CConstaterende datRoerdalen
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Gemeenteraad 6 november 2025, gemeente Roerdalen33.745 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Tactisch doel 2: We blijven investeren in de samenwerking met inwoners en ondernemers Een gemeente staat steeds vaker voor complexe opgaven. Zoals het verbeteren van bestaanszekerheid, het vergroten van duurzaamheid en het versterken van sociale samenhang. Deze uitdagingen kan een gemeente niet alleen oplossen. Daarom is het belangrijk dat gemeenten nauwer samenwerken met hun inwoners. Inwoners weten wat er speelt in hun dorp en hebben vaak creatieve ideeën voor verbeteringen. Door inwoners actief te betrekken, ontstaat beleid dat beter aansluit bij de praktijk, meer draagvlak heeft en bijdraagt aan een sterkere gemeenschap.

41

Actie 1: Stimuleren ontwikkeltraject ‘samen doen’ Steeds meer inwoners willen meedenken en meedoen met wat er in hun dorp gebeurt. De nieuwe Wet versterking participatie op decentraal niveau helpt daarbij. Deze wet maakt het makkelijker voor inwoners om invloed te hebben op beleid én om zelf taken over te nemen, zoals het beheer van een park of buurthuis. We zorgen voor duidelijkheid over hoe wij inwoners betrekken bij projecten of beleid. En wat inwoners van ons kunnen verwachten als zij zelf initiatief nemen. Resultaat 2026:  Er is een participatieverordening met Uitdaagrecht.  Er is een Samendoen stappenplan voor zowel inwoners als ambtenaren bij participatietrajecten. Samenwerkingspartners  Servicecentrum MER Reguliere werkzaamheden  Bestuursondersteuning B&W en management  Bestuursondersteuning gemeenteraad/rekenkamer  Burgerzaken  Bestuurlijke samenwerking  Representatie  Bedrijfsvoering (voor toelichting zie paragraaf bedrijfsvoering) Onder representatie vallen ook de verbindende activiteiten zoals de sleuteloverdacht, nieuwjaarsreceptie, lintjesregen, veteranendag en kransleggingen op 4 mei. Dit draagt bij aan bestuurlijke visie om dicht bij onze inwoners te zijn. Wat mag het kosten? Overzicht baten en lasten 7. Bestuur, organisatie en dienstverlening Saldo van baten en lasten Lasten Baten Saldo van baten en lasten

MJR 2027

bedragen x € 1.000 MJR MJR 2028 2029

- 13.360 4.896 - 8.464

- 13.645 3.679 - 9.966

Mutatie reserves Toevoegingen

-

-

-

-

-

-

Onttrekkingen

221

927

360

170

-

-

Mutatie reserves

221

927

360

170

-

-

- 8.243

- 9.039

Resultaat

42

Rekening Begroting Begroting 2024 2025 2026

- 13.413 - 13.378 - 13.377 - 13.369 1.858 2.006 1.899 1.965 - 11.554 - 11.372 - 11.478 - 11.404

- 11.194 - 11.202 - 11.478 - 11.404

Toelichting verschillen tussen begroting 2026 en begroting 2025. De grootste wijzigingen in de begroting 2026 ten opzichte van de begroting 2025 worden veroorzaakt door:  

   

In 2025 zijn er incidentele inkomsten door boekwinst van ruim € 2 mln. die is gemaakt vanwege de grondruil Flinke Ven. Deze boekwinst was incidenteel. We hebben ten opzichte van 2025 rekening gehouden met een toename van de rentekosten van € 296.000 voor langlopende leningen. Deze hogere kosten worden op basis de omslagrente verdeeld over de overige programma’s. In 2025 wordt er rekening gehouden met uitgaven van € 582.000 voor organisatieontwikkeling en het project gezond financieel perspectief die worden gedekt door reserves. De bijdrage aan het servicecentrum MER-BV is in 2026 € 191.000 lager. In 2026 zijn de kosten van de gemeenteraadsverkiezingen begroot, verschil 2026 t.o.v. 2025 € 64.000. Het budget ziektevervanging is in 2025 € 246.000 hoger dan in 2026. Er vindt in 2026 een lagere storting in de voorziening gemeentelijke gebouwen plaats (onderhoud gemeentehuis) o.b.v. het meerjarig onderhoudsplan € 110.000.

43

Programma 8: Algemene middelen Inleiding In dit programma staat de financiële positie van de gemeente Roerdalen centraal. Een solide basis is randvoorwaardelijk voor het realiseren van onze ambities. We streven naar jaarlijks repressief toezicht van de provincie en werken daarom aan versterking van onze ‘basis’: grip op financiën, voldoende ambtelijke capaciteit en effectief risicomanagement. Daarnaast moet er voldoende ruimte zijn om te investeren in de leefbaarheid van onze gemeente. Vanuit dat perspectief draagt dit programma indirect bij aan de verbindende thema’s binnen onze gemeentelijke opgaven. Na eerdere tekorten zijn in Roerdalen in Balans 2.0 en de kadernota 2025 maatregelen genomen om het financiële beeld te verbeteren. Desondanks bleef de druk op de meerjarenbegroting bestaan. In samenwerking met de raadswerkgroep Gezond Financieel Perspectief is er in de voorbereiding van de Kadernota 2026 hard gewerkt om voor 2026 tot een sluitende begroting te komen. Dankzij extra Rijksmiddelen uit de meicirculaire is het beeld een stuk verbeterd. Voor 2026 en 2027 is het beeld nu positief; de jaren 2028 en 2029 kennen nog tekorten. De gemeente beschikt over voldoende middelen om financiële tegenvallers op te vangen en hanteert daarbij een bewuste risicohouding. Ook de schuldpositie is verantwoord.

De lastendruk voor inwoners wordt zo min mogelijk verhoogd, ondanks de financiële onzekerheden waarmee we als gemeente worden geconfronteerd. Waar mogelijk streven we naar kostendekkendheid: de gebruiker betaalt. Net als voorgaande jaren is kritisch gekeken naar de algemene belastingen om de begroting sluitend te houden. Dit heeft geleid tot aanvullende voorstellen om de inkomsten te vergroten. De financiële onderbouwing van dit programma is opgenomen in de paragrafen over weerstandsvermogen, financiering en lokale heffingen. Hoewel dit programma op zichzelf geen sluitende begroting garandeert, biedt het wel het strategische kader voor een toekomstbestendige financiële positie. Wat willen we bereiken en wat gaan we doen?

Strategisch programmadoel: een duurzaam gezonde financiële huishouding van de gemeente Tactisch doel 1: We versterken de financiële basis van de gemeente en vergroten onze toekomstige bewegingsruimte Om de ambities uit het coalitieakkoord en de gemeentelijke opgaven op lange termijn te kunnen realiseren, is een gezonde financiële positie noodzakelijk. Dit tactisch doel richt zich op het versterken van onze financiële basis, zodat we ook in de toekomst voldoende ruimte houden om keuzes te maken, investeringen te doen en maatschappelijke opgaven het hoofd te bieden. Daarbij kijken we niet alleen naar het sluiten van de begroting op korte termijn, maar ook naar het structureel beheersbaar houden van lasten, risico’s en investeringen. Het vergroten van onze

44

toekomstige bewegingsruimte betekent dat we sturen op financiële wendbaarheid: het vermogen om ook bij veranderende omstandigheden effectief te kunnen blijven handelen. Actie 1: Kerntakendialoog en duurzame besluitvormingsstructuur In 2026 voeren we een fundamentele kerntakendialoog uit om inzicht te krijgen in de wettelijke en niet-wettelijke taken van de gemeente. Deze dialoog stelt ons in staat om kritisch te kijken naar onze taken en prioriteiten en hierover het gesprek aan te gaan met de raad en de samenleving. De uitkomsten verwerken we in een prioriteitenlijst die richting geeft aan de kadernota en begroting 2027. Daarnaast leggen we de basis voor de ontwikkeling van structurele keuze-instrumenten, die in 2027 verder worden uitgewerkt en geïmplementeerd om toekomstige afwegingen binnen de beschikbare financiële en personele middelen te ondersteunen. Resultaat 2026:  Er is een prioriteitenlijst met keuzerichtingen die wordt meegenomen in de kadernota en begroting 2027.

