000 Totaal 35.996 C. De onbenutte belastingcapaciteit (x € 1.000) (structureel karakter) De onbenutte belastingcapaciteit is het verschil tussen de werkelijk opgelegde en de maximaal te heffen Onroerend Zaak Belasting (OZB). De raad heeft de mogelijkheid om in geval van een calamiteit de financiële gevolgen te dekken met een verhoging van de OZB. Conform de beleidsnota ‘risicomanagement en weerstandsvermogen’ is dit 2% van de in 2025 opgelegde aanslagen = 2% x 17.851 = 357. D.

De post onvoorzien in de programmabegroting (structureel karakter) De post onvoorzien staat structureel in de begroting, is bij de begroting 2025 verlaagd naar 100 en wordt ook als weerstandscapaciteit aangemerkt. Het is een structureel opgenomen begrotingspost, waartegenover geen directe uitgaven geraamd staan en die ingezet wordt voor onvoorziene, incidentele tegenvallers. 127 Kapitalisatiefactor Gezien de structurele beschikbaarheid en de mogelijkheid om de onbenutte belastingcapaciteit en de post onvoorzien structureel in te zetten ter dekking van risico’s wordt conform de beleidsnota ‘risicomanagement en weerstandvermogen’ een kapitalisatiefactor toegepast van 2,5.

De beschikbare weerstandscapaciteit is voor de gemeente Roosendaal per 31-12-2025 als volgt: (x € 1.000) | Begroting 2025Jaarrekening 2025 (per 31-12-2025) | (per 31-12-2025) Structureel karakter Onbenutte belastingcapaciteit (OZB) | 305 | 357 Post Onvoorzien | 100 | 100 405 | 457 Kapitalisatiefactor structurele beschikbaarheid | 2,5 | 2,5 Subtotaal weerstandscapaciteit exploitatie | 1.012 | 1.142 Incidenteel karakter Vrij aanwendbare algemene reserves: | 22.980 | 23.178 Vrij aanwendbare bestemmingsreserves: | 25.041 | 35.996 Subtotaal weerstandscapaciteit vermogen | 48.021 | 59.174 Totale weerstandscapaciteit | 49.033 | 60.316 De beoordeling van het weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de volgende ratio en bedraagt per 31 december 2025: Ratio weestandsvermogen | = | Beschikbare weerstandscapaciteit | = | € 60,3 mln | = | 3,2 Benodigde weerstandscapaciteit | € 18,8 mln In de nota ’beleid risicomanagement en weerstandsvermogen’ is het streefgetal voor het weerstandsvermogen vastgesteld op een minimale waarde van 1,0. De ratio van het weerstandsvermogen per 31 december 2025 voldoet met de waarde 3,2 ruimschoots aan deze norm en is hiermee wel gedaald ten opzichte van de 4,1 bij de begroting 2025.

Dit is te verklaren doordat de benodigde weerstandscapaciteit flink is toegenomen van € 12,0 mln naar € 18,8 mln, dit komt met name doordat het risico voor Jeugdzorg hoger is ingeschat en er een tweetal substantiële risico’s in de Top 10 bijgekomen, zie hieronder voor een nadere toelichting. 128 P De belangrijkste wijzigingen in de Top 10 risico’s ten opzichte van de begroting 2025 zijn: > Het grootste risico over de jeugdzorg is naar boven bijgesteld op basis van recente gegevens. > Doordat er een aantal grondexploitaties zijn vastgesteld begin 2026 is het risico op onvoorziene ontwikkelingen binnen die diverse Grondexploitaties als nr 2 risico in de Top 10 gekomen. > Het risico van de schadeontwikkeling viaducten Nelson Mandelaweg is door een recente schouw ook ontstaan en is in de Top 10 gekomen. Let op: Voorzichtigheid blijft geboden Voor de duidelijkheid: de hoogte van de weerstandsratio zegt niets over eventuele vrije ruimte binnen de begroting. Onder elke bestemmingsreserve liggen immers plannen. Aanwending van deze reserves voor het afdekken van risico’s die zich voordoen, heeft consequenties voor de huidige onderliggende plannen. Kengetallen Het besluit tot wijziging van het BBV is in mei 2015 aangepast vastgesteld. Er dienen kengetallen opgenomen te worden in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (Artikel 11 BBV).

Het betreft: > netto schuldquote & netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; > solvabiliteitsratio; > grondexploitatie; > structurele exploitatieruimte; > belastingcapaciteit. Het Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader (GTK) is een provinciaal toezichtskader waarin signaleringswaarden staan hoe de in deze paragraaf genoemde kengetallen te interpreteren. Het betreft geen normering, de invoering van de set van vijf kengetallen is voornamelijk bedoeld om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken. 129 Signaleringswaarden financiële kengetallen (GTK 2020) Signaalwaarden kwalificatie kengetallen | Minst risicovol | Neutraal | Meest risicovol A | Netto schuldquote | <90 % | 90-130 % | >130 % B | Solvabiliteitsratio | >50 % | 20-50 % | <20 % C | Grondexploitatie | <20 % | 20-35 % | >35 % D | Structurele exploitatieruimte (begroting) | >0 % | 0 % | <0 % E | Belastingcapaciteit | <95 % | 95-105 % | >95 % Het gebruik en het vaststellen van de berekeningswijze van de kengetallen heeft geen functie als normeringinstrument in het kader van het financieel toezicht door de provincies. De invoering van de set van vijf kengetallen is voornamelijk bedoeld om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken.

De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende aspecten die de raad in de beoordeling van de financiële positie kan betrekken. De kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van de financiële positie van de gemeente. Hoe de kengetallen berekend moeten worden, is vastgelegd in een ministeriële regeling (26 oktober 2015, nr. 2015-0000611752). Jaarrekening 2025 | Verloop van de kengetallen Kengetallen: | Jaarverslag Begroting | Jaarverslag | Begroting | Begroting | Begroting | Begroting 2024 | 2025 | 2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 netto schuldquote | 43% | 64% | 47% | 67% | 76% | 71% | 70% netto schuldquote | 43% | 64% | 47% | 66% | 76% | 70% | 69% gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio | 26% | 20% | 25% | 15% | 14% | 15% | 14% structurele | -4% | 0% | -3% | 0% | 1% | -1% | 0% exploitatieruimte grondexploitatie | 14% | 5% | 12% | 6% | 5% | 2% | 0% belastingcapaciteit | 96% | 104% | 97% | 98% | 98% | 98% | 98% Beoordeling kengetallen Netto schuldquote: De netto schuldquote geeft de hoogte van de schulden aan in relatie tot de jaarlijkse inkomsten en geeft hierdoor een indicatie van de flexibiliteit van de begroting.

Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat indien dit kengetal lager is dan 90% dat dit als ‘minst risicovol’ wordt gezien. Dit is in Roosendaal het geval. 130 P Solvabiliteitsratio: De solvabiliteit geeft de verhouding tussen het eigen en vreemd vermogen aan. Het geeft daarmee een indicatie of een gemeente haar bezit zeer zwaar belast met schuld. Met voldoende eigen vermogen kunnen tegenvallers opgevangen worden. Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat een kengetal tussen de 20% en 50% als ‘neutraal’ kan worden gezien. In de jaarstukken 2025 is dit met een ratio van 24% het geval. Dat is hoger dan bij de begroting 2025 ingeschat, met name te verklaren door de lagere uitnutting van de Bestemmingsreserve Investeringsfonds dan begroot. Daardoor zijn de reserves, het eigen vermogen, hoger uitgevallen. De komende jaren zal, in het licht van de investeringsopgave de solvabiliteitsratio dalen. Structurele exploitatieruimte: Dit kengetal geeft aan in hoeverre structurele lasten ook gedekt worden met structurele baten. Signaal: Het provinciaal toezichtskader geeft aan dat een kengetal onder de 0% als ‘meest risicovol’ kan worden gezien. Op basis van de jaarrekening 2025 is dit in Roosendaal, met -3%, het geval. Op basis van de begroting 2026 is de begroting in dat jaar reëel sluitend (structurele lasten gedekt door structurele baten).

