CConstaterende datRoosendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

06a Bijlage 1 nieuwe versie Omgevingsvisie 2022.pdf

Gemeenteraad 1 december 2022, gemeente RoosendaalBij agendapunt: 6a: Voorstel 63 - Vaststelling omgevingsvisie ‘Roosendaal, de verbonden stad’37.254 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

in te zetten, transportcapaciteit efficiënter te gebruiken en vervoersstromen van goederen

Zo streven we bijvoorbeeld naar meer forenzen per (e-)fiets tussen Roosendaal

en personen te bundelen.

en Bergen op Zoom. • Stimuleren van initiatieven van onderop voor slimme en kleinschalige vervoersoplossingen.

96

97

4 • Voor de bedrijventerreinen willen we: - multimodaliteit bevorderen en regelgeving voor schone distributie; - ov-/bedrijfsvervoer ten behoeve van bedrijfsterreinen, met behulp van een vervoerscoördinatiecentrum; - forenzen zoveel mogelijk met de fiets.

OPGAVE: bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar vervoer voor iedereen We zorgen voor een Bereikbaar, Toegankelijk en Bruikbaar (BTB) Roosendaal voor alle verkeersdeelnemers en gebruikers van de openbare ruimte. Daarbij denken we aan fietsers, maar ook bijvoorbeeld rolstoelrijders, scootmobielers, doven, slechtzienden en mensen met een andere lichamelijke beperking. Dit doen we onder meer in de routes van, naar en dóór de binnenstad. Uitgangspunt is dat iedereen hetzelfde recht op mobiliteit en (openbaar) vervoer heeft.

Doelen: • Bij de (her)inrichting van de openbare ruimte dragen we er zorg voor dat deze bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar is voor alle doelgroepen. • Verder toegankelijk maken van de bushaltes, zodat zoveel mogelijk doelgroepen gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer. • Bereikbaar houden van dorpen per openbaar (bus)vervoer (tegengaan van verschraling buitengebied). • Wmo-regiotaxi gebruik verminderen, door Wmo-reizigers gebruik te laten maken van het reguliere ov.

98

99

5. RUIMTELIJKE UITWERKING

5

5.1 INLEIDING: OVERZICHT DEELGEBIEDEN In het vorige hoofdstuk zijn per thema de belangrijkste opgaven voor de toekomst van Roosendaal beschreven. Deze opgaven vertalen we in dit hoofdstuk naar de verschillende deelgebieden van de gemeente. Voor elk deelgebied wordt de koers geschetst met de specifieke opgaven die daarbij horen. Deze gebiedsuitwerkingen vormen geen exacte blauwdruk voor de toekomstige ontwikkeling van het deelgebied. Wel geven we de dilemma’s, keuzes en mogelijke ontwikkelrichtingen voor het gebied aan. De visiekaart in afbeelding 5.1 laat de ruimtelijke uitwerking hiervan voor de gehele gemeente zien. In de komende paragrafen wordt dit per deelgebied nader uitgewerkt.

Grofweg bestaat de gemeente uit drie delen: een sterke stad, de stadsrandzones en een vitaal platteland. De sterke stad kan verdeeld worden in vijf subgebieden : Rondje Roosendaal, de Bulkenaar, De Stok/ Rosada, de woonwijken en de bedrijventerreinen. Er zijn stadsrandzones aan te wijzen aan de noordoost-, oost-, zuid- en zuidwestkant van de stad. Voor het vitale platteland maken we onderscheid tussen de dorpen en het buitengebied. Voor alle deelgebieden geldt dat ontwikkelingen buiten het, door de provincie aangewezen stedelijk gebied, getoetst moeten worden aan provinciale regelgeving. De regelgeving van de provincie is opgenomen in de Interim Omgevingsverordening. Op de kaart van de Interim Omgevingsverordening zijn, buiten het stedelijk gebied, gebieden aangewezen waarbij ‘verstedelijking afweegbaar’ is. De provincie geeft daarmee aan dat ze de transformatie van zo’n gebied mogelijk achten. Dit wil niet zeggen dat de gemeente gebruik moet maken of als er belemmering in dit gebied zijn, kan maken van deze mogelijkheid. De provincie wil bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet deze gebieden loslaten en de afweging van verstedelijking aan de gemeenten overlaten, omdat zij meer kennis hebben van de lokale situatie en de mogelijk aanwezige belemmeringen. De gemeenten moeten concrete ontwikkelingen, buiten het door de provincie aangewezen stedelijk

OMGEVINGS VISIE

gebied, nog steeds planologisch onderbouwen. Ook als deze ontwikkeling in een gebied valt wat als ‘verstedelijking afweegbaar’ is aangegeven. Onder de Wet ruimtelijke ordening moet sprake zijn van een ‘goede ruimtelijke ordening’, onder de Omgevingswet moet sprake zijn van ‘een evenwichtige toedeling van functies’. Het blijft van groot belang dat de gemeente ontwikkelingen buiten het stedelijk gebied goed met de provincie afstemt.

ROOSENDAAL

100

101

5

VISIEKAART GEMEENTE ROOSENDAAL Noordoost

Zoekgebied ontwikkellocaties voor bedrijven Zoekgebied uitbreiding Zoekgebied inbreiding

Oost

Locaties in ontwikkeling Ontwikkeling Bulkenaar (zorg + groen) Zoekgebied koppelkansen energietransitie

Zuidwest

Zoekgebied uitbreiding leisurepark De Stok Stadsrandzones Uitbreiden natuur rond NNN

Zuid

Risicocontour transport rrgs:trnsp_ctr_6 Buisleidingen Spoor Snelwegen Hoofdwegen Wegen Water Groen Woonterrein Voorzieningen Bedrijventerrein Agrarisch terrein Gemeentegrens

102

0

1

2 kilometer

103

ment ontstaat op termijn ruimte voor extra woningen, boven de hier benoemde opgave.

5

Indien blijkt dat de inbreidingslocaties niet voldoende zijn om aan de vraag (bijvoorbeeld vanuit woningbouwbehoefte) te voldoen dan zal ook gekeken worden naar mogelijke uitbreidingslocaties in de stadsrandzones; op middellange termijn vooral en primair in stadsrandzone zuidwest. In het buitengebied willen we naast de bestaande mogelijkheden om buitenplaatsen en landgoederen (zoals opgenomen in het beoordelingskader voor initiatieven in het buitengebied (2009)) te realiseren, onderzoeken op welke manier we nieuwe, kleinschalige woonmilieus kunnen toevoegen. Daarmee willen we het aanbod van woonmilieus uitbreiden en Roosendaal voor meer groepen inwoners aantrekkelijk maken. We denken hierbij bijvoorbeeld aan geclusterde woningen in een hof of tiny houses. Verschillende woonvormen zorgen voor een differentiatie in woonmilieus, waarbij een hoge kwaliteit wordt nagestreefd. Voor dit soort ontwikkelingen introduceren we het begrip ‘buitenhoven” (zie paragraaf 5.4.2 voor een nadere uitwerking). Voor dit type kleinschalige woonmilieu zijn nog geen criteria opgesteld. Deze werken we in samenspraak met de provincie nog nader uit. Voorts is er een nieuw actieprogramma: ‘Nieuwe Woonvormen en Zelfbouw’ vanuit de provincie met als doel om de realisatie van alternatieve woonvormen en zelfbouw te stimuleren en te versnellen.

In het actieprogramma worden onder andere geclusterde woonvormen, begeleid wonen, studio’s, tiny houses, flexLocaties in het Rondje Roosendaal

wonen en gesplitste woningen genoemd. De woontypen leiden tot kwaliteitsverbetering en zijn altijd maatwerk.

5.2 STERKE STAD

Daarnaast kan met de transformatie van winkel- en kantoorpanden de leegstand worden aangepakt, en een compactere winkelstad ontstaan. De ontwikkelingen zorgen voor een

5.2.1 Rondje Roosendaal

verbetering van de ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid van het gebied, en kunnen worden

Het ‘Rondje Roosendaal’ is de overkoepelende term voor locaties in en rondom het

gekoppeld aan duurzaamheidsdoelstellingen. De transformaties zullen een fundamentele

centrum van Roosendaal: het stationsgebied, (Groot) Mariadal, het oude centrum, de

bijdrage leveren aan opgaven als klimaatadaptatie, vergroening, de energetische kwaliteit

compacte commerciële binnenstad, de Laan van Brabant, het westelijk deel van de

van de gebouwde omgeving en de emissievrije binnenstad. Ook zal dit gepaard gaan met

binnenstad, Stadsoevers en het Vlietpark. Het omvat een verzameling van ontwikkelingen

een duurzaam binnenstedelijk mobiliteits- en parkeersysteem, terwijl het station verder

en transformaties, die met elkaar worden verbonden door een openbare gebiedsroute

wordt uitgebouwd als regionale ov-hub. Daarbij worden de identiteitsdragers in de

(het ‘rondje’).

stedenbouwkundige structuur van de stad steeds bewaard en versterkt, met daartussen functionele en herkenbare verbindingen.