Samenwerkingspartners  Belastingsamenwerking gemeenten en waterschap (BsGW)  Servicecentrum MER-Bedrijfsvoering (SC MER BV)  Verschillende deelnemingen Reguliere werkzaamheden  Heffing en inning van belastingen (zie paragraaf lokale heffingen)  Uitvoeren treasury functie (zie paragaaf financiering)  Aandelenbeheer (zie paragraaf verbonden partijen)  Analyse en berekeningen gemeentefonds  Financiële informatieverstrekking en – verantwoording Wat mag het kosten? Overzicht baten en lasten 8. Algemene Middelen

Rekening Begroting Begroting 2024 2025 2026

bedragen x € 1.000 MJR MJR MJR 2027 2028 2029

Saldo van baten en lasten Lasten Baten Saldo van baten en lasten

- 328 49.821 49.493

- 210 53.963 53.753

Mutatie reserves Toevoegingen

- 7.228

- 184

- 40

- 40

- 40

- 40

Onttrekkingen

7.122

90

90

90

90

90

Mutatie reserves

- 107

- 94

50

50

50

50

- 236 - 241 - 248 - 257 54.429 54.893 53.927 54.929 54.193 54.652 53.679 54.672

45

Toelichting verschillen tussen begroting 2026 en begroting 2025. De grootste wijzigingen in begroting 2026 ten opzichte van de begroting 2025 worden veroorzaakt door:

   

In 2025 hebben we incidenteel een hoger dividend € 371.000 ontvangen. De gemeentefondsuitkering stijgt in 2026 met € 399.000. De OZB-opbrengst stijgt met € 105.000, de toeristenbelasting met € 94.000 en vanaf 2026 wordt Forensenbelasting opgelegd € 30.000. In 2025 wordt € 144.000, vanuit de Meicirculaire 2025, gestort in de reserve Omgevingswet in verband met uitvoeringskosten.

Algemene dekkingsmiddelen In de eerste zeven programma’s zijn de specifieke baten per programma opgenomen. Het grootste deel van de baten van de gemeenten kan niet rechtstreeks worden toegerekend aan een inhoudelijk programma. De belangrijkste algemene dekkingsmiddelen zijn de gemeentefondsuitkering, de belastingen en de opbrengsten van obligaties en aandelen. Belastingen Voor een toelichting op de belastingen verwijzen we naar de paragraaf lokalen heffingen. Gemeentefondsuitkering Het gemeentefonds kent drie uitkeringstypen:  Algemene uitkering:  Decentralisatie- en integratie-uitkeringen  Aanvullende uitkeringen De algemene uitkering is de grootste inkomstenbron voor gemeenten en kan vrij besteed worden. De verdeling gebeurt via verschillende maatstaven. De decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn van tijdelijke aard. De reden voor deze uitkeringen kan zijn dat er een andere verdeelsystematiek wordt gevolgd of een andere indexering plaats vindt. Er kunnen door het Rijk beleidsafspraken over gemaakt worden. Voor het deel participatie dat betrekking heeft op de sociale werkvoorziening is een integratieuitkering opgenomen. Aanvullende uitkeringen zijn uitkeringen die gemeenten specifiek krijgen, bijvoorbeeld de artikel 12 uitkering. Deze uitkeringen worden bekostigd uit de gemeentefondsuitkering en worden dus door alle gemeenten gezamenlijk betaald.

De gemeente Roerdalen heeft geen aanvullende uitkeringen. Om te voorkomen dat er in de algemene uitkering te veel schommelingen plaatsvinden heeft het kabinet in de voorjaarsnota besloten de gemeentefondsuitkering te indexeren op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product vanaf 2024. De nieuwe financieringssystematiek houdt in dat de volume- en loon- en prijsontwikkeling van het gemeentefonds vanaf 2024 wordt gebaseerd op een historisch 8-jaarlijks gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp).

46

In onderstaand overzicht is de opbouw van de gemeentefondsuitkering voor de gemeente Roerdalen weergegeven. bedragen x € 1.000 Rekening Begroting Begroting MJR MJR MJR Algemene uitkering 2024 2025 2026 2027 2028 2029 Algemene uitkering (incl. hervormingsagenda jeugdzorg) 40.941 43.540 44.784 45.266 44.335 45.240 Integratie uitkering Sociaal deelfonds 3.123 3.075 2.912 2.803 2.749 2.778 Integratie en decentralisatie-uitkeringen 736 697 404 268 265 263 Subtotaal

44.800

47.312

48.101 48.337 47.349 48.282

Verrekening voorgaande jaren Totaal Algemene uitkering

58 44.858

390 47.702

48.101 48.337 47.349 48.282

De belangrijkste effecten als gevolg van de meicirculaire 2025 zijn:  de vergoeding voor loon- en prijsinflatie;  structurele geld voor de terugval door de nieuwe berekeningssystematiek;  de aanpassingen in de bijdrage voor de jeugdzorg: o de verwerking van het advies van de deskundigencommissie Van Ark ten

aanzien van het budget voor jeugdzorg; het ingroeipad van de maatregelen van de hervormingsagenda Jeugd worden verzacht, de volledige besparing wordt in 2028 gerealiseerd; o de middelen van die waren gereserveerd voor de aanvullende post voor de hervormingsagenda zijn beschikbaar gesteld; o

daarnaast zijn er ook een aantal besparingsmaatregelen die het Rijk heeft voorgenomen verwerkt. Voor een verdere uitleg van effecten de meicirculaire 2025 verwijzen we naar de raadsinformatiebrief van 24 juni 2025. o

Treasury We ontvangen jaarlijks dividenduitkeringen, omdat we aandelen bezitten in onder andere de Bank Nederlandse Gemeenten en Enexis BV. Door de provincie is in hun begrotingsbrief advies gegeven over de raming van het dividend van de BNG en Enexis Holding. Wij hebben het dividend op dit advies geraamd. Naast het dividend op aandelen, valt hier ook de beleggingsopbrengst van de obligaties onder. Door de invoering van het schatkistbankieren, mag de gemeente de vrijgevallen obligaties niet opnieuw beleggen. Dit heeft tot gevolg dat onze rente-inkomsten naar de toekomst afnemen. Voor een nadere toelichting op treasury verwijzen we naar de paragraaf financiering. Onvoorzien Voor de post onvoorzien is deze opgesplitst in € 26.000 voor de organisatie en € 25.000 raadsbudget.

47

48

3. Paragrafen Paragraaf Bedrijfsvoering In deze paragraaf vertellen we hoe onze organisatie zich ontwikkelt. We gaan kort in op Personeel & Organisatie, gegevensveiligheid en (lokale) ICT. De meeste van deze taken voert het Servicecentrum MER uit, daarom beperken we ons hier tot de hoofdlijnen voor verdere details verwijzen wij naar de begroting van het servicecentrum zelf.

Organisatieontwikkeling Iedere dag werken we om een bijdrage te kunnen leveren aan geluk van onze inwoners. Onze organisatiestructuur en organisatieontwikkeling richt zich erop om teams en medewerkers te ondersteunen bij de vragen vanuit de samenleving. Zo kan onze organisatie de beste resultaten blijven bereiken met en voor onze inwoners. We blijven werken om ook onze financiële basis verder te ontwikkelen en te versterken door middel van (tussentijdse) managementrapportages. Dit levert ons meer comfort en (financiële) risico’s zijn beter voorspelbaar. Daardoor zijn we samen met uw raad in staat beter te sturen.

Arbo en duurzaamheid Goede arbeidsomstandigheden zorgen ervoor dat medewerkers gezond, veilig en met plezier hun werk kunnen doen. Denk aan ergonomische werkplekken, duidelijke veiligheidsvoorschriften en aandacht voor mentale vitaliteit. Duurzaamheid sluit hierop aan door te kijken naar de lange termijn: energiezuinige gebouwen, circulair gebruik van materialen en duurzame mobiliteit dragen niet alleen bij aan een beter milieu, maar ook aan een gezonde werkomgeving. Door Arbo en duurzaamheid samen te brengen, investeren we zowel in het welzijn van onze medewerkers als in een toekomstbestendige samenleving. In het kader van de Arbowet hebben wij een nieuwe Risico-Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) opgesteld, inclusief een Plan van Aanpak. Ter ondersteuning hiervan bieden wij alle vaste en tijdelijke medewerkers – in overleg met de bedrijfsarts – de mogelijkheid om vrijblijvend deel te nemen aan een Preventief Medisch Onderzoek (PMO) of Periodiek Arbeidsgezondheidskundig Onderzoek (PAGO). Tijdens het onderzoek brengen wij fysieke en mentale gezondheidsthema’s in kaart om inzicht te krijgen in factoren die het welzijn van onze medewerkers beïnvloeden. Wij gaan in 2026 de elektrificatie van machines, gereedschappen en voertuigen verder uitvoeren en verouderde middelen (waar mogelijk) vervangen door elektrische varianten.