Voor de jaren daarna is een gemengd beeld. Er blijft onzekerheid over de meerjarige financiering van gemeenten via het gemeentefonds en tegelijkertijd is gedeeltelijk budget gereserveerd voor de structurele lasten van de investeringsopgave. Grondexploitatie: deze ratio is een indicatie voor risico’s: als een gemeente veel geld heeft gestopt in haar grondexploitatie, dan dient dit geld namelijk nog wel terugverdiend te worden. Signaal: het provinciaals toezichtskader geeft aan dat als dit kengetal onder de 20% zit, dat het dan kan worden gezien als ‘minst risicovol’. In Roosendaal is dit in 2025 het geval. De laatste jaren ligt met name de focus op het ontwikkelen van beschikbare gronden, daarnaast zijn de gronden afgewaardeerd naar actuele boekwaarden. In 2026 worden diverse voorstellen aan de gemeenteraad voorgelegd om nieuwe grondexploitaties te openen. De ratio (risico-inschatting) zal dan stapsgewijs stijgen. Belastingcapaciteit: vergelijking woonlasten meerpersoonshuishouden met andere gemeenten. De woonlasten zijn voor de gemeente de belangrijkste eigen belastinginkomst. De hoogte van deze ratio geeft aan hoe de woonlasten zich verhouden ten opzichte van de WOZ-waarden, in vergelijking met andere gemeenten. Signaal: het provinciaals toezichtskader geeft aan dat als dit kengetal tussen de 95% en 105% zit, dat dit als ‘neutraal’ kan worden gezien.

Dit is in Roosendaal het geval, met 97%. In paragraaf 2 Lokale heffingen wordt het tarief toegelicht. Conclusie: De kengetallen tonen in deze jaarstukken 2025 op totaliteit een gezonde financiële positie met beheersbare risico’s. In het licht van de investeringsopgave is het raadzaam om de ontwikkeling en verwachting van de kengetallen goed te monitoren. 131 Paragraaf 3. Financiering In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de wijze waarop Roosendaal haar activiteiten in 2025 heeft gefinancierd. Wij staan voor een transparante en duurzame wijze van financiering van onze activiteiten. Als doelen zijn daarbij geformuleerd: > | Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; > | Het beschermen van het gemeentelijk vermogen en resultaat tegen financiële risico’s, zoals rente-, koers-, krediet- en liquiditeitsrisico’s; > | Het minimaliseren van de interne en externe kosten bij het beheren van geldstromen en financiële posities; > | Het optimaliseren van de banksaldi en renteresultaten. Deze doelen zijn binnen de kaders van de Wet Financiering Decentrale Overheden (wet fido), Wet Houdbare Overheidsfinanciën (HOF) en Wet verplicht Schatkistbankieren (vSB), respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasury statuut gerealiseerd.

Kasgeldlimiet Renterisico vlottende schuld Het financieren van de gemeentelijke activa en exploitatie door middel van kortlopende geldleningen heeft twee voordelen: er kan snel worden ingespeeld op mutaties in de financieringsbehoefte en bij een normale rentestructuur - waarin het aantrekken van lange geldleningen duurder is dan korte geldleningen - is het een relatief goedkope financieringsvorm. Tegenover deze voordelen staat echter het nadeel van de korte rentevastheid, waardoor de gemeentelijke huishouding gevoelig wordt voor schommelingen in de rentestand. Om deze rentegevoeligheid te beperken heeft de wetgever de kasgeldlimiet ingesteld. Deze limiet stelt een maximum aan de omvang van de netto vlottende schuld, die de gemeente mag hebben. Er is sprake van een overschrijding van de kasgeldlimiet wanneer het kwartaalgemiddelde van de netto vlottende schuld gedurende een kwartaal hoger is dan de berekende limiet. Als de limiet drie opeenvolgende kwartalen wordt overschreden, dan moet dit worden gemeld bij de toezichthouder. Het percentage voor de limiet is bepaald op 8,5% van de begrotingsomvang met een minimum van € 300.000. In onderstaande tabel is de toegestane kasgeldlimiet in euro’s berekend.

Primitieve | Gewijzigde | Primitieve | Gewijzigde Omschrijving (Bedragen x € 1.000) | begroting | begroting | begroting | begroting 2024 | 2024 | 2025 | 2025 Omvang Programmabegroting | 319.020 | 321.825 | 348.952 | 355.647 Toegestane kasgeldlimiet (8,5%) | 27.117 | 27.355 | 29.661 | 30.230 Zoals in voorgaande tabel is te zien, bedroeg de kasgeldlimiet in 2025 (afgerond) € 30,2 miljoen. Het verloop van de netto vlottende schuld ten opzichte van de kasgeldlimiet is in de volgende tabel weergegeven. Hieruit kan worden opgemaakt dat de kasgeldlimiet in 2025 in het eerste kwartaal is overschreden. Vanaf kwartaal 2 is niet meer overschreden door het aantrekken van een nieuwe langlopende lening. 132 Omschrijving | Realisatie 2025 (Bedragen x € 1.000) | 1e kwartaal | 2e kwartaal | 3e kwartaal | 4e kwartaal (1.) | Toegestane kasgeldlimiet in euro’s | 30.230 | 30.230 | 30.230 | 30.230 (2.) | Vlottende schuld < 1 jaar | 56.979 | 27.012 | 606 | 21.667 (3.) | Vlottende middelen < 1 jaar | 1.820 | 6.039 | 4.141 | 5.917 Toets kasgeldlimiet: (4.) | Totaal netto vlottende schuld = | 55.160 | 20.974 | -/- 3.535 | 15.750 (2) Vlottende schuld -/- (3) vlottende middelen (5.a) Ruimte (+) | 9.257 | 33.765 | 14.480 (5.b) Overschrijding (-) | 24.929 Renteschema Op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording is onderstaand renteschema op te nemen.

Renteschema 2025 (Bedragen x € 1.000) a | De externe rentelasten over korte en lange financiering | 2.893 b | De externe rentebaten | -/- | 287 Saldo rentelasten en rentebaten | 2.606 c1 | De rente die aan de grondexploitatie moet worden | -/- | 361 doorberekend c2 | De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld | -/- | 0 moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente | 2.245 e | De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) | -/- | 2.374 f | Renteresultaat op het taakveld Treasur y | -/- 129 Financieringssaldo In de financiering van de gemeentelijke investeringen wordt deels door interne en deels door externe middelen voorzien. Rekening | Rekening Boekwaarde (Bedragen x € 1.000) | balansstand | balansstand | Mutatie 2025 1-1-2025 | 31-12-2025 Investeringen: Grondexploitatie | 48.165 | 48.631 | -466 Overige investeringen | 263.360 | 307.759 | -43.199 Totaal investeringen (A) | 311.525 | 356.390 | -44.865 Financiering: Interne financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) | 138.011 | 144.570 | 6.559 Externe financieringsmiddelen (langlopende geldleningen | 104.950 | 133.025 | 28.075 en waarborgsommen) Totaal financieringsmiddelen (B) | 242.961 | 277.595 | 34.634 Financieringssaldo (B-A) | -/- 10.231 Per 31 december 2025 bedraagt het langlopende financieringstekort € 10 miljoen.