De ontwikkelingen dragen gezamenlijk bij aan de ontwikkeling van een aantrekkelijke en kwalitatief hoogwaardige woon-, werk en leefomgeving. Met het Rondje Roosendaal

Het Rondje Roosendaal is een flexibele ontwikkeling. De binnenstad en de stationszone

realiseren we een efficiënter gebruik van het stedelijk gebied, en spelen we in op verschil-

zijn al lange tijd in ontwikkeling. Een aantal ontwikkelingen is recent al in gang gezet,

lende opgaven. Hiermee geven we invulling aan de provinciale Verstedelijkingsstrategie,

zoals de V&D-locatie en de Markt/ Nieuwe Markt, (Groot) Mariadal, Stadskantoor (‘Huis

aan Sterke Steden én de opgaven uit deze omgevingsvisie.

van Roosendaal’), Stadsoevers en het Vlietpark. Daarbij onderzoeken we welke ruimte er aanvullend is voor de toevoeging van functies en programma: met name in het stations-

Zo voorzien we in een behoefte aan woningbouw en andere functies in de nabijheid van

gebied, rondom de Laan van Brabant en in verdere verdichting van de al bestaande ont-

ov-knooppunten. Daarmee zien we ook mogelijkheden om een bijdrage te leveren aan

wikkelingen. Een integrale aanpak wordt nader uitgewerkt in het Ontwikkelplan Rondje

de opvang van de overloop van wonen én werken vanuit de zuidvleugel van de Randstad.

Roosendaal.

Bij de invulling van onze woningbouwopgave (2.000 tot 4.500 woningen) geven we het Rondje Roosendaal prioriteit. Het Rondje Roosendaal kan in totaal een programma van ca. 2.000 woningen opnemen. We zoeken allereerst mogelijkheden voor het toevoegen van stedelijke woonmilieus op deze locaties. Bij mogelijke uitplaatsing van het emplace-

104

105

5 We staan geen nieuwe locaties toe voor detailhandel, en beperken de mogelijkheden voor solitaire winkelvoorzieningen. Detailhandslocaties buiten het centrum zullen worden ‘wegbestemd’ om de concentratie in het centrum te ondersteunen. Daarbij is wel sprake van maatwerk. Niet alle detailhandelsfuncties kunnen worden verplaatst en sommige functies zijn niet geschikt voor een nieuwe plek in het centrum. In de dorpen en de wijken moet het basisniveau van voorzieningen op peil blijven. Om de binnenstad te versterken leggen we daar wel de prioriteit. Daarmee sluiten we aan bij het plan van Riek Bakker en ‘Roosendaal Gezonde Stad’. Het winkelen van de toekomst vindt in Roosendaal plaats. We zetten in op versterken van de boodschappenfunctie én de recreatieve functie, waarbij er voldoende kritische massa is (keuze, variëteit). Ook stimuleren we initiatieven op het gebied van digitale stadsontwikkeling en Smart Retail. We vinden het daarbij een belangrijk uitgangspunt dat het belevenis- en betekenisaspect in het gehele winkelgebied tot uiting komt, zowel in de openbare ruimte als door de aanwezigheid van functies als horeca en cultuur. Via binnenstadsmanagement en citymarketing werken gemeente en ondernemers samen aan het aantrekkelijker maken van de binnenstad. Stadspromotie speelt daar zeker een prominente rol in.

De binnenstad van Roosendaal, integraal onderdeel van de stad Roosendaal, krijgt een herkenbaar en aantrekkelijke profiel voor de huidige en toekomstige doelgroepen. Het bezoek aan de stad wordt veraangenaamd door de verzorgde uniforme aankleding en uitstraling van de binnenstad. Concept impressie Mariadal en nieuwe stadskantoor

Gezien onze visie voor de binnenstad zoeken we de kracht in een meer integraal beeld van de binnenstad; evenwicht in aantrekkelijke winkels, horeca, cultuur, openbare ruimtes,

Een compacte binnenstad met verschillende functies

groen, evenementen en wonen. Er ligt een opgave om meer wonen, vermaak en levendig-

In de toekomst kent Roosendaal een aantrekkelijke en compacte binnenstad, waarin het

heid toe te voegen. Het imago en de belevingswaarde van de binnenstad worden ver-

prettig wonen, werken, winkelen en recreëren is. Dit willen we realiseren door onder

sterkt door een verscheidenheid aan functies, maar ook vergroening en het zichtbaar en

andere het concentreren van winkelfuncties en horeca in het kernwinkelgebied en daar-

toegankelijk maken van verborgen cultuurhistorische schatten, zoals het Mariadal met

buiten de transformatie naar wonen en werken te faciliteren.

de bijbehorende monumentale kloostertuin. Er ligt een opgave in het vergroten van de culturele aantrekkingskracht van de binnenstad.

Het oude centrum hervindt zich als hoogstedelijk gemixt woongebied, waarbij incourante commerciële functies getransformeerd worden naar woningen. De compacte commerciële

In ruimtelijk opzicht streven we zodoende naar een compacte structuur met intensief

binnenstad ontwikkelt door als gastvrij bezoekerscentrum van de stad en de regio, waarbij

ruimtegebruik en een combinatie van functies, waarbij ook ruimte is voor gemixte func-

het commercieel centrum compacter wordt, incourant commercieel vastgoed wordt

ties en nieuwe concepten. Leegkomende ruimte krijgt een andere functie, bijvoorbeeld

getransformeerd naar woningen, zorgfuncties of andere voorzieningen en het wonen in zijn

als woonruimte, voor dienstverlening of als creatieve broedplaats. Het mes snijdt zo aan

algemeenheid geïntensiveerd wordt. Het westelijk binnenstadsdeel wordt doorontwikkeld

twee kanten, meer woonruimte leidt tot meer sociale veiligheid en tot een groter draag-

tot een gebied van hoge toegevoegde waarde met zowel woon- als werkfuncties.

vlak onder voorzieningen.

We zetten in op het behouden en versterken van de sub-regionale functie van de binnenstad voor Roosendaal en de omgeving. Door diverse ontwikkelingen (waaronder online winkelen, minder regionale aanloop van bezoekers) neemt de winkelvloeroppervlakte af en is leegstand ontstaan. Daarom streven we naar een compactere commerciële binnenstad. Een binnenstad die compacter wordt, maar grootser aanvoelt. Winkels en voorzieningen worden zoveel mogelijk geconcentreerd in de binnenstad.

106

107

We werken vanuit deze opgave aan het:

De ontwikkeling van Stadsoevers en Vlietpark is al in gang gezet, en zal de komende jaren

• herontwikkelen van bestaand vastgoed;

worden voortgezet. In onder meer een Ruimtelijk raamwerk, Beeldplan Stadsoevers en

• herontwikkelen van pleinen en openbare ruimten;

Ontwikkelkader Vlietpark zijn de ambities, ruimtelijke principes en ontwikkelscenario’s

• verbinden van particuliere investeringsinitiatieven met gemeentelijke projecten;

voor het gebied vastgelegd. Het Vlietpark wordt vormgegeven volgens het campusprincipe.

• organiseren compacter maken van de binnenstad;

De ruimtelijke structuur van het park is opgebouwd uit een fysiek grid van verbindingen

• verbreden en creëren samenhang van binnenstedelijke functies;

en open ruimtes, een robuust openbaar raamwerk dat de basis vormt voor ontwikkelplots.

• vergroten ruimtelijke kwaliteit (met name meer groen, verweven oud-nieuw);

Binnen de ontwikkelplots is sprake van een grote mate van flexibiliteit. We hanteren een

• emissieloos bevoorraden van de binnenstad en voetgangersgebieden;

open grondhouding voor initiatieven, zolang ze maar bijdragen aan het innovatieve en

• bepalen ontwikkelingsperspectief en mogelijkheden voor functietransformatie

gezonde karakter van het park. De kaders waaraan de ontwikkelplots moeten voldoen,

aanloopstraten; • aanpakken van leegstand (o.a. door huisvesting van pop-up stores, transformatie

5

zijn in een aantal heldere principes beschreven. Deze gaan niet uit van een vastomlijnd eindbeeld maar laten zien welke mogelijkheden er zijn om de ontwikkelplots in te vullen.

naar bijvoorbeeld wonen); • inzetten op ‘blurring’ van functies (concepten die diverse sectoren verbinden

Het bereikbaar houden van het centrum

zoals retail, horeca, cultuur, ambacht en/of dienstverlening);

De binnenstad is goed en laagdrempelig bereikbaar met alle vervoersmodaliteiten.