Personeel Toekomstgericht werkgeverschap We werken samen met de andere MER-organisaties aan toekomstgericht werkgeverschap (TGW). Binnen het meerjarig programma TGW versterken we samen onze positie als aantrekkelijke werkgever op de arbeidsmarkt. De volgende ontwikkellijnen zijn in uitvoering:  We bouwen aan een lerende organisatie via de interne MER Academie (leerplatform) creëren we een omgeving waarin medewerkers zich continu kunnen ontwikkelen. Afgelopen september was de livegang van de academie.

49

 

We positioneren ons als werkgever. We werken aan een krachtige en aantrekkelijke profilering van de gemeente Roerdalen. Daarbij zetten we de samenwerking binnen MERverband strategisch in om onze zichtbaarheid op de arbeidsmarkt te vergroten. We versterken onze wervingskracht. We professionaliseren onze arbeidsmarktanalyse, arbeidsmarketing en recruitment. We werken daarbij met een systeem dat we het laatste kwartaal 2025 kiezen. We verbeteren instroom en doorstroom. We zetten actief in op het aantrekken van nieuwe medewerkers én het stimuleren van loopbaanontwikkeling voor huidige medewerkers. Daarmee bereiken we een bredere doelgroep en vergroten we de kans op behoud. We verminderen de kwetsbaarheid. Door het versterken van de mogelijkheden om medewerkers breder in te zetten binnen de MER-samenwerking verminderen we onze kwetsbaarheid. We investeren in vitaliteit en duurzame inzetbaarheid. Het welzijn van onze medewerkers is belangrijk, daar investeren we in. Dit draagt direct bij aan hun arbeidstevredenheid en vergroot de kans dat zij bij ons blijven werken. We verbeteren ons inwerkprogramma.

We verbeteren de kwaliteit van de instroom van nieuwe medewerkers door inwerkprogramma's. Strategische personeelsplanning In 2026 optimaliseren we (in samenwerking met het servicecentrum MER) het instrument voor strategische personeelsplanning. We doen dit om inzicht te krijgen in welke HR-interventies nodig zijn om de personele inzet optimaal af te stemmen op de (bestuurlijke) opgaven. We koppelen personeelsplanning bewust aan organisatieontwikkeling, opleiden en het voeren van (ontwikkel)gesprekken. Deze elementen versterken elkaar en helpen ons om een toekomstbestendige organisatie te realiseren. Formatie De structurele formatie van onze organisatie per 2026 is toegenomen ten opzichte van vorig jaar. De toename is onderbouwd in de kadernota. Aanvullend op de kadernota is er in onderstaand overzicht 0,22 fte extra uitbreiding op functie van jurist leefomgeving opgenomen. Formatie Teams Directie Opgaven manager Team Leefomgeving Team Samenleving Team Dienstverlening Team Openbare Ruimte Griffie Formatie in fte totaal

50

2024

2025

2026

2,00

1,00 1,00 19,11 20,51 29,65 32,37 2,00 105,64

1,00 1,00 20,62 20,40 30,49 33,62 2,17 109,30

19,56 20,10 28,76 32,10 2,00 104,52

Gegevensveiligheid (informatiebeveiliging en privacy) Digitale informatie is onmisbaar in het werk van de gemeente, maar brengt ook risico’s met zich mee, zoals datalekken, systeemstoringen en cybercriminaliteit. Inwoners, ondernemers en partners moeten erop kunnen vertrouwen dat hun gegevens bij onze gemeente veilig zijn. Daarom werkt de gemeente continu aan gegevensveiligheid. We volgen landelijke richtlijnen, brengen risico’s in beeld en nemen maatregelen. Dit is geen eenmalig project, maar een doorlopend proces. Het Servicecentrum MER (SC MER) heeft hierin de regierol. Een kernteam ondersteunt ons met advies, praktische hulpmiddelen en coördinatie, en zorgt samen met andere MER-organisaties voor een gezamenlijke aanpak. In 2025 doen we metingen en analyses; in 2026 volgen verbetermaatregelen. De nieuwe Cyberbeveiligingswet (Cbw), gebaseerd op de Europese NIS2-richtlijn, gaat in 2026 in. Deze wet verplicht overheden om nog strenger te werken aan risicobeheersing, continuïteit en veilige samenwerking. Ons uitvoeringsplan loopt daarom door in 2026. Tot slot is er de jaarlijkse ENSIA-verantwoording. Wij moeten aantonen dat het de beveiliging op orde heeft. SC MER coördineert dit en neemt ons zoveel mogelijk werk uit handen. Informatisering en automatisering De komende jaren staat verdere digitalisering centraal bij onze vier MER-organisaties.

Team Informatisering speelt hierin een sleutelrol en werkt vanuit zes thema’s:      

Digitale dienstverlening – betere onlinediensten voor inwoners. Digitaal samenwerken – eenvoudig samenwerken binnen en buiten de organisaties. Smart technologie & innovatie – veilige inzet van nieuwe technologie om dienstverlening te verbeteren. Data & informatiehuishouding – zorgvuldig beheren en benutten van informatie. Cybersecurity & gegevensveiligheid – bescherming van gegevens en privacy. Techniek & ICT – een stabiele en betrouwbare ICT-basis.

Alle activiteiten zijn erop gericht om onze gemeente te ontzorgen met moderne, veilige en betaalbare ICT-diensten. Doelen voor 2026:  Uniforme bedrijfsvoering: gezamenlijke digitale visie en minder gebruik van papier.  Werkplek van de toekomst: werken in Microsoft 365 met betere samenwerking en veilige opslag van bestanden.  Datagedreven werken: gebruik van een MER-datawarehouse voor betere inzichten en sturing.  Innovatie met AI en Cloud: vernieuwing van applicaties en verplaatsing naar de Cloud.  Veiligheid en wetgeving: voldoen aan strengere Europese en nationale eisen rond privacy en beveiliging (NIS2, AVG, AI-act, Woo).

51

Activiteiten in 2026:  Digitale dienstverlening versterken door projecten die voldoen aan wetten als Woo, Wdo en Wmebv.  Duurzaam digitaal archief: voldoen aan de nieuwe archiefwet en voorbereiden op aansluiting bij een e-depot.  Nieuwe digitale werkplek: laptops en Microsoft 365 als centrale toegang tot alle applicaties.  Datagedreven werken: dashboards en rapportages uit het MER-datawarehouse.  Applicatielandschap moderniseren: meer grip door documentatie, Cloudmigraties en beter leveranciersmanagement.  AI-servicedesk: doorontwikkeling van een virtuele assistent als de pilot succesvol blijkt.  Cybersecurity aanscherpen: strengere toepassing van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) en naleving van nieuwe wetgeving. Financiën Met de livegang van het nieuwe financieel pakket is gericht ingezet op het versterken en implementeren van de doelstelling van SC MER: processen te uniformeren en te optimaliseren. In 2026 gaan we samen met Maasgouw, Echt-Susteren en het SC MER met de digitalisering van de planning en control-cyclus. Rechtmatigheid De inwerkingtreding van de rechtmatigheidsverantwoording (RMV) houdt in dat we bij de jaarstukken verantwoording afleggen over de naleving van relevante financiële regels. De RMV omvat drie criteria:  Voorwaardencriterium: naleving van wet- en regelgeving bij financiële beheershandelingen.