Dit tekort is per ultimo 2025 opgevangen door een (kortlopende) kasgeldlening. 133 Vaste schuld Mutaties vaste schuld Vaste schuld ontstaat wanneer geldleningen worden aangegaan met een rente typische looptijd van één jaar of langer. Daartoe wordt overgegaan wanneer de liquiditeitsplanning aangeeft dat er sprake is van een structurele financieringsbehoefte. In onderstaande tabel is het verloop van vaste leningen o/g weergegeven. Omschrijving (Bedragen x € 1.000) | 2024 | 2025 Stand per 1 januari | 86.875 | 104.950 Nieuwe lening | 25.000 | 60.000 Aflossingen | -/- 6.925 | -/- 31.925 Stand per 31 december | 104.950 | 133.025 Renterisico vaste schuld In de Wet fido is onder andere de renterisiconorm met betrekking tot de vaste schuld opgenomen. Deze norm dient decentrale overheden aan te zetten tot het spreiden van hun lange termijn renterisico door bij het samenstellen van de leningenportefeuille door middel van de verschillende rente typische looptijden rekening te houden met deze normstelling. De renterisiconorm is bij ministeriële regeling vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal van het betreffende jaar. Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van het renterisico in 2025 aan. Uit deze tabel blijkt dat we in 2025 onder de renterisiconorm zijn gebleven.

(Bedragen x € 1.000) | Rekening 2024 | Primitieve Gewijzigde begroting 2025 | begroting 2025 Berekening renterisiconorm Totaal lasten | 321.825 | 348.952 | 355.647 Renterisiconorm (20 %) | 64.365 | 69.790 | 71.129 Berekening renterisico Renteherzieningen | 0 | 0 | 0 Aflossingen | 6.925 | 31.925 | 31.925 Renterisico | 6.925 | 31.925 | 31.925 Ruimte onder de rente risiconorm | 57.440 | 37.865 | 39.204 134 Vaste uitzettingen Mutaties vaste uitzettingen Vaste uitzettingen zijn door de gemeente verstrekte geldleningen met een rente typische looptijd van één jaar of langer. Dergelijke leningen worden enerzijds verstrekt in het kader van de publieke taakuitoefening, anderzijds in perioden waarin sprake is van een liquiditeitenoverschot. Dit laatste komt echter niet of nauwelijks voor. In onderstaand overzicht staan de partijen vermeld aan wie door de gemeente Roosendaal in het verleden geldleningen zijn verstrekt, alsmede de restantschuld en de ontstaansgrond van de leningen.

Geldnemer | Bedragen x € 1.000 | Ontstaansgrond 31-12-2024 | 31-12-2025 Leningen, krediethypotheken en leenbijstand | 822 | 769 | Leningen, krediethypotheken en leenbijstand Stimulerings- en startersleningen | 19.290 | 23.550 | Stimulerings- en startersleningen Monumentenfonds NV | 200 | 0 | Monumentenfonds NV Totaal | 20.312 | 24.319 | Totaal Debiteurenrisico op verstrekte leningen Aan het voor langere tijd verstrekken van middelen aan derden kleeft het gevaar dat deze derden op een onvoorzien moment niet meer aan hun aflossingsverplichting kunnen voldoen. Ten aanzien van geldleningen die verstrekt zijn in het kader van de publieke taak speelt het debiteurenrisico een ondergeschikte rol. Bij de besluitvorming is aan het maatschappelijk belang van het verstrekken van dergelijke leningen een hogere prioriteit toegekend dan aan het daarmee samenhangende financiële risico. Een constatering, die overigens ook geldt ten aanzien van gegarandeerde geldleningen. Debiteurenrisico op openstaande vorderingen Naast langlopende vorderingen zijn er ook kortlopende vorderingen. Het gaat hierbij om drie groepen debiteuren. Voor ieder van deze groepen is een inschatting gemaakt van de mate van oninbaarheid van deze posten. Dit omdat de ervaring leert dat er altijd debiteuren zijn die hun vordering niet of niet volledig betalen.

Voor het deel waarvan wij denken dat dit niet meer zal worden ontvangen, zijn voorzieningen gevormd. Het saldo van de voorziening is dus niet gerelateerd aan de hoogte van het totale debiteurensaldo; het saldo van de voorziening is gebaseerd op de ingeschatte risico’s. In onderstaande tabel is het saldo van de debiteuren weergegeven. Ook is te zien voor welk deel een voorziening vanwege oninbaarheid is gevormd. 135 Vorderingen | 31-12-2024 | 31-12-2025 (Bedragen x € 1.000) | Saldo | Voorziening | Saldo | Voorziening debiteuren | oninbaarheid en | debiteuren | oninbaarheid en dwangsommen | dwangsommen Debiteuren algemeen | 5.984 | 677 | 3.116 | 603 Debiteuren belastingen | 2.353 | 660 | 2.212 | 601 Debiteuren sociale zaken | 2.107 | 1.066 | 1.925 | 985 Totaal | 10.444 | 2.403 | 7.253 | 2.189 Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF) De in de wet HOF vastgestelde macronorm wordt door vertaald naar individuele gemeenten in de vorm van een individuele referentiewaarde, die een indicatie geeft van het maximale aandeel in het EMU-saldo. Hieronder is de berekening van het EMU-saldo opgenomen voor de gemeente Roosendaal. Berekening EMU-saldo (Bedragen x € 1.000) | Rekening 2025 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q.

onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) | 13.085 Bij: Mutatie voorzieningen | -/- 6.527 Af: Mutatie (im)materiële vaste activa | 40.763 Af: Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) | 4.687 Berekend EMU-saldo | -/- 38.892 Wet verplicht Schatkistbankieren (Wet vSB) De Wet vSB (zonder leenfaciliteit) houdt in dat decentrale overheden - en door hen opgerichte gemeenschappelijke regelingen - al hun overtollige liquide middelen en beleggingen moeten aanhouden bij de schatkist van ministerie van Financiën. Er is een vrijstellingsgrens voor het afstorten van overtollige liquide middelen. Dit is het bedrag dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Als het gemiddelde kwartaalbedrag van de positieve tegoeden minder is dan een vastgesteld percentage van het begrotingstotaal bij aanvang van het boekjaar, mag dit op de eigen bankrekeningen blijven staan. Per 1 januari 2025 is het gemiddelde kwartaalbedrag voor Roosendaal: 2,00% van € 355,6 miljoen = € 7,113 miljoen De kwartaalgemiddelden van de in 2025 buiten de schatkist gehouden positieve liquide middelen zijn in onderstaande tabel opgenomen. Hieruit blijkt dat in 2025 de vrijstellingsgrens schatkistbankieren niet is overschreden.