• terugdringen van het autoverkeer en meer ruimte voor fietsers.

Bezoekers kunnen eenvoudig hun weg vinden. Bij een compactere binnenstad hoort een betere bereikbaarheid en toegankelijkheid. We werken aan het volgende:

Een impuls voor het stationsgebied Het gebied rondom het station en in verbinding met de binnenstad van Roosendaal heeft aandacht en een impuls nodig. De stationsomgeving is verouderd en de binnenstad heeft te maken met een toenemende leegstand van winkels en kantoren. De leefbaarheid staat

• Er is voldoende stallingsaanbod voor auto`s, fietsen en overige voertuigen voor de bezoekers van de binnenstad. • Zorgen voor een schonere en meer leefbare binnenstad, door te zorgen voor een afname in het aantal gemotoriseerde voertuigen.

onder druk. Wel verwachten we dat dit gebied potentie heeft, die we concreet nader

• Het creëren van plek voor fietsers en wandelaars.

onderzoeken met het Ontwikkelplan Rondje Roosendaal.

• Verbeteren bereikbaarheid en het beleid voor parkeren, waarbij we inzetten op parkeren op maaiveld voor bewoners en gebruik van parkeergarages door bezoekers.

Het doel daarbij is om van de spoorzone een levendig gebied te maken en hier stedelijke dynamiek in te brengen. De spoorzone komt tot ontwikkeling als een multifunctioneel

Vergroening en klimaatadaptatie

woon-werkgebied waarin het station als mobiliteitshub optimaal verbonden wordt met

De ambitie is om met elkaar te komen tot een binnenstad die beter in staat is om de

de stad, de regio en de omliggende stedelijke agglomeraties. Verdere inbreiding en het

klimaateffecten op te vangen. Een stad die groener is en waarvan de openbare ruimte

toevoegen van extra functies op deze locatie biedt een kans voor de binnenstad. Een

door de bezoekers en bewoners hoger wordt gewaardeerd. Het toevoegen van dak- en

ander programma maakt ook dat de identiteit van een gebied wijzigt. Daarbij denken we

geveltuinen in de binnenstad draagt eveneens bij aan het groene karakter en voorkomen

bijvoorbeeld aan (combinaties van) wonen, werken en onderwijs.

van hittestress.

Voor een optimale invulling van het gebied is het wenselijk dat het spooremplacement

Een slimme, milieuvriendelijke en emissieloze distributie en routing dragen bij aan een

op termijn wordt verplaatst. We gaan de komende jaren met betrokken partijen in overleg

gezonde en rustige binnenstad wat het wooncomfort en de belevingswaarde verhoogt.

om de mogelijkheden hiervoor te onderzoeken.

De binnenstad van Roosendaal wordt ‘zero-emissie’ bevoorraad. We sluiten aan bij de ontwikkelingen vanuit de Rijksoverheid.

Stadsoevers en Vlietpark als nieuwe stadswijk Ten oosten van het spoor, tussen het station en de Kade, wordt het nieuwe stadsdeel

5.2.2 Gebiedsvisie Bulkenaar

Stadsoevers ontwikkeld. Stadsoevers wordt een levendige stadswijk, waar wonen, werken,

Gebiedsvisie Bulkenaar: ontwikkeling Bulkenaar en verkeerssituatie Tolberg

onderwijs en recreatie samenkomen. Het gebied aan de westkant van De Vliet wordt

De komst van het nieuwe Bravis ziekenhuis vormde de aanleiding om voor de Bulkenaar

ontwikkeld als een woongedeelte. In het zuiden wordt wonen gecombineerd met onder

een gebiedsvisie op te stellen, waarin het gebied wordt ontwikkeld tot zorglandschap.

meer onderwijsvoorzieningen. Het oostelijk deel van Stadsoevers is het Vlietpark. Hier

Hieronder wordt verstaan een groen landschapspark met volop mogelijkheden om te

vormt zich een parkachtig gebied met een innovatief programma; een nieuw stuk groene

recreëren en met daarin een gebied van ongeveer 12 hectare voor medische zorg. Daar-

en klimaatbestendige stad, waar verschillende partijen en functies zich kunnen vestigen.

mee wordt ruimte gecreëerd voor toekomstgerichte zorg waarvan de hele regio gebruik

In een open, groene ruimte wordt ruimte geboden voor wonen, werken, leren, innoveren

kan maken.

en recreëren.

108

109

Ziekenhuis, ontsluitingsweg ziekenhuis en landschapspark

Verbindingsweg richting Tolberg

De locatie van het nieuwe Bravis ziekenhuis wordt vanaf de rijksweg A58 en de Plantage-

In de toekomst zal ook de verbinding met de A58 voor de wijk Tolberg aan de westflank

baan ontsloten via de daartoe aan te leggen westelijke ontsluitingsweg die parallel aan

van Roosendaal worden verbeterd. Want ondanks de geografische ligging van de wijk

de rijksweg wordt aangelegd. De gemeente heeft voor de locatie van het nieuwe Bravis

Tolberg in de nabijheid van de A58, is de wijk niet optimaal aangesloten op het rijkswegen-

ziekenhuis, het landschapspark en de westelijke ontsluitingsweg op 10 februari 2022 het

net. Ook de ligging tussen de sporen (gelijkvloerse spoorwegovergangen) richting België

bestemmingsplan ‘De Bulkenaar’ vastgesteld.

en Zeeland maakt de ontsluiting van de wijk kwetsbaar. Deze verbetering is al sinds 2009

5

een wens van de gemeente en is daarom meegenomen in de gebiedsvisie Bulkenaar. Deze visie is door de raad op 28 mei 2020 vastgesteld en vormt daarmee het beleidskader voor deze nieuwe verbinding. Een nieuwe ontsluiting van Tolberg is reeds in 2009 onderzocht, maar kon toen niet worden gerealiseerd. In 2019 is het onderzoek geactualiseerd voor het planjaar 2030. Hierbij zijn de nieuwe inzichten, zoals de realisatie van een regionaal ziekenhuis op de Bulkenaar ten westen van Tolberg en de verbetering van de ontsluiting van Tolberg meegenomen. Op basis van de bevindingen uit het onderzoek, impact op de omgeving en de ruimtelijke inpassing is gekozen voor de zuidelijke verbindingsweg Tolberg. Het zoekgebied waarbinnen deze zuidelijke verbindingsweg kan worden gerealiseerd is opgenomen in de gebiedsvisie De Bulkenaar (zie bijgevoegd kaartje uit de gebiedsvisie De Bulkenaar). Als bijlage is bij de omgevingsvisie de kadastrale kaart opgenomen, met daarop de kadastrale percelen waarop de gemeenteraad het voorkeursrecht in het kader van de Wet voorkeursrecht gemeenten heeft gevestigd. Bewoners van Tolberg krijgen hiermee een alternatieve route richting de A58. Voor de verdere uitwerking van het tracé en de realisatie van de zuidelijke verbindingsweg wordt een aparte planprocedure doorlopen.

Verbindingsweg richting Tolberg (bron: vastgestelde gebiedsvisie Bulkenaar)

5.2.3 De Stok / Rosada Aan de westrand van Roosendaal, direct aan de A17 liggen Designer Outlet Roosendaal (Rosada) en het recreatiepark De Stok. Verbeelding vastgesteld bestemmingsplan Bulkenaar (bron: ruimtelijke plannen)

Designer Outlet Roosendaal vormt als themacentrum een bijzondere concentratie van detailhandel. Waar we voor de binnenstad vooral focussen op een compactere commerciële binnenstad met een functie voor de stad en omgeving, biedt Rosada een complementair winkelaanbod met een belangrijke (boven)regionale functie. Daarmee

110

111

5

trekt Rosada jaarlijks 1,4 miljoen bezoekers. De Stok, met een verzameling van allerlei vormen van intensieve recreatie, trekt op jaarbasis 1,1 miljoen bezoekers van binnen en buiten de regio. We zetten dan ook in op het vitaal houden van dit gebied, en versterken van de koppeling tussen beide regionale publiekstrekkers. Met de combinatie van de winkelfunctie van Rosada met de voorzieningen voor sportief en avontuurlijk vermaak op. De Stok fungeert het gebied als vrijetijds- en vermaakgebied, gericht op zowel inwoners van de gemeente, de regio als van daarbuiten.