 Begrotingscriterium: lasten binnen de geautoriseerde begroting.  M&O-criterium: waarborgen tegen misbruik van subsidies en heffingen. De verantwoordingsgrens is vanaf 2025 wettelijk vastgesteld op 2% van de lasten. Het doel is om de rechtmatigheidsverantwoording (aan de voorkant) te verankeren binnen de operationele processen van de organisatie. Daarnaast zal gedurende 2026 opvolging worden gegeven aan de bevindingen die bij de jaarrekening 2025. Frauderisico Ondanks onze inspanningen om fraude te voorkomen, blijft er altijd een kans op oneigenlijk handelen, vooral door de menselijke factor. Het is daarom belangrijk dat onze medewerkers zich bewust zijn van de frauderisico's. Een (fraude)risico is de combinatie tussen de mogelijkheid dat een voorval of schade zich voordoet en de ernst van die schade (fraude). Frauderisico's worden regelmatig besproken in werkoverleggen, wat helpt bij het identificeren en inschatten hiervan. Hierdoor kunnen maatregelen worden genomen om het restrisico tot een aanvaardbaar niveau te verlagen. Daarnaast treffen we beheersmaatregelen zoals functiescheiding, mandaatregeling, procedures, het 4-ogen-principe, ICT-beveiliging en interne controles om frauderisico’s te beperken.

52

Beleidsindicatoren bedrijfsvoering en overzicht kosten overhead In onderstaande tabel zijn de vijf verplichte indicatoren op het gebied van bedrijfsvoering weergegeven. Ter vergelijking zijn de cijfers van vorig jaar meegenomen. Daarnaast is het overzicht opgenomen van overhead kosten. Indicator

Toelichting

2025

2026

Formatie

De formatie in fte's per 1.000 inwoners

5,08

5,64

Bezetting

De bezetting in fte's per 1.000 inwoners

4,77

5,24

Apparaatskosten

De apparaatskosten per inwoner

€ 766

€ 826

Externe inhuur

Kosten externe inhuur als % van de totale loonsom + kosten inhuur externen

7,8%

5%

Overheadkosten

De kosten voor de overhead als % van de totale lasten

14,0%

13,4%

Toelichting Zoals reeds eerder in deze paragraaf benoemd stijgt de formatie tot 109,3 fte. Daarnaast is er incidenteel 8 fte toegevoegd in 2026. Een en ander leidt tot hogere apparaatskosten en een wijziging van bovenstaande indicatoren. bedragen x € 1.000 Begroting 2025

Begroting 2026

Personeel en organisatie

3.919

3.977

Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering MER

224 3.264

297 3.132

ICT kosten Facilitaire diensten

382 544

432 470

Huisvestingskosten gemeentehuis en werf Bedrijfsmiddelen openbare werken

618 563

765 735

137 9.651

126 9.935

Taakveld Overhead Overhead organisatiekosten

Communicatie Totaal overheadkosten

53

Paragraaf Wet open overheid Inleiding In de paragraaf Wet open overheid zetten wij in de begroting de beleidsvoornemens uit over de uitvoering van de Wet open overheid (Woo). Een bestuursorgaan moet jaarlijks in de begroting aandacht besteden aan de beleidsvoornemens over de uitvoering van de Wet open overheid (Woo) en in de jaarlijkse verantwoording verslag doen van de uitvoering van de Woo in relatie tot die beleidsvoornemens. Deze bepaling is bedoeld om de naleving van de Woo, waaronder de bepalingen over de actieve openbaarmaking, te stimuleren. De Woo heeft vier belangrijke pijlers: 1. Het uit eigen beweging openbaar maken van 11 informatiecategorieën (actieve openbaarmaking). 2. Een inspanningsverplichting om ook overige informatiecategorieën openbaar te maken. 3. Het beantwoorden van Woo-verzoeken (de passieve openbaarmaking). 4. De informatiehuishouding duurzaam toegankelijk op orde brengen. Voor het vertrouwen van de burgers en bedrijven is het belangrijk om als overheid betrouwbaar en transparant te zijn over besluitvorming, en dat de onderliggende afwegingen voor iedereen inzichtelijk en begrijpelijk zijn. Openheid over besluitvorming en het beschikbaar stellen van data maakt het voor de inwoners van de gemeente mogelijk om mee te doen, mee te beslissen en mee te praten en daarmee het draagvlak in de samenleving te vergroten.

Informatiehuishouding op orde Wij zijn aan de slag om onze informatiehuishouding te verbeteren om te kunnen voldoen aan de eisen van de Wet open overheid. We werken er aan om de informatiehuishouding op orde te krijgen teneinde sneller de informatie te kunnen vinden. Daardoor voldoen wij beter aan de wettelijke termijnen die de Woo bij afhandeling van Woo-verzoeken en kunnen medewerkers (en inwoners en partners) sneller en efficiënter werken. Om de informatiehuishouding op orde te krijgen, is het noodzakelijk om te investeren in de bewustwording van de medewerker. Ook willen wij werkprocessen beter en slimmer inrichten. Van belang is om te zorgen dat informatie op slechts één plek wordt bewaard en dat iedereen zich ervan bewust is wat handelen vanuit openbaarheid en transparantie met zich meebrengt bij het omgaan met informatie. Wij zorgen voor bewustwording binnen de organisatie over wat openbaar en transparant handelen betekent. Het kabinet heeft financiële middelen, voor de periode 2022 tot en met 2026, vrijgemaakt om gemeenten bij de implementatie en uitvoering van de Woo te ondersteunen. De financiële middelen bestaan uit zowel incidentele als structurele middelen. De incidentele middelen zijn bestemd voor het verbeteren van systemen, het opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie.

De structurele middelen zijn bedoeld voor actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën zoals genoemd in de Woo, het aanwijzen van een contactfunctionaris en het beheer en onderhoud van systemen.

54

Werkzaamheden 2026 Enkele jaren geleden is gestart met een MER-brede projectgroep die de implementatie van de Woo ter hand heeft genomen. Deze projectgroep heeft 16 deelprojecten geïnventariseerd en hier een planning op hoofdlijnen aan gekoppeld. Op deze manier wordt gestructureerd en gezamenlijk gewerkt aan het inbedden van de Wet Open Overheid in onze gemeente en de overige MERorganisaties. Deze gezamenlijke aanpak zorgt er voor dat de onderdelen die door de vier MERorganisaties afzonderlijk opgepakt moeten worden, uniform voorbereid en aangepakt worden. Vanuit het MER-brede project wordt de algemene voortgang van het project bewaakt, worden de landelijke ontwikkelingen gevolgd en wordt er voor gezorgd dat nieuwe (landelijke) besluiten worden opgenomen in het (daardoor dynamische) plan van aanpak. In 2026 zal in teken staan van de zogenoemde fase 2 van de implementatie van de Woo onder begeleiding van de projectgroep. Het gaat om de volgende acties:  Inrichting Woo -platform en samenstelling Woo -index  Pilot met het werken met een WOO-contactfunctionaris voor de 4 organisaties  Juridische inbedding met daarbij behorende werkafspraken  Adoptie door en training van medewerkers  Periodieke monitoring en verantwoording omtrent de voortgang door de projectgroep

55

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Het grondgebied van de gemeente Roerdalen beslaat een oppervlakte van ongeveer 88,5 km². Hier wordt gewoond, gewerkt en gerecreëerd. De gemeente heeft daarbij de directe zorg voor de noodzakelijke infrastructuur zoals wegen, riolering, bruggen, groen, openbare verlichting, sport- en spelfaciliteiten en een aantal gebouwen. Een groot deel van het vermogen van de gemeente bestaat uit deze kapitaalgoederen. Deze bevinden zich meestal op, maar ook onder de grond. Op deze kapitaalgoederen wordt over meerdere jaren afgeschreven. De levensduur wordt gemaximaliseerd door planmatig en adequaat onderhoud aan de kapitaalgoederen te plegen. De kapitaalgoederen bepalen grotendeels de kwaliteit van de openbare ruimte. In deze paragraaf worden de kaders gesteld voor het onderhoud van de infrastructuur. De huidige kwaliteitsniveaus zijn vastgelegd in de betreffende beleidsdocumenten. We continueren de gekozen kwaliteitsniveaus. De benodigde budgetten moeten aansluiten bij de gekozen ambitie in de kadernota. We benaderen zaken zoveel mogelijk integraal. Budgettair worden werkzaamheden gedekt uit afzonderlijke budgetten en volgend aan beleid per specialisme. Op het gebied van wegen en riolering actualiseren we de beleidsdocumenten in 2026, zie hiervoor ook programma 6.