Omschrijving (Bedragen x € 1.000) | Kwartaal 1 | Kwartaal 2 | Kwartaal 3 | Kwartaal 4 Op dagbasis buiten Rijksschatkist gehouden middelen | 205 | 354 | 232 | 228 Drempelbedrag | 7.113 | 7.113 | 7.113 | 7.113 Ruimte onder drempelbedrag | 6.908 | 6.759 | 6.881 | 6.885 Overschrijding van het drempelbedrag | - | - | - | - 136 P Paragraaf 4. Onderhoud Kapitaalgoederen Inleiding Een groot deel van het gemeentelijke vermogen wordt geïnvesteerd in het beheer en onderhoud van onze kapitaalgoederen: groen, grijs (verhardingen, openbare verlichting, verkeersvoorzieningen, straatreiniging en onkruidbestrijding), blauw (water en riolering), civieltechnische kunstwerken en speelvoorzieningen. Onderhoud en tijdige vervanging van deze kapitaalgoederen is een belangrijke taak van de gemeente. Zorgvuldig beheer is nodig om kapitaalvernietiging te voorkomen en om de veiligheid van onze infrastructuur te waarborgen. Het totale bestand aan kapitaalgoederen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is duiden we aan met de term areaal. Het beheer en onderhoud van het areaal voeren we uit aan de hand van de door de gemeenteraad vastgestelde kaders ten aanzien van onderhouds- en kwaliteitsniveaus. De feitelijke planning van het beheer en onderhoud is opgenomen in de Beheerkalender.

Leerwerkbedrijf WVS heeft een plek gekregen in deze onderhoudsplannen en zelf hebben we ook meer plaatsen beschikbaar gesteld binnen Openbare Werken voor arbeidskrachten met een afstand tot de arbeidsmarkt, met een beperking of voor arbeidskrachten vanuit een leer-werktraject. Op basis van meldingen is onderhoud gepleegd aan het groen, wordt straatreiniging uitgevoerd, is aan onkruidbestrijding gedaan en wordt waar nodig afvalbakken geleegd. De gewenste (beeld)kwaliteit, het aangepaste beleid, participatie met bewoners, de verduurzaming, een krappe arbeidsmarkt en stijgende materiaalkosten zorgen ervoor dat de eerder beschikbare gestelde investeringsbudgetten niet toereikend waren. Met de Bestuursrapportages in 2025 is er hierdoor tussentijds bij bepaalde reconstructies investeringsbudget bijgevraagd. Omzetting voorziening naar bestemmingsreserve Met de 2e Bestuursrappportage 2025 is de voorziening onderhoud Beheerkalender omgezet naar een bestemmingsreserve. Dit betreft een budgetneutrale verschuiving. Dit is nodig omdat de huidige beheersplannen niet voldoen aan de eisen voor een voorziening. De omzetting van een voorziening naar een reserve is met de accountant besproken. De onderbouwing van de voorziening staat ter discussie, omdat deze geen tienjarige doorkijk heeft.

De gemeente Roosendaal beschikt wel gewoon over een plan voor welke wegen de komende jaren worden gereconstrueerd of waar groot onderhoud plaatsvindt. Bij de Begroting en tussentijdse Bestuursrapportages worden de investeringen en onderhoudsbudgetten geactualiseerd op basis van de laatste inzichten. De komende jaren worden de beheerplannen geactualiseerd. Daarvoor is een project opgestart. Tot die tijd mogen de kosten voor groot onderhoud uit de bestemmingsreserve worden bekostigd. 137 P Actualisatie beheerplannen De gemeente Roosendaal hanteert voor het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen een meerjarige onderhoudsaanpak, vastgelegd in beheer- en onderhoudsplannen. In de P&C documenten werden deze beheer- en onderhoudsplannen vertaald in een voorziening groot onderhoud binnen de P&C documenten. In 2025 heeft geen actualisatie van de onderliggende onderhoudsplannen plaatsgevonden. Aangezien het BBV voorschrijft dat onderhoudsplannen actueel, concreet niet ouder dan vijf jaar, moeten zijn, is technisch gezien sprake van een deugdelijke onderbouwing van de onderhoudsvoorziening. Daarmee is de voorziening in overeenstemming met de bepaling in het BBV. Voor voorziening onderhoud Beheerkalender is in 2025 door de Raad besloten om deze om te zetten in een reserve, gezien geen actueel onderhoudsplan voorhanden was.

Het college is nog niet tegemoetgekomen aan het besluit van de Raad voor het evalueren en actualiseren van de andere beheer- en onderhoudsplannen binnen vier jaar. Het ontbreken hiervan heeft een formele onrechtmatigheid als gevolg, welke is toegelicht in de paragraaf Bedrijfsvoering. Gedurende 2026 en 2027 wordt invulling gegeven aan het besluit van de Raad en worden beheer- en onderhoudsplannen geactualiseerd. Met deze werkwijze wordt geborgd dat toekomstige onderhoudslasten transparant en rechtmatig worden verwerkt, in overeenstemming met het BBV en besluitvorming van de Raad. Project Doorontwikkeling Bedrijfsvoering Beheer Om toekomstbestendig te blijven en te voldoen aan actuele eisen op het gebied van duurzaamheid, klimaatadaptatie, rechtmatigheid en projectmatig werken, is een meerjarige doorontwikkeling noodzakelijk. Er is behoefte aan een integrale aanpak die aansluit bij de BBV-eisen en de principes van projectmatig werken. Een belangrijk uitgangspunt is het versterken van de samenwerking met andere disciplines, zodat integraal en efficiënt gewerkt wordt aan gezamenlijke opgaven en ambities. Daarom is vanuit de directie een project opgestart. Het project heeft als doel om de bedrijfsvoering binnen het team Beheer te optimaliseren en toekomstbestendig in te richten.

Dit betekent dat processen, Beheerplannen, Beheerkalender, projectopdrachten en werkwijzen worden aangepast zodat ze voldoen aan alle geldende wet- en regelgeving, waaronder de BBV, én aansluiten bij de principes van projectmatig werken. Een onderdeel hiervan is het actualiseren van de Beheerplannen / Beheerkalander. Deze wordt herrijkd van een vierjarige naar een tienjarige horizon, en een realistische doorrekening van benodigde middelen te maken. Het project heeft een looptijd van twee jaar. Diverse kapitaalgoederen Hieronder volgt een korte toelichting per kapitaalgoed over wat het is, wat in 2025 is gedaan en/of er nog bepaalde werkzaamheden opschuiven naar 2026. Groen Groen betreft het beheer en onderhoud van openbaar groen, bossen en natuurterreinen. Op een door de gemeenteraad vastgesteld kwaliteitsniveau. 138 P Actuele stand van zaken/ontwikkelingen In januari 2025 zijn we gestart met uitvoering van de volgende bestekken. Bestek regulier groenonderhoud perceel Oost (Kortendijk-Landerijen en Langdonk) dit bestek is aangenomen door de firma Prop uit Hoogerheide. Regulier onderhoud perceel West (Kerkdorpen-Groot Kroeven en Tolberg) Dit bestek is gegund aan de WVS. Het maaien van alle wijken onder de A-58 m.u.v de kerkdorpen. Dit bestek is aangenomen door de firma Prop. De kerkdorpen worden gemaaid door de WVS. Bestek onderhoud van de houthakwallen in het buitengebied.

Dit bestek is aangenomen door Weijtmans. Het bestekschapen begrazing. Het betreft het begrazen van langgras vakken die machinaal lastig te maaien zijn. Dit bestek is aangenomen door de Landschapsbeheer van Driel. Het bestek knotten van alle knotwilgen in Roosendaal. Dit bestek is aangenomen door van Aalsburg. We hebben twee bestekken op de markt gezet voor het leveren van bomen en heesters voor de komende 4 jaar. De heester worden in 2026 geleverd door Boot en Dart en bomen worden geleverd door Ebben boomkwekerij. In samenwerking met de provincie en een plaatselijke imker hebben we voorjaarsnesten en zomernesten van de Aziatische hoornaar verwijderd. De verwachting is dat we de komende jaren steeds meer nesten zullen moeten verwijderen. De klimaatveranderingen dwingen ons om de openbare ruimte klimaatbestendig in te richten en te onderhouden; er is groen toegevoegd en er zijn waterpartijen toegevoegd. Bij het toevoegen van groen en bij het vervangen van versleten groen hebben we oog voor het gebruik van andersoortig groen, zoals kruidenmengsels of gazons met daarin extra bomen. Met name kruidenmengsels dragen bij aan het verbeteren van de biodiversiteit. We hebben ruim 250 extra nieuwe bomen geplant. Door te veel stikstof hebben we in heel groenvakken te maken met overtollige bramen groei.