Golfbaan - de Stok

5.2.4 Woonwijken In het algemeen willen we onze wijken inrichten met meer groen en meer water. Dat zorgt voor een aantrekkelijkere woonomgeving en gezonder leefmilieu met schonere lucht. Het biedt ook mogelijkheden voor ontmoetingsplekken in de (semi-) publieke ruimte. Wat betreft mobiliteit in de woonwijken willen we zoveel mogelijk schone mobiliteit en deelmobiliteit faciliteren en stimuleren. Bij nieuwe ontwikkelingen zien we mogelijkheden voor zowel verdichten (hoogbouw) waar dat passend is, als extensiveren met meer ruimte voor parken, groen en langzaam verkeerroutes. Bij stedelijke vernieuwing zoeken we de koppeling met opgaven als de Skydive - de Stok

warmtetransitie en klimaatadaptatie. We stimuleren initiatieven voor betaalbare en duurzame woningbouw; daarbij valt te denken aan vormen van houtbouw en prefab, maar ook groene gevels en daken.

Daarbij hanteren de volgende doelstellingen:

In de woonwijken van Roosendaal is vanuit het oogpunt van leefbaarheid zo veel als mogelijk het behoud van sociaalmaatschappelijke- en detailhandelsvoorzieningen het

• Voldoende kritische massa in een heldere en aantrekkelijke structuur (circuitvorming).

uitgangspunt. De laatste geconcentreerd in de bestaande winkelcentra. Voldoende draagvlak in de directe omgeving is daarvoor wel een voorwaarde. Ons uitgangspunt daarbij is dat er in iedere wijk buurt- en wijkhuizen zijn, mits in de wijk de behoefte daarvoor

• Een eigen profilering en identiteit is noodzakelijk voor aantrekkingskracht

aanwezig is.

en beleving. Uitgangspunt is dat we detailhandel zo veel mogelijk huisvesten in bestaande winkelcentra. • Ruimtelijke component dient aan te sluiten op het functionele profiel. 5.2.5 Bedrijventerreinen • Verblijfskwaliteit door de aanwezigheid van o.a. rustpunten en horeca.

Roosendaal beschikt over een breed spectrum aan bedrijventerreinen, waarop een divers scala aan bedrijven is gehuisvest. Bekend zijn Borchwerf en Majoppeveld. Roosendaal

• Goede bereikbaarheid en voldoende parkeergelegenheid.

kent daarnaast een aantal kleinere bedrijfslocaties, die gedeeltelijk binnen de bebouwde komt vallen. De groei van de bedrijvigheid werd de laatste jaren vooral gedomineerd door

• Uitbreiden Designer Outlet Roosendaal en toevoegen van leisurefuncties aan de Stok.

de bouw van distributiecentra bij de Roosendaalsebaan/ Nelson Mandelaweg aan weerszijden van de Rietschoten. Uitbreiding direct grenzend aan de bestaande terreinen is niet of maar heel beperkt aan de orde.

112

113

5

Voor de bestaande terreinen wordt ingezet op thema’s schoon, heel en veilig. Dat betekent een continue inzet op het behouden en verbeteren van de kwaliteit van de bedrijventerreinen. Als een terrein is verouderd volgt herstructurering. Voorbeelden van geherstructureerde locaties zijn de terreinen van de Suikerunie en Rustoleum. Het terrein van Philips heeft een nieuwe invulling gekregen.

Spoorstraat

Roosendaal kent veel ‘rafelranden’. Dit zijn gebieden waar bedrijventerreinen en woongebieden aan elkaar grenzen, zoals bijvoorbeeld de grens van Borchwerf met het Vlietpark en de grens Kalsdonk-Majoppeveld. De vraag is hoe we hier aantrekkelijke overgangszones van kunnen maken. Aandacht voor beeldkwaliteit is hier van belang. Bedrijvigheid in het buitengebied wordt beperkt mogelijk gemaakt. In vrijkomende Bedrijventerreinen in Roosendaal

agrarische bebouwing komen bij voorkeur functies die gerelateerd zijn aan wonen, recreatie of zorg.

Voor de komende tijd is het aanbod van bedrijventerreinen beperkt. Er zijn nog kavels

Samen met agrarische bedrijven, ZLTO en de provincie onderzoeken wat nodig is om

beschikbaar op de Meeten II (onderdeel van Majoppeveld), maar die worden vooral

nieuwe verdienmodellen te faciliteren.

ingevuld met kleinschalige bedrijven. Volgens verwachting zijn we binnen enkele jaren ‘uitverkocht’. Voor enkele bedrijven die binnen Roosendaal willen verplaatsen zijn nu al geen kavels beschikbaar. Roosendaal wil haar regionale economische functie blijven vervullen. Zowel om nieuwe bedrijven van buiten de stad en de regio te huisvesten als om

5.3 STADSRANDZONES

schuifruimte te creëren voor het binnen Roosendaal verplaatsen van bedrijven die elders uit hun jasje groeien, ontwikkelen we nieuw bedrijventerrein. Omdat de gemiddelde

5.3.1 Noordoost

doorlooptijd van het tot ontwikkeling brengen van een bedrijventerrein 5 tot 7 jaar

Stadrandzone Noordoost ligt ingeklemd tussen spoorlijnen aan de noordkant van

bedraagt, gaan we daar snel mee aan de slag. Ruimte voor nieuwe bedrijven en herplaat-

Roosendaal, en wordt aan de oostkant doorsneden door de verbindingsweg tussen

sing en expansie van bestaande bedrijven zoeken we in noordoostelijke richting.

bedrijventerreinen Borchwerf en Majoppeveld (Nelson Mandelaweg). Deze wig - ‘de Wig’ in de bestaande bebouwing is een potentiële ontwikkellocatie tussen twee sporen aan de

Grote logistieke bedrijven vinden hier geen plek. Voor de vestiging van deze bedrijven

noordzijde van Roosendaal (zie ook figuur 4.2 in paragraaf 4.2.2). Het merendeel van de

volgen we het regionaal beleid. Deze bedrijven kunnen in Moerdijk worden gevestigd.

aangrenzende bebouwde gebieden bestaat uit bedrijventerreinen, er zijn woonfuncties aanwezig in Kalsdonk en de Buijnestraat en omgeving. Dit gebied zal als strategische

114

Nieuwe bedrijvigheid is altijd schoon en gasloos. Het opwekken van ‘eigen’ duurzame

locatie ook een (sub)regionale rol gaan vervullen. Het gebied zal gefaseerd worden

energie wordt gestimuleerd (zonnepanelen op het dak) evenals het werken aan groen

ontwikkeld, waarbij we functies als bedrijventerrein, waterberging en elektriciteits-

en natuurinclusief bouwen. Te denken valt daarbij aan groene daken of het maken van

infrastructuur zoveel mogelijk combineren of op elkaar laten aansluiten. Voor de water-

combinatie met waterberging.

berging gaan we na in hoeverre het herstel van een voormalig ven of het benutten van

115

historische vaarten kan worden ingepast in de gebiedsontwikkeling, met als doel gelijk-

Overigens kunnen buitenhoven ook elders in het buitengebied een plek vinden, dus niet

tijdig aan te sluiten op de historische identiteit van het gebied, als invulling te geven aan

exclusief in deze stadsrandzone.

5

de waterbergingsopgave van nu. De stadrandzone Zuid ligt aan de zuidzijde van Roosendaal, die redelijk scherp begrensd 5.3.2 Oost

wordt door de Willem Dreesweg. Ten noorden hiervan liggen de bestaande woonwijken

De stadrandzone Oost betreft een relatief klein gebied ten oosten van Roosendaal, en

Tolberg, De Kroeven en Langdonk. Het gebied wordt doorsneden door de Antwerpse-

gaat over in het buitengebied van Rucphen. Het kenmerkt zich als een open en groen

weg (N262) en de spoorlijn richting België. Het gebied ten oosten van Antwerpseweg

agrarisch gebied, met een enkele woonwijk (De Landerije). Het gebied wordt doorsneden

is een mix van natuur en landbouw. Het gebied ten westen van de Antwerpseweg is

door een enkele weg (Rucphensebaan). Het noordelijk deel grenst aan bedrijventerrein

landbouwgebied doorsneden door het beekdal van de Kleine Aa / Watermolenbeek met

Stadsrandzones

Majoppeveld.