Duurzaamheid en klimaatadaptatie worden steeds verder ingebed in ons beleid, werkzaamheden en projecten. Hier ligt een link met programma 4 (Economie, Natuur, Toerisme, Cultuur en Duurzaamheid). In het investeringsschema zien we voor de jaren 2026 en 2027 een behoorlijke verwachte uitgave. Dit betreft met name een beperkt aantal grote integrale projecten. Ook na 2026 houden we rekening met grote reconstructies, zoals de omgeving Rector van de Boornlaan in Posterholt, die financieel behoorlijke impact hebben. Deze zitten nu nog niet in de vastgestelde beleidsplannen wegen en riolering, maar hebben we nu wel in het investeringsschema opgenomen. Vanaf 2027 volgen we geactualiseerd beleid op het gebied van wegen en riolering, waarover we in 2026 nieuwe uitgangspunten en keuzes aan uw raad voorleggen. Zoals het er nu uitziet verwachten we een stijging in de kosten. Dit heeft te maken met het voldoen aan geldende wet- en regelgeving en de prijsontwikkelingen in de markt. Riolering en water Het GRP 2022 - 2026 en het Waterketenplan zijn het kader op het gebied van riolering en water. Hierin komt de regionale samenwerking tot uitdrukking. Ook het inspelen op het veranderende klimaat is hierin beperkt opgenomen. We nemen het afkoppelen van hemelwater waar mogelijk mee in de projecten en zoeken de verbindingen met groen zodat we de groen/blauwe structuren zoveel mogelijk versterken.

Dit heeft een gunstig effect op de waterhuishouding en leefomgeving. We proberen hier ook combinaties met andere werkzaamheden in de omgeving te zoeken. Gelet op de veranderende omstandigheden zoals hierboven al aangegeven zijn de kosten voor investeringen in 2026 in het kader van riolering nu hoger dan in het huidige GRP is opgenomen. Daarnaast rekenen we vanuit Roerdalen in Balans een groter deel toe aan riolering. In 2026 starten we met het opstellen van een nieuw GRP waarbij we deze veranderende omstandigheden opnemen in het plan. De kosten voor de middellange en lange termijn brengen we dan opnieuw in beeld.

56

Voor het onderhoud aan en vervanging van rioleringen zijn de volgende bedragen beschikbaar.

Onderhoud rioleringen Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen

Begroting 2026 257 4.414

MJR 2027 257 3.080

bedragen x € 1.000 MJR MJR 2028 2029 257 257 2.950 2.788

Wegen De onderhoudsplicht van de wegen valt onder de Wegenwet. Als wegbeheerder is de gemeente verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de wegen. De gemeente vindt het belangrijk om het onderhoudspeil van de wegen op een kwalitatief voldoende niveau te brengen en te houden. Conform het wegenbeleidsplan onderhouden we de verharde wegen binnen de kernen op niveau basis (cf. CROW normen) en de wegen in het buitengebied op niveau laag, met uitzondering van de recreatieve routes en verbindingswegen. CROW staat voor Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. De kaders hiervoor zijn actueel en in 2026 actualiseren we het wegenbeheerplan. Hierover leest u meer in programma 6, inclusief het meerjarenprogramma van projecten in de openbare ruimte. Daarnaast worden asfaltwegen, elementenverhardingen en andere onderdelen in de openbare ruimte regulier onderhouden. We hebben hierbij het volgende ambitieniveau vastgesteld:

57

Voor het onderhouden en vervangen van verhardingen zijn budgetten beschikbaar. Uit het wegenbeheerplan volgen de gemiddelde budgetten benodigd om het onderhoudsniveau te bereiken en op niveau te houden. Daarbij hebben we geen achterstallig onderhoud. Vervolgens verwerken we de investeringsbedragen per jaar op basis van de planning van de werkzaamheden. Zie hiervoor het investeringsschema voor 2026.

Onderhoud wegen Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen

Begroting 2026 1.233 5.386

MJR 2027 1.233 4.425

bedragen x € 1.000 MJR MJR 2028 2029 1.233 1.233 3.664 3.724

Kabels en leidingen Enexis heeft aangekondigd het elektriciteitsnet in Vlodrop te gaan verzwaren. Eind 2025 zijn ze hiermee gestart, dit loopt door tot begin 2027. Dit doen ze om bij te dragen aan de verduurzamingsontwikkeling, zoals zonnepanelen. De netwerken zijn overbelast. Daarmee is Vlodrop een van de eerste dorpen in Limburg waar dit gaat gebeuren. Dit heeft een grote impact op de openbare ruimte, waarbij een groot deel van de trottoirs meerdere keren worden opengebroken. Openbare verlichting Goede openbare verlichting draagt bij aan de sociale veiligheid, de verkeersveiligheid en de leefbaarheid. Het Beleidsplan Openbare Verlichting is het kader voor de uitvoering. Dimbare LED-verlichting wordt toegepast. We vervangen in principe armaturen na 20 jaar, waarmee we kapitaalvernietiging voorkomen. Het tempo van armatuurvervanging bepaalt ook het tempo waarmee op energieverbruik wordt bespaard. Op een beperkt aantal armaturen na zijn alle conventionele armaturen uiterlijk in 2031 vervangen. Meer dan 60% van de openbare verlichting binnen de gemeente is nu voorzien van ledverlichting. Omdat bepaalde soorten lampen niet meer toegepast mogen worden, vervangen we die eerder. Op dit moment wachten we technische ontwikkelingen af en verwachten we nog geen structurele kostenverhogende effecten door deze vervanging.

De lichtmasten (palen) toetsen we op veiligheid en vervangen we pas als het echt nodig is. We hebben geen achterstallig onderhoud. Voor het onderhoud aan en de vervanging van de openbare verlichting zijn de volgende bedragen beschikbaar: Onderhoud openbare verlichting Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen

Begroting 2026 150 108

MJR 2027 150 108

bedragen x € 1.000 MJR MJR 2028 2029 150 150 108 108

Openbaar groen De gemeente Roerdalen beschikt over een aanzienlijke hoeveelheid openbaar groen, waaronder circa 100 hectare aan plantsoenen en gazons en ongeveer 21.000 bomen. Dit groen draagt in belangrijke mate bij aan het visuele karakter en de aantrekkelijkheid van de gemeente als woon- en recreatiegebied. Daarom is het voor de gemeente essentieel om deze groene landschappelijke uitstraling te behouden.

58

De gemeente handhaaft de eerder vastgestelde onderhoudsniveaus en heeft geen achterstallig onderhoud. Hoewel het reguliere onderhoud goed geborgd is, is er beperkte financiële ruimte voor nieuwe ontwikkelingen op het gebied van groenbeheer. Er bestaat een verband tussen deze doelen en programma 6, dat ook betrekking heeft op aspecten van ruimtelijke ordening of duurzaamheid. De focus ligt op het behouden van de kwaliteit en uitstraling van het groen, zonder concessies te doen aan de onderhoudsniveaus die eerder zijn vastgesteld. Vanaf 2026 wordt het groenareaal aangepakt op basis van het vastgestelde groenstructuurplan. Dit plan hebben we gebaseerd op 4 pijlers die ook uit de koers Duurzaamheid volgen:  Versterken van de biodiversiteit  Vergroten van de klimaat adaptieve capaciteit van de openbare ruimte  Creëren van verkoeling in met name het bebouwde gebied  Vergroening van de leefomgeving Bedragen die beschikbaar zijn voor het onderhoud openbaar groen: Onderhoud openbaar groen Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen

Begroting 2026 1.612 30

MJR 2027 1.607 30

bedragen x € 1.000 MJR MJR 2028 2029 1.605 1.604 -

Civiele kunstwerken Civieltechnische kunstwerken zijn onder andere bruggen, tunnels, viaducten. Het doel van het beleid voor het onderhoud van civieltechnische kunstwerken is om deze naast schoon en veilig ook functioneel te houden. De uitgangspunten voor het beheer zijn vastgelegd in het uitvoeringsprogramma. Het uitvoeringsprogramma geeft op korte en middellange termijn aan welke onderhouds- en vervangingsmaatregelen nodig zijn om het areaal in stand te houden. Op basis van dit uitvoeringsprogramma worden de nodige kleine en grote onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd. Deze werkzaamheden zijn gebaseerd op levensduurverlenging. Vervanging van een kunstwerk vindt uitsluitend plaats wanneer wij niet meer kunnen volstaan met groot onderhoud. Tevens ligt de focus op het periodiek inspecteren van alle civiele kunstwerken. Periodiek brengen we de kwaliteit in beeld en maken we een uitvoeringsprogramma om de veiligheid te waarborgen. Bedragen die beschikbaar zijn voor het onderhoud van de civiele kunstwerken:

Onderhoud civiele kunstwerken Regulier onderhoud (Vervangings-)investeringen

Begroting 2026 103 -

MJR 2027 103 -

bedragen x € 1.000 MJR MJR 2028 2029 103 103 -

59

Gebouwen Relatie met de programma’s De hoofddoelstelling in het programma Krachtige Dorpen is om dorpskernen met veel sociale samenhang en passende basisvoorzieningen te realiseren en/of te behouden. Hierin ligt een directie relatie met de begrotingsprogramma’s 1 en 6. We onderscheiden 3 categorieën:  Accommodatiebeleid: De afgelopen jaren zijn hierover vele besluiten genomen en uitgevoerd. Uw raad heeft middels een RIB kennis genomen van de resultaten van die besluiten. Accommodatiebeleid is klaar en daaruit volgen besluiten voor het verdere onderhoud en verduurzamen van onze accommodaties.  Overig vastgoed: Voor de buitenbaden geldt dat voor het Sweeltje de raad het besluit heeft genomen het beheer en exploitatie over te hevelen naar de Stichting 't Sweeltje. Voor het Ploensjbad lag er een opgave vanuit de raad waarvan de uitkomst op dit moment nog niet bekend is. We blijven, in beide gevallen, eigenaar van grond en opstallen, waarmee wij verantwoordelijkheid blijven houden voor (een deel van) de wet- en regelgeving. Onderhoud Voor al het gemeentelijke vastgoed zijn er meerjarige onderhoudsplannen (MJOP’s) en opgenomen in de meerjarenbegroting. Bij enkele zijn verbouwingen uitgevoerd die leiden tot aanpassing van de onderhoudsplannen voor deze locaties. Mogelijk heeft dat gevolgen voor de hoogte van de onderhoudsbudgetten.

In dat geval zal de raad hiervoor een voorstel ontvangen. We voeren zoveel als mogelijk uitgesteld onderhoud uit rekening houdende met het nieuwe accommodatiebeleid en binnen de beschikbare budgetten. We hebben hier rekening te houden met de uitdagingen in de markt, o.a. bij aannemers. Voor onze molens (prins Bernhardmolen en Beltkorenmolen) zijn investeringen nodig om langdurig en consistent te kunnen blijven functioneren, en te voldoen aan wet- en regelgeving. Daarnaast is het van belang te voldoen aan de richtlijnen en voorwaarden van de Monumentenwacht Limburg om subsidie veilig te stellen. Energie De afgelopen tijd hebben we gezien dat energietarieven sterk zijn gestegen. Dit fluctueert inmiddels behoorlijk. Zowel gemeente als verenigingen heeft hierbij de nodige financiële uitdagingen, waarbij het moeilijk is een realistische inschatting te maken. Bij verenigingen en stichtingen speelt ook dat zij zelfstandig overeenkomsten rondom energie hebben afgesloten, en toch in de financiële problemen kunnen komen. Hier hebben we een balans te bewaken tussen eigen verantwoordelijkheid, ondersteuning bieden waar dit echt nodig is en de uitdagingen die we als gemeente zelf hebben op dit terrein. Door te investeren naar verduurzaming liggen hier mogelijk kansen. Onderwijshuisvesting We zetten stappen in nieuwe huisvesting voor de scholen.

De school in Vlodrop is in gebruik vanaf schooljaar 2025-2026. In Posterholt zal naar verwachting de nieuwe school per schooljaar 2026-2027 in gebruik worden genomen. Voor de basisschool Montfort zijn de voorbereidingen gestart om te komen vernieuwbouw of nieuwbouw. Wij houden u rib’s op de hoogte. Bedragen die beschikbaar zijn voor het onderhoud van onze gebouwen: Onderhoud gebouwen Regulier onderhoud Planmatig onderhoud

60

Begroting 2026 25 1.032

MJR 2027 25 931

bedragen x € 1.000 MJR MJR 2028 2029 25 25 1.420 1.047

Paragraaf Gemeentelijk grondbeleid Beleidskaders De gestelde kaders en ruimtelijke doelen zijn vastgelegd in onze op 3 november 2022 door de raad vastgestelde Kadernota grondbeleid 2022-2026. Deze nota sluit aan op de doelen en ambities uit de Omgevingsvisie Roerdalen 2050. De Kadernota grondbeleid geeft duidelijkheid over het grondbeleid dat we de komende jaren voert. Het grondbeleid is een instrument om gemeentelijke doelen te behalen. Belangrijk is de integrale afweging voor het kiezen van de juiste grondbeleidsvorm. In deze nota worden de kaders van het grondbeleid beschreven waarbinnen we werken. In het grondbeleid worden geen nieuwe doelen bepaald. Het grondbeleid is ondersteunend aan de doelen en ambities die zijn geformuleerd in afzonderlijke beleidsdocumenten, waaronder de Omgevingsvisie Roerdalen 2050 als belangrijkste ruimtelijke beleidskader. We hanteren momenteel een situationeel grondbeleid. Dat wil zeggen dat we per project of locatie haar rol kiest en de keuze maakt voor een passief en actief grondbeleid. Deze rol wordt bepaald aan de hand van een afwegingskader. Bij bepaling van de keuze voor een bepaalde rol staat één vraag centraal: in hoeverre sluit de ontwikkeling aan bij de gemeentelijke beleidsdoelen? Afhankelijk hiervan kiezen we een actieve, actief-faciliterende of faciliterende rol.

Door op deze manier per project of individuele zaak de koers te bepalen kunnen we veel flexibeler omgaan met onze grondposities. Financieel Het door de raad in 2021 beschikbaar gestelde budget ‘Investeren om te Renderen’ is de afgelopen jaren (deels) ingezet voor de aankoop van gronden. De vooraf opgestelde doelstellingen rondom de aankoop van gronden zijn gehaald. Door de huidige ontwikkelingen op het gebied van woningbouw en het hiervoor opgestelde Actieplan Versnellen Woningbouw heeft onze raad een nieuw budget beschikbaar gesteld voor de strategische aankoop van gronden. Dit om bijvoorbeeld onze grondpositie in een bepaald gebied te vergroten. Het budget ‘Investeren om te Renderen’ komt mede hierom na 2026 te vervallen. Bouwgrondexploitatie De structurele inkomsten uit beleggingen lopen terug, we zoeken naar alternatieve inkomsten. Daarom zijn er een aantal bouwgrondexploitaties geopend en in ontwikkeling. Hieronder is de status van de openstaande grondexploitaties beschreven:  Holsterveld Vlodrop – Woningen van de projectontwikkelaar en Fijn Wonen zijn in 2025 opgeleverd. De gemeente heeft nog één vrije kavel te koop staan. Woonrijp maken van het gebied wordt in 2026 afgerond.  De woningen in het Centrumplan Herkenbosch zijn in 2025 opgeleverd, het woonrijp maken van de buitenomgeving wordt in 2026 afgerond.

 De woonwagenlocaties Herkenbosch en Montfort – In programma 5 staat dit verder uitgewerkt. Daarnaast zijn er voor een vijftal projecten (Wienkeskoel in Melick, 't Sittert in Sint Odiliënberg, de voormalige schoollocaties in Posterholt en Vlodrop en het gebied aan de Willem Alexanderlaan in Posterholt) voorbereidingskredieten beschikbaar gesteld. De mogelijkheid bestaat dat er voor deze projecten in 2026 een nieuwe grondexploitatie wordt geopend. De stijgende kosten in de woningbouwmarkt hebben een vertragende werking op de daadwerkelijke uitvoering van de woningbouw. Dit heeft directe gevolgen voor onze lopende grondexploitaties.

61

bedragen x € 1.000 Verwachte resultaten bouwgronden in exploitatie Herontwikkeling centrum - Herkenbosch Holsterveld Woonwagenlocatie Herkenbosch Woonwagenlocatie Montfort Totaal

Boekwaarde 31-12-2024

Nog te besteden bedragen

Nog te verwachten opbrengsten

679

354

320

-736 67

844 642

356 75

140 150

233 2.073

45 796

Verwacht resultaat - 713 344 x - 634 - 328 - 1.331

* Het verwachte resultaat is inclusief tussentijdse winst, deze is op de boekwaarde al in mindering gebracht.