De komende jaren zullen we deze vakken tot aan de grond toe snoeien om vervolgens de bramen eruit te steken. Op deze manier willen we voorkomen dat we deze vakken volledig moeten vervangen. Vakken die overgroeit zijn door bramen lijken "versleten" maar in veel gevallen zijn ze dat niet. Grijs Verhardingen Verhardingen betreft het beheer en onderhoud van verhardingen bestaande uit elementen, asfalt, beton, half-verhard en onverhard. Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen In de Beheerkalender 2025-2029 zijn de noodzakelijk uit te voeren grijsprojecten opgenomen. In 2025 zijn de projecten uit de jaarschijf 2025 uitgevoerd volgens de door de raad vastgestelde kaders ten aanzien van onderhouds- en kwaliteitsniveaus. 139 P De belangrijkste projecten die in 2025 zijn voorbereid zijn onder andere Anjelierstraat, Ranonkelstraat, Reginadonk, Koraaldijk, Champetterberg, Frans Broosstraat, Ettingstraat, Jacobus Vosstraat, Hogerwerf, Ireneplein, Kapellerlaan, Desmijndijk, Roosendaalsestraat, Bernardlaan, Benoitlaan, Brucknerlaan, Woestijnelaan, Tesselschadelaan, Van Anrooijlaan, Tollensflat, Sweelincklaan, Bellamyflat, Diepenbrocklaan, Helmersflat, Gerschwinlaan, Obrechtlaan en nog een aantal wegen in de Kroeven, Dijken en de Westrand. Deze gaan komende jaren in uitvoering.

De belangrijkste projecten die in 2025 zijn uitgevoerd zijn Amethistdijk, Azurietdijk, Barietdijk, Opaaldijk, Plantagebaan. Voor 2025 waren ook het fietspad Plantagebaan en een aantal straten in de Kroeven gepland uit te voeren. Hierbij is echter achterstand opgelopen vanwege een niet goed uit te voeren werkwijze en een scopewijziging die nog wordt voorgelegd aan de raad. maar worden wel in komende jaren opgepakt. In 2025 is de Beheerkalender geactualiseerd en aangevuld met planjaar 2029, deze is verwerkt in de Begroting 2026. Voor de nieuw op te stellen Beheerkalender wordt de 2-jaarlijkse weginspectie gebruikt welke eind 2025 is opgeleverd. Deze inspectie laat zien dat de asfaltwegen er over het algemeen goed bijliggen, maar dat de elementenverhardingen achteruitgaan in de wijken Westrand, Dijken en de Tolberg. Deze zijn einde levensduur (betonproducten). Openbare verlichting Openbare Verlichting (afgekort OVL) is het geheel aan lichtmasten, armaturen, lampen en pucks om het openbaar gebied te verlichten. De gemeente is verantwoordelijk voor de aanleg en het goed functioneren van de openbare verlichting. Licht in de openbare ruimte heeft drie functies. Het draagt bij aan verkeersveiligheid, sociale veiligheid en leefbaarheid van de stad en haar dorpskernen.

Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen Armaturen: We liggen op schema met het uitvoeringsplan 2025-2028 versneld verledden. Van de 12.500 conventionele armaturen (2024) zijn er inmiddels ca. 4000st vervangen door nieuwe energiezuinige ledarmaturen. Ook zijn de nieuwe ledarmaturen voorzien van een puck, waardoor maximaal energie wordt bespaard, deze op afstand uitleesbaar zijn en Roosendaal toekomstbestendig is voor nieuwe ontwikkelingen. In 2026 gaan we door met de armatuurvervanging, waarbij er weer ca. 2500st armaturen verled en verslimd worden. Masten: In 2025 is een areaalinspectie uitgevoerd om de kwaliteit van de masten te beoordelen. Hieruit is naar voren gekomen dat er veel masten vanwege ouderdom een slechte of matige kwaliteit hebben. Op het gebied van masten hebben we dan ook een vervangingsachterstand. Er dienen ca. 1400 masten vervangen te worden in de komende jaren. In 2025 hebben we hiermee een start gemaakt en zijn er 475 masten vervangen. 140 P Beleid: Medio 2026 wordt een gestart met het opstellen van een nieuw actueel beleidsplan Openbare Verlichting. Vooraf wordt bij de raad eerst input opgehaald om speerpunten te bepalen. Verkeersvoorzieningen Verkeersvoorzieningen betreft onder meer bebording, bewegwijzering, geleide systemen en verkeersregelinstallaties (VRI’s).

Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen Technisch gezien zijn de VRI’s in Roosendaal redelijk gedateerd en hiertoe is een vervangingsprogramma vastgesteld dat vanaf 2022 wordt uitgevoerd. De VRI’s worden vervangen door zogenaamde intelligente VRI’s (iVRI’s). Een iVRI is een regelinstallatie die kan communiceren met voertuigen en fietsers. Het vervangingsprogramma is zo goed als mogelijk afgestemd op de ruimtelijke ontwikkelingen en de beheerkalender in Roosendaal. Bij nieuwe iVRI’s worden LED-armaturen toegepast. De lampen hiervan gaan langer mee en hoeven niet elk jaar vervangen te worden. In het kader van duurzaamheid en kostenbesparing worden armaturen van de bestaande VRI’s ook vervangen door LED- armaturen. In 2025 hebben we de VRI installaties van: Burgemeester Freijterslaan (Westpoort) bij de op- en afritten A17, kruispunt Van Beethovenlaan - Strauslaan, Kruispunt Van Beethovenlaan (Oostpoort) bij de op- en afritten A58 vervangen. Straatreiniging Straatreiniging betreft het vegen van straten. Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen Voor de reiniging van straten is met Saver een dienstverleningsovereenkomst gesloten. Saver veegt de straten op basis van een vaste frequentie; iedere straat in Roosendaal wordt circa zes keer per jaar geveegd. Digitaal wordt bijgehouden wanneer welke straat is geveegd.

Voor ontvangen meldingen rijdt iedere dag een zogenaamde ‘hotspotwagen’. Deze wagen veegt op 3 werkdagen het centrum van Roosendaal en rijdt daarna langs de ontvangen meldingen in de buurten en dorpen; iedere buurt en/of dorp komt om de week aan de beurt. Onkruidbestrijding Onkruidbestrijding betreft de bestrijding van onkruid op verhardingen binnen de bebouwde kom. Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen Het onkruid op verhardingen wordt bestreden door inzet van hete lucht, borstels, een waterunit en bosmaaiers. Verhardingen waar weinig gebruik van wordt gemaakt en die moeilijk te onderhouden zijn vervangen door groen, printbeton of worden de voegen onkruidwerend ingevoegd. 141 P Het jaar 2025 heeft geen noemenswaardige problemen opgeleverd met betrekking tot onkruidbestrijding. Afgelopen jaar hadden we niet echt korte droge en natte periodes achter elkaar. Dat soort weer levert enorme groeipieken op. De verwachting is dat de kosten voor het onderhoud stijgen. Deze stijging wordt deels veroorzaakt door de algemene tendens van stijgingen, maar ook doordat groeiperiodes langer zijn geworden in combinatie met afwisselende weerstypen (droogte/regen), Tevens laat de heermoes en de zogenaamde kattenstaat zich niet goed bestrijden. Ook kan er alleen curatief worden bestreden (bestrijden als het onkruid er is).