In deze oostelijke stadsrandzone zien we voor de middellange termijn geen potentiële

begeleidende natuurgebieden. De natuurgebieden zelf zijn geen zoekgebied voor nieuwe woonfuncties. Pas op termijn zien we - in beperkte mate - in het deel ten zuiden van Tolberg ruimte voor woningbouw.

zoeklocatie voor toekomstige woningbouw. Op lange termijn, naar verwachting na 2030, lijkt het zuidelijk deel mogelijk wel geschikt voor ontwikkeling, bijvoorbeeld aangrenzend

Noordoost aan de bestaande woonwijk, in lage concentraties en met veel groen om een goede

5.3.4 Zuidwest De stadsrandzone Zuidwest wordt begrensd door de snelweg A58 aan de noord- en

aansluiting met het aansluitende groene en ruime buitengebied te borgen. De locaties

westzijde en het spoor aan de zuid- en oostzijde. Aan de noord-, oost- en zuidkant wordt

in Rondje Roosendaal en de stadsrandzone Zuidwest (Weihoek) krijgen prioriteit boven

het gebied daardoor gescheiden van de stad, aan de westzijde van het buitengebied. Ten

de oostelijke stadsrandzone. Wanneer in de toekomst daar bovenop behoefte ontstaat

zuidwesten van het gebied ligt De Bulkenaar. Deze stadsrandzone bestaat uit vier delen.

aan aanvullende woningbouwlocaties, zal worden onderzocht of stadsrandzone Oost

Centraal ligt de woonwijk Weihoek. Ten noordoosten daarvan bevindt zich het huidige

mogelijkheden biedt.

Bravis-ziekenhuis en ten oosten een sportveldencomplex. Aan de westzijde ligt een

Oost

groen, landelijk, agrarisch deel. Stadsrandzones

Zuidwest

In de stadsrandzone Zuidwest zien wij goede mogelijkheden voor toekomstige (her) ontwikkeling, met name voor woningbouw. Na het Rondje Roosendaal, kan dit een geschikte locatie zijn voor invulling van een deel van onze woningbouwopgave. Daarbij

Noordoost

kan de combinatie worden gezocht met het toekomstige lightrailstation bij De Bulkenaar. Zo ontwikkelen we verschillende woonmilieus rondom twee ov-knooppunten. Een

Zuid Stadsrandzones

Oost

Spoor Zuidwest

hoogstedelijk woonmilieu rondom het station in het centrum, terwijl het nieuwe station bijdraagt aan de ontwikkeling van een stadsrandzone met zowel woningen als het nieuwe ziekenhuis.

Snelwegen Hoofdwegen Zuid

Wegen

Stadsrandzones Spoor

Water

Snelwegen

Hoofdwegen Wegen Water Groen

Groen Woonterrein

Woonterrein

Voorzieningen

Voorzieningen

Bedrijventerrein

Bedrijventerrein

Agrarisch terrein

Agrarisch terrein

Gemeentegrens

0 0,5 1

Ligging van de stadsrandzones van Roosendaal

0 0,5 1

2 kilometer

Gemeentegrens

2 kilometer

5.3.3 Zuid Stadsrandzone Zuid is vooral geschikt als open gebied met op kleinere schaal wonen in combinatie met zorg en/of recreatielandschap (buitenplaatsen en/of kleinschalige land-

Zonnepark Weihoek

goederen) of andere hoogwaardige woonmilieus (de hiervoor genoemde ‘buitenhoven”).

116

117

De woningbouwontwikkeling zou deels kunnen landen in verdichting van Weihoek, maar

kleinschalige woningbouwlocaties of (zorg)landgoederen. Belangrijke vraag daarbij is ook

ook de op langere termijn vrijkomende Bravis-locatie of het westelijke deelgebied kan

hoe deze ontwikkelingen kunnen worden gecombineerd met de landbouwtransitie, en

geschikt zijn voor herontwikkeling. Bij deze herontwikkeling kan ook worden onderzocht of

opgaven op het gebied van natuur en landschap, de waterhuishouding en bodemgesteld-

het geheel of gedeeltelijk verplaatsen van het sportveldencomplex mogelijk en wenselijk is.

heid. Door hierop in te spelen dragen de dorpen en het buitengebied gezamenlijk bij aan

5

een vitaal platteland. Het hele gebied is provinciaal al aangewezen als zoekgebied voor verstedelijking. Belangrijk aandachtspunt in het gebied is wel de mogelijke (milieu)hinder van de snelweg, buis-

5.4.1 Dorpen

leidingenstraat en/of het spoor. Een optimale invulling voor deze stadsrandzone zal nog

Roosendaal kent vijf dorpen: Nispen, Wouw, Wouwse Plantage, Heerle en Moerstraten.

worden gezocht. Mogelijk biedt het gebied in afwachting van de definitieve ontwikkeling

De dorpen zijn voor veel voorzieningen sterk verbonden met de stad, maar kennen ook

ook ruimte voor de tijdelijke toevoeging van een zonneveld.

een duidelijke eigen identiteit. We willen de dorpen ook in de toekomst vitaal en leefbaar houden. Dat houdt in ieder geval dat we ons inspannen voor het behoud van een supermarkt en de overige winkelvoorzieningen waar aanwezig; als beperkte uitbreiding van bestaande winkels daaraan bijdraagt maken we dit mogelijk. Ook ondersteunen we initiatieven die bijdragen aan de clustering van winkels. Maar het behoud van leefbaarheid in brede zin is meer dan een supermarkt; we willen ook woningbouw mogelijk maken vooral gericht op het behouden van de jongere generatie voor de dorpen. De dorpskernen behandelen we in veel opzichten als gebiedstypologie vergelijkbaar met de woonwijken. Dat houdt in dat het uitgangspunt is het behoud van sociaalmaatschappelijke en detailhandelsvoorzieningen, mits daarvoor voldoende draagvlak is. Net als in de woonwijken willen we in de dorpen een aantrekkelijkere en gezondere woonomgeving realiseren, met meer groen en water, en ontmoetingsplekken in de publieke ruimte. We faciliteren en stimuleren schone en deelmobiliteit. Bij nieuwe (her) ontwikkelingen in de dorpen zoeken we ook de koppeling met opgaven als warmtetransitie en klimaatadaptatie, en stimuleren we initiatieven voor betaalbare én duurzame woningbouw. In de dorpen zien we mogelijkheden voor de uitbreiding of ontwikkeling van hoogwaardige kleinschalige woongebieden.

Uitgangspunten daarbij zijn zoveel mogelijk: • Aansluitend op bestaande bebouwing; • Aansluitend op bestaande infrastructuur (mits niet overbelast); • Buiten, of ingepast in, bestaande natuurlijke, landschappelijke of cultuurhistorische

Stadsrandzone Zuidwest en deelgebieden

waarden; • Met afstand of beperkende maatregelen rekening houdend met bestaande hinder. Naast het Rondje Roosendaal en de stadsrandzones van de stad lijkt uitbreiding in of aansluitend bij bestaande woonkernen en/of woonlinten logisch als zoeklocatie. De provincie

5.4 VITAAL PLATTELAND

geeft daarmee aan dat ze de transformatie van zo’n gebied mogelijk achten. Dit wil niet zeggen dat de gemeente gebruik moet maken, of als er belemmeringen in dit gebied zijn,

118

Het platteland als deelgebied bestaat uit de vijf dorpskernen van Roosendaal, met

kan maken van deze mogelijkheid. De provincie wil bij de inwerkingtreding van de Om-

daarbuiten en -omheen het buitengebied. In de dorpen en op het platteland spelen

gevingswet deze gebieden loslaten en de afweging van verstedelijking aan de gemeenten

verschillende opgaven. Zo zoekt de landbouwsector naar mogelijkheden om de inten-

overlaten, omdat zij meer kennis hebben van de lokale situatie en de mogelijk aanwezige

sieve hoogwaardige landbouw verder te verduurzamen en de economische positie van

belemmeringen. De gemeenten moeten concrete ontwikkelingen, buiten het door de

het agrofoodcomplex te behouden en uit te breiden, en naar oplossingen voor natuur-,

provincie aangewezen stedelijk gebied, nog steeds planologisch onderbouwen. Ook als

milieu- en klimaatopgaven. Met name op de zandgronden spelen aspecten als verdroging

deze ontwikkeling in een gebied valt wat als ‘verstedelijking afweegbaar’ is aangegeven.

en waterberging daarbij een belangrijke rol. In de dorpen staat het voorzieningenniveau

Onder de Wet ruimtelijke ordening moet sprake zijn van een ‘goede ruimtelijke ordening’,

onder druk door teruglopende bevolkingsaantallen. Tegelijk is voor gemeente brede

onder de Omgevingswet moet sprake zijn van ‘een evenwichtige toedeling van functies’.

opgaven de vraag welke functies we (waar) in het buitengebied willen toevoegen; te

Het blijft van groot belang dat de gemeente ontwikkelingen buiten het stedelijk gebied

denken valt aan ruimte voor duurzame energieopwekking, klimaatadaptatie, recreatie en

goed met de provincie afstemt.