De grondexploitaties zijn recentelijk geactualiseerd. Onderstaand worden de verwachte resultaten kort toegelicht. Centrumplan Herkenbosch Voor de uitvoering van het plan zijn totale uitgaven geraamd voor een bedrag van € 2.903.000. De geraamde opbrengsten uit grondverkoop bedragen € 1.088.000. De provincie Limburg heeft een subsidie toegekend voor een bedrag van maximaal € 600.000. Daarnaast is uit de algemene reserve een bedrag van € 502.000 onttrokken ter afdekking van de onrendabele top van dit project. Dit alles leidt tot een verwacht negatief resultaat van € 713.000. Het verwachte negatieve resultaat is afgedekt middels een voorziening op basis van de verslaggevingsvoorschriften, zoals ook bij de jaarrekening is aangegeven. Holsterveld De verwachte uitgaven bedragen in totaal € 1.306.000. De opbrengsten uit grondverkoop zijn becijferd op een bedrag van € 1.650.000. Het verwachte positieve resultaat van dit project bedraagt derhalve € 344.000. Tot en met de jaarrekening 2024 is tussentijds een winst van € 95.000 verantwoord. De resterende winst bedraagt € 249.000. Bij het opmaken van de jaarrekening 2025 zal op grond van de verslaggevingsvoorschriften worden beoordeeld welke bedrag aan tussentijdse winstneming verantwoord dient te worden. Woonwagenlocatie Herkenbosch In de grondexploitatie worden uitgaven verwacht van € 709.000.

De grondopbrengsten in verband met uitgifte van de kavels zijn beperkt en bedragen naar verwachting € 75.000. Het verwachte resultaat van negatief € 634.000 is afgedekt middels een voorziening. Woonwagenlocatie Montfort De geraamde uitgaven bedragen in totaal € 373.000. De grondopbrengsten in verband met uitgifte van de kavels zijn beperkt en bedragen naar verwachting € 45.000. Het verwachte resultaat van negatief € 328.000 is afgedekt middels een voorziening. Reserve bouwgrondexploitatie De reserve bouwgrondexploitatie is het weerstandsvermogen voor de bouwgrondexploitaties. Het doel van deze reserve is om toekomstige risico’s als gevolg van onvoorziene ontwikkelingen of een stagnerende economie op te vangen. De reserve wordt onder meer gevoed uit (tussentijdse) winstnemingen vanuit de grondexploitaties. Zoals vermeld in de jaarrekening 2024 heeft de reserve eind 2024 een omvang van € 1.194.000. De verwachting is dat de huidige omvang van de reserve toereikend is voor het opvangen van risico’s binnen de lopende grondexploitaties. Gelet op de versnellingsopgave woningbouw zullen de risico’s opnieuw in beeld worden gebracht en wordt nagegaan in hoeverre de reserve bouwgrondexploitatie toereikend is voor het afdekken van de risico’s.

62

Actieplan versnellen woningbouw Het actieplan versnellen woningbouw is uitgebreid toegelicht in Programma 5 van deze begroting. De verwachting is dat deze opgave uiteindelijk zal uitmonden in diverse grondexploitaties. De kosten die hiermee gemoeid zijn worden zoveel als mogelijk verwerkt in de gemeentelijke grondexploitaties óf worden verhaald op initiatiefnemers (bij de projecten waar de gemeente een faciliterende rol heeft). De kosten die niet kunnen worden verhaald zullen uiteindelijk ten laste van de exploitatie komen. Bedrijfskavel De gemeente Roerdalen heeft nog 1 bouwkavel met een bedrijfsbestemming te koop. Het betreft hier de laatste kavel binnen het Landbouw Ontwikkelingsgebied (LOG) te Montfort. In 2024 is de kavel via een publicatie opnieuw aangeboden. Hier heeft toentertijd één partij op gereageerd. Met deze partij is een zogenaamde optieovereenkomst gesloten. Dat wil zeggen dat er door de betreffende firma tot en met eind 2025 een optie is genomen op de kavel. Hiervoor betalen ze een vergoeding. Lichten ze de optie uiterlijk eind 2025 dan gaat het vooruitbetaalde bedrag af van de koopsom. Besluit men uiteindelijk om de kavel niet aan te kopen dan vloeit het vooruitbetaalde bedrag naar de gemeente Roerdalen en zal de kavel begin 2026 opnieuw in de verkoop gaan. Landbouwgronden We hebben in 2025 ongeveer 430 hectare landbouwgrond in eigendom.

Dit is een lichte afname ten opzichte van voorgaande jaren. Reden van deze daling is grotendeels de effectuering van gemaakte afspraken met (voormalige) pachters in het Flinke Ven, voortkomend uit de grondruil die wij in 2024 aldaar met de Provincie Limburg hebben gesloten. Het gros van onze gronden verpachten wij middels reguliere (langjarige) contracten. Ongeveer 70 hectare van ons eigendom zijn landbouwpercelen welke we voor periodes van 1,3 of 6 jaar verpachten. Natuur De gemeente heeft ongeveer 470 hectare aan bos- en natuurgebieden in eigendom. Deze liggen grotendeels in het Nationaal Park de Meinweg en in het Roerdal. We beheren de gronden op een duurzame wijze volgens de beheervisie voor de gemeentelijke bossen, natuurterreinen en landschapselementen. Hierbij houden we rekening met de natuurdoelen die gesteld worden vanuit de Natura 2000 beheerplannen. We voeren de werkzaamheden uit op basis van jaarlijkse werkplannen conform de richtlijnen van Forest Stewardship Council (FSC). Water Binnen projecten zorgt water en de wateropgave, die we als gemeente hebben, regelmatig voor uitdagingen. Er is niet altijd voldoende ruimte voor water aanwezig wat bijvoorbeeld kan leiden tot wateroverlast. Per project kijken we naar de lokale situatie en spelen daar zoveel als mogelijk op in.

Dit kan uiteindelijk leiden tot de aankoop van gronden die we inzetten om water te kunnen bergen of te laten infiltreren in de ondergrond.

63

Paragraaf Lokale heffingen Elke gemeente in Nederland kan zelfstandig belastingen en heffingen opleggen voor algemene en specifieke taken. De hoogte van lokale heffingen hangt af van de ambities van het bestuur. Deze paragraaf biedt overzicht van de geraamde inkomsten uit gemeentelijke heffingen, de tariefontwikkelingen, woonlastendruk, kostendekkendheid van tarieven en kwijtschelding. Soorten heffingen In de Gemeentewet en in enkele bijzondere wetten is geregeld welke lokale heffingen de gemeente aan de inwoners en bedrijven mag opleggen. Deze zijn te verdelen in:  belastingen waarvan de opbrengst vrij besteedbaar is en;  belastingen om kosten mee te verhalen: de bestemmingsheffingen en rechten. De opbrengst is niet vrij besteedbaar maar is gerelateerd aan een gemeentelijke zorgplicht of aan specifieke dienstverlening. De tarieven van alle heffingen voor 2026 worden vastgesteld in de raad van 6 november 2025 aansluitend aan de behandeling van de programmabegroting 2026. We geven hieronder aan welke heffingen wij als gemeente opleggen. Belastingen waarvan de opbrengst vrij besteedbaar is: OZB (onroerendezaakbelasting) De onroerendezaakbelasting (OZB) is de belangrijkste gemeentelijke belasting waarvan de opbrengst in de algemene middelen terechtkomt. De gemeente mag deze middelen vrij besteden.

De hoogte van de OZB-aanslag hangt af van:  De WOZ-waarde van het pand, die jaarlijks wordt vastgesteld volgens de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ).  De tarieven die door de gemeenteraad worden vastgesteld. Er zijn verschillende tarieven voor:  Eigenaren van woningen  Eigenaren van niet-woningen  Gebruikers van niet-woningen Beleid  De opbrengsten uit de OZB stijgen in 2026 met 6% ten opzichte van de begroting 2025, dit is 2,1% op basis van de prijsontwikkeling en 3,9% op basis van afspraken die zijn gemaakt bij Roerdalen in Balans 1.0. Deze afspraken lopen door tot en met 2027.  Ook uitbreidingen van het aantal objecten (areaaluitbreiding) zijn verwerkt in de opbrengstprognose.  De OZB-tarieven worden bepaald op basis van de gewenste opbrengst en de ontwikkeling van WOZ-waarden. De WOZ-waarden voor 2026 (peildatum 1 januari 2025) zijn in oktober 2025 beschikbaar. Deze vormen de grondslag voor de OZB-aanslagen in 2026. Toeristenbelasting Toeristenbelasting is een algemene belasting die wij heffen. Deze belasting is bedoeld voor mensen die in de gemeente overnachten, maar daar niet staan ingeschreven. Zij maken namelijk wel gebruik van gemeentelijke voorzieningen. De belasting geldt voor overnachtingen waarvoor betaald wordt. Degene die het verblijf aanbiedt (zoals een hotel of camping) moet de belasting afdragen aan de gemeente.