We doen dit wel door de groei te remmen door de wortels te laten klappen door hitte (hete lucht of heet water), maar het wortelpakket zal toch altijd wat blijven groeien. Ook blijft het werk dat door de mens wordt uitgevoerd in machines op een langzaam tempo om het gewenste resultaat te krijgen. Menskracht is duur, net zoals gas (een alternatief voor hete lucht is er (nog) niet) en heet water (opwarmen kost ook energie). We verwachten de kosten dit jaar nog te kunnen dekken uit de indexatie van het exploitatiebudget. Blauw Water Water betreft de volgende onderdelen die onder de gemeentelijke verantwoordelijkheid vallen: > De ontvangstplicht voor drijfvuil, baggerspecie en maaisel van de watergangen die in beheer en onderhoud zijn bij het Waterschap (categorie A watergangen); > Het onderhoud van de overige watergangen (categorie B en C watergangen); > Het onderhoud van vijvers en andere waterpartijen (inclusief oeverzones, beschoeiingen en retentievoorzieningen); > Vaarwegbeheer voor de haven (vaardiepte op orde); > Beheer van (berm-)sloten. Actuele stand van zaken/ontwikkelingen Tot 2025 werden de gemeentelijke watergangen en Wadi’s onderhouden in een gezamenlijk maaibestek waarin Waterschap Brabantse Delta en Gemeente Roosendaal samen optrokken.

Begin 2025 is een aanbesteding en gunning gedaan op gemeentelijk niveau om de gemeentelijke B en C- watergangen en waterpartijen te onderhouden. Het Waterschap is verantwoordelijk voor het beheer van het oppervlaktewater, zowel voor de waterkwaliteit als voor de waterkwantiteit. Voor het onderhoud is onderscheid gemaakt in afvoerende functie binnen het regionale watersysteem. In 2026 wordt het baggerplan opgesteld waarin voor een periode van vijf jaren vooruit gekeken wordt naar aanpak van baggerwerken van stedelijke waterpartijen zoals poelen en vijvers en het onderhoud van grondkerende contructies zoals beschoeiingen. Blauwalg problematiek Voor de situatie in het Zwaaigat mbt de blauwalgproblematiek is samen met waterschap Brabantse Delta onderzoek uitgevoerd naar herkomst, analyse en aanpak van overlast. In 2026 zal een voorstel gedaan worden voor deze aanpak. 142 P Duurzame aanpak onderwater vegetatie In 2023, 2024 en 2025 zijn graskarpers uitgezet in stedelijke waterpartijen om de onderwater vegetatie op duurzame wijze aan te pakken. De pilots in 2022 waren zeer hoopgevend en is deze aanpak die steeds wordt onderzocht om op duurzame wijze minder mechanische maaiwerkzaamheden te laten plaatsvinden. Riolering Riolering betreft het beheer en onderhoud van de voorzieningen voor het afvalwater, hemelwater en grondwater.

Actuele stand van zaken/ontwikkelingen De focus van het rioleringsbeheer in het afgelopen jaar heeft voornamelijk gelegen op: > Het in stand houden van het huidige areaal; > Het voorkomen van wateroverlast en bevorderen van klimaatadaptatie; > Het beperken van de stijging van de rioolheffing; > De samenwerking in de Water- en Klimaatkring West-Brabant. Beheer en Onderhoud Het afgelopen jaar zijn er ongeveer 250 plaatselijke reparaties aan de hoofdriolering uitgevoerd. Het merendeel gepland en een gedeelte ad hoc. Contracten We hebben voor een drietal onderdelen raamovereenkomsten opgesteld, te weten: > raamovereenkomst calamiteiten aan huis- en kolkaansluitingen > raamovereenkomst onderhoud en nieuwe aanleg huis- en kolkaansluitingen > langjarig onderhoudscontract voor het correctief- en preventief onderhoud van de technische rioolinstallaties Projecten In de Beheerkalender 2025-2029 zijn de noodzakelijk uit te voeren rioolprojecten opgenomen. In het afgelopen jaar zijn in de volgende straten de riolering van binnenuit gerenoveerd, de Lindestraat te Heerle, de Fazantberg, een gedeelte van de Burgerhoutsestraat Zuid en het Christineplein in Roosendaal. Verder is het stelsel onder de zwaaikom vernieuwd, d.w.z. de putten en de leidingen zijn gerenoveerd en er is een nieuw telemetriesysteem geplaatst. Het rioleringsstelsel in Roosendaal is in voldoende tot goede staat.

De te nemen maatregelen worden bepaald aan de hand van rioolinspecties. In 2025 zijn de geplande onderhoudsmaatregelen uit de jaarschijf 2025 volgens afspraak uitgevoerd. Beleid Het opstellen van het waterstructuurplan 2040 is in gang gezet en zal medio 2026 gereed zijn. De handreiking voor de waterbergingseis vanuit het WRP is nagenoeg gereed. Mechanische riolering De installaties zijn werktuigbouwkundig in voldoende tot goede staat, reguliere aanpassingen ven vervangingen vinden plaats om de functionaliteit te kunnen waarborgen. In 2025 is een langjarig, data gedreven onderhoudscontract aanbesteed. 143 P Fonteinen & Oppervlaktewater Ook dit areaal vergt jaarlijks onderhoud waarvoor we nu beleid aan het maken zijn zodat we dit ook in meerjarige onderhoudscontracten kunnen gieten. Civieltechnische kunstwerken Betreft het beheer van bruggen, tunnels, viaducten, keerwanden, damwanden, kademuren, geluidschermen, steigers, vlonders, schanskorven en keermuurtjes. Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen In de afgelopen jaren is geïnvesteerd in het op orde brengen van bruggen, tunnels, geluidschermen, steigers, keerwanden en keermuren. Daarbij is door middel van de afgesloten contracten de onderhoudssituatie verzekerd. Ook is en wordt geïnvesteerd in de vervanging van damwanden.

De inschatting is dat de overige kunstwerken (viaducten en muurtjes) op het vastgestelde kwaliteitsniveau gehouden kunnen worden binnen de beschikbaar gestelde kredieten voor civieltechnische kunstwerken. Vanaf 2023 zijn voorbereidingen gemaakt om een nieuw onderhoudscontract voor 10 jaar af te sluiten. Hiertoe zijn inspecties uitgevoerd van onze civieltechnische kunstwerken om te bepalen welke aanpassingen gedaan moeten worden om vanaf 2024 weer een nieuwe onderhoudsperiode van 10 jaar in te gaan met de onderhoudsaannemer. In 2024 is het cluster houten bruggen opnieuw voor 10 jaar aanbesteed. In 2025 is gestart met een nieuw onderhoudscontract voor herstel en 10 jaar onderhoud voor 42 overige bruggen, dit zal in 2026 aanbesteed worden. In 2026 wordt gestart met een nieuw onderhoudscontract voor herstel en 10 jaar onderhoud voor 10 tunnels. Speelvoorzieningen Betreft het beheer van uiteenlopende speelvoorzieningen, variërend van afgebakende plekken met speeltoestellen tot trapvelden en jongerenontmoetingsplaatsen. Actuele stand van onderhoud/ontwikkelingen De doelstelling is om alle speelvoorzieningen veilig, toegankelijk en toekomstbestendig in stand te houden. Het onderhoud van de speelvoorzieningen is gebiedsgericht georganiseerd: boven de A58 wordt het onderhoud uitgevoerd door Openbare Werken, onder de A58 door de WVS.