119

Nispen

Wouw

In Nispen is aan de zuidwestzijde van het dorp een provinciaal zoekgebied voor stedelijke

Het provinciaal aangeduide zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling ten zuiden van

ontwikkeling aangeduid. Hier heeft nog geen invulling plaatsgevonden, en ligt mogelijk

Wouw is voor een deel al ingevuld met de woonwijk De Hoogt. Binnen het zoekgebied is

nog ruimte voor woningbouwontwikkeling in de toekomst.

nog enige ruimte voor mogelijke verdere uitbreiding.

5

Nispen

De functies en het beeld van de Essenseweg in zuidelijke richting is divers. De Essenseweg kenmerkt zich door een aantal bedrijfsbestemmingen, agrarische bestemmingen,

Stedelijk gebied en linten

een horeca bestemming en woonbestemmingen. Ook de maat en schaal van de bebouwing varieert. Deze afwisseling maakt dat de Essenseweg veel kan verdragen, zonder dat het karakter van deze weg verandert. De Essenseweg valt deels in de kom van Nispen als ook in het buitengebied. Ten zuiden van Essenseweg 60 begint het landelijk gebied.

Wouwse Plantage In Wouwse Plantage ligt met name aan de noordoostkant van het dorp ruimte voor uitbreiding. Deze locatie is nog niet ingevuld en zou mogelijk kunnen worden benut voor

Richting de grens met België verdicht het lint zich weer met meer woningbouw.

toekomstige woningbouwontwikkeling.

De Essenseweg stopt, net als de Kloosterweg en de Hollands Diepstraat, bij de Grensstraat. Het noordelijk deel van de Grensstraat is Nederlands grondgebied, het zuidelijk

Heerle

deel van de Grensstraat ligt in Essen (België). Het noordelijk deel wordt in de provinciale

Ten noorden van Heerle is door de provincie een zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling

verordening aangeduid als landelijk gebied, terwijl het zuidelijke deel duidelijk onderdeel

aangeduid. Hieraan is nog geen invulling gegeven, dit gebied biedt daarom nog mogelijk-

uitmaakt van het stedelijk gebied van Essen (België). Dit is een bijzondere situatie.

heden voor de toevoeging van woningbouw.

De gemeente Roosendaal wil de Essenseweg niet verder verdichten en voorkomen dat

Moerstraten

Nispen en Essen aan elkaar groeien.

Aan de zuidkant van Moerstraten heeft recent een uitbreiding plaatsgevonden, in de wijk

Aan het einde van de Essenseweg en de Kloosterstraat is er weer sprake van lintbebouwing

zoekgebied in dit deel van Moerstraten biedt nog enige ruimte voor verdere uitbreiding.

Gebrande Hoef. Deze ontwikkeling wordt binnenkort afgerond. Het provinciaal aangeduide met woningen. Ook verdichting aan de noordkant van de Grensstraat wordt op dit moment niet voorzien, omdat de noordkant van deze straat duidelijk deel uitmaakt van het landelijk gebied in Nederland. Deze straat vormt niet alleen de grens tussen Nederland en België, maar ook tussen het Nederlandse landelijk gebied en het Belgische stedelijk gebied.

120

121

5.4.2 Buitengebied

5

Voor het buitengebied is een belangrijke opgave om zowel agrarische, recreatieve als natuurlijke dynamiek te faciliteren. Zo zien we ruimte voor verdere ontwikkeling van intensieve agrarische bedrijven met name in het noordelijk deel van het buitengebied (grotendeels ten noorden van de A58, plus een deel zeekleigebied tussen Wouw en Wouwse Plantage ten zuiden van de snelweg) , en een combinatie van natuur en recreatie in gebieden als Brabantse Wal en Visdonk. We streven in het buitengebied naar zorgvuldig ruimtegebruik. Ontwikkelruimte moet planologisch passen en ook ‘verdiend’ worden. Per saldo zal er in alle gevallen sprake moeten zijn van een landschappelijke kwaliteitsverbetering van het buitengebied.

Een vitale, duurzame en klimaatadaptieve landbouwsector Het aandeel van de primaire landbouw zal veranderen. Op verreweg de meeste plekken kan de intensieve, innovatieve en hoogwaardige landbouw zich verder ontwikkelen, waarbij de agrarische sector blijvend werkt aan het verder verduurzamen van de bedrijven. We willen voorkomen dat de bodemkwaliteit en de waterhuishouding verder verslechteren. Op mindere (zand-)bodems of in deelsectoren die onder druk staan geven we ruimte voor een meer natuurinclusieve bedrijfsvoering, circulaire landbouw, meer natuur en bosbouw en ook nog ruimte voor nieuwe stedelijke functies. Deze gebieden zijn overwegend te vinden op de zandgronden in het zuiden van de gemeente (ruwweg Moerstraten

tussen Wouwse Plantage, Roosendaal en Rucphen) en de gebieden grenzend aan de stad in het westen (Bulkenaar/ Weihoek, tussen Tolberg en de A58). Transformatie van agrarische bedrijven gebeurt altijd op vrijwillige basis. We zoeken de samenwerking met agrariërs, landbouworganisaties en andere betrokkenen om de landbouwtransitie verder uit te werken. Daarbij willen we ook op beperkte schaal ruimte bieden voor nieuwe kleinschalige stedelijke functies. Ook kunnen vrijkomende bedrijfsruimten van landbouwbedrijven, die niet meer voor de landbouw worden gebruikt, worden ingezet voor andere sectoren of voor wonen om leegstand en ondermijnende criminele activiteiten te voorkomen. Als het behouden van de oorspronkelijke functie of het omzetten naar een andere functie niet lukt, kan er gekozen worden voor sloop, om leegstand, verrommeling of ondermijnende criminele activiteiten te voorkomen. Hiervoor kan ook weer gekozen worden voor het toepassen sloop- bouwregeling in samenhang met de regeling “landschappelijke kwaliteitsverbetering” uit de Interim Omgevingsverordening. Voorts is er een nieuw actieprogramma: ‘Nieuwe Woonvormen en Zelfbouw’ vanuit de provincie met als doel om de realisatie van alternatieve woonvormen en zelfbouw te stimuleren en te versnellen.

In het actieprogramma worden onder andere geclusterde woonvormen, begeleid wonen, studio’s, tiny houses, flexwonen en gesplitste woningen genoemd. De woontypen leiden tot kwaliteitsverbetering en zijn altijd maatwerk. Veel boerderijen hebben een cultuurhistorische waarde: de complexen maken deel uit van de geschiedenis en bepalen mede de eigenheid en identiteit van de streek. Hoewel diverse boerderijen beschermd zijn als rijks- of gemeentelijk monument, zijn er ook

Zoekgebieden ‘verstedelijking afweegpaar’ Interim omgevingsverordening provincie

cultuurhistorisch waardevolle boerderijen die (nog) geen bescherming genieten, maar waarvan behoud wenselijk is. Eén van de mogelijkheden die het bestemmingsplan nu

122

123

al biedt is om via een afwijkingsbevoegdheid de cultuurhistorisch waardevolle boerderij

Voor het gebied waar het dekzand, de Brabantse Wal en de Delta elkaar ontmoeten is

te splitsen in 2 woningen. Het is mogelijk te onderzoeken of het wenselijk is om onder

het Landschapsontwikkelingsplan (LOP) De Zoom van West-Brabant opgesteld. Hierin

voorwaarden meer dan 2 woningen te realiseren, op voorwaarde dat deze ontwikkeling

worden de Brabantse Wal, de beken en vaarten en kreken in het deltalandschap als

planologisch past en geen negatief ruimtelijk effect veroorzaakt.

structuurdragers onderscheiden. Het agrarisch werklandschap manifesteert zich als open

5

hoevelandschap, oude veenontginningen, jonge heideontginningen en het besloten Algemeen aandachtspunt voor agrarische ontwikkelingen in het buitengebied is de groei

(park)landschap rondom Nispen.

in teeltondersteunende voorzieningen in relatie tot de effecten die dit kan hebben op de omgeving. Voor bedrijven bieden teeltondersteunende voorzieningen economische, milieutechnische en arbeidstechnische voordelen. Ze kunnen echter ook negatieve effecten