Volgens de regels mag deze aanbieder de kosten doorberekenen aan de gasten die blijven overnachten.

64

Beleid  Vanuit Roerdalen in Balans 2.0 is het voorstel aangenomen om een differentiatie van de toeristenbelasting door te voeren, waardoor duurdere accommodaties een grotere bijdrage leveren dan goedkopere.  Conform de vastgestelde Kadernota 2025 worden de tarieven tot en met 2026 jaarlijks, voor zowel de campings en logiesverblijven als voor de overige verblijven, verhoogd met € 0,25 per persoon per overnachting. Forensenbelasting Met de forensenbelasting betalen mensen die een tweede woning hebben in de gemeente, maar er niet wonen, mee aan de kosten van algemene voorzieningen. Hoewel deze eigenaren al onroerendezaakbelasting betalen, ontvangt de gemeente voor hen geen vergoeding via de algemene uitkering, zoals dat wel gebeurt voor inwoners. De forensenbelasting wordt rechtstreeks opgelegd aan de eigenaar van de tweede woning, als die niet in de gemeente woont. Er zijn drie voorwaarden: 1. De eigenaar woont niet in de gemeente. 2. Hij of zij heeft meer dan 90 dagen per jaar de beschikking over de woning. 3. De woning is gemeubileerd. Beleid Doordat 2026 het eerste jaar is dat deze belasting wordt geheven zal eerst een tarief bepaald moeten worden. Bij de bepaling van het tarief is gekeken naar:  De gemiste inkomsten uit de algemene uitkering en gemiste inkomsten uit de toeristenbelasting.  De gemeentelijke heffingen die de eigenaar in 2026 aan Roerdalen moet betalen.

 Welke tarieven de twee andere MER-gemeenten en de andere Limburgse gemeenten hanteren.  Door een grens aan te brengen, bij een WOZ-waarde van € 100.000, wordt rekening gehouden met de grootte, luxe en onderhoudsstatus van het object. Bestemmingsheffingen en rechten Reinigingsheffingen - Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is een bestemmingsbelasting voor afvalinzameling en -verwerking. Huishoudens betalen een vastrechtbedrag plus kosten per lediging van de restafvalcontainer en per inworp in de ondergrondse container. Het vastrecht is afhankelijk van de containermaat (240, 140, 40, 60, 80 liter). Daarnaast is er een vastrecht voor huishoudens die alleen afval aanleveren via een ondergrondse container. Het variabel tarief stijgt met de containermaat. Voor de gft-container zijn er geen aparte tarieven; deze zijn inbegrepen in het vastrecht. We mogen met de afvalstoffenheffing niet meer opbrengsten genereren dan de kosten die we hiervoor maken. - Reinigingsrecht We verzamelen naast huishoudelijk afval in een beperkt aantal gevallen ook afval in van bedrijven en instellingen. Voor deze diensten kan geen afvalstoffenheffing worden geheven. De kosten worden verhaald via het reinigingsrecht. Dezelfde tariefstelling als voor afvalstofheffing wordt hier gehanteerd

65

Beleid    

De systematiek van afvalinzameling heeft als doel om het restafval terug te dringen en om mensen te stimuleren om hun afval beter te scheiden alsmede meer afval te hergebruiken. Uitgangspunt van deze systematiek is dat een huishouden dat afval goed scheidt goedkoper uit is dan een huishouden dat z’n afval niet goed scheidt. Getracht wordt om een juiste balans te vinden tussen het vastrechtbedrag en het variabele ledigingstarief. Voor afvalstoffenheffing is het uitgangspunt 100% kostendekkende tariefstelling. Met ingang van 2025 worden de kosten van kwijtschelding toegerekend aan de afvalstoffenheffing.

Rioolheffing De rioolheffing is een belasting voor het beheer van het rioolstelsel, betaald door gebruikers van woningen en niet-woningen. De gemeente is verantwoordelijk voor afval-, hemel- en grondwater. De opbrengst wordt gebruikt voor de uitvoering van deze zorgplicht. Beleid  Met ingang van maart 2022 is het nieuwe rioleringsplan van kracht. Dit plan heeft een looptijd tot en met 2026. In dit plan is vastgelegd hoe wij omgaan met de gemeentelijke zorgplichten voor het stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en het grondwater. Hierbij is ook rekening gehouden met het veranderend klimaat.  Voor rioolheffing is het uitgangspunt 100% kostendekkende tariefstelling.  De wijze van toerekening van de rioolheffing is vanaf 2026 gewijzigd. De heffing is verlegd van gebruiker naar eigenaar. Door deze verlegging komt deze rioolheffing niet meer in aanmerking voor kwijtschelding.  Om de stijgende kosten en klimaatmaatregelen te kunnen blijven dekken worden de tarieven, conform het eerder genomen raadsbesluit GRP dd. 10-03-2022, met ingang van 2023 jaarlijks verhoogd met € 6,- (exclusief inflatie). Leges De gemeente heft leges voor het uitvoeren van specifieke diensten. De tarieven staan in de tarieventabel bij de legesverordening. De opbrengsten dekken kosten zoals personeel, huisvesting, materialen en kwaliteitsborging.

De tarieventabel is onderverdeeld in drie hoofdstukken:  algemene dienstverlening: o.a. burgerlijke stand, paspoorten, rijbewijzen (hoofdstuk 1);  omgevingsvergunningen: o.a. bouw-, aanleg- en sloopvergunningen (hoofdstuk 2), en;  diensten onder de Europese Dienstenrichtlijn: o.a. horeca en evenementen (hoofdstuk 3). Binnen hoofdstuk 1 en 2 van de legesverordeningen mag de gemeente kruissubsidiëring toepassen. Een overschot op de ene dienst mag een tekort op een andere dekken, zolang de totale baten niet hoger zijn dan de totale kosten. Op basis van Europese regelgeving mag dit niet binnen hoofdstuk 3. Beleid  Voor leges waarvoor geen wettelijk vastgestelde tarieven gelden, is het beleid om toe te groeien naar kostendekkende tarieven.  Bij diensten waarvan de gemeente gebruik wil stimuleren, worden de tarieven bewust laag gehouden om geen financiële drempels op te werpen.  Voorstel voor 2026 is om de tarieven minimaal (voor zover toegestaan) te verhogen met 2,1% inflatiecorrectie.

66

Begraafrechten De gemeente heft begraafrechten voor het gebruik van gemeentelijke begraafplaatsen en aanverwante diensten. Beleid  Voorstel voor 2026 is om de tarieven te verhogen 2,1% inflatiepercentage, tenzij anders gewijzigd. Bedrijven Investeringszone (BIZ) De Wet op de bedrijveninvesteringszones stelt de gemeenteraad in staat om een BIZ-bijdrage te heffen voor onroerende zaken in een bedrijveninvesteringszone die niet hoofdzakelijk als woning dienen. Deze bestemmingsbelasting wordt op verzoek van ondernemers geheven en is verplicht voor alle ondernemers in het gebied. De opbrengst wordt als subsidie gegeven aan een door ondernemers opgerichte organisatie en mag alleen gebruikt worden voor extra voorzieningen in de openbare ruimte en online, gericht op veiligheid, aantrekkelijkheid en bereikbaarheid. De subsidie is niet bedoeld voor het onderhoud van gemeentelijke basisvoorzieningen. Beleid De huidige verordening BIZ Roerdalen loopt van 2021 tot 2025. De Stichting BIZ Roerdalen heeft de gemeente gevraagd om deze te verlengen tot 2030 en een nieuwe draagvlakmeting uit te voeren. Op 2 juli 2025 is de nieuwe verordening BIZ Roerdalen 2026-2030 vastgesteld en is een subsidie beschikbaar gesteld voor de draagvlakmeting. De verordening start bij voldoende draagvlak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roerdalen&id=d693f21c-29f8-4719-9c0f-f63b63a99025