De jaarlijkse verplichte veiligheidskeuringen worden uitgevoerd door een onafhankelijke marktpartij. In 2025 zijn in overleg met buurtbewoners twee speelplekken gerenoveerd, namelijk in Moerstraten en Nispen. Hierbij is nadrukkelijk ingezet op participatie en het afstemmen van de inrichting op de wensen van gebruikers. Het beschikbare budget voor regulier onderhoud is op dit moment toereikend. Voor het volledig vervangen van speellocaties, het uitbreiden van bestaande locaties of het realiseren van nieuwe speelplekken dienen, indien nodig, afzonderlijke middelen te worden aangevraagd. 144 P Onderhoud en meerjarenplanning Op dit moment wordt gewerkt aan het in kaart brengen van een meerjarig onderhoudsplanning voor de speelvoorzieningen. Daarbij wordt specifiek gekeken naar de staat van de valondergronden en de speeltoestellen, inclusief mogelijk achterstallig onderhoud. De financiële en inhoudelijke gevolgen hiervan zijn op dit moment nog niet inzichtelijk. De uitkomsten van deze inventarisatie worden mogelijk betrokken bij de eerste Bestuursrapportage 2026, waarbij, indien nodig een voorstel wordt gedaan voor aanvullende middelen om de veiligheid en kwaliteit van de speelvoorzieningen structureel te kunnen blijven waarborgen.

Gemeentelijke gebouwen Voor de instandhouding van het gemeentelijk vastgoed wordt het vastgoed onderhouden conform de afspraken die worden vastgelegd in huur- en gebruiksovereenkomsten. In de praktijk heeft het vastgoed daarmee conditiescore 2 (goede conditie) of 3 (redelijke conditie) en minimaal 4 (matige conditie; voor af te stoten gebouwen). Een vastgesteld meerjaren onderhoudsplan ligt hieraan ten grondslag. Bij leegstaande panden die voor sloop in aanmerking komen kan de conditie lager zijn. Buitensportaccommodaties Roosendaal heeft acht sportparken met in totaal 39 buitensportvelden (waarvan acht kunstgrasvelden) en een atletiekbaan in eigendom. De verenigingen die deze velden gebruiken, onderhouden deze velden en de overige sportvoorzieningen in de meeste gevallen zelf. Hiervoor zijn gebruiksovereenkomsten met de verenigingen aangegaan. Verenigingen betalen geen gebruiksvergoeding en ontvangen daarnaast een onderhoudsbijdrage. Daarmee moet het onderhoudsniveau van de velden op het basisniveau gehouden worden. ‘Basis’ betekent dat de accommodaties op een veilige manier gebruikt kunnen worden voor sportbeoefening. Noodzakelijke vervangingsinvesteringen, zoals natuurgrasrenovaties en het vervangen van kunstgrasvelden, worden door de gemeente uitgevoerd. Het vastgestelde Beheerplan Buitensportaccommodaties ligt daaraan ten grondslag.

In 2025 hebben de volgende ontwikkelingen plaatsgevonden op de Roosendaalse buitensportaccommodaties: > Er is gestart met de met de bouw van huisvesting op de Wielerexperience. Naar verwachting wordt deze in Q1 2026 opgeleverd. > RMHC de Pelikaan heeft een financiële bijdrage ontvangen voor de renovatie van twee hockeyvelden. Deze velden zijn op 19 september officieel in gebruik genomen. > RKVV Roosendaal heeft een financiële bijdrage ontvangen voor het uitbreiden van het aantal kleedaccommodaties. > In 2025 hebben we de aanbestedingsprocedure voor zwembad de Stok doorlopen. Uiteindelijk is Sportfondsen als winnaar uit de bus gekomen en dus ook vanaf 1 januari 2026 de exploitant van het zwembad.

145 P Areaalgegevens (bronnen: iAsset maart 2026) eenheid hoeveelheid Groen - bomen stuks 53.679 - plantenbakken stuks 285 - hagen m2 70.747 - natuurlijke beplanting m2 1.588.743 - houtwal m2 243.278 - bos m2 949.180 - bosplantsoen m2 396.285 Gazon m2 1.579.118 Langgras ecologisch beheer m2 3.330.376 - schapen begrazing m2 3.252.000 Cultuurlijke beplanting m2 800.437 - planten m2 29.091 - struiken m2 481.002 Wegen wegvakonderdelen: - waarvan elementen m2 2.756.577 - waarvan asfaltverharding m2 2.125.287 - waarvan halfverhard/onverhard m2 239.342 - waarvan cementbeton m2 72.773 - bermen in buitengebied (gras) m2 niet bekend Openbare verlichting masten/armaturen stuks 18.456 Verkeersregelinstallatie VRI stuks 38 Water - waterloop m1 293.940 - watervlakte m2 270.271 Riolering - vrijvervalleiding m1 518.444 - drainage m1 125.106 - goot m1 3.230 - persleidingen/drukriolering m1 145.971 Gemalen - DWA gemalen stuks 63 - tunnelgemalen stuks 9 - randvoorziening stuks 12 - Rwa gemalen stuks 9 - drainagegemalen stuks 10 - drukriolering buitengebied stuks 565 - schuiven met actuator stuks 1 - vijvergemalen en kunstwerken stuks 5 - neerslagmeter stuks 14 Civieltechnische kunstwerken civieltechnische kunstwerken Stuks 258 Hekwerken en poorten Meubilair Stuks 4.407 IJzeren sierhekwerk, natuursteen, metselwerk m1 33.899 146 eenheid | hoeveelheid Eenvoudig hekwerk, paal en gaas, hout, | m1 |

34.431 harmonicagaas en hekwerk draadstaalmat Hekwerk draadstaal | m1 | niet bekend Poorten | m1 | 86 Vlonders | m1 | 430 Speelvoorzieningen - speel- en sporttoestellen | stuks | 1.130 - speellocaties | stuks | niet bekend - speelondergrond | m2 | niet bekend Financiële gegevens Onderstaande tabel geeft de lasten weer zoals opgenomen in de verschillende programma’s. Gewijzigde | Rekening Kapitaalgoed (Bedragen x € 1.000) | Programma | Rekening 2024 | begroting | 2025 2025 Wegen | 4 | 16.680 | 21.696 | 20.245 Riolering/drainage | 4 | 11.825 | 12.043 | 12.647 Oppervlaktewater/havens | 4 | 688 | 544 | 439 Groen | 4 | 7.704 | 8.495 | 7.951 Civieltechnische kunstwerken | 4 | 964 | 1.068 | 1.112 Speelvoorzieningen | 4 | 471 | 410 | 428 Storting in reserves | 6 | 2.583 | 2.015 | 1.971 Totaal | 40.915 | 46.271 | 44.793 14 7 P Paragraaf 5. Verbonden partijen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de bestuurlijke, beleidsmatige en financiële belangen en risico’s van de gemeente als gevolg van banden met externe rechtspersonen, waarin de gemeente zowel financieel deelneemt als zeggenschap heeft. De gemeente Roosendaal neemt zowel deel in rechtspersonen, tot stand gekomen op grond van de publiekrechtelijke Wet Gemeenschappelijke Regelingen als in rechtspersonen, gestoeld op privaatrechtelijke samenwerkingsvormen.