Ruimtelijke ontwikkelingen moeten het karakter van die deelgebieden

hebben op het landschap (aantasting openheid, zichtlijnen), de natuur en waterhuishouding/

versterken. Hierop is een visie geformuleerd voor een viertal thema’s:

verdroging (minder infiltratie in de ondergrond). We willen de landschaps- en milieubeschermende randvoorwaarden waaronder de teeltondersteunende voorzieningen zijn

Reliëf, natuur en water ontwikkelen tot duurzame dragers van regio, stad en platte-

toegestaan niet versoepelen. Wel willen we meervoudig landgebruik (mits goed land-

land.

schappelijk inpasbaar) mogelijk maken, bijvoorbeeld door zonnepanelen te combineren met teeltondersteunende voorzieningen. De mogelijkheden voor teeltondersteunende

De achteruitgang van de beeldkwaliteit van het agrarisch werklandschap en het

voorzieningen zijn in het bestemmingsplan (en worden in het omgevingsplan) vastgelegd.

verlies van ruimtelijke karakteristiek keren, door een groenblauwe dooradering van het landelijk gebied te realiseren, randvoorwaarden te stellen aan verdere schaalvergroting en nieuwe functies invoegen. De cultuurhistorische structuur verder herkenbaar maken in het landschap . Daarnaast vraagt het LOP extra aandacht voor de cultuurhistorische eigenheid van de landgoederen Visdonk en Wouwse Plantage als onderdeel van de veenontginning geschiedenis van de streek. De verweving van het landelijk gebied en de kernen door groene vingers in de stadsrand, blauwgroene dooradering van stad en platteland, laanstructuren, het doorwerken van het historisch landschap in de stedelijke groenstructuur, de rol van de parken en inpassing van nieuwe elementen in het landschap, zonder dat te versnipperen.

In het buitengebied van Roosendaal zien we ruimte voor verdere ontwikkeling van recreatieve voorzieningen. We willen mogelijkheden blijven bieden voor (beperkte) uitbreiding van bestaande voorzieningen en nieuwe voorzieningen als (mini) campings, kamperen bij de boer en bed & breakfast. De natuur-, cultuurhistorische en landschappelijke waarden bieden hiervoor kansen, maar geven zeker bij intensiever gebruikte recreatieve voorzieningen ook aandachtspunten. In en rond de natuurgebieden dient het behoud en de

Versterken van natuurlijke waarden met mogelijkheden voor recreatie

ontwikkeling van natuurwaarden centraal te staan. Combinatie met recreatie kan, mits

Belangrijke natuurwaarden in het buitengebied zijn te vinden in de Wouwse Plantage,

gereguleerd door o.a. centrale parkeerplaatsen en voorzieningen aan de minder kwets-

als onderdeel van Natura 2000-gebied de Brabantse Wal, het landgoed Visdonk en de

bare randen van de natuurgebieden, routegebonden recreatie op de paden en alleen

beekdalen. We zorgen voor bescherming en versterking van de ecologische en land-

recreatief gebruik tussen zonsopgang en zonsondergang.

schappelijke kwaliteiten van deze natuurgebieden. Zo dragen we bij aan de realisatie en instandhouding van Natuurnetwerk Brabant, bijbehorende ecologische verbindingszones en de Brabantse Wal als Natura 2000-gebied. De beekdalen vervullen ook een belangrijke functie in de waterhuishouding (kwantiteit en kwaliteit) en natuurontwikkeling.

124

125

Landgoed Visdonk blijft behouden in de huidige staat, met ruimte voor recreatie en natuur.

Te veel verdichting kan daarbij ook negatieve effecten hebben, bijvoorbeeld door aan-

Nabij de stad is ruimte voor intensiever recreatief gebruik, rond het Rozenven wordende

tasting van de karakteristieke opbouw van het lint of van de begrenzing van het dorp.

bijzondere natuurwaarden beschermd, en wordt ingezet op behoud en versterking van de

Duidelijke grenzen moeten dan ook niet ‘verrommelen’. Ook willen we het verdwijnen

landschappelijke kwaliteiten (zoals de kamerstructuur, de turfvaart die het gebied door-

van waardevolle doorzichten voorkomen.

5

snijdt, de bossen, heiden en vennen). Op het landgoed plannen we geen nieuwe functies of ontwikkelingen. De twee belangrijkste natuurgebieden Wouwse Plantage en Visdonk zijn al ontsloten via recreatieve/ natuurpoorten. Ook het meest zuidelijke deel van het buitengebied is ontsloten en kent een aantal recreatieve voorzieningen, maar biedt mogelijkheden voor verdere recreatieve ontwikkeling. In het noordelijk deel van het buitengebied liggen met name rondom Heerle een aantal recreatieve voorzieningen, en zien we rond Wouw en verder noordelijk nog kansen voor recreatieve ontwikkeling.

Glastuinbouw In principe is uitbreiding van glastuinbouw in Roosendaal een ongewenste ontwikkeling. De Interim Omgevingsverordening van de provincie maakt onder voorwaarden op sommige locaties uitbreiding van bestaande bedrijven mogelijk. De gemeente Roosendaal respecteert de belangen van de glastuinbouwsector en biedt in principe ook mogelijkheden voor eventuele uitbreiding van bestaande, solitair gelegen glastuinbouwbedrijven. De mate waarin dit wordt bepaald is mede afhankelijk van de omgevingskwaliteiten waarin de locatie is gelegen en waarvoor de uitbreiding wordt gevraagd. Zo wordt uitbreiding in kwetsbare gebieden waar bijv. natuur en landschap prevaleren, niet voorgestaan. Dit leidt ertoe, dat maatwerk en een goede belangenafweging in voorkomende gevallen noodzakelijk is. De gemeente Roosendaal is zeer terughoudend als het gaat om uitbreiding van glastuin-

Buurtschappen

bouwbedrijven met veel woningen in de omgeving. Met name in het gebied De Hoevestein is een aantal jaar geleden tot bij de Raad van State geprocedeerd over de invulling van dit gebied, met als uitkomst dat uitbreiding van glastuinbouwbedrijven hier niet

Voor de stad Roosendaal geldt dat de beleving van het contrast tussen stad en omme-

mogelijk is. Aan die uitspraak blijven we vasthouden.

land zeer wordt gewaardeerd. Buurtschappen direct rondom de stad zoals Vroenhout, Boeiink, Diefhoek, Wouwse Hil en Vijfhoek mogen niet verrommelen of dichtlopen met nieuwe woningen of bedrijven. Consequentie is dat er in deze buurtschappen rondom

Wonen in het buitengebied: linten, landgoederen, buitenplaatsen en andere

Roosendaal géén zones worden aangewezen voor ‘wonen aan de linten’.

kleinschalige woonmilieu’s ‘(‘buitenhoven’) Op het gebied van wonen in het buitengebied en ontwikkelingen in het buiten-

Naast de eventuele verdichting van de linten willen we in het buitengebied mogelijkheden

gebied toetsen we aan het beoordelingskader voor initiatieven in het buitengebied

bieden voor hoogwaardige woonmilieus. We denken daarbij aan het ontwikkelen van

(2009). Onze visie daarbij is dat we hechten aan compact wonen en werken in de

buitenplaatsen en landgoederen zoals opgenomen in het beoordelingskader voor

stad en de dorpen, en aan een overwegend agrarisch buitengebied, dooraderd

initiatieven in het buitengebied (2009). Verder werken we het begrip “buitenhoven” de

met natuur en recreatieve mogelijkheden.

komende jaren nader uit.

Het toevoegen van nieuwe woningen in linten zien we op de volgende manier: 1. ‘opvullen’ van lege plekken; 2. ‘gedoseerd oprekken’/ verlenging van het lint; 3. herbestemmen/vervangen van bestaande (bedrijfs)bebouwing.

126

127

Omgevingswet) een evenwichtige toedeling is van functies plaats vindt. Verder moet

5

bij het realiseren van zo’n initiatief voldaan worden aan hogere regelgeving en kwaliteitsverbetering van het landschap (fysieke verbetering van het landschap). Naast deze landschappelijke kwaliteitsverbetering vinden wij dat het toevoegen van hoogwaardige, nu nog ontbrekende groene woonmilieus nadrukkelijk ook een belangrijke bijdrage moet leveren aan het verbeteren van de omgevingskwaliteit. Het versterken van omgevingskwaliteit impliceert ook dat de inzet (mede) is gericht op algemene belangen en niet alleen een individueel belang betreft. Het kan daarbij bijvoorbeeld gaan om de aanleg van natuur, sloop van leegstaande gebouwen of behoud en versterking van cultuurhistorische waarden. Uiteraard rekening houdend met de specifieke kenmerken, waarden en functies in een gebied. Toepassing van de provinciale regeling vraagt om maatwerk per geval. Daarom is geen concrete regeling uitgewerkt voor de tegenprestatie. De tegenprestatie wordt in breed overleg met betrokken partijen, waaronder de provincie, ingevuld. Een aparte vorm van landgoederen zijn zorglandgoederen. Hiervoor gelden grotendeels dezelfde aandachtspunten als voor niet zorg-landgoederen, maar ook andere randvoorwaarden: zorglandgoederen zijn bij voorkeur goed bereikbaar en hebben bereikbare Wat is een buitenhof?

zorgvoorzieningen of liggen in de nabijheid van zorgvoorzieningen. Een landschapspark

Een buitenhof bestaat uit enkele woningen met elk een eigen buitenruimte/tuin.

bij De Bulkenaar is hiervan een voorbeeld - goed bereikbaar en nabij het nieuwe Bravis-

Daarnaast is er een gezamenlijk groen of groen/blauw deel. De uitstraling van een

ziekenhuis.

buitenhof past bij die van de landelijke omgeving. De woningen in het buitenhof mogen geen nieuwe belemmeringen opleveren voor de bedrijfsvoering van de omliggende bedrijven. Het aanwijzen en inpassen van locaties voor buitenhoven

Betere verbindingen tussen stad en buitengebied

is daarom altijd maatwerk waarbij alle omwonenden en nabije bedrijven of organi-

Betere verbindingen tussen stad en buitengebied zorgen voor betere verwevenheid

saties vroegtijdig worden betrokken. Buitenhoven voegen woonmilieus toe die nu

tussen de stad, de dorpen en het buitengebied. Daarnaast heeft het ook een recreatieve

nog ondervertegenwoordigd zijn. Het kan bijvoorbeeld gaan om woningen in het

meerwaarde. Het wordt eenvoudiger om de stad achter je te laten en recreëren in het

duurdere segment of om thema-gerichte woongemeenschappen.

buitengebied. Daarbij wordt vooral gekeken naar de oostzijde, de zuidzijde, en de zuidwestzijde. Verbindingen naar het westen en het noorden zijn minder aantrekkelijk (noord-

Buitenhoven kunnen een kostendrager zijn voor de transitie van het buitengebied,

kant) of lastiger te bereiken (westen).

een drager van landschappelijke kwaliteitsverbetering, een invulling van vrijkomende agrarische bebouwing en een aanvulling op het aanbod van woonmilieus dat

Aan de oostzijde van Roosendaal bestaan verbindingen van de stad met het buitengebied

Roosendaal en West-Brabant te bieden heeft.

richting (bossen van) Rucphen via o.a. de Rucphensebaan, Langedijksestraat, Laagveldestraat. Aan de zuidzijde van Roosendaal bestaat een verbinding met het landgoed/natuur-

Concept impressie buitenhof

gebied Visdonk-Rozenven, en een fietspad langs de Molenbeek. Aandachtspunt aan de

bronnen: Van der Krabben/Ecovilla Schaijk/Zieglerbranderhorst/Sallandse Erven

zuidzijde van Roosendaal is de oversteekbaarheid van de N262 Antwerpseweg. Aan de zuidwestzijde van Roosendaal ligt de wijk Tolberg direct aangrenzend aan het

In het beoordelingskader voor initiatieven in het buitengebied hebben we al enkele

buitengebied en bestaan kansen om via de beekdalen van de Bieskensloop en Haijinkbeek

gebieden aangewezen waarin we openstaan voor de ontwikkeling van nieuwe landgoe-

het buitengebied verder te ontsluiten voor de stad. De ontwikkeling van een landschaps-

deren. Het gaat om Beekdal Rissebeek / Westflank Roosendaal, Beekdal Smalle Beek, de

park rondom de beoogde nieuwe ziekenhuislocatie bij de Bulkenaar draagt bij aan verbin-

jonge heideontginningen bij Nispen en Oude veenontginningen bij Moerstraten. Twee

ding van stad en (zuidwestelijk) buitengebied.

gebiedsdelen voor mogelijke landgoedontwikkeling binnen de grens van de stedelijke

128

regio zijn tevens aangewezen voor de ontwikkeling van buitenplaatsen: het zuidelijk deel

Aan de westzijde wordt de verbinding tussen stad en buitengebied belemmerd door de

van het dal van de Smalle Beek en het noordelijk deel van het dal van het Rissebeek-

A58/A17. Passage hiervan is lastig en maar op een paar locaties (Heierdreef, Westelijke

complex. Belangrijkste voorwaarde is dat een initiatief planologisch past en er (onder de

Havendijk) mogelijk. Realisatie van nieuwe passages vragen om een forse inspanning.

129

Aan de noordzijde van Roosendaal is de verbinding van de stad met het buitengebied

Het veranderende klimaat vraagt om klimaatadaptatie en klimaatmitigatie:

lastig door de ligging van bedrijventerreinen en infrastructuur tussen stad en buiten-

Klimaatadaptatie houdt in: het aanpassen van de inrichting en gebruik van het landschap

gebied. Verbinding zou vragen om aantrekkelijke routes (bijvoorbeeld ingekleed in groen/

aan veranderende klimaatomstandigheden. Klimaatmitigatie betekent: maatregelen nemen

blauw) over of langs de bedrijventerreinen, waarbij de passage van de infrastructuur een

om te voorkomen dat er meer broeikasgassen worden uitgestoten, zodat de klimaatveran-

aandachtspunt is.

dering wordt vertraagd of beperkt.

5

Ruimte voor energie en klimaatadaptatie Het buitengebied biedt ruimte voor opwekking van duurzame energie. De gemeente heeft hierin al keuzes gemaakt en visie en beleid ontwikkeld (Visie zonne-energie, 2018). Roosendaal wekt extra duurzame energie op door de bestaande drie windturbines (na 2030 bij het einde van de economische levensduur mogelijk te vervangen door nieuwe windmolens met een groter vermogen) en door in totaal 75 ha zonneparken, waarvoor op verschillende plekken in het buitengebied locaties zijn aangewezen (en al gerealiseerd of in ontwikkeling). Zonneparken krijgen een vergunning die maximaal 25 jaar geldig is; na deze periode dient de locatie weer in oorspronkelijke staat te worden opgeleverd. Daarbij streven we naar 50% lokale participatie (= deelname van lokale bedrijven en inwoners) en een goede benutting van de elektriciteits-infrastructuur; voor zonnevelden in de omgeving van de bestaande windturbines benutten we de kabels en leidingen zoveel mogelijk om zowel de zonnevelden als de windturbines aan te koppelen (‘cable pooling’). Een groot deel van het buitengebied is onder voorwaarden geschikt voor deze ontwikkeling. NNB (Natuurnetwerk-Noord-Brabant)-gebieden (Wouwse Plantage, Visdonk-Rozenven, de grotere beekdalen en een aantal losse natuurgebieden) zijn uitgesloten.

Wanneer deze 75 ha ontwikkeld zijn, is er tot 2030 geen verdere ruimte voor grote zonneparken in het buitengebied. Kleine zonneparken (< 2 ha) nabij woonkernen zijn nog wel mogelijk, bijvoorbeeld als bron voor lokale opwek van warmte (via zonthermie) of voor het verduurzamen van bedrijven (waarbij de opgewekte stroom ter plekke weer wordt gebruikt). Een

Artist Impression Roosendaal Natuurstad - Voorstraat, atelier GROENBLAUW

goede landschappelijke inpassing is daarbij vereist. Roosendaal wil niet meer windturbines in het buitengebied. Voor nieuwe locaties voor

Voorbeelden van klimaatadaptatie zijn het vergroten van het waterbergend vermogen,

zonnepanelen hanteert de gemeente de zogenaamde zonnewijzer: bij voorkeur gebouw-

meer ruimte geven aan natuurlijke landschapsvormende processen om de gevolgen van

gebonden, op bestaande daken en gevels van woningen en bedrijven en slechts beperkt in

klimaatverandering te beperken, het (weer) laten meanderen van beken, keuzes voor

de vorm van (kleine) zonneparken in het buitengebied.

grasland, typen bos en teelten in de akkerbouw met verschillende invloed op de waterhuishouding en bodemontwikkeling of het tegengaan van bodemverdichting en daarmee

Voor zon-op-(bedrijfs-)daken en voor duurzame opwek in bebouwd gebied op bedrijven-

verbeteren van de kwaliteit van landbouwbodems en van het watervasthoudend vermogen.

terreinen is ruimte, mits de energie-infrastructuur daar voldoende capaciteit voor biedt. Naast zon-op-dak liggen er mogelijk koppelkansen in het gebied direct ten westen van

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.roosendaal.nl/api/v1/meetings/1363/documents/36188