Visie en doelstellingen Onze ambitie is ervoor te zorgen dat verbonden partijen op effectieve en efficiënte wijze bijdragen aan het realiseren van onze gemeentelijke beleidsdoelstellingen. Uitgangspunten hierbij zijn een heldere verdeling van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden tussen de gemeente en de verbonden partij door zoveel mogelijk een scheiding van klantrol (vakwethouder) en eigenaarsrol (andere wethouder) en door het opstellen van dienstverleningsovereenkomsten met prestatieafspraken. Nota Verbonden Partijen Op 16 mei 2024 heeft de Roosendaalse gemeenteraad ingestemd met de ‘Nota verbonden partijen en overige samenwerking West-Brabant'. Deze is vervolgens, met terugwerkende kracht, in werking getreden per 1 mei 2024. De nota is tot stand gekomen na uitgebreide consultatie van gemeenten en verbonden partijen in West-Brabant. Deze nota geldt voor de periode 2024-2028. Dit betekent dat we deze nota in 2027 evalueren en actualiseren. In deze nota verwerken we enerzijds de wijzigingen van de Wgr die per 1 juli 2022 van kracht zijn en gericht zijn op het geven van meer en betere handvatten aan volksvertegenwoordigers om invloed uit te oefenen op de besluitvorming in gemeenschappelijke regelingen en om hun controlerende taken uit te voeren. Anderzijds geven we invulling aan de conclusies uit de evaluatie van de nota uit 2015/2016.

Deze conclusies luidden samengevat: “De nota functioneert over het algemeen goed, al kunnen vragen worden gesteld bij het, volgens sommigen, te formele karakter ervan. Hiermee wordt bedoeld dat de nota een goed stramien geeft voor de stroomlijning van de planning- & controlcyclus (P&C-cyclus), maar onvoldoende handvatten geeft om met elkaar het gesprek aan te gaan over de inhoud van de dienstverlening door de verbonden partij. Bij eventuele aanpassing van de nota klinkt de roep het vooral praktisch en niet al te formeel te houden, en meer de dialoog aan te gaan over de inhoud en de uitvoering van de werkzaamheden.” Met de nu voorliggende nota geven we invulling aan de wens om de betrokkenheid van de raden op inhoud en cultuur, in plaats van de betrokkenheid enkel op financiën, centraal te stellen. Om goed op inhoud te kunnen sturen, leggen we afspraken in deze nota vast. Deze afspraken gaan over informatie(verstrekking), afstemming en aansturing, kaderstelling en het proces van planning & control. Algemene afspraken bij samenwerking. Afspraak 1.1. Elke vorm van samenwerking begint bij duidelijke afspraken over bevoegdheden, verantwoordelijkheden, kaders en verantwoording. 148 P Afspraken inzake publiekrechtelijke samenwerking op grond van de Wgr. Afspraak 2.1. Risicoprofiel als kader voor actieve informatieplicht, informatievoorziening en vorm van raadssamenwerking.

Afspraak 2.2. Gemeenten zorgen voor gezamenlijke integrale aansturing en afstemming. Afspraak 2.3. Gezamenlijke kaderstelling met financiële en beleidsmatige richtlijnen voor de begroting. Afspraak 2.4. Termijnen voor behandeling van conceptbegroting en jaarrekening (1 april en 1 juli). Afspraak 2.5. Evaluatie wordt 4-jaarlijks overwogen. Afspraken inzake privaatrechtelijke verbonden partijen op basis van het Burgerlijk Wetboek. Afspraak 3.1. Borgen van zeggenschap via statuten en beïnvloeding hiervan door wensen en bedenkingen. Afspraak 3.2. Actief beheer, informatie uitwisselen en rapporteren op maatschappelijke effecten. Afspraak 3.3. Evenwichtig samengestelde raden van bestuur, directies en raden van toezicht/commissarissen (benoemen, verlengen, schorsen en ontslaan. Afspraak 3.4. Geen bestuurders of ambtenaren van gemeenten in Raden van Commissarissen of Raden van Bestuur/directies. Afspraak 3.5. Beloningsbeleid zoveel mogelijk conform WNT. Afspraak 3.6. Invloed op strategiebepaling door college en gemeenteraad. Afspraak 3.7. Vermogenspositie en dividendbeleid bij deelnemingen periodiek herijken. Afspraak 3.8. Tijdig deponeren van jaarstukken, beoordeling en transparant publiceren daarvan.

Richtlijnen gemeenschappelijke regelingen Volgens afspraak 2.3 uit de hierboven genoemde nota geven de deelnemers van een publiekrechtelijke verbonden partij richtlijnen mee aan deze verbonden partij. Hierdoor kunnen de deelnemers sturen op de beleidsmatige en financiële kaders van een verbonden partij. Het opstellen van de richtlijnen gebeurt in overleg met de andere deelnemers van een verbonden partij, zodat het draagvlak voor de richtlijnen groot is maar er ruimte blijft voor lokale invulling. Bij voldoende draagvlak moet een verbonden partij de richtlijnen verwerken in de Kaderbrief, die als opmaat dient voor de begroting. De richtlijnen die wij als gemeente meegeven aan onze verbonden partijen worden door de gemeenteraad vastgesteld. Lijst verbonden partijen van de gemeente Roosendaal De verbonden partijen van onze gemeente zijn, conform het BBV, gesplitst in: 1. Gemeenschappelijke regelingen; 2. Vennootschappen en coöperaties; 3. Stichtingen en verenigingen; 4. Overige verbonden partijen. Op de volgende pagina’s is een uitgebreide lijst opgenomen van alle verbonden partijen die onze gemeente heeft. Hieronder zijn de verbonden partijen gegroepeerd volgens bovenstaande indeling. 149 P Gemeenschappelijke regelingen: 1. Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant 2. Regio West-Brabant 3. ICT West-Brabant West 4. Regionaal Bureau Leren West-Brabant 5. West-Brabants Archief 6.

WVS-Groep 7. Werkplein Hart van West-Brabant 8. Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant 9. Openbare Gezondheidszorg West-Brabant (GR OGZ) / GGD West-Brabant 10. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord 11. Belastingsamenwerking West-Brabant 12. BENEGO (Benelux Groepering voor territoriale Samenwerking) 13. Geweld in Afhankelijkheidsrelaties en Meldpunt Crisiszorg West-Brabant 14. Centrumregeling beschermd wonen, maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en aanverwante taken (*) (*) Deze gemeenschappelijke regeling is in de loop van 2025 in werking getreden en is daarom ook in §5 opgenomen. Vennootschappen en coöperaties: 1. NV Monumentenbeheer Brabant 2. NV Rewin West-Brabant 3. Roosendaal Borchwerf II BV 4. Borchwerf II BV 5. Borchwerf II CV 6. Duurzaam Energiebedrijf Roosendaal BV 7. Parkeer Beheer Roosendaal BV 8. NV Saver 9. NV Brabant Water 10. NV Bank Nederlandse Gemeenten 11. Publiek Belang Elektriciteitsproductie BV 12. CSV Amsterdam BV 13. Enexis Holding NV 14. Binnenstad Roosendaal BV (voorheen Smartcity Roosendaal BV) Stichtingen en verenigingen: 1. Stichting Beheer Borchwerf II 150 Uitgebreide lijst van verbonden partijen van de gemeente Roosendaal Volgt nog 151 Uitgebreide lijst van verbonden partijen van de gemeente Roosendaal Gemeenschappelijke regelingen van de gemeente Roosendaal 1.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1930/documents/